CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

rvs Ontwerp-Bijgestelde Begroting 2024 en Ontwerp-Begroting 2025-2028 ODRU.pdf

Commissie Fysiek Domein 4 juni 2024, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: b.: Ontwerp-Bijgestelde Begroting 2024 en Ontwerp-Begroting 2025-2028 ODRU2.382 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl info@stichtsevecht.nl

Raadsvoorstel Onderwerp

Organisatie onderdeel

Ontwerp-Bijgestelde Begroting 2024 en OntwerpBegroting 2025-2028 ODRU

Bedrijfsvoering Leefomgeving

Begrotingswijziging

Chantal.Brons@stichtsevecht.nl

Nee

Telefoonnummer opsteller

Datum raadsvergadering

140346

2 juli 2024

Registratie nummer

Portefeuillehouder

414953

E-mail opsteller

D.R. Polman

Aan de gemeenteraad Voorgesteld besluit 1. De zienswijze op de (ontwerp)bijgestelde begroting 2024 en (ontwerp)begroting 2025-2028 ODRU vast te stellen, waarin wij kenbaar maken in te stemmen met de (ontwerp)bijgestelde begroting 2024 en (ontwerp)begroting 2025-2028, maar wel aandachtspunten meegeven zoals de bezuinigingsopgave.

Samenvatting De ODRU heeft de raad in de gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen op de (ontwerp)bijgestelde begroting 2024 en de (ontwerp)begroting 2025-2028. Wij willen van deze gelegenheid gebruik maken. Dit voorstel betreft het indienen van een zienswijze door de raad op de bijgestelde begroting 2024 en de begroting 2025 van de ODRU. In de begroting 2025 wordt ook een meerjarenraming 2026-2028 gepresenteerd. De voorgestelde zienswijze is om akkoord te gaan met genoemde stukken, welke zorgvuldig zijn opgesteld. In de begroting 2025 is voor het eerst ook een conservatieve inschatting meegenomen van het incidentele deel, om een realistischer beeld te geven van het totale budget. In bijgevoegde zienswijzebrief (zie bijlage 2) wordt aandacht gevraagd voor de noodzaak om negatieve jaarresultaten zoveel mogelijk te voorkomen, gezien de bezuinigingsopgave waar gemeenten de komende jaren voor staan.

A Inleiding De Omgevingsdienst regio Utrecht (ODRU) is een gemeenschappelijke regeling welke voor 15 gemeenten, waaronder Stichtse Vecht, milieu- en omgevingstaken uitvoert.

Aanleiding De ODRU informeert gemeenten over de behaalde financiële resultaten en vooruitzichten, omdat de financiële gezondheid van de ODRU ook directe gevolgen heeft voor de deelnemende gemeenten. Zodoende wordt de begroting van het huidige jaar tussentijds gewijzigd als er nieuwe financiële informatie beschikbaar is gekomen die impact heeft op de originele begroting en wordt in het voorjaar van ieder jaar alvast een (ontwerp)begroting voor het opvolgende jaar opgesteld. De gemeenteraden kunnen, op grond van artikel 36 van de gemeenschappelijke regeling, hun zienswijze op bijgestelde begrotingen en begrotingen indienen bij de ODRU. Door nu al de begroting 2025 aan te bieden aan de gemeenteraden, kunnen de gemeenten hier rekening mee houden in de eigen gemeentebegroting 2025.

Bevoegdheid De raad heeft bij delegatiebesluit van 27 september 2011 de bevoegdheid tot goedkeuring en kenbaar maken van zienswijzen op (ontwerp)begroting of wijziging van begroting, gedelegeerd aan het college, onder de voorwaarden dat goedkeuring van de (ontwerp) - begroting, begrotingswijziging of jaarrekening uitsluitend mag worden verleend, indien dit niet leidt tot financiële consequenties die niet bij de gemeentebegroting of een begrotingswijziging zijn voorzien.

Afweging scenario’s Nee

Maatschappelijk doel en beoogd effect Een financieel stabiele ODRU ten behoeve van de uitvoering van taken voor de gemeente Stichtse Vecht als mede-eigenaar van de ODRU.

Eerdere besluitvorming en informatievoorziening De financiële stukken van deze gemeenschappelijke regeling zijn jaarlijks terugkerend en over eerdere jaren is besluitvorming geweest. Met betrekking tot het jaar 2024 is op 18 april 2023 door het college de Begroting 2024 vastgesteld en met betrekking tot de jaren 2024 en 2025 zijn de Kadernota’s vastgesteld.

B Beslispunten, Argumenten en Risico’s Argumenten 1. De zienswijze op de (ontwerp)bijgestelde begroting 2024 en (ontwerp)begroting 2025-2028 ODRU vast te stellen, waarin wij kenbaar maken in te stemmen met de (ontwerp)bijgestelde begroting 2024 en (ontwerp)begroting 2025-2028, maar wel aandachtspunten meegeven zoals de bezuinigingsopgave. 1.1 De bijgestelde begroting 2024 is met zorg opgesteld en geeft een realistischer financieel beeld van 2024 dan de originele begroting 2024. De originele begroting 2024 is medio 2023 vastgesteld. Inmiddels is er recentere informatie ter beschikking gekomen die invloed heeft op de originele begroting. Daarom is de originele begroting 2024 op basis van deze recente informatie bijgesteld, waarmee een realistischer beeld ontstaat van de financiële situatie van

de ODRU in 2024. Voorbeelden van recente informatie die is verwerkt, zijn de incidentele uren afgesloten in de uitvoeringsprogramma’s voor 2024 (hierna: UVP) die gemeenten in december 2023 hebben vastgesteld en de voorziening voor bovenwettelijk verlof die de ODRU op voorschrift van de commissie BBV (Besluit begroting en verantwoording) heeft moeten treffen, evenals het daadwerkelijk gerealiseerde jaarresultaat 2023. 1.2. De weerstandscapaciteit / algemene reserve moet met € 420.000,- worden aangezuiverd, middels een extra bijdrage vanuit de gemeenten, om weer op het minimale peil te komen. Er is gedurende 2023 hard gewerkt door de ODRU aan het terugbrengen van het verwachte tekort over 2023. In 2023 zijn meerdere tussentijdse prognoses van het jaarresultaat 2023 aan bod gekomen. In de laatste eindejaar prognose, d.d. 23 november 2024, werd een tekort van € 319.500,- verwacht. In de bijgestelde begroting 2024 wordt een gerealiseerd tekort over 2023 genoemd van € 644.000,-. Dit wijkt ruim drie ton af van de eindejaar prognose 2023. Deze afwijking is, voor zover op te maken uit de informatie in de bijgestelde begroting 2024, grotendeels te wijten aan de voorziening bovenwettelijk verlof die de ODRU ook in 2023 heeft moeten treffen op voorschrift van de commissie BBV.

Door het negatieve jaarresultaat over 2023 van € 644.000,- daalt de weerstandscapaciteit / algemene reserve onder het minimale niveau welke volgt uit de in het voorjaar van 2024 herrekende restrisico. De herrekening van het restrisico laat zien dat de weerstandscapaciteit / algemene reserve in 2024 minimaal € 867.000,- moet bedragen. Eind 2023 bedroeg de weerstandscapaciteit €1.091.000,-. Vanwege het resultaat over 2023 van € 644.000,- negatief is de weerstandscapaciteit gedaald naar € 447.000,-. Om de afgesproken minimale ratio van 1,0 ten opzichte van het restrisico te halen, wordt in de bijgestelde begroting 2024 voorgesteld om een incidentele bijdrage aan de gemeenten te berekenen voor het totaalbedrag van € 420.000,-. Hiermee stijgt de weerstandscapaciteit tot het minimale niveau van € 867.000,-. De exacte bijdrage per gemeente is nog niet berekend. Deze bijdrage kan mogelijk (deels) worden opgevangen middels het overschot aan regionale uren in 2023 welke per AB-besluit d.d. 14 december 2023 zijn teruggegeven aan gemeenten. 1.3 De bijgestelde begroting 2024 schetst een verwacht tekort van € 282.000,-. Vanwege de voorziening voor bovenwettelijk verlof die de ODRU op voorschrift van de commissie BBV heeft moeten treffen, wordt in 2024 een tekort van € 282.000,- verwacht.

De noodzaak om deze voorziening te treffen was ten tijde van het opstellen van de originele begroting 2024 namelijk nog niet bekend en is daarom dus niet op voorhand verwerkt in de begroting 2024. Daarmee vormt deze voorziening in 2024 een incidentele last waar geen (incidentele) baat tegenover staat. In de begroting 2025 is deze voorziening wel structureel geborgd. Gedurende 2024 moet blijken of dit tekort daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Mocht een negatief resultaat gerealiseerd worden, dan zal in het najaar van 2024 / voorjaar van 2025 worden gekeken of dit gedekt kan worden vanuit de eigen reserve van de ODRU. 1.4 De begroting 2025 en de daarin opgenomen meerjarenraming 2026-2028 zijn structureel sluitend. De begroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028 hebben een structureel sluitend saldo, waarin alle opgenomen structurele lasten worden gedekt door structurele baten. In de begroting 2025 is ook een incidenteel deel opgenomen, waarin de verwachte incidentele lasten worden gedekt door de verwachte incidentele baten in 2025. De begroting 2025 is opgesteld op basis van de in het AB van 14 december 2023 vastgestelde Kadernota 2025, waarin een uurtarief in 2025 van maximaal € 123,- is vastgesteld. De baten en lasten zijn waar nodig aangepast aan de recente loon- en prijsontwikkelingen.

Verder is in de begroting 2025 ook de voorziening bovenwettelijk verlof verwerkt, welke jaarlijks opnieuw wordt berekend. Voor 2025 is uitgegaan van eenzelfde stijging als in 2024 à € 282.000,-. 1.5 In de begroting 2025 is voor het eerst een conservatieve inschatting van het incidentele deel opgenomen, wat een realistischer beeld schetst van het totale budget.

Normaliter maakt de ODRU gebruik van een conservatieve begrotingssystematiek waarin alleen de structurele baten en lasten worden opgenomen. Echter, bij het opstellen van de ontwerp begroting 2025 is voor het eerst ook een conservatieve inschatting van het incidentele deel van de begroting opgenomen, om zodoende een realistischer beeld van het totale budget in 2025 te geven. Het incidentele gedeelte, welke voor een groot deel bestaat uit de niet-structurele uren die gemeenten jaarlijks afnemen in het UVP, is namelijk van behoorlijke omvang in het totaal, namelijk ongeveer 20% van de totale omzet van de ODRU. Door dit incidentele deel ook mee te nemen, schetst de begroting 2025 een completer beeld van de financiële vooruitzichten in 2025. Vanuit het principe van voorzichtig begroten is er wel een conservatieve inschatting van dit incidentele gedeelte gehanteerd, omdat deze incidentele baten en lasten van te voren niet met volledige zekerheid te voorspellen zijn zoals de structurele baten en lasten. 1.6 De begroting 2024 ODRU past niet volledig binnen de gemeentelijke begroting. In de gemeentelijke begroting 2024 is voor de ODRU een algemeen bijdrage begroot van € 2.130.144,-. In de bijgestelde ODRU-begroting 2024 is een algemene bijdrage 2024 voor Stichtse Vecht opgenomen van € 2.399.699. Dit is dus ongeveer € 270.000 hoger dan begroot.

Voor het jaar 2025 is de gemeentelijke begroting 2025 is nog niet rond. Afname van uren wordt pas duidelijk bij het vaststellen van het UVP. Er is afgesproken dat gemeenten extra uren die volgen uit het werken onder de Omgevingswet in 2024 en 2025 nog niet in het structurele deel van het UVP hoeven onder te brengen. Zodoende is de verwachting dat het structurele deel van de urenafname (gegarandeerde uren), te weten 15.923 uren, ongewijzigd blijft in 2025 ten opzichte van 2024. Tegen een uurtarief in 2025 van maximaal € 123,- komt dit neer op een bijdrage aan de ODRU in 2025 van € 1.958.529,-. Dit is exclusief de tijdelijke- en projecturen. Een deel van de wettelijk verplichte taken (basistaken) zal in 2025 nog in de tijdelijke uren vallen en daarmee zal de urenafname hoger uitvallen. Bij het opstellen van het UVP 2025, in het najaar van 2024, worden bezien voor welke diensten minder uren kunnen worden afgenomen. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat het uurtarief 2025 van de ODRU lager uitvalt dan € 123,-, omdat het AB de ODRU een opdracht tot kostenbesparingen heeft opgelegd (o.a. door te blijven inzetten op het vergroten van de vaste formatie ten opzichte van inhuur / flexibele schil). In het najaar van 2024 zal meer duidelijkheid ontstaan over het uurtarief 2025.

Omdat er nog meerdere onzekere factoren bestaan, is er geen aanzienlijke aanleiding om niet met de begroting 2025 ODRU in te stemmen. 1.7 De zienswijze is reeds als voorlopige zienswijze aan ODRU kenbaar gemaakt om deze tijdig, voor 14 juni 2024, kenbaar maken aan de ODRU. In de gemeenschappelijke regeling is een reactietermijn vastgesteld van twaalf weken om de zienswijze in te dienen. Helaas blijkt deze termijn voor ons in de praktijk te kort om tijdig met een definitieve zienswijze van de raad te komen. De zienswijze moet uiterlijk 14 juni 2024 bij de ODRU binnen zijn. Daarom is door het college een voorlopige zienswijze kenbaar gemaakt om de indieningstermijn veilig te stellen.

Risico’s Er is geen rekening gehouden met de waarschijnlijke fusie van de ODRU en de Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht (hierna: RUD). Dit vormt een onzekere factor voor de jaren 2025 en verder. De beoogde datum voor de start van de nieuwe gemeenschappelijke regeling met beide omgevingsdiensten is 1 januari 2026. Wel wordt voor de dekking van de kosten van het fusietraject een bijdrage ontvangen van de provincie Utrecht, wordt subsidie vanuit het Rijk verwacht. Daarnaast is een oproep aan het Rijk gedaan voor aanvullende bijdrage. De plannen voor het samenvoegen van de ODRU en de RUD komen voor een deel voort uit de kwaliteitseisen uit het landelijke Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel (IBPVTH). De verwachting is dat het fusietraject voor het overgrote deel kan worden gefinancierd vanuit subsidies. Daarom is er in de bijgestelde begroting 2024 en begroting 2025 geen rekening gehouden met deze ontwikkeling.

C Overige aspecten Financieel In de begroting van Stichtse Vecht is voor 2024 een ODRU-bijdrage opgenomen van € 2.130.144 (dit is de algemene bijdrage). In de bijgestelde ODRU-begroting 2024 is een algemene bijdrage 2024 voor Stichtse Vecht opgenomen van € 2.399.699. Dit is dus ongeveer € 270.000 hoger dan begroot. In de toelichtingen is beschreven dat de bijdragen in de aanvulling van de algemene reserve voor 2023 en 2024 zijn meegenomen in de geactualiseerde ODRU-begroting 2024. Dit is voor Stichtse Vecht over 2023 € 43.697 en over 2024 ongeveer € 30.000. Bij de opstelling van onze Bestuursrapportage zullen wij de deze geactualiseerde ODRU-begroting 2024 betrekken. In oktober 2024 wordt het uurtarief 2024 nog tegen het licht gehouden vanwege de effectuering van de aanpassingen in het functiehuis, een mogelijke bijstelling van de loon- en prijsindexeringen op basis van de macro-economische verkenningen van het CPB en de adviezen van de werkgroep kostenbesparing. Bij de opstelling van onze begroting 2025 betrekken wij de laatst beschikbare informatie. Gelet op de druk op gemeentelijke financiën vanaf 2026 heeft het college de gemeenschappelijke regelingen geïnformeerd dat wij vanaf 2026 een 5% lagere gemeentelijke bijdragen verwachten. In de zienswijze wordt dit standpunt herhaald.

Juridisch Er zijn geen juridische aspecten.

Kanttekeningen Dit voorstel heeft geen kanttekeningen.

Communicatie Het betreft een zienswijze waarbij het niet nodig is deze, anders dan naar de ODRU, naar buiten te communiceren.

Participatie Voor dit voorstel is geen participatie nodig.

Vervolg Na besluitvorming op dit voorstel wordt de definitieve zienswijze aan de ODRU kenbaar gemaakt. Conform de procedure zoals vastgesteld in de gemeenschappelijke regeling wordt, nadat het dagelijks bestuur (hierna: DB) van de ODRU eventuele zienswijzen heeft verwerkt, de bijgestelde begroting 2024 en de begroting 2025 in de vergadering van het AB op 4 juli 2024 vastgesteld. Vervolgens wordt de begroting 2025 uiterlijk 18 juli 2023 toegezonden aan de Gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht. Na vaststelling van de stukken door het AB krijgen de ODRU-gemeenten de definitieve stukken toegestuurd.

Bijlagen 1. (ontwerp)bijgestelde begroting 2024 en (ontwerp)begroting 2025-2028 2. voorlopige zienswijze op de (ontwerp)bijgestelde begroting 2024 en (ontwerp)begroting 2025-2028 ODRU

14 mei 2024 Burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht

Gemeentesecretaris drs. R.C.L. Heijdra

Burgemeester drs. A.J.H.T.H. Reinders

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/2482/documents/54289