Economisch beleid 2024-2027
Tekst van het document
•
Een andere trend is de overgang naar elektrische auto’s. Belemmering: de gemiddelde wachttijd voor een elektrische truck is 1,5 jaar. Ook is hier geen maatwerk meer mogelijk.
Wat ziet u als uw eigen rol (de rol van de ondernemer)? •
•
•
Verduurzamen van het eigen pand: door aanschaf van led-verlichting, isolatie, zonnepanelen, warmtepompen. Probleem: Congestie Nederland kan nog niet terugleveren. Vergroening van het eigen terrein: door de aanleg van grasbeton op de parkeerplaats en het plaatsen van groene hagen. Groenonderhoud op het eigen terrein wordt gezien als de verantwoordelijkheid van de ondernemer. Klimaatadaptatie binnen het eigen terrein: de aanleg van vulkanisch gesteente onder de parkeerplaats voor een geleidelijke waterafvoer, waterinfiltratie, aanleg van een wadi (groene greppel), waterzuivering.
•
• •
•
•
32
Digitalisering: verduurzaming door minder papiergebruik, alle dubbele printers zijn wegbezuinigd, digitale visitekaartjes, digitale brochures. Aanbieden van duurzame producten: een adviesbureau biedt een standaard duurzaamheidsscan aan. Verduurzamen van het eigen productieproces: door bijvoorbeeld de aanschaf van zuinigere machines en het automatiseren van repeterend werk.. Verduurzaming van het eigen wagenpark: door over te stappen op elektrische auto’s. Elektrische bussen zijn nog geen optie, want dan kan het personeel er max. 220-250 km mee rijden en zou bij ieder personeelslid een elektrische laadpaal moeten staan. Optimalisatie van logistiek, met zo min mogelijk lege vrachtwagens rijden. Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een rol in de onderneming geven.
Welke rol zou de gemeente hierin moeten spelen? •
•
•
Sturen: aanbrengen van kaders, bijvoorbeeld een verplicht energielabel voor alle kantoren, ook onder de 100 m2. Eisen stellen waar een nieuw pand aan moet voldoen voordat deze een bouwvergunning krijgt. Verbinden: op verschillende onderwerpen partijen samenbrengen. Deze rol past ook bij de ondernemersvereniging en het LIOF. Informeren: bewustwording creëren over de mogelijkheden van het huis voor de toekomst (voorbeeldfunctie), lopende projecten, over beschikbare subsidieregelingen.
•
• • • • •
Inventarissen: in kaart brengen welke bedrijven zich bezighouden met duurzaamheid, een overzicht van de zonnepanelen en warmtepompen op bedrijventerreinen. Salderen: meewerken met het uitbreiden van bestaande supermarktvoorzieningen. Financieren: een subsidie beschikbaar stellen voor het treffen van verduurzamende maatregelen. Faciliteren: druk op de wegen wegnemen, afvalvoorzieningen, leveren van handjes. Collectieve inkoop: van bijvoorbeeld zonnepanelen. Handhaven: parkeeroverlast aanpakken bij afritten en rotondes op het industrieterrein.
Optimalisatie van de arbeidsmarkt Heeft u bepaalde personeelsvraagstukken lopen? Lukt het u om invulling te geven aan uw vacatures? Waar is vooral behoefte aan? Er is krapte op de arbeidsmarkt en ondernemingen hebben hier last van. Het is moeilijk om vacatures in te vullen. Vacatures worden alleen nog ingevuld via het eigen netwerk of door het wegkopen van personeel bij andere organisaties door speciale recruitmentbureaus in te zetten. Secundaire arbeidsvoorwaarden worden steeds belangrijker. In de bouw en logistiek wordt steeds meer gebruik gemaakt van niet Nederlandse werknemers. Dit geldt ook voor de inzet van gepensioneerden en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Insteek is om te kijken wat medewerkers wel kunnen. Daarnaast onderhouden bedrijven goede contacten met scholen en leiden zij medewerkers binnen het bedrijf op. De mentaliteit van jongeren verandert. Ze hebben andere normen en waarden, ze blijken minder verantwoordelijkheid te nemen en zijn minder flexibel. Overwerken en op zaterdag werken is vaak lastig voor deze doelgroep. Bedrijven kijken ook naar andere mogelijkheden zoals het verder automatiseren van werkzaamheden. Betaalbare en toegankelijke woonruimte is ook een belangrijke factor om medewerkers aan te trekken. Ondernemers geven aan dat het financieel moet lonen om te werken.
Het verschil aan inkomsten tussen medewerkers die werken en medewerkers die thuis zitten en allerlei toeslagen ontvangen is te klein. Een andere suggestie is om bijbaantjes niet te belasten. Hoe kijkt u aan tegen sociale inclusie? In hoeverre draagt uw bedrijf hier aan bij? Ondernemers staan positief tegenover sociale inclusie. Een belemmering vormt de intensieve begeleiding Ondernemers staan nodig positiefheeft. tegenover sociale inclusie. Een belemmering vormt de intensieve die deze doelgroep Dit kost te veel tijd. Ook kan de doelgroep de werkdruk vaak begeleiding niet aan. die deze doelgroep nodig heeft. Dit kost te veel tijd. Ook kan de doelgroep de werkdruk vaak niet aan. Bij sommige projecten is het verplicht om aan social return te doen (meer werkgelegenheid creëren Bij sommige is het verplicht om aan socialMotivatie return te doen (meer werkgelegenheid creëren voor mensenprojecten met een afstand tot de arbeidsmarkt). van medewerkers wordt als één van de voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt). Motivatie van medewerkers wordt als één van de belangrijkste factoren gezien om een plaatsing te laten slagen. belangrijkste factoren gezien om een plaatsing te laten slagen. Bent u op de hoogte van de mogelijkheden van de participatiewet en Vidar? De helft van de ondervraagden geeft aan op de hoogte te zijn van de mogelijkheden bij Vidar.
Een aantal ondernemers maakt ook gebruik van hun diensten. Belangrijke feedback bij het werken met deze doelgroep is dat zij goede begeleiding krijgen. De doelgroep wordt als lastig ervaren, qua dynamiek. Een goede begeleiding van medewerker en werkgever door Vidar is onmisbaar. 33
Maakt u ook gebruik van niet-Nederlandse medewerkers? (grensarbeiders/arbeidsmigranten/ internationale werknemers) ? Uit welke landen? Ongeveer de helft van de geïnterviewde bedrijven geeft aan niet-Nederlandse medewerkers in dienst te hebben. Deze zijn o.a. afkomstig uit: België, Duistland, Polen, Roemenië, Spanje, Italië, Portugal, Griekenland, Hongarije, Oekraïne, Rusland, Iran, Irak, Zuid-Afrika, Eritrea, Syrië. Bent u bekend met het Grensinfopunt en het Expat Center? De meeste ondernemers zijn onbekend met het Grensinfopunt en het ExpatCenter. Het is belangrijk hier meer bekendheid aan te geven. De gemeente heeft de ambitie om onderwijs en bedrijfsleven dichter bij elkaar te brengen. Hoe kijk u hier tegenaan? De ondernemers geven aan dat het onderwijs niet goed aansluit op het bedrijfsleven. Brancheverenigingen kunnen een rol spelen in het samenbrengen van onderwijs en bedrijfsleven. MKB ondernemers investeren wel in stagiaires maar geven ook aan dat de begeleiding van stagiaires veel tijd kost. De motivatie en de mentaliteit wordt als een probleem ervaren. Leer-werktrajecten geven een goed beeld van het bedrijfsleven. Welke rol ziet u voor de gemeente op het gebied van arbeidsmarktoptimalisatie? De bedrijven geven aan dat de gemeente een begeleidende en verbindende rol heeft.
De gemeente mag de mogelijkheden zichtbaar maken voor het bedrijfsleven en mag hen in contact brengen met de scholen (triple helix (model voor het kijken naar en het sturen op innovatie in de kenniseconomie): overheid, onderwijs, ondernemers). De gemeente mag de neuzen dezelfde kant op krijgen. Welke onderwijsinstelling kan men aan welk bedrijfsleven koppelen? Er is vooral een tekort aan mensen in de techniek, ict en horeca. Ook is het belangrijk dat de gemeente de leefomgeving aantrekkelijkheid houdt en dat er bijvoorbeeld woningen beschikbaar zijn voor jongeren. De bedrijven en de brancheverenigingen zijn zelf verantwoordelijk voor het aantrekken van jeugd en nieuwe medewerkers. De gemeente heeft als taak om mensen vanuit de uitkering kennis te laten maken met het bedrijfsleven. Deze taak wordt ingevuld door Vidar. Vidar en UWV zouden meer moeten sturen en mensen laten instromen in het bedrijfsleven via loopbaanbegeleiding. Vidar kan informatieavonden, markten, beurzen en bijeenkomsten organiseren om mensen met afstand tot de arbeidsmarkt en het bedrijfsleven met elkaar te verbinden. Dit kan drempelverlagend werken. De gemeente kan zelf een ervaringsplek zijn voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. De gemeente kan sociaal ondernemen meenemen in haar aanbestedingsbeleid. De gemeente kan mensen stimuleren om meer uren te gaan werken.
Welke rol zou de ondernemer kunnen pakken? • • •
• •
34
Het verzorgen van rondleiding voor middelbare scholieren. Het geven van gastcolleges en deelnemen aan netwerkdagen. Contact onderhouden met scholen die toekomstige werknemers opleiden en stagemogelijkheden aanbieden. Personeel binnen het bedrijf opleiden in samenwerking met scholen. Een duurzaamheidsprogramma aanbieden aan medewerkers om voor een langere binding.
• •
•
• •
Aangesloten zijn bij brancheverenigingen. Jobcarving toepassen. Huidige medewerkers efficiënter laten werken door niet gespecialiseerde taken bij hen weg te nemen en te laten uitvoeren door mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Zorgen dat je interessant blijft als bedrijf, door te innoveren, flexibel te zijn en tijdig in te spelen op de behoeftes van de medewerkers. Open dagen organiseren voor geïnteresseerden en bedrijfsbezoeken organiseren. Openstaan voor sociale inclusie en maatschappelijk verantwoord ondernemen.
Stimuleren ondernemersklimaat en innovatie Met welke innovaties houdt uw bedrijf zich bezig op dit moment? Probleem van innovatie is dat de kosten gaan voor de baten. Product/dienstinhoudelijke innovaties: gebruik van meer prefab, meer vegan, andere kleuren bitumen (product dat gemaakt is van aardolie met polyester en glasvlies) voor een betere isolatie. Innovaties in duurzaamheid: stroom opslaan in water en gebruikmaken van een waterwisselaar in het water, investeren in zonnepanelen, hergebruiken van regenwater, verduurzamen van transport (richting elektriciteit en waterstof), investeren in carpoolplaatsen, elektrische laadpalen en openbaar vervoer, recycling, wecycling en upcycling. Innovaties in digitalisering: robotisering van productieprocessen, optimaliseren en digitaliseren van processen zoals urenadministratie, digitaal vergaderen, meer flexibel werken (combinatie van thuiswerken en flexplekken). Innovaties in samenwerking: procesverbeteringen (mindere handelingen), juiste mensen aan elkaar koppelen, kennisverbetering, certificeren, problemen voorkomen. Welke rol ziet u voor de gemeente op dit gebied? •
•
Een informatieve rol: de ondernemer op de hoogte houden van subsidiemogelijkheden lokaal en regionaal en de weg wijzen binnen de gemeentelijke organisatie. Een stimulerende rol: goede voorbeelden delen met ondernemers over innovatie, duurzaamheid en circulariteit.
• •
Een begeleidende rol door bijvoorbeeld de laadinfrastructuur op orde te krijgen. Verbindende rol: partijen samenbrengen.
Hoe kijkt u aan tegen circulariteit? Veel ondernemers vinden circulariteit nog een abstract begrip. Consuminderen: minder gaan verbruiken en zuinig zijn op middelen. Bestaande materialen behouden. Repareren: het laten repareren van bestaande spullen in een repairshop en deze zo een tweede leven geven. Recyclen: Ondernemers proberen grondstoffen te hergebruiken of afval een nieuwe bestemming te geven (bijvoorbeeld oud brood te gebruiken als veevoer, ingeruilde trucks krijgen een nieuwe leven op de tweedehands markt of worden gedemonteerd en als onderdelen hergebruikt). Upcyclen: een nieuw leven geven aan afgedankte spullen, bijvoorbeeld een oud kastje schilderen en nieuwe knopjes geven, kleding inzamelen om katoenen tassen of nieuw linnen van het maken. Wecyclen: collectief inzamelen van elektrische apparaten en deze laten ophalen; bijvoorbeeld lampen, boormachines, koelkasten, wasmachines. Wat is er nodig om samenwerking tussen ondernemers te stimuleren om zo de circulaire economie een impuls te geven? De gemeente heeft een aanjaagfunctie en kan ondernemers inspireren door goede voorbeelden te delen en een collectieve inkoop te stimuleren. De ondernemersverenigingen inzetten om een verbindende rol op zich te nemen.
Hoe kijkt u aan tegen parkmanagement? Brengt dit een meerwaarde voor uw onderneming? Waar zou dit belegd moeten worden? Bij een grote ondernemer of een externe partij? De helft van de ondernemers geeft aan geen meerwaarde te zien in parkmanagement. De andere helft van de geïnterviewde ondernemers stelt dat de gemeente een rol kan spelen in parkmanagement voor de onderwerpen veiligheid, collectieve inkoop, duurzaamheid en het onderhouden van de groenvoorziening. 35
Hoe ziet u uw bijdrage aan het parkmanagement? De ondernemers zien geen rol voor zichzelf weggelegd als het gaat over parkmanagement. Ze geven wel aan de ondernemersverenigingen hierbij te betrekken. Welke rol is er voor de gemeente weggelegd? De ondernemersvereniging zou hier een rol in kunnen nemen. Er zijn maar weinig ondernemers die de kar willen trekken. Je komt al snel uit bij een externe partij. De rol voor de gemeente is om de ondernemers te informeren. Ook kunnen zij een rol nemen in het collectieve groen onderhoud. Wat kan de gemeente nog meer doen om haar dienstverlening te verbeteren? Diverse ondernemers geven aan dat zij een goede persoonlijke communicatie belangrijk vinden. Zij willen graag gehoord worden. Het aansluiten van de bedrijvencontactfunctionaris en de wethouder Economie bij de ondernemersverenigingen vinden de geïnterviewden belangrijk. De ondernemers hebben behoefte aan inzicht wie men waarvoor kan benaderen als ook in het functioneren van de gemeentelijke organisatie.
36
Bijlage 2 Duurzame ontwikkelingsdoelstellingen Deze bijlage legt het verband tussen de global goals, de aandachtspunten in de GOVI en de ambities in het economische beleid. Global Goal
Aandachtspunten GOVI
Ambities
Economische productiviteit Wat betreft winkels en kantoren wordt aangesloten bij de Compacter maken door diversificatie en kerndoelen van de vastgestelde Structuurvisie Ruimtelijk van de centra met innovatie, focus op Economie Zuid-Limburg en het detailhandelsbeleid behoud van het sectoren met hoge Westelijke Mijnstreek. voorzieningen toegevoegde waarde en niveau in de arbeidsintensiviteit. De ruimtelijke economische focus ligt op het versterken kernen. van vitale centra. Economische, sociale en ecologische verbanden ondersteunen tussen gebieden.
Ruimte bieden aan bedrijven die willen inzetten op duur- Het optimalisezaamheid. ren van de bedrijventerreinen Het ondersteunen van de economische clusters door het door middel van optimaliseren van de multimodale bereikbaarheid. verduurzaming en vergroening.
Veilige, betaalbare en duurzame vervoerssystemen voor iedereen.
Het verminderen van de CO2 -uitstoot door het vergroten van het aandeel duurzame vervoerwijzen (modal shift) en het verduurzamen van de automobiliteit. De ambitie van Chemelot richt zich op het versterken van de multimodale transportinfrastructuur. Veiliger en duurzaam transport staat hierbij centraal. Wij onderschrijven deze ontwikkeling, maar hierbij is aandacht nodig voor de omgeving. En voorhet beperken van de risico’s met het vervoer van gevaarlijke stoffen door buisleidingen zoals over de weg en water. En omdat een toename van het vrachtverkeer wordt verwacht en omdat dit een doorontwikkeling van Haven Stein vereist.
Veilige en gezonde werkomgeving voor iedereen, ook voor arbeidsmigranten.
Verduurzaming en vergroening bedrijventerreinen.
Betaalbare, betrouwbare Bedrijven stimuleren om deel te nemen aan de en duurzame energie voor energietransitie. iedereen. Economische productiviteit Kansen benutten die zich voordoen voor een innovatieve Het stimuleren door diversificatie en en circulaire economie op Zuid-Limburgse schaal en de van een circulaire innovatie. Focus op sectoren daarbij behorende grensoverschrijdende kansen. economie met hoge toegevoegde waarde en arbeidsintensieve sectoren. Wereldwijde efficiëntie De lokale economie versterken door de transitie te stimuvan de productie en leren naar een duurzame economie (reductie van CO2 in consumptie van natuurlijke 2050 met 95%) waarbij hergebruik van grondstoffen (ook hulpbronnen verbeteren; in relatie tot afvalbeheer) kansen biedt. economische groei loskoppelen van vervuiling. Duurzaam gebruik en beheer van natuurlijke hulpbronnen.
37
Volledige werkgelegenheid Aan huis gebonden bedrijvigheid ondersteunen. Vooren waardig werk voor waarde is wel dat er balans tussen bedrijvigheid en de iedereen, ook voor jonge leefkwaliteit in woonkernen aanwezig is. mensen en mensen met een beperking. Sociale, economische en politieke inclusie voor iedereen.
Aantrekken van talent en het verkleinen van afstand tot de arbeidsmarkt.
Samenleven: ontmoeten en verbinden, faciliteren en stimuleren.
Economische productivi- Het versterken van de lokale economie binnen de regio. teit door diversificatie en innovatie Focus op sectoren met hoge toegevoegde waarde en arbeidsintensieve sectoren.
Het stimuleren van het ondernemersklimaat voor het MKB.
Economische, sociale en ecologische verbanden ondersteunen tussen gebieden.
Het verbeteren van de dienstverlening aan ondernemers door een breder bereik te creëren.
Faciliteren van aan huis gebonden bedrijvigheid met oog voor balans tussen bedrijvigheid en een veilige en gezonde leefomgeving.
Toegang tot informatie, (Digitale) bereikbaarheid optimaliseren. communicatietechnologie en tot internet. Veilige, betaalbare en duurzame vervoerssystemen voor iedereen.
Het versterken van de toeristische infrastructuur door het realiseren van een grensoverschrijdend kwalitatief recreatief fiets- en wandelnetwerk.
Duurzaam toerisme dat Het versterken van de toeristische infrastructuur door banen schept en bijdraagt het realiseren van een grensoverschrijdend kwalitatief aan de lokale cultuur en recreatief fiets- en wandelnetwerk. streekproducten. Versterken en uitbouwen van het toeristisch profiel. Verbindingen aanbrengen tussen water- en natuurrecreatie, cultuurhistorie, wandelen en fietsen met kleinschalige horeca. Hierbij ook samenwerking aan te gaan met aangrenzende gemeenten (inclusief België) binnen de Maasvallei om deze verbindingen te realiseren. Heldere toeristische profilering met een aantal speerpunten. De focus ligt op het extra aantrekken van dagjesmensen die gebruik maken van de lokale horeca, de musea en de plaatselijke middenstand, waardoor het voorzieningenniveau ook voor inwoners behouden blijft. Ook focus op toeristen die (primair) in de gemeente overnachten en deze mensen kennis laten maken met al het moois dat de gemeente Stein en de directe omgeving te bieden heeft.
38
Versterken van het lokale rivierenlandschap (Hart van de Maasvallei) en de fiets- en wandelinfrastructuur.
Bijlage 3 Trends In dit hoofdstuk benoemen we de algemene brede trends, die nationaal en veelal internationaal spelen en dus ook van grote invloed zullen zijn op de ontwikkeling van de lokale economie van Stein. Digitalisering De maatschappij en de economie digitaliseren. Met de opkomst van de smartphone hebben mensen altijd tal van communicatiemogelijkheden en informatie-, amusements-, financiële en gezondheidstoepassingen bij de hand. Daarnaast worden machineparken steeds meer digitaal en doen robots hun intrede. Met de sterke verbreiding van snel breedband internet en de uitrol van het 5G-netwerk worden apparaten steeds meer onderling en met mensen verbonden. Ook de ‘verglazing’ van de netwerken raakt de komende jaren in een versnelling. Inmiddels is de eerste research naar 6G-netwerken opgestart door de grote telecombedrijven. Moderne apparaten en machines, smartphones en slimme gebouwen genereren veel data (big data). Door de toepassing van kunstmatige intelligentie (AI) en het combineren van de data worden machines en apparaten steeds accurater en slimmer in aansturing. Hierdoor ontstaan nieuwe toepassingen en nieuwe markten. Digitalisering heeft ook grote impact op de thuissituatie. Zo kunnen mensen makkelijker thuis werken. Dit kan leiden tot een krimp aan de behoefte van kantoor in m2. De digitalisering van de maatschappij heeft grote effecten op de economie.
Het medewerkersbestand bij banken en verzekeringsmaatschappijen is al flink gekrompen, omdat steeds meer klanten hun zaken zelf digitaal kunnen regelen. Hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld de Belastingdienst. We gebruiken minder contant geld en cryptomunten zijn in opkomst. We kopen steeds meer via internet met levering door bezorgdiensten . Dit heeft geleid tot een krimp in de detailhandel en een flinke groei in de e-commerce logistiek (Bol. com, Coolblue, Amazon, etc.). De hotelbranche heeft er met de komst van AirBnB een concurrent bij gekregen. Net zoals de taxibranche met Uber. Kantoorautomatisering leidt tot het verdwijnen
van diverse kantoorberoepen en in steeds meer fabrieken nemen robots het eenvoudige en zware werk over van het personeel. Door al deze technologische ontwikkelingen verdwijnen er beroepen, maar er komen ook nieuwe beroepen bij. Ook de vraag naar ICT-personeel neemt toe in alle bedrijfstakken. Daarbij veranderen de vereiste competenties van medewerkers. Naast een kennis en (basis-)opleiding is het steeds vaker nodig dat mensen overweg kunnen met specifieke digitale toepassingen, het kunnen programmeren van apparaten en dat medewerkers ‘hun leven lang blijven leren’. Circulaire economie De komende jaren staat Nederland, samen met provincies en gemeenten voor de uitdaging om de klimaatdoelstellingen te behalen: • Energietransitie: de overstap van energie opgewekt uit fossiele brandstoffen naar hernieuwbare energiebronnen zoals energie uit: wind, zon, water en biomassa; • Circulaire productie: gesloten productieketens waarbij een hoogwaardige verwerking van afvalstromen tot nieuwe grondstoffen; • Klimaatadaptatie: de omgeving aanpassen op een periode van droogte en hitte (hittestress) of perioden van hevige regenval. In tegenstelling tot lineair produceren wordt bij circulair produceren rekening gehouden met de levenscyclus van het product.
Uitgangspunt is dat een product dat verbruikt of verouderd is volledig gerecycled kan worden en waarvan de afvalstromen opnieuw worden gebruikt in het productieproces. De circulariteit kan op verschillende schaalniveaus plaatsvinden: binnen een bedrijf, binnen een bedrijventerrein of binnen een gemeente of regio. Trends binnen de circulaire productie zijn het verkorten van de ketens, het hergebruik van grondstoffen en het bij voorkeur gebruiken van hernieuwbare grondstoffen van natuurlijke 39
oorsprong (biobased economy). Bij dit laatste gaat het bijvoorbeeld om de ontwikkeling van biobased plastics, biobased bouwmaterialen en biobased energie zoals biobrandstoffen en biogas. Klimaatadaptatie en energietransitie Het klimaat is aan het veranderen. In toenemende mate worden hete perioden met droogte afgewisseld met hevige regenval met kans op wateroverlast. In de bebouwde omgeving zoals bedrijventerreinen en woonwijken kunnen de warme perioden leiden tot hittestress waarbij door oplopende temperaturen geen sprake meer is van een prettige woon- en werkomgeving. In het ontwerpen van woonwijken, bedrijventerreinen en kantoorlocaties zullen we hier rekening mee moeten houden. Bijvoorbeeld door in de niet-bebouwde ruimte minder te verharden en meer groen toe te voegen, maar ook bij, op en aan gebouwen. Daarnaast moeten we denken aan voldoende waterberging zodat extreme regenval kan worden opgevangen en niet leidt tot wateroverlast. In 2021 heeft elke Nederlandse regio een Regionale Energie Strategie (RES) opgesteld. De RES 1.0 Zuid-Limburg heeft als ambitie opgenomen 1,3 TW aan duurzame energie op te wekken. Ingezet wordt op zonnepanelen op daken van (grote) bedrijven en agrarische gebouwen. Ook parkeerterreinen en bepaalde gronden zijn als mogelijke locatie genoemd.
Windenergie wordt als mogelijkheid gezien op de grens met het stedelijk gebied, nabij grootschalige industrie of logistieke bedrijven en op locaties dichtbij de landsgrens waar al windturbines in het buitenland staan. Daarnaast is er door alle gemeenten in 2021 een Transitievisie Warmte opgesteld. Op 16 december 2021 heeft de gemeenteraad de Transitievisie Warmte van de gemeente Stein vastgesteld. In deze visie geeft de gemeente aan welke alternatieven voor aardgas het op de korte termijn ziet en welke stappen de gemeente tot en met 2030 zal zetten om het aardgasverbruik te verminderen. Het gros van de CO2-uitstoot in Stein wordt veroorzaakt door de bebouwde omgeving. Daarin hebben woningen een aandeel van 65%. Gemeente Stein telt bijna 12.000 woningen (plus ruim duizend utiliteiten) die uiterlijk 40
in 2050 aardgasvrij moeten zijn. Deze opgave is groot. Het gaat hierbij om de grootste bron van CO2 -uitstoot in de gemeente. Niet elke woning zal overgaan op dezelfde duurzame warmteoplossing in de toekomst. Het systeem verandert van centraal en grootschalig naar lokaal en kleinschalig. Uit de technische analyse blijkt dat 3% van de warmtevraag tot 2030 via isolatie bespaard kan worden, 23% sluit het beste aan op een warmtenet, 13% gaat over op een individuele elektrische warmtepomp en nog eens 13% komt uit op een hybride oplossing. De precieze cijfers zullen nog veranderen zodra het warmtenet er daadwerkelijk is en we weten welke woningen en gebouwen kunnen worden aangesloten. Op basis van deze cijfers bestaat de potentie om op de korte tot middellange termijn – tot en met 2030 – 52% van de warmtevraag te reduceren bij volledige benutting van de potentie. Een drietal projecten kan zorgen voor de invulling van een deel van deze 52%. Allereerst het warmtenet, de potentie geldt vooral voor een warmtenet op hoge temperatuur. Er is een bron die hieraan kan voldoen, namelijk de industriehub Chemelot aan de andere kant van de A2. De mogelijkheid bestaat dat Gemeente Stein hier ook gebruik van kan maken. Ten tweede de individuele oplossingen, namelijk de hybride en elektrische warmtepomp.
De gezamenlijke potentie van 26% is aanzienlijk en kan worden ingevuld met een clusterof gemeente breed warmtepompprogramma. Daarbij zou de gemeente ervoor kunnen kiezen om ook de ontwikkeling van groengas te faciliteren. Als derde is er de niet te onderschatten isolatie opgave. Hoewel de potentie slechts 3% is, zal elke toekomstige warmteoplossing baat hebben bij een zo goed mogelijk geïsoleerd gebouw. Tot slot spelen communicatie en participatie in elk afzonderlijk project een rol. Om uitvoering te geven aan de Transitievisie Warmte dienen wijkuitvoeringsplannen te worden opgesteld.
41
Dat maakt
nog mooier