Bijlage 3 Bodemonderzoek_Geredigeerd.pdf
Tekst van het document
RAPPORT:
Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen
PROJECTNUMMER: B24.9406 Versie: 01
3 Algemene kwaliteit deellocatie 1: Troelstrastraat 60-106 Op basis van de onderzoeksresultaten kan de gestelde onverdachte hypothese worden aangenomen, aangezien in de bovengrond en het grondwater maximaal licht verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters zijn aangetoond. In de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters aangetoond. Algemene kwaliteit deellocatie 2: Schaepmanstraat 60-106 Op basis van de onderzoeksresultaten kan de gestelde onverdachte hypothese worden aangenomen, aangezien in de boven- en ondergrond geen verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters zijn aangetoond. In het grondwater zijn maximaal licht verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters aangetoond. Zowel zintuiglijk als analytisch zijn geen afwijkende waarnemingen gedaan die duiden op de aanwezigheid van sterke verontreinigingen als gevolg van de voormalige watergangen. Naar verwachting zijn voorafgaand aan de dempingen eventueel slib uit de watergangen verwijderd en zijn de watergangen gedempt met gebiedseigen grond. Algemene kwaliteit deellocatie 3: Kuyperstraat 60-106 Op basis van de onderzoeksresultaten kan de gestelde onverdachte hypothese worden aangenomen, aangezien in de bovengrond en het grondwater maximaal licht verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters zijn aangetoond.
In de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters aangetoond. Zowel zintuiglijk als analytisch zijn geen afwijkende waarnemingen gedaan die duiden op de aanwezigheid van sterke verontreinigingen als gevolg van de voormalige watergang. Naar verwachting is voorafgaand aan de demping eventueel slib uit de watergang verwijderd en is de watergang gedempt met gebiedseigen grond. Algehele conclusies en aanbevelingen Met de uitgevoerde diverse bodemonderzoeken is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de locaties gelegen aan de Troelstrastraat, Schaepmanstraat en Kuyperstraat te Maarssen in voldoende mate onderzocht. Vanuit milieuhygiënisch oogpunt bestaan, ons inziens, geen bezwaren tegen de voorgenomen onroerend goed transactie en/of toekomstige herontwikkeling, rekening houdend met onderstaande aanbevelingen en opmerkingen. Voor eventuele civieltechnische werkzaamheden in de grond zijn, op basis van de onderzoeksresultaten, conform de CROW400 geen veiligheidsmaatregelen van toepassing, aangezien in de grond maximaal licht verhoogde gehalten voor de onderzochte parameters zijn aangetoond. Bij het ontgraven van de grond zijn de regels van de Regeling bodemkwaliteit 2022 van kracht.
Een extra aandachtspunt bij deze locatie is dat grondstromen die op basis van voorliggende rapportage verschillende indicatieve kwaliteiten hebben, niet met elkaar mogen worden vermengd. Als grond van de locatie wordt afgevoerd, dient rekening te worden gehouden met mogelijke aanvullende keuring(en) en kunnen gebiedsspecifiek zowel strengere als minder strenge eisen gelden. Verhoeven Milieutechniek B.V. heeft enkel een adviserende rol. Aanbevolen wordt om voorliggende rapportage te laten beoordelen door het bevoegd gezag om na te gaan of zij tevens instemmen met de rapportage.
Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
4 Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet en bijbehorende wetgeving in werking getreden, waarbij een aantal bevoegd-/verantwoordelijkheden van het Rijk naar de gemeenten en waterschappen gaan. Het Rijk zorgt er met het Invoeringsbesluit voor dat het beleid voor gemeenten automatisch in het ‘tijdelijk deel van het Omgevingsplan’ komen. Gemeenten hebben daarna 8 jaar de tijd om, indien gewenst, de wetgeving binnen de beleidsruimte te integreren naar gebiedsspecifiek beleid in hun eigen Omgevingsplan. Gezien de beleidsruimte en de overgangstermijn nadat de Omgevingswet in werking is getreden, kan VMT niet aansprakelijk worden gesteld voor eventueel aanvullende benodigde gegevens met betrekking tot de bodemkwaliteit als gevolg van veranderingen in een Omgevingsplan.
Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
5 INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING ................................................................................................................................ 2 1.
INLEIDING ................................................................................................................................... 6
2.
DOELSTELLING VAN HET ONDERZOEK ........................................................................... 6
3.
LOCATIEGEGEVENS ................................................................................................................ 6 3.1. ALGEMENE GEGEVENS................................................................................................................................ 6 3.2. HISTORISCHE GEGEVENS EN LOCATIEBEZOEK .......................................................................................... 6
4.
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ........................................................................... 8 4.1. BODEMOPBOUW .......................................................................................................................................... 8 4.2. GEOHYDROLOGIE ....................................................................................................................................... 8
5.
CONCLUSIES VOORONDERZOEK EN HYPOTHESE ........................................................ 8
6.
OPZET VAN HET ONDERZOEK ............................................................................................. 9 6.1. ONDERZOEKSSTRATEGIE DIVERSE (BODEM)ONDERZOEKEN .................................................................... 9 6.2. VELDWERKZAAMHEDEN ............................................................................................................................. 9
7.
WIJZE VAN BEOORDELING EN INTERPRETATIE ......................................................... 11 7.1. GROND ....................................................................................................................................................... 11 7.2. GRONDWATER ........................................................................................................................................... 12
8.
RESULTATEN ............................................................................................................................ 13 8.1. ZINTUIGLIJKE WAARNEMINGEN ............................................................................................................... 13 8.2. LABORATORIUMWERKZAAMHEDEN EN ANALYSERESULTATEN .............................................................. 13 8.3. INTERPRETATIE ANALYSERESULTATEN ................................................................................................... 16
9.
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN .................................................................................. 18 9.1. VERKENNENDE BODEMONDERZOEKEN .................................................................................................... 18 9.2. ALGEHELE CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ......................................................................................... 18
10. REFERENTIES ........................................................................................................................... 20
BIJLAGEN 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Situering in de regio Situatieschetsen met boringen en peilbuizen Boorprofielbeschrijvingen Analysecertificaten grond en grondwater Voormalige achtergrond-, streef- en interventiewaarden grond en grondwater Indicatieve toetsingstabellen RBK2022 Relevante historische informatie
Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
6 1.
INLEIDING Trebbe MiddenWest B.V. heeft Verhoeven Milieutechniek B.V. (VMT) opdracht gegeven voor het uitvoeren van diverse bodemonderzoeken, voor de locaties gelegen aan de Troelstrastraat 60106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen. De aanleiding voor de uitvoering van de diverse (bodem)onderzoeken wordt gevormd door de voorgenomen onroerend goed transactie en/of herontwikkeling van de locaties. De onderzoeken zijn uitgevoerd conform c.q. gebaseerd op de normen NEN 5725:2023 [1] en NEN 5740:2023 [2]. Verhoeven Milieutechniek B.V. (certificaatnummer: EC-SIK-20250, geldig tot 20-6-2025, afgegeven door Normec Certification) is gecertificeerd conform BRL SIKB 2000. Verhoeven Milieutechniek B.V. heeft op geen enkele wijze belangen bij de uitkomsten van het bodemonderzoek. Namens Verhoeven Milieutechniek B.V. zijn de werkzaamheden gecoördineerd door de heren ing. G.S.T.M. van Oers en ing. H.M.W. van der Donk.
2.
DOELSTELLING VAN HET ONDERZOEK De onderzoeken hebben tot doel de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem op de onderzoekslocaties vast te leggen en vast te stellen of vanuit milieuhygiënisch oogpunt bezwaren bestaan tegen de voorgenomen onroerend goed transactie en/of herontwikkeling.
3.
LOCATIEGEGEVENS 3.1.
Algemene gegevens
De onderzoekslocaties zijn gelegen aan de Troelstrastraat 60-106 (deellocatie 1), Schaepmanstraat 60-106 (deellocatie 2) en Kuyperstraat 60-106 (deellocatie 3) te Maarssen en staan kadastraal bekend als de gemeente Maarsseveen, sectie A, nummers 3379, 4866 en 3381. Verder behoort bij alle drie de locaties nog een klein gedeelte van het openbaar gebied bij de herontwikkeling, te weten kadastraal A 5320 ged. (maximaal 100 m2 per locatie). Op de locaties zijn appartementencomplexen aanwezig met een oppervlakte van circa 500 m2. Uitpandig betreffen de locaties deels verhard terrein (elementverhardingen) en deels onverhard (begroeid). De oppervlakte van de locaties bedragen maximaal 1.500 m2 per locatie. Voor de situering van de locatie in de regio wordt verwezen naar bijlage 1. 3.2.
Historische gegevens en locatiebezoek
Voorafgaand aan de diverse (bodem)onderzoeken is een historisch vooronderzoek uitgevoerd conform de NEN 5725. Door een medewerker van Verhoeven Milieutechniek B.V. (VMT) zijn de relevante gegevens van de websites www.topotijdreis.nl, www.bodemloket.nl en www.kadaster.nl bestudeerd. Daarnaast is de bodemviewer van de Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) geraadpleegd en is aanvullend de historische informatie opgevraagd bij de ODRU. Tevens is door de opdrachtgever een historische vragenlijst ingevuld en aangeleverd. De relevante historische gegevens zijn opgenomen in bijlage 7. Bodemkwaliteitsgegevens Op basis van beschikbare gegevens is bekend dat er voorgaande bodemonderzoeken zijn uitgevoerd ter plaatse van de onderzoekslocaties gelegen aan de Schaepmanstraat en Kuyperstraat (2x). Van de Troelstrastraat zijn geen voorgaande bodemonderzoeken bekend. Daarnaast is een bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de aangrenzende Europalaan. Onderstaand worden de relevante onderzoeken kort samengevat. Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
7 In 1998 is een verkennend onderzoek (Ascor Analyse, kenmerk 11030204, d.d. 18 mei 1998) uitgevoerd, waar in de kruipruimte van de onderzoekslocatie (voormalig zwembad De Grondslag), direct ten zuiden van de huidige onderzoekslocatie (Schaepmanstraat), bodemmonsters zijn genomen. Daarin werden verhoogde gehaltes aan minerale olie, EOX en chloride, ten opzichte van de voormalige achtergrondwaarden aangetoond. In 2016 en 2021 zijn verkennende onderzoeken (Grondslag, kenmerk 25523, d.d. 8 juli 2016 en d.d. 26 maart 2021) uitgevoerd, waarop ter plaatse van een perceel direct grenzend ten zuiden aan de onderzoekslocatie (Kuyperstraat), boringen zijn geplaatst. Hierbij werden in zowel de bovenals in de ondergrond licht verhoogde gehalten voor diverse zware metalen aangetoond. In het grondwater werden maximaal licht verhoogde gehalten voor diverse zware metalen en/of xylenen aangetoond ten opzicht van de voormalige streefwaarden. In 2002 is een verkennend onderzoek (Oranjewoud, kenmerk 115881rap.overig, d.d. juli 2002) uitgevoerd, waarvoor deels boringen zijn geplaatst in de aangrenzende Europalaan. Hierbij zijn de boringen 27 t/m 33 ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie gesitueerd.
Hierbij werden in de bovengrond geen verhoogde gehalten voor de geanalyseerde parameters aangetoond, terwijl in de ondergrond licht verhoogde gehalten voor PAK werden aangetoond ten opzichte van de voormalige achtergrondwaarden. In het grondwater werden maximaal licht verhoogde gehalten voor chroom en vluchtige aromaten aangetoond ten opzichte van de voormalige streefwaarden. Bodemkwaliteitskaart Op basis van de bodemviewer van de ODRU betreft de ontgravingsklasse van zowel de bovenals ondergrond voor alle drie de locaties ‘Landbouw/Natuur’. De bodemfunctieklasse is ‘Wonen’. Historisch kaartmateriaal, luchtfoto’s en kadaster De locaties betroffen op basis van de eerste meer nauwkeurige kaart van 1850 een agrarisch gebied met diverse watergangen. Daarbij zijn er in de agrarische periode ter plaatse van de Schaepmanstraat 60-106 (deellocatie 2) in totaal drie watergangen en ter plaatse van de Kuyperstraat 60-106 (deellocatie 3) één watergang aanwezig geweest. Vanaf 1970 is het gebied ontwikkeld naar een woongebied en is de eerste bebouwing op de locatie zichtbaar. Voormalige wegen zijn op de onderzoekslocatie niet zichtbaar. Op basis van het kadaster zijn de appartementencomplexen in 1966 gerealiseerd. Asbest Uitpandig zijn diverse (element)verhardingen aanwezig.
De aanwezige bebouwing is in 1966 gerealiseerd, waarbij uitpandig geen tot minimale asbesttoepassingen worden verwacht. Ter plaatse van de (element)verhardingen kunnen bijmengingen met puin en/of asbestverdacht plaatmateriaal niet worden uitgesloten. Bodembedreigende activiteiten (zoals boven- en/of ondergrondse brandstoftanks) Op de locaties zijn vooralsnog geen overige (voormalige) bodembedreigende activiteiten bekend. PFAS Voor PFAS zijn geen puntbronnen bekend. Indien men voornemens is om grondverzet plaats te laten vinden, kan gebruik worden gemaakt van de betreffende bodemkwaliteitskaart PFAS. Indien er grond dient te worden afgevoerd naar een erkend verwerker (sanering), dient er mogelijk een aanvullend onderzoek naar PFAS plaats te vinden. Locatiebezoek Voorafgaand is een locatiebezoek uitgevoerd. De voormalige watergangen zijn niet meer zichtbaar in het veld. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen of overige bodembedreigende activiteiten aangetroffen. Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
12 Als het te ontgraven bodemvolume kleiner of gelijk is dan 25 m3 (ook wel kleinschalig graven genoemd), gelden geen regels uit het Bal. Wel kunnen gemeenten in het omgevingsplan regels stellen aan kleinschalig graven. Bij het ontgraven van een bodemvolume groter dat 25 m3 is sprake van een ‘milieubelastende activiteit’ conform het Bal. Hierbij wordt, op basis van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, onderscheid gemaakte tussen 2 milieubelastende activiteiten: - Graven in de bodem met een kwaliteit onder of gelijk aan de interventiewaarden bodemkwaliteit; - Graven in de bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarden bodemkwaliteit. Bij grondverzet groter dan 25 m3 dient altijd voorafgaand een bodemonderzoek uitgevoerd te worden, bestaat er een melding of informatieplicht aan het bevoegd gezag en zijn inhoudelijke voorschriften tijdens de activiteit, zoals uitvoering volgens BRL 7000 en/of BRL 6000 bij graven in bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarden bodemkwaliteit. Tevens is bij graafwerkzaamheden in de verontreinigde grond altijd de CROW-publicatie 400 van toepassing. Momenteel wordt gewerkt aan het toevoegen van toetsingswaarden voor PFAS aan de Regeling bodemkwaliteit 2022 tot die tijd moet het handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie (geactualiseerd december 2023), worden gehanteerd.
In het handelingskader hergebruik is vastgesteld dat voor de functieklasse “landbouw/ natuur” voor PFOA een toepassingsnorm van 1,9 μg/kg d.s. wordt gehanteerd en voor alle overige PFAS stoffen een toepassingsnorm van 1,4 μg/kg d.s. Voor de functieklassen “wonen” en “industrie” geldt een toepassingsnorm van 7 μg/kg d.s. voor PFOA en 3 μg/kg d.s. voor de overige PFAS stoffen en GenX. Aanvullend wordt opgemerkt dat deze gehalten door gebiedsspecifiek beleid zowel strenger als minder streng kunnen zijn. Het is nu nog niet mogelijk om interventiewaarden voor PFAS te bepalen. Daarom heeft het RIVM (d.d. 5 maart 2020 met aanpassing d.d. 9 mei 2022) voorlopige waarden afgeleid: de Indicatieve Niveaus voor Ernstige Verontreiniging (INEV). Met de INEV kunnen gemeenten en provincies bepalen waar de bodem ernstig verontreinigd is en of meer onderzoek nodig is. Als de concentraties onder de INEV blijven, zijn er doorgaans geen onaanvaardbare risico’s voor mens of milieu. 7.2.
Grondwater
Bij het inwerking treden van de Omgevingswet in 2024 zijn de toetsingsnormen voor grondwater vervallen, maar zijn instructieregels opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) [8]. Hierin wordt gesproken over ‘Rijksomgevingswaarden’, ‘standaardwaarden grondwater’ en ‘signaleringsparameter beoordeling grondwatersanering’. Aangezien de Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa) van Rijkswaterstaat nog niet beschikt over een toetsingsprogramma om de grondwaterresultaten te toetsen aan de Omgevingswet, worden de voormalige streef- en interventiewaarden voor grondwater, zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 [6], voorlopig gebruikt voor de toetsing van de analyseresultaten. De streefwaarden (omgevingswaarden) geven voor het grondwater het niveau aan waarbij sprake is van een van een duurzame bodemkwaliteit (grondwaterlichaam met goede chemische toestand). In het bodembeschermingsbeleid geven zij het te bereiken en te behouden kwaliteitsniveau voor het grondwater aan. De interventiewaarden (‘signaleringsparameter beoordeling grondwatersanering’ voor grondwater) geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier en plant ernstig zijn of dreigen te worden verminderd.
Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
13 8.
RESULTATEN 8.1.
Zintuiglijke waarnemingen
De bodem ter plaatse van deellocatie 1: Troelstrastraat 60-106 bestaat vanaf het maaiveld/onderzijde verharding tot de maximaal geboorde diepte van 3,0 m-mv bij boringen PB101 en B102 uit een pakket van matig fijn zand, matig siltige klei en veen, B103 en B104 uit matig fijn, zwak siltig zand en B105 t/m B108 uit matig siltige/zandige klei. De bodem ter plaatse van deellocatie 2: Schaepmanstraat 60-106 bestaat vanaf het maaiveld/onderzijde verharding tot de maximaal geboorde diepte van 4,0 m-mv bij boringen PB201 en B208A-E uit een pakket van sterk zandige klei, zeer fijn zand en matig siltige klei, B202 en B203A-E uit matig/zeer fijn zand en matig zandige klei, B204A matig fijn, zwak tot matig siltig zand, B204B-E uit matig fijn zand, zwak tot matig siltige klei en zwak kleiig veen, B205 uit zwak tot matig siltige klei en matig fijn zand en B206 en B207 uit matig siltige klei. De bodem ter plaatse van deellocatie 3: Kuyperstraat 60-106 bestaat vanaf het maaiveld/onderzijde verharding tot de maximaal geboorde diepte van 3,5 m-mv bij boringen PB301 en B302A uit matig fijn, zwak siltig zand en matig zandige klei, B302B-E uit matig/zeer fijn, zwak tot matig siltig zand en matig siltige klei, B303 uit matig fijn, zwak siltig zand en B305 t/m B308 uit sterk zandige en matig/sterk siltige klei.
Plaatselijk is de grond tevens zwak tot matig humeus, zijn brokken klei, laagjes veen en/of zwak grindhoudende lagen aangetroffen. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn zintuiglijk geen bodemvreemde lagen of bodemvreemde bijmengingen met bodemvreemde materialen aangetroffen. Verder zijn tijdens de veldwerkzaamheden geen overige waarnemingen in de grond gedaan die kunnen duiden op de aanwezigheid van een bodemverontreiniging (zoals puin en/of asbestverdacht materiaal). Conform de NEN 5725 (bijlage A) blijft de aanname 'onverdacht op het voorkomen van asbestverdachte puinbijmengingen (NEN 5707)' zoals gesteld in het vooronderzoek van kracht, aangezien er geen asbestverdachte puinbijmengingen zijn aangetroffen. Het uitvoeren van een verkennend onderzoek naar asbest is derhalve definitief niet noodzakelijk. Ter plaatse van de voormalige watergangen zijn eveneens geen afwijkende bodemlagen aangetroffen die kunnen duiden op een (verontreinigde) slootdemping. De volledige boorprofielbeschrijvingen zijn opgenomen als bijlage 3. 8.2.
Laboratoriumwerkzaamheden en analyseresultaten
De analyses zijn uitgevoerd door het geaccrediteerde laboratorium van SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam (grond en grondwater). De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 4. De kwaliteitseisen voor grond zijn opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit 2022. Binnen de Omgevingswet zijn de meest recente interventiewaarden voor de grond en signaleringsparameters beoordeling grondwatersanering opgenomen in de Bal. Aangezien de Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa) van Rijkswaterstaat nog niet beschikt over een toetsingsprogramma om de grond- en grondwaterresultaten te toetsen aan de Omgevingswet, worden de voormalige streef- en interventiewaarden voor grondwater en interventiewaarden voor grond, zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, voorlopig gebruikt voor de toetsing van de analyseresultaten. Een volledig overzicht van de toetsings- en analyseresultaten voor de grond en het grondwater is opgenomen als bijlage 5. Tevens zijn de grondresultaten indicatief getoetst aan de RBK2022, welke is opgenomen als bijlage 6.
Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
16 8.3.
Interpretatie analyseresultaten
Deellocatie 1: Troelstrastraat 60-106 Grond In het mengmonster MM101 van de zintuigelijk schone bovengrond (0,05-0,5 m-mv, zand) is een licht verhoogd gehalte voor PCB aangetoond ten opzichte van de voormalige achtergrondwaarde. Met de indicatieve toetsing aan de RBK2022 valt de onderzochte grond uit het mengmonster onder de kwaliteitseisen voor de klasse ‘industrie’. In het onderzochte mengmonster MM102 van de zintuigelijk schone bovengrond (0,0-0,5 m-mv, klei) is een licht verhoogd gehalte voor PAK aangetoond ten opzichte van de voormalige achtergrondwaarde. Voor de overige onderzochte NEN-parameters zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. In het mengmonster MM103 van de zintuigelijk schone ondergrond (0,0-2,0 m-mv, klei) zijn geen verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters aangetoond ten opzichte van de voormalige achtergrondwaarden. Met de indicatieve toetsing aan de RBK2022 valt de onderzochte grond uit de mengmonsters MM102 en MM103 onder de kwaliteitseisen voor de klasse ‘landbouw/natuur’. Grondwater In het grondwatermonster uit peilbuis PB101 zijn licht verhoogde gehalten voor barium en tetrachlooretheen aangetoond ten opzichte van de voormalige streefwaarden. De overige onderzochte NEN-parameters zijn niet verhoogd aangetoond ten opzichte van de voormalige streefwaarden.
Deellocatie 2: Schaepmanstraat 60-106 Grond In de onderzochte mengmonsters MM201 (zand) en MM202 (klei) van de zintuigelijk schone bovengrond (0,0-0,5 m-mv), alsmede in de mengmonsters MM203 (zand) en MM204 (klei) van de zintuiglijk schone ondergrond (0,5-2,0 m-mv), zijn geen verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters aangetoond ten opzichte van de voormalige achtergrondwaarden (< landbouw/natuur). Grondwater In het grondwatermonster uit peilbuis PB201 is een licht verhoogd gehalte voor barium aangetoond ten opzichte van de voormalige streefwaarde. De overige onderzochte NENparameters zijn niet verhoogd aangetoond ten opzichte van de voormalige streefwaarden. Deellocatie 3: Kuyperstraat 60-106 Grond In het mengmonster MM301 van de zintuigelijk schone bovengrond (0,05-0,5 m-mv, zand) is maximaal een licht verhoogd gehalte voor PCB aangetoond ten opzichte van de voormalige achtergrondwaarde. Voor de overige onderzochte NEN-parameters zijn geen verhoogde gehalten aangetoond (< landbouw/natuur). In het onderzochte mengmonster MM302 van de zintuigelijk schone bovengrond (0,0-0,5 m-mv, klei) zijn licht verhoogde gehalten voor lood, zink, PAK en PCB aangetoond ten opzichte van de voormalige achtergrondwaarden. Met de indicatieve toetsing aan de RBK2022 valt de onderzochte grond uit mengmonster MM302 onder de kwaliteitseisen voor de klasse ‘wonen’.
Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
17 In het mengmonster MM303 van de zintuigelijk schone ondergrond (0,5-2,0 m-mv, klei) zijn geen verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters aangetoond ten opzichte van de voormalige achtergrondwaarden (< landbouw/natuur). Grondwater In het grondwatermonster uit peilbuis PB301 zijn licht verhoogde gehalten voor barium en naftaleen aangetoond ten opzichte van de voormalige streefwaarde. De overige onderzochte NEN-parameters zijn niet verhoogd aangetoond ten opzichte van de voormalige streefwaarden.
Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
18 9.
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN 9.1.
Verkennende bodemonderzoeken
Voor het verkennend bodemonderzoek werd voor de algemene kwaliteit van de onderzoekslocaties de hypothese gesteld van onverdachte locaties met betrekking tot het voorkomen van een bodemverontreiniging. Daarbij vormden de voormalige watergang(en) ter plaatse van de Schaepmanstraat en Kuyperstraat wel aandachtspunten. Algemene kwaliteit deellocatie 1: Troelstrastraat 60-106 Op basis van de onderzoeksresultaten kan de gestelde onverdachte hypothese worden aangenomen, aangezien in de bovengrond en het grondwater maximaal licht verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters zijn aangetoond. In de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters aangetoond. Algemene kwaliteit deellocatie 2: Schaepmanstraat 60-106 Op basis van de onderzoeksresultaten kan de gestelde onverdachte hypothese worden aangenomen, aangezien in de boven- en ondergrond geen verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters zijn aangetoond. In het grondwater zijn maximaal licht verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters aangetoond. Zowel zintuiglijk als analytisch zijn geen afwijkende waarnemingen gedaan die duiden op de aanwezigheid van sterke verontreinigingen als gevolg van de voormalige watergangen. Naar verwachting zijn voorafgaand aan de dempingen eventueel slib uit de watergangen verwijderd en zijn de watergangen gedempt met gebiedseigen grond.
Algemene kwaliteit deellocatie 3: Kuyperstraat 60-106 Op basis van de onderzoeksresultaten kan de gestelde onverdachte hypothese worden aangenomen, aangezien in de bovengrond en het grondwater maximaal licht verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters zijn aangetoond. In de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten voor de onderzochte NEN-parameters aangetoond. Zowel zintuiglijk als analytisch zijn geen afwijkende waarnemingen gedaan die duiden op de aanwezigheid van sterke verontreinigingen als gevolg van de voormalige watergang. Naar verwachting is voorafgaand aan de demping eventueel slib uit de watergang verwijderd en is de watergang gedempt met gebiedseigen grond. 9.2.
Algehele conclusies en aanbevelingen
Met de uitgevoerde diverse bodemonderzoeken is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de locaties gelegen aan de Troelstrastraat, Schaepmanstraat en Kuyperstraat te Maarssen in voldoende mate onderzocht. Vanuit milieuhygiënisch oogpunt bestaan, ons inziens, geen bezwaren tegen de voorgenomen onroerend goed transactie en/of toekomstige herontwikkeling, rekening houdend met onderstaande aanbevelingen en opmerkingen. Voor eventuele civieltechnische werkzaamheden in de grond zijn, op basis van de onderzoeksresultaten, conform de CROW400 geen veiligheidsmaatregelen van toepassing, aangezien in de grond maximaal licht verhoogde gehalten voor de onderzochte parameters zijn aangetoond.
Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
19 Bij het ontgraven van de grond zijn de regels van de Regeling bodemkwaliteit 2022 van kracht. Een extra aandachtspunt bij deze locatie is dat grondstromen die op basis van voorliggende rapportage verschillende indicatieve kwaliteiten hebben, niet met elkaar mogen worden vermengd. Als grond van de locatie wordt afgevoerd, dient rekening te worden gehouden met mogelijke aanvullende keuring(en) en kunnen gebiedsspecifiek zowel strengere als minder strenge eisen gelden. Verhoeven Milieutechniek B.V. heeft enkel een adviserende rol. Aanbevolen wordt om voorliggende rapportage te laten beoordelen door het bevoegd gezag om na te gaan of zij tevens instemmen met de rapportage. Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet en bijbehorende wetgeving in werking getreden, waarbij een aantal bevoegd-/verantwoordelijkheden van het Rijk naar de gemeenten en waterschappen gaan. Het Rijk zorgt er met het Invoeringsbesluit voor dat het beleid voor gemeenten automatisch in het ‘tijdelijk deel van het Omgevingsplan’ komen. Gemeenten hebben daarna 8 jaar de tijd om, indien gewenst, de wetgeving binnen de beleidsruimte te integreren naar gebiedsspecifiek beleid in hun eigen Omgevingsplan.
Gezien de beleidsruimte en de overgangstermijn nadat de Omgevingswet in werking is getreden, kan VMT niet aansprakelijk worden gesteld voor eventueel aanvullende benodigde gegevens met betrekking tot de bodemkwaliteit als gevolg van veranderingen in een Omgevingsplan.
Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
20 10.
REFERENTIES 1. Nederlands Normalisatie Instituut, Delft 2023. NEN 5725, norm Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek. 2. Nederlands Normalisatie Instituut, Delft 2023. NEN 5740, norm Bodem -Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënisch kwaliteit van de bodem en grond. 3. Ministerie van Infrastructuur en Milieu, Wet van 23 maart 2016, houdende regels over het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving (Omgevingswet) per 1 januari 2024, Staatscourant, 26 april 2016, nr. 156 (inclusief rectificaties en wijzigingen hierop volgend). 4. Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Regeling bodemkwaliteit 2022, van 18 november 2022, Staatscourant, 19 januari 2023, nr. 1338 (inclusief rectificaties en wijzigingen hierop volgend). 5. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Besluit activiteiten leefomgeving per 1 januari 2024, Staatscourant, 31 augustus 2018, nr. 293 (inclusief rectificaties en wijzigingen hierop volgend). 6. Ministerie van VROM, circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatscourant, 27 juni 2013, nr. 16675 (inclusief rectificaties en wijzigingen hierop volgend). 7. Ministerie van VROM en Verkeer en Waterstaat, Regeling bodemkwaliteit, Staatscourant, 20 december 2007, nr. 247 (inclusief rectificaties en wijzigingen hierop volgend). 8.
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Besluit kwaliteit leefomgeving per 1 januari 2024, Staatscourant, 31 augustus 2018, nr. 292 (inclusief rectificaties en wijzigingen hierop volgend).
Diverse bodemonderzoeken, Troelstrastraat 60-106, Schaepmanstraat 60-106 en Kuyperstraat 60-106 te Maarssen Rapportnr.: B24.9406, versie: 01, datum: 4 februari 2025
Bijlage 1
Bijlage 2
Bijlage 3
Bijlage 4
Blad 6 van 13
Analyserapport VERHOEVEN MILIEUTECHN.BV Gilles van Oers Projectnaam TREM B24.9406 Projectnummer 14223429 - 1 Rapportnummer
15-01-2025 Orderdatum 15-01-2025 Startdatum Rapportagedatum 21-01-2025
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
006 007 008 009 010
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MM203 MM204 MM301 MM302 MM303
Analyse
Eenheid
Q
006
007
008
009
PCB 180 som PCB (7) (0.7 factor)
µg/kgds µg/kgds
S S
<1 1) 4.9
<1 1) 4.9
1.5 1) 6.6
1.5 1) 10.2
<1 1) 4.9
MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
S
<5 <5 <5 <5 <20
<5 <5 <5 <5 <20
<5 <5 <5 <5 <20
<5 <5 7 6 <20
<5 <5 5 <5 <20
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Sp jkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschr jving handelsregister : 24226722.
010
Blad 7 van 13
Analyserapport VERHOEVEN MILIEUTECHN.BV Gilles van Oers Projectnaam TREM B24.9406 Projectnummer 14223429 - 1 Rapportnummer
15-01-2025 Orderdatum 15-01-2025 Startdatum Rapportagedatum 21-01-2025
Monster beschrijvingen
006
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
007
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
008
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
009
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
010
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
Voetnoten 1
De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Sp jkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschr jving handelsregister : 24226722.
Blad 9 van 13
Analyserapport VERHOEVEN MILIEUTECHN.BV Gilles van Oers Projectnaam TREM B24.9406 Projectnummer 14223429 - 1 Rapportnummer
15-01-2025 Orderdatum 15-01-2025 Startdatum Rapportagedatum 21-01-2025
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
002 002 003 003 003 003 003 003 003 003 004 004 004 004 005 005 005 005 005 006 006 006 006 006 006 006 006 007 007 007 007 007 007 007 008 008 008 008 009 009 009 009 010 010 010 010
O1754166 O1754115 O1754102 O1753665 O1753350 O1753662 O1754177 O1753344 O1753335 O1754099 O1753358 O1753655 O1753645 O1753668 O1753905 O1753762 O1753360 O1753918 O1753902 O1753354 O1753771 O1753356 O1753353 O1754116 O1753913 O1753346 O1753359 O1753904 O1753914 O1753774 O1753663 O1753915 O1753670 O1753361 O1754150 O1753932 O1754164 O1754159 O1754141 O1754035 O1754152 O1754146 O1753936 O1754148 O1753937 O1754147
14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025
14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025 14-01-2025
ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Sp jkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschr jving handelsregister : 24226722.
Blad 4 van 6
Analyserapport VERHOEVEN MILIEUTECHN.BV Jorrit Heijma Projectnaam TREM B24.9406 Projectnummer 14228828 - 1 Rapportnummer
23-01-2025 Orderdatum 23-01-2025 Startdatum Rapportagedatum 29-01-2025
Monster beschrijvingen
001
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
002
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
003
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
Voetnoten 1
De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Sp jkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschr jving handelsregister : 24226722.
Bijlage 5
Bijlage 6
Bijlage 6
Toetsing volgens TerraIndex, module T.101-Beoordeling kwaliteitsklassen van grond en baggerspecie bij toepassen op of in de landbodem (Toetsversie 1.0.0, regelgeving Bijlage B, tabel 1 Rbk 2022, aanroep SIKB versie 14.8.0, lookup versie 14.9.0 toetsingsdatum: 04-02-2025 - 14:40)
Projectcode Projectnaam Monsteromschrijving Monstersoort Monster conclusie Analyse
B24.9406 TREM MM201 Grond (AS3000) Klasse landbouw/natuur
SR
SR
TC
Ja 86.0 86 <1 Geen
-
% g %
0.6
0.6
6.1
6.1
0.9
0.9
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS 7.1
7.1
13
13
12
12
METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg
BI
B24.9406 TREM MM203 Grond (AS3000) Klasse landbouw/natuur
BT
monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten organische stof (gloeiverlies)
Eenheid SR
B24.9406 TREM MM202 Grond (AS3000) Klasse landbouw/natuur
26 61.5 -<0.2 0.224 <=L/N-0.03 <3 4.74 <=L/N-0.06 5.4 9.5 <=L/N-0.20 <0.050.0465<=L/N0.00 13 18.7 <=L/N-0.07 <1.5 1.05 <=L/N0.00 9.3 19 <=L/N-0.25 54 102 <=L/N-0.07
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kg <0.010.007 fenantreen mg/kg 0.01 0.01 antraceen mg/kg <0.010.007 fluoranteen mg/kg 0.03 0.03 benzo(a)antraceen mg/kg 0.02 0.02 chryseen mg/kg 0.02 0.02 benzo(k)fluoranteen mg/kg 0.01 0.01 benzo(a)pyreen mg/kg 0.02 0.02 benzo(ghi)peryleen mg/kg 0.02 0.02 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg 0.02 0.02 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) mg/kg 0.1640.164 <=L/N-0.03
BT
TC
Ja 76.0 76 <1 Geen
-
BI
BT
TC
Ja 81.5 81.5 <1 Geen
-
BI
70 114 -0.32 0.406 <=L/N-0.02 4.7 7.5 <=L/N-0.04 17 23.1 <=L/N-0.11 0.06 0.0712<=L/N0.00 33 40.6 <=L/N-0.02 <1.5 1.05 <=L/N0.00 16 24.3 <=L/N-0.16 81 116 <=L/N-0.04
28 48.2 -<0.2 0.209 <=L/N-0.03 3.1 5.21 <=L/N-0.06 <5 5.38 <=L/N-0.23 <0.050.0433<=L/N0.00 <10 9.3 <=L/N-0.08 <1.5 1.05 <=L/N0.00 10 15.9 <=L/N-0.29 <20 22 <=L/N-0.20
<0.010.007 0.05 0.05 0.01 0.01 0.16 0.16 0.07 0.07 0.07 0.07 0.04 0.04 0.07 0.07 0.07 0.07 0.06 0.06
<0.010.007 <0.010.007 <0.010.007 0.01 0.01 <0.010.007 <0.010.007 <0.010.007 <0.010.007 <0.010.007 <0.010.007
-
-
0.6070.607 <=L/N-0.02
0.0730.073 <=L/N-0.04
POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 ug/kg <1 PCB 52 ug/kg <1 PCB 101 ug/kg <1 PCB 118 ug/kg <1 PCB 138 ug/kg <1 PCB 153 ug/kg <1 PCB 180 ug/kg <1 som PCB (7) (0.7 factor) ug/kg 4.9
3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 24.5
<=L/N0.00
<1 <1 <1 <1 <1 1.1 <1 5.3
1.15 1.15 1.15 1.15 1.15 1.8 1.15 8.69
<=L/N-0.01
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9
3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 24.5
<=L/N0.00
MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
17.5 17.5 17.5 17.5 70
----<=L/N-0.02
<5 <5 7 5 <20
5.74 5.74 11.5 8.2 23
----<=L/N-0.03
<5 <5 <5 <5 <20
17.5 17.5 17.5 17.5 70
----<=L/N-0.02
Monstercode 14223429-004 14223429-005 14223429-006
mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg
<5 <5 <5 <5 <20
Monsteromschrijving MM201 MM202 MM203
SGS Nederland B.V. heeft deze output met zorg samengesteld met behulp van de toetsingstool van Terraindex. Desondanks kunnen er onjuistheden of onvolledigheden voorkomen. SGS Nederland B.V. aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor de juistheid, volledigheid of toepasbaarheid van de verstrekte informatie. Het gebruik van deze informatie is volledig op eigen risico. SGS Nederland B.V. is niet aansprakelijk voor enige schade die voortvloeit uit het gebruik van deze informatie of adviezen. Het is de verantwoordelijkheid van de gebruiker om de nauwkeurigheid en bruikbaarheid van de informatie te verifiëren.
Bijlage 6
Toetsing volgens TerraIndex, module T.101-Beoordeling kwaliteitsklassen van grond en baggerspecie bij toepassen op of in de landbodem (Toetsversie 1.0.0, regelgeving Bijlage B, tabel 1 Rbk 2022, aanroep SIKB versie 14.8.0, lookup versie 14.9.0 toetsingsdatum: 04-02-2025 - 14:40)
Projectcode Projectnaam Monsteromschrijving Monstersoort Monster conclusie
B24.9406 TREM MM303 Grond (AS3000) Klasse landbouw/natuur
Analyse
Eenheid SR
BT
TC
monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten organische stof (gloeiverlies)
% g %
Ja 76.4 76.4 <1 Geen 1.7 1.7
-
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)
% vd DS 23
METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg
BI
23
99 106 -0.22 0.286 <=L/N-0.03 6.7 7.14 <=L/N-0.04 14 16.8 <=L/N-0.15 0.07 0.0751<=L/N0.00 33 37.4 <=L/N-0.03 <1.5 1.05 <=L/N0.00 22 23.3 <=L/N-0.18 63 72.3 <=L/N-0.12
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kg <0.010.007 fenantreen mg/kg 0.03 0.03 antraceen mg/kg <0.010.007 fluoranteen mg/kg 0.09 0.09 benzo(a)antraceen mg/kg 0.05 0.05 chryseen mg/kg 0.05 0.05 benzo(k)fluoranteen mg/kg 0.03 0.03 benzo(a)pyreen mg/kg 0.06 0.06 benzo(ghi)peryleen mg/kg 0.05 0.05 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg 0.05 0.05 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor)mg/kg 0.4240.424 <=L/N-0.03 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 som PCB (7) (0.7 factor)
ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg ug/kg
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9
3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 24.5
<=L/N0.00
MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg mg/kg
<5 17.5 <5 17.5 5 25 <5 17.5 <20 70
----<=L/N-0.02
Monstercode 14223429-010
Monsteromschrijving MM303
SGS Nederland B.V. heeft deze output met zorg samengesteld met behulp van de toetsingstool van Terraindex. Desondanks kunnen er onjuistheden of onvolledigheden voorkomen. SGS Nederland B.V. aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor de juistheid, volledigheid of toepasbaarheid van de verstrekte informatie. Het gebruik van deze informatie is volledig op eigen risico. SGS Nederland B.V. is niet aansprakelijk voor enige schade die voortvloeit uit het gebruik van deze informatie of adviezen. Het is de verantwoordelijkheid van de gebruiker om de nauwkeurigheid en bruikbaarheid van de informatie te verifiëren.
Bijlage 6
Verklaring kolommen SR Resultaat op het analyserapport BT Berekend toetsresultaat (omgerekend naar standaard bodem). Bij organische stof en lutum staan de voor de toetsing gebruikte waarden. TC Toetsoordeel toetsingsmodule BI SGS berekende BodemIndex waarde: =(BT - (L/N) ) / (I - (L/N) ) Verklaring toetsingsoordelen Geen toetsoordeel mogelijk -Heeft geen normwaarde, zorgplicht van toepassing # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat + De normen voor barium zijn ingetrokken. Indien er sprake is van verhoogde bariumgehalten ten opzichte van de natuurlijke achtergrond als gevolg van een antropogene bron, kan dit gehalte bij invulling van de zorgplicht worden beoordeeld op basis van de voormalige interventiewaarde voor barium van 625 mg/kg d.s (waterbodem) en de interventiewaarde voor landbodem van 920 mg/kg (landbodem). ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik. Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd.
<=L/N Kleiner dan of gelijk aan de Kwaliteitseis landbouw / natuur WO Kwaliteitseis wonen IN Kwaliteitseis industrie MV Kwaliteitseis matig verontreinigd SV Kwaliteitseis sterk verontreinigd >I Groter dan interventiewaarde >(ind)I INEV (Indicatieve interventiewaarde) wordt overschreden somIW>1 Interventiewaarde wordt overschreden door som fractie interventiewaarde > 1 (interventie factor) ^ Enkele parameters ontbreken in de som Kleur informatie Geel Wonen of Licht verontreinigd Oranje Industrie Rood Matig verontreinigd Paars Sterk verontreinigd of Interventiewaarde BodemIndex waarde SGS 1 BI ligt tussen 0 en 0.5 SGS 2 BI ligt tussen 0.5 en 1 SGS 3 BI > 1
Bijlage 7