7. Analyse en advies toeristenbelastingen 2024 Stichtse Vecht-def OPENBAAR.pdf
Tekst van het document
LEGITIEM B.V. Marketing 37a 6921 RE Duiven Tel 088 - 6007400 E-mail: info@legitiem.nl
Analyse en advies toeristenbelastingen 2024 Gemeente Stichtse Vecht Opgesteld door: T.a.v.: Projectnummer: Datum;
www.legitiem.nl KvK Arnhem 09145958
A.F.N. (Toine) van Ierland Lennart de Pee, Toerisme & Recreatie TI/002/23.1717 17 oktober 2023
_________________________________________________ Inleiding De gemeente Stichtse Vecht is gelegen in een gebied waar water, rust en ruimte nog voldoende aanwezig zijn. Geen wonder dat er binnen het gemeentelijk grondgebied tal van accommodaties zijn om nachtverblijf te houden en/of een ligplaats voor een vaartuig te huren. De gemeente Stichtse Vecht heeft Legitiem B.V. verzocht een analyse van de verordeningen land – en watertoeristenbelasting te maken, de mogelijkheden met de verordeningen te onderzoeken en een advies uit te brengen in deze. Onderstaand geven wij op basis van de ons ter beschikking staande gegevens de mogelijkheden weer op grond van de huidige wet – en regelgeving. Achtereenvolgens behandelen we de volgende onderwerpen: 1. 2. 3. 4.
5.
6.
Managementsamenvatting Beknopte analyse verordeningen land – en watertoeristenbelasting Wet – en regelgeving m.b.t. forfaitaire heffing Heffingsmethodieken a. Werkelijk aantal overnachtingen b. Heffing op basis van forfaitaire berekeningswijzen c. Werkelijk aantal overnachtingen in combinatie met forfaitaire heffing d. Omzet logies Differentiaties a. Gebiedsgebonden differentiëren b. Differentiëren naar verblijfsvorm c. Tijdvakgebonden differentiëren Opmerkingen, conclusies en advies
Toeristenbelastingen algemeen Gemeentewet artikel 224 Toeristenbelastingen 1. Ter zake van het houden van verblijf binnen de gemeente door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven, kan een toeristenbelasting worden geheven. 2. Voor zover de belasting wordt geheven van degene die gelegenheid tot verblijf biedt, is deze bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt.
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
1
VERGUNNINGEN
De gedachte achter toeristenbelastingen is dat de gemeente kosten maakt voor voorzieningen die mede door niet-inwoners worden gebruikt, maar daarvoor geen vergoeding krijgt uit het gemeentefonds. Ook niet-toeristisch bezoek kan belast worden. In de wettekst wordt niet aangegeven dat de opbrengst moet dienen ter dekking van de kosten die worden gemaakt ten behoeve van het toerisme. De belasting is daarom te kwalificeren als een algemene heffing. De opbrengst komt dus ten goede aan de algemene middelen van de gemeente. Het is geen vorm van kostenverhaal, maar de gemeente kan er wel voor kiezen om de opbrengst te gebruiken voor het bekostigen van toeristische voorzieningen.
1.
Managementsamenvatting
In deze notitie treft u de analyse van de verordeningen land- en watertoeristenbelasting 2023 van de gemeente Stichtse Vecht. Daarnaast is een uiteenzetting opgenomen waarin de mogelijke heffingsmethodieken en de mogelijkheden tot het toepassen van een tariefdifferentiatie is beschreven. In de bijlagen zijn opgenomen de concepten van de verordeningen land – en watertoeristenbelasting inclusief aangiftebiljet, toelichting en uitvoeringsregeling. Daarnaast is in de bijlagen opgenomen een benchmark tarieven omliggende gemeenten 2023 en de berekeningen van de opbrengst land – en watertoeristenbelasting bij toepassing van tariefdifferentiatie naar verblijfsvorm. Conclusie analyse & wensen De belangrijkste conclusie die uit de analyse blijkt is dat verordening danig verouderd is en toe zijn aan actualisatie. Het blijkt dat de huidige verordeningen niet aansluiten bij de werkwijze van met name (mini-) campinghouders, verhuurders van vakantiewoningen en particuliere woningverhuur ingeval van de verordening landtoeristenbelasting. Bij de watertoeristenbelasting worden enkel vaste ligplaatshouders belast. Passanten en opstappers bij vaartuigen bestemd voor verhuur wordt het verblijf tot op heden niet belast. Dat doet afbreuk aan het gelijkheidsbeginsel.
Voorts blijkt dat de forfaitaire berekeningswijze van de heffingsmaatstaf (de forfaits) mogelijk niet langer aansluiten bij de bezetting van kampeermiddelen en vakantieonderkomens. De forfaitaire heffingsmaatstaf bij watertoeristenbelasting is complex en arbeidsintensief bij een goede toepassing van deze heffingsmaatstaf. Differentiëren is mogelijk. Daarbij zou dan aansluiting moeten worden gezocht bij een methodiek waarbij de verblijfsvorm leidend is. De opbrengst landtoeristenbelasting kan daarmee worden verhoogd of behouden. Differentiatie leidt wel tot verschillen in afdracht tussen 2023 en 2024 bij een aantal belastingplichtigen. De huidige heffingsmaatstaf, bedrag per persoon in combinatie met forfaitaire heffing bij landtoeristenbelasting is voor gemeente Stichtse Vecht in onze optiek de beste heffingsmaatstaf. De groep verblijfsbieders is te divers om met een model te werken waarbij omzet logies de basis voor heffing van toeristenbelasting is. TOERISTENBELASTING
Advies Gelet op het moment waarop deze notitie wordt besproken en leidt tot aanpassingen in de verordeningen die invloed hebben op de hoogte van forfaits en tarieven adviseren wij de aanpassingen gefaseerd te brengen. Recreatieondernemers hebben
FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
2
VERGUNNINGEN
de tarieven voor 2024 vaak al gecommuniceerd met de gasten, boekingsbureaus en mediaplatforms voordat de tarieven daadwerkelijk door de gemeente zijn vastgesteld. Legitiem adviseert de gemeente Stichtse Vecht de verordeningen land – en watertoeristenbelasting te actualiseren en in aangepaste vorm vast te laten stellen voor 2024 al dan niet conform de bijgesloten conceptverordeningen land – en watertoeristenbelasting. Deze concepten zijn maatwerkverordeningen waarin de forfaitaire berekeningswijze is afgeleid van de huidige forfaitaire berekeningswijze in de verordeningen 2023. Met ingang van 2024 passanten en opstappers op vaartuigen bestemd voor verhuur ook met watertoeristenbelasting te belasten. Voorts adviseren wij u in 2024 de forfaitaire berekeningswijze van de heffingsmaatstaf voor zowel de land – als watertoeristenbelasting opnieuw te onderbouwen door het uitvoeren van een onderzoek naar het verblijfsritme van recreanten die verblijven in kampeermiddelen op vaste en seizoenplaatsen en van recreanten die verblijven op een vaartuig dat is gelegen op een vaste ligplaats. Tot slot geven wij u in overweging het belastingtijdvak voor de watertoeristenbelasting gelijk te stellen aan een kalenderjaar. In de conceptverordening is daarmee reeds rekening gehouden.
2.
Analyse verordeningen land – en watertoeristenbelasting
a. Landtoeristenbelasting De huidige verordening toeristenbelasting is sterk verouderd en afgeleid van een model uit de jaren ’70. Door ‘knip - en plakwerk’ is de verordening in de loop der jaren enigszins aangepast. Uit de analyse van de verordening toeristenbelasting 2023 blijkt: In artikel 4 is een vrijstelling opgenomen in lid 4 voor het nachtverblijf ingeval men de watertoeristenbelasting afdraagt. Normaliter wordt deze vrijstelling opgenomen in de verordening watertoeristenbelasting. Vaak ziet men samenloop van land – en watertoeristenbelasting bij campings, parken en terreinen waar tevens ligplaatsen worden geboden. Over het algemeen betreft het dan vaartuigen van personen die een vaste standplaats of vakantiewoning op hetzelfde terrein huren. Doorgaans is het forfaitaire bedrag landtoeristenbelasting dat verschuldigd is, hoger dan het forfaitaire bedrag watertoeristenbelasting. Door de vrijstelling in de landtoeristenbelasting op te nemen lijdt de gemeente Stichtse Vecht inkomstenderving. De vrijstelling die verband houdt met de heffing van watertoeristenbelasting kan worden geschrapt. Het is beter om deze vrijstelling op te nemen in de watertoeristenbelasting.
In artikel 4 is verder een vrijstelling opgenomen voor diegene die verblijf houdt als deelnemer aan een activiteit van scouting, schoolwerkweek of activiteit van maatschappelijke aard op basis van een niet-commerciële aard. Schoolwerkweek en scouting is goed definieerbaar. De laatste vrijstelling niet. In de begripsomschrijving, toelichting of uitvoeringsregels zal duidelijk moeten blijken wat bedoeld wordt met activiteiten van maatschappelijke aard op basis van niet-
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
3
VERGUNNINGEN
commerciële aard. Met het aanhalen van een voorbeeld wordt de vrijstelling verduidelijkt. De begripsomschrijvingen zoals opgenomen in artikel 1, 5 en 6 zijn niet volledig. Bij de beschrijving van standplaatsen op campings ontbreekt de toevoeging, voor recreatief gebruik en door één en hetzelfde gezin. Daarnaast is het opnemen van niet-beroepsmatig verhuurde ruimten achterhaald. Exploitanten kunnen oneigenlijk gebruik maken van de forfaitaire regelingen en overnachtingen in verhuureenheden, chalets en caravans, op vaste standplaatsen middels de forfaitaire regeling afdragen. Verhuureenheden worden altijd verhuurd op basis van een vooraf bepaalde periode, welke uit de factuur is te herleiden. Er is dus een goede registratie van het werkelijk aantal gerealiseerde overnachtingen voorhanden en is een forfait voor verhuureenheden overbodig. Door de omschrijving van het belastbaar feit; het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook, maakt het niet uit of iemand verblijft in ‘niet-beroepsmatig of wel beroepsmatig verhuurde ruimte’. In artikel 5 is de mogelijkheid tot het opteren voor niet-forfaitaire heffing opgenomen. In het artikel is echter niet expliciet bepaald dat het opteren voor nietforfaitaire heffing voor alle soortgelijke plaatsen geldt en niet voor individuele standplaatsen.
Forfaitaire heffing is bedoeld als vereenvoudiging van het doen van aangifte en wordt per soort standplaats gedaan voor alle soortgelijke standplaatsen. Door de mogelijkheid te bieden te opteren voor niet-forfaitaire heffing per plaats, wordt voorbij gegaan aan het doel van de forfaitaire heffing. Het forfait is een gemiddelde dat wordt toegepast voor alle soortgelijke plaatsen. Dat betekent dat de ene verblijfhouder mogelijk meer overnachtingen realiseert dan gemiddeld, en de andere verblijfshouder mogelijk minder overnachtingen dan gemiddeld. Door verblijfhouders die minder verblijven dan gemiddeld de mogelijkheid te bieden te opteren voor nietforfaitaire heffing maar op basis van werkelijk aantal overnachtingen, wordt afbreuk gedaan aan het principe van het forfait. Daarnaast geniet diegene die vaker verblijft een voordeel door gebruik te maken van de forfaitaire regeling. In artikel 6 wordt aansluiting gezocht bij de capaciteit van verblijfsruimten en kampeermiddelen. Dat kan leiden tot oneigenlijk gebruik van de opgenomen forfaits bij met name verblijf op vaste en seizoenplaatsen (2 gebruiken als er slechts 2 personen verblijven in een kampeermiddel in plaats van 3 gebruiken omdat het kampeermiddel meer dan 3 slaapplaatsen heeft).
De gemeente Stichtse Vecht loopt door de forfaitaire heffingsmaatstaf te baseren op basis van het aantal slaapplaatsen van kampeermiddelen of vakantieonderkomens mogelijk inkomsten mis door oneigenlijk gebruik van het forfait. Forfaits dienen te zijn afgeleid van het lokale verblijfsritme van gasten die verblijven in kampeermiddelen en vakantieonderkomens. Het aantal slaapplaatsen (capaciteit)
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
4
VERGUNNINGEN
zegt niets over het aantal personen dat gebruik maakt van het onderkomen (bezetting). De forfaitaire heffingsmaatstaven genoemd in artikel 6 zijn mogelijk gedateerd. De, in de verordening in artikel 6, genoemde bedragen, gebaseerd op een gemiddeld aantal overnachtingen en gemiddeld aantal personen kan afwijken van het lokale gemiddelde aantal overnachtingen en personen per verblijfsperiode. Aanpassing van de verordening toeristenbelasting en het onderbouwen van forfaitaire heffingsmaatstaven kan leiden tot wijzigingen in de opbrengst toeristenbelasting. In artikel 6, lid 3 is een soort van tariefdifferentiatie opgenomen waarbij de exploitanten van minicampings maximaal 10% van de overnachtingsprijs als toeristenbelasting mogen afdragen. Wanneer een gemeente een differentiatie toe wil passen moet deze objectief en toetsbaar zijn. Overnachtingsprijzen variëren per aanbieder en vaak per periode, soms dagelijks. Om de exploitanten van minicampings tegemoet te komen kan men beter een bedrag per overnachting en een forfait voor verblijf op vaste en seizoenplaatsen tegen een gereduceerd tarief per persoon per nacht opnemen (zie onderdeel tariefdifferentiatie). De forfaits voor verblijf in vakantieonderkomens en niet-beroepsmatige ruimten (paragraaf 6.1.a) en verblijf op niet-vaste standplaatsen (paragraaf 6.1.c) zijn niet meer van deze tijd.
Voor beide vormen van verblijf geldt dat er altijd een registratie is waaruit blijkt wie, wanneer, hoelang verbleven heeft (factuur of huurovereenkomst). Wanneer belastingplichtigen opteren voor forfaitaire heffing bij verblijf in niet-beroepsmatige ruimten of vakantieonderkomens dan kan worden gesteld dat de gemeente Stichtse Vecht inkomsten uit toeristenbelasting misloopt. Het is voor de exploitant immers vrij eenvoudig om te bepalen of forfaitaire heffing een voordeel oplevert of niet. b. watertoeristenbelasting De huidige verordening watertoeristenbelasting is eveneens sterk verouderd en afgeleid van de modelverordening watertoeristenbelasting VNG uit de jaren ‘90. Ook deze verordening is door ‘knip - en plakwerk’ in de loop der jaren enigszins aangepast. Uit de analyse van de verordening watertoeristenbelasting 2023 blijkt: Passanten en huurders van schepen bestemd voor verhuur (sloepen en charterschepen) worden niet in de heffing betrokken. Daardoor is er sprake van rechtsongelijkheid tussen personen die verblijven op vaartuigen gelegen op vaste ligplaatsen en passanten en huurders van schepen . In artikel 1 begripsomschrijvingen wordt een vaste ligplaats omschreven als een plaats waar één en hetzelfde vaartuig is gelegen. Daarbij mist de toevoeging dat het
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
5
VERGUNNINGEN
vaartuig (feitelijk de ligplaats) wordt gebruikt door één gezin en voor recreatieve doeleinden (geen woonboten). Een havenexploitant die verhuurschepen (vaak sloepen) aanbiedt maakt ook gebruik van vaste ligplaatsen. In feite dient bij verhuur per persoon per boeking de watertoeristenbelasting te worden berekend. In artikel 4 is geen vrijstelling opgenomen ingeval men ook de landtoeristenbelasting afdraagt. Deze vrijstelling is wel opgenomen in de landtoeristenbelasting. Vaak ziet men samenloop van land – en watertoeristenbelasting bij campings, parken en terreinen waar tevens ligplaatsen worden geboden. Over het algemeen betreft het dan vaartuigen van personen die een vaste standplaats of vakantiewoning op hetzelfde terrein huren. Doorgaans is het forfaitaire bedrag landtoeristenbelasting dat verschuldigd is, hoger dan het forfaitaire bedrag watertoeristenbelasting. Door de vrijstelling in de landtoeristenbelasting op te nemen lijdt de gemeente Stichtse Vecht inkomstenderving. Het is beter een vrijstelling om samenloop met landtoeristenbelasting op te nemen in de verordening watertoeristenbelasting. De in artikel 6 opgenomen berekeningswijze van de heffingsmaatstaf is gebaseerd op vierkante meters oppervlakte van een vaartuig. Dat maak de toepassing van een forfait bijzonder lastig. Deze heffingsmaatstaf wordt in Nederland weinig toegepast.
Belastingplichtigen moeten per vaartuig de oppervlakte over alles van een vaartuig berekenen. In veel gevallen zal de exploitant van de ligplaatsen een inschatting maken van de oppervlakte op basis van de boxmaat of lengte van een vaartuig. Over het algemeen wordt binnen Nederlandse gemeenten bij de heffing van watertoeristenbelasting aansluiting gezocht bij de lengte van een vaartuig of wordt het forfait per vaartuig (ongeacht de lengte/breedte) toegepast. Dit voorkomt arbeidsintensieve handelingen voor de exploitant en arbeidsintensieve controle op de juistheid van aangiften voor de gemeente. In artikel 6 worden twee tijdvakken in de forfaitaire berekeningswijze genoemd. Een seizoen en een maand. De meeste gebruikers van een maandarrangement maken intensief gebruik van het vaartuig op deze ligplaats en zijn vaak geen regelmatig terugkerende gasten. Dat maakt het onderbouwen van een forfait bijzonder lastig. De meeste gemeenten die gebruik maken van een forfaitaire heffingsmaatstaf voor vaste ligplaatsen kennen alleen een forfait voor een seizoen/jaar. In de begripsomschrijving wordt dan opgenomen dat een vaste ligplaats een plaats is die voor minimaal een maand verhuurd wordt. Administratief gezien is het een stuk eenvoudiger. Recreanten die korter dan een seizoen huren maken vaak intensiever gebruik binnen die kortere periode.
Verder vereenvoudigd deze handelswijze het gebruik van forfait voor zowel de verblijfsbieders als de heffende instantie. De forfaitaire heffingsmaatstaven genoemd in artikel 6 zijn mogelijk gedateerd. De, in de verordening in artikel 6, genoemde bedragen, gebaseerd op een gemiddeld aantal etmalen verblijf en gemiddeld aantal personen per vaartuig op vaste
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
6
VERGUNNINGEN
ligplaatsen kunnen afwijken van het lokale gemiddelde aantal etmalen en personen per verblijfsperiode. Aanpassing van de verordening watertoeristenbelasting en het onderbouwen van forfaitaire heffingsmaatstaven kan leiden tot wijzigingen in de opbrengst watertoeristenbelasting. In artikel 7 wordt het belastingtijdvak bepaald op de duur van het seizoen. In de begripsomschrijving wordt het seizoen bepaald op de periode tussen 1 april en 1 oktober. De meeste gemeenten in Nederland die watertoeristenbelasting heffen sluiten aan bij een belastingtijdvak dat gelijk is aan een kalenderjaar. Op zich is dat begrijpelijk omdat het vaarseizoen niet ieder jaar start op 1 april of eindigt op 1 oktober (herfstvakantie is vaak midden oktober). Daarnaast maken watersporters gebruik van hun vaartuig op het moment dat het weer dat toelaat. Ook buiten het vaarseizoen verblijven watersporters op hun vaartuig.
3.
Regelgeving forfaitaire heffingsmaatstaven
Uit jurisprudentie blijkt dat bij de toepassing van een forfaitaire berekeningswijze van heffingsmaatstaf een aantal voorwaarden gelden. Deze voorwaarden zijn: Het verblijfsritme van gasten op vaste stand/lig – en/of seizoenplaatsen, moet blijken uit lokaal onderzoek (binnen gemeentegrenzen); Het gemiddeld aantal personen en het gemiddeld aantal overnachtingen (of etmalen verblijf bij watertoeristenbelasting) in de verordeningen mag niet meer afwijken dan 25% van de lokale werkelijkheid. Dit betekent dat vanaf 1997 alle forfaitaire heffingsmaatstaven die worden toegepast bij de uitvoering van de land– en watertoeristenbelasting, zowel juridisch als statistisch onderbouwd dienen te worden. Om te kunnen voldoen aan de voorwaarden zoals gesteld (aantonen dat afwijking forfait ten opzichte van het werkelijke verblijfsritme minder dan 25% is) kan niet worden volstaan met de uitvoering van een zestal tellingen gedurende het jaar maar is het uitvoeren van een statistisch onderzoek op basis van enquêtes onder recreanten noodzakelijk. De forfaitaire heffingsmaatstaven welke zijn opgenomen in de verordening land en watertoeristenbelasting van de gemeente Stichtse Vecht zijn mogelijk gedateerd.
4.
Heffingsmethodieken & maatstaven
De toeristenbelasting kan op een aantal wijzen worden geheven. a. b. c. d.
Op basis van het werkelijk aantal overnachtingen Op basis van forfaitaire heffingsmaatstaven Op basis van een combinatie van werkelijk aantal overnachtingen en forfaitaire heffingsmaatstaven Op basis van de omzet logies
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
7
VERGUNNINGEN
a. Werkelijk aantal overnachtingen Veruit de eenvoudigste heffingsmethodiek is het heffen op basis van het werkelijk aantal gerealiseerde overnachtingen. Als je tegen vergoeding ergens overnacht dan dient de toeristenbelasting te worden afgedragen. Bij deze methodiek kan de maximale opbrengst uit toeristenbelasting worden behaald. Immers elke overnachting tegen vergoeding in welk bed dan ook, bij welke verblijfsbieder dan ook, draagt bij aan de optimale belastingopbrengst. Voordelen: Eenvoudig qua methodiek. Duidelijk als heffingsmaatstaf. Nadelen Verblijfbieders dienen dagelijkse gastregistratie te voeren. Sluit niet aan bij de uitvoeringspraktijk van met name campings. Gastregistratie per persoon per nacht ontbreekt vaak bij verblijf op vaste– en seizoenplaatsen en langdurige arrangementen. b. Alle verblijfsvormen op basis forfaitaire heffingsmaatstaf Een heffingsmethodiek op basis van forfaitaire berekeningswijze van de heffingsmaatstaven voor alle vormen van verblijf werd in het verleden door diverse gemeenten gehanteerd. Het aantal overnachtingen werd dan afhankelijk van de verblijfsvorm vastgesteld per woning, per kampeermiddel of bed bij hotels, pensions en B&B. De gedachte daarbij was dat heffen eenvoudig moest zijn en niet te veel administratieve handelingen voor de belastingplichtige met zich meebracht.
Tegenwoordig maken de meeste belastingplichtigen echter gebruik van geautomatiseerde registratiesystemen waardoor in veel gevallen met één druk op de knop het aantal gerealiseerde overnachtingen kan worden vastgesteld. Uit de praktijk blijkt dat gemeenten die forfaits hanteren voor verblijf in hotels, vakantiecentra en pensions inkomsten mislopen vanwege het feit dat met name de grotere verblijfsbieders (hogere bezettingsgraad) profiteren van een dergelijke heffingsmethodiek. Bij sommige verblijfsvormen is een afwijking van meer dan 50% geconstateerd ten opzichte van het werkelijk aantal overnachtingen in onderzoeken naar de gehanteerde forfaits bij betreffende gemeenten. Voordelen: Eenvoudig qua methodiek. Geen gastregistratie noodzakelijk.
Nadelen Met een schijnwerkelijkheid de werkelijk benaderen terwijl de werkelijkheid (aantal gerealiseerde overnachtingen) in de meeste gevallen bijzonder eenvoudig is te bepalen. De meeste bedrijfsmatige verblijfbieders maken tegenwoordig gebruik van goede volledig geautomatiseerde registratiesystemen. Blijft forfaitaire heffing en dient dus te voldoen aan de richtlijnen voor een forfait: statistisch en juridisch onderbouwen binnen lokale omstandigheden.
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
8
VERGUNNINGEN
Bepalen forfaits is arbeidsintensief. Wanneer forfaits moeten worden onderbouwd dient onderzoek plaats te vinden naar het gemiddelde verblijfsritme per bed, per woning, et cetera. Daarnaast dient van elke verblijfsaccommodatie de werkelijke capaciteit te worden vastgesteld (aantal bedden, aantal kampeermiddelen). Grote kans op inkomstenderving indien forfaits in samenspraak met belastingplichtigen worden vastgesteld. Op dit moment geen goed zicht op het werkelijk aantal bedden dat op Stichtse Vecht wordt aangeboden in hotels, pensions, B&B, of bij particuliere aanbieders. Daardoor wordt het prognosticeren van de belastingopbrengst bijzonder lastig.
c.
Heffen op basis van combinatie werkelijk aantal overnachtingen en forfaitaire heffing De meest voorkomende heffingsmethodiek in Nederland is het heffen van de toeristenbelasting op basis van een combinatie van werkelijk gerealiseerd verblijf met forfaitaire heffingsmaatstaven daar waar het niet anders kan. De basis voor de heffing is een bedrag per persoon per nacht. Dat geldt voor alle vormen van verblijf met uitzondering van verblijf op vaste- en seizoenplaatsen en bij langdurende arrangementen op kampeerbedrijven (maand – voorjaar – verlengd voorjaar – en najaar). Bij deze methodiek wordt het meest aangesloten bij de gastregistratie die verblijfbieders voeren en wordt de mogelijkheid geboden daar waar geen dagelijkse gastregistratie plaatsvindt, gebruik te maken van een forfaitaire heffingsmaatstaf. In combinatie met de registratieplicht opgenomen in de verordening is de controle op de naleving van de verordening goed mogelijk en vrij eenvoudig uit te voeren (rechtmatigheidstoets). Voordelen Opbrengst toeristenbelasting sluit grotendeels aan bij de ingehouden toeristenbelasting bij de verblijfhouders. Forfaits worden alleen toegepast waar strikt noodzakelijk. Nadelen Ook hier geldt dat forfaits dienen te worden onderbouwd.
Het onderzoek naar het verblijfsritme van gasten die verblijven in een kampeermiddel op een vaste– of seizoenplaats is arbeidsintensief en vergt inspanning van zowel de gemeente als de afzonderlijke exploitanten. d. Heffen op basis van de logiesomzet Een methodiek van heffen die in een beperkt aantal gemeenten wordt toegepast, is het heffen van toeristenbelasting op basis van de gerealiseerde omzet uit logies. De heffingsmaatstaf is dan een percentage van de gerealiseerde omzet. Deze methodiek past goed bij een gemeente waarin de vorm van verblijfsaccommodaties vrij homogeen is en niet te kleinschalig is. In een gemeente met voornamelijk hotels kan heffen op omzet logies goed werken. Op het moment dat er veel kleinschalige aanbieders (particulieren, B&B, minicampings, e.d.) voorkomen wordt deze methodiek lastig. Veel van de met name kleinere aanbieders voeren de verblijfsactiviteiten uit vanuit privé. Inkomsten worden, al dan niet, verantwoord binnen de aangifte Inkomstenbelasting op basis van all-in prijzen. Het vaststellen van de omzet logies is dan behoorlijk arbeidsintensief. Verder is bij de grote belastingplichtigen, zeker als zij onderdeel uit maken van een concern of keten, het
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
9
VERGUNNINGEN
vaststellen van de feitelijke omzet logies complex vanwege verleende kortingen, betaalde commissie aan tussenpersonen en doorbelaste kosten aan de verblijfsbieder. Een voorwaarde om met deze heffingsmethodiek te werken, is dat het aangiftebiljet volkomen duidelijk is voor de belastingplichtigen. Wat wordt bedoeld met omzet logies. Bruto-omzet? Netto-Omzet? Omzet na aftrek bemiddelingskosten? Et cetera. Voordelen De heffingsmaatstaf is duidelijk. Geen forfaitaire heffing en dus ook geen risico. Nadelen Het vaststellen van de feitelijke logiesomzet is complex. Lastige methodiek bij grotere diversiteit van verblijfsvormen. Er ligt een directe relatie tussen de verblijfsvorm en de hoogte van de ingehouden toeristenbelasting. Daardoor betaald de ene recreant aanzienlijk meer dan de andere recreant terwijl beiden gebruik maken van de gemeentelijke faciliteiten (waarvoor de toeristenbelasting in feite bedoeld is; algemeen dekkingsmiddel). Controle op naleving van de verordening is arbeidsintensief.
5.
Differentiaties
Het staat gemeenten vrij differentiaties in tarief toe te passen. De volgende differentiaties zijn mogelijk: a. Tariefdifferentiatie op basis van gebied b. Tariefdifferentiatie op basis van verblijfsvorm c. Tariefdifferentiatie op basis van tijdvak De belangrijkste voorwaarden bij het toepassen van één of meerdere differentiaties is dat deze objectief zijn en dat het aannemelijk is dat gemeenten, bij gebied – en tijdvakdifferentiaties, in de beoogde gebieden of tijdvakken daadwerkelijk meer inspanningen verrichten op toeristischrecreatief vlak dan in overige gebieden en perioden. Het differentiëren naar verblijfsvorm is de meest voorkomende vorm van differentiatie in Nederland. Het objectief houden van de vrijstelling is redelijk eenvoudig. Deze vorm van differentiëren wordt over het algemeen door de diverse groepen verblijfbieders geaccepteerd. a. Gebiedsdifferentiatie Het staat gemeenten vrij een differentiatie te hanteren die van toepassing is binnen bepaalde gebieden binnen die gemeenten. Daarbij worden verblijfsbieders in de benoemde gebieden door gemeenten die deze differentiatie hanteren met een hoger tarief belast. Het betreft dan doorgaans gebieden waar de gemeente meer inspanningen verricht (onderhoud, schoonmaak, toezicht e.d.) dan in de overige delen van de gemeente.
Men zou een gebiedsafbakening kunnen overwegen rond toeristencentra waarbinnen het hoger tarief toeristenbelasting van toepassing is ten opzichte van de rest van een gemeente. Voorwaarden Objectiviteit. De gebieden waarbinnen een hoger tarief wordt gehanteerd, dienen duidelijk te worden afgebakend. Natuurlijke grenzen van gebieden en belangrijke wegen kunnen daarbij een rol spelen.
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
10
VERGUNNINGEN
Aannemelijk is dat de gemeente binnen de beoogde gebieden meer inspanningen verricht op toeristisch–recreatief vlak ten opzichte van de overige gebieden. Daardoor wordt draagvlak verkregen voor de toepassing van de differentiatie naar gebied.
b. Differentiatie naar verblijfvorm Het staat gemeenten vrij een differentiatie toe te passen waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende verblijfsvormen (hotel, camping, B&B, groepsaccommodatie) of naar grootte van een verblijfsvorm (minicamping, camping, accommodatie met vijftig bedden of meer, etc.) Daarbij dient te worden opgemerkt dat de toeristenbelasting geheven wordt van niet-inwoners van de gemeente ter compensatie van het gebruik van de openbare ruimten en voorzieningen van de gemeente. Daarbij maakt het dus niet uit of iemand in een vijfsterrenhotel verblijft of in een groepsaccommodatie. De reden om deze vorm van differentiatie toe te passen schuilt in het feit dat de toeristenbelasting procentueel hoger drukt op de overnachtingsprijzen bij goedkopere vormen van verblijf als kamperen en verblijf in groepsaccommodaties. Het differentiëren naar verblijfsvorm is de meest voorkomende vorm van differentiatie in Nederland. Het objectief houden van de vrijstelling is redelijk eenvoudig. Deze vorm van differentiëren wordt over het algemeen door de diverse groepen verblijfbieders geaccepteerd. Voorwaarden Objectiviteit. Bij de toepassing van een tariefdifferentiatie is het belangrijk de afzonderlijke vormen van verblijf goed te definiëren bij voorkeur in een artikel Begripsomschrijvingen in de verordening toeristenbelasting.
De verhoudingen tussen de tarieven naar de verschillende verblijfsvormen zijn redelijk. Een afgeleide vorm van differentiatie is het differentiëren naar de omvang van een verblijfsaccommodatie. Een aantal gemeenten maakt gebruik van deze mogelijk en hanteert een meerdere tarieven voor het verblijf op campings en kampeerterreinen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt op basis van het aantal standplaatsen van een camping. In de praktijk worden dan minicampings; campings met een gemaximeerd aantal standplaatsen op basis van het bestemmingsplan (meestal 15 of 25 standplaatsen) met een lager tarief belast dan de reguliere camping. Het hanteren van de deze differentiatie stuit vaak op weerstand vanuit de hoek van reguliere campinghouders en hun belangbehartiger (RECRON). Campinghouders zien minicampings doorgaans als concurrentie met minder strikte regelgeving. Dat laatste was een aantal jaren zeker het geval. Tegenwoordig is de regelgeving voor beide groepen nagenoeg gelijk. Differentiatie op basis van verblijfsvorm ligt bij de invoering ervan vaak gevoelig bij de diverse verblijfsbieders. Men vindt het onrechtvaardig dat voor het houden van verblijf binnen de gemeente verschillende tarieven worden gebruikt.
Verblijfsbieders zien een relatie tussen de hoogte van overnachtingsprijs en het tarief toeristenbelasting (een hotelovernachting wordt hoger belast dan een overnachting op een camping) en voelen zich daardoor benadeeld. Uit de jurisprudentie waarbij de differentiatie naar verblijfvorm onderwerp is, blijkt dat echter niet.
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
11
VERGUNNINGEN
c. Tijdvakdifferentiatie Het staat gemeenten eveneens vrij een differentiatie toe te passen waarbij in een bepaalde perioden een afwijkend tarief toeristenbelasting wordt opgelegd. Hoewel deze differentiatie nauwelijks door Nederlandse gemeenten wordt toegepast is ons inziens deze handelswijze goed mogelijk. Het uitgangspunt daarbij is dat de toeristenbelasting geheven wordt van nietinwoners van de gemeente ter compensatie van het gebruik van de openbare ruimten en voorzieningen van de gemeente. In perioden waarin een grote concentratie van personen de gemeente bezoekt maakt een gemeente meer kosten om bijvoorbeeld het verblijf van de personen in goede banen te leiden en/of de schoonmaak en onderhoud van de openbare ruimte uit te voeren. Tijdvakdifferentiatie leent zich goed wanneer er zich grote evenementen (bijvoorbeeld TT Assen, F1 Zandvoort) in een gemeente plaatvinden waarbij veel inzet van de gemeente zelf noodzakelijk is. Voorwaarden Objectiviteit. Bij de toepassing van een tariefdifferentiatie binnen bepaalde perioden is het belangrijk de perioden duidelijk te definiëren bij voorkeur in een artikel Begripsomschrijvingen in de verordening toeristenbelasting. Aannemelijk is dat de gemeente binnen de beoogde perioden meer inspanningen verricht op toeristisch–recreatief vlak ten opzichte van de rest van het jaar.
Voordeel Belastingtarief past in laagseizoen beter bij de aanbiedingen die worden gedaan om toch omzet uit logies te genereren in deze periode. Nadeel Belastingplichtigen dienen hun reserveringsysteem aan te passen waarbij twee tarieven in verschillende perioden worden gehanteerd. De meeste reserveringsystemen zijn daar niet opgericht. Maatwerkaanpassingen op ICTsystemen zijn vaak behoorlijke kostenposten. Het werken met twee tarieven maakt het de kleinere verblijfbieders lastig in geval van vroeg-boekingen. Welk tarief pas ik dan toe? Marketingtechnisch is met twee tarieven complex. Websites, boekingskantoren, bemiddelaars dienen goed weer te geven dat er sprake is van een hoog en laag tarief in bepaalde perioden. Algemeen differentiaties Het toepassen van differentiaties leidt in alle gevallen tot discussie over het doel van de heffing van toeristenbelasting; bijdragen in de algemene kosten van een gemeente. Door de toepassing van differentiaties zijn er altijd partijen die zwaarder belast worden dan de overige. Overigens is het mogelijk een combinatie van een gebied -, tarief – of tijdvakdifferentiatie toe te passen. Voorwaarden is altijd dat de differentiatie objectief moet zijn. TOERISTENBELASTING
Differentiëren in tarief Stichtse Vecht Wanneer we naar de ligging van de gemeente Stichtse Vecht kijken, naar het tijdvak waarin verblijf plaats vindt en de vormen van verblijf dan ligt het toepassen van tariefdifferentiatie op basis van de verblijfvorm het meest voor de hand.
FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
12
VERGUNNINGEN
Verblijfsrecreatie in de gemeente Stichtse Vecht is niet altijd seizoengebonden. Hoewel de zomerperiode de hoogste bezetting kent, zijn er voldoende accommodaties waar het gehele jaar rond kan worden verbleven. Een gebiedsgebonden differentiatie ligt eveneens niet voor de hand vanwege het feit dat de verblijfrecreatie zich niet concentreert in één gebied. Ons advies is ingeval men kiest voor een differentiatie deze te baseren op de verblijfsvorm.
Toepassen tariefdifferentiatie naar verblijfsvorm bij landtoeristenbelasting Wanneer binnen de gemeente Stichtse Vecht een differentiatie wordt toegepast naar verblijfsvorm is het wenselijk zo objectief mogelijk naar de afzonderlijke verblijfvormen te kijken. Binnen de gemeente zijn de meest gangbare verblijfsaccommodaties en vormen aanwezig: Bungalowparken; verhuur en eigen gebruik particulieren (waarschijnlijk belast met forensenbelasting) Recreatieparken; verhuureenheden, vaste en seizoenplaatsen en kort kamperen Campings; verhuureenheden, vaste en seizoenplaatsen en kort kamperen Minicampings; seizoenplaatsen en kort kamperen Groepsaccommodaties tot 25 personen; verhuur hoog segment (families, groepen) Groepsaccommodaties meer dan 25 personen; verhuur laag segment (scholen, scouting). In de bijlage bij deze notitie is een document opgenomen waarin een aantal tariefscenario’s is opgenomen.
6.
Conclusies, opmerking & advies bij verordeningen toeristenbelasting
Conclusies en opmerkingen De verordeningen land – en watertoeristenbelasting van de gemeente Stichtse Vecht zijn gedateerd, niet optimaal en zijn toe aan update. De huidige forfaitaire heffingsmaatstaven in artikel 6 van beide verordeningen zijn mogelijk gedateerd. Het ontbreken van forfaits voor arrangementen met een duur van een maand of langer bij de landtoeristenbelasting werkt het ‘naar eigen inzicht’ doen van aangifte door exploitanten van campings in de hand. Exploitanten van campings en parken kunnen oneigenlijk gebruik maken van de forfaits bedoeld voor vaste standplaatsen door verhuureenheden op deze plaatsen in het forfait te betrekken. Forfaits zijn bedoeld voor vormen van verblijf waarbij geen dagelijkse gastregistratie wordt gevoerd; verblijf van gezinnen in kampeermiddelen op vaste of seizoenplaatsen. Forfaits voor verblijf in vakantieonderkomens en niet beroepsmatig verhuurde ruimten zijn overbodig. Vrijstelling ingeval watertoeristenbelasting wordt afgedragen bij landtoeristenbelasting, tenzij zo bedoeld, is waarschijnlijk onbedoeld in de verordening landtoeristenbelasting opgenomen. De vrijstelling voor activiteiten van maatschappelijk aard op basis van nietcommerciële aard in de verordening landtoeristenbelasting roept vragen op en kan daardoor onjuist worden toegepast. Passanten en huurders van schepen worden niet belast met watertoeristenbelasting.
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
13
VERGUNNINGEN
De definitie van een vaste ligplaats is niet optimaal. Door te stellen dat een vaste ligplaats een plaats is die voor een periode van een maand of langer wordt verhuurd voorkomt men dat er met maandtarieven moet worden gewerkt. Watertoeristenbelasting wordt geheven per seizoen en niet per kalenderjaar zoals gebruikelijk is in Nederland. Advies Het is in onze ogen van belang dat de gemeente Stichtse Vecht haar verordeningen land – en watertoeristenbelasting actualiseert en zo spoedig mogelijk de forfaitaire berekeningswijze van de heffingsmaatstaf voor verblijf van personen in kampeeronderkomens op vaste en seizoenplaatsen en voor personen die verblijven op een vaartuig gelegen op een vaste ligplaats, juridisch en statistisch onderbouwd. Wij adviseren voorts om bij de forfaitaire heffing bij watertoeristenbelasting een minder arbeidsintensief model te kiezen. Dat kan dan zijn op basis van de lengte verdeeld over 3 lengteklassen of op basis van een forfaitair bedrag per vaartuig. Dat zal waarschijnlijk leiden tot verschillen in de totaalopbrengst en het bedrag dat belastingplichtigen nu afdragen per vaartuig.
Legitiem adviseert de gemeente Stichtse Vecht de forfaitaire berekeningswijze van de heffingsmaatstaf voor beide verordeningen zo spoedig mogelijk juridisch en statistisch te onderbouwen door middel van onderzoek naar het verblijfritme van recreanten die verblijven in een kampeermiddel op vaste en seizoenplaatsen en voor recreanten die verblijven op een vaartuig gelegen op een vaste ligplaats. Dat kan eventueel ook door middel van een compromis te sluiten met de betrokken exploitanten. In het eerste geval dient onderzoek onder de recreanten, op vaste en seizoenplaatsen en op vaartuigen op vaste ligplaatsen, te worden verricht. In het tweede geval wordt het gemiddelde verblijfsritme in overleg met de exploitanten bepaald en vastgelegd in een overeenkomst die bij de verordening(en) wordt vastgesteld. Het sluiten van een vaststellingsovereenkomst met de exploitanten van de campings, vakantieparken en havens verdient de voorkeur. Door een overeenkomst te sluiten wordt een arbeidsintensief onderzoek naar het verblijfsritme voorkomen. Voorwaarde is wel dat de betrokken exploitanten instemmen met deze handelswijze.
Verder adviseren wij de gemeente Stichtse Vecht de verordeningen land – en watertoeristenbelasting 2024 direct aan te passen aan de werkwijze in de branche (met behoud van de huidige forfaitaire heffingsmaatstaven) en alleen daar forfaitaire heffing toe te staan waar dat noodzakelijk is (vaste en seizoenplaatsen, arrangementen met een duur van een maand of langer en vaste ligplaatsen). Begripsomschrijvingen op te nemen die van toepassing zijn op de verblijfsvormen die worden genoemd in de verordening en relevant zijn voor de heffing. Tot slot geven wij het advies om onderzoek te doen naar het verblijfsritme van recreanten die verblijven in een kampeermiddel op vaste en seizoenplaatsen of verblijven op een vaartuig dat is gelegen op een vaste ligplaats. De resultaten van het onderzoek kunnen vervolgens gebruikt worden ter onderbouwing van de forfaitaire berekeningswijze van de heffingsmaatstaf.
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE
Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
14
VERGUNNINGEN
Bijlagen Bijgesloten zijn de concepten van de verordeningen land – en watertoeristenbelasting inclusief bijbehorende stukken in Word formaat: 1a 1b 1c 1d
Verordening toeristenbelasting Aangiftebiljet Toelichting op verordening en aangiftebiljet toeristenbelasting Uitvoeringsregeling toeristenbelasting
2a 2b 2c 2d
Verordening watertoeristenbelasting Aangiftebiljet Toelichting op verordening en aangiftebiljet watertoeristenbelasting Uitvoeringsregeling watertoeristenbelasting
3 4. 5
Benchmark tarieven omliggende gemeenten Tariefscenario’s toeristenbelasting op basis benchmark hotels Tariefscenario’s toeristenbelasting bij verdubbeling opbrengst in 2024
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
15
VERGUNNINGEN
Bijlage 3
Benchmark tarieven
Benchmark tarieven omliggende gemeenten Belastingjaar 2023
verhuur Algemeen hotels
B.&.B
vakantie-
particulieren
woningen
kamperen kamperen
vaste (jaar)
groeps-
Gemeente
tarief
Stichtse Vecht
€
1,70 €
1,70 €
1,70 €
1,70 €
1,70 €
1,70 €
1,70 €
1,70
Wijdemeren
€
1,32 €
1,32 €
1,32 €
1,32 €
1,32 €
1,32 €
1,32 €
1,32
Ronde Venen
€
3,00 €
3,00 €
3,00 €
3,00 €
1,65 €
1,65 €
1,65 €
3,00
Gooise Meren
€
1,89 €
1,89 €
1,89 €
1,89 €
1,89 €
1,89 €
1,89 €
1,89
Aalsmeer
€
3,50 €
3,50 €
3,50 €
3,50 €
1,75 €
1,75 €
1,75 €
1,75
Uithoorn
€
3,15 €
3,15 €
3,15 €
3,15 €
3,15 €
3,15 €
3,15 €
3,15
Woerden
€
1,60 €
1,60 €
1,60 €
1,60 €
1,21 €
1,21 €
1,21 €
1,60
Amstelveen
€
3,00 €
3,00 €
3,00 €
3,00 €
3,00 €
3,00 €
3,00 €
3,00
€
1,50 €
1,50 €
1,50
2,40 €
1,91 €
1,96 €
1,96 €
Huizen; percentage logiesomzet
minicamping standplaatsen accommodaties
Gemiddelde tarief opgenomen gemeenten
€
2,40 €
2,40 €
2,40 €
2,18
Opbrengst toeristenbelasting 2021, tarief 2023 Soort accommodatie
aantal
algemeen €
1,70
B. & B.
13.116
€
22.297,20
Bungalowpark
38.348
€
65.191,60
Camping
6.300
€
minicamping
12.226
€
Hotel
86.397
€ 146.874,90
Particuliere verhuur
10.048
€
17.081,60
€
22.226,00
Watertoeristenbelasting Totaal toeristenbelasting
166.435
kamperen €
1,70
-
€
10.710,00
-
€
20.784,20
€
31.494,20
€ 273.671,30
Totaalopbrengst toeristenbelastingen basisgegevens 2021
€ 305.165,50
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
16
VERGUNNINGEN
Bijlage 4
Tariefscenario’s bij differentiatie op basis benchmark toeristenbelasting voor hotels omliggende gemeenten
Opbrengstprognose op basis aantal gerealiseerde overnachtingen in 2021 De onderstaande tariefscenario's zijn gebaseerd op het aantal overnachtingen dat blijkt uit het door BGHU beschikbaar gestelde overzicht aanslagregels 2021. Daarbij zijn de forfaitaire aanslagregels terug gerekend naar het aantal overnachtingen dat uit deze regels blijkt. Vervolgens is onderscheid aangebracht tussen de verschillende verbllijfvormen. Er kunnen verschillen bestaan in het aantal overnachtingen tussen hotels, B. & B en particuliere verhuur omdat uit het overzicht niet blijkt of een aanslag betrekking had op een hotel, B. & B. of particuliere aanbieder. Dat heeft voor de tariefscenario's geen gevolgen omdat deze verblijfsvormen in het hogere algemene tarief vallen. De opbrengst watertoeristenbelasting is in de scenario's meegenomen voor het bedrag van € 22.226 dat blijkt uit het BGHU overzicht 2021.
Scenario 1 Kamperen reguliere camping huidige tarief, hotels en particuliere woning/appartementenverhuur hoger tarief, minicampings lager tarief 1. Algemeen tarief (hotels en verhuureenheden op parken,op campings en van particuliere aanbieders 2. Tarief camping 3. Tarief minicamping (10% max € 14 overnachting)
Soort accommodatie
aantal
€ 2,25 € 1,70 € 1,40
algemeen
kamperen
€
2,25
B. & B.
13.116
€
29.511,00
Bungalowpark
38.348
€
86.283,00
Camping
6.300
minicamping
12.226
Hotel
86.397
€
194.393,25
Particuliere verhuur
10.048
€
22.608,00
Totaal toeristenbelasting
166.435
€
332.795,25
€
minicamping 1,70 €
€
1,40
10.710,00
€
10.710,00
€
17.116,40
€
17.116,40
Watertoeristenbelasting (opbrengst op basis overzicht 2021
€
22.226,00
Totaalopbrengst toeristenbelasting
€
382.847,65
Scenario 2 Duidelijk verschil tussen hoog en laag tarief kamperen 1. Algemeen tarief (hotels en verhuureenheden op parken, op campings en van particuliere aanbieders 2. Tarief kamperen exclusief verhuureenheden
Soort accommodatie
aantal
€ 2,25 € 1,50
algemeen €
2,25
kamperen €
tarief 1,50
B. & B.
13.116
€
29.511,00
Bungalowpark
38.348
€
86.283,00
Camping
6.300
€
9.450,00
minicamping
12.226
€
18.339,00
€
27.789,00
Hotel
86.397
€
194.393,25
Particuliere verhuur
10.048
€
22.608,00
Totaal toeristenbelasting
166.435
€
332.795,25
Totaalopbrengst toeristenbelasting
€
€
-
-
€
22.226,00
€
382.810,25
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
17
VERGUNNINGEN
Scenario 3 Drie tarieven; Algemeen tarief, laag tarief kamperen, hoog tarief hotels 1. Algemeen tarief (verhuureenheden op parken,op campings en van particuliere aanbieders 2. Tarief camping exclusief verhuureenheden 3. Tarief hotels Soort accommodatie
aantal
€
algemeen €
1,90
kamperen €
hotels 1,50 €
B. & B.
13.116
€
24.920,40
Bungalowpark
38.348
€
72.861,20
Camping
6.300
€
9.450,00
minicamping
12.226
€
18.339,00
Hotel
86.397
Particuliere verhuur
10.048
€
19.091,20
Totaal toeristenbelasting
166.435
€
116.872,80
Totaalopbrengst toeristenbelasting
€
€ 1,90 € 1,50 2,50
27.789,00
2,50
€
215.992,50
€
215.992,50
€
22.226,00
€
382.880,30
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
18
VERGUNNINGEN
Bijlage 5
Tariefscenario’s bij differentiatie en verdubbeling opbrengst toeristenbelasting in 2024
Opbrengstprognose op basis aantal gerealiseerde overnachtingen in 2021 Uitgangspunt: verdubbeling opbrengst uit toeristenbelasting De onderstaande tariefscenario's zijn gebaseerd op het aantal overnachtingen dat blijkt uit het door BGHU beschikbaar gestelde overzicht aanslagregels 2021. Daarbij zijn de forfaitaire aanslagregels terug gerekend naar het aantal overnachtingen dat uit deze regels blijkt. Vervolgens is onderscheid aangebracht tussen de verschillende verbllijfvormen. Er kunnen verschillen bestaan in het aantal overnachtingen tussen hotels, B. & B en particuliere verhuur omdat uit het overzicht niet blijkt of een aanslag betrekking had op een hotel, B. & B. of particuliere aanbieder. Dat heeft voor de tariefscenario's geen gevolgen omdat deze verblijfsvormen in het hogere algemene tarief vallen. De opbrengst watertoeristenbelasting is in de scenario's meegenomen voor het bedrag van € 22.226 dat blijkt uit het BGHU overzicht 2021.
Scenario 1 Verdubbeling opbrengst 2024 t.o.v. 2023 naar € 600.000 Kamperen reguliere camping huidige tarief + € 0,05, hotels en particuliere woning/appartementenverhuur hoger tarief, minicampings lager tarief Watertoeristenbelasting indexeren met 3% 1. Algemeen tarief (hotels en verhuureenheden op parken,op campings en van particuliere aanbieders € 3,70 2. Tarief camping € 1,80 3. Tarief minicamping (10% max € 14 overnachting) € 1,50
Soort accommodatie
aantal
algemeen €
3,70
B. & B.
13.116
€
48.529,20
Bungalowpark
38.348
€
141.887,60
Camping
6.300
minicamping
12.226
Hotel
86.397
€
319.668,90
Particuliere verhuur
10.048
€
37.177,60
Totaal toeristenbelasting
166.435
€
547.263,30
kamperen €
€
€
minicamping 1,80 €
1,50
11.340,00
11.340,00
€
18.339,00
€
18.339,00
Watertoeristenbelasting (opbrengst op basis overzicht 2021 + 3%)
€
22.892,78
Totaalopbrengst toeristenbelasting
€
599.835,08
Scenario 2 Verdubbeling opbrengst 2024 t.o.v. 2023 naar € 600.000 Duidelijk verschil tussen hoog en laag tarief kamperen 1. Algemeen tarief (hotels en verhuureenheden op parken, op campings en van particuliere aanbieders 2. Tarief kamperen exclusief verhuureenheden
Soort accommodatie
aantal
algemeen €
3,75
€ 3,75 € 1,50
kamperen €
tarief 1,50
B. & B.
13.116
€
49.185,00
Bungalowpark
38.348
€
143.805,00
Camping
6.300
€
9.450,00
minicamping
12.226
€
18.339,00
€
27.789,00
Hotel
86.397
€
323.988,75
Particuliere verhuur
10.048
€
37.680,00
Totaal toeristenbelasting
166.435
€
554.658,75
€
€
-
-
Watertoeristenelasting (opbrengst op basis overzicht 2021, geen verhoging tarief)
€
22.226,00
Totaalopbrengst toeristenbelasting
€
604.673,75
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
19
VERGUNNINGEN
Scenario 3 Verdubbeling opbrengst 2024 t.o.v. 2023 naar € 600.000 Drie tarieven; Algemeen tarief, laag tarief kamperen, hoog tarief hotels 1. Algemeen tarief (verhuureenheden op parken,op campings en van particuliere aanbieders 2. Tarief camping exclusief verhuureenheden 3. Tarief hotels Soort accommodatie
aantal
€
algemeen €
3,25
kamperen €
hotels 1,75 €
B. & B.
13.116
€
42.627,00
Bungalowpark
38.348
€
124.631,00
Camping
6.300
€
11.025,00
minicamping
12.226
€
21.395,50
Hotel
86.397
Particuliere verhuur
10.048
€
32.656,00
Totaal toeristenbelasting
166.435
€
199.914,00
€
€ 3,25 € 1,75 4,00
32.420,50
4,00
€
345.588,00
€
345.588,00
Watertoeristenbelasting (opbrengst op basis overzicht 2021 + 3%)
€
22.226,00
Totaalopbrengst toeristenbelasting
€
600.148,50
TOERISTENBELASTING FORENSENBELASTING PRECARIOBELASTING RECLAMEBELASTING HONDENBELASTING BRP/LAA CONTROLES WONINGTOEZICHT OPENLUCHTRECREATIE Analyse en advies toeristenbelastingen 2023 TI/002/23.1717
20
VERGUNNINGEN