CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

17. rvs+rbs Regionale energiestrategie 1.0 RES-regio U 16.pdf

Raad 28 september 2021, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 17. 21.40: Regionale Energiestrategie 1.0 RES-regio U16.5.575 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Definitief voorstel en besluit

Commissie

Raadsvoorstel Onderwerp Regionale energiestrategie 1.0 RES-regio U 16 Begrotingswijziging n.v.t. Datum raadsvergadering

Portefeuillehouder J.W.E. Klomps Organisatie onderdeel Economie en duurzaamheid E-mail opsteller Eline.van.Wel@stichtsevecht.nl Telefoonnummer opsteller 0346254752

28 september 2021 Registratie nummer Z/21/205056-VB/21/97399

Aan de gemeenteraad Voorgesteld Besluit 1. De Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 van de RES-regio U 16 vast te stellen inclusief de bijlagen 1, 4, 5, 6, 7, 8 en 12 en het college op te dragen hier uitvoering aan te geven in regionaal verband. 2. Als onderdeel van de RES 1.0 de Regionale Structuur Warmte vast te stellen. 3. Als onderdeel van de RES 1.0 de afspraken over organisatie van het vervolg, een onderscheid tussen lokale en regionale taken, uitgangspunten voor governance en participatie en het opstellen van een regionaal uitvoeringsplan vast te stellen. 4. Uitvoering te geven aan de RES 1.0 door onder andere lokale uitwerking in ruimtelijk beleid en regelgeving.

Inleiding en samenvatting

Pagina 1 van 10

RES-regio U 16.docx/JMd1

Wat is hieraan vooraf gegaan? In 2019 heeft u de ‘Startnotie RES U16’ vastgesteld en daarmee werd de gemeente deelnemer in de RES U16. In 2020 stelde u de ‘Ontwerp RES inclusief concept bod’ vast van 1,8 TWh aan duurzame elektriciteitsopwek. De RES 1.0 is de uitwerking van deze

rvs Regionale energiestrategie 1.0

Het voorliggende raadsvoorstel heeft betrekking op de Regionale Energiestrategie 1.0 (RES 1.0). Met de RES 1.0 leggen 16 gemeenten, provincie Utrecht en vier waterschappen vast met welke ambitie en hoe zij de regionale energievoorziening (elektriciteit en warmte) gaan verduurzamen. Op 1 juli 2021 moeten de RES-regio’s in het kader van het Klimaatakkoord de zogenaamde Regionale Energiestrategie 1.0 bij het rijk indienen. Deze RES 1.0 houdt per regio globaal in: de regionale doelstelling ten aanzien van wind- en zonne-energie, een beschrijving van de zoekgebieden voor wind- en zonne-energie en de mogelijkheden voor aansluiting op de netinfrastructuur en een beschrijving van de uitgevoerde participatie in de RES-regio om maatschappelijk draagvlak te organiseren voor de energietransitie. Ook is een belangrijk hoofdstuk gewijd aan de Regionale Structuur Warmte (RSW).

Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl

eerdere besluiten en is opgesteld binnen de daarin gegeven kaders. De genoemde bijlagen zijn onlosmakelijk verbonden met de RES 1.0 en worden daarom ter besluitvorming aangeboden. Zij zijn een verdieping op of onderbouwing van een aantal elementen in de RES 1.0 of geven richting aan het vervolg op de RES 1.0. Eerst volgt een inhoudelijke toelichting op de RES 1.0. In de ontwerp-RES is verkend wat een reële opgave ten aanzien van duurzame energie zou kunnen zijn op het gebied van wind- en zonneenergie. Hierbij is de regionale opgave op 1,8 vastgesteld. Na vaststelling van de ontwerp-RES in september 2020 zijn de gemeenten in de U 16 aan de slag gegaan om te komen tot lokale en concrete zoekgebieden voor wind- en zonne-energie om bij te dragen aan die regionale doelstelling van 1,8 Twh. Dit is zoveel mogelijk participatief gedaan binnen de geldende coronamaatregelen om inwoners, organisaties en ondernemers zoveel mogelijk te betrekken bij de totstandkoming van deze zoekgebieden. Een weergave van het proces en de zoekgebieden per gemeente van de U 16 vindt u in bijlage 1. De RES 1.0 voor de U 16 bestaat uit een onderbouwd regionaal bod van 1,8 Twh aan duurzame elektriciteit in 2030 in de vorm van wind- en zonne-energie. De initiatieven voor duurzame energieopwekking moet door de gemeenten vergund worden voor 1 januari 2025.

In de kern bestaat het regionale bod van de RES 1.0 uit vier bouwblokken: 1.gerealiseerde duurzame opwek en projecten in de pijplijn met de status “zeker”; 2.ambities voor zon op grootschalige daken; 3. bijdrage gemeenten die voortkomen uit de lokale zoekprocessen; 4.continue samenwerking en permanente zoektocht naar zoekgebieden voor duurzame energie. De gemeentelijke bijdragen aan de regionale opgave hebben betrekking op de onderdelen 1 tot en met 3 en worden uitgedrukt in Twh. Deze vindt u in bijlage 1. Daarnaast vormt een belangrijk onderdeel van de RES 1.0 de Regionale Structuur warmte met daarin: 1) een gespreksleidraad bij bovengemeentelijke warmtebronnen; 2) monitoren en afstemmen van regionale warmtebronnen en; 3) samenwerking en kennisuitwisseling over drie hoofdthema’s te weten: afnemer(energiebesparing), warmtebronnen en het netwerk. Tot slot vindt u in de RES 1.0 de kaders voor de organisatie van het vervolg, waaronder ijkmomenten om gezamenlijk sturing te geven, uitgangspunten voor participatie en uitgangspunten voor de governance.

Bijlagen

RES-regio U 16.docx/JMd2

Pagina 2 van 10

rvs Regionale energiestrategie 1.0

1. De aanbiedingsbrief RES van de RES-regio U 16 2. De RES 1.0

Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl

Doel en beoogd maatschappelijk effect

Met de RES 1.0 beogen we de CO2-uitstoot in de RES-regio U16 te beperken door het verduurzamen van de gebouwde omgeving en het opwekken van duurzame elektriciteit. Daarmee leveren we een eerste bijdrage aan de landelijke doelstelling van 95% reductie van CO2-uitstoot in 2050. In september 2020 heeft uw raad de ontwerp-RES vastgesteld en de lokale opgave duurzame elektriciteit, waarbij is vastgesteld dat we in Stichtse Vecht streven naar het realiseren van 0,1 Twh in 2030 en 0,2 Twh in 2040. Deze lokale opgave is ingebracht in de RES 1.0 en maakt hier onderdeel van uit. In dit voorstel wordt de RES 1.0 met het definitieve en onderbouwde regiobod voorgelegd voor besluitvorming. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de raad vóór 1 juli 2021 een besluit moest nemen over de RES 1.0. Vanuit RES-U16 verband is richting het Nationaal Programma RES (NP RES) aangegeven dat het streven is vóór 1 oktober 2021 een besluit over de RES 1.0 te nemen. De RES 1.0 is onder voorbehoud van besluitvorming in de RES U16 door de gemeenteraden, Provinciale Staten en de Algemene besturen van de waterschappen aan het NP RES gestuurd. De RES wordt elke twee jaar geactualiseerd om voldoende flexibel te zijn en in te kunnen spelen op nieuwe technieken en andere ontwikkelingen. De RES 1.0 is de eerste uitgewerkte Regionale Energie Strategie van de regio U16.

Over twee jaar wordt u de RES 2.0 ter besluitvorming voorgelegd.

Relatie met bestaand beleid en regelgeving

De RES U16 is een van de 30 Regionale Energie Strategieën die in de afgelopen jaren in Nederland zijn opgesteld. Aanleiding vormde het Nationaal Klimaatakkoord dat op 28 juni 2019 is gepresenteerd. Het akkoord is tot stand gekomen in samenwerking met veel overheden en andere partijen waaronder andere de VNG, IPO en UvW. Het Klimaatakkoord heeft als doel het realiseren van 95 % CO2-reductie in 2050. De RES is een uitwerking van de landelijke opgave voor de ruimtelijke inpassing van 35 TWh duurzame elektriciteitsopwek op land in 2030. In de RES 1.0 brengen de deelnemende overheden in beeld hoeveel en waar zij duurzame elektriciteit denken op te kunnen wekken in 2030 met zonne- en windenergie. Daarnaast is de Regionale Structuur Warmte, waarin de verdeling van bovengemeentelijke warmtebronnen centraal staat, een onderdeel van de RES.

Pagina 3 van 10

RES-regio U 16.docx/JMd3

Ten aanzien van de relatie met bestaand beleid is ook belangrijk om te melden dat de RES een bouwsteen is van het Integraal Ruimtelijk Perspectief U 16. De energietransitie is één van de zes thematische pijlers in het Integraal Ruimtelijk Perspectief U16. Om voor alle pijlers zorgvuldig en in samenhang oplossingen te ontwikkelen, werken de zestien gemeenten in de regio ook samen aan het Integraal Ruimtelijk Perspectief en Programma (IRP). Het IRP, voorheen REP, vormt de regionale ontwikkelrichting en het platform voor integrale ruimtelijke samenwerking en afstemming in de uitvoering.

rvs Regionale energiestrategie 1.0

Besluitvorming in 21 organen De RES 1.0 is opgesteld in afstemming met 21 overheden. Deze 21 overheden hebben ervoor gekozen om met elkaar samen te werken aan realisatie van de klimaatdoelen en bij te dragen aan de landelijke doelstelling voor grootschalige opwek. De afspraken tussen deze 21 overheden zijn opgenomen in de definitieve RES 1.0. De raad kan zich door middel van moties en amendementen uitspreken over deze afspraken. Moties en amendementen hebben een impact op de afspraken tussen de overheden en de lokale besluitvorming. Alle moties en amendementen, die zullen worden ingediend, worden gezamenlijk bestuurlijk besproken op de bestuurstafel Klimaatneutrale Regio om te bepalen welk regionaal vervolg eraan gegeven kan worden. Aan moties kan, vanuit regionaal perspectief gezien, relatief goed invulling worden gegeven. De uitvoering van een motie kan bijvoorbeeld worden opgenomen in het Regionaal uitvoeringsplan of uitgewerkt worden in de RES 2.0 zonder dat de besluitvorming in andere raden, de Gedeputeerde Staten of Algemene besturen, wordt doorkruist.

Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl

De gemeenten hebben gelijktijdig met de RES 1.0 het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP) ontwikkeld. De besluitvorming over het IRP vindt eerder plaats dan de besluitvorming over de RES 1.0. Bij de besluitvorming over het IRP zal daarom een memo worden gevoegd, getiteld ‘Samenhang voorstel RES 1.0 - voorstel IRP’. In dit memo staat beschreven waar de energieopgave andere opgaven aanvult en waar belangen kunnen botsen. In de volgende fase zullen de gemeenten het IRP verder uitwerken en concretiseren. In de programmeringsfase worden de opgaven in samenhang bekeken en verbonden. Dit biedt ruimte om lusten en lasten in evenwicht te houden. De RES 1.0 is opgesteld in het kader van het Klimaatakkoord en is een vervolg op de eerder door uw raad vastgestelde startnotitie RES U 16, de ontwerp-RES U 16 en de lokale opgave duurzame elektriciteit. In gemeente Stichtse Vecht ligt de focus in de nabije toekomst op de opwekking van zonne-energie en niet op de ontwikkeling van grootschalige windmolens. In verband hiermee heeft uw raad op 15 december 2020 het beleidskader zonnevelden en de kansenkaart vastgesteld. Hierin worden de kaders aangegeven voor de mate van kansrijkheid van zonnevelden, mede gelet op de cultuurhistorische, landschappelijke en natuurwaarden.

De lokale opgave duurzame elektriciteit van Stichtse Vecht (0,1 Twh in 2030 en 0,2 Twh in 2040) en de kansenkaart zonnevelden vormen de gemeentelijke bijdrage van Stichtse Vecht aan de regionale doelstelling van 1,8 Twh. Hierbij is door uw raad bepaald dat de duurzame energie, die we opwekken in de vorm van grootschalige zonneenergie, zal plaatsvinden onder voorbehoud van een goede landschappelijke inpassing, bijdrage aan lokaal eigendom, wederkerigheid en realisatiemogelijkheden. De op de kansenkaart aangegeven kansrijke gebieden voor zonnevelden (groene en oranje gebieden) vormen in onze gemeente het zoekgebied voor zonne-energie. In 2021 is de Omgevingsvisie voor Stichtse Vecht opgesteld. Hierin staan de belangrijkste ambities en keuzes voor onze fysieke leefomgeving, waartoe ook de energietransitie behoort. In de Omgevingsvisie wordt onder meer aangegeven waar mogelijkheden zijn voor het grootschalig opwekken van duurzame energie binnen onze gemeente, wat in lijn is met het in 2020 vastgestelde beleidskader zonnevelden. Tevens heeft uw raad in december 2020 het beleidsplan “Op weg naar nieuwe energie” vastgesteld. Hierin zijn de ambities opgenomen op basis van het addendum collegewerkprogramma en op basis van de lokale opgave duurzame elektriciteit van 0,1 Twh in 2030 en 0,2 Twh in 2040.

In het beleidsplan is de opdracht verwoord, die we hebben vanuit het rijk in het kader van het Klimaatakkoord.

Argumenten 1.1 Het bod van 1,8 is realistisch en haalbaar en wordt onderbouwd met vier bouwblokken Het concept bod uit de Ontwerp RES om uiterlijk in 2030 1,8 TWh duurzame elektriciteit op te wekken, is haalbaar. De onderbouwing van het regionale bod in de RES 1.0 bestaat uit vier bouwblokken: Onderdeel van ons bod

Hoeveelheid in TWh totaal

Waarvan zon in TWh

Waarvan wind in TWh

Bouwblok 1: Gerealiseerde opwek + Pijplijnstatus ‘zeker’

0,430

0,287

0,143

Bouwblok 2: Zon op dak

0,3-0,5 TWh

Bouwblok 3: Lokale zoekprocessen van gemeenten

1,184

Bouwblok 4: Continue samenwerking en ontwikkeling

Hiervoor is nog geen ambitie op te nemen.

0,416

RES-regio U 16.docx/JMd4

0,768

rvs Regionale energiestrategie 1.0

Pagina 4 van 10

(Ambitie in bandbreedte

Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl

Voor projecten die in de regio al zijn gerealiseerd of die met de status ‘zeker’ in de pijplijn zitten (bouwblok 1) kunnen we met grote zekerheid zeggen wat de opbrengsten zijn. De bijdrage uit lokale zoekprocessen van gemeenten (bouwblok 3) en realisatie van zon op dak (bouwblok 2) kennen een minder grote zekerheid. Deze bouwblokken moeten de gemeenten van de U 16 de komende jaren concreter maken door het uitwerken van zoekgebieden naar concrete projecten en het gericht benutten van de potentie van zon op dak. In de praktijk kan deze concretiseringslag betekenen dat plannen anders worden ingevuld of zelfs dat plannen uitvallen. Hier houden we als regio rekening mee. Bouwblok 2 heeft een bandbreedte omdat de realisatie van zon op dak veel afhankelijkheden kent zoals de medewerking van de eigenaar en de beschikbare netcapaciteit. Bouwblok 3 moet als een tussentijds resultaat worden gelezen. Dit bouwblok is namelijk in beweging en bij het concreet maken van de zoekgebieden kunnen de getallen hoger of lager uitvallen. Dit onderstreept het belang van bouwblok 4 waarin de samenwerkende overheden van de RES U16 samen kansrijke gebieden voor duurzame opwek blijven verkennen. Deze nieuwe plannen zijn nodig in het geval dat huidige plannen niet haalbaar blijken. 1.2 In de RES 1.0 is de lokale opgave, zoals vastgesteld door uw raad, opgenomen.

U heeft op 29 september 2020 de lokale opgave duurzame elektriciteit vastgesteld. Deze houdt in het realiseren van 0,1 TWh in 2030 en 0,2 TWh in 2040. Dit kan worden opgewekt met grootschalig zon op dak of zonnevelden. Op dit moment is er 0,007 TWh gerealiseerd met grootschalig zon op dak. Dit betekent dat er nog 0,093 TWh moet worden gerealiseerd om de ambitie voor 2030 te realiseren. 1.3 Samenwerking in de RES U16 biedt meerwaarde De energieopgave houdt zich niet aan gemeente- of waterschapsgrenzen en de oplossingen doen dat ook niet. Duurzame opwek van elektriciteit en warmte kunnen zichtbaar zijn vanuit omliggende gemeenten. We maken allemaal gebruik van dezelfde netinfrastructuur, die maar beperkt ruimte biedt. En om te voorzien in de warmtebehoefte helpt regionale samenwerking, zeker bij warmtebronnen met een regionaal potentieel. We werken aan een gezamenlijk resultaat, met ruimte voor lokale verschillen. Tot de RES 1.0 is de RES vooral een beleidsmatig traject geweest, nu gaan we een nieuwe fase in waarin we starten met realisatie. Om de besluitvorming goed voor te bereiden en tijdig bestuurlijk zicht te krijgen op stremmingen in de uitvoering (zoals planuitval) zijn er in de RES 1.0 bestuurlijk informele ijkmomenten opgenomen.

Op die momenten kunnen bestuurlijk mogelijkheden worden besproken, verkend en uitgewisseld waardoor afstemming tussen de deelnemers soepel verloopt. 1.4 Gemeenten zijn zelf aan zet geweest voor zoekgebieden en ruimtelijke inpassing De regionale ambitie is in eerste instantie op basis van lokale planvorming gevuld. Diverse gemeenten hebben kaders en uitgangspunten vastgesteld voor het ontwikkelen van zonne- en windenergie en het verduurzamen van de gebouwde omgeving. Overstijgende samenwerkingsthema's zijn vanuit regionale coördinatie opgezet, ondersteund en gemonitord.

Pagina 5 van 10

RES-regio U 16.docx/JMd5

Zon op dak kan rekenen op grote maatschappelijke acceptatie. Bovendien is het streven om invulling te geven aan zon op dak vastgelegd in diverse beleidsstukken zoals de NOVI en de POVI. Daarom zetten we maximaal in op zon op dak. Dit vraagt zowel om een lokale als een

rvs Regionale energiestrategie 1.0

Ruimtelijke kwaliteit is een belangrijk uitgangspunt. De meest duurzame energie is energie die niet hoeft te worden opgewekt. Besparen is daarom het uitgangspunt. Bij de bepaling van de hoogte van het concept bod van 1,8 TWh bij de Ontwerp RES is rekening gehouden met een stevige besparing. Met besparingen kan het bod dus niet worden verlaagd, dat zit al verwerkt in de hoogte van het bod. De landschappelijke impact van zon op dak is kleiner dan die van zonnevelden en windmolens. Voor de invulling van de opgave van zonnevelden en windmolens is voortgebouwd op de ruimtelijke uitgangspunten, die in de ontwerp-RES zijn vastgesteld.

Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl

regionale aanpak. Regionaal ontwikkelen we een aanpak voor zon op dak, waarbij in overleg wordt bepaald welke activiteiten op regionale schaal moeten worden opgepakt en welke zaken door de individuele gemeenten moeten worden uitgevoerd. Op basis van onderzoeken naar het theoretisch potentieel aan dakoppervlak, de aansluitbaarheid op het elektriciteitsnet en rekening houdend met technische belemmeringen, zoals de draagkracht van dakconstructies en medewerking van de dakeigenaar, verwacht de regio een hoeveelheid duurzaam opgewekte elektriciteit uit grootschalige dakprojecten van 0,3 tot 0,5 TWh tot 2030 te kunnen realiseren. Overigens tellen door landelijke keuzes alleen installaties vanaf 15 kWp (circa 60 panelen) mee voor het regionale bod. Kleinere installaties dragen bij aan landelijke CO2reductie doelstelling, maar vallen buiten de RES-opgave. De resterende elektriciteitsbehoefte wordt door de gemeenten ingevuld met zonnevelden en windmolens. Daarmee wordt een nieuw element toegevoegd aan het landschap. Door voort te bouwen op de ruimtelijke uitgangspunten uit de Ontwerp-RES (maximale inzet op zon op dak, benutten van potentie van windenergie langs infrastructuur, bedrijventerreinen en in agrarische gebieden en toepassing van de zonneladder bij het zoeken naar ruimte voor zonnevelden) is geprobeerd hier op verantwoorde wijze invulling aan te geven.

De in de RES aangewezen zoekgebieden worden niet ‘automatisch’ ingevuld: in navolgende stappen worden onder andere de effecten op de omgeving en de natuur, veiligheid en aansluitbaarheid verder onderzocht. Het ruimtelijk beleid, waarin de zoekgebieden worden opgenomen, en de uiteindelijke vergunningaanvraag voor een concreet project doorlopen participatie en wettelijke inspraakprocedures en worden ter goedkeuring aan uw gemeenteraad voorgelegd. 1.5 Moties en amendementen aangenomen bij de Startnotitie RES U16 of de Ontwerp RES U16 zijn verwerkt Bij de besluitvorming over de ‘Ontwerp RES inclusief bod’ zijn door de besluitvormende organen van de RES U 16 verschillende moties en amendementen aangenomen. In bijlage 12 is opgenomen hoe vorm en inhoud is gegeven moties en amendementen. Ook bij de besluitvorming over de Startnotitie zijn al diverse moties en amendementen aangenomen. Een notitie met de wijze waarop met deze moties en amendementen wordt omgegaan was bijlage bij de Ontwerp RES. Bij een aantal moties werd aangegeven dat dit later in het traject wordt opgepakt. Daarom zijn ook alle eerdere moties en amendementen opgenomen in bijlage 12.

2.1 De Regionale Structuur Warmte is onderdeel van de RES 1.0 en gaat over bovenlokale en regionale afstemming en samenwerking De Regionale Structuur Warmte (RSW) 1.0 richt zich op bovenlokale en regionale afstemming ten behoeve van de warmtetransitie. Daartoe bevat het afspraken over monitoring en afstemming, een gespreksleidraad voor overleg over bovengemeentelijke warmtebronnen (bronnen met de potentie om in meerdere gemeenten warmte te leveren) en afspraken over thema’s waarop samengewerkt zal worden.

Pagina 6 van 10

RES-regio U 16.docx/JMd6

3.1 De vervolgstappen na de RES 1.0 zijn van belang In verband met de samenwerking in de RES U 16 zijn vervolgafspraken over de samenwerking van belang. Daarom zijn diverse zaken over het vervolg beschreven, zoals het onderscheid tussen regionale en lokale taken, uitgangspunten voor governance en participatie en het opstellen van een regionaal uitvoeringsplan.

rvs Regionale energiestrategie 1.0

De RSW 1.0 bevat ook een eerste inventarisatie van de warmtebronnen in de regio. Deze inventarisatie geeft input aan de lokale Transitievisie warmte (TVW) die voor eind 2021 door iedere gemeente moet worden vastgesteld. De Transitievisies warmte bieden informatie over de warmtevraag in de gemeenten en welke duurzame warmtebronnen het meest waarschijnlijke alternatief is. Er is dus een wisselwerking tussen de RSW en de TVW. Daarom is regionaal afgesproken om de TVW’s te monitoren en te gebruiken als input voor de RSW 2.0, die in 2023 moet worden geactualiseerd. Op dat moment is mogelijk ook meer bekend over de daadwerkelijke beschikbaarheid van aardwarmte in de RESU16.

Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl

4.1 RES 1.0 wordt gerealiseerd door uitwerking in het eigen beleid en regelgeving De RES-samenwerking heeft geen juridische status en de RES heeft niet geleid tot verandering van de bevoegdheidsverdeling van de verschillende overheidslagen. Zo zijn gemeenten het bevoegd gezag voor zonneparken tot 50 MW en windparken tot 5 MW (waarschijnlijk 15 MW in de nieuwe Energiewet). De provincie is het bevoegd gezag voor initiatieven tot 100 MW. De RES 1.0 heeft na besluitvorming de status van beleidsstuk. Voor realisatie moet de RES 1.0 uitgewerkt worden door de deelnemende overheden in het instrumentarium van de Omgevingswet, pas dan is er sprake van een juridische status. In de Startnotitie hebben alle deelnemende overheden daarom al afgesproken om instrumenten als omgevingsvisies en -plannen in te zetten bij het behalen van de doelen van de RES.

Kanttekeningen 1. De RES 1.0 is een momentopname De tijdspanne van de energietransitie is groot. De RES1.0 is daarom een momentopname van waar alle deelnemende overheden nu staan als het gaat om het realiseren van zon en wind tot 2030. De RES 1.0 biedt het kader om in U16 verband gezamenlijk verder te werken aan deze grote opgave. Veel zoekgebieden in de RES1.0 zullen de komende tijd verder worden uitgewerkt, waarbij (ruimtelijke) afwegingen en het maatschappelijke gesprek nog moeten worden gevoerd. Dit betekent dat de regio rekening moet houden met planuitval. 2.

Indien de landelijke doelstelling niet wordt gehaald is een aanvullende regionale opgave mogelijk Als de landelijke taakstelling van 35 TWh duurzame elektriciteitsopwek niet wordt gehaald, zullen regio’s onderling in gesprek gaan om tot een verdeling over de resterende opgave te komen. Als deze gesprekken tussen de regio’s niet tot een resultaat leiden zal vanuit het NPRES een landelijke verdeelsystematiek worden ingezet die vanuit de landelijke koepels (VNG, Interprovinciaal overleg IPO en de Unie van Waterschappen) is opgesteld. Uit de appreciatie van het Planbureau van de Leefomgeving (PBL) die in februari 2021 verscheen is op basis de ingediende Ontwerp-RES’en een bandbreedte van 31,2 TWh - 45,7 TWh duurzame elektriciteitsproductie in 2030 opgeteld. Het is dus op basis van de Ontwerp-RES’en niet zeker dat de landelijke taakstelling van 35TWh wordt gehaald.

3. De realisatie van de RES 1.0 is afhankelijk van diverse randvoorwaarden Voor een succesvolle realisatie van de RES 1.0 zijn we afhankelijk van diverse randvoorwaarden. Het Rijk moet de energietransitie beleidsmatig en financieel mogelijk maken en stimuleren. Denk aan de subsidies voor duurzame elektriciteitsopwek, maar ook financiering van de RES deelnemers om invulling te geven aan de RES taken. Bovendien leven er maatschappelijk zorgen over de energietransitie, de impact op de leefomgeving en betaalbaarheid voor de inwoners. Deze afhankelijkheden bestaan en zijn benoemd in de RES 1.0.

RES-regio U 16.docx/JMd7

Pagina 7 van 10

rvs Regionale energiestrategie 1.0

4. Er zijn knelpunten in het elektriciteitsnetwerk, maar het bod is realiseerbaar Netbeheerder Stedin heeft de in maart 2021 aangeleverde zoekgebieden getoetst aan de elektriciteitsinfrastructuur en vastgesteld welke netinvesteringen waar en wanneer nodig zijn om de RES opgave maakbaar te maken. In de netimpactrapportage zijn 19 ‘knelpunten’ benoemd waar netinvesteringen nodig zijn om de opgegeven opwekvermogens aan te kunnen sluiten. Om de knelpunten te kunnen oplossen, is concreetheid en zekerheid nodig van gemeenten en Stedin roept daarom op om zo spoedig mogelijk het proces in gang te zetten over de ruimtelijke inpassing van de additionele netinfrastructuur.

Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl

Communicatie en participatie

De energietransitie kan alleen slagen met inzet van vele inwoners, energiecoöperaties, grondeigenaren, maatschappelijke organisaties, ontwikkelaars en andere bedrijven bij de vraag hoe we de energietransitie in onze regio vormgeven. Daarom hebben de gemeenten van de U 16 inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers betrokken bij het opstellen van de RES. Zowel regionaal als lokaal heeft participatie over de RES plaatsgevonden. Na het vaststellen van de Ontwerp-RES is vooral op lokaal niveau aan de slag gegaan met het zoeken naar gebieden voor duurzame opwek van elektriciteit. Daarmee is aangesloten bij de lokale context en verschillende fasen, waarin gemeenten zich bevonden. Er is doorgebouwd op eerder uitgevoerde participatie en zo konden inwoners en andere belanghebbenden het beste betrokken worden. Meer hierover vindt u in bijlagen 1 en 11. Vanuit de regio zijn de lokale processen ondersteund met onderzoek, kennis en afstemming. Daarnaast zijn er regelmatig zowel brede bijeenkomsten als kleinere tafelgesprekken geweest met regionale stakeholders. Ook zijn een-op-een gesprekken met enkele organisaties uit het maatschappelijke veld met een belang in natuur, milieu, ruimtegebruik, landbouw en energie gevoerd. Ten aanzien van warmte is in warmteateliers gesproken met energiecoöperaties en regionale stakeholders.

De resultaten uit de participatie hebben bijgedragen en sturing gegeven aan de totstandkoming van de RES 1.0 en verschillende bijlagen (o.a. rapport Land ID en de thematische agenda elektriciteit en warmte). De lokale opgave duurzame elektriciteit van Stichtse Vecht (0,1 Twu in 2030 en 0,2 Twu in 2040) en de realisatie van zonnevelden vormen de gemeentelijke bijdrage van Stichtse Vecht aan de regionale doelstelling voor de RES van 1,8 Twu. In Stichtse Vecht heeft in 2018 en 2019 participatie plaatsgevonden in het kader van het op te stellen beleidskader zonnevelden en de kansenkaart. Deze inbreng is verwerkt in het beleidskader. In november 2020 hebben eerder betrokken organisaties een brief ontvangen over de stand van zaken van het beleidskader zonnevelden en hebben eerder betrokken inwoners een e-mailbericht ontvangen. In de periode december 2020 – januari 2021 zijn de energietransitie en de zonnevelden steeds meegenomen in de participatiemomenten over de Omgevingsvisie. In december 2020 heeft uw raad het beleidskader zonnevelden vastgesteld inclusief de kansenkaart. Daarna zijn in 2021 gesprekken gevoerd met diverse organisaties en inwoners en hun inbreng is meegenomen bij het uitvoeringsplan zonnevelden, dat op 6 juli a.s. ter vaststelling voorligt bij uw raad.

Pagina 8 van 10

RES-regio U 16.docx/JMd8

In het kader van de realisatie van de zonnevelden, waarmee Stichtse Vecht haar bijdrage levert aan de doelstelling voor de RES, worden ook bij de vervolgstappen, inwoners en lokale organisaties weer betrokken om mee te praten en mee te denken. Naast het meedenken en meepraten gaat het ook om meedoen, bijvoorbeeld in de vorm van 50% lokaal eigenaarschap of andere vormen van financiële participatie bij duurzame initiatieven. Het streven naar 50% eigenaarschap is als uitgangspunt in de RES 1.0 opgenomen en in ons gemeentelijke beleidskader zonnevelden. De regionale participatie zal worden versterkt met landelijke en regionale organisaties om een continue dialoog te voeren. Het doel hiervan is om belanghebbenden als samenwerkingspartners bij

rvs Regionale energiestrategie 1.0

Vanuit de RES U16 en de provincie Utrecht is een communicatiestrategie ontwikkeld en deze is bestuurlijk vastgesteld. Er zijn kernboodschappen geformuleerd, er is een woordvoeringslijn opgesteld, een Q&A (meest gestelde vragen) en een persbericht. De campagne is een regionale vertaling van de landelijke ‘Ruimte voor nieuwe Energie’-campagne door het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. De planning is dat de regionale pers- en publiekscampagne woensdag 23 juni 2021 van start gaat. Er worden verschillende middelen ingezet, zoals persbericht, posts op sociale media, een video en advertorials in regionale en lokale nieuwsbladen. De campagne legt uit dat de regio met de RES 1.0 in 2030 1,8 TWh aan zowel wind- als zonne-energie wil opwekken. De gemeente Stichtse Vecht draagt hoofdzakelijk bij aan de RES 1.0 in de vorm van zonne-energie. Het is voorstelbaar dat de regionale campagne lokaal vragen oproept bij pers en publiek. In aanvulling op de regionale communicatiestrategie is voor Stichtse Vecht een kernboodschap, woordvoeringslijn en Q&A opgesteld m.b.t. de toekomstige realisatie van zonnevelden, waarin ook de koppeling met de opgave vanuit de RES is gelegd.

Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl

de RES U16 te betrekken, zodat zij een structurele inbreng leveren voor de realisatie van de projecten en initiatieven. Daarbij kunnen hierdoor ook tijdig landelijke of regionale belanghouders worden gekoppeld aan lokale participatietrajecten.

Financiën, risico’s en indicatoren

De RES 1.0 heeft geen directe financiële consequenties. De regionale uitvoeringskosten worden uitgewerkt in het Regionaal Uitvoeringsplan dat na besluitvorming over de RES 1.0 aan de dagelijks besturen ter besluitvorming voorgelegd wordt. Op dit moment worden de kosten voor de gemeenten betaald vanuit de rijksbijdrage voor de RES en gemeentelijke bijdragen. In Stichtse Vecht is een structureel budget opgenomen in de meerjarenbegroting. Dit is toereikend op dit moment en voor de fase van het Regionaal Uitvoeringsplan. Naar verwachting gaat het rijk een financiële ondersteuning leveren voor de volgende fase van de uitvoering van het Klimaatakkoord, waaronder een bijdrage voor de uitvoering van de RES. De omvang van deze bijdrage is nog niet bekend. In overleg tussen rijk, IPO en VNG vinden hierover onderhandelingen plaats. Vanuit de VNG wordt erop aangedrongen dat er dit jaar duidelijkheid komt en de financiële middelen voor de uitvoering beschikbaar komen. Voldoende rijksmiddelen is dan ook een belangrijke randvoorwaarde voor de uitvoeringsfase. De RES samenwerking is tot op heden gefinancierd uit: ‘om niet’ inzet van ambtelijke uren, een rijksbijdrage (uitgekeerd aan de centrumgemeente van de RES-regio) en een deelnemersbijdrage (provincie 1/4, waterschappen 1/8, gemeenten 5/8 verdeeld naar rato inwonertal, ca € 0,27 per inwoner).

Wij verwachten dat deze bedragen indicatief zijn voor de kosten in de volgende fase.

Vervolg

Om de RES 1.0 te kunnen uitvoeren en het vervolg te bepalen, wordt een Regionaal Uitvoeringsplan opgesteld. Dit plan wordt aan colleges van B&W toegestuurd evenals aan Gedeputeerde Staten en de Algemeen Besturen van de deelnemende waterschappen. De omvang en intensiteit van de regionale activiteiten zijn onder meer afhankelijk van de beschikbaarheid van financiële middelen vanuit het rijk. Verder is de planning als volgt: in 2021 stellen alle gemeenten de Transitievisie Warmte vast, die zij minimaal eens in de vijf jaar herijken; in 2022 zetten de deelnemende overheden de RES 1.0 om in ruimtelijk beleid, voor zover dat nodig is om de bijdrage van 1,8 TWh aan de landelijke doelstelling voor duurzame elektriciteit in 2030 te realiseren; in 2025 worden de ruimtelijke procedures voor zonnevelden en windmolens afgerond, voor zover die nodig zijn om de bijdrage van 1,8 TWh in 2030 te realiseren; in 2030 komt de realisatie van 1,8 TWh duurzame elektriciteitsopwek gereed. In Stichtse Vecht zullen in 2022 de aanvragen voor Omgevingsvergunningen worden ingediend door initiatiefnemers van zonnevelden. Indien een principeverzoek is goedgekeurd, heeft de initiatiefnemer tot 31 oktober 2022 om een vergunningaanvraag in te dienen. Naar verwachting zijn in de zomer van 2023 alle zonnevelden vergund, die bijdragen aan 0,1 TWh voor 2030.

RES-regio U 16.docx/JMd9

Pagina 9 van 10

rvs Regionale energiestrategie 1.0

Ten slotte is in het kader van het Klimaatakkoord opgenomen dat de RES iedere twee jaar wordt geactualiseerd, zodat de nieuwste inzichten worden meegenomen. De RES is een samenwerking voor de lange termijn. Zo is er voldoende flexibiliteit om nieuwe technieken en innovaties te benutten, af te stemmen met andere ruimtelijke opgaven en bovendien concretiseringen en bijstellingen met regelmaat democratisch vast te stellen. De volgende RES 2.0 zal in 2023 ter vaststelling worden voorgelegd.

Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl

22 juni 2021 Burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht

RES-regio U 16.docx/JMd10

Pagina 10 van 10

Burgemeester drs. A.J.H.T.H. Reinders

rvs Regionale energiestrategie 1.0

Gemeentesecretaris drs. F.J. Halsema

Raadsbesluit Onderwerp Regionale energiestrategie 1.0 RES-regio U 16 Begrotingswijziging n.v.t. Datum raadsvergadering

Agendanummer

28 september 2021 Commissie

Registratie nummer

7 september 2021

Z/21/205056-VB/21/97399

De raad van de gemeente Stichtse Vecht, gelet op: -

het voorstel van burgemeester en wethouders van 22 juni 2021; de bespreking in de commissie Fysiek Domein van 7 september 2021;

Besluit 1. De Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 van de RES-regio U 16 vast te stellen inclusief de bijlagen 1, 4, 5, 6, 7, 8 en 12 en het college op te dragen hier uitvoering aan te geven in regionaal verband. 2. Als onderdeel van de RES 1.0 de Regionale Structuur Warmte vast te stellen. 3. Als onderdeel van de RES 1.0 de afspraken over organisatie van het vervolg, een onderscheid tussen lokale en regionale taken, uitgangspunten voor governance en participatie en het opstellen van een regionaal uitvoeringsplan vast te stellen. 4. Uitvoering te geven aan de RES 1.0 door onder andere lokale uitwerking in ruimtelijk beleid en regelgeving. 28 september 2021 Griffier B. Espeldoorn-Bloemendal

Voorzitter drs. A.J.H.T.H. Reinders

RES-regio U 16.docx/JMd1

Pagina 1 van 1

rbs Regionale energiestrategie 1.0

Origineel besluit is ondertekend

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/1660/documents/36410