CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording vergadervragen LL over was-wordt tabel bij de verordening.pdf

Raad 1 oktober 2024, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 20: Verordening Re-integratie Participatiewet Stichtse Vecht1.010 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verordening Re-integratie Participatiewet Stichtse Vecht 2023 Commissie Sociaal Domein 10 september 2024 Beantwoording vraag over was-wordt tabel bij de verordening Lokaal Liberaal: In de lijst staat bij 3 13 15 en 16 dat de artikelen zijn komen te vervallen NB: de beantwoording staat in de kolom bij het artikel dat is komen te vervallen. Artikel 16 is niet komen te vervallen. Artikelnummer 16 heeft in de nieuwe verordening wel een ander artikelnummer gekregen: 27 en er zijn tekstuele kleine aanpassingen gedaan. Artikel 3. Budgetplafonds en limitering 1. Het college kan één of meer budgetplafonds vaststellen voor de verschillende voorzieningen. Een door het college ingesteld budgetplafond vormt een weigeringsgrond bij de aanspraak op een specifieke voorziening. 2. Het college kan een plafond instellen voor het aantal personen dat in aanmerking komt voor een specifieke voorziening. 3. Het college kan bepalen dat aan nietuitkeringsgerechtigden zoals bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a 7⁰, van de Participatiewet een bijdrage in de kosten van de voorziening wordt gevraagd. 4. Het college legt in beleidsregels vast voor welke doelgroepen een eigen bijdrage geldt, en de hoogte van deze eigen bijdrage.

VERVALLEN Antwoord De onderdelen zijn opgenomen in artikel 3 van de nieuwe verordening of zijn in beleidsregels opgenomen. Hiertoe is in de nieuwe verordening artikel 3 uitgebreid. Daarnaast zorgt het college voor een evenwichtig aanbod van voorzieningen aan personen behorend tot de doelgroep. Het college bepaalt daarbij hoe de beschikbare budgetten evenwichtig worden verdeeld (artikel 2 nieuwe verordening). Artikel 3. Algemene bepalingen over voorzieningen 1. Het college kan een voorziening weigeren als: a. de persoon onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek dat nodig is voor het beoordelen van het recht op de voorziening; b. de persoon een beroep kan doen op een voorziening op basis van een andere wettelijke regeling, waardoor er sprake is van een voorliggende voorziening; c. de voorziening naar het oordeel van het college onvoldoende bijdraagt aan de arbeidsinschakeling; of d. er niet wordt voldaan aan de voorwaarden die in deze verordening worden gesteld om in aanmerking te komen voor die voorziening. 3. Het college biedt de goedkoopst adequate voorziening aan, houdt bij het voorzieningenaanbod rekening met andere voorzieningen die in het kader van het sociaal domein beschikbaar zijn en stemt het aanbod, als dat nodig is, intern af zodat het optimaal bijdraagt aan een integrale ondersteuning van de persoon. Het college houdt bij de afstemming ook rekening met

voorzieningen op grond van andere wettelijke regelingen en stemt dit af in het plan van aanpak, bedoeld in artikel 44a van de wet. Artikel 13. Plaatsingssubsidie 1. Het college kan een tijdelijke plaatsingssubsidie verstrekken aan werkgevers die met een persoon die behoort tot de doelgroep een arbeidsovereenkomst sluiten. 2. De plaatsingssubsidie moet door de werkgever worden aangevraagd voor de ingangsdatum van de arbeidsovereenkomst. 3. De plaatsingssubsidie wordt uitsluitend verstrekt als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed, geen verdringing plaatsvindt en er niet reeds een loonkostensubsidie wordt verstrekt. 4. Het college stelt nadere regels ten aanzien van de duur van de subsidie, de hoogte, de wijze van uitbetaling en de verplichtingen die aan de subsidie worden verbonden.

VERVALLEN

Artikel 15. Ondersteuning bij leer-werktraject Het college biedt ondersteuning aan een persoon uit de doelgroep voor wie volgens het college een leer-werktraject nodig is, voor zover deze ondersteuning nodig voor het volgen van een leerwerktraject en het personen betreft: a. Van zestien of zeventien jaar van wie de leerplicht of de kwalificatieplicht, bedoeld in de Leerplichtwet 1969, nog niet is geëindigd, of b. Van achttien tot zevenentwintig jaar die nog geen startkwalificatie hebben behaald.

VERVALLEN

Antwoord Hiervoor is artikel 26 nieuw in de verordening opgenomen: werkgeverspremie. Artikel 26 Werkgeverspremie 1. Het college kan op aanvraag een werkgeverspremie verstrekken aan een werkgever die direct verband houdt met het in dienst nemen of houden, dan wel met het aanbieden van een arbeidsplaats aan iemand uit de doelgroep. De premie is bedoeld als een eenmalige (opstart)vergoeding voor een werkgever, niet zijnde een uitzendbureau, ter compensatie van inwerken, begeleiding en/of tijdelijk productieverlies. 2. Voor de in lid 1 genoemde kosten geldt dat deze noodzakelijk zijn en niet op een andere manier zijn of kunnen worden vergoed. 3. Het college kan in een nadere regel bepalingen opnemen over de duur en omvang van het dienstverband en de maximale hoogte van de premie.

Antwoord In de nieuwe verordening is hiervoor artikel 13 in de plaats gekomen. Bovendien is het artikel in de nieuwe verordening uitgebreider en met meer subleden uitgewerkt: Artikel 13. Voorwaarden toekenning persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen 1. Het college kan persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen verstrekken ten behoeve van een persoon met een arbeidsbeperking. 2. Bij de toekenning van persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen gelden, onverminderd

het bepaalde in artikel 3, de volgende voorwaarden: a. de persoon behoort tot de doelgroep en is minimaal achttien jaar oud, tenzij hij VSO/PRO-onderwijs heeft genoten; b. de persoon kan zonder deze vorm van ondersteuning niet aan het arbeidsproces deelnemen; c. de werkgever biedt een dienstbetrekking aan van minimaal zes maanden, met een minimale arbeidsduur van 12 uur per week; d. het betreft geen Arbo-taak waarvoor de werkgever verantwoordelijk is; e. het betreft geen meeneembare voorziening die tot de standaarduitrusting van de werkgever behoort of algemeen gebruikelijk is in een organisatie; f. er is naar het oordeel van burgemeester en wethouders geen sprake van een werkplekaanpassing die in zijn algemeenheid van de werkgever kan worden verlangd; en g. de kosten van de voorziening(en) zijn naar het oordeel van het college proportioneel, dat wil zeggen dat de investering in de voorziening moet opwegen tegen de maatschappelijke opbrengsten van uitstroom naar werk. Artikel 16. Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere individuele gevallen ten gunste van de belanghebbende afwijken van de bepalingen in deze verordening als toepassing van deze verordening tot onbillijkheden van zwaarwegende aard leidt.

Artikel 27. Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende afwijken van de bepalingen in de verordening, indien strikte toepassing ervan tot onbillijkheden van overwegende aard zou leiden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/2495/documents/56369