CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Ontwerpbegroting 2027

Raad 6 oktober 2026, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 10: Ontwerp Jaarverslag 2025, eerste begrotingswijziging 2026 en de Ontwerp Begroting 2027 GR Plassenschap Loosdrecht e.o.12.722 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Deze wordt gekapitaliseerd bij verkoop van het betreffende actief. 24 25 3.3.2.1 Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de relatie weer tussen de risico’s en de weerstandscapaciteit. Het bestuur heeft al in de kadernota 2024 vastgelegd dat per ultimo 2026 de algemene reserve minimaal gelijk moet zijn aan de omvang van de gekwantificeerde risico’s. Door het batig resultaat over 2025 van € 519.126, kan door het resultaat te bestemmen ten behoeve van de reserves, de weerstandspositie van het Plassenschap wederom sterk worden verbeterd. Hierdoor kunnen de afgesproken extra stortingen in de algemene reserve, in ieder geval voorlopig, beperkt blijven. De beschikbare weerstandscapaciteit is, inclusief het resultaat over 2025, voor 2027 begroot op € 1.054.000. De weerstandsratio wordt berekend door de risico’s te delen door de beschikbare weerstandscapaciteit. Op basis van de beschikbare weerstandscapaciteit van afgerond € 1.054.000 en op basis van d e berekende risico’s van per saldo € 1 06.250 komt de verhouding tussen het weerstandsvermogen en de risico’s in de begroting 2027 uit op 9,9.. Relatie weerstandsvermogen en financiële kengetallen Gemeenschappelijke regelingen zijn verplicht in de paragraaf weerstandsvermogen een zestal financiële kengetallen op te nemen voor het laatste rekeningjaar, het lopende begrotingsjaar en het nieuwe begrotingsjaar.

In onderstaande tabel zijn de betreffende kengetallen opgenomen en vervolgens voorzien van een beoordeling. De kengetallen grondexploitaties en onbenutte belastingcapaciteit zijn als niet van toepassing opgenomen omdat het Plassenschap Loosdrecht geen grondexploitaties heeft en geen gemeentelijke belastingen oplegt. 2026 2027 2028 2029 2030 Netto schuldquote 118% 174% 201% 209% 210% Netto schuldquote gecorrigeerd 118% 174% 201% 209% 210% Solvabiliteit 21% 22% 19% 19% 19% Kengetal grondexploitatie n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. Structurele exploitatieruimte 0% 0% 0% 0% 0% Onbenutte belastingcapaciteit n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. Risico's Weerstands- capaciteit Weerstands- vermogen 26 Omdat de kengetallen in de eerste plaats bedoeld zijn om inzicht te geven in de financiële positie ten behoeve van de horizontale verantwoording is een externe normering niet aan de orde. Het is de rol van het bestuur om aan de hand van de kengetallen de financiële positie te duiden en indien nodig bijstellingen voor te stellen. Het bestuur volgt de tot nog toe gestelde normen ten aanzien van de financiële kengetallen: - Schuldquote: Indien de schuldquote groter dan 130% word t is het zaak te beoordelen of maatregelen nodig zijn. - Situatie Plassenschap. De netto schuldquote komt de komende jaren structureel boven 130% uit.

De belangrijkste taak van het Plassenschap is de instandhouding van het gebied inclusief de daarmee gepaard gaande vervangingsinvesteringen. Doordat er de komende jaren een omvangrijk investeringspakket ligt in het gebied en het schap nauwelijks eigen vermogen heeft, lijkt een sterke toename van de netto schuldquote onontkoombaar. Vervanging van beschoeiingen, investeringen in sluizen, gebouwen en materieel zullen plaatsvinden met behulp van vreemd vermogen, de daaruit volgende kapitaallasten vormen een belangrijk onderdeel van het totale budget van het Plassenschap. Het tekort van de exploitatie van het Plassenschap is een verplichte bijdrage voor de deelnemers. Zolang zij die bijdrage voldoen zegt het kengetal dat er veel extern is gefinancierd, maar is er geen reden om investeringen te temporiseren of te stoppen. Een mogelijke optie is dat (een deel van) de deelnemers ervoor kiest om hun aandeel in investeringen ineens te betalen, op die manier wordt een lagere netto s chuldquote bereikt. Voor deelnemers is het zaak deze schuldquote op te nemen in hun risicoparagraaf. - Solvabiliteit: Deze moet tenminste 15% bedragen. Ook hier geldt door een sterk toegenomen vreemd vermogenspositie, zonder dat het eigen vermogen toeneemt, volgt in een sterke afname van het solvabiliteitsratio. - Structurele exploitatieruimte: Deze moet ten minste 0,0% bedragen.

- Weerstandsvermogen: de verhouding tussen het weerstandsvermogen en de risico’s zoals gekwantificeerd in de risicoparagraaf van de begroting en jaarstukken dient minimaal 1:1 te zijn. De weerstandsratio bedraagt per 01-01-2026 9,9 en is daarmee ruim voldoende. 3.4 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen In 2023 zijn samen met een viertal adviesbureaus op basis van onder andere een tweetal schouwen en nadere inspecties, drie beheerplannen opgesteld. Het betreft het Beheerplan Areaal Plassenschap Loosdrecht e.o. (voor de terreinen, eilanden en vaarwegen), het “Beheerplan Vastgoed” en het “Beheerplan Sluizen”. Daarnaast is er op basis van eerdere inspecties en kennis bij het huidige personeel een bureaustudie gedaan naar de staat van onderhoud van de beschoeiingen. Op basis van de hierboven genoemde beheerplannen en bureaustudie s zijn de benodigde budgetten voor het Dagelijks Onderhoud (DO) en het Groot Onderhoud (GO) berekend en is een meerjareninvesteringsplan (MJIP >10 jaar) voor de vervangingsinvesteringen (VV) opgesteld. Op 6 september 2023 heeft het bestuur van Plassenschap Loosdrecht e.o. besloten om de beheerplannen en het meerjareninvesteringsplan (MJIP) als uitgangspunt te gebruiken voor het opstellen van het vierjarig Uitvoeringsplan en het vierjarig Financieel Perspectief, welke in 2024 zijn vastgesteld voor de periode 2024- 2027.

27 3.5 Paragraaf financiering 3.5.1 Beleidsuitgangspunten Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden) respectievelijk de limieten en richtlijnen van het Treasurystatuut. 3.5.2 Risicobeheer De Wet financiering decentrale overheden vermeldt twee normen. Het doel is te voorkomen dat bij herfinanciering van leningen bij aanzienlijk hogere rente grote schokken optreden in de hoogte van de rente die het schap moet betalen. De normen beperken de budgettaire risico’s. 3.5.3 Kasgeldlimiet In de Uitvoeringsregeling Financiering Decentrale Overheden (UFDO) geeft het ministerie aan tot welk bedrag gemeenschappelijke regelingen mogen financieren met kortlopende geldleningen: de kasgeldlimiet. Het betreft een percentage van het totaal van de begroting, zijnde momenteel 8,2 %. Als de gemeenschappelijke regeling deze kasgeldlimiet structureel overschrijdt, dient ze de kortlopende schuld om te zetten in een langlopende schuld. Met name bij korte financiering is er sprake van een renterisico. De verwachte kasgeldlimiet voor 202 7 kan als volgt worden weergegeven: Totaal van de lasten begroting 2027 € 4.190.900 (2026 € 3.598.900). De verwachte limiet is 8,2% zijnde afgerond € 343.700 (2026 € 295.800).

3.5.4 Renterisiconorm De renterisiconorm is een bedrag ter grootte van een percentage van het begrotingstotaal, met als doel het beperken van de gevolgen van een stijgende rente op de rentelasten van het schap. De norm stelt dat per jaar maximaal 20% van het begrotingstotaal in aanmerking mag komen voor verplichte aflossingen en renteherzieningen. De verwachte renterisiconorm voor 202 7 kan als volgt worden weergegeven. Totaal van de lasten begroting 2027 € 3.815.800 (2026 € 3.358.400). De limiet is 20% zijnde afgerond € 763 .160 (2026 € 671.680). De begrote aflossingen voor 202 7 zijn € 250.000 (2026 € 208.000) zodat deze binnen de limiet passen. 3.5.5 Mutaties in de leningenportefeuille Op basis van het vastgestelde MJIP wordt in deze begrotingsperiode in totaal € 8.450.000 aan nieuwe leningen opgenomen. Dit is met name ter afdekking van voorgenomen investeringen en om te waarborgen dat vaste activa ook met vaste passiva worden gefinancierd. Het meerjareninvesteringsplan (MJIP) en de uitvoering hiervan is voor een belangrijk deel bepalend voor de omvang van de toekomstige leningenportefeuille.

Omschrijving (bedragen x €1.000) 2026 2027 2028 2029 2030 Stand per 1 januari 3.499 5.774 6.774 8.624 10.674 Nieuwe leningen 2.500 1.250 2.200 2.500 0 Reguliere aflossing 225 250 350 450 450 Stand per 31 december 5.774 6.774 8.624 10.674 10.224 28 3.5.6 BBV en rentetoerekening Het BBV bevat voorschriften met betrekking tot de rentetoerekening. De interne rentetoerekening is afhankelijk van de verhouding netto rentelasten afgezet tegen de integraal gefinancierde activa. Het schap heeft geen grondexploitaties zodat een aparte renteberekening hiervoor buiten beschouwing kan worden gelaten. Projectfinanciering is eveneens niet van toepassing. De interne rentetoerekening loopt via het taakveld 0.5 treasury. Conform historie wordt er geen renteresultaat begroot en worden de netto rentelasten 100% verdeeld naar de omvang van de vaste activa. Over reserves, voorzieningen en eigen vermogen wordt geen rente toegerekend. 3.6 Paragraaf bedrijfsvoering 3.6.1 Bedrijfsvoering In de begroting van het schap is geen apart programma bedrijfsvoering opgenomen. Dit komt omdat de bedrijfsvoering inclusief al het personeel is ondergebracht bij de gemeente Hilversum. Hiertoe worden de personeels- en apparaatskosten in eerste instantie binnen de begroting van de gemeente Hilversum en geraamd. Op basis van werkelijk gemaakte uren worden de kosten doorbelast aan het Plassenschap.

Over deze door te belasten uren is voor 2027 een voorlopige opslag overhead geraamd van 24%. 3.6.2 Overhead en toerekening personeelskosten Overeenkomstig het BBV dienen de kosten van overhead verantwoord te worden op een afzonderlijk daarvoor aangewezen taakveld. Dit betreft enerzijds (een percentage van) de personele kosten zoals management en medewerkers van ondersteunende afdelingen. Anderzijds betreft het apparaatskosten zoals ICT en huisvesting. Direct toewijsbare personeels- en apparaatskosten dienen op het taakveld verantwoord te worden waar deze betrekking op hebben. De verdeling op taakveldniveau is in bijlage 4 van deze begroting opgenomen. De (doorbelaste) overhead voor de begroting 2027 is bepaald op afgerond € 781.600 ( 2026 € 730.400) waarvan € 450.000 (2026 € 410.000) aan personeelslasten. De overige kosten van overhead bestaan uit de doorbelaste overhead (apparaatslasten) vanuit de gemeente Hilversum. 3.7 Paragraaf verbonden partijen Het Plassenschap Loosdrecht e.o. is een gemeenschappelijke regeling en heeft sinds de opheffing van Recreatie Midden-Nederland geen verbonden partijen. 29 FINANCIËLE BEGROTING 4 Overzicht baten en lasten per programma en toelichting De baten, lasten en mutaties in reserves zijn gebaseerd op de beleidsinhoudelijke doelstellingen zoals per programma opgenomen in het programmaplan.

Voor een nadere toelichting verwijzen wij daarom naar de individuele programma’s in het programmaplan. Programma Rekening 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Begroting 2030 Lasten Programma 1 Beheer, onderhoud en exploitatie 2.255.494 2.563.000 2.969.900 2.822.200 3.056.000 3.186.600 Programma 2 Algemeen (incl. overhead) •          Waarvan overhead 654.067 730.400 781.600 758.300 786.200 820.400 •          Waarvan onvoorzien 0 3.600 4.200 4.100 4.200 4.200 •          Waarvan overig 0 61.400 60.100 58.900 60.900 63.600 Totaal lasten 2.909.561 3.358.400 3.815.800 3.643.500 3.907.300 4.074.800 Baten Programma 1 Beheer, onderhoud en exploitatie 2.749.822 2.718.600 2.939.800 3.193.700 3.249.400 3.310.000 Programma 2 Algemeen (incl.

overhead) 610.365 795.400 845.900 821.300 851.300 888.200 •          Waarvan overhead 610365 730.400 781.600 758.300 786.200 820.400 •          Waarvan onvoorzien/overig 0 65.000 64.300 63.000 65.100 67.800 Totaal baten 3.360.185 3.514.000 3.785.700 4.015.000 4.100.700 4.198.200 Saldo van baten en lasten 450.626 155.600 -30.100 371.500 193.400 123.400 Mutaties reserves Toevoegingen aan reserves 2.400 226.500 360.500 371.500 193.400 123.400 Onttrekkingen aan reserves 70.900 70.900 390.600 0 0 0 Totaal mutaties reserves -68.500 155.600 -30.100 371.500 193.400 123.400 Geraamd resultaat 519.126 0 0 0 0 0 654.067 795.400 845.900 888.200821.300 851.300 30 5 Overzicht baten en lasten per kostensoort Begrotingspost Rekening 2025 Begroting 2026 Begroting 2026 1e wijziging Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Begroting 2030 1a Wij: Doorbel. personeelskst. (incl bestuurssecr.) 810.604 1.105.600 1.005.000 1.044.200 1.084.900 1.127.200 1.179.100 1b Wij: Doorbel. overhead/apparaatskst.

194.671 278.700 229.300 238.200 247.500 257.200 269.000 3 Kwaliteitsbijdrage toezicht en handhaving aan derden 340.700 352.400 352.400 363.200 374.300 373.900 374.400 5 Personeel derden (sluiswachters) 53.823 46.300 100.000 102.300 104.700 107.200 109.600 7a Afschrijvingen 219.336 353.300 255.000 258.000 304.000 366.000 441.000 7b Rente 87.917 305.200 208.000 250.000 327.000 446.000 445.000 11 Bestuurs- en apparaatskosten 162.712 45.500 94.500 96.700 98.900 101.300 103.500 13 Belastingen en verzekeringen 42.572 44.100 44.100 45.100 46.100 47.200 48.200 15 Energie- en waterkosten 30.565 33.400 33.400 34.200 35.000 35.800 36.600 17 Onderhoud en vuilafvoer 646.598 701.400 701.400 722.200 743.700 761.500 778.300 17a Gebiedsakkoord, baggeren 70.914 70.900 70.900 390.600 - - - 17b Routebureau, bijdrage 28.200 28.200 28.200 29.000 30.000 30.700 31.400 19 Voorziening groot onderhoud 217.500 222.700 222.700 227.800 233.000 238.600 243.800 21 Publiciteits- en overige kosten 3.449 7.600 9.900 10.100 10.300 10.500 10.700 25 Onvoorzien - 3.600 3.600 4.200 4.100 4.200 4.200 Totaal lasten 2.909.561 3.598.900 3.358.400 3.815.800 3.643.500 3.907.300 4.074.800 2 Opbrengsten van eigendommen 441.897 433.500 447.300 455.600 464.100 475.200 485.700 6 Rente 15.592 6.000 6.000 6.000 6.000 6.000 6.000 8 Overige baten 82.631 68.200 70.000 71.600 73.200 75.000 76.700 10 Externe baten toezicht en

handhaving 261.993 231.000 199.000 205.000 211.000 216.000 220.000 14 Dekkingsmiddelen 2.236.654 2.791.700 2.791.700 3.047.500 3.260.700 3.328.500 3.409.800 14a Deelnemersbijdragen (begroting 24) 1.917.200 1.956.400 1.956.400 1.986.300 2.045.300 2.084.000 2.137.900 14b Deelnemersbijdragen (extra) 204.400 373.300 373.300 584.000 722.800 740.100 756.400 14c Instandhoudingsbijdrage plassengebied 117.000 121.400 121.400 125.300 129.000 132.100 135.000 14d Transparantie BTW 319.454 340.600 340.600 351.900 363.600 372.300 380.500 Totaal baten 3.360.167 3.530.400 3.514.000 3.785.700 4.015.000 4.100.700 4.198.200 Saldo van baten en lasten 450.606 (68.500) 155.600 (30.100) 371.500 193.400 123.400 Toevoegingen aan reserves 2.393 2.400 226.500 360.500 371.500 193.400 123.400 Onttrekkingen aan reserves 70.914 70.900 70.900 390.600 - - - Gerealiseerd resultaat 519.126 - - - - - - 31 6 Overzicht incidentele baten en lasten 6.1 Overzicht incidentele baten en lasten en toelichting Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en de notitie Incidentele baten en lasten van de Commissie BBV is het verplicht een overzicht op te nemen van de incidentele baten en lasten in de begroting inclusief een toelichting op de belangrijkste posten hieruit.

In euro’s Omschrijving 2027 2028 2029 2030 Incidentele lasten Betaling OVP 390.600 0 0 0 Totaal incidentele lasten 390.600 0 0 0 Incidentele baten Totaal incidentele baten 0 0 0 0 Mutaties in reserves Incidentele toevoegingen aan reserves 2.400 0 0 0 Incidentele onttrekkingen aan reserves 390.600 0 0 0 Totaal incidentele mutaties in reserves 388.200 0 0 0 Saldo incidentele baten en lasten -2.400 0 0 0 Onderstaand zijn de belangrijkste incidentele baten, lasten en reservemutaties (groter dan € 50.000) toegelicht: - Op basis van het Gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen heeft Plassenschap Loosdrecht een verplichting om in totaal € 906.000 bij te dragen, deze bijdragen loopt volgens een vastgesteld kasritme van € 70.900 tot 2027. In 2027 eindigt het Gebiedsakkoord in de huidige vorm en wordt, conform het kasritme, een bedrag van € 390.600 gestort door het Plassenschap. 6.2 Presentatie van het structureel begrotingssaldo Om inzicht te bieden in het structureel begrotingssaldo is onderstaand opgenomen wat het effect is van de incidentele baten en lasten op de begroting 202 7-2030. Dit overzicht is gebaseerd op het modeloverzicht zoals geadviseerd door de Commissie BBV in de notitie Incidentele baten en lasten.

2027 2028 2029 2030 Saldo van baten en lasten 30.100 -371.500 -193.400 -123.400 Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves -30.100 371.500 193.400 123.400 Begrotingssaldo na bestemming 0 0 0 0 Waarvan incidentele baten en lasten (saldo) 0 0 0 0 Structureel begrotingssaldo (positief bedrag = tekort) 0 0 0 0 32 7 Uiteenzetting van de financiële positie 7.1 Financiële gevolgen bestaand en nieuw beleid De begroting 2027 van het Plassenschap is conform de opgaven een beleidsarme begroting voor wat betreft nieuwe ontwikkelingen . Het vastgestelde meerjar ig investeringsplan m.b.t. noodzakelijke vervangingsinvesteringen is wel volledig geraamd. 7.2 geprognosticeerde begin- en eindbalans van het begrotingsjaar 7.3 EMU-saldo Het (EMU-saldo) is het saldo van de inkomsten en uitgaven van de overheid. Decentrale overheden moeten inzicht geven in de berekening van hun aandeel in dit EMU -saldo. Deze informatie wordt middels enquêtes aangeleverd bij het CBS. Voor de EMU-enquête worden de gemeenten, de provincies en de waterschappen integraal waargenomen. Bij de gemeenschappelijke regelingen wordt een deelwaarneming gedaan. Een gemeenschappelijke regeling valt binnen de deelwaarneming indien het totaal aan baten of lasten op de exploitatierekening groter is dan 20 miljoen euro.

Omdat het begrotingstotaal van het Plassenschap onder deze grens van € 20 miljoen ligt is toelichting van het EMU saldo niet verplicht en derhalve niet opgenomen. (Bedragen in €) 2026 2027 2028 2029 2030 Activa Immateriële vaste activa 0 0 0 0 0 Materiële vaste activa 10.554.680 11.054.680 11.654.680 12.254.680 12.854.680 Totaal vaste activa 10.554.680 11.054.680 11.654.680 12.254.680 12.854.680 Uitzettingen < 1 jaar 300.000 400.000 400.000 400.000 400.000 Liquide middelen 150.000 150.000 150.000 150.000 150.000 Overlopende activa 50.000 50.000 50.000 50.000 50.000 Totaal vlottende activa 500.000 600.000 600.000 600.000 600.000 Totaal activa 11.054.680 11.654.680 12.254.680 12.854.680 13.454.680 Passiva Eigen vermogen 1.413.900 1.469.900 1.841.400 2.034.800 2.158.200 Voorzieningen 1.100.000 900.000 900.000 900.000 900.000 Vaste schuld 7.490.780 8.809.280 8.977.780 9.119.880 9.596.480 Totaal vaste passiva 10.004.680 11.179.180 11.719.180 12.054.680 12.654.680 Vlottende schuld 750.000 400.000 400.000 400.000 400.000 .Overlopende passiva 300.000 75.500 135.500 400.000 400.000 Totaal vlottende passiva 1.050.000 475.500 535.500 800.000 800.000 Totaal passiva 11.054.680 11.654.680 12.254.680 12.854.680 13.454.680 33 7.4 Stand en verloop van de reserves en voorzieningen Reserves zijn middelen die onder het eigen vermogen vallen en waarvan het algemeen bestuur over de inzet kan

besluiten. Onderstaand is per reserve het verloop gedurende de begrotingsperiode weergegeven. Voorzieningen zijn middelen die dienen ter dekking van risico’s en verplichtingen waarvan de omvang redelijkerwijs kan worden ingeschat. Daarnaast kunnen voorzieningen gevormd ter egalisatie van lasten (bijv. groot onderhoud). Onderstaand is per voorziening het verloop gedurende de begrotingsperiode opgenomen Stand ultimo 2026 Algemene reserve Algemene reserve 1.050.800 1.050.800 1.050.800 1.050.800 1.050.800 Totaal algemene reserve 1.050.800 1.050.800 1.050.800 1.050.800 1.050.800 Bestemmingsreserves Oostelijke Vecht en Plassen 388.200 2.400 390.600 0 0 0 0 0 0 0 0 Kapitaallasten 235.400 9.600 225.800 9.600 216.200 9.600 206.600 9.600 197.000 Gebiedsinvesteringen 168.900 358.100 527.000 371.500 898.500 193.400 1.091.900 123.400 1.215.300 Totaal bestemmingsreserves 792.500 0 9.600 752.800 371.500 9.600 1.114.700 193.400 9.600 1.298.500 123.400 9.600 1.412.300 Rekeningresultaat 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 Totaal reserves 1.843.300 360.500 400.200 1.803.600 371.500 9.600 2.165.500 193.400 9.600 2.349.300 123.400 9.600 2.463.100 2030 Bij Af Stand ultimoBij 2027 2028 2029 Af Stand ultimoAf Stand ultimo Bij Af Stand ultimo Bij Stand ultimo 2026 Voorzieningen Onderhoudsvoorziening 775.000 227.800 227.800 775.000 233.000 233.000 775.000 238.600 238.600 775.000 243.800 243.800 775.000 Totaal

voorzieningen 7 7 5 .0 0 0 2 2 7 .8 0 0 2 2 7 .8 0 0 7 7 5 .0 0 0 2 3 3 .0 0 0 2 3 3 .0 0 0 7 7 5 .0 0 0 2 3 8 .6 0 0 2 3 8 .6 0 0 7 7 5 .0 0 0 2 4 3 .8 0 0 2 4 3 .8 0 0 7 7 5 .0 0 0 Bij Af Stand ultimo 20302028 2029 Af 2027 Bij Stand ultimo Stand ultimo Bij Af Stand ultimo Bij Af 34 Dit betreft de dotatie op basis van het door het bestuur van het Plassenschap in 2024 vastgestelde MJOP. Mede met de informatie uit dit MJOP is een vierjarig uitvoeringsplan opgesteld. Het uitvoeringsplan beslaat een periode tot en met 2027. Ook in 2030 wordt een dotatie groot onderhoud opgenomen. De onttrekking moet nog nader worden bepaald, maar wordt vooralsnog gelijk gesteld aan de dotatie (dit bedrag wordt jaarlijks aangepast op basis van de door het CPB geraamde inflatie). 35 7.5 Baten en lasten per taakveld Conform artikel 7 lid 3 sub c van het BBV is het verplicht een overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld op te nemen in de begroting. Dit overzicht, inclusief de koppeling van taakvelden naar programma’s, is hieronder opgenomen.

Taakveld Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Begroting 2030 0.1 Bestuur 50.000 52.000 54.000 56.000 58.200 0.4 Overhead 682.500 692.500 701.000 728.300 753.200 0.8 Overige baten en lasten 3.600 4.200 4.100 4.200 4.200 2.3 Recreatieve havens 261.400 338.500 354.000 361.000 378.400 2.4 Economische havens en vaarwegen 196.600 244.600 278.500 298.400 306.500 3.4 Economische promotie 5.400 5.500 5.500 5.600 5.600 5.7 Openbaar groen en (openlucht)recreatie 2.039.900 2.364.300 2.129.600 2.336.300 2.449.200 7.3 Afvalstoffen 119.000 114.200 116.800 117.500 119.500 Totaal van de lasten 3.358.400 3.815.800 3.643.500 3.907.300 4.074.800 0.1 Bestuur 50.000 52.000 54.000 56.000 58.200 0.4 Overhead 682.500 692.500 701.000 728.300 753.200 0.8 Overige baten en lasten 3.600 4.200 4.100 4.200 4.200 2.3 Recreatieve havens 261.400 338.500 354.000 361.000 378.400 2.4 Economische havens en vaarwegen 196.600 244.600 278.500 298.400 306.500 3.4 Economische promotie 5.400 5.500 5.500 5.600 5.600 5.7 Openbaar groen en openluchtrecreatie 2.195.500 2.334.200 2.501.100 2.529.700 2.572.600 7.3 Afvalstoffen 119.000 114.200 116.800 117.500 119.500 Totaal van de baten 3.514.000 3.785.700 4.015.000 4.100.700 4.198.200 Saldo van baten en lasten -155.600 30.100 -371.500 -193.400 -123.400 0.10 Mutaties reserves (stortingen) 226.500 360.500 371.500 193.400 123.400 0.10 Mutaties reserves

(onttrekkingen) 70.900 390.600 0 0 0 Totaal resultaat van baten en lasten 0 0 0 0 0 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten 0 0 0 0 0 Gerealiseerd resultaat 0 0 0 0 0 7.6 Deelnemersbijdrage 2027 In de nieuwe GR is de verdeelsleutel voor de deelnemersbijdragen opgenomen. Deze verdeelsleutel is vanaf de begroting 2023 toegepast. De deelnemersbijdragen voor 2027 nemen t.o.v. de begroting 2026 met € 244.500 toe, dat is een stijging van 9,97%. Op basis van de 1e begrotingswijziging 2026 zijn de lasten en baten herijkt voor de jaren daarna. Besloten is om wel de deelnemersbijdragen aan te houden zoals is opgenomen in het financieel perspectiefplan/MJIP dat begin 2024 is vastgesteld. Dit leidt tot een geprognostice erd positief resultaat, welk gestort wordt in de bestemmingsreserve gebiedsinvesteringen ter voorkoming van toekomstige tege nvallers, onder andere als gevolg van de oorlog in het Midden-Oosten. Op basis van het voorgaande worden de deelnemersbijdragen voor 2026-2030 als volgt: Voor de bijdrage per deelnemer over de jaren 2026-2030, zie het onderstaande overzicht.

36 Jaar 2026 2027 2028 2029 2030 Deelnemersbijdragen begroting Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting Deelnemersbijdragen (autonoom) 1.956.400 1.986.300 2.045.300 2.084.000 2.137.900 Deelnemersbijdragen (extra) 373.300 584.000 722.800 740.100 756.400 Instandhoudingsbijdrage 121.400 125.300 129.000 132.100 135.000 Subtotaal 2.451.100 2.695.600 2.897.100 2.956.200 3.029.300 Transparantie BTW 340.600 351.900 363.600 372.300 380.500 Totaal 2.791.700 3.047.500 3.260.700 3.328.500 3.409.800 Jaar Vastgesteld of nieuw Provincie Utrecht Provincie Noord- Holland Gemeente Stichtse Vecht Gemeente Wijdemeren / Hilversum Totaal 25,61% 29,30% 17,76% 27,33% 100,00% Begroting 2026 Bijdragen 627.727€ 718.172€ 435.315€ 669.886€ 2.451.100€ 2026 Transparantie BTW 87.228€ 99.796€ 60.491€ 93.086€ 340.600€ 2026 Totaal 714.954€ 817.968€ 495.806€ 762.972€ 2.791.700€ Begroting 2027 Bijdragen 690.343€ 789.811€ 478.739€ 736.707€ 2.695.600€ 2027 Transparantie BTW 90.122€ 103.107€ 62.497€ 96.174€ 351.900€ 2027 Totaal 780.465€ 892.918€ 541.236€ 832.882€ 3.047.500€ Begroting 2028 Bijdragen 741.947€ 848.850€ 514.525€ 791.777€ 2.897.100€ 2028 Transparantie BTW 93.118€ 106.535€ 64.575€ 99.372€ 363.600€ 2028 Totaal 835.065€ 955.385€ 579.100€ 891.149€ 3.260.700€ Begroting 2029 Bijdragen 757.083€ 866.167€ 525.021€ 807.929€ 2.956.200€ 2029 Transparantie BTW 95.346€ 109.084€ 66.120€ 101.750€ 372.300€ 2029

Totaal 852.429€ 975.251€ 591.142€ 909.679€ 3.328.500€ Begroting 2030 Bijdragen 775.804€ 887.585€ 538.004€ 827.908€ 3.029.300€ 2030 Transparantie BTW 97.446€ 111.487€ 67.577€ 103.991€ 380.500€ 2030 Totaal 873.250€ 999.071€ 605.580€ 931.898€ 3.409.800€

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/3248/documents/67395