CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 8 Voortoets stikstofdepositie.pdf

Commissie Fysiek Domein 16 september 2025, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 5: Adviesrecht raad Project Staatsliedenbuurt9.144 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen Voortoets stikstof - gemeente Stichtse Vecht

COLOFON Gegevens over het plan: Plannaam:

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Datum:

28 maart 2025

Projectnummer Buro SRO:

23.30.04

Opdrachtgever:

Trebbe MiddenWest B.V.

Gegevens Buro SRO: Projectleider Buro SRO:

Luuk Arends

Bezoekadres vestiging Arnhem:

Sweerts de Landasstraat 50, 6814 DG te Arnhem

Telefoon:

026 - 35 23 125

E-mail:

arnhem@buro-sro.nl

Internet:

www.buro-sro.nl

2

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1

Inleiding

5

1.1

Doelstelling onderzoek

5

1.2

Projectbeschrijving

6

1.3

Maatgevende Natura 2000-gebied(en)

8

Hoofdstuk 2

Wettelijk kader

9

2.1

Landelijke wet- en regelgeving

9

2.2

Voortoets

9

2.3

Passende beoordeling

10

Hoofdstuk 3

Berekeningssystematiek

12

3.1

Gebruikt rekenmodel

12

3.2

Input rekenmodel

12

Hoofdstuk 4

Resultaten berekening

17

4.1

Gebruiksfase

17

4.2

Aanlegfase

18

Hoofdstuk 5

Beoordeling significante effecten

21

5.2

Analyse stikstofdepositie

22

5.3

Lg05 Grote-zeggenmoeras

23

Hoofdstuk 6

Conclusies

26

Bijlagen

28 NOx emissie als gevolg van gasverbruik

29

Toelichting uitgangspunten aanlegfase

30

Toelichting verkeersbewegingen

32

AERIUS-berekening gebruiksfase

33

AERIUS-berekening aanlegfase

34

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

3

4

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Doelstelling onderzoek

Als onderdeel van de herontwikkeling van de staatsliedenbuurt in Maarssen worden er 3 flats gebouwd met elk 42 appartementen. De 3 bestaande flats met elk 24 appartementen worden gesloopt. Doel van dit onderzoek is toetsing van mogelijke (negatieve) effecten door stikstofemissie op Natura 2000-gebieden, als gevolg van de activiteiten die de wijziging omgevingsplan mogelijk maakt. Een en ander in overeenstemming met Omgevingswet Artikel 5.18 en het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) Artikel 11.6 (specifieke zorgplicht). Ten behoeve van een voortoets in het kader van Bal, Artikel 11.6, lid 2 onder a en b, is de toekomstige gewenste situatie gemodelleerd op basis van de aangeleverde gegevens door de opdrachtgever, ervaringscijfers en kengetallen. De depositie is op de omliggende Natura 2000gebieden berekend en getoetst of de activiteiten (mogelijke) significant negatieve effecten veroorzaakt op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden.

Voorliggende rapportage geeft een overzicht van de gehanteerde uitgangspunten en rekenmethodiek, de berekende resultaten en de conclusie.

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

5

1.2

Projectbeschrijving

De voorgenomen activiteiten bevinden zich aan de Europalaan te Maarssen. Onderstaande afbeelding toont de locatie (rood omlijnd) in de omgeving.

Afbeelding ligging plangebied (bron kaart: OpenStreetMap)

6

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Als onderdeel van de herontwikkeling van de staatsliedenbuurt in Maarssen worden er 3 flats gebouwd met elk 42 appartementen. De 3 bestaande flats met elk 24 appartementen worden gesloopt. Ook worden er extra parkeerplaatsen aangelegd.

Verbeelding voorgenomen ontwikkeling

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

7

1.3

Maatgevende Natura 2000-gebied(en)

Voor het uitvoeren van de stikstofdepositieberekening moet rekening gehouden worden met Natura 2000-gebieden. AERIUS toetst automatisch aan alle Natura 2000-gebieden in Nederland en aan nabijgelegen buitenlandse Natura 2000-gebieden. Het meest nabijgelegen en maatgevende Natura 2000-gebied voor dit project is Oostelijke Vechtplassen. Dit ligt op een afstand van ca. 900m van het project. Op de afbeelding hieronder zijn de locatie van de activiteiten en het betreffende Natura 2000-gebied weergegeven.

Locatie activiteiten in relatie tot de maatgevende Natura 2000-gebied (Bron kaart: Aerius)

8

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Hoofdstuk 2 2.1

Wettelijk kader

Landelijke wet- en regelgeving

In het kader van de toets aan de Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) Artikel 11.6 wordt bepaald of een project of plan (mogelijke) significant negatieve effecten veroorzaakt op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden.

2.2

Voortoets

Voor plannen en projecten dient middels een voortoets, eventueel gevolgd door een passende beoordeling, getoetst te worden of de activiteiten mogelijk significant negatieve effecten kunnen hebben op gevoelige habitattypen die gelegen zijn binnen omliggende Natura 2000-gebieden. De significantie van de gevolgen voor een gebied als gevolg van activiteiten wordt afgezet tegen de instandhoudingsdoelstellingen en herstelmaatregelen van een Natura 2000-gebied. De instandhoudingsdoelstellingen zijn neergelegd in het aanwijzingsbesluit en zijn uitgewerkt in het beheerplan voor dat gebied. Wanneer activiteiten gevolgen hebben voor het gebied, maar de instandhoudingsdoelstellingen daarvan niet in gevaar brengt, zijn significante gevolgen uitgesloten. De herstelmaatregelen staan in de verordening natuurherstel (deze wet is formeel aangenomen door de Europese Raad op 17 juni 2024) en in art. 1.3 van de Omgevingswet. Bij de voortoets wordt bekeken of de activiteiten die een wijziging omgevingsplan of omgevingsvergunning afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben. In hoeverre stikstofdepositie voor significante gevolgen op Natura 2000gebieden kan zorgen, wordt in eerste instantie bepaald door te bezien of de activiteiten die het plan of project mogelijk maakt tot een toename van stikstofdepositie leiden.

Hierbij mag geen vergelijking worden gemaakt met het bestaande gebruik (referentiesituatie) binnen het project zelf (intern salderen) en mag niet met het stoppen van een stikstof uitstotende activiteit elders worden gecompenseerd (extern salderen).

Uit de voortoets kan blijken dat het plan of project geen toename van stikstofdepositie veroorzaakt. Daarbij gaat het er specifiek om dat er geen toename van stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/j optreedt op stikstofgevoelige delen van Natura 2000-gebieden waarvan de Kritische Depositie Waarde (KDW) wordt overschreden of bijna wordt overschreden (achtergrondwaarde 70 mol/ha/j onder de KDW). In dat geval zijn significante gevolgen met zekerheid uit te sluiten en hoeft geen passende beoordeling te worden opgesteld.

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

9

In het geval uit de voortoets blijkt dat: •

de activiteiten wel kunnen leiden tot een toename van stikstofdepositie groter dan 0,00 mol/ha/j op één of meer in het kader van Natura 2000 beschermde stikstofgevoelige gebieden;

•

van deze stikstofgevoelige gebieden de KDW al wordt overschreden of door de toename van de stikstofdepositie kan worden overschreden;

dan dient een volgende stap gezet te worden. Op dat moment wordt door middel van een ecologische voortoets onderzocht of ecologische significante effecten uitgesloten kunnen worden. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om kleine deposities en/of deposities voor een korte tijd. Mocht dat laatste ook niet het geval zijn dan is een passende beoordeling en in geval van een project een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit noodzakelijk.

Bij het opstellen van de voortoets wordt gebruik gemaakt van de meest recente versie van Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator en Handreiking Voortoets Stikstof.

2.3

Passende beoordeling

Wanneer een plan of project significante negatieve gevolgen kan hebben, moet het bestuursorgaan ingevolge de Omgevingswet een passende beoordeling opstellen vóórdat het plan kan worden vastgesteld. Deze passende beoordeling, zoals bedoeld in artikel 8.74b van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) moet de zekerheid geven dat de natuurlijke kenmerken van het betreffende gebied niet worden aangetast. De wijziging omgevingsplan of de omgevingsvergunning zal rekening moeten houden met de in het aanwijzingsbesluit voor het betrokken gebied vastgestelde instandhoudingsdoelstellingen en de wijze waarop deze zijn uitgewerkt in het voor het gebied vastgestelde beheerplan. Als het bevoegd gezag (in veel gevallen Provinciale Staten) op grond van de passende beoordeling niet de vereiste zekerheid heeft verkregen dat een plan of project de natuurlijke kenmerken niet zal aantasten, kan het plan of project in beginsel niet worden vastgesteld. Dat is alleen anders als er geen alternatieve oplossingen beschikbaar zijn, sprake is van dwingende redenen van openbaar belang en compenserende maatregelen worden getroffen, dan kan een plan of project toch worden vastgesteld.

Salderen In een passende beoordeling mag in de stikstofdepositieberekening een vergelijking worden gemaakt met het bestaande gebruik (referentiesituatie) binnen het project zelf (intern salderen) en mag met het stoppen van een stikstof uitstotende activiteit elders worden gecompenseerd (extern salderen). Om te bepalen wat de referentiesituatie is waarmee intern mag worden gesaldeerd, is het in eerste instantie van belang de referentiedatum te bepalen. Dit betreft de datum van het definitieve aanwijzingsbesluit van het desbetreffende Natura 2000-gebied of diens voorganger Vogelrichtlijngebied of Habitatrichtlijngebied. Vervolgens is het voor de referentiesituatie bepalend welke ruimtelijke procedure gevolgd wordt: is er sprake van een plan of een project?

10

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Bij een berekening in het kader van een wijziging omgevingsplan (een plan) is de feitelijke en planologisch legale situatie ten tijde van de vaststelling van de wijziging omgevingsplan de referentiesituatie.

In het geval van een vergunningsprocedure (een project) is een geldige natuurvergunning of natuurtoestemming de referentiesituatie. Als er geen natuurvergunning of natuurtoestemming is, is de milieuvergunning of milieumelding, die gold op de referentiedatum bepalend voor de referentiesituatie. Daarbij mag alleen worden uitgegaan van de gevolgen van activiteiten die zijn vergund én feitelijk aanwezig zijn. Als na de referentiedatum een milieutoestemming is verleend, die minder stikstofuitstoot mogelijk maakt dan de vergunning die gold op de referentiedatum, bepaalt dat de referentiesituatie. Is er ook geen milieumelding of milieuvergunning, dan geldt de activiteit die op de referentiedatum was toegestaan en sindsdien onafgebroken aanwezig is geweest als referentiesituatie.

Met de passende beoordeling kan, in het geval van een project, een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit worden aangevraagd.

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

11

Hoofdstuk 3 3.1

Berekeningssystematiek

Gebruikt rekenmodel

In deze voortoets is gerekend met de AERIUS Calculator. De rekenkern van AERIUS wordt gevormd door het Operationeel Prioritaire Stoffen model (OPS) van het RIVM. Dit model berekent de verspreiding van stikstof door de lucht en de depositie. OPS houdt daarbij rekening met verschillende factoren die de verspreiding en depositie van stikstof beïnvloeden, bijvoorbeeld de windrichting en kracht, de ruwheid van het terrein en de hoogte van de vegetatie. Voor wegverkeer wordt gebruikt gemaakt van Standaard Rekenmethode 2 (SRM2). Daarmee sluit AERIUS aan op de modellering CIMLK dat wordt gebruikt in het kader van het Nationaal Samenwerkingsverband Luchtkwaliteit.

3.2

Input rekenmodel

Belangrijk voor elk rekenmodel is de kwaliteit van de input. In deze paragraaf worden voor elk onderdeel de bijbehorende uitgangspunten beschreven en onderbouwd. 3.2.1

Toekomstig gebruik

Verkeersbewegingen Met betrekking tot het beoogde plan is het van belang te kijken naar de verwachte toename van het aantal verkeersbewegingen.

Voor het bepalen van de verkeersbewegingen in de toekomstige situatie is uitgegaan van 3 verkeersbewegingen van licht verkeer per woning per dag. Dit is het maximale kengetal dat CROW geeft voor een sociale huur appartement kleiner dan 75m2, gelegen in een sterk stedelijk gebied, rest bebouwde kom

Het plan gaat uit van 126 appartementen waardoor het aantal verkeersbewegingen in de toekomstige situatie circa 378 per etmaal zal bedragen waarvan de helft aankomend en de andere helft vertrekkend verkeer is. Deze verkeersbewegingen bestaan enkel uit licht verkeer.

Zie Bijlage 3 voor een toelichting op de definities van licht, middelzwaar en zwaar verkeer.

Verkeersbewegingen worden in AERIUS als lijnbronnen weergegeven. Deze lijnbronnen worden ingetekend van de flats tot het punt waar de verkeersbewegingen opgaan in het algemene verkeersbeeld.

12

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Om die reden is het verkeer opgegaan in het algemene verkeersbeeld op de Europalaan vanaf het punt waar het verkeer op snelheid is gekomen. Voor de lengte van de segmenten op de weg waar het verkeer opgaat in het algemene verkeersbeeld wordt gebruik gemaakt van de volgende vuistregel die door meerdere provincies wordt gehanteerd: •

Binnen de bebouwde kom: 50 meter voor personenauto’s en 150 m voor vrachtverkeer.

•

Buiten de bebouwde kom: 80 meter voor personenauto’s en 250 m voor vrachtverkeer.

Koude start Vanaf de projectlocatie vertrekkend verkeer heeft als extra emissiebron de “koude start”. Indien een voertuig 2 uur of langer stil heeft gestaan en vervolgens gestart wordt, is er sprake van emissies door koude start. De koude start wordt in de AERIUS Calculator ingevoerd als aparte bron. Er wordt van uitgegaan dat 60% van het vertrekkend licht verkeer een koude start maakt. De overige 40% van de lichte voertuigen staat niet langer dan 2 uur stil op de locatie en maakt daarmee geen koude start. Hieronder vallen bijvoorbeeld pakketbezorgers, maar ook zullen bewoners regelmatig na aankomst weer snel vertrekken.

Het aantal voertuigen per etmaal dat een koude start maakt bij het toekomstig gebruik is: Aantal voertuigen per etmaal

Voertuig categorie

113,4

licht verkeer

Aantal voertuigen per etmaal dat koude start maakt.

De gemodelleerde verspreiding van het verkeer tijdens het toekomstig gebruik is weergegeven in paragraaf 4.2.

Overige bronnen De woningen worden gasloos uitgevoerd. Daarmee is er geen sprake van een verbrandingsinstallatie in het huis. Mogelijke stikstofuitstoot door de toekomstige woningen en bijgebouwen is kleinschalig en incidenteel en daardoor niet modelleerbaar. 3.2.2

Aanlegfase

Naast het toekomstig gebruik is ook de stikstofuitstoot tijdens de aanlegfase van het plan of project van belang. Bij de realisatie van de appartementen zijn gedurende korte tijd werktuigen en machines van de bouwer in het plangebied aanwezig. Ook de verkeersbewegingen van de werklieden van en naar de bouwplaats geven een korte toename van stikstof emissie. Van een deel van de machines (handgereedschap, snelbouwkranen, liften) wordt ervan uit gegaan dat deze elektrisch zijn en dus geen stikstofuitstoot veroorzaken. Voor de daadwerkelijke aanleg is nog geen bestek gemaakt. Daarom is er op basis van vergelijkbare projecten en ervaringen elders een zo goed mogelijke raming gemaakt van de activiteiten die zorgen voor stikstofuitstoot tijdens de aanlegfase. In deze berekening is ervan uitgegaan dat de aanlegfase van het project maximaal 2 jaar duurt.

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

13

Verkeersbewegingen Tijdens de aanlegfase zal er sprake zijn van verkeersbewegingen door de werklieden. Bij de gemaakte inschatting van het aantal verkeersbewegingen van licht verkeer is er rekening mee gehouden dat werklieden met werkbusjes arriveren, waarbij er meerdere werklieden in één werkbus zitten. Daarnaast zorgen de aan- en afvoer van materiaal en de mobiele werktuigen voor verkeersbewegingen door middelzwaar en zwaar vrachtverkeer.

De schatting van de verkeersbewegingen voor de verschillende onderdelen van de aanlegfase is te zien in volgende tabel. Werkzaamheden

Aantal verkeersbewegingen per jaar Licht verkeer

Middelzwaar

Zwaar verkeer

verkeer Bouw appartementen

3306

302

114

Sloop bestaande appartementen

164

180

18

Tabel: verkeersbewegingen

Zie Bijlage 3 voor een toelichting op de definities van licht, middelzwaar en zwaar verkeer.

Verkeersbewegingen worden in AERIUS als lijnbronnen weergegeven. Deze lijnbronnen worden ingetekend van de locatie van de werkzaamheden tot het punt waar de verkeersbewegingen opgaan in het algemene verkeersbeeld. Het bouw verkeer bereikt het plangebied vooral via de Plesmanlaan. Om die reden is het verkeer opgegaan in het algemene verkeersbeeld op de Plesmanlaan vanaf het punt waar het verkeer op snelheid is gekomen. Voor de lengte van de segmenten op de weg waar het verkeer opgaat in het algemene verkeersbeeld wordt gebruik gemaakt van de volgende vuistregel die door meerdere provincies wordt gehanteerd: •

Binnen de bebouwde kom: 50 meter voor personenauto’s en 150 m voor vrachtverkeer.

•

Buiten de bebouwde kom: 80 meter voor personenauto’s en 250 m voor vrachtverkeer.

Koude start Vanaf de projectlocatie vertrekkend bouwverkeer heeft als extra emissiebron de “koude start”. Indien een voertuig 2 uur of langer stil heeft gestaan en vervolgens gestart wordt, is er sprake van emissies door koude start. De koude start wordt in de AERIUS Calculator ingevoerd als aparte bron.

14

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Voor licht verkeer wordt ervan uitgegaan dat 80% van het vertrekkend verkeer een koude start maakt. De meeste werklieden zijn langer dan 2 uur achter elkaar op de bouwplaats aanwezig. De overige 20% van de lichte voertuigen is niet langer dan 2 uur op de werkplaats en maakt daarmee geen koude start. Dit zijn bijvoorbeeld opzichters. Voor middelzwaar en zwaar verkeer wordt ervan uitgegaan dat 20% van het vertrekkend verkeer een koude start maakt. Hieronder vallen vrachtwagens die langer dan 2 uur op de werkplaats stil staan. De overige 80% van de middelzware en zware voertuigen is niet langer dan 2 uur op de werkplaats. Dit zijn voornamelijk vrachtwagens die binnen 2 uur laden en lossen. Voor mobiele werktuigen is conform de Handleiding koude start1 geen koude start gemodelleerd.

Het aantal voertuigen per jaar dat een koude start maakt in de aanlegfase is: Aantal voertuigen per jaar

Voertuig categorie

1390

licht verkeer

48

middelzwaar verkeer

14

zwaar verkeer

Aantal voertuigen per jaar dat koude start maakt.

Zie Bijlage 3 voor een toelichting op de definities van licht, middelzwaar en zwaar verkeer.

Mobiele werktuigen Er zijn mobiele werktuigen nodig voor het realiseren van de appartementen

Voor het invoeren van de mobiele werktuigen worden bepaalde uitgangspunten gehanteerd ten aanzien van de STAGE klasse, het vermogen en aantal draaiuren. In Bijlage 2 is aangegeven hoe de emissie NOx en NH3 van mobiele werktuigen is bepaald. Navolgende tabel toont de inschatting van de inzet van werktuigen en de bijbehorende uitstoot NOx en NH3. De draaiuren betreft het totaal van belaste en stationaire draaiuren.

1 Expertiseteam Stikstof en Natura 2000 (2024), Handreiking koude Start

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

15

Inzet werktuigen appartementen Werktuig

Aantal Vermogen uur [kW] totaal

Stage klasse

Aantal uur per jaar

Uitstoot NOx [kg/jr]

Uitstoot NH3 [kg/jr]

Shovel

IV

250

48

24

2,04

0,13

Torenkraan

IV

65

780

390

8,62

0,53

Heimachine

IV

300

48

24

2,45

0,15

Graafmachine

IV

100

348

174

5,92

0,37

Betonpomp

IV

300

78

39

3,98

0,25

Totaal per jaar

23,00

1,42

Aantal uur per jaar

Uitstoot NOx [kg/jr]

Uitstoot NH3 [kg/jr]

165 90 60

5,61 6,12 5,10

0,35 0,38 0,32

Totaal per jaar

16,83

1,04

Uitstoot NOx [kg/jr]

Uitstoot NH3 [kg/jr]

Inzet werktuigen sloop appartementen Werktuig

Aantal Vermogen uur [kW] totaal

Stage klasse

Sloopkraan Sloopkraan Shovel

IV IV IV

100 200 250

330 180 129

Inzet werktuigen aanleg parkeerplaatsen Werktuig

Aantal Vermogen uur [kW] totaal

Stage klasse

Aantal uur per jaar

Laadschop

IV

60

12

6

0,12

0,01

Ruw terrein heftruck

IV

60

36

18

0,37

0,02

trilplaat/stamper

IV

60

12

6

0,12

0,01

Totaal per jaar

0,61

0,04

De uitstoot van de mobiele werktuigen wordt in AERIUS als een vlakbron ingetekend, op de locatie van de werkzaamheden. De overige machines zoals vrachtwagens voor de aan- en afvoer van materieel vallen onder de verkeersbewegingen. Het stationair draaien van vrachtwagens tijdens het laden en lossen is als aparte bron gemodelleerd. Voor verdere toelichting op stationair draaien zie Bijlage 2. De gemodelleerde verspreiding van het verkeer tijdens de aanlegfase is weergegeven in paragraaf 4.2

16

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Hoofdstuk 4 4.1

Resultaten berekening

Gebruiksfase

Op navolgende uitsnede zijn de bronnen weergegeven die van invloed zijn op de stikstofdepositie van het initiatief tijdens de aanlegfase. Bron 1, 2, 3, 4, 5 en 6 betreffen de verkeersbewegingen. Bron 7, 8 en 9 betreffen de koude start. In het model is de beoogde situatie in de gebruiksfase ingevoerd. De volledige AERIUS-berekening van de gebruiksfase is opgenomen in Bijlage 4.

Op navolgende uitsnede zijn de bronnen weergegeven:

1

2

3

4

5

6

Afbeelding ingevoerde bronnen AERIUS gebruiksfase

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

17

In onderstaande tabel staat per bron het aantal verkeersbewegingen. Bron

Richting/route

Aantal verkeersbewegingen licht verkeer per dag Licht

1

Vanaf plangebied naar Europalaan

Middelzwaar

Zwaar

63

-

-

63

-

-

63

-

-

63

-

-

63

-

-

63

-

-

richting noordwesten 2

Vanaf plangebied naar Europalaan richting zuidoosten

3

Vanaf plangebied naar Europalaan richting noordwesten

4

Vanaf plangebied naar Europalaan richting zuidoosten

5

Vanaf plangebied naar Europalaan richting noordwesten

6

Vanaf plangebied naar Europalaan richting zuidoosten

Tabel verkeersbewegingen gebruiksfase

Totale emissie gebruiksfase Uit de berekening volgt dat als gevolg van het toekomstig gebruik de uitstoot van NOx 13,3 kg/j bedraagt en de uitstoot van NH3 1,9 kg/j.

Stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden De uitstoot van NOx als gevolg van het toekomstig gebruik zorgt niet voor een bijdrage hoger dan 0,00 mol/ha/j op (bijna) overbelaste hexagonen van Natura 2000-gebieden.

4.2

Aanlegfase

Op navolgende uitsnede zijn de bronnen weergegeven die van invloed zijn op de stikstofdepositie van het initiatief tijdens de aanlegfase. Bron 1, 2, 3, 4, 5 en 6 betreffen de verkeersbewegingen. Bron 7, 8 en 9 betreffen de koude start. Bron 10, 11 en 12 betreffen de mobiele werktuigen. Bron 13, 14 en 15 betreffen het stationair draaien van vrachtwagens.

In het model is de beoogde situatie in de aanlegfase ingevoerd. De volledige AERIUS-berekening van de aanlegfase is opgenomen in 5.

18

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Op navolgende uitsnede zijn de bronnen weergegeven:

1

2

3

4

5

6

Afbeelding ingevoerde bronnen AERIUS aanlegfase

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

19

In onderstaande tabel staat per bron het aantal verkeersbewegingen.

Bron

Richting/route

Aantal verkeersbewegingen licht verkeer per jaar Licht

1

Vanaf plangebied naar de Dr.

Middelzwaar

Zwaar

1102

100

38

56

60

6

1102

100

38

56

60

6

1102

100

38

56

60

6

Plesmanlaan (aanleg) 2

Vanaf plangebied naar de Dr. Plesmanlaan (sloop)

3

Vanaf plangebied naar de Dr. Plesmanlaan (aanleg)

4

Vanaf plangebied naar de Dr. Plesmanlaan (sloop)

5

Vanaf plangebied naar de Dr. Plesmanlaan (aanleg)

6

Vanaf plangebied naar de Dr. Plesmanlaan (sloop)

Tabel verkeersbewegingen aanlegfase

Totale emissie aanlegfase Uit de berekening volgt dat in de aanlegfase de uitstoot van NOx 46,8 kg/j bedraagt en de uitstoot van NH3 2,6 kg/j.

Stikstofdepositie de Natura 2000-gebieden De uitstoot van NOx in de aanlegfase zorgt voor een bijdrage van 0,01 mol/ha/j op (bijna) overbelaste hexagonen van Natura 2000-gebied Oostelijke Vechtplassen.

20

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Hoofdstuk 5

Beoordeling significante effecten

Uit de berekening uitgevoerd in AERIUS en weergegeven in hoofdstuk 4 blijkt dat er mogelijk tijdens de aanlegfase een tijdelijke depositie van stikstof optreedt op een aantal stikstofgevoelige gebieden. Het betreft in dit geval de effecten op Natura 2000-gebied ‘Oostelijke Vechtplassen’. In dit hoofdstuk wordt onderzocht of op basis van de instandhoudingsdoelstellingen op voorhand significante effecten uitgesloten kunnen worden. Bij overschrijding van de kritische depositiewaarde bestaat een kans op negatieve gevolgen op deze instandhoudingsdoelen. Significante gevolgen zijn uit te sluiten indien er sprake is van een (kleine) toename van depositie, maar dat deze toename niet resulteert in meetbare of merkbare gevolgen voor instandhoudingsdoelstellingen.

5.1

Effecten vermesting (stikstofdepositie)

In deze paragraaf wordt nader ingegaan op hoe de effectenbeoordeling op doelsoorten plaatsvindt. Effecten van stikstofdepositie werken indirect via de bodem en de vegetatie in op de kwaliteit van leefgebieden en op de overlevingskans en het broedsucces van vogelsoorten, maar ook van habitatsoorten. Diersoorten hebben vooral te lijden van de verminderde beschikbaarheid van prooidieren door wijziging van het microklimaat. Vermesting leidt tot een verhoging van de biomassaproductie. In voedselarme systemen leiden grotere planten en een dichtere vegetatie tot afname van de dichtheid aan insecten van zonnige, warme en droge standplaatsen. De dieren van dergelijke standplaatsen zijn vaak juist op deze insecten gespecialiseerd. Afname van de dichtheid aan insecten betekent dat minder voedsel beschikbaar is en de overlevingskans van de jongen afneemt.

Dieren ondervinden effecten van stikstofdepositie via een afname van het prooiaanbod, door verandering in het microklimaat, bereikbaarheid van prooidieren en verdwijnen van geschikt habitat voor de prooidieren.

De leefgebieden van de doelsoorten vallen vaak, maar niet altijd, samen met habitattypen. Voor de leefgebieden waar dat niet voor geldt, zijn nu aanvullende herstelstrategieën geschreven. Dit zijn de leefgebieden (LG) en de zoekgebied leefgebieden (ZGLG). Leefgebieden zijn de gedeelten van het potentiële leefgebied dat bezet leefgebied is voor ten minste 1 soort die in de herstelstrategie bij het betreffende LG-type wordt genoemd. Het gaat daarbij alleen om delen van Natura 2000-gebieden waarin voor de betreffende soort een instandhoudingsdoelstelling geldt. Zoekgebied leefgebieden zijn gedeelten van het potentiële leefgebied dat geen bezet, maar wel mógelijk bezet leefgebied is voor ten minste 1 soort die in de herstelstrategie bij het betreffende LG-type wordt genoemd (Sierdsma et al., 2016)2.

2 Sierdsma H.et al, 2016. Leefgebiedenkaarten van de Natura 2000-gebieden en PAS-gebieden.

Sovon-rapport 2016/21. Sovon Vogelonderzoek Nederland, Nijmegen. Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

21

Natuurlijke fluctuatie van de stikstofdepositie en effecten De stikstofdepositie binnen het Natura 2000-gebied fluctueert tussen dagen, seizoenen en jaren ten gevolge van een aantal klimatologische en natuurlijke processen en fluctuaties in achtergrondemissie. Hiermee kan de achtergronddepositie ten gevolge van klimatologische processen tot wel 10% fluctueren op jaarbasis (Kleijberg, 2020 3). Op een achtergronddepositie van circa 1500 mol/ha/jaar is deze fluctuatie circa 150 mol/ha/jaar.

5.2

Analyse stikstofdepositie

Uit de AERIUS-berekening blijkt dat er in de aanlegfase een toename van stikstofdepositie op de beschermde habitatgebieden en/of leefgebieden binnen het Natura 2000-gebieden ‘Oostelijke Vechtplassen’ plaatsvindt. Er is sprake van twee habitattypen, twee zoekgebieden voor habitattypen en één (AERIUS-Calculator, 2025) leefgebied die mogelijk belast worden als gevolg van stikstofdepositie (tabel 5.1). Tabel 5.1

Betrokken habitattypen

Grootste toename depositie mol/ha/j

Betrokken hectares

Overbelast

Code

Naam

ZGH3150

Meren met krabbenscheer en fonteinkruid, buiten gesloten zeearmen

0,01

1,65

Nee

ZGH3140

Kranswierwateren

0,01

1,51

Nee

Lg05

Grote-zeggenmoeras

0,01

0,64

Ja

0,01

0,53

Nee

0,01

0,20

Nee

H3140lv H3150baz

Kranswierwateren, in laagveengebied Meren met krabbenscheer en fonteinkruid, buiten gesloten zeearmen

Er is specifiek gefocust op de hexagonen waarin de kritische depositiewaarde (KDW) naderend overschreden wordt, want pas dan bestaat er een kans op negatieve gevolgen op de instandhoudingsdoelen. Van overige hexagonen, waar wel een stikstofdepositie is hoger dan 0,00 mol/ha/j maar waar de KDW niet overschreden wordt, wordt geen effect op de natuur verwacht. In dit geval is er dus gefocust op leefgebied Lg05 Grote-zeggenmoeras.

Stikstofeffecten op (potentieel) leefgebied Als een plan of project alleen leidt tot toename van depositie kan uit een Voortoets soms blijken dat significante gevolgen zijn uitgesloten ondanks dat de KDW van de leefgebiedtypen (Lg01, Lg02, etc.) wordt overschreden. Stikstofgevoelige leefgebieden zijn als zodanig niet aangewezen middels het

3 Kleijberg, R. 2020. Natura 2000-gebieden rond de Amsterdamse haven. Documentatie over de

gevoeligheid van natuurgebieden voor stikstofdepositie. 22

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Natura 2000-aanwijzingsbesluit. De bescherming van deze leefgebieden loopt via de aangewezen soorten die hierin broeden, foerageren of rusten. Soorten leven vaak in verschillende typen leefgebieden, die niet noodzakelijkerwijs allemaal stikstofgevoelig zijn. Aantasting van de kwaliteit van één van die leefgebieden betekent nog niet noodzakelijk dat ook de instandhoudingsdoelstelling van de soort in gevaar komt. Dit hangt helemaal af van de functie van het betreffende leefgebied voor de soort. Ook kan het zijn dat ondanks overschrijding van de KDW de kenmerken van het leefgebied die voor een bepaalde soort van belang zijn, niet zijn aangetast. Om dit goed in beeld te krijgen is het noodzakelijk om per leefgebied en Natura 2000-gebied nader te beoordelen.

5.3

Lg05 Grote-zeggenmoeras

Het leefgebied Grote-zeggenmoeras kent geen overlap met bestaande Europese habitattypen, maar is gecreëerd als herstelstrategie voor de zeggekorfslak. Dit leefgebied ontstaat bij langdurige opslibbing en veenvorming en het daaruit volgende drogen worden van moerassen. Hierdoor neemt het aantal grote zeggensoorten, zoals de dominerende soorten scherpe zegge en moeraszegge, toe. Enkele randvoorwaarden voor dit leefgebied zijn dat de zuurgraad neutraal tot matig zuur mag zijn, de vochttoestand tussen droogvallen en zeer nat en de voedselrijkdom zwak tot matig eutroof. In het leefgebied komen één soort van de Habitatrichtlijn voor, namelijk de zeggekorfslak, waarvoor geldt dat stikstofdepositie de kwaliteit van het leefgebied kan verslechteren, aangezien het zorgt voor de afname van de hoeveelheid aanwezige voedselplanten (Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, 2025). Het is aannemelijk dat een verhoogde stikstofdepositie zorgt voor een versnelling van de vegetatiegroei en -successie. Hierdoor wordt grote-zeggenvegetatie vervangen door ruigte. Voor de ‘Oostelijke Vechtplassen’ geldt dat de stikstofdepositie al enkele jaren achteruitgaat en de verwachting is ook dat dit in de komende jaren door zal zetten (figuur 5.1).

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

23

Figuur 5.1

Huidige en verwachte stikstofdepositie voor Natura gebied ‘Oostelijke Vechtplassen’ (bron: AERIUS Monitor, 2025).

Voor leefgebied Lg05 geldt dat het oppervlakte waar de KDW overschreden wordt in de afgelopen jaren steeds minder is geworden en dat deze trend zich ook in de komende jaren zo voortzet (figuur 5.2).

Figuur 5.2

24

Ontwikkeling van de stikstofbelasting in Lg05 Grote-zeggenmoeras (bron: AERIUS Monitor, 2025).

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Om deze afname kunnen waarborgen is er door de Provincie Noord-Holland een beheerplan opgesteld, waarin ook maatregelen ten behoeve van de stikstofdepositie zijn opgenomen. Ook vanuit de NDA (natuurdoelanalyse) voor de Oostelijke Vechtplassen en de herstelstrategie Lg05 Grotezeggenmoeras zijn er beheermaatregelen opgesteld. Onderstaand wordt hier verdere op ingegaan.

Zeggekorfslak Voor de zeggekorfslak gelden enkele doelen in het gebied ‘Oostelijke Vechtplassen’. Zo dient de populatie gelijk te blijven, evenals de kwaliteit en de omvang van het leefgebied. Qua populatie is het doel dat er in het gebied tussen de 6% en de 15% van de landelijke populatie aanwezig is. Gegevens over de omvang van de populatie zijn niet voorhanden, echter is de trend in oppervlakte en kwaliteit van het leefgebied vermoedelijk stabiel (Provincie Noord-Holland, 2023). Ten behoeve van de soort worden wel maatregelen genomen. Zo worden grote zeggenvegetaties niet of extensief en gefaseerd gemaaid, is er een toename van de kwelflux binnen het gebied gerealiseerd, wordt opslag verwijderd en is er onderzoek gaande of lokaal peilbeheer aangepast dient te worden ten aanzien van de soort. Na uitvoering van deze maatregelen wordt verwacht dat de doelen voor populatiegrootte en omvang en kwaliteit van leefgebied zeker gehaald zullen worden.

Conclusie De huidige KDW wordt bij leefgebied Lg05 Grote-zeggenmoeras overschreden. Gezien de zeer beperkte en tijdelijke toename van stikstofdepositie, (maximaal 0,01 mol/ha/jr), zijn merkbare effecten op de instandhoudingsdoelstellingen op voorhand uitgesloten. Daarnaast worden de minimale effecten reeds gemitigeerd door specifiek beheer met bewezen effectieve maatregelen, zoals verwijderen van opslag, verhogen van kwelflux en gefaseerd maaien. Door het voorgenoemde heeft de beoogde ontwikkeling geen invloed op de instandhoudingsdoelstellingen en wordt de kwaliteit en omvang van de habitattypes en leefgebieden niet aangetast. Verslechtering is uitgesloten.

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

25

Hoofdstuk 6

Conclusies

Deze voortoets is uitgevoerd om te bepalen of op voorhand een significant negatief effect op het Natura 2000 gebieden uitgesloten kunnen worden, in het kader van een wijziging van het omgevingsplan. Het plan voorziet in de bouw van 126 appartementen in de Staatsliedenbuurt te Maarssen.

Eindconclusie Als gevolg van de ontwikkelingen in het plangebied waarvoor de berekeningen zijn uitgevoerd is er in de gebruiksfase geen sprake van een bijdrage van stikstofdepositie op (bijna) overbelaste hexagonen van de Natura 2000-gebieden groter dan 0,00 mol/ha/j. In de aanlegfase is er sprake van een beperkte tijdelijke bijdrage aan stikstofdepositie van 0,01 mol/ha/j op het Natura 2000-gebied Oostelijke Vechtplassen, echter heeft dit geen significant negatieve effecten voor de beschermde natuur. Er is dus geen sprake van mogelijke negatieve gevolgen op beschermde Natura 2000gebieden zoals bedoeld in het Bal, Artikel 11.6, specifieke zorgplicht, onder 2).

Aangezien significant negatieve effecten zijn uitgesloten, staat de Natura 2000-toets het vaststellen van het plan niet in de weg.

26

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

27

Bijlagen

28

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

NOx emissie als gevolg van gasverbruik De NOx -emissie op jaarbasis wordt berekend met behulp van de volgende vergelijking:

Waarin: Fs = Droog rookgasdebiet onder standaard condities [Nm3 /jaar] CNOx = NOx-concentratie onder standaard condities [mg/Nm 3] Voor de emissieconcentratie NOx wordt aangesloten bij de emissiegrenswaarde voor stookinstallaties conform het Activiteitenbesluit, CNOx = 70 mg/Nm3.

Om het droog rookgasdebiet (Fs) te berekenen worden onderstaande formules gebruikt.

1 mol CH4 leidt tot 10,5 mol rookgas. De molaire massa van CH4 is 16 g/mol. Bij verbranden van 1kg CH4 wordt (1*1000)/16=62,5 mol CH4 verbrand. De totale molmassa voor en na de streep is 62,5 mol CH4 * 10,5 mol rookgas/mol CH4 = 656 mol. Hiervan is een gedeelte water (H2O), te weten (2/10,5)*656=125 mol. 656-125=531 mol droog rookgas. Volume berekening: P*V = nRT, dus V=nRT/P waarin R=8,314472 J.K-1mol-1, P=101.325 kPA, T=273 Kelvin en n=aantal mol, leidt tot 11.894 liter oftwel 11,9 Nm3 rookgas per kg CH4. Per m3 aardgas ontstaat dus 11,9*0,83 kg/m3 (dichtheid aardgas)=9,9 m3 rookgas. Bij 3 % O2 in het luchtverbruik bedraagt het rookgasdebiet per kuub aardgas 9,9*(21/(21-3)=11,55 Nm3

Deze formule leidt tot de volgende berekening van de stikstofemissies in kg/j. Locatie

Brandstofverbruik Rookgasdebiet CNOx Nox emissie (Nm3/j) (Nm3/j) (mg/Nm3) (kg/j) Gasverbruik Gasverbruik x 70 (Rookgasdebiet 11,55

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

x 70)/1.000.000

29

Toelichting uitgangspunten aanlegfase Onderstaand is toegelicht hoe is gekomen tot de uitgangspunten voor het modelleren van de aanlegfase.

STAGE klasse De stageklassen betreffen emissienormen voor mobiele werktuigen en zijn afhankelijk van het bouwjaar en het vermogen van het mobiele werktuig.

Voor elk werk wordt door een bouwer normaal gesproken een machine ingezet met het laagste vermogen dat werkbaar is voor de uitvoering. Dit omdat machines met een hoger vermogen een hoger brandstofverbruik zullen hebben. Bij de selectie van het vermogen is dan ook gekozen voor een gemiddeld vermogen passend bij de aarde en omvang van het werk.

Voor wat betreft de STAGE-Klasse is uitgegaan van mobiele werktuigen van STAGE klasse IV, dit is in lijn met jurisprudentie4.

U-methode Het project bevindt zich nog in de planfase en de specifieke praktijkgegevens (zoals brandstof- en AdBlue verbruik) over de in te zetten werktuigen zijn niet beschikbaar. In de Instructie – Gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2023.2 (Hoofdstuk 8) wordt geadviseerd in dergelijke gevallen de U-methode5 van TNO te gebruiken. De U-methode geeft de NOx- en NH3-emissies van mobiele machines op basis van de draaiuren en de machinegegevens. De machinegegevens vallen, afhankelijk het motorvermogen en de emissieklasse, in vijf categorieën, “X, A, B, C en D”:

4

AbRS 1 september 2021 ECLI:NL:RVS:2021:1960 (Zandzoom)

5 TNO Public > TNO 2023 R11233 – 30 juni 2023, U-methode, NOx en NH3 emissies van mobiele werktuigen op basis van

draaiuren alleen; pag. 7

30

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Stationair draaien vrachtwagens De duur van het laden en lossen van een vrachtwagen is afhankelijk van de vracht die wordt geladen of gelost en de wijze van laden en lossen. De duur loopt uiteen van 10 minuten tot 60 minuten. Niet iedere vrachtwagen zal stationair draaien tijdens het laden en lossen. Ook dit is afhankelijk van de wijze van laden en lossen en van de duur van het laden en lossen. Hoe langer het laden of lossen duurt, hoe groter de kans dat de motor wordt uitgezet, om brandstof te besparen (als de wijze van laden/lossen dat toelaat). Sommige vrachtwagens hebben de motor nodig om te laden/lossen. Er zijn daarmee veel variabelen die bepalend zijn voor de uitstoot vanwege het stationair draaien van vrachtwagens. Voor deze berekening is de aanname dat iedere vrachtwagen gemiddeld 10 minuten stationair draait tijdens het laden en lossen. Voor het bepalen van de emissie wordt aangesloten bij de emissiefactoren die BIJ12 heeft gedeeld in Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2023. Voor het jaar 2024 is de emissie van een middelzware vrachtwagen (<20 ton) 67,938 g/u NOx en 0,69 g/u NH3 en voor een zware vrachtwagen (>20 ton) 80,6676 g/u NOx en 0,9024 g/u NH3. Deze emissiefactoren voor 2024 worden in dit onderzoek gehanteerd. In latere jaren neemt de emissie per uur steeds verder af.

Voor het berekenen van de emissie wordt onderstaande formule gebruikt, conform de Rekeninstructie stationaire emissies wegverkeer (BIJ12, 2022).

Emissie = EFstationair * Tijdstationair

Emissie = emissie in kilogram per jaar EFstationair = emissiecijfer zoals gegeven door TNO Tijdstationair = tijd in uur dat het voertuig stationair is

De uitstoot van het stationair laden wordt in AERIUS als een vlakbron ingetekend, op de locatie van de werkzaamheden. De berekende uitstoot wordt handmatig ingevoerd onder de sector ‘Anders’. De overige kenmerken blijven op de standaard ingevulde waarden staan.

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

31

Toelichting verkeersbewegingen Voor de definitie van de begrippen voor licht, middelzwaar en zwaar verkeer wordt aangesloten bij het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit zoals bedoeld in het Besluit kwaliteit leefomgeving Artikel 11.9. In de onderstaande tabel worden deze categorieën nader toegelicht: Categorie

Omschrijving uit besluit

Alledaagse omschrijving

Lichte motorvoertuigen

Motorvoertuigen op 3 of meer

- alle personenauto’s

wielen, met uitzondering van de

- de meeste bestelauto’s

voertuigen uit de categorieën

- vrachtwagens met 4 wielen

‘middelzware’ en ‘zware’ voertuigen

Middelzware

Gelede en ongelede autobussen*,

- alle autobussen*

motorvoertuigen

en andere motorvoertuigen die

- vrachtwagens met 2 assen en 4

ongeleed zijn en voorzien van 1

achterwielen (<20 ton GVW)

achteras met 4 banden Zware

Gelede motorvoertuigen en

- vrachtwagens met 3 of meer

motorvoertuigen

motorvoertuigen met een dubbele

assen (>20 ton GVW)

achteras, met uitzondering van

- vrachtwagens met aanhanger

autobussen

- trekkers met oplegger

*Voor bussen is een aparte categorie in de AERIUS Calculator. Tabel: toelichting verkeersbewegingen

32

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

AERIUS-berekening gebruiksfase

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

33

Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen Natura 2000gebieden, op rekenpunten die overlappen met stikstofgevoelige habitattypen en/of leefgebieden, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstofdepositie.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de of .

handleidingen op onze website

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

Buro SRO Europalaan, - Maarssen Staatsliedenbuurt Maarssen gebruik

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RgyZvdaUuRVx 28 februari 2025, 15:59 OwN2000-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

Resultaten

Hoogste bijdrage

Hexagon

Gebied

Situatie 1 Gebruik - Beoogd Situatie 1 Gebruik - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname

RgyZvdaUuRVx (28 februari 2025)

2027 -

1,9 kg/j

13,3 kg/j

2/8

Projectberekening

Situatie 1 Gebruik (Beoogd), rekenjaar 2027 Emissiebronnen 7 8 9

Verkeer | Koude start: overig | Bron 7 koude start 1 Verkeer | Koude start: overig | Bron 8 koude start 2 Verkeer | Koude start: overig | Bron 9 koude start 3 Verkeersnetwerk

RgyZvdaUuRVx (28 februari 2025)

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

0,6 kg/j 0,6 kg/j 0,6 kg/j 0,1 kg/j

3,7 kg/j 3,7 kg/j 3,7 kg/j 2,3 kg/j

3/8

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

© OSM & Kadaster Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)

De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RgyZvdaUuRVx (28 februari 2025)

4/8

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1 Gebruik" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Er zijn geen resultaten voor deze weergave.

RgyZvdaUuRVx (28 februari 2025)

5/8

Projectberekening

Situatie 1 Gebruik, Rekenjaar 2027

1 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 1 Locatie X:131579,72 Y:462107,98 Lengte 89,87 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

2 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 2 Locatie X:131592,13 Y:462096,89 Lengte 89,10 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

3 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 3 Locatie X:131683,22 Y:462011,73 Lengte 89,84 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

RgyZvdaUuRVx (28 februari 2025)

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOₓ 0,4 kg/j - NO₂ 48,6 g/j - NH₃ 24,2 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

63,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOₓ 0,4 kg/j - NO₂ 48,2 g/j - NH₃ 24,0 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

63,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Links Rechts NOₓ 0,4 kg/j - NO₂ 48,6 g/j - NH₃ 24,2 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

63,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

6/8

Projectberekening

4 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 4 Locatie X:131695,02 Y:462000,31 Lengte 89,45 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

5 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 5 Locatie X:131768,11 Y:461931,8 Lengte 90,28 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

6 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 6 Locatie X:131780,43 Y:461920,64 Lengte 90,25 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 7

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Verkeer | Koude start: overig

Naam Locatie Oppervlakte Type voertuig

Bron 7 koude start 1 X:131587,37 Y:462100,13 0,14 ha

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer RgyZvdaUuRVx (28 februari 2025)

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOₓ 0,4 kg/j - NO₂ 48,3 g/j - NH₃ 24,1 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

63,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOₓ 0,4 kg/j - NO₂ 48,8 g/j - NH₃ 24,3 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

63,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Links Rechts NOₓ 0,4 kg/j - NO₂ 48,8 g/j - NH₃ 24,3 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

In file

63,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

NOₓ NH₃

3,7 kg/j 0,6 kg/j

Koude starts

37,8 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 7/8

Projectberekening

8

Verkeer | Koude start: overig

Naam Locatie Oppervlakte Type voertuig

Bron 8 koude start 2 X:131689,51 Y:462005,38 0,14 ha

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 9

Verkeer | Koude start: overig

Naam Locatie Oppervlakte Type voertuig

Bron 9 koude start 3 X:131774,28 Y:461923,5 0,15 ha

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

NOₓ NH₃

3,7 kg/j 0,6 kg/j

Koude starts

37,8 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal NOₓ NH₃

3,7 kg/j 0,6 kg/j

Koude starts

37,8 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2024.1.2_20250219_fdfc2529a9 Database versie 2024.1_fdfc2529a9_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://link.aerius.nl/website

RgyZvdaUuRVx (28 februari 2025)

8/8

AERIUS-berekening aanlegfase

34

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen Natura 2000gebieden, op rekenpunten die overlappen met stikstofgevoelige habitattypen en/of leefgebieden, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstofdepositie.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de of .

handleidingen op onze website

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

Buro SRO Europalaan, - Maarssen Staatliedenbuurt Aanleg

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RYWVipUtQ7Fy 25 februari 2025, 12:25 OwN2000-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

Resultaten

Hoogste bijdrage

Hexagon

Gebied

Situatie 1 Aanleg - Beoogd Situatie 1 Aanleg - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname

RYWVipUtQ7Fy (25 februari 2025)

2025

0,01 mol/ha/j 4,53 ha 0,00 ha 0,01 mol/ha/j -

2,6 kg/j

4711545

46,8 kg/j

Oostelijke Vechtplassen

2/9

Projectberekening

Situatie 1 Aanleg (Beoogd), rekenjaar 2025 Emissiebronnen

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

Verkeer | Koude start: overig | Bron 7 koude start 8 Verkeer | Koude start: overig | Bron 8 Koude Start 9 Verkeer | Koude start: overig | Bron 9 koude start 10 Anders... | Anders... | Bron 10 mobiele werktuigen 11 Anders... | Anders... | Bron 11 mobiele werktuigen 12 Anders... | Anders... | Bron 12 mobiele werktuigen 13 Anders... | Anders... | Bron 13 stationair draaien vrachtwagens 14 Anders... | Anders... | Bron 14 stationair draaien vrachtwagens 15 Anders... | Anders... | Bron 15 stationair draaien vrachtwagens  Verkeersnetwerk

25,2 g/j 25,2 g/j 25,2 g/j 0,8 kg/j 0,8 kg/j 0,8 kg/j 15,0 g/j 15,0 g/j 15,0 g/j 36,7 g/j

0,5 kg/j 0,5 kg/j 0,5 kg/j 13,4 kg/j 13,4 kg/j 13,4 kg/j 1,2 kg/j 1,2 kg/j 1,2 kg/j 1,4 kg/j

7

RYWVipUtQ7Fy (25 februari 2025)

3/9

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

© OSM & Kadaster Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)

De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RYWVipUtQ7Fy (25 februari 2025)

4/9

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1 Aanleg" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)

Totaal Per gebied

Oostelijke Vechtplassen (95)

RYWVipUtQ7Fy (25 februari 2025)

4,53 Berekend (ha gekarteerd)

4,53

Hoogste totale depositie (mol N/ha/jr)

Met toename (ha Grootste gekarteerd) toename (mol N/ha/jr)

Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)

Hoogste totale depositie (mol N/ha/jr)

Met toename (ha Grootste gekarteerd) toename (mol N/ha/jr)

Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)

1.208,19

1.208,19

4,53

4,53

0,01

0,01

0,00

0,00

-

-

5/9

Projectberekening

Situatie 1 Aanleg, Rekenjaar 2025

1 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 1 verkeer aanleg Locatie X:131440,5 Y:462043,15 Lengte 457,73 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

2 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 2 verkeer sloop Locatie X:131440,5 Y:462043,15 Lengte 457,73 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

3 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 3 verkeer aanleg Locatie X:131632,99 Y:461849,6 Lengte 425,59 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

RYWVipUtQ7Fy (25 februari 2025)

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOₓ 0,4 kg/j - NO₂ 75,4 g/j - NH₃ 10,1 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

1.102,0 /jaar 100,5 /jaar 38,0 /jaar 0,0 /jaar

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOₓ 0,1 kg/j - NO₂ 24,7 g/j - NH₃ 2,1 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

55,0 /jaar 60,0 /jaar 6,0 /jaar 0,0 /jaar

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Links Rechts NOₓ 0,3 kg/j - NO₂ 70,1 g/j - NH₃ 9,4 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

1.102,0 /jaar 100,5 /jaar 38,0 /jaar 0,0 /jaar

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

6/9

Projectberekening

4 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 4 verkeer sloop Locatie X:131632,99 Y:461849,6 Lengte 425,59 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

5 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 5 verkeer aanleg Locatie X:131794,76 Y:461743,43 Lengte 486,95 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

6 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bron 6 verkeer sloop Locatie X:131794,76 Y:461743,43 Lengte 486,95 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 7

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Verkeer | Koude start: overig

Naam Locatie Oppervlakte Type voertuig

Bron 7 koude start X:131599,29 Y:462089,48 0,02 ha

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer RYWVipUtQ7Fy (25 februari 2025)

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOₓ 96,9 g/j - NO₂ 23,0 g/j - NH₃ 2,0 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

55,0 /jaar 60,0 /jaar 6,0 /jaar 0,0 /jaar

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOₓ 0,4 kg/j - NO₂ 80,2 g/j - NH₃ 10,8 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

1.102,0 /jaar 100,5 /jaar 38,0 /jaar 0,0 /jaar

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Links Rechts NOₓ 0,1 kg/j - NO₂ 26,3 g/j - NH₃ 2,3 g/j

-

-

Aantal voertuigbewegingen

In file

55,0 /jaar 60,0 /jaar 6,0 /jaar 0,0 /jaar

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

NOₓ NH₃

0,5 kg/j 25,2 g/j

Koude starts

463,0 /jaar 16,0 /jaar 4,5 /jaar 0,0 /jaar

7/9

Projectberekening

8

Verkeer | Koude start: overig

Naam Locatie Oppervlakte Type voertuig

Bron 8 Koude Start X:131703,22 Y:461993,36 0,03 ha

NOₓ NH₃ Koude starts

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 9

463,0 /jaar 16,0 /jaar 4,5 /jaar 0,0 /jaar

Verkeer | Koude start: overig

Naam Locatie Oppervlakte Type voertuig

Bron 9 koude start X:131788,19 Y:461913,68 0,02 ha

NOₓ NH₃

Anders... | Anders...

11

Anders... | Anders...

12

Anders... | Anders...

13

Anders... | Anders...

0,5 kg/j 25,2 g/j

Koude starts

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 10

0,5 kg/j 25,2 g/j

463,0 /jaar 16,0 /jaar 4,5 /jaar 0,0 /jaar

Naam Bron 10 mobiele Uittreedhoogte werktuigen Warmteinhoud Locatie X:131574,11 Spreiding Y:462067,2 Oppervlakte 0,15 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie

0,5 m 0,000 MW 0m

NOₓ NH₃

13,4 kg/j 0,8 kg/j

Naam Bron 11 mobiele Uittreedhoogte werktuigen Warmteinhoud Locatie X:131677,8 Spreiding Y:461970,06 Oppervlakte 0,15 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie

0,0 m 0,000 MW 0m

NOₓ NH₃

13,4 kg/j 0,8 kg/j

Naam Bron 12 mobiele Uittreedhoogte werktuigen Warmteinhoud Locatie X:131764,71 Spreiding Y:461888,94 Oppervlakte 0,19 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie

0,0 m 0,000 MW 0m

NOₓ NH₃

13,4 kg/j 0,8 kg/j

Naam

0,5 m 0,000 MW 0m

NOₓ NH₃

1,2 kg/j 15,0 g/j

Bron 13 stationair Uittreedhoogte draaien Warmteinhoud vrachtwagens Spreiding Locatie X:131577,01 Y:462070,61 Oppervlakte 0,17 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie RYWVipUtQ7Fy (25 februari 2025)

8/9

Projectberekening

14

Anders... | Anders...

15

Anders... | Anders...

Bron 14 stationair Uittreedhoogte draaien Warmteinhoud vrachtwagens Spreiding Locatie X:131680,67 Y:461973,82 Oppervlakte 0,18 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie

0,5 m 0,000 MW 0m

NOₓ NH₃

1,2 kg/j 15,0 g/j

Naam

0,5 m 0,000 MW 0m

NOₓ NH₃

1,2 kg/j 15,0 g/j

Naam

Bron 15 stationair Uittreedhoogte draaien Warmteinhoud vrachtwagens Spreiding Locatie X:131766,59 Y:461891,43 Oppervlakte 0,21 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2024.1.2_20250219_fdfc2529a9 Database versie 2024.1_fdfc2529a9_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://link.aerius.nl/website

RYWVipUtQ7Fy (25 februari 2025)

9/9

Staatsliedenbuurt fase 1, Maarssen

35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/2877/documents/61399