CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Concept-FER

Raad 7 juli 2026, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 16: Bestuursoverdracht VO de Vechtstreek - Willibrord Stichting20.674 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

3 alinea's met “bijeenkomst”: 534 535 537

De besluitvorming van de Raad van Toezicht moet in beginsel plaatsvinden in een vergadering waarin alle leden aanwezig zijn en met instemming van alle leden (artikel 17 lid 7 statuten Stichting VO De Vechtstreek). Formele rol RvT bij ontbinding stichting De Raad van Toezicht van Stichting VO De Vechtstreek heeft een voorafgaand goedkeuringsrecht op het besluit de stichting te ontbinden (artikel 18 lid 1 statuten Stichting VO De Vechtstreek). Uitgangspunt is dat de besluitvorming voor de bestuursoverdracht, de omzetting van de denominatiewijziging van RSG Broklede, de statutenwijziging van de Willibrord Stichting, en de ontbinding van Stichting VO De Vechtstreek gelijktijdig doorlopen worden. Concreet betekent dit dat • de vraag voor goedkeuring door beide RvT’s voor de bestuursoverdracht en de FER gecombineerd wordt met • de vraag voor goedkeuring door de RvT van Stichting VO De Vechtstreek voor de omzetting van de denominatie van RSG Broklede én voor de ontbinding van de stichting, en • de vraag voor goedkeuring door de RvT van PCOU Willibrord voor het aanpassen van de statuten van de Willibrord Stichting. Vanaf de aanvang van dit proces zijn de Raden van Toezicht van beide stichtingen in de reguliere overleggen periodiek geïnformeerd over de voortgang. Aanvullend zijn de

28

Raden van Toezicht tijdens het proces op de volgende wijze betrokken bij specifieke onderdelen: •

Betrokken bij de totstandkoming van dit proces tussen Stichting VO de Vechtstreek en de Willibrord Stichting alsmede het vooronderzoek (scenarioonderzoek);

•

Advies op en tekenen van de intentieovereenkomst tot nadere uitwerking van de bestuursoverdracht.

Aan de Raad van Toezicht van Stichting VO De Vechtstreek en de Raad van Toezicht van PCOU Willibrord wordt gevraagd om, na de adviezen van de colleges van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht en Utrecht, de ouderraadpleging en de instemming van de medezeggenschap: •

goedkeuring te verlenen aan de FER, waarin ook de belangrijkste gevolgen van de bestuursoverdracht staan beschreven;

•

goedkeuring te verlenen aan het besluit tot bestuursoverdracht.

•

alleen voor de RvT van Stichting VO De Vechtstreek: goedkeuring te verlenen aan de denominatiewijziging van RSG Broklede en ontbinding van Stichting VO De Vechtstreek.

•

alleen voor de RvT van PCOU Willibrord: goedkeuring te verlenen aan de statutenwijzigingen van de Willibrord Stichting.

2.3

Wijze waarop personeel, ouders en leerlingen zijn en worden betrokken Personeel, ouders en leerlingen zijn periodiek geïnformeerd over de voortgang van de verkenning tot bestuursoverdracht en de intentie tot bestuursoverdracht. Daarbij komt dat zowel personeel, ouders als leerlingen zijn vertegenwoordigd in de medezeggenschapsorganen van Stichting VO De Vechtstreek en de Willibrord Stichting. Formele rol van personeel, ouders en leerlingen Personeel en ouders zijn wettelijk betrokken bij het besluitvormingsproces a) door hun positie in de medezeggenschapsorganen en b) via de wettelijk verplichte ouderraadpleging, waarvan de uitkomsten door de medezeggenschap moeten worden meegewogen bij hun instemmingsbesluiten inzake de bestuurlijke overdracht. Aanvullend geldt voor de ouders van RSG Broklede dat zij via een ouderraadpleging betrokken zijn bij de besluitvorming van de omzetting van de denominatie van RSG Broklede, door de oudergeleding van de medezeggenschapsraad van RSG Broklede (artikel 14 lid 2 sub b Wms). Zoals hierboven ook benoemd wordt het voorbereiden en uitzetten van de ouderraadpleging t.b.v. de bestuursoverdracht van de Rientjes Mavo en RSG Broklede gecombineerd met het voorbereiden en uitzetten van de ouderraadpleging t.b.v. de omzetting van de denominatie van RSG Broklede.

Middelen die zijn ingezet voor de betrokkenheid richting personeel, ouders en leerlingen zijn onder andere:

29

•

Communicatie bij Stichting VO De Vechtstreek: o

Voor het personeel/team van (de scholen van) Stichting VO De Vechtstreek is er openheid in communicatie. Zij worden meegenomen in de verschillende stappen en ‘mijlpalen’ in het proces.

o

Voor de ouders van leerlingen op de Rientjes Mavo en RSG Broklede geldt dat zij tijdig geïnformeerd worden over de ontwikkelingen van het traject tot bestuursoverdracht, de denominatiewijziging van RSG Broklede en de ontbinding van de stichting. Specifiek zijn ouders geïnformeerd over het onderzoek naar bestuurlijke samenwerking en de intentieovereenkomst en vindt er een ouderraadpleging plaats onder de ouders van leerlingen op de Rientjes Mavo en RSG Broklede.

o

Daarnaast zijn ook de ouderraden van de Rientjes Mavo en RSG Broklede op de hoogte gehouden van de voortgang en is hen gevraagd wat er onder de achterbannen leeft.

o

Voor de leerlingen zijn er geen directe consequenties voorzien. Voor deze doelgroep hoeft geen extra communicatie ingezet te worden.

•

Communicatie bij de Willibrord Stichting/PCOU Willibrord: de medewerkers, leerlingen en ouders van de scholen in gemeente Stichtse Vecht zijn per brief geïnformeerd over de intentieovereenkomst met daarbij de aankondiging dat de beoogde bestuursoverdracht verder uitgewerkt zou worden door middel van het opstellen van een FER.

Ouderraadpleging Ouders zijn naast hun vertegenwoordiging in de medezeggenschapsorganen betrokken bij het proces van de verplichte ouderraadpleging. De uitkomsten van deze ouderraadpleging worden door de medezeggenschapsorganen meegenomen in hun besluitvorming. De wijze van ouderraadpleging staat vrij. Het bestuur van Stichting VO De Vechtstreek (als bevoegd gezag van de Rientjes Mavo en RSG Broklede) is verantwoordelijk voor de uitvoering van de ouderraadpleging. Zoals in paragraaf 1.2 beschreven, is niet wettelijk bepaald op welke manier en in welke vorm een ouderraadpleging moet worden ingericht. Tussen het bestuur en de GMR van Stichting VO De Vechtstreek is daarom in de voorgaande fase afgestemd op welke manier een ouderraadpleging passend is binnen deze context. Gezamenlijk is bepaald dat een digitale vragenlijst met zowel meerkeuzevragen als open vragen gecombineerd met een informatiebijeenkomst het meest passend is binnen de context van de beoogde bestuursoverdracht. Met deze gecombineerde aanpak is beoogd ouders op een toegankelijke en transparante wijze te informeren en bevragen over de voorgenomen bestuursoverdracht, en hen tegelijkertijd actief de gelegenheid te bieden hun mening, vragen en zorgen kenbaar te maken.

Digitale vragenlijst De digitale vragenlijst was gedeeltelijk identiek voor de ouders van de Rientjes Mavo en de ouders van RSG Broklede (voor zover het de bestuursoverdracht betreft). Over de

30

denominatiewijziging van RSG Broklede zijn uitsluitend de ouders van RSG Broklede bevraagd. De vragenlijst is uitgezet onder het volledige ouderbestand van beide scholen: er zijn ongeveer 700 uitnodigingen gestuurd aan ouders van de Rientjes Mavo en ongeveer 1700 uitnodigingen aan ouders van RSG Broklede; van alle leerlingen – 383 op de Rientjes Mavo en 947 op RSG Broklede – zijn namelijk beide ouders aangeschreven voor zover zij in Magister geregistreerd staan. De digitale vragenlijst heeft 15 reacties van ouders van de Rientjes Mavo opgeleverd en 77 reacties van ouders van RSG Broklede. De respons is daarmee zeer laag (slechts zo’n 2% van alle aangeschreven ouders van de Rientjes Mavo en zo’n 4,5% van alle ouders van RSG Broklede heeft gereageerd). Hierdoor zijn de resultaten slechts indicatief en niet representatief voor de gehele ouderpopulatie. Dit geldt temeer omdat aannemelijk is dat vooral ouders met uitgesproken (positieve of negatieve) opvattingen hebben deelgenomen, terwijl ouders zonder sterke mening vermoedelijk ondervertegenwoordigd zijn. Rientjes Mavo De respondenten zijn allemaal neutraal (9), positief (3) of heel positief (3) over de voorgenomen bestuursoverdracht; geen van de respondenten is negatief of zeer negatief. Eén ouder spreekt zorgen uit over de mate van lesuitval. Verder worden geen concrete zorgen benoemd.

Voor de informatieavond hebben zich geen ouders van de Rientjes Mavo aangemeld. RSG Broklede Het oordeel van ouders van RSG Broklede over de bestuursoverdracht is overwegend neutraal tot positief: 35 respondenten zijn neutraal, 30 respondenten zijn positief en 2 respondenten zijn zeer positief. Slechts 4 respondenten zijn negatief (1) of heel negatief (3) en 6 respondenten weten het (nog) niet. Ouders die (heel) positief zijn over de bestuursoverdracht zien met name kansen in samenwerking en schaalvoordelen. Zij verwachten dat een bestuursoverdracht kan bijdragen aan meer stabiliteit en continuïteit, evenals het beter benutten van kennis en expertise. Daarnaast wordt door sommigen gewezen op mogelijke kwaliteitsverbetering, bijvoorbeeld door sterker personeelsbeleid. De groep ouders die neutraal is over de bestuursoverdracht stelt vooral vragen over de aanleiding en noodzaak van de overdracht. Zo wordt regelmatig gevraagd welk probleem hiermee precies wordt opgelost. Daarnaast is er behoefte aan meer duidelijkheid, met name over de financiële gevolgen, de impact op het onderwijs, de planning en het proces, en de effecten op medewerkers. De groep ouders die (heel) negatief is over de bestuursoverdracht is erg klein, maar wel inhoudelijk uitgesproken in haar zorgen. Deze richten zich met name op het mogelijke verlies van de eigen identiteit en cultuur van de school.

Daarnaast worden zorgen geuit

31

over toenemende bureaucratie en het idee dat een overkoepelende organisatie extra kosten met zich meebrengt zonder duidelijke meerwaarde. Tot slot wordt verwezen naar negatieve ervaringen met andere fusies, wat terughoudendheid ten aanzien van de bestuursoverdracht versterkt. Ten aanzien van de denominatiewijziging valt op dat 67,5% van de respondenten ‘neutraal’ of ‘weet het (nog) niet’ heeft geantwoord. Een relatief grote groep neemt een neutrale houding aan (39), aangevuld met een kleinere groep die positief (9) tot heel positief (2) is. In totaal zijn 14 respondenten negatief (10) of heel negatief (4), en 13 respondenten weten het (nog) niet. Tegelijkertijd betekent dit ook dat ten aanzien van de denominatiewijziging het merendeel van de ouders zich neutraal tot positief opstelt. Positief gestemde ouders relativeren de denominatiewijziging en zien deze als een formele of administratieve stap, zonder wezenlijke gevolgen voor de dagelijkse onderwijspraktijk. Daarbij wordt regelmatig benadrukt dat, zolang het onderwijs in de praktijk openbaar en toegankelijk blijft, de wijziging acceptabel is. De neutrale groep ouders kenmerkt zich vooral door onbekendheid met het begrip ‘algemeen bijzonder’ en een duidelijke behoefte aan uitleg.

Vragen richten zich onder meer op de mogelijke aanwezigheid van een religieuze component, de gevolgen voor toelating en inclusiviteit, en eventuele veranderingen in de levensbeschouwelijke insteek van de school. De negatieve reacties lijken voort te komen uit een meer principiële zorg. Deze ouders uiten een duidelijke aversie tegen mogelijke religieuze invloed en benadrukken dat het onderwijs openbaar en voor iedereen toegankelijk moet zijn. Daaraan gerelateerd leven er zorgen over de inclusiviteit van de school. Informatiebijeenkomst Voor de informatieavond op 31 maart hadden zich 11 ouders aangemeld; er waren slechts 2 ouders aanwezig. Een mogelijke verklaring voor het verschil tussen het aantal aanmeldingen en het aantal daadwerkelijk aanwezige ouders is dat ouders na aanmelding toch onvoldoende aanleiding zagen om de bijeenkomst bij te wonen, wat kan duiden op een beperkt gevoel van urgentie ten aanzien van de voorgenomen bestuursoverdracht. Vanuit Stichting VO De Vechtstreek waren de rector-bestuurder, de directeur bedrijfsvoering en drie (van de in totaal vier) leden van de GMR aanwezig. Het doel van de bijeenkomst was zowel informeren als het ophalen van informatie, met name voor de oudergeleding van de MR van RSG Broklede en de GMR, om te weten hoe dit leeft binnen de achterban.

Tijdens de bijeenkomst zijn de met de digitale vragenlijst geïnventariseerde aandachtspunten en informatiebehoeften expliciet geadresseerd. Er is nadere toelichting gegeven op de bestuursoverdracht in algemene zin, waaronder de aanleiding, de noodzaak, mogelijke consequenties, beoogde opbrengsten en financiële aspecten.

32

Tevens is ingegaan op de mogelijke effecten op de cultuur en sfeer binnen de school en de borging van de onderwijskwaliteit binnen een groter bestuur en de redenen die voor de stuurgroep beslissend zijn geweest om te komen tot een voorgenomen bestuursoverdracht van beide scholen naar PCOU Willibrord. Specifiek ten aanzien van de denominatiewijziging is een algemene toelichting gegeven op het begrip denominatie en de reden waarom deze wijziging onderdeel is van de bestuursoverdracht. Ook is stilgestaan bij de term openbaar onderwijs en de toegankelijkheid van het onderwijs voor zowel leerlingen als medewerkers. Het was een verhelderende bijeenkomst, waarbij door de aanwezige ouders begrip voor de voorgestelde keuzes werd uitgesproken. Echter, gezien het beperkte aantal aanmeldingen en het nog kleinere aantal aanwezige ouders, is het verkregen inzicht in de beleving binnen de achterban beperkt. Conclusie Hoewel slechts een heel klein deel van de ouders heeft deelgenomen aan de digitale vragenlijst of de informatiebijeenkomst, laten de reacties zien dat de meeste reagerende ouders begrip hebben voor de bestuursoverdracht en de denominatiewijziging. De meerderheid staat neutraal tot positief tegenover de ontwikkelingen, en de geuite vragen en zorgen zijn overwegend constructief en gericht op aanvullende informatie.

2.4

Wijze waarop externe belanghebbenden erbij zijn en worden betrokken In een proces tot bestuursoverdracht zijn een aantal externe gremia betrokken, vanuit hun wettelijke rol dan wel vanuit het perspectief van samenwerking en maatschappelijke verantwoording. Gemeente In dit proces heeft de gemeente Stichtse Vecht, in de vorm van het college van burgemeester en wethouders, van de betrokken scholen bij de bestuursoverdracht een formele rol om een advies uit te brengen ten aanzien van de wenselijkheid van de beoogde bestuursoverdracht. Bij een bestuursoverdracht worden in principe alleen de over te dragen scholen gezien als ‘betrokken’ school. In dit geval betreft dat dus de Rientjes Mavo en RSG Broklede aangezien beoogd wordt deze scholen over te dragen aan de Willibrord Stichting. Daarmee heeft de gemeente Stichtse Vecht een formele rol in het proces tot bestuursoverdracht. Aangezien de scholen van de Willibrord Stichting zich met name ook in Utrecht bevinden (en in Nieuwegein, IJsselstein en Vijfheerenlanden), is het verdedigbaar dat deze scholen ook als ‘betrokken’ scholen worden aangemerkt. Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Utrecht wordt daarom ook om advies gevraagd over de wenselijkheid van de voorgenomen bestuursoverdracht.

33

Formele rol van de betrokken gemeente(n) College van B&W Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Stichtse Vecht dient een advies uit te brengen over de wenselijkheid van de voorgenomen bestuursoverdracht (artikel 3.31 lid 3 sub i WVO 2020). Daarnaast wordt ook het college van burgemeester en wethouders van gemeente Utrecht gevraagd een advies uit de brengen over de wenselijkheid van de voorgenomen bestuursoverdracht. Gemeenteraden Omdat RSG Broklede openbaar onderwijs verzorgt, heeft de gemeenteraad van Stichtse Vecht ook een formele rol. Op de volgende drie onderdelen dient de gemeenteraad goedkeuring te verlenen: • omzetting van de denominatie van RSG Broklede van openbaar naar algemeen bijzonder onderwijs (met openbare invulling), op grond van artikel 17 lid 3 statuten Stichting VO De Vechtstreek, in combinatie met toelichting bij artikel 16 bij Regeling voorzieningenplanning vo 2020; • bestuursoverdracht van RSG Broklede, op grond van artikel 17 lid 7 statuten Stichting VO De Vechtstreek; • opheffing/ontbinding van Stichting VO De Vechtstreek, op grond van artikel 18 lid 1 statuten Stichting VO De Vechtstreek. De gemeenteraad van Stichtse Vecht wordt in één keer om goedkeuring gevraagd op de totale beweging, d.w.z. omzetting denominatie RSG Broklede, bestuursoverdracht RSG Broklede en opheffing Stichting VO De Vechtstreek.

Na het ondertekenen van de intentieovereenkomst zijn gemeenten Stichtse Vecht en Utrecht bestuurlijk en ambtelijk geïnformeerd over het voornemen om de Rientjes Mavo en RSG Broklede over te dragen naar de Willibrord Stichting en het daarbij beoogde tijdpad. Na het gereedkomen van de concept-FER is aan de colleges van burgemeesters en wethouders van gemeente Stichtse Vecht en gemeente Utrecht per brief gevraagd een advies uit te brengen over de wenselijkheid van de voorgenomen bestuursoverdracht. Deze adviezen zijn opgenomen in hoofdstuk 7. Vakbonden Een formele rol in een proces tot bestuursoverdracht is belegd bij de vakbonden: Algemene Onderwijsbond (AOb), FNV, CNV, en Federatie van Onderwijsvakorganisaties (FvOv). Conform artikel 20.1 lid 2 cao vo 2025-2027 dient de werkgever het overleg met de vakbonden te voeren over de rechtspositionele gevolgen van (besturen)fusie en wijziging van het werkgelegenheidsbeleid.

34

De besturen van Stichting VO De Vechtstreek en PCOU Willibrord hebben in een vroeg stadium de vakbonden betrokken (na ondertekenen intentieovereenkomst) voor een kennismakingsgesprek (december 2025). Het technisch DGO vindt plaats in mei 2026; het formele DGO vindt plaats in juni 2026. Bij een positief doorlopen DGO zal door betrokken partijen een DGO-verklaring worden getekend. Maatschappelijke partners Beide schoolbesturen werken samen met veel maatschappelijke partners en bedrijven, waaronder het samenwerkingsverband passend onderwijs (Sterk VO), andere po- en vo-scholen en schoolbesturen in de regio, het vervolgonderwijs en de onderwijsregio’s. Deze partners zijn vanaf de intentieovereenkomst wanneer relevant geïnformeerd over de voortgang van de verkenning. Daarnaast hebben beide schoolbesturen met diverse dienstverleners formele contracten. Al deze betrokkenen zullen na de formele besluitvorming schriftelijk worden geïnformeerd over de bestuursoverdracht. In reguliere overleggen zal het voornemen tot bestuursoverdracht ter informatie worden gecommuniceerd en toegelicht.

35

3.

Gevolgen voor personeel, ouders en leerlingen en borging van de menselijke maat In de praktijk verandert er met de bestuursoverdracht nagenoeg niets significant voor leerlingen, ouders en het meeste personeel van de Rientjes Mavo en RSG Broklede. De bestuursoverdracht heeft geen gevolgen voor: •

het unieke onderwijskundig profiel en de identiteit van de Rientjes Mavo en RSG Broklede;

•

het aanbod van het onderwijs;

•

de plaats waar het onderwijs wordt verzorgd;

•

de positie, rechten, plichten en mogelijkheden van leerlingen, ouders en nagenoeg al het personeel.

Deze uitgangspunten gelden voor de situatie zoals die met de bestuursoverdracht wordt beoogd. Het gezamenlijke streven van de betrokken besturen is erop gericht om beide scholen ook op de langere termijn in stand te houden. Tegelijkertijd kan niet volledig worden uitgesloten dat in de toekomst aanvullende maatregelen nodig zijn om het onderwijsaanbod toekomstbestendig te houden (zie paragraaf 1.1 en paragraaf 1.4). 3.1

Omvang en organisatie van de rechtspersonen na fusie Met de beoogde bestuursoverdracht worden de Rientjes Mavo en RSG Broklede overgedragen aan de Willibrord Stichting. Hiermee wordt de Willibrord Stichting het bevoegd gezag van deze scholen, en bestaat de sector vo van PCOU Willibrord uit 16 vo-scholen (13 BRIN4-nummers). Toelichting juridische context bestuursoverdracht Onder een bestuursoverdracht wordt een overdracht van de rechten en plichten ten aanzien van een of meer scholen op basis van een notariële akte verstaan (artikel 3.33 lid 1 WVO 2020). Dit betreft een overdracht van rechten en plichten onder bijzondere titel, wat betekent dat alle individuele rechten en plichten moeten worden overgedragen op de daarvoor voorgeschreven wijze. De eisen die worden gesteld aan de overdracht hangen af van wat exact wordt overgedragen. Meest relevant: aan overdracht van contracten wordt de eis gesteld dat de wederpartij van het betreffende contract medewerking verleent aan de overdracht (artikel 6:159 lid 1 Burgerlijk Wetboek, “BW”). Pas nadat de twee scholen van Stichting VO De Vechtstreek zijn overgedragen aan de Willibrord Stichting kan Stichting VO De Vechtstreek ontbonden worden.

36

In onderstaande figuren is schematisch weergegeven wat de huidige situatie en de beoogde nieuwe situatie is ten aanzien van de omvang van de betrokken rechtspersonen. De figuren dienen als volgt te worden gelezen: •

Driehoek: bevoegd gezag

•

Rechthoek: BRIN voor voortgezet onderwijs

Figuur 6. Huidige situatie omvang rechtspersonen

Figuur 7. Beoogde nieuwe situatie na bestuursoverdracht

De Willibrord Stichting vormt een personele unie met PCOU (Protestants Christelijk Onderwijs Utrecht). Dit houdt in dat het bestuur (inclusief ondersteuning) en de Raad van Toezicht van beide stichtingen uit dezelfde personen bestaat. Dit geldt ook voor de onderliggende steunfondsen (zie paragraaf 5.1). Inrichting College van Bestuur na beoogde bestuursoverdracht Met de beoogde bestuursoverdracht worden de Rientjes Mavo en RSG Broklede overgedragen aan de Willibrord Stichting, onderdeel van PCOU Willibrord. Tot de overdracht en ontbinding van Stichting VO De Vechtstreek blijft de stichting onveranderd. Wanneer de Rientjes Mavo en RSG Broklede zijn overgedragen naar de Willibrord Stichting, vervalt de functie van bestuurder en wordt de Raad van Toezicht na het opheffen van Stichting VO De Vechtstreek ontbonden. Het College van Bestuur van PCOU Willibrord zal verantwoordelijk zijn voor de huidige scholen van PCOU en de Rientjes Mavo en RSG Broklede. Het CvB zal met twee bestuurders in de huidige vorm worden voortgezet. De leden van het CvB zijn gezamenlijk integraal verantwoordelijk voor alle scholen.

37

Inrichting Raad van Toezicht na beoogde bestuursoverdracht Na het opheffen van Stichting VO De Vechtstreek houdt de Raad van Toezicht op te bestaan. De Raad van Toezicht van PCOU Willibrord blijft na de overdracht van de Rientjes Mavo en RSG Broklede in dezelfde vorm bestaan. De Raad van Toeizcht is en blijft ook na de overdracht van de scholen de werkgever van het College van Bestuur van PCOU Willibrord, voorziet de bestuurders van adviezen en fungeert als kritisch klankbord. Inrichting van de organisatie na beoogde bestuursoverdracht Met de bestuursoverdracht zullen de Rientjes Mavo en RSG Broklede opgenomen worden in de bestaande structuur van PCOU Willibrord. Scholen hebben veel eigen bevoegdheden binnen PCOU Willibrord. In het Managementstatuut PCOU Willibrord zijn de bevoegdheden en verplichtingen van onder andere de schoolleiders beschreven. De schoolleider draagt verantwoordelijkheid voor de school als geheel en specifiek voor de kwaliteit van het onderwijs, een goed pedagogisch, didactisch en veilig klimaat en een professionele werkomgeving. De teams van Onderwijs & Organisatieondersteuning (O&O) zorgen voor advisering en ondersteuning van de scholen en het bestuur, op verschillende thema’s, zoals HR, ICT, kwaliteitszorg, huisvesting.

De medezeggenschap van Stichting VO De Vechtstreek zal vertegenwoordigd worden binnen de medezeggenschapsstructuur van de Willibrord Stichting. Zie paragraaf 3.4.

3.2

Gevolgen van de fusie voor de overzichtelijkheid op locatieniveau Met de beoogde bestuursoverdracht blijven zowel de Rientjes Mavo en RSG Broklede als de huidige scholen van de Willibrord Stichting de komende periode in dezelfde vorm bestaan. Denk daarbij aan schoolgebouw, personeel en ondersteuning op de locaties. Er worden daarmee geen wijzigingen aangebracht in de overzichtelijkheid op locatieniveau. Onderwijsinhoudelijk gezien kunnen de Rientjes Mavo en RSG Broklede en de scholen van de Willibrord Stichting elkaar versterken. Beide gebouwen van Stichting VO de Vechtstreek stammen uit begin van de jaren 80. In het Integraal Huisvestingsplan (IHP) gemeente Stichtse Vecht 2024-2042 staan zij op de nominatie voor (ver)nieuwbouw binnen 5 tot 10 jaar. 4 Specifiek is er in het IHP het volgende opgenomen. •

Rientjes Mavo (IHP, pagina 21): De school heeft een grote overmaat. Desondanks is het gebouw volledig zelfvoorzienend en vormen de exploitatielasten geen problemen voor het schoolbestuur. Vanuit de inhoud (beleid) wordt verkend of er samenwerking met de overige VO-scholen mogelijk en wenselijk is. Indien de samenwerking en eventuele clustering niet mogelijk is,

Er zijn nog geen financiële beschikkingen afgegeven door de gemeente voor deze ‘tranche’ (5 tot 10 jaar). Dit is een bekend risico dat niet groter of kleiner wordt door de bestuursoverdracht. 4

38

dan heeft renovatie/verduurzaming in termijn 2 (5-10 jaar) de voorkeur. Met de huidige overmaat zal tevens onderzocht worden of deze inzetbaar is als wissellocatie bij herontwikkeling van andere locaties in Maarssenbroek. •

RSG Broklede (IHP, pagina 25): Het gebouw is verouderd en inefficiënt opgebouwd. Er heerst onduidelijkheid over het daadwerkelijke beschikbare/functionele BVO’s, dit wordt verder uitgewerkt met de gemeente. In de eerste termijn wordt verkend of in de buurt van het Broeckland College ruimte is voor een zogenaamde onderwijsboulevard. Tevens worden de (on)mogelijkheden van een eventuele nieuwe locatie nabij Neijenrode onderzocht. Uitgangspunt is nieuwbouw in termijn 2 (5-10 jaar).

Het Niftarlake College zit in dezelfde tranche van het IHP. Dit biedt mogelijkheden om efficiënter met de gemeente Stichtse Vecht in overleg te gaan over de (ver)nieuwbouwplannen. Het Broeckland College heeft een nieuw gebouw sinds begin 2025.

3.3

Gevolgen van de fusie voor de betrokkenheid van personeel, leerlingen en ouders De beoogde bestuursoverdracht verandert niets aan de wijze waarop medewerkers, leerlingen en ouders bij de Rientjes Mavo en RSG Broklede betrokken zijn. Ouders en leerlingen Met de overdracht van de Rientjes Mavo en RSG Broklede naar de Willibrord Stichting verandert er voor ouders niets aan het eerste aanspreekpunt: de bekende teams op de scholen zelf. Wel zal de rectorsrol op beide scholen anders ingevuld worden dan nu het geval is (zie ook hierboven: de huidige functie van rector-bestuurder vervalt na de overdracht). Voor zaken die niet op het niveau van de school worden behandeld zullen ouders zich na de bestuursoverdracht tot het nieuwe bestuur van de scholen moeten wenden, te weten het College van Bestuur van PCOU Willibrord. Dit is in de praktijk alleen het geval bij klachten die niet op schoolniveau afgehandeld kunnen worden. Ouders zullen mogelijk wel gaan ervaren dat de Rientjes Mavo en RSG Broklede zullen gaan profiteren van de samenwerking met de andere scholen binnen de stichting en het advies en de ondersteuning vanuit het bestuursbureau en de afdelingen van Onderwijsen Organisatieontwikkeling. Medewerkers De medewerkers gaan met de beoogde bestuursoverdracht mee met behoud van rechten en plichten.

In paragraaf 3.6 wordt nadere toelichting gegeven op de gevolgen van de bestuursoverdracht voor arbeidsvoorwaarden en HR-beleid. Na de bestuursoverdracht heeft het bevoegd gezag van PCOU Willibrord ook de verantwoordelijkheid over de Rientjes Mavo en RSG Broklede. In de onverhoopte situatie na de bestuursoverdracht waarbij het vanwege beperkingen in de formatie nodig is om medewerkers een werkplek op een andere school aan te bieden, bijvoorbeeld door

39

afnemende leerlingaantallen of een wijziging in de organisatie, biedt de nieuw ontstane bredere omvang van de organisatie mogelijkheden om dit op een goede manier op te lossen (zie het mobiliteitsbeleid van PCOU Willibrord). Een bijkomend voordeel is dat medewerkers meer perspectief geboden wordt om met behoud van hun aanstelling en arbeidsverleden een stap naar een andere functie en/of school te maken. Denk aan medewerkers die na een aantal jaren op een school behoefte hebben aan een andere omgeving met eventueel ook andere uitdagingen, maar ook aan medewerkers met leidinggevende aspiraties. Een dergelijke stap zetten binnen een groter schoolbestuur met diverse onderwijsvormen is relatief eenvoudiger aan te bieden, laagdrempeliger en daarmee aantrekkelijker voor medewerkers. Ook ontstaan er met de bestuursoverdracht meer mogelijkheden voor professionalisering; er ontstaat immers toegang tot een breder netwerk van scholen, expertise en begeleidingscapaciteit. Binnen een groter en meer divers schoolbestuur en in de context van een krappe arbeidsmarkt wordt de beoogde bestuurlijke organisatie daarmee aantrekkelijker als werkgever. Onderwijskwaliteit In de maanden mei tot en met juli 2019 heeft de Inspectie van het Onderwijs een vierjaarlijks onderzoek uitgevoerd bij Stichting VO De Vechtstreek.

5 Bij dit onderzoek heeft de Inspectie de bestuurlijke kwaliteitszorg als onvoldoende beoordeeld. Daarnaast werden op de Rientjes Mavo de standaarden Zicht op ontwikkeling en begeleiding (OP2), het Didactisch Handelen (OP3) en de Kwaliteitszorg (KA1) als onvoldoende beoordeeld. Op RSG Broklede was de kwaliteitszorg weliswaar op orde, maar ontbraken er toetsbare (verbeter)doelen voor de onderwijskwaliteit. Voor deze zaken heeft het bestuur herstelopdrachten gekregen. In juni en oktober 2020 is er vervolgens een herstelonderzoek uitgevoerd bij Stichting VO De Vechtstreek. 6 De conclusie van dat onderzoek was dat het bestuur zich heeft verbeterd en dat aan de herstelopdrachten is voldaan. Wel heeft het bestuur toen nog een herstelopdracht ontvangen voor een onderdeel van het didactisch handelen op de Rientjes Mavo in het algemeen, en het rekening houden met verschillen tussen leerlingen in het bijzonder. Middels een zelfevaluatie heeft het bestuur zich vervolgens verantwoord over de kwaliteit hiervan. De inspectie heeft op 28 mei 2024 een kwaliteitsonderzoek uitgevoerd op RSG Broklede.7 De afdelingen havo en vwo van RSG Broklede maakten dat jaar deel uit van een steekproef van scholen waar de Inspectie een kwaliteitsonderzoek uitvoert. De onderwijskwaliteit van de afdelingen havo en vwo van RSG Broklede is toen als voldoende beoordeeld.

De standaarden Zicht op ontwikkeling en begeleiding (OP2), Pedagogisch-didactisch handelen (OP3), Veiligheid (VS1), Resultaten (OR1), Uitvoering

Zie Vierjaarlijks onderzoek bestuur en scholen Stichting Voortgezet Onderwijs De Vechtstreek, 16 januari 2020. 6 Zie Herstelonderzoek bestuur en scholen Stichting Voortgezet Onderwijs De Vechtstreek, 14 december 2020. 7 Zie Kwaliteitsonderzoek RSG Broklede, 27 juni 2024. 5

40

en kwaliteitscultuur (SKA2) en Evaluatie, Verantwoording en dialoog (SKA3) zijn als voldoende beoordeeld. De standaard Visie, ambities en doelen (SKA1) is als goed gewaardeerd. In de tabellen hieronder worden de onderwijsresultaten getoond zoals de Inspectie van het Onderwijs deze heeft berekend voor de Rientjes Mavo en RSG Broklede. Bij de beoordeling gebruikt de Inspectie in principe de leerresultaten van drie schooljaren. De beoordeling wordt gegeven op basis van vier indicatoren: (i) positie in leerjaar 3 t.o.v. advies basisschool, (ii) onderbouwsnelheid en (iii) bovenbouwsucces, en (iv) examencijfers. De indicator Examencijfers werd vanwege de coronamaatregelen tot en met schooljaar 2023-2024 niet meegenomen in de beoordeling, maar vanaf schooljaar 2024-2025 weer wel.8 Met de indicator Onderwijspositie t.o.v. advies po wordt bekeken hoe de onderwijspositie van leerlingen in het derde leerjaar zich verhoudt tot het advies voor het te volgen onderwijs in het vo dat door de basisschool is gegeven. De berekening van deze indicator bestaat uit drie stappen: 1. Het bepalen per leerling in leerjaar drie of deze op (score 0), onder (score -1) of boven (score +1) het advies van de basisschool zit. 2. Het optellen van scores en deze delen door het aantal leerlingen (mits 20 leerlingen). Deze fractie wordt omgezet naar een percentage. 3.

De uitkomst vergelijken met de norm, passend bij de school (de mobiliteit van leerlingen wordt immers deels bepaald door de inrichting van de school waar ze op zitten). De gegevens in tabel 4 laten zien dat voor de scholen onder het bevoegd gezag van Stichting VO De Vechtstreek geldt dat ze boven de inspectienorm scoren.

8

Zie o.a. Technische toelichting Onderwijsresultaten voortgezet onderwijs 2025.

41

Tabel 4. Onderwijspositie in leerjaar 3 t.o.v. basisschooladvies (bron: www.scholenopdekaart.nl) Onderwijspositie in leerjaar 3 t.o.v. basisschooladvies (driejaarsgemiddelde 2022-2023 t/m 2024-2025) Zitten de leerlingen in de 3de klas op, onder of boven het niveau van het basisschooladvies Rientjes Mavo

Inspectienorm = -7,6% RSG Broklede

Inspectienorm = 4,8%

Met de indicator Onderbouwsnelheid wordt bepaald hoeveel leerlingen onvertraagd overgaan van leerjaar 1 naar leerjaar 2 en van leerjaar 2 naar leerjaar 3. De gegevens in tabel 5 laten zien dat beide scholen boven de inspectienorm scoren. Tabel 5. Onderbouwsnelheid (bron: www.scholenopdekaart.nl) Onderbouwsnelheid 2021-2022 t/m 2023-2024 Hoeveel leerlingen doorlopen de onderbouw (klas 1 t/m 2) zonder te blijven zitten? Rientjes Mavo

Inspectienorm = 94,9% RSG Broklede

Inspectienorm = 95,3%

Met de indicator Bovenbouwsucces wordt voor elke leerling in de bovenbouw vanaf leerjaar 3 bepaald of de overgang naar het volgend schooljaar succesvol is of niet. De data in tabel 6 laten zien dat op de bovenbouw havo van RSG Broklede na, beide scholen boven de norm van de Inspectie zitten t.a.v. het doorlopen van de bovenbouw.

42

Tabel 6. Bovenbouwsucces (bron: www.scholenopdekaart.nl) Bovenbouwsucces 2021-2022 t/m 2023-2024 Hoeveel leerlingen per onderwijssoort doorlopen de bovenbouw (klas 3 t/m examenklas) zonder te blijven zitten? Rientjes Mavo

Inspectienorm = 85,7% RSG Broklede

Inspectienorm havo = 81%, Inspectienorm vwo = 81,7%

De indicator Examencijfers is het gemiddelde cijfer voor het centraal examen. Alle vakken met een centraal examencijfer die meetellen bij de uitslagbepaling doen mee. Ook de beroepsgerichte vakken tellen mee bij de bepaling van het gemiddelde. Tabel 7 laat zien dat het driejaargemiddelde van het examencijfer van de Rientjes Mavo net onder de inspectienorm ligt.

43

Tabel 7. Examencijfers (bron: www.scholenopdekaart.nl)

Examencijfers 2021-2022 t/m 2023-2024 Rientjes Mavo

RSG Broklede

Inspectienorm havo = 6,3, Inspectienorm vwo = 6,3

Inspectienorm = 6,2

Tabel 8 laat de tevredenheid van leerlingen en ouders van de Rientjes Mavo en RSG Broklede in 2023-2024 zien. Leerlingen en ouders zijn over het algemeen tevreden. Het vmbo-tl aanbod op de Rientjes Mavo, het vwo-aanbod op RSG Broklede, en de sfeer op beide scholen springen hier positief uit: leerlingen geven hiervoor tevredenheidscijfers die (aanzienlijk) hoger liggen dan bij vergelijkbare scholen. Tabel 8. Tevredenheid ouders en leerlingen 2023-2024

Tevredenheid leerlingen Vmbo-(g)t Havo

Rientjes Mavo 6,7 (vergelijkbare scholen: 6,1) -

Vwo

-

Sfeer vmbo-(g)t Sfeer havo

7,4 (vergelijkbare scholen: 6,7) -

Sfeer vwo

-

Veiligheid vmbo-(g)t Veiligheid havo

8,8 (vergelijkbare scholen: 9,0) -

Veiligheid vwo

-

Tevredenheid ouders

Rientjes Mavo 7,4 (vergelijkbare scholen: 7,7)

44

RSG Broklede 6,0 (vergelijkbare scholen: 6,1) 6,6 (vergelijkbare scholen: 6,4) 7,2 (vergelijkbare scholen: 7,0) 7,7 (vergelijkbare scholen: 7,4) 9 (vergelijkbare scholen: 9,2) 9,3 (vergelijkbare scholen: 9,4) RSG Broklede 7,7 (vergelijkbare scholen: 7,7)

Kortom: ouders en leerlingen zijn tevreden, en de kwaliteit van zowel het bestuur van Stichting VO De Vechtstreek als de scholen onder dit bestuur is op dit moment op orde. Hetzelfde geldt voor de Willibrord Stichting in het algemeen en het Niftarlake College en het Broeckland College in gemeente Stichtse Vecht in het bijzonder. 9 Tegelijkertijd is er juist bij Stichting VO De Vechtstreek sprake van een grotere kwetsbaarheid in de borging van die kwaliteit. De beperkte bestuurlijke omvang, de kleinschaligheid van de organisatie en de aanhoudende personeelstekorten maken dat uitval, verloop of extra ondersteuningsvragen snel grote impact kunnen hebben op continuïteit, innovatiekracht en kwaliteitsbewaking (zie ook hoofdstuk 1). Voor leerlingen en ouders van de Rientjes Mavo en RSG Broklede zijn er in de dagelijkse praktijk geen merkbare gevolgen van de bestuursoverdracht wat betreft de kwaliteit van onderwijs. Leerlingen blijven goed onderwijs ontvangen in een veilige en vertrouwde leeromgeving. Zoals eerder genoemd, kunnen ouders echter wel gaan ervaren dat deze scholen profiteren van de samenwerking met andere scholen binnen de stichting. De voordelen van de bestuursoverdracht liggen vooral in het duurzaam borgen en verder versterken van de onderwijskwaliteit op de langere termijn.

3.4

Medezeggenschap Een goed samenspel van medezeggenschap op het niveau van bestuur en de scholen is van wezenlijk belang. De medezeggenschap denkt mee, controleert en corrigeert waar nodig. Met de bestuursoverdracht is het niet noodzakelijk om de medezeggenschapsstructuur te wijzigen. In een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is elke medezeggenschapsraad van de betrokken scholen vertegenwoordigd (artikel 4 lid 2 Wms). De huidige werkwijze van GMR Willibrord is dat elke school met twee zetels in de GMR vertegenwoordigd is. De Rientjes Mavo en RSG Broklede zullen ook een vertegenwoordiging krijgen in de GMR van de Willibrord Stichting conform deze werkwijze. De huidige medezeggenschap op schoolniveau blijft ongewijzigd.

3.5

Gevolgen voor voorzieningen Met de beoogde bestuursoverdracht wordt in de praktijk in principe niets gewijzigd aan de huidige voorzieningen. De volgende uitgangspunten zijn hierbij van toepassing: •

De Rientjes Mavo en RSG Broklede zullen in hun huidige vorm (naamgeving, profiel, locatie/adres, medewerkers) blijven bestaan.

•

De Rientjes Mavo en RSG Broklede behouden hun eigen BRIN, met de daartoe behorende exploitatie en begroting. Het gaat bij deze bestuursoverdracht nadrukkelijk niet over een scholenfusie.

•

De Rientjes Mavo behoudt de bestaande denominatie: katholiek. Dit sluit aan bij de grondslag van de Willibrord Stichting: katholiek en protestants-christelijk.

•

RSG Broklede verandert van denominatie: van openbaar onderwijs naar algemeen bijzonder onderwijs. Deze wijziging betreft een uitsluitend formeel-

9

Zie Vierjaarlijks onderzoek bestuur en scholen Willibrord Stichting, 15 mei 2020, voor details.

45

juridische aanpassing. In de praktijk blijft RSG Broklede onderwijs verzorgen met een openbare invulling (zie ook paragraaf 4.1). De statuten van de Willibrord Stichting worden dusdanig aangepast dat deze stichting ook algemeen bijzonder onderwijs in stand kan houden. •

De Rientjes Mavo en RSG Broklede blijven aangesloten bij Onderwijsregio Midden Nederland Leert. Bij deze onderwijsregio zijn ook het Niftarlake College en het Broeckland College aangesloten.

•

De Rientjes Mavo en RSG Broklede blijven aangesloten bij andere overleg- en samenwerkingsgremia in de regio.

•

De Rientjes Mavo en RSG Broklede blijven aangesloten bij het huidige samenwerkingsverband passend onderwijs: Sterk VO.

•

Leerlingen met aanvullende leerbehoeften kunnen gebruik blijven maken van de dienstverlening die vanuit het samenwerkingsverband wordt georganiseerd.

•

De ICT-systemen van de Rientjes Mavo en RSG Broklede zullen na de bestuursoverdracht worden ingebed binnen de systemen van PCOU Willibrord.

3.6

Gevolgen voor arbeidsvoorwaarden en personeelsbeleid Rechtspositie De medewerkers van Stichting VO De Vechtstreek hebben momenteel een bestuursaanstelling bij deze stichting. Na de bestuursoverdracht van de scholen onder het bevoegd gezag van Stichting VO De Vechtstreek zal het personeel een bestuursaanstelling bij de Willibrord Stichting krijgen en daarmee bij dit schoolbestuur in dienst komen. Bij een bestuursoverdracht is sprake van een ‘overgang van onderneming’ (artikel 7:662 lid BW). Dit betekent dat medewerkers die duurzaam verbonden zijn aan Stichting VO De Vechtstreek met hun bestaande arbeidsovereenkomst op het moment van overgang ‘van rechtswege’ (automatisch) mee over gaan op de verkrijgende partij (Willibrord Stichting) met behoud van rechten en verplichtingen op grond van artikel 7:663 BW. Alle rechten, plichten en aanvullende afspraken, voor zover schriftelijk vastgelegd in het personeelsdossier, worden dus door de Willibrord Stichting overgenomen. Behoud arbeidsvoorwaarden De medewerkers van de Rientjes Mavo en RSG Broklede zullen formeel in dienst treden bij de Willibrord Stichting en zullen – net zoals nu het geval is bij Stichting VO De Vechtstreek – in beginsel op hun eigen school blijven werken, waarbij zij nadrukkelijk een arbeidsovereenkomst aangaan met de Willibrord Stichting.

De medewerkers nemen de anciënniteit die zij hebben opgebouwd bij Stichting VO De Vechtstreek mee naar de Willibrord Stichting. Beide besturen zijn gebonden aan de cao vo, waardoor de belangrijkste arbeidsvoorwaarden gelijk zullen blijven. Ook blijven alle personeelsleden ingeschreven bij het ABP.

46

Formatie Stichting VO De VechtstreekBij de Rientjes Mavo werkt 23,96 fte personeel. Bij RSG Broklede werkt 68,92 fte personeel. Uitgangspunt is dat de volgende functies binnen de school aanwezig zijn: docent, afdelingsleider, conrector/plaatsvervangend rector, (technisch) onderwijsassistent, lerarenondersteuner, medewerker facilitaire dienst (conciërge, receptionist/telefonist, medewerker facilitaire zaken), medewerker leerlingadministratie (inclusief roostermaker), decaan, zorgcoördinator, coördinator passend onderwijs, medewerker loopbaanoriëntatie en -begeleiding, leerlingbegeleider/medewerker leerlingontwikkeling, adviseur onderwijsorganisatie (rooster). Voor deze functies hoeft bij de bestuursoverdracht dus geen harmonisatie of integratie plaats te vinden. Wel zijn de functies van Stichting VO De Vechtstreek geplot op de beschrijvingen van de functies in het generieke functiehuis van PCOU Willibrord, zodat duidelijk is waar iedere functie binnen de nieuwe structuur past (was-wordt lijst). De functie van rector van de scholen, zoals deze momenteel vervuld wordt door de bestuurder van de stichting, zal op andere wijze ingevuld moeten worden. Stichting VO De Vechtstreek kent daarnaast ook bovenschoolse formatie, en maakt gebruik van externe partijen voor bijvoorbeeld personeels- en salarisadministratie.

De bovenschoolse formatie van Stichting VO De Vechtstreek bestaat momenteel uit 8,15 fte. Een deel van deze medewerkers zal vertrekken voor de bestuursoverdracht i.v.m. (vroeg) pensioen. Voor de andere medewerkers (6,35 fte) geldt dat zij tijdig betrokken zijn voor nader overleg met HR (en de besturen) van Stichting VO De Vechtstreek en PCOU Willibrord. Het gaat hierbij om de volgende functies: •

Directeur bedrijfsvoering (1,0 fte)

•

HR-medewerker (0,7 fte)

•

Medewerker financiën (0,65 fte)

•

Hoofd ICT (1,0 fte)

•

Applicatiebeheerder ICT (1,0 fte)

•

Systeem en netwerkbeheerder ICT (1,0 fte)

•

Medewerker ICT (1,0 fte)

Vergelijking arbeidsvoorwaarden en HR-beleid Als onderdeel van de nadere uitwerking van de bestuursoverdracht zijn de arbeidsvoorwaarden van beide stichtingen met elkaar vergeleken. Uit deze vergelijking blijkt dat de arbeidsvoorwaarden grotendeels met elkaar overeenkomen. Veel regelingen, waaronder het beloningsbeleid en de reiskostenvergoeding, zijn gebaseerd op de cao vo. Op enkele onderdelen bestaan verschillen, zoals bij de attentieregeling en het fietsplan, waarbij de regelingen van PCOU Willibrord gunstiger zijn dan die van Stichting VO De Vechtstreek. Daarnaast biedt PCOU Willibrord via de fiscale uitruilregeling meer keuzemogelijkheden voor medewerkers, waaronder een leasefietsplan, diverse producten en bedrijfsfitness, en hanteert hierbij een hoger maximaal bedrag dan Stichting VO De Vechtstreek. Verder kent PCOU aanvullende regelingen die bij Stichting VO De Vechtstreek niet van toepassing zijn, zoals een

47

thuiswerkregeling voor medewerkers van het bestuursbureau en een collectiviteitskorting op de zorgverzekering. Beide stichtingen kennen een combinatie van centraal vastgestelde regelingen en school- of locatiespecifiek beleid. Op een aantal onderwerpen zijn verschillen geconstateerd; het uitgangspunt is dat het beleid van PCOU Willibrord als basis wordt gehanteerd bij de harmonisatie (op termijn) van HR-beleid en regelingen tussen de twee stichtingen. •

Mobiliteitsregeling: PCOU Willibrord beschikt over beleid voor zowel gedwongen als vrijwillige mobiliteit; Stichting VO De Vechtstreek kent dit beleid niet. Volgens het mobiliteitsbeleid van PCOU Willibrord worden medewerkers in het geval van boventalligheid herplaatst op een passende functie binnen de stichting. Vacatures worden door de school gemeld bij het mobiliteitscentrum en indien er geen succesvolle plaatsing van boventallige medewerkers plaatsvindt, kan de school zelf extern werven.

•

Klachtenregeling: Beide stichtingen hebben een eigen klachtenregeling, waarbij Stichting VO De Vechtstreek is aangesloten bij de landelijke klachtencommissie en PCOU Willibrord bij Geschillen Commissies Bijzonder Onderwijs (GCBO).

•

Onboarding: Zowel bij Stichting VO De Vechtstreek als PCOU Willibrord hebben de scholen een eigen onboardingprogramma. PCOU Willibrord heeft daarnaast een centraal onboardingbeleid met een inductieprogramma voor startende docenten waarbij training vanuit de eigen academie wordt ingezet naast de begeleiding op school.

•

Formatieproces: bij PCOU Willibrord is een duidelijke samenhang tussen het formatieproces en het mobiliteitsbeleid. Bij beide stichtingen wordt het formatieproces ondersteund door de stafdiensten.

•

Functiehuis: Stichting VO De Vechtstreek kent specifieke functiebeschrijvingen. PCOU Willibrord maakt gebruik van een generiek functieboek.

Lopende contracten met externe partijen Tijdens de nadere uitwerking van de bestuursoverdracht is tevens gekeken naar de nog lopende contracten die Stichting VO De Vechtstreek heeft met externe partijen, zoals arbodienst en salarisverwerking. De meeste lopende contracten van VO De Vechtstreek kunnen binnen een jaar opgezegd worden. Rond en na de bestuursoverdracht kan steeds per contract bekeken worden of het verstandig is om het contract op schoolniveau te laten doorlopen, of te integreren in stichtingsbrede contracten. Voor een aantal contracten geldt dat zij na de bestuursoverdracht nog zullen doorlopen op het niveau van RSG Broklede en de Rientjes Mavo. •

Het schoonmaakcontract van beide scholen is na een aanbestedingsprocedure in 2025 toegewezen aan de firma Prins. Deze firma is ook bekend binnen de Willibrord Stichting en verzorgt onder andere de schoonmaak van het Niftarlake College en het Broeckland College.

•

Het contract voor de levering van leermiddelen is via een aanbestedingsprocedure in 2024 gewonnen door de firma Van Dijk. Deze firma

48

levert ook de leermiddelen bij de Willibrord Stichting. Overigens heeft Stichting VO De Vechtstreek zich met ingang van 2026 ook aangesloten bij Neon. Dit is een collectief van schoolbesturen dat zelf leermateriaal gaat ontwikkelen. •

Een aantal ICT- en printcontracten loopt nog een aantal jaar door, tot uiterlijk 2028. De ICT-afdelingen van beide stichtingen hebben inmiddels contact met elkaar gelegd en kijken nu al bij vernieuwing of verlenging van contracten naar de meest verstandige opties.

•

Stichting VO De Vechtstreek heeft haar personeels- en salarisadministratie uitbesteed aan de firma IJK. Dit contract kan jaarlijks opgezegd worden. De Willibrord Stichting doet deze administratie intern.

•

De energielevering aan RSG Broklede loopt via een aansluiting van de gemeente. Het energiecontract staat op naam van de gemeente, en de kosten van levering worden doorberekend aan RSG Broklede en de overige gebruikers van het gebouw. Deze situatie zal ook na de bestuursoverdracht van de school aan de Willibrord Stichting blijven bestaan.

•

Stichting VO De Vechtstreek maakt gebruik van Kwiek Arbodienst. De stichting zal na de bestuursoverdracht het contract met Kwiek opzeggen en overstappen naar de Arbodienst van PCOU Willibrord.

Aantrekkelijk werkgeverschap en nieuwe kansen Besturen zien aantrekkelijk werkgeverschap als belangrijke voorwaarde om nieuw, kwalitatief goed personeel aan zich te binden. De bestuurders zien de bestuursoverdracht van de Rientjes Mavo en RSG Broklede bovendien als een kans om onderlinge uitwisseling (kennis, medewerkers en bundelen bovenschoolse ondersteuning) mogelijk te maken. Specifiek liggen er kansen om de positie in de onderwijsregio te versterken, doordat de vier scholen in de gemeente onder één bestuur opereren, wat de slagkracht vergroot. Bovendien vergemakkelijkt de bestuursoverdracht het aansluiten van de Rientjes Mavo en RSG Broklede bij een partnerschap Samen Opleiden & Professionaliseren. Overleg en procedure Een onderdeel in het proces van bestuursoverdracht is het overleg met de vakbonden. Het Decentraal Georganiseerd Overleg (DGO). Voor de personele gevolgen van de voorgenomen bestuursoverdracht wordt verwezen naar de was-wordt lijst en de DGOverklaring. Deze verklaring is een concept dat wordt voorgelegd aan de vakbonden. Het formele DGO is op 26 juni 2026 gepland.

49

4.

Effecten van de fusie op keuzevrijheid, diversiteit en bereikbaarheid De bestuursoverdracht beoogt positieve gevolgen voor de keuzevrijheid, diversiteit en bereikbaarheid van het onderwijsaanbod binnen het voedingsgebied te hebben.

4.1

Effecten van de fusie op de keuzevrijheid Met de bestuursoverdracht wordt beoogd dat de Rientjes Mavo en RSG Broklede in hun huidige vorm kunnen blijven bestaan. De scholen blijven hun onderwijsaanbod, onderwijsconcept en dagelijkse onderwijspraktijk ongewijzigd voortzetten; er vindt uitsluitend een wijziging plaats in het bevoegd gezag. Om de bestuursoverdracht mogelijk te maken is het noodzakelijk dat de denominatie van RSG Broklede formeel wijzigt van openbaar onderwijs naar algemeen bijzonder onderwijs. Deze wijziging betreft echter een uitsluitend administratieve, formeeljuridische aanpassing. In de praktijk blijft RSG Broklede onderwijs verzorgen met een expliciet openbare invulling, waarbij toegankelijkheid voor alle leerlingen, ongeacht levensbeschouwelijke of maatschappelijke achtergrond, en respect voor diversiteit centraal blijven staan. De identiteit, waarden en werkwijze van de school blijven daarmee ongewijzigd. Voor ouders en leerlingen verandert hierdoor feitelijk niets in het karakter of de toegankelijkheid van de school. Daarmee behouden leerlingen en ouders in gemeente Stichtse Vecht en omstreken ook na de bestuursoverdracht in belangrijke mate dezelfde mogelijkheden om een school te kiezen die aansluit bij hun onderwijsbehoeften en voorkeuren. De keuzevrijheid van ouders en leerlingen blijft met andere woorden onveranderd.

4.2

Effecten van de fusie op de diversiteit Met de beoogde bestuursoverdracht is de diversiteit van het onderwijsaanbod geborgd. De Rientjes Mavo en RSG Broklede blijven in ieder geval de komende periode op dezelfde manier voortbestaan: er is geen sprake van veranderingen in het onderwijsaanbod van de scholen. Bij de bestuursoverdracht naar de Willibrord Stichting zullen de Rientjes Mavo en RSG Broklede onderdeel gaan uitmaken van de Willibrord Stichting, samen met onder meer de andere twee vo-scholen in gemeente Stichtse Vecht: het Broeckland College en het Niftarlake College. De voedingsgebieden van de scholen in Breukelen (Broeckland College en RSG Broklede) zijn de afgelopen jaren percentueel gezien relatief stabiel geweest, zoals te zien in figuur 8 en 9 hieronder.

50

Broeckland College

Absoluut

Percentueel 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0

500 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0

Stichtse Vecht

Stichtse Vecht

Utrecht

Utrecht

De Ronde Venen

De Ronde Venen

Rest

Rest

Figuur 8. Ontwikkeling voedingsbied Broeckland College (DUO-data, 1-10-2025)

RSG Broklede Absoluut

Percentueel

1400

100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0

1200 1000 800 600 400 200 0

Stichtse Vecht

Stichtse Vecht

Utrecht

Utrecht

De Ronde Venen

De Ronde Venen

Rest

Rest

Figuur 9. Ontwikkeling voedingsgebied RSG Broklede (DUO-data, 1-10-2025)

De voedingsgebieden van de twee scholen in Maarssen (figuur 10 en 11) laten eenzelfde ontwikkeling zien: waar eerst de instroom vanuit Stichtse Vecht afnam en de instroom vanuit Utrecht toenam, zette die beweging zich om en nam de instroom vanuit

51

Stichtse Vecht toe en de instroom vanuit Utrecht af. Dit is waarschijnlijk het resultaat van het robuuster worden van het onderwijsaanbod in Leidsche Rijn. Niftarlake College Absoluut

Percentueel

1200

100 90

1000

80 70

800

60 600

50 40

400

30 200

20 10

0

0

Stichtse Vecht

Utrecht

Stichtse Vecht

Rest

Utrecht

Rest

Figuur 10. Ontwikkeling voedingsgebied Niftarlake College (DUO-data, 1-10-2025)

Rientjes Mavo Absoluut

Percentueel

400

100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0

350 300

250 200 150 100 50

0

Stichtse Vecht

Utrecht

Stichtse Vecht

Rest

Utrecht

Rest

Figuur 11. Ontwikkeling voedingsgebied Rientjes Mavo (DUO-data, 1-10-2025)

Dat over de afgelopen jaren (1) de voedingsgebieden van de vier vo-scholen in gemeente Stichtse Vecht, waaronder de Rientjes Mavo en RSG Broklede, percentueel

52

gezien relatief stabiel zijn geweest en (2) de vier scholen een relatief stabiel marktaandeel hebben gehad (figuur 4 in hoofdstuk 1), wijst erop dat de scholen in gemeente Stichtse Vecht ieder een duidelijke eigen identiteit, profiel en positie in de regio hebben. Met de beoogde bestuursoverdracht van de Rientjes Mavo en RSG Broklede naar de Willibrord Stichting blijft deze diversiteit van het onderwijsaanbod in de regio gelijk. In de regio blijven verschillende scholen met diverse onderwijsconcepten en aanbod voortbestaan. De bestuursoverdracht maakt het daarnaast mogelijk om de onderlinge afstemming tussen de scholen te verbeteren, zowel ten aanzien van het onderwijsaanbod als de profilering (zie ook hoofdstuk 1).

4.3

Effecten van de fusie op de spreiding van onderwijsvoorzieningen in de regio Met de beoogde bestuursoverdracht wordt geen wijziging uitgevoerd ten aanzien van de onderwijslocaties. Daarmee worden geen effecten voorzien voor de spreiding van de onderwijsvoorzieningen in de regio.

53

5. Kosten en baten van de fusie Op basis van het financiële onderzoek zijn vanuit de huidige financiële positie geen belemmeringen geconstateerd voor een bestuursoverdracht van de Rientjes Mavo en RSG Broklede naar de Willibrord Stichting. Wel is er een aantal aandachtspunten geïdentificeerd. 5.1

Financiële kosten en baten Beschrijving financiële positie Beide stichtingen zijn financieel gezond. Alle kengetallen zijn ruim op orde. Er zijn geen grote verschillen tussen beide stichtingen in de financiële positie. De Willibrord Stichting begroot voor 2026 en 2027 exploitatietekorten. Deze hebben geen gevolgen voor de financiële positie. Deze blijft ruim op orde. Beide stichtingen verwachten een leerlingendaling in de komende jaren (zie ook hoofdstuk 1). Bij de Willibrord Stichting is deze daling beperkt. De daling bij Stichting VO De Vechtstreek is forser. Stichting Willibrord heeft een steunfonds: Stichting Steunfonds Christelijk Voortgezet Onderwijs (CVO) te Utrecht. Dit steunfonds is gevormd uit de verkoop van schoolterreinen die in eigendom zijn geweest. Het privaat vermogen van deze stichting staat op een beleggingsrekening. In de statuten van deze stichting staat dat het vermogen aangewend mag worden ter bevordering en ondersteuning van de onderwijsdoelen van de Willibrord Stichting. Stichting VO De Vechtstreek heeft geen privaat vermogen en werkt niet met beleggingen. Consolidatie van de kengetallen van beide stichtingen (resultaten van 2023, 2024, prognose van 2025 en begrotingen van 2026 tot en met 2030) levert het volgende beeld op.

54

Tabel 9. Consolidatie kengetallen Willibrord Stichting en Stichting VO De Vechtstreek 2023

2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030

OCW 10

Solvabiliteit Solvabiliteit II Rentabiliteit (%) Liquiditeit (current ratio) Eigen vermogen (x € 1.000) Huisvestingsratio (%) Weerstandsvermogen (%)

0,53

0,47

0,43

0,42

0,43

0,44

0,45

0,45

0,70

0,66

0,65

0,64

0,66

0,67

0,68

0,69

0,08

-1,37

-3,59

-1,41

0,71

1,19

0,23

0,55

2,14

1,88

1,62

1,58

1,72

1,90

2,01

2,13

47.395

43.325

36.726

34.083

35.376

37.519

37.923

38.589

5,1

5,7

5,7

6,0

6,2

6,3

6,5

6,8

27

24

20

18

19

21

21

21

0,30

0,50

5

Figuur 12. Solvabiliteit II (Willibrord Stichting, St. VO De Vechtstreek en geconsolideerd)

De Inspectie van het Onderwijs kijkt voor het toezicht op financiële continuïteit naar een aantal kengetallen: liquiditeit (in welke mate een onderwijsorganisatie op korte termijn aan haar betalingsverplichtingen kan voldoen), solvabiliteit (in welke mate een onderwijsorganisatie financieel gezond is op de langere termijn) en de absolute omvang van liquide middelen. Aan deze kengetallen zijn bepaalde signaleringswaarden gekoppeld; bij de liquiditeitsratio hangt de signaleringswaarde af van de omvang van een bestuur, en bij het kengetal rond de absolute omvang van liquide middelen is relevant of een bestuur in het funderend onderwijs of het mbo actief is. Wanneer de kengetallen van een bestuur onder deze signaleringswaarden komen, geeft dat aanleiding voor de inspectie om de financiële positie van het bestuur nader te bekijken. Uit de cijfers in deze tabel blijkt dat de waarden boven de signaleringswaarden blijven, wat wijst op een financieel gezonde positie. 10

55

Figuur 13. Liquiditeit (Willibrord Stichting, St. VO De Vechtstreek en geconsolideerd)

Figuur 14. Weerstandsvermogen (Willibrord St., St. VO De Vechtstreek en geconsolideerd)

In de bijlage worden alle relevante cijfers van beide stichtingen apart en geconsolideerd weergegeven. Naast de signaleringswaarden voor het toezicht op financiële continuïteit (zie ook voetnoot 10) heeft de Inspectie van het Onderwijs ook een signaleringswaarde ontwikkeld voor toezicht op publiek eigen vermogen. Deze geeft een indicatie van hoeveel eigen vermogen een onderwijsinstelling (school of samenwerkingsverband passend onderwijs) redelijkerwijs maximaal nodig heeft voor een gezonde bedrijfsvoering. Beide stichtingen bevinden zich onder deze signaleringswaarde en hebben dus geen bovenmatig eigen vermogen.

56

Waarderingsgrondslagen De waarderingsgrondslagen van beide stichtingen sluiten in hoofdlijnen sterk op elkaar aan. Beide stichten hanteren als basis: •

Regeling jaarverslaggeving (RJO), Boek 2 Titel 9 BW en RJ 660 voor onderwijsinstellingen;

•

Going-concern veronderstelling voor de continuïteit;

•

Activa en passiva in principe tegen (geamortiseerde) kostprijs, met afschrijving op basis van economische levensduur en toerekening baten/lasten aan het jaar waarop ze betrekking hebben.

Materiële vaste activa: •

Waardering tegen verkrijgings-/vervaardigingsprijs minus lineaire afschrijvingen en eventuele bijzondere waardevermindering;

•

Investeringssubsidies worden in mindering gebracht op de kostprijs en via afschrijvingen in resultaat opgenomen.

Voorzieningen: •

Vorming bij juridische/feitelijke verplichtingen, kans op uitstroom en betrouwbare schatting, met discontering indien materieel (o.a. sociale verplichtingen);

•

Voorzieningen voor jubileum, WW/bovenwettelijke uitkeringen en sociaal beleid/ziekte.

Pensioen •

Pensioenregeling bij ABP, verwerkt volgens de “verplichting aan de pensioenuitvoerder”-benadering; alleen verschuldigde premies worden als last genomen, geen aanvullende verplichting bij dekkingstekort.

Een belangrijk verschil in de waarderingsgrondslagen is de meerjarenonderhoudsplanning (groot onderhoud). Stichting VO De Vechtstreek doteert sinds 2024 volgens de componentenmethode. Dit heeft geleid tot een verlaging van het eigen vermogen en een toename van de voorzieningen. Stichting Willibrord activeert vanaf 2022 groot onderhoud en vormt bestemmingsreserves om toekomstige investeringen te kunnen doen. Binnen de Willibrord Stichting dragen scholen op basis van oppervlak bij aan het groot onderhoud. Beide scholen van Stichting VO De Vechtstreek zullen bij een bestuursoverdracht deze methodiek overnemen, waardoor het vermogen weer zal stijgen en het voorzieningenniveau zal dalen. Een ander verschil in de waarderingsgrondslagen is dat de Willibrord Stichting eigenrisicodrager is voor de Werkhervatting van gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA) en hiervoor een voorziening vormt. Stichting VO De Vechtstreek is daarentegen verzekerd voor de WGA en vormt om die reden geen voorziening; uitsluitend de verschuldigde premie wordt als last verantwoord. Bestuursafdracht Stichting Willibrord werkt met een bestuursbijdrage. Deze bestaat uit:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/3236/documents/66298