CConstaterende datStein
Koppel je AI →
Document · PDF

Verordening Commissie bezwaar Stein 2025 (incl. wijzigingen)

Besluitvormende raadsvergadering 3 oktober 2024, gemeente SteinBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake Verordening commissie bezwaar gemeente Stein 20252.352 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verordening Commissie Bezwaar Gemeente Stein 2025 HOOFDSTUK I

INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder: a. Awb: Algemene wet bestuursrecht;

b. bezwaarmaker: de indiener van een bezwaarschrift tegen een gemeentelijk besluit; c. college: het college van burgemeester en wethouders van Stein;

d. commissie: de vaste commissie die adviseert over het bezwaar als bedoeld in artikel 7:13 van de Awb;

e. (ambtelijk) secretaris (van de commissie): een door het college aangewezen f.

personeelslid van de gemeente Stein;

verweerder: een vertegenwoordiger van het bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen;

g. verwerend orgaan: het bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen en dat op het bezwaarschrift dient te beslissen;

h. voorzitter: de (plaatsvervangend) voorzitter tevens lid van de commissie.

HOOFDSTUK II

DE BEHANDELING VAN BEZWAARSCHRIFTEN

Artikel 2 Ingediend bezwaarschrift

1. Een bezwaarschrift wordt door het bestuursorgaan onverwijld na ontvangst in handen van de secretaris van de commissie gesteld.

2. De secretaris registreert het ingediende bezwaarschrift met de datum van ontvangst. 3. De secretaris bevestigt zo spoedig mogelijk de ontvangst van het bezwaarschrift aan bezwaarmaker, als bedoeld in artikel 6:14 van de Awb, en bericht eventuele andere belanghebbenden. Hierbij geeft de secretaris van de commissie een uitleg over het

vervolg van de procedure en de duur van de behandeling van het bezwaarschrift met inachtneming van artikel 7:13 van de Awb.

HOOFDSTUK III INFORMELE AANPAK Artikel 3 Vooronderzoek en informele aanpak

1. De secretaris van de commissie verzoekt kort na binnenkomst van het

bezwaarschrift aan het verwerend orgaan of het bezwaarschrift informeel kan

worden afgehandeld alvorens het bezwaarschrift verder in behandeling te nemen.

2. Het verwerend orgaan onderzoekt de mogelijkheden voor informele afdoening.

3. Als het bezwaar in der minne wordt geschikt dan legt het verwerend orgaan de gemaakte afspraken schriftelijk vast en neemt zo nodig een nieuw besluit.

4. Over de informele afdoening wordt de secretaris terstond ingelicht.

HOOFDSTUK IV

DE COMMISSIE

Artikel 4 Horen en adviseren door de commissie

1. Er is een commissie ter voorbereiding op een door het verwerend orgaan te nemen beslissing op bezwaarschriften.

2. De commissie is belast met het horen van indieners van bezwaarschriften,

verweerders en eventuele andere belanghebbenden alsmede het adviseren over de volledige heroverweging van bestreden besluiten.

3. De commissie is niet ondergeschikt aan het gemeentebestuur noch aan enig gemeentelijk bestuursorgaan.

4. De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend

tegen besluiten op grond van het civiele recht, de waardering van onroerende zaken, de belastingwetgeving alsmede de daarop gebaseerde verordeningen en nadere regelingen. De commissie is evenmin bevoegd ten aanzien van de categorie of

categorieën van bezwaarschriften waarvan de behandeling is of wordt overgedragen aan een intergemeentelijke of regionale commissie. Artikel 5 Samenstelling van de commissie

1. De commissie bestaat minimaal uit een drietal leden, te weten een voorzitter en twee andere leden.

2. De leden van de commissie mogen niet deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan van de gemeente Stein of een

samenwerkingsverband waarin de gemeente Stein participeert. Zij mogen evenmin woonachtig zijn binnen het grondgebied van de gemeente Stein.

3. Het college benoemt uit de leden de voorzitter van de commissie. Bij afwezigheid van de voorzitter wordt de vervanging geregeld door de commissie zelf.

Artikel 6 Zittingsduur

1. De leden van de commissie worden door het college benoemd voor een periode van ten hoogste zes jaar. Het is mogelijk één keer herbenoemd te worden. Er bestaat geen automatisch recht op herbenoeming.

2. De leden van de commissie dienen te goeder naam en faam bekend te staan.

Alvorens hun werkzaamheden uit te oefenen, leggen zij ten overstaan van de burgemeester de eed (verklaring en belofte) af, zulks in analogie aan de eed

(verklaring en belofte) welke raadsleden voor hun ambtsaanvaarding dienen af te leggen.

3. De leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college.

4. De aftredende of ontslagnemende leden van de commissie blijven hun functie

vervullen totdat in hun opvolging is voorzien of hun ontslag door het college is aanvaard.

5. Een plaatsvervangend lid wordt van rechtswege lid van de commissie als een

vacature ontstaat, zulks met inachtneming - in geval er meerdere plaatsvervangende leden zijn benoemd - van de door het college aangegeven of aan te geven rangvolgorde.

6. Het college kan een lid van de commissie slechts schorsen of ontslaan vanwege

gebleken ongeschiktheid of onbekwaamheid voor de functie dan wel wegens andere zwaarwegende in de persoon van het commissielid gelegen redenen.

7. De gemeenteraad wordt door middel van een raadsinformatiebrief geïnformeerd over benoeming en ontslag door het college.

Artikel 7 Secretaris van de commissie

1. De commissie wordt ondersteund door een (ambtelijk) secretaris.

2. De (ambtelijk) secretaris van de commissie wordt aangewezen bij of krachtens besluit van het college. De secretaris is geen lid van de commissie.

3. Bij of krachtens besluit van het college kan een plaatsvervangend secretaris van de

commissie worden aangewezen. De bepalingen in deze verordening die zien op de secretaris zijn mede van toepassing op de plaatsvervangend secretaris.

Artikel 8 Uitoefening bevoegdheden

1. De hierna bedoelde bevoegdheden ingevolge de Algemene wet bestuursrecht worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie:

a. het verlangen van een schriftelijke machtiging van een gemachtigde (art. 2:1 Awb);

b. het in de gelegenheid stellen een geconstateerd verzuim met betrekking tot ingediende bezwaarschriften te herstellen binnen een daartoe aan de bezwaarmaker te stellen termijn (art. 6:5 en art. 6:6 Awb);

c. de verzending van het verweerschrift en/of andere stukken naar de

gemachtigde van bezwaarmaker tijdens de behandeling door de commissie (art. 6:17 Awb);

d. het uitnodigen voor een hoorzitting alsmede het ter inzage leggen van de op de zaak betrekking hebbende stukken (art. 7:4 Awb);

e. het opleggen van geheimhouding om gewichtige redenen op het -gedeelte

van een - verslag van een hoorzitting waarbij belanghebbenden afzonderlijk zijn gehoord (art. 7:6 Awb).

2. De voorzitter kan deze bevoegdheden mandateren aan de secretaris.

Artikel 9 Voorbereiding hoorzitting

1. De secretaris van de commissie bepaalt in overleg met de voorzitter plaats en tijdstip van de zitting waarin de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en de

verweerder in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen.

2. Als de secretaris van oordeel is dat een hoorzitting niet noodzakelijk is omdat een

ingediend bezwaar naar zijn mening kennelijk niet-ontvankelijk, kennelijk gegrond of kennelijk ongegrond is, informeert hij de voorzitter zo spoedig mogelijk

hieromtrent en communiceert met hem over te ondernemen (vervolg)stappen.

3. De voorzitter van de commissie is in verband met de behandeling van

bezwaarschriften bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te doen inwinnen. De voorzitter kan eveneens uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig

uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, dient vooraf door of namens het college toestemming verleend te worden.

4. De leden van de commissie dragen er zorg voor dat met aan hen verstrekte

privacygevoelige informatie zorgvuldig wordt omgegaan, zulks met het oog op de belangen van bezwaarmaker(s) en eventuele belanghebbenden. Zij dragen er zorg

voor dat documenten of digitale gegevensdragers welke persoonsgegevens bevatten niet in handen van derden terecht komen. Artikel 10 Uitnodiging

1. De secretaris nodigt namens de voorzitter de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste twee weken voor de hoorzitting schriftelijk uit.

2. Binnen vijf dagen na dagtekening van de uitnodiging kunnen de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden of het verwerend orgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de hoorzitting te wijzigen.

3. De beslissing van de voorzitter tot wijziging van het tijdstip wordt door de secretaris binnen drie werkdagen aan verzoeker, het verwerend orgaan en eventuele andere belanghebbenden meegedeeld.

4. De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen, genoemd in het eerste tot en met het derde lid.

Artikel 11 Onpartijdigheid leden van de commissie

De leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift als daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij mogen direct noch indirect enig persoonlijk en/of zakelijk belang bij de uitkomst van een in behandeling zijnde bezwaar hebben en laten zich als hiervan sprake is, vervangen. Artikel 12 Openbaarheid zitting

1. Hoorzittingen van de commissie zijn in beginsel openbaar.

2. De deuren worden gesloten als de commissie zulks wenselijk acht.

3. Een bezwaarmaker of een belanghebbende kan een verzoek tot sluiting van de

deuren aan de commissie richten. Een dergelijk verzoek dient uiterlijk voor aanvang van de inhoudelijke behandeling van het ingediende bezwaar tot de commissie worden gericht.

4. Bezwaarmaker, verweerder en andere belanghebbenden worden in beginsel in

elkaars aanwezigheid gehoord. De voorzitter beslist met inachtneming van het bepaalde in artikel 7:6 van de Awb of er afzonderlijk wordt gehoord.

Artikel 13 Hoorzitting

1. Voor het houden van een hoorzitting is vereist dat de voorzitter of zijn plaatsvervanger en tenminste één lid aanwezig zijn.

2. De voorzitter is bevoegd om namens de commissie te besluiten tot het afzien van het houden van een hoorzitting (art. 7:3 Awb) alsmede het namens de commissie uitbrengen van adviezen aan het verwerend orgaan, strekkende tot het kennelijk niet-ontvankelijk verklaren van ingediende bezwaren. Artikel 14 Verslaglegging

1. Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de Awb is digitaal en bestaat uit een geluidsopname van de hoorzitting.

2. De geluidsopname wordt in de regel niet schriftelijk uitgewerkt.

3. Op verzoek van een belanghebbende of het verwerend orgaan stelt de commissie de

geluidsopname digitaal ter beschikking. Als er sprake is van omstandigheden die daartoe aanleiding geven, kan de commissie toezending weigeren. In dat geval wordt een schriftelijk verslag verstrekt.

4. In afwijking van het tweede lid wordt de geluidsopname alsnog schriftelijk uitgewerkt indien:

a. De behandeling van een bezwaarschrift wordt aangehouden tijdens een hoorzitting en er een nieuwe hoorzitting wordt ingelast, of;

b. Een belanghebbende of het verwerend orgaan daar om verzoekt, of;

c. Een gerechtelijke instantie daar om verzoekt in geval van een (hoger) beroepsprocedure.

5. Het schriftelijke verslag vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid

en houdt een zakelijke vermelding in van hetgeen over en weer is gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen.

Artikel 15 Nader onderzoek

1. Als na afloop van de hoorzitting maar voordat het advies wordt opgesteld, blijkt dat nader onderzoek wenselijk is, kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de commissie dit onderzoek (laten) houden. In geval daaraan kosten zijn verbonden, dient vooraf door of namens het college van burgemeester en wethouders toestemming te worden verleend.

2. De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbende(n) toegezonden.

3. De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist zo spoedig mogelijk op een dergelijk verzoek.

4. Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

Artikel 16 Advisering

1. De advisering door de commissie dient steeds door drie leden te geschieden.

2. De commissie verricht op grondslag van een ingediend ontvankelijk bezwaar een heroverweging van het bestreden besluit en brengt advies uit aan het verwerend orgaan. Voor zover de heroverweging daartoe aanleiding geeft, adviseert de

commissie het bestuursorgaan over te gaan tot gehele of gedeeltelijke herroeping van het bestreden besluit.

3. De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies.

4. De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. Als bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter.

5. Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt als die minderheid dat verlangt.

6. Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend. De leden van de commissie ontvangen een afschrift van dit advies.

Artikel 17 Uitbrengen van het advies en verdaging van de beslissing

1. Het advies van de commissie en eventuele andere van belang zijnde stukken,

waaronder een desgevraagd schriftelijk verslag van de hoorzitting, worden met het

oog op het te nemen besluit op bezwaar tijdig uitgebracht aan het verwerend orgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen.

2. De voorzitter en de secretaris waken ervoor dat het advies van de commissie

minimaal drie weken vóór afloop van de beslistermijn, genoemd in artikel 7:10 Awb, aan het verwerend orgaan wordt meegedeeld.

3. Als naar het oordeel van de voorzitter of de secretaris de beslistermijn van 12

weken, genoemd in artikel 7:10 Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het

uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt de secretaris het verwerend orgaan tijdig om de beslissing op bezwaar te verdagen.

4. Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de belanghebbende(n) een afschrift.

HOOFDSTUK V

SLOTBEPALINGEN

Artikel 18 Jaarverslag

De commissie brengt jaarlijks vóór 1 juli aan het college schriftelijk verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar. De secretaris is belast met de redactie van het jaarverslag. De gemeenteraad wordt door middel van een raadsinformatiebrief geïnformeerd. Artikel 19 Bezoldigingsregeling

Het college stelt een vergoedingenregeling vast voor de werkzaamheden van de leden

van de commissie. De secretaris draagt zorg voor tijdige en correcte betaalbaarstelling van de vergoedingen aan de leden van de commissie. Artikel 20 Nadere instructie

Het college is bevoegd nadere regels te stellen met betrekking tot de werkwijze van de commissie, haar leden en de secretaris van de commissie. Artikel 21 Datum inwerkingtreding / intrekking

1. Deze verordening treedt na bekendmaking in werking met ingang van 1 januari 2025.

2. De “Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Stein 2021” wordt met ingang van 1 januari 2025 ingetrokken, zulks met dien verstande dat deze verordening van kracht blijft voor op deze datum aanhangig zijnde bezwaarprocedures. Artikel 22 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening Commissie Bezwaar Gemeente Stein 2025”.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Stein&id=34c0e5c7-15e2-4a11-a21a-aeb9203d102a