CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - zienswijze - anoniem.pdf

Commissie Fysiek Domein 12 oktober 2022, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 4. 20:15: Archeologische verwachting- en beleidskaart.1.826 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

College van Burgemeester en Wethouders Postbus 1212 3600 BE Maarssen

Loenen a/d vecht, 5 juli 2022

ZIENSWIJZE ARCHEOLOGISCHE VERWACHTINGS- EN BELEIDS-KAART REF: Gemeenteblad 2022, 248048 ALGEMEEN – OMSCHRIJVING ARCHEOLOGIE1 Wanneer (en wat) is ‘archeologie’? Hoe ver moet je terug in de tijd om van ‘archeologie’ te kunnen spreken? Het antwoord is enigszins diffuus, maar zodra er sprake is van achtergelaten voorwerpen, begint archeologie. Elke gebeurtenis die een materiële weerslag in de grond achterlaat, komt dus na verloop van tijd in het domein van de archeologie terecht. En zo is de Tweede Wereldoorlog een gebeurtenis die de laatste jaren (n.b.: deze uitspraak is van goed 10 jaar geleden!) steeds meer aandacht krijgt van archeologen. Temeer daar de generatie die de oorlog zelf heeft meegemaakt, en daar uit de eerste hand over kan vertellen, langzamerhand uitsterft. Uiteraard zijn er talloze schriftelijke en fotografische bronnen overgebleven, culminerend in het magnum opus van dr. Lou de Jong: ‘het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog’. Toch vertellen zulke bronnen nooit het hele verhaal. De archeologie werkt hier ondersteunend en voegt het verhaal van achtergelaten voorwerpen en restanten van bouwwerken toe.

Dit is exact waar het hier om gaat en wat dus verloren dreigt te gaan…..! INHOUDELIJKE OPMERKING OVER HUIDIGE ARCHEOLOGIE-PLANNEN STICHTSE VECHT Met inachtneming van bovenstaande heb ik de volgende inhoudelijke opmerkingen omtrent het limiteren van de archeologische waarde- en beleids-kaarten tot 1850: a) Voor de goede orde, ik ben bovenmatig geïnteresseerd in historie en speciaal de militaire historie rond WO-II. Daarnaast is het in dit verband belangrijk te weten dat ik tot voorkort ‘vrijwillig fortengids’ was bij Natuurmonumenten, waaronder de verscheidene forten in de regio vallen, zoals Waver-Amstel, Abcoude, Nigtevecht, Kijkuit (Kortenhoef) en Nieuwersluis. Ik heb op al deze forten en de directe omgeving namens Natuurmonumenten rondleidingen verzorgd. b) Met een aantal instanties ben ik daarnaast betrokken bij een toevallig ontdekte Luftwaffe (Duitse luchtmacht) toren die bij Loenen aan de Vecht heeft gestaan, op het nieuwe uitbreidingsterrein van de Golf Club. Nader onderzoek heeft tot de conclusie geleid dat het bestaan van deze toren geheel in de vergetelheid is weggezakt en er niets (meer) over op schrift staat. De enige link is dat er op RAF luchtfoto's uit die tijd toevallig de toren, vooral ook het silhouet (de schaduw op de grond) ervan, met moeite zichtbaar zijn.

Foto's die op verschillende tijden op verschillende dagen genomen zijn bevestigen het bestaan van de toren: de schaduwen komen overeen met de zons-hoogte en richting. 1

Vrij naar Anton Cruysheer in NAERDINCKLANT (2013-3): cursus ‘Gooiologie’, een leergang over de natuurlijke en cultuur-historie van onze fraaie omgeving.

c) Lezende het bij de kaart gevoegde rapport is de conclusie dat de gemeente TEGEN HET ADVIES VAN DESKUNDIGEN IN, besloten heeft alles van ná 1850 niet als historisch waardevol te kenmerken. Dit betekent dat b.v. de locatie van de Luftwaffe toren (en wat daarbij is geconstrueerd - er zijn 4 grond-verstoringen rond de toren zichtbaar) nooit meer vastgesteld kan worden. d) Daarnaast is deze handelswijze tegenstrijdig met het UNESCO gebied en dus in strijd met de doelstellingen van het aangewezen Hollandse Waterlinies gebied; de forten en ondersteunende werken zijn grotendeels van ná 1850... e) Dit geldt echter niet alleen voor deze toren, maar wat te denken van crash-locaties van geallieerde en Duitse vliegtuigen (waarvan we er verscheidene hebben binnen de gemeente)? In dit verband is het goed te weten dat er alleen al op het Nederlandse grondgebied in de 5 oorlogsjaren ruim 6000 vliegtuigen (zes-duizend...) zijn neer-gestort c.q. -geschoten of anderszins verongelukt.2 f) Zo zijn er nog wel meer punten: 1) restanten van bomkraters: er zijn op grondhoogte kaarten binnen de gemeente een aantal bomkrater-restanten zichtbaar. Uiteraard moet je weten waar te zoeken, maar die locaties kunnen ook nu nog vaak d.m.v. minieme hoogteverschillen worden vastgesteld.

Noord van de Loenerslootse brug over het ARK bevindt zich een site waar een rijtje bommen (in dit geval 6 op een rij) is gevallen die eigenlijk bedoeld waren voor Schiphol. Deze locatie is aan weinigen bekend…... 2) restanten van verdedigingsstelsels, loopgraven, schuttersputten, nooddijken, etc. die aan het einde van de oorlog veelvuldig gegraven c.q. opgeworpen zijn in deze regio. De Duitsers hebben gepoogd ons woongebied in staat van verdediging te brengen. Gelukkig was het niet nodig en kwam de capitulatie op 5 mei net op tijd. Hier is een rechtstreekse link te leggen met de overbekende Duitse gijzeling van notabelen uit onze omgeving (Weesp, Vinkenveen, Breukelen, Loenen, Abcoude, etc.) op kasteel Loenersloot van eind april tot begin mei 1945. Deze gegijzelden werden door de 2

Een quote van de Raad voor Cultuur (de internet link is bijgevoegd onder P.S.-1, onderaan deze zienswijze): In de Nederlandse (water)bodem bevinden zich sporen van zeer uiteenlopende perioden: van nederzettingen en begraafplaatsen uit de prehistorie tot wegen en villa’s uit de Romeinse tijd, religieuze plaatsen uit de Middeleeuwen, scheepswrakken uit later eeuwen en vliegtuigwrakken uit de Tweede Wereldoorlog. De bestudering van deze overblijfselen – archeologie – maakt het mogelijk om meer inzicht te krijgen in de geschiedenis van Nederland en de manier waarop vroeger werd geleefd. Archeologie heeft een publiek belang: het verhaal over het verleden wordt opgetekend voor ons allemaal. Het is een noodzakelijk middel om de eigen omgeving en de wereld om ons heen beter te begrijpen en daarmee een verbinding aan te kunnen gaan. Archeologie verbindt eerdere eeuwen met het nu, en toont ons dat vraagstukken die in de huidige samenleving spelen in het verleden al voorbijkwamen. In de bodem zijn bijvoorbeeld oplossingen gevonden voor waterbeheersing en klimaatadaptatie. Het vakgebied van de archeoloog is daarmee gerelateerd aan maatschappelijke thema’s en vraagstukken. Deze thema’s brengen grote ruimtelijke transformaties teweeg die zelf weer gevolgen hebben voor de praktijk van de archeologie.

Duitsers achter de hand gehouden om druk uit te kunnen oefenen op de bevolking om mensen te leveren voor graafwerkzaamheden. Dit betrof voor 4 toenmalige gemeenten bijna 1,000 man aan gravers, ter aanvulling op de door de Duitsers aangevoerde gravers (waaronder Oost Europese dwangsoldaten). Deze dienden gedurende de dag 9,5 uur stellingen te graven voor de Duitsers ter verdediging van het gebied tegen de geallieerden, die vanuit het oosten in aantocht waren. Deze zijn zo laat in de oorlog aangelegd dat daar weinig rapportage meer van is; 3) restanten van bombardementen en beschietingen (die nog gevaarlijk kunnen zijn ook). Ik heb (ter voorbeeld) inmiddels ruim 90 (!) luchtaanvallen op onze gemeente gedocumenteerd. Er is dus wel degelijk veel gebeurd, waarvan heel veel niet meer te achterhalen is. Ter verdere duiding, buiten de historische betekenis schuilt het gevaar in blindgangers: er hebben bijvoorbeeld verscheidene bombardementen op de Loenerslootse brug over het ARK plaats gevonden. Van één is vastgesteld dat er 6 bommen van 1000 pond zoek zijn (daar zijn geen sporen van). Er zijn er 20 afgeworpen op 28 januari 1945. Veertien ervan zijn te lokaliseren, één daarvan was n.b. een blindganger, die in 2014 pas is verwijderd uit de weilanden achter mijn huis. Daarbuiten zijn er meerdere bombardementen op die brug geweest, o.a.

ook door Spitfires, die weer 500 en 250 ponds bommen gebruikten. Ook daarvan zijn er een aantal niet traceerbaar. Wat beschietingen betreft; er is heel veel vanuit vliegtuigen met boordgeschut aangevallen. Boordgeschut bestond uit mitrailleurs maar ook kanonnen met 20 mm granaten die ook met springstof geladen waren. Ervaringsgetallen zijn dat 10% tot 20% van de afgeworpen en/of afgeschoten munitie niet ontplofte en dus blindganger werd…. g) Enkele specifieke voorbeelden (dit is verre van compleet): 1. Een ‘d)’ locatie is b.v. de VIS mitrailleur kazemat net oost van Vreeland en de personeel-schuillocatie daar vlak bij, die weer als ondersteuning diende voor Fort Kijkuit (uitbrengen ‘flankerend vuur’ tezamen met de VIS kazemat bij Nederhorst den Berg) en de support faciliteiten (zoals de specifiek naar de ‘veilige kant’ openende bruggen een andere blokkade elementen) staan allen op ‘WA6 Geen toegekende bescherming’ terrein zonder enige bescherming! Nota-bene, dit alles behoort direct tot het UNESCO waterlinies gebied en zou dus beschermd moeten zijn! 2. Een bovengenoemde f)1) locatie bevindt zich zuiver toevallig (niet WW-II gerelateerd) op het ‘WA4 Middelhoge tot hoge verwachting: stroomgordels en crevasses’ gebied. 3. Een voorbeeld van een ‘e)’ locatie betreft een op 1 januari 1945 (n.b.

door eigen luchtdoelgeschut) neergeschoten Duitse jachtbommenwerper is gelokaliseerd in een ‘WA5 Lage verwachting/informatiewaarde’ gebied. 4. Fort Nieuwersluis valt onder ‘WA2 Hoge verwachting: Vechtzone, boerderijlinten en Pleistocene opduikingen’ gebied conform de beleidskaart… 5. Etc. etc.! h) Als amateur historicus heb ik grote moeite met deze gemeentelijke stellingname en maak mij ernstig zorgen over het behoud of in ieder geval de mogelijkheid tot het in kaart brengen van deze locaties voor wat betreft (recente) conflict archeologie.

i) Feitelijk is de eindconclusie dat alles van na 1850 niet meer onderzocht gaat worden en/of het risico loopt botweg vergraven te worden: het is immers onbekend en (blijkbaar) onbelangrijk welke historische zaken daar in de grond zouden kunnen zitten. Een projectontwikkelaar zal verder geen actie ondernemen op onverwachte vondsten omdat dit hem vertraging en extra kosten op gaat leveren. j) Dan hebben we het nog niet eens over een mogelijke gevaarzetting veroorzaakt door blindgangers. De eind conclusie is dat: 1) er na 1850, volgens dit College, dus geen historische ontwikkeling meer plaats lijkt te vinden c.q. deze ontwikkeling niet langer getraceerd kan c.q. mag worden en, 2) UNESCO gebied Hollandse Waterlinies en specifiek ontwikkelingen daaraan niet meer onderzocht gaan/kunnen/mogen worden. Ter indicatie: veel forten (waaronder die ‘stelling van Amsterdam’ en de ‘Nieuwe Hollandse Waterlinie’) zijn van 1910-1914, bij Vreeland staat een ondersteunende VIS kazemat uit de jaren 1920/1930, fort KIJKUIT heeft een gepantserde geschuts- en mitrailleur kazemat uit 1937, ondersteunende werken zoals inundatie sluizen van na WO-I en zelfs gedurende en ná WO-II (zoals bij Nigtevecht) kunnen mogelijke geheimen niet meer prijsgeven, etc. etc. Kort en goed: een onzinnig en zorgelijk idee waar stelling tegen genomen moet worden. Vandaar deze zienswijze.

Ik verzoek de gemeente haar standpunt m.b.t. archeologisch waardevolle locaties en gebieden serieus te herzien om te voorkomen dat er relevante gegevens uit de periode na 1850 definitief verloren gaan. FEITELIJKE OPMERKINGEN: Blz: Opmerking 11 kaarten figuur 3.1 zijn omgewisseld: links is Loenen en rechts is Breukelen; 13 3.3.1 item 2 - Pastorie Slootdijk ligt niet in Loenersloot maar in het buurtschap Kerklaan te Loenen a/d Vecht 18 bovenaan de bladzijde wordt in het 'kader' van 4.2.1 verwezen naar paragraaf 4.3. Deze is niet aanwezig...! Met vriendelijke groeten, ing. Hendrik Land Kerklaan 34 3632 AL Loenen aan de Vecht P.S.-1: zie voor additionele externe onderbouwing: https://www.binnenlandsbestuur.nl/ruimte-en-milieu/gemeenten-struikelen-voortmet-archeologie https://www.raadvoorcultuur.nl/documenten/adviezen/2022/02/10/archeologie-bijde-tijd P.S.-2: indien nodig zullen ook Provincie Utrecht en UNESCO benaderd worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/1996/documents/43010