Procedurele Tijdlijn en Participatietraject Omwonenden Straatweg 76a inclusief 17 bijlagen_Geredigeerd.pdf
Tekst van het document
Procedurele tijdlijn en Participatietraject Omwonenden Straatweg 76A, 14 juni 2021
Naar aanleiding van de commissievergadering van het fysieke domein op 25 mei 2021, agendapunt 7, naast Straatweg 76A, en als aanvulling op ons commentaar op de Memo van de wethouder van 8 juni 2021 het volgende: Samenvattend concludeert de wethouder in de commissievergadering dat: - Er veel overleg is geweest met de gemeente - Mur op eigen initiatief een bestemmingsplan heeft ingediend zonder te wachten op de uitspraak van de Raad van State (RvS) en bovendien ervoor heeft gekozen om slechts een bestemmingsplan wijziging aan te vragen en geen omgevingsvergunning - Er geen participatie traject gevolgd is omdat er voor deze weg is gekozen en dat Mur geen participatie traject naar omwonenden is gestart - De wethouder de juridische “ins and outs” graag op papier zet - De wethouder onzeker is of alle informatie “nog op te lepelen is” door de gemeente.
Conclusie: In tegenstelling tot wat de wethouder beweert, is er na de bestuurswissel van 2018 geen inhoudelijk overleg meer gevoerd tussen initiatiefnemer en gemeente zoals reeds eerder gesteld in onze samenvatting. Echter, van onze zijde is meerdere malen expliciet verzocht om met de gemeente inhoudelijk om de tafel te gaan. Bij wethouder Van Dort is dat vele malen tevergeefs verzocht en bij wethouder Van Dijk hebben wij dat verzocht op 11-12-2020 (Bijlage 11) 13-04-2021 (gesprek op locatie) en de commissievergadering van 25-05-2021. Tot op heden is hier nog geen gehoor aan gegeven. Er zijn geen inhoudelijke gesprekken gevoerd. Wel heeft er een aantal gesprekken plaatsgevonden tussen een aantal omwonenden en de gemeente. Of hier inhoudelijk is gediscussieerd kunnen wij niet beoordelen. In tegenstelling tot wat de wethouder beweert, heeft de gemeente, op hoog ambtelijk niveau en schriftelijk, Mur meerdere keren aangeraden een officiële bestemmingsplanwijziging in te dienen, (Bijlage 7,8,15,16 en 17) en in meerdere gesprekken, zie verder. In tegenstelling tot wat de wethouder aangeeft, blijkt uit onderstaand verslag dat er wel degelijk een participatietraject heeft plaatsgevonden onzerzijds. Kennelijk wordt participatie in deze verward met draagvlak.
Het door Mur, op advies van de gemeente, ingediende bestemmingsplan ontslaat de gemeente niet van haar verplichting om alsnog voor 29-4-2021 een ruimtelijke afweging te maken en aanvullende documenten te verzoeken, zoals opgedragen door de Raad van State.
Procedurele tijdlijn en overleg De wethouder opent de beantwoording, van de in de commissievergadering gestelde opmerkingen/vragen, met de stelling: “Ik wil u er wel op wijzen dat er hier 3 vooroverlegplannen aan ten grondslag liggen”. Dit is onjuist. Er is 1 vooroverlegplan ingediend met nummer, 2209197 op 23-2-2016. Verzoek aan de wethouder om de andere 2 vooroverlegplannen waarover hij spreekt aan te leveren met inleverdatum en dossiernummer. Bovendien verwart de wethouder een vooroverlegplan met overleg. Een vooroverlegplan is een digitale aanvraag in OLO, geen overleg. De wethouder vervolgt: “De afgelopen jaren is er heel veel overleg geweest”. Onduidelijk is hier over welke periode de wethouder spreekt en wat hij verstaat onder “heel veel” en wat de wethouder verstaat onder “overleg” en met wie. De omwonenden wellicht? Zoals eerder beschreven in onze samenvatting (vergaderstuk A-14) was er vóór de bestuurswissel van 2018 wel inhoudelijk overleg. Vanaf het begin in 2015, wethouder Zivkovic, waren gesprekken constructief en inhoudelijk. Ondanks dat na enige tijd bleek dat een aantal ambtenaren een vooringenomen standpunt hadden bleven gesprekken constructief en werd gezocht naar oplossingen onder leiding van wethouder Zivkovic. Op 1-3-2018 zijn aanvullende documenten aangeleverd en werd gevraagd om een behandeling van ons verzoek.
Op 11-6-2018 is er een gesprek geweest met burgemeester Witteman om advies te vragen in verband met belangenverstrengeling. Zijn advies is bijgevoegd. (Bijlage 1) Na de bestuurswissel is er met wethouder Van Dort een kennismakingsgesprek geweest op 21-06-2018. Tijdens dit gesprek hebben wij een tijdslijn gevraagd en aangeven dat we een cultuurhistorische wijziging naleveren. Dit vanwege een cultuurhistorische verlichting van het terrein (de provincie had de waarde inmiddels verlicht van aanwezig naar verdwenen). Tevens hebben wij het advies van burgemeester Witteman met haar gedeeld. Wethouder van Dort gaf aan met een aantal omwonenden in gesprek te gaan en vermeldde dat ze hen op de hoogte heeft gebracht van het VOP. Tevens werd vermeld dat een aantal omwonenden meerdere brieven heeft geschreven. Het was echter geen inhoudelijk gesprek, maar een kennismaking met de nieuwe wethouder. Wethouder Van Dort kon geen tijdslijn geven ivm het aanstaande zomerreces en zou dit nog even navragen om later telefonisch te bevestigen. De ambtenaar heeft geen gespreksverslag opgesteld. Op 6 december (na 9 maanden!) vernamen wij via de website van de gemeente dat het door ons ingediende verzoek was afgewezen. De gemeente was ons vergeten hierover te informeren.
Naar aanleiding van deze afwijzing hebben wij gesprekken aangevraagd met wethouder Van Dort en de betreffende ambtenaar maar die werden geweigerd. Naar aanleiding van deze weigering heb ik met mijn partner een gesprek aangevraagd met burgemeester Van Mastricht. Dit gesprek vond plaats op 12-12-2018 en de gesprekspunten zijn bijgevoegd. (Bijlage 2) Dit was wederom geen inhoudelijk gesprek. Op 19-12-2018 werd ons medegedeeld dat het college op 18-12-2018 had besloten tot heroverweging. Naar aanleiding daarvan heeft Mur de gemeente secretaris een email gestuurd met hun zorgen over de behandeling van de heroverweging. (Bijlage 3) De heroverweging werd gepubliceerd op 5-02-2019. Aangezien het verzoek aan de secretaris niet is behandeld en de heroverweging inhoudelijk wederom aantoonbaar onjuist was hebben we een gesprek aangevraagd met wethouder Van Dort. Dit werd geweigerd en we werden doorverwezen naar de betreffende ambtenaar. De ambtenaar had echter de opdracht van de wethouder gekregen om niet inhoudelijk in te gaan op het collegevoorstel. (Bijlage 4) Het besluit was niet vatbaar voor beroep of bezwaar en dus was een inhoudelijke toelichting zinloos. Wel heeft de ambtenaar ons meerdere malen geadviseerd om een officiële bestemmingsplanwijziging in te dienen.
Naar aanleiding van de houding van wethouder Van Dort hebben wij een gesprek aangevraagd met burgemeester Van Mastricht om de bestuursstijl, ontoereikende dossierkennis, onzorgvuldigheid, etc. van de wethouder te bespreken. (Bijlage 5) Hierop werd positief gereageerd en naar aanleiding van het betreffende gesprek van 22-05-2019 werd een gesprek met wethouder Van
Dort en de Programmamanager Fysiek Domein ingepland op 13-06-2019 met als doel: “toelichting op het collegevoorstel”. (Bijlage 6) Deze samenstelling is bijzonder aangezien beide personen geen inhoudelijke kennis van het dossier hadden wat ondermeer blijkt uit het gespreksverslag en de reactie (bijna 3 maanden na het gesprek) van het college hierop. (Bijlage 7 en 8) Wederom werd ons hier geadviseerd om een officiële aanvraag in te dienen terwijl Mur het beroep bij de Raad van State (bestemmingsplan “Rondom de Vecht”) al had ingediend. Het beroep bij de RvS werd door de ambtenaar tijdens het gesprek, geheel ten onrechte, gekwalificeerd als kansloos. Op het antwoord van het college van B&W, waarin onjuiste conclusies staan, hebben wij gereageerd en daarbij gevraagd om een reactie, maar deze is uitgebleven. (Bijlage 9) Op 15-4-2019 heeft Mur een WOB-verzoek ingediend. Op 17 juli 2019 is tegen de beperkte openbaarmaking bezwaar ingediend. Een van de gronden van bezwaar was het niet openbaar maken van brieven van omwonenden waar Mur, door wethouder Van Dort in het kennismakingsgesprek, op is gewezen. De gemeente heeft deze openbaarmaking notabene geweigerd op verzoek van de omwonenden. De voorzitter van de adviescommissie bezwaarschriften was hierover terecht uitermate kritisch tijdens de zitting. Gemeente heeft documenten na uitspraak van de adviescommissie alsnog gepubliceerd.
Echter, nu blijkt naar aanleiding van de memo van de wethouder (8 juni 2021) dat er nog meer stukken over dit onderwerp niet door de gemeente openbaar zijn gemaakt. Dit ondanks de uitspraak van de adviescommissie bezwaarschriften. Begin 2020 kregen wij zowel schriftelijk als telefonisch te horen dat het indienen van een bestemmingsplanwijziging moest plaatsvinden voor 1-3-2020, met de mogelijkheid tot aanvullen documenten tot 1-4-2020. Dit vanwege de komst van de nieuwe omgevingswet en de tijd die de behandeling van het bestemmingsplan in beslag zou nemen. (Bijlage 17) Wethouder van Dijk stelt echter in de commissievergadering “als de familie had gewacht tot de reparatie dan had daar gewoon een regulier, laten we zeggen, participatie traject…met inspraak…aan ten grondslag genomen(hij bedoelde vast “gelegen”), maar ze hebben er voor gekozen om zelfstandig een plan in te dienen”. Volslagen absurde bewering. De gemeente heeft ons dit meerdere keren aangeraden/ verzocht, (Bijlage 7,8,15,16 en 17) én de gemeente heeft besloten om artikel 3.9 Wro op ons bestemmingsplan toe te passen en het dus in het geheel niet in behandeling te nemen. Met de keuze door toepassing van artikel 3.9 ontneemt de gemeente, naast het door de gemeente zo belangrijk gevonden participatietraject met de omwonenden, een ieders recht van het indienen van een zienswijze.
(Bijlage 10) De door ons toegevoegde ruimtelijke onderbouwing en andere aanvullingen zijn dus nooit meegenomen in de overweging zoals ook bevestigd door de betreffende ambtenaar. 13-10-2020 Stond het raadsvoorstel op de agenda van de commissie fysiek domein en is voor het vaststellen van de agenda, van de agenda gehaald. 9-12-2020 Uitspraak Raad van State Op 11-12-2020 Heeft Mur wethouder Van Dijk uitgenodigd op locatie en reeds in de uitnodiging gesteld dat ons dossier onvoldoende aandacht krijgt binnen de gemeente en de wethouder gevraagd om zijn hulp. (Bijlage 11) Hierop werd positief gereageerd maar waarschijnlijk zou dat digitaal plaatsvinden. Het gesprek zou plaatsvinden met 2 hoofdambtenaren. Aangezien wij hadden aangegeven inhoudelijk te willen spreken leek een vakambtenaar een logischere keuze. Door ons werd aangegeven niet digitaal te willen vergaderen aangezien het voor de gemeente zeer lastig is gebleken zich een goed beeld te vormen. Uiteindelijk werd na aandringen van onze kant en van vele fracties, een bezoek op locatie gepland op 13-4-2021. Voorafgaand aan het bezoek heeft dhr. De Vos met de betreffende ambtenaar gesproken (de eerder geplande hoofdambtenaren zaten in reorganisatie) en ons werd medegedeeld dat men slechts kwam kijken omdat “men gestuurd was” en dat het gesprek niet zou kunnen leiden tot een ander standpunt.
Eenmaal op locatie hebben wij een presentatie “light” gegeven. Heel even werd buiten door ons een sidestep gemaakt met de ambtenaar over de uitspraak van de RvS en de bestemmingsplan-systematiek maar daarop zei de wethouder direct: “nu gaat het te veel op de inhoud”. Binnen werd door ons aangegeven dat we moeiteloos een presentatie van 2 uur kunnen houden over de gemeentelijke dwaling maar dat dit zo negatief is en we liever constructief met de wethouder en ambtenaar in gesprek gaan. Ons werd te kennen gegeven dat we uiteraard schriftelijk mochten aangeven wat er niet correct is verlopen maar dat het raadsvoorstel en de procedure niet aangepast werden.
Vanzelfsprekend hebben wij hierop verbaasd gereageerd en gevraagd hoe het mogelijk is dat men een besluit neemt dat niet vatbaar is voor beroep of bezwaar en daar aan vast houdt en vervolgens alle overige besluiten op baseert en via een artikel 3.9 procedure er voor zorgt dat niets of niemand een zienswijze kan indienden. De wethouder reageerde met de opmerkelijke woorden: “Ik denk dan, het is ook een keer klaar”. Indien de wethouder gesprekken met burgemeesters, monologen onzerzijds, kennismaking met de nieuwe wethouder, het aanhoren van een presentatie op locatie met de insteek dat er niets mee gedaan wordt en de vele emails met het secretariaat en overige emails met ambtenaren waarin wij vragen wat de voortgang is en voor de zoveelste keer vragen om een inhoudelijk gesprek, kwalificeert als “heel veel overleg” dan delen wij deze mening uiteraard niet. De conclusie is evident. Na de bestuurswissel is er met Mur niet één keer inhoudelijk gesproken over het betreffende plan.
Participatietraject Begin 2014 bij omwonenden langs geweest om uit te leggen dat we een traject gaan starten in verband met de woning in ons weiland. 20-08-2014 Schrijven een aantal omwonenden de gemeente dat men tegen de plannen is, terwijl er nog geen plan is, en verzoekt gesprek met wethouder. Mur is hier niet van op de hoogte gesteld door omwonenden en deze brief kwam in WOB-verzoek beschikbaar. (Bijlage 12) In september 2014 vindt gesprek plaats tussen aantal omwonenden en wethouder. 13-02-2015 Mur Sr. krijgt bericht dat hij niet kan deelnemen aan de klankbordgroep bestemmingsplan “Rondom de Vecht” “De reden hiervoor is aan de ene kant het initiatief voor de bouw van de woning en aan de andere kant waren er drie aanmeldingen vanuit het Parkbos”. Uiteraard geheel begrijpelijk. Een dergelijke belangenverstrengeling is ongewenst. Echter, het vervolgens zitting laten nemen van een omwonende (mw. L vd Berg) met het grootste belang bij ons initiatief, die bovendien reeds 2 maal had aangegeven vooringenomen tegen ons plan te zijn, (er was slechts mondeling gemeld dat er een initiatief komt) is ongekende en ongewenste belangenverstrengeling. 3-6-2015 Door Mur georganiseerde Informatieavond in ZIZI te Breukelen met presentatie van Mur en adviseurs aan omwonenden. 4 t/m 8 juni 2015 Persoonlijk bezoek Mur aan bewoners Zandpad 48,49,50,51 en 53.
8-6-2015 Een iMessage van een belanghebbende dat men geen behoefte heeft aan een discussie. Eerder werd dit persoonlijk verteld aan Mur. 8-12-2015 Email. Mur vermeldt dat bodem- en ecologisch onderzoek is gedaan en dat vertegenwoordiging van Mur aanwezig is geweest op een openbare vergadering van de gemeente betreffende het bestemmingsplan “Rondom de Vecht”. Tevens omwonenden uitgenodigd in Maarssen om rapporten en onderzoeken te bestuderen. Hiervan is geen door hen geen gebruik gemaakt. 28-01-2016 Email van Mur dat er grond is aangekocht en dat landmeter zichtbaar kan zijn in weiland. April 2016 Aantal omwonenden schrijven wederom brief naar gemeente zonder Mur op de hoogte te stellen. Via WOB-verzoek verkregen. (Bijlage 13) 10-6-2016 Gijs Heutink Advocaten schrijft namens aantal omwonenden een 3e brief naar de gemeente, wederom zonder Mur op de hoogte te stellen. Via WOB-verzoek verkregen. (Bijlage 14) 19-10-2016 Email. Mur doet melding opdracht Cultuurhistorische verkenning en dat men mensen kan zien in het weiland in verband hiermee.
16-11-2016 Email. Update dat er geen noemenswaardige ontwikkelingen zijn en samenvatting van wat we gemeld hebben naar aanleiding van email van één van de omwonenden betreft de status. Voor de tweede keer omwonenden uitgenodigd in Maarssen. Door hen is daarvan geen gebruik gemaakt. 2015/2016/2017? Gesprek wethouder Zivkovic en 2 omwonenden en? Detail ons onbekend. 23-10-2017 1e gesprek Mur/VPC 19-12-2017 2e gesprek Mur/VPC Voor en na deze gesprekken heeft de VPC contact gehad met een aantal omwonenden en hen hierover geïnformeerd. Na de bestuurswissel van 2018 heeft wethouder Van Dort aan Mur gemeld dat zij de omwonenden op de hoogte heeft gebracht van het ingediende VOP. (Een VOP is in eerste instantie een verzoek aan de gemeente om na te gaan wat de gevoelens zijn van de gemeente bij een plan, om vervolgens met de initiatiefnemer in gesprek te gaan, niet meer en niet minder). Daar is formeel nog geen participatietraject aan verbonden. Dat is aan de initiatiefnemer om te doen. Het delen door de gemeente van een VOP is hoogst ongebruikelijk en zeker zonder dit te overleggen met initiatiefnemer. Nog ongebruikelijker is dat omwonenden reeds in april 2016 op de hoogte waren van het door ons ingediende VOP (inclusief de exacte datum) terwijl wij de omwonenden daar niet over hebben ingelicht.
Ook lag hier geen WOB-verzoek aan ten grondslag en het is voor ons onduidelijke hoe men aan deze informatie gekomen is. 25-09-2018 Gesprek wethouder Van Dort en aantal omwonenden. 28-02-2020 Omwonenden op de hoogte gesteld via email dat bestemmingsplanwijziging is ingediend bij de gemeente op 28-02-2020. 3-3-2020 Eén van de omwonenden op verzoek de verbeelding gestuurd. 14-03-2021 Open gesprek gevraagd met mijn partner, (mevr. Overdijkink) aan mw. L vd Berg en haar man en later dossier gebracht. Wethouder Van Dijk heeft gesprek met omwonenden maar datum en inhoud zijn ons onbekend. 28-04-2021 Open gesprek gevraagd met mevr. Overdijkink aan aantal andere omwonenden. 09-05-2021 Email ontvangen dat omwonenden niet in gesprek wensen te gaan nadat één van de omwonenden eerder had aangegeven dit wel te willen maar daar later, nadat wij ons dossier hadden gedeeld, van af zag. 15-05-2021 Samen met Mw. Overdijkink bezoek gebracht aan Zandpad 49, 50, 51 en 53 om samenvatting te delen en mede te delen dat het in de commissievergadering van 25-5-2021 behandeld zou worden. Zandpad 53 de samenvatting later via email gestuurd. Bovenstaand verslag toont aan dat er wel degelijk een participatietraject naar de omgeving heeft plaatsgevonden van onze zijde.
Participeren betekent echter “deelnemen”, maar iemand die op voorhand zegt koste wat kost een initiatief te zullen blokkeren, sluit zichzelf uit van deelname aan overleg. Om dan vervolgens publiekelijk deerniswekkend te laten blijken dat men niet op de hoogte gehouden is van de plannen vinden wij bijzonder. De gemeente heeft een zeer bewuste keuze gemaakt voor artikel 3.9 Wro. Wij willen duidelijk stellen: de keuze van de gemeente voor deze weg ontneemt ieder zijn zienswijze mogelijkheid en sluit tevens elke vorm van participatie uit. Wij vragen ons daarbij af wie er hier in gebreke is gebleven?
Vanwege de privacy van de omwonenden hebben wij ervoor gekozen om niet alle betreffende emails en documenten als bijlage toe te voegen. Uiteraard zijn deze op verzoek beschikbaar.
Juridische afweging De gemeente is in gebreken gebleven met het repareren van het bestemmingsplan “Rondom de Vecht” en had een ruimtelijke afweging moeten maken zoals opgedragen door de RvS, onafhankelijk van het door Mur ingediende ontwerpbestemmingsplan van 28-03-2020. Het door de gemeente gevraagde uitstel voor reparatie binnen 20 weken is afgewezen. (Vanzelfsprekend, de gemeente heeft uitstel aangevraagd op niet bestaande wetgeving). Dit terwijl de wethouder regelmatig zegt: “wij beroepen ons op bestaande wet- en regelgeving”. Juridisch heeft Mur de mogelijkheid om de gemeente in gebreke te stellen en binnen twee weken, zoals wettelijk bepaald, een nieuw besluit te laten nemen. Mur heeft dit echter nog niet gedaan omdat Mur een inhoudelijk overleg prefereert. Echter, indien Mur de gemeente in gebreke zal stellen en de gemeente geen nieuw besluit binnen deze twee weken zal nemen, zal Mur de mogelijkheid hebben rechtstreeks beroep (als bedoeld in artikel 6:2, aanhef en onder b, Algemene wet bestuursrecht (hierna: “Awb”) jo.
artikel 6:12, lid 2, Awb) in te stellen bij de Afdeling, waarbij Mur de Afdeling zal verzoeken de gemeenteraad (nogmaals) op te dragen om binnen een zo kort mogelijke termijn – maximaal twee weken - alsnog te besluiten tot vaststelling van het (voor Mur relevante gedeelte van) bestemmingsplan en bekendmaking daarvan en met toepassing van artikel 8:55d van de Awb aan de uitspraak een passende dwangsom te verbinden voor iedere dag dat de gemeenteraad in gebreke blijft de uitspraak na te leven.
Oproep Zoals eerder verzocht hopen wij echter dat het niet zo ver hoeft te komen en wij roepen de wethouder nogmaals op om het raadsvoorstel definitief in te trekken, dan wel op te roepen het raadsvoorstel door de gemeenteraad te laten afkeuren en zo de weg vrij te maken voor constructief en inhoudelijk overleg waarbij Mur kan afzien van de juridische weg en gestelde termijnen.
J. Mur en T.C. Overdijkink P.S. Op 14-6–2021 heeft Mur nogmaals mw. L. vd Berg uitgenodigd om namens een aantal omwonenden in gesprek te gaan en tevens op 14-06-2021 de wethouder verzocht te bevestigen dat hij niet in gesprek wenst te gaan aangezien wij van de griffie te horen kregen dat het raadsvoorstel wederom op de agenda gezet is. Bijalgen: 17
GESPREKSVERSLAG Aan: Aanwezigen: Datum: Verslag door: Bijlagen:
Gemeente Stichtse Vecht Wethouder Linda van Dort, Gerrit-Jan Leunenberg, Jan Mur, Eduard Haaksman, René Nijmeijer 13 juni 2019 René Nijmeijer - Presentatie over de argumentatie collegebesluiten - Notitie over het niet van toepassing zijn van de leidraad ‘behoud door ontwikkeling’
Verslag Op uitnodiging van de gemeente Stichtse Vecht is een toelichting gegeven op de genomen collegebesluit op het vooroverleg over het bouwplan voor een nieuwe woning aan de Straatweg 76a te Breukelen. Aanleiding voor het gesprek zijn twee eerder genomen collegebesluiten (dec. 2018 en feb. 2019) over dit onderwerp en twee gesprekken met de burgemeester in dit kader. Na een korte introductie van de aanwezigen opent de wethouder het gesprek door aan te geven dat ze begrip heeft voor de teleurstelling over het genomen besluit. Daarbij wordt door de wethouder de vraag gesteld waarover gesproken moet worden. Dhr. Haaksman geeft aan dat we op uitnodiging van het college aanwezig zijn om een toelichting te krijgen op de inhoud van het collegebesluit. De toelichting van wethouder Van Dort en dhr. Leunenberg, gaat in op het doorlopen proces. Er is door de gemeente zorgvuldig afgewogen, waarbij de gemeente een tweede onafhankelijk ambtenaar heeft ingezet om de argumentatie opnieuw onder de loep te nemen. Het doorlopen proces vormt voor de gemeente geen aanleiding om het besluit te herzien. Het advies van de VPC, dat gebruikt is in de motivatie van het eerste collegebesluit, is vervangen door een advies van een medewerker welstand van Mooizicht in het tweede collegebesluit. De heer Mur geeft de reden van het realiseren van de woning aan.
De woning wordt gebouwd om zo op een goede manier mantelzorg voor het gehandicapte kind binnen het gezin Mur te kunnen verlenen. Daarbij is het de expliciete wens om slechts één woning te realiseren en het gebied open te houden. Verder is het doel om deze woning zo te plaatsen dat omwonenden hier zo min mogelijk effect van ondervinden. Door de heren Haaksman en Nijmeijer wordt de onjuistheid van verschillende argumenten uit het collegebesluit uiteengezet. Daarvoor is een presentatie voorbereid, die niet aan de orde komt. Op de benoemde punten wordt geen inhoudelijke reactie gegeven door de wethouder. Het advies van wethouder Van Dort en dhr. Leunenberg is om het plan in te dienen als definitief plan. Daarmee moet een besluit genomen worden, waarop bezwaar en beroep mogelijk is. Dhr. Mur geeft aan dat juist in overleg getracht wordt om tot het beste plan voor de locatie te komen. Wanneer een plan ingediend wordt op de cultuurhistorisch meest
kansrijke plek, ontstaat een resultaat dat voor omwonenden en de initiatiefnemer niet het meest wenselijk is. Daar men nu wederom niet over de inhoud wenst te spreken, maakt dat de argumentatie van de initiatiefnemer niet wordt besproken. Daarmee ontstaat een resultaat dat uiteindelijk het minst wenselijk voor alle betrokkenen is. Dhr. Mur vraagt daarom in een uiterste poging, om nogmaals inhoudelijk met de behandelend ambtenaar over de argumentatie te kunnen praten. Dit wordt afgewezen. Aangezien het gesprek niet verder komt dan de procesmatige gang van zaken, wordt het gesprek afgesloten.
Naschrift dhr. Mur en adviseurs Op basis van de uitnodiging van het college, is het gesprek van 13 juni grondig inhoudelijk voorbereid. In deze uitnodiging werd immers gesteld dat er een toelichting op het collegebesluit zou worden gegeven. Het stelt de heer Mur dan ook zeer teleur dat juist de inhoud niet aan de orde kwam tijdens het gesprek. Wat de heer Mur betreft is er met dit gesprek dan ook onvoldoende invulling gegeven aan de toegezegde toelichting op het collegebesluit. Wij verzoeken de gemeente dit verslag te bevestigen.