CConstaterende datStein
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel financiele stukken BsGW 2024

Beeldvormende bijeenkomst 5 juni 2024, gemeente SteinBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake Financiële stukken BsGW2.379 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderwerp Vergaderdatum Zaaknummer

Raadsvoorstel inzake financiële stukken BsGW 13 juni 2024

20240503148552

Aan de Raad Voorstel De gemeenteraad wordt voorgesteld: 1. Kennis te nemen van de financiële stukken van BsGW; de voorlopige jaarrekening 2023, de kadernota 2025, de ontwerpbegroting 2025 en de meerjarenbegroting 2026-2029; 2. Geen zienswijze kenbaar te maken aan het dagelijks bestuur van de BsGW ten aanzien van de ontwerpbegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028.

Inleiding Ingevolge artikel 197 van de Gemeentewet (en de Wet Gemeenschappelijke Regelingen) legt het Dagelijks Bestuur van BsGW ieder jaar verantwoording af over het gevoerde financiële beheer, onder overlegging van de jaarrekening. Overeenkomstig artikel 24 van Wet Gemeenschappelijke Regelingen biedt BsGW de ontwerpbegroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2029 aan de gemeenteraad van Stein aan. Voordat het Algemeen Bestuur (AB) van BsGW de begroting 2025 vaststelt, wordt de raad in de gelegenheid gesteld om zijn zienswijze op de ontwerpbegroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2029 kenbaar te maken. Argumentatie Voorlopige jaarrekening 2023 (concept versie d.d. 30 april 2024) Over het geheel van 2023 is een negatief resultaat behaald van € 1,293 miljoen. Dit negatieve resultaat wordt vooral veroorzaakt door: Personeelskosten: Huisvestingskosten:

€ 2,431 miljoen (voordeel) € 93 duizend (voordeel)

Afschrijvingskosten ICT-kosten: Operationele kosten:

€ 344 duizend (nadeel) € 2,466 miljoen (nadeel) € 3,926 miljoen (nadeel)

Bank en- rentekosten € 114 duizend (voordeel) Overige opbrengsten: € 729 duizend (voordeel) Renteopbrengsten: € 711 duizend (voordeel) Extra WOZ-bezwaren: € 2,773 miljoen (nadeel)

Een uitgebreide toelichting bovenstaande posten vindt u vanaf blz 42 van de jaarrekening 2023. Verwerking projectkosten OOP

De nieuwe accountant (RSM) van de BSGW kijkt anders aan tegen de verwerkingswijze van het project OOP dan de vorige accountant (EY). RSM is van mening dat de projectkosten OOP niet op de balans geactiveerd mogen worden. In plaats van het tot en met 2027 via de balans in tranches ten laste van het resultaat brengen van de projectkosten OOP, dienen de projectkosten OOP volgens RSM ten laste van het resultaat te worden genomen op het moment dat de lasten zijn gerealiseerd. Dit betekent voor de huidige situatie dat de lasten, die in voorgaande jaren zijn gerealiseerd, alsnog ten laste van het resultaat dienen te worden gebracht. Dit is verwerkt in de jaarrekening van 2023. Hier staat dan wel tegenover dat de begroting van BsGW met ingang van dit jaar stapsgewijs benedenwaarts wordt bijgesteld. Per saldo heeft dit dus geen gevolgen voor de deelnemers. De jaarrekening 2023 en de bestemming van het resultaat moeten vóór 15 juli worden vastgesteld. De definitieve jaarrekening 2023 wordt in de vergadering van 27 juni 2024 door het Algemeen Bestuur BsGW vastgesteld Kadernota 2025 De financiële gevolgen van de kaders zoals opgenomen in de kadernota zullen worden verwerkt in de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2029.

Het betreft hier de jaarlijkse indexering, het continueren van het Samenwerkingsportaal tot en met 2029 (in plaats van 2027) en het creëren van een nieuwe bestemmingsreserve AHA. Ten aanzien van dit laatste punt zal een separaat besluitvormingstraject plaatsvinden. Hierin wordt conform afspraak uiterlijk eind 2024 voorzien. Het uitgangspunt voor de indexatie van de salariskosten en materiële lasten is de septembercirculaire van het Centraal Planbureau (CPB), respectievelijk de ‘loonvoet sector overheid’ en de ‘nationale consumentenprijsindex’. BsGW hanteert voor de indexeringen 2025 het drie-jaars gemiddelde voor het nog lopende jaar 2023 en toekomstige jaren 2024 en 2025 op. Mocht de septembercirculaire d.d. 2024 van het CPB daartoe aanleiding geven, dan zal dienovereenkomstig een correctie plaatsvinden via de bestuurlijk vastgestelde P&C-cyclus van BsGW.

Ontwerpbegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2029 De ontwerpbegroting geeft inzicht in de raming voor het jaar 2025 plus een vooruitblik op de jaren 2026 tot en met 2029. Voorgaand jaar gaf de BsGW een meerjarenraming van 3 jaar; dit jaar geeft men wederom een meerjarenraming van 4 jaar. Per saldo stijgen de reguliere bijdragen 2025 van de deelnemers van BsGW, met € 4,197 miljoen ten opzichte van de begroting 2024. Van dit verschil is € 2,149 miljoen het gevolg van het door het AB BsGW genomen besluit (AB 7-12-2023 en 25-01-2024) om de opbrengst vervolgingskosten niet meer op te nemen in de begroting van BsGW maar de werkelijke opbrengsten rechtstreeks aan de betreffende deelnemers af te dragen. Het overige wordt veroorzaakt door de loon- en prijsindexering, de doorontwikkeling van het Samenwerkingsportaal en de vorming van een bestemmingsreserve ICT 2025-2029. Daarnaast kent BsGW maatwerkvarianten waarvan de uitvoering separaat wordt geoffreerd en gefactureerd bij de betreffende deelnemers. Onderstaand gaan we nader in op onderwerpen en ontwikkelingen die zorgen voor een financieel effect op de exploitatiebegroting 2025 van de BsGW; Loonindexering en prijsinflatie BsGW valt onder de CAO Werken voor Waterschappen. Eind 2023 is een onderhandelingsakkoord gesloten voor de CAO 2024.

De CAO 2024 heeft een structureel effect van ruim 5,5 %, dat wordt doorberekend in de voorliggende begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2029. De indexering voor goederen en diensten voor 2025 zijn gebaseerd op de meest recente raming van het Centraal Planbureau. Voor de jaren 2026-2029 wordt gerekend met dezelfde indexering. Forse inflatiecijfers zoals in 2022/2023 worden niet verwacht. Wel is zowel de nationale consumentenprijsindex als de verwachte loonvoetontwikkeling voor de sector overheid nog altijd een stuk hoger dan vóór 2022/2023. Proceskosten In 2023 zijn er fors meer WOZ-bezwaren ontvangen dan in de jaren ervoor. De totale proceskosten zijn in 2023 toegenomen met € 2,7 mln. Dit zou normaal gesproken leiden tot een stijging in de begroting van 2025, echter is eind 2023 de Wet herwaardering proceskostenvergoeding WOZ (en bpm) aangenomen. Ondanks de hierin opgenomen reductie van de proceskostenvergoeding - in combinatie met de uitkering hiervan aan de belanghebbenden in plaats van de no cure no pay-bedrijven (ncnp-bedrijven) – is nog onzeker of dit tot lagere proceskosten (uitkerings- en uitvoeringskosten) bij BsGW zal leiden. Het is bijvoorbeeld niet uitgesloten dat genoemde bedrijven op zoek gaan naar anders mogelijkheden zoals intensievere en bredere inzet Artificial Intelligence en/of meer bezwaren tegen andere soorten heffingen.

Met het oog hierop zijn de kosten van 2023 uitsluitend geïndexeerd. Daarnaast is het standaardtarief in de bezwaarfase door de advocaat-generaal ter discussie gesteld. Dit tarief zou in zijn verhoogd moeten worden met 100%. Om dit risico af te dekken is in het weerstandsvermogen een bedrag opgenomen in relatie tot de proceskostenvergoeding van € 300.000.

Doorontwikkeling samenwerkingsportaal Initieel was dit project (toen nog Regieportaal) aangegaan voor de looptijd tot en met 2024 voor bedrag van € 250 duizend per jaar. Uit oogpunt van zekerheid en continuïteit is – reeds in de begroting 2024 - het Samenwerkingsportaal begrotingstechnisch in de meerjarenraming 2025 – 2027 opgenomen, waarbij is besloten het bedrag te verhogen naar € 350 duizend per jaar (nominaal) om zo de door de deelnemers gewenste verdere doorontwikkeling vorm te kunnen geven. Vorming bestemmingsreserve ICT 2025-2029 De BsGW heeft de aanbesteding van applicaties, software en hosting afgerond en de implementatie van deze projecten is in 2023 gestart met een uitloop naar 2024. Vanaf 2025 moeten middelen worden gereserveerd (middels een bestemmingsreserve) voor de volgende aanbesteding in 2028 inclusief de daaropvolgende implementatie in 2029. Zodra het huidige aanbestedingstraject is afgerond en de gerealiseerde programmakosten bekend zijn, komt het Dagelijks Bestuur BsGW hiertoe eind 2024 met een voorstel (AB 8-12-2022). Vooruitlopend hierop is -op basis van het huidige prijspeil van de huidige bestemmingsreserve– in de voorliggende begroting voor de jaren 2025-2029 begrotingstechnisch een geschat bedrag opgenomen van € 555.000,- per jaar.

Mocht het bestuursvoorstel hier aanleiding toe geven, dan kan dit geschatte bedrag worden gewijzigd via de bestuurlijk vastgestelde P&C-cyclus. Het Ondernemings- en Ontwikkelplan (OOP) Het ontwikkeltraject voor de herijking van de organisatie heeft geleid tot het Ondernemingsen Ontwikkelingsplan. Momenteel bevindt zich dit plan in de fase 2, waarbij de eerder gemaakte projectkosten moeten worden terugverdiend middels een taakstelling “ oplopende kostenreducties”. Voor 2025 bedraagt deze taakstelling € 800.000,-. Deze kostenreductie leidt met ingang van 2028 tot een structurele reductie van de nettokosten van € 1,3 miljoen. Vanaf het jaar 2028 wordt de structurele daling van de deelnemersbijdrage à € 1,3 miljoen verwerkt in de begroting (AB 14-12-2017). Weerstandsvermogen Het benodigde weerstandsvermogen is gebaseerd op een jaarlijks bij het opstellen van de ontwerpbegroting uitgevoerde risicoanalyse en is voor de voorliggende ontwerpbegroting berekend op € 1,137 miljoen. Het aanwezige weerstandsvermogen bedraagt eind 2023 (vóór resultaatbepaling 2023) € 1,502 miljoen. Het verschil tussen het aanwezige en het benodigde weerstandsvermogen bedraagt € 365 duizend. De inzet van dit bedrag zal worden meegenomen bij de resultaatbepaling 2023 (AB 27-6-2024). Het voorgenomen DB-besluit resp.

AB-voorstel is om deze € 365 duizend in te zetten voor de ‘voeding’ van de nieuwe bestemmingsreserve ICT 2025-2029. Kostenverdeelmethode en bijdragen deelnemers Door het bestuur is afgesproken (AB 25-6-2020) dat een nieuwe kostenverdeelsystematiek wordt vastgesteld, omdat de indruk bestond dat er diensten worden verleend, die niet één op één worden doorberekend. Harmonisatie van de beleids- en uitvoeringsregels en de daarmee samenhangende processen is onlosmakelijk verbonden met de kostenverdeelmethode (KVM). Er is daarom samen met de deelnemers een Harmonisatietraject opgestart (AB 9-12-2021)

waarbij de verschillende producten, die BsGW levert aan haar deelnemers op het gebied van belastingheffing en -inning, zijn onderverdeeld in: voorkeursvarianten, waarbij nog onderscheid wordt gemaakt in de meer arbeidsintensieve belastingsoorten; maatwerkvarianten; externe heffingen. Dit heeft er in geresulteerd dat vanaf 2024 de laatste twee categorieën voortaan via een separaat offerte- en factureringstraject in rekening worden gebracht bij de betreffende deelnemers. De kosten voor de reguliere belastingsoorten c.q. voorkeursvarianten worden via de kostenverdeelmethode bij de deelnemers in rekening gebracht. De nieuwe KVM treedt per 1 januari 2025 in werking. De opbrengst vervolgingskosten zal vanaf 2025 rechtstreeks aan de deelnemers worden afgedragen. Deze maakt derhalve geen onderdeel meer uit van de begroting van BsGW zelf. Dit resulteert in een negatief effect op de begroting van BsGW en een positief effect op de eigen begroting van de desbetreffende deelnemer. Buiten dat heeft de nieuwe KVM geen financiële gevolgen voor de begroting van BsGW zelf, maar wel in de doorbelasting van de kosten aan de deelnemers van BsGW.

Financieel effect op de (explotatie)begroting 2025: Per saldo stijgen de netto kosten 2025, en daarmee ook de bijdrage voor 2025 van de deelnemers met maximaal € 3,397 miljoen euro t.o.v. de ontwerpbegroting 2024 als gevolg van onderstaande posten: Zekere ontwikkelingen: CAO 2024 Indexering salarissen Inflatie Doorontwikkeling Samenwerkingsportaal Vorming bestemmingsreserve ICT 2025-2029

€ € € € €

340.000 915.000 384.000 100.000 555.000

Effect Harmonisatie en kostenverdeelmethode: Opbrengst vervolgingskosten € 2.149.000 Interne kosten maatwerk via offerte -/€ 246.000 Taakstelling OOP

-/-

€

800.000

Totaal:

-/-

€ 3.397.000

Aangezien de voorliggende ontwerpbegroting 2025 van BsGW in lijn is met de eerdere besluitvorming, stellen wij voor om de raad kennis te laten nemen van de voorliggende ontwerpbegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 en geen zienswijze in te dienen bij het dagelijkse bestuur van de BsGW.

Kanttekeningen: Vanuit de SGOVP (samen grip op verbonden partijen) is aan de deelnemers het volgende tekstvoorstel gedaan als algemene zienswijze.

Evenals afgelopen jaar vinden wij het van belang om de financiële consequenties ten gevolge van ambities en autonome kostenontwikkelingen (zoals loon- en prijsstijgingen) als aandachtspunt te benoemen. Zoals bekend, is het voor (veel) gemeenten hoogst onzeker hoe de financiële toekomst er (zeker vanaf 2026) uitziet. De draagkracht van gemeenten staat enorm onder druk. Derhalve doen wij hierbij, evenals afgelopen jaar, de oproep om de financiële gevolgen komende jaren primair binnen de eigen begroting op te vangen. In de loop van 2024 verwachten wij meer helderheid te krijgen over de perspectieven voor 2025 en verder voor wat betreft de gemeentelijke financiën. Een vertaling hiervan in consequenties richting onze gemeenschappelijke regelingen (indicatief een taakstelling van 5-10%) volgt dan ook later dit jaar met het verzoek om voorstellen te doen hoe een dergelijke besparing in de werkzaamheden gerealiseerd kan worden. Dit uitgangspunt geven wij overigens aan alle GR-en mee en zal ook met de verschillende deelnemende gemeenten worden opgepakt. Deze algemene zienswijze is begrijpelijk, maar past niet bij de hiervoor genoemde argumenten. Wij adviseren deze lijn met betrekking tot de BSGW niet te volgen, omdat er reeds een besparingsopgave is ingeboekt in de meerjarenbegroting van de BSWG. Het opnemen van een extra taakstelling of het opvangen van indexering staat daar haaks op.

De zienswijze is ambtelijk dan ook niet overgenomen in dit advies aan uw raad. Financiële onderbouwing De jaarrekening 2023 De voorlopige jaarrekening 2023 zal op 23 mei 2024 a.s. definitief vastgesteld worden door het Dagelijks bestuur van BsGW. Daarna zal deze ter vaststelling worden aangeboden aan het Algemeen Bestuur op 27 juni 2024. De bestemming van het rekeningresultaat zal dan ook behandeld worden waarbij een bijstorting wordt gevraagd voor het geleden verlies van 2023. De begroting 2025-2029 Voor het jaar 2025 wordt van de gemeente Stein een bijdrage gevraagd van € 553.459 inclusief het maatwerk. Bij het opstellen van de meerjarenbegroting van de gemeente Stein zal rekening gehouden worden met de doorrekening van de structurele lasten in 2025-2029 zoals in onderstaande tabel is weergegeven. Met ingang van 2025 zijn de opbrengsten ontstaan uit de vervolgingskosten niet meer in de begroting van de BSGW worden verwerkt. Deze zullen rechtstreeks aan de gemeente Stein toekomen en zullen separaat in de begroting 2025 en de meerjarenbegroting 2026-2028 van de gemeente Stein worden verwerkt.

In de bovenstaande meerjarenberekening is nog geen rekening gehouden met een voordelig effect met betrekking tot de overgang van halfjaarlijkse aanslagoplegging afvalstoffenheffing m.b.t. de variabele tarieven tot een jaarlijkse aanslagoplegging afvalstoffenheffing. Daarnaast is in de conceptmeerjarenbegroting vanaf 2028 nog geen rekening gehouden met de besparingen vanuit het OOP, welke een gunstig effect moet hebben op onze bijdrage. Ons advies is dan ook om het effect van 2025 ad. € 23.000 structureel te verwerken in de meerjarenbegroting en niet te verhogen conform de bijdrage door BSGW aangegeven.

Bijdrage aan strategische toekomstvisie 2018-2022: N.v.t. Relevante beschikbare achtergrondinformatie 1. Aanbiedingsbrief voorlopige jaarrekening 2023 BsGW; 2. Voorlopige jaarrekening 2023 BsGW; 3. Resultaat jaarrekening 2023 plus OOP; 4. Aanbiedingsbrief Kadernota 2025 MJR 2026-2029; 5. Kadernota begroting 2025 MJR 2026-2029; 6. Kadernota begroting 2025 MJR 2026-2029 bijlagen; 7. Aanbiedingsbrief ontwerpbegroting 2025 en MJR 2026-2029; 8. Ontwerpbegroting 2025 en MJR 2026-2029

Burgemeester en Wethouders, de Secretaris,

ValidSigned door Wim Ploeg op 23-05-2024

de Burgemeester, ValidSigned door Marion Leurs-Mordang op 23-05-2024

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Stein&id=fb470633-84cb-4293-a698-d7bced5b14f7