CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

10. TV CIE NS - antwoorden

Raadsvergadering 26 september 2024, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Utfieringsprogramma bringlokaasjes (miljeustrjitten)685 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TECHNISCHE VRAGEN (over lopende agendapunten) Naam indiener Fractie

: Pieter Greidanus : Nieuw Sociaal

Commissievergadering

: DSO

Datum

: 10 september 2024

Agendapunt

:7

Onderwerp

: Uitvoeringsprogramma brenglocaties-milieustraten

1. Milieustraat Koudum, vraagt om een investering van € 1.9 miljoen. Vraag, zijn er geen creatievere oplossingen, zoals samenwerken met de gemeente de Fryske Marren, Balk waar een moderne milieustraat aanwezig is. Wordt/is hierover nagedacht? Antwoord: Een mogelijke samenwerking met gemeente De Fryske Marren (aangaande milieustraat Balk) is ambtelijk verkend. In het ‘Uitvoeringsprogramma brenglocaties’ is echter als uitgangspunt opgenomen dat Súdwest-Fryslân inzet op eigen, volwaardige brenglocaties, waar inwoners al hun afval en grondstoffen kwijt kunnen. Daarom heeft het college besloten om de bestaande milieustraat van Koudum te vernieuwen. Deze locatie heeft een goede, strategische ligging binnen de gemeente en inwoners kunnen er straks al hun afval en grondstoffen kwijt. Bovendien kan de samenwerking met de kringloopwinkel in Koudum op deze manier gemakkelijk worden voortgezet. 2. De functie milieustraat Heeg, wat wordt deze precies en welke kosten zijn hier voor nodig? Antwoord: In lijn met het grondstoffenbeleid en het uitvoeringsprogramma is het voorstel om de milieustraat van Heeg per 1 januari 2027 te sluiten. Deze locatie wordt als milieustraat overbodig met de aanwezigheid van brenglocaties in Koudum, Sneek en de noordwesthoek, waarmee inwoners binnen 15 tot 20 minuten bij een brenglocatie kunnen zijn.

Over de functie en gebruik van het terrein na de sluiting wordt nog nagedacht. 3. We spreken niet over afval maar over grondstoffen. Preventie, scheiden bij de bron, dit is de toekomst. Op welke manier past dit uitvoeringsprogramma in de ontwikkelingen die er zijn gericht op de lange termijn? Antwoord: Het uitvoeringsprogramma is gericht op de toekomst en de verwachte ontwikkelingen. Het college zet in op toekomstbestendige brenglocaties met voldoende ruimte voor ontwikkelingen. Zo worden de nieuw te realiseren brenglocaties modulair gebouwd, waarmee een andere inrichting (of kleine uitbreiding) gemakkelijk en goedkoop te realiseren is. Bij de brenglocaties kunnen inwoners bovendien straks al hun grondstoffen kwijt (in Koudum en Heeg kan dat momenteel niet). Dat bevordert de scheiding aan de bron. Daarnaast wordt een slag gemaakt met het innemen van herbruikbare spullen door een voorportaal toe te voegen aan de brenglocaties en te gaan samenwerken met diverse partners, die grondstoffen afnemen en ze een nieuw leven geven (circulaire economie). Het voorportaal van de brenglocaties vormt de link naar de andere organisaties uit het “Sirkulêr ambachtsnetwurk”.

4. Het college geeft aan dat verhoging van de afvalstoffenheffing goed uit te leggen is. Kan het college uitleggen hoe dan? Antwoord: Het college vindt de verhoging van de afvalstoffenheffing goed uitlegbaar, omdat er voorzieningen (brenglocaties) worden getroffen die onze inwoners erg belangrijk vinden. Gemiddeld komen onze inwoners 1 tot 2 per jaar bij de milieustraat. Om het voorzieningenniveau op peil te houden, zijn investeringen nodig. De milieustraten van Heeg en Koudum zijn verouderd en financieel afgeschreven. De activiteiten van de milieustraat Bolsward worden vanaf 16 september 2024 voorlopig overgeheveld naar Sneek. Nieuwe investeringen in brenglocaties zijn dus onvermijdelijk om onze inwoners goed te bedienen (dienstverlening) en de beoogde milieudoestellingen te behalen. 5

Het aanstellen van een kwartiermaker? Werken samen in de GR. Omrin. Maakt SWF optimaal gebruik van de kennis en kunde die er is binnen Omrin? Is een kwartiermaker wel nodig, of kunnen we bestaande kennis en ervaringen delen en door samenwerking de doelen bereiken die wij samen willen behalen? Zie ook vraag 1, samenwerking met andere omliggende gemeenten! Antwoord: Het college wil een kwartiermaker inzetten om het “sirkulêr ambachtsnetwurk” geleidelijk op te bouwen. De kwartiermaker zal zich vooral inzetten door een samenwerking met diverse lokale partners op te zetten die bijdragen aan onze milieudoelstellingen. Momenteel wordt bij de milieustraat van Koudum samengewerkt met een kringloopwinkel en in Sneek met enkele ondernemers (voor de afname van enkele grondstoffen), maar er liggen veel meer kansen. We willen hier goede stappen in nemen dat ons stapsgewijs brengt tot een afvalvrije samenleving in 2050. De kwartiermaker heeft als taak om alle lokale partners bij elkaar te brengen. Uiteraard is Omrin hierbij een belangrijke partner, net als omliggende gemeenten. Door samen te werken en kennis uit te wisselen wordt het snelst een resultaat bereikt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14507314/2