CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

rvs Nota bodembeheer werkgebied ODRU.pdf

Commissie Fysiek Domein 6 december 2022, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 9. 22:30: Nota bodembeheer werkgebied Omgevingsdienst regio Utrecht.2.614 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl info@stichtsevecht.nl

Raadsvoorstel

Portefeuillehouder F.W.H. van Liempdt

Onderwerp Nota bodembeheer werkgebied ODRU

Organisatie onderdeel Domein Ruimte, team Ontwikkeling Leefomgeving en Economie E-mail opsteller j.hijzelendoorn@odru.nl Telefoonnummer opsteller

Begrotingswijziging n.v.t. Datum raadsvergadering 20 december 2022

088 022 5071

Registratie nummer 155167

Aan de gemeenteraad Stichtse Vecht Voorgesteld Besluit 1. De “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” met de bijbehorende bodemkwaliteitskaarten voor PFAS en standaardstoffen en de bodemfunctiekaart vast te stellen; 2. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten met een uitvoerend karakter zoals opgenomen in hoofdstuk 11 van de “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” aan het college te delegeren. Het betreft de volgende onderwerpen:  Wijzigen bodemfunctiekaart;  Verlengen geldigheid bodemkwaliteitskaarten;  Accepteren bodemkwaliteitskaarten van andere gemeenten;  Uitbreiden “bodembeheergebied ODRU” met het grondgebied van een buurof regiogemeente die buiten het bodembeheergebied ODRU ligt. 3. De voorgaande “Nota bodembeheer regio Noordwest Utrecht” die op 30 juni 2015 door de gemeenteraad is vastgesteld, in te trekken op de dag van inwerkingtreding van de “Nota bodembeheer werkgebied ODRU”.

Pagina 1 van 7

ODRU.docx/JMd1

Er is door de 15 ODRU-gemeenten, onder begeleiding van de ODRU, gezamenlijk nieuw beleid opgesteld voor het toepassen en hergebruiken van grond. Dit nieuwe beleid is voor Stichtse Vecht hoofdzakelijk een voortzetting van het oude beleid. Het beleid is geactualiseerd en aangepast op basis van de laatste inzichten over blootstellingsrisico’s van lood bij jonge kinderen en uitgebreid met PFAS-beleid. De belangrijkste aanleiding voor het opstellen van dit nieuwe beleid is het verlopen van de geldigheidstermijn van de huidige bodemkwaliteitskaart van Stichtse Vecht en de gezamenlijke wens van de 15 ODRUgemeente om nog voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet te komen tot een eenduidig beleid voor het toepassen en hergebruiken van grond voor alle 15 gemeenten in het

rvs Nota bodembeheer werkgebied

Samenvatting

werkgebied van de ODRU. Uitgangspunt van het nieuwe beleid blijft: kwetsbare functies beschermen en de hergebruiksmogelijkheden van gebiedseigen grond vergroten waar dat kan en milieuhygiënisch verantwoord is. Doordat het nieuwe beleid rekening houdt met de lokale bodemsituatie sluit het goed aan op de lokale en regionale bodemproblematiek, de maatschappelijke opgaven en ambities van de gemeente op het gebied van bouwen, duurzaamheid en circulaire economie. Hierdoor worden kosten bespaard, blijft duurzaam gebruik van de bodem mogelijk en wordt regionaal een grote stap gezet op de weg naar een circulaire economie in Nederland.

Bijlagen 1. Nota bodembeheer werkgebied ODRU (ODRU, 23 mei 2022); 2. Rapport “Regionale bodemkwaliteitskaart van 13 gemeenten in het werkgebied van ODRU” (MARMOS Bodemmanagement, 18 oktober 2021); 3. Kaartenset met 6 kaarten (specifiek voor het grondgebied van Stichtse Vecht); 4. Leeswijzer voor de Nota bodembeheer werkgebied ODRU.

Doel en beoogd maatschappelijk effect Doel van het beleid is: hergebruiksmogelijkheden van grond verder vergroten en met name hergebruik van gebiedseigen grond nog meer stimuleren en faciliteren op een duurzame en milieuverantwoorde wijze. Motto van het beleid is dan ook: “streng waar het moet en soepel waar het kan”. Het beleid is gezamenlijk opgesteld met de andere ODRU-gemeenten. Hierdoor is sprake van een regionaal beleid, met eenduidige regels voor het grondverzet in het hele werkgebied van de ODRU. Dit maakt het uitwisselen van grond en baggerspecie tussen de 15 ODRUgemeenten op een eenvoudige en kostenefficiënte wijze mogelijk. Omdat er na vaststelling sprake is van eenduidige regels binnen het hele werkgebied van de ODRU, wordt verwacht dat dit zal leiden tot meer spontaan naleefgedrag van de regels door de spelers in het veld en minder fouten in de uitvoering. Bovendien wordt hiermee efficiencywinst bereikt bij het organiseren van de toezichts- en handhavingstaken die de ODRU namens de gemeente uitvoert bij het toepassen van grond. De vrijkomende grond en baggerspecie willen we liefst zo dicht mogelijk bij de plaats waar deze materialen vrijkomen, hergebruiken. Hierdoor hoeft er minder materiaal gestort te worden en blijven de transportafstanden beperkt. Er zijn daardoor minder primaire grondstoffen (zoals zand uit zandwinputten) nodig van elders.

Doordat het nieuwe beleid rekening houdt met de lokale en regionale bodemsituatie sluit het goed aan op de maatschappelijke opgaven en ambities van de gemeente op het gebied van bouwen, duurzaamheid en circulaire economie.

Relatie met bestaand beleid en regelgeving Het vaststellen van lokale normen voor het toepassen van grond en baggerspecie is een bevoegdheid van uw raad (Besluit bodemkwaliteit, art. 44, lid 1 en Gemeentewet, art. 147). Begin dit jaar stelde het college het ontwerp van de Nota bodembeheer vast. Daarna heeft de nota met bijbehorende kaarten (conform afdeling 3.4 Awb) gedurende 6 weken ter inzage

Pagina 2 van 7

gelegen. Er zijn geen zienswijzen ontvangen. De nota wordt nu ongewijzigd aan uw raad voorgelegd. Ten opzichte van de vorige nota heeft de “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” de volgende wijzigingen ondergaan (alleen de belangrijkste beleidsthema’s zijn in het overzicht opgenomen): Beleidsthema Voortzetting Aanpassing Nieuw huidige beleid beleid beleid Maximum toegestane hoeveelheid bodemvreemd materiaal in toe te passen grond differentiëren naar bodemgebruik Toepassen van uitsluitend schone grond op plaatsen waar kinderen spelen Verscherpte lood-eis bij toepassen van grond in tuinen Toepassen van klasse Industrie-grond op bedrijfs-en industrieterreinen Uitwisselen van grond tussen (spoor)wegbermen Uitwisselen van grond tussen (voormalige) boomgaardpercelen in het buitengebied Lokale regels voor de tijdelijke opslag van grond en baggerspecie voorafgaande aan de toepassing Lokale toetsingswaarden voor hergebruiken van gebiedseigen grond binnen dezelfde zone zonder bodemkwaliteitskaart Toepassing en hergebruik PFAS-houdende grond Delegeren van bevoegdheden tot nemen van besluiten met een uitvoerend karakter aan het college Bij de meeste toepassingen de functie leidend maken voor het bepalen van de geldende toepassingseis Praktische regels voor het grondverzet bij aanleg en onderhoud van kabels en leidingen

           

Argumenten 1.1 In de nota worden de lokale regels ten aanzien van grondverzet vastgelegd 1.2 Deze nota leidt tot eenduidige regels in het hele werkgebied van de ODRU 1.3 Deze nota stimuleert milieuverantwoord hergebruik van gebiedseigen grond 1.4 Vaststelling is gewenst vóór inwerkingtreding van de Omgevingswet 2.1 Delegeren bevoegdheden aan college voor wijzigingen met een uitvoerend karakter 3.1 De voorgaande Nota bodembeheer uit 2015 intrekken

Pagina 3 van 7

1.1 In de nota worden de lokale regels ten aanzien van grondverzet vastgelegd De nota geeft regels voor iedereen die bij het voorbereiden van projecten, het beheer of onderhoud van de openbare ruimte of bij andere graafwerkzaamheden in de bodem betrokken is. Grond die toegepast wordt moet minimaal voldoen aan de toepassingseis die hoort bij de betreffende bodemfunctie. De “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” bouwt voort op de principes uit de vorige nota bodembeheer waarmee beoogd wordt tijd en geld te besparen bij het uitvoeren van werkzaamheden op of in de bodem en het bodembeheer duurzaam uit te kunnen uitvoeren. Met het vaststellen van de nota wordt het kader voor het grondverzet en hergebruik van grond binnen de gemeente Stichtse Vecht beleidsmatig verankerd. Na vaststelling van dit beleid in de gemeenteraden van alle ODRU-gemeenten is er sprake van eenduidig beleid (zie ook volgende argument) voor het toepassen en hergebruiken van grond en baggerspecie binnen het hele werkgebied van de ODRU. 1.2 Deze nota leidt tot eenduidige regels in het hele werkgebied van de ODRU Het beleid is gezamenlijk opgesteld met de 14 andere ODRU-gemeenten. Hierdoor is sprake van een regionaal beleid, met eenduidige regels voor het grondverzet in het hele werkgebied van de ODRU. Dit maakt het uitwisselen van grond en baggerspecie op een eenvoudige en kostenefficiënte wijze mogelijk.

Bovendien wordt verwacht dat de eenduidigheid zal leiden tot meer spontaan naleefgedrag van de regels door de spelers in het veld, minder fouten in de uitvoering en efficiencywinst bij het organiseren van de toezichts- en handhavingstaken die de ODRU namens de gemeente uitvoert bij het toepassen van grond. 1.3 Deze nota stimuleert milieuverantwoord hergebruik van gebiedseigen grond Met de nieuwe nota kan grond makkelijker en duurzamer worden hergebruikt, binnen de hele regio. Daardoor hoeft er bijvoorbeeld minder zand uit zandwinputten te worden gewonnen en is er minder transport van grond over grotere afstanden. Dat bespaard niet alleen kosten, maar komt ook de luchtkwaliteit en de verkeersveiligheid ten goede. Uitgangspunt van het beleid is dat de kwaliteit van de toe te passen grond of baggerspecie aansluit bij de betreffende bodemfunctie. Dat vergroot de mogelijkheden om grond en baggerspecie her te gebruiken en zorgt er tevens voor dat de meest kwetsbare bodemfuncties, zoals kinderspeelplaatsen, (moes)tuinen en natuurgebied, beschermd blijven. Doordat het nieuwe beleid rekening houdt met de lokale bodemsituatie sluit het goed aan op de maatschappelijke opgaven en ambities van de gemeente op het gebied van bouwen, duurzaamheid en circulaire economie. Grond is in Nederland de grootste circulaire materialenstroom die voor hergebruik in aanmerking komt.

Omdat de mogelijkheden voor het hergebruiken van gebiedseigen grond in het voorliggende beleid aanzienlijk verruimd zijn t.o.v. het vorige beleid, wordt met vaststelling van dit beleid tevens een belangrijke bijdrage geleverd aan de maatschappelijke opgave om uiteindelijk te komen tot een circulaire economie in Nederland. Doordat het beleid ook betrekking heeft op nieuwe stoffen, zoals PFAS, en rekening houdt met de nieuwe inzichten over blootstellingsrisico’s van lood bij jonge kinderen, is het nieuwe beleidskader voor het grondverzet bovendien ook klaar voor de toekomst.

Pagina 4 van 7

1.4 Vaststelling is gewenst vóór inwerkingtreding van de Omgevingswet Vaststelling van het beleid is gewenst voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet , omdat de beleidsregels uit deel 1 van de nota (het gebiedsspecifieke beleid) dan automatisch, via het overgangsrecht, in het tijdelijke deel van het Omgevingsplan terecht komen en niet meer apart door alle gemeenten afzonderlijk uitgewerkt hoeven te worden in het Omgevingsplan. Hierdoor blijft de eenduidigheid van het beleid ook gewaarborgd na de inwerkingtreding van de Omgevingswet. 2.1 Delegeren bevoegdheden aan college voor wijzigingen met een uitvoerend karakter Gebiedsspecifiek beleid voor het toepassen van grond en baggerspecie moet, conform artikel 44 van het Besluit bodemkwaliteit, worden vastgesteld door de gemeenteraad. Om praktische redenen wordt aan uw raad voorgesteld om besluiten met een uitvoerend karakter te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders. Het betreft besluiten voor: a. Wijzigen bodemfunctiekaart; b. Verlengen geldigheid bodemkwaliteitskaarten; c. Accepteren bodemkwaliteitskaarten van andere gemeenten; d. Uitbreiden “bodembeheergebied ODRU” met het grondgebied van een buur- of regiogemeente die buiten het bodembeheergebied ODRU ligt.

Toelichting: Bij de inwerkintreding van de Omgevingswet blijven ook de bodemfunctiekaart en de bodemkwaliteitskaarten voor PFAS en de standaardstoffen geldig, via overgangsrecht. a. Op de bodemfunctiekaart is het hele grondgebied van de gemeente ingedeeld in bodemfunctieklassen. De bodemfunctieklasse bepaald aan welke kwaliteit de toe te passen grond minimaal moet voldoen. In het Besluit bodemkwaliteit wordt aangegeven welke bodemfunctieklassen onderscheiden worden, nl.: - Functieklasse Industrie; - Functieklasse Wonen; - Functieklasse Landbouw/Natuur. De bodemfunctieklasse die aan een gebied is toegekend, is afgeleid van het bestemmingsplan. Een bestemmingsplan wordt vastgesteld door de gemeenteraad. Het wijzigen van de bodemfunctiekaart is daarom feitelijk niet meer dan een uitvoeringshandeling. Om deze reden wordt aan uw raad voorgesteld om wijziging van de bodemfunctiekaart aan het college van burgemeester en wethouders te delegeren. b.

De bodemkwaliteitskaarten zijn maximaal 5 jaar geldig en kunnen daarna verlengd worden. Uiterlijk 5 jaar na bestuurlijke vaststelling zullen de kaarten worden geëvalueerd. Op basis van deze evaluatie wordt vastgesteld of aanpassingen van (één van) de kaarten noodzakelijk is. Aan uw raad wordt voorgesteld om besluiten m.b.t. aanpassingen van de kaarten aan het college van burgemeester en wethouders te delegeren, onder voorwaarde dat de wijzigingen geen invloed hebben op het in deze nota geformuleerde gebiedsspecifieke beleid.

Pagina 5 van 7

c.

Een bodemkwaliteitskaart kan gebruikt worden als kwaliteitsbewijsmiddel voor het toepassen van grond. Acceptatie van een bodemkwaliteitskaart van een andere gemeente is alleen mogelijk als aan de in par. 11.2.3 van de Nota beschreven voorwaarden voldaan wordt. Het accepteren van een bodemkwaliteitskaart van een andere gemeente is daarom feitelijk niet meer dan een uitvoeringshandeling. Om deze reden wordt aan uw raad voorgesteld om besluiten tot acceptatie van een bodemkwaliteitskaart van een gemeente die buiten het werkgebied van de ODRU ligt, aan het college van burgemeester en wethouders te delegeren.

d.

Het eigen bodembeheergebied wordt bij vaststelling van de Nota automatisch uitgebreid tot het grondgebied van alle gemeenten in het werkgebied van de ODRU. Dit wordt het “bodembeheergebied ODRU” genoemd. De gemeente Stichtse Vecht kan echter besluiten het eigen bodembeheergebied nog verder uit te breiden, bijvoorbeeld met het grondgebied van een buurgemeente die buiten het bodembeheergebied ODRU ligt. Hierdoor kunnen toepassingen van grond uit die gemeente mogelijk worden gemaakt onder dezelfde voorwaarden als die voor de eigen gemeente gelden. Daarmee worden de afzetmogelijkheden van grond in de regio nog verder vergroot. Aan uw raad wordt voorgesteld om ook besluiten tot uitbreiding van het eigen bodembeheergebied met het grondgebied van een buurgemeente die buiten het bodembeheergebied ODRU ligt, aan het college van burgemeester en wethouders te delegeren.

3.1 De voorgaande Nota bodembeheer uit 2015 intrekken Het nieuwe beleid vervangt het voorgaande beleid dat is beschreven in de Nota bodembeheer regio Noordwest Utrecht.die op 30 juni 2015 door de gemeenteraad van Stichtse Vecht is vastgesteld. Voor het grootste deel is het nieuwe beleid continuering van het voorgaande beleid. Het nieuwe beleid is geactualiseerd vanwege nieuwe inzichten (bijv. op het gebied van loodrisico’s voor jonge kinderen) en daarmee klaar voor de toekomst. Aan uw raad wordt voorgesteld om de voorgaande nota bodembeheer, glijktijdig met het vaststellen van de nieuwe Nota, in te trekken.

Kanttekeningen In de Nota worden de baten van het door de raad vast te stellen beleid en de bijbehorende tools voor het grondverzet beschreven en toegelicht. Dat zijn o.a.: kosten- en tijdbesparing door gebruik van de bodemkwaliteitskaart, meer hergebruiksmogelijkheden van vrijkomende grond en verbetering kwaliteit van de uitvoering door eenduidige regels voor het hele werkgebied van de ODRU. Om deze baten ook daadwerkelijk in de praktijk te verzilveren is het nodig dat het beleid en de kaarten geïmplementeerd worden in de werkprocessen van de gemeente én dat externe doelgroepen (o.a. aannemers- en loonbedrijven, en bodemadviesbureaus) op de hoogte gebracht worden dat er nieuw beleid is vastgesteld en voorgelicht worden over de lokaal geldende regels en het gebruik van de bodemkwaliteitskaarten. Onder het kopje “Communicatie” is aangegeven hoe de communicatie- en implementatie eruit komt te zien.

Pagina 6 van 7

Communicatie Na vaststelling van het vernieuwde en geactualiseerde beleid start er een communicatie- en implementatietraject. Externe doelgroepen die veel met grondverzet te maken hebben, zoals aannemers- en loonbedrijven, worden dan via de branche-organisatie (CUMELA) benaderd en voorgelicht over het vastgestelde beleid en het gebruik van de bodemkwaliteitskaarten. Het nieuwe beleid zal geïmplementeerd worden in de gemeentelijke werkprocessen. De ODRU zal hierbij ondersteuning bieden. Er zal een populaire versie van de nota in begrijpelijke taal door de ODRU worden opgesteld en de schema’s en matrixen die nodig zijn voor de dagelijkse praktijk van het grondverzet zullen voor een ieder beschikbaar zijn in een handreiking. De kaarten die bij deze nota bodembeheer horen zijn straks ook raadpleegbaar op het Geoportaal van de ODRU (www.odru.nl).

Financiën, risico’s en indicatoren Dit voorstel heeft voor de gemeente geen nadelige financiële gevolgen. De ODRU behandeld ingediende meldingen voor het toepassen van grond en baggerspecie namens de gemeente. De kosten die hieraan verbonden zijn, zijn opgenomen in het Uitvoeringsprogramma (UVP) dat jaarlijks wordt vastgesteld. Door implementatie van het beleid in de gemeentelijke werkprocessen, kunnen o.a. de volgende besparingen voor de gemeente zelf worden bereikt: Onderzoekskosten bij het toepassen van grond en baggerspecie; Transport- en verwerkingskosten van vrijkomende grond; Aanschafkosten voor toe te passen primaire bouwstoffen (met name zand). 8 november 2022 Burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht

wnd. Gemeentesecretaris drs. M.J.J. Rommers

Pagina 7 van 7

Burgemeester drs. A.J.H.T.H. Reinders

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/2061/documents/44411