CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

TOELICHTING (concept) bestemmingsplan Harmonieplein zuidblok.pdf

Raad 30 januari 2024, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 11.: Vaststellen bestemmingsplan Harmonieplein Zuidblok37.495 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Uit statistische vergelijkingen van TNO en het RIVM blijkt dat deze grenswaarde bij een concentratie van 31,3 microgram per m3 vaker dan 35 keer wordt overschreden. Aangezien de concentratie fijn stof in het plangebied niet boven de 31,3 microgram per m3 uitkomt, wordt aan deze daggemiddelde grenswaarde voldaan. Een concentratie van boven de 20 microgram per kuub voor fijn stof wordt door de landelijke GGD 1 al bestempeld als een matige milieugezondheidkwaliteit. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) kent eveneens een advieswaarde van 20 microgram per kuub voor fijn stof. De wettelijke grenswaarde voor fijn stof is niet gebaseerd op de advieswaarde van de Wereld Gezondheid Organisatie, omdat deze in praktijk lastig haalbaar was. Vanuit de gemeente verdient het echter de voorkeur de advieswaarden wel zoveel mogelijk in acht te nemen. De advieswaarde van de Wereld Gezondheid Organisatie van 20 microgram per m 3 wordt voor fijn stof in dit plangebied in 2018 al benaderd. Vanaf het toekomstjaar 2030 wordt de advieswaarde gehaald. Ultra fijn stof (PM2,5) De concentratie ultra fijn stof blijft onder de jaargemiddelde grenswaarde van 25 microgram per m 3. De WHO kent een advieswaarde van 10 microgram per kuub voor ultra fijn stof.

Een concentratie van boven de 10 microgram per kuub wordt door de landelijke GGD bestempelt als zijnde milieugezondheidkwaliteit onvoldoende en boven de 14 microgram als zijnde zeer onvoldoende. In 2018 voldoet de concentratie ultra fijn stof niet aan de WHO advieswaarde. In 2030 wordt de WHO advieswaarde benaderd. Elementair koolstof (EC) EC is een maat voor de massa van roetdeeltjes in fijn stof en is daardoor een goede indicator voor te verwachten geuroverlast. Er gelden geen formele grenswaarden voor elementair koolstof. Roet is een verzamelnaam voor zwarte deeltjes in de lucht, die ontstaan bij onvolledige verbranding. De belangrijkste bronnen voor roet zijn het wegverkeer (met name uitstoot van roetdeeltjes uit dieselmotoren), industriële bronnen en huishoudens (open haarden en kachels). In steden draagt het verkeer voor circa 50% bij aan de heersende roetconcentraties. Voor de huidige situatie bedraagt de concentratie aan elementair koolstof (roet) 0,70 – 0,90 µg/m3. Net als bij (ultra) fijn stof en stikstofdioxide, is voor elementair koolstof een duidelijke afname te zien tussen 2018 en 2030. De belangrijkste oorzaak hiervoor is het schoner wordend autoverkeer. Overige stoffen Conform het landelijke beeld zijn er geen overschrijdingen te verwachten van de overige stoffen, waaronder koolmonoxide, benzeen en zware metalen.

De grenswaarden voor de overige stoffen worden pas overschreden als de grenswaarden van stikstofdioxide (NO2), fijn stof (PM10) en ultra fijn stof (PM2,5) zeer ruim zijn overschreden. Dat is niet het geval.

1

handboek voor een gezonde inrichting van de leefomgeving, 2012

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

47

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld 5.3.3

Conclusie

Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkelingen in de gebiedsontwikkeling Harmonieplein (Kindcentrum, Noordblok en Zuidblok).

5.4

Bedrijven en milieuzonering

5.4.1

Wettelijk kader

De aanwezigheid van bedrijven kan de kwaliteit van de leefomgeving beïnvloeden. Voorkomen moet worden dat bedrijven hinder veroorzaken naar de omgeving, vooral indien het woongebieden of andere gevoelige bestemmingen betreft. Daarnaast moeten bedrijven zich kunnen ontwikkelen en eventueel uitbreiden. Om dit te bereiken is het van belang dat bedrijven en gevoelige bestemmingen ruimtelijk goed gesitueerd worden zodat de bedrijven zo min mogelijk overlast opleveren en woongebieden de bedrijven zo min mogelijk beperken in hun bedrijfsuitvoering. Ten behoeve van milieuzonering is door de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) een bedrijvenlijst opgesteld, waarin bedrijven op hun milieueffecten zijn gecategoriseerd. Afhankelijk van de mate waarin de in deze lijst opgenomen bedrijven milieuhinder kunnen veroorzaken (uitgaande van de gemiddelde bedrijfssituatie), kent de lijst aan de bedrijven een categorie toe. Naarmate de milieuhinder toeneemt, loopt de categorie op van 1 tot en met 5, met bijbehorende richtafstanden tot woonfuncties. In de uitgave “Bedrijven en milieuzonering” is per bedrijfstype een globale richtafstand gegeven van het invloedsgebied voor de aspecten geur, stof, geluid en gevaar. Ontwikkeling binnen deze richtafstand is mogelijk maar onder voorwaarden. Naast bedrijfstype is het omgevingstype ook bepalend voor de richtafstand.

In de uitgave “Bedrijven en milieuzonering” wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende omgevingstypen:  

Rustige woonwijk en rustig buitengebied; Gemengd gebied.

Rustige woonwijk en rustig buitengebied Een rustige woonwijk of rustig buitengebied is een gebied waar functiescheiding is toegepast. In deze wijk komen, afgezien van wijkgebonden voorzieningen geen andere functies zoals bedrijven of kantoren voor. Het vestigen van een bedrijf in deze wijk kan veel overlast veroorzaken. Op basis van het aspect met de grootste afstand zijn de bedrijven in de volgende categorieën ingedeeld:     

Categorie 1 grootste afstand 10 meter; Categorie 2 grootste afstand 30 meter; Categorie 3 grootste afstanden 50 (cat. 3.1) en 100 meter (cat. 3.2); Categorie 4 grootste afstanden 200 (cat. 4.1) en 300 meter (cat. 4.2); Categorie 5 grootste afstanden 500 (cat.5.1), 700 (cat. 5.2) en 1000 meter (cat. 5.3).

De afstanden gelden in principe tussen de perceelgrens van het bedrijf (bij een gangbare perceelsgrootte en – indeling) en anderzijds de gevel van een woning. Gemengd gebied Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemening. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Voor het aspect geluid kan in deze gebieden de toepassing van kortere richtafstanden rechtvaardigen. Geluid is voor de te hanteren afstand van milieubelastende activiteiten veelal bepalend. In een gemengd gebied mogen de volgende richtafstanden voor geluid gehanteerd worden:    

Categorie 1 grootste afstand 0 meter; Categorie 2 grootste afstand 10 meter; Categorie 3 grootste afstanden 30 (cat. 3.1) en 50 meter (cat. 3.2); Categorie 4 grootste afstanden 100 (cat. 4.1) en 200 meter (cat. 4.2); BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

48

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld 

Categorie 5 grootste afstanden 300 (cat. 5.1), 500 (cat. 5.2) en 700 meter (cat. 5.3).

De bovenstaande afstanden moeten als indicatief gezien worden. Doordat de omvang van bedrijven kan verschillen en omdat bedrijven maatregelen kunnen nemen om de invloed te beperken kan de invloedssfeer in werkelijkheid afwijken van bovengenoemde afstanden. De uiteindelijke afstemming tussen de hinder van het bedrijf en de omgeving wordt geregeld in het kader van de Wet milieubeheer. Als niet voldaan kan worden aan de richtafstanden voor een bepaald aspect die in de VNG-brochure staan genoemd dan moet er nader onderzoek naar dat aspect plaatsvinden. 5.4.2

Situatie plangebied

Bedrijven binnen het plangebied Voor de in het plangebied aanwezige bedrijfsactiviteiten wordt gebruik gemaakt van de Staat van Bedrijfsactiviteiten. Deze lijst is gebaseerd op de uitgave VNG ‘Bedrijven en milieuzonering’. Aanwezige of toekomstige bedrijfslocaties worden in voorliggend bestemmingsplan ingeschaald volgens deze staat. Om milieuhinder als gevolg van de bedrijfsactiviteiten al in het ruimtelijk spoor te voorkomen, worden grenzen gesteld aan de toelaatbaarheid van de bedrijfsactiviteiten. Het plangebied van de gebiedsontwikkeling wordt getypeerd als gemengd gebied. Het betreft een centrumgebied met een mix van diverse functies, waaronder wonen, winkelen, scholen en horeca. Het plangebied van de gebiedsontwikkeling is onderverdeeld in een drietal deelgebieden, te weten: Deelgebied 1: Kindcentrum met parkeerplaats In dit deelgebied zullen twee basisscholen (die reeds in het gebied aanwezig zijn) worden samengebracht in één gebouw. Verder zullen zich in dit gebouw een kinderdagverblijf, peuterspeelzaal, BSO en gymzaal vestigen. Een basisschool en kinderopvang/BSO vallen volgens de VNG-brochure onder milieucategorie 2 met een richtafstand van 30 meter voor geluid. Het plangebied is een gemengd gebied waarvoor een richtafstand van 10 meter mag worden aangehouden voor geluid. Met name buiten spelende kinderen kunnen geluidoverlast veroorzaken.

Bij de bouw van het Kindcentrum wordt voor de meeste woningen de richtafstand van 10 meter van de grenzen van de inrichting naar de omliggende woningen gehaald. Het schoolplein maakt onderdeel uit van de inrichting. De dichtstbijzijnde woningen (Bolensteinseweg 10 en de zuidwest hoek van het appartementencomplex aan de Bolensteinsestraat) liggen echter op een beperktere afstand van het schoolplein (grens van de inrichting, zie afbeelding 5.9). Overigens is dat in de bestaande situatie ook al zo (zie afbeelding 5.10). Een deel van de nieuwe woningen in het westelijk deel van het Zuidblok liggen straks ook op een beperktere afstand dan de richtlijn van 10 meter. De richtafstand voor het aspect geluid wordt door het Kindcentrum daarmee niet gehaald waarmee verder onderzoek naar de geluidbelasting van het schoolplein/speelplein moet worden meegenomen in de toets naar de goede ruimtelijke ordening. Vastgesteld moet worden of kan worden voldaan aan de richtwaarden die gelden voor een gemengd gebied. Het gebouw moet voldoen aan de wettelijke normen zoals genoemd in het Activiteitenbesluit.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

49

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld

Afbeelding 5.10

Beoogde situatie (bron: Cita Architecten))

Afbeelding 5.11

Bestaande situatie basisschool Wereldkidz en basisschool Het Kompas (bron: luchtfoto 2019)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

50

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld

Op basis van gebiedstype gemengd gebied geldt voor een autoparkeerterrein bij het Kindcentrum op grond van de VNG-publicatie geen richtafstand tot geluidgevoelige bestemmingen. Wel is de geluidsbelasting inzichtelijk gemaakt op de omgeving om een geheel beeld te vormen van de invloed van de ontwikkelingen op de omgeving. Akoestisch onderzoek februari 2019 AnteaGroup heeft in voorliggend geval onderzoek verricht naar het aspect geluid voor wat betreft het Kindcentrum en de bijbehorende parkeervoorzieningen. Hierna zijn de resultaten uit het onderzoek opgenomen. Voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar bijlage 6 bij deze toelichting. Om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te kunnen garanderen voor de omwonenden zijn extra toetsingscriteria op gebied van geluid opgesteld, waaraan het Kindcentrum moet voldoen. In het proces om tot een uitvoerbaar plan te komen zijn meerdere invullingsvarianten van het Kindcentrum onderzocht. De varianten zijn steeds getoetst aan deze criteria. De toetsingscriteria zijn opgesteld op basis van de gangbare VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering. Tevens is rekening gehouden met het feit dat er in de huidige situatie al sprake is van scholen.

Rekenresultaten Uit de rekenresultaten blijkt dat bij de bestaande woningen ten noorden van het Kindcentrum de geluidbelasting voldoet aan de toetsingscriteria. Het bestaande appartementencomplex aan de Gaslaan blijkt wel een te hoge geluidbelasting te ontvangen vanaf de eerste verdieping. Daar dienen echter extra maatregelen te worden genomen om te kunnen voldoen aan de toetsingscriteria. Uit de rekenresultaten blijkt tevens dat de geluidbelasting bij de zuidelijke en noordelijke nieuwbouwblokken niet voldoet aan de toetsingscriteria. Ook hier dienen extra maatregelen te worden genomen. Maatregelen Indien de volgende gevelmaatregelen worden getroffen kan worden voldaan aan de toetsingscriteria, en is de ontwerpvariant inpasbaar in de omgeving: 

Bij de bestaande woningen aan de Gaslaan kunnen gevelschermen voor de ramen worden toegepast, daar waar de geluidbelasting te hoog blijkt en tevens de keukens met open verbinding naar de BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

51

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld

woonkamer zijn gesitueerd. De gevelschermen bestaan uit een glaspaneel met 1 – 3 geluidsabsorberende cassettes waarachter de geluidsreductie oploopt tot maximaal 10 dB. Deze maatregel dient bij 11 ramen te worden toegepast. Het noordelijk nieuwbouwblok voldoet op één toetspunt (westgevel) niet aan de toetsingscriteria vanwege het Kindcentrum. Het gebouw ontvangt in dagperiode een hogere geluidbelasting, aangezien het Kindcentrum enkel in de dagperiode geopend is. In de avond- en nachtperiode ontvangt zij geen hogere geluidbelasting en zouden bewoners een raam open kunnen zetten zonder geluidhinder. Om deze reden wordt niet aangeraden grote delen van een gevel doof uit te voeren, maar wordt geadviseerd om, uitgaande van situatie met gesloten ramen, een binnenniveau te garanderen van ten hoogste 35 dB(A) in de dagperiode. Met deze voorwaarden dient bij het Noordblok een gevelwering tot 21 dB(A) te worden toegepast (daar waar een geluidbelasting optreedt van 56 dB(A)). Het zuidelijk nieuwbouwblok voldoet op de gehele westgevel niet aan de toetsingscriteria. De nieuwbouwappartementen krijgen aan deze zijde half inspringende balkons. Om het geluidniveau op de balkons, en dus tevens de achtergevel op het balkon te reduceren kunnen dichte balkonschermen worden aangebracht.

Er kan een reductie van 4 dB worden gehaald indien het balkonscherm minimaal 1,2 meter hoog zijn, minimaal eigen gewicht van 10 kg/m2 hebben en de plafonds van de balkons 90% absorberend worden uitgevoerd. Indien deze voorwaarden worden doorgevoerd, wordt op bijna alle balkons van het zuidelijk nieuwbouwblok, op de achtergevel voldaan aan de toetsingscriteria. Dit wil zeggen dat er op de achtergevel een langtijdgemiddeld beoordelingsniveau wordt berekend van 55 dB(A) en een maximaal geluidniveau van 70 dB(A). Op één specifieke locatie op het zuidelijke gebouw wordt echter een langtijdgemiddeld beoordelingsniveau van 60 dB(A) berekend. Als ter hoogte van deze locatie een buitenruimte (balkon) wordt gerealiseerd, dan is een iets hoger dicht balkonscherm nodig, om alsnog te zekeren dat op de achterliggende gevel aan de 55 dB(A) wordt voldaan. De precieze benodigde dimensies voor het balkonscherm kan bepaald worden zodra het ontwerp van het Kindcentrum is uitgewerkt. Er moet gedacht worden aan een hoogte van ongeveer 1,7 meter. Voor alle woningen kan ook gedacht worden aan afsluitbare balkons. De noordgevel van het zuidelijk nieuwbouwblok voldoet tevens niet aan de toetsingscriteria. Aangezien aan de noordzijde van dit blok voornamelijk ramen komen is het niet gewenst deze hele zijde doof uit te voeren.

Net als bij het noordelijk nieuwbouwblok ontvangen de woningen enkel in dagperiode op werkdagen een hogere geluidbelasting en wordt niet aangeraden grote delen van een gevel doof uit te voeren. Ook hier wordt aangeraden in ieder geval een binnenniveau te garanderen van ten hoogste 35 dB(A) in de dagperiode. Met deze voorwaarden dient bij het Zuidblok een gevelwering tot 25 dB(A) te worden toegepast (daar waar een geluidbelasting optreedt van 60 dB(A)).

Actualiserend akoestisch onderzoek februari 2020 Enkele indelingsvarianten van het Kindcentrum zijn in bovengenoemd onderzoek doorgerekend waarmee is aangetoond dat een Kindcentrum inpasbaar is, al dan niet met inzet van maatregelen. Er is een voorlopig ontwerp van het Kindcentrum door Cita ingediend en dit ontwerp is door AnteaGroup doorgerekend en getoetst aan de criteria die in het akoestisch rapport van 12 februari 2019 zijn gehanteerd. Hierna zijn de resultaten uit het onderzoek opgenomen. Voor de volledige toetsing wordt verwezen naar bijlage 7 bij deze toelichting. Rekenresultaten Uit de rekenresultaten blijkt dat bij de bestaande woningen ten noorden van het Kindcentrum de geluidbelasting voldoet aan de toetsingscriteria. Het bestaande appartementencomplex aan de Gaslaan blijkt wel een te hoge geluidbelasting te ontvangen vanaf de eerste verdieping. Daar dienen echter extra maatregelen te worden genomen om te kunnen voldoen aan de toetsingscriteria. Wanneer deze maatregelen worden genomen is het ontwerp inpasbaar voor wat betreft de bestaande woningen. Uit de rekenresultaten blijkt tevens dat de geluidbelasting bij de zuidelijke en noordelijke nieuwbouwblokken niet voldoet aan de toetsingscriteria. Ook hier dienen extra maatregelen te worden genomen. Wanneer deze maatregelen worden genomen is het ontwerp inpasbaar voor wat betreft de nieuwbouwwoningen.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

52

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld Maatregelen Bij de bestaande appartementen aan de Gaslaan en bij de nieuwbouwwoningen wordt vanwege het Kindcentrum niet overal voldaan aan de toetsingscriteria. Om de geluidbelasting vanwege het Kindcentrum op het appartementencomplex aan de Gaslaan en de nieuwbouwwoningen te beperken, kunnen maatregelen worden getroffen. Indien onderstaande gevelmaatregelen worden getroffen, wordt voldaan aan de toetsingscriteria en is het ontwerp van Cita inpasbaar in de omgeving.  Bij de bestaande woningen aan de Gaslaan dienen gevelschermen voor de ramen te worden toegepast, daar waar de geluidbelasting te hoog blijkt en tevens de keukens met open verbinding naar de woonkamer zijn gesitueerd.  Het noordelijk nieuwbouwblok voldoet op twee toetspunten (westgevel) niet aan de toetsingscriteria vanwege het Kindcentrum. Er wordt niet aangeraden grote delen van een gevel doof uit te voeren, aangezien de geluidbelasting enkel in de dagperiode op werkdagen optreedt. Daarom wordt geadviseerd om, uitgaande van situatie met gesloten ramen, een binnenniveau te garanderen van ten hoogste 35 dB(A) in de dagperiode. Met deze voorwaarden dient bij het Noordblok een gevelwering tot 22 dB(A) te worden toegepast.  Het zuidelijk nieuwbouwblok voldoet op de gehele westgevel niet aan de toetsingscriteria.

Om het geluidniveau op de balkons, en dus tevens de achtergevel op het balkon te reduceren dienen dichte balkonschermen te worden aangebracht. Hiermee kan een reductie van 4 dB worden gehaald. De dichte balkonschermen dienen minimaal 1,2 meter hoog te zijn met minimaal eigen gewicht van 10 kg/m2, waarbij de plafonds van de balkons 90% absorberend worden uitgevoerd. Daar waar een L Ar,LT van 60 dB(A) of hoger wordt berekend dient een hoger dicht balkonscherm van minimaal 1,7 meter te worden gerealiseerd, om alsnog te zekeren dat op de achterliggende gevel aan de 55 dB(A) wordt voldaan. Ook zouden voor alle woningen afsluitbare balkons kunnen worden gerealiseerd.  Op de noordgevel van het zuidelijke nieuwbouwblok wordt tevens niet aan de toetsingscriteria voldaan. Deze gevel wordt voornamelijk voorzien van ramen. Aangezien het Kindcentrum enkel in de dagperiode op werkdagen in werking is, wordt niet aangeraden grote delen van een gevel doof uit te voeren. Ook hier wordt aangeraden in ieder geval een binnenniveau te garanderen van ten hoogste 35 dB(A) in de dagperiode. Met deze voorwaarden dient bij het Zuidblok een gevelwering tot 25 dB(A) te worden toegepast (daar waar een geluidbelasting optreedt van 60 dB(A) en hoger).

Voorwaarden bestemmingsplan De geluidisolatie van de woningen zal voor wat betreft de nieuw te bouwen woningen ten oosten van het Kindcentrum zodanig moeten zijn dat bij gesloten ramen/deuren:  Gegarandeerd dat het geluidniveau in de woningen vanwege het Kindcentrum niet hoger is dan 35 dB(A) etmaalwaarde voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau en 55 dB(A) voor het maximale geluidniveau;  Ter plaatse van de buitenruimten (balkons) aan de westzijde met toepassing van (verhoogde) borstweringen gegarandeerd wordt dat de gevelbelasting op de achtergevel van het balkon niet hoger is dan 55 dB(A) etmaalwaarde voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau en 70 dB(A) voor het maximale geluidniveau. In dit bestemmingsplan voor het Zuidblok zijn geluidwerende voorzieningen op de verbeelding aangegeven met een aanduiding. Het is o.a. mogelijk afsluitbare balkons te realiseren. Daarnaast zijn in de regels voorwaarden opgenomen waar het Zuidblok aan moet voldoen aangaande geluid. Deze voorwaarden worden straks ook verwerkt in het plan voor het Noordblok.

Deelgebied 2: Zuidelijk bouwblok Dit gebied bestaat uit 24 sociale huurwoningen (met mogelijkheid tot zorg) en 12 middenhuur (met mogelijkheid tot zorg ) 4 grondgebonden koopwoningen en 9 koopappartementen. Aan-huis-gebonden beroepen dan wel bedrijfsmatige activiteiten aan huis zijn bij recht toegestaan. In het hoekpand aan de noordwestzijde is op de begane grond circa 100m2 centrumfunctie mogelijk. De centrumfunctie kan bestaan uit horeca categorie 1 (daghoreca), (maatschappelijke) dienstverlening en detailhandel of een

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

53

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld maatschappelijke functies (al dan niet in combinatie met ondersteunende horeca en/of kleinschalige zaalverhuur). Op de begane grond en verdiepingen zal gewoond gaan worden. De geplande functies vallen onder milieucategorie 1 zonder richtafstand in gemengd gebied. Een aanvaardbaar woon- en leefklimaat is in de aangrenzende woningen gewaarborgd.

Deelgebied 3: Noordelijk bouwblok Het noordelijke bouwblok bestaat uit een (openbare) parkeerplaats, een maatschappelijk voorziening zoals de bibliotheek (circa 350 m2), een lichte horecavoorziening zoals daghoreca of een restaurant (circa 350 m2) en 31 woningen (appartementen). De (openbare) parkeerplaats en de horeca zijn nader onderzocht in het aanvullend akoestisch onderzoek (bijlage 8) van Anteagroup. Het volgende is geconstateerd: Indirecte hinder openbare parkeerplaatsen Ten noorden van het Harmonieplein zijn 61 parkeerplaatsen voorzien in het openbare gebied. Een deel ervan bestaan al maar wordt alleen anders georiënteerd en een deel is nieuw. Hiervan wordt gebruik gemaakt door bezoekers van het centrum van Maarssen en door bezoekers van de nieuwbouwwoningen. Uit de rekenresultaten blijkt dat het langtijdgemiddeld beoordelingsniveaus (LAr,LT), als gevolg van de verkeersaantrekkende werking vanwege het Harmonieplein, ten hoogste 50 dB(A) bedraagt bij de dichtstbijzijnde woningen. Hiermee wordt voldaan aan de richtwaarde van 50 dB(A) in de dagperiode, zoals gesteld in het de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’, waarmee een aanvaardbaar woon- en leefklimaat is gegarandeerd. Horeca Harmonieplein Voor de horecagelegenheid in de plint van het noordelijk bouwblok is kwalitatief bekeken wat voor soort bedrijfsvoering passend is.

Direct boven de horecagelegenheid zijn woningen geprojecteerd. Om te kunnen voldoen aan de geluidnormen uit het Activiteitenbesluit milieubeheer, en tevens een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te garanderen voor de bovengelegen woningen, wordt aanbevolen om op deze locatie enkel daghoreca met achtergrondmuziek of een restaurant toe te staan. Houdt hierbij rekening met een goede geluidisolatie naar de bovengelegen woningen. Om klachten in de toekomst te voorkomen dient bij de bouw rekening te worden houden met de juiste geluidisolatie naar de bovengelegen woningen. Indien bovenstaande wordt aangehouden is horeca aan het Harmonieplein haalbaar gezien de geluidgrenswaarden vanwege het Activiteitenbesluit. Hetzelfde geldt voor de centrumfunctie in het Zuidblok. Overige functies Daghoreca, detailhandel en maatschappelijke functies vallen allen onder milieucategorie 1 zonder richtafstand in gemengd gebied. Een aanvaardbaar woon en leefklimaat is daarmee gewaarborgd. Tevens kunnen de bedrijven die zich hier gaan vestigen naar verwachting voldoen aan de vigerende wet- en regelgeving. Horeca terrassen op het Harmonieplein In het Noordblok is een horecagelegenheid van circa 350 m2 voorzien. In het Zuidblok is het mogelijk een centrumfunctie op de begane grond te realiseren. Dat kan een daghoreca gelegenheid zijn aangezien dit standaard binnen de centrumbestemming valt.

Het is wenselijk voor deze horecagelegenheden terrassen te realiseren. Uit het onderzoek volgt dat indien nieuwe terrassen in het plan moeten worden opgenomen dat deze terrassen een maximale breedte moeten hebben van 3 m en dat om de maximale geluidsniveaus gedurende de avond- en nachtperiode in te passen er luifels moeten worden voorzien boven de terrassen. Bovendien moeten in ieder geval de westgevel van het Zuidblok en de hoek van het Noordblok aan de zijde van het Kindcentrum ontzien worden vanwege de reeds hoge geluidsbelasting als gevolg van het Kindcentrum. In het plan voor deelgebied 3 (Noordblok, inclusief plein en openbare ruimte) kunnen hiervoor regels worden opgenomen. Voor het volledige onderzoek wordt verwezen het onderzoek in de bijlagen bij deze toelichting.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

54

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld Evenementen op het Harmonieplein Binnen de openbare ruimte is het toegestaan evenementen te houden. Op het huidige Harmonieplein worden jaarlijks verschillende evenementen georganiseerd waaronder Koningsdag. Het nieuwe Harmonieplein zal eveneens gebruikt gaan worden voor het houden van evenementen. Aangezien er sprake is van een nieuwe situatie moet de gemeente onderzoeken op welke wijze een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gewaarborgd voor de huidige en nieuwe bewoners rond het plein. Deze voorwaarden worden als regels opgenomen in het bestemmingsplan waarin het nieuwe plein wordt opgenomen, namelijk het plan voor het Noordblok. Hierna zijn de resultaten uit het onderzoek opgenomen. Voor het volledige rapport wordt verwezen naar bijlage 10. Uitvoerings beleid evenementen 2017 Als een vergunning wordt aangevraagd voor het houden van een evenement op het Harmonieplein, wordt door de gemeente getoetst of voldaan kan worden aan de eisen die de gemeente stelt in het Uitvoeringsbeleid evenementen 2017. Evenementen worden in het kader van openbare orde-, veiligheid-, gezondheids- en milieuaspecten ingedeeld in drie categorieën: • Categorie A Evenement met een laag risico, waarbij sprake is van een beperkte impact op de omgeving en een geringe capaciteit van de hulpdiensten is vereist.

• Categorie B Evenement met een verhoogd risico, waarbij sprake is van een verhoogde impact op de omgeving en extra capaciteit van de hulpdiensten is vereist. • Categorie C Risicovol evenement, waarbij sprake is van een grote impact op de omgeving en extra capaciteit van de hulpdiensten is vereist. Akoestisch gezien kunnen evenementen binnen elke categorie plaatsvinden maar de praktijk wijst uit dat de akoestisch meest belastende evenementen meestal binnen categorie B en C vallen. De evenementen die momenteel al jaren op het Harmonieplein plaatsvinden zijn: Jaarmarkt

(cat. A, geen muziek)

Het Rode Loper Event

(cat. A, podium met alleen een optreden in de pauze)

Koningsdag

(cat. B, podium met livemuziek)

Moederdagfair

(cat. A, geen podium, alleen achtergrondmuziek)

Shantykoor

(cat. A, wel podium maar met zangkoren en zeemansliederen)

Lichtjesavond

(cat. A, alleen kerstkoren)

Er worden in de huidige situatie geen evenementen met luide muziek georganiseerd die tot laat in de avond of nacht voortduren. Er vinden ook geen meerdaagse evenementen plaats zoals een kermis. Daarnaast vinden de evenementen plaats in weekenden of op feestdagen. Van de huidige evenementen is akoestisch gezien Koningsdag veruit het meest belastend voor de omgeving. Het nieuwe Harmonieplein zal weer ruimte bieden aan de nu al jaarlijks terugkerende evenementen. Daarnaast wordt er ruimte geboden voor nieuwe initiatieven zoals een kerstmarkt, klassiek concert of foodtruckfestival. Ook is het mogelijk dat evenementen die nu elders binnen het centrum plaatsvinden ook een rol gaan toekennen aan het Harmonieplein. Het bestemmingsplan biedt hiervoor ruimte, waarbij een aanvaardbaar woon- en leefklimaat geborgd moet worden. Om dit te waarborgen is het raadzaam om regels op te stellen die de akoestische impact op de omgeving binnen acceptabele grenzen zal houden. Daarom worden er regels in het plan voor het Noordblok opgenomen ten aanzien van: 1. 2. 3. 4.

de maximale geluidbelasting van een evenement de duur van evenementen op welke dagen evenementen mogen plaatsvinden Hoeveel evenementen jaarlijks zijn toegestaan op het Harmonieplein BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

55

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld

Bedrijven buiten het plangebied In een straal van 100 meter om de planlocatie liggen de volgende instellingen/ bedrijven/ bedrijfslocaties: Adres

Naam

Snavelenburg 1, 3603 GN Maarssen Breedstraat 3, Maarssen Gaslaan 12, Maarssen

Creyn Snavelenburg Heilig hart Kerk Muziek- en dansschool Nieuwe Vaart

SBI-code/ milieucategorie/ richtafstand (in gemengd gebied) SBI 871-1/ milieucategorie 2/ 10 meter voor geluid en 10 meter voor geur 9491/ milieucategorie 2/ 10 meter voor geluid 9234/ milieucategorie 2/ 10 meter voor geluid

Afstand tot plangebied Circa 56 meter

Knelpunt ja/nee nee

circa 25 meter

nee

Circa 3,5 meter ja

Zoals waarneembaar in bovenstaande tabel wordt niet voldaan aan de richtafstand voor wat betreft de muziek- en dansschool. AnteaGroup heeft een aanvullend akoestisch onderzoek verricht. Hierna zijn de resultaten uit dit onderzoek opgenomen. Voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar bijlage 11 bij deze toelichting. Een muziekschool is een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer en valt onder de werkingssfeer van het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (Activiteitenbesluit milieubeheer) en dient te voldoen aan de voorschriften uit dit besluit, waaronder de geluidnormen uit het Activiteitenbesluit. Dit betekent dat de geluidbelasting op bestaande woning niet hoger mag zijn dan 50 dB(A) voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau en 70 dB(A) voor het maximale geluidniveau. Deze waarden komen overeen met de toetsingswaarden die worden genoemd in de VNG-publicatie als maat voor een aanvaardbare woon- en leefkwaliteit. De verwachting is dat de geluidbelasting op de nieuwbouwwoningen (Zuidblok) lager zal zijn dan op de bestaande woning aan de Gaslaan 10. Om deze reden is het vanuit de kaders van het Activiteitenbesluit milieubeheer gezekerd dat vanwege de muziekschool, op de nieuw te bouwen woningen een voor de woonen leefkwaliteit aanvaardbare geluidbelasting optreedt.

Bovendien is voldoende zeker dat de muziekschool door de nieuwbouw niet in het functioneren zal worden belemmerd. Eventuele beperkingen voor de muziekschool worden namelijk bepaald door de bestaande woning aan de westzijde, waar naar verwachting een hogere geluidbelasting aan de orde zal zijn dan op de nieuwbouwwoningen. Verder zijn in de directe omgeving van de planlocatie een aantal winkels en horecabedrijven gevestigd die onder milieucategorie 1 vallen. Omdat het hier een gemengd gebied betreft is de richtafstand voor geluid vanuit deze bedrijven naar het plangebied 0 meter. Aan de 10 meter afstand voor geur wordt tevens voldaan. Cumulatie Wat betreft cumulatie wordt opgemerkt dat verschillende soorten geluid niet zomaar bij elkaar geteld worden. Dit vanwege het verschil in hinderlijkheid van de diverse geluidbronnen, maar ook het verschil in uitdrukkingseenheid. Zo wordt, volgens geldende reken- en meetvoorschriften, voor het kindgeluid gekeken naar een etmaalgemiddelde geluidniveau en een maximaal geluidniveau, terwijl voor wegverkeerslawaai uit wordt gegaan van een jaargemiddelde dosismaat: de Lden. Voor de woningen rond het Kindcentrum zal het geluid van spelende kinderen (kindgeluid) op het schoolplein de bepalende geluidbron zijn. Geluid is uitgedrukt in een logaritmische eenheid.

Dit houdt in dat twee geluidgetallen niet als ‘normale’ som bij elkaar kunnen worden geteld. Bij het optellen van geluidbronnen is, vanwege de logaritmische schaal, de geluidbron met het hoogste geluidniveau bepalend voor het totale geluidniveau. In dit geval dus het geluid van spelende kinderen. De som van meerdere geluidsoorten, voor zover deze bronnen bij elkaar opgeteld kunnen worden, zal daarom in de buurt van het voor kindgeluid vastgestelde niveau liggen. Met andere woorden, het in beeld gebrachte geluid vanwege het kindcentrum (geluid kinderen op schoolplein) is een redelijke maat voor het verwachte cumulatieve geluidbeeld. Naar de mogelijkheid voor terrassen en evenementen op het nieuwe plein is aanvullend akoestisch onderzoek verricht. Om een aanvaardbaar woon en leefklimaat te kunnen garanderen worden voor deze functies in het plan voor het Noordblok regels opgenomen. Juist omdat er sprake is van geluidbelasting vanaf het

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

56

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld Kindcentrum moet bij het toevoegen van andere geluidfuncties zeer zorgvuldig worden afgewogen of dat tot een aanvaardbaar woon- en leefklimaat leidt. Het geluid van het speelplein van het Kindcentrum vormt dus de bepalende factor. 5.4.3

Conclusie

Bedrijven binnen het plangebied Kindcentrum in relatie tot bestaande en nieuwe woningen (School-)kinderen moeten op gezette tijden buiten kunnen spelen. Buiten spelen is van groot belang voor de fysieke en sociale ontwikkeling van kinderen. Omdat kinderen met elkaar spelen leren ze sociale vaardigheden en bouwen ze een sociaal netwerk op in de vorm van vriendjes. Daarnaast krijgen kinderen door buiten te spelen de nodige hoeveelheid beweging en is het halen van “een frisse neus” goed voor het algeheel welbevinden van mensen. Het buitenspelen gebeurt meestal niet in algehele stilte. Omwonenden kunnen op die momenten van de dag de nodige hoeveelheid decibellen op de gevel verwachten. Voor geluid gelden wettelijke normen die voor een voorziening als het Kindcentrum zijn opgenomen in het Activiteitenbesluit. Voor stemgeluid zijn echter geen normen opgenomen in de wettelijke regeling. Het stemgeluid van kinderen is bewust door het toenmalige ministerie van VROM buiten de wettelijke regeling van het Activiteitenbesluit gelaten. Het maatschappelijke belang dat samenvalt met de aanwezigheid van een basisschool binnen de woonomgeving en het belang dat kinderen buiten spelen, weegt zwaarder dan de te verwachten geluidbelasting. Dat neemt niet weg dat er, net als bij de bezonning, richtlijnen zijn gemaakt door de VNG.

Op het moment dat de gemeente een nieuwe school bouwt in de buurt van woningen, moeten deze richtlijnen in acht worden genomen. De gemeente mag gemotiveerd van deze richtlijnen afwijken. Het bovenstaande in ogenschouw nemende is het niet onredelijk dat de gemeente binnen het Akoestisch onderzoek, “geluid op omgeving vanwege kindcentrum” door Antea, de bestaande geluidbelasting van 60db(A) van de nu al aanwezige scholen als uitgangspunt hanteert als maximum bij de nieuw te bouwen woningen en bestaande woningen. Het onderzoek wijst uit dat de woningen die nu al 60db(A) op de gevel ontvangen in de bestaande situatie geen verslechtering kunnen verwachten door de nieuwe invulling. Voor deze woningen blijft de geluidbelasting gelijk. Om dit maximum te kunnen garanderen is een voorwaardelijke verplichting opgenomen in de regels van het bestemmingsplan. Een aantal woningen van het appartementencomplex aan de Gaslaan heeft wel te maken met een verhoging van de geluidbelasting ten opzichten van de bestaande situatie. Om die geluidbelasting op te vangen worden geluidmaatregelen getroffen om een goed binnenniveau te kunnen garanderen. Datzelfde geldt voor de nieuw te bouwen woningen aan het nieuwe plein. Voor deze voorzieningen is eveneens een voorwaardelijke verplichting opgenomen in het bestemmingsplan.

Horeca in relatie tot bestaande en nieuwe woningen Horeca met zaalverhuur voor bruiloften en partijen vallend onder milieucategorie 2 is niet wenselijk vanwege het hoge geluidniveau in de avond- en nachtperiode. Om te kunnen voldoen aan de wettelijke grenswaarden aan het binnenniveau moeten vergaande en kostbare maatregelen genomen worden waardoor het niet realistisch is hier een dergelijke functies te realiseren. Op deze locatie wordt daarom daghoreca of een restaurant toegestaan waarbij 8x per jaar (conform artikel 4.1 van de APV 2014 van de gemeente Stichtse Vecht) afgeweken mag worden van de geldende geluidsnormen. Met deze functie kan een aanvaardbaar woon- en leefklimaat worden gegarandeerd bij de aangrenzende woningen. Wat betreft de terrassen dient een maximale breedte van 3 m en een maximale lengte van 15 m te worden aangehouden. Om de maximale geluidsniveaus gedurende de avond- en nachtperiode in te passen moeten er luifels worden voorzien boven de terrassen. Vanwege de reeds hoge geluidsbelasting als gevolg van het speelplein van het Kindcentrum is het wenselijk de westgevel van het Zuidblok en de hoek van het Noordblok wat betreft terrassen te ontzien. In het plan voor het Noordblok worden voor de afmeting van terrassen en de maximale openingstijden regels opgenomen.

Evenementen op het Harmonieplein Op het huidige Harmonieplein worden jaarlijks verschillende evenementen georganiseerd waaronder Koningsdag. Het nieuwe Harmonieplein zal eveneens gebruikt gaan worden voor het houden van evenementen. Om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te waarborgen voor de huidige en nieuwe bewoners rond het plein moeten regels worden opgenomen in het plan voor het Noordblok (incl. plein en

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

57

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld openbare ruimte) inzake: 1. 2. 3. 4.

de maximale geluidbelasting van een evenement de duur van evenementen op welke dagen evenementen mogen plaatsvinden hoeveel evenementen jaarlijks zijn toegestaan op het Harmonieplein

Overige functies De overige geplande functies zijn gezien de aard en omvang inpasbaar in het gebied. Een aanvaardbaar woonen leefklimaat is bij de omliggende woningen gewaarborgd. Tevens kunnen de bedrijven voldoen aan de geldende wet- en regelgeving. Bedrijven buiten het plangebied De omliggende bedrijven vormen geen belemmeringen voor het voorgenomen bestemmingsplan. Een goed woon- en leefklimaat is gewaarborgd en tevens kunnen de bedrijven blijven voldoen aan de geldende wet- en regelgeving.

De onderzoeken maken onderdeel uit van de bijlagen bij de toelichting.

5.5

Externe veiligheid

Externe veiligheid is de kans om te overlijden als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval waarbij een gevaarlijke stof betrokken is. Beleid en regelgeving op dit gebied is gericht op het beperken en beheersen van risico’s voor de omgeving vanwege:   

het gebruik, de opslag en de productie van gevaarlijke stoffen (inrichtingen); het transport van gevaarlijke stoffen over wegen, waterwegen en spoorwegen; het transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen.

Met betrekking tot risico’s wordt onderscheid gemaakt in twee risicomaten:  

Het plaatsgebonden risico; Het groepsrisico.

Het plaatsgebonden risico is gedefinieerd als het risico op een plaats buiten een risicobron, uitgedrukt als de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op die plaats zou verblijven, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen die risicobron waarbij een gevaarlijke stof, gevaarlijke afvalstof of bestrijdingsmiddel betrokken is. Binnen de wet- en regelgeving zijn aan deze definitie grens- en richtwaarden opgehangen ten aanzien van kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten. Het groepsrisico is gedefinieerd als cumulatieve kansen per jaar dat ten minste 10, 100 of 1000 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een risicobron en een ongewoon voorval binnen die risicobron waarbij een gevaarlijke stof, gevaarlijke afvalstof of bestrijdingsmiddel betrokken is. In wet- en regelgeving is aan het groepsrisico een oriënterende waarde toegekend als indicator voor de omvang van een ramp en een afwegingsproces gericht op zelfredzaamheid, beheersbaarheid, rampenbestrijding en resteffecten. 5.5.1

Wettelijk kader

De wet- en regelgeving op het gebied van externe veiligheid biedt geen absolute veiligheid. Een kleine kans op een zwaar ongeval met gevaarlijke stoffen wordt geacht tot het normaal maatschappelijk risico te behoren. Getracht wordt om, door middel van regelgeving, de gevolgen zo veel als mogelijk is te beperken. De regelgeving voor inrichtingen met (over het algemeen) grotere hoeveelheden gevaarlijke stoffen is samengebracht in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). In dit Besluit is aangegeven welke

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

58

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld bedrijven bij het verlenen van een milieuvergunning of het nemen van een besluit op grond van de Wro nadere aandacht behoeven. De regelgeving met betrekking tot het transport van gevaarlijke stoffen is neergelegd in het “Besluit transportroutes externe veiligheid”. Deze wetgeving verankert het zogenaamde Basisnet en daarmee is de circulaire Risiconormering vervoer gevaarlijke stoffen per 01-04-2015 vervallen. Externe veiligheid in relatie tot transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen is geregeld in het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb), dat op 01-01-2011 in werking is getreden. Voor hoogspanningslijnen is het beleidskader beschreven in het ‘Advies met betrekking tot hoogspanningslijnen’ (Min. VROM d.d. 5 oktober 2005). Hierin adviseert de Staatssecretaris van VROM het in acht nemen van een veiligheidszone, waarbinnen het jaargemiddelde magneetveld hoger is dan 0,4 microtesla. Voor zendmasten (omroep/GSM/UMTS) zijn in de EU-publicatie 1999/519/EG blootstellingslimieten aanbevolen voor personen die permanent in de nabijheid van zendmasten verblijven. Nederland heeft deze aanbeveling overgenomen en opgenomen in de Telecommunicatiewet. 5.5.2

Situatie plangebied

Bedrijven die vallen onder het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) In de nabije omgeving van het plangebied zijn geen bedrijven gelegen die onder het Bevi vallen en daarmee ruimtelijk een belemmering kunnen vormen voor het plangebied. Bedrijven die vallen onder overige veiligheidswetgeving In het plangebied zijn relatief kleine bedrijven aanwezig. Binnen het plangebied zijn geen bedrijven bekend die een overig veiligheidsrisico hebben waar ruimtelijk rekening mee gehouden dient te worden. Transport van gevaarlijke stoffen Het plangebied ligt op meer dan 200 meter van rijkswegen, spoorwegen en vaarwegen waarover structureel en grootschalig transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Nader onderzoek naar de risico’s als gevolg van transport van gevaarlijke stoffen over deze transportassen is niet nodig. Voor de gemeentelijke en provinciale wegen die aansluiten op rijkswegen is in de gemeente Stichtse Vecht een routering voor gevaarlijke stoffen vastgesteld. Over de vastgestelde route mag uitsluitend bestemmingsverkeer rijden. Deze route loopt niet langs het plangebied. Voor noodzakelijk transport ten behoeve van laden en/of lossen van gevaarlijke stoffen buiten de vastgestelde routes is een ontheffing nodig. Aan deze ontheffing kunnen voorwaarden worden verbonden om een veiligere leefomgeving te realiseren.

Er kan langs het plangebied dus wel transport van gevaarlijke stoffen plaatsvinden van de niet-routeplichtige stoffen (zoals benzine) en routeplichtige stoffen (zoals propaan). Echter de frequentie daarvan is (door het lokale karakter van het transport) dermate laag dat daardoor geen risico’s ontstaan die ruimtelijk relevant zijn. Transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen Volgens de risicokaart (www.risicokaart.nl) ligt er geen buisleiding voor transport van gevaarlijke stoffen in of nabij het plangebied waarop het Besluit externe veiligheid buisleidingen van toepassing is. Het lokale gasnet voor huishoudens en bedrijven valt niet binnen het kader van externe veiligheid. Elektromagnetische straling In de directe omgeving van het plangebied is geen hoogspanningslijn opgesteld. Uit de gegevens op de website van het antenneregister (www.antenneregister.nl) blijkt dat in de omgeving van het plangebied meerdere zendmasten aanwezig zijn. De aanwezige zendmasten zijn zodanig geplaatst dat deze niet de geldende blootstellingslimieten voor elektrische en magnetische veldsterkten overschrijden. 5.5.3

Conclusie

De gebiedsontwikkeling Harmonieplein en het vaststellen van dit bestemmingsplan is niet in strijd met het beleid en de regelgeving ten aanzien van externe veiligheid.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

59

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld

5.6

Cultuurhistorie en Archeologie

5.6.1

Cultuurhistorie

5.6.1.1 Wettelijk kader Vanaf 1 januari 2012 is in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) vastgelegd dat bij het maken van ruimtelijke plannen, zoals een bestemmingsplan, beheersverordening of ruimtelijke onderbouwing rekening moet worden gehouden met cultuurhistorische waarden. Hiervoor is het van belang dat voorafgaand aan het opstellen van een ruimtelijk plan de aanwezige cultuurhistorische waarden bekend is. Daarnaast is in het Bro vastgelegd dat in de toelichting op het bestemmingsplan beschreven moet worden hoe deze cultuurhistorische waarden meegewogen zijn bij het opstellen van het plan. In het geval van gewenste ontwikkeling van het Harmonieplein in Maarssen betekent dit dat voorafgaand aan de planontwikkeling gekeken moet worden of, en zo ja, welke cultuurhistorische waarden aanwezig zijn. Hiervoor moet een inventarisatie uitgevoerd worden naar de cultuurhistorische waarden die binnen het plangebied aanwezig zijn en naar de waarden in de directe omgeving daarvan. Daarnaast moet afgewogen worden hoe deze waarden in de plannen meegenomen worden. 5.6.1.2 Situatie plangebied Monumenten Een groot deel van het historische centrum van Maarssen is aangewezen als beschermd dorpsgezicht. Als zuidelijke grenzen van het als dorpsgezicht aangewezen gebied gelden onder meer de Bolensteinseweg en de Bolensteinsestraat. Het plangebied valt dan ook buiten het beschermd dorpsgezicht.

In de directe omgeving staan diverse panden die zijn aangewezen als gemeentelijke of rijksmonumenten. Binnen het plangebied van de gebiedsontwikkeling waar het Kindcentrum, Zuidblok en Noordblok onder vallen bevinden zich geen monumentale panden of objecten. Binnen het gebied van het Noordblok staat wel een monumentale kastanjeboom.

Beschermd dorpsgezicht Maarssen

Historisch en stedenbouwkundige ontwikkeling De verschillende straten rondom het plangebied komen al voor op 19 de eeuwse kaarten, maar hebben grotendeels een Middeleeuwse oorsprong. Zo vormden de Raadhuisstraat en de Bolensteinsestraat en –weg onderdeel van de Daalsedijk, die aangelegd is rond het jaar 1200. Daarnaast is voor het stratenpatroon en het

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

60

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld plangebied de aanwezigheid van de buitenplaats Bolenstein, op de hoek van de Bolensteinstraat en –weg, van groot belang geweest. De Bolensteinsestraat en –weg hebben vanaf de 17de eeuw bebouwing gekend, die in de loop van de jaren gestaag groeide. Rond 1920 was de Bolensteinsestraat al een winkelstraat. De Gaslaan dateert uit de jaren ’30, als onderdeel van een bescheiden uitbreidingswijk uit deze periode. Langs de Gaslaan verrezen een kerk, een brandweerkazerne, een kruisgebouw, een basisschool, een gymzaal (later de muziekschool) en een gashouder. De gashouder, brandweerkazerne en school zijn verdwenen en de overige genoemde panden zijn aangemerkt als monument. De oorspronkelijke gasfabriek, waaraan de Gaslaan de naam dankt, stond op de plek van de huidige kerk Open Hof (Kerkweg 60). Enkele historische bomen duiden hier nog op. De huidige Raadhuisstraat vormde, als onderdeel van de Daalsedijk, de scheiding tussen het dorp Maarssen en het terrein van het Slot te Maarsen. Ondanks de gestage toename van de bebouwing aan de straten rondom het plangebied, is het plangebied zelf tot ver in de 20ste eeuw onbebouwd gebleven. Op historische kaarten lijkt het plangebied in gebruik te zijn als boomgaard. Pas in de tweede helft van de 20ste eeuw neemt de bebouwing langs de randen van het plangebied toe, zowel in aantal als in omvang.

Eind van de eeuw vindt pas bebouwing plaats van het binnenterrein. Het plangebied heeft zich altijd gekenmerkt met de aanwezigheid van scholen.

Afbeelding 5.12

Luchtfoto plangebied Harmonieplein omstreeks 1975

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

61

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld

Afbeelding 5.13

Gaslaan omstreeks 1950

Afbeelding 5.14

Gaslaan M.J. Sandersschool (gesloopt)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

62

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld

Afbeelding 5.15

Bolensteinsestraat Rientjes Mavo later Koningin Juliana Mavo (gesloopt)

Afbeelding 5.16

Muziekschool Gaslaan 12 en het Groene Kruisgebouw

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

63

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld 5.6.1.3 Conclusie Het aspect cultuurhistorie vormt geen belemmering voor de gebiedsontwikkeling Harmonieplein en de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling. Het plangebied van de gebiedsontwikkeling Harmonieplein valt buiten de grenzen van het beschermd dorpsgezicht. Daarbij zijn er binnen het plangebied geen gemeentelijke of rijksmonumenten. De diverse cultuurhistorische waarden bestaan met name uit het historisch stratenpatroon in de directe omgeving van het plangebied. Het Groene Kruis gebouw is een beeldbepalend gebouw aan de Gaslaan dat binnen deze ontwikkeling zal worden gerenoveerd als woonvilla. Binnen het plangebied bevinden zich geen cultuurhistorische waarden die aangetast worden door de uitvoering van het bestemmingsplan. Het aspect cultuurhistorie vormt dan ook geen belemmering voor uitvoering van het plan. In het stedenbouwkundig plan is een beeldkwaliteitsparagraaf opgenomen met de stedenbouwkundige en architectonische randvoorwaarden. De nieuwbouw moet goed aansluiten bij de Vechtse bouwstijl die zich kenmerkt door hoge kappen, grote raampartijen en versierende elementen. Het stedenbouwkundig plan maakt onderdeel uit van de bijlagen bij de toelichting en regels. 5.6.2

Archeologie

5.6.2.1 Wettelijk kader Het archeologisch onderzoek was noodzakelijk aangezien het plangebied op de gemeentelijke archeologische beleidskaart ligt binnen zones met een hoge, middelhoge en lage archeologische verwachting. Voor de delen van het plangebied (zuiden) die in laatst genoemde verwachtingszone valt, is geen archeologisch onderzoek verplicht. Dat geldt wel voor de rest van het plangebied, dat in zones met een hoge en middelhoge verwachting valt (ca. 2 hectare). De exacte verstoringsdiepte en -omvang zijn momenteel nog niet bekend, maar er kan worden aangenomen dat deze de voor deze verwachtingszones aangegeven ondergrenzen overschrijden. Het onderzoek heeft bestaan uit een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek door middel van boringen (verkennende fase). Het archeologisch onderzoek is als bijlage 12 aan dit document toegevoegd. 5.6.2.2 Situatie plangebied Bureauonderzoek Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied ligt op (de flank) van een rivieroeverwal van de Vecht. In theorie kunnen hier resten vanaf de IJzertijd worden aangetroffen. In het bureauonderzoek wordt duidelijk dat in de omgeving van het plangebied vooral sporen vanaf de (Late) Middeleeuwen en Nieuwe Tijd zijn aangetroffen.

Gezien de ligging van de oeverwal direct aan het maaiveld worden ook de archeologische resten direct onder maaiveld verwacht, hoewel waarschijnlijk sprake is van een dempingspakket binnen het plangebied. Het is niet bekend of dit een modern dempingspakket betreft of dat er sprake is van een ouder pakket waar mogelijk nog bewoningslagen in aanwezig zijn. Vanwege de eerdere bouwactiviteiten is het plangebied waarschijnlijk reeds deels verstoord: in ieder geval ter hoogte van de recente gebouwen. Om inzicht te krijgen in de bodemopbouw en de eventuele verstoringen is in het plangebied een inventariserend veldonderzoek door middel van boringen, verkennende fase, uitgevoerd. Gezien de grootte van het plangebied waar een hoge tot middelhoge verwachting geldt (ca. 2 hectare) zijn 12 boringen gezet, zoveel mogelijk verspreid over het terrein. Booronderzoek Uit het booronderzoek blijkt dat de bodemopbouw bestaat uit een ophooglaag van (cunet)zand met daaronder een geroerde kleilaag met resten baksteen, metselpuin, etc. Hieronder zijn ofwel oeverafzettingen van de Vecht (noordelijk deel plangebied) of komafzettingen (zuidelijk deel plangebied) aangetroffen. Onder de komafzettingen is in enkele boringen fijn zand aangetroffen: mogelijk kronkelwaardafzettingen.

Gezien de bodemopbouw in het zuidelijk deel van het plangebied (komgronden) worden hier geen archeologische vindplaatsen verwacht. In het noordelijk deel komen oeverafzettingen voor (de Vecht). De top van de oeverafzettingen blijkt echter verstoord te zijn (resten baksteen met af en toe kolengruis). Hierdoor wordt de kans op het aantreffen van intacte archeologische sporen uit de IJzertijd tot en met de Middeleeuwen klein geacht. Het aantreffen van archeologische sporen uit de Nieuwe Tijd kan met name direct BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

64

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld ten zuiden van de Bolensteinsestraat niet worden uitgesloten. Op basis van de huidige ontwikkeling worden hier vooralsnog geen nieuwe gebouwen geplaatst; de herontwikkeling vindt met name ten zuiden van de gebouwen aan de Bolensteinsestraat plaats. Op basis van de resultaten van het onderzoek is er geen noodzaak tot verder archeologisch onderzoek voor de voorgenomen ontwikkelingen binnen het plangebied. Aanvullend en afwijkend archeologisch advies juli 2023 Tijdens archeologisch onderzoek dat recentelijk (april/mei 2023) is uitgevoerd op enkele tientallen meters afstand van het huidig plangebied zijn archeologische vondsten aangetroffen uit de (vroege) middeleeuwen en nieuwe tijd. Hoewel uitwerking en analyse van de resultaten nog moet plaatsvinden lijkt het vooralsnog te gaan om (behoudenswaardige) nederzettingsresten uit de betreffende periode. De nederzetting lijkt groter te zijn dan het onderzochte gebied. De boringen die binnen Harmonieplein-Zuid in 2016 zijn gezet laten een vergelijkbare bodemopbouw zien als bij Raadhuisstraat 48. De kans is daarom groot dat deze archeologische resten ook in onderhavig plangebied aanwezig kunnen zijn. Dit voortschrijdende inzicht is de aanleiding dat afgeweken wordt van het eerdere advies en het archeologisch beleid van de gemeente, waarbij archeologisch onderzoek niet nodig is.

Archeologisch (voor)onderzoek is nodig om de te verwachte archeologische waarde van het terrein vast te stellen. Geadviseerd wordt om in ieder geval een aanvullend bureauonderzoek met controle boringen uit te laten voeren om een beter beeld te krijgen waar en hoe diep binnen het plangebied eventuele archeologische lagen aanwezig zijn. Hierbij moeten de resultaten van 2016 met de resultaten van het booronderzoek en proefsleuvenonderzoek van het nabij uitgevoerde onderzoek vergeleken en opnieuw geïnterpreteerd worden. Aangezien het uitvoeren van archeologisch vooronderzoek op dit moment niet mogelijk is, zijn de betreffende gronden voorzien van een archeologische dubbelbestemming. Hierin is geregeld dat ingrepen dieper dan 30 cm beneden het huidige maaiveld over een oppervlakte van meer dan 25 m 2 niet zijn toegestaan, zonder archeologisch onderzoek. Op deze manier worden mogelijk aanwezige archeologische waarden beschermd en wordt onderzoek geborgd onder het vergunningenstelsel. 5.6.2.3 Conclusie Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor de gebiedsontwikkeling Harmonieplein en de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling.

De hoge archeologische verwachting ter hoogte van de huidige bebouwing aan de Bolensteinsestraat (ter hoogte van het monument, Noordblok) dient wel te worden gehandhaafd en archeologisch vooronderzoek is noodzakelijk ter plaatse van de gronden voorzien van de archeologische dubbelbestemming. De onderzoeken maken onderdeel uit van de bijlagen bij de toelichting.

5.7

Flora en fauna

5.7.1

Wettelijk kader

Sinds 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming van kracht. Deze vervangt de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en Faunawet. Met het van kracht worden van de Wet natuurbescherming komen voor wat betreft de uitvoering de meeste verantwoordelijkheden bij de provincies te liggen. Gebiedsbescherming Natura 2000 In Nederland zijn 164 Natura 2000-gebieden aangewezen. Per Natura 2000-gebied zijn (instandhoudings)doelen voor soorten en vegetatietypen opgesteld. Iedereen die vermoedt of kan weten dat zijn handelen of nalaten, gelet op de instandhoudingdoelen, nadelige gevolgen voor een Natura 2000-gebied kan hebben, is verplicht deze handelingen achterwege te laten of te beperken. Het bevoegd gezag kan schadelijke activiteiten beperken en eisen dat een vergunning Natuurbeschermingswet wordt aangevraagd. Regulier beheer en bestaand gebruik zijn (of worden) opgenomen in beheerplannen. Na vaststelling van de beheerplannen hoeft daarvoor geen vergunning aangevraagd te worden.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

65

Bestemmingsplan “Harmonieplein Zuidblok” Vastgesteld In de Wet natuurbescherming is de bescherming van Natura 2000-gebieden vrijwel ongewijzigd ten opzichte van de situatie voor de inwerkingtreding van deze wet. De bescherming van Beschermde Natuurmonumenten is wel komen te vervallen. Wel kunnen provincies ervoor kiezen om deze gebieden toe te voegen aan het NNN of ze aan te wijzen als bijzonder provinciaal natuurgebied of – landschap. Natuurnetwerk Nederland (NNN) Behalve de bescherming van Natura 2000-gebieden worden gebieden beschermd die behoren tot het Natuurnetwerk Nederland (NNN, vroeger EHS genoemd). Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) omvat in de provincie Utrecht zo'n 30.000 hectare natuur. Een bonte afwisseling van vochtige bossen, droge bossen, heide, stuifzand, bloemrijke graslanden, rietlanden en plassen. De provincie beschermt het NNN via het ruimtelijk beleid om ervoor te zorgen dat de omvang en kwaliteit van deze gebieden niet afneemt. Dit is geregeld in de Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie (PRS) en gemeentelijke bestemmingsplannen. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moeten initiatiefnemers voldoende rekening houden met de natuur. Bestemmingsplannen moeten voldoen aan de regels die in de Provinciale Ruimtelijke Verordening zijn opgenomen.

Soortenbescherming In de Wet natuurbescherming staan verbodsbepalingen ten aanzien van beschermde dier- en plantsoorten: activiteiten die schadelijk zijn voor deze soorten zijn in principe verboden. De Wet natuurbescherming verdeelt beschermde soorten in twee groepen, nl. de strikt beschermde soorten waaronder soorten uit de Vogel- en Habitatrichtlijn, en ‘andere soorten’, bijvoorbeeld soorten van de Rode Lijst. In de soortenlijsten zijn wat wijzigingen geweest ten opzichte van de situatie onder de Flora- en faunawet, maar behalve dat zijn de veranderingen zeer beperkt. Bij een ontheffingsaanvraag wordt nog steeds getoetst of er sprake is van bepaalde, in de wet genoemde belangen, of er een ‘andere bevredigende oplossing’ mogelijk is, en of een ontheffing afbreuk doet aan de gunstige staat van instandhouding van de soort. Daarmee is er weinig veranderd in de toetsingspraktijk. Bescherming houtopstanden Wie (een deel van) een houtopstand velt, moet dit tevoren melden en heeft de plicht om hetzelfde areaal te herplanten. De meldingsplicht en herplantplicht die onder de Boswet van kracht waren, blijven ook onder de Wet natuurbescherming gelden. Provincies bepalen welke gegevens bij een melding moeten worden aangeleverd. 5.7.2

Situatie plangebied

Quickscan natuurwaarden In het plangebied worden gebouwen gesloopt om plaats te maken voor de nieuwbouw van een brede school, woningen, winkels en horeca. Voor deze ontwikkeling is in 2016 door AnteaGroup een Natuurtoets (bijlage 13) uitgevoerd. De conclusie die hieruit volgde is dat een nader onderzoek naar vleermuizen en gierzwaluwen dient te worden uitgevoerd om het effect van de ingreep op deze soorten in kaart te brengen. Ook is geconcludeerd dat een ontheffing van de Wet natuurbescherming noodzakelijk is op de locatie waar de ingreep als verstorend wordt gezien voor de huismus (voornamelijk een heg). In tegenstelling tot de situatie in 2016 is er op dit moment meer duidelijkheid wat betreft het bouwplan. In de Natuurtoets van 2016 wordt specifiek het woningenblok aangewezen als potentiële verblijf- of nestplaats voor beschermde soorten. Deze gebouwen worden in het huidige bouwplan ontzien van sloopactiviteiten. Waardoor het niet noodzakelijk is om voor deze verblijfplaatsen een ontheffing aan te vragen, omdat verstoring niet zal plaatsvinden. In 2018 heeft Econsultancy heeft een aanvullende en actualiserende quickscan uitgevoerd die specifiek de te slopen bebouwing onderzocht heeft om een beter beeld te verschaffen voor wat betreft de potentie van verblijf- en nestplaatsen voor beschermde soorten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/2444/documents/52049