20241010 terugkoppeling Cie IHP.pdf
Tekst van het document
Terugkoppeling Commissie 8 oktober 2024 IHP Steller: Madelon van Noort
Actiepunten wethouder van Vliet: (ruim) voor de raad van 19 november: - Toesturen VNG-richtlijn over de afschrijvingstermijn van 60 jaar. - Ruim voor de raad (eind oktober/ begin november) een tijdlijn aanleveren (in verband met onduidelijkheid of bij de kadernota de financiering van het Uitvoeringsplan in beeld is). - Schriftelijke toelichting op prioritering scholen voor de raad. - Schriftelijke toelichting over de vraag van NL over de wetswijziging klimaatneutrale school en de mogelijkheid kosten te delen als gemeente en scholen.
Uitwerking 1. Bijgevoegd de verordening van de gemeente Stichtse Vecht. De verruiming van de afschrijftermijn heeft te maken met de huidige levensduur van de gebouwen. De kwaliteit van de gebouwen is dermate beter dan in het verleden dat ook in de model verordening van de VNG, evenals in de verordening van Stichtse Vecht gesproken wordt over een levensduur van 60 jaar. Voorgesteld zal worden om de afschrijvingstermijn gelijk te trekken met de levensduur. 2. Het IHP is een visie document, hierin heeft de gemeente afspraken gemaakt met de schoolbesturen welke gebouwen er in aanmerking komen voor (ver)nieuwbouw. Het voorliggende IHP geeft een inkijk in de kosten die hier bij zullen komen kijken, maar geeft geen definitief beeld. Hier onder worden de verschillende fases die komend jaar doorlopen moeten worden weergegeven. Parallel aan de start van de schoolgebouwen in fase 1 zal een uitvoeringsplan/ jaar IHP voor 2026 worden opgesteld. Per project zal de raad gevraagd worden de kredieten beschikbaar te stellen. Q4 2024
Q1 2025
Q2 2025
Q3 2025
Q4 2025
Opstellen uniforme werkwijze tbv uitvoering Initiatiefase Start gesprekken project Uitvoeren haalbaarheids onderzoek(en) Concretiseren/ actualiseren projecten niveau Jaarplan IHP 2026
Jaarplan 2026 gereed
3. Om schoolgebouwen objectief in beeld te brengen wordt vaak gebruik gemaakt van een zogenoemde “quick scan”. In het IHP van Stichtse Vecht is gebruik gemaakt van de “quick scan” van Hevo. Op deze manier zijn alle gebouwen voorzien van een gewogen score die inzicht geeft in de vervangingstermijn. De scholen zijn onderverdeeld in drie termijnen, binnen 0-5 jaar, binnen 5-10 jaar en binnen 10-20 jaar. Binnen de termijnen is geen verdere prioritering aangebracht. Diverse projecten zullen gelijktijdig starten. Er zijn verschillende factoren die van invloed zijn op de snelheid van een project, enkele beïnvloedbaar andere niet beïnvloedbaar. Hierdoor is het van belang om niet binnen de termijnen ook nog een prioritering aan te brengen. Door externe omstandigheden zou het kunnen zijn dat een project vrij snel kan gaan, of een ander project stil is komen te liggen. Op deze manier zullen alle scholen ook op een natuurlijke manier in een verschillende fase van de (ver)nieuwbouw komen. Pagina 1 van 2
4. Artikel 148 WPO legt een investeringsverbod op aan het primair onderwijs en het gespecialiseerd onderwijs. In het VO is geen investeringsverbod. Echter op 15 december 2016 hebben de PO-raad, de VO-raad en de VNG een gezamenlijk voorstel gestuurd aan toenmalig staatssecretaris Sander Dekker om de tekortkomingen in het huidige stelsel voor onderwijshuisvesting op te lossen. Het uitgangspunt van dit voorstel is dat gemeenten en schoolbesturen een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben voor de (kwaliteit van de) huisvesting van scholen. Op 9 mei 2018 is het verder uitgewerkte voorstel gepubliceerd door PO-raad, VO-raad en VNG. Inmiddels is het voorstel ook formeel door de VNG goedgekeurd. Het voorstel is in 2018 formeel aan de minister aangeboden. Deze heeft laten weten dat de besluitvorming c.q. wetswijziging staat gepland in 2025. Het bouwen van een klimaat neutrale school ( ENG) heeft een hogere investeringslast. De mogelijkheden van een extra investering vanuit een schoolbestuur -vanuit het gezamenlijk belang van extra kwaliteit en/ of optimale exploitatie om een nog functioneler en prettiger gebouw te realiseren- zullen onderzocht moeten worden. Deze Total Cost of Ownership wordt benaderd vanuit voorbeeldfunctie, investering en jaarlasten van een gebouw.
Daarbij dient rekening gehouden te worden met de beschikbare middelen van beide partijen en met het huidige investeringsverbod.
Pagina 2 van 2