CConstaterende datStein
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2022-2025.pdf

Besluitvormende raadsvergadering 4 november 2021, gemeente SteinBij agendapunt: Raadsvoorstel Programmabegroting 2022-202535.670 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

€ 8.575 € 3.750 € 3.550 € 5.400

73

Het negatieve resultaat komt ten laste van de gevormde voorziening 'Te verwachten verliezen'. Ter afdekking van het extra tekort heeft in 2021 een extra storting in de voorziening ‘Te verwachten verliezen’ plaatsgevonden ten laste van de Algemene Reserve. Een en ander conform de nota Reserves en Voorzieningen.

Complex

x 1.000

2022

Geraamde boekwaarde ultimo: 2023 2024

Samen bouwen Meerdel

-128

4.348

Totaal

-128

4.348

2025

Verwacht resultaat ultimo 2022 -60.424

Realisatie in

2024

* = negatief (-/-) betekent verlies Strategische gronden Gebleken is dat het verwerven van grond ten behoeve van ontwikkelingen (groenprojecten, infra) binnen de gemeente steeds vaker een knelpunt wordt. Derhalve is in de nota Grond- en vastgoedbeleid ingezet op anticiperende, proactieve en gelegenheidsverwerving. Bij de verantwoording van de strategische gronden worden de richtlijnen van de commissie BBV in acht genomen. Middels een raadsinformatiebrief en via de P&C cyclus wordt de raad achteraf geïnformeerd over het beschikbaar gesteld budget voor anticiperende , proactieve en gelegenheidsverwerving.

Risico's In zijn algemeenheid kan gesteld worden dat door de toenemende complexiteit van de ontwikkelingen, de hoogte van de investeringen de risico’s in de grondexploitaties alsmaar groter worden. Inzicht in het verloop van de financiële prognoses alsmede de risico’s is daarom van groot belang. Voorziening te verwachten verliezen Geldend beleid is dat positieve exploitatiesaldi ten gunste van de Algemene Reserve worden geboekt en dat de voorziening “Te verwachten verliezen grondexploitatie” de buffer vormt voor verliezen en risico’s binnen de grondexploitatie. Begrote stand en verloop voorzieningen: Voorziening te verwachte verliezen grondexploitaties x 1.000 Grondexploitatie Samen bouwen Meerdel Totaal

Ultimo 2022 60.424

Ultimo 2023

Ultimo 2024

Ultimo 2025

60.424

Op basis van de risicoanalyse en de uitgangspunten voor de “Voorziening te verwachten verliezen grondexploitaties” zoals opgenomen in de Nota Reserves en Voorzieningen en de Nota Grond- en vastgoedbeleid is de hoogte van de voorziening als volgt opgebouwd. • Het verwachte verlies op de grondexploitatie ‘Samen bouwen Meerdel’. Weerstandsvermogen Om inzicht te krijgen in de risico’s van de grondexploitaties wordt een risico-inventarisatie uitgevoerd. Deze risico-inventarisatie is opgenomen in de gemeente brede risico-inventarisatie, zie paragraaf “Weerstandsvermogen”.

74

Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding In de openbare ruimte vinden activiteiten plaats in het kader van wonen, werken en recreëren. Hiervoor is de openbare ruimte ingericht met kapitaalgoederen (infrastructuur). Deze kapitaalgoederen worden onderhouden en tijdig vervangen. De door de raad gewenste kwaliteit van de kapitaalgoederen is vastgesteld in beleidskaders. De vastgestelde beleidskaders zijn daarna, door het college, vertaald in beheerplannen waarin de kosten voor vervanging en onderhoud zijn opgenomen. De beheerplannen worden verwerkt in de begroting. De volgende kapitaalgoederen zijn in deze paragraaf opgenomen: • gebouwen en overige accommodaties • wegen • openbare verlichting • bruggen • rioleringen • groen

Gebouwen en overige accommodaties Beleidskaders In 2022 zal het in 2018 vastgestelde onderhoudsbeleid en bijbehorende beheerplannen worden geactualiseerd voor de periode 2023-2038. Beheerplan Jaarlijks wordt, voorafgaand aan de uitvoering, beoordeeld of de geplande werkzaamheden noodzakelijk zijn dan wel dat deze kunnen worden uitgesteld of doorgeschoven. Daarna worden de werkzaamheden waar mogelijk gebundeld en volgens de geldende inkoopprocedures in de markt gezet. Bij de gemeentelijke accommodaties is, gebaseerd op de geldende NEN 2767 normering (BOP), geen sprake van achterstallig onderhoud. Directe lasten onderhoud gebouwen X € 1.000

Rek. 2020

Begr. 2021

Begr. 2022

Begr. 2023

Begr. 2024

Begr. 2025

323 98

298 138

282 131

274 132

292 132

292 132

Ten laste van voorziening: Groot onderhoud accommodaties BOP Groot sporttechnisch onderhoud SOP

1.073 15

788 53

428 162

391 47

624 5

507 49

Totaal exploitatie + voorziening

1.509

1.277

1.003

844

1.053

980

Onderhoudsbudget exploitatie: Bouwkundig onderhoud BOP Sporttechnisch onderhoud SOP

Financiële vertaling Voor het groot bouwkundig en sporttechnisch onderhoud is een voorziening gevormd. Hierin wordt op basis van het vastgesteld beheerplannen jaarlijks een bedrag gestort. De hoogte van de storting wordt telkens bij het vaststellen van het beheerplannen geactualiseerd. In 2022 bedraagt de storting in de voorziening bouwtechnisch onderhoud € 538.400 en in de voorziening sporttechnisch onderhoud € 33.600. Brasserie Steinerbos Naar aanleiding van aanhoudende stankoverlast is een inspectie van het rioleringsstelsel uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat deze compleet moet worden vervangen, inclusief de 75

toiletgroepen die overigens sterk verouderd zijn. In het kader van toegankelijkheid zal tevens een mindervalide toilet worden gerealiseerd en de entree worden aangepast / verbeterd. In 2021 zijn, in overleg met Steinerbos BV, de voorbereidingen opgestart. De werkzaamheden worden in 2022 uitgevoerd. De geraamde renovatie/uitbreidingskosten van € 137.000 worden voor €44.000 gedekt uit de voorziening groot bouwkundig onderhoud. Voor het restantbedrag van € 93.000 is een investeringsbudget in de begroting 2022 opgenomen. Sloop voormalige schoolgebouwen Naar aanleiding van de mogelijke herontwikkelingen van de schoollocaties in Elsloo en Meers waarvoor aan uw Raad in 2022 het grondexploitatiecomplex inclusief de grondexploitatiebegroting wordt voorgelegd, zullen de voormalige schoolgebouwen gesloopt dienen te worden. Luifelconstructie sportaccommodatie Mergelakker Vanwege toenemende scheurvorming in de houten luifelconstructie boven de publiekstribune van voetbalvereniging Haslou is een inspectie uitgevoerd door een daartoe gespecialiseerd bedrijf. De scheurvorming is van dien aard dat deze gerepareerd dient te worden om toekomstige constructieveiligheid te kunnen waarborgen. De enige manier om deze scheurvorming te voorkomen is de in het weer staande liggers te bekleden met een plaatmateriaal. De totale geraamde kosten van € 80.000 worden opgenomen in de onderhoudsvoorziening.

Wegen Beleidskaders Op 30 juni 2016 heeft de raad de onderhoudsniveaus Beheer Openbare Ruimte (BOR)vastgesteld. De vastgestelde kwaliteit is van toepassing op de instandhouding van de verhardingen gedurende de technische levensduur in die gebieden waar de komende jaren geen grootschalige reconstructies of wijzigingen zijn gepland. Momenteel wordt samen met een vertegenwoordiging van de raad gewerkt aan de herijking van het Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR). De resultaten hiervan worden via de eerstvolgende bestuursrapportage in de begroting verwerkt. Beheerplannen Om de 2 jaar wordt - via inspectie - het beheerplan wegen geactualiseerd en wordt een doorkijk gegeven voor 15 jaren. Na beëindiging van het groot onderhoud 2019 zijn alle wegen in Stein geïnspecteerd. Op basis van deze inspectie is het nieuwe beheerplan opgesteld dat op 11 februari 2020 is vastgesteld door het college. De financiële gevolgen van het beheerplan zijn verwerkt in de begroting. Bij wegen is geen sprake van achterstallig onderhoud. Eind 2021 wordt het nieuwe beheerplan wegen 2022 opgesteld. Eventuele financiële consequenties van dit nieuwe plan worden in berap 1- 2022 meegenomen. Directe lasten onderhoud wegen x € 1.000

Rek. 2020

Begr. 2021

Begr. 2022

Begr. 2023

Begr. 2024

Begr. 2025

Onderhoudsbudget exploitatie: Klein onderhoud wegen Wegvoorzieningen (o.a. belijningen)

129 30

130 26

131 26

130 26

130 26

130 26

Ten laste van voorziening: Groot onderhoud wegen

590

652

593

594

626

626

Totaal exploitatie + voorziening

749

808

750

750

782

782

Financiële vertaling Vanaf 2010 is voor groot onderhoud wegen een voorziening gevormd. Hierin wordt op basis van het vastgesteld beheerplan jaarlijks een bedrag gestort. De hoogte van de storting wordt telkens bij het vaststellen van het beheerplan wegen geactualiseerd. Vanaf 2018 bedraagt de storting in de

76

voorziening groot onderhoud wegen € 627.000. Dit bedrag is met de vaststelling van het beheerplan 2020 ongewijzigd gebleven. In de voorziening groot onderhoud wegen worden geen kosten van rehabilitaties of reconstructies van wegen verantwoord. Deze worden als investering op het programma ‘Verkeer, vervoer en water' verantwoord en waar nodig toegelicht. Met het vaststellen het nieuwe wegbeheersplan (Q1, 2022) wordt ook inzichtelijk welke budgetten benodigd zijn voor rehabilitatie of reconstructies van wegen. Deze budgetten worden in de volgende begroting (2023) opgenomen.

Openbare verlichting Beleidskaders Samen met de nieuwe beheerder wordt begin 2022 een geactualiseerd beleidsplan opgesteld voor de periode 2022 - 2025. Na vaststelling van dit nieuwe beleid wordt ook het onderhoud van de openbare verlichting op basis van dit nieuwe beleid aanbesteed. Beheerplannen Het beheer en onderhoud van de openbare verlichting, door één externe partij, is eind 2021 van elkaar losgekoppeld. Eind 2021 is een nieuwe externe beheerder OVL aanbesteed. Bij openbare verlichting is geen sprake van achterstallig onderhoud. Financiële vertaling De financiële gevolgen van het nieuwe beleidsplan OVL 2022 - 2025 worden in het nieuwe beleidsplan meegenomen en aan de Raad ter goedkeuring voorgelegd. Uitgangspunt hierbij is onder andere het reduceren van de kostprijs. Directe lasten openbare verlichting x € 1.000 Onderhoudsbudget exploitatie: Energie Onderhoud Totaal exploitatie

Rek. 2020

Begr. 2021

Begr. 2022

Begr. 2023

Begr. 2024

Begr. 2025

94 177 271

86 186 272

135 186 321

135 185 320

135 185 320

135 185 320

Bruggen Beleidskaders In 2017 is het beheerplan civieltechnische kunstwerken opgesteld. Dit is een actualisatie en scopeverbreding van het meerjarig onderhoudsplan Kunstwerken dat op 7 juli 2011 door de raad is vastgesteld. Beheerplannen Het in 2011 opgestelde onderhoudsplan was gebaseerd op drie kunstwerken (de boogbrug Veestraat en de bruggen in de Nieuwe Postbaan en in de Brugstraat). Inmiddels heeft de gemeente meerdere bruggen in beheer zoals de fietsbrug Julianakanaal Stein, de brug in het Steinerbos, de brug in het Heidekamppark en zijn een drietal viaducten over de A76 deels in beheer van de gemeente Stein. Ook worden belangrijke duikers meegenomen in het onderhoudsplan. In 2019 is de boogbrug in de Veestraat vervangen en in 2020 is de brug in de vijver nabij de Heidekampweg/Mauritsweg in beheer van de gemeente gekomen. Tevens zijn in 2020 de voegovergangen van het viaduct Nieuwe Postbaan vervangen. In 2021 zijn een drietal duikers in de waterlossing de Ur geïnspecteerd ( Kap. Berixstraat, Steenwegstraat en Nederhof). De inspectie van de Kap. Berixstraat kon door lokale omstandigheden niet geheel worden uitgevoerd en een volgonderzoek is gepland in 2021. Op basis van de 2 jaarlijkse bruginspectie is in 2021 het meerjaren onderhoudsplan opgesteld. Hieruit volgend zijn aan diverse bruggen reinigings- en conserveringswerkzaamheden in 2021 uitgevoerd.

Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

77

Financiële vertaling Voor het onderhouden van de kunstwerken is een voorziening gevormd. Op basis van het huidige beheerplan wordt jaarlijks € 42.750 in de voorziening gestort. De tot het meerjaren onderhoudsplan en het projectenplan behorende investeringen en onderhoudsbudgetten worden verantwoord op het programma ‘Verkeer, Vervoer en Waterstaat’. Directe lasten onderhoud bruggen x € 1.000

Rek. 2020

Begr. 2021

Begr. 2022

Begr. 2023

Begr. 2024

Begr. 2025

Onderhoudsbudget exploitatie: Onderhoud kleine kunstwerken

5

5

5

5

5

5

Ten laste van voorziening: Groot onderhoud bruggen

25

40

38

22

13

83

Totaal exploitatie + voorziening

30

45

42

27

18

88

Riool Beleidskaders Op 1 oktober 2009 heeft de raad het Waterplan vastgesteld. Hierin zijn de volgende ambities opgenomen: • scheiden van vuilwater en regenwater; • verkleinen van afwaterende oppervlakken naar de riolering; • water maakt groen: in verdroogde beekdalen en versterkt de stedelijke groenstructuur; • water stroomt zichtbaar weg om te infiltreren of naar oppervlaktewater; • overheid, inwoners en bedrijven zijn samen verantwoordelijk voor de verwerking van regenwater; • maatregelen worden genomen met zorg voor de (leef)omgeving; • mensen worden bewust (gemaakt) over de aanwezigheid van water en de omgang met water. De gemeente moet op grond van de Kader Richtlijn Water (KRW) maatregelen nemen om het overstorten op kwetsbare wateren te verminderen. Hierdoor heeft vooral het afkoppelen van regenwater grote invloed op het uitvoeringsprogramma. In het in 2021 afgeronde basisrioleringsplan heeft een toetsing plaatsgevonden van het effect van overstorten op kwetsbare wateren en zijn maatregelen voorgesteld hoe aan de KRW voldaan kan worden. In 2013 is gestart met het opstellen van een regionaal beleid- en uitvoeringskader voor het stedelijk watermanagement. Deze kaders vervangen het traditioneel Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan voor de gemeenten Beek, Schinnen, Sittard-Geleen en Stein.

Hierin participeren ook het waterschap Roer en Overmaas en Waterschapsbedrijf Limburg. De kaders voor Stein zijn op 30 oktober 2014 door de raad vastgesteld. In 2021 is het Beleidsplan Water & Klimaatadaptatie vastgesteld. Dit is de actualisatie van het hiervoor benoemde plan waarbij ook de klimaatthema's hitte en droogte zijn meegenomen. Het beleids- en uitvoeringskader voor de omgang met water en de klimaatadaptatie bestaat uit vier plannen (beleidsplan, beheerplan, kostendekkingsplan en projectplan). Het beleidsplan is samen met de betrokken partijen in de waterketen van de Westelijke Mijnstreek opgesteld. Hiermee is de samenwerking van de afgelopen jaren voortgezet en beheren we de waterketen op een structurele en doelbewuste manier. In dit plan benoemen we alle zaken die we belangrijk vinden en geven onze strategie hierop aan.

78

In 2021 is ook de optimalisatie van het basisrioleringsplan en de klimaatstresstest afgerond. De vanuit het basisrioleringsplan en klimaatstresstest verkregen bevindingen leveren een belangrijke inbreng voor het beleidsplan Water & Klimaatadaptatie. Ook vindt in 2021 een integrale afweging plaats waarbij behalve de diverse sectorale onderhoudsplannen ook de resultaten van het basisrioleringsplan en klimaatstresstest worden betrokken. Dit kan resulteren in een herprioriteren van de investeringen in de jaren 2022 en verder. Beheerplannen Op 19 augustus 2014 heeft het college de bij het regionaal beleid- en uitvoeringskader stedelijk management behorende beheerplan en projectplannen vastgesteld. In 2017 is het beleidsplan, het beheerplan en het kostendekkingsplan afvalwater geëvalueerd en geactualiseerd. In de beeldvormende bijeenkomst van 13 september 2017 zijn de raads- en commissieleden geïnformeerd over de ontwikkelingen op het gebied van het gemeentelijk waterbeheer en de noodzaak om het ontwerp en het beheer van de riolering hierop aan te passen. Daarnaast is ook melding gemaakt van de achterstanden op het rioolonderhoud, de toename van de onderhoudskosten en de bestrijding van calamiteiten, waar we mee te kampen hebben.

Het gevolg hiervan is dat de meerjarige onderhoudsbudgetten verhoogd zijn en dat in de afgelopen periode veel energie is gestoken in het inspecteren en repareren van de riolering. In 2021 is binnen het samenwerkingsverband Westelijke Mijnstreek een nieuw beheers- en beleidsplan opgesteld. Financiële vertaling De tot het beheerplan en het projectenplan behorende investeringen en onderhoudsbudgetten worden verantwoord op het programma ‘Volksgezondheid en milieu’. Aan de hand van het onderhoudsprogramma wordt de inhaalslag voor wat betreft de reparatie van riolen en kolken verder voortgezet. Omdat er de afgelopen planperiode hard gewerkt is om de achterstand in te halen, is naar verwachting het benodigde onderhoudsbudget voor de komende jaren lager.

Directe lasten onderhoud riolering x € 1.000

Rek. 2020

Begr. 2021

Begr. 2022

Begr. 2023

Begr. 2024

Begr. 2025

Onderhoudsbudget exploitatie: Onderhoud

771

727

727

727

727

727

Totaal exploitatie

771

727

727

727

727

727

Groen Beleidskaders In 2016 heeft de raad de onderhoudskaders voor het beheer van de openbare ruimte (BOR) geactualiseerd. Voor het groenbeheer zijn hierbij de volgende wijzigingen vastgesteld: • de groenkwaliteit in de centra is verlaagd van A naar B; • de groenkwaliteit op en rond de rotondes en bij de komgrenzen is verhoogd van B naar A; • de groenkwaliteit op de doorgaande gemeentelijke wegen aan de oostzijde is verhoogd van B naar A; • de burgers wordt de mogelijkheid gegeven om op eigen initiatief extra kwaliteit te leveren, binnen nog op te stellen kaders, bovenop de vastgestelde kwaliteit van het groen. Momenteel wordt samen met een vertegenwoordiging van de raad gewerkt aan de herijking van het Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR). De resultaten hiervan worden via de eerstvolgende bestuursrapportage in de begroting verwerkt.

79

Beheersplannen De vastgestelde beleidskaders voor het beheer en onderhoud van het groen zijn verwerkt in groenonderhoudsbestekken. Deze bestekken worden als leidraad gebruikt voor de uitvoering van het groenonderhoud. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. Het groenonderhoud wordt uitgevoerd door de Algemene dienst en drie groenaannemers voor het specialistisch onderhoud (o.a. bermen, sportvelden en bomen). Het aanleggen en onderhouden van groen wordt op het programma ‘Sport, Cultuur en Recreatie’ verantwoord en waar nodig toegelicht. In de begroting 2021 en volgende jaren is rekening gehouden met de uitbreiding van het te onderhouden areaal. Directe lasten onderhoud groen x € 1.000 Onderhoudsbudget exploitatie: Bestrijden onkruid Bermen Landschapsplannen Onderhoud openbaar groen Totaal exploitatie

Rek. 2020

Begr. 2021

Begr. 2022

Begr. 2023

Begr. 2024

Begr. 2025

173 73 53 855

186 52 61 687

186 59 60 704

186 58 60 676

185 57 60 675

185 57 60 675

1.154

986

1.009

980

977

977

80

Financiering Algemeen De financieringsparagraaf is een verplicht voorgeschreven paragraaf in het BBV. Hier zijn de kaders gesteld voor de inrichting en uitvoering van de treasury functie van de decentrale overheden. In de door de raad vastgestelde financiële verordening (artikel 212 gemeentewet) is ook de financieringsfunctie opgenomen. De paragraaf financiering in de begroting is bedoeld om de uitvoering van de financieringsfunctie te volgen. Bij de vernieuwing van het BBV is ook een rentenotitie gepubliceerd. In de notitie is aangegeven hoe rentelasten en baten in de begroting en in de jaarstukken verwerkt moeten worden. De bepalingen en richtlijnen van die notitie zijn in deze begroting doorgevoerd. In het huidige coalitieakkoord 2018-2022 is aangegeven dat de gemeente Stein gebaat is bij een gezonde financiële huishouding. In deze paragraaf is daarom ook aangegeven wat de uitgangspunten voor financiering en wat het beleid is ten aanzien van rente.

Leningportefeuille 2022 Leningen (bedragen x € 1.000) Leningen (excl. aan woningst. verstrekte leningen per 1-1) Reguliere aflossingen Leningschuld per 31-12

54.997

2023

2024

50.878

2025

46.814

42.804

4.119

4.064

4.010

3.662

50.878

46.814

42.804

39.141

In bovenstaand meerjarig overzicht geen is rekening gehouden met nieuwe leningen ter dekking van de geraamde financieringsbehoefte. Deze behoefte neemt toe door realisatie van de geraamde investeringen, waarbij ook desinvesteringen betrokken worden. De bepaling van de financieringsbehoefte gebeurt integraal (totaalfinanciering) waarbij alle kasstromen worden betrokken. In onderstaande tabel zijn de grootste investeringen opgenomen zoals deze zich in meerjarenperspectief voordoen. Voor een totaal meerjarig investeringsoverzicht verwijzen wij naar het hoofdstuk de financiële begroting. 2022 2023 2024 2025 Investering (bedragen x € 1.000) Telefoontoestellen Zaak / DMS / Makelaar

100 110

0 0

0 0

0 0

Reconstructie Mauritsweg Stein LED armaturen openbare verlichting Verkeersmaatr. veilige schoolomgeving

0 200 200

700 200 200

0 200 200

0 0 200

Maatregelen rotondevisie Aanpassen rotonde Steinerweg-Koolweg GGA Stein centrum wegen

130 0 0

0 400 0

0 0 50

0 0 1.100

Parkeerplaats Steinerbos Verkeerskundige aanpassingen Obbichter Aanpak rotondes BPS Gebiedsvisie Dorine Verschureplein Fietspaden Julianakanaal Verkeer vervoer en waterstaat

120 20 1.950 0 0

0 400 1.000 250 0

0 0 0 750 0

0 0 0 0 1.000

Bestuur en ondersteuning

81

Fietsrouteplan rivierplan Maasvallei

395

0

0

0

Renovatie kunstgrasveld Hetjen veld A Vervangen speelvoorzieningen Renovatie Brasserie Steinerbos Sport, cultuur en recreatie

17 161 350

457 120 0

0 186 0

0 27 0

Vervangen / renoveren riool Wateroverlast maatregelen Emissie maatregelen Duurzaamheid lening zonnepanelen Vervangen pompgemalen Afkoppelen riolen GGA Stein centrum riool Volksgezondheid en milieu

310 755 0 800 170 200 0

633 360 150 0 170 200 0

957 390 1.100 0 170 200 50

947 320 480 0 44 200 1.100

Economie zaken

Jaarlijks wordt bekeken of zich mogelijkheden voordoen tot vervroegde aflossing of herfinanciering tegen lagere rente. De gewogen gemiddelde rentevoet van de aangegane leningen (exclusief woningbouw) bedraagt per 1 januari 2022 1,85%. De herfinanciering- en renteherzieningsmomenten vertonen een goede spreiding in de tijd waardoor het renterisico beperkt blijft. In de komende jaren laten de reguliere aflossingsbedragen een dalend bedrag zien van circa € 4,1 miljoen tot € 3,7 miljoen euro.

Kasbeheer Voor het beheer van de financiële middelen houdt de gemeente Stein een rekening courant aan bij de NV Bank Nederlandse Gemeenten. De NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) fungeert als huisbankier. Met deze bank is een rente compensabel stelsel overeengekomen. Dit wil zeggen dat overschotten en tekorten op de verschillende bankrekeningen als een geheel worden gezien en hierop de renteberekening wordt gebaseerd. Ook het afromen van overtollige middelen naar de schatkist verloopt via de BNG.

Rente Rentebeleid Bij de berekening van de rente over de eigen financieringsmiddelen en het financieringstekort boven de kasgeldlimiet (zie hierna) is voor 2022 en verder uitgegaan van 1,5%. Voor het financieringstekort tot de kasgeldlimiet is voor 2022 en verder uitgegaan van een rentevoet van 0,5%. Een onvoorziene renteontwikkeling heeft uiteraard invloed op de financieringskosten. Een wijziging van het rentepercentage met 1% zal, op basis van het geraamde financieringstekort, leiden tot meer of minder rentekosten van circa € 215.000. Rente omslagpercentage In het kader van de vernieuwing van het BBV is de renteomslag berekend conform de nota rentenotitie van de commissie BBV. Vanwege het inzicht in de rentelasten van externe financiering het renteresultaat en de wijze van toerekening is onderstaand renteschema opgenomen. Het rente omslagpercentage wordt berekend door de totale rentekosten te delen door het totaal geactiveerd bedrag. De totale rentekosten bestaan uit de rente voor vaste geldleningen, de bespaarde rente over de eigen financieringsmiddelen (reserves) en de rente van de financieringsbehoefte. Het omslagpercentage voor de begroting 2022 is per 1 augustus 2021 berekend op 1,3%.

82

Renteschema: a.

b.

c.

2022

De externe rentelasten over de korte en lange financiering: - Externe rente Vaste geldleningen - Externe rentelasten financiering investeringen - Externe rentelasten financieringstekort

€

266.259

-/- €

65.734

Totaal door te rekenen externe rente

€

1.179.519

-/- €

426.582

€

752.938

26.475.196 €

468.611

De rente die aan de grondexploitaties moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet

-/-

worden doorberekend

-/- €

8.329

418.253

Saldo door te rekenen externe rente

d2.

Rente over eigen vermogen+voorz. Rente over voorzieningen (CW)

€

De aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toegerekende rente (renteomslag)

e.

f.

948.582 30.467

De externe rentebaten

€

d1.

€ €

De werkelijk aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toegerekende rente (renteomslag) Saldo renteresultaat taakveld treasury

€

1.221.549

€

1.198.660

€

22.889

Rentevisie De rente voor het aantrekken van financieringsmiddelen is al enkele jaren in historisch gezien laag. Sinds september 2019 bedraagt de herfinancieringsrente van ECB 0,00 procent. Daarmee staat de rente die banken aan de ECB moeten betalen als zij geld opnemen, op een historisch laag niveau. De rente is in belangrijke mate afhankelijk van de economische ontwikkeling en de inflatie. De ECB verwacht dat de officiële rentetarieven in 2022 op vergelijkbare niveaus zullen blijven. De economie moet langzaam gaan herstellen van de door Covid-19 veroorzaakte recessie. De verschillende opkoopprogramma's van obligaties door de ECB, blijft voorlopig gehandhaafd. Hierdoor worden de rentetarieven laag gehouden en krijgt de economie de kans zich te herstellen. Echter heerst er momenteel nog altijd een grote mate van onzekerheid, waardoor het moeilijk blijft, om een rentevisie op te schrijven.

83

Hoewel de voorspelbaarheid van de rente zeker op langere termijn gering is, kan het toch wenselijk zijn tendensen aan te geven die als basis kunnen dienen voor het sluiten van transacties. Daarbij worden een aantal vuistregels gehanteerd: • • • • •

De rente van vaste leningen is door de lange looptijd financieel van groter belang dan de rente van leningen met een korte looptijd. Bij een verwachte daling van de lange rente wordt het aantrekken van vaste langlopende leningen zoveel mogelijk uitgesteld tot de rentedaling is ingetreden. Bij een verwachte stijging van de lange rente vindt consolidatie plaats van korte schuld (korte schuld wordt omgezet in langlopende leningen). Bij een te verwachten stabiele renteontwikkeling wordt in de actuele financieringsbehoefte voorzien met de financieringsvormen die absoluut gezien de laagste rente dragen. Dit alles uiteraard binnen de mogelijkheden die de regelgeving biedt.

Uitgangspunten financiering Onderstaand de belangrijkste beleidsmatige uitgangspunten die gehanteerd worden bij financiering. Hierbij moet rekening gehouden worden met het verplicht schatkistbankieren vanaf eind 2013. Het rentetarief van dit schatkistbankieren bedraagt momenteel 0%. • Overtollige geldmiddelen worden uitsluitend uitgezet in de schatkist. • Indien een liquiditeitsbehoefte ontstaat worden middelen aangetrokken in de vorm van dag- en kasgeldleningen en kredietlimiet op de rekening courant. • Onderhandse geldleningen en vaste geldleningen worden aangetrokken voor financiering met een looptijd van langer dan één jaar. • Overeenkomsten voor het aangaan van leningen, het uitzetten van middelen of het verlenen van garanties luiden in euro. Bij het uitzetten van middelen, het verstrekken van garanties en het aangaan van financiële participaties, uit hoofd van de publieke taak, worden zoveel mogelijk zekerheden bedongen. Het college motiveert in zijn besluit het openbaar belang van dergelijke uitzettingen van middelen, verstrekkingen van garanties en financiële participaties.

Resultaat uitzettingen Voor de deelneming in Enexis is, zoals opgenomen in de begrotingsbrief 2021 van de Provincie Limburg, voor de jaren 2022-2025 met een dividendschatting van € 0,50 per aandeel rekening gehouden. De neerwaartse bijstelling ten opzichte van voorgaande jaren is het gevolg van de toegenomen kosten in de energietransitie. Het totaal verwachte dividend en rente van bovengenoemde uitzettingen komt daarmee uit op: Omschrijving: 2022 2023 2024 2025 (bedragen x € 1.000) Dividend deelneming Enexis 2022-2025 230 230 230 230 (460.350 aandelen x 0,50)

Wet Houdbare Overheidsfinancien (HOF) In de wet zijn de Europese normen verankerd voor de hoogte van de overheidsschuld en de jaarlijkse groei van de overheidsschuld. Volgens de Europese regelgeving mogen EU-lidstaten een begrotingstekort hebben van maximaal 3% van het bruto binnenlands product (BBP). Die normen raken ook gemeenten, omdat de gemeenteschulden en financieringstekorten van gemeenten meetellen in de overheidsschuld van Nederland. Alle gemeenten samen krijgen een plafond voor het totale EMU-tekort van gemeenten in een jaar. Dat plafond wordt volgens de wet na bestuurlijk overleg voor een bepaalde periode overeengekomen. Het plafond voor de gezamenlijke gemeenten bedraagt 0,40% van het bruto binnenlands product.

84

Met het plafond wordt de groei van de netto schuld (volgens de definitie voor het EMU-saldo) van de gezamenlijke gemeenten in een jaar beperkt. Voor de berekening van het EMU-saldo van de gemeente Stein wordt verwezen naar de paragraaf ‘EMU-saldo’

Schatkistbankieren Decentrale overheden zijn met ingang van 2013 gaan schatkistbankieren. Schatkistbankieren houdt in dat tegoeden worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Doel is om de EMU-schuld te verminderen. Er is sprake van een optische verbetering want de totale schuldpositie van de gezamenlijke overheden wijzigt niet. De deelnemende instellingen houden hun publieke middelen aan op een eigen rekening-courant bij het ministerie van Financiën. Alle decentrale overheden zijn aangesloten op de schatkist, ook als een decentrale overheid geen overtollige middelen heeft. Deelnemende gemeenten regelen het betalingsverkeer via de eigen bank(en). Een eventueel negatief saldo op de bankrekening(en) wordt aangezuiverd vanaf de rekening-courant die de gemeente heeft bij het ministerie van Financiën. Andersom wordt een positief saldo op deze bankrekening juist afgeroomd ten gunste van de rekening-courant van de gemeente bij het ministerie van Financiën. Er is een doelmatigheidsdrempel van 2% van het begrotingstotaal met een minimum van € 1.000.000 per gemeente tot een maximum van € 500.000.000 euro. Voor Stein is deze gemiddelde drempel per kwartaal 2% x € 66.274.000 (het begrotingstotaal per 1/1/2022) = € 1.325.480 Stein beschikt momenteel niet over overtollige middelen die in de schatkist ondergebracht moeten worden.

Het rentetarief van het schatkistbankieren bedraagt momenteel 0%. Het is voor gemeenten wel mogelijk om overtollige middelen uit te lenen aan andere overheden, en daarmee een beter rendement te halen dan bij de schatkist. Hierbij bestaat de mogelijkheid om leningen die door BNG Bank aan een gemeente zijn verstrekt, over te dragen aan decentrale overheden die over overtollige middelen beschikken. Indien de BNG Bank een aan de gemeente verstrekte lening overdraagt aan een andere decentrale overheid, dan wordt deze andere decentrale overheid de nieuwe crediteur. Rente en aflossing zijn in dat geval niet langer verschuldigd aan BNG Bank, maar aan de decentrale overheid die de vordering heeft overgenomen. De voorwaarden van de lening blijven in geval van overdracht onveranderd. Cessie van vorderingen behoeft op grond van het Burgerlijk Wetboek geen instemming van de kredietnemer.

Risicobeheer Met risico’s wordt bedoeld renterisico’s, kredietrisico’s, liquiditeitenrisico’s, koersrisico’s en debiteurenrisico’s. Het beheersen van risico’s komt tot uitdrukking via het gebruik van de instrumenten kasgeldlimiet en renterisiconorm. Beide instrumenten hebben tot doel het renterisico te begrenzen dat verbonden is aan financiering met korte en lange schuld. Renterisico op vlottende schuld Om het renterisico op de netto vlottende schuld te beheersen mogen gemeenten voor hun financieringsbehoefte niet onbeperkt kort geld aantrekken. Het aantrekken van kort geld is normaliter goedkoper dan lang geld, maar is ook aan fluctuaties onderhevig. De maximale toegestane netto vlottende schuld wordt bepaald door de zgn. kasgeldlimiet. De kasgeldlimiet heeft betrekking op leningen met een looptijd tot maximaal 1 jaar. Voor 2022 komt de kasgeldlimiet voor Stein neer op:

(a) (b)

Berekening kasgeldlimiet 2022 (x 1.000 €) Omvang van de programmabegroting per 1/1/2022: Bij ministeriële regeling vastgesteld percentage: Toegestane kasgeldlimiet voor 2022 (a) x (b):

€

66.274 8,5% € 5.633

85

De kasgeldlimiet wordt aan het begin van het jaar vastgesteld. De kasgeldlimiet bedroeg de afgelopen jaren: Jaar:

Kasgeldlimiet (1.000 €) 5.303 5.395 5.610

2019 2020 2021

Als de liquiditeitspositie een vlottende schuld vertoont die groter is dan de kasgeldlimiet, leidt dit tot het aflossen c.q. het consolideren van kort geld door aantrekken van vaste geldleningen. De wet Fido geeft aan dat in de financieringsparagraaf van de begroting informatie over de liquiditeitspositie opgenomen dient te worden. Dit is de gemiddeld netto vlottende schuld minus de gemiddeld vlottende middelen in relatie met de kasgeldlimiet. In onderstaande tabel is deze informatie opgenomen: Periode

3e kw 2020 4e kw 2020 1e kw 2021 2e kw 2021

Netto vlottende schuld /-overschot vlottende middelen 6.610 10.774 2.105 1.264

Kasgeldlimiet Overschrijding Onderschrijding

5.395 5.395 5.610 5.610

1.215 5.379 3.505 4.346

Renterisico op vaste schuld De renterisiconorm heeft als doel de leningportefeuille van decentrale overheden te behoeden voor een onverantwoord grote gevoeligheid voor rentefluctuaties. Met deze norm wordt het renterisico op leningen met een looptijd langer dan 1 jaar (vaste schuld) inzichtelijk gemaakt. Het doel van deze norm uit hoofde van de wet Fido is te voorkomen dat bij herfinanciering van de leningen bij (aanzienlijk) hogere rente grote schokken optreden in de hoogte van de door de gemeente te betalen rente. Dus hoe meer de aflossing van de schuld in de tijd wordt gespreid, hoe minder gevoelig de begroting wordt voor rente schokken bij herfinanciering. Een wijziging in de rentestand werkt daardoor vertragend op de rentelasten en rentebaten in enig jaar. Deze norm houdt in dat de jaarlijks verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Uit onderstaande berekening blijkt dat de komende vier jaar het renterisico ruim binnen de norm blijft. Berekening (bedragen x € 1.000) Stap Variabelen Renterisico(norm) (1) Renteherziening (2) Aflossingen

2022 0 4.119

2023 0 4.064

2024 0 4.010

2025 0 3.662

(3)

Renterisico (1+2)

4.119

4.064

4.010

3.662

(4)

Renterisiconorm*

13.255

13.255

13.255

13.255

(5a) Ruimte onder renterisiconorm 9.136 (5b) Overschrijding renterisiconorm * Berekening renterisiconorm: Begrotingstotaal 2022 € 66.274x 20% = € 13.255

9.191

9.245

9.593

Liquiditeitenrisico Dit zijn risico’s van mogelijke wijzigingen in de liquiditeitenplanning en de meerjareninvesteringsplanning waardoor financiële resultaten kunnen afwijken van de verwachtingen.

86

Momenteel wordt in de financieringsbehoefte voorzien met financieringsvormen die absoluut gezien de laagste rente hebben. Koersrisico’s Dit is het risico dat de financiële activa van de gemeente in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen. De financiële vlottende activa van de gemeente omvatten rekening-courant gelden, kasgelden en deposito’s. De vaste financiële activa bestaan enerzijds uit aandelenbezit en deelname in gemeenschappelijke regelingen, aan derden verstrekte leningen en beleggingen in een garantiefonds. Een specificatie van het aandelenbezit van de gemeente Stein is opgenomen in de paragraaf verbonden partijen. Debiteurenrisico’s Dit betreft het risico dat vorderingen op debiteuren niet kunnen worden geïnd en afgeboekt moeten worden. Ter afdekking van mogelijk oninbare vorderingen van debiteuren is de voorziening dubieuze debiteuren gevormd. De voorziening dubieuze debiteuren sociale zaken is als buffer gevormd voor debiteuren die niet aan hun verplichtingen voldoen. Liquiditeitenontwikkeling In onderstaande tabel is de liquiditeitenontwikkeling van de gemeente Stein meerjarig in beeld gebracht.

(bedragen x € 1.000) Kasstroom uit operationele activiteiten Begrotingssaldo Afschrijvingen Mutaties reserves Mutaties voorzieningen Kasstroom uit investeringsactiviteiten Vermeerderingen investeringen Kasstroom uit financieringsactiviteiten Geldleningen opnamen/aflossingen Ontwikkeling liquiditeiten

2022

2023

2024

2025

319

-191

-177

23

3.910 -2.211

4.100 -655

4.272 -316

4.293 -355

6

106

-79

-5

-6.846

-5.756

-4.572

-5.859

-4.119 -8.941

-4.064 -6.460

-4.010 -4.882

-3.662 -5.565

87

Bedrijfsvoering Algemeen Het gemeentebestuur heeft ambities. Om die ambities te realiseren is een organisatie nodig van mensen en middelen. Het is belangrijk dat een dergelijke organisatie in lijn wordt gebracht met deze ambities. De paragraaf bedrijfsvoering schetst de manier waarop de organisatie hier invulling aan geeft en welke instrumenten hiervoor nodig zijn. Bedrijfsvoering is van belang voor het slagen van de gemeentelijke programma’s. In deze paragraaf geeft de gemeente de beleidsvoornemens rondom de bedrijfsvoering aan. Bedrijfsvoering bestaat traditioneel uit de onderdelen personeel, automatisering, communicatie, organisatie, financieel beheer (waaronder de administratieve organisatie en de interne controle) en huisvesting, en heeft daarmee een duidelijke relatie met het programma Bestuur on Ondersteuning en Algemene Dekkingsmiddelen.

Rechtmatigheidsverantwoording In de huidige situatie geeft de accountant in de controleverklaring een oordeel over de rechtmatigheid van het handelen van de gemeente. In de toekomstige situatie legt het college van B&W rechtstreeks verantwoording af over de (financiële) rechtmatigheid van het gevoerde bestuur, aan de hand van de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening. De accountant controleert vervolgens de rechtmatigheidsverantwoording op getrouwheid. De accountant kijkt dus of hetgeen het college meldt in de rechtmatigheidsverantwoording, juist en volledig is. In de afgelopen jaar is door onze gemeente hard gewerkt aan de voorbereidingen en zijn stappen gezet om klaar te zijn om een collegeverklaring af te geven. Door omstandigheden is de invoering van het wetsvoorstel vertraagd en zal pas bij de jaarrekening 2022 een collegeverklaring worden afgegeven.

Financiën Het optimaliseren en doorontwikkelen van de P&C documenten is een continue proces. Het streven daarbij is en blijft het opstellen van duidelijk leesbare en transparante stukken. Daarnaast zullen de P&C documenten - net als voorgaande jaren - online beschikbaar worden gesteld. Ook wordt er ingezet op het verder digitaliseren van financiële processen, waaronder het proces debiteuren, verplichtingenadministratie en budgetteren. Tevens zal het archiveren en vernietigen van de financiële data gaan plaatsvinden, zodat hiermee wordt voldaan aan onze wettelijke verplichting ten aanzien van archivering. De gemeente Stein heeft in 2012 een Horizontaal Toezicht (HT)-convenant gesloten met de belastingdienst. In 2020 heeft de belastingdienst aangekondigd het HT te willen hervormen en daartoe heeft zij nieuwe beleidsregels opgesteld die in februari 2021 zijn gepubliceerd. Alle huidige HT-convenanten, waaronder ook dat van gemeente Stein, worden tegen eind 2022 beëindigd. In tegenstelling tot eerder, dienen organisaties een nieuw HT-convenant op eigen initiatief aan te vragen. Om hiervoor in aanmerking te komen dient een organisatie proactief aan te tonen dat ze compliant wil zijn en in control is van haar fiscale positie, én dient ze aan strikte voorwaarden te voldoen.

Om te bewerkstelligen dat de gemeente Stein aan deze nieuwe toelatingseisen voldoet, is een stappenplan opgesteld. Voor het uitvoeren van het stappenplan is enerzijds kennis en kunde en anderzijds capaciteit nodig die niet beschikbaar is binnen de bestaande formatie. Deze kennis en kunde en capaciteit dienen te worden ingekocht.

Juridische advisering Juridische advisering De juridische functie is gepositioneerd op drie plekken binnen de organisatie:

88

• bij de vakafdelingen: de vakafdeling dient in beginsel te beschikken over de juridische kennis die nodig is om haar taken goed en tijdig te kunnen verrichten. • bij de afdeling bedrijfsvoering: de juridisch adviseur is de eerstelijns adviseur voor de vakafdelingen en tevens belast met het secretariaat van de commissie bezwaarschriften. • bij concerncontrol: de juridisch controller is belast met juridische kwaliteitszorg, juridische advisering (concernbreed) en de ondersteuning van diverse projectgroepen. Hij is tevens eerste aanspreekpunt voor de huisadvocaat.

Inkoop Ook in 2022 leggen we de focus op het verder professionaliseren en doorontwikkelen van de algehele inkoopfunctie binnen de gemeente. Dit betekent verbetering binnen het proces door middel van heldere en duidelijke procedures, inkoopplatform op intranet vernieuwen, betere integratie van Social Return on Investment (SROI) en bewustwording binnen de organisatie.

Informatiemanagement Informatiemanagement ondersteunt bij projecten binnen de organisatie en geeft vorm aan het verbeteren van de informatievoorziening voor de rest van de organisatie. Met de introductie van een nieuwe zaaksysteem zal worden ingezet op het optimaliseren van de processen en meer digitaal werken. Verder wordt meer ingezet op objectgerelateerd opslaan van de informatie en het verder voorbereiden van het digitaal archiveren.

Communicatie De Visie op communicatie 2018-2022 is in oktober 2018 vastgesteld, met als primaire doel een sterke communicatieve organisatie neer te zetten die de gemeente Stein als dienstverlener, toeristisch merk en plek om te ondernemen versterkt. Deze visie is voorzien van een duidelijke uitvoeringsagenda, waarvan de aandachtspunten voor 2022 staan benoemd in het programma Bestuur en ondersteuning en algemene dekkingsmiddelen.

Juridische kwaliteitszorg Juridische kwaliteitszorg Het begrip juridische kwaliteitszorg (JKZ) kan als volgt worden omschreven: het op een gestructureerde wijze managen van de juridische kwaliteit van de gemeentelijke producten en diensten. Enerzijds omdat de gemeente zich aan de wet moet houden (democratische rechtsstaat). Anderzijds teneinde risico’s zichtbaar en beheersbaar te maken. De signaalfunctie van concerncontrol is in het kader van JKZ van groot belang. Naar aanleiding van gesignaleerde problemen kunnen door en/of in overleg met concerncontrol (juridische) instrumenten worden ontwikkeld, gericht op beheersing en verbetering van de bedrijfsprocessen. Concerncontrol heeft de verantwoording voor de volgende taakvelden: • bestuurlijk-juridische advisering; • bewaking van de kwaliteit van verordeningen en beleidsregels; • juridische aspecten van gemeenschappelijke regelingen en verbonden partijen; • monitoring van bevoegdheden (mandaat, volmacht, machtiging); • bewaking van de kwaliteit van overeenkomsten; • de juridische ondersteuning van projecten; • de monitoring van een tijdige afhandeling door de vakafdelingen van verzoeken om informatie, klachten en ingebrekestellingen; • kennisoverdracht.

89

Formatieontwikkeling ambtelijk personeel Voor een overzicht van de formatie wordt verwezen naar bijlage I (overzicht formatie). Indien formatieontwikkeling aan de orde is of de formatie wijzigt wordt de raad op de hiervoor bestemde momenten (P&C cyclus) nader geïnformeerd. De ambtelijke formatie stijgt vanaf het begrotingsjaar 2022 tot 139,12 fte (bij bestuursrapportage 2021 was dit nog 138,89 fte) dit als gevolg van een aantal personele maatregelen waarbij per saldo dus wordt uitgekomen op een stijging van 0,23 fte. Bij die personele maatregelen gaat het bijvoorbeeld om meer formatie tegen lagere loonkosten of minder formatie tegen hogere loonkosten. Ook is met het in 2022 realiseren van de bezuinigingstelpost "stelpost participatiebedrijf". binnen de gepresenteerde formatie (zie bijlage 1 , overzicht formatie) rekening gehouden.

Organisatieontwikkeling In de verdere doorontwikkeling van de organisatie zal onder andere ook in 2022 het strategisch personeelsbeleid en uitwerking van de resultaten uit het medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) van 2019 verder worden geïmplementeerd. Om alle voorgenomen ontwikkelingen en doelstellingen in 2022 mogelijk te maken, wordt een bedrag van € 277.200 onttrokken aan de hiervoor bestemde reserve personele doorontwikkeling.

Uitgangspunten personeelskosten Op het moment van opstellen van deze meerjarenbegroting 2022-2025 waren nog geen loonafspraken bekend in het kader van de Cao gemeenten 2021 en volgende jaren. Wel is hieromtrent, na de doorgevoerde bezuinigingen in 2020, 1,5% van loonkosten opgenomen voor jaarlijkse loonkostenontwikkelingen. Op het moment dat loonafspraken definitief zijn zullen wij uw raad op de hiervoor bestemde momenten nader informeren.

Stelposten secundaire arbeidsvoorwaarden Naast de reguliere salariskosten zijn er personele lasten die niet vooraf zijn toe te rekenen aan medewerkers of afdelingen (herbezetting, inzet IKB, uitbetaling leeftijdsverlof, flexibele beloning, Cao stijgingen, lokaal bezoldigingsbeleid en stijging sociale werkgevers-lasten). Hiervoor zijn stelposten opgenomen. Zodra voornoemde lasten zich voordoen worden deze in mindering gebracht op de stelposten. In het kader van de ombuigingen en beheersmaatregelen in 2020 is de stelpost loonstijgingen verlaagd van jaarlijks 2% naar jaarlijks 1,5%. Voor 2022 zijn onderstaande stelposten geraamd: IKB (verkoop verlof)

€

39.719

Herbezetting OR

€

32.852

Flexibele beloning

€

28.171

Loonstijgingen

€

317.489

Totaal stelposten

€

418.231

90

Indicatoren personeelsbeleid verzuimpercentage

stageplaatsen

werkervaringsplaatsen

Rekening 2020

Begroot 2021

Begroot 2022

Begroot 2023

Begroot 2024

Begroot 2025

7,69%

6

5

4

4

4

Rekening 2020

Begroot 2021

Begroot 2022

Begroot 2023

Begroot 2024

Begroot 2025

9

8

8

8

8

8

Rekening 2020

Begroot 2021

Begroot 2022

Begroot 2023

Begroot 2024

Begroot 2025

2

4

4

4

4

4

91

Corona Welke nasleep de corona pandemie heeft in 2022 en de jaren daarna zal moeten blijken, ook in relatie tot zorgkosten, economische gevolgen etc. De meeste steunmaatregelen om bedrijven door de coronacrisis heen te helpen heeft het kabinet per 1 oktober 2021 gestopt omdat de meeste beperkende coronamaatregelen op dat moment zijn opgeheven. "De economie draait weer volop en de werkloosheid is laag. Doorgaan met de steun zou het economisch herstel in de weg zitten", geeft het kabinet hierbij als reden aan. Regelingen als de NOW (voor loonkosten), TVL (voor vaste lasten), Tozo (voor zzp'ers) en TONK (voor noodzakelijke kosten) houden op te bestaan. Om te voorkomen dat gemeenten als gevolg van de coronacrisis in financiële problemen komen, heeft het Rijk besloten om gemeenten in 2020 en 2021 te compenseren voor gederfde inkomsten en extra uitgaven. Daarom heeft de gemeente Stein in 2020 een reserve corona gevormd. In de planning en control documenten zijn ontvangen coronamiddelen en de corona gerelateerde lasten telkens inzichtelijk gemaakt. In de bestuursrapportage 2021 is de stand van de corona reserve opgenomen. Deze stand bedroeg per 31 mei 2021 € 711.475. Overige incidentele corona gerelateerde baten en lasten van 2021 worden bij de slotwijziging 2021 in beeld gebracht en verrekend met het saldo van deze reserve.

Het daadwerkelijk saldo per 31/12/2021 wordt pas zichtbaar bij het opmaken van de jaarrekening 2021. Corona gerelateerde lasten zullen ook in 2022 zich nog voordoen. In onderstaand overzicht zijn corona gerelateerde lasten weergegeven zoals deze ten tijde van het opstellen van deze begroting bekend zijn. Geraamde onttrekkingen corona reserve 2022 Toename indicaties P-Wet

267.840,00

Schuldhulpverlening ondernemers

13.500,00

Totaal

281.340,00

92

Verbonden Partijen Er volgt nu van de publiekrechtelijke verbonden partijen een actueel overzicht van o.a. het openbaar belang, visie in relatie tot de doelstellingen, actuele beleidsvoornemens verwachte ontwikkelingen ten aanzien van het gemeentelijk belang en de financiële positie. In de door de raad vastgestelde nota Verbonden Partijen zijn de volgende uitgangspunten opgenomen om aan een verbonden partij deel te nemen: 1. de gemeente neemt alleen deel in een partij die taken uitvoert met een publiek belang; 2. de verbonden partij dient een expliciete meerwaarde te hebben. Hieronder wordt verstaan: financieel voordeel, toename van de kwaliteit van de dienstverlening en het borgen van de continuïteit. Publiekrechtelijke verbonden partijen 1. Naam

2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang 5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen 7. Bestuurlijk belang

8. Financieel belang 9. Vermogen

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

10. Gemeentelijke bijdrage

11. Financieel resultaat

12. Risico’s

13. Ontwikkelingen

Veiligheidsregio Zuid Limburg

Gemeenschappelijke regeling van alle gemeenten in ZuidLimburg Maastricht Betreft de uitvoering van de aan Veiligheidsregio opgedragen taken, die zich met name richten op de brandweerzorg en de crisisbeheersing. Programma Veiligheid Alle gemeenten van Zuid-Limburg Conform de Wet gemeenschappelijke regelingen bestaat de bestuursstructuur uit een Algemeen Bestuur (AB) en Dagelijks Bestuur (DB). De burgemeester vertegenwoordigt de gemeente Stein in het AB. Alle gemeenten in Zuid-Limburg betalen, op basis van een verdeelsleutel, hun aandeel in de kosten. 31-12-2020 € 8.448.000 31-12-2021 € 8.861.000 31-12-2022 € 8.130.000 31-12-2020 € 44.856.000 31-12-2021 € 38.905.000 31-12-2022 € 35.180.000 2020: € 1.403.000 2021: € 1.486.000 2022: € 1.518.000 2020: € 87.254 2021: nihil 2022: nihil De risico's zijn beschreven in de risicoparagrafen van de begrotingen en jaarrekeningen van de Veiligheidsregio. De Veiligheidsregio beschikt over een eigen algemene reserve. • Organisatieontwikkeling • Covid-19

93

1. Naam

GR Participatiebedrijf Vidar

2. Rechtsvorm

Gemeenschappelijke regeling van de gemeenten SittardGeleen, Beek en Stein. Sittard-Geleen Uitvoering van de WSW. Programma Sociaal Domein Gemeente Sittard-Geleen, Beek en Stein Conform de WGR bestaat de bestuursstructuur uit een algemeen bestuur (twee wethouders per gemeente) en een dagelijks bestuur (wethouders met Participatie in hun portefeuille). In de G.R. Participatiebedrijf Wsw is het formele werkgeverschap van de Wsw-ers belegd. De G.R. Participatiebedrijf Wsw heeft de uitvoering van de Wsw en de werkgeverstaken belegd bij de centrumgemeente Sittard-Geleen. De centrumgemeente heeft de uitvoering van de Wsw-taken en de werkgeverstaken opgedragen aan Vixia B.V. Verder vinden er binnen de G.R. Participatiebedrijf Wsw geen activiteiten plaats. Binnen het overzicht van baten en lasten, worden de verantwoorde loonkosten gedekt door de Rijksbijdrage en een aanvullende gemeentelijke bijdrage in het subsidietekort en overige lasten. 31-12-2020 € 0 31-12-2021 € 0 31-12-2022 € 0 31-12-2020 € 1.930.035 31-12-2021 € 100.000 31-12-2022 € 100.000 2020: € 909.123 2021: € 730.240 2022: € 721.816 2020: € 0 2021: € 0 2022: € 0 In geval er sprake is van een tekort t.o.v. de begroting moeten de gemeenten dit tekort aanzuiveren d.m.v. een hogere gemeentelijke bijdrage. De meest recente begrotingen zijn in de gemeenteraad van gemeente Stein in mei 2021 vastgesteld.

- Er is een daling te zien van het aantal FTE Wsw-ers. Dit leidt tot lagere (loon)kosten, maar ook tot een lagere toegevoegde waarde van de doelgroep. Door het lagere aantal FTE Wsw-ers is de Rijksbijdrage aan gemeenten eveneens lager. Landelijk is een onderhandelingsakkoord CAO Wsw 2021-2025 bereikt. Belangrijke ontwikkelingen zijn 1) Uitbreiding van de Seniorenregeling en 2) Invoering van een Regeling voor Vervroegde Uittreding (RVU). De uitbreiding van de Seniorenregeling voorziet onder bepaalde voorwaarden in het uitbreiden van verkorting van de arbeidsduur van 20% naar 40% (concreet; van 1 naar 2 dagen) vanaf de 64 jarige leeftijd. De invoering van de RVU biedt voor werknemers onder bepaalde voorwaarden de mogelijkheid om twee jaar eerder dan de geldende pensioengerechtigde leeftijd te stoppen met werken.

3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang

5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen 7. Bestuurlijk belang

8. Financieel belang

9. Vermogen

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

10. Gemeentelijke bijdrage

11. Financieel resultaat

12. Risico’s

13. Ontwikkelingen

94

1. Naam

GGD Zuid Limburg

2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang

Gemeenschappelijke regeling Heerlen en Maastricht Zorg dragen voor publieke gezondheid, toezicht op de kwaliteit Wmo, Veilig Thuis, ambulancezorg, GHOR, vangnetfunctie en crisiszorg verslaafden, dak- en thuislozen, sociaal medische advisering. Programma Volksgezondheid en milieu De 18 Zuid-Limburgse gemeenten Het Algemeen Bestuur van de GGD Zuid-Limburg bestaat uit 1 bestuurslid per deelnemende gemeente en 1 plaatsvervangend lid. Als lid van het Algemeen Bestuur kunnen slechts worden aangewezen leden van het college van de gemeenten. Het Dagelijks Bestuur (DB) bestaat uit bestuurders van 7 gemeenten, waaronder Stein. Besluitvorming vindt plaats via gewogen stemmen, gerelateerd aan het inwonersaantal. Subsidie/inkooprelatie/verliesbijdrage naar rato inwonertal. 31-12-2020 € 2.329.577 31-12-2021 € 1.547.769 31-12-2022 € 1.547.769 31-12-2020 € 49.184.747 31-12-2021 € 29.222.231 31-12-2022 € 29.222.231 2020 € 876.417 (excl. bijdrage Veilig Thuis) 2021 € 893.945 (excl. bijdrage Veilig Thuis) 2022 € 1.005.889 (excl. bijdrage Veilig Thuis) 2020 € 865.768 2021 nihil 2022 nihil Verliesbijdrage naar rato inwonertal.

5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen 7. Bestuurlijk belang

8. Financieel belang 9. Vermogen Eigen vermogen

Vreemd vermogen

10. Gemeentelijke bijdrage

11. Financieel resultaat

12. Risico’s 13. Ontwikkelingen

-Weerstandsvermogen -Trendbreuk -Doorontwikkeling JGZ -Covid-19

95

1. Naam

Gemeenschappelijke regeling Omnibuzz

2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang

Gemeenschappelijke regeling Sittard-Geleen Het zorgdragen voor het vervoer van klanten met een beperking die een beroep kunnen doen op de Wet maatschappelijke ondersteuning. Programma Sociaal Domein Gemeente: Beek, Beesel, Bergen, Brunssum, Echt-Susteren, Eijsden-Margraten, Gennep, Gulpen-Wittem, Heerlen, Horst aan de Maas, Kerkrade, Landgraaf, Leudal, Maasgouw, Maastricht, Meerssen, Nederweert, Nuth, Onderbanken, Peel en Maas, Roerdalen, Roermond, Schinnen, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg aan de Geul, Venlo, Venray, Voerendaal, Weert. Kwalitatief goed en betrouwbaar vervoer op maat tegen reële kosten. De gemeente Stein heeft zitting in het algemeen bestuur van Omnibuzz en stelt met de vertegenwoordigers van de overige gemeenten de jaarrekening en begroting vast. De totale gemeentelijke bijdrage is opgebouwd uit twee delen: een bedrag per inwoner voor de bedrijfskosten en de vervoerskosten (het reisvolume/daadwerkelijk gebruik).

5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen

7. Bestuurlijk belang 8. Financieel belang

9. Vermogen

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

10. Gemeentelijke bijdrage

11. Financieel resultaat

12. Risico’s

13. Ontwikkelingen

31-12-2020 € 4.071.959 31-12-2021 € 588.064 31-12-2022 € 581.939 31-12-2020 € 4.516.798 31-12-2021 € 3.642.796 31-12-2022 € 3.615.553 2020 € 327.392 2021 € 342.180 2022 € 375.846 2020 € 3.348.245 2021 nihil 2022 nihil In geval er sprake is van een tekort t.o.v. de begroting moeten de gemeenten dit tekort aanzuiveren d.m.v. een hogere gemeentelijke bijdrage. Dit risico is op basis van de Omnibuzz begroting voor 2022 niet reëel. - De Coronacrisis heeft effect op het gebruik van Omnibuzz vervoer door de doelgroep. Het is onbekend of deze ontwikkeling zich meerjarig doorzet. - De eigen bijdrage wordt per 1 januari 2022 in de gemeente Stein met € 0,12 verhoogd. Het effect hiervan op het gebruik van Omnibuzz vervoer door onze doelgroep is onbekend. - Door de vergrijzing is de verwachting dat steeds meer inwoners gebruik gaan maken van het Omnibuzz vervoer. In 2022 wordt geen substantiële stijging van de instroom verwacht.

96

1. Naam

Regionale Uitvoeringsdienst Zuid Limburg

2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang

Gemeenschappelijke regeling Maastricht Het doel van de vorming van de RUD ZL is om hogere kwaliteit van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) te bereiken op het gebied van milieu voor minimaal de basistaken van alle 17 deelnemers en de specialistische milieutaken voor de deelnemers die ook deze taken inbrengen. De gemeente Stein heeft alle milieutaken ingebracht. De RUD ZL is tevens een BRZO-RUD omdat alle BRZO-taken provinciebreed hier zijn ondergebracht. De vorming van een RUD is wettelijk verplicht. Programma Volksgezondheid en milieu In Zuid-Limburg werken de gemeenten Beek, Beekdaelen, Brunssum, Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Maastricht, Meerssen, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg, Voerendaal en de Provincie Limburg op basis van een gemeenschappelijke regeling samen in de RUD ZL. De gemeente Stein is vertegenwoordigd in het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur van de RUD ZL. De portefeuillehouder fysiek domein is voorzitter van het AB van de RUD ZL. De verdeling van de kosten vindt plaats op basis van de te besteden uren per deelnemer en het ingebrachte takenpakket per deelnemer.

31-12-2020 € 1.132.000 31-12-2021 € nnb 31-12-2022 € nnb 31-12-2020 € 2.332.000 31-12-2021 € nnb 31-12-2022 € nnb 2020 € 470.000 2021 € 526.739 2022 € 547.300 2020 € 367.000 2021 nihil 2022 nihil In de GR ligt vast dat de financiële eindverantwoordelijkheid voor de financiële positie van de RUD ZL door de deelnemers wordt gedragen. Onverlet deze eindverantwoordelijkheid heeft de RUD ZL als zelfstandig orgaan een eigen verantwoordelijkheid om te zorgen voor de vorming van voldoende weerstandsvermogen. nvt

5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen

7. Bestuurlijk belang

8. Financieel belang

9. Vermogen

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

10. Gemeentelijke bijdrage

11. Financieel resultaat

12. Risico’s

13. Ontwikkelingen

97

1. Naam

BelastingSamenwerking Gemeenten en Waterschappen

2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang

Gemeenschappelijke regeling. Roermond BsGW Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen is een zelfstandig samenwerkingsverband voor heffing en inning van gemeentelijke belastingen en waterschapsbelastingen en voor uitvoering van de wet WOZ. 29 Limburgse gemeenten en het Waterschap Limburg werken samen in BsGW. Deze samenwerking betekent dat de uitvoeringstaken van de waterschapsbelastingen, de gemeentelijke belastingtaken en administratieve taken van de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ), worden verzorgd door BsGW.

5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen

7. Bestuurlijk belang

8. Financieel belang

9. Vermogen

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

BsGW beoogt een zo groot mogelijk maatschappelijk rendement te halen uit samenwerking tussen lokale overheden op het gebied van belastingheffing en - inning. Programma Bestuur en ondersteuning 29 van de 31 Limburgse gemeenten en het Waterschap Limburg werken samen in BsGW. De deelnemende gemeenten zijn Beek, Beesel, Bergen, Brunssum, EchtSusteren, Eijsden-Margraten, Gennep, Gulpen-Wittem, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Leudal, Maasgouw, Maastricht, Meerssen, Mook en Middelaar, Nederweert, Peel en Maas, Roerdalen, Roermond, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg, Venlo, Voerendaal, Weert. Ook het Waterschap Limburg neemt deel aan de GR. Conform de Wet gemeenschappelijke regelingen bestaat de bestuursstructuur uit een Algemeen Bestuur (AB) en een Dagelijks Bestuur (DB). De portefeuillehouder financiën vertegenwoordigt de Gemeente Stein in het AB. De processen van het waterschap en de gemeenten overlappen elkaar in grote mate en de benodigde basisgegevens worden gelijktijdig voor alle deelnemers opgebouwd. Omdat BsGW de processen voor alle belastingsoorten integraal uitvoert, zijn de daarmee samenhangende kosten zodanig met elkaar verweven dat kosten niet per belastingsoort gedifferentieerd kunnen worden.

De uitvoeringskosten van de productieprocessen worden om die reden toegerekend aan eenduidige, herkenbare hoofdprocessen, overeenkomstig de organisatieopzet van BsGW. Dit resulteert in vijf primaire producten van dienstverlening: Gegevensbeheer en heffen, Waarderen, Innen, Klantzaken en Parkeerbelasting. De verdeling van deze kosten over de deelnemers gebeurt hierna met behulp van eenheidstarieven per product van dienstverlening. De begrote bijdrage van Stein in 2022 aan de BsGW bedraagt 31-12-2020 € -889.000 31-12-2021 € nnb 31-12-2022 € nnb 31-12-2020 € 9.101.000 31-12-2021 € nnb 31-12-2022 € nnb

98

10. Gemeentelijke bijdrage

11. Financieel resultaat

12. Risico’s

13. Ontwikkelingen

2020 € 368.000 2021 € 358.000 2022 € 397.000 2020 € -2.092.000 2021 € nihil 2022 € nihil In de GR ligt vast dat de eindverantwoordelijkheid voor de financiële positie van de BsGW door de deelnemers wordt gedragen. Onverlet deze eindverantwoordelijkheid heeft de BsGW als zelfstandig orgaan een eigen verantwoordelijkheid om te zorgen voor de vorming van voldoende weerstandsvermogen. Ontwikkeling van de proceskosten Harmonisatie heffingsgrondslagen deelnemende gemeenten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Stein&id=d3508cca-9f63-4bdb-a218-bcc37879ea5b