CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapportage Wegenbeheerplan Stichtse Vecht 2021-2025.pdf

Commissie Fysiek Domein 22 juni 2021, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 6. 21:30: Beheerplan wegen 2021-2025.13.547 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Rapportage Wegenbeheerplan 2021 - 2025

Opdrachtgever:

Projectnummer:

Datum:

Gemeente Stichtse Vecht

51072203

14 april 2021

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 Rapportage R01-D03-5104073-esa

Bezoekadres Dorpsstraat 20 7683 BJ Den Ham Postadres Postbus 12 7683 ZG Den Ham T +31 (0) 546 67 88 88 F +31 (0) 546 67 28 25 E info@roelofsgroep.nl Tevens vestigingen in Sneek Spijkenisse Stadskanaal

Projectgegevens

Steenwijk

Naam:

Wegenbeheerplan 2021 - 2025

Nummer:

51072203

Documentnummer:

R01-D03-3103173-esa

Status:

Definitief/03

Datum:

14 april 2021

Auteur:

Ing. E. Sikkema

Veenendaal

Opdrachtgever Gemeente Stichtse Vecht Endelhovenlaan 1 3601 GR Maarssen

Autorisatie Naam:

Ir. E.Z. van der Velde - Vos

Handtekening: Datum:

14 april 2021

Niets uit deze rapportage mag worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van de opdrachtgever. Noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

I

Managementsamenvatting De openbare ruimte is het visitekaartje van de gemeente Stichtse Vecht. Door het opstellen van beheerplannen krijgt de gemeente Stichtse Vecht meer inzicht in hoe de kwaliteit van de openbare ruimte zich ontwikkelt en welke maatregelen noodzakelijk zijn om een goede kwaliteit in stand te houden. De Gemeente Stichtse Vecht heeft Roelofs gevraagd om een Wegenbeheerplan voor de periode 2021 – 2025 op te stellen. CROW publicaties Net als 97% van alle wegbeherende instanties maakt de gemeente Stichtse Vecht gebruik van de landelijke richtlijnen voor wegbeheer conform CROW-publicatie 147. Om het kwaliteitsniveau in beeldkwaliteit weer te geven is de CROW Kwaliteitscatalogus openbare ruimte (publicatie 323) 2013 gebruikt. Kwaliteitsniveaus conform gemeentelijk beleid Gemeente Stichtse Vecht hanteert, conform Beleidskader IBOR (Uitgangspunten voor IBOR bestekken 2017 e.v. gemeente Stichtse Vecht, vastgesteld door de gemeenteraad op 5 juli 2016), verschillende kwaliteitsniveaus, afhankelijk van de locatie. Het gehele areaal van de gemeente Stichtse Vecht is onderverdeeld in 3 deelgebieden. In onderstaande tabel staan de deelgebieden omschreven, de structuurelementen uit de GBI database waaruit deze deelgebieden zijn opgebouwd en staat per deelgebied het te behalen kwaliteitsniveau aangegeven. Gebied

Structuurelementen

Kwaliteitsniveau

Kernen

centrum, hoofdwegen, woongebied, parken

B

Buitengebied

buitengebied

C

Industriegebieden

bedrijventerrein

C

Als men wegen wil onderhouden conform het CROW wegbeheer (CROW-publicatie 147), dan hoort hier ambitieniveau B bij. Het bestuur kan voor een lager kwaliteitsniveau (C) kiezen, dit is echter alleen mogelijk als er weloverwogen en onderbouwd een beslissing wordt genomen en ook aan de juridische kaders wordt voldaan. Areaal Het grondgebied van de gemeente Stichtse Vecht beslaat ca. 107 km2. Het verhardingsareaal dat per oktober 2020 in beheer is bij de gemeente Stichtse Vecht bedraagt 3.077.749 m2. Het grootste deel van dit areaal bestaat uit elementenverhardingen, namelijk 1.770.853 m2. Verder is er nog 1.274.492 m2 asfaltverharding, 10.405 m2 betonverharding en 22.000 m2 aan half- of onverharde wegen en paden (bron GBI). Kwaliteit areaal De kwaliteit van de wegen wordt bepaald aan de hand van globaal visuele weginspecties die door Roelofs Advies en Ontwerp in het voorjaar van 2020 zijn uitgevoerd. De kwaliteit van de verhardingen voldoet volgens de 90% regeling (opgesteld door de CROW Gebruikersgroep Beeldkwaliteit) in geen van de deelgebieden aan het gemeentelijk beleid. Hierbij dient te worden opgemerkt dat het kwaliteitsniveau van het gemeentelijk beleid bij 2 van de 3 deelgebieden al lager ligt dan de CROW norm (kwaliteitsniveau B is de norm).

Kwaliteitsniveau B gaat uit van verantwoord wegbeheer waarbij de onderhoudsmaatregel op een zo optimaal mogelijk moment wordt ingepland met een zo hoog mogelijke rendement tegen minimale kosten.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

II

Benodigde budgetten Het technisch benodigd budget voor het groot onderhoud gedurende de periode 2021 – 2025 bedraagt gemiddeld € 3.624.826,-- per jaar. Binnen de gemeente Stichtse Vecht wordt er na het actualiseren van het beheerplan wegen gewerkt met een 'voorziening wegen'. Per jaar wordt er een bepaald bedrag in de voorziening wegen gestort, zodat er in de voorziening wegen voldoende financiële middelen aanwezig zijn om de werkzaamheden m.b.t. het groot onderhoud uit te kunnen voeren. Op basis van het technisch noodzakelijk onderhoud dient er € 2.675.700,-- per jaar gestort te worden in de voorziening. Conform CROW publicatie 147 wordt het benodigde budget voor het uitvoeren van klein onderhoud in het algemeen gesteld op ca 10% van het technisch benodigd budget voor groot onderhoud van de asfaltverhardingen en ca 15% van het technisch benodigd budget voor groot onderhoud van de elementenverhardingen. Voor de gemeente Stichtse Vecht komt dit neer op een bedrag van € 406.372,-- per jaar (€ 154.889,-- voor asfaltverhardingen en € 251.483,-- voor elementenverhardingen). De gemeente Stichtse Vecht werkt met het systeem van Fixi meldingen. Herstel van de Fixi meldingen wordt uitgevoerd met budget vanuit het klein onderhoud. Het huidige beschikbare budget voor klein onderhoud is € 402.375,--.

Niet alle wegen met ernstige schade kunnen middels een groot onderhoudsmaatregel weer op het gewenste kwaliteitsniveau terug worden gebracht. In die gevallen is een rehabilitatie (compleet vervangen van bijvoorbeeld asfalt, straatstenen en fundering) nodig. De rehabilitaties worden financieel afgedekt middels budgetten uit de vervangingsinvesteringen. Voor de periode 2021 – 2025 is het benodigd budget voor vervangingsinvesteringen gemiddeld € 2.627.412,-- per jaar. Verder is er nog de post ‘additionele kosten’. Onder additionele kosten vallen in dit Wegenbeheerplan de benodigde budgetten benodigd voor de vergoeding voor de diverse, extra diensten, die nog niet opgenomen zijn in de overige budgetten. Te denken valt dan aan o.a. Waterschapslasten, advieskosten etc. Het benodigde budget voor additionele kosten bedraagt € 268.206,-- per jaar. Het huidige beschikbare budget is € 247.817.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

III

Inhoudsopgave Managementsamenvatting .................................................................................................... II Inleiding............................................................................................................................ VI Aanleiding ................................................................................................................ VI Doelstelling en doelgroep ........................................................................................... VI Uitgangspunten ........................................................................................................ VII Leeswijzer ............................................................................................................... VII 1

2

3

4

Het wegbeheer ........................................................................................................... 1 1.1

Juridische kaders ........................................................................................... 1

1.2

Landelijke richtlijnen ...................................................................................... 1

1.3

Verantwoord wegbeheer................................................................................. 1

1.4

Gemeentebeleid ............................................................................................ 1

1.5

Beleid t.a.v. onderhoud bermen en halfverharding ............................................. 3 1.5.1

Onderhoud bermen ............................................................................. 3

1.5.2

Onderhoud halfverharding ................................................................... 4

De beheersystematiek................................................................................................. 6 2.1

Achtergrond van de systematiek ..................................................................... 6

2.2

De methodiek in hoofdlijnen ........................................................................... 6

2.3

Levenscyclus verhardingen ............................................................................. 7

2.4

Maatregeltoets .............................................................................................. 9

2.5

Klein onderhoud ............................................................................................ 9

2.6

Financiering .................................................................................................. 9

Het wegenareaal ....................................................................................................... 11 3.1

Algemeen .................................................................................................... 11

3.2

Het areaal verdeeld ...................................................................................... 12

3.3

Areaalvergelijking ......................................................................................... 16

De kwaliteit .............................................................................................................. 17 4.1

Inleiding kwaliteit ......................................................................................... 17

4.2

Huidige kwaliteit per verhardingstype ............................................................. 19 4.2.1

Asfalt ............................................................................................... 19

4.2.2

Elementenverharding ......................................................................... 21

4.2.3

Betonverharding ................................................................................ 23

4.2.4

Halfverharding en overige verharding ................................................... 24

4.3

Toetsing kwaliteit aan beleid .......................................................................... 25

4.4

Kwaliteitsvergelijk met verleden ..................................................................... 27

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

IV

5

De financiële middelen ............................................................................................... 29 5.1

Rekenmethodiek .......................................................................................... 29

5.2

Technisch noodzakelijk onderhoudsbudget 2021-2025 ...................................... 30

5.3

Budgetplanning en begroting 2021-2025 ......................................................... 32

5.4

Vervangingsinvesteringen .............................................................................. 33 5.4.1. Vervangingsinvesteringen wegen .......................................................... 33 5.4.2. Vervangingsinvesteringen integrale projecten ......................................... 34

6

7

5.5

Additionele kosten ........................................................................................ 34

5.6

Eeuwig durende beheerkosten ....................................................................... 34

Maatregeltoets .......................................................................................................... 36 6.1

Uitgangspunten maatregeltoets ...................................................................... 36

6.2

Uitvoering maatregeltoets ............................................................................. 36

Conclusie en aanbevelingen ........................................................................................ 37

Bijlagen I.

Juridische kaders

II.

Begrippenlijst

III.

Nadere uitleg van de schadebeelden

IV.

Document 'Kwaliteit verhardingen gemeente Stichtse Vecht'

V.

Technisch noodzakelijke onderhoudsbudget 2021-2025

VI.

CROW planning ‘eeuwig durende beheerkosten’

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

V

Inleiding Aanleiding Het beheer van de openbare ruimte is één van de kerntaken van de gemeente Stichtse Vecht. De openbare ruimte is de buitenruimte die voor iedereen toegankelijk is en in eigendom of beheer is van de gemeente Stichtse Vecht. Het vormt de woon-, leef-, werk- en recreatie-omgeving van bewoners en bezoekers van de gemeente. Een goed onderhouden en aantrekkelijke openbare ruimte vervult een belangrijke functie en laat mensen zich thuis voelen. Een dergelijke openbare ruimte draagt bij aan de algemene gezondheid, de sociale veiligheid en de economische positie van een gemeente. Door de vele verschillende functies en gebruikers moet de openbare ruimte aan een breed pakket van eisen voldoen. De gemeente Stichtse Vecht beschikt over diverse beheerplannen per discipline, zoals voor riolering, kunstwerken en wegen. Deze beheerplannen beschrijven het tactische uitvoeringsprogramma waarmee de gewenste beheerkwaliteit wordt gerealiseerd. In het voorjaar van 2020 is het volledige wegenareaal van de gemeente Stichtse Vecht door Roelofs Advies en Ontwerp geïnspecteerd conform CROW-publicatie 146. Op basis van deze inspectie heeft Roelofs het wegenbeheerplan voor de periode 2021 – 2025 opgesteld.

Doelstelling en doelgroep Het wegenbeheerplan heeft als doel om inzicht te krijgen in de volgende onderwerpen: 1. Huidige wegenareaal onderverdeeld in asfalt, elementen, beton en overig; 2. De kwaliteit van alle verhardingen; 3. De benodigde financiële middelen voor het wegenonderhoud in de periode 2021 – 2025. Daarnaast is een doel van het wegenbeheerplan om een eerste globale inzicht te verkrijgen in de verhouding tussen prestaties, kosten en risico’s behorende bij wegbeheer. Wanneer deze 3 aspecten inzichtelijk zijn en goed gemanaged worden, werkt een organisatie volgens het systeem van assetmanagement. Assetmanagement is het management van primair fysieke assets met het doel meerwaarde te creëren voor de organisatie. Het strekt zich uit over de gehele levenscyclus van een asset: van aanleg tot en met sloop en alle fasen daartussen. Goed assetmanagement staat ten dienste van de organisatie en haar stakeholders. Het beheren van assets en alle aan assets gerelateerde activiteiten zijn terug te herleiden naar de doelstellingen, de risicohouding en het beleid van de organisatie. Assetmanagement gaat verder dan onderhoudsmanagement. Het primaire doel van assetmanagement is om de optimale prestatie uit de gebruiksmiddelen (assets) te halen binnen acceptabele risico’s en tegen aanvaardbare kosten gemeten over de gehele levensduur van de assets.

Dit wegenbeheerplan is opgesteld ten behoeve van de gebruikers van de wegen in Stichtse Vecht. Zij kunnen hierin terugvinden hoe de gemeente omgaat met haar wegen en de tot haar beschikking gestelde middelen. De eigen dienst en aannemers zullen bij de uitvoering van het beheer van de wegen gebruik maken van dit plan.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

VI

Uitgangspunten Het areaal van de gemeente Stichtse Vecht is gebaseerd op de inventarisatiegegevens uit het huidige beheersysteem GBI. De kwaliteit van het areaal is gebaseerd op de door Roelofs uitgevoerde globale visuele inspectie uitgevoerd in het voorjaar van 2020. De onderhoudsplanning en de daarbij behorende maatregelen inclusief de benodigde financiële middelen zijn op het zogenaamde netwerkniveau bepaald. De onderhoudsplanning is door de gemeente Stichtse Vecht opgesteld in het beheersysteem GBI. Verderop in deze rapportage wordt in paragraaf 2.1 het begrip ‘netwerkniveau’ nader toegelicht. De kwaliteit van het areaal en de benodigde financiële middelen zijn vastgelegd conform de landelijk geaccepteerde richtlijnen uit CROW-publicatie 147, uitgave december 2011. Het CROW is het nationale kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte. De publicatie 147 is als uitgangspunt gebruikt voor het opstellen van dit beheerplan. De kwaliteitsoverzichten, onderhoudsplanning en benodigde financiële middelen komen voort uit het CROW-gecertificeerde beheersysteem van de gemeente Stichtse Vecht (GBI).

Leeswijzer Hoofdstuk 1 bestaat uit een algemeen deel ten aanzien van juridische kaders, gemeentebeleid, landelijke richtlijnen en verantwoord wegbeheer. In hoofdstuk 2 wordt de gehanteerde beheersystematiek omschreven. Het areaal van de gemeente Stichtse Vecht (een totaaloverzicht en diverse onderverdelingen) worden getoond in hoofdstuk 3. Hoe het zit met de huidige kwaliteit van de verhardingen geeft hoofdstuk 4 aan. De financiële middelen (benodigde en beschikbare budgetten) voor het uitvoeren van onderhoud in de periode 2021 – 2025 staat omschreven in hoofdstuk 5. Hoofdstuk 6 beschrijft de maatregeltoets. Hoofdstuk 7 bevat de conclusie en aanbevelingen.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

VII

1 Het wegbeheer Wegbeheer is de verantwoording er voor te zorgen dat de weggebruiker zich veilig en efficiënt van a naar b kan verplaatsen. Hiervoor zijn juridische kaders beschikbaar, is gemeentelijk beleid vastgesteld en zijn landelijke richtlijnen voorhanden. Wegbeheer kan tevens worden gedefinieerd als de zorg voor het blijven voldoen van alle verhardingen aan de wettelijke eisen en richtlijnen, één en ander binnen de beleidskaders vastgesteld door de gemeenteraad.

1.1 Juridische kaders Binnen het wegenbeheer zijn er verschillende juridisch kaders, weergegeven in de Wegenwet, Wegenverkeerswet en Milieuwetgeving. Een korte uitleg over de strekking van deze wetten is weergegeven in bijlage I.

1.2 Landelijke richtlijnen De landelijke richtlijn voor wegbeheer is CROW-publicatie 147. Deze richtlijn wordt door 97% van alle wegbeherende instanties gebruikt. Om het kwaliteitsniveau in beeldkwaliteit (in visuele vorm) weer te geven is de CROW Kwaliteitscatalogus 323 (openbare ruimte 2013) gebruikt.

1.3 Verantwoord wegbeheer Wegbeheer moet verantwoord ingericht en uitgevoerd worden. Om verantwoord te beheren zijn de onderstaande aspecten van belang: • • • • •

Het hebben van vastgesteld beleid en hier “commitment” voor hebben; Het hebben en bijhouden van een CROW-gecertificeerd (integraal) wegbeheersysteem; Minimaal 1x per 2 jaar een globale visuele inspectie uitvoeren; Het hebben van een actueel beheerplan; Het bijhouden van landelijke ontwikkelingen en trends.

1.4 Gemeentebeleid Beleidskeuzes die specifiek in het gemeentebeleid gemaakt kunnen worden zijn de volgende: •

Kwaliteitsniveaus. Over het algemeen wordt voor verhardingen voor basiskwaliteit (B) gekozen. De basiskwaliteit gaat uit van verantwoord wegbeheer waarbij de onderhoudsmaatregel op een zo optimaal mogelijk moment wordt ingepland met een zo hoog mogelijke rendement tegen minimale kosten. Gemeente Stichtse Vecht hanteert verschillende kwaliteitsniveaus, afhankelijk van de locatie (bron: Beleidskader IBOR, Uitgangspunten voor IBOR bestekken 2017 e.v. gemeente Stichtse Vecht) , vastgesteld door de gemeenteraad op 5 juli 2016. Onderstaande tabel geeft de gehanteerde kwaliteitsniveaus aan.

Gebied

Kwaliteitsniveau

Kernen

B

Buitengebied

C

Industriegebieden Figuur 1.1

C

Gehanteerde kwaliteitsniveaus per deelgebied

Opmerking bij voorgaande tabel: als men wegen wil onderhouden conform het CROW wegbeheer (CROW-publicatie 147), dan hoort hier ambitieniveau B bij. Om ambitieniveau B te behalen moeten 90% van de wegvakonderdelen niveau B of hoger

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

1

scoren. Maximaal 10% van de wegvakonderdelen mag niveau C of D hebben. Dit is precies de goede verhouding om structureel de wegen conform CROW wegbeheer te kunnen onderhouden. Een wegvakonderdeel dat gekwalificeerd is in niveau C wordt binnen 2 jaar ingepland voor onderhoud, een wegvak van niveau D wordt zo spoedig mogelijk hersteld.

•

•

•

•

Het bestuur kan ook kiezen om een hogere of lagere kwaliteit te hanteren. Dit is echter alleen mogelijk als er weloverwogen en onderbouwd een beslissing wordt genomen en ook aan de juridische kaders wordt voldaan; dit geldt met name bij een lagere kwaliteit. Voor het voeren van verantwoord wegbeheer dient minimaal 1x per 2 jaar een globale visuele inspectie te worden uitgevoerd. De gemeente Stichtse Vecht houdt zich aan dit criterium en voert 1x per 2 jaar een globale visuele inspectie uit. Vanwege andere werkzaamheden en de invoering van de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) is het in 2018 niet gelukt om de inspectieronde uit te voeren. Het hebben en bijhouden van een CROW-gecertificeerd (integraal) wegbeheersysteem is zeer wenselijk voor het wegenbeheer. De gemeente Stichtse Vecht gebruikt het CROWgecertificeerde wegbeheersysteem GBI. In het wegbeheer wordt er vanuit gegaan dat de functie en inrichting van wegen onveranderd blijft. Als dit niet het geval is komen de werkzaamheden niet of slechts gedeeltelijk voor rekening van het wegbeheer. Standaard onderhoudsmaatregelen kunnen ook in het beleid worden vastgelegd. Hierbij valt te denken aan bepaalde onderhoudsmaatregelen juist wel of niet voor te schrijven.

Bovenstaande aspecten zijn de basis voor het inrichten en uitvoeren van verantwoord wegbeheer. Wat verder van belang is, is om een goed en overzichtelijk beheerproces te volgen. In onderstaande figuur 1.2 wordt schematisch het beheerproces weergegeven.

Figuur 1.2

Gestandaardiseerd processchema wegbeheer

Naast de eerder genoemde aspecten is ook communicatie erg belangrijk voor verantwoord wegbeheer. Immers, de verhardingen zijn niet de enige objecten in de openbare ruimte waar de

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

2

gemeente verantwoordelijk voor is. Voor verantwoord wegenbeheer is een nauwe samenwerking noodzakelijk tussen de vakdisciplines riolering, kunstwerken, groen, spelen, mobiliteit, projecten, verkeer, etc. Om de efficiëntie van de onderhoudsmaatregelen goed te waarborgen, moeten planningen van de verschillende afdelingen op elkaar afgestemd worden. Om hier draagvlak voor te krijgen is een goede communicatie nodig tussen het ambtelijk apparaat, het gemeentebestuur, de gemeenteraad en inwoners.

1.5 Beleid t.a.v. onderhoud bermen en halfverharding 1.5.1

Onderhoud bermen

Als gevolg van de toename van het verkeer in het algemeen en landbouw- en vrachtverkeer in het bijzonder, krijgen de wegen en wegbermen in het buitengebied steeds meer te lijden. Dit komt doordat de wegen in het verleden aangelegd zijn voor relatief licht landbouwverkeer, (brom-)fietsers, personenauto’s en incidenteel (zwaar) vrachtverkeer. Vaak zijn dit smalle wegen en tegemoetkomend verkeer passeerde incidenteel door de berm. Dit was afdoende, de relatief weinig passeerbewegingen konden zonder problemen plaatsvinden. Doordat er meer grote bedrijven in het buitengebied gevestigd zijn en bestaande bedrijven uitbreiden, rijdt er meer en zwaarder vrachtverkeer in het buitengebied. Ook het landbouwverkeer is door de jaren heen zwaarder geworden. Door deze toename in aantal en gewicht worden de wegen zwaarder belast en vinden er meer passeerbewegingen door de bermen plaats. Daar waar vroeger incidenteel schade ontstond en de berm met grond aangevuld kon worden, zien we tegenwoordig dat hele lengtes wegberm doorlopend beschadigd worden. Dit heeft een aantal nadelige gevolgen, waaronder verkeersonveiligheid, aansprakelijkheids stellingen, wateroverlast en vochtindringing in de wegconstructie. Met name de vochtindringing in de wegconstructie is desastreus. We zien dan ook dat hele stukken asfalt aan de rand van het wegdek afscheuren en verzakken.

Uiteindelijk zullen een aantal van deze wegen versneld aan reconstructie toe zijn. Om stabiliteit en veiligheid te borgen, worden de stuk gereden wegbermen aangevuld met menggranulaat. Dit is echter geen duurzame oplossing, jaarlijks moeten veel bermen opnieuw en soms meermaals worden aangevuld. Om dit te voorkomen zijn er meerdere mogelijke oplossingen zoals onder andere: • Verbreding van de rijbaan zodat voertuigen elkaar op de rijbaan kunnen passeren. • Passeerhavens aanbrengen waar gepasseerd kan worden. • Duurzame bermverharding langs de gehele weg aanbrengen. Dit zijn de meest voor de hand liggende oplossingen met elk voor- en nadelen en bijbehorende kosten. Met deze verbreding en aanleg van bermverhardingen, voldoet een weg weer aan de huidige normen en richtlijnen voor de functie en het gebruik van de weg, ontworpen op basis van verkeersintensiteiten en gebruik. Om een goed beeld te hebben en te bepalen welke oplossingen nu voor welke situatie binnen Stichtse Vecht de beste keuze zijn, zal dit in 2021 verder onderzocht worden. Zodat dit bij reconstructies meteen meegenomen kan worden en er voorkomen wordt dat er aan en langs de gereconstrueerde weg opnieuw rand-/bermschade ontstaat. Daarnaast is er ook een groot aantal wegen die nog niet aan reconstructie toe zijn, maar waar wel de bermen al flink beschadigd zijn door het verkeer. Om de eerder genoemde gevolgen (o.a.

verkeersonveiligheid en versnelde degeneratie van de gehele wegconstructie) tegen te gaan, kunnen ook deze wegen worden voorzien van bermverhardingen, al dan niet in combinatie met benodigd groot onderhoud. Op de lange termijn zullen de kosten voor aanbrengen van bermverhardingen zich deels terug verdienen. Wegen met een passeerstrook (bermverharding) lopen minder schade op dan wegen

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

3

zonder bermverharding en hebben hierdoor een langere levensduur. Echter doordat de toename van vrachtverkeer op steeds meer wegen voorkomt zal het benodigde budget voor uitvullen van onverharde bermen naar verwachting niet minder worden. Om het aanbrengen van duurzame bermverharding verder te concretiseren is gestart met de volgende werkstappen nader in te vullen: 1. Inventarisatie wegen met bermproblematiek; 2. Inventarisatie reeds aanwezige bermverharding/oplossing; 3. Bepalen duurzame bermoplossingen per weg inclusief kosten en eventuele alternatieven; 4. Prioritering wegen en kansen voor uitvoering met wegenonderhoud; 5. Aanbrengen duurzame bermverharding; 6. Registratie van aangebrachte bermverharding in beheersysteem en BGT. 1.5.2

Onderhoud halfverharding

Het reguliere klein en groot onderhoud is gericht op de verharde wegen en paden binnen de gemeente Stichtse Vecht. Binnen de gemeente ligt ook nog een areaal van circa 23.400 vierkante meter aan half verharde wegen en paden. Hieronder vallen niet de half- en onverharde paden die in de parken liggen. Deze wegen en paden zijn gemaakt van bijvoorbeeld grind, Grauwacke of Gravier D’or. Om halfverharde wegen goed te kunnen laten functioneren, moet de gemeente een onderhoudsmaatregel uitvoeren. Voor inspectie en beheer van deze wegen is geen landelijke methode of richtlijn voorgeschreven. Op basis van ervaring heeft de gemeente de onderstaande cyclische onderhoudsstrategie ontwikkeld om hiermee de beheerkosten te kunnen ramen. Beschrijving onderhoud halfverharde wegen Bij preventief onderhoud wordt onderscheid gemaakt in een viertal onderhoudsmaatregelen: 1. vorstherstel; 2. klein onderhoud; 3. groot onderhoud; 4. overlagen (einde levensduur). Jaarlijks vorstherstel Voor zover bekend kunnen bijna alle half verhardingen last van spoorvorming krijgen vlak na een vorstperiode. De vorstperiode zelf is vaak niet het probleem, maar de dooi in het voorjaar dat erna komt kan funest zijn bij half verhardingen. Bij een gemiddelde verhardingslaag zal bij dooi het bovenste gedeelte eerst ontdooien, maar het onderste gedeelte blijft bevroren.

Hierdoor ontstaat een klankbord waar water op blijft liggen. Half verharding kan zachter worden bij natte omstandigheden (in meer of mindere mate afhankelijk van product) waardoor bij auto- of fietsverkeer sporen ontstaan. Als vervolgens het product weer uithardt ontstaat vaak een los product waar diepe sporen in gereden zijn. Dit kan niet altijd voorkomen worden, het is daarom van belang om verdere schade te voorkomen door onderhoud te plegen. Wanneer: elk jaar in het voorjaar. Klein onderhoud Bij constatering van kleine schades na inspectie, of uit ervaring dat er na 2 à 3 jaar kleine schades ontstaan, is het noodzakelijk kleine werkzaamheden uit te voeren, zoals: schoonmaken en kleine gaten vullen. Wanneer: 2 à 3 jaar na aanleg, en eventueel nog eens 2 à 3 jaar na groot onderhoud. Om eventuele kosten te besparen kan dit goed gecombineerd worden met het jaarlijks vorstherstel. Groot onderhoud Dit onderhoud is vergelijkbaar met klein onderhoud, alleen het schadebeeld is hierbij groter. Uitspoelgaten door hevige regenval, of schades ontstaan door vee of mechanische invloeden kunnen

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

4

hieronder vallen. De werkzaamheden zijn vergelijkbaar met klein onderhoud, alleen is er meer materiaal en materieel benodigd. Wanneer: 6 à 7 jaar na aanleg. Ook hier zijn weer eventuele kosten te besparen door dit te combineren met het jaarlijks vorstherstel. Overlaging met nieuw materiaal Zoals de naam al doet vermoeden, bestaan deze werkzaamheden uit het aanbrengen van een nieuwe verhardingslaag. Bij deze werkzaamheden wordt de bestaande laag opgeruwd, geëgaliseerd en voorzien van een nieuwe toplaag. Wanneer: ca. 12 à 14 jaar na aanleg.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

5

2

De beheersystematiek

De beheersystematiek volgens CROW-publicatie 147 is de landelijk geaccepteerde richtlijn en wordt ook door de gemeente Stichtse Vecht toegepast. De systematiek voorziet erin om kapitaalvernietiging (de extra kosten voor het te laat uitvoeren van onderhoud) zoveel mogelijk te beperken.

2.1 Achtergrond van de systematiek De systematiek voor wegbeheer is beschreven in CROW-publicatie 147 waarvan in december 2011 een herziene versie is uitgebracht. Voor de theoretische achtergronden van de systematiek wordt verwezen naar deze publicatie. Wegbeheer conform CROW-publicatie 147 is bedoeld als managementsysteem. Het hoofddoel van wegbeheer is informatie te verstrekken op netwerkniveau over het wegennet. Het netwerkniveau geeft indicatief aan welke maatregelen benodigd zijn op korte (1-2 jaar) en middellange (3-5 jaar) termijn om het areaal te herstellen én wanneer deze maatregelen uitgevoerd dienen te worden. Het netwerkniveau geeft derhalve inzicht in de geplande maatregelen gedurende een periode van 5 jaar. Op basis van de planning op netwerkniveau wordt een projectplanning opgesteld. Deze projectplanning dient jaarlijks te worden opgezet met behulp van een maatregeltoets. In de maatregeltoets wordt gedetailleerd bepaald welke maatregel toegepast moet worden, wanneer deze toegepast wordt en vindt er afstemming plaats tussen alle beheerdisciplines.

2.2 De methodiek in hoofdlijnen De methode gaat in op onderstaande 4 aspecten welke de basis zijn voor verantwoord wegbeheer. • • • •

De kwantiteit De kwaliteit Het onderhoud De financiën

   

Wat is er in beheer Hoe ligt het erbij Wat moeten we doen en wanneer Wat zijn de kosten hiervan

Om deze gegevens inzichtelijk te krijgen zijn de volgende hoofdonderdelen van belang: • •

•

het beheren van gegevens van het wegennet: o verzamelen en actueel houden van de areaalgegevens. het opstellen van planningen en begrotingen: o toetsen aan de richtlijnen en waarschuwingsgrenzen en vervolgens de financiële behoefte bepalen en de daaruit volgende kwaliteiten bepalen het presenteren van resultaten. o Vastleggen in een rapport van alle voorgaande zaken zodat dit ondersteunend is voor de besluitvorming van de bestuurders.

Op basis van deze onderdelen wordt het onderhoud ingepland. Hiervoor dient een maatregeltoets te worden uitgevoerd, een projectplanning te worden gemaakt en bestekken te worden opgesteld. Deze werkzaamheden vallen buiten de scope van dit beheerplan.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

6

2.3 Levenscyclus verhardingen In het algemeen kunnen we de levenscyclus van een asset zoals een weg in 4 fases onderverdelen: 1. 2. 3. 4.

Behoefte Ontwerp & Bouw Gebruik & onderhoud Sloop (Rehabilitatie)

Dit wegenbeheerplan richt zich voornamelijk op fase 3 en fase 4. In onderhavig wegenbeheerplan is budget meegenomen voor onderhoudswerkzaamheden en investeringen. De kwaliteit van de wegen gaat in de loop van de tijd achteruit. De mate en de snelheid waarin de kwaliteit van een weg vermindert, wordt door verschillende factoren bepaald. De verkeersintensiteit, het type gebruiker, de grondslag, de functie van de weg, de ligging, de huidige kwaliteit en de weersomstandigheden zijn de bepalende factoren in deze. Regelmatig onderhoud voorkomt dat de kwaliteit dermate afneemt dat deze door de ondergrens zakt. De ondergrens (de onderste grijs gestippelde lijn in figuur 2.1) markeert het punt waarop het minimale onderhoudsniveau wordt bereikt en er direct onderhoud uitgevoerd moet worden. Indien men dit niet doet, treedt er kapitaalvernietiging op, de kans op ongevallen en aansprakelijkstellingen neemt toe, het aanzien neemt af en de gebruiker ervaart minder comfort.

Figuur 2.1 Onderhoud tijdens de levenscyclus van een weg

De twee lijnen in figuur 2.2 laten theoretische levensduren van een weg zien. De zwarte lijn geeft de levensduur van een weg weer wanneer er regelmatig klein en groot onderhoud wordt gepleegd. De rode lijn is een theoretische weergave van de levensduur van dezelfde weg wanneer het benodigde onderhoud niet op tijd wordt uitgevoerd. Het niet tijdig uitvoeren van regulier onderhoud verkort de levensduur aanzienlijk en kan leiden tot kapitaalvernietiging.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

7

Figuur 2.2 Levenscyclus van een weg

Binnen regulier onderhoud is het volgende onderscheid te maken: •

•

•

Kleinschalig onderhoud: dit is gericht op het wegwerken van plaatselijke schades, het geven van een kwaliteitsimpuls en uitstel van groot onderhoud. Voorbeelden van klein onderhoud zijn: plaatselijk herstraten van oneffenheden, gaten in asfalt dichten, scheuren vullen. Groot onderhoud is gericht op het verlengen van de levensduur van de asset en het geven van een kwaliteitsimpuls. Voorbeelden van groot onderhoud zijn: geheel herstraten rijbaan, deklaag van asfalt geheel vervangen. Rehabilitatie en eventuele herinrichting bij einde van de levensduur van een asset. Hierbij wordt de gehele verhardingsconstructie (inclusief fundering) opgebroken en geheel opnieuw opgebouwd met nieuwe materialen. Optioneel kan ervoor worden gekozen bij een rehabilitatie een herinrichting uit te voeren, er wordt dan gesproken van een reconstructie.

In de systematiek zijn de richtlijnen zodanig gedefinieerd dat deze overeenkomen met het minimale niveau van verantwoord wegbeheer. Ze zijn zo opgesteld dat het technisch noodzakelijk onderhoud in de juiste periode wordt uitgevoerd, niet te vroeg en niet te laat. Als niet wordt voldaan aan de CROW-richtlijnen dan betekent dit dat te laat onderhoud wordt uitgevoerd. Hierdoor komt niet alleen de veiligheid van de weggebruikers in het geding, maar zal ook kapitaalvernietiging optreden. Kapitaalvernietiging kan alleen optreden bij asfaltverhardingen. Wanneer onderhoud niet op het juiste moment wordt uitgevoerd, wordt de noodzakelijke maatregel zwaarder en dus duurder. Achterstallig onderhoud bij elementen- en betonverhardingen leidt niet tot andere (zwaardere) maatregelen maar wel tot een grotere omvang van de maatregelen. Uitgangspunt is dat assets die niet aan de kwaliteitsnorm (richtlijn) voldoen op zeer korte termijn (planjaar 1 of 2) worden onderhouden. Om voor de nabije toekomst een voorspelling te kunnen doen wanneer de richtlijn wordt overschreden zijn voor diverse (combinaties van) schadebeelden gedragsmodellen gedefinieerd. Deze modellen voorspellen op basis van historie van de weg of het wegvakonderdeel, de waargenomen schade en het moment van vaststelling van deze schade wanneer de betreffende richtlijn wordt bereikt.

Op basis van ervaringen en de betrouwbaarheid van de voorspellingen vanuit de gedragsmodellen is de tijdsspanne waarbinnen wordt gepland een periode van vijf jaar na het jaar van de visuele inspectie. De wegen die binnen deze periode niet in aanmerking komen voor een onderhoudsmaatregel worden gepland volgens een vaste onderhoudscyclus. In deze onderhoudscyclus zijn verschillende maatregelen opgenomen die binnen de levensduur van een weg normaal worden uitgevoerd. Hierbij kan gedacht worden aan conserveren, het verbeteren van de vlakheid of het uitvoeren van gedeeltelijk groot onderhoud. Binnen de levensduur is ook rekening gehouden met de vervanging c.q. rehabilitatie van de verhardingen.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

8

2.4 Maatregeltoets De maatregeltoets vormt binnen het systeem van wegbeheer de schakel tussen de resultaten van de inspectie en de vertaling naar het daadwerkelijk uit te voeren onderhoud. In de maatregeltoets worden de aard en omvang van de definitieve onderhoudsmaatregelen en de planning bepaald en worden de werkzaamheden afgestemd met andere disciplines.

2.5 Klein onderhoud Bij klein onderhoud gaat het om alle schades die ernstig zijn, maar die een te kleine omvang hebben om als schade te noteren en door middel van een groot onderhoudsmaatregel te herstellen. Met behulp van klein onderhoud kan groot onderhoud worden uitgesteld. Kanttekening hierbij is wel dat soms vaker op één en dezelfde locatie onderhoud uitgevoerd wordt waar een structurele maatregel wellicht beter is. Klein onderhoud bij wegen richt zich specifiek op het voorkomen van aansprakelijkheid. De inspectie klein onderhoud is een volwaardig onderdeel van de methodiek van wegbeheer en kan onderdeel zijn van de globale visuele inspectie. De inspectie klein onderhoud legt in detail de plaats en omvang van de schade en het soort reparatiemaatregel vast. Terugkoppeling van de uitvoering van de reparaties naar bijvoorbeeld het klachten- of beheersysteem is wenselijk. Klein onderhoud maakt onderdeel uit van de wegbeheersystematiek, maar niet van het administratieve deel van de kwaliteitsbeoordeling en planning van onderhoud.

2.6 Financiering De budgetten voor wegenbeheer en onderhoud bestaan in de gemeente Stichtse Vecht uit 3 onderdelen: groot onderhoud, dagelijks onderhoud en kapitaallasten (bron: gemeente Stichtse Vecht). Budget groot onderhoud Het benodigd budget voor het groot onderhoud wordt opgesteld met behulp van de CROWwegbeheersystematiek. De inspectieresultaten zijn de basis van de kapitaalbehoefte op korte (1-2 jaar) en middellange termijn (3-5 jaar). De benodigde budgetten voor wegonderhoud worden bepaald aan de hand van een per onderhoudsmaatregel opgegeven éénheidsprijs. Dit betekent dat voor alle binnen de opgestelde onderhoudsstrategie gedefinieerde onderhoudsmaatregelen een bedrag per vierkante meter is berekend. De budgetten per onderhoudsmaatregel zijn opgenomen in het beheersysteem. In bijlage I is in de alinea ‘Milieuwetgeving’ de Regeling Asbestwegen en teerproblematiek beschreven. Voor het eventueel verwijderen van asbest is geen budget meegenomen in dit Wegenbeheerplan. Op dit moment zijn er geen wegen bekend waar asbest aanwezig is of aanleiding dat dit ook het geval kan zijn. Uit de verhardingsonderzoeken is de aanwezigheid van teer nog niet heel veel naar voren gekomen, maar wel uit de aantekeningen van de vorige wegbeheerder(s). Er werd in het verleden veelvuldig een slakkenfundering voorzien van een teerhoudende penetratielaag toegepast.

Deze lagen werden daarna nog door gefreesd. Ook zijn er wegen waar nog de zogenaamde Utrechtse deklaag aanwezig is en in de buitengebieden werden vaak teerhoudende asfaltmengsels toegepast. Dit vanwege hun goede flexibele eigenschappen. De extra kosten die het verwijderen van teerhoudend asfalt met zich meebrengt, zijn verwerkt in een stelpost.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

9

Binnen de gemeente Stichtse Vecht wordt er na het actualiseren van het beheerplan wegen gewerkt met een 'voorziening wegen'. Per jaar wordt er een bepaald bedrag in de voorziening wegen gestort, zodat er in de voorziening wegen voldoende financiële middelen aanwezig zijn om de werkzaamheden m.b.t. het groot onderhoud uit te kunnen voeren. Dagelijks onderhoud Naast groot onderhoud is er nog dagelijks, kleinschalig onderhoud. Kleine onderhoudsmaatregelen zijn onderhoudsmaatregelen die lokaal, over een beperkt gedeelte van het wegvakonderdeel, worden uitgevoerd. De maatregelen zijn bedoeld om de verharding in goede/veilige staat te houden. Het benodigd budget voor klein onderhoud bestaat onder andere uit de loonkosten van medewerkers (straatmakers, grond- weg en waterbouw werknemers), materieelkosten (aanhangers, trilplaten etc.) en materiaalkosten. Vervangingsinvesteringen/ kapitaallasten Wegen die gerehabiliteerd moeten worden, worden gefinancierd vanuit het beschikbare budget voor ‘Vervangingsinvesteringen’. Onder kapitaallasten worden de rentelasten en afschrijvingslasten gerekend.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

10

3

Het wegenareaal

De basis voor goed en verantwoord wegbeheer is om precies te weten waar het wegenareaal uit bestaat. In dit hoofdstuk wordt inzichtelijk gemaakt welk areaal bij de gemeente Stichtse Vecht in beheer is.

3.1 Algemeen De gemeente Stichtse Vecht is op 1 januari 2011 ontstaan door samenvoeging van de gemeenten Breukelen, Loenen en Maarssen. De gemeente bestaat uit twaalf officiële kernen: − Breukelen; − Kockengen; − Loenen aan de Vecht; − Loenersloot; − Maarssen; − Maarssenbroek; − Nieuwer Ter Aa; − Nieuwersluis; − Nigtevecht; − Vreeland; − Oud Zuilen; − Tienhoven. Het grondgebied van de gemeente Stichtse Vecht beslaat ca. 107 km2. Het verhardingsareaal dat per oktober 2020 in beheer is bij de gemeente Stichtse Vecht bedraagt 3.077.749 m2. Op 1 oktober 2020 had de gemeente 65.209 inwoners (bron CBS). In onderstaande figuur 3.1 is de ligging en de gemeentegrens van de gemeente Stichtse Vecht weergegeven.

Figuur 3.1

Grafische weergave gemeentegrens Stichtse Vecht

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

11

Het wegenareaal van Stichtse Vecht bestaat uit asfaltverharding, betonverhardingen en half- of onverharde wegvakonderdelen.

elementenverharding,

3.2 Het areaal verdeeld De richtlijnen, de waarschuwingsgrenzen (zie bijlage II begrippenlijst) en de maatregelkeuze binnen de CROW systematiek verschillen per wegtype. Kwaliteitsoverzichten en de prioriteiten kunnen per wegtype worden gegenereerd. Hieronder staat een overzicht van het areaal van de gemeente Stichtse Vecht per wegtype.

7%

6%

4% 2, zwaar belaste weg, 198.971m2

21%

3, gemiddeld belaste weg, 137.184m2 29%

4, licht belaste weg, 896.925m2 5, weg in woongebied, 983.762m2 6, weg in verblijfsgebied, 656.366m2 7, fietspaden, 204.543m2

32%

Figuur 3.2

Areaal per wegtype

Gemeentes hebben over het algemeen geen wegen van type 1 en 2 in hun bezit. Wegtype 2 behelst nog 6 % van het totale areaal. Dit betreft de verbindingswegen tussen de kernen in aansluiting op de provinciale wegen en de rondwegen in Maarssenbroek. In onderstaande tabel wordt het huidig areaal verdeeld per verhardingsgroep, zoals asfalt, elementen, beton en halfverharding. Ook het gedeelte onverhard is meegenomen. De waarden zijn in m2. onderdeel

rijbaan

asfalt

beton

elementen Half- of onverhard

totaal

1.077.903

4.623

818.849

5.395 1.906.770

3.052

1.918

282.219

7.225

294.414

fietspad

175.915

677

37.843

0

214.435

voetpad

17.113

2.646

619.167

9.278

648.204

overige

509

541

12.775

102

13.926

totaal

1.274.492 10.405

1.770.853

parkeervak

Figuur 3.3

22.000 3.077.749

Areaal per verhardingsgroep

De waarden uit figuur 3.3 zijn in figuur 3.4 visueel weergegeven in een cirkeldiagram.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

12

rijbaan

0% 14% 1% 0%

rijbaan

5%

parkeervak

parkeervak

25%

44%

fietspad

85%

fietspad

7%

voetpad

19%

voetpad

overige Asfalt

overige Beton

rijbaan

1% 35%

2%

0%

parkeervak

46%

16%

rijbaan

42%

fietspad voetpad

Figuur 3.4

parkeer vak fietspad

33%

overige

Elementen

25%

voetpad overige

Half- en onverhard Areaal per verhardingsgroep in cirkeldiagram

Naast de verdeling per wegtype en verhardingsgroep is ook een verdeling van het areaal op leeftijd van belang. In paragraaf 2.3 is aangegeven dat de kwaliteit van de wegen in de loop van de tijd achteruit gaat door ouderdom, verkeersintensiteit en weersinvloeden. Er is dus een duidelijke relatie tussen kwaliteit en leeftijd. In bijlage I wordt uitleg gegeven over de Milieuwetgeving. Tot aan 1994 werd teer gebruikt als bindmiddel in asfalt en bij toepassing van oppervlakbehandelingen. Sinds 1994 is dit niet meer toegestaan. Het beleid is er sindsdien op gericht om teerhoudend asfalt uit de keten te verwijderen. Het totale areaal aan asfaltverharding in de gemeente Stichtse Vecht is 1.274.492 m2. Van deze totale hoeveelheid is ca 590.439 m2 (gelijk aan 46 %) aangelegd voor 1994. De volgende afbeelding toont de asfaltwegen die voor 1994 zijn aangelegd. Bij deze wegen is de kans op aanwezigheid van teer in de constructie groot.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

13

Figuur 3.5

Asfaltwegen aangelegd voor 1994.

De oudste asfalt rijbanen in de gemeente Stichtse Vecht (volgens beheergegevens GBI) dateren uit 1950 en zijn voornamelijk gelegen rondom Maarssen, Tienhoven en Breukelen. Het gaat dan o.a. om het Centrum ten noorden van de Vecht (Maarssen), de Bethunepolder-Noord (Tienhoven) en de omgeving Breukelen Zuid en Midden (Breukelen). Dit beeld wordt enigszins vertroebeld door Breukelen, waar bij het vullen van de data het aanleg jaar niet beschikbaar was. Deze is voornamelijk gevuld op basis van het aanleg jaar van de riolering. Binnen de kom staat hierdoor het juiste aanleg jaar per wegvak aangegeven, maar buiten de kom is dit niet overal het geval, aangezien daar pas recent riolering is aangelegd.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

14

Figuur 3.6 toont de aangelegde oppervlaktes asfaltverharding per decennia.

600.000 500.000 400.000 300.000 200.000 100.000 -

Figuur 3.6

Jaar van aanleg asfaltverharding

De in de jaren ‘50, ‘60 en ‘70 aangelegde verhardingen hebben inmiddels een dusdanige leeftijd dat hiervan waarschijnlijk een groot deel in de nabije toekomst vervangen moet worden. Middels een visuele inspectie (waar dit wegenbeheerplan op gebaseerd is) valt niet waar te nemen of een asfaltconstructie aan het einde van zijn levensduur is. Om dit te kunnen bepalen is nader onderzoek noodzakelijk, waaronder bijvoorbeeld deflectiemetingen en constructieboringen vallen. Ook voor wegen uitgevoerd in elementenverharding is het jaar van aanleg van belang. Een betonstraatsteen heeft een gemiddelde levensduur van 40 jaar, een gebakken klinker gaat daarentegen tot wel 100 jaar mee.

300.000 250.000 200.000 150.000 100.000 50.000 -

beton Figuur 3.7

gebakken

Jaar van aanleg betonstraatstenen en gebakken klinkers

Ook een verdeling van het areaal binnen en buiten de bebouwde kom is interessant. De bebouwde kom is een door de overheid aangegeven gebied waar veel bebouwing is, waardoor het mogelijk is om in bebouwde gebieden andere regels te laten gelden.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

15

In Nederland is er over het algemeen een duidelijk verschil tussen de bewoonde gebieden, zoals steden en dorpen, en de verbindingswegen daarbuiten. De bebouwde kom komt dan meestal overeen met het bebouwde gebied. Door de hogere bevolkingsdichtheid en de daarmee gepaarde verkeersrisico's in een bebouwd gebied zijn de maximumsnelheden lager dan buiten een bebouwde kom. De wegen in een bebouwde kom hebben een overwegend ontsluitende functie. Binnen de gemeente Stichtse Vecht ligt 74% van de verhardingen binnen de bebouwde kom en 26% buiten de bebouwde kom. Onderstaande figuren laten de verdeling per verhardingstype zien voor respectievelijk binnen en buiten de bebouwde kom. Binnen de bebouwde kom wordt grotendeels elementenverharding toegepast, buiten de bebouwde kom is dit asfaltverharding.

8%

Asfalt

1% 0%

24%

1% 0%

Elementen Cementbeton

75%

91% Overige

Binnen Figuur 3.8

Asfalt Elementen Cementbeton Overige

Buiten Areaal binnen en buiten de bebouwde kom (in m2)

3.3 Areaalvergelijking Jaarlijks wordt er onderhoud uitgevoerd waardoor er omvormingen (bv. asfalt wordt elementenverharding) plaats kunnen vinden. Tevens worden regelmatig nieuwbouwprojecten of reconstructies van de weginfrastructuur uitgevoerd. Dit resulteert in mutaties van het te beheren areaal. Meer of minder areaal is van invloed op het beheerbudget. In dit wegenbeheerplan wordt een vergelijk gemaakt tussen het areaal zoals dat bekend was in 2011 tot en met het huidige areaal. In de volgende tabel zijn de oppervlaktes per jaar op een rij gezet. verhardingstype data 2011 data 2013 data 2016 data 2020 verschil '16 - '20 asfalt

516.092

826.826

1.224.960

1.274.492

49.532

elementen

471.029

1.210.748

1.732.946

1.770.853

37.907

cementbeton

2.167

4.119

15.080

10.405

- 4.675

half-/ onverhard

2.386

5.297

161.450

22.000

- 139.450

niet benoemd totaal Figuur 3.9

66.702 991.675

2.046.990

3.201.138

- 66.702 3.077.750

- 123.388

Areaalvergelijking 2011 – 2020 in m2

De wijzigingen zijn mogelijk te verklaren door: 1. Nauwkeuriger inzicht in het in bezit zijnde areaal door gebruikmaking van een geautomatiseerd beheerssysteem. 2. Verhardingsoverdracht van een andere instelling (bijvoorbeeld provincie Utrecht, Waterschap o.i.d.). 3. Een verbeterslag over de doorgevoerde BGT mutaties.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

16

4

De kwaliteit

4.1 Inleiding kwaliteit In

dit

hoofdstuk

beschouwen

we

de

huidige

kwaliteit

van

het

areaal.

De kwaliteit van de wegen wordt bepaald aan de hand van globaal visuele weginspecties (GVI) die door Roelofs Advies en Ontwerp in het voorjaar van 2020 zijn uitgevoerd. Deze weginspecties zijn uitgevoerd op basis van CROW publicatie 146. Tijdens de GVI zijn de volgende schadebeelden beoordeeld. Schadebeeld

Asfaltverhardingen

Elementenverhardingen

Rafeling

X

Dwarsonvlakheid

X

X

Oneffenheden

X

X

Scheurvorming

X

Randschade

X

Voegwijdte

Betonverhardingen

X X

X

Voegvulling Figuur 4.1

X Beoordeelde schadebeelden GVI

Middels conversietabellen kunnen de inspectieresultaten vervolgens worden vertaald in de vijf kwaliteitsniveaus (A+/A, B, C en D) die staan aangegeven in CROW publicatie 323. Gemeentelijke bestuurders gebruiken over het algemeen deze kwaliteitsaanduiding om hun ambitie op het gebied van de openbare ruimte aan te geven. Dit is ook het geval in de gemeente Stichtse Vecht. Onderstaande figuur omschrijft de kwaliteitsniveaus conform CROW publicatie 323. KwaliteitsOmschrijving Indicatie kwaliteit niveau

Relatie met wegbeheer

A+

Zeer hoog

Nagenoeg ongeschonden

Er is geen schade

A

Hoog

Mooi en comfortabel

Er is enige schade, maar de waarschuwingsgrens is nog niet overschreden

B

Basis

Functioneel

De waarschuwingsgrens(zie bijlage II begrippenlijst) is overschreden: er is klein onderhoud nodig of binnen vijf jaar is groot onderhoud nodig

C

Laag

Onrustig beeld, discomfort of enige vorm van hinder

De richtlijn is overschreden: er is binnen twee jaar groot onderhoud nodig

Zeer laag

Kapitaalvernietiging, uitlokking van vernieling, functieverlies, juridische aansprakelijkheidsstelling of sociale onveiligheid

De richtlijn is meer dan één klasse overschreden: er is direct groot onderhoud nodig

D

Figuur 4.2

Omschrijving kwaliteitsniveaus conform CROW publicatie 323

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

17

Voor wegbeheer conform de CROW systematiek dient minimaal voor basiskwaliteit (B) gekozen te worden. De basiskwaliteit gaat uit van verantwoord wegbeheer waarbij de onderhoudsmaatregel op een zo optimaal mogelijk moment wordt ingepland met een zo hoog mogelijk rendement tegen minimale kosten. Onderstaand figuur uit de CROW publicatie 323 geeft een indruk van de verschillende kwaliteitsniveaus.

Figuur 4.3

Afbeeldingen kwaliteitsniveaus conform CROW publicatie 323

Het bestuur kan echter ook kiezen om een hogere of lagere kwaliteit te hanteren. Dit is alleen mogelijk als er weloverwogen en onderbouwd een beslissing wordt genomen en ook aan de juridische kaders wordt voldaan; dit geldt met name bij een lagere kwaliteit. Bij het opnieuw vaststellen van het beleidskader IBOR zal wat betreft de kwaliteit keuze voor wegen een heroverweging gemaakt kunnen worden. Gelet op de huidige opgave wat betreft het wegwerken van de onderhoudsachterstand is dat het beste moment om dit te heroverwegen en de gevolgen daarvan in beeld te brengen. De conversie van de technische weginspectie (publicatie 146/147) naar een kwaliteitsniveau op basis van de beeldkwaliteit (323) is uitgevoerd voor elk geïnspecteerd wegvakonderdeel. In paragraaf 4.2 wordt het kwaliteitsniveau per verhardingstype weergegeven. Paragraaf 4.3 geeft de kwaliteit per deelgebied weer. Deze waarden worden getoetst aan het beleid van de gemeente Stichtse Vecht. Om per deelgebied een oordeel te kunnen geven van de algehele kwaliteit is de 90% regeling gehanteerd. Een gebied krijgt de score (het kwaliteitsniveau) dat bij 90% van de wegvakonderdelen is behaald. Hieronder volgt een voorbeeld:

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

18

Deelgebied

Oppervlakte (m2) A+

dorpen Figuur 4.4

A 400

B

C

350 160

niveau 90% volgens gewenst grens 90% niveau regel

totaal D

40

50

1.000

900

B

B

voorbeeld 90% regeling

In bovenstaand voorbeeld is 900 m2 verharding nodig om de 90% grens te bereiken. Het kwaliteitsniveau wordt vervolgens bepaald door de volgende berekening uit te voeren: A+ (400) + A (350) + B (160) = 910. De conclusie is dat de 90% grens in kwaliteitsniveau B ligt. Deze regeling is opgesteld door de CROW Gebruikersgroep Beeldkwaliteit. Hij zorgt voor een correcte statistische bundeling van de meetresultaten (afkomstig uit de weginspectie), waarbij de berekende kwaliteit overeenstemt met de beleving van de kwaliteit van de openbare ruimte. Op basis van de uitkomst kan de beheerder constateren of zijn kwaliteitsambitie is gehaald. Roelofs Advies en Ontwerp heeft november 2020 een document opgesteld met betrekking tot de beeldkwaliteitsniveau ’s binnen de gemeente Stichtse Vecht. Dit document is toegevoegd als bijlage IV aan dit wegenbeheerplan.

4.2 Huidige kwaliteit per verhardingstype 4.2.1 Asfalt In deze paragraaf wordt dieper in gegaan op de huidige kwaliteit van het asfalt. Eerst wordt het algemene kwaliteitsbeeld geschetst. Vervolgens wordt het aantal schades per schadebeeld weergegeven. Onderstaande tabel geeft de kwaliteit van de asfaltverhardingen weer op hoofdlijnen. Kwaliteit

Oppervlakte

Percentage

A+

280.150

22%

A

528.304

42%

B

286.292

22%

C

55.485

4%

D

124.261 1.274.492

10%

Totaal Figuur 4.5

100%

Kwaliteit asfalt op hoofdlijnen

Om naast de cijfers en tabellen een idee te krijgen welk wegbeeld nu hoort bij de genoemde kwaliteitsniveaus, is in het volgende figuur per kwaliteitsniveau een afbeelding van een bijbehorende weg in de Stichtse Vecht geplaatst.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

19

Kwaliteit is voldoende (A+ en A, > 5jaar)

Kwaliteit is redelijk (B, 3-5 jaar)

Straatweg, Breukelen Zuid

De Dreef, Kockengen

Kwaliteit is matig (C, 1-2 jaar)

Kwaliteit is onvoldoende (D< 1 jaar)

Fietspad Oostkanaaldijk, Loenen a d Vecht

Bosdijk, Nieuwer Ter Aa

Figuur 4.6

Beeldkwaliteit asfaltverharding.

De resultaten van de globale visuele inspectie geven inzicht in de aangetroffen schadebeelden. In figuur 4.6 is de ernst-omvangcombinatie weergeven van de aangetroffen schadebeelden. In bijlage III staat een nadere uitleg van de schadebeelden. Schadebeeld

Wegtype Geen

L1

Rafeling

3 t/m 7

20%

Dwarsonvlakheid 3, 6, 7

59%

L2 4%

L3 3%

M1 4%

M2 1%

M3 1%

E1

E2 4%

1%

E3 1%

94%

2%

2%

1%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

4,5

94%

4%

1%

1%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

3 t/m 6

92%

0%

0%

0%

4%

1%

1%

1%

1%

0%

7

90%

0%

0%

0%

8%

1%

0%

0%

0%

0%

Scheurvorming

6

78%

8%

2%

1%

4%

1%

0%

5%

2%

1%

73%

6%

2%

3%

5%

1%

1%

6%

2%

2%

Randschade

3, 4, 5, 7 6

64%

1%

1%

0%

15%

0%

1%

12%

6%

1%

3, 4, 5, 7

81%

2%

1%

0%

5%

1%

0%

8%

2%

1%

Oneffenheden

Figuur 4.7

Ernst-omvang per schadebeeld asfalt

De rood aangegeven vlakken hebben de richtlijn met meer dan één klasse overschreden (niveau D), de oranje met één klasse (niveau C) en de gele vlakken liggen net voor de richtlijn (niveau B), maar hebben wel de waarschuwingsgrens overschreden. Uit figuur 4.7 valt op te maken dat randschade in ernstige vorm bij wegtype 6 vaak voorkomt. Relatief gezien valt het aantal wegvakonderdelen met ernstige schade in deze categorie mee (in totaal 22 stuks), aangezien in wegtype 6 (winkelerf, plein, voetpaden) niet veel wegvakonderdelen zijn voorzien van een asfaltverharding. Schades op het gebied dwarsonvlakheid en oneffenheid komen niet veel voor.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

20

Onderstaande afbeelding toont de van een asfaltverharding voorziene wegvakonderdelen met kwaliteitsniveau C en D.

Figuur 4.8

Wegvakonderdelen met beeldkwaliteit C en D

4.2.2 Elementenverharding Onderstaand figuur toont de huidige kwaliteit van de elementenverharding. Kwaliteit

Oppervlakte (m2)

A+ A B C D Totaal

Figuur 4.9

Percentage 563.491

32%

509.367

29%

321.535

18%

36.267

2%

340.193

19%

1.770.853

100%

Kwaliteit elementenverharding op hoofdlijnen

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

21

Ook voor de elementenverharding is per schadebeeld aangegeven welke ernstklasse aanwezig is. Schadebeeld

Wegtype

Dwarsonvlakheid

6, 7

Oneffenheden

Voegwijdte Figuur 4.10

Geen

L1

L2

L3

M1

M2

M3

80%

9%

4%

3%

2%

1%

1%

3, 4,5

89%

4%

2%

2%

1%

0%

3 t/m 6

57%

0%

0%

0%

22%

7

49%

0%

0%

0%

6, 7

91%

0%

0%

3, 4,5

62%

0%

0%

E1

E2

E3

0%

0%

0%

1%

0%

0%

0%

4%

2%

11%

2%

2%

32%

8%

3%

8%

0%

1%

0%

5%

1%

0%

3%

1%

0%

0%

18%

4%

2%

10%

2%

1%

Kwaliteit elementenverharding per schadebeeld

Het schadebeeld oneffenheid komt het meeste voor. De overige schadebeelden zijn zeer beperkt. Een risico bij de kwaliteit van de elementenverharding is het hoge aantal M1 (= matige schade in geringe omvang) waardes op oneffenheid, dit blijkt uit een nadere analyse van de inspectiecijfers. Een M1 wordt nu nog beoordeeld als voldoende maar kan op korte termijn een achteruitgang in de kwaliteit veroorzaken. Dit brengt risico’s in het beheer met zich mee doordat het schadebeeld oneffenheden zich vaak ontwikkelt van een M1 naar een E1 (ernstige schade in een geringe omvang). Onderstaande afbeeldingen tonen een voorbeeld van een straat in elementenverharding per kwaliteitsniveau. Kwaliteit is voldoende (A+ en A, > 5jaar)

Kwaliteit is redelijk (B, 3-5 jaar)

Schepersweg, Breukelen Noord

Colijnsteraat, Maarssen

Kwaliteit is matig (C, 1-2 jaar)

Kwaliteit is onvoldoende (D< 1 jaar)

Floraweg, Vreeland

Garstenstraat, Nigtevecht

Figuur 4.11

Beeldkwaliteit elementenverharding.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

22

Onderstaande afbeelding toont de wegvakonderdelen in Maarssen die ernstige oneffenheden bevatten.

Figuur 4.12

Ernstige oneffenheden in Maarssen

4.2.3 Betonverharding De kwaliteit van de betonverharding is goed, er zijn slechts een aantal wegvakonderdelen met enige schade. Kwaliteit

Oppervlakte (m2)

Percentage

A+ A B

8.458

81%

42

0%

1.257

12%

333

3%

315

3%

10.405

100%

C D Totaal

Figuur 4.13

Kwaliteit betonverharding op hoofdlijnen

Schadebeeld

Wegtype Geen

Oneffenheden

3 t/m 6 7

Scheurvorming 3 t/m 7 Voegvulling Figuur 4.14

3 t/m 7

L1

95%

0%

100,0% 0,0% 97%

0%

100,0% 0,0%

L2

L3 0%

M2

M3

E1

E2

E3

0%

2%

1%

0%

1%

1%

0,0% 0,0% 0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0%

1%

0%

0%

1%

1%

0,0% 0,0% 0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0%

0%

M1

1%

Kwaliteit betonverharding per schadebeeld

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

23

De schadebeelden oneffenheden en scheurvorming komen in zeer beperkte mate voor. Een versleten of ontbrekende voegvulling komt niet voor. 4.2.4 Halfverharding en overige verharding De halfverharding en overige verharding bestaat uit de volgende verhardingssoorten: • Grind; • Puin; • Halfverhard; • Overig; • Zand; • Natuursteen klinkerformaat; • Natuursteen grootformaat; • Split; • Gravilux; • Granietkeitjes klein; • Diverse. De wegvakonderdelen voorzien van een halfverharding (en overige verharding) hebben voornamelijk de volgende verhardingsfuncties: • Parkeervak; • Voetpad; • Rijbaan; • Inrit. Kwaliteit

Oppervlakte (m2)

Percentage

A+ A B C D Totaal

Figuur 4.15

11.205

51%

2.443

11%

1.036

5%

519

2%

6.797

31%

22.000

100%

Kwaliteit halfverharding op hoofdlijnen

De wegvakonderdelen met kwaliteit D zijn met name parkeervakken en rijbanen. Schadebeeld

Wegtype

Dwarsonvlakheid

3 t/m 7

Oneffenheden

3 t/m 7

Figuur 4.16

Geen

L1

L2

L3

M1

M2

M3

E1

E2

E3

97%

1%

1% 1% 0%

0%

0%

0%

0%

0%

63%

0%

0% 0% 3%

3%

19%

4%

3%

6%

Kwaliteit betonverharding per schadebeeld

Het schadebeeld oneffenheid komt veruit het meeste voor.

Wegenbeheerplan 2021 - 2025 – Rapportage

24

4.3 Toetsing kwaliteit aan beleid Zoals aangegeven in paragraaf 1.4 hanteert de gemeente de volgende kwaliteit per deelgebied: Gebied

Kwaliteitsniveau

Kernen

B

Buitengebied

C

Industriegebieden Figuur 4.17

C

Beleid kwaliteitsniveau per deelgebied

In paragraaf 1.4 is ook weergegeven dat bovenstaande verdeling niet overeenkomt met beheer en onderhoud volgens de CROW richtlijn. Volgens deze richtlijn is niveau B de onderzijde van goed beheer. De deelgebieden kernen, buitengebied, industriegebied zijn vanuit de database van de gemeente Stichtse Vecht samengesteld uit het veld ‘structuurelement’. De structuurelementen met het kenmerk centrum, hoofdwegen, woongebied, parken worden gecategoriseerd als deelgebied Kernen. Buitengebied bestaat uit de structuurelementen met het kenmerk buitengebied en Industriegebied met het kenmerk bedrijventerrein. In onderstaande afbeeldingen staan de kernen, het buitengebied en de industriegebieden weergegeven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/1527/documents/34087