CConstaterende datStein
Koppel je AI →
Document · PDF

Memo Verordening starterslening gemeente Stein

Besluitvormende raadsvergadering 28 november 2024, gemeente SteinBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake Verordening Starterslening1.152 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO Verordening starterslening gemeente Stein Ten aanzien van het raadsbesluit: 1. Zie viertal besluitonderdelen. Het vaststellen van de nieuwe verordening en het intrekken van de oude verordening dekt de lading. Juist door het opnoemen van de wijzigingen op hoofdlijnen (hetgeen wij zoals te doen gebruikelijk nimmer doen) ontstaat er onduidelijkheid, daar de verordening ook op andere onderdelen wijzigt die niet zijn benoemd in het raadsbesluit. Reactie We zien geen aanleiding om dit te veranderen, dit conform antwoord in de beeldvormende raadsvergadering. Dit is een motivering voor op welke onderdelen de verordening wijzigt.

Ten aanzien van de Verordening: Artikel 1 1. Sub h: het besluit van de Gemeente. De gemeente kan als zodanig geen Awb-besluiten nemen. In dit geval wordt het besluit van het College bedoeld. Reactie ‘De gemeente’ is in deze niet fout. Daar waar het nodig is om aan te geven wie bevoegd is (college) wordt dit in de verordening duidelijk aangegeven. Ik mis: 2. definitie afwijzing (omdat toewijzing wordt gedefinieerd) Reactie We zien geen aanleiding om dit toe te voegen. 3. definitie raad (zie art. 3 lid 2 Verordening). Bedoeld wordt, de gemeenteraad van de gemeente Stein Reactie We zien geen aanleiding om dit toe te voegen. Overigens is deze tekst al sinds 2019 ongewijzigd zo opgenomen in de vorige startsverordeningen Artikel 3 4. Lid 1  Het budgetrecht i.c. komt toe aan de raad. De gemeente Stein als openbaar lichaam / rechtspersoon kan als zodanig geen budget vaststellen. Zie legaliteitsbeginsel, zonder wet geen bevoegdheid; Reactie ‘De gemeente’ is in deze niet fout. We zien daarom geen aanleiding om dit aan te passen. Lid 4  volgens mij kun je die schrappen als je kijkt naar de afwijzingsgronden van art. 6. Daar staat onder lid 1 sub a al deze afwijzingsgrond vermeld. Reactie

Dit is inderdaad dubbelop maar niet fout. We zien daarom geen aanleiding om dit aan te passen. Als je hem handhaaft, dan moet die anders worden geformuleerd omdat die nu verwijst naar een lid waar niet staat hetgeen lid 4 aanhaalt. Reactie Dit klopt: er moet staan derde lid. Dit is aangepast in de verordening. Artikel 4 5. Beperkte toetsing college door verwijzing naar art. 2 en 3. Aanbeveling is om die zinsnede te schrappen. Met die zin erna bepaal je al dat het college op basis van de verordening beslist (dus ook op basis van de afwijzingsgronden en ook op basis van artikelen 2 en 3). Bovendien zou ik ‘te bepalen’ veranderen door ‘te beslissen’ aangezien er wordt besloten op een aanvraag ex art. 1:3 lid 3 Awb. Reactie Er is sprake van een beperkte toetsing. Artikel 2 en 3 vormen de hoofdmoot van de gemeentelijke beoordeling (pre-scan) en de zinssnede daarna verklaart de overige bepalingen van de verordening ook van toepassing zoals artikel 8 in uitzonderlijke gevallen. Artikel 5 6. Lid 7  zevende lid moet worden bedoeld zesde lid Reactie Dit klopt: er moet staan derde lid. Dit is aangepast in de verordening. 7. Lid 8  provinciale kaders nader definiëren. Dit kan door de citeertitels aan te halen.

Mochten die citeertitels ooit wijzigen, hetgeen tot op heden nog niet is gebeurd, dan kan je dat via de Raad updaten zoals ook de gemeenschappelijke regelingen eens per jaar worden geüpdatet en de APV (al verwacht ik dit niet, check: https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR639436/4 daar is in de citeertitel (ook) geen jaartal genoemd). Reactie In de beeldvorming is aangegeven dat we geen specifiek provinciaal beleid noemen (dynamische verwijzing), dan voldoen we er altijd aan. De stelling dat we dan aan al het provinciale beleid moeten toetsen gaat niet op, want dat blijkt uit de artikelen 2 en 3. Tweede deel van de betreffende zin geeft de verklaring welke provinciale kaders. 8. Lid 8  ‘In de toewijzing’ nader definiëren en door wie? Het college stelt als het goed is die hoogte vast, maar dat blijkt niet uit dit lid. Belangrijk is om die bevoegdheid te delegeren aan het College door op te nemen dat het college de hoogte vaststelt Reactie Dit blijkt al uit artikel 4, dat het college de toewijzing vaststelt. Wat een toewijzing is blijkt al uit artikel 1 h. Artikel 6 9. Lid 1 sub a mis ik een toevoeging  het budget ‘als bedoeld in artikel 3 van deze verordening’ Reactie

Het zal niet tot twijfel leiden in deze specifieke verordening over welk budget het gaat. We zien daarom geen aanleiding om dit aan te passen. Artikel 9 Terugwerkende kracht intrekken tot 1 januari 2024 is gecompliceerd. Eerdere toepassing of terugwerkende kracht van een Verordening ziet op het sorteren van rechtsgevolgen vóór de datum van bekendmaking. Volgens vaste rechtspraak (zie bijv. ECLI:EU:C:2009:167) verzet het rechtszekerheidsbeginsel zich er in het algemeen tegen dat een besluit rechtsgevolgen verbindt aan feiten en gebeurtenissen die zich hebben voorgedaan vóór de datum van bekendmaking daarvan. Zie ook art. 88 Grondwet voor de beperking op nationaal niveau. De verordening starterslening gemeente Stein 2020-2023 is thans nog steeds van kracht. Op basis daarvan zijn ook bestuursrechtelijke besluiten genomen in het jaar 2024. Als de Raad de verordening intrekt, dan verenigt zich dit evenmin met het legaliteitsbeginsel. Elk handelen van de overheid moet een basis hebben in de wet en zonder verordening is die er dus niet. De nieuwe verordening per dag bekendmaking introduceren zorgt dus voor een leemte tussen 1 januari 2024 en de dag der bekendmaking. Bovendien is de verordening niet identiek. Naar ik heb begrepen juist versoepeld.

Dat roept weer de vraag op of er dan niet onterecht besluiten zijn afgewezen met de nodige schade voor het individu als gevolg daarvan (denk aan een 36-jarige die nu een lening bij de bank heeft met een andere rentekoers terwijl hij eigenlijk op basis van de nieuwe verordening toch recht had op een lening van de overheid). Kortom, ook reden voor overheidsaansprakelijkheid, althans ik sluit niet uit dat inwoners met een rechtsbijstandverzekering dit toch laten checken. Aanbeveling zou zijn om dit dus met een overgangsperiode te regelen, waardoor oud recht van toepassing blijft op aanvragen vóór de inwerkingtreding van de nieuwe verordening. Voorbeeld: Artikel 9 Inwerkingtreding & Overgangsrecht 1. De Verordening starterslening gemeente Stein 2020-2023 wordt ingetrokken. 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na de wettelijke bekendmaking. 3. Op aanvragen die zijn ingediend voor de inwerkingtreding van de Verordening Starterslening gemeente Stein, zoals genoemd in het tweede lid, zijn de bepalingen van de Verordening starterslening gemeente Stein 2020-2023 van toepassing. NB: let ook op het raadsbesluit punt 4. Daar gaat men nog uit van het intrekking met terugwerkende kracht. Aanbeveling is om dit onderdeel te schrappen gelet op het vorenstaande. Reactie

* is de oude verordening van rechtswege vervallen? Nee, anders zou je nu de oude ook niet moeten intrekken en in de oude verordening staat geen einddatum. De verordening kan 1-1-25 in werking treden en per die datum kan de huidige verordening dan worden ingetrokken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Stein&id=fd67e429-2aab-4e44-9056-317ab739e887