CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Nota van beantwoording zienswijzen Omgevingsvisie geanonimiseerd.pdf

Raad 21 december 2021, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 27. 90min.: Omgevingsvisie Stichtse Vecht43.435 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

37.14

De Fietsersbond Stichtse Vecht spreekt de hoop uit dat een eenmaal begonnen aanpak ook wordt voltooid. De teleurstelling is nog groot dat we tussen 2012 en 2018 vele malen hebben overlegd met de gemeente en inspraak hebben geleverd over het verkeersplan Stichtse Vecht (met onder meer de aanpak van het Zandpad en andere smalle Vechtwegen) en dat het uiteindelijk tot niets heeft geleid.

Zoals eerder besproken worden de knelpunten op korte termijn verder met de fietsersbond besproken.

Wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen - Op pagina 52 in het kader van de opgaven bij het eerste bullit ook de fiets toevoegen. - Pagina 54 wordt toegevoegd bij Smart Mobility en deeleconomie dat ook andere vormen van deelgebruik worden onderzocht. - Op de kaarten worden de ecologische en recreatieve verbindingen weergegeven. - We corrigeren de aangegeven typefout. Meenemen bij de uitvoering van de opdrachten en Omgevingsprogramma’s - De fietsvisie wordt als input meegenomen bij het opstellen van de Mobiliteitsvisie en de verdere uitwerking daarvan. 38. Zienswijze ingediend door briefschrijver 38 ReferenSamenvatting zienswijzen tie nummer 38.1 Een belangrijk punt in het conceptdocument betreft de omvang waarmee Loenersloot is ingedeeld bij de Langzame Vecht. Door meerdere wethouders is, bij diverse gelegenheden, aan de dorpsraad Loenersloot toegezegd en bevestigd dat het totale grondgebied Loenersloot zou worden ingedeeld bij Langzame Vecht. Het in het conceptdocument ingekleurde gebied Loenersloot wijkt hier echter van af. Con-

Reactie

361122

Om aan te geven of een dorp of gebied toebehoort tot een bepaald gebied is niet alleen gekeken naar historische grenzen maar ook naar moderne grenzen zoals de infrastructuur, grenzen van de kernen. Samen vormen deze de dynamiek van de gemeente. Zoals al eerder aangegeven behoort Loenersloot niet tot de Snelle Vecht. De kern met het kasteel, de verschillende rijksmonumenten vormen een gebied dat de kwaliteiten heeft zoals de dorpen gelegen aan de Langzame Vecht. Dit is dan ook de reden dat de gemeente

Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

86

creet: er is een te klein gebied Loenersloot als Langzame Vecht ingedeeld, hetgeen in strijd is met het door diverse wethouders toegezegde. Dit dient in de definitieve versie te worden gecorrigeerd.

het met de dorpsraad eens was dat de kern van Loenersloot toegevoegd diende te worden aan de Langzame Vecht. Dit is zo ook in de Ontwerp Omgevingsvisie opgenomen. Dit is conform de toezeggingen die gedaan zijn in de raad van 15 juli 2020. Gelezen de reacties is er een interpretatieverschil geweest tussen de dorpsraad en de wethouders. Wat de gemeente bedoelde is dus de kern Loenersloot inclusief de Binnenweg. Dit is ook in lijn met hoe de gemeente naar de andere gebieden heeft gekeken. Een goed voorbeeld hiervan is Nieuwersluis. De kern is gelegen binnen de Langzame Vecht maar een deel van het grondgebied is ook gelegen in de Snelle Vecht. Ditzelfde geldt natuurlijk ook voor Breukelen en Maarssen. Op basis van andere reacties wordt wel het gebied gelegen tussen Loenersloot en de Rijksweg A2 toegevoegd aan de Langzame Vecht.

38.2

Op (te) veel terreinen worden “groei” en daaraan gerelateerde begrippen in het conceptdocument als onvermijdelijk en te verwelkomen toekomstperspectief gezien. Geen aandacht wordt besteed aan het feit dat “groei” in het bijzonder ons eigen land inmiddels veel grote problemen heeft opgeleverd. Qua luchtkwaliteit behoort Nederland tot de top 3 van slechtst scorende landen in Europa. Qua bodemvervuiling komen in ons land aan de lopende band schandalen in het nieuws. Ook de kwaliteit van het oppervlaktewater wordt slechter en zelfs bij een hoog percentage waterzuiveringsinstallaties in Nederland worden gifstoffen in het drinkwater aangetroffen. Echter, rigoureuze toekomstige maatregelen om te worden gevrijwaard van deze verschijnselen, bijvoorbeeld door slechts zeer beperkte “groei” toe te staan, komt briefschrijver in het conceptdocument niet tegen.

Het is deels waar dat Nederland slechter scoort dan andere Europese landen. Grote delen van Oost-Europa en Noord-Italië hebben echter een aanzienlijk hogere concentratie fijnstof dan Nederland. Dit wordt veroorzaakt door, onder andere, het gebruik van kolen en hout voor verwarming van huizen en de geografische ligging. Qua fijnstofconcentraties zit Nederland dus in de middenmoot. Wanneer gekeken wordt naar stikstofdioxide, scoort Nederland wel slechter dan andere landen in Europa. Dit komt omdat Nederland relatief veel stedelijk gebied heeft. Overigens is wel de verwachting dat is 2030 vrijwel geheel Nederland aan de WHO-adviesnormen voor luichtkwaliteit voldoet of deze benadert.

38.3

Het zicht op grote delen van de Nederlandse leefomgeving wordt in toenemende mate vervuild door uitgestrekte bedrijventerreinen en distributiecentra. Uitbreiding hiervan wordt echter in het conceptdocument voorzien en ingepland (pagina 48, pagina 50). Deze onomkeerbare uitbreiding dient zeer kritisch te worden heroverwogen.

38.4

Waar het veehouderij betreft wordt schaalvergroting en “ruimte geven aan groei” niet uitgesloten (pagina 70). Dit is een uitermate kwalijke

Uit onderzoek is gebleken dat de komende jaren vraag is naar minimaal 6 hectare bedrijventerrein. De gemeente heeft geen uitgeefbare grond meer om nieuwe bedrijven te kunnen huisvesten of uitbreidingsruimte te kunnen bieden aan bestaande bedrijven die gevestigd zijn in Stichtse Vecht. Daarnaast is de beoogde uitbreiding noodzakelijk om bedrijven te kunnen verplaatsen om elders woningen te kunnen realiseren. We zijn het wel met elkaar eens dat de landbouw de komende jaren voor een uitdaging staat om te komen tot een duurzaam verdienmodel voor de huidige en toekomstige generatie agrariërs. Hiervoor is

Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

87

strategie. Voorts is inmiddels uit vele onderzoeken duidelijk dat innovatie (lees: luchtwasinstallaties, “slimme” stalvloeren) volstrekt niet de problemen oplost die de veehouderij veroorzaakt. Alleen verkleining van de veestapel is effectief tegen de problemen van stikstof, kooldioxide, mestoverschot et cetera. Verkleining van de veestapel dient daarom op voldoende grote schaal te worden gestimuleerd of zelfs opgelegd. De gebieden aangemerkt als “business as usual” (pagina 71), een op zich al foute associaties oproepende term, dienen drastisch te worden ingeperkt en voor een groot deel te worden heringedeeld naar natuurontwikkeling.

het niet per se noodzakelijk dat agrariërs stoppen. Dit is aan de eigenaren zelf om te bepalen. De gemeente gaat dit niet stimuleren. Daarnaast is uit onderzoek gebleken dat de komende jaren 60% van de agrarische bedrijven stopt. De gemeente zet zich dan ook zoveel mogelijk in op een buitengebied met gezonde/economische melkveehouderijen en andere agrarische bedrijven. Een van de manieren om dit te bereiken is extensivering van de landbouw. De gronden die vrij komen worden ingezet. Hiermee is meer grond nodig dan de bedrijven nu in eigendom hebben.

38.5

Bodemdaling zal op een meer doelmatige manier moeten worden aangepakt, anders zal de schade aan gebouwen en woningen over niet al te lange tijd niet te overzien zijn. De leidende rol wordt echter afgeschoven naar de Provincie (pagina 72). Als voorlopige maatregel leest men onderwaterdrainage. Dat is een lapmiddel. Het echte probleem zit in de waterschappen, waar de boeren het vanwege hun geborgde zetels voor het zeggen hebben. Hun weilanden worden kunstmatig drooggehouden waardoor kleigrond inklinkt en veengrond oxideert. Verzocht wordt om de Provincie en het waterschap hierop aan te spreken.

De gemeente is zich ervan bewust dat de onderwaterdrainage een lapmiddel is. Het geeft wel extra tijd om te onderzoeken hoe het beste met de bodemdaling omgegaan kan worden. Hier wordt door de Provincie en het waterschap naar gekeken. De gemeente is hierbij betrokken.

38.6

M.b.t. verkeersveiligheid, toch een cruciaal omgevingsaspect, tref ik in het conceptdocument niets over strengere handhaving binnen het In het document staat waaromiets doen. wat hier staat aangeven is hoe het kan bereikt worden alsmaar toenemende aantal 30km-zones in Stichtse Vecht. Ook staat in het gehele document het woord ‘Wijkagent’ niet; een cruciaal element in een leefomgeving.

De voorliggende Omgevingsvisie is de toekomstvisie van Stichtse Vecht. In deze visie wordt op hoofdlijnen aangegeven waar de grote opgaven die de komende jaren op ons afkomen kunnen landen. De door u genoemde punten betreffen zaken die betrekking hebben op de uitvoering en komen mogelijk terug in de nog op te stellen beleidsdocumenten.

38.7

Het conceptdocument is een nogal lijvig document geworden en zou, in definitieve vorm, best beknopter kunnen. Briefschrijver heeft meerdere mensen gesproken die zijn afgehaakt. Ze zijn in het document vastgelopen en zeggen daarom onvoldoende gemotiveerd te zijn om commentaar te leveren.

Bij de definitieve Omgevingsvisie zal ook een publieksvriendelijke versie worden gemaakt: een samenvatting van de Omgevingsvisie.

Wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen - De zienswijze geeft geen aanleiding om de Omgevingsvisie aan te passen. Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

88

39. Zienswijze ingediend door briefschrijver 39 ReferenSamenvatting zienswijzen tie Nummer 39.1 De omgevingswet die binnenkort in werking zal treden stelt dat verschillende partijen (zoals gemeenten, veiligheidsregio’s en de GGD) samen dienen te werken om een optimale veilige leefomgeving te creëren. In de voortrajecten van de totstandkoming van de Omgevingsvisie is de VRU betrokken geweest en wil dit ook graag blijven doen in de vervolgtrajecten (omgevingsplan en overige kerninstrumenten). Dit geldt ook voor bouwprojecten en de aanleg van zonnevelden. Er wordt ingezet op ‘gezonde’ transportmethodes, zoals fiets- en wandelroutes en de gemeente Stichtse Vecht wil een ‘structurele herbezinning op het wegontwerp’ (pagina 54). Aandacht moet blijven voor de bereikbaarheid van hulpdiensten.

Reactie

361125

De komende jaren zullen meerdere onderwerpen nader worden uitgewerkt. Hierbij wordt de mogelijkheid geboden om mee te denken en te reageren op ontwerpstukken. Als vooroverlegpartner wordt u zoals gewoonlijk betrokken bij de totstandkoming. Ditzelfde geldt bij nieuwbouwprojecten.

39.2

Vanzelfsprekend is dat hoe groter de afstand tot een risico-object, hoe veiliger mensen zijn. In de visie wordt vermeld (pagina 44) dat er rond de ‘grote infrabundel’ (A2, spoor en Amsterdam-Rijnkanaal) en de Zuilense Ring een ongezond leefmilieu heerst en dat dit gebied, vanwege dit feit, minder geschikt is voor nieuwe woningen. Dit geldt ook vanuit het oogpunt van ‘Externe Veiligheid’. Wanneer er mogelijkheden zijn om verder van een risicobron af te bouwen, zou dit de voorkeur moeten krijgen. Dit zorgt voor een veiligere fysieke leefomgeving. Ditzelfde principe geldt voor activiteiten van kortere duur, zoals festivals en andere evenementen.

De gemeente is zich ervan bewust dat bouwen langs de infrastructuur gevolgen kan hebben voor de externe veiligheid. Als opdracht wordt dan ook meegegeven om te onderzoeken hoe knooppunt Breukelen gerealiseerd kan worden. Externe veiligheid zal hierbij een aandachtspunt zijn. Sowieso wordt de VRU bij nieuwbouwprojecten altijd om advies gevraagd.

39.3

Bij de aanpak van hittestress als gevolg van de klimaatverandering, zijn de onweersbuien die kunnen ontstaan een punt van aandacht. Bij zware onweersbuien kunnen binnen korte tijd windhozen en valwinden ontstaan. Dergelijke buien en winden kunnen schade aanrichten en kunnen leiden tot het uitvallen van vitale infrastructuren en een toename in vraag naar de inzet van hulpdiensten. Bij de inrichting van locaties voor evenementen dient rekening te worden gehouden met de schuil- en vluchtcapaciteit op het evenemententerrein zelf, alsmede het vluchten van het terrein af.

Een van de opdrachten die uit de Omgevingsvisie voortkomen is bewustwording van reageren op klimaatverandering. Veel inwoners en ondernemers zijn zich ervan bewust dat het klimaat verandert. De bewustwording van welke ruimtelijke ingrepen het reageren op de klimaatverandering vraagt is veel kleiner. Deze opdracht geeft de inwoners en ondernemers inzicht in welke ruimtelijke ingrepen nodig zijn. Uw punten worden hierbij betrokken.

Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

89

39.4

De VRU zet erop in dat iedereen bekend is met risico’s en weet hoe te handelen wanneer dat nodig is oftewel risicocommunicatie. De VRU wil hier samen met de gemeente in optrekken. In de Ontwerp Omgevingsvisie wordt wel aandacht besteed aan de communicatie richting burgers en hoe zij betrokken kunnen worden in verschillende processen, maar de risicocommunicatie over veiligheidsvraagstukken blijft achterwege. Dit onderwerp verdient in de conceptvisie nog aandacht.

De voorliggende Omgevingsvisie is de toekomstvisie van Stichtse Vecht. In deze visie wordt op hoofdlijnen aangegeven waar de grote opgaven die de komende jaren op ons afkomen kunnen landen. Risicocommunicatie hoort naar de mening van de gemeente niet thuis in de Omgevingsvisie.

Wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen - De zienswijze geeft geen aanleiding om de Omgevingsvisie aan te passen. 40. Zienswijze ingediend door briefschrijver 40 ReferenSamenvatting zienswijzen tie nummer 40.1 Gesteld wordt dat de melkveehouderij de belangrijkste drager en beheerder van het landschap is en dat de groene weilanden met sloten en koeien door de meeste mensen worden gewaardeerd. Daar is briefschrijver het volledig mee eens en dat moet ook zo behouden blijven.

Reactie

361175

Dat klopt, de gemeente wil dit in stand houden, waarbij ook rekening wordt gehouden met de andere belangen die er spelen.

40.2

Volgens het ontwerp komen er ecologische verbindingszones in de Stichtse Vecht. Dit mag niet ten koste gaan van de huidige landbouwgrond.

Op de kaarten worden zones aangegeven waar een ecologische en/of recreatieve verbindingszone gecreëerd kan worden. Hierbij zijn de ecologische verbindingszones gelijk aan die van de Provincie Utrecht. Gezamenlijk wordt gekeken hoe deze routes het beste aangelegd kunnen worden. Hierbij wil de gemeente zoveel mogelijk gebruik maken van de bestaande routes.

40.3

Gesteld wordt dat er in de toekomst nog maar 40% van de huidige agrarische bedrijven over is. Dit is een zeer verontrustend gegeven. Wanneer dit wordt gerealiseerd, wordt er vermeld dat de vrijkomende grond gebruikt kan worden voor wonen, recreatie en natuur. Dit is tevens ook een zeer verontrustend gegeven. De huidige vruchtbare delta en belangrijke landbouwgrond is nodig voor ons dagelijks voedsel en mag niet gaan naar wonen, recreatie en natuur. Leegstaande

Uit de Perspectiefnota Landbouw is gebleken dat in de toekomst nog ongeveer 40% van de huidige agrarische bedrijven over zijn. Naast ruimte voor de agrariërs dient ook nagedacht te worden over vervolgfuncties voor de stoppende agrarische bedrijven. Wonen, recreatie en natuur zijn de meest voor de hand liggende opties. Daarbij moet wel goed afgewogen worden wat dit betekent voor de agrariërs die wel doorgaan. Extensivering van de bedrijfsvoering vraagt namelijk ook

Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

90

40.4

kantoren (die zijn er diverse) kunnen omgebouwd worden tot huizen/appartementen, recreatie is er genoeg in het Vecht- en plassengebied en natuur is er ook in overvloed in de Stichtse Vecht.

veel ruimte. De gemeente kijkt dus niet gelijk naar andere functies. Daarbij wordt zoveel mogelijk ingezet op een buitengebied met gezonde/economische melkveehouderijen.

Aangegeven wordt dat briefschrijver al jaren een mooi agrarisch familiebedrijf heeft en dit mooie familiebedrijf wil blijven voortzetten. Wanneer het ontwerp definitief wordt, dan wordt briefschrijver ontzettend belemmerd in de dagelijkse werkzaamheden en de huidige bedrijfsvoering. Briefschrijver wil geen nieuwe beperkingen die door dit ontwerp worden opgelegd. Conclusie: Polder Groot en Klein Oud Aa behouden als landbouwkerngebied.

Het landbouwkerngebied is niet meer van toepassing. Deze term wordt door de provincie Utrecht niet meer gebruikt. Echter, wat de gemeente betreft is het niet de bedoeling dat u stopt. Dit is ook zo aangegeven op de kaart accent landbouw. Voor het grootste deel van de gebieden is dan ook business as usual aangegeven en/of verbreding met andere functies. De gemeente gaat graag met u en andere agrariërs in overleg om te kijken hoe we ook in de toekomst gezonde economisch sterke agrarische bedrijven hebben.

Wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen - De zienswijze geeft geen aanleiding om de Omgevingsvisie aan te passen. 41. Zienswijze ingediend door briefschrijver 41 ReferenSamenvatting zienswijzen tie nummer 41.1 De briefschrijver maakt zich zorgen over de toekomst van het bedrijventerrein Breukelerwaard, vanwege het plan van het nieuwe Afvalscheidingsstation. In de visie staat omschreven als stip op de horizon voor het bedrijventerrein Breukelerwaard: Hoogwaardig en toekomstbestendig ontwikkelen en uitbreiden bedrijventerrein Breukelerwaard, dat volledig klimaatproof is, met duurzame energieopwekking, ruimte voor biodiversiteit en hoogwaardige inrichting met veel groen en water. Voorop staat een aanzienlijke kwaliteitsverbetering en een injectie voor werkgelegenheid in de gemeente en regio.

Reactie

361209

Ontwikkeling van het afvalscheidingsstation op bedrijventerrein Breukelerwaard Noord kan leiden tot meer aandacht voor verduurzaming, vergroening en biodiversiteit op het gehele gebied. Ook zal er meer aandacht zijn voor klimaatadaptie. Hierbij speelt ook mee hoe het gebouw gerealiseerd wordt. Een belangrijk onderzoek is ook hoe de ontsluiting van het bedrijventerrein significant verbeterd kan worden. De gemeente blijft graag met u in overleg om te kijken hoe de verwachte overlast te beperken.

Het plan met één nieuw afvalscheidingsstation voor de gehele gemeente met als voorkeurslocatie het gebied Breukelerwaard lijkt niet in lijn met deze visie. Er wordt een “negatieve” impact verwacht op de ontsluiting rondom en door het bedrijventerrein en op de leefbaarheid voor bedrijven met hun werknemers en klanten in dit gebied. De vraag en zorg die wordt geuit is in welke mate dit plan bijdraagt aan Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

91

de omschreven visie en het werk- en vestigingsklimaat van het huidige en uit te breiden bedrijventerrein. Wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen - De zienswijze geeft geen aanleiding om de Omgevingsvisie aan te passen. 42. Zienswijze ingediend door briefschrijver 42 ReferenSamenvatting zienswijzen tie nummer 42.1 In deze brief gaat de briefschrijver in op enkele onderwerpen waar ze opmerkingen en vragen over hebben. De briefschrijver ziet dit als een voorlopige reactie, immers op pagina 25 kondigt de gemeente terecht aan “bij de start van een nieuwe raadscyclus wordt de Omgevingsvisie herijkt. Het coalitieprogramma wordt verwerkt in de herijkte Omgevingsvisie.” Dit is dus binnen enkele maanden al het geval. Er is nog steeds gepland dat de huidige gemeenteraad in december deze Omgevingsvisie gaat vaststellen. De vraag is of dit nog relevant is, omdat er zo bezien drie maanden later al een nieuwe concept Omgevingsvisie beschikbaar moet zijn. Dat is op zich een goede zaak, omdat daarin het collegeprogramma van het nieuwe college verwerkt wordt. Bovendien vindt eerst dan de doorvertaling plaats in het Omgevingsplan. Daar is ook tijd voor, immers de Omgevingswet gaat pas op 1 juli 2022 in. 42.2

Briefschrijver: de woningnood is zeer hoog. Ook voor werknemers van onze bedrijven. Men stelt met voldoening vast dat de gemeente daar nu veel aandacht aan schenkt. De gemeente onderstreept dat nog eens (pagina 48) “76,1% van de inwoners gaf dan ook aan behoefte te hebben aan meer woningen.” Het gaat briefschrijver vooral om woningen die op relatief korte termijn kunnen worden ontwikkeld. Zo heeft de gemeente plannen voor 4400 woningen tot 2030: 3000 woningen in Maarssenbroek en 1400 bij de kernen. Dat is nauwelijks genoeg voor Stichtse Vecht om de achterstand in te halen en woningzoekenden te accommoderen. Op pagina 48 staat: “we bouwen voor onze eigen bevolking en voor de regio”. In het licht van bovenstaande lijkt bouwen voor de regio niet of nauwelijks haalbaar en niet nodig.

Reactie

361210

De door u genoemde stelling is in dit geval niet juist. Het klopt dat de Omgevingsvisie een levend document is dat om de vier jaar herijkt gaat worden. Dit zal bij de nieuwe verkiezingen nog niet het geval zijn. Wat is het aan het nieuwe college/de nieuwe raad om de prioritering in de verschillende opdrachten aan te geven zoals deze genoemd staan in de Omgevingsvisie. Door uitvoering te geven aan de opdrachten wordt de voorliggende visie verder verdiept. De eventuele uitkomsten worden dan weer meegenomen bij de herijking van de Omgevingsvisie. Daarbij wordt de Omgevingsvisie vastgesteld als een structuurvisie zoals genoemd in de Wet ruimtelijke ordening. Bij inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt deze op basis van het overgangsrecht automatisch de Omgevingsvisie. De gemeente heeft inmiddels een woningbehoefteonderzoek laten uitvoeren met prognoses tot 2040. Hieruit blijkt dat de lokale en de regionale behoefte tezamen 3700 woningen bedraagt. De huidige plancapaciteit van 4400 woningen kan daarin in ruime mate voorzien. Dat de gemeente Utrecht verantwoordelijk zou zijn voor de regionale woningbehoefte is een onjuiste aanname. De hele regio U16 is hiervoor verantwoordelijk. Om te kunnen borgen dat uw werknemers gehuisvest kunnen worden, stelt de gemeente een doelgroepenverordening op eind 2021. Hierop is inspraak mogelijk.

Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

92

Dat is immers een taak voor de gemeente Utrecht. In de altijd daarvoor bedoelde locatie Rijnenburg, kan Utrecht daar qua aantallen en gewenste differentiatie aan voldoen. Want binnenstedelijk lukt steeds onvoldoende. Het kan toch niet zo zijn dat Stichtse Vecht, binnen de beperkte mogelijkheden, ook voor de regio zou moeten bouwen, waardoor de woningzoekenden, waaronder de werknemers van briefschrijver, minder mogelijkheden krijgen omdat Utrecht in Rijnenburg voorkeur geeft aan het plaatsen van zonnepanelen en windmolens. 42.3

De briefschrijver heeft eerder aandacht gevraagd voor het fenomeen van de regionale samenwerking. Dat kan zeker voordelen hebben, maar de zorg is dat het steeds meer op een niet-democratisch gekozen vierde bestuurslaag gaat lijken. Ook o.m. in het RES-traject was dit al aan de orde en landelijk bij de zogenaamde klimaattafels. Ook de Raad van State had daar kritiek op! Zo staat op pagina 48 bij een belangrijk onderwerp “samen met de regio en de Provincie is bepaald dat”. Het is toch zo dat de gekozen gemeenteraad dat hoort te bepalen en niet de regio? In maart 2022 zijn er weer gemeenteraadsverkiezingen. Het kan toch niet zo zijn dat de politieke partijen en de gekozen raad niet meer gaan over de hoofdpunten van beleid? Het college vindt dat ook. Immers, in het Raadsvoorstel over IRP (d.d. 6-72021) schrijft het college over de regiosamenwerking van 16 gemeenten “er wordt dus niks vanuit de Regio opgelegd”.

Dat is juist; uiteindelijk gaat de gemeente over het eigen grondgebied. De RES en het IRP worden dan ook in iedere gemeente afzonderlijk voorgelegd en indien gewenst vastgesteld. Dit in het kader van de samenwerking die we met elkaar aan zijn gegaan. Dit is dan ook de reden dat hier aangegeven staat dat de gemeente samen met de regio en Provincie dit hebben bepaald.

42.4

De briefschrijver leest met voldoening (op pagina 48) dat de lokale behoefte aan bedrijventerreinen voor doorgroei en daarmee de werkgelegenheid wordt geraamd op 9 tot 12 hectare. Dit wordt deels ingevuld met herstructurering en uitbreiding. De visie (pagina 50) op de toekomst voor bedrijvigheid, waarbij het te ontwikkelen Breukelerwaard tot 2030, bruto nieuw hoogwaardig en toekomstbestendig bedrijventerrein, is een goede zaak en wordt van harte gesteund. Een blijvend punt van zorg is het groot aantal regels wat met name door de Provincie wordt verbonden aan herstructurering en bedrijfsvestiging, zoals recent weer blijkt uit het Ontwerpprogramma Wonen en Werken 2021, in het hoofdstuk Werken.

De gemeente heeft in de reactienota op het Provinciale Programma Wonen en Werken, net als uw reactie, vragen gesteld aan de Provincie over toename van het aantal regels verbonden aan herstructurering en bedrijfsvestiging. De gemeente hecht er groot belang aan hierover met de Provincie in gesprek te blijven.

Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

93

42.5

Bereikbaarheid is voor bedrijvigheid een belangrijk onderwerp. Men kan zich vinden in wat er staat op pagina 52 – 54. Wel wil men meer aandacht vragen voor goede bereikbaarheid van woon- en werklocatie voor auto en transport.

Een van de opdrachten die opgenomen is in de Omgevingsvisie is te komen tot een mobiliteitsplan. De komende tijd zal deze worden opgesteld. In dit plan wordt ook gekeken naar de bereikbaarheid van de woon- en werklocaties binnen de gemeente.

42.6

In deze Omgevingsvisie wordt niet of nauwelijks aandacht geschonken aan de financiële uitvoerbaarheid. Een voorbeeld is (pagina 54) twee nieuwe bruggen voor fietsers over het Amsterdam-Rijnkanaal! In het Collegeprogramma staat terecht aangegeven “Bij alle besluitvorming moeten we toetsen of het doelmatig en kostenbewust is”. Hoewel het hier nog een structuurvisie betreft, meent briefschrijver dat een begin van een financiële onderbouwing moet aangeven of dit soort plannen een reële kans op financiële haalbaarheid hebben. Hetzelfde geldt voor de uitvoerbaarheid. Recent was in de Gemeenteraad aan de orde dat de ambtelijke organisatie nog steeds niet op orde is, hoewel in het eerste en tweede Collegeprogramma daar uitdrukkelijk verbetering beloofd is. In ogenschouw nemend hoeveel nota’s en uitvoeringsprogramma’s er volgens de Omgevingsvisie op mensen afkomen, dan is het de vraag of ook hier niet moet worden getoetst of dit haalbaar is en of niet überhaupt tot vermindering/vereenvoudiging kan worden gekomen. Dat komt ook tegemoet aan één van de doelstellingen van de omgevingswet “besluitvorming verloopt sneller en beter”. In dit kader zitten ook de leden van briefschrijver minder te wachten op veel nota’s, beleidsvisies, position papers, koersdocumenten et cetera, maar wil men liever daadwerkelijke uitvoering zien, van deze terecht zo mooi geformuleerde voornemens.

Financiële haalbaarheid is een van de randvoorwaarden bij het uitvoeren van de verschillende ideeën. Echter, om bij de visie hier al rekening mee te houden dan zet je op voorhand zaken op slot en dat is ongewenst. Want mogelijk ontstaan er in de toekomst wel financiële mogelijkheden door invloed van derden. Bij de uitvoering wordt gekeken of zaken ook daadwerkelijk uitvoerbaar zijn. Dit betreft niet alleen gemeentelijk financiën. Een aantal opgenomen onderdelen heeft betrekking op de regio. Zo ook de beoogde bruggen over het Amsterdam-Rijnkanaal. In het vervolgtraject zal samen met de regio, Provincie en het rijk wordt gekeken of het haalbaar en financierbaar is om deze te realiseren.

42.7

De briefschrijver spreekt zijn waardering uit voor het college en de betrokken ambtenaren voor de totstandkoming van dit belangrijke beleidsstuk. De briefschrijver vertrouwt erop betrokken te blijven bij de verdere procedure van deze Ontwerp Omgevingsvisie.

Bedankt voor dit compliment. De gemeente hoopt dat u ook in de komende jaren op een positieve manier met ons mee wil denken om uitvoering te geven aan de opgaven die opgenomen zijn in de Omgevingsvisie.

Wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen - De zienswijze geeft geen aanleiding om de Omgevingsvisie aan te passen. 43. Zienswijze ingediend door briefschrijver 43 ReferenSamenvatting zienswijzen tie

Reactie Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

361211

94

nummer 43.1

Aangegeven wordt dat de gemeente het voornemen heeft om diversen nieuwe woningen te bouwen voor de eigen bevolking en voor de regio. Waar wil de Stichtse Vecht de nieuwe woningen bouwen? Dit mag zeker niet ten koste gaan van de huidige vruchtbare landbouwgrond.

De woningen zullen grotendeels in de transformatielocaties Planetenbaan en Bisonspoor in Maarssenbroek gerealiseerd worden (3000 woningen) en daarnaast nog circa 1400 woningen verspreid over de overige kernen. Dat betreft ook voor het merendeel inbreidingslocaties en geen landbouwgronden.

43.2

In de Stichtse Vecht is er genoeg ruimte om te recreëren. Denk o.a. aan Vecht- en plassengebied, er is overal volop natuur aanwezig. Logeren/kamperen op diverse plaatsen op het platteland, B&B en dagrecreatie is in de afgelopen jaren enorm toegenomen. Moet heel de Stichtse Vecht natuur en recreatie worden en ten koste gaan van de huidige zeer goede landbouwgrond? Van deze goede landbouwgrond hebben we allemaal dagelijks ons voedsel en wanneer de gemeente deze vruchtbare landbouwgrond om gaat zetten voor nog meer natuur en recreatie komen we in aanraking met voedseltekorten, met voor iedereen als gevolg: honger. Realiseert men zich dat wel? Van natuur en recreatie kan de bevolking van de Stichtse Vecht niet eten, alleen een klein groepje mensen.

De recente coronacrisis heeft ons weer laten zien hoe belangrijk een voldoende aanbod van recreatiemogelijkheden is. Dit belang zal in de toekomst enkel verder toenemen en als directe en indirecte economische factor ook steeds belangrijker worden. De in 2021 vastgestelde beleidsnota Waardevol Toerisme hanteert als uitgangspunt een gebalanceerde ontwikkeling van recreatie. Deze groei hoeft niet ten koste te gaan van de beschikbare hoeveelheid agrarische grond. In de toekomst zal de gemeente echter complexe belangenafwegingen moeten maken tussen uiteenlopende ruimteclaims van diverse functies die allemaal van maatschappelijk en economisch belang zijn. Met deze Omgevingsvisie wil de gemeente daar een goede basis voor leggen. Nadrukkelijk wordt binnen Stichtse Vecht ook gestreefd naar een vitale levensvatbare toekomstbestendige agrarische sector.

43.3

De briefschrijver woont in een mooi landbouwkerngebied waar de koeien in de goed onderhouden (door de agrariër) weilanden en sloten, buiten lopen. Aangegeven wordt dat de gemeente stelt dat dit door de meeste mensen zeer wordt gewaardeerd, wat begrijpelijk is. Laten we dit zeker zo houden. In de polder staat in het ontwerp een weidevogelgebied kern- en randzone getekend. Door dit beleid te hanteren (weidevogelgebied) zijn de gevolgen voor de agrariër ernstig. Verzocht wordt om het bovenstaande te wijzigen in de Ontwerp Omgevingsvisie Stichtse Vecht en de polder niet omzetten in een weidevogelgebied maar laten zoals het nu is: landbouwkerngebied.

Het landbouwkerngebied is niet meer van toepassing. Deze term wordt door de provincie Utrecht niet meer gebruikt. Echter de gemeente heeft niet de bedoeling dat u stopt. Dit is ook zo aangegeven op de kaart “accent landbouw”. Voor grootste deel van de gebieden is dan ook business as usual aangegeven en/of verbreding met andere functies. We gaan graag met u en andere agrariërs in overleg om te kijken hoe we ook in de toekomst gezonde economisch sterke agrarische bedrijven kunnen hebben.

43.4

De gemeente stelt in het ontwerp dat er in de toekomst nog 40% van de huidige agrarische bedrijven over is. Dit is zeer, zeer schokkend. Op het ogenblik is er een voedselvoorraad voor 11 weken in Nederland. Men kan wel uitrekenen wat het gevolg is wanneer de agrarische sector met 60% wordt verminderd: honger, honger.

Samen met agrarisch is dit voorjaar de Perspectiefnota Landbouw opgesteld. Op basis van dit onderzoek is gebleken dat in de toekomst in de gemeente nog ongeveer 40% van de huidige agrarische bedrijven overblijft. Dit betekent niet dat dat in heel Nederland zo is.

Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

95

Wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen - De zienswijze geeft geen aanleiding om de Omgevingsvisie aan te passen. 44. Zienswijze ingediend door briefschrijver 44 ReferenSamenvatting zienswijzen tie Nummer 44.1 In algemene zin constateert de provincie dat de ambities in het ontwerp van uw gemeentelijke Omgevingsvisie op diverse thema’s, zoals bijvoorbeeld op erfgoed, gezondheid, woningbouw en klimaat, nauw aansluiten bij de provinciale ambities en daarmee goede kansen bieden om in onderling overleg en samenwerking te blijven optrekken en concrete uitvoeringsdoelstellingen te realiseren. Het is daarbij aansprekend dat in uw visie sprake is van een zekere dynamiek enerzijds, maar afgewisseld met een laag dynamische zone (‘Langzame Vecht’) anderzijds. De bestaande constructieve samenwerking op deze ontwikkelthema’s zetten wij graag voort via de bestaande processen zoals de RES en U Ned, maar ook in de uitvoeringsprocessen van uw Omgevingsvisie. Over nieuwe en toekomstige opgaven gaan wij ook graag vroegtijdig met u in gesprek om, liefst al vanaf het moment dat kaders en kansen nog geduid moeten worden, samenhangend te verkennen hoe we in de opgave als één overheid kunnen acteren. Deze wens komt voort uit de nieuw manier van samenwerken (werkwijze Omgevingsagenda Gemeenten) die wij nastreven conform de doelstellingen van de Omgevingswet. 44.2

Aangegeven wordt is dat het van belang is dat vraagstukken over wonen en werken in samenhang met de bereikbaarheid invulling moeten krijgen. De Provincie hanteert als uitgangspunt dat de grote woningbouwopgave overwegend binnenstedelijk gerealiseerd dient te worden. Voor lokale vitaliteit is er enige ruimte (tot 50 woningen) per kern toegestaan. Uw ambitie om 1.400 woningen verspreid over de diverse kernen te realiseren lijkt hier niet goed op aan te sluiten. Ook merk ik op dat de op de visiekaart opgenomen zoekgebieden voor ‘grote aantallen woningen’ erg ruim begrensd lijken.

Reactie

361213

Als gemeente zijn we van bewust dat samenwerking belangrijk is mede in het licht van de verschillende opgaven waarvoor we met zijn allen voor staan. Als gemeente zien wij dan ook de komende jaren een belangrijke samenwerking met u om onder andere de mogelijkheden te verkennen voor ontwikkeling van knooppunt Breukelen, de veranderingen in het buitengebied in relatie tot het klimaat en de woningbouw/ bedrijventerreinopgave.

De gemeente is met u eens dat de vraagstukken over wonen en werken in samenhang met de bereikbaarheid bekeken moeten worden. Hierbij willen wij wel de kanttekening plaatsen dat binnenstedelijk bouwen niet altijd ten goede komt voor de ontsluiting bereikbaarheid van de kernen mede doordat de openbaar vervoersverbindingen niet altijd toereikend zijn. Wij vragen u dan ook hier aandacht aan te besteden bij de uitvoering van uw beleid. De 1.400 woningen die benoemd zijn in de Omgevingsvisie zijn voornamelijk binnenstedelijke woningbouwprojecten verspreidt over de 12 kernen. De zoeklocatie voor grootschalige woningbouw concentreert

Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

96

De gesprekken over de woningbouwopgave worden gevoerd in het kader van regionale programmering, uw ambities bespreken we graag in dit kader met u. De bereikbaarheid gekoppeld aan de beoogde wensen tot woningbouwontwikkeling en uitbreiding van bedrijventerrein Breukelerwaard vraagt mijns inziens extra aandacht. Daarbij gaat het met name om het effect van deze beoogde uitbreidingen op de lokale en regionale bereikbaarheid. Uw inzet op duurzame verkeersstromen en het doel om te komen tot minder mobiliteit onderschrijven wij van harte.

zich rond Knooppunt Breukelen. In 2022 zal een strategische visie worden ontwikkeld waarmee meer duiding kan worden aan de beoogde ontwikkeling en de omvang daarvan. De bereikbaarheid is hier een belangrijk onderdeel van. Hiervoor wordt ook overleg gevoerd met Rijkswaterstaat. De provincie zal als een van de partners betrokken worden bij deze ontwikkeling.

44.3

De Provincie waardeert de gemeentelijke inzet en samenwerking in het kader van de Regionale Energiestrategie (RES) en de betrokkenheid van uw gemeente ten aanzien van de energietransitie. Hierover merkt de Provincie op dat de gemeente windturbines volledig uitsluit in de visie. Men betreurt deze keuze omdat deze geen ruimte laat voor een ruimtelijk goed gemotiveerde afweging ten aanzien van windturbines en een goede balans tussen zon en wind op regionale schaal bemoeilijkt. Aanvullend merk ik op dat het goed zou zijn om in uw visie een doorkijk op te nemen naar de wijze waarop u het realiseren van uw ambities ten aanzien van energietransitie ten uitvoer wilt brengen.

Binnen de regionale samenwerking bepaalt elke gemeente wat de mogelijkheden zijn op het gebied van o.a. duurzame energie. Conform de bestuurlijke ambities van deze gemeente wordt ingezet op zonne-energie en niet op windenergie. In onze gemeente is daar ook geen maatschappelijk draagvlak voor. De realisatie van zonne-energie is uitgewerkt in het uitvoeringsplan zonnevelden. Dit ligt ter vaststelling aan de raad voor in december 2021.

44.4

De ambitie voor de zone ‘Snelle Vecht’ zou kunnen zorgen voor een barrière van noord naar zuid. Daarom zou het goed zijn om meer aandacht te hebben voor de oost-westverbindingen, die klaarblijkelijk van de visiekaart zijn gevallen. Daarbij merk ik op dat de Groene Parel-ontwikkeling rond ‘Oud Zuilen’ en het NOVI-gebied ‘Groene Hart’ ontbreken op de kaart. Goed om te verkennen of deze van betekenis zijn voor deze visie en alsnog opgenomen dienen te worden. Overigens lijken er twee visiekaarten te zijn, het advies is om tot één integrale visiekaart te komen.

Het klopt niet op alle kaarten komen de oost-westverbindingen voor. Ook zijn niet alle kaarten even duidelijk door het gebruik van de icoontjes. De kaarten worden hierop aangepast.

44.5

Ten aanzien van Knooppuntontwikkeling Breukelen formuleert de gemeente een heldere ambitie, waarbij u aangeeft de omgeving van het stationsgebied optimaal te benutten. Hierbij dient bij deze gebiedsontwikkeling niet alleen ingezet te worden op wonen en werken maar vooral integraal in te steken. Voor de ontwikkeling van knooppunt Breukelen wordt geadviseerd om in regionaal verband de afstemming

Als gemeente zijn wij bewust dat een knooppunt uit meer bestaat dan alleen wonen en werken. Dit is ook zo op de visiekaart aangegeven. De ligging van het station Breukelen is uniek waardoor verschillende thema’s bij elkaar komen. De gemeente is dan ook met u eens dat dit vraagt om een integrale benadering. De gemeente is reeds betrokken bij het Knooppuntprogramma U Ned en zullen dit de komende tijd ook voortzetten.

Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

97

te zoeken met het knooppuntenprogramma dat in ontwikkeling is binnen het programma U Ned. 44.6

Het is positief te zien dat er aandacht is voor de natuuraspecten met vernatting in het oosten, ecologische verbindingen, verduurzaming en natuurinclusiviteit. Ten aanzien van de Wet natuurbescherming (Wnb) merk ik op dat de beschermde soorten meer aandacht zouden kunnen krijgen door uw gemeentelijke “leidraad soortenbescherming gemeente Stichtse Vecht 2018 Wnb” in het kader van de Wnb te verwerken in deze visie. Het zou daarbij goed zijn om ambassadeur van een aantal soorten te worden, hierbij kan gedacht worden aan de tweekleurige vleermuis, de waterspitsmuis of gevlekte witsnuitlibel. Juist dit type soorten vertegenwoordigen namelijk een groot deel van het leefgebied van andere soorten.

De gemeente heeft gekozen om een Omgevingsvisie op hoofdlijnen te maken. De uitwerking vindt hiervoor plaats in de verschillende beleidsnota’s die opgesteld zijn of nog ontwikkeld moeten worden. Dit geldt ook voor de leidraad soortenbescherming. Hierin wordt aangegeven hoe de gemeente omgaat met onder andere natuurinclusief bouwen. Wat nu Natuurinclusief is, wordt bij het thema “Werken aan klimaatverandering” nader toegelicht.

44.7

Daarnaast adviseren wij te overwegen een soortenmanagementplan (SMP) op te stellen voor de in uw gemeente aanwezige soorten, om zo een praktische uitvoering te geven aan de wettelijke eisen van de Wnb voor de soortenbescherming

Het opstellen van een soortenmanagementplan is geen onderwerp van de Omgevingsvisie. De opmerking zal worden doorgespeeld naar de desbetreffende afdeling.

44.8

In de Omgevingsvisie wordt uitgebreid ingegaan inzake vitaal platteland en nog kort bij gezondheid in relatie tot het stikstofproblematiek. Bij vitaal platteland is er een duidelijke visie, waarbij stikstofreductie een echte rol speelt en niet wordt ingezet op een ‘geen toename’ beleid. De gemeente wil ook kijken naar oplossingen voor de vrijkomende agrarische bedrijfsbebouwing en de klimaatverandering.

De gemeente is van mening dat we ons zoveel mogelijk in moeten zetten in een buitengebied met (economisch) gezonde melkveehouderijen. Hierbij moeten we samen kijken hoe de agrarische bedrijven behouden kunnen blijven in relatie tot de stikstofproblematiek en andere opgaven die liggen in het landelijke gebied. Het buitengebied is dan ook divers en heeft een eigen dynamiek en is voortdurend in beweging. De komende jaren willen we kijken hoe we hier gezamenlijk beter op in kunnen spelen zo dat de agrariërs die willen hun bedrijf uit kunnen uitoefenen en ingespeeld wordt op de verschillende ontwikkelingen.

44.9

Ten aanzien van energietransitie in relatie tot stedelijke ontwikkelingen zou het goed zijn om op te nemen dat deze bij voorkeur natuurinclusief en energiepositief zijn. Voor een vlotte uitvoering van de energietransitie in de gebouwde omgeving (isolatie, zon op dak) raden wij u aan te kijken naar de mogelijkheden die een soortenmanagementplan (SMP) hiervoor biedt. Een SMP vereenvoudigt, versnelt, ont

In de Omgevingsvisie is reeds opgenomen dat de gemeente inzet op klimaatbestendig en natuurinclusief bouwen. Voor het overige verwijzen u naar de beantwoording bij 44.7.

Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

98

zorgt en bespaart kosten voor particulieren en organisaties, en beschermt tegelijkertijd de aanwezige soorten in uw gemeente. 44.10

Aangegeven wordt dat zonnevelden onder bepaalde voorwaarden ook bij Natura 2000 en ganzenrustgebieden zijn toegestaan.

Dank voor deze toelichting. In het verleden is aangegeven dat zonnevelden bij N2000 gebieden niet mogelijk was. Bij het uitvoeringsplan zonnevelden worden de regels zoals opgenomen in de interim Omgevingsverordening meegenomen.

44.11

Het is prijzenswaardig dat in de voorliggende visie zaken als ‘transformatie’ als ‘landschapspark’ concreet worden benoemd, nu 60% van de agrariërs op termijn zal stoppen, en u hier een visie op heeft ontwikkeld. Ten aanzien van de landbouw worden in deze visie duidelijke keuzes gemaakt, en dat is goed! Verbreding van de landbouw krijgt aandacht. Een verbredingstak floreert dikwijls dankzij het landbouwkarakter van een gebied. Aandachtspunt hierbij is dat het primaat ligt op agrarisch gebruik. Hierbij merk ik ook op dat het daarbij goed is om de verbreding af te stemmen op de behoefte, om een verzadigde markt te voorkomen. Graag denken we hiertoe met u mee en willen we u hierbij faciliteren, indien mogelijk.

In de Ontwerp Omgevingsvisie was voor het westelijk veenweidegebied op een aantal opgaven reeds naar oplossingen gekeken. Dat was niet juist. De Omgevingsvisie is hierop aangepast. Als gemeente zien wij meerdere opgaven samenkomen in dit gebied. Samen met de betrokkenen en belanghebbenden wil de gemeente hier een gebiedsvisie ontwikkelen waarbij een integrale afweging plaatsvindt naar de verschillende opgaven. De huidige drainagemethode om de bodemdaling te stoppen geeft ons allen meer tijd om hier met elkaar naar te kijken.

44.12

De provincie geeft via het programma Agenda Vitaal Platteland uitvoering aan de provinciale belangen. Vanuit dit programma ziet men diverse aanknopingspunten met uw visie, waaronder o.a. het reguleren van recreanten, transitie van het platteland, het realiseren van ecologische verbindingen en de voorgestelde ontwikkelingen waar een rol van de provincie wordt gevraagd (transitie in de landbouw om veenoxidatie tegen te gaan én kavelruil). Graag gaan we met u het gesprek aan hoe we elkaar hierin verder kunnen ondersteunen.

De gemeente ziet Vitaal Platteland als een prima onderwerp wat bij de Omgevingsagenda gemeenten opgenomen kan worden. De toekomstige ontwikkelingen van het landelijk gebied zullen het komende decennia hoog op de agenda staan.

44.13

Ten aanzien van recreatie en toerisme is het fijn om te zien dat de gemeente ook inzet op het spreiden van recreanten, dit sluit aan bij de provinciale doelstelling. De provincie vraagt wel om aandacht voor de samenhang met de omliggende gemeenten, welke momenteel gemist wordt.

De gemeentelijke visie op recreatie en toerisme sluit vrijwel geheel aan op die van de provincie. Waar mogelijk zoekt de gemeente samenwerking met en aansluiting bij de ons omliggende gemeenten en samenwerkingsverbanden. De recreatieschappen, gebiedsakkoorden en binnen de U10 en U16 opgestelde gebiedsvisies zijn daar nadrukkelijk voorbeelden van. Deze samenwerking zal in de toekomst steeds hechter en duidelijker zichtbaar worden. In de Omgevingsvisie wordt nadrukkelijk rekening gehouden met de bovenlokale opgaven, inbegrepen die met betrekking tot recreatie en toerisme.

Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp Omgevingsvisie (9 november 2021)

99

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/1703/documents/38006