CConstaterende datStein
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel inzake Oplegnotitie UVP ‘VAN AFVAL NAAR GRONDSTOF 22-25.pdf

Beeldvormende bijeenkomst 15 juni 2022, gemeente SteinBij agendapunt: Raadsvoorstel Uitvoeringsplan Grondstoffen1.751 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderwerp '25’ Vergaderdatum Zaaknummer

Raadsvoorstel inzake Oplegnotitie UVP ‘VAN AFVAL NAAR GRONDSTOF '22-

0971192369

Aan de Raad Voorstel De gemeenteraad wordt voorgesteld: 1. De Oplegnotitie Regionaal Uitvoeringsplan (UVP) ‘VAN AFVAL NAAR GRONDSTOF 20222025’ vast te stellen. 2. De incidentele en structurele effecten conform voorstel mee te nemen in de begroting 2023 en te besluiten de dekking te verwerken in de afvalstoffenverordening. 3. Kennis te nemen van het extern advies RAP-Regionaal Uitvoeringsplan Westelijke Mijnstreek-4.0-. Inleiding De gemeente Beek, Sittard Geleen en Stein willen het gezamenlijk beleid voor de inzameling van huishoudelijk afval aanscherpen. In het Regionaal Beleidskader Van Afval naar Grondstof (VANG) 2025 stelden de gemeenteraden van Beek, Sittard-Geleen en Stein hiervoor doelen voor 2025 en 2030. Het hoofddoel voor 2025 is om in 2025 maximaal 100 kg restafval (fijn en grof) per inwoner per jaar in te zamelen. Voor 2030 is het doel maximaal 30 kg restafval per inwoner per jaar. Om uitvoering te geven aan deze doelen, is door een extern bureau het Regionaal Uitvoeringsplan (UVP) ‘VAN AFVAL NAAR GRONDSTOF 2022-2025’ (18 maart 2022) opgesteld. Uit dit UVP wordt een aantal maatregelen overgenomen door de drie gemeenten. In het ambtelijk advies - de oplegnotitie - zijn de maatregelen opgenomen die van meerwaarde worden geacht om het gestelde doel te realiseren.

Zo zijn diverse onderzoeken als maatregel geschrapt en wordt de voorgestelde uitbreiding van ambtelijke capaciteit beperkt.

Beoogd effect: Door de voorgestelde aanscherping van het afvalinzamelingsbeleid voor huishoudelijk afval, wordt afval beter gescheiden. Dit zorgt ervoor dat in Beek, Sittard-Geleen en Stein respectievelijk nog maar 87,8, 96,2, en 91,4 kg per inwoner per jaar aan restafval wordt geproduceerd. Daarmee wordt voldaan aan het doel van maximaal 100 kg restafval per inwoner per jaar. Argumentatie 1. De opgenomen maatregelen dragen bij aan het beoogde doel van maximaal 100 kg restafval per inwoner per jaar.

1 van 5

Verwacht wordt dat vaker PMD inzamelen (van 13 keer naar 26 keer per jaar) leidt tot 20% meer PMD inzameling. Door minder vaak restafval te verzamelen (van 26 naar 13 keer per jaar) en de tarieven voor GFT-inzameling te verlagen en tegelijk die voor restafvalinzameling te verhogen, wordt een afname van aangeboden restafval met 40% en 20% meer aangeboden GFT inzameling verwacht. Om de maatregelen tot een succes te maken wordt er een communicatiestrategie opgesteld en uitgevoerd voor de nieuwe maatregelen en worden grondstoffencoaches ingezet die inwoners informeren over de veranderingen en het nut van goed afval scheiden. Ook wordt de gescheiden inzameling van luiers en incontinentiemateriaal mogelijk gemaakt (in de pilot wordt bekeken wat de beste manier hiervoor is en wat de juiste plekken zijn voor containers). Dit om te zorgen dat het minder vaak ophalen van restafval niet leidt tot onhygiënische situaties. Verder wordt gezorgd dat het afvalbeleid zo veel mogelijk gelijk is voor de verschillende doelgroepen. Daarom wordt door afvalscheiding op scholen en in de hoogbouw zo veel mogelijk hetzelfde ingericht als afvalscheiding bij huishoudens. Tenslotte worden de milieuparken in de Westelijke Mijnstreek vernieuwd. Er wordt een plan van aanpak opgesteld om deze milieuparken om te vormen naar circulaire ambachtscentra.

2. Aansluiting op eerdere besluitvorming Aanvullend wordt in de periode tot en met 2025 ook gestart met de ombouw van de milieuparken tot circulaire ambachtscentra en wordt hier niet mee gewacht tot de periode 2025-2030 (zoals Kragten adviseert). Dit sluit aan bij eerdere besluitvorming. Met collegenota nummer 0971188438 is er besloten over de herinrichting van het milieupark Stein, zodat deze voldoet aan de wettelijke vereisten. Hierin is ook vastgelegd dat de locatie Dieterenstraat een tijdelijke locatie betreft. In het plan van aanpak om de milieuparken om te vormen tot circulaire ambachtscentra zal het behoud van deze locatie en het sluiten van de tijdelijke locatie Dieterenstraat worden meegenomen. Met circulaire ambachtscentra wordt een stap gezet richting de circulaire economie door o.a. afvalinzameling te verbeteren, reparatiediensten aan te bieden en informatie te geven over grondstoffen en het voorkómen en scheiden van afval. Ook dit draagt bij aan het doel van maximaal 100 kg restafval per inwoner per jaar. Uiteraard houdt het naar voren halen van deze maatregel in dat daarmee ook de kosten per huishouden stijgen (zie Financiën).

Kanttekeningen: 1. Niet alle maatregelen uit het externe rapport van Kragten worden overgenomen. Niet alle adviezen uit het UVP opgesteld door Kragten zijn overgenomen in de ambtelijke oplegnotitie. Deze keuze is gemaakt omdat een deel van de maatregelen uit het UVP niet bijdragen aan de doelstelling en een te grote lastenverzwaring veroorzaakt. 2. Niet alle maatregelen gelden voor iedere gemeente. Maatregelen 7 KCC taken overdragen aan RWM, geldt alleen voor de gemeente Sittard-Geleen. De kosten zijn dan ook alleen aan deze gemeente toegerekend. Voor de gemeente Stein en Beek liggen dezen taken reeds bij RWM. De pilot ten aanzien van Hoogbouw (maatregel 8) vindt plaats in Sittard-Geleen. De kosten van de pilot zijn op basis van percentage hoogbouw verdeeld over de drie

2 van 5

gemeenten. Het doel is immers om de pilot uit te bouwen naar alle gemeenten. Dan is het niet reëel om voor de testfase en de aanschaf van materieel dat daarvoor nodig is bij een gemeente neer te leggen. Extra personele capaciteit: In de oplegnotitie en de bijbehorende matrix wordt de extra personele inzet toegelicht. Door het trekkerschap van de maatregelen te verdelen over de drie samenwerkende gemeenten, worden de maatregelen zo efficiënt mogelijk uitgevoerd. Hiermee wordt ingeschat dat de door Kragten voorgestelde extra 1,3 fte voor de gemeente Beek en Stein en 1,8 fte extra voor Sittard-Geleen niet nodig is. In plaats daarvan groeien de drie gemeenten naar de genoemde fte. Dit betekent: Om de beleids- en regiecapaciteit op orde te brengen, dient Stein te beschikken over 0,8 fte (Sittard-Geleen: 1,5 fte, Beek: 0,8 fte). Dit betekent voor Stein een verhoging van 0,3 fte aangezien de gemeente nu beschikt over 0,5 fte. Om het UVP te realiseren hebben alle 3 de gemeenten 0,5 fte extra capaciteit nodig. Het advies is de extra capaciteit in te zetten als flexibele schil om organisatiedruk tussen gemeenten te verminderen. Hiermee bedoelen we dat de pilots verdeeld worden over de verschillende gemeenten en niet iedere 0,5 fte bij alle pilots betrokken is. Door afstemming blijven we het geheel volgen.

De dekking is voorzien per 1 januari 2023 en dus ook de uitbreiding vindt per die datum plaats. Financiële onderbouwing In onderstaand overzicht zijn kosten van het uitvoeringsplan ‘Van afval naar grondstoffen 2022-2025’ voor de gemeente Stein gespecificeerd en ingedeeld naar structurele en incidentele kosten:

Kosten uitvoeringsplan ‘Van afval naar grondstoffen 2022-2025’

kosten Structureel

incidenteel

beleidscapaciteit op peil (0,3 fte)

27.000

-

Extra beleids- en regiekracht UVP (0,5 fte)

42.500

-

Maatregelen uitvoeringsplan

158.467

240.725

Totaal

227.967

240.725

19,69

20,79

Extra lasten per huishouden (11.577) per jaar

De gemeente heeft een wettelijk inzamelplicht voor het afval van huishoudens. Op grond van artikel 15.33 van de Wet Milieubeheer mogen gemeenten voor de inzameling van het afval van huishoudens een afvalstoffenheffing invoeren. De opbrengsten de afvalstoffenheffing

3 van 5

mogen maximaal 100% kostendekkend zijn. Op basis hiervan is het toegestaan de kosten die voortvloeien uit het uitvoeringsplan ‘Van afval naar grondstoffen’ voor 100% te dekken uit de afvalstoffenheffing. Om de stijging van de incidentele kosten van € 20,79 te dempen stellen we voor de incidentele kosten (middels verrekening met de egalisatiereserve) te spreiden over de 3 jaar van de doorlooptijd van het uitvoeringsplan. Een optie hierbij is om een deel van de incidentele kosten te dekken door over de egalisatiereserve afval te beschikken. In de concept jaarrekening 2021 wordt een bedrag van € 135.000 toegevoegd aan de egalisatiereserve doordat in 2021 als gevolg van gewijzigde wetgeving ten onrechte compensabele BTW is doorberekend in het afvaltarief. Door deze incidentele meevaller in te zetten voor de gedeeltelijke dekking van incidentele kosten kan de tariefstijging gedurende 3 jaar verder gedempt worden. De verdeling van deze € 135.000 over 3 jaar over 11.577 aansluitingen maakt een verlaging van het tarief met € 3,88 mogelijk. In onderstaand overzicht is de stijging van de meerjarige tarieven weergeven waarbij de incidentele kosten gelijkelijk verspreid zijn over de looptijd van het plan, 2022-2025.

Tariefstijging

2023

2024

2025

2026

2027

Structureel

19,69

19,69

19,69

19,69

19,69

Incidenteel (over 3 jaar)

6,93

6,93

6,93

-

-

Demping door inzet egalisatiereserve

-3,88

-3,88

-3,88

-

-

Totaal

22,74

22,74

22,74

19,69

19,69

Op basis van de concept jaarrekening 2021 is het saldo van deze reserve per 31 december 2021 € 402.000. Omdat in de begroting 2022 een onttrekking is opgenomen van € 27.000 is het geprognotiseerde saldo van deze reserve € 375.000. Na de voorgestelde beschikking van € 135.000 (3 X € 45.000) resteert een saldo van € 240.000. In de vergadering van 17 februari 2022 heeft de Raad het nieuwe VTH-beleid 2022-2026 vastgesteld. Op basis van dit beleid worden structureel € 36.000 minder kosten aan de afvalstoffenheffing doorberekend. Uitgaande van 11.577 aansluitingen betekent dit een structurele verlaging van het afvaltarief van € 3,11. Deze minderkosten worden bij het opstellen van de begroting 2023 meegenomen bij de actualisatie van alle aan de afvalstoffenheffing door te berekenen kosten en opbrengsten. Op basis van de begroting 2023 wordt vervolgens het tarief voor 2023 berekend. Bij de inhoud van deze paragraaf moeten nog een tweetal kanttekeningen gemaakt worden: • Door invloeden van de markt en aanpassingen van (milieu)belastingen zet de reeds eerder ingezette trend van stijgende kosten van afvalverwerking zich voort. De verwachting is dan ook dat in toekomst naast eerder genoemde stijgingen aanvullende tariefstijgingen noodzakelijk zullen zijn;

4 van 5

•

Bij bovenstaande kostenopstelling van het uitvoeringsplan ‘Van afval naar grondstoffen’ moet een voorbehoud worden gemaakt bij de genoemde bedragen; de omvang van de kosten en de verdeling over de deelnemende gemeenten vraagt op onderdelen nog een nadere onderbouwing;

Bijdrage aan strategische toekomstvisie 2018-2022: De voorgestelde aanscherping van het afvalbeleid zorgt voor het verminderen van afval, het beter benutten van afval (grondstoffen) en het vergroten van het bewustzijn van inwoners m.b.t. afval en grondstoffen. Daarmee wordt het effect op de leefomgeving en het milieu verlaagd en draagt het bij aan kernwaarde 2 ‘Een duurzame leefomgeving met unieke waarden’. Relevante beschikbare achtergrondinformatie

Burgemeester en Wethouders, de Secretaris,

de Burgemeester,

ValidSigned door Jeroen Sanders op 07-06-2022

ValidSigned door Marion Leurs-Mordang op 07-06-2022

5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Stein&id=93a3f84a-d323-4d30-86cc-272835e1b483