Jaarrekening 2023
Tekst van het document
Wegen
Beleidskaders Op 17 februari 2022 heeft de raad het Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR) vastgesteld. De vastgestelde kwaliteit is van toepassing op de instandhouding van de verhardingen gedurende de technische levensduur in die gebieden waar de komende jaren geen grootschalige reconstructies of wijzigingen zijn gepland. Beheerplannen Om de 2 jaar wordt - via inspectie - het beheerplan wegen geactualiseerd en wordt een doorkijk gegeven voor 15 jaren. Na beëindiging van het groot onderhoud 2021 zijn alle wegen in Stein geïnspecteerd. Op basis van deze inspectie is het nieuwe beheerplan opgesteld dat op 13 juli 2022 is vastgesteld door het college. Op 31 augustus 2022 heeft het college het Beheerplan
73
wegmeubilair 2022-206 vastgesteld. De financiële gevolgen van beide beheerplannen zijn verwerkt in de begroting. Bij wegen en het wegmeubilair is gen sprake van achterstallig onderhoud. Financiële vertaling Vanaf 2010 is voor groot onderhoud wegen een voorziening gevormd. Hierin wordt op basis van het vastgesteld beheerplan jaarlijks een bedrag gestort. De hoogte van de storting wordt telkens bij het vaststellen van het beheerplan wegen geactualiseerd. Vanaf 2022 bedraagt de storting in de voorziening groot onderhoud wegen € 750.000. Vanwege de hoge aangekondigde indexeringen is in de bestuursrapportage dit bedrag voor 2023 verhoogd naar € 975.000. Het beheerplan wegen wordt in 2024 geactualiseerd en opnieuw vastgesteld. In de voorziening groot onderhoud wegen worden geen kosten van rehabilitaties of reconstructies van wegen verantwoord. Deze worden, als investering op het programma ‘Verkeer, vervoer en water' verantwoord en waar nodig toegelicht. Ook de onderhoudskosten worden op het programma 'Verkeer, vervoer en wegen. verantwoord. Wegen: Directe lasten onderhoud wegen (x € 1.000)
Rek. 2021
Rek. 2022
Begr. 2023
Rek. 2023
Klein onderhoud wegen
132
144
192
192
Wegvoorzieningen (o.a. belijningen)
38
22
72
72
Groot onderhoud wegen
422
840
1.258
809
Totaal exploitatie + voorziening
592
1.006
1.522
1.073
Onderhoudsbudget exploitatie:
Ten laste van voorziening:
Openbare verlichting
Beleidskaders Op 8 juni 2023 is het nieuwe beleidsplan Openbare Verlichting vastgesteld. Beheerplannen Het beheer van de openbare verlichting is op basis van een beheer- en onderhoudsplan uitbesteed aan een externe partij. Financiële vertaling Bij de openbare verlichting is geen sprake van achterstallig onderhoud. In 2023 zijn er meer schades en storingen geweest aan de openbare verlichting, waardoor de onderhoudskosten hoger zijn dan begroot. Openbare verlichting: Directe lasten onderhoud openbare verlichting (x € 1.000)
Rek. 2021
Rek. 2022
Begr. 2023
Rek. 2023
Energie
105
121
300
301
Onderhoud
170
158
100
120
Totaal exploitatie
275
279
400
421
Onderhoudsbudget exploitatie:
Bruggen 74
Beleidskaders In 2021 is het beheerplan civieltechnische kunstwerken opgesteld. Beheerplannen Op basis van de 2 jaarlijkse bruginspectie is in 2021 het meerjaren onderhoudsplan opgesteld. In
2022 zijn alle bruggen geïnspecteerd die onderhoudsplichtig zijn door de gemeente Stein. De inspectieresultaten zijn vertaald in een meerjaren-onderhoudsplanning. In 2023 zijn een aantal reinigings- en conserveringsmaatregelen uitgevoerd van de voorgaande jaren. De inhaalslag is gestart, maar nog niet voltooid. In 2024 zullen de resterende reinigings- en conserveringsmaatregelen van de voorgaande jaren ingepland en uitgevoerd worden. Financiële vertaling Voor het onderhouden van de kunstwerken is een voorziening gevormd. Op basis van het huidige beheerplan wordt jaarlijks € 42.750 in de voorziening gestort. De tot het meerjaren onderhoudsplan en het projectenplan behorende investeringen en onderhoudsbudgetten worden verantwoord op het programma ‘Verkeer, Vervoer en Waterstaat’. Bruggen: Directe lasten onderhoud bruggen (x € 1.000)
Rek. 2021
Rek. 2022
Begr. 2023
Rek. 2023
5
5
5
1
7
23
11
8
12
28
16
9
Onderhoudsbudget exploitatie: Onderhoud kleine kunstwerken Ten laste van voorziening: Groot onderhoud bruggen Totaal exploitatie + voorziening
Riolen
Beleidskaders In 2013 is gestart met het opstellen van een regionaal beleid- en uitvoeringskader voor het stedelijk watermanagement. Deze kaders vervangen het traditioneel Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan voor de gemeenten Beek, Schinnen, Sittard-Geleen en Stein. Hierin participeren ook het waterschap Roer en Overmaas en Waterschapsbedrijf Limburg. De kaders voor Stein zijn op 30 oktober 2014 door de raad vastgesteld. In 2021 is het Beleidsplan Water & Klimaatadaptatie vastgesteld. Dit is de actualisatie van het hiervoor benoemde plan waarbij ook de klimaatthema's hitte en droogte zijn meegenomen. Het beleids- en uitvoeringskader voor de omgang met water en de klimaatadaptatie bestaat uit vier plannen (beleidsplan, beheerplan, kostendekkingsplan en projectplan). Het beleidsplan is samen met de betrokken partijen in de waterketen van de Westelijke Mijnstreek opgesteld. Hiermee is de samenwerking van de afgelopen jaren voortgezet en beheren we de waterketen op een structurele en doelbewuste manier. In dit plan benoemen we alle zaken die we belangrijk vinden en geven onze strategie hierop aan. In 2021 is ook de optimalisatie van het basisrioleringsplan en de klimaatstresstest afgerond. De vanuit het basisrioleringsplan en klimaatstresstest verkregen bevindingen leveren een belangrijke inbreng voor het beleidsplan Water & Klimaatadaptatie.
De gemeente moet op grond van de Kader Richtlijn Water (KRW) maatregelen nemen om het overstorten op kwetsbare wateren te verminderen. Hierdoor heeft vooral het afkoppelen van regenwater grote invloed op het uitvoeringsprogramma. In het in 2021 afgeronde
75
basisrioleringsplan heeft een toetsing plaatsgevonden van het effect van overstorten op kwetsbare wateren en zijn maatregelen voorgesteld hoe aan de KRW voldaan kan worden. Beheerplannen Met het in juli 2021 vastgestelde Beleidsplan Water & Klimaatadaptatie 2022-2027 als basis is in 2022 verder invulling gegeven aan het verbeteren, beheren en onderhouden van onze (afval)watersystemen en voorzieningen. Naast het beleidsplan zijn in 2022 de volgende plannen leidend geweest: • Het beheerplan, waarin voor de Westelijke Mijnstreek staat beschreven hoe alle objecten worden beheerd. • De projectenplannen, waarin voor de gemeenten Beek, Sittard-Geleen en Stein staat beschreven welke projecten zij de komende jaren uitvoeren op het gebied van water en klimaatadaptatie. • De kostendekkingplannen, waarin voor de gemeenten Beek, Sittard-Geleen en Stein staat beschreven hoe de kosten voor water en klimaatadaptatie de komende jaren worden gedekt en hoeveel fte er nodig is om de werkzaamheden uit te voeren. Financiële vertaling De tot het beheerplan en het projectenplan behorende investeringen en onderhoudsbudgetten worden verantwoord op het programma ‘Volksgezondheid en milieu’. Aan de hand van de onderhoudsprogramma's zijn in 2023 rioolinspecties uitgevoerd in Nieuwdorp, Stein-Centrum en Elsloo.
Op basis van deze inspecties hebben er binnen het benoemde gebied rioolreparaties plaatsgevonden. Hiermee is de inhaalslag voor wat betreft de reparatie van riolen en kolken en daarmee de verbetering van de kwaliteit van ons stelsel verder voortgezet. Riolering: Directe lasten onderhoud riolen (x € 1.000)
Rek. 2021
Rek. 2022
Begr. 2023
Rek. 2023
Onderhoud riolen
719
711
810
806
Totaal exploitatie
719
711
810
806
Onderhoudsbudget exploitatie:
Groen
Beleidskaders De gemeenteraad heeft in 2022 de kwaliteitsniveaus voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte (IBOR) geactualiseerd. In het vastgestelde Integraal Beheer-kwaliteitsplan Openbare ruimte Stein (IBOR) 2022-2026 is o.a. het beheer en onderhoud van het openbare groen geborgd. In de groennota's: de groenstructuurvisie, het groenbeheerplan en bomenbeheerplan is de ontwikkeling met betrekking tot het beheer en onderhoud van het groen in de openbare ruimte (stedelijke omgeving) en het groen in het landschap als buitengebied, nader uitgewerkt. Beheerplannen De vastgestelde beleidskaders voor het beheer en onderhoud van het groen zijn verwerkt in het groenbeheerplan en bomenbeheerplan. In de beheerplannen staat beschreven op welke manier we groen onderhouden (om de gewenste ambitie te halen), wat hiervoor nodig is en wat dit financieel betekent. Het beheerplan bomen 2022-2026 is in 2022 uitgewerkt en door het college vastgesteld. In 2023 zijn de groenonderhoudsbestekken, als uitwerking van de beheerplannen, opnieuw voor 4 jaren aanbesteed. Dit zijn de 3 bestekken met betrekking tot specialistisch bomenonderhoud, het bermen- en natuurweides onderhoud en het sportveldenonderhoud.
Het gehele groenonderhoud, zowel in eigen beheer (team Wijkbeheer), het deel middels bestekken ondergebracht bij de aannemers en de bestekken onder andere door RWM (onkruidbestrijding verhardingen) is binnen de begroting uitgevoerd.
76
Ten aanzien van het bomenonderhoud: dit is conform beheerplan planmatig uitgevoerd. Ten aanzien van bermen en natuurweides is de Maaikaart ontwikkeld en geactualiseerd; dit om inwoners inzage te geven over het maaibeheer van de gemeente Stein en dat van haar verbonden partners. Het overige groenonderhoud wordt zowel uitgevoerd door de Wijkteams en RWM (onkruidbestrijding verhardingen). Financiële vertaling Het groenonderhoud wordt uitgevoerd door het team Wijkbeheer, onderdeel wijkteams en drie groenaannemers voor het specialistisch onderhoud (o.a. bermen, sportvelden en bomen). Het aanleggen en onderhouden van groen wordt op het programma ‘Sport, Cultuur en Recreatie’ verantwoord en waar nodig toegelicht. Groen: Directe lasten onderhoud groen (x € 1.000)
Rek. 2021
Rek. 2022
Begr. 2023
Rek. 2023
Bestrijden onkruid
192
191
195
195
Onderhoud bermen
64
64
62
62
Landschapsplannen
57
58
57
55
Openbaar groen
702
693
750
756
1.015
1.006
1.064
1.068
Onderhoudsbudget exploitatie:
Totaal exploitatie
77
Financiering Algemeen
De paragraaf financiering is een verplicht onderdeel van de programmarekening. De paragraaf is een belangrijk instrument voor het transparant maken van de financieringsfunctie van de gemeente. Treasury is het sturen, beheersen van, verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële geldstromen, de financiële vermogenswaarden, de financiële positie en de hieraan verbonden risico's. De uitvoering van treasury wordt wettelijk geregeld in de wet financiering decentrale overheden (FIDO). De wet FIDO regelt dat de uitvoering van de treasuryfunctie binnen de gemeente uitsluitend de publieke taak dient en geschiedt binnen de financiële kaders. Bij de keuze van financiering worden door de gemeente Stein, binnen de kaders van de wet FIDO, onderstaande regels gehanteerd: • De rente van vaste geldleningen is door de lange looptijd financieel van groter belang dan de rente van leningen met een korte looptijd. • Bij een verwachte daling van de lange rente verdient het de voorkeur om het aantrekken van vaste/langlopende leningen zoveel mogelijk uit te stellen tot de rentedaling is ingetreden. • Bij een verwachte stijging van de lange rente is er een voorkeur om de kortlopende schulden om te zetten in langlopende schulden.
• Bij een te verwachten stabiele renteontwikkeling dient in de actuele financieringsbehoefte te worden voorzien met de financieringsvormen die absoluut gezien de laagste rente dragen.
Algemene interne en externe ontwikkelingen Interne ontwikkelingen
In 2023 hebben zich voor de gemeente Stein geen mogelijkheden voorgedaan om geldleningen vervroegd af te lossen. De financieringsbehoefte in 2023 kon worden afgedekt met een debetsaldo in de rekening courant. Mutaties in de vaste schulden zijn in onderstaand overzicht weergegeven (exclusief woningbouwleningen) Gemiddelde rente leningportefeuille (in %)
Mutaties: Bedrag € 1.000
Stand per 01.01.2023 Vervroegde aflossingen Reguliere aflossingen Nieuwe lening(en) Stand per 31.12.2023
56.878
1,80
0 4.304 0 52.574
1,71
Externe ontwikkelingen De ECB heeft in 2022 al stevig ingegrepen, met de renteverhogingen van 0,5% juli en 0,75% in september en oktober. De inflatie reageert nooit meteen op de verhoogde rente. Dat heeft tijd nodig. Daarnaast blijft veel onzeker rond de oorlog in Oekraïne en de gevolgen van de aanvoer voor gas en olie naar Europa. In 2023 zien we langzaam dat de inflatie verder terugloopt. Een nieuwe forse renteverhoging is vooralsnog niet nodig gebleken, omdat de voorbije renteverhogingen krachtig blijven doorwerken; de financieringsvoorwaarden zijn opnieuw krapper geworden en temperen de vraag steeds meer, wat een belangrijke factor is in het terugbrengen van de inflatie. De ECB blijft echter alert en zal stapsgewijs bekijken of nieuwe maatregelen nodig zijn om op de
78
middellange termijn de inflatie in Europa terug te dringen tot het gewenste niveau van 2%. Schatkistbankieren De wet verplicht schatkistbankieren houdt in dat publieke instellingen al hun liquide middelen aanhouden bij het ministerie van Financiën. Ze doen dat in de vorm van een rekening-courant, zoals bij een bank. Decentrale overheden hebben de mogelijkheid om termijndeposito's aan te houden. Er geldt sinds 1 juli 2021 een nieuwe doelmatigheidsdrempel van 2% van het begrotingstotaal met een minimum van € 1.000.000 per gemeente. Voor de gemeente Stein is deze gemiddelde drempel per kwartaal 2% x € 77.311.000 (het begrotingstotaal 2023) = € 1.546.220 In onderstaande tabel staat de berekening voor de gemeente Stein van het kwartaal gemiddelde van het schatkistbankieren in 2023. Berekening kwartaalgemiddelde Schatkistbankieren
Q12023
Q22023
Q32023
Q4-2023
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten Rijksschatkist aangehouden middelen
917
806
812
425
Ruimte tot het drempelbedrag
1.546
1.546
1.546
1.546
Onderschrijding van het drempelbedrag
629
740
734
1.121
X € 1.000
Risicobeheer
Om de rentekosten zo laag mogelijk te houden dient er een goede balans gevonden te worden tussen optimalisatie op de korte termijn en de stabilisatie op de langere termijn. Financiering met een korte looptijd kan zorgen voor de laagste rentelasten, terwijl vanuit het oogpunt van lange termijn stabiliteit een financiering met een langere rentevaste periode de voorkeur heeft. De wet FIDO geeft twee richtlijnen voor het beperken van renterisico's: het kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft de limiet aan voor de vlottende schuld van de gemeente. Deze limiet is vastgesteld op 8,5% van de totale begroting. In 2023 was deze limiet voor de gemeente Stein afgerond € 6,5 miljoen. Onderstaande tabel geeft de informatie weer met betrekking tot de kasgeldlimiet. In het eerste en tweede kwartaal van 2023 was er sprake van een onderschrijding van het kasgeldlimiet. De gemeente Stein heeft gedurende deze periode geen kortlopende of langlopende financiering hoeven aan trekken om aan haar financieringsbehoefte te kunnen blijven voldoen. Periode
Q1-23
Q2-23
Q3-23
Q4-23
Netto vlottende schuld -/- overschot vlottende middelen
-3.152
-2.139
4.302
7.303
Kasgeldlimiet
6.574
6.574
6.574
6.574
Overschrijding van kasgeldlimiet Ruimte tot de kasgeldlimiet
729 9.726
8.713
2.272
Renterisiconorm In de wet FIDO staat dat de renterisiconorm niet mag worden overschreden. Deze norm zorgt voor een opbouw van de leningportefeuille, waarbij het renterisico van renteaanpassingen en herfinanciering van geldleningen in voldoende mate wordt beperkt. Er mag maximaal 20% van de langlopende geldleningen per jaar in aanmerking komen voor herfinanciering en renteherziening. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen primaire en secundaire renterisico's. Primaire renterisico's betreft het gevaar van een ongunstige stand van de rente op het moment dat nieuwe
79
leningen moeten worden afgesloten. Secundaire renterisico's betreft het niet kunnen profiteren van gunstige renteontwikkelingen. Risico's loopt de gemeente dan ook bij een onevenwichtige verdeling van de portefeuille wat betreft de looptijden. Een portefeuille met overwegend kortlopende leningen kent een hoog primair risico en een overwegend langlopende portefeuille kent een hoog secundair risico. Uit onderstaand overzicht blijkt dat in 2023 de renterisiconorm van de gemeente Stein niet overschreden werd. (bedragen x € 1.000) Stap Variabelen Renterisico(norm)
2023
(1) Renteherziening op vaste schuld
0
(2) Netto nieuw aangetrokken vaste schuld
0
(3) Betaalde aflossingen
4.304
(4) Herfinanciering (laagste van 2 en 3)
4.304
(5) Renterisico op vaste schuld (1 + 4)
4.304
Renterisiconorm (20% x vaste schuld per 1/1), excl. door verstrekte leningen (6) woningstichtingen
11.375
(7) Ruimte onder renterisiconorm (6 – 5)
7.071
Debiteurenrisico Dit betreft het risico dat vorderingen op debiteuren niet kunnen worden geïnd en afgeboekt moeten worden. Ter afdekking van de risico's met betrekking tot debiteuren sociale zaken is voor een bedrag van € 1.063.415 een voorziening gevormd, en voor de TOZO regeling een voorziening van € 11.988. De voorziening voor risico's met betrekking tot overige debiteuren bedraagt per 31 december 2023 € 125.000. Geldleningen De financiële risico’s van gemeenten voor de verstrekte geldleningen en achtervang aan woningcorporaties zijn klein. De financiële middelen (liquiditeitspositie en eigen vermogen) van de corporaties vormen de eerste zekerheid. De borgstellingsreserve van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) vormt de tweede zekerheid. Als corporaties hun rente- en aflossingsverplichtingen niet nakomen, dan kan de WSW aangesproken worden. Zij beschikken daarom over een borgstellingsreserve. De Autoriteit Woningcorporaties (AW) houdt sinds 2016 toezicht op WSW. Belangrijk doel van dit toezicht is om vast te stellen of het risicokapitaal van WSW toereikend is om mogelijke verliezen van WSW te dekken. De achtervang positie van Rijk en gemeenten vormt de derde zekerheid. Indien daarop een beroep gedaan moet worden, moeten Rijk en gemeenten op verzoek van het WSW renteloze leningen aan het WSW verstrekken.
Renteschema Rente omslagpercentage De renteomslag is berekend conform de nota rentenotitie 2017 die door de commissie BBV is gepubliceerd. Vanwege het inzicht in de rentelasten van externe financiering, het renteresultaat en de wijze van toerekening is onderstaand renteschema opgenomen. Het renteomslagpercentage wordt berekend door de totale rentekosten te delen door het totaal geactiveerd bedrag. De totale rentekosten bestaan uit de rente voor de vaste geldleningen, de bespaarde rente over de eigen financieringsmiddelen (reserves) en de rente van de financieringsbehoefte. Het omslagpercentage voor 2023 is berekend op 1,7%. Renteschema:( bedragen x 1.000 €)
2023
a. Externe rente vaste geldleningen b. De externe rentebaten
987 -/-
61
Totaal door te rekenen externe rente
926
c. -De rente die aan de grondexploitaties
80
moet worden doorberekend
-/-
26
-De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
-/- 402 -/-
428
Saldo door te rekenen externe rente
498
d1. Rente over eigen vermogen
573
d2. Rente over voorzieningen
125
e.
De aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toegerekende rente (renteomslag)
1.196
De werkelijk aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toegerekende rente (renteomslag)
1.416
f. Saldo renteresultaat taakveld treasury
-220
Resultaat uitzettingen
Het uitzetten van overtollige gelden (liquiditeitsoverschotten) door middel van het verstrekken van leningen en beleggen dient op prudente wijze te geschieden. Er dient daarom van goede tegenpartijen gebruik te worden gemaakt teneinde de financiële risico's te beperken. Indien met minder kredietwaardige tegenpartijen in zee wordt gegaan, kunnen hierdoor weliswaar (tijdelijk) hogere renteopbrengsten worden verkregen, maar loopt de gemeente daarbij (aanzienlijk) grotere risico's.
Wet Houdbare Overheidsfinanciën
De kern van de Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet HOF) is verankerd in de Europese begrotingsafspraken en de bepaling dat het Rijk en de decentrale overheden (gemeenten, provincies en waterschappen) een gelijkwaardige inspanning moeten leveren om aan deze afspraken te voldoen. Een van de belangrijkste afspraken is het bereiken van een begrotingsevenwicht op middellange termijn. Als een meerjarige overschrijding van de vastgestelde norm van het Economisch en Monetaire Unie (EMU) saldo van de decentrale overheden dreigt, heeft de minister de mogelijkheid om met behulp van het correctiemechanisme het EMU-saldo van de decentrale overheden te beheersen. Voor de berekening van het EMU-saldo van de gemeente Stein wordt verwezen naar het hoofdstuk "EMU-saldo" onder de jaarrekening.
81
Bedrijfsvoering Algemeen
Deze paragraaf is gewijd aan de bedrijfsvoering van de gemeente Stein, dat wil zeggen de manier waarop de processen binnen de gemeente zijn georganiseerd, en worden aangestuurd en de manier waarop de bedrijfsmiddelen worden ingezet. Dit zijn de bedrijfsprocessen die nodig zijn om de beleidsdoelstellingen uit de programma's te realiseren. Doel van de bedrijfsvoering is om zo effectief en efficiënt mogelijk de afgesproken prestaties te leveren. Het bevat onder meer zaken als personeelsbeleid, financiën, inkoop, communicatie en juridische ondersteuning.
Rechtmatigheidsverantwoording
Bij deze jaarstukken 2023 geeft het college van burgemeester en wethouders voor het eerst zelf een rechtmatigheidsverantwoording af. Uw gemeenteraad heeft met het vaststellen van de financiële verordening bepaald dat onrechtmatigheden groter dan € 25.000 vermeld moeten worden in deze verantwoording. Met verwijzing naar de rechtmatigheidsverantwoording, welke onderdeel is van de jaarrekening, kan geconstateerd worden dat er in 2023 géén onrechtmatigheden groter dan € 25.000 zijn. Er zijn in 2023 geen fraudegevallen en/of schendingen van integriteit geconstateerd.
Financien
Het optimaliseren en doorontwikkelen van de P&C processen en documenten is een continue proces. Het streven daarbij is en blijft het opstellen van duidelijk leesbare en transparante stukken. De financiële processen zijn in 2023 verder doorontwikkeld. Zo is er ingezet op het verder digitaliseren van de financiële processen zoals de verplichtingenadministratie, het debiteurenproces en het archiveren en vernietigen van financiële data waarmee in de toekomst wordt voldaan aan de wettelijke verplichting ten aanzien van archivering. Tevens heeft er een verdere uitrol plaatsgevonden van een nieuwe rapportagetool in het financiële pakket. Met deze rapportagetool kan informatie makkelijker worden ontsloten.
Juridische advisering
Advisering en ondersteuning van bestuur en management op het gebied van diverse rechtsgebieden heeft in 2023 op de gebruikelijke wijze plaatsgevonden. Het aantal aanhangig gemaakte bezwaarschriftprocedures is hoger dan in 2022. De toename is veroorzaakt door een forse stijging van het aantal algemene zaken, met name in de sfeer van bezwaarschriften tegen vergunningen. Een vergelijking met het vorig jaar levert het volgende beeld op: 14 algemene zaken in 2022 en 46 in 2023.
Inkoop
In 2023 is het traject Versterken Inkooppositie Stein gestart. Hierin wordt niet alleen gestuurd op een betere invulling van het contractmanagement, het omvat het versterken van alle aspecten van inkoop en aanbesteden in het algemeen. Er is een contractenregistratiesysteem in gebruik genomen. Daarnaast zijn bovengemiddeld veel aanbestedingen gehouden en succesvol afgerond, waaronder 8 Europese aanbestedingen.
Informatiemanagement
Vanuit het beleid zijn de volgende belangrijkste projecten door het team Informatiemanagement gerealiseerd. Dit zijn de doorontwikkeling van het nieuwe zaaksysteem, implementatie MensCentraal (nieuwe applicatie WMO/Jeugd) en migratie van Squit2020 naar Rx.Mission. De projecten die niet zijn uitgevoerd, zijn doorgeschoven naar 2024. Door het doorschuiven van de projecten naar 2024 is minder inhuur noodzakelijk geweest, waardoor de kosten voor personeel van derden lager zijn uitgevallen.
82
Verder is er een voordeel ontstaan bij de applicaties Squit2020 en Rx.Mission doordat door de provincie voor het jaar 2023 geen jaarlijkse kosten in rekening zijn gebracht vanwege vertraging bij de implementatie.
Communicatie
In 2023 werd gewerkt aan een nieuwe visie op communicatie, die in juni door de raad werd vastgesteld. Er is gestart met het in kaart brengen van de taken. Naast aandacht voor reguliere zaken in de verschillende domeinen, stond 2023 in het teken van het verbeteren van de financiële gezondheid van inwoners, het opstarten van de toewijzingsprocedure voor lokale omroepen, de doorstart van het project Duidelijke Taal, en de ontwikkeling en verbetering van de toegankelijkheid van de website. Deze aspecten zijn verder uitgewerkt onder het programma bestuur, ondersteuning en algemene dekkingsmiddelen.
Juridische kwaliteitszorg
In het kader van juridische kwaliteitszorg zijn in 2023 initiatieven ontplooid op het terrein van verbetering van de bedrijfsvoering en kennisoverdracht. Verordeningen en beleidsregels die aan de gemeenteraad ter vaststelling zijn voorgelegd, zijn gedereguleerd, mede aan de hand van modellen van de Vereniging Nederlandse Gemeenten. Daarnaast hebben specifieke werkzaamheden plaatsgevonden, onder andere in het kader van de ondersteuning van de projectgroep Omgevingswet, de projectgroep Open Overheid, het Privacyoverleg en de projectgroep Steinerbos.
Personeel Formatieontwikkeling Ambtelijke personeel De ambtelijke formatie (bezetting) komt einde van het jaar 2023 uit op 118,87 fte. Dit is 20,32 fte lager dan de formatie in de begroting (na wijzigingen). Het verschil wordt verklaard door de einde jaar openstaande vacature-ruimte. Een substantieel deel van die openstaande wordt veroorzaakt door vacature-ruimte a.g.v. de keuze om in afwachting van de visie op organisatie die voorlopig niet in te vullen maar om op die plek te volstaan met (tijdelijke) inhuur. Formatiemonitor inhuur incl. piek en ziek budget De werkelijke uitgaven voor de inhuur van het budget piek en ziek (na ophoging via een separaat raadsbesluit voorjaar 2023) inclusief ontstane vacatureruimte, is lager dan de aanvankelijk geraamde uitgaven. In 2023 is uiteindelijk € 95.000 minder besteed aan inhuur dan er vooraf was gecalculeerd. Uit bijlage III wordt verder duidelijk dat we in 2023 een bedrag van € 2.341.000 aan eenmalige kosten inhuur personeel hebben uitgegeven. Dit hiervoor benodigde budget is als volgt tot stand gekomen: - Vastgestelde begroting 2023 € 318.000 - Via een separaat raadsvoorstel € 700.000 - UWV-ziektegelden € 148.000 - Vrijval loonkosten € 1.131.000 - Overige dekkingsmiddelen (w.o.
Oekraïne-gelden, OR) € 139.000 Totaal € 2.436.000 Inhuur projecten Daarnaast heeft in 2023 voor een aantal projecten inhuur plaatsgevonden waarvan hieronder een specificatie is weergegeven: 1. Personeel derden wijkteams € 433.000 2. Personeel derden 3D € 81.000 3. Overige Inhuur - ICT € 183.000 - Wet open Overheid € 49.000 - Opvang ontheemden Oekraïne € 137.000 - Klimaat en energiebeleid € 55.000
83
- BOA's - Musea - Implementatie omgevingswet - Overig Totaal overige inhuur Totaal inhuur Projecten
€ 220.000 € 33.000 € 28.000 € 15.000 € 720.000 € 1.234.000
Let op, bovenstaand overzicht betreft alleen de inhuur op de exploitatie. Inhuur ten laste van de investeringsbudgetten en ingehuurde diensten, ten laste van de exploitatie en/of investeringsbudgetten, maken geen onderdeel van dit overzicht.
Organisatieontwikkeling
Om de doorontwikkeling van de organisatie te kunnen invoeren en implementeren was in het bestuursakkoord 2022-2026 een jaarlijks doorontwikkelingsbudget van € 100.000 opgenomen, oorspronkelijk voor de jaren 2023-2025. In de begroting 2023-2026 is dit bedrag structureel opgenomen, omdat het ontwikkelen van de organisatie een doorlopend proces is. In juli 2023 zijn de missie en visie van de organisatie vastgesteld. Deze missie en visie zijn de basis geweest voor het vervolg: het formuleren van het sturingsconcept en het aanpassen van de organisatie daarop. Eind december 2023 zijn door het college dit nieuwe sturingsconcept en een nieuwe hoofdstructuur voor de organisatie vastgesteld, waarin de adviezen van de Ondernemingsraad zijn meegenomen. In 2023 hebben ook twee verdiepingsonderzoeken plaatsgevonden: voor de teams VTH en WmoJeugd. De rapporten bevatten naast een formatie-impuls ook aanbevelingen/handreikingen (o.a. vastleggen processen). De aanbevelingen zijn uitgewerkt in actiepunten met een planning. Daaraan zijn ook begrote kosten gekoppeld, zowel voor een formatie-impuls als voor systeemtechnische koppelingen die beter digitaal werken mogelijk moeten maken. Deze kosten zijn vertaald in de begroting 2024 en verder.
Deze twee verdiepingsonderzoeken lopen daarmee vooruit op een analyse die in het kader van het project Visie op de organisatie wordt gedaan en die resulteert in een voorstel voor de totale benodigde formatie. De raad wordt tijdig meegenomen in dit traject en eventuele financiële consequenties die hier uit voortvloeien zullen dan ook worden voorgelegd aan de gemeenteraad. Ook is in 2023 een aanzet gemaakt met een herziening van de HR gesprekscyclus, met organisatiebrede procesoptimalisatie en met actualisering van het personeelsbeleid op het gebied van "binden & boeien", wat gezien de gewenste kwaliteit en continuïteit, maar ook gezien de situatie op de arbeidsmarkt, noodzakelijk is. Tenslotte: alle personele uitgaven zijn in 2023 binnen het personeelsbudget gebleven. Daarvoor is wel het benutten van de ziek- en piekpot nodig geweest en een ophoging van het inhuurbudget. Zowel vanwege de doorontwikkeling als de krapte op de arbeidsmarkt is - meer dan in het verleden - gebruik gemaakt van ingehuurde personeelsleden om de continuïteit van de werkzaamheden te waarborgen.
Uitgangspunten personeelskosten
Voor de loonkosten van het personeel golden in 2023 onderstaande uitgangspunten. • Loonkostenpeil, schaal salaris medewerker met de daarbij behorende periodieken, zoals deze golden per 1 januari 2023. • daar waar van toepassing zijn de salarissen verhoogd met onder andere functioneringstoelagen • Als gevolg van de CAO gemeenten werden met ingang 1 januari 2023 de salarissen verhoogd met € 240,- en vervolgens, per dezelfde datum met 2%.
Stelposten secundaire arbeidsvoorwaarden
Naast de primaire arbeidsvoorwaarden zijn er een aantal personele lasten (geraamd als stelposten) die vooraf niet toe te rekenen zijn aan medewerkers en of afdeling waarvan zij deel uit maken. Deze lasten, uitgaven op het gebied van herbezetting, verkoop verlof en flexibele beloning, doen zich gedurende het lopende jaar voor. Op het moment dat deze uitgaven zich voordoen worden deze in mindering gebracht op de eerder genoemde stelposten en functioneel toegerekend.
84
De herbezetting OR is ingezet als dekking voor de uitgaven die het gevolg zijn van vervanging werkzaamheden OR-leden. In het onderstaande overzicht treft u het beginsaldo per 1 januari 2023, de aanwending en het restant per 31 december 2023 aan. Omschrijving stelpost saldo 1-1-2023 aanwending saldo 31-12-2023 personele herbezetting OR € 32.000 € 32.000 € 0 verkoop verlof € 40.500 € 40.500 € 0 flexibele beloning € 28.000 € 21.000 € 7.000 loonstijgingen € 220.500 € 220.500 € 0
Indicatoren personeelsbeleid
Ziekteverzuimpercentage Het verzuimcijfer over 2023 bedroeg 7,14% en vertoond een daling met 2,48% ten opzichte van het dienstjaar 2022. Dit is het laagste verzuim in vier jaar, maar nog niet het streefpercentage van de begroting 2023. Het verzuimcijfer is (ook) in 2023 grotendeels veroorzaakt door een groep langdurige zieken. Uiteraard blijven we streven naar een lager verzuim door voor onze medewerkers aandacht te schenken aan adequate begeleiding bij verzuim, preventie, de HR-cyclus en ARBO- en veiligheidsbeleid. Werkelijk 2020
Werkelijk 2021
Werkelijk 2022
Begroot 2023
Werkelijk 2023
7,69%
7,92%
9,62%
5,8%
7,14%
Stageplaatsen
8
8
4
8
7
Werkervaringsplaatsen
4
4
5
4
3
Ziekteverzuimpercentage
Verlofsparen
Medewerkers kunnen vanaf 1 januari 2022 deelnemen aan verlofsparen. Bovenwettelijke verlof, overwerkvergoeding, gekochte bovenwettelijke uren, verlofuren uit onregelmatig werken en beschikbaarheidsdienst kunnen nu in één keer door medewerkers worden omgezet in spaarverlof. Met dit verlofsparen kunnen medewerkers passend bij hun levensfase deze uren inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens- en carrièreplanning. Aangezien er bij verlofsparen sprake is van arbeidskosten gerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook een onvoorspelbare afbouw kennen, moet hier een voorziening voor gevormd worden. Deze gespaarde uren verjaren niet. In 2023 is voor een bedrag van ruim € 16.345 door medewerkers aan uren gespaard. Dit bedrag is dan ook per 31 december 2023 toegevoegd aan de voorziening verlofsparen die daarmee in totaal uit komt op € 41.500.
85
Wet Open Overheid Algemeen Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden. De Wet open overheid (Woo) beoogt een transparante en actief openbaar makende overheid, met als doel een gelijkwaardige informatiepositie tussen overheid en inwoners. Nieuw in de Woo is de openbaarheidsparagraaf die in de begroting en jaarstukken moet worden opgenomen als verantwoording. Dit jaar nemen we de verantwoording vanuit de Woo voor het eerst als een aparte paragraaf op in deze jaarstukken. Wij baseren ons op de volgende pijlers van de Woo: ▪ Actieve openbaarmaking ▪ Passieve openbaarmaking Actieve openbaarmaking Er zijn 11 informatie categorieën aangewezen die verplicht actief openbaar gemaakt moeten worden door gemeentes. In 2023 is duidelijk geworden dat de gemeente zelf verantwoordelijk wordt voor een platform waar de gemeente haar openbaar te maken documenten op kan plaatsen. Via een landelijke zoekfunctie (de Woo-index), als “opvolger” van het Platform Open Overheidsinformatie (PLOOI), kunnen geïnteresseerden zoeken naar openbaar gemaakte documenten bij de verschillende overheidsorganisaties die onder de Woo vallen. Op basis daarvan is er 2023 een eerste aanzet gemaakt met de implementatie van een omgeving binnen gemeente Stein waar openbaar te maken documenten geplaatst kunnen worden.
Deze interne omgeving wordt in een volgende stap (Q1 2024) gekoppeld naar de Woo-website van de gemeente Stein. De projectgroep Woo van de gemeente Stein heeft onderzocht welke informatie nu al via verschillenden kanalen openbaar wordt gemaakt en aan welke van de 11 informatiecategorieën deze informatie kan worden toebedeeld zodat deze (ook) geplaatst kan worden in de interne Woo omgeving. Hierbij dient opgemerkt te worden dat er op dit moment nog geen expliciete verplichting is om de documenten uit de 11 informatie categorieën actief openbaar te maken. Passieve openbaarmaking Naast het actief openbaar maken kan iedereen altijd vragen om bepaalde informatie (op verzoek) openbaar te maken. Ook bij openbaarmaking op verzoek gaat de Woo ervan uit dat het belang van openbaarheid altijd geldt en dat alleen in uitzonderingsgevallen een bijzonder belang vóór openbaarmaking kan gaan. Concreet betekent dit dat een Woo-verzoek (of onderdelen daarvan) alleen kan (of kunnen) worden geweigerd wanneer een beschermd belang in het geding is. Voor het behandelen van een Woo-verzoek mogen geen leges in rekening gebracht worden, omdat het algemene belang van openbaarheid niet te zien is als individuele dienstverlening. Leges worden geheven voor individuele dienstverlening. Wel mogen redelijke kosten van kopieën in rekening gebracht worden.
In 2023 zijn er 22 woo-verzoeken ontvangen waarvan er 17 zijn afgesloten en er nog 5 (status januari 2024) in behandeling zijn. Ontwikkelingen Om het voor de medewerkers makkelijker te maken om Woo gerelateerde informatie te vinden is er op het intranet een Woo kennispagina ingericht met praktische informatie en hulpmiddelen.
86
Omdat openbaar te maken informatie geanonimiseerd dient te worden is er in 2023 ook een applicatie aangeschaft die medewerkers daarbij kan ondersteunen. Tevens is er een functieomschrijving opgesteld voor de functie van Woo-coördinator. De werving is succesvol verlopen en de functie wordt per 1 juli 2024 ingevuld. Financiële vertaling In de mei-circulaire 2022 zijn incidentele middelen beschikbaar gesteld voor de jaren 2022 tot en met 2026 van € 58.000 per jaar voor het verbeteren van systemen, het opleiden van medewerkers en het aanpassen van processen en de organisatie. Daarnaast zijn structurele middelen beschikbaar gesteld van € 73.000 voor de actieve openbaarmaking van de informatiecategorieën zoals genoemd in de Woo, het aanwijzen van een contactfunctionaris en het beheer en onderhoud van systemen. De werkelijke uitgaven voor de Woo in 2023 bedroegen € 66.000. In de meerjarenbegroting is in de paragraaf WOO het beschikbare budget uitgesplitst weergegeven zoals in onderstaande tabel: x € 1.000 Begroot Begroot Begroot Begroot Begroot 2023 2024 2025 2026 2027 Structureel
73
73
73
73
73
Incidenteel
94
58
58
58
0
Totaal
167
131
131
131
73
Een aantal activiteiten zijn van 2023 doorgeschoven naar 2024 in de slotwijziging 2023. Het bijbehorend budget van € 94.000 is in die slotwijziging dan ook doorgeschoven naar 2024.
87
Verbonden partijen Publiekrechtelijke verbonden partijen 1. Naam
Veiligheidsregio Zuid Limburg
2. Rechtsvorm
Gemeenschappelijke regeling van alle gemeenten in ZuidLimburg Maastricht Betreft de uitvoering van de aan Veiligheidsregio opgedragen taken, die zich met name richten op de brandweerzorg en de crisisbeheersing. Programma Veiligheid Alle gemeenten van Zuid-Limburg Conform de Wet gemeenschappelijke regelingen bestaat de bestuursstructuur uit een Algemeen Bestuur (AB) en Dagelijks Bestuur (DB). De burgemeester vertegenwoordigt de gemeente Stein in het AB. Alle gemeenten in Zuid-Limburg betalen, op basis van een verdeelsleutel, hun aandeel in de kosten. 31-12-2023: € 7.754.000 31-12-2022: : € 4.387.029 31-12-2023: € 58.895.000 31-12-2022: € 59.386.000 2023: € 1.690.000 2022: € 1.590.000 2023: € 1.940.000 2022: - € 401.920 De risico's zijn beschreven in de risicoparagrafen van de begrotingen en jaarrekeningen van de Veiligheidsregio. De Veiligheidsregio beschikt over een eigen algemene reserve.
3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang 5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen 7. Bestuurlijk belang
8. Financieel belang 9. Vermogen Eigen vermogen Vreemd vermogen Gemeentelijke bijdrage 10. Financieel resultaat 11. Risico’s
12. Ontwikkelingen
88
1. Naam
Gemeenschappelijke regeling Vidar WSW
2. Rechtsvorm
Gemeenschappelijke regeling van de gemeenten SittardGeleen, Beek en Stein. Sittard-Geleen Uitvoering van de WSW en de Participatiewet.
3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang 5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen 7. Bestuurlijk belang
8. Financieel belang
9. Vermogen
Eigen vermogen Vreemd vermogen Gemeentelijke bijdrage
10. Financieel resultaat 11. Risico’s
12. Ontwikkelingen
Programma Sociaal Domein Gemeenten Sittard-Geleen, Beek en Stein. Conform de WGR bestaat de bestuursstructuur uit een algemeen bestuur (twee wethouders per gemeente) en een dagelijks bestuur (wethouders met Participatie in hun portefeuille) De deelnemende gemeenten voldoen, op basis van de begroting aan hun gemeentelijke bijdrage. Hierbij is het financieel belang van de vier deelnemende gemeenten gebaseerd op het aantal WSW-ers. Dit betekent dat er sprake is van een verdeling die (in beperkte mate) kan fluctueren. 31-12-2023: € 0 31-12-2022: € 0 31-12-2023: € 1.359.868 31-12-2022: € 1.453.048 2023: € 612.951 2022: : 642.433 2023: € 0 2022: € 0 In geval er sprake is van een tekort t.o.v. de begroting moeten de gemeenten dit tekort aanzuiveren d.m.v. een hogere gemeentelijke bijdrage. -
89
1. Naam
GGD Zuid Limburg
2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang
Gemeenschappelijke regeling Heerlen Zorg dragen voor publieke gezondheid, toezicht op de kwaliteit Wmo, Veilig Thuis, ambulancezorg, GHOR, vangnetfunctie en crisiszorg verslaafden, dak- en thuislozen, sociaal medische advisering. Programma Volksgezondheid en milieu De 18 Zuid-Limburgse gemeenten Het Algemeen Bestuur van de GGD Zuid-Limburg bestaat uit 1 bestuurslid per deelnemende gemeente en 1 plaatsvervangend lid. Als lid van het Algemeen Bestuur kunnen slechts worden aangewezen leden van het college van de gemeenten. Het Dagelijks Bestuur (DB) bestaat uit bestuurders van 7 gemeenten, waaronder Stein. Besluitvorming vindt plaats via gewogen stemmen, gerelateerd aan het inwonersaantal. Subsidie/inkooprelatie/verliesbijdrage naar rato inwonertal. 31-12-2023: € 9.443 31-12-2022: € 148.781 31-12-2023: € 35.552.504 31-12-2022: € 36.190.680 2023: € 1.192.316 2022: € 1.032.576 2023: € 1.097.887 2022: € -1.697.412 Verliesbijdrage naar rato inwonertal. Belangrijk: Door de deelnemende gemeenten is gekozen om geen weerstandsvermogen op te bouwen bij de GGD. Mogelijke verliesbijdragen worden naar rato inwoneraantal door de gemeenten gedragen. Weerstandsvermogen
5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen 7. Bestuurlijk belang
8. Financieel belang 9. Vermogen Eigen vermogen Vreemd vermogen Gemeentelijke bijdrage 10. Financieel resultaat 11. Risico’s
12. Ontwikkelingen
90
1. Naam
Gemeenschappelijke regeling Omnibuzz
2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang
Gemeenschappelijke regeling Sittard-Geleen Het zorg dragen voor het vervoer van klanten met een beperking die een beroep kunnen doen op de Wet maatschappelijke ondersteuning. Programma Sociaal Domein Gemeente: Beek, Beesel, Bergen, Brunssum, Echt-Susteren, Eijsden-Margraten, Gennep, Gulpen-Wittem, Heerlen, Horst aan de Maas, Kerkrade, Landgraaf, Leudal, Maasgouw, Maastricht, Meerssen, Nederweert, Nuth, Onderbanken, Peel en Maas, Roerdalen, Roermond, Schinnen, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg aan de Geul, Venlo, Venray, Voerendaal, Weert. Kwalitatief goed en betrouwbaar vervoer op maat tegen reële kosten. De gemeente Stein heeft zitting in het algemeen bestuur van Omnibuzz en stelt met de vertegenwoordigers van de overige gemeenten de jaarrekening en begroting vast. De totale gemeentelijke bijdrage is opgebouwd uit twee delen: een bedrag per inwoner voor de bedrijfskosten en de vervoerskosten (het reisvolume/daadwerkelijk gebruik).
5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen
7. Bestuurlijk belang 8. Financieel belang
9. Vermogen
Eigen vermogen Vreemd vermogen Gemeentelijke bijdrage
10. Financieel resultaat 11. Risico’s
12. Ontwikkelingen
31-12-2023: € 909.260 31-12-2022: : € 1.086.275 31-12-2023: € 4.490.067 31-12-2022: € 1.977.411 2023: € 380.602 2022: € 345.503 2023: € 2.095.839 2022: € 3.335.388 In geval er sprake is van een tekort t.o.v. de begroting moeten de gemeenten dit tekort aanzuiveren d.m.v. een hogere gemeentelijke bijdrage. -
91
1. Naam
Regionale Uitvoeringsdienst Zuid Limburg
2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang
Gemeenschappelijke regeling Maastricht Het doel van de vorming van de RUD is om hogere kwaliteit van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) te bereiken op het gebied van milieu voor minimaal de basistaken van alle deelnemers en de specialistische milieutaken voor de deelnemers die ook deze taken inbrengen. De gemeente Stein heeft alle milieutaken ingebracht. De RUD is tevens een BRZO-RUD omdat alle BRZO-taken provinciebreed hier zijn ondergebracht. De vorming van een RUD is wettelijk verplicht. Programma Volksgezondheid en miilieu In Zuid-Limburg werken de gemeenten Beek, Beekdaelen, Brunssum, Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Maastricht, Meerssen, Schinnen, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg, Voerendaal en de Provincie Limburg op basis van een gemeenschappelijke regeling samen in de RUD. De gemeente Stein is vertegenwoordigd in het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur van de RUD. De verdeling van de kosten vindt plaats op basis van de te besteden uren per deelnemer en het ingebrachte takenpakket per deelnemer. 31-12-2023: € 1.810.204 31-12-2022: € 1.128.281 31-12-2023: € 4.013.453 31-12-2022: € 2.329.200 2023: € 645.700 2022: € 547.300 2023: € 785.606 2022: -/- € 18.219 In de GR ligt vast dat de financiële eindverantwoordelijkheid voor de financiële positie van de RUD door de deelnemers wordt gedragen.
Onverlet deze eindverantwoordelijkheid heeft de RUD als zelfstandig orgaan een eigen verantwoordelijkheid om te zorgen voor de vorming van voldoende weerstandsvermogen. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet kunnen we leges heffen over de besluiten omgevingsvergunningen milieu.
5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen
7. Bestuurlijk belang 8. Financieel belang
9. Vermogen
Eigen vermogen Vreemd vermogen Gemeentelijke bijdrage
10. Financieel resultaat 11. Risico’s
12. Ontwikkelingen
92
1. Naam
BelastingSamenwerking Gemeenten en Waterschappen
2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang
Gemeenschappelijke regeling. Roermond BsGW Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen is een zelfstandig samenwerkingsverband voor heffing en inning van gemeentelijke belastingen en waterschapsbelastingen en voor uitvoering van de wet WOZ. 30 van de 33 Limburgse gemeenten en de twee Limburgse waterschappen werken samen in BsGW. Deze samenwerking betekent dat de uitvoeringstaken van de waterschapsbelastingen,de gemeentelijke belastingtaken en administratieve taken van de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ), worden verzorgd door BsGW.
5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen
7. Bestuurlijk belang
8. Financieel belang
9. Vermogen
Eigen vermogen Vreemd vermogen Gemeentelijke bijdrage
De verzelfstandiging beoogt een zo groot mogelijk maatschappelijk rendement te halen uit samenwerking tussen lokale overheden op het gebied van belastingheffing en inning. Programma Bestuur en ondersteuning 30 van de 33 Limburgse gemeenten en de twee Limburgse waterschappen werken samen in BsGW. De deelbemende gemeenten zijn Beek, Beesel, Bergen, Brunssum, EchtSusteren, Eijsden-Margraten, Gennep, Gulpen-Wittem, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Leudal, Maasgouw, Maastricht, Meerssen, Nederweert, Nuth, Onderbanken, Peel en Maas, Roerdalen, Roermond, Schinnen, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg, Venlo, Voerendaal, Weert. De waterschappen Peel en Maasvallei en het Waterschap Roer en Overmaas nemen deel aan de GR. Conform de Wet gemeenschappelijke regelingen bestaat de bestuursstructuur uit een Algemeen Bestuur (AB) en een Dagelijks Bestuur (DB). De portefeuillehouder financiën vertegenwoordigt de Gemeente Stein in het AB. De processen voor waterschappen en gemeenten overlappen elkaar in grote mate en de benodigde basisgegevens worden gelijktijdig voor alle deelnemers opgebouwd. Omdat BsGW de processen voor alle belastingsoorten integraal uitvoert, zijn de daarmee samenhangende kosten zodanig met elkaar verweven dat kosten niet per belastingsoort gedifferentieerd kunnen worden.
De uitvoeringskosten van de productieprocessen worden om die reden toegerekend aan eenduidige, herkenbare hoofdprocessen, overeenkomstig de organisatieopzet van BsGW. Dit resulteert in vijf primaire producten van dienstverlening: Gegevensbeheer en heffen, Waarderen, Innen, Klantzaken en Parkeerbelasting. De verdeling van deze kosten over de deelnemers gebeurt hierna met behulp van eenheidstarieven per product van dienstverlening. 31-12-2023 € -/- 2.835.000 31-12-2023 € 1.982.000 31-12-2023 € 11.816.000 31-12-2022 € 8.198.000 2023 € 495.304 2022 € 397.000
93
10. Financieel resultaat 11. Risico’s
12. Ontwikkelingen
2023 € - / - 1.292.820 2022 € 792.000 In de GR ligt vast dat de eindverantwoordelijkheid voor de financële positie van de BsGW door de deelnemers wordt gedragen. Onverlet deze eindverantwoordelijkheid heeft de BsGW als zelfstandig orgaan een eigen verantwoordelijkheid om te zorgen voor de vorming van voldoende weerstandsvermogen. n.v.t.
94
Privaatrechtelijke verbonden partijen De gemeente Stein heeft aandelen in de volgende vennootschappen: Instelling Aantal aandelen Bank Nederlandse Gemeenten NV 19.266 Enexis Holding NV 460.350 Steinerbos BV 1 Waterleidingmaatschappij Limburg NV 9 NV Theodora 219 LIOF NV 10 NV RWM 117
Nominale waarde € 48.165 € 460.350 €1 € 40.840 € 99.378 € 3.403 € 11.700
1. Naam
Bank Nederlandse Gemeenten (BNG)
2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang
Naamloze vennootschap Den Haag BNG Bank is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. De bank draagt duurzaam bij aan het laag houden van de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Programma Bestuur en ondersteuning Aandeelhouders van de bank zijn uitsluitend overheden. De staat is houder van de helft van de aandelen. De andere helft is in handen van gemeenten en provincies. De gemeente Stein heeft stemrecht in de algemene vergadering van de aandeelhouders. De gemeente Stein is houder van 19.266 aandelen. 31-12-2023: € 4.721.000.000 31-12-2022: € 4.615.000.000 31-12-2023: € 110.819.000.000 31-12-2022: € 107.459.000.000 2023: n.v.t. 2022: n.v.t. 2023: € 254.000.000 2022: € 300.000.000 Bij negatieve economische ontwikkelingen zijn de winstverwachtingen en dividenden onzeker.
5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen
7. Bestuurlijk belang 8. Financieel belang 9. Vermogen Eigen vermogen Vreemd vermogen Gemeentelijke bijdrage 10. Financieel resultaat 11. Risico’s 12. Ontwikkelingen
95
1. Naam 2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang
11. Risico’s
Steinerbos BV BV Stein De vennootschap heeft ten doel het exploiteren van het Recreatiepark Steinerbos en het scheppen van voorwaarden voor maatschappelijke en culturele ontplooiing en voor vrijetijdsbesteding Programma Sport, cultuur en recreatie Gemeente Stein Via de algemene vergadering van aandeelhouders (AVA) kan de gemeente Stein sturend optreden. De jaarrekening van Steinerbos B.V. wordt vastgesteld door de AVA. Tussen de gemeente Stein en de Steinerbos B.V. zijn een exploitatieovereenkomst en een huurovereenkomst gesloten. De exploitatieovereenkomst strekt tot doel om de wederzijdse rechten en plichten vast te leggen tussen partijen. Onder andere is beschreven welke exploitatiebijdrage door de gemeente Stein betaald wordt en welke tegenprestaties door Steinerbos B.V. hiervoor geleverd worden. De huurovereenkomst strekt tot doel om de aanwezige onroerende zaken inclusief de ondergrond ter beschikking te stellen aan Steinerbos B.V. teneinde het recreatiepark te kunnen exploiteren. Tevens is in deze overeenkomst beschreven onder welke condities en tegen welke prijs het gehuurde ter beschikking wordt gesteld aan de B.V. De gemeente Stein is enig aandeelhouder van de vennootschap Steinerbos B.V. Het kapitaal van de vennootschap bestaat uit één aandeel van één euro (€ 1,00).
31-12-2023: € 69.440 31-12-2022: € 285.065 31-12-2023: € 1.157.632 31-12-2022: € 1.255.118 2023: € 407.025 2022: € 399.044 2023: - / - € 215.625 2022: € 206.088 -
12. Ontwikkelingen
-
5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen 7. Bestuurlijk belang
8. Financieel belang
9. Vermogen
Eigen vermogen Vreemd vermogen Gemeentelijke bijdrage
10. Financieel resultaat
96
1. Naam
Enexis
2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang
Naamloze vennootschap 's-Hertogenbosch Het distribueren en het transporteren van energie zoals elektriciteit, gas, warmte en (warm) water, en het in stand houden, beheren, exploiteren en uitbreiden van distributie en transportnetten in relatie tot energie. Programma Bestuur en ondersteuning De aandelen van Enexis holding zijn in handen van Nederlandse provincies en gemeenten, De gemeentelijke aandeelhouders in Limburg zijn verenigd in de Vegal. De gemeente Stein heeft stemrecht in de algemene vergadering van aandeelhouders. De gemeente Stein is houder van 460.350 aandelen. 31-12-2022: € 5.441.000.000 31-12-2023: € 5.320.000.000 31-12-2022: € 3.366.000.000 31-12-2023: € 3.445.000.000 2023: n.v.t. 2022: n.v.t. 2022: € 1.300.000.000 2023: € 72.000.000 Bij negatieve economische ontwikkelingen zijn de winstverwachtingen en dividenden onzeker.
5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen 7. Bestuurlijk belang
8. Financieel belang 9. Vermogen Eigen vermogen Vreemd vermogen Gemeentelijke bijdrage 10. Financieel resultaat 11. Risico’s 12. Ontwikkelingen
97
1. Naam
NV RWM
2. Rechtsvorm 3. Vestigingsplaats 4. Doelstelling en openbaar belang 5. Relatie met beleidsprogramma 6. Deelnemende partijen 7. Bestuurlijk belang 8. Financieel belang
9. Vermogen
Eigen vermogen Vreemd vermogen
Gemeentelijke bijdrage 10. Financieel resultaat 11. Risico’s 12. Ontwikkelingen
NV Sittard-Geleen Uitvoeren afvalinzameling en aanverwante reinigingstaken van de aangesloten gemeenten Programma Volksgezondheid en milieu De gemeenten Stein, Sittard-Geleen, Beek, Echt-Susteren en Beekdaelen Wethouder Wingelaar vertegenwoordigt de gemeente in de AVA Het aandeel van Stein in het aandelenkapitaal van de NV RWM bedroeg in eerste instantie € 5.900. In december 2010 heeft de NV RWM de deelnemende gemeenten gevraagd het aandelenkapitaal uit te breiden om een vergunning op grond van de Wet wegvervoer goederen te krijgen. Voor Stein betekende dit een uitbreiding van het aandelenkapitaal met € 5.800. Op 15 februari 2011 heeft het college hiermee ingestemd. Stein bezit 117 aandelen á € 100. 31-12-2023: € 5.631.419 31-12-2022 : € 5.325.743 31-12-2023 : € 7.580.073 31-12-2022 : € 5.951.961 n.v.t. 2023: € 304.392 2022: € 76.406 Bij beëindigen contract worden desintegratiekosten in rekening gebracht. In november 2023 is de strategische toekomstvisie vastgesteld, en heeft gemeente Echt-Susteren als pilot deelgenomen.
98
JAARREKENING Balans Omschrijving (bedragen x € 1.000)
Ultimo 2023
Ultimo 2022
Kosten onderzoek en ontwikkeling
22
0
Bijdrage eigendom aan derden
4
7
26
7
Investeringen economisch nut met heffing
22.598
22.599
Investeringen economisch nut
35.488
33.306
Investeringen maatschappelijk nut
35.220
34.591
93.306
90.496
Leningen woningbouwcorporaties
2.146
2.421
Overige langlopende leningen
2.815
2.477
Uitzettingen met een looptijd > 1 jaar
0
0
Leningen aan deelneming
0
0
668
668
5.630
5.567
98.962
96.070
1.356
1.493
Grond- en hulpstoffen
0
0
Gereed product en handelsgoederen
3
0
1.360
1.493
Rekening courant verhouding niet Financiele instellingen
6.152
82
Vorderingen op openbaar lichaam
5.269
6.032
Overige vorderingen
1.149
938
12.569
7.051
Kas
24
13
Banksaldi
150
3.504
174
3.516
2.109
1.139
16.213
13.200
115.175
109.271
Immateriële vaste activa
Materiële vaste activa
Financiële vaste activa
Kapitaalverstekkingen aan deelnemingen
TOTAAL VASTE ACTIVA Voorraden Onderhanden werk (bouwgronden in exploitatie)
Uitzettingen met een rentetypische looptijd <1 jaar
Liquide middelen
Overlopende activa TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA TOTAAL ACTIVA
99
Omschrijving (bedragen x € 1.000)
Ultimo 2023
Ultimo 2022
Algemene reserve
18.365
16.400
Bestemmingsreserves
10.964
8.987
Gerealiseerd resultaat
6.214
4.926
35.543
30.313
5.354
5.371
54.661
59.234
Door derden belegde gelden
3
30
Waarborgsommen
15
15
54.679
59.279
95.575
94.963
0
0
637
0
7.983
6.149
8.620
6.149
Overlopende passiva
10.979
8.159
TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA
19.599
14.308
115.175
109.271
Eigen vermogen
Voorzieningen Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Onderhandse leningen
TOTAAL VASTE PASSIVA
Vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar Kasgeldleningen Banksaldi Overige schulden
Totaal passiva
100