CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

M X.1 SSV e.a. - opdracht college om te komen tot een fusie tussen beide omgevingsdiensten RUD ODrU (inc. bijlage).pdf

Commissie Fysiek en Sociaal Domein 28 november 2023, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: a.: Ontwerp Kadernota ODRU4.071 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Motie Reg.nr. xxx Agendapunt: xx Vaststellen kadernota 2025 ODrU Onderwerp: het college als AB lid van de gezamenlijke regeling ODrU de opdracht te geven een verregaande samenwerking tussen beide omgevingsdiensten ODrU en RUD te bepleiten Vergadering van de gemeenteraad Stichtse Vecht bijeen op 19 december 2023, gelezen: • de zienswijze van het college; • de ontwerpkadernota met daarbij de notie van het AB van 28 september jl • de Notitie van beide MT’s “Handelingskader samenwerking RUD Utrecht- ODrU • de ontwerpbegroting RUD Utrecht 2024 constaterende dat: • de RUD en de ODrU elkaar nodig hebben om de vereiste robuuste dienstverlening en kwaliteitsverbetering te realiseren; • dat er inhoudelijk kansen zijn en de noodzaak er is om een win-win te creëren en dat deze behoefte bij beide omgevingsdiensten leeft; • dp 13 januari 2022 door beide partijen een intentieovereenkomst voor versterkte samenwerking is gesloten; • de uurtarieven volgens de verschillende kaderbrieven of ontwerpbegrotingen zeer sterk uiteen lopen, waarbij het basistarief van de ODrU vele malen hoger is, dan die van de RUD (2024: RUD basistarief 85 euro en bij de ODrU 120,50); concluderende dat: • niet alle mogelijke kansen direct van de grond komen, omdat daarvoor een duidelijke samenwerkingsstructuur noodzakelijk is en deze tot op heden gemist wordt; draagt het college op: 1.

te sturen op de spoedige vorming van 1 gezamenlijke omgevingsdienst, waarbij de ODrU fuseert met de RUD; 2. de raad zo snel mogelijk, maar bij voorkeur vóór de gemeentelijke kadernota van 2025 de uitwerking van het toekomstscenario “fusie omgevingsdiensten” voor te leggen; en gaat over tot de orde van de dag. Riëtte Habes

Wim Ubaghs

Mieke Hoek

Samen Stichtse Vecht

BVNL

Het Vechtse Verbond

Toelichting: zie bijlage memo Handelingskader

NOTITIE Aan

DB RUD Utrecht en DB ODRU

Van

MT RUD Utrecht en MT ODRU

Datum

13 januari 2023

Onderwerp

Handelingskader samenwerking RUD Utrecht - ODRU

t.b.v.

Gezamenlijk DB van 20 januari 2023

aantal pag.

7

Bijlagen

-

Samenvatting Op 20 januari hebben wij u (de dagelijks besturen van RUD Utrecht en ODRU) uitgenodigd om in gesprek te gaan over de samenwerking van de omgevingsdiensten. Deze notitie biedt overzicht van het speelveld en voorbeelden uit de samenwerking waar het wel en niet lukt onder de huidige intentieovereenkomst. Tot slot lichten we toe dat er bestuurlijke keuzes nodig zijn voor ons handelingskader om de potentie van de samenwerking goed te kunnen benutten. Het doel van het stelsel van omgevingsdiensten is het waarborgen van een hoge mate van kwaliteit in vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) op het gebied van omgevingsrecht, om zodoende te zorgen voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. Om in staat te zijn een essentiële rol te pakken in de transitieopgaven waar Nederland voor staat, is het noodzakelijk dat het stelsel van omgevingsdiensten verbetert. Onder andere gemeente-/provinciegrens overstijgende casuïstiek, steeds complexere maatschappelijke vraagstukken, een ontbrekend provinciaal gelijk speelveld en krapte op de arbeidsmarkt vragen om fundamentele aanpassingen (onder andere te realiseren middels het interbestuurlijk programma versterking VTH-stelsel). De RUD Utrecht en de ODRU hebben elkaar nodig om de vereiste robuuste dienstverlening en kwaliteitsverbetering te (blijven) realiseren. Samenwerken gaat echter niet vanzelf.

De eerste stappen in bijvoorbeeld de pilot bodem laten zien dat er beperkende factoren zijn. Het verschil in processen, systemen en financieringssystematiek werken vertragend. Evenals verschillen in mensen en organisatiecultuur. Terwijl er inhoudelijke kansen zijn en de noodzaak er is om een win-win te creëren door intensivering van de samenwerking. Om deze kansen te (kunnen) benutten zijn bestuurlijke keuzes voor een handelingskader voor samenwerking nodig. In deze notitie tonen we een aantal oplossingsrichtingen ter inspiratie voor het bestuurlijk gesprek van 20 januari 2023.

1 van 7

Landelijke ontwikkelingen Het stelsel van omgevingsdiensten is in 2013 opgericht. Het organiseren van vergunningverlening, toezicht en handhaving op het gebied van omgevingsrecht moest professioneler, waarbij omgevingsdiensten dienen te zorgen voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. De combinatie van de grote maatschappelijke vraagstukken waar Nederland voor staat (o.a. stikstof en de energietransitie) en de onrust naar aanleiding van enkele nieuwswaardige milieu-incidenten 1 heeft geleid tot urgentie in het maken van structurele verbeteringen in het stelsel. Een samenwerking van het Rijk, IPO, VNG en ODNL heeft bewust de keuze gemaakt om een voortvarende start te maken met deze verbeteringen middels het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel (IBP). De doelstelling: het verstevigen van de fundamenten van een goed werkend VTH-stelsel door aan robuuste, deskundige en vernieuwende omgevingsdiensten te bouwen die de door de bevoegde gezagen aan hen opgedragen taken met gezag en professionaliteit kunnen uitvoeren waarbij de informatiehuishouding tussen alle partijen in de keten op orde is. Het is de ambitie van het Rijk, provincies en gemeenten, dat de omgevingsdiensten klaar zijn om met hun door te ontwikkelen huidige taken ten behoeve van een schone, gezonde en veilige leefomgeving bij te dragen aan de grote transitieopgaven waar Nederland voor staat.

Om deze doelstelling te realiseren stelt het kabinet structureel € 24 miljoen per jaar beschikbaar. Een bedrag van € 18 miljoen is bestemd voor de Omgevingsdiensten. De Utrechtse situatie De ODRU is bij de vorming van het stelsel van omgevingsdiensten ontstaan na een fusie van de milieudiensten Noordwest Utrecht en Zuidoost Utrecht en bestaat uit vijftien gemeenten in de provincie Utrecht. De ambitie van beide milieudiensten was daarbij ook de toevoeging van de milieudienst Servicebureau Gemeenten alsmede de ontbrekende gemeenten en de provincie in één omgevingsdienst. Uiteindelijk is echter, naast de ODRU, de RUD Utrecht ontstaan door instemming met de vorming van een gemeenschappelijke regeling van de elf overige gemeenten in de provincie en de provincie Utrecht naar aanleiding van nationaal beleid. Beide omgevingsdiensten voeren sinds de oprichting als individuele omgevingsdiensten milieutaken (vergunningverlening, toezicht, handhaving en advies) uit voor de bij hen aangesloten gemeenten en provincie. Landelijke en regionale ontwikkelingen en steeds complexere maatschappelijke vraagstukken die in veel gevallen gemeente- en provinciegrenzen overstijgen, vragen om intensievere interbestuurlijke, interdisciplinaire en ketensamenwerking. Dit geldt ook voor de samenwerking binnen de provincie Utrecht en tussen de ODRU en de RUD Utrecht.

Daarbij wordt kennis en capaciteit steeds schaarser door krapte op de arbeidsmarkt en wordt innovatie en doorontwikkeling van producten en diensten geremd door beperkte financiering in combinatie met kostenstijgingen. Samenwerkingspartners, zoals VRU en GGD, komen we steeds meer tegen in de opgaven. Zij zijn wel op schaal van de provincie georganiseerd en geven aan dat het lastig samenwerken is met twee omgevingsdiensten die ook behoorlijk verschillen. Hierdoor komt de toekomstbestendigheid en de kwaliteit van de taakuitvoering voor overheden steeds verder onder druk te staan. Robuustheid van overheden is hierbij essentieel. Aanleiding: intentie tot samenwerking Door onder meer de landelijke ontwikkelingen en de provinciale uitdagingen zijn de beide omgevingsdiensten met elkaar in gesprek getreden. Deze gesprekken zijn op alle niveaus gevoerd. Zowel op directie en managementniveau, maar zeker ook door onze collega’s in de uitvoering. Hieruit is duidelijk geworden dat we elkaar nodig hebben om robuuste dienstverlening en kwaliteitsverbetering te kunnen waarborgen. De RUD Utrecht en de ODRU hebben hierom op 13 januari 2022 een intentieovereenkomst voor versterkte samenwerking gesloten. Al langere tijd is er op diverse terreinen samenwerking, zoals bij de voorbereiding op de Omgevingswet, het toezicht op energiebesparing en de U&H strategie. Sinds 1 juli 1

Voorbeelden: Grafietregens (Tata Steel) in Wijk aan Zee; GenX-lozing door Chemours in Dordrecht; het storten van granuliet in

een natuurplas bij het Gelderse Alphen.

2 van 7

2022 is er een procesmanager aangesteld om de samenwerking te stimuleren en faciliteren. Het meest recente voorbeeld van samenwerking is de dienstverleningsovereenkomst die is vastgesteld voor de samenwerking op de bodemtaken vanaf 1 januari 2023, ondanks het feit dat de Omgevingswet is uitgesteld. Dit zijn positieve ervaringen, die laten zien dat beide diensten elkaar inderdaad kunnen versterken door samenwerking. Tegelijkertijd signaleerden de gezamenlijke MT’s tijdens de bijeenkomst van 14 juni 2022 ook dat we ingrijpender keuzes, die een nog groter effect hebben op de wederzijdse versterking, niet maken. Dat betekent dat we in de mogelijkheden die er zijn om elkaar te versterken en robuuster te maken, ergens halverwege blijven steken. Daarbij constateerden we in gezamenlijkheid de nadrukkelijke behoefte om de samenwerking concreet te maken. De beide directeuren brachten deze behoefte in bij het eigen DB van oktober 2022. Hierbij werd overeengekomen dat we het gesprek over samenwerking langs de inhoud willen voeren. Kansen voor samenwerking tussen RUD Utrecht en ODRU De intentie voor samenwerking tussen de beide omgevingsdiensten in de provincie Utrecht is niet alleen een vrijwillige keuze. Gaande het gesprek van de MT’s werd duidelijk: op een aantal onderwerpen zijn we naar de toekomst toe niet in staat om de noodzakelijke kwaliteit te leveren als losse omgevingsdienst.

Onderwerpen als • • • •

Vergunningverlening Toezicht & Handhaving Advies op milieuvragen Afhandeling bodemverzoeken

kunnen we op dit moment zelfstandig uitvoeren Wel zijn er hoog specialistische vraagstukken die we niet robuust in huis hebben. Andere onderwerpen daarentegen, die ook raken aan bovenstaande onderwerpen, als • • • • • •

Energietransitie Stikstofproblematiek Integrale gebiedsontwikkeling Uitvoering- en handhavingsstrategie (UHS) Data- en informatie-gedreven dienstverlening Specialistische taken bedrijfsvoering

kunnen we samen efficiënter en/of beter uitvoeren of zijn alleen niet goed te realiseren. De twee omgevingsdiensten samen kunnen dat wel. Deze onderwerpen raken onze VTH- en adviestaken en de opgaven vragen ook om een doorontwikkeling van die taken. Samenwerken gaat echter niet vanzelf. Hieronder volgen vier praktijkvoorbeelden van onderwerpen waarop samenwerking meerwaarde biedt en tegelijkertijd niet eenvoudig van de grond komt. Voorbeeld 1: DVO bodemtaken In het kader van de Omgevingswet gaan bepaalde (basis)taken verschuiven van bevoegd gezag van de provincie naar de gemeente. In de praktijk betekent dat, dat er taken overgaan van de RUD Utrecht naar de ODRU. In het project Warme overdracht bodemtaken werken partijen samen aan een goede overdracht van de taken. Voor ODRU en RUD Utrecht vanaf het begin een kans voor samenwerking. RUD Utrecht heeft medewerkers met kennis en ervaring over de taken en het gebied en ODRU heeft dat niet op al die specifieke taken en in totaal onvoldoende capaciteit. Het is niet wenselijk om afscheid te nemen van de RUD-medewerkers om vervolgens bij de ODRU mensen te gaan werven. Tegelijk vraagt de Omgevingswet om aanpassingen van producten, processen en werkwijzen die beide diensten moeten ontwikkelen. Het is niet efficiënt om dit ieder voor zich te doen.

3 van 7

In de werkgroep is samen bepaald welke taken het betreft, welke locaties in de ODRU-gemeenten liggen, hoe de taken er met ingang van de Omgevingswet eruitzien. Het resultaat van elke stap was goed, de weg ernaartoe met behoorlijke hobbels. Elkaar begrijpen over het product, waar ieder een andere productnaam heeft, in een ander bedrijfsonderdeel heeft ondergebracht, een andere rapportagevorm, een andere klantverhouding heeft, is niet eenvoudig. Bij eenieder was er energie voor het opstellen van de dienstverleningsovereenkomst. Eenmaal onderweg ontstonden er kleine en grote discussies die voortkomen uit verschillen in processen, systemen en financieringssystematiek. Een medewerker van RUD Utrecht die ingezet gaat worden bij ODRU voert vertrouwd werk uit, maar in een proces en werkinstructie van de ODRU, rapporteert in een ander zaaksysteem, binnen de afspraken die er zijn met ODRU-deelnemers. Trots op de gesloten dienstverleningsovereenkomst kijken we terug op een tijdrovend traject met hobbels. We verwachten dat we voor komende onderwerpen waar samenwerking wenselijk is, een gelijksoortig traject met elkaar doorlopen. De verschillen maken dat de eerste dienstverleningsovereenkomst niet direct een blauwdruk kan zijn voor andere taakvelden. Voorbeeld 2: Data- en informatie gedreven dienstverlening De rol van data is sterk toegenomen, ook in de taakvelden van de omgevingsdienst.

De verwachtingen waar data en informatie aan bij kunnen dragen zijn hoog. Neem als voorbeeld het taakveld bodem. Actuele en correcte informatie over de bodem en ondergrond is cruciaal bij het bepalen van het afwegingskader voor ontwikkelingen, aanpassingen en vernieuwingen in onze fysieke leefomgeving. Daarnaast is er een behoefte bij opdrachtgevers voor goede kwaliteit van informatie op dit moment. Bodeminformatie is momenteel versnipperd tussen overheden in de provincie Utrecht, niet goed vindbaar en er zitten grote verschillen in kwaliteit en actualiteit. Meerdere gemeenten geven aan om samen met het overdragen van de bodemtaken ook graag het beheer van bodeminformatie bij de omgevingsdienst te willen beleggen. Verder spelen er landelijke ontwikkelingen, zoals de Omgevingswet en de Basis Registratie Ondergrond, die aanleiding geven om te investeren in bodeminformatie. Omgevingsdiensten worden zo meer en meer informatiediensten. Een provinciebrede aanpak is een minimale vereiste om de data te kunnen inzetten bij behoeften van provincie en gemeenten. Door de huidige omvang van onze organisaties is er intern niet voldoende massa om grote stappen vooruit te kunnen maken, terwijl hier wel veel kansen liggen.

Door de grote hoeveelheid data die de OD's beschikbaar hebben, kunnen zij bij initiatieven snel en accuraat inzicht geven in de mogelijkheden en onmogelijkheden vanuit milieuperspectief (op bijvoorbeeld een gis-kaart). Daarnaast kan deze data expliciet worden ingezet om risicogericht en informatie gestuurd te gaan toezichthouden en handhaven. Op beide onderwerpen willen de OD's stappen maken, maar het is een kennisintensief onderwerp waar onvoldoende capaciteit beschikbaar is en een zekere kritieke massa vraagt om door te kunnen ontwikkelen. Wij hebben in de samenwerking mensen nodig die de bronnen beschikbaar maken, data analyseren, openbaar toegankelijk maken waar nodig en adviezen opstellen voor deelnemers. Concreet is deze dienstverlening geleverd bij de onderbouwing van de diffuus lood aanpak in de gemeente De Ronde Venen of het opgestelde OCB-beleid voor (meerdere gemeenten gezamenlijk) Houten, Wijk bij Duurstede en Bunnik. Om data- of informatie gedreven dienstverlening te kunnen bieden in opgaven (zeker niet alleen bodem) is op dit moment de verschillen in systemen beperkend. Wanneer de data bij de omgevingsdiensten samenkomt, kan het VTH-proces verder worden geoptimaliseerd. Denk bijvoorbeeld aan de ontwikkeling van risicogestuurd en data gedreven werken.

Verder is met dataanalyse uitvoeringsbeleid voor een individuele gemeente of gezamenlijk te monitoren en nieuw beleid te onderbouwen. Voorbeeld 3: Stikstofproblematiek In de stikstofopgave en in het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) kunnen de omgevingsdiensten in Utrecht de provincie en gemeenten ondersteunen in het bereiken van de opgave. De RUD Utrecht en de ODRU hebben samen meer kennis, data en tools van milieu, natuur, water en bodem die ingezet kunnen worden ten behoeve van de stikstofopgave, de woningbouw en het NPLG. 4 van 7

Het landelijk beleid is nog niet uitgekristalliseerd, maar duidelijk is dat het thema komende jaren belangrijk blijft. Provincie en gemeenten maken beleid op dit thema, stikstof is echter grens overstijgend. In het kader van gelijk speelveld is het nodig dat kaders en regels op elkaar aansluiten in de regio Utrecht. We zien op dit moment urgentie bij overheden om in te grijpen ten aanzien van vervuiling en het herstel van de natuur. Daar waar er tot voor kort alleen inzet werd gevraagd door de provincie op het onderwerp stikstof, zien we nu ook gemeenten vragen om advies en data-analyse. De toenemende behoefte aan goede data kunnen de RUD Utrecht en de ODRU leveren door samen bijvoorbeeld vorm te geven aan een databank over veehouderijen. Provincie en gemeenten kunnen die informatie gebruiken bij het opstellen van kaders en regels. Toezicht kan aanvullende bezoeken brengen aan veehouderijen om te controleren of maatregelen worden nageleefd. RUD Utrecht en ODRU kunnen niet zelfstandig deze complexe, grensoverstijgende opgave aanvliegen. In het bijzonder, omdat er dan onbewust en onbedoeld geen gelijk speelveld ontstaat in beleid en uitvoering. Een databank veehouderijen is een voorbeeld van een product dat de omgevingsdiensten kunnen bieden.

De diensten kunnen hun kennis- en informatiepositie versterken op de verschillende milieuthema’s om te zetten bij vraagstukken van deelnemers en het ontwikkelen van regionale strategie. Iedere overheid voor zich geeft ongelijk speelveld voor inwoners en bedrijven. De ODRU en de RUD Utrecht willen de kwetsbaarheid laten afnemen door de gezamenlijke inzet van meer eigen specialisten, met de benodigde expertise. Die expertise is van een hoog specialistisch niveau en aan verandering onderhevig. Er is dan ook ruimte voor kennisverbreding en -verdieping. De maatschappelijke druk is hoog om deze complexe opgave op te pakken. Door ervaringen in de pilot bodem voorzien we dat de samenwerking op de stikstofproblematiek vastloopt als we niet aan de voorkant scherpe keuzes maken over systemen en andere belemmerende verschillen tussen onze diensten. Voorbeeld 4: Bedrijfsrisico’s bij bedrijfsvoering Een omgevingsdienst heeft allerlei medewerkers in dienst voor een goede bedrijfsvoering en ter invulling van wettelijke verplichtingen, zoals medewerkers bij communicatie, informatiemanagement en HRM. Op een aantal onderwerpen gaat het om zeer specialistisch werk voor een beperkt aantal uren per week. Beide diensten afzonderlijk hebben een aantal functies waarvan we er maar één kennen. Voorbeelden hiervan zijn één administrateur, één administratief medewerker HRM en één applicatiebeheerder AFAS.

En functies die we nu niet hebben, maar wel ingevuld moeten worden: CISO, Privacy Officer, Business Architect. Dit zijn rollen waarvoor we nu inhuren, omdat het geen fulltime functies zijn. Dit zijn allemaal belangrijke en kwetsbare functies. Bij vakantie, verlof of bij vertrek ontstaan hier direct ‘problemen’. Een samenwerking van de twee omgevingsdiensten is wenselijk – en zelfs noodzakelijk -, omdat de risico’s veel kleiner zijn. De meeste functies zullen dan qua werkhoeveelheid door twee medewerkers moeten worden bezet en uitgevoerd, waardoor je de risico’s en de continuïteit veel beter borgt. Een belangrijke uitdaging is wel dat door eigen systemen, eigen werkwijze en eigen financieringsstructuur het kostbaar is om samen te werken. Op het moment dat we gaan samenwerken op het gebied van bedrijfsvoering, moeten medewerkers kunnen werken in twee verschillende sets van processen, werkinstructies, applicaties en financieringsafspraken. Het kost tijd om beide sets te doorzien en te kunnen uitvoeren. Dat betekent ook dat zij in beide situaties licenties nodig hebben. Het inwerken van medewerkers en licenties in twee omgevingsdiensten geven dusdanig veel extra kosten, dat het niet te realiseren is binnen de samenwerking. Daarvoor is de meerwaarde tegenover de meerkosten niet te verantwoorden. En geeft daarbij een hogere foutkans.

Om de volledige voordelen te kunnen benutten is het voor het onderwerp bedrijfsvoering noodzakelijk om te werken met één set van processen, systemen en werkwijze. Dat is een behoorlijke opgave om te harmoniseren. Tegelijk kan deze harmonisatie ook een hefboom zijn naar andere taakvelden. Nu zijn in veel taakvelden juist die processen en systemen de belemmering naar (verdergaande) samenwerking. Op het moment dat omwille van de risico’s in de bedrijfsvoering deze zaken worden geharmoniseerd, ontstaat ruimte voor samenwerking op andere plekken. 5 van 7

RUD Utrecht en ODRU: samen lukt het beter Zoals hierboven aangegeven zien de RUD Utrecht en ODRU voor verschillende onderwerpen geen oplossing als dienst alleen, uitsluitend in de samenwerking. De redenen komen veelal overeen. De MT’s zien vijf hoofdredenen waarom dergelijke opgaven beter samen kunnen worden aangepakt. De belangrijkste reden is robuustheid in kennis, capaciteit en kritische massa. Zeker in de huidige arbeidsmarkt waarin veel functieprofielen en talenten nauwelijks te werven zijn. Door samen te werken kunnen we de aanwezige kennis en capaciteit zo efficiënt en effectief mogelijk inzetten ten behoeve van de opgaven van de deelnemers. De ODRU en RUD Utrecht voldoen in gezamenlijkheid beter aan de verplichte kwaliteitscriteria, zoals ook geconcludeerd door het rapport van Van Aartsen. Samen zijn we in staat om opgaven efficiënter aan te pakken dan ieder voor zich. Samen zijn we in staat om te functioneren als het kenniscentrum voor onze deelnemers. Voor een groot aantal onderwerpen is een gelijk speelveld (level playing field) in de provincie Utrecht een belangrijke reden voor samenwerking. Aan initiatiefnemers, inwoners en bedrijven is namelijk niet uit te leggen dat er verschillende kaders of toetsingscriteria zijn voor eenzelfde situatie of in een direct aangrenzend gebied.

Of sterker: een probleem laat zich niet binnen de structuur van twee afzonderlijke omgevingsdiensten oplossen, zoals van toepassing op de grote maatschappelijke uitdagingen waar Nederland voor staat. Door op schaalgrootte van de provincie Utrecht te opereren (een goede start is gemaakt met bijvoorbeeld de Utrechtse Uitvoering & Handhaving Strategie), zijn keuzes beter uit te leggen en kunnen specifieke opgaven daadwerkelijk met de noodzakelijke kwaliteit opgelost worden. Opgaven beter samen aanpakken: In het kader van dienstverlening geeft bundeling van • robuustheid in kennis, capaciteit en de taken duidelijkheid aan initiatiefnemers, inwoners kritische massa en bedrijven. Zij begrijpen niet dat het afhangt van de • efficiënter locatie en/of de taak welke omgevingsdienst in de • kenniscentrum voor onze deelnemers provincie Utrecht de vraag behandelt. Met name • gelijk speelveld in de provincie adviesbureaus en regionaal opererende bedrijven als Utrecht ook samenwerkingspartners in de regio geven aan dat • betere gesprekspartner voor samenéén omgevingsdienst een betere robuustere werkingspartners gesprekspartner zou zijn. Gezamenlijke MT in gesprek Op 16 november 2022 hebben de MT’s van RUD Utrecht en ODRU elkaar opnieuw ontmoet in het kader van de samenwerking.

In een actieve sessie hebben wij nagedacht over de grote inhoudelijke opgaven die er liggen voor beide omgevingsdiensten, waar intensieve samenwerking essentieel is en wat deze samenwerking tegenhoudt. Korte samenvatting: er ontstond positieve energie. Toch komen niet alle mogelijke kansen direct van de grond. Collega’s lopen aan tegen beperkingen in verband met uren en capaciteit. En nu het eerste DVO (bodem) tussen de RUD Utrecht en de ODRU gesloten is, wordt helder dat een duidelijke samenwerkingsstructuur noodzakelijk is, maar wordt gemist. De lopende initiatieven voor samenwerking laten zien dat de cultuur en de mensen tussen beide organisaties onderling verschillen. Er is respect en interesse voor elkaar, maar het gaat niet vanzelf. Het is nodig elkaar goed te begrijpen. Goed te luisteren naar de belangen van de ander. Het is nodig om die energie te stimuleren, voordat de echte kansen benut gaan worden. Daarnaast zijn de afwijkende ondersteunende processen, systemen en financieringssystematiek een beperkende factor in de samenwerking. Er is Belemmeringen in samenwerking maatwerk nodig om de noodzakelijke stappen te • Beperkingen met uren en capaciteit zetten in de samenwerking.

Samenwerken • Onduidelijke samenwerkingsstructuur betekent in veel gevallen ook het uitvoeren van • Processen, systemen, financieringssystewerkzaamheden voor deelnemers van de matiek wijken veel af andere omgevingsdienst. Dat betekent • Mensen en cultuur zijn verschillend werkzaamheden uitvoeren in de systemen en • Onvoldoende elkaar begrijpen, luisteren, processen van de ander. Die consequentie geeft belangen in beeld verhoogde complexiteit en inefficiëntie. 6 van 7

Bestuurlijke keuzes Samenvattend onderscheiden we inhoudelijke opgaven waar de provincie en de gemeenten voor staan en de omgevingsdiensten een taak/rol in (kunnen) hebben, in drie soorten: Opgaven die niet door een omgevingsdienst alleen kunnen worden gerealiseerd; Opgaven die samen efficiënter/beter/robuuster kunnen worden gerealiseerd; Opgaven die alleen samen lukken als er fundamentele keuzes gemaakt worden. In alle gevallen, zonder uitzondering, krijgen de MT-leden energie van de intensieve samenwerking. Wij zoeken naar een werkwijze om samen de volgende stap te zetten. Beide MT’s willen graag de hobbels gladstrijken om het voor medewerkers mogelijk te maken, dat initiatiefnemers, inwoners en bedrijven profijt hebben van de samenwerking. Het bovenstaande bevestigt dat er meer nodig is dan enkel energie om samen te werken. Het vraagt om gerichte keuzes in de bedrijfsvoering. Keuzes die de directeuren niet kunnen maken. Keuzes die tijd en/of geld kosten. Maar ook keuzes die noodzakelijk zijn. Bij het maken van die keuzes vragen wij een gericht handelingskader van de beide DB’s. Dat handelingskader maakt het mogelijk om de grote opgaven waar uw provincie/gemeente voor staat samen aan te pakken, om fundamentele keuzes te maken, om efficiënter te werken en om een betere en kwalitatief hoogstaande dienstverlening te bieden in de regio.

Andere overheden tonen ons verschillende oplossingsrichtingen: Samenwerken waar dat meerwaarde biedt voor de opgave tegen betaalbare maatschappelijke kosten Deze richting is huidige ingeslagen weg. RUD Utrecht en ODRU werken samen op diverse thema’s binnen de mogelijkheden die er nu zijn. Waar processen, systemen of financieringssystematiek (tarief) te beperkend zijn, krijgt de samenwerking geen verdieping of we moeten voor ieder op te lossen probleem ieder afzonderlijk naar ons bestuur om keuzes te maken. 

 Robuust de toekomst tegemoet treden als één organisatie Deze richting is een traject naar een fusie naar één omgevingsdienst.  Transformeren naar omgevingsdiensten die onderling specialistische taken verdelen Deze richting is een specialisatie van beide diensten, waarbij de ene dienst gebruik maakt van het specialisme van de andere dienst. Zo hoeven niet alle specialismen in beide diensten robuust aanwezig te zijn. Voorbeelden zijn het Gelders stelsel en de Zuid-Hollandse omgevingsdiensten. Het Rijk heeft geen voorkeur voor deze vorm van specialisatie, omdat er versplintering plaatsvindt en diensten als nog afhankelijk zijn van anderen.  Ontwikkelen van een shared serviceorganisatie Deze richting is een traject waarbij een deel van de organisatie ingericht wordt als een shared serviceorganisatie die werk uitvoert voor beide omgevingsdiensten. Bijvoorbeeld een gezamenlijke afdeling bedrijfsvoering die zowel de RUD Utrecht als de ODRU faciliteert in haar bedrijfsvoering. Welk handelingskader wilt u meegeven aan de Utrechtse omgevingsdiensten om de robuuste dienstverlening en kwaliteitsverbetering te kunnen (blijven) realiseren?

7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/2324/documents/50970