rvs Rekenkameronderzoek invoering Omgevingswet.pdf
Tekst van het document
Commissie
Portefeuillehouder J.W.E. Klomps
Raadsvoorstel
Organisatie onderdeel Griffie E-mail opsteller
Onderwerp Rekenkameronderzoek invoering Omgevingswet
Jacqueline.Willenborg.Gr@stichtsevecht.nl
Begrotingswijziging n.v.t.
0346254200
Datum raadsvergadering
Z/20/203360-VB/21/96903
Telefoonnummer opsteller
Registratie nummer
30 maart 2021
Aan de gemeenteraad Voorgesteld Besluit 1. Kennisnemen van het eindrapport van de Rekenkamercommissie ‘Invoering van de Omgevingswet in de gemeente Stichtse Vecht’ en de in het rapport opgenomen conclusies te onderschrijven; 2. de aanbeveling die is gericht aan de raad over te nemen; * faciliteer de gemeenteraad in de controlerende en kaderstellende rol onder de Omgevingswet; 3. het college te vragen in de periodieke monitor te rapporteren over de voortgang en resultaten van de uitvoering van de aan haar gerichte aanbevelingen.
Samenvatting De Rekenkamercommissie (RKC) deed in de periode september tot en met oktober 2020 onderzoek naar de voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet in de gemeente Stichtse Vecht. Daarbij stelde zij zich de volgende hoofdvraag: Welke activiteiten heeft de gemeente Stichtse Vecht genomen c.q. gepland ter voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet en welke lessen kunnen hieruit getrokken worden met het oog op de daadwerkelijke inwerkingtreding van de Omgevingswet? Het eindrapport met de bevindingen, conclusies en aanbevelingen is gereed en wordt u thans aangeboden. De bestuurlijke reactie is in het rapport opgenomen.
Bijlage
Pagina 1 van 9
Omgevingswet.docx/JMd1
Doel en beoogd maatschappelijk effect
rvs Rekenkameronderzoek invoering
Rapport Rekenkamercommissie ‘Invoering van de Omgevingswet in de gemeente Stichtse Vecht’
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Op 1 januari 2022 treedt de Omgevingswet in werking. Deze wet bundelt wetgeving en regels voor ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water. Daarmee vormt de wet de basis voor de samenhangende benadering van de fysieke leefomgeving. Met de Omgevingswet wordt het wettelijk kader voor verschillende aspecten van de fysieke leefomgeving vereenvoudigd. Doel van de Omgevingswet is het bereiken van een balans tussen: • een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit bereiken en in stand houden; • de fysieke leefomgeving doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen om er maatschappelijke behoeften mee te vervullen. De Omgevingswet wordt beschouwd als een grote veranderopgave voor gemeenten en wordt ook wel gezien als de volgende decentralisatie na het sociaal domein in 2015. Vanwege de aard, omvang en complexiteit van deze veranderopgave heeft de RKC van Stichtse Vecht onderzoek laten doen naar de invoering van de Omgevingswet.
Relatie met bestaand beleid en regelgeving
Verordening Rekenkamercommissie gemeente Stichtse Vecht.
Argumenten De hoofdvraag van dit onderzoek luidt: Welke activiteiten heeft de gemeente Stichtse Vecht genomen c.q. gepland ter voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet en welke lessen kunnen hieruit getrokken worden met het oog op de daadwerkelijke inwerkingtreding van de Omgevingswet? Hierbij horen de volgende deelvragen: Ambities Welk beleid heeft de gemeente ter voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet geformuleerd? • Op welke wijze bereidt de gemeente zich voor op een andere manier van samenwerken en een nieuwe integrale aanpak? Concrete doelen •
Is het beleid zodanig geformuleerd dat de doeltreffendheid en doelmatigheid ervan op termijn kan worden vastgesteld? • Zijn de beleidsdoelstellingen zodanig geformuleerd dat de uitvoering getoetst kan worden? • Wordt in het beleid van de gemeente aandacht besteed aan de realisatie van de door de VNG geformuleerde minimale implementatievereisten? Relatie tussen doelen en implementatie •
Is in het implementatieplan voorzien hoe de gestelde doelen per 2022 worden gerealiseerd? Voorziet het implementatieplan in de invulling van de periode na 2022? Welke kosten en baten zijn gemoeid (geweest) met de voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet? Betrokkenheid van en de informatievoorziening aan de raad
Pagina 2 van 9
Omgevingswet.docx/JMd2
Op welke wijze is/wordt de raad bij de voorbereiding/invoering van de Omgevingswet betrokken? Wat zijn de aandachtspunten voor de raad na de invoering van de Omgevingswet? Op welke manier wordt de informatievoorziening aan de raad over de invoering en werking van de Omgevingswet in Stichtse Vecht vormgegeven? Lessen voor de toekomst • • •
rvs Rekenkameronderzoek invoering
• • •
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
•
Welke lessen zijn geleerd van vorige decentralisaties en wat wordt daarvan meegenomen bij de invoering van de Omgevingswet?
Conclusies en aanbevelingen Hoofdconclusie De Omgevingswet wordt beschouwd als een veranderopgave met drie belangrijke aspecten: • het gaat om de juridische invoering van de wet; • die wordt ondersteund door het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) waarop de gemeente moet aansluiten; • en een andere manier van werken die vraagt om een cultuurverandering van ´ja, mits´ in plaats van ´nee, tenzij´. Deze manier van werken vraagt meer samenwerking binnen de gemeente en daarbuiten met de ketenpartners. En om in de geest van de wet te werken, moet er meer ruimte geboden worden aan initiatiefnemers. Bij de beantwoording van de hoofdvraag (welke activiteiten de gemeente Stichtse Vecht heeft genomen c.q. in voorbereiding op de Omgevingswet) hebben deze drie aspecten van de veranderingsoperatie centraal gestaan.
Pagina 3 van 9
Omgevingswet.docx/JMd3
Aanpak en proces De gemeente heeft voor de invoering van de Omgevingswet een programma ingericht dat bestaat uit verschillende projecten. Een tweekoppig programmateam stuurt de projectleiders aan op de realisatie van activiteiten die in de routekaart zijn beschreven. Binnen het programma wordt op informele wijze samengewerkt en gestuurd op voortgang. Programmateam en projectleiders overleggen periodiek, maar er worden geen voortgangsverslagen gemaakt. Daarnaast wordt er niet gewerkt met vaste project- en programmaformats. Projectleiders hebben voor hun eigen project wel een plan gemaakt, maar de onderlinge samenhang is niet geborgd. De programma-organisatie wordt voornamelijk bemenst met eigen medewerkers, waarvan een aantal aangeeft dat de werkzaamheden voor de invoering van de Omgevingswet bovenop het eigen takenpakket komen. Dat heeft tot capaciteitsgebrek tot gevolg; betrokkenen geven regelmatig aan dat de werkzaamheden voor de Omgevingswet ´erbij´ gedaan worden in de avond- en weekenduren. De combinatie van te weinig structurele capaciteit met een informele werkwijze maakt de voorbereiding op de Omgevingswet kwetsbaar.
rvs Rekenkameronderzoek invoering
Inhoudelijk Wij stellen vast dat de gemeente Stichtse Vecht op deze aspecten van de Omgevingswet activiteiten heeft uitgevoerd en/of heeft gepland tot aan de oorspronkelijke invoeringsdatum van 1 januari 2021. De gemeenteraad heeft met de vaststelling van het ambitieniveau voor invoering van de Omgevingswet de inhoudelijke en financiële kaders bepaald. Het college is vervolgens aan de slag gegaan met de voorbereiding van de totstandkoming van de omgevingsvisie. Een uitgebreid participatietraject is hier onderdeel van. Ook hebben operationele activiteiten tot concrete resultaten geleid; er zijn werkprocessen aangepast, zodat men aan de aanvraagtermijnen van omgevingsvergunningen kan voldoen, de gemeente is aangesloten op het Digitaal Stelsel Omgevingswet en er is een leerprogramma ontwikkeld om anders te gaan werken. Er wordt gewerkt aan de omgevingsvisie en het ontwikkelen van een participatie-aanpak vooruitlopend op de inwerkingtreding van de wet. Uit de interviews met betrokken ambtenaren en bestuurders lijken de voorbereidingen op de Omgevingswet op schema te liggen; geïnterviewden geven allen aan dat de gemeente de invoeringstermijn van 1 januari 2022 gaat halen.
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Er zijn meer ook kanttekeningen te plaatsen bij het invoeringstraject. Met het uitstel van de wet naar 1 januari 2022 zijn de gebruikte planningsdocumenten als de routekaart en de minimumlijst van de VNG, waaraan voldaan moet worden op de invoeringsdatum, niet bijgewerkt. Ook is er voor de overgangstermijn van 2022 tot 2029 geen planning opgesteld. Doordat plannen en voortgangsdocumenten veelal niet gemaakt worden, kunnen wij niet concluderen dat de gemeente aantoonbaar in control is.
Deelconclusies
Op basis van de deelvragen van dit onderzoek hebben wij bij de start van onze activiteiten een normenkader vastgesteld. In deze paragraaf toetsen we het normenkader aan de onderzoeksbevindingen. Dit doen wij allereerst met een stoplichtrapportage. Het licht is groen als aan de norm wordt voldaan, oranje als dat deels het geval is en rood als onder de norm wordt gescoord. Hiernaast geven wij bij elke norm een toelichting over onze bevindingen. Ambities
• •
In een kaderdocument zijn de ambities vastgelegd De ambities zijn vertaald naar een implementatieplan
De ambities van de gemeente Stichtse Vecht zijn vastgelegd in twee belangrijke kaderdocumenten: • De impactanalyse en ambitie Omgevingswet: een rapport van adviesbureau Hiemstra en De Vries van maart 2018. Op basis van dit document heeft de raad gekozen voor de ambitie ´Optimaliseren´. Deze ambitie kan worden samengevat met ´het goede behouden´ en ´vernieuwen waar nodig´. • Kaderstellend koersdocument omgevingsvisie 1.0: dit document van juli 2019 bevat het eerste kader voor een integrale omgevingsvisie van de gemeente. Op basis van de impactanalyse is een implementatieplan uitgewerkt in de vorm van een routekaart. Dit hoofdlijnenplan is uitgewerkt in een mijlpalenplan. Ook hebben projectleiders voor hun eigen projecten operationele plannen geschreven.
•
Er zijn doelen tot 2022 voor de invoering van de kerninstrumenten, de andere manier van werken en de informatievoorziening De doelen voldoen tenminste aan de minimale implementatievereisten (zie VNG-minimumlijst)
In de routekaart, die gebaseerd is op de impactanalyse, zijn de doelen tot 2021 op hoofdlijnen beschreven. De activiteiten in deze routekaart zijn onderverdeeld in verschillende bouwblokken die te herleiden zijn tot de drie belangrijke onderdelen van de Omgevingswet (juridische invoering, het DSO en anders werken). De doelen op hoofdlijnen uit de routekaart zijn niet ´doorvertaald´ naar SMART geformuleerde projectplannen. Onderdeel van de routekaart is de inrichting van een programma-organisatie. Deze organisatie is verantwoordelijk voor de voorbereiding op de Omgevingswet. De organisatie wordt geleid door twee programmamanagers die samen met vijf projectleiders het programmateam vormen. De projectleiders hebben hun doelstellingen nader beschreven in eigen projectplannen of aanpakken. Deze zijn niet op elkaar afgestemd. Ook worden er geen voortgangsrapportages gemaakt. Hierdoor is het moeilijk om te beoordelen of de gemeente op schema ligt met de invoering van de Omgevingswet. De VNG-lijst met minimumvereisten voor inwerkingtreding wordt door enkele projectleiders gebruikt, maar niet als sturingsinstrument om de voortgang te monitoren. Het instrument wordt niet door de programmamanagers ingezet. Projectleiders hebben hun eigen aanpak.
De focus ligt hierbij vooral op de realisatie van de eigen projectdoelen; de samenhang tussen de projecten wordt bewaakt door de programmamanagers.
Pagina 4 van 9
Omgevingswet.docx/JMd4
•
rvs Rekenkameronderzoek invoering
Concrete doelen
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Relatie tussen doelen en implementatie/ uitvoering
•
Er is een implementatieplan tot 2022 waarin de integrale aanpak naar voren komt Er is een perspectief op de periode na 1 januari 2022 (de transitiefase tot en met 2029) De gemeente ligt op schema om de doelen per 2022 te realiseren
• •
De routekaart (het integrale implementatieplan) heeft een looptijd tot de oude inwerkingtreding van de wet. De routekaart is niet aangepast aan de nieuwe datum waarop de wet in werking moet treden en gaat dus nog uit van een planning tot 2021. De programmamanagers voeren op wekelijkse basis informele gesprekken met de projectleiders om de actuele stand van zaken te bespreken. Ook is er eens per kwartaal overleg tussen de programmamanagers en de portefeuillehouder in het college. Van deze overleggen worden geen voortgangsrapportages gemaakt. Er zijn daarom geen documenten aangetroffen die inzicht geven in de voortgang in relatie tot de planning. Voortgang (en witte vlekken) zitten vooral in de hoofden van de programmamanagers. Deze werkwijze wordt als informeel en prettig ervaren. Maar er worden ook risico´s benoemd; de beschikbare ambtelijke capaciteit wordt als onvoldoende ervaren. Projectleiders voeren hun taken vaak uit naast hun reguliere werkzaamheden. Bij uitval van een projectleider (in bijvoorbeeld het geval van het project omgevingsvisie) is de overdraagbaarheid van het werk onvoldoende geborgd. Na de invoeringsdatum gaan de werkzaamheden door. Anders werken kan bijvoorbeeld wel met een leerprogramma worden geoefend, maar moet zich in de praktijk na 1 januari 2022 gaan bewijzen. Er is echter geen concreet perspectief bij de gemeente voor deze periode.
Er is geen project- of programmaplan aangetroffen dat doorloopt na de invoeringsdatum, terwijl de Omgevingswet een transitieperiode kent die loopt tot 2029. Geïnterviewden geven aan dat de werkzaamheden op schema liggen. Alle betrokkenen geven aan dat de gemeente op 1 januari 2022 klaar is voor de Omgevingswet. Op alle onderdelen (juridische invoering, het DSO en anders werken) is voortgang geboekt. Uit de stukken die zijn beoordeeld in het kader van het onderzoek kan dit echter niet worden afgeleid.
•
De raad is over inhoud en proces bij aanvang van het gemeentelijk invoeringsprogramma en tussentijd geïnformeerd De raad heeft de kaders voor de implementatie vastgesteld
Vanaf 2018 is de raad geïnformeerd over de inhoud en het proces van de invoering van de Omgevingswet. Dit gebeurt niet alleen via de raadscommissie (Klankbordgroep), maar ook via raadsbrede bijeenkomsten en informatiebrieven. Sinds de coronamaatregelen van kracht zijn, is de informatievoorziening naar de raad wel minder geworden. In de raadsbijeenkomst voor dit onderzoek bevestigden de raadsleden dat de informatievoorziening goed op orde was. De raadsleden hebben de kaderstellende documenten (Impactanalyse en ambitie Omgevingswet en kaderstellend koersdocument Omgevingsvisie 1.0) inclusief de bijbehorende financiële middelen vastgesteld. Het meest concreet is gesproken over de omgevingsvisie en over participatie. Voor de komende periode wensen raadsleden ook over de toekomstige rolverdeling tussen college en raad te spreken. Dit is tot op heden nog weinig aan bod geweest. Ook de wijze waarop de raad de bevoegdheden vormgeeft die het krijgt onder de Omgevingswet, vraagt meer aandacht. Als de raad een proactieve rol wil spelen, dan zal zij zich hierop moeten organiseren en laten ondersteunen door de griffie. Over deze proactieve rol is geen overeenstemming, maar leverde wel een interessante discussie op die vraagt om een vervolg.
Pagina 5 van 9
Omgevingswet.docx/JMd5
•
rvs Rekenkameronderzoek invoering
Informatievoorziening aan de raad
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Leren van eerdere decentralisaties
• •
Er zijn lessen getrokken uit de eerdere decentralisatieoperaties Deze lessen worden toegepast waar mogelijk op de invoering van de Omgevingswet
Het is aannemelijk dat er lessen getrokken zijn uit de vorige decentralisaties in het sociaal domein (2015) die worden toegepast bij de invoering van de Omgevingswet. Een systematische toepassing van de geleerde lessen is echter niet aangetroffen. Ondanks enkele dwarsverbanden in personele bezetting tussen de twee trajecten en een eerder rekenkameronderzoek naar het sociaal domein kan niet worden vastgesteld dat de opgedane ervaringen zijn geëxpliciteerd en breder met betrokkenen rondom de komst van de Omgevingswet zijn gedeeld. Hoogstens kan worden gesteld dat enkele persoonlijke ervaringen doorwerken in de manier waarop het huidige invoeringstraject is vormgegeven. Het gaat dan bijvoorbeeld om programmatisch werken. Maar omdat deze kennis en ervaring nergens staan opgenomen is het niet vast te stellen waar deze lessen thans worden toegepast.
Aanbevelingen
Op basis van dit onderzoek doet de RKC drie aanbevelingen. De eerste twee aanbevelingen hebben betrekking op de wijze van uitvoering van de voorbereidingen op de Omgevingswet. De derde en laatste aanbeveling heeft betrekking op de veranderende rol van de raad onder de Omgevingswet.
Pagina 6 van 9
Omgevingswet.docx/JMd6
Professionaliseer project- en programmamanagement Door een eenduidige keuze te maken voor een project- en programmamanagementmethodiek en medewerkers op te leiden in het gebruiken hiervan, kan de uitvoering van deze (en andere toekomstige) gemeentelijke opgaven worden versterkt. Er ontstaat meer inzicht in samenhang en voortgang van de veranderopgave en er kan beter worden beoordeeld of de gekozen aanpak doeltreffend en doelmatig is geweest. Een laatste voordeel is dat het werk beter overdraagbaar wordt bij personele wisselingen waardoor de kwetsbaarheid afneemt. Er kunnen ook direct concrete stappen gezet worden die meer inzicht verschaffen in de voortgang van de voorbereiding op de Omgevingswet. Zo is het raadzaam om opgestelde planningen als de routekaart en de VNG-minimumlijst tegen het licht te houden, te actualiseren en actief te gebruiken om de voortgang in kaart te brengen. In eenzelfde lijn is het voorstelbaar dat van de periodieke vergaderingen van het programmateam en het overleg met de portefeuillehouder korte verslagen gemaakt worden om de voortgang te monitoren. De actualisatie van de routekaart geeft inzicht in de werkzaamheden die in de loop van 2021 en 2022 uitgevoerd moeten worden. Om meer controle te krijgen over de voortgang en de uit te voeren werkzaamheden adviseren wij om nadere projectplannen op te stellen op basis van de geactualiseerde routekaart.
Ten slotte bevelen wij aan om voor de overgangsperiode, van 1 januari 2022 tot 1 januari 2029 eveneens een programmaplan met bijbehorende projectplannen op te stellen. Met de uitvoering van
rvs Rekenkameronderzoek invoering
Versterk de structurele ambtelijke capaciteit voor de invoering van de Omgevingswet De uitvoering van de voorbereiding op de Omgevingswet in de gemeente Stichtse Vecht is kwetsbaar vanwege een tekort aan ambtelijke capaciteit. Medewerkers zijn zeer gemotiveerd om van de Omgevingswet een succes te maken, maar geven aan dat taken vaak in de eigen tijd uitgevoerd moeten worden, bovenop het reguliere werkpakket. Dit zorgt voor kwetsbaarheid in de uitvoering, door bijvoorbeeld uitval of een lagere prioriteit. Ter vermindering van deze kwetsbaarheid bevelen wij aan om structurele ambtelijke capaciteit beschikbaar te stellen voor de uitvoering van de resterende activiteiten voor de invoering van de Omgevingswet. Omdat het budget dat voor de invoering van de Omgevingswet beschikbaar is gesteld, niet volledig wordt uitgenut, zou deze structurele capaciteit binnen de bestaande financiële kaders ingezet kunnen worden.
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
deze plannen en het structureel monitoren van de voortgang is de gemeente beter aantoonbaar in control voor de transitieperiode. Faciliteer de gemeenteraad in de controlerende en kaderstellende rol onder de Omgevingswet Van de raad wordt onder de Omgevingswet een andere rol verwacht; minder betrokken bij de uitvoering van het ruimtelijk beleid en meer in de kaderstellende en controlerende rol. Het feit dat de raad op een goede manier wordt geïnformeerd over de invoering van de Omgevingswet, betekent niet automatisch dat zij deze andere rol gaat vervullen. De raad zal wordt geacht in de toekomst op hoofdlijnen te sturen door de kaders van het omgevingsbeleid vast te stellen en te controleren of het college het beleid binnen deze kaders uitvoert. Binnen de raad vindt hierover thans al discussie plaats. Om de op korte termijn de kaderstellende rol van de raad bij de omgevingsvisie en het omgevingsplan op een proactieve wijze in te vullen, bevelen wij aan om de raad hiervoor extra ondersteuning te bieden vanuit de griffie.
Bestuurlijke reactie college ‘Wij delen in hoofdlijnen de conclusies en oordelen van de Rekenkamercommissie; wij stellen vast dat de aanbevelingen grotendeels overeenstemmen met de maatregelen die wij – voor zover mogelijk - implementeren of waarvan de uitvoering inmiddels is gestart. Uw bevindingen maken tegelijkertijd duidelijk dat wij op onderdelen zaken anders en strakker kunnen organiseren. Wij maken dan ook dankbaar gebruik van deze aanbevelingen. Tot slot zien wij in de oordelen en aanbevelingen bevestiging en steun voor de door ons ingezette koers voor de invoering van de Omgevingswet. Graag gaan wij nader in op een aantal van uw aanbevelingen. -
Versterk de structurele ambtelijke capaciteit voor de invoering van de Omgevingswet.
Uw commissie ziet in de onderuitnutting van de beschikbaar gestelde budgetten ruimte om binnen de financiële kaders structurele capaciteit in te zetten. Voor zover mogelijk hebben wij de beschikbare (structurele) middelen omgezet in structurele capaciteit. Bovendien zetten wij de beschikbare incidentele middelen in om juist inzet van eigen medewerkers (en dus structurele capaciteit) mogelijk te maken. Niettemin ontkomen wij - vanwege specifieke deskundigheid en vaardigheden, maar ook vanwege de continuïteit op andere lopende dossiers – niet aan de noodzakelijke inhuur van externe deskundigheid. De urgentie hiervoor werd afgelopen jaar nog eens vergroot door persoonlijke ontwikkelingen bij direct betrokken medewerkers. Wij zien geen mogelijkheden om met incidentele middelen extra structurele capaciteit voor de invoering van de Omgevingswet in te zetten. Net als de VNG zijn wij kritisch op de vooronderstelling dat e.e.a. budgetneutraal kan worden ingevoerd. Landelijk zetten wij ons in om het rijk hiervan bewust te maken en het rijk in de toekomst meer budget beschikbaar te laten stellen zodat gemeenten de structurele capaciteit kunnen vergroten.
De audit Herenweg-Gageldijk heeft ons geleerd dat (grotere) projecten (te vaak) verzanden en dat sprake is van onvoldoende projectbeheersing. Nog dit jaar adviseert een interne werkgroep over onder andere het invoeren van een project-managementsystematiek en de meerwaarde van een projectmanagementbureau. Uw aanbeveling onderschrijft andermaal de noodzaak hiervan.
Pagina 7 van 9
Omgevingswet.docx/JMd7
Professionaliseer project- en programmamanagement
rvs Rekenkameronderzoek invoering
-
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
-
Stel een programmaplan met bijbehorende projectplannen op voor de overgangsperiode 1 januari 2022 tot 1 januari 2029
Wij herkennen dat een aantal noodzakelijke activiteiten na de beoogde invoeringsdatum doorloopt. Zo ontwikkelen wij de programma’s mede aan de hand van belangrijke thema’s uit de Omgevingsvisie; wij leggen hierbij ook een relatie met de introductie van het opgaven-gericht-werken. Mede om die reden hebben wij dit vooralsnog doorgeschoven. Vanzelfsprekend nemen wij dit op in een planning met bijbehorende projectplannen. Wij zijn van mening dat het realiseren van de omgevingsplannen op basis van het ontwikkelde casco een activiteit is die in de lijn thuishoort. Het programmateam zorgt bij afronding voor een overzichtsplanning tot 2029 die als basis dient voor de uitvoering in de lijn. Van de zijde van het college zien wij tenslotte geen bezwaren om de eindrapportage toe te zenden aan de gemeenteraad.’
Reactie rekenkamercommissie op bestuurlijke reactie college De rekenkamercommissie heeft met belangstelling en waardering kennis genomen van de bestuurlijke reactie van het college. Het college geeft aan de conclusies te onderschrijven en de aanbevelingen op hoofdlijnen te ondersteunen. Bij de reactie van het college willen wij nog een kanttekening plaatsen. Bij de eerste aanbeveling om structurele ambtelijke capaciteit beschikbaar te stellen geeft het college aan dat er geen structurele middelen zijn om extra capaciteit beschikbaar te stellen, ook al is er nu een onderuitnutting van de beschikbaar gestelde budgetten. Onze aanbeveling was met name ingegeven vanuit de constatering dat de huidige inzet kwetsbaar is, omdat medewerkers aangeven dat taken vaak in de eigen tijd uitgevoerd moeten worden, bovenop het reguliere werkpakket. Dit is op termijn niet houdbaar en kan alleen worden aangepakt door medewerkers vrij te maken voor de voorbereidingswerkzaamheden. De rekenkamercommissie hoopt met het onderzoek en rapport een bijdrage te hebben geleverd aan de verdere voorbereiding van de Omgevingswet en ziet de behandeling van het rapport door de raad met belangstelling tegemoet.
Kanttekeningen n.v.t.
Communicatie De Rekenkamercommissie heeft op 23 februari 2021 een persbericht laten uitgaan. Het rapport is gepubliceerd op de website van de gemeente. Financiën, risico’s en indicatoren n.v.t.
de voorzitter,
J.M. Willenborg
G. Molenaar
Pagina 8 van 9
Omgevingswet.docx/JMd8
De rekenkamercommissie, de secretaris,
rvs Rekenkameronderzoek invoering
23 februari 2021
Omgevingswet.docx/JMd9
Pagina 9 van 9
rvs Rekenkameronderzoek invoering
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl