Beantwoording vergadervragen GL inzake transformatieplan Wmo.pdf
Tekst van het document
Technische vragen Wmo Transformatieplan, M. Brandts, GroenLinks 1. Er staat: ‘De eigen mogelijkheden en verantwoordelijkheid staan hierbij voorop. Inwoners kunnen pas een beroep doen op de gemeente als zij bepaalde zaken (nog) niet zelf kunnen doen of regelen.’ Ook staat in het plan dat zowel huishoudelijke hulp als hulpmiddelen in huis een wachttijd hebben. Het is dan denkbaar dat zaken vast worden aangevraagd om te voorkomen dat iemand te laat hulp krijgt op het moment dat dit nodig is. Stel: een inwoner wil vanuit de Wmo de badkamer laten aanpassen omdat de verwachting is dat dit op korte termijn nodig zal zijn. Kan iemand dan vast een aanpassing laten doen of moet er gewacht worden met de aanvraag tot het moment dat iemand zich anders echt niet meer kan redden? Antwoord: De Wmo wet zegt dat een voorziening pas kan worden verstrekt als de noodzaak van compensatie is vastgesteld. In elke casus leveren we maatwerk, zo krijgt een inwoner de hulp of voorziening die het beste bij zijn situatie past op het moment dat het echt nodig is. In gevallen dat 100% zeker is dat de situatie snel zal verslechteren wordt met spoed gecompenseerd, zoals bijvoorbeeld bij aandoeningen als ALS. 2. Hoe wordt het PGB proces versimpeld? Kunt u dit toelichten? Wat wordt er makkelijker (en hoe) zowel voor de inwoner als voor de medewerker? Antwoord: Aan het huidige PGB formulier is uitleg toegevoegd.
Ook het taalgebruik is aangepast. Voor de cliënt en voor de Wmo consulent is de administratieve belasting verminderd omdat de beschikkingsperiode gelijkgetrokken is met die van zorg in natura. (voor langere tijd). 3. Klopt het dat de pijler ‘krachten bundelen’ niet terug te vinden is in de maatregelen? Ik doel dan vooral op buurtbewoners die elkaar helpen. Antwoord: Wij hebben deze pijler verbonden aan punt 10: om buurtbewoners met elkaar in contact te brengen is goede communicatie van groot belang. Hoe we dat gaan doen wordt verder ontwikkeld in het communicatieplan. Citaat transformatieplan punt 10: “Verhogen effectiviteit communicatie: Communicatie speelt een essentiële rol bij het bereiken van de beoogde doelen en resultaten. We benutten de expertise van de Adviesraad Sociaal Domein Stichtse Vecht en andere betrokkenen om een effectieve communicatiestrategie te ontwikkelen en uit te voeren. Dit doen we in samenhang met de communicatieve inspanningen gericht op het thema langer zelfstandig thuis wonen”. 4. Er staat: de wachttijden moeten worden teruggebracht naar een acceptabel niveau. Is er al een visie op wat er verstaan wordt onder ‘een acceptabel niveau’? Antwoord: wij zien op termijn (2026) een wachttijd van 1-3 maanden als acceptabel. Dit geldt niet voor spoedmeldingen, deze komen niet op de wachtlijst maar worden direct opgepakt.
Er is ook tijd nodig voor het kennismaken en matchen met de hulp. 5. Hoe wordt de volgorde op de centrale wachtlijst bepaald? In hoeverre wordt daarin meegewogen 1) of er kinderen in huis wonen (ontzorgen van de kinderen) 2) de belasting van de mantelzorger(s) 3) de urgentie van de hulpvraag 4) de financiële situatie (is iemand ook in staat om zelf hulp in te kopen). Antwoord: Elke beschikking is maatwerk, de genoemde voorbeelden worden zeker meegenomen in de beoordeling. Het is niet wenselijk om bepaalde groepen te categoriseren omdat iedere casus uniek is. Bij gelijke noodzaak beslist de datum van de beschikking de volgorde.
6. Maatregel 7, pagina 15: In hoeverre komt het (vaak) voor dat persoonlijke voorkeuren voor inwoners belangrijker zijn dan de snelheid en beschikbaarheid van hulp? Aan wat voor voorkeuren moeten wij dan denken? Antwoord: Veel inwoners hebben geen voorkeur. Als de hulp maar snel kan beginnen. Een inwoner heeft nog steeds de vrije keuze: wil deze per se (niet) bij een bepaalde aanbieder geplaatst worden dan wordt dat aangegeven op de wachtlijst. Het gevolg daarvan kan wel zijn dat een inwoner langer moet wachten omdat de voorkeursaanbieder geen- of pas later personeel beschikbaar heeft. 7. Bij het eerste punt van 6.2 staat ‘inwoner gaat naar zorgaanbieder naar keuze’. Heb ik het goed begrepen dat juist het idee van een aantal maatregelen is om die keuzevrijheid (van zorgaanbieder) in te perken zodat reistijd verkort kan worden en planningen beter op elkaar aan kunnen sluiten? Antwoord: als er gebiedsgericht gewerkt kan worden is het beoogde effect positief voor de inwoner, omdat deze dan naar verwachting minder lang hoeft te wachten, omdat er efficiënter gewerkt wordt. Wil inwoner dat niet, dan blijft de keuzevrijheid van kracht. 8.
Op p.18 staat: ‘Voor de monitoring van de effecten van dit transformatieplan bouwt de gemeente het lokale dashboard Wmo verder uit.’ Is er dan al een dashboard? Waar kunnen we deze vinden? Antwoord: het dashboard is bedoeld voor interne monitoring en sturing en is in aanbouw. 9. Kunt u het multidiscplinair transformatieteam verder toelichten? Wat is precies de taak en rol van dit team? Gaat dit om medewerkers van de gemeente of ook van betrokken organisaties en cliënten/naasten? Antwoord: het multidisciplinair transformatieteam bestaat uit medewerkers van de gemeente, o.a. van de afdeling Wmo, bedrijfsvoering Wmo, team Data en applicatiebeheer sociaal domein. Verder is (uitvoerend) beleid betrokken. De samenstelling kan variëren en is afhankelijk van de te bespreken onderwerpen. Daarbij hoort ook het contact met aanbieders. 10. Is er een rol voor Wmo gebruikers en naasten weggelegd in de punten 8.1 en 8.2? Citaat transformatieplan: 8.1 Multidisciplinair team “Om te komen tot een zorgvuldige en gestructureerde implementatie, richten we een multidisciplinair transformatieteam op. Zo brengen we de benodigde deskundigheid en ervaring samen om de beoogde aanpak en maatregelen slagvaardig uit te voeren. Het transformatieteam zorgt voor verbinding met de andere betrokken teams binnen de gemeentelijke organisatie, zodat de effecten van de aanpak structureel geborgd zijn.
Het transformatieteam is het aanspreekpunt voor de ambtelijke en bestuurlijke opdrachtgevers en uiteraard voor externe betrokkenen.”
Antwoord punt 8.1: nee, dit is puur voor de uitvoering en implementatie van het transformatieplan. 8.2 Helder en eenduidig communiceren over de veranderingen “We ontwikkelen een communicatie- en participatiestrategie bij dit transformatieplan. Dit gebeurt samen met zorgaanbieders, de Adviesraad Sociaal Domein, onafhankelijke cliëntondersteuners en andere betrokkenen. De strategie biedt houvast en gemeenschappelijke uitgangspunten bij de communicatie over de beoogde veranderingen en ieders betrokkenheid bij het proces.” Een belangrijk aspect in de communicatie de komende jaren is het vergroten van bewustwording en begrip bij inwoners. Enerzijds om mensen nog meer besef te geven van de schaarste van ondersteuning. En anderzijds om eigen oplossingen en onderlinge solidariteit te bevorderen.
Landelijke initiatieven op het gebied van bewustwording (bijvoorbeeld de campagne over levensloopbestendig wonen) kunnen hierbij dienen als inspiratie”.
Antwoord punt 8.2: hoe we de gebruikers en diens naasten een rol geven wordt nog verder uitgewerkt maar krijgt zoals hierboven beschreven een plek in het communicatieplan. 11.a. In hoeverre zal de huishoudelijke ondersteuning (de huidige aanbieders) op termijn weer opnieuw aanbesteed moeten worden? Antwoord: Er is vanaf 1 januari 2023 net een nieuw (regionaal) contract voor huishoudelijke hulp gestart met een looptijd van 3 jaar met mogelijkheid tot maximaal 3 x 2 jaren te verlengen. De maatregelen uit het transformatieplan passen binnen de huidige contractafspraken. Het transformatieplan maakt het mogelijk dat we nu meer dan in het verleden partnerschap en samenwerking zoeken met de gecontracteerde organisaties. 11 b Wat zijn de mogelijkheden om voor een lange termijn een samenwerking met een aanbieder van huishoudelijke hulp aan te gaan? Zodat we onzekerheid bij werknemers van deze organisaties kunnen wegnemen/voorkomen. Antwoord: In de regionale aanbesteding wordt de duur van het nieuwe contract vastgesteld. In de aanbesteding is hier nadrukkelijk aandacht voor geweest en de huidige contractduur is al langer dan voorheen. (maximaal 9 jaar)