3. Reactienota concept woonwagenstandplaatsenbeleid 2022.pdf
Tekst van het document
Reactienota concept woonwagenstandplaatsenbeleid 2022 De bewoners van woonwagenstandplaatsen aan de Poeldijk en in Zwanenkamp en de overige belangstellenden van de gemeentelijke, informele wachtlijst zijn gevraagd om te reageren op het concept woonwagenstandplaatsenbeleid. De volgende personen hebben (schriftelijk) gereageerd: 1. JvE (voormalig woonwagenbewoner Zwanenkamp) 2. LvE (huidig woonwagenbewoner Zwanenkamp) 3. MG (huidig woonwagenbewoner Zwanenkamp) 4. DT (belangstellende op de wachtlijst) Onderstaand een overzicht van alle reacties en de bijbehorende beantwoording van de gemeente. Nr. 1.
Respondent JvE
2.
JvE
3.
JvE
Reactie Wat goed om te zien dat er een beleid op de plank ligt en er concrete plannen lijken te komen. Hierbij wil ik nog wel wat kanttekeningen zetten en ben ik benieuwd hoe er volgens het nieuwe beleid naar de zaken wordt gekeken. Er wordt niet voorzien in een huur woonwagen, daar staat tegenover dat er wel een gasloze woonwagen moet worden geplaatst. Echter is dit niet te faciliteren middels een hypotheek, gaat de gemeente hierin ondersteunen en hoe wordt er naar gekeken wanneer er meerdere jaren over heen gaan voor er voldoende geld is om een dergelijke wagen kan worden aangeschaft maar ondertussen de standplaats leeg is. Hoe zit het met de wachtlijst die straks ontstaat op woningnet, en de “onofficiële wacht lijst” en niet te vergeten de tijd dat er geen wachtlijst was omdat de gemeente deze niet nodig achtte. Wanneer ik mij vandaag inschrijf staat de teller op 0, toch ben ik al sinds mijn achttiende aan het wachten en sta ik ondertussen ook al meerdere jaren op de “onofficiële” lijst. Word deze jaren binnen Woningnet toegekend? Ik zie dat huidige bewoners voorrang krijgen op woonwagenbewoners die niet of niet langer bewoner zijn van een standplaats, dit zou voor mij een achterstand betekenen aangezien ik door de woningnood niet langer op de woonwagenlocatie woon. Ook ben ik niet langer bewoner van de gemeente Stichtse vecht, zoals wij eerder hebben besproken
Beantwoording Het klopt dat het niet mogelijk is om een hypotheek te krijgen voor een woonwagen die op een huurstandplaats staat. In de praktijk zullen nieuwe bewoners dan ook veelal een tweedehandswagen aanschaffen, die inderdaad niet gasloos zal zijn. De gemeente zal daarom de eisen ten aanzien van duurzaamheid afschalen in het beleidsstuk.
Terechte opmerking, de gemeente zal de eis dat men ingeschreven moet staan in Woningnet laten vervallen. Dat betekent dat de inschrijftijd op de informele wachtlijst, in het beleidsstuk is dat de belangstellendenlijst, maatgevend is.
Terechte opmerking, de gemeente zal de volgordecriteria op dit punt herzien, waarbij het uitgangspunt is dat mensen die in de 1e (of 2e lijn) afstammen van woonwagenbewoners van Stichtse Vecht voorrang hebben op alle andere belangstellenden. Voor een nadere onderlinge voorrang wordt de inschrijfduur (op de
4.
LvE
ben ik gaan samenwonen in de gemeente Den Helder, maar bestaat de wens nog steeds om terug te keren. Toch zie ik in het beleid terug dat er voor mij dan geen noodzaak wordt gezien om een standplaats te realiseren, het zou mooi zijn als er een overgang word beschreven in het beleid aangezien er een alternatieve woning is gezocht door het tekort aan standplaatsen. Ik heb even het concept doorgenomen dat vanuit jullie is opgemaakt, ik wil voorop stellen dat ik het zeer goed vind dat er eindelijk aandacht is voor het beleid rond het woonwagenkamp. Echter vind ik het jammer dat ik met name lees over hoe jullie in de toekomst willen omgaan met woonwagenbewoners en hoe jullie het probleem aan willen pakken met tekorten van standplaatsen. Ik lees bar weinig terug over de huidige bewoners en hoe jullie deze belangen gaan behartigen.
5.
6.
LvE
LvE
Ik zou namelijk graag willen terug zien wat het plan van aanpak is betreffende de achterstallige onderhoud aan het gehuurde, het is namelijk leuk dat er geverfd wordt maar dit is geen oplossing voor de asbest. Ook lees ik terug dat woonwagenbewoners en burgers hetzelfde behandeld dienen te worden, ik vind het dan vreemd dat wanneer ik normaal een huis huur en hierin een zeer oude keuken en/ of badkamer in zit deze kosteloos word gemoderniseerd. Ik heb enkele jaren geleden dit vak toegewezen gekregen en dit vak was eerst van mijn grootouders die ruim 30 jaar gedaan hebben met deze badkamer, u kunt zich dus wel voorstellen dat het enige modernisering nodig heeft en aangezien ik de unit huur vind ik het niet meer dan normaal dat dit door de verhuurder up to date gemaakt dient te worden. Ook lees ik terug dat de grond niet verkocht gaat worden aan de bewoners, dit vind ik vreemd want wij hebben meerdere malen gevraagd om de verkoop van gehuurde maar dit was in geen geval een mogelijkheid, nu lees ik wel dat jullie het eventueel willen verkopen aan een organisatie! Blijft voor mij een vreemd verhaal.
belangstellendenlijst) als afwegingscriterium gehanteerd. Het beleidsstuk wordt hierop aangepast.
Dat klopt, maar een beleidsstuk is niet de juiste plek om uitgebreider in te gaan op het onderhoudsplan van de sanitaire units op één van de woonwagenlocaties. De gemeente onderhoudt de sanitaire units conform het ‘Beheerplan gemeentelijk vastgoed 2020’. Dat wil zeggen dat ze veilig en bruikbaar moeten zijn. Asbest dient uiterlijk in 2024 verwijderd te zijn, dit is een landelijke richtlijn waar de gemeente zich aan zal houden. De gemeentelijke vastgoedmedewerker zal met u in gesprek gaan over de planning van aanvullende werkzaamheden.
De sanitaire units worden afgestoten bij mutatie, met andere woorden, deze zullen geleidelijk verdwijnen, daarom investeert de gemeente niet in nieuwe badkamers. Zie verder ook het antwoord bij nummer 4.
De gemeente wil de grond uitsluitend verkopen aan een woningbouwcorporatie, dat is namelijk een organisatie die zonder winstoogmerk en volgens de regels van de Huurwet als verhuurder optreedt. Op die manier zijn we ervan verzekerd dat de woonwagenstandplaatsen voor de juiste doelgroep behouden blijven en volgens eerlijke regels worden toegewezen. De
7.
LvE
Verder lees ik terug dat jullie graag een aanspreekpunt willen aanwijzen zodat alles makkelijk te bespreken valt, echter ben ik het hier wederom niet mee eens aangezien we niet meer als woonwagenkamp gezien worden maar als burgers en iedereen heeft dan ook zo zijn eigen problemen. Dus het lijkt me raadzaam om dit individueel te bespreken met degene waar het om gaat.
8.
MG
Ik wil hierbij even aangeven waar ik voor nu wel en niet mee eens bent. Eens: dat woonwagenbewoners die op het kamp wonen en hun kinderen en kleinkinderen voorgaan.
gemeente wil dit graag omdat het geen kerntaak van een gemeente is om woonwagenstandplaatsen te verhuren terwijl dit wel een kerntaak van de woningbouwcorporaties is. De bedoeling van een gemeentelijk aanspreekpunt is, dat u een gemakkelijke ingang heeft bij de gemeente voor vragen die gerelateerd zijn aan standplaatsen. We hebben dat nu als volgt ingericht: voor alle vragen over beheer, onderhoud, huur en toewijzing van woonwagenstandplaatsen kunt u mailen naar vastgoed@stichtsevecht.nl . Maar daarnaast is het natuurlijk altijd mogelijk om een individueel gesprek aan te vragen bij de gemeentelijke vastgoedmedewerker. Omgekeerd zou er ook een aanspreekpunt namens het woonwagenkamp kunnen zijn voor die zaken die het hele kamp aangaan. Maar dat is zeker jullie eigen keuze om dit wel/niet te doen. De gemeente onderhoudt de sanitaire units conform het ‘Beheerplan gemeentelijk vastgoed 2020’. Dat wil zeggen dat ze veilig en bruikbaar moeten zijn.
Eens: Dat partners na scheiding of overlijden mogen blijven wonen.
De gemeentelijke vastgoedmedewerker zal nadere afspraken met u maken over de frequentie van het onderhoud.
Eens: duidelijke contacten met de gemeenten over onderhoud, standplaats enz.
9.
MG
10.
MG
Eens dat er onderhoud moet worden gedaan door de gemeente. Graag nog meer duidelijkheid hoe vaak dit zal gaan gebeuren. Oneens: dat de huidige bewoners die al jaren recht hebben op een standplaats nu ingeschreven hadden moeten staan bij de woning stichting. ( graag hier wat meer uitleg over ).
Oneens: dat de tijdsduur van de standplaats 12 jaar is. Bij een woning is er ook urgentie beleid. Graag zou ik dit ook zien bij een woonwagen standplaats .
Bij nader inzien laten we deze eis vervallen. Familieleden van woonwagenbewoners die in Stichtse Vecht wonen hebben altijd voorrang op andere belangstellenden, ongeacht de inschrijftijd. Alleen als meerdere familieleden voor dezelfde standplaats in aanmerking willen komen maakt het uit hoe lang de inschrijftijd is. Hierbij geldt dan de inschrijftijd op de informele wachtlijst/belangstellendenlijst. Zie verder ook de beantwoording bij nummer 2 en 3. Dit is een misverstand. De tijdsduur van de standplaats is geen 12 jaar maar de gemiddelde wachttijd voor een sociale huurwoning is 12 jaar. De gemeente neemt dit als norm voor het bepalen van een redelijke termijn voor het verkrijgen van een
11.
MG
Oneens: dat er geen huur woonwagen, gehuurd zou kunnen worden. Niet iedereen heeft het geld om gelijk een woonwagen te kunnen kopen .
12.
MG
Oneens: dat alleen de woning corporatie het woonwagenkamp kan overnemen en er niet verkocht word aan de bewoners . Een huur woning word nu ook verkocht aan de bewoners.
13.
DT
Middels deze weg wil ik mijn bezwaar kenbaar maken tegen het voorgestelde concept woonwagenstandplaatsenbeleid deze wijkt op de meest cruciale punten te veel af van het beleidskader dat door het rijk is aangereikt.
standplaats in Stichtse Vecht. Dat betekent niet dat iedereen ook 12 jaar moet wachten op een standplaats, het is meer een indicatie om aan te geven dat woonwagenzoekenden net als andere woningzoekenden niet kunnen verwachten dat er direct een plek beschikbaar is. Urgentieverlening is zinvol als er jaarlijks sociale huurwoningen vrij komen, dan kan iemand met een urgentie met voorrang zo’n woning krijgen. Een urgentieverklaring is namelijk slechts een half jaar geldig. De ervaring leert dat woonwagenstandplaatsen niet zo regelmatig vrij komen. In praktijk is de kans dus klein dat er binnen een half jaar na het verstrekken van een urgentieverklaring een plaats vrij komt; een urgentieverklaring is dan al lang verlopen. Bovendien zijn urgenties gekoppeld aan een bepaald zoekprofiel, namelijk een woning vanaf de 1e verdieping van een flat. Als een woonwagenbewoner daarvoor in aanmerking wil komen, kan hij urgentie aanvragen, maar niet voor een woonwagenstandplaats. De gemeente biedt geen huurwoonwagens aan omdat het aanbieden van woonruimte geen gemeentelijke taak is. Deze vraag zou wel aan een woningbouwcorporatie voorgelegd kunnen worden, bijvoorbeeld als Portaal bereid is om Zwanenkamp over te nemen. Woningbouwcorporaties zijn wettelijk verplicht om betaalbaarheid en bereikbaarheid van een woning mogelijk te maken voor de primaire doelgroep (mensen met een laag inkomen).
Zie verder ook de beantwoording bij nummer 1. De gemeente wil de woonwagenstandplaatsen graag behouden voor verhuur en voor de juiste doelgroep. Dat is het beste geborgd als de woningbouwcorporatie het woonwagenkamp overneemt. Zie verder ook de beantwoording onder nummer 6. Formeel kunt u geen bezwaar maken tegen beleid waar nog geen besluit over genomen is. Wij nemen uw bezwaar daarom mee in deze reactienota. Het landelijke beleidskader is geen wettelijke verplichting maar een advies aan de gemeenten. U kunt daar dus geen rechten aan ontlenen. Dat neemt niet weg dat de gemeente zo veel mogelijk aansluiting heeft gezocht bij het landelijke beleidskader.
14.
DT
Graag zal ik daarover in gesprek gaan ik zie daarvoor graag een uitnodiging tegemoet, zodat ik mijn punten kan beargumenteren.
15.
DT
16.
DT
Inmiddels heb ik contact gelegd met het ministerie van BZK deze zal het concept nazien en mijn daar een advies in geven . Daarom vraag ik bij deze uitstel aan voor tegenreactie die tot 10 januari 2022 loopt dit verzoek lijkt mijn redelijk zeker omdat wij al vanaf 2016 aantoonbaar bezig zijn met de gemeente voor een plek te verkrijgen en ik diverse keren heeft gevraagd naar een antwoord met een termijn en daar telkens geen antwoord op kreeg. Ons gevoel is dat de gemeente Stichtse Vecht niets wil ondernemen om enige plekken te creëren . De meest cruciale punten kiest de gemeente telkens anders als bedoelt .
17.
DT
De meest onlogische keuzes zijn: geen koop staan plaatsen aan te bieden terwijl wij niet tot de primaire doelgroep van woningcorporaties behoren terwijl hierover uitvoerig staat beschreven dat deze koop gelegenheid de continuïteit ten goede komt kiest de gemeente hiervoor wederom een ander standpunt en volgt niet het beleidskader .
De gemeente heeft voldoende input gehad om het beleid verder uit te werken. Er zijn geen nieuwe inzichten op basis waarvan het zinvol is om een gesprek te voeren. De gemeente verwacht een herhaling van zetten als zij opnieuw met u in gesprek gaat. Desondanks staat het u vrij een afspraak te maken met de betrokken beleidsambtenaar. De gemeente heeft dit verzoek om uitstel gehonoreerd. Het ministerie heeft u geadviseerd om uw bezwaren kenbaar te maken aan de gemeenteraad. Daartoe heeft u op 8 maart gebruik gemaakt van het spreekrecht tijdens de raadsvergadering.
De gemeente is inderdaad niet van plan om nieuwe woonwagenkampen te creëren. Reden hiervoor is dat de gemeente niet of nauwelijks over eigen gronden beschikt. In eerste instantie kijkt de gemeente naar uitbreiding van de bestaande woonwagenkampen. Maar de gemeente is wel bereid om mee te werken aan de realisatie van een nieuw woonwagenkamp als u daar zelf het initiatief voor neemt en een eigen grondpositie heeft verworven. De gemeente is dan bereid om te faciliteren bij de procedures voor vergunningverlening. In het Beleidskader staat niet dat een gemeente standplaatsen te koop moet aanbieden, maar wel dat een gemeente ‘aanvullende maatregelen’ moet treffen ‘om te voorzien in voldoende (koop- of particuliere huur-)standplaatsen voor mensen die qua inkomen niet tot de doelgroep van corporaties behoren. Stichtse Vecht kiest ervoor om in het beleid op te nemen dat mensen die niet tot de corporatiedoelgroep behoren: • toch een standplaats kunnen huren. Hierbij geldt wel dat woningcorporaties gebonden zijn aan toewijzingsregels waar het gaat om toewijzingen buiten de primaire doelgroep. Zij kunnen alleen een standplaats toewijzen aan iemand met een hoger inkomen als zij in dat kalenderjaar nog voldoende ruimte hebben binnen de ‘vrije ruimte’. • zelf een kavel kunnen kopen, waarna de gemeente een bestemmingsplanprocedure kan faciliteren.
Voor het plaatsen van een woonwagen is altijd een vergunning nodig.
18.
DT
Vanwege de schaarste in alle segmenten van de woningmarkt en de behoefte aan huisvesting voor andere doelgroepen kiest de gemeente ervoor om prioriteit te geven aan het voorzien in standplaatsen voor inzittende woonwagenbewoners waar wij op nummer 2 op de informele wachtlijst staan en aantoonbaar en erkent afstammeling zijn. Is het dan ook zo dat deze reguliere doelgroepen uit andere gemeenten geen toegang meer krijgen tot een ieder in de gemeente Stichtse Vecht is voorzien ?
19.
DT
20.
DT
21.
DT
De gemeente zal in eerste instantie naar uitbreidingsmogelijkheden zoeken op de bestaande woonwagen locaties welk in het eindrapport aantoonbaar conclusie staat dat deze niet of nauwelijks een plek gaat vrijkomen in de toekomst. Als de gemeente zegt geen eigen grond te bezitten komen er wel div projecten vrij op eigen grond nu en in de toekomst waar er geen ruimte wordt gemaakt voor een nieuwe woonwagen locatie waar wel een projectontwikkelaar aan te pas komt waar wij vervolgens naar door worden gestuurd om daar te vragen of we een stuk kavel kunnen kopen zegt de gemeente wel de bestemmingsplanprocedure te kunnen faciliteren. Het meedenken van de gemeente hierin is niet erg voelbaar. De gemeente Stichtse Vecht zegt geen woonwagens te verhuren maar alleen plekken deze staat wederom haaks op het beleid het is natuurlijk niet vanzelfsprekend een woonwagen neer te zetten als je in een sociale klasse zit deze kost circa tussen 100.000-150000 euro waar bovendien nog de nieuwste bouwnormen worden geëist zoals volledig van het gas met duurdere oplossingen enzovoort. Dit kan bijna alleen in een
Zie verder ook de beantwoording onder nummer 16. Er zijn geen doelgroepen uit ‘andere’ gemeenten die huisvesting in onze gemeente krijgen. Het gaat juist om starters, senioren, arbeidsmigranten, marginaal gehuisvesten, urgenten en (dreigende) daklozen uit onze eigen gemeente die dringend behoefte hebben aan huisvesting. Daarnaast heeft de gemeente een wettelijke taak om statushouders en uitstromers uit instellingen te huisvesten. U staat op nummer 2 van de informele wachtlijst voor woonwagenstandplaatsen. Let wel, in Stichtse Vecht gaat het dan uitsluitend om huurstandplaatsen want we bieden geen koopstandplaatsen aan. Om verwarring hierover in de toekomst te voorkomen, spreken we in het beleidsstuk over een ‘belangstellendenlijst’. De rangorde bij toewijzing wordt niet bepaald door de volgorde op die lijst, maar door de criteria uit het beleidsstuk. Alleen uw echtgenote voldoet aan de criteria om tot de doelgroep woonwagenbewoners gerekend te worden; haar grootvader heeft in een woonwagen gewoond. De overige leden van uw gezin voldoen niet aan de criteria. Dat klopt, de mutatiegraad is niet hoog, daarom willen we proberen om met name bij de locatie Poeldijk een uitbreiding te realiseren. De gemeente heeft inderdaad geen bemiddelende rol hierin, mensen die een bouwkavel willen kopen, wenden zich tot een makelaar.
De gemeente bemiddelt immers ook niet voor mensen die een huis willen kopen, zij wenden zich dan niet tot de gemeente maar tot een makelaar.
Het klopt dat het niet mogelijk is om een hypotheek te krijgen voor een woonwagen die op een huurstandplaats staat. In de praktijk zullen nieuwe bewoners dan ook veelal een tweedehandswagen aanschaffen, die inderdaad niet gasloos zal zijn. De gemeente zal daarom de eisen ten aanzien van duurzaamheid afschalen in het beleidsstuk.
22.
DT
hypotheekvorm waarmee dan de grond wel eigendom dient te zijn. Wederom volgt de gemeente niet het kader maar kiest weer zelf. Onze dochter staat nummer 3 op dezelfde informele wachtlijst waar wij uitgebreid hebben aangegeven dat deze dezelfde cultuur beleving heeft gehad met familie zoals opa en oma met vele nichten neefjes tantes enz binnen een straal van 100 meter in de zelfde buurt maar deze wordt niet erkent als woonwagen cultuur waar zij weer op de wacht lijst moet komen te staan als wij onze vak eenmaal hebben. Terwijl het allemaal bedoelt is om met familie samen te wonen .
23.
DT
Toch een standplaats kunnen huren buiten de primaire doelgroep . Zij kunnen dus alleen een standplaats huren als er in dat kalenderjaar nog voldoende ruimte hebben binnen de vrije ruimte . In onze ogen klopt deze totaal niet waar wij 2de op de wachtlijst staat bij de gemeente neemt de corporatie deze over en gaat met andere regels hier mee om.
24.
DT
De gemeente doet de qwa inkomen niet tot de primaire doelgroep behorende ook bij de woning corporatie zetten terwijl er in het beleidskader staat dat hiervoor aanvullende maatregelingen voor getroffen dienen te worden door de gemeente voor voldoende (koop)standplekken. Dit vloeit voort uit artikel 75 woningwet. Wederom een kiest de gemeente zelf een ander besluit. Zij dienen hiervoor aanvullende maatregelingen te treffen.
In het gemeentelijk beleid is de doelgroep als volgt gedefinieerd: ‘Woonwagenbewoners’ zijn mensen die – in termen van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens – deel uitmaken van één van de culturele groepen waarbij de woonwagen onderdeel is van de culturele identiteit. De gemeente Stichtse Vecht hanteert het afstammingsbeginsel, waarbij iemand wordt gezien als behorend tot de doelgroep woonwagenbewoners wanneer deze persoon op dit moment op een woonwagenlocatie woont, eerder op een woonwagenlocatie heeft gewoond of afstamt van (groot-) ouders die in een woonwagen wonen of hebben gewoond. Het feit dat uw dochter is opgegroeid in een wijk met veel familie in de directe omgeving is niet voldoende om haar te rekenen tot de doelgroep; het feit dat zij afstamt van een overgrootvader die in een woonwagen heeft gewoond ook niet. Zij kan inderdaad pas aanspraak maken op een plek op het moment dat haar ouders een standplaats hebben. U staat op nummer 2 van de informele wachtlijst voor woonwagenstandplaatsen. Let wel, in Stichtse Vecht gaat het dan uitsluitend om huurstandplaatsen want we bieden geen koopstandplaatsen aan. Om verwarring hierover in de toekomst te voorkomen, spreken we in het beleidsstuk over een ‘belangstellendenlijst’. De rangorde bij toewijzing wordt niet bepaald door de volgorde op die lijst, maar door de criteria uit het beleidsstuk.
Deze criteria worden opgenomen in de huisvestingsverordening en daar houdt de corporatie zich ook aan. Zie beantwoording onder nummer 17.
25.
DT
Aangegeven door onze gemeente is dat deze de grond in verhouding duur vinden maar er wordt niet over de evt staatssteun gesproken en geven ons totaal niet het gevoel dat deze meedenkt zijn in welk opzicht dan ook. Elk voorstel wordt afgedaan en er worden vragen onbeantwoord gelaten.
26.
DT
De gemeente behoren tot de 2 gemeentes welk volgens Companen het minste woonwagenstandplaatsen aanbied in Nederland en met dit voorgestelde gemeentelijke woonwagenbeleid gaat dit niet of nauwelijks veranderen.
27.
DT
28.
DT
De toewijzing regelgeving is veranderd te opzichte van het kader wederom een cruciaal punt waar de gemeente het kader omzeilt. Kortom er zijn genoeg zaken om met ons eens fatsoenlijk en bij voorkeur fysiek in gesprek te gaan.
De gemeente herkent zich niet hierin. U heeft op 14 april 2020 een fysiek gesprek gehad met de beleidsmedewerker volkshuisvesting over mogelijke locaties voor een standplaats, dit naar aanleiding van uw inschrijving op de informele wachtlijst van de gemeente. Op 8 juli 2020 heeft u een klacht ingediend tegen de gemeente wegens discriminatie. Gedurende de afhandeling van deze klacht (van 8 juli tot 17 november 2020) was er geen rechtstreeks contact maar verliep de communicatie via de organisatie Artikel 1 Midden Nederland. Op 15 februari 2021 heeft de gemeente u uitgenodigd om deel te nemen aan het woonwagenstandplaatsen behoefteonderzoek en op 6 oktober 2021 heeft u deelgenomen aan de klankbordgroep die is opgericht voor de ontwikkeling van woonwagenstandplaatsenbeleid. Daarnaast heeft er in de periode van 4 november 2021 tot en met 10 januari 2022 een uitgebreide mailwisseling plaatsgevonden rondom uw afstammingsbeginsel en de bezwaren die u heeft en die u nu nogmaals op een rijtje zet. Dit is een misvatting. Stichtse Vecht heeft 0,4 standplaats per 1000 woningen. Dat is minder dan het provinciale en landelijke gemiddelde (beide 1,1/1000 woningen), maar er zijn ook veel gemeenten die nog lager scoren: landelijk heeft 15% van de gemeenten geen enkele standplaats, en 19% van de gemeenten heeft 1-5 standplaatsen.
Bron: Herhaalmeting Woonwagenstandplaatsen in Nederland, BZK, maart 2021 In het landelijke beleidskader is niet vastgelegd hoe de toewijzing moet zijn geregeld, het is een gemeentelijke verantwoordelijkheid om hier keuzes in te maken. De gemeente heeft voldoende input om het beleid verder uit te werken. Er zijn geen nieuwe inzichten op basis waarvan het zinvol is om een gesprek te voeren. De gemeente verwacht een herhaling van zetten als zij opnieuw met u in gesprek gaat. Desondanks staat het u vrij een afspraak te maken met de betrokken beleidsambtenaar. Zie verder de beantwoording onder nummer 25.