Treasurystatuut gemeente Stichtse Vecht 2026.pdf
Tekst van het document
Treasury statuut 2026 Gemeente Stichtse Vecht
Vastgesteld door de Raad op 16 december 2025
1
Inhoudsopgave 1
INLEIDING ....................................................................................................................................... 3
2
WET- en REGELGEVING ................................................................................................................ 3 2.1
Gemeentewet ............................................................................................................................. 3
2.2
Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) .............................................................................. 3
2.3
Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) ..................................................................... 3
3
TREASURYBELEID ......................................................................................................................... 3
4
TREASURYFUNCTIE ...................................................................................................................... 4 4.1
4.1.1
Geldstromenbeheer ........................................................................................................... 4
4.1.2
Saldo- en liquiditeitenbeheer ............................................................................................. 4
4.2
6
Financiering ................................................................................................................................ 4
4.2.1
Geldmarkt .......................................................................................................................... 4
4.2.2
Kapitaalmarkt ..................................................................................................................... 5
4.2.3
Financieringsproducten ..................................................................................................... 5
4.2.4
Schatkistbankieren............................................................................................................. 5
4.2.5
Uitzetten van overtollige middelen (beleggingsproducten) ................................................ 5
4.2.6
Rentevisie .......................................................................................................................... 5
4.2.7
Relatiebeheer ..................................................................................................................... 5
4.3
5
Kasbeheer .................................................................................................................................. 4
Risicobeheer ............................................................................................................................... 5
4.3.1
Renterisico ......................................................................................................................... 5
4.3.2
Intern liquiditeitenrisico ...................................................................................................... 6
4.3.3
Koersrisico ......................................................................................................................... 6
4.3.4
Valutarisico ........................................................................................................................ 6
4.3.5
Kredietrisico ....................................................................................................................... 6
OVERIG............................................................................................................................................ 6 5.1
Garantstellingen ......................................................................................................................... 6
5.2
Hypothecaire geldleningen ......................................................................................................... 6
5.3
Administratieve Organisatie........................................................................................................ 6
5.4
Informatievoorziening ................................................................................................................. 7
5.5
Delegatie en Mandaat ................................................................................................................ 7
5.6
Hardheidsclausule ...................................................................................................................... 7
5.7
Inwerkingtreding ......................................................................................................................... 7
BIJLAGEN ........................................................................................................................................ 8 6.1
Verantwoordelijkheden en taken ................................................................................................ 8
6.2
Bevoegdheden en bankrelatiebeheer ........................................................................................ 9
6.3
Informatievoorziening ............................................................................................................... 10
6.4
Delegatie en mandaat .............................................................................................................. 10
2
1
INLEIDING
De Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) stelt de kaders voor de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie. De wet definieert de treasuryfunctie als: het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het houden van toezicht op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de financiële posities inclusief de hieraan verbonden risico’s’. Dit treasurystatuut geeft een uiteenzetting van het treasurybeleid van de Gemeente Stichtse Vecht en geeft een beschrijving van de bevoegdheden en verantwoordelijkheden in het kader van de treasuryfunctie. Het statuut wordt periodiek of bij significante wijzigingen in de wet- en regelgeving of relevante ontwikkelingen anderszins geactualiseerd.
2
WET- en REGELGEVING
Het wettelijke kader voor uitoefening van de treasuryfunctie wordt gevormd door: • Gemeentewet • Besluit Begroting en Verantwoording gemeenten; • De Wet financiering decentrale overheden en daaruit voortvloeiende regelingen, te weten: o Besluit leningsvoorwaarden decentrale overheden; o Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden; o Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden; o Wet houdbare overheidsfinanciën; o Regeling schatkistbankieren decentrale overheden. 2.1 Gemeentewet De gemeenteraad stelt de uitgangspunten vast voor het financieel beleid, het financieel beheer en de inrichting van de financiële organisatie terwijl het college van burgemeester en wethouders verantwoordelijk is voor de beleidsmatige inkadering. De ambtelijke organisatie ten slotte geeft een uitvoeringstechnische invulling. 2.2 Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) Het BBV verplicht gemeenten tot het opstellen van de financieringsparagraaf (paragraaf Financiering). De paragraaf maakt onderdeel uit van de begroting en jaarrekening. In de paragraaf bij de begroting worden de beleidsvoornemens geformuleerd, de paragraaf bij de jaarrekening legt verantwoording af over de behaalde resultaten. 2.3 Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) De wettelijke grondslag voor de treasuryfunctie is vastgelegd in de Wet fido.
De wet geeft de kaders voor een verantwoorde professionele inrichting en uitvoering van de treasury, verplicht gemeenten over een treasurystatuut te beschikken en legt de beleidsmatige infrastructuur voor een adequate uitvoering van de treasuryfunctie vast. De wet bevat onder andere beleidsmatige richtlijnen voor het uitzetten van overtollige middelen, uitgedrukt in twee kwalitatieve eisen: • Het aangaan of verstrekken van geldleningen en het verlenen van garanties is alleen toegestaan uit hoofde van de publieke taak1; • Het uitzetten of beleggen van (tijdelijk) overtollige middelen heeft een prudent karakter en is niet gericht op het genereren van extra inkomsten door het nemen van overmatige risico's.
3
TREASURYBELEID
Het treasurybeleid geeft uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten, de organisatorische en administratieve kaders, de informatievoorziening en administratieve organisatie ter uitvoering van de treasuryfunctie. De volgende doelstellingen zijn geformuleerd:
1 Onder publieke taak wordt verstaan ‘het uitvoeren van (overheids)taken waarmee het algemeen belang gediend is en die voor
het welzijn van de inwoners van de gemeente Stichtse Vecht in het algemeen nuttig, gewenst of nodig zijn’.
3
•
•
Het verkrijgen en waarborgen van een duurzame toegang tot de financiële markten tegen zo gunstig mogelijke voorwaarden en acceptabele condities; Het beschermen van de (financiële) middelen en resultaten tegen ongewenste financiële risico’s; Optimaliseren van het rendement binnen de wettelijke kaders en de kaders, limieten en richtlijnen van dit statuut; Minimaliseren van de kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities.
4
TREASURYFUNCTIE
• •
De treasuryfunctie omvat alle activiteiten die, binnen de wettelijke kaders en de kaders van dit statuut, zich richten op het besturen en beheren van de financiële vermogenswaarden. Er worden drie deelfuncties onderscheiden, te weten: kasbeheer, financieren en beleggen en risicobeheer. 4.1 Kasbeheer Kasbeheer omvat alle activiteiten die verband houden met het dagelijks beheer de geldstromen met een looptijd tot 1 jaar. Tot het kasbeheer worden gerekend het geldstromenbeheer, het saldo- en liquiditeitenbeheer. 4.1.1 Geldstromenbeheer Het geldstromenbeheer omvat alle activiteiten die nodig zijn om financiële middelen te transfereren zowel binnen de organisatie als tussen de organisatie en derden. Het betreft de volgende activiteiten: • Beperken van het liquiditeitengebruik door inkomende en uitgaande geldstromen op elkaar en de liquiditeitsprognose af te stemmen. • Zorgdragen dat de liquiditeitspositie altijd voldoende is om de (financiële) verplichtingen na te komen. • Het betalingsverkeer wordt zoveel als mogelijk elektronisch uitgevoerd bij de huisbankier. 4.1.2 Saldo- en liquiditeitenbeheer Inkomende en uitgaande geldstromen lopen in termen van tijd en bedrag nooit synchroon. Hierdoor ontstaan financiële posities: positief of negatief. De treasuryfunctie beheert de geldstromen en reguleert financiële posities.
De volgende uitgangspunten zijn geformuleerd: • Clusteren van de gemeentelijke geldstromen in een rentecompensabelcircuit bij één bankinstelling. • Met inachtneming van de kasgeldlimiet wordt in tijdelijke liquiditeitstekorten voorzien door het aantrekken van kortlopende geldleningen (geldmarkt). 4.2 Financiering Financiering betreft het uitoefenen van activiteiten die gericht zijn op het beheren van de liquiditeitspositie en het voorzien in de benodigde liquiditeiten voor de realisatie van voorgenomen investeringen en de uitvoering van activiteiten. De volgende uitgangspunten zijn geformuleerd: • •
• • • • • •
•
Het aantrekken van financieringsmiddelen dient de publieke taak en is afgestemd op de financiële positie, de liquiditeitsprognose en meerjarenraming; Het gebruik van externe financieringsmiddelen wordt zoveel als mogelijk beperkt. Ingeval er sprake is van een kortlopende financieringsbehoefte worden primair de interne financieringsmiddelen en de kasgeldlimiet benut, bij een langlopende financieringsbehoefte (> 1 jaar) kunnen ook externe financieringsmiddelen worden benut; Met inachtneming van artikel 5.4 (relatiebeheer) worden voor het aantrekken van financieringsmiddelen partijen benaderd die actief zijn op het gebied van duurzaamheid; Transacties worden uitsluitend gerealiseerd in euro’s; De leningenportefeuille is flexibel en evenwichtig van opbouw; Financieringsmiddelen worden aangetrokken tegen zo gunstig mogelijke condities; Het ontplooien van bancaire activiteiten behoort niet tot de publieke taak en is niet toegestaan. Er worden geen financieringsmiddelen aangetrokken: o zonder specifiek financieringsdoel; o met als doel extra (rente)baten te genereren; o met als doel deze ‘door te lenen’ aan een derde partij; Het gebruik van (financiële) derivaten is niet toegestaan.
4.2.1 Geldmarkt Met inachtneming van de kasgeldlimiet (zie artikel 4.3.1) wordt in (tijdelijke) liquiditeitstekorten voorzien middels het
4
aantrekken van kortlopende geldleningen (looptijd <1 jaar), Indien aan de orde wordt volstaan met het opvragen van één offerte. Het is niet toegestaan liquiditeitstekorten structureel met kortlopende geldleningen te financieren. 4.2.2 Kapitaalmarkt Voor structurele liquiditeitstekorten of voor de realisatie van substantiële investeringen wordt een langlopende geldlening aangetrokken (looptijd >1 jaar). Er worden minimaal twee offertes opgevraagd. 4.2.3 Financieringsproducten De volgende financieringsproducten zijn toegestaan: Kasgeldlimiet Onder de kasgeldlimiet vallen alle kortlopende financieringen met een rente typische looptijd korter dan 1 jaar. Geldmarkt rekening – courant, daggeld- en kasgeldleningen. Kapitaalmarkt onderhandse geldlening. 4.2.4 Schatkistbankieren De Wet fido en de ‘Regeling schatkistbankieren decentrale overheden’ verplicht decentrale overheden de overtollige liquide middelen in ’s Rijks schatkist te beleggen. Als gevolg hiervan hoeft de Nederlandse Staat minder geld op de financiële markten te lenen waardoor de staatsschuld daalt. Daarnaast beoogt het schatkistbankieren de financiële risico’s van decentrale overheden te verminderen.
4.2.5 Uitzetten van overtollige middelen (beleggingsproducten) Het is toegestaan overtollige middelen aan een andere decentrale overheid uit te lenen, mits de publieke taak daarmee gediend wordt én er tussen partijen geen sprake is van een toezichthoudende relatie. 4.2.6 Rentevisie De rentevisie geeft een toekomstverwachting over de rente ontwikkeling. De rentevisie wordt eenmaal per jaar (financieringsparagraaf bij de begroting) opgesteld tenzij economische ontwikkelingen een tussentijdse aanpassing van de rentevisie noodzakelijk maakt. 4.2.7 Relatiebeheer Met het relatiebeheer wordt beoogd: het realiseren van gunstige marktconforme condities voor af te nemen financiële diensten. We onderscheiden hierin bankrelaties, financiële instellingen en decentrale overheden. Uitgangspunten zijn: • Bankrelaties, financiële instellingen o zijn statutair in Nederland gevestigd; o staan onder toezicht van De Nederlandsche Bank; o hebben een kredietwaardigheid (rating) van ten minste ‘AA’; o hebben bij voorkeur een actief beleid op het gebied van duurzaamheid. • Decentrale overheden
•
o zijn statutair in Nederland gevestigd; o hebben geen toezichthoudende rol ten opzichte van de gemeente Stichtse Vecht; o hebben bij voorkeur een actief beleid op het gebied van duurzaamheid. Tussenpersonen waarmee de gemeente Stichtse Vecht een relatie heeft staan geregistreerd bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM).
4.3 Risicobeheer Risicobeheer betreft het inzichtelijk maken van (toekomstige) risico’s, het beheersen, verminderen en spreiden hiervan inclusief het treffen van beheersmaatregelen. Het treasurybeleid van de gemeente Stichtse Vecht is primair gericht op risicomijding. 4.3.1 Renterisico Renterisicobeheer betreft het beperken van de invloed van rentewijzigingen op de financiële resultaten van de gemeente. Voor het beheersen van renterisico’s geeft de Wet fido concrete richtlijnen in de vorm van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is gericht op het voorkomen van ongewenste renterisico’s die ontstaan door het aangaan van overmatige korte termijn financieringen en stelt een grens aan de omvang van de korte schuld waarover de gemeente renterisico mag lopen. De kasgeldlimiet is vastgesteld op 8,5% van het begrotingstotaal. Er wordt getracht de kasgeldlimiet zo optimaal mogelijk te benutten vanuit de gedachte dat rente van kortlopend geld (bijvoorbeeld daggeld en kasgeld) vrijwel altijd lager is dan van langlopende leningen.
5
De gemiddelde korte financiering wordt bij aanvang van ieder kwartaal getoetst aan de kasgeldlimiet. Bij overschrijding van de kasgeldlimiet bij aanvang van drie opeenvolgende kwartalen moet de toezichthouder geïnformeerd worden en moet een plan van aanpak worden opgesteld en overgelegd. Renterisiconorm De renteonzekerheid voor de lange termijn wordt uitgedrukt in de renterisiconorm, vastgesteld op (maximaal) 20% van het begrotingstotaal. Het renterisico wordt verkleind door aflossingen in de tijd te spreiden. Hiermee wordt een kader gecreëerd waarmee het renterisico uit hoofde van renteaanpassing en herfinanciering van leningen in voldoende mate beperkt wordt. 4.3.2 Intern liquiditeitenrisico Van interne liquiditeitenrisico’s is sprake indien er overtollige middelen voor een vaste periode zijn belegd terwijl er gedurende de looptijd van de belegging blijkt dat deze middelen nodig zijn om te voldoen aan de gemeentelijke betalingsverplichtingen. Dit kan een ongewenst negatief financieel resultaat tot gevolg hebben. Beheermaatregelen: het juist, tijdig en volledig informeren van de treasuryfunctie over valutaire betaaldagen en het volume van de geldstromen opdat deze informatie in de liquiditeitsprognose kan worden opgenomen.
4.3.3 Koersrisico Koersrisicobeheer betreft het beheersen van risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat de financiële vaste activa in waarde verminderen door negatieve (koers)ontwikkelingen. Beheermaatregelen: bij het beleggen van overtollige middelen wordt uitsluitend gebruik gemaakt van de beleggingsproducten als vermeld onder punt 4.2.5 van dit statuut. Koersrisico’s worden verder beperkt door de looptijd van de belegging op de liquiditeitsprognose af te stemmen. 4.3.4 Valutarisico Het aantrekken van financieringsmiddelen, beleggen van overtollige middelen of het doen van transacties anderszins wordt uitsluitend in euro gerealiseerd. Valutarisico’s kunnen dientengevolge op nihil worden gesteld. 4.3.5 Kredietrisico Het kredietrisico betreft het risico dat de tegenpartij bij wie tijdelijk overtollige liquide middelen belegd zijn, niet aan de terugbetalingsverplichting kan voldoen. Door de introductie van het verplicht schatkistbankieren kan het kredietrisico op nihil worden gesteld.
5
OVERIG
5.1 Garantstellingen Garantstellingen worden alleen verstrekt indien de publieke taak daarmee gediend is en de garantstelling in voldoende mate in overeenstemming is met het gemeentelijk beleid. Aan het verstrekken van een gemeentelijke garantstelling zijn voorwaarden en criteria gekoppeld. Verwezen wordt naar de van toepassing zijnde ‘verordening gemeentelijke garantstelling’. Solvabiliteitsrisico Het verstrekken van een gemeentelijke garantstelling betekent dat de gemeente door de bank verantwoordelijk wordt gehouden voor de rente- en aflossingsverplichtingen indien de vereniging of instelling aan wie de garantstelling is verstrekt op enig moment niet meer aan zijn/haar betalingsverplichtingen kan voldoen. 5.2 Hypothecaire geldleningen Het verstrekken of garanderen van (hypothecaire) geldleningen aan eigen personeel of publieke ambtsdragers behoort niet tot de publieke taak en is niet toegestaan.
5.3 Administratieve Organisatie Voor de administratieve organisatie en interne controle zijn de volgende uitgangspunten geformuleerd: ▪ De treasuryfunctie is ondergebracht bij team Financiën; ▪ De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de treasuryfunctie zijn eenduidig en via delegatie en mandaat schriftelijk vastgelegd; ▪ De administratieve organisatie en interne controle is op een zodanige wijze ingericht dat: o de uitvoering van de treasuryfunctie doel- en rechtmatig is; o de treasuryfunctie adequaat uitgevoerd kan worden; o de risico’s in voldoende mate beheerst worden;
6
•
•
o de juistheid, tijdigheid en volledigheid van relevante informatie gewaarborgd is; Bij de uitvoering van treasury activiteiten is een functiescheiding doorgevoerd waarbij: o De uitvoering en autorisatie wordt uitgevoerd door verschillende functionarissen; o De uitvoerende en controlerende functie wordt uitgevoerd door verschillende functionarissen. Transacties worden geregistreerd door de treasuryfunctie en ter informatie en verwerking doorgegeven aan de financiële administratie.
5.4 Informatievoorziening Voor het controleerbaar en beheersbaar maken én houden van de treasuryactiviteiten is een goed functionerende informatievoorziening van belang. De financieringsparagraaf wordt door het college van burgemeester en wethouders jaarlijks in de begroting en financieel jaarverslag opgenomen en – als onderdeel hiervan – aan de gemeenteraad voorgelegd. In de financieringsparagraaf wordt gerapporteerd over de inrichting van de treasuryfunctie, de algemene beleidslijn, de beleidsinvulling van het betreffende begrotingsjaar, de rentevisie, de toepassing van de kasgeldlimiet en renterisiconorm, het beheersen van de financiële risico’s en overige ontwikkelingen op het gebied van ‘treasury’. Onderscheiden kunnen worden: operationele-, beleidsmatige- en verantwoordingsinformatie. Operationele informatie is nodig om de (beleids)doelstellingen van de raad te realiseren. Beleidsmatige informatie betreft met name de beleidskaders uit het treasurystatuut. Verantwoordingsinformatie komt aan de orde binnen de reguliere P&C – cyclus. Daarnaast wordt het gevoerde beleid in de financieringsparagraaf bij de jaarrekening geëvalueerd.
5.5 Delegatie en Mandaat Om slagvaardig op de financiële markt te kunnen opereren is het noodzakelijk dat er binnen de kaders van dit treasurystatuut en overeenkomstig het van toepassing zijnde Algemeen Mandaatbesluit van de gemeente Stichtse Vecht’, verantwoordelijkheden en beslissingsbevoegdheden aan de treasuryfunctie worden overgedragen. Hiermee wordt de gewenste slagvaardigheid van de treasuryfunctie gewaarborgd terwijl anderzijds het bestuur niet onnodig wordt belast met het dagelijks treasurybeheer (zie bijlage 4). 5.6 Hardheidsclausule De raad kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in dit treasurystatuut. In die gevallen waarin dit treasurystatuut niet voorziet, beslist de gemeenteraad. 5.7 Inwerkingtreding Dit statuut wordt aangehaald als het “Treasurystatuut 2026 gemeente Stichtse Vecht” en treedt in werking per 1-1-2026.
7
6
BIJLAGEN
6.1
Verantwoordelijkheden en taken
Functie
Verantwoordelijkheden en taken
Gemeenteraad
•
Vaststellen van het treasurystatuut;
•
Vaststellen van de financieringsparagraaf bij de begroting en het jaarverslag;
•
Houdt toezicht op het treasurybeleid en de uitvoering hiervan, evalueert het beleid en stelt dat daar waar nodig bij;
•
Toetst rechtmatig- en doelmatigheid van de treasuryfunctie aan de hand van de financiële verordening en het treasurystatuut.
•
Is verantwoordelijk voor het opstellen van het treasurystatuut;
•
Uitvoeren van het treasurybeleid binnen de kaders van het treasurystatuut (formele verantwoordelijkheid);
•
Achteraf bekrachtigen van financiële transacties op de kapitaalmarkt;
•
Accordeert vooraf uitzettingen/beleggingen met een looptijd langer dan één jaar;
•
Rapporteert middels begroting, jaarverslag of tussentijdse rapportages aan de gemeenteraad over de uitvoering van het treasurybeleid en doet waar nodig voorstellen voor het bijstellen van het treasurybeleid.
Portefeuillehouder Financiën
•
Uitvoeren van het treasurybeleid (politieke verantwoordelijkheid);
•
Het autoriseren (vooraf) van financieringen op de kapitaalmarkt.
Teammanager Financiën
•
Het autoriseren (vooraf) van beleggingen en financieringen op de kapitaalmarkt;
•
Is verantwoordelijk voor een juiste uitvoering van het schatkistbankieren;
•
Controleert op volledig-, betrouwbaar- en rechtmatigheid van treasury activiteiten;
•
Rapporteert en legt verantwoording af aan het college van Burgemeester en Wethouders over de uitvoering van de treasuryfunctie;
•
Draagt zorg voor en bewaakt de functiescheiding binnen de treasuryfunctie.
•
Het formuleren en actualiseren van het treasurybeleid in het treasurystatuut alsmede het voorbereiden van beleidsvoorstellen;
•
Het uitvoeren van treasury activiteiten conform het treasurystatuut en paragraaf financiering;
•
Het beheer over de gemeentelijke rekeningstructuur, geldstromen en rekening saldi, inclusief het schatkistbankieren en het aangaan en afsluiten van financiële contracten en transacties;
•
Het vastleggen van gerealiseerde treasury transacties;
•
Relatiebeheer: onderhoud contact met banken en financiële instellingen;
•
Het bijwerken en periodiek actualiseren van de liquiditeitsprognose;
•
Het afleggen van verantwoording aan de teammanager Financiën over de uitvoering van de aan de treasury / treasurer gemandateerde activiteiten.
•
Verantwoordelijk voor het tijdig aanleveren van betrouwbare informatie over toekomstige geldstromen aan de financiële administratie;
•
Fiatteren van baten en lasten ten gunste respectievelijk ten laste van hun budgetten.
•
Het juist en volledig vastleggen van mutaties in de financiële administratie.
College burgemeester en wethouders
Treasury / treasurer
Teammanagers Budgetbeheerders
Financiële administratie
8
6.2
Bevoegdheden en bankrelatiebeheer
Taak
Autorisatie
Uitvoering
Vaststellen kredietfaciliteit
College B&W
Treasury / treasurer
Accorderen betaalopdrachten
2de handtekening (overeenkomstig procuratie overzicht huisbankier)
Financiële administratie
College B&W
Treasury/Bankbeheerder
Betalingsverkeer
1ste handtekening
Liquiditeitenbeheer Bankrekeningen bankrelatie: aangaan van contract
Tekenen contracten: burgemeester Openen of sluiten bankrekeningen bij bestaande
Teammanager Financiën
Bankbeheerder
Teammanager Financiën
Treasury / treasurer
Aantrekken kasgeldlening
Treasuy/treasurer
2de handtekening
Aantrekken kort- en langlopende geldlening
Bekrachtiging vooraf:
Treasury / treasurer
bankrelaties Accorderen bankcondities Financiering
-
Portefeuillehouder Financiën teammanager Financiën
Bekrachtiging achteraf: College B&W Tekenen contracten: Burgemeester
Beleggen / schatkistbankieren Schatkist: inleggen overtollig liquide middelen
Geautomatiseerde afroomfaciliteit naar de schatkistrekening
Schatkist: opname belegde liquide middelen
2de handtekening
Financiële administratie 1ste handtekening Treasury / treasurer
Uitzetten bij decentrale overheden
Teammanager Financiën
Garantstellingen
Voorwaarden en criteria vastgelegd in ‘verordening gemeentelijke garantstelling gemeente Stichtse Vecht’
9
6.3
Informatievoorziening Informatie Verstrekker
Informatie ontvanger
Continue proces
Teammanagers, budgethouders, projectleiders en financieel adviseurs.
Treasury / treasurer
Informatie liquiditeitspositie
Continue proces
Treasury / treasurer
Teammanager Financiën
Paragraaf financiering
Begroting en jaarrekening
Treasury / treasurer
College B&W / Gemeenteraad
Voortgang treasury
P&C – cyclus
Treasury / treasurer
Teammanager Financiën, College B&W / Gemeenteraad
Ontwikkeling geld- en kapitaalmarkt
Continue proces
Treasury / treasurer
Teammanager Financiën
Informatie aan derden (als genoemd in artikel 8 Wet fido)
Periodiek
Teammanager Financiën, Treasury
-
Informatievoorziening
Frequentie
Informatie toekomstige geldstromen t.b.v.(meerjaren) liquiditeitsplanning (incl. investeringsplannen)
6.4
Provincie (toezichthouder); Accountant
Delegatie en mandaat
Verantwoordelijkheid voor:
Bevoegd
Delegatie of mandaat aan:
Treasurybeleid en inrichting financiële organisatie
Gemeenteraad
College burgemeester en wethouders
Uitvoeren van de treasury activiteiten
College burgemeester en wethouders
Treasury / treasurer
Beleggen en financieren (< 1 jaar)
Teammanager Financiën
Treasury / treasurer
College burgemeester en wethouders
Treasury / treasurer
Geldmarkt
Beleggen en financieren (> 1 jaar) Kapitaalmarkt
Bevestiging vooraf: -
Portefeuillehouder financiën
-
Teammanager Financiën,
Bevestiging achteraf: college burgemeester en wethouders Aangaan (financiële) contracten
College burgemeester en wethouders
De burgemeester vertegenwoordigt de gemeente “in en buiten rechten” en is in die zin bevoegd tot het aangaan en ondertekenen van (financiële) overeenkomsten en contracten (GW, art. 171 lid 1)
10