5. A 5.1 CU-SGP e.a. -inzake Professionele vriend kadernota 2025 - verworpen.pdf
Tekst van het document
Verworpen, de griffier Voor: GroenLinks, CDA, PvdA, ChristenUnie-SGP, Samen Stichtse Vecht, SP, NL Tegen: Lokaal Liberaal, VVD, D66, Streekbelangen, PVV, Het Vechtse Verbond
Amendement Reg.nr. A 5.1 Agendapunt 5: Kadernota 2025 Onderwerp: professionele vriend
De gemeenteraad van Stichtse Vecht in vergadering bijeen op 9 juli 2024. Ondergetekende(n) stel(t)len het volgende amendement voor: Het besluit ‘Kadernota 2025’ te nummeren; gewijzigd vast te stellen en beslispunt 1a. toe te voegen: 1. De Kadernota 2025 gewijzigd vast te stellen. 1a.1. Aan ‘Programma 4 Sociaal’ na hoofdstuk ‘4.2 Opvang ontheemden’ het volgende toe te voegen: 4.3 Professionele vriend We onderkennen dat er bijstandssituaties zijn die vragen om een vorm van bijstand waarbij de hulpverlener altijd bereikbaar en beschikbaar is voor de ander die het (even) niet redt in het leven. De basis daarbij is de ondertoon van vriendschap. Dit kan een buurtbewoner zijn of een ervaringsdeskundige of een vrijwilliger, zolang ze maar beschikken over een deskundigheid of vaardigheid die de hulpvrager mist. Dit gedachtegoed wordt aangeduid als de Professionele Vriend. Met de Bestuursopdracht Voorveld beogen we nadrukkelijk ook de ruimte te bieden om waar dat een oplossing kan zijn voor de (dan veelal complexe) bijstandssituaties, het concept van een Professionele Vriend in te zetten. Dit kan zijn door de inwoner te helpen bij het vinden van iemand die deze rol op zich kan nemen. We zullen de inzet van dit concept te zijner tijd evalueren en bezien of verdere uitwerking in een aparte eigen dienst ‘Professionele Vriend’ passend(er) is.
Vooralsnog willen we dit binnen de financiële ruimte die voor het Voorveld beschikbaar is oplossen. Eventueel onderzoeken we of hiervoor specifieke subsidies verkrijgbaar zijn. Namens de fractie(s), ChristenUnie- SGP
PvdA
SP
SSV
Ike Roetman
Lukas Burgering
Tineke de Vries
Riëtte Habes
Toelichting Uitgangspunt is Artikel 20 van de Grondwet die onder andere stelt dat 'Nederlanders hier te lande, die niet in het bestaan kunnen voorzien, een bij de wet te regelen recht op bijstand hebben van overheidswege (niet te verwarren met een bijstandsuitkering). Hieronder kan en mag alles vallen wat bijdraagt aan het (weer) wél in het eigen bestaan kunnen voorzien. Hieronder vallen dus ook de meest uitzichtloze gevallen. Maar geen van deze gevallen mag 'hopeloos' worden genoemd. Uit verschillende gesprekken en jarenlange ervaringen met alle regelingen die de gemeente biedt blijkt dat er veel, goed is geregeld in Stichtse Vecht. Op alle verantwoordelijkheden die wettelijk zijn benoemd heeft de gemeente de zaken op een goede manier geregeld. Uit gesprekken met enige ervaringsdeskundigen komt echter het beeld naar voren dat de optelsom van alle diensten die de gemeente biedt niet in alle gevallen voldoende antwoord is op de behoefte van de betreffende zorgvrager. Het komt voor dat men zijn of haar situatie niet meer overziet en behoefte heeft aan een zg. 'professionele vriend'. Het primaire aanknopingspunt van deze 'professionele vriend' is dus niet de problemen waarmee de zorgvrager zit, hoewel die wel voorwaarde zijn, maar dat men deze niet meer overziet, daarop zelf de regie niet meer kan voeren. Dit gaat verder dan het voeren van een regiefunctie.
Het omvat onder andere een schouder om bij de zoveelste tegenslag op uit te huilen, het aanhoren van onredelijk taalgebruik als gevolg van frustraties, het willen dienen als praatpaal en veelal langdurige trajecten. Hoewel deze laatstgenoemde functies niet behoren tot de typische wettelijke taken van de overheid betreft het hier wel een vorm van bijstand die bruikbaar kan zijn bij de in de werkelijkheid voorkomende situaties waar sommige zorgvragers doorheen gaan voordat zij hun zaakjes weer op de rit krijgen, weer zelf in hun bestaan kunnen voorzien. Ook blijkt dat de verschillende uitvoerende organisatie weliswaar de vrijheid hebben om meer te bieden dan waarover met de gemeente afspraken zijn gemaakt. Daarbij worden zij echter wel geconfronteerd met het werkgebied van die andere organisaties of de financiële consequenties die dat met zich meebrengt. Dit laatste zorgt er mede voor dat de inzet van een 'professionele vriend' niet eenvoudig vanuit één van de reeds bestaande organisatie kan worden geleverd maar bij voorkeur onafhankelijk zou moeten zijn. Een 'professionele vriend' opereert regelmatig op gebieden die deels overlappen met gebieden waarvoor andere organisatie verantwoordelijk zijn. Goede afspraken over hoe de 'professionele vriend' zich tot de gemeente en die dienstverlenende organisaties moet verhouden zijn dus essentieel.
Dit zou kunnen inhouden dat overdracht alleen plaatsvindt op initiatie van en in goed overleg met en na goedkeuring van de overige partij(en). ‘Professionele vrienden’ kunnen vrijwilligers zijn die zijn gekwalificeerd voor het verlenen van deze hulp. Zij onderscheiden zich onder andere in de tijden waarop zij bereikbaar zijn, een volledig beeld van en inzetbaar op veranderende behoefte van de hulpvrager, gericht op het weer zelfstandig kunnen functioneren van de hulpvrager, hart hebben voor mensen voor wie hun situatie uitzichtloos lijkt. Er is mogelijk aanbod vanuit de VNG om een deel van de kosten voor deze dienst te dragen.