RIB watergebonden bedrijven def.pdf
Tekst van het document
RIB Watergebonden bedrijvigheid in Stichtse Vecht Het thema watergebonden bedrijven kwam naar voren tijdens de raadsconferentie Economie op 22 mei 2019. In een technische vraag (#82) in datzelfde jaar werd daarna extra aandacht gevraagd voor dit onderwerp door het college te vragen de mogelijkheden in beeld te brengen om binnenvaart als relatief milieuvriendelijke vervoerswijze optimaal in te zetten binnen de gemeente Stichtse Vecht. Het college heeft een extern bureau dit verkennende onderzoek laten uitvoeren, waarbij de input van de commissie op 8 december 2020 is verwerkt in de rapportage. Hyperlink invoegen De resultaten van het onderzoek Het college onderschrijft de hoofdconclusie van het onderzoek dat er voor traditioneel vervoer met grote volumes over water in Stichtse Vecht weinig te winnen valt. Het bedrijvenbestand in Stichtse Vecht is veelal gericht op dienstverlening. Het volume van de goederenstroom is daarom te gering. Naast de huidige mogelijkheden voor vervoer over water is ook een aantal (nieuwe) concepten voor vervoer over water in beeld gebracht. De concepten tezamen geven een goed beeld van de ontwikkeling van watergebonden activiteiten. Het is aan marktpartijen om deze concepten verder te ontwikkelen. Als zich een vraag uit de markt voordoet, kan de gemeente daarop inspelen.
Veel concepten staan nu nog in de kinderschoenen, denk bijvoorbeeld aan elektrische aandrijving van binnenvaartschepen. Het zal nog wel enkele jaren duren voordat hier op grotere schaal gebruik van wordt gemaakt. Een ander concept betreft personenvervoer over water. Dit concept is in Stichtse Vecht niet haalbaar vanwege de uitstekende landverbindingen die er al zijn en de hoge exploitatiekosten van de in te zetten schepen. Kanttekening De schaalgrootte van de gemeente Stichtse Vecht ten aanzien van vervoer over water is te klein om zelfstandig te opereren. De provincie Utrecht zet hier actief op in. Wij delen en bespreken dan ook het rapport met de provincie Utrecht, maar zien in deze verkenning geen aanleiding voor andere, directe vervolgacties vanuit de gemeente.