Bijlage 4. Verkennend en aanvullend bodemonderzoek 05-07-2022.pdf
Tekst van het document
Oostzeestraat 2, 7411 MD Deventer (info@bodemportaal.nl)
Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarssen Maarssen, sectie K, nr. 279
Opdrachtgever Carpenti B.V. Zandpad 41 3601 NA MAARSSEN
Autorisatie
BO222CA01
Redactie: dhr. G.J. Pijpker
Bodemportaal B.V.
paraaf
Datum
status
5 juli 2022
definitief
Zandpad 41 te Maarssen
INHOUDSOPGAVE: 1
INLEIDING
3
1.1
Voorwaarden en uitgangspunten
3
1.2
Indeling rapportage
3
2
VOORONDERZOEK
4
2.1
Algemeen
4
2.2
Bekende gegevens
4
2.3
Conclusies vooronderzoek en onderzoekshypothese
6
3
UITGEVOERDE WERKZAAMHEDEN
8
3.1
Algemeen
8
3.2
Veldwerkzaamheden
8
3.3
Chemisch-analytisch onderzoek
9
3.4
Toetsingskader
9
4
RESULTATEN
11
4.1
Zintuiglijke waarnemingen
11
4.2
Analyseresultaten grond onverdachte terreindeel
12
4.3
Analyseresultaten grond aanvullend onderzoek
12
4.4
Analyseresultaten grondwater
13
4.5
Toetsing hypothese en conceptueel model
13
5
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES
15
BIJLAGEN: 1.
Regionale ligging onderzoekslocatie
2.
Overzicht locatie met situering monsternamepunten
3.
Boorprofielen en peilbuisgegevens
4.
Analysecertificaten
5.
Toetsing analyseresultaten
6.
Resultaten historisch onderzoek
7.
Topografische kaarten (diverse jaartallen)
8.
Bodemopbouw dinoloket
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 2 van 17
1
INLEIDING In opdracht van Carpenti B.V. is door Bodemportaal B.V. een verkennend en aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd op het perceel Zandpad 41 te Maarssen. De aanleiding voor het uitvoeren van het onderzoek is de voorgenomen ontwikkeling van woningen op de locatie. Het onderzoek heeft als doel, inzicht te verschaffen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse, teneinde vast te kunnen stellen of deze al dan niet een belemmering vormt voor de beoogde nieuwbouw.
1.1
Voorwaarden en uitgangspunten Bij een verkennend bodemonderzoek dienen de volgende normen te worden gevolgd. -
Voorafgaand aan het bodemonderzoek dient een vooronderzoek conform de richtlijnen in de Nederlandse Eind Norm (NEN) 5725 (2017): “Bodem, leidraad voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend, oriënterend en nader onderzoek” te worden verricht.
-
Het verkennend bodemonderzoek dient te voldoen aan de richtlijnen in de Nederlandse Eind Norm (NEN) 5740+A1 2016: “Bodem, onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek”.
Volledigheidshalve merken wij op dat Bodemportaal B.V. een onafhankelijk opererend adviesbureau is, welke op generlei wijze is verbonden met de opdrachtgever voor het onderzoek of de eigenaar van de onderzoekslocatie.
1.2
Indeling rapportage In het onderhavige rapport wordt eerst ingegaan op de locatiegegevens en het vooronderzoek. Vervolgens komen de veldwerkgegevens, het laboratoriumonderzoek en de analyseresultaten aan bod. De rapportage wordt afgesloten met een bespreking van de analyseresultaten en de bijbehorende conclusies en aanbevelingen.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 3 van 17
2
VOORONDERZOEK
2.1
Algemeen Het vooronderzoek is gebaseerd op de NEN 5725:2017. Onderstaand zijn de typen vooronderzoek opgenomen: Onderzoeksaspecten
1. Locatiegegevens
Aanleidingen tot vooronderzoek
Eigendomssituatie
A
B
O
O
C
D
E
F
G
✓
Hoogteligging 2. Bodemopbouw en
Bodemopbouw
✓
✓
geohydrologie
Antropogene lagen in de bodem
✓
✓
Geohydrologie
✓
✓
3. Verwachting t.a.v. de
Geval van ernstige bodemverontreiniging?
✓
bodemkwaliteit
Kwaliteit o.b.v. BKK
✓
✓
✓
✓
✓
✓
✓
✓
✓
✓
✓
✓
✓
✓
O
✓
✓
✓
✓
✓
O.b.v. uitgevoerde bodemonderzoeken
✓
✓
✓
✓
✓
✓
4. Gebruik en beïnvloeding
Voormalig
✓
O
✓
✓
✓
✓
van de locatie, verdachte
Huidig
✓
✓
✓
✓
situatie, activiteiten, ongewoon Toekomst voorval
Asbestverdacht?
✓ ✓
✓
O ✓
✓
✓
✓
✓
5. Terreinverkenning A. bodemonderzoek, par. 6.2.1 B. nul‐ en eindsituatieonderzoek, par. 6.2.2 C. bodemkwaliteitsklasse (Bbk), par. 6.2.3 D. partijkeuring, par. 6.2.4 E. opstellen/ actualiseren bodemkwaliteitskaart (Bbk), par. 6.2.5 F. gebruik bodemkwaliteitskaart (Bbk), par. 6.2.6 G. inschatten van arbeidshygiënische risico’s, par. 6.2.7
✓ Verplicht onderzoeksaspect. Indien dit onderzoeksaspect niet van toepassing is, behoort dit in het rapport te worden vermeld en gemotiveerd O Optioneel
In het kader van het vooronderzoek (standaard vooronderzoek A) is beperkt informatie uit de volgende bronnen ingewonnen:
2.2
-
informatie van de opdrachtgever;
-
informatie van het kadaster;
-
informatie vanuit eerdere bodemonderzoeken;
-
informatie van de RUD Utrecht;
-
topografische kaarten (www.topotijdreis.nl) en het interpreteren van geohydrologische kaarten;
-
een locatie-inspectie (voorafgaand aan veldwerk).
Bekende gegevens De onderzoekslocatie betreffen een perceel dat is gelegen aan het Zandpad 41 te Maarssen. Het perceel is kadastraal bekend als Maarssen, sectie K, nr. 279. Het perceel heeft een oppervlakte van 23.705 m2. De coördinaten zijn: x: 130.197 en y: 463.050. Er zijn geen publiekrechtelijke beperkingen bekend in de Landelijke Voorziening WKPB. De regionale ligging van het perceel is weergegeven in bijlage 1. Het perceel is van ca. 1900 tot 1920 in gebruik geweest als fruitkwekerij. Rond 1920 is de locatie overgenomen door de heer Kuyvenhoven en voormalige tuinderij van Kuyvenhoven. Dit bedrijf, gelegen op het oude gebied van Cromwijck is in 1920 opgericht.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 4 van 17
Het bedrijf bestond o.a. uit druivenkassen, een perzikkas, potplantenkas, boomgaarden voor peren en appels en bakken voor perkplanten. Sinds ca. 1966 is de locatie in gebruik als caravanstalling. Eerder bodemonderzoek Een deel van het perceel is in 2018 reeds onderzocht (Verkennend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarssen, Aveco De Bondt B.V., projectnummer: 181646, referentie: R-AB-314-181646, d.d. 7 november 2018). Dit onderzoek heeft zich met name op de bodemkwaliteit ter plaatse van de caravanstalling, de stalling van oude auto’s, twee voormalige steenkoolovens en enkele halfverhardingen gericht. Met het bodemonderzoek zijn alleen licht verhoogde gehalten van de onderzochte stoffen in de grond en het grondwater aangetoond. Deze gehalten waren destijds geen aanleiding voor het uitvoeren van aanvullend bodemonderzoek. Visueel is met het bodemonderzoek geen asbest aangetoond. Eén van de puinhoudende monsters is ook op asbest onderzocht. Hierbij is geen asbest aangetoond. Wel zijn er in diverse boringen bijmengingen met puin en kolengruis vastgesteld. In het onderzoek wordt melding gemaakt van een verontreiniging met gechloreerde oplosmiddelen die afkomstig is van het westelijk gelegen terrein, waar in het verleden een stofzuigerfabriek was gevestigd. Deze verontreiniging zou door het injecteren van substraat door de firma Bioclear worden gesaneerd.
In 2021 is een deel van het terrein aanvullend onderzocht (Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarssen, Aveco De Bondt B.V., referentie: 212512_R_ABR_3001_v2, projectnummer 212512, d.d. 3 september 2021). Dit onderzoek heeft zich met name op de westkant van het perceel gericht. Hier heeft in het verleden een sloot gelopen en hier was het voornemen om een nieuwe sloot (direct naast de voormalige slootbedding) te realiseren. Met dit bodemonderzoek zijn in twee boringen sterk verhoogde gehalten PCB aangetoond. Ook is er in één boring een sterk verhoogd gehalte nikkel vastgesteld. Dit betreft allen de bodemlaag tot 1,0 m minus maaiveld (m-mv). In één steekbusmonster is er sprake van een matig verhoogd gehalte tetrachlooretheen. Het grondwater ter plaatse van twee peilbuizen bevat gehalten gechloreerde oplosmiddelen die de saneringswaarden (interventiewaarden) overschrijden. Deze verontreinigingen zijn echter niet van het eigen perceel afkomstig, maar zijn veroorzaakt en afkomstig van het naastgelegen terrein (voormalige stofzuigerfabriek). Vanuit de resultaten van dit laatste onderzoek is aangetoond dat de sanering van de verontreiniging met oplosmiddelen in het grondwater (2016) niet is geslaagd. In het onderzoek wordt aangegeven dat de voormalige sloot met puin en asbestverdacht materiaal is gedempt.
Deze sloot is op het naastgelegen perceel gelegen, maar grenst aan het onderzoeksperceel.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 5 van 17
Omdat er met het onderzoek ter plaatse van de toekomstige sloot sterk verhoogde gehalten PCB en nikkel zijn aangetoond, kan de aanwezigheid van een geval van ernstige bodemverontreiniging niet worden uitgesloten. Feit is dat de aangetroffen verontreinigingen en de bodemvreemde materialen in de bodem, behoudens de verontreiniging met oplosmiddelen in het grondwater, immobiel zijn. In een schrijven van de RUD Utrecht (briefnummer: Z/21/708691-926271, d.d. 4 november 2021) wordt geadviseerd om deze verontreinigingen nader te onderzoeken. Vanuit het voornemen om op het perceel diverse woningen te bouwen, richt onderhavig onderzoek zich op het terreindeel buiten de bebouwing (circa twee hectare, vanuit de historie als onverdacht te beschouwen), welke vanuit de eerdere onderzoeken slechts beperkt is onderzocht. De eerder aangetoonde verontreinigingen met PCB en nikkel in de grond (vanuit het verzoek van de RUD Utrecht) worden aanvullend onderzocht. Vanuit topotijdreis (www.topotijdreis.nl) is de verkaveling van de omgeving rond het onderzoeksperceel vanaf 1850 op de kaarten zichtbaar. In de kaart van 1874 maakt het perceel nog onderdeel uit van het landgoed Cromwijck. In de kaart van 1950 is de voormalige kwekerij zichtbaar. De eerste bebouwing op het perceel is in de kaart van 1970 ingetekend. De op het perceel aanwezige loodsen staan vanaf 1981 ingetekend.
Dit is feitelijk de situatie zoals deze tot op heden nog aanwezig is. Voor topografische kaarten wordt verwezen naar bijlage 7. Vanuit het dinoloket blijkt dat de bodem ter plaatse van 0 tot circa 1,8 m-maaiveld uit zandige klei bestaat. Daaronder bevindt zich een zandlaag die tot aan de onderzijde van de boring (29,9 m-maaiveld) wordt aangetroffen. Voor het bodemprofiel wordt verwezen naar bijlage 8. De regionale grondwaterstromingsrichting is globaal gezien zuidwestelijk, richting de vrijwel aangrenzende rivier De Vecht. In de praktijk moet rekening worden de rivier die een deel van het jaar ontwatert en een deel van het jaar infiltreert.
2.3
Conclusies vooronderzoek en onderzoekshypothese Vanuit het vooronderzoek is er voor het nog niet onderzochte, overige terreindeel geen aanleiding geweest voor het wijzigen van de onderzoeksstrategie. Dit deel van het onderzoek is derhalve uitgevoerd volgens de NEN 5740 ‘Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond. Op basis van de beschikbare informatie is hierbij de onderzoeksstrategie voor een ‘onverdachte locatie (ONV) gehanteerd. Het aanvullend onderzoek naar de aanwezigheid van PCB en nikkel is gebaseerd op de NTA 5755: 2010 strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek – onderzoek naar de ernst en omvang van bodemverontreiniging.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 6 van 17
De NTA 5755 beschrijft de werkwijze voor het opstellen van een onderzoekstrategie voor een nader onderzoek gericht op een vermoedelijk geval van ernstige bodemverontreiniging. Op basis van de aanleiding en het doel van het nader onderzoek wordt de benodigde informatiebehoefte bepaald. Het nader onderzoek dient vooraf te worden gegaan door een toetsing of de beschikbare informatie voldoet aan het voor het nader onderzoek voorgeschreven uitgebreide vooronderzoek volgens de NEN 5725. Echter, het vooronderzoek wat in het kader van de diverse eerdere bodemonderzoeken is uitgevoerd, is reeds op standaard niveau. Verwacht wordt dat dit voldoende is. De verzamelde historische informatie vormt de basis van het conceptueel model. In dit model worden de verwachtingen ten aanzien van de oorzaak (bron), aard, plaats van voorkomen en verdeling van de verontreinigingen over de bodemfasen toegelicht. Het conceptueel model dient als raamwerk voor het identificeren en ontwikkelen van kennisleemtes, zodat hiermee de noodzakelijke onderzoeksvragen geformuleerd kunnen worden en de uitvoering van het nader onderzoek verder ingevuld kan worden.
Het voor onderhavig opgestelde voorlopige conceptueel model staat hieronder samengevat: De oorzaak van de aangetroffen verontreinigingen betreffen immobiele stoffen en dienen te worden gezocht in de aanwezigheid van bodemvreemd materiaal, dat zich in de bodemlaag van 0,5 tot 1,0 meter minus maaiveld (m-mv) lijkt te bevinden. De horizontale en verticale verspreiding van de verontreiniging is echter nog niet eerder vastgesteld. Aangezien de bronlocatie van de verontreiniging in het grondwater op een naastgelegen perceel is gelegen en de planontwikkeling niet voorziet in woningbouw in de directe omgeving van de aangetoonde grondwaterverontreiniging, is aanvullend onderzoek naar de kwaliteit van het grondwater op dit terreindeel niet gewenst. Op basis van het conceptueel model worden de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: 1.
Is er een verband tussen in de bodem aanwezige bodemvreemde materialen en de eerder aangetroffen verontreinigingen?
2. 3.
Wat is de horizontale en verticale verspreiding van de verontreinigingen in de grond? Is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging volgens het gestelde in de Wet bodembescherming, dat wil zeggen meer dan 25 m3 sterk verontreinigde grond en is er daarmee een saneringsverplichting?
Omdat er aanwijzingen zijn dat sprake is van een diffuse bodemverontreiniging, wordt § 6.4.4 van NTA 5755 gehanteerd waarbij als onderzoeksstrategie een raster van 5 x 5 meter wordt aangehouden. NB: Bij de interpretatie van het totaal aan onderzoeksgegevens dient, gezien de gehanteerde strategieën, die zijn gericht op een indicatieve beoordeling van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, rekening gehouden te worden met een zeker restrisico. Tevens wordt erop gewezen, dat onderhavig onderzoek een momentopname is.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 7 van 17
3
UITGEVOERDE WERKZAAMHEDEN
3.1
Algemeen De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd door Veldwerkbureau Terra Vision en uitgevoerd op basis van de BRL SIKB 2000, protocol 2001: ‘Plaatsen van handboringen en peilbuizen en nemen van grondmonsters etc’. Voor het verrichten van de veldwerkzaamheden ten behoeve van het bodemonderzoek
is
Veldwerkbureau
Terra
Vision
in
het
bezit
van
een
procescertificaat
(certificaatnummer: NC-SIK-20343). Veldwerkbureau Terra Vision is een onafhankelijk opererend adviesbureau dat op geen enkele wijze verbonden is met de opdrachtgever c.q. eigenaar van de onderzoekslocatie. De chemische analyses zijn uitgevoerd door het de door de Raad voor Accreditatie (RvA) geaccrediteerde laboratorium van AlWest te Deventer. Het onderzoeksprogramma is in tabel 3.1 opgesomd. Tabel 3.1: Onderzoeksprogramma ONV-GR Zandpad 41 te
Bodemlaag
Te verrichten onderzoek
Terreindeel onverdacht
Bovengrond
21 x boring tot 0,5 m-mv
4
standaardpakket grond
(20.000 m2)
Ondergrond
6 x boring tot 2,0 m-mv
3
standaardpakket grond
Grondwater
3 x boring met peilbuis
3
standaardpakket grondwater
Grond
12 x boring tot 2,0 m-mv
8
droge stof, PCB
4
droge stof, nikkel
Maarssen
Analysepakket
analyses
Terreindeel drie verdachte deellocaties (2 x PCB en 1 x nikkel) Toelichting op tabel: Standaardpakket grond: Standaardpakket grondwater:
3.2
Aantal
metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink), PAK (VROM 10), minerale olie, PCB’s; metalen, vluchtige aromaten (BTEXN en styreen), vluchtige chloorkoolwaterstoffen (18 verbindingen), minerale olie.
Veldwerkzaamheden Het veldwerk is uitgevoerd op 7 en 8 juni 2022 (plaatsen boringen en peilbuizen) door de heer F. Kruithof van Veldwerkbureau Terra Vision. Het bemonsteren van het grondwater uit de geplaatste peilbuizen is op 15 juni 2022, eveneens door de heer F. Kruithof van Veldwerkbureau Terra Vision verricht. De locaties van de boringen staan weergegeven in bijlage 2. Het opgeboorde materiaal is beoordeeld op textuur, kleur en zintuiglijk waarneembare verontreinigingen. De gegevens van de monsterpunten zijn verwerkt tot boorprofielen, die zijn opgenomen als bijlage 3. De globale bodemopbouw en de relevante zintuiglijke waarnemingen zijn beschreven in paragraaf 4.1. Voor het vaststellen van een eventueel aanwezige olieverontreiniging is gebruik gemaakt van de olieop-water-test. De grootte en de kleurschakering van de oliefilm op het werkwater geven een indicatie van de mate van verontreiniging. Voor het laboratoriumonderzoek zijn van de bovengrond (0,0-0,5 mmv) uit iedere boring grondmonsters genomen. Uit de boringen tot 2,0 m-mv is per iedere halve meter een grondmonster genomen. Bodemlagen met afwijkende kenmerken (textuur, kleur, aanwezigheid bodemvreemd materiaal, etc) zijn apart bemonsterd.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 8 van 17
Tijdens het uitvoeren van het veldwerk aandacht besteed aan de mogelijke aanwezigheid van (bijmengingen met) puin in de grond. Op basis van de NEN 5707 en jurisprudentie (Raad van State, uitspraaknummer 201508764/1/A1, november 2016) dient vanwege de aanwezigheid van puin, de grond te worden beschouwd als verdacht op de aanwezigheid van een verontreiniging met asbest. Tenzij op basis van beschikbare informatie (bijvoorbeeld het type puin of de datum van aanbrengen van het puin) onderbouwd kan worden dat de bodem niet verdacht is op de aanwezigheid van asbest, dient bij het aantreffen van asbest een verkennend onderzoek asbest in grond conform NEN 5707 te worden uitgevoerd. Met dit onderzoek kan worden bepaald of de verdenking op de aanwezigheid van asbest in de grond terecht is. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn in geen van de boringen bijmengingen van asbestverdacht materiaal aangetoond. De visuele waarnemingen en de resultaten vanuit de eerdere bodemonderzoeken waren voor ons bureau geen aanleiding om aanvullend asbestonderzoek te verrichten.
3.3
Chemisch-analytisch onderzoek De samenstelling van de analysepakketten is als volgt: Standaardpakket grond: -
zware metalen: barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink;
-
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (PAK);
-
PCB’s (Polychloorbifenyl);
-
minerale olie (GC).
Standaardpakket grondwater:
3.4
-
zware metalen: barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink;
-
vluchtige aromatische koolwaterstoffen (BTEXN);
-
vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen;
-
minerale olie (GC).
Toetsingskader De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Wet Bodembescherming. Het toetsingskader bestaat uit achtergrond- (voor grond) en streefwaarden (voor grondwater) alsmede interventiewaarden. Het gemiddelde van achtergrondwaarde (voor grond) of streefwaarde (voor grondwater) en de interventiewaarde wordt als tussenwaarde aangeduid. Een beschrijving van de waarden is hieronder weergegeven: Achtergrondwaarden (AW) (alleen voor grond) De achtergrondwaarden geven de milieuhygiënische kwaliteit voor bodem, waarop geen locatiespecifieke bodembelasting is opgetreden. De achtergrondwaarden geven derhalve de gemiddelde gehalten van de parameters in gebieden, waarin geen antropogene beïnvloeding van de bodem heeft plaatsgevonden.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 9 van 17
Streefwaarden (S) (alleen voor grondwater) De streefwaarden geven het uiteindelijk te bereiken kwaliteitsniveau voor de bodem aan. De streefwaarden hebben betrekking op de in de natuur voorkomende achtergrondconcentraties, of detectiegrenzen bij stoffen die niet in natuurlijke milieus voorkomen. Ook is er een risicobenadering in de streefwaarden geïntegreerd. Tussenwaarden (T) De tussenwaarde ofwel het criterium voor nader onderzoek (gemiddelde van achtergrond- en interventiewaarde) is vastgesteld om aan te geven dat een nader onderzoek nodig is. Voor stoffen waarvoor geen achtergrondwaarde is vastgesteld, dient ½ (interventiewaarde) gehanteerd te worden. Interventiewaarden (I) De interventiewaarden geven het concentratieniveau voor verontreinigende stoffen aan waarboven sprake is van ernstige bodemverontreiniging. Indien de interventiewaarde voor grond een bodemvolume van 25 m³ of voor grondwater een bodemvolume van 100 m³ overschrijdt, is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Voor asbest geldt dit omvangscriterium niet en is er al sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging, als de interventiewaarde in enig bodemvolume wordt overschreden. In bijzondere situaties kan ook bij concentraties beneden de interventiewaarden sprake zijn van een geval van ernstige verontreiniging.
De interventiewaarden zijn gebaseerd op de risico’s voor de volksgezondheid en het ecosysteem. De achtergrond- en interventiewaarden in de grond zijn gerelateerd aan het gehalte aan lutum en organische stof (humus) van de bodem. Wanneer een gehalte tussen de achtergrondwaarde/ streefwaarde en de tussenwaarde ligt, wordt dit in de tekst aangeduid als een licht verhoogd gehalte. Een gehalte tussen de tussenwaarde en de interventiewaarde wordt aangeduid als een matig verhoogd gehalte. Een gehalte boven de interventiewaarde wordt aangeduid als een sterk verhoogd gehalte. Het toetsingskader bevat een aantal voorschriften voor toetsing in het geval het gehalte/ de concentratie van één parameter of de gehalten/ concentraties van één of meer stoffen behorend bij een somparameter beneden de detectiegrens liggen. In dit geval dient de detectiegrens met een factor 0,7 vermenigvuldigd te worden en vervolgens getoetst. In de onderhavige rapportage zijn overschrijdingen van de achtergrond- of streefwaarden, die uitsluitend het gevolg van dergelijke statistische bewerkingen, genegeerd. Dergelijke toetsingsresultaten hebben ons inziens geen toegevoegde waarde. Uitsluitend, wanneer sprake is van significante overschrijding van de toetsingswaarden door de detectiegrenzen, worden waarden beneden detectiegrenzen behandeld.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 10 van 17
4
RESULTATEN
4.1
Zintuiglijke waarnemingen In het veld zijn de fysische bodemeigenschappen per te onderscheiden bodemlaag omschreven. In tabel 4.1 is de globale bodemopbouw weergegeven zoals tijdens de veldwerkzaamheden aangetroffen. In tabel 4.2 zijn de resultaten van metingen tijdens de bemonstering van het grondwater weergegeven. Tabel 4.1: globaal overzicht bodemopbouw Diepte (m-mv)
Samenstelling
0,0 – 0,7
klei, sterk zandig, beige
0,7 – 1,0
klei, zwak zandig, beige
1,0 – 1,5
klei, sterk siltig, zwak zandig, beige
1,5 – 3,0 *
zand, matig fijn, matig siltig, beige
Toelichting tabel m-mv: meter minus maaiveld *: maximale boordiepte
Zintuiglijk zijn in de opgeboorde (boven)grond diverse waarnemingen gedaan die kunnen duiden op de aanwezigheid van verontreiniging in de grond. De visuele waarnemingen waren, mede gezien de resultaten van het eerder uitgevoerde bodemonderzoek, geen aanleiding voor het uitvoeren van een aanvullend onderzoek conform NEN 5707, op asbest in de grond. Wel is er op basis van de visuele waarnemingen en de nogal wisselende grondslag besloten tot het inzetten van een aantal extra grondmonsters op NEN pakket grond. Tijdens het uitvoeren van de veldwerkzaamheden bleek de dikte van de kleilaag op locatie, sterk te verschillen. De boorstaten zijn opgenomen in bijlage 3. In tabel 4.2 zijn de resultaten van veldmetingen van het grondwater weergegeven. Tabel 4.2: resultaten van metingen aan het grondwater pH-waarde ( -/-) 7,62
Troebelheid (NTU) 51
EC (µS/cm) 947
1,62
7,19
13,31
1.362
1,24
7,31
8,54
547
124
Filterdiepte (m-mv) 1,7 – 2,7
Grondwaterstand (m-mv) 1,52
130
2,0 – 3,0
131
1,2 – 2,2
Peilbuis nr.
Toelichting tabel: m-mv: meter minus maaiveld
De gemeten waarden in het grondwater wijken niet af van de waarden, die onder de natuurlijke omstandigheden verwacht kunnen worden. De verhoogde troebelheid in de peilbuizen is vanuit de resultaten van de grondwateranalyses geen aanleiding voor vervolgonderzoek.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 11 van 17
4.2
Analyseresultaten grond onverdachte terreindeel De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 4. In bijlage 5 zijn de analyseresultaten getoetst aan de achtergrond- en interventiewaarden. De resultaten van de toetsing zijn in tabel 4.3 opgesomd. Tabel 4.3: Getoetste analyseresultaten grond (onverdachte terreindeel) Analysemonster
Traject (m-mv)
mp 107 t/m 109, 110, 124, 127 en 128
>AW
>T
>I
0,0 – 0,5
lood, koper, kwik, minerale olie, PAK, PCB
-
-
mp 111, 112, 116 t/m 119, 121, 131 en 132
0,0 – 0,5
cadmium, zink, nikkel, lood, koper, kobalt, kwik, PAK, PCB
-
-
mp 120, 122, 123, 125 en 126 (sporen koolas)
0,0 – 0,5
lood, koper, kwik
-
-
mp 113 t/m 115 (brokken asfalt)
0,0 – 0,3
zink, nikkel, lood, kobalt, PCB
-
-
mp 101 t/m 106 (brokken asfalt)
0,0 – 0,3
zink, nikkel, lood, koper, kobalt, minerale olie, PCB, PAK
-
-
mp 130 (matig koolas)
0,2 – 0,5
zink, kwik, PCB
lood, koper
-
mp 102, 117, 115 en 120 (zandgrond)
0,5 – 2,0
kobalt
-
-
mp 124, 127, 130 t/m 132 (zandgrond)
0,5 – 2,0
nikkel, kobalt
-
-
mp 106, 107, 115, 124 en 127 (kleigrond)
0,5 – 2,0
lood
-
-
Toelichting tabel:
m-mv:
meter minus maaiveld
Uit de analyseresultaten blijkt dat er in vrijwel alle grondmonsters sprake is van lichte overschrijdingen van zware metalen en/of minerale olie, PCB en PAK. In één separaat grondmonster waarin matige bijmengingen met koolas zijn vastgesteld, is er sprake van matig verhoogde gehalten lood en koper.
4.3
Analyseresultaten grond aanvullend onderzoek Voor het aanvullend onderzoek zijn de boringen waar eerder verontreiniging is aangetoond, opnieuw onderzocht. Daarnaast zijn rondom deze boringen drie boringen tot 2,0 m-maaiveld verricht. De boringen zijn in een raster van 5 x 5 meter geplaatst, waarbij voor één zijde, de perceelsgrens is aangehouden. De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 4. In bijlage 5 zijn de analyseresultaten getoetst aan de achtergrond- en interventiewaarden. De resultaten van de toetsing zijn in tabel 4.4 opgesomd. Tabel 4.4: Getoetste analyseresultaten grond individuele deelmonsters Analysemonster
Parameter
Doelstelling
Traject (m-mv)
mp 210
PCB
vert. afperking
mp 210a
PCB
hor. afperking
mp 210b
PCB
hor. afperking
mp 210c
PCB
hor. afperking
mp 207
PCB
mp 207a
vert. afperking
PCB
hor. afperking
>AW
>T
>I
1,0 – 1,5
PCB
-
-
0,5 – 0,8
PCB
-
-
0,5 – 1,0
PCB
-
-
0,5 – 1,0
PCB
-
-
0,8 – 1,3
PCB
-
-
0,5 – 1,0
PCB
-
-
-
-
mp 207b
PCB
hor. afperking
0,5 – 1,0
PCB
mp 207c
PCB
hor. afperking
0,5 – 1,0
-
-
mp 213
nikkel
vert. afperking
1,0 – 1,5
-
nikkel
-
-
nikkel
mp 213a
nikkel
hor. afperking
0,5 – 1,0
-
mp 213b
nikkel
hor. afperking
0,5 – 1,0
-
-
nikkel
mp 213c
nikkel
hor. afperking
0,5 – 1,0
nikkel
-
-
Toelichting tabel:
m-mv:
meter minus maaiveld
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 12 van 17
Uit de analyseresultaten afkomstig van de individuele deelmonsters van de ondergrond blijkt dat de gehalten PCB alleen licht zijn verhoogd. De gehalten nikkel overschrijden in één grondmonster de tussenwaarde en in twee grondmonsters de interventiewaarde.
4.4
Analyseresultaten grondwater De analysecertificaten zijn opgenomen als bijlage 4. In de tabellen in bijlage 5 zijn de analyseresultaten getoetst aan de streef- en interventiewaarden. De resultaten van de toetsing zijn in tabel 4.5 opgesomd. Tabel 4.5: Getoetste analyseresultaten grondwater Watermonster
Filterdiepte (m-mv)
>S
>I
124
1,7 – 2,7
barium
-
130
2,0 – 3,0
barium
-
131
1,2 – 2,2
barium
-
In de grondwatermonsters zijn licht verhoogde gehalten barium aangetoond. Barium wordt regelmatig in licht verhoogde gehalten in het grondwater aangetroffen en is dan vaak van nature in de bodem aanwezig.
4.5
Toetsing hypothese en conceptueel model Op basis van de onderzoeksresultaten dient de hypothese "onverdacht", voor het onverdachte terreindeel te worden verworpen. Dit vanwege het feit dat in de grond met name licht verhoogde gehalten zware metalen, minerale olie, PAK en PCB zijn aangetoond. En vanwege het feit dat in het grondwater licht verhoogde gehalten barium zijn vastgesteld. Op basis van de onderzoeksresultaten kan de hypothese "verdacht" voor de terreindelen die nader zijn onderzocht, worden bevestigd. Dit in verband met het aangetoonde licht verhoogde gehalten PCB in de ondergrond en de licht tot sterk verhoogde gehaltes nikkel in de ondergrond. Op basis van het geformuleerde conceptueel model kunnen de onderzoeksvragen als volgt worden beantwoord: 1.
Is er een verband tussen het aangebrachte bodemvreemde materiaal in de bovengrond en de eerder aangetroffen verontreinigingen?
De in de bodem aangetoonde verontreinigingen zijn ook aangetroffen in de bodemlagen die bodemvreemd materiaal bevatten. Toch is er geen directe relatie tussen de aangetoonde gehalten en de aanwezigheid van bodemvreemd materiaal. Uitzondering hierop vormt één grondmonster waarin een matige bijmenging met koolas is waargenomen en waarin matig verhoogde gehalten lood en koper zijn vastgesteld. 2.
Wat is de horizontale en verticale verspreiding van de verontreinigingen in de grond?
Met het aanvullend onderzoek zijn geen matig tot sterk verhoogde gehalten PCB vastgesteld. Hiermee is vastgesteld dat de verontreinigingen met PCB beperkt zijn tot de grond direct rondom de eerder verrichte boringen.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 13 van 17
Ter plaatse van boring 213 is de sterke verontreiniging met nikkel in de bodemlaag van 0,5 tot 1,0 m-mv vastgesteld. De horizontale verspreiding is niet vastgesteld, aangezien in twee van de drie afperkende boringen sprake is van sterk verhoogde gehalten nikkel. 3.
Is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging volgens het gestelde in de Wet bodembescherming, dat wil zeggen meer dan 25 m3 sterk verontreinigde grond en is er daarmee een saneringsverplichting?
Vanuit de onderzoeksresultaten is er geen sprake van ernstige verontreinigingen met PCB. Wel blijkt dat er in drie boringen sprake is van een sterk verhoogd gehalte nikkel, waarmee kan worden vastgesteld dat de hoeveelheid sterk verontreinigde grond het volumecriterium van 25 m3 overschrijdt. Aangezien de omvang van de verontreiniging met nikkel in de ondergrond meer dan 25 m3 sterk verontreinigde grond betreft, is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging en daarmee een saneringsverplichting.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 14 van 17
5
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES In opdracht van Carpenti B.V. is door Bodemportaal B.V. een verkennend en aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd op het perceel Zandpad 41 te Maarssen. De aanleiding voor het uitvoeren van het onderzoek is de voorgenomen ontwikkeling van woningen op de locatie. Het onderzoek heeft als doel, inzicht te verschaffen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse, teneinde vast te kunnen stellen of deze al dan niet een belemmering vormt voor de beoogde nieuwbouw. Historie van het perceel Het perceel is van ca. 1900 tot 1920 in gebruik geweest als fruitkwekerij. Rond 1920 is de locatie overgenomen door de heer Kuyvenhoven en voormalige tuinderij van Kuyvenhoven. Dit bedrijf, gelegen op het oude gebied van Cromwijck is in 1920 opgericht. Sinds ca. 1966 is de locatie in gebruik als caravanstalling. Met een eerder bodemonderzoek ter plaatse van de op het perceel gelegen loodsen (2018), zijn alleen licht verhoogde gehalten van de onderzochte stoffen in de grond en het grondwater aangetoond. Deze gehalten waren destijds geen aanleiding voor het uitvoeren van aanvullend bodemonderzoek In 2021 is een deel van het terrein aanvullend onderzocht. Met dit bodemonderzoek zijn in twee boringen sterk verhoogde gehalten PCB aangetoond. Ook is er in één boring een sterk verhoogd gehalte nikkel vastgesteld.
Dit betreft allen de bodemlaag van 0,5 tot 1,0 m minus maaiveld (m-mv). In één steekbusmonster is er sprake van een matig verhoogd gehalte tetrachlooretheen. Het grondwater ter plaatse van twee peilbuizen bevat gehalten gechloreerde oplosmiddelen die de saneringswaarden (interventiewaarden) overschrijden. De verontreinigingen met gechloreerde oplosmiddelen zijn echter niet van het eigen perceel afkomstig, maar zijn veroorzaakt en afkomstig van het naastgelegen terrein (voormalige stofzuigerfabriek). Onderzoeksopzet Onderhavig onderzoek richt zich enerzijds op een nog niet eerder onderzocht, historisch onverdacht terreindeel en betreft anderzijds een aanvullend bodemonderzoek op de locaties waar eerder sterk verhoogde gehaltes PCB en nikkel in de grond zijn vastgesteld. Het onderzoek op het onverdachte terreindeel is derhalve uitgevoerd volgens de NEN 5740 ‘Bodem Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond. Op basis van de beschikbare informatie is hierbij de onderzoeksstrategie voor een ‘onverdachte locatie (ONV) gehanteerd. Het aanvullend onderzoek naar de aanwezigheid van PCB en nikkel is gebaseerd op de NTA 5755: 2010 strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek – onderzoek naar de ernst en omvang van bodemverontreiniging.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 15 van 17
Resultaten onverdachte terreindeel Tijdens de veldwerkzaamheden zijn in de opgeboorde grond zintuiglijk diverse waarnemingen gedaan die kunnen duiden op de aanwezigheid van verontreiniging in de grond. Het betreft hier met name asfaltbrokken en koolas in de bovengrond. De visuele waarnemingen waren, mede gezien de resultaten van het eerder uitgevoerde bodemonderzoek, geen aanleiding voor het uitvoeren van een aanvullend onderzoek conform NEN 5707, op asbest in de grond. Wel is er op basis van de visuele waarnemingen en de nogal wisselende grondslag besloten tot het inzetten van een aantal extra grondmonsters op NEN pakket grond. Tijdens het uitvoeren van de veldwerkzaamheden bleek de dikte van de kleilaag op locatie, sterk te verschillen. Uit de analyseresultaten blijkt dat er in vrijwel alle grondmonsters sprake is van lichte overschrijdingen van zware metalen en/of minerale olie, PCB en PAK. In één separaat grondmonster waarin matige bijmengingen met koolas zijn vastgesteld, is er sprake van matig verhoogde gehalten lood en koper. In de grondwatermonsters zijn licht verhoogde gehalten barium aangetoond. Barium wordt regelmatig in licht verhoogde gehalten in het grondwater aangetroffen en is dan vaak van nature in de bodem aanwezig.
Resultaten aanvullend bodemonderzoek Uit de analyseresultaten afkomstig van de individuele deelmonsters van de ondergrond blijkt dat de gehalten PCB alleen licht zijn verhoogd. De gehalten nikkel overschrijden in één grondmonster de tussenwaarde en in twee grondmonsters de interventiewaarde. Conclusies en aanbevelingen De lichte overschrijdingen van de streefwaarden van de grondmonsters op het onverdachte terreindeel en het licht verhoogde gehalte barium in het grondwater zijn geen aanleiding voor het uitvoeren van nader bodemonderzoek. De licht verhoogde gehalten PCB in de separate grondmonsters van het aanvullend bodemonderzoek tonen aan dat de sterke verontreinigingen met PCB beperkt blijven tot de grond direct rondom de eerder verrichte boringen. Vanuit de onderzoeksresultaten is er geen sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met PCB. De sterke verontreinigingen met nikkel zijn tijdens het aanvullend bodemonderzoek in de bodemlaag van 0,5 tot 1,0 m-mv vastgesteld. De horizontale verspreiding is niet vastgesteld, aangezien in twee van de drie afperkende boringen sprake is van sterk verhoogde gehalten nikkel. Vanuit de onderzoeksresultaten is er sprake van een hoeveelheid sterk verontreinigde grond die het volumecriterium van 25 m3 overschrijdt.
Aangezien de omvang van de verontreiniging met nikkel in de ondergrond meer dan 25 m3 sterk verontreinigde grond betreft, is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging en daarmee een saneringsverplichting.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 16 van 17
Bodemsanering De wijze en het tijdstip van bodemsanering is afhankelijk van het tijdstip waarop de verontreiniging is ontstaan en de aard en omvang van de in de bodem aangetoonde stoffen. In onderhavige situatie zijn de sterke verontreinigingen in de bodemlaag van 0,5 tot 1,0 m-mv aangetoond en betreft het de parameter nikkel die als ´immobiel´ kan worden beschouwd. Vanuit de historie van het terrein kan worden aangenomen dat deze voor 1987 is ontstaan, waardoor er sprake is van een geval van historische bodemverontreiniging. Bij een geval van historische bodemverontreiniging met immobiele stoffen, wordt onder het saneren van de bodem, het wegnemen van de actuele risico´s voor de voor het terrein beoogde functie verstaan. Het tijdstip voor het verwijderen van de verontreiniging is niet wettelijk vastgesteld, maar kan op een ´natuurlijk moment´ plaatsvinden. Een ´natuurlijk moment´ is het moment dat er sprake is van een nieuwe functie van het terrein, bijvoorbeeld van bedrijfsterrein naar woningbouw. Omdat de aangetoonde sterke verontreinigingen zich in de bodemlaag van 0,5 tot 1,0 m-mv bevinden, is er geen direct contact met de verontreiniging mogelijk. Daarnaast is er voor het verontreinigde terreindeel geen woningbouw gepland. Vanuit de beoogde bestemming van het perceel zal dit terreindeel als ‘groen’ en ‘verkeer-verblijfsgebied’ worden ingericht.
Vanuit het bovengenoemde wettelijke kader, de beoogde bestemming ‘groen’ en ‘verkeerverblijfsgebied’, het gegeven dat er alleen de parameter nikkel tot boven de interventiewaarde is aangetoond en er geen directe contactmogelijkheden zijn, is er vanuit de beoogde planontwikkeling geen directe aanleiding voor aanvullend bodemonderzoek en sanerende maatregelen. Deze conclusie wijzigt als er op dit terreindeel sprake is van een functiewijziging, naar bijvoorbeeld wonen. Voor de functie wonen volstaat de leeflaag van 0,5 m-maaiveld niet en moet er tenminste sprake zijn van een leeflaag van 1,0 meter voor de functie geschikte grond. Samenvattend voorzien wij vanuit de resultaten van het verkennend en aanvullend bodemonderzoek geen directe belemmeringen voor de beoogde ontwikkeling van woningbouw. Met betrekking tot de aangetoonde verontreiniging met nikkel adviseren wij om dit terreindeel (conform het beoogde bestemmingsplan, zie bijlage 6) als ‘groen’ en ‘verkeer-verblijfsgebied’ in te richten. Volledigheidshalve wordt opgemerkt, dat rekening gehouden dient te worden gehouden met het gegeven, dat bij eventuele toekomstige grondwerkzaamheden mogelijk aanvullende analyses noodzakelijk zijn en de grond mogelijk niet zonder restricties buiten de locatie kan worden toegepast. Het Besluit Bodemkwaliteit zal dan van kracht kunnen worden.
Bij het afvoeren van grond vanaf het perceel dient tevens rekening te worden gehouden met het tijdelijk handelingskader PFAS/PFOA.
Project
: Verkennend en aanvullend bodemonderzoek Zandpad 41 te Maarsen
Projectnummer
: BO222CA01 17 van 17
BIJLAGE 1: REGIONALE LIGGING ONDERZOEKSLOCATIE
BIJLAGE 2: OVERZICHT LOCATIE MET MONSTERPUNTEN
128
109
N
107 127
108
110
101 102 126 103 125
legenda
124
210B
210C
210 201A
104
Boring 0,5 m - mv
129 Boring 1,0 m - mv
123
Boring 2,0 m - mv 105 Peilbuis 130
121
Inspectiegat 0.5 m - mv
106
114
122
112 Inspectiegat 1.0 m - mv
115
113
131
132
111
Inspectiegat 2.0 m - mv
213B 213C
213 213A
119 207B 207
116
207C 120 117
207A 118
Project: Zandpad 41, Maarssen Werknummer:
BO222CA01
Tekeningnummer:
Bijlage 2
Datum:
05-07-2022
Schaal:
1:1500
Opdrachtgever:
Carpenti B.V. 0m
10 m
50 m
Formaat: A4
BIJLAGE 3:
BOORPROFIELEN
101
grind / cm t ov Ref.
0 1
grind, silt ig, , brokken bet on, brokken asfalt , edelm an
2
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an
105 0
grind / cm t ov Ref.
0 1
-20 50
0
grind, silt ig, , brokken bet on, brokken asfalt , edelm an -30
50
2
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an
-70 -80 t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 9 1 .9 5 4 6 3 1 0 9 .9 1
t ype dat um boorm eest er x y
102
grind / cm t ov Ref.
0 1
106
0
grind, silt ig, , brokken bet on, brokken asfalt , edelm an
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 2 8 .1 5 4 6 3 0 0 7 .5 6
grind / cm t ov Ref.
0 1 -20
2
50
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an
2 50 -70
3 100
-100 4
3
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, beige, grijs, brokken klei, edelm an zand, m at ig fijn, st erk silt ig, beige, edelm an
150
t ype dat um boorm eest er x y
0
grind, silt ig, , brokken bet on, brokken asfalt , edelm an -20
, m at ig puin, brokken bet on, laagjes klei, edelm an, puin m et grind koolas en klei
-50
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 2 2 .1 8 4 6 2 9 8 8 .9 2
-70
5 200 t ype dat um boorm eest er x y
-200
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 2 4 .9 6 4 6 3 1 0 3 .8 9
107
braak / cm t ov Ref.
0 1
klei, st erk zandig, beige, zwak puin, edelm an
2
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an
3
klei, zwak zandig, beige, zwak bakst een, edelm an
0
-20 50
-70
103
100
grind / cm t ov Ref.
0 1
grind, silt ig, , brokken asfalt , edelm an
2
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an
-20 50
-100
0
4
klei, st erk silt ig, beige, zwak roest , zwak zand, edelm an
150
-150 5
-70
zand, zeer fijn, st erk silt ig, licht beige, grijs, brokken klei, zwak roest , edelm an
200 t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 4 1 .7 2 4 6 3 0 7 9 .2 7
t ype dat um boorm eest er x y
104
grind / cm t ov Ref.
0 1
108
0
grind, silt ig, , brokken asfalt , edelm an
-200
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 8 6 .5 1 4 6 3 1 2 3 .4 9
braak / cm t ov Ref.
0 1
klei, st erk zandig, beige, zwak puin, edelm an
2
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an
-30 50
2
klei, st erk zandig, beige, bruin, sporen bakst een, zwak zand, edelm an
-20 50 -80
t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 3 5 .7 0 4 6 3 0 4 8 .1 7
onderzoek project code get ekend conform
-70 t ype dat um boorm eest er x y
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 Z a n d p a d 4 1 M a a r sse n BO2 2 2 CA0 1 N EN 5 1 0 4
0
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 0 7 .3 9 4 6 3 1 1 4 .9 6
109
braak / cm t ov Ref.
0 1
114 0
grind / cm t ov Ref.
0
klei, st erk zandig, beige, zwak puin, zwak bakst een, zwak asfalt , edelm an
1
grind, silt ig, , brokken bet on, brokken asfalt , edelm an
2
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an
0
-20 2
50
-20
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an
50
-70
-70 t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 3 5 .3 7 4 6 3 1 3 0 .2 0
t ype dat um boorm eest er x y
110
braak / cm t ov Ref.
0 1
klei, st erk zandig, beige, zwak puin, edelm an
2
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 7 8 .8 9 4 6 2 9 9 4 .6 3
115 0
grind / cm t ov Ref.
0 1
-20 50
0
grind, silt ig, , brokken bet on, brokken asfalt , edelm an -30
50
2
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an
-70 -80 t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 4 1 .4 9 4 6 3 1 0 6 .7 3
100
3
4 -150
150 5
111
t uin / cm t ov Ref. 1
0
klei, st erk zandig, bruin, zwak wort els, edelm an -50
50
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 2 6 .1 1 4 6 2 9 6 5 .8 3
t ype dat um boorm eest er x y
-200
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 6 3 .7 8 4 6 2 9 8 1 .8 8
116
gras / cm t ov Ref.
0 1
112 1
0
klei, st erk zandig, bruin, zwak wort els, edelm an -50
50
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 1 1 .5 2 4 6 2 9 8 4 .9 4
t ype dat um boorm eest er x y
-50
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 9 2 .5 8 4 6 2 9 4 2 .5 6
117
gras / cm t ov Ref.
0 1
113 1
0
grind, silt ig, , brokken bet on, brokken asfalt , edelm an -30
50
2
klei, st erk zandig, beige, sporen bakst een, edelm an -80
t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 9 0 .9 4 4 6 2 9 8 1 .7 5
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
Z a n d p a d 4 1 M a a r sse n BO2 2 2 CA0 1 N EN 5 1 0 4
t ype dat um boorm eest er x y
0
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an -50
50
grind / cm t ov Ref.
0
0
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
50
t uin / cm t ov Ref.
0
t ype dat um boorm eest er x y
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, beige, edelm an
200
0
t ype dat um boorm eest er x y
klei, zwak zandig, beige, bruin, sporen bakst een, zwak roest , edelm an
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 7 1 .2 4 4 6 2 9 3 2 .7 8
118
gras / cm t ov Ref.
0 1
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
50 t ype dat um boorm eest er x y
t ype dat um boorm eest er x y
gras / cm t ov Ref. 1
1 -50
t ype dat um boorm eest er x y
120
gras / cm t ov Ref.
-50
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 4 2 .8 6 4 6 3 0 2 0 .4 4
124
1 0
-40
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an gras / cm t ov Ref.
0 1
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, sporen bakst een, edelm an
2
klei, st erk zandig, beige, zwak roest , zwak bakst een, edelm an
3
klei, st erk zandig, beige, zwak roest , laagjes zand, edelm an
4
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, beige, edelm an
-50
50 2
3
100
klei, st erk zandig, beige, zwak bakst een, sporen koolas, zwak roest , edelm an zand, zeer fijn, m at ig silt ig, licht beige, edelm an
-100
100
150 -160
zand, zeer fijn, m at ig silt ig, licht beige, grijs, edelm an
-150
150
200 -210 t ype dat um boorm eest er x y
170
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 4 6 .4 8 4 6 2 9 3 7 .4 8
200 5 250 270
121
6 -300
300
gras / cm t ov Ref.
0 1
0
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an -50
50 t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 3 3 .8 3 4 6 2 9 7 5 .8 1
t ype dat um boorm eest er x y
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 4 4 .6 1 4 6 3 0 3 9 .4 7
125
gras / cm t ov Ref.
0 1
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 Z a n d p a d 4 1 M a a r sse n BO2 2 2 CA0 1 N EN 5 1 0 4
0
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, sporen bakst een, sporen koolas, edelm an -50
50 t ype dat um boorm eest er x y
onderzoek project code get ekend conform
0
-50
50
-70
4
5
0
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, sporen bakst een, sporen koolas, edelm an
50
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 3 4 .2 7 4 6 2 9 5 4 .7 5
0
gras / cm t ov Ref.
0
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
50
1
-50
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 4 3 .6 4 4 6 2 9 9 2 .6 1
123 0
0
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, sporen bakst een, sporen koolas, edelm an
50
-50
119
gras / cm t ov Ref. 1
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 3 2 .2 5 4 6 2 9 1 8 .3 2
0
t ype dat um boorm eest er x y
122 0
0
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 4 2 .5 2 4 6 3 0 6 2 .5 5
126
gras / cm t ov Ref.
0 1
130
1 0
-50
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, sporen bakst een, sporen koolas, edelm an
50
-50
bossage / cm t ov Ref.
0 1
t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 5 2 .2 1 4 6 3 0 9 1 .8 0
2 50
0
klei, m at ig zandig, , m at ig wort els, zwak bakst een, edelm an -20
klei, st erk zandig, beige, m at ig puin, m at ig koolas, edelm an -50
3
klei, st erk zandig, beige, zwak roest , sporen bakst een, edelm an
100
127
4
gras / cm t ov Ref.
0 1
0
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
5 -50
50 2
200
zand, zeer fijn, st erk silt ig, beige, grijs, edelm an
200
klei, st erk zandig, beige, zwak roest , edelm an
100
6 250
-100 3
-150
150
klei, st erk zandig, beige, zwak roest , laagjes zand, edelm an
7
150
300
300
-300
4 -170 5
200
t ype dat um boorm eest er x y
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, beige, edelm an -220
t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 5 0 .1 4 4 6 3 1 1 8 .1 7
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 5 3 .9 7 4 6 3 0 0 3 .9 1
131
1 -30
braak / cm t ov Ref.
0 1
128
gras / cm t ov Ref.
0 1
0
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
50
2
zand, zeer fijn, st erk silt ig, bruin, zwak wort els, zwak bakst een, edelm an
0
-20
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, beige, edelm an -70
-50
50
100 t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 5 8 .6 5 4 6 3 1 3 1 .6 8
150
129 2
3
0
, edelm an -12
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, beige, zwak schelpen, edelm an -25
klei, st erk zandig, grijs, zwak bakst een, zwak roest , edelm an -75
g r on d b or in g 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 6 1 .6 3 4 6 3 0 2 9 .3 2
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
4
5
220
st elcon / cm t ov Ref.
0
t ype dat um boorm eest er x y
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, beige, zwak wort els, edelm an
120
200
50
3
Z a n d p a d 4 1 M a a r sse n BO2 2 2 CA0 1 N EN 5 1 0 4
-220 t ype dat um boorm eest er x y
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 0 7 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 2 9 .2 9 4 6 2 9 7 9 .3 6
132
gras / cm t ov Ref.
0 1
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
2
zand, zeer fijn, m at ig silt ig, licht beige, zwak roest , edelm an
50
207B 0
1 -50
0
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
50
-50 2
100
zand, zeer fijn, kleiig, bruin, grijs, m at ig roest , m at ig koolas, sporen bakst een, brokken klei, edelm an
100 3
3
150
-150 4
150
-150
zand, zeer fijn, m at ig silt ig, licht beige, edelm an
200 t ype dat um boorm eest er x y
gras / cm t ov Ref.
0
4 -200
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 2 0 1 .5 0 4 6 2 9 6 3 .7 5
200 t ype dat um boorm eest er x y
207
gras / cm t ov Ref.
0 1
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
2
zand, zeer fijn, kleiig, bruin, grijs, m at ig roest , m at ig koolas, sporen bakst een, brokken klei, edelm an
-200
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 2 2 .1 1 4 6 2 9 4 5 .6 6
207C 0
100
gras / cm t ov Ref.
0
-30 50
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, grijs, edelm an
1
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
2
klei, st erk zandig, beige, zwak roest , edelm an
0
-50
50
100
3
3 4
-140
150
-150 5
150
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, grijs, edelm an
4
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, beige, edelm an -190
200 t ype dat um boorm eest er x y
-200 t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 2 1 .9 0 4 6 2 9 3 9 .4 3
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 2 7 .2 1 4 6 2 9 3 8 .6 7
210
207A
gras / cm t ov Ref.
0 1
gras / cm t ov Ref.
0 1
klei, st erk zandig, beige, bruin, zwak wort els, edelm an
2
zand, kleiig, beige, zwak roest , edelm an
3
klei, m at ig zandig, beige, m at ig roest , edelm an
4
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, beige, grijs, edelm an
0
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
-50
50 50
-50 2
zand, zeer fijn, kleiig, bruin, grijs, m at ig roest , m at ig koolas, sporen bakst een, brokken klei, edelm an
0
100
-100
100 3 150 150
-150
-150 4
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, grijs, edelm an 200
t ype dat um boorm eest er x y
-200
-200
200
t ype dat um boorm eest er x y
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 2 0 .3 9 4 6 2 9 3 2 .4 8
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
Z a n d p a d 4 1 M a a r sse n BO2 2 2 CA0 1 N EN 5 1 0 4
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 3 1 .5 3 4 6 3 0 2 9 .6 5
210A
gras / cm t ov Ref.
0 1
213 0
klei, st erk zandig, beige, bruin, zwak wort els, edelm an
50
-50 2
3
klei, m at ig zandig, beige, m at ig roest , edelm an
1
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
2
zand, zeer fijn, kleiig, bruin, grijs, m at ig roest , zwak koolas, edelm an
3
klei, st erk silt ig, beige, zwak zand, zwak roest , edelm an
4
zand, zeer fijn, st erk silt ig, grijs, laagjes klei, edelm an
50
0
-50
zand, kleiig, beige, zwak roest , edelm an -80
100
gras / cm t ov Ref.
0
-100
100
4 150
-150 5
200 t ype dat um boorm eest er x y
-200
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 3 0 .5 8 4 6 3 0 2 3 .2 5
210B
gras / cm t ov Ref. 1
3
klei, m at ig zandig, beige, m at ig roest , edelm an
4
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, beige, grijs, edelm an
150
1 50
-100
100
-200
gras / cm t ov Ref. 1
klei, st erk zandig, beige, bruin, zwak wort els, edelm an
2
zand, kleiig, beige, zwak roest , edelm an
50
100
onderzoek project code get ekend conform
-200
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 2 2 .7 2 4 6 2 9 5 7 .7 4
-50
50
-100
100
0
klei, st erk zandig, beige, bruin, zwak wort els, edelm an
2 -100 3
klei, st erk silt ig, beige, zwak zand, zwak roest , zwak bakst een, edelm an
4
zand, zeer fijn, st erk silt ig, grijs, laagjes klei, edelm an
150
-150
-200
200 t ype dat um boorm eest er x y
Z a n d p a d 4 1 M a a r sse n BO2 2 2 CA0 1 N EN 5 1 0 4
gras / cm t ov Ref.
0 1
-200
bodem profielen sch a a l 1 :5 0
zand, zeer fijn, st erk silt ig, grijs, laagjes klei, edelm an
200
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, beige, grijs, edelm an
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 3 7 .4 0 4 6 3 0 3 0 .5 4
4
213B 0
-150
200
3
-150
klei, m at ig zandig, beige, m at ig roest , edelm an
150 4
-100
klei, st erk silt ig, beige, zwak zand, zwak roest , edelm an
150
t ype dat um boorm eest er x y
210C
0
klei, st erk zandig, beige, bruin, zwak wort els, edelm an
2
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 3 2 .8 5 4 6 3 0 3 8 .0 7
0
gras / cm t ov Ref.
0
-50
-150
200
t ype dat um boorm eest er x y
213A 0
zand, kleiig, beige, zwak roest , edelm an
100
3
-200
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 2 3 .3 0 4 6 2 9 6 2 .6 8
klei, st erk zandig, beige, bruin, zwak wort els, edelm an
50 2
-150
200 t ype dat um boorm eest er x y
0
t ype dat um boorm eest er x y
150
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, beige, grijs, edelm an
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 2 4 .4 4 4 6 2 9 7 0 .5 5
213C
gras / cm t ov Ref.
0 1
klei, st erk zandig, bruin, beige, zwak wort els, edelm an
2
klei, st erk zandig, beige, zwak roest , edelm an
50
0
-50
100 3 150
-150 4
zand, m at ig fijn, st erk silt ig, grijs, laagjes klei, edelm an
200 t ype dat um boorm eest er x y
-200
g r on d b or in g 0 8 -0 6 -2 0 2 2 Fe r r y Kr u it h of 1 3 0 1 2 8 .8 1 4 6 2 9 6 3 .3 8
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
Z a n d p a d 4 1 M a a r sse n BO2 2 2 CA0 1 N EN 5 1 0 4
PEILBUIS
BORIN G
OLIE OP W ATER REACTIE
num m er
bodem m onst er, geroerd
Geen casing
Zwak
Mat ig
St erk
Uit erst
bodem laag
GEUR IN TEN SITEIT
bent oniet
grondwat erst and t ijdens boren
bodem m onst er, ongeroerd
filt ergrind
Geen Zeer zwak
Zwak
Mat ig
St erk
bodem laag filt ert raject grondwat erst and
links= cm -m aaiveld recht s= cm + NAP
GRON D SOORTEN
M ATE V AN BIJM EN GIN G
GRIND, grindig (G,g)
zwak - (0-5%)
ZAND, zandig (Z,z)
m at ig - (5-15%)
LEEM, silt ig (L,s)
st erk - (15-50%)
KLEI, kleiig (K,k)
uit erst - (> 50%)
VEEN, hum eus (V,h)
slib
V ERH ARD IN GEN
GRAD ATIE Z AN D
asfalt , bet on, klinkers, t egels st elconplaat , ondoordringbare laag
uf = uit erst fijn (63-105 um ) zf = zeer fijn (105-150 um ) m f = m at ig fijn (150-210 um ) m g = m at ig grof (210-300 um ) zg = zeer grof (300-420 um ) ug = uit erst grof (420-2000 um )
OV ERIG
GRAD ATIE GRIN D
bodem vreem de best andsdelen aanwezig
f = fijn (2-5.6 m m ) m g = m at ig grof (5.6-16 m m ) zg = zeer grof (16-63 m m )
wat er
BESCH RIJV IN G BOD EM LAAG pid = fot o ionisat ie det ect or bv = bodem vocht ow = olie op wat er
Zeer st erk
plaatsing meetpunt naam traject datum materiaal doorloop hoogte ec diameter bentoniet grind opmerking
meetpunt naam traject datum materiaal doorloop hoogte ec diameter bentoniet grind opmerking
124 1 170-270 cm-mv 1 0.4 m 32 mm
-
130 1 200-300 cm-mv 1 G 0.5 m 32 mm
-
peilbuisgegevens onderzoek Zandpad 41 Maarssen projectcode BO222CA01 opdrachtgever datum 27 Jun 2022 opmerking -
monstername meetpunt naam traject datum gws ref. gws ph ec troebelheid temperatuur pompmethode volume belucht drijflaag monsternemer opmerking
124 1 170-270 cm-mv 15 Jun 2022 152 cm ? 7.62 947 us/liter 51 NTU 16.3 Celsius ja Ferry Kruithof -
meetpunt naam traject datum gws ref. gws ph ec troebelheid temperatuur pompmethode volume belucht drijflaag monsternemer opmerking
130 1 200-300 cm-mv 15 Jun 2022 162 cm ? 7.19 1362 us/liter 12.31 NTU 17.2 Celsius nee Ferry Kruithof -
plaatsing meetpunt naam traject datum materiaal doorloop hoogte ec diameter bentoniet grind opmerking
131 1 120-220 cm-mv 1 G 0.3 m 32 mm
-
peilbuisgegevens onderzoek Zandpad 41 Maarssen projectcode BO222CA01 opdrachtgever datum 27 Jun 2022 opmerking -
monstername meetpunt naam traject datum gws ref. gws ph ec troebelheid temperatuur pompmethode volume belucht drijflaag monsternemer opmerking
131 1 120-220 cm-mv 15 Jun 2022 124 cm ? 7.31 547 us/liter 8.54 NTU 16.9 Celsius ja Ferry Kruithof -
BIJLAGE 4:
ANALYSECERTIFICATEN
AL-West B.V. Parameters uitgevoerd door AL-West BV zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde en/of uitbestede parameters zijn gemarkeerd met het symbool " *) ".
DOC-13-18608311-NL-P1
Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
Bodemportaal B.V. Deventerweg 5 A 7396 AX Terwolde Datum Relatienr Opdrachtnr.
17.06.2022 35009229 1164644
ANALYSERAPPORT Opdracht 1164644 Bodem / Eluaat Opdrachtgever Uw referentie
35009229 Bodemportaal B.V. BO222CA01 Zandpad 41 Maarssen BO222CA01
Opdrachtacceptatie Monsternemer
Opdrachtgever
10.06.22
Geachte heer, mevrouw, Hierbij zenden wij u de resultaten van het door u aangevraagde laboratoriumonderzoek. De analyses zijn, tenzij anders vermeld, uitgevoerd overeenkomstig onze erkenning voor de werkzaamheid "Analyse voor milieuhygiënisch bodemonderzoek" van het Besluit Bodemkwaliteit. Dit rapport mag alleen in zijn geheel worden gereproduceerd. Eventuele bijlagen zijn onderdeel van het rapport. Let op: alleen de algemene voorwaarden van AL-West gedeponeerd bij de KvK te Deventer, zijn van toepassing. Indien u nog vragen heeft of aanvullende informatie wenst, verzoeken wij u om contact op te nemen met Klantenservice. Wij vertrouwen erop u met de toegezonden informatie van dienst te zijn. Met vriendelijke groet,
AL-West B.V. Dhr. Rudie Leuverink, Tel. +31/570788112 Klantenservice
Blad 1 van 7 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Parameters uitgevoerd door AL-West BV zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde en/of uitbestede parameters zijn gemarkeerd met het symbool " *) ".
DOC-13-18608311-NL-P2
Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
Opdracht 1164644 Bodem / Eluaat Monsternr. Monstername
Monster beschrijving
362865
07.06.2022
mp 107 t/m 109, 110, 124, 127, 128 en 129 (0,0 tot 0,5 m-mv), 107: 0-20, 109: 0-20, 110: 0-20, 128: 0-50, 127: 0-50, 108: 0-20,...
362874
07.06.2022
mp 111, 112, 116 t/m 119, 121, 131 en 132 (0,0 tot 0,5 m-mv), 112: 0-50, 131: 0-20, 111: 0-50, 132: 0-50, 116: 0-50, 117: 0-50,...
362885
08.06.2022
mp 120, 122, 123, 125 en 126 (0,0 tot 0,5 m-mv) sporen koolas, 122: 0-50, 123: 0-50, 125: 0-50, 126: 0-50, 120: 50-70
362896
07.06.2022
mp 113 t/m 115 (0,0 tot 0,3 m-mv) brokken asfalt, 113: 0-30, 114: 0-20, 115: 0-30
362902
07.06.2022
mp 101 t/m 106 (0,0 tot 0,3 m-mv) brokken asfalt, 101: 0-20, 102: 0-20, 103: 0-20, 104: 0-30, 105: 0-30, 106: 0-20
Eenheid
362865 mp 107 t/m 109, 110, 124, 127, 128 en 129 (0,0 tot 0,5 m-mv), 107: 0-20, 109: 0-20, 110: 0-20, 128: 0-50, 127: 0-50, 108: 0-20, 124: 050, 129: 12-25
362874
362885
mp 111, 112, 116 t/m 119, 121, 131 en 132 mp 120, 122, 123, 125 en 126 (0,0 tot 0,5 m(0,0 tot 0,5 m-mv), 112: 0-50, 131: 0-20, 111: mv) sporen koolas, 122: 0-50, 123: 0-50, 125: 0-50, 132: 0-50, 116: 0-50, 117: 0-50, 118: 00-50, 126: 0-50, 120: 50-70 50, 119: 0-50, 121: 0-50