CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

4a. Ontwerpbestemmingsplan - Toelichting (NL.IMRO.1904.BPDeVechtLGB-OW01).pdf

Commissie Fysiek Domein 5 oktober 2022, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 3. 19:30: Bestemmingsplan De Vecht (voor de kernen Nieuwersluis, Nieuwer ter Aa, Breukelen en Kockengen).27.837 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

• • • •

de anti-dubbeltelregel; de algemene aanduidingsregels ; de algemene wijzigingsregels; administratieve bepaling.

De algemene aanduidingsregels bevat een regeling voor de molenbiotoop. Met de aanduidingsbepaling is afgeregeld dat bebouwing niet te hoog mag zijn en daarmee de windvang en/of de ontvangst verstoord. Daarnaast is met een aanduidingsregeling de geluidzone van industrie geregeld. Binnen deze zone mogen geen nieuwe gevoelige objecten worden gerealiseerd. Voor rijk- en gemeentelijk monumenten is een bouwaanduiding opgenomen. Deze bouwaanduiding heeft hoofdzakelijk een signalerende functie. De wijzigingsbepaling is overgenomen uit het vigerende bestemmingsplan Landelijk gebied Noord. De bevoegdheid maakt het mogelijk het maximaal aantal ligplaatsen voor woonschepen te verlagen indien noodzakelijk. Aanvullend is een regeling opgenomen waarmee ligplaatsen 'verlegd' kunnen worden. Hoofdstuk 4 - Overgangs- en slotregels Hoofdstuk 4 van de regels bevat twee artikelen. In het eerste artikel is het overgangsrecht opgenomen, zoals dat ingevolge het Besluit ruimtelijke ordening is voorgeschreven. Het tweede artikel bevat de slotregel. In de slotregel is aangegeven hoe de regels kunnen worden aangehaald.

57

5.3 Bestemmingen De gronden in het plangebied kennen slechts één enkelbestemming, in casu de bestemming 'Water'. Daarnaast zijn er verschillende dubbelbestemmingen die over de gronden in het plangebied gelegen zijn: Artikel 3: Water - De Vecht De gronden met de bestemming 'Water - De Vecht' zijn bestemd voor water en waterlopen en voor waterhuishoudkundige voorzieningen in de Vecht. Dit is de primaire bestemming. Vervolgens zijn in de bestemmingsomschrijving gerubriceerd de overige functies opgenomen. Bestaande uit:

•

verschillende soorten ligplaatsen, waarbij bepaalde categorieën uitsluitend zijn toegestaan ter plaatse van de aanduiding op de verbeelding;

•

aanlegplaatsen, waarbij eveneens bepaalde categorieën uitsluitend zijn toegestaan indien aangeduid op de verbeelding;

•

overige functies en bijbehorende voorzieningen.

Aanvullend op de bestemmingsomschrijving zijn specifieke gebruiksregels van toepassing. Deze aanvullende regels maken duidelijk hoe en op welke wijze ligplaatsen mogen worden gebruikt. De bebouwingsregeling is ook uitgesplitst naar type bouwwerk. Op deze wijze is het eenvoudiger te bepalen welke 'spelregels' er gelden voor bepaald typen bouwwerken. Binnen de bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd. In de regels zijn afwijkingsmogelijkheden opgenomen voor:

• • •

het afmeren van schepen in de rode oeverzones, dit zijn zones die in principe om nautische veiligheidsredenen vrijgehouden moeten worden van ligplaatsen; het afmeren van schepen die langer zijn dan de maatvoering zoals deze in hoofdzaak in het buitengebied volgt uit de Landschapsverordening van de Provincie Utrecht; het toestaan van meerdere bewonersligplaatsen bij één woongebouw.

Belangrijk element in de regels is de mogelijkheid voor het college om nadere eisen te stellen. Deze nadere eisen kunnen gesteld worden om de belangen van ecologie, cultuurhistorie, nautische veiligheid, waterkwaliteit en landschap beter te borgen. Met het stellen van nadere eisen kan in het kader van een omgevingsvergunning specifiek maatwerk worden verricht.

58

6 Economische uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient, op grond van artikel 3.1.6 lid 1, sub f van het Bro, onderzoek plaats te vinden naar de (economische) uitvoerbaarheid van het plan. In principe dient bij vaststelling van een ruimtelijk besluit tevens een exploitatieplan vastgesteld te worden om verhaal van plankosten zeker te stellen. Op basis van ‘afdeling 6.4 grondexploitatie', artikel 6.12, lid 2 van de Wro kan de gemeenteraad bij het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan echter besluiten geen exploitatieplan vast te stellen indien:

•

het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in het plan of besluit begrepen gronden anderszins verzekerd is;

•

het bepalen van een tijdvak of fasering als bedoeld in artikel 6.13, eerste lid, onder c, 4°, onderscheidenlijk 5°, niet noodzakelijk is;

•

het stellen van eisen, regels, of een uitwerking van regels als bedoeld in artikel 6.13, tweede lid, onderscheidenlijk b, c of d, niet noodzakelijk is.

Planspecifiek Voorliggend bestemmingsplan maakt bij recht geen bouwplan mogelijk zoals bedoeld in het Besluit omgevingsrecht daarmee bestaat er, in het kader van dit bestemmingsplan, ook geen wettelijke verplichting tot het opstellen van een exploitatieplan of het sluiten van een anterieure overeenkomst. De plankosten van dit bestemmingsplan worden betaald uit de algemene middelen van de gemeente.

59

7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6 lid 1 Wro sub c overleg te worden gevoerd als bedoeld in artikel 3.1.1 Bro. Op basis van het eerste lid van dit artikel wordt overleg gevoerd met waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. Een ontwerpbestemmingsplan dient conform afdeling 3.4 Awb gedurende 6 weken ter inzage gelegd worden. Hierbij is er de mogelijkheid voor een ieder om zienswijzen in te dienen op het plan. Na vaststelling door de Raad wordt het vaststellingsbesluit bekend gemaakt. Het bestemmingsplan ligt na bekendmaking 6 weken ter inzage. Gedurende deze termijn is er de mogelijkheid beroep in te dienen bij de Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State. Het bestemmingsplan treedt vervolgens daags na afloop van de tervisielegging in werking als er geen beroep is ingesteld. Is er wel beroep ingesteld dan treedt het bestemmingsplan ook in werking, tenzij naast het indienen van een beroepschrift ook om een voorlopige voorziening is gevraagd. De schorsing van de inwerkingtreding eindigt indien de voorlopige voorziening wordt afgewezen. De procedure eindigt met het besluit van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

7.1 Vooroverleg en inspraak Het voorontwerpbestemmingplan Ligplaatsen De Vecht heeft vanaf 15 september 2017 tot en met donderdag 26 oktober 2017 ter inzage gelegen in het kader van inspraak en vooroverleg (participatieface). Er zijn 3 informatieavonden gehouden in Maarssen, Breukelen en Loenen ad Vecht en er zijn gesprekken gevoerd met de verschillende belangen organisaties waaronder de dorpsraden en de Vechtplassencommissie. Gedurende de periode van 6 weken is een ieder in de gelegenheid gesteld een inspraak- of overlegreactie in te dienen. In deze periode van 6 weken zijn 85 reacties ontvangen. In de ‘Nota Inspraak en Overleg” zijn de inspraak- en overlegreacties samengevat en beantwoord. Daarnaast is per reactie aangegeven of en in welke mate de reactie aanleiding geeft tot een wijziging van het voorontwerpbestemmingsplan. De 'Nota Inspraak en Overleg' is als bijlage aan dit bestemmingsplan toegevoegd.

7.2 Zienswijzen In deze paragraaf, of in een separate bijlage, worden te zijner tijd de zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan en de gemeentelijke reactie hierop opgenomen.

60

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/1994/documents/42353