CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Kadernota 2022.pdf

Commissie Bestuur en Financiën 29 juni 2021, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 4.19:40: Kadernota 20227.724 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

dernota 2022 (concept) Kadernota 2022

1

Inhoudsopgave Inleiding ................................................................................................................................................................... 3 Ontwikkelingen ........................................................................................................................................................ 4 Financieel beeld .................................................................................................................................................... 11

2

Inleiding Ieder jaar stelt de gemeente een kadernota op. Hierin staan de belangrijkste uitgangspunten die nodig zijn om aan het einde van het jaar een Programmabegroting te maken. In de Programmabegroting staat welke plannen de gemeente het komende jaar heeft, wat die plannen kosten en welke inkomsten verwacht worden. Net als de Programmabegroting richt de kadernota zich op het volgende jaar. Daarom richt deze kadernota zich op het jaar 2022. De weg naar herstel Dit jaar is de kadernota anders dan anders. Allereerst door de gevolgen van het coronavirus, dat het nodige heeft gevraagd van ons als samenleving. Door de maatregelen tegen verspreiding van het virus zijn diverse inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties in de problemen gekomen. Wij zien het als onze primaire taak om deze groepen waar mogelijk te ondersteunen, met de middelen die wij tot onze beschikking hebben. Daarbij hoort ook het continueren van de dienstverlening en het blijven uitvoeren van onze wettelijke taken als overheid. Wij zijn iedereen enorm dankbaar die ook hulp heeft geboden om anderen in deze moeilijke tijd bij te staan. Wij hebben daarnaast besloten om ons de resterende coalitieperiode te richten op de uitvoering van een Lokale herstelagenda. Deze Lokale herstelagenda heeft als doel om het herstel van onze samenleving, na alle negatieve effecten van de coronacrisis, te versnellen.

Deze past bij de Nationale herstelagenda die de Rijksoverheid aan het voorbereiden is. Aanhoudende tekorten De financiële bijdrage vanuit het Rijk schiet al jaren tekort. Tegelijkertijd blijven de kosten voornamelijk op het gebied van de Jeugdzorg toenemen. Voor gemeenten wordt het hierdoor steeds lastiger om een sluitende Programmabegroting op te stellen en moeten grote tekorten met eigen middelen worden opgevangen. Dit geldt ook voor Stichtse Vecht. In de loop van dit jaar wordt duidelijk of en hoeveel het Rijk aan extra middelen beschikbaar stelt om deze tekorten aan te pakken. Ondanks de aanhoudende druk op onze financiële positie, zijn we erin geslaagd om een kadernota voor te leggen die meerjarig financieel sluitend is. In de keuzes die zijn gemaakt hebben wij getracht om onze inwoners, ondernemers en ons voorzieningenniveau zoveel mogelijk te ontzien. Na de verkiezingen in maart 2022 is het aan de nieuw gekozen raad om te bepalen wat de ambities en prioriteiten zijn voor een nieuwe bestuursperiode. Wij hebben daarom deze kadernota beleidsarm opgesteld en beperken ons tot het melden van autonome ontwikkelingen (al dan niet met een financieel effect). Dit zijn ontwikkelingen die voortvloeien uit wet- en regelgeving, contractafspraken of genomen besluiten door de gemeenteraad.

Leeswijzer In de paragraaf ‘Ontwikkelingen’ vindt u een overzicht van de autonome ontwikkelingen die wij in 2022 voorzien. Het ‘Financieel beeld’ illustreert hoe deze ontwikkelingen effect hebben op de financiële positie van de gemeente de komende vier jaar.

3

Ontwikkelingen Sociaal-maatschappelijke effecten corona De maatschappelijke effecten van de coronacrisis zijn nu al voelbaar en zichtbaar in de kwaliteit van ons leven, aldus het Sociaal Cultureel Planbureau (2020). Een toegenomen gevoel van eenzaamheid, een daling in psychisch welbevinden, een toenemende ziektelast en een minder gezonde leefstijl onder inwoners zijn voorbeelden hiervan. Ook de sociale gevolgen van de crisis worden steeds meer zichtbaar. Een groot risico is dat bestaande kwetsbare groepen relatief harder worden getroffen, met als gevolg een toename van sociale en economische ongelijkheid in de samenleving. Als gemeente zien wij op verschillende gebieden een rol voor onszelf om de nasleep van deze crisis voor onze inwoners en organisaties te verzachten.

Problemen jeugd Vanuit de samenleving komen veel signalen over jongeren die kampen met (mentale) problemen door de beperkingen vanwege corona. Het gaat onder andere om somberheid, angst en eenzaamheid. Gemeenten hebben een rol in het oppakken van deze signalen. Dit zorgt voor extra kosten voor preventie en jongerenwerk. Vanuit het Rijk worden verschillende steunmaatregelen geboden om gemeenten hierin te ondersteunen. Herstel lokale economie De lokale economie is hard getroffen door de coronamaatregelen. Door de vaccinaties komt er weer perspectief voor onze ondernemers, maar de coronacrisis vraagt om flinke aanpassingen van het bedrijfsleven. De verwachting is dat de economische activiteit halverwege 2022 weer terug is op het pre-coronaniveau. De negatieve effecten van deze crisis op het (brede) welvaartsniveau ijlen evenwel langer na. Hoewel de regio Utrecht het relatief goed doet, verwachten wij nog geruime tijd extra capaciteit en middelen te moeten inzetten voor ondernemersdienstverlening, levendige kernen en de toekomstbestendigheid van economische gebieden. Andere manier van (samen)werken Door corona is thuiswerken voor veel inwoners en ondernemers de norm geworden, zo ook voor onze ambtelijke organisatie. Dit heeft direct gevolgen voor de wijze van huisvesting en reiskosten van het personeel.

Wij houden rekening met het feit dat de gevolgen van de coronacrisis een blijvend effect hebben op onze manier van (samen)werken. Wij maken de effecten hiervan inzichtelijk, inclusief de daarbij horende financiële gevolgen.

4

Dienstverlening aan inwoners, ondernemers en organisaties Dienstverlening is meer dan alleen een informatiebalie en de gemeentelijke website. Naast een goede informatievoorziening is ook het aanbod van toegankelijke online-diensten en essentiële functies voor zorgbehoevenden (bijvoorbeeld voor de Wmo) van groot belang. In de keuzes die wij moeten maken houden we de dienstverlening aan de klant zo veel mogelijk intact. Bijstellingen op de dienstverlening worden pas als laatste middel ingezet om het financieel beeld sluitend te krijgen.

Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer Naar verwachting wordt medio 2022 de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (WMEBV) ingevoerd. De WMEBV regelt dat inwoners en bedrijven hun zaken met de overheid digitaal kunnen afhandelen. Zij krijgen daarmee het recht om officiële berichten, zoals aanvragen voor vergunningen en bezwaarschriften, elektronisch aan het bestuursorgaan te zenden. Daarnaast verbetert hun rechtspositie in het digitale contact met de overheid. Doorontwikkeling ambtelijke organisatie In 2022 werken we verder aan de doorontwikkeling van de ambtelijke organisatie, zoals gestart in 2020. De kern van deze veranderopgave is te komen tot een meer klantgerichte en slagvaardige organisatie, die op een innovatieve en efficiënte wijze samenwerkt met haar partners. Daarbij hoort ook snel kunnen inspelen op een continu veranderende samenleving. Wendbaarheid en flexibiliteit zijn hierbij sleutelwoorden. De samenwerking met onze partners in de regio vraagt ook om een andere manier van organiseren, waarbij werken en denken vanuit opgaven steeds centraler komt te staan. Een ander belangrijk onderdeel van deze ontwikkelopdracht is het optimaliseren van de samenwerking binnen de ambtelijke organisatie.

Elementen die hierbij een rol spelen zijn onder andere het optimaal bedienen van de klant, het bevorderen van een gewenste werkcultuur, het verbeteren van de bedrijfsvoering en sturing en de structuur van het management. Nieuwe systematiek loonkostensubsidies We zetten de doorontwikkeling van onze werkgeversdienstverlening voort en blijven de samenwerking met de regio versterken. Loonkostensubsidies (LKS) worden ingezet om inwoners, die vallen onder de banenafspraak, te helpen aan een betaalde baan. Het inzetten van LKS is geen doel op zich. Loonkostensubsidies zetten wij in als zij passend en helpend zijn voor de inwoner en werkgever. Op 1 januari 2022 verandert de financieringssystematiek voor loonkostensubsidies. Per 2022 ontvangen wij een budget op basis van de realisatie van het jaar ervoor. De financiële gevolgen van deze wijziging zijn dus afhankelijk van onze eigen inspanningen en daarom op dit moment nog niet bekend. Diverse ontwikkelingen sociaal domein Jeugd en Wmo Juist in deze periode blijven wij investeren in de (mentale) gezondheid van onze inwoners en in het bijzonder die van onze jeugdige inwoners. De afronding in 2021 van een intensief aanbestedingstraject voor onder andere Jeugdhulp, biedt hiervoor goede mogelijkheden. De nieuwe contractpartij voor Jeugdhulp en Wmo-begeleiding gaat in 2022 aan de slag.

Hiermee gaan we de zorg en ondersteuning voor onze inwoners op een andere manier organiseren: op maat vanuit de leefwereld van de inwoner, integraal, zo normaal mogelijk en dichtbij huis. Hiermee maken we een grote stap naar voren in de transformatie van het sociaal domein in het normaliseren en demedicaliseren. Met het inrichten van sociale wijkteams dichtbij, laagdrempelig en in goede verbinding met het voorveld, verwachten we dat te doen wat nodig is om inwoners passende ondersteuning te bieden. We verwachten met deze integrale opdracht ook meer grip te krijgen op de kosten. Wij werken voorts mee aan een belangrijke ontwikkeling op het gebied van de Jeugdbescherming. Door middel van een nieuwe werkwijze voor de Jeugdbescherming, die vooruitloopt op en aansluit bij de wetswijzigingen in de

5

jeugdbeschermingsketen, verwachten we ook de kosten voor preventieve jeugdbescherming te beperken. We sturen op goede samenwerking en afspraken tussen de Jeugdbescherming en essentiële functies en de nieuwe contractpartij. Voor Jeugdhulp en de Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (MOBW) worden regiovisies ontwikkeld om de samenwerking op regionaal niveau te stimuleren. Dit gebeurt naar aanleiding van de Norm voor Opdrachtgeverschap die is vastgesteld door alle gemeenten. In de regiovisie wordt vastgelegd met welke doelen gemeenten samenwerken en hoe de governance formeel vorm krijgt. Momenteel wordt een nieuwe Jeugdwet voorbereid waarin wordt bepaald welke zeer specialistische Jeugdhulp gemeenten gezamenlijk moeten inkopen op (boven)regionaal niveau. Dit wetstraject wordt waarschijnlijk in 2021 afgerond. Ook het nieuwe woonplaatsbeginsel wordt per 1 januari 2022 ingevoerd.

Leefomgeving Nederland kent op dit moment een tekort van 285.000 woningen. Ook in Stichtse Vecht is er sprake van een tekort. Dit geldt ook voor de beschikbare werklocaties. De noodzaak om te bouwen is dan ook evident. Dit vraagt om een zorgvuldige inpassing in de bestaande ruimte. Onze leefomgeving moet nu en in de toekomst leefbaar, veilig en bereikbaar blijven. Wij werken daarom intensief samen met onze partners in de regio, stemmen onze onderlinge doelen en ambities op elkaar af en werken aan een gezamenlijk toekomstperspectief voor onze regio.

Uitvoering Woonvisie Wij voeren het uitvoeringsprogramma bij de actualisatie van de Woonvisie uit. Dit draagt bij aan een passende woningvoorraad. In regionaal verband doen wij mee aan de woondeal voor versnelling van de woningbouw. Klimaatadaptatie In 2022 nemen we maatregelen om de gevolgen van wateroverlast, droogte, hitte en overstromingen te beperken. Deze maatregelen nemen we op basis van uitgevoerde stresstesten, risicodialogen en bestaand lokaal en regionaal beleid. Het budget voor klimaatadaptatie staat vastgelegd in het in 2021 vernieuwde Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP). Met de uitvoering van klimaatadaptieve maatregelen komen we in aanmerking voor een financiële bijdrage vanuit de impulsregeling klimaatadaptatie van het Rijk.

Bereikbaarheid We werken aan nieuw mobiliteitsbeleid dat uiterlijk begin 2022 ter besluitvorming aan de raad wordt aangeboden. Indien blijkt dat aanvullend budget nodig is voor de uitvoering hiervan, wordt dit betrokken bij de Kadernota 2023. Evaluatie cameratoezicht In 2021 wordt een evaluatie uitgevoerd voor al het toezicht door openbare orde camera’s dat valt onder regie van de gemeente. Deze evaluatie geeft inzicht in de capaciteit, effectiviteit en efficiëntie van het toezicht. Indien er aanpassingen nodig zijn, realiseren we binnen de bestaande budgetten dekking voor de extra kosten. Afval In 2022 gaan wij verder met de uitvoering van omgekeerd inzamelen. We starten met de invoering hiervan in Maarssenbroek en in Kockengen. Daarnaast ronden we de werkzaamheden af in Maarssen, Oud-Zuilen, Tienhoven en het bijbehorende buitengebied. Voor wat betreft het nieuwe afvalscheidingsstation/gemeentewerf en Kansis Groen, wordt eind 2021 een voorkeurslocatie met bijbehorende kredietaanvraag voorgelegd aan de raad.

6

Gewijzigde wetgeving Gelijke en correcte behandeling van onze inwoners en organisaties is een belangrijke vereiste om onze taken als gemeente uit te kunnen voeren. Om willekeur te voorkomen zijn we gebonden aan diverse wetten en regels. Nieuwe of wijzigende wetgeving heeft effect op hoe de gemeente haar taken uitoefent. Daarnaast krijgen we regelmatig nieuwe taken en verantwoordelijkheden. Ook komende periode zien we nieuwe wetgeving tegemoet waar wij met ons beleid op inspelen.

Omgevingswet In 2022 is de Omgevingswet naar verwachting van kracht geworden. Aan de hand van zogenaamde omgevingsprogramma’s, werken wij belangrijke opgaven verder uit. Dit doen wij op basis van de Omgevingsvisie die nog in de loop van dit jaar aan uw raad ter besluitvorming wordt voorgelegd. Bovendien zetten wij de komende jaren bestemmingsplannen gefaseerd en gestandaardiseerd om in omgevingsplannen. De dienstverlening aan inwoners en ondernemers verbeteren wij werkende weg. Wet open overheid De Wet open overheid (Woo) is bedoeld om overheden transparanter te maken en moet ervoor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is. Het grote verschil tussen de Woo en de huidige Wet openbaarheid van bestuur (Wob) is de actieve openbaarmaking van overheidsinformatie. De Woo zal waarschijnlijk in 2023 in werking treden. De jaren daarna moeten steeds meer soorten overheidsinformatie actief openbaar worden gemaakt.

Aanpak Mensenhandel In 2022 moet elke gemeente een duidelijke aanpak mensenhandel hebben en moet deze geborgd zijn. De uitvoering van deze aanpak brengt mogelijk extra kosten met zich mee. De hoogte hiervan is op dit moment nog niet in beeld, omdat deze aanpak nog niet gereed is. Participatiewet In het voorjaar van 2021 is een wetsvoorstel geagendeerd bij de Tweede Kamer, die uiting geeft aan het Breed Offensief (een brede agenda). Dit wetsvoorstel betreft wijzigingen in onder andere de Participatiewet, waarmee meer mensen met een handicap aan een baan worden geholpen en aan het werk blijven. Voorbeelden hiervan zijn de vereenvoudiging van de loonkostensubsidie voor werkgevers en de harmonisering van re-integratieinstrumenten met andere gemeenten. Bij aanname van het wetsvoorstel voeren wij deze wijzigingen ook door in onze gemeentelijke uitvoering. Naar verwachting komen extra middelen beschikbaar vanuit het Rijk om deze wijzigingen door te voeren en voor het bieden van aanvullende ondersteuning aan werkgevers en werkzoekenden. De omvang van de extra middelen voor Stichtse Vecht en de datum van inwerkingtreding van de wijzigingen, zijn op dit moment nog niet bekend. Nieuwe Wet inburgering Per 1 januari 2022 is de Nieuwe Wet inburgering van kracht. Gemeenten krijgen vanaf dat moment een regierol op de uitvoering van de inburgering.

We zetten hiertoe de samenwerking met onze lokale partners voort. In U16-verband kopen we gezamenlijk het Taalonderwijs en het aanbod Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM) in. Door deze samenwerking beperken wij de kosten en verwachten wij binnen bestaande budgetten een passend aanbod mogelijk te maken. Daarnaast nemen we deel aan samenwerkingstrajecten in (sub)regionaal verband (U16 en Utrecht West) wanneer dit voordelen oplevert voor onze inburgeraars.

7

Nieuwe cao gemeenten De onderhandelingen voor een nieuwe cao zijn in volle gang. De huidige ontwikkelingen rondom flexibeler werken in de toekomst zijn onderdeel van deze onderhandelingen. Als de cao wordt vastgesteld, zal deze als autonome ontwikkeling worden opgenomen in de Programmabegroting. We houden vooralsnog rekening met een stijging van 2%.

Financiële onzekerheid Al jaren kampen gemeenten met een ontoereikende bijdrage vanuit het Rijk om alle wettelijke taken goed uit te kunnen voeren. De nood is hoog en een structureel hogere bijdrage is op korte termijn noodzakelijk om te voorkomen dat gemeentelijke tekorten de komende jaren verder oplopen. De grootste kostenstijging zien we rond de Jeugdzorg. Op dit moment zijn de stijgingen nog niet altijd in te schatten. Deze worden gaandeweg duidelijk.

Toename zorgkosten De coronamaatregelen zijn mede de oorzaak van de toenemende kosten voor de jeugdhulp en de Wmo. Hiervoor zijn drie redenen: ten eerste kunnen zorgaanbieders minder effectief zorg verlenen. Dit komt onder andere door videobellen waardoor trajecten langer duren. Ten tweede is er een toename van problematiek rondom angst, depressie en crisis. Een derde reden is dat afschalen en afronden van trajecten minder snel gebeurt, omdat hulpverleners het risico niet durven nemen om in deze tijd hun cliënten los te laten. Dit alles draagt eraan bij dat trajecten langer duren en intensievere en duurdere zorg nodig is. Wij hebben de eerste inschatting van deze kostenstijging in deze kadernota betrokken. Tekorten Jeugdhulp Alle gemeenten in Nederland hebben te maken met forste tekorten voor de Jeugdhulp, zo ook Stichtse Vecht. In opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) is onderzocht hoe groot deze tekorten zijn en wat de oorzaak is. Dit onderzoek (uitgevoerd door AEF) toont aan dat in alle gemeenten het gebruik en de kosten voor Jeugdhulp de afgelopen jaren fors zijn gestegen. In totaal hebben gemeenten een tekort van € 1,6 tot 1,8 miljard. Dit tekort wordt verklaard doordat jeugdhulptrajecten langer duren en er minder uitstroom is dan instroom.

Ook in Stichtse Vecht kunnen wij de autonome groei in de kosten van Jeugdhulp onvoldoende ombuigen met de genomen kostenbeheersingsmaatregelen. De toenemende kosten voor Jeugdhulp in Stichtse Vecht komen met name voort uit langere trajecten en minder door stijging van het aantal cliënten dat een beroep doet op Jeugdhulp. Er is sprake van toenemende complexe en zware problematiek, waarvoor duurdere zorg nodig is. Dit komt overeen met de uitkomsten van het eerdergenoemde onderzoek, waarin is aangetoond dat het jeugdhulpgebruik en de kosten voor de Jeugdhulp de afgelopen jaren met 16% zijn gestegen.

De conclusies uit dit onderzoeksrapport zijn aanleiding voor gesprekken tussen de gemeenten (VNG) en het Rijk voor een passende financiering van het Sociaal Domein. In de loop van 2021 wordt duidelijk of en hoeveel budget het Rijk extra beschikbaar stelt aan gemeenten om deze tekorten aan te pakken. Ook wordt duidelijk of landelijk aanvullende maatregelen worden genomen om het gebruik van Jeugdhulp te beperken. De keuzes worden na de formatie van het nieuwe kabinet in de Programmabegroting 2022 vastgelegd. Mogelijk leidt dit tot structureel meer budget voor het sociaal domein. Vooruitlopend ramen wij de rijksbijdrage Jeugdzorg van € 800.000 structureel. De is conform de afspraak die hierover gemaakt is met de provincie.

8

Effect woningtekort op sociaal domein Een tekort aan geschikte woningen in combinatie met dubbele vergrijzing én de wens van inwoners om langer zelfstandig te blijven wonen, leidt tot een toename van het aantal (dure) woningenaanpassingen binnen de Wmo. Dit is vaak de enige mogelijkheid om een inwoner met een beperking te compenseren. Daarom nemen de kosten voor woningaanpassingen naar verwachting toe. Het gebrek aan geschikte woningen bemoeilijkt op termijn ook de huisvesting van inwoners uit de doelgroep Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (MOBW). Khonraad Voor de huisverboden, crisismaatregelen en verkennend onderzoek sluiten wij aan bij een systeem genaamd Khonraad. Met de invoering van de Wet Verplichte ggz (WVGGZ) zijn deze kosten voor het systeem verhoogd. Voor deze kosten realiseren we dekking binnen de bestaande budgetten. Energietransitie Bestuurders van de energieregio U16 hebben in april als resultaat van een mediationtraject opnieuw het vertrouwen in elkaar uitgesproken om de Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 in gezamenlijkheid verder uit te werken. De eerder uitgesproken regionale ambitie van 1,8 terrawattuur (TWh) is daarbij ongewijzigd gebleven. De daaraan gekoppelde energietransitie-opgave voor Stichtse Vecht leidt echter wel tot extra benodigde capaciteit en middelen vanaf 2022.

Er ontstaat dan een krapte in de financiële begroting, omdat de middelen vanuit het Rijk dan eindigen. Daarnaast is nog niet bekend of gemeenten de kosten van de energietransitie en het aardgasvrij maken van woningen gecompenseerd krijgen vanuit het Rijk. Hierover lopen nog onderhandelingen tussen het Rijk, het Interprovinciaal Overleg (IPO) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Als deze kosten niet gecompenseerd worden, zijn wij genoodzaakt om hierop bij te sturen en in het uiterste geval diverse activiteiten die voorvloeien uit het Klimaatakkoord, te beëindigen. Openbare ruimte In 2022 willen wij een grote verbeterslag doorvoeren op het onderhoud van de openbare ruimte. Dit doen wij door niet langer te werken met één integrale aannemer, maar door vijf deelbestekken (groen, reiniging verhardingen, bomen, bermen- & watergangen en spelen) apart aan te besteden, zodat we volgend jaar op basis van goede bestekken het onderhoud van onze openbare ruimte en dienstverlening weer op het gewenste niveau brengen. Tot dat moment voeren wij de werkzaamheden uit op basis van overbruggingsovereenkomsten. Uitvoering hiervan blijft gebaseerd op bestaand beleid en wordt gefinancierd vanuit regulier budget.

Meerjarenonderhoudsplan (MJOP) & Vastgoedbeheer We streven naar een compacte en strategisch waardevolle vastgoedportefeuille die bijdraagt aan onze maatschappelijke beleidsdoelstellingen. Om richting te geven aan deze ambitie zijn in november 2020 de Vastgoednota 2020 en het Beheerplan gemeentelijke vastgoedbeheer 2020-2029 vastgesteld. Als onderdeel hiervan maken wij (her)ontwikkelingsplannen voor verschillende gebouwen. Voor het maken van een gedegen kosten- en batenanalyse is het noodzakelijk om de meerjarige onderhoudslasten van deze gebouwen in beeld te hebben. Deze onderhoudslasten zijn in 2020 niet inzichtelijk gemaakt. Daarnaast zijn de onderhoudslasten van enkele andere gebouwen in 2020 niet in beeld gebracht. Voor het bepalen van de meerjarige onderhoudslasten verstrekken wij eenmalig een opdracht aan een onderzoeksbureau om deze meerjarige onderhoudslasten in beeld te brengen. De financiële effecten hiervan zijn op dit moment nog niet inzichtelijk.

9

Recreatieschap Stichtse Groenlanden & Plassenschap Loosdrecht e.o. De vormgeving van de recreatietaken in de regio staat al lang ter discussie. De complexe governance van de recreatietaken en de ingewikkelde financiële structuur vormen hiervoor de aanleiding. Begin dit jaar heeft de raad een zienswijze gegeven op de richtinggevende uitspraken van de gezamenlijke besturen van het Recreatieschap en het Plassenschap over de toekomstige samenwerking van de recreatieschappen. Sinds begin 2021 wordt er vanuit deze lijn een keuze gemaakt over het toekomstperspectief van de uitvoeringsorganisatie Recreatie Midden-Nederland. Voordat er een definitief besluit kan worden genomen, dienen de juridische-, personele- en financiële consequenties hiervan uitwerkt te worden. De Provincie Utrecht organiseert dit proces in 2021. Bij Recreatie Midden-Nederland staat dit transitieproces als een PM-Post op de begroting. Dit transitieproces heeft financiële gevolgen die momenteel nog niet inzichtelijk zijn. Bijdrage aan Regionaal Historisch Centrum Vecht en Venen (RHC VV) De begroting van het Regionaal Historisch Centrum Vecht en Venen (RHC VV) moet nog door de deelnemende gemeenten vastgesteld worden. Op dit moment is nog niet bekend welke keuzes hierbij gemaakt worden.

Vooruitlopend op de definitieve begroting is nog niet in te schatten met welke financiële gevolgen we rekening moeten houden in 2022 en verder. In verband met de aangekondigde uittreding van de gemeente Weesp worden er scenario’s ontwikkeld voor de toekomstbestendigheid van het RHC. Overlast door verhuur Op 17 november 2020 is uw raad in de informatieve commissie I geïnformeerd over de problematiek “oneigenlijk gebruik van woningen“ en de wijze waarop deze problematiek verder ter hand wordt genomen. Het gaat daarbij niet alleen om overlast door verhuur maar ook over de vraag hoe we in Stichtse Vecht om willen gaan met huisvesting voor arbeidsmigranten. Uw raad is toegezegd dat ons college medio dit jaar inzicht geeft in de gewenste maatregelen en de eventuele kosten die daarmee gepaard gaan. Via de Programmabegroting zullen wij uw raad indien nodig aanvullende voorstellen doen.

10

Financieel beeld Tabel financieel beeld Ontwikkelingen

+ = voordeel / - = nadeel

Programma Bestuur 1. Bijstelling investeringsplanning 2. Informatiedragers in bruikleen bij de raad 3. Inwerkprogramma Nieuwe Raad 4. Herwaardering functies overhead 5. Verhoging inwonersbijdrage U10 6. Ruimtelijk Economisch Perspectief (REP) 7. Apparatuur facilitaire zaken 8. Belastingapplicatie BghU 9. Doorontwikkeling organisatie 10. Aanbesteding arbodienstverlening 11. Inzet stelpost prijs- en loonindexering 12. Datagestuurd werken 13. Inzet stelpost Achteruitgang Algemene uitkering 14. Herijking algemene uitkering 15. Mutaties Algemene reserve Totaal programma Bestuur Programma Veiligheid 16. Reserve Integrale Veiligheid 17. Bijdrage Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Totaal programma Veiligheid Programma Fysiek 18. Drinkwaterkwaliteit 19. Wegenbeheerplan 20. Brugbediening 21. Sportparkweg 22. Correctie Duurzaamheidsbudget 23. Gebiedsgericht Werken 24. Volkshuisvesting overig 25. Uitvoeringsbudgetten programma Fysiek Totaal programma Fysiek Programma Sociaal 26. Loon- en prijsontwikkelingen GGDrU 27. Ontwikkelingen Jeugd en Wmo 28. Structureel ramen rijksbijdrage jeugd 29. Onderhoudskosten dorpshuizen 30. Vitale Coalitie 31. Transformatie voorveld Totaal programma Sociaal Programma Samenleving 32. Peuterwerk 33. Onderwijsachterstandenbeleid (baten) 34. Onderwijsachterstandenbeleid (lasten) 35. Regionaal Bureau Leerplicht (RBL) 36. Indexatie leerlingenvervoer 37.

Indexatie SFN 38. Exploitatie kinderopvanglocaties 39. Regeling specifieke uitkering stimulering sport (SPUK) 40. Verhoging investering Kindcentrum Maarssendorp 41. Toegangsprijs zwembad ‘t Kikkerfort 42. Reserve Specifieke Uitkering Regeling Sport (SPUK) Totaal programma Samenleving

Totaal Autonome ontwikkelingen Aanvang Begrotingssaldo

Financieel meerjarenperspectief Kadernota 2022

2022

2023

2024

2025

368.989 0 -15.000 -11.485 -9.000 -20.313 15.000 -64.000 -200.000 -16.500 504.739 50.000 751.000 0 951.303 2.304.733

188.436 -13.500 0 -11.485 -9.000 0 0 -7.000 0 -16.500 504.739 0 951.000 973.965 -271.799 2.288.856

92.956 -13.500 0 -11.485 -9.000 0 0 22.000 0 -16.500 504.739 0 951.000 973.965 15.719 2.509.894

77.500 -13.500 0 -11.485 -9.000 0 0 25.000 0 -16.500 504.739 0 951.000 973.965 -37.966 2.443.753

177.249 150.000 327.249

0 0 0

0 0 0

0 0 0

-37.600 -255.067 -70.000 0 0 25.000 10.000 76.051 -251.616

-37.600 -255.067 -70.000 0 30.694 0 0 76.051 -255.922

-37.600 -255.067 -70.000 0 0 0 0 76.051 -286.616

-37.600 -315.008 -70.000 -30.744 0 0 0 76.051 -377.301

-69.000 -3.107.215 800.000 -50.000 -462.940 0 -2.889.155

-69.000 -3.107.215 800.000 -50.000 -462.940 62.000 -2.827.155

-69.000 -3.107.215 800.000 -50.000 -462.940 62.000 -2.827.155

-69.000 -3.107.215 800.000 -50.000 -462.940 62.000 -2.827.155

0 75.357 92.119 -10.059 -10.360 -8.268 50.000 150.000 0 70.000 100.000 508.789

70.000 75.357 92.119 -10.358 -10.360 -8.268 50.000 150.000 -22.000 140.000 0 526.490

70.000 75.357 92.119 -10.667 -10.360 -8.268 50.000 0 -21.905 140.000 0 376.276

70.000 75.357 92.119 -10.667 -10.360 -8.268 50.000 0 -21.810 140.000 0 376.371

0

-267.731

-227.601

-384.332

0

0

0

0

0

267.731

227.601

384.332

11

Programma Bestuur Ontwikkelingen

2022

2023

2024

2025

368.989

188.436

92.956

77.500

0

-13.500

-13.500

-13.500

Programma Bestuur 1. Bijstelling investeringsplanning 2. Informatiedragers in bruikleen bij de raad 3. Inwerkprogramma Nieuwe Raad

-15.000

0

0

0

4. Herwaardering functies overhead

-11.485

-11.485

-11.485

-11.485

5. Verhoging inwonersbijdrage U10

-9.000

-9.000

-9.000

-9.000

6. Ruimtelijk Economisch Perspectief (REP)

-20.313

0

0

0

7. Apparatuur facilitaire zaken

15.000

0

0

0

8. Belastingapplicatie BghU

-64.000

-7.000

22.000

25.000

9. Doorontwikkeling organisatie

-200.000

0

0

0

10. Aanbesteding arbodienstverlening

-16.500

-16.500

-16.500

-16.500

11. Inzet stelpost prijs- en loonindexering

504.739

504.739

504.739

504.739

12. Datagestuurd werken

50.000

0

0

0

13. Inzet stelpost Achteruitgang Algemene uitkering

751.000

951.000

951.000

951.000

14. Herijking algemene uitkering

0

973.965

973.965

973.965

15. Mutaties Algemene reserve

951.303

-271.799

15.719

-37.966

Totaal programma Bestuur

2.304.733

2.288.856

2.509.894

2.443.753

1. Bijstelling investeringsplanning Een aantal geplande investeringen blijken later op onze begroting te drukken dan we aanvankelijk raamden. Dit leidt tot een besparing. 2. Informatiedragers in bruikleen bij de raad Het college stelt informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking aan raadsleden voor de duur en uitoefening van hun functie. Dit is het gevolg van het gewijzigde ‘rechtspositiebesluit politieke ambtsdragers’. Tot 2022 werd een maandelijks bedrag toegekend aan raadsleden voor deze voorziening. Vanaf 2022 moet een voorziening in bruikleen worden verstrekt door de gemeente. De kosten hiervan worden geraamd op € 54.000. Vanaf 2023 komt dit neer op een kapitaallast van € 13.500 per jaar. 3. Inwerkprogramma Nieuwe Raad Na de gemeenteraadsverkiezingen wordt afscheid genomen van de oude raad. De nieuwe raad wordt geïnstalleerd en hen een inwerkprogramma aangeboden. Dit brengt extra kosten met zich mee. Daarnaast wordt het ontwikkelen van een stemhulp overwogen. Vierjaarlijks is hiervoor extra budget nodig. Vooralsnog worden de kosten geraamd op € 15.000. 4. Herwaardering functies overhead Er vindt jaarlijks functieonderhoud plaats, waarbij sommige functies opnieuw gewogen worden omdat de werkzaamheden niet meer passen in de generieke functiebeschrijving. Dit betreft een autonome ontwikkeling en wordt meegenomen in de Programmabegroting 2022. 5.

Verhoging inwonersbijdrage U10 De huidige inwonersbijdrage voor de U10 is € 1,10 per inwoner. Nu in 2021 het Integraal Ruimtelijk Perspectief U16 (IRP) wordt vastgesteld, is de regionale visie duidelijk. Daarna zal de fase van programmering en uitvoering ingaan. Deze volgende fasen maken dat de samenwerking nog intensiever wordt, waardoor een verhoging van de inwonersbijdrage wordt verwacht. 6. Ruimtelijk Economisch Perspectief (REP) Nadat eind 2021 de Integraal Ruimtelijk Perspectief U16 (IRP) wordt vastgesteld, gaat de fase van programmering en uitvoering in. Dat betekent dat het programmateam REP in 2022 nog flink wat werk moet verzetten. Dit wordt gedaan door de U16 procesmanagers, in samenwerking met gemeentelijke adviseurs en externe deskundigen. Naar verwachting lopen de projectkosten nog tot en met 2022 door.

12

7. Apparatuur facilitaire zaken Binnen het budget facilitaire zaken zien wij de mogelijkheid om het budget incidenteel te verlagen met € 15.000. In dit budget wordt rekening gehouden met vervanging van apparatuur. Op basis van een inspectie verwachten wij dat er in 2022 geen apparatuur vervangen hoeft te worden. 8. Belastingapplicatie BghU De Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht (BghU) mag op basis van het Besluit begroting en verantwoording (BBV) de kosten voor een nieuwe belastingapplicatie niet meer aanmerken als investering, maar moet de jaarlijkse lasten opnemen in de exploitaties. In de 2022 en 2023 resulteert dit in een hogere bijdrage voor Stichtse Vecht. Vanaf 2024 daalt deze bijdrage weer. 9. Doorontwikkeling ambtelijke organisatie De eerste fase van de doorontwikkeling van de organisatie start in de tweede helft van 2021, waar we naar een nieuwe organisatiestructuur en -cultuur gaan. Om deze organisatieverandering in de organisatie goed in te bedden, is het belangrijk om in 2022 te investeren in de medewerkers, zowel individueel als in teamverband. Zo kunnen ze meegroeien naar de eindfase van deze doorontwikkeling. 10. Aanbesteding arbodienstverlening Het contract met de huidige arbodienstverlening loopt bijna af. Voor een goede begeleiding van medewerkers en het management in het verzuim, is de arbodienstverlening opnieuw aanbesteed.

De jaarlijkse vaste kosten voor de arbodienst stijgen hiermee met € 16.500 excl. BTW op jaarbasis. 11. Inzet stelpost prijs- en loonindexering Het Centraal Planbureau (CPB) verwacht dat de loonkosten in 2022 met 1,5% zullen stijgen. Jaarlijks hebben wij hier 2% voor in de Programmabegroting voor gereserveerd. Op basis van de CPB-raming is daarmee 0,5% elders in te zetten. Dit geeft een voordeel van € 156.312. Hierbij lopen we het risico dat in de caoonderhandelingen een hogere loonindexatie vastgesteld wordt en het verschil direct bezuinigd moet worden. Jaarlijks indexeren wij onze prijsgevoelige budgetten, met uitzondering van budgetten waar afzonderlijke indexatieafspraken over zijn gemaakt. De structureel te lage rijksbijdrage noodzaakt ons tot het nemen van keuzes. Daarom passen we in 2022 geen algemene prijsindexatie toe op onze inkomsten en uitgaven. In plaats daarvan laten we de middelen die in 2022 voor prijsindexatie begroot zijn (€ 348.427) vrijvallen en zetten dit in als dekkingsmiddel. 12. Datagestuurd werken In de Programmabegroting 2021 is besloten om het databudget incidenteel met € 50.000 te verlagen. Gezien de huidige stand van zaken binnen datagestuurd werken, stellen we voor om deze aanpassing ook in 2022 door te voeren. Dit is mogelijk omdat de reeds gedane technische investeringen bestendigd worden.

Waar nodig wordt alleen op incidentele basis ingehuurd voor specialistische activiteiten. 13. Inzet stelpost Achteruitgang Algemene uitkering In de Programmabegroting hebben we voor de achteruitgang van de Algemene uitkering een stelpost opgenomen om eventuele neerwaartse bijstellingen uit circulaires te kunnen opvangen. In 2022 is de omvang van deze stelpost € 751.000 en vanaf 2023 structureel € 951.000. Wij laten de stelpost structureel vrijvallen en zetten dit in als dekkingsmiddel. Dit heeft tot gevolg dat voor toekomstige negatieve bijstellingen van het Gemeentefonds direct bezuinigd moet worden en er geen ruimte meer is in de lopende begroting. 14. Herijking Algemene uitkering De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) heeft de eerste opzet van de herijking van het Gemeentefonds vanaf 2023 voor advies voorgelegd aan de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB). Hierin is Stichtse Vecht een voordeelgemeente. Het voordeel is voorlopig geraamd op € 16 per inwoner. Het risico om te anticiperen op het voordelig uitvallen van de herijking van het Gemeentefonds vanaf 2023 is reëel. De provincie adviseert om het voorzichtigheidsprincipe aan te houden en het voordeel pas in te boeken als dit zeker is.

Wanneer we het voorlopig geraamde voordeel van de herijking toch in willen zetten raadt zij aan om dit te maximeren op € 15 per inwoner (€ 973.965), omdat het Rijk uitgaat van een ingroeipad van maximaal € 15 per inwoner per jaar voor zowel voor- als nadeelgemeenten. Wanneer het definitieve voordeel lager uitpakt dan de opgenomen € 973.965, zal hiervoor direct bezuinigd moeten worden.

13

15. Mutaties Algemene reserve Omdat het begrotingssaldo niet in elke jaar gelijk is vereffenen we dit met de Algemene reserve. Hiervoor onttrekken we in 2022 en 2024 respectievelijk € 271.799 en € 15.719 om dit in het daarop volgende jaar terug te storten. Daarnaast noodzaakt de structureel te lage rijksbijdrage ons om in 2022 incidenteel € 679.504 aan de Algemene reserve te onttrekken. Dit is in lijn met ons beleid Algemene reserve. Programma Veiligheid Ontwikkelingen

2022

2023

2024

2025

Programma Veiligheid 16. Reserve Integrale Veiligheid

177.249

0

0

0

17. Bijdrage Veiligheidsregio Utrecht (VRU)

150.000

0

0

0

Totaal programma Veiligheid

327.249

0

0

0

16. Reserve Integrale veiligheid De reserve Integrale veiligheid heeft als doel om risico’s en/of onvoorziene uitgaven op het gebied van sociale en fysieke veiligheid op te vangen. Deze risico’s zijn al in ons weerstandsvermogen opgenomen en daarom laten wij de reserve Integrale veiligheid vervallen. Eind 2021 zit € 177.249 in deze reserve. 17. Bijdrage Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Onze VRU-bijdrage daalt in 2022 met € 150.000. Het algemeen bestuur van de VRU heeft besloten om het positieve rekeningresultaat 2020 in te zetten voor het vormen van een bestemmingsreserve Openbaar meldsysteem (OMS)-fonds. Met deze reserve worden tot en met 2023 de weggevallen concessievergoedingen voor de aansluiting op de meldkamer van de regionale brandweer opgevangen. Hierdoor is onze VRU-bijdrage in 2022 verlaagd. Daarnaast zijn er in 2022 nog een aantal besparingen gerealiseerd die tevens resulteren in een lagere bijdrage in 2022. De VRU hanteert een verdelingsgrondslag voor de gemeentelijke bijdragen in het ‘basispakket’ (de zogenoemde ‘ijkpuntscores’). Deze verdelingsgrondslag is afgeleid van de bijdrage die gemeenten voor openbare orde en veiligheid ontvangen uit het Gemeentefonds. Het Rijk heeft aangegeven de verdeling van het Gemeentefonds te ‘herijken’ vanaf 2023. Het nieuwe Kabinet zal hierover nog een besluit nemen.

Naar verwachting zal hierdoor ook de door de VRU gehanteerde verdelingsgrondslag wijzigen. De in de VRU-meerjarenbegroting opgenomen gemeentelijke bijdragen zijn vanaf 2023 nog gebaseerd op de huidige verdelingsgrondslag. De VRU zal in de VRU-Kadernota 2023 de gemeentelijke bijdragen bepalen op basis van de nieuwe verdelingsgrondslag. Programma Fysiek Ontwikkelingen

2022

2023

2024

2025

18. Drinkwaterkwaliteit

-37.600

-37.600

-37.600

-37.600

19. Wegenbeheerplan

-255.067

-255.067

-255.067

-315.008

20. Brugbediening

-70.000

-70.000

-70.000

-70.000

21. Sportparkweg

0

0

0

-30.744

22. Correctie Duurzaamheidsbudget

Programma Fysiek

0

30.694

0

0

23. Gebiedsgericht Werken

25.000

0

0

0

24. Volkshuisvesting overig

10.000

0

0

0

25. Uitvoeringsbudgetten programma Fysiek

76.051

76.051

76.051

76.051

-251.616

-255.922

-286.616

-377.301

Totaal programma Fysiek

18. Drinkwaterveiligheid Op basis van wetgeving zijn wij verantwoordelijk voor het waarborgen van de drinkwaterveiligheid in gebouwen die vallen onder een prioritaire instelling of met een zorgplicht. Daarvoor is het nodig om vanaf 1 januari 2022 diverse kwaliteitscontroles uit te voeren. Deze controles laten wij uitvoeren door een geaccrediteerd onderzoeksbureau, op basis van een aanbesteding. De structurele exploitatielasten hiervan komen vanaf 2022 neer op € 37.600 incl. BTW per jaar.

14

19. Wegenbeheerplan Om het beheer en onderhoud van het gemeentelijk areaal op doelmatige en efficiënte wijze uit te voeren, werken we aan de hand van beheerplannen. Op basis van de globale visuele weginspectie van 2020 is een nieuw beheerplan wegen opgesteld. Uit de doorrekening van het nieuwe beheerplan wegen blijkt dat de budgetten op onderdelen structureel moeten worden verhoogd. Vanaf 2022 komt dit neer op € 255.067 en in 2025 loopt dit bedrag verder op. In het wegenbeheerplan is vanaf 2024 ook een bedrag opgenomen voor het herstel van de Scheendijk te Breukelen overeenkomstig de planvorming. Het betreft hier de kapitaallasten van een investering in de rehabilitatie van de weg (2.8 mln). Nadrukkelijk wordt erop gewezen dat dit een calculatie betreft voor het vervangen van de weg. De kosten voor herinrichting van de omgeving, aanleg van parkeerplaatsen en rioleringswerkzaamheden dienen nog berekend te worden. 20. Brugbediening De brugbediening voor de komende jaren moet worden aanbesteed. Na een marktverkenning is gebleken dat de marktprijzen voor het bedienen van de bruggen zo’n € 70.000 hoger ligt dan dat er op dit moment is opgenomen in de Programmabegroting. De brugbediening is een wettelijke taak en wij moeten deze uitvoeren voor zover het de gemeentelijke beweegbare bruggen betreft. 21.

Sportparkweg In verband met de realisatie van woningbouw in het gebied Zuilense Vecht, dient de Sportparkweg in Maarssen aangepast te worden. Dit draagt bij aan het behoud van een veilige leefomgeving. De Sportparkweg is in het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP) gekwalificeerd als een gebiedsontsluitingsweg en dient daarom de 50 km-status te behouden, ondanks de reeds nu bestaande wens van omwonenden de snelheid terug te brengen naar 30 km per uur. Voor het veiliger maken van de weg is een ontwerpplan gemaakt dat aansluit op OpBuuren en de nieuw te realiseren woningbouw. De kosten hiervan worden geraamd op € 973.724. Hiervan kan € 121.716, te weten het percentage meergebruik als gevolg van de te realiseren woningbouw, ten laste van de GREX van Zuilsense Vecht worden gebracht. Hierdoor blijft er een investering over van € 852.008. We nemen dit op in de Programmabegroting. Per 2024 komen de kapitaallasten van deze investering uit op € 30.744 per jaar. 22. Correctie Duurzaamheidsbudget Het huidige Collegewerkprogramma (CWP) loopt tot en met 2022. In de begroting is in 2023 een deel van het duurzaamheidsbudget (€ 30.694) per abuis blijven staan. Dit corrigeren wij in de Programmabegroting 2022. 23. Gebiedsgericht werken In de Programmabegroting 2021 is besloten om het exploitatiebudget Gebiedsgericht werken in 2021 incidenteel met € 25.000 te verlagen.

Wij stellen voor om deze correctie ook voor 2022 door te voeren en hiermee het verwachte begrotingstekort te dekken. Het exploitatiebudget Gebiedsgericht werken bestaat uit meerdere componenten, zoals het verstrekken van bijdragen voor bewonersinitiatieven, vergoedingen voor bewonerscommissies en organisatiekosten. Ook is enige ruimte voor het uitzetten van onderzoeken of voor de organisatie van specifieke bijeenkomsten. Daarop is sturing mogelijk. Daarnaast wordt niet altijd het gereserveerde budget voor de bewonersinitiatieven benut. Tegen deze achtergrond zien wij ruimte voor een eenmalige besparing van € 25.000. 24. Volkshuisvesting In de Programmabegroting 2021 is besloten om het budget Volkshuisvesting in 2021 incidenteel met € 10.000 te verlagen. Wij stellen voor om deze correctie ook voor 2022 door te voeren en hiermee het verwachte begrotingstekort te dekken. Het budget Volkshuisvesting overig kent enige ruimte om onderzoeken uit te zetten. Dit deel wordt niet ieder jaar ten volle benut. Een eenmalige besparing in 2022 van € 10.000 is verantwoord. 25. Uitvoeringsbudgetten programma Fysiek De structureel te lage rijksbijdrage noodzaakt ons tot het nemen van keuzes. Daarom zetten we structureel 3% van onze uitvoeringsbudgetten uit programma Fysiek in als dekkingsmiddel.

15

Programma Sociaal Ontwikkelingen

2022

2023

2024

2025

-69.000

-69.000

-69.000

-69.000

Programma Sociaal 26. Loon- en prijsontwikkelingen GGDrU 27. Ontwikkelingen Jeugd en Wmo

-3.107.215

-3.107.215

-3.107.215

-3.107.215

28. Structureel ramen rijksbijdrage jeugd

800.000

800.000

800.000

800.000

29. Onderhoudskosten dorpshuizen

-50.000

-50.000

-50.000

-50.000

30. Vitale Coalitie

-462.940

-462.940

-462.940

-462.940

31. Transformatie voorveld

0

62.000

62.000

62.000

Totaal programma Sociaal

-2.889.155

-2.827.155

-2.827.155

-2.827.155

26. Loon- en prijsontwikkelingen GGDrU Loon- en prijsontwikkelingen bij de GGD regio Utrecht (GGDrU) leiden tot een hogere financiële bijdrage aan de GGDrU. De kosten hiervan bedragen € 69.000 per jaar. 27 & 28. Ontwikkelingen Jeugd en Wmo De kosten voor de Jeugdhulp blijven toenemen in Stichtse Vecht. Dit is een landelijk probleem. Alle gemeenten in Nederland hebben te maken met forse tekorten, vooral voor de Jeugdhulp. Daarbij zijn door corona problemen als eenzaamheid, depressie en angstproblematiek onder inwoners toegenomen. De toenemende complexe problematiek zorgt voor langere en duurdere hulptrajecten vanuit Jeugdhulp en Wmo-begeleiding. Deze coronaontwikkelingen komen bij de wettelijke vereisten voor een reële prijsvorming en tarieven die geleid hebben tot een stevige indexatie in de huidige contracten met aanbieders voor het bieden van Jeugdhulp en Wmo-begeleiding. Naast deze ontwikkelingen vragen ook de nadelige effecten van de coronacrises op de (mentale) gezondheid van onze inwoners en in het bijzonder die van onze jeugdige inwoners dat wij juist in deze periode blijven investeren in die mentale gezondheid. Dit zorgt ervoor dat komende jaren gemiddeld circa € 3,1 miljoen –structureel extra nodig is om te voldoen aan onze wettelijke taak de benodigde zorg en ondersteuning aan inwoners te bieden.

De rijksbijdragen Jeugd van € 800.000 ramen wij om die reden structureel. De is conform de afspraak die hierover gemaakt is met de provincie. 29. Onderhoudskosten Dorpshuizen In de vastgestelde MJOP’s zijn de dorpshuizen niet opgenomen. Om de overdracht van het onderhoud dorpshuizen zoals besloten in kader van Harmonisatie Dorpshuizenbeleid uit te kunnen voeren nemen we dit mee in de Programmabegroting 2022. Op dit moment hebben we niet alle informatie voorhanden om de exacte kosten te bepalen, maar verwachten dat dit rond de € 50.000 uitkomt. 30. Vitale Coalitie Om uitvoering te geven aan het op 11 november 2020 door de gemeenteraad aangenomen amendement bij de vaststelling van de Programmabegroting 2021, hebben wij op 8 december 2020 besloten tot een gezamenlijk traject met de organisaties van de Vitale Coalitie. Medio april 2021 is een aantal scenario's opgeleverd om invulling te geven aan de besparingstaakstelling voor partijen die deel uitmaken van de Vitale Coalitie. De gevolgen van de scenario’s bij een korting van 20% vinden wij te groot; juist in deze tijd is een stevig (preventief) voorliggend veld meer dan noodzakelijk om de beweging naar voren te maken. Daarom maken we structureel € 462.940 vrij om de taakstelling met 75% terug te brengen. Met de Vitale Coalitie werken wij uit hoe de resterende 5% van de taakstelling vormgegeven wordt.

Bij de uitwerking is het optimaliseren van het maatschappelijk effect leidend en niet de evenredige verdeling van de last onder betrokken partijen. 31. Transformatie voorveld We dekken de beperking van de taakstelling op de Vitale Coalitie deels door de middelen voor de transformatie van het voorveld per 2023 in te zetten. Het optimaliseren van de maatschappelijke effecten en faciliteren van de beweging naar voren passen immers bij uitstek bij dit bestedingsdoel.

16

Programma Samenleving Ontwikkelingen

2022

2023

2024

2025

Programma Samenleving 32. Peuterwerk 33. Onderwijsachterstandenbeleid (baten)

0

70.000

70.000

70.000

75.357

75.357

75.357

75.357

34. Onderwijsachterstandenbeleid (lasten)

92.119

92.119

92.119

92.119

35. Regionaal Bureau Leerplicht (RBL)

-10.059

-10.358

-10.667

-10.667

36. Indexatie leerlingenvervoer

-10.360

-10.360

-10.360

-10.360

37. Indexatie SFN

-8.268

-8.268

-8.268

-8.268

38. Exploitatie kinderopvanglocaties

50.000

50.000

50.000

50.000

39. Regeling specifieke uitkering stimulering sport (SPUK)

150.000

150.000

0

0

40. Verhoging investering Kindcentrum Maarssendorp

0

-22.000

-21.905

-21.810

41. Toegangsprijs zwembad ‘t Kikkerfort

70.000

140.000

140.000

140.000

42. Reserve Specifieke Uitkering Regeling Sport (SPUK)

100.000

0

0

0

Totaal programma Samenleving

508.789

526.490

376.276

376.371

32 – 34. Onderwijskansen en peuterwerk (OAB en PW) De specifieke middelen vanuit het Rijk die we ontvangen voor onderwijskansen, zijn verhoogd. Hiermee zijn de budgetten voor onderwijskansen en peuterwerk toereikend en kan een deel van de eigen middelen elders worden ingezet. Voor peuterwerk is niet duidelijk of na 2022 nog middelen vanuit het Rijk beschikbaar zijn. 35. Regionaal Bureau Leerplicht (RBL) Er is een nieuw voortijdig schooluitvalprogramma (VSV) opgesteld met accentverschillen (schoolverlaters toeleiden naar werk). Voor het RBL is er een indexatie van 3,44% voor 2022. 36. Indexatie leerlingenvervoer Met ingang van het schooljaar 2018/2019 is voor de uitvoering van het taxivervoer een overeenkomst gesloten met twee vervoerders. In de afspraken is opgenomen dat jaarlijks een indexering (NEA-index) kan worden toegepast. De indexering voor 2022 is vastgesteld op 1%. De kosten hiervan zijn € 10.360 per jaar. 37. Indexatie sportfondsen In het kader van de jaarlijkse bijdrage exploitatie aan Sportfondsen, valt het bedrag in verband met jaarlijkse indexatie in 2022 € 8.268 hoger uit. 38. Exploitatie kinderopvanglocaties De opbrengsten van onze kinderopvanglocaties vallen hoger uit dan begroot. Door de Programmabegroting hierop bij te stellen, kan € 50.000 elders ingezet worden. 39.

Regeling specifieke uitkering stimulering sport (SPUK) Vanuit het Rijk ontvangen we een specifieke uitkering om sport te stimuleren. Deze regeling loopt in ieder geval tot 2023. Het bedrag dat jaarlijks toegekend wordt, hangt af van kosten die wij voor sport maken en hoeveel andere gemeenten aanvragen. Wij verwachten jaarlijks minstens € 150.000 aan SPUK-vergoeding te ontvangen. De SPUK bestaat uit geoormerkt geld, maar deze inkomsten maken het mogelijk om eigen budget vrij te spelen. 40. Verhoging investering Kindcentrum Harmonieplein De extra kosten zijn het gevolg van uitloop in planning door 1,5 jaar vertraging in de bestemmingsplanprocedure, meer gerealiseerd oppervlak en lokalen als gevolg de vorm van de kavel, vergunningseisen vanuit de provincie op het gebied van natuurinclusief bouwen en locatie specifieke voorzieningen op het gebied van geluid. We hebben rekening gehouden met een mogelijk tegenvallend aanbestedingsresultaat. De geraamde extra kapitaalslasten bedragen € 22.000 per jaar, ingaande 2023.

17

41. Toegangsprijs zwembad ‘t Kikkerfort Om zwembad ’t Kikkerfort meer kostendekkend te maken verhogen wij de toegangsprijs in 2022 met € 0,50 per kaartje. In 2023 loopt dit op tot € 1 per kaartje. Hiermee verwachten wij dat de inkomsten respectievelijk met € 70.000 en € 140.000 stijgen en voorkomen we mogelijke sluiting. 42. Reserve Specifieke Uitkering Regeling Sport (SPUK) In de reserve Specifieke Uitkering Regeling Sport (SPUK) zitten middelen die wij over 2019 hebben ontvangen ter compensatie van de gewijzigde BTW wetgeving. De definitieve afrekening van deze middelen komt nog. Wij verwachten na deze afrekening € 100.000 over te houden en laten dit vrijvallen om in te zetten als dekkingsmiddel.

18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/1530/documents/33991