CConstaterende datStein
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage B - Raadsvoorstel - WIJZversie WZV Stein 20230928

Beeldvormende bijeenkomst 20 september 2023, gemeente SteinBij agendapunt: Woonzorgvisie Stein 2023-202817.518 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

WOONZORGVISIE STEIN 2023-2028 Dat maakt Stein voor mij … “een goed thuis (voor iedereen)”

definitieveconcept versie 2817 september april 2023

1

Inhoud Voorwoord ................................................................................................................................................ 3 Inleiding .................................................................................................................................................... 4 1.

De basis van onze woonzorgvisie................................................................................................ 6

2.

Invloeden en ontwikkelingen...................................................................................................... 10

2.1.

Factsheet demografie en bevolking .................................................................................. 10

2.2.

Factsheet leefomgeving ....................................................................................................... 12

2.3.

Factsheet woningmarkt en woonbehoefte ....................................................................... 13

2.4.

Factsheet trendontwikkelingen .......................................................................................... 16

2.5.

Relevante wet en regelgeving ............................................................................................ 17

3.

Wat willen we? ............................................................................................................................... 19

3.1.

Vanuit het mensperspectief:............................................................................................... 19

3.2.

Vanuit het perspectief leefomgeving ................................................................................ 19

3.3.

Vanuit het perspectief wonen ............................................................................................. 22

3.4.

Vanuit woonzorg perspectief .............................................................................................. 28

3.5.

Andere doelgroepen .............................................................................................................. 34

4.

Hoe realiseren we onze ambities en actiepunten? ................................................................ 40

4.1.

Onze strategie ........................................................................................................................ 40

4.2.

Instrumenten.......................................................................................................................... 41

4.3.

Monitoring ............................................................................................................................... 42

4.4.

Financieel kader ..................................................................................................................... 43

Bijlage I: Woningbouwprogrammering ............................................................................................ 44 Bijlage II: Financieel overzicht .......................................................................................................... 44 Bijlage III: Woningbehoefteonderzoek ............................................................................................ 49 Bijlage IV: Begrippenlijst .................................................................................................................... 50

2

Voorwoord PM Het voorwoord wordt tekstueel opgesteldstellen ism de afdeling communicatie, na het vaststellen van de WZV door de Raad. ……………… ……………… ……………..

3

Inleiding Aanleiding In deze woonzorgvisie beschrijven we wat gemeente Stein voor ogen heeft op het gebied van wonen en op de zorg- en ondersteuningsbehoefte in relatie tot wonen. Tevens wordt aangegeven hoe wij daar samen met bewoners, woningcorporaties, zorgaanbieders en andere partners aan willen gaan werken. Zo vormt de woonzorgvisie onder meer de basis voor prestatieafspraken met woningcorporaties, zorgaanbieders en huurdersorganisaties. Deze woonzorgvisie komt in de plaats van de Woonvisie Stein 2016-2021 en heeft de status van “Volkshuisvestingsprogramma” volgens het wetsvoorstel “versterking regie volkshuisvesting”. De woonzorgvisie is een uitwerking van het thema wonen van onze Omgevingsvisie Gemeente Stein 2040 (maart 2022). Daarnaast wordt de visie, samen met onder andere de Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg en de beleidsregel “Ruim baan voor goede woningbouwplannen”, onderdeel van het huidige volkshuisvestelijk beleid. Hierbij wordt ook rekening gehouden met het provinciaal woonbeleid en de nationale woon- en bouwagenda. Samen met onze partners willen wij de komende jaren in gemeente Stein gaan werken aan een thuis voor iedereen. Proces totstandkoming Op 28 september 2022 heeft een inwerkbijeenkomst voor de nieuwe gemeenteraad m.b.t. thema Wonen en Zorg plaatsgevonden. De gemeenteraad heeft toen o.a.

een presentatie gezien over het woningbehoefteonderzoek (door Stec) en de woonzorgopgave (door Inndev). Deze onderzoeken tonen de huidige en toekomstige behoefte aan (zorggeschikte) woningen. Zowel in aantal als in kwaliteit. Zij zijn een belangrijk vertrekpunt voor het opstellen van een visie op wonen en zorg. Eind 2022 is de gemeente samen met bureau Inndev gestart met het opstellen van een concept woonzorgvisie. Deze conceptversie is in de periode mei-juli voor advies voorgelegd aan verschillende partijen en onze inwoners. De conceptversie van de Woonzorgvisie Stein 2023-2028 is tijdens de beeldvormende raadssessie op 17 mei 2023 kort op hoofdlijnen ambtelijk aan de gemeenteraad gepresenteerd. Aansluitend zijn (verduidelijkende) vragen beantwoord. Tijdens de oordeelvormende raadssessie op 25 mei 2023 heeft de gemeenteraad gereageerd op deze conceptversie en de aangereikte stellingen. Hieronder ziet u de stappen die ondernomen zijn tot aan de besluitvorming door de gemeenteraad op 28 september 2023. Datum

Wat

25 april

Collegevergadering

25 april

Overleg WZV en PA (corporaties + HBV’s)

1 mei 8 mei

Overleg WZV met Adviesraad Sociaal Domein (presentatie WZV) Agendacommissie gemeenteraad

9 mei

Overleg WZV met SJAR

4

12 mei

Overleg WZV en PA (zorgaanbieders + zorgkantoor)

17 mei

Beeldvormende raadsessie

25 mei

Oordeelvormende raadsessie (feedback)

5 juni 27 juni

Overleg WZV met Adviesraad Sociaal Domein (ontvangst advies) Overleg WZV met SJAR (ontvangst advies)

5 juli

Overleg ouderenorganisaties

11 juli

Presentatie tijdens DOP uitwisselingsoverleg

ter inzage leggen voor eenieder: vrijdag 16 juni 2023 tot en met donderdag 27 juli 2023 29 augustus

Collegevergadering

11 september

Agendacommissie gemeenteraad

20 september

Beeldvormende raadsessie

28 september

Oordeelvormende en besluitvormende raadsessie

Samenstellen publieksvriendelijke versie en publicatie

Leeswijzer In het eerste hoofdstuk wordt de basis van onze woonzorgvisie en met name de relatie met de inwoners en de leefomgeving inzichtelijk gemaakt. Daarbij maken we gebruik van een op maat van de gemeente Stein uitgewerkte holistische allesomvattende benadering oftewel holisme (alles is met elkaar verbonden en beïnvloedt elkaar).. Vervolgens maken we in hoofdstuk twee de relevante invloeden en ontwikkelingen inzichtelijk aan de hand van factsheets die betrekking hebben op (1) demografie en bevolking, (2) onze leefomgeving (3) de lokale woningmarkt en de woonbehoefte, (4) de megatrendontwikkelingen en tenslotte de systeemkaders c.q. een overzicht van de actuele wet- en regelgeving. Het derde hoofdstuk vormt de kern van onze woonzorgvisie. Hierin formuleren we onze concrete ambities en doelstellingen waarbij uitwerking plaatsvindt in een actieprogramma 2023-2028. Dit doen we op niveau mens, leefomgeving, wonen en woonzorg. Het vierde en laatste hoofdstuk maakt inzichtelijk hoe we onze ambities en actiepunten willen realiseren. We gaan hier in op de strategie die we hanteren, de instrumenten die we gaan inzetten en de wijze van het monitoren van voortgang en realisaties. Daarbij maken we ook de gemeentelijke financiën inzichtelijk.

5

1.

De basis van onze woonzorgvisie

De woonzorgvisie is een programma afgeleid uit de Omgevingsvisie Gemeente Stein 2040. De vraag wat voor gemeente we willen zijn, is hierin al beantwoord: “Stein is een eigenzinnige, groene woongemeente in de Zuid-Limburgse Maasvallei waar het mogelijk is dorps te wonen in een verstedelijkt gebied met kwalitatief hoogwaardige voorziening en ruimte voor ondernemerschap.”

Figuur – ambities gemeente Stein

Bron: Omgevingsvisie Gemeente Stein 2040

Met leefkwaliteit bedoelen wij de mate waarin onze inwoners in staat zijn om te leven in onze leefomgeving die voldoet aan hun basisbehoeften en die bijdraagt aan hun welzijn en geluk. Het omvat elementen zoals gezondheid, veiligheid, huisvesting, toegang tot diensten en faciliteiten, sociale en culturele participatie en een gevoel van verbondenheid met de gemeenschap. Met de woonzorgvisie focussen wij voornamelijk op de elementen van huisvesting en toegang tot zorg waarbij wij de leefkwaliteit voor onze inwoners op zijn minst behouden en borgen, maar nog liever verbeteren.

6

De relatie tussen onze inwoners, onze leefomgeving en de leefkwaliteit is complex en onderling van elkaar afhankelijk. In onderstaande figuur is de samenhang en afhankelijkheid van inwoners en hun leefomgeving schematisch weergegeven mede in relatie tot de trendontwikkelingen.

Figuur – systeem mens-leefomgeving-wonen en trends

7

Scope De horizon van de woonzorgvisie is 2040 (overeenkomstig de Omgevingsvisie gemeente Stein 2040). De relevante recente onderzoeken (Woonbehoefte onderzoek Stec en Woonzorg door InnDev) focussen cijfermatig op de plantermijn 2030 met doorkijk naar 2040. Voor de korte termijn planning c.q. de uitvoeringsmaatregelen is de overzienbare plantermijn van vijf jaar aangehouden dus de periode 2023-2028.

Figuur – termijn uitgangspunten

horizon woonzorgvisie onderzoeken

2040 2030

2040

korte termijn planning 2028

In deze woonzorgvisie benoemen we de woon- en de zorgbehoefte, maar de wijze waarop deze wordt ingevuld, is niet uitgewerkt. De daadwerkelijke uitvoering, met alle deelaspecten, behoren tot de volgende fase. De rol van de gemeente in deze volgende fase is in algemene zin: • Het oprichten van een regiegroep met betrekking tot uitvoering van de woonzorgvisie. Deze regiegroep bestaat uit de gemeente, woningcorporaties en zorgaanbieders. De groep komt regelmatig bijeen, o.a. in de reguliere cyclus over de jaarlijkse prestatieafspraken. • Het maken van (prestatie-)afspraken met de woningbouwcorporaties over het klimaatadaptief maken van (bestaande) woningen. • Het onderzoeken, samen met de zorgaanbieders en zorgkantoor, van de samenwerkingsmogelijkheden tussen de doelgroepen betrokken bij woonzorg zoals bijvoorbeeld bij de zorg voor ouderen en (verstandelijk) gehandicapten rekening houdende met de vigerende kaders op vlak van de Autoriteit Consument en Markt. • Het samenbrengen van partijen in het sociale en woondomein om integraal en sectoroverstijgende samenwerkingen te bewerkstelligen. • Het opstellen van een inspiratie- en afwegingskader (zie ook onder par. 4.2.-instrumenten). Hierin worden tevens handvatten opgenomen voor initiatiefnemers van innovatieve woonvormen.

Ook worden hierin de criteria opgenomen van de ‘Nee, tenzij …’ bij omvorming van winkels naar woningen (in balans- en concentratiegebieden). • Ten aanzien van het faciliteren innovatieve woonvormen: o Verstrekken van goed informatie vooraf in het inspiratie- en afwegingskader; o Inschakelen procesmanager (incl. geraamde financiën in overzicht bijlage II) • Onderzoek doen naar de inzet van het instrument KLUS (KrottenLijstUitvoeringsStrategie) in subregionaal verband Westelijke Mijnstreek. • Onderzoek doen naar de mogelijkheden voor de inzet van een onafhankelijke “senioren” makelaar die informatief geraadpleegd kan worden. Deze makelaar kan tevens partijen ondersteunen bij het opzetten van een algemene informatiefolder.

8

Stelling 2 De beperkte uitvoeringskracht van onze gemeente noodzaakt tot het maken van scherpe keuzes. Wij kunnen simpelweg niet alles faciliteren. Daarom hanteren wij ten aanzien van de ambtelijke inzet deze volgorde: • Primair maken wij werk van de realisatie van de projecten zoals deze zijn opgenomen in de Woondeal. Hieronder valt o.a. ook: o Realisatie flexwoningen en nultredewoningen (beide dragen bij aan huisvesting jongeren/starters); o Realisatie van reeds lopende woonzorginitiatieven (Bruisend Hart, St Jozefkerk) en nieuwe woonzorginitiatieven (toekomst Moutheuvel) • Vervolgens maken wij werk van de noodzakelijke transformatie van de bestaande (particuliere) woningvoorraad. Nieuwe woningbouwinitiatieven die hieraan bijdragen worden hierbij ook meegenomen. Dit gebeurt bij voorkeur middels een gebiedsgerichte aanpak (op basis van Transformatievisies) waarbij de uitvoeringskracht van andere partners in de wijk (zoals corporaties, zorgaanbieders, etc.) gebundeld kan worden en er uiteindelijk de grootste maatschappelijke meerwaarde kan worden gerealiseerd. • Wij staan open voor initiatieven m.b.t. Collectief Particulier Opdrachtgeverschap, Tiny Houses1, co-housing, meergeneratiewonen en andere innovatieve woonvormen. Wij faciliteren dergelijke initiatieven echter niet actief.

Dat betekent dat gegadigden zelf op zoek moeten naar een locatie en vervolgens initiatiefnemer zijn voor het gehele realisatietraject. De gemeente heeft enkel een toetsende rol (vergunning). Enkele raadsfracties zien graag meer ambitie en een actievere houding / meer flexibiliteit van de gemeente ten aanzien van de woningbouwopgave en innovatieve woonvormen (bullit 3). Tevens worden zorgen geuit als de gewenste doorstroming niet lukt. Wat gaan wij dan voor starters en gezinnen doen? Over bullit 3 dient in ieder geval aan de voorkant duidelijk gecommuniceerd te worden vanuit de gemeente (verwachtingen managen). Zo kunnen er handvatten worden aangereikt hoe dergelijke initiatieven door initiatiefnemers kunnen worden opgepakt. Bij het omgevingsplan aandacht voor het daadwerkelijk mogelijk maken (drempels verlagen) van deze innovatieve woonvormen. 1

Tiny houses zien wij (anders dan voornoemde flexwoningen) als een niche in de woningmarkt. De Tiny House filosofie gaat o.a. uit van een beperkte ecologische voetafdruk, lage maandelijkse kosten, wonen in een sociale community, minder spullen en het wonen in een zelfontworpen huisje.

9

2.

Invloeden en ontwikkelingen

In dit hoofdstuk benoemen we de belangrijkste ontwikkelingen die relevant zijn voor de woonzorgopgave in onze gemeente op vlak van demografie en bevolking, de woningmarkt en de woonbehoefte, de leefomgeving en de relevante wet- en regelgeving. Naast gemeente specifieke informatie maken we ook de actuele maatschappelijke trends inzichtelijk.

2.1. Factsheet demografie en bevolking Krimp, vergrijzing en ontgroening Sinds 2005 daalt het aantal inwoners in onze gemeente. Deze trend zet zich verder door de komende decennia. De totale bevolking daalt van 24.800 personen in 2022 naar 24.600 in 2030 en 21.600 in 2040. Dit leidt tot een andere samenstelling van de bevolking: het aantal jeugdigen, de beroepsbevolking en het aantal potentiële mantelzorgers neemt gestaag af. Het aantal 80-plussers daarentegen verdubbelt in de periode 2020-2040. Huishoudensontwikkeling: 11.600 in 2020 ontwikkeling met -110 tot +125 tot 2030 Het aantal huishoudens in 2020 was 11.600. Wat betreft de huishoudensontwikkeling gaan we uit van twee scenario’s: een scenario “migratie normaal” en een scenario “migratie hoog” waarbij rekening is gehouden met de omslag in de binnenlandse verhuizingen de afgelopen jaren. Hierdoor ontstaat een min van 110 bij “migratie normaal” dan wel een plus van 150 bij “migratie hoog” op de huishoudensontwikkeling tot 2030. In de periode 2030-2040 zal de huishoudenskrimp zich doorzetten binnen een bandbreedte -780 tot -240 huishoudens. In de prognoses zijn de migratiebewegingen het moeilijkst te voorspellen. Het betreft naast het binnenlands migratiesaldo van vertrekkers (vaak jeugdigen) en vestigers (onder andere ruimtezoekers) ook immigratiestromen van vluchtelingen, statushouders, arbeidsmigranten en kenniswerkers.

Figuur huishoudensontwikkeling

10

Een andere huishoudsamenstelling Ondanks het afnemende inwonertal is het aantal huishoudens toch nog gegroeid de afgelopen 20 jaar. Dit wijst op huishoudensverdunning. Er is een forse daling van het aantal gezinnen en een toename van het aantal alleenstaanden geweest die nog verder zal aanhouden. Het aantal stellen is tot nu toe relatief stabiel gebleven, maar zal de komende decennia ook fors dalen. Figuur - verwachte huishoudensontwikkeling

Groei van de groep kwetsbare ouderen Kwetsbare ouderen zijn ouderen die moeite hebben om de regie over hun leven te voeren en daarmee zelfstandigheid te behouden. De kwetsbaarheid kan zich uiten in combinaties van fysieke, cognitieve en sociale belemmeringen en psychische kwetsbaarheid. Zij hebben vaak meerdere chronische aandoeningen tegelijkertijd. In totaal wonen momenteel in de gemeente Stein 1300 kwetsbare ouderen. wonen momenteel. In totaal 915 van hen maken gebruik van langdurige wijkverpleging vaak gecombineerd met hulp bij het huishouden (in totaal 705 65-plussers). 210 van hen maken gebruik van Wlz zorg in een intramurale zorgvoorziening. Als gevolg van de voortschrijdende vergrijzing zal het aantal kwetsbare ouderen de komende 20 jaar meer dan

11

verdubbelen. Dubbele vergrijzing en extramuralisering leiden tot toename van de thuiswonende kwetsbare ouderen. Overige doelgroepen Als gevolg van de doordecentralisatie van beschermd wonen en maatschappelijke opvang wordt de gemeente vanaf 2024 zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van de ondersteuning en bijbehorende huisvesting en de uitvoering daarvan. De impact op de woonzorgopgave is momenteel nog onduidelijk maar wordt opgepakt in regionaal verbandde subregio Westelijke Mijnstreek. Tenslotte is het opvallend dat binnen de gemeente (nog) geen woonvoorziening voor inwoners met een verstandelijke beperking aanwezig is.

Stelling 3 We willen een Thuis voor iedereen in de gemeente Stein. Momenteel zijn er geen (particuliere) woonvoorzieningen voor verstandelijk/lichamelijk gehandicapten in onze gemeente en moeten inwoners verhuizen naar voorzieningen in andere gemeenten. Wij faciliteren, in tegenstelling tot de initiatieven bij laatste punt stelling 2, dergelijke woonvoorzieningen voor gehandicapten voor de oplossing van deze witte vlek in het zorgaanbod in onze gemeente. Raadsfracties zijn het hiermee eens (mits het niet gaat om gespecialiseerde zorg). Overigens heeft zich al een initiatiefnemer bij de gemeente hiervoor gemeld.

Als uitwerking van het Rijksbeleidskader ‘Gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid’ dient gemeente Stein beleid vast te stellen voor woonwagens en standplaatsen als onderdeel van haar volkshuisvestingsbeleid. Onder andere moet een woningzoekende woonwagenbewoner, die dat wenst, binnen redelijke termijn kans maken op een eigen standplaats. Daarnaast is een (subregionale) uniforme wachtlijstbeheer en toewijzing nodig.

2.2. Factsheet leefomgeving Algemeen We kijken breder naar de factoren die de leefomgeving en de kwaliteit van leven beïnvloeden. Zo worden gezondheid en welzijn niet alleen bepaald door de omgeving waarin men woont, maar ook door de mensen uit die buurt en de relaties met die mensen. Zo kunnen de buren een rol spelen in hoe fijn het ergens wonen is. Of persoonlijke factoren.; mMen kan in nog zo’n mooie omgeving wonen, maar als men eenzaam is en zelf geen waardevolle relaties ervaart heeft met mensen uit de omgeving, dan zal men daar minder van genieten. Woonmilieus Middels het gebruik van het concept “woonmilieus” leggen we een koppeling tussen de leefomgeving en de invulling van het wonen. We hanteren het leidend principe dat we de woonmilieus willen afstemmen op de toekomstige samenstelling van de bevolking en de

12

ontwikkeling in wensen en behoeften. Binnen onze gemeente onderkennen we zijn er drie woonmilieus met unieke kwaliteiten.

2.3. Factsheet woningmarkt en woonbehoefte 11.810 woningen in 2022 De woningvoorraad van Stein bestaat in totaal uit circa 11.810 woningen (CBS, 2022). Het merendeel hiervan is een eengezinskoopwoning (70%). Dit is ruim meer dan het aandeel in de regio Zuid-Limburg (52%). Daarentegen staan er in Stein juist relatief weinig meergezinswoningen (appartementen). Ook het aandeel huurwoningen is relatief laag, zowel in corporatie- als particulier bezit. Binnen de gemeente is er een groot aantal rolstoel- cq verpleegzorggeschikte woningen (BAT3+4).

13

BAT-systematiek: Gehanteerde onderverdeling naar toe- en doorgankelijkheid woningen door woningcorporaties en zorgaanbieders (Westelijke Mijnstreek) Naamgeving

BAT score 1

BAT score 2

BAT score 3

BAT score 4

wandelstok geschikt

rollator bewoonbaar

rolstoel bewoonbaar

zorggeschikt

Gradaties zorggeschikte profielen Aspect

Mede naar aanleiding van het gezamenlijke zorgonderzoek in 2017 bestond er in de regio Westelijke Mijnstreek vanuit zowel corporaties als gemeenten behoefte aan duidelijkheid over de indeling van het corporatiebezit ten aanzien van toe- en doorgankelijkheid en tevens wat dit feitelijk betekent voor de plattegrond. Op regionale schaal zijn hierover vervolgens afspraken gemaakt waarbij gekozen is om de woningen te labelen op basis van de BAT-systematiek. De afkorting BAT staat voor Bouw Advies Toegankelijkheid. De BAT-systematiek steunt net zoals bv. Woonkeur op het Bouwbesluit en het Handboek voor Toegankelijkheid. Het is een checklist die gratis ter beschikking wordt gesteld en is ontwikkeld door een aantal personen in de regio Utrecht.

Bronnen: STEC en InnDev

14

Kwalitatieve woonbehoefte tot 2030

Bron: STEC

•

•

Overschotten bevinden zich in de reguliere grondgebonden eengezinswoningen, zowel in goedkoper/kleiner als in het duurder/groter segment. Dit overschot hangt samen met de vergrijzing en ontgroening. Ongeacht het migratiescenario worden leegstandrisico’s in het grondgebonden koopsegment gesignaleerd. Ook ongeacht het scenario is de vraag naar ruimere en duurdere nultredenwoningen groot en deze trend zet zich op gelijke wijze door tot 2040. De vraag komt van ouderen die nu nog in relatief grote grondgebonden woningen en niet veel woonruimte willen inleveren. Zij hebben doorgaans meer vermogen dan jonge huishoudens en/of overwaarde op hun huidige koopwoning.

Confrontatie woningbehoefte en plancapaciteit 2023-2030

15

GGB SH VSH APP Nult.

Grondgebonden Sociale huur (DAEB) Vrije sector huur Appartementen/gestapelde bouw Nultreden

In de confrontatie valt op dat er wordt ingezet op een divers nieuwbouwaanbod dat voor een deel ook al goed aansluit op de toekomstige woningbehoefte. Wel valt op dat de plancapaciteit aan grondgebonden koopwoningen relatief groot is gezien het verwachte overschot aan dit type. Om goed aansluiting te vinden op de toekomstige woonwensen van de huishoudens van Stein lijkt het verstandig moet minimaal een deel van deze grondgebonden woningen levensloopgeschikt te bouwen. Ook dan lijkt er echter nog een overschot aan reguliere grondgebonden koopwoningen te bestaan. Sloop en nieuwbouw of het aanpassen van dit type woning biedt mogelijk kansen. Op dit moment liggen er ook plannen om naast reguliere woningbouw ook 55 tijdelijke woningen op twee locaties toe te voegen, ruimte te geven aan een CPO (Collectief Particulier Opdrachtgeverschap; zie ook bijlage IV-begrippenlijst) en het aantal locaties voor woonwagenbewoners met vijf standplaatsen uit te breiden. Hiermee kunnen de woonwensen van doelgroepen voorzien worden, die minder snel in een reguliere woning in Stein (willen) wonen. Extra behoefte aan zorgwoningen De behoefte aan geclusterde zorgwoningen voor ouderen neemt fors toe, mede als gevolg van de extramuralisatie van de verpleeghuiszorg c.q. de stop op uitbreiding van intramurale verpleeghuisplaatsen.

Tot 2040 zijn er in totaal 280 extra zorgwoningen nodig voor Wlz zorgvragers. Daarnaast zijn nog 100 extra zorgwoningen nodig voor mensen met langdurige wijkverpleging en/of hulp bij het huishouden (bron InnDev).

2.4. Factsheet trendontwikkelingen Gerelateerd aan de reeds geschetste ontwikkelingen moeten we rekening houden met een aantal trends die grote impact hebben. Een aantal van deze ontwikkelingen zorgt eveneens voor onzekerheid. De voornaamste megatrends zijn te onderkennen in de economie, technologische ontwikkeling, klimaat, systeemcomplexiteit, en sociale structuur/cultuur en nu actueel, de instabiele geopolitieke verhoudingen (Oekraïne, vluchtelingencrisis etc.).

16

De economie is de belangrijkste megatrend die van directe invloed is op de bevolking (groei, migratiedruk), de woningmarkt (rentestand ECB als woningmarktmeester) en de zorg (houdbaarheid en betaalbaarheid). Door de globalisering en marktwerking is de kwetsbaarheid van de economie groter geworden en zijn de landelijke/regionale sturingsmogelijkheden een afgeleide van de internationale context. Zo zorgt de inflatiepolitiek van de Verenigde Staten voor een afkoeling van de woningmarkt in Nederland momenteel. De technologische ontwikkeling en voortschrijdende digitalisering heeft grote wisselende impact op vele fronten. Het biedt innovatiemogelijkheden bijvoorbeeld in bouwtechnieken of de manier van zorgverlening. Anderzijds is door internet koopgedrag de behoefte aan winkelruimte kleiner en wordt de behoefte aan distributiecentra groter. Dit heeft ook invloed op sociale contacten in, zowel in positieve als in negatieve zin. Een andere gamechanger zijn de internationale klimaatakkoorden die direct grote impact hebben bijvoorbeeld voor de verduurzaming van woningen, de implementatie van stikstofbeleid in relatie tot nieuwe planontwikkelingen en het nemen van maatregelen ter voorkoming van overstromingen. Gegeven alle ontwikkelingen is er sprake van “systeemcomplexiteit”. Dat betekent dat de wereld ingewikkeld is geworden.

Voor grote delen van de bevolking wordt het moeilijker wordt om te blijven aanhaken. Een ander aspect is dat door de complexiteit “het systeem” erg crisisgevoelig is geworden. De afgelopen jaren zijn we geconfronteerd met pandemie, energiecrisis, bankencrisis, grootschalige datalekken, grondstoffentekorten, woningmarktcrisis, migratiecrisis, politieke crisissen en grootschalige oorlog in de directe omgeving. Tenslotte is de sociale structuur/cultuur enorm gewijzigd de afgelopen decennia. De jongere generaties hebben (weer) een andere leefstijl en de samenleving is veel meer gepolariseerd rond onder andere de hierboven beschreven thema’s en elementen. In alle discussies spelen social media een grote rol. Ondanks het feit dat we steeds meer een beroep willen doen op inclusie en actieve sociale netwerken zien we een beweging van individualisering en het verdwijnen van een toenemend spanningsveld onder de solidariteit tussen generaties. Een voorbeeld hiervan is de discussie over de doorstroming van ouderen op de woningmarkt (ten faveure van starters) versus de honkvastheid. De discussie over de economische kosten van de laatste levensjaren versus nietbehandelbeleid is een ander voorbeeld uit de zorg.

2.5. Relevante wet- en regelgeving De systeemelementen is het geheel van wet- en regelgeving en bijbehorende uitvoeringsprogramma’s. Voor de beeldvorming geven we onderstaand een korte opsomming. • • •

Nieuwe wetten: Wet kwaliteitsborging en Omgevingswet (ingangsdatum nu gepland op 1 januari 2024). Omgevingswet stuurt (grotere) participatie aan. Participatiebeleid “Wie doet er mee” van de gemeente Stein Meer overheidsregie via bestuursakkoorden/Nationale bouw- en woonagenda (heracceptatie overheidsbemoeienis) o Nationale Prestatieafspraken (vanuit Nationale bouw en woonagenda);

17

 Beschikbaarheid (30%-norm en meer bouwen sociale en middenhuur);  Betaalbaarheid (huurmatiging)  Duurzaamheid (verduurzamen woningvoorraad)  LeefbaarheidNationaal programma Leefbaarheid en Veiligheid o Woondeal (als uitwerking van de afgesloten gemaakte prestatieafspraken tussen Rijk en pProvincie) o Panorama Zuid-Limburg en NOVEX Zuid-Limburg, als basis voor ruimtelijk voorstel ruimtelijke agenda en ruimtelijke arrangementen (Rijk en Provincie ‘Zuid’-Limburg) o Het Wetsvoorstel “Wet versterking regie volkshuisvesting” geeft het Rijk, de pProvincies en gemeenten de wettelijke instrumenten om samen met de regionale afstemming regie te voeren op de volkshuisvesting om nu in de toekomst te sturen op hoeveel, waar en voor wie we bouwen. De wet omvat onder andere een verplicht volkshuisvestingsprogramma vanaf 2026. • Verdere transformatie van het zorgstelsel o.a. IZA (Integraal ZorgAkkoord), GALA (Gezond en Actief Leven Akkoord) en WOZO (Programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen).

• Regionale beleidskaders; o Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg en bijbehorende beleidsregels o Structuurvisie Ruimtelijke Economie Zuid-Limburg o Transformatievisie Wonen Westelijke Mijnstreek lokale beleidskaders/uitgangspunten, o.a.; o Strategische toekomstvisie o Omgevingsvisie o Laagdrempelig ontmoeten o Mijn Nieuwdorp (voorheen WijkActieProgramma -WAP- Nieuwdorp) o Organisatievisie (met inbedden gebiedsgericht werken0 o Transformatievisies (Elsloo en Urmond-Oost) o Groenbeleidsplan en mobiliteitsplan o Etc …..

Een belangrijke rol is weggelegd voor de woningcorporaties bij de huidige volkshuisvestelijke opgave: o Realiseren van betaalbare huisvesting (waaronder ook flexwoningen); o Het herstellen van balans in de markt; o Sneller vernieuwen bestaande woningvoorraad;

Corporaties kunnen zich meer gaan toeleggen op hun kerntaken: Het realiseren en goed onderhouden van betaalbare woningen voor mensen die dat nodig hebben. Voor de realisatie van de opgaven zijn talrijke subsidies zoals Volkshuisvestingsfonds (VHF), woningbouwimpuls, SPUK(Specifieke Uitkeringen)-regelingen, Stimuleringsregeling wonen en zorg, enzovoort beschikbaar.

18

3.

Wat willen we?

Dit onderdeel geeft de essentie van onze woonzorgvisie weer. We formuleren onze ambities en we vertalen deze in concrete actiepunten voor de periode 2023-2028. We doen dit voor de eerder geschetste perspectieven “mens”, “leefomgeving”, “wonen” en “woonzorg”.

3.1. Vanuit het mensperspectief: We willen de leefkwaliteit optimaliseren door mensen maximaal de mogelijkheid bieden om een “thuis” te hebben. Thuis is een plek waar mensen zich veilig en comfortabel voelen, en waar ze een gevoel van verbondenheid en identiteit ervaren. Het kan een huis, appartement, woonunit in beschermde setting, tiny house of andere woonruimte zijn, maar het gaat vooral om het gevoel van vertrouwdheid en geborgenheid dat men in die ruimte ervaart. Bieden van keuzemogelijkheden We willen maximaal aansluiten op wensen en behoeften en realiseren ons daarbij dat de ideale woning niet bestaat en dat verhuismomenten onvermijdelijk zijn. Door lifve events zoals huwelijk, krijgen van kinderen, ziekte, relatiebreuken, verandering van baan of verlies van werk krijgen wooncarrières vaak een andere wending. Daarenboven willen we niet in de valkuil trappen om uit te gaan van stereotyperingen van doelgroepen : “dé starter” of “dé oudere” bestaat niet. Het gaat om heterogene groepen die keuzes maken op basis van individuele afwegingen en hun (financiële) mogelijkheden of fysieke/mentale beperkingen.

Actiepunten 2023-2028 • Verdere continuering van de betrokkenheid van onze inwoners bijvoorbeeld in de ontwikkeling van visies en uitwerkingen op buurten/wijkniveau onder meer via de DOPsgewijze aanpak; • We maken gebruik van de ervaringsdeskundigheid van diverse stakeholders; • Naast betrokkenheid stimuleren we het eigen initiatief bij de inwoners bijvoorbeeld ten behoeve van ontmoetingsplaatsen of CPO-ontwikkelingen; • Wij geven voorlichting en informatie bij opgaven waarbij de burger zelf aan zet is (bijvoorbeeld dubbel duurzaam het energetisch verduurzamen en/of levensloopbestendig maken van de eigen woning en bevordering doorstroming op de woningmarkt); • Indien nodig laten we gericht (behoefte)onderzoek uitvoeren en maken gebruik van expert opinions. In dat kader onderzoeken we de mogelijkheden van de leefstijlbenadering in de verdere uitwerking van plannen en ambities.

3.2. Vanuit het perspectief leefomgeving Uitgaande van de ambitie "sociale en vitale wijken en kernen" van onze omgevingsvisie stemmen we onze woonmilieus af op de toekomstige samenstelling van de bevolking op basis van een op maat gerichte aanpak. Daarbij is het de uitdaging om vanuit de sturing op de leefomgeving een actieve bijdrage te leveren aan de leefkwaliteit.

19

Een op maat gerichte aanpak

20

Uit: Transformatievisie Westelijke Mijnstreek, deel II - Ruimtelijke Visie, bladzijde 34 (Atelier Romain). Welk woonmilieu de diverse wijken hebben is te raadplegen in het figuur op bladzijde 14 van deze woonzorgvisie.

Actiepunten 2023-2028 • Realisatie van de herstructureringsopgaven aan de hand van de Transformatievisies (Elsloo en Urmond-Oost) en Wijkactieprogramma Nieuwdorp. Voor de overige wijken/ buurten worden eveneens Transformatievisies opgesteld zoals ook aangegeven tijdens de beeldvormende raadsessie m.b.t. TV Elsloo op 11 mei 2022. Het betreft dan:

21

•

•

•

•

•

o Catsop o Meers/Maasband o Oud-Stein/Kerensheide/Stein centrum o Oud-Urmond/Berg aan de Maas/Nattenhoven Bijdragen aan Verbeteren van de leefkwaliteit door vergroening middels klimaatadaptief bouwen. Hierbij hanteren we een kwalitatief kader: o Bij ieder nieuw woningbouwplan dient voldoende groen te worden geïmplementeerd (ook bij verbouwingen/ functiewijzigingen kijken naar ontharding). o Hemelwateropvang en infiltratie op eigen terrein o Erfscheidingen uitgevoerd in haag o Stimuleren meer groen op eigen perceel. We geven op basis van het geaccordeerde accommodatiebeleid (2019) verdere uitwerking aan het "samenleven" door ontmoetingsmogelijkheden en het bieden van info & advies door professionals over de Wwz (Wet werk en zekerheid) verder te faciliteren en te stimuleren. Ontmoeting genereert activiteiten, vriendschappen en betrokkenheid bij de buurt. De gemeente draagt bij in het faciliteren van ontmoetingsruimten in de vorm van MFC's, maar zeker ook van buurtcentra of huiskamers die door die door de inwoners zelf worden beheerd en zijn ontstaan vanuit de DOPsgewijze aanpak. Dit conform het raadsbesluit d.d. 15 december 2022 inzake laagdrempelige ontmoetingslocaties.

We bevelen sturen er op aan dat verantwoordelijken binnen infrastructuur en gezondheid/welzijn het ontmoeten in de buitenruimte maximaal mogelijk maken en daarbij een relatie leggen met een gezonde leefstijl en zetten in op een beweegvriendelijke openbare ruimte. Het is van belang om de aanwezigheid en bereikbaarheid van het (basis)voorzieningenniveau maximaal op peil te houden. Vanuit het thema wonen zorgen wij door concentratie van nieuwbouw in kernen met een groter voorzieningenaanbod, dat deze voorzieningen levensvatbaarder blijven. In kleinere kernen zoals dorpslinten stimuleren we extra de burgerinitiatieven door middel van dorpsbudgetten.

3.3. Vanuit het perspectief wonen We willen de woningvoorraad kwantitatief en kwalitatief transformeren rekening houdende met de wijzigende samenstelling van de bevolking uitgaande van ons adagium dorps wonen. Hierbij sturen wij op kwaliteit. Om deze doelstelling te realiseren willen we: o de bestaande woningvoorraad aanpassen middels sloop, renovatie en onderhoud, verduurzaming en vastgoedtransacties; o de juiste woning realiseren op de juiste plek op het juiste moment voor elk een diverse populatie aan huishoudens; o inzetten op inbreiding in plaats van uitbreiding. Dit vanwege de schaarse groene/open ruimte in onze gemeente; o een nieuwe woningbouwprogrammering hanteren; o focussen op kwaliteit;

22

o

en de doorstroming van gezinnen tot senioren verder op gang brengen. Dit om ruimte te bieden voor starters op de woningmarkt.

Woningbouwprogrammering Onderstaande tabel maakt de woningbouwprogrammering voor de komende jaren inzichtelijk op projectniveau. In bijlage 1 vindt nadere specificatie naar typologie en prijssegmenten plaats. Bij de uitwerking van de actiepunten gaan we inhoudelijk in op voorliggende woningbouwprogrammering en de wijze waarop we deze willen invullen.

Tabel woningbouwprogramma

KERN

PLANNAAM

Elsloo Elsloo Elsloo Elsloo Elsloo

CPO Meerdel / Elserveldstraat Locatie BTLBLT-Terrein Locatie De Poolster Locatie Elckerlyc Stationsstraat 170 (van Molken) WAP Mijn Nieuwdorp: Kwadrant Zaam Wonen WAP Mijn Nieuwdorp: Bruisend hart Herbestemming St Jozefkerk Kerensheide CPO Steskensstraat Stein Kattekop fase 3 Urmond Bramert Noord, fase 1 Bergerveste/Beatrixplein Locatie vml basisschool Meers Heuvelstraat Meers Standplaatsen/chalets woonwagenbewoners

Stein Stein Stein Stein Urmond Urmond Urmond Meers Meers Gemeente

TOTAAL + -

2022

2025 2023 2024 E.V.

JAAR ONBEKEND

15 12 17 19 18

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

15 0 0 0 0

0 0 0 0 180

0 12 17 19 018

0 0 0 0 0

36 64

-83 0

0 0

0 0

0 0

36 64

0 0

24 6 13 50 10 9 3

0 0 0 0 0 0 0

0 0 11 0 0 0 0

0 0 0 0 0 0 0

24 0 0 0 0 0 0

0 6 0 50 0 9 3

0 0 2 0 10 0 0

5

0

0

0

5

0

0

23

Gemeente Gemeente Gemeente

Gemeente Gemeente

Flexwoningen tranche 1 Plusambitie Flexwoningen (tranche 2) Ambitie Transformatieopgave

48 197 100

0 0 ?

0 0 0

0 0 0

48(*)0 197 100

0 0 0

TOTALEN

646

-83

11

15 7747 531561

12

42

-4

9

19

2

0

12

74

0

0

0

0

0

74

116

-4

9

19

2

0

86

Bouwtitels in uitvoering (vanaf vooroverleg) Restant ongebruikte particuliere bouwtitels TOTALEN

Bron – gemeente Stein

048 0 0

(*) De realisatie staat voor 2025, met de kanttekening dat locaties (tijdig) beschikbaar moeten zijn.

Actiepunten 2023-2028 Aanpak bestaande voorraad: Het grootste deel van de woningvoorraad van de toekomst staat er nu al. Vanwege de mismatch van de huidige (en toekomstige woningbehoeften) en de huidige woningvoorraad, is er daarom vooral een transformatieopgave van de bestaande woningvoorraad in plaats van een nieuwbouwopgave. Een deel van de bestaande voorraad zal moeten worden verbeterd of vervangen. De aanpak is echter complex, vergt veel tijd en energie en is financieel moeilijk haalbaar. Vooral in deze tijd met stijgende woningprijzen. Onze actiepunten ten aanzien van de bestaande woningvoorraad zijn daarom: • Verduurzaming van de bestaande woningvoorraad (gemiddeld energielabel B in 2030 a rato); • Maximaal toepassen van de principes van dubbel duurzaam (energetisch) verduurzamen en het levensloopbestendig maken in de bestaande woningvoorraad; • We stimuleren hierbij woningaanpassingen op vlak van doorgankelijkheid en toegankelijkheid om te voorzien in de vraag naar nultredenwoningen (en bouwen hiermee het overschot aan reguliere woningen af); • Woningcorporaties kunnen door het inponden van koopwoningen en het tegelijkertijd herstructureren (door middel van sloop en nieuwbouw) van de sociale huurwoningvoorraad een belangrijke bijdrage aan de transformatieopgave leveren. Zeker op de lange termijn zullen dit soort ingrepen noodzakelijk zijn.

Vergrijzing en ontgroening zetten naar verwachting immers door, met grotere overschotten aan reguliere grondgebonden koopwoningen als gevolg. Wij zullen moeten kijken naar ons grondbeleid om de corporaties ook in de gelegenheid te stellen om de benodigde plannen (schuifruimte) te realiseren; • Het voeren van een actief gemeentelijk grondbeleid is een noodzakelijke randvoorwaarde ten behoeve van regie; • Naast herstructurering in de sociale huurvoorraad door woningcorporaties, blijft ook een gerichte aanpak voor (delen van) de particuliere woningvoorraad noodzakelijk. De juiste nieuwe woningen op de juiste plek (zie ook tabel Woningbouwprogramma Stein)

24

•

•

•

•

Onze ambitie is om 650 bruto woningtoevoegingen 1 te realiseren tot en met 2030 in overeenstemming met de woonbehoefte. o Daarbij realiseren we voldoende betaalbare woningen (met streven naar 1/3de sociale huur in 2030 a rato). De gemeente wil voor het realiseren van haar (sociale) woonbeleid bouwen op de ervaring van toegelaten instellingen. Hierdoor kunnen zekerheden worden ontleent aan de waarborgen die de Woningwet biedt bij de realisatie en exploitatie van sociale huisvesting door woningcorporaties; o Houden we rekening met de behoefte aan middeldure huurwoningen (middenhuur), zie ook bijlage IV-begrippenlijst; o De focus op het toevoegen van nultredenwoningen vergroot de doorstroomkansen voor (toekomstige) ouderen en draagt direct bij aan de beschikbaarheid van woningen voor jonge huishoudens die nu geen plek kunnen vinden op de woningmarkt. De levensloopgeschikte woningen die worden toegevoegd kunnen later ook door andere doelgroepen worden bewoond (terwijl ouderen meestal niet altijd in nietlevensloopgeschikte woningen kunnen wonen). Zo bouwen wij complementair en toekomstbestendig. Bij een gemiddelde verhuisketen van circa 2,5 verhuisbeweging die op gang komt als gevolg van het toevoegen van één nieuwbouwwoning, is de impuls die het bijbouwen van nultredenwoningen in de woningmarkt geeft dubbel keer zo groot als wanneer een rijwoning wordt toegevoegd.

Bovendien zit aan het einde van iedere verhuisketen weer een starterswoning. De impuls van nultredenwoningen toevoegen is dan ook kwantitatief en kwalitatief het meest gewenst. Daarom zetten wij hier op in. Wij zetten daarnaast in op een flexibele/tijdelijke schil rondom permanente woningvoorraad. Bepaalde doelgroepen vinden in Stein niet hun gewenste woning. Daarom zijn nieuwe betaalbare woningen, flexibel en het liefst in de buurt van voorzieningen nodig. Op het moment is de woningmarkt zeer gespannen. Dit heeft nadelige gevolgen voor de betaalbaarheid van de woningvoorraad en daarmee voor de kansen van huishoudens met minder bestedingskracht, waaronder starters. Flexibele woonvormen kunnen helpen om huishoudens die moeilijk hun plek kunnen vinden op de woningmarkt toch te bedienen, zonder dat hiermee de risico’s voor de kwetsbare bestaande voorraad vergroot worden. Woningcorporaties realiseren deze woningen binnen onze gemeente op ruimtelijk passende plekken en wij volgen daarin niet persé een kerngerichte strategie. Op basis van de geconstateerde verschillen tussen de kernen willen we nieuwbouw primair concentreren in grotere kernen met een groter voorzieningenaanbod.

Dit betekent niet dat nieuwbouw in de overige kernen volledig is uitgesloten, maar we zien het daar vooral als aanvulling (en dus in kleinere aantallen) op het aanpassen van bestaande woningvoorraad (van huishoudens die heel graag in hun huidige woonkern willen blijven wonen). Wij staan open voor initiatiefnemers die met innovatieve woonconcepten komen bijvoorbeeld op vlak van intergenerationeel wonen of tiny houses.

Naar een nieuwe woningbouwprogrammering

1

Bij bruto woningtoevoegingen is geen rekening gehouden met sloop of onttrekking van bestaande woningen.

25

•

•

In de huidige planvoorraad staat een groot aantal plannen dat al jaren in de programmering is opgenomen. De woningmarkt verandert snel (economische, demografische of maatschappelijke ontwikkelingen). Daar moet meer op worden ingespeeld. Dit betekent dat: o Wij de ontwikkelingen goed moeten monitoren; o plannen sneller moeten kunnen worden aangepast om beter aan te sluiten op de ontwikkeling van de behoefte. o gewenste plannen uit de bestaande planvoorraad snel worden gerealiseerd, maar dat ook overtollige en verouderde plannen worden bijgesteld of opgeruimd. Dit ten faveure van goede, nieuwe plannen. Deze ‘use it or lose it’ benadering gaat voor alle plannen gelden. We willen daarom gaan werken met een adaptieve woningbouwprogrammering. Dit vereist een flexibele programmering waarbij gestuurd wordt op het proces (en minder op de inhoud). Wij gaan de ongebruikte particuliere woningbouwtitels schrappen. Het lijkt vreemd om net in de huidige woningmarkt dit te doen. Op nationale schaal is er immers een fors woningtekort. Dit zijn de redenen waarom: o Wij hebben nog ruim 75 ongebruikte woningbouwtitels Van de ruim 150, hoofdzakelijk particuliere, woningbouwtitels in 2013 is nu slechts de helft daadwerkelijk gebruikt of elders ingezet. Dat betekent dat er na 8 jaar nu nog ruim 75 ongebruikte woningbouwtitels resteren. Veel van die woningbouwtitels zijn al oud.

De kans is dus groot dat die woningen ook nooit meer worden gebouwd. Iedere perceeleigenaar is namelijk eerder per brief door de gemeente geïnformeerd over de beperkte houdbaarheid van de woningbouwtitels en slechts een deel is in actie gekomen. o Ongebruikte woningbouwtitels vormen een belemmering voor nieuwe, goede woningbouwplannen Wettelijk geldt vaak dat een gemeente bij een nieuw woningbouwplan moet aantonen dat ze die nieuwe woningen nodig heeft. De 75 ongebruikte woningbouwtitels vormen daarbij onbedoeld een hindernis. Waarom een nieuw woningbouwplan op de ene plek planologisch mogelijk maken terwijl er ook eerst gebruik kan worden gemaakt van de nog onbenutte woningbouwmogelijkheden in de bestaande bestemmingsplannen? Kortom: Door het schrappen van onbenutte woningbouwtitels wordt ruimte gecreëerd voor goede woningbouw elders in de gemeente Stein. o Deze oude bouwtitels sluiten vaak niet goed aan bij huidige woningbehoefte Het woningtekort in onze gemeente geldt alleen in specifieke segmenten. Er is vanwege de bevolkingsdaling beperkt sprake van een kwantitatieve woningopgave (in termen van nieuwbouw), maar zeker wel van een kwalitatieve opgave: Onze bestaande woningvoorraad sluit onvoldoende aan bij onze huidige woningbehoeften.

De vraag verandert naar kleinere woningen (voor een- en twee- persoons huishoudens) en nultredenwoningen en naar sociale en middeldure huurwoningen. De particuliere woningbouwtitels hebben vaak betrekking op traditionele (vrijstaande) eengezinskoopwoningen en ‘matchen’ daarom niet meer met de behoefte. o Wij hebben hierover afspraken gemaakt met de Provincie Onze gemeente heeft eerder met de provincie Limburg nadere afspraken gemaakt over het opnemen van vigerende bouwtitels in de huidige bestemmingsplannen. De provincie kon zich er in vinden dat deze bouwtitels nog één keer werden meegenomen bij de actualisering van de bestemmingsplannen. Na deze periode dienen de onbenutte

26

woningbouwtitels alsnog te worden wegbestemd. De woningbouwtitels zijn daarom destijds (2013-2016) opgenomen in de vastgestelde bestemmingsplannen.

Stelling 5 Wij schrappen de ongebruikte particuliere bouwtitels bij vaststelling van het Omgevingsplan. Dit gaan wij nog een laatste maal per brief communiceren richting de eigenaren van percelen met hierop ongebruikte bouwtitels. Het lijkt vreemd om net in de huidige woningmarkt ongebruikte woningbouwtitels te gaan schrappen. Op nationale schaal is er immers een fors woningtekort. Waarom is het schrappen van ongebruikte woningbouwtitels toch nu nodig? • Wij hebben na 10 jaar nog ruim 75 ongebruikte woningbouwtitels (van de 150 bouwtitels uit 2013); • Ongebruikte woningbouwtitels vormen een belemmering voor nieuwe, goede woningbouwplannen (eerst gebruik maken van onbenutte woningbouwmogelijkheden); • Deze oude bouwtitels sluiten vaak niet goed aan bij huidige woningbehoefte; • Wij hebben hierover afspraken gemaakt met de Provincie. Raadsfracties zijn het hiermee eens onder voorwaarde van zorgvuldige communicatie richting eigenaren.

Focus op kwaliteit • Bij de realisatie van nieuwbouwplannen hanteren we een afwegingskader dat onder meer uitgaat van no regret invulling, een bijdrage aan (leef)kwaliteit en de koppeling met de bestaande voorraad en bestaande plancapaciteit. Daarbij leggen we de link met omgevingskwaliteiten en participatie van onze inwoners. • Waar mogelijk passen wij de Maasland stijl in / rondom oude kernen en faciliteren woningtoevoegingen in beeldbepalende / monumentale panden. We nemen de Maasstijl ook op in het nog op te stellen inspiratiekader. • We stimuleren ruimtebesparend, natuurinclusief en circulair bouwen.

Maasstijl In de 17e eeuw heeft het Maasdal een grote bloei gekend. Deze was gebaseerd op de Maasvaart tussen Luik en Dordrecht. Vele Maasschippers werden rijk en bouwden in hun woonplaats grote huizen in de Maasstijl. Deze stijl is ook terug te vinden in de historische panden in onze oude kernen. Voorgesteld wordt om bij nieuwbouw in de oude kernen, met name de beschermde dorpsgezichten Elsloo en Urmond, elementen uit de Maasstijl in de architectuur te laten terugkomen om de gevels meer te laten corresponderen met de historie en de monumenten. Een mooi voorbeeld is het pand Dorpstraat 3 in Elsloo uit 2009 dat volkomen in harmonie is met de aanpalende historische panden.

Doorstroming verder op gang brengen

27

•

• •

We introduceren een gericht toewijzingsbeleid met voorrang voor eigen inwoners met sociaalmaatschappelijke en economische binding. Dat doen wij binnen de (nieuwe) mogelijkheden vanuit de Rijksoverheid. We realiseren een actieplan ter bevordering van de doorstroming op de woningmarkt. We onderzoeken de mogelijkheden voor de inzet van een onafhankelijke “senioren” makelaar die informatief geraadpleegd kan worden. Deze makelaar kan tevens partijen ondersteunen bij het opzetten van een algemene informatiefolder.

3.4. Vanuit woonzorg perspectief De wijze van zorgverlening in Nederland verandert in een snel tempo. Diverse oorzaken liggen hieraan te grondslag. Primair dient de zorg en afgeleid het woonzorg aanbod aan te sluiten op wijzigende behoeften. Daarnaast wil de overheid de houdbaarheid van het zorgstelsel garanderen gegeven de groeiende grote schaarste aan personeel, de stijgende zorgvraag en daaraan verbonden kosten. De nieuwe norm is: zelf als het kan, thuis als het kan en digitaal als het kan. Vanuit woonzorg perspectief betekent dit dat we het intramuraal voorzieningenniveau niet verder uitbreiden en dat we voorzien in "tussenvoorzieningen" voor zorgvragers die niet langer thuis in de eigen omgeving kunnen blijven wonen, maar ook niet de intensieve zorg en ondersteuning van een intramurale voorziening nodig hebben. Het uitgangspunt wordt dat mensen thuis blijven wonen, tenzij dat niet meer kan. Dit laatste is de essentie van alle veranderingen. De komende jaren zal ook in onze gemeente invulling moeten worden gegeven aan dit nieuwe beleid. Dat geldt voor alle kwetsbare inwoners met beperkingen die behoefte aan ondersteuning en zorg nodig hebben. Qua volume situeert de grootste opgave zich in de ouderenzorg.

Onderstaande visualisatie van het ministerie van VWS illustreert de beweging die in de ouderenzorg in gang moet worden gezet met WOZO, het programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen.

Figuur – Visualisatie programma Wonen, Ondersteuningen Zorg voor Ouderen

28

Bron: ministerie VWS

Actiepunten 2023-2028 • Wij pakken als gemeente de woonzorg opgave op samen met het zorgkantoor, zorgverzekeraars in afstemming met zorgaanbieders, woningcorporaties, en de eerstelijns gezondheidszorg en het voorliggend veld/welzijnsorganisaties. Waar nodig schalen we op regionaal niveau op. Daarbij gaan we uit van een gezamenlijke strategie en uitvoeringsprogramma om de kwantitatieve opgave zo optimaal mogelijk in te concretiseren. Wij hanteren het uitgangspunt dat een ‘fair share’ (een eerlijk c.q. billijk aandeel) van de regionale opgave wordt gerealiseerd binnen onze gemeente. • Wij gaan uit van een dekkend netwerk van woonzorgzones. De woonzorgzones geven zowel invulling aan fysieke en sociale elementen voor een welbepaald gebied zodat optimaal invulling wordt gegeven aan de behoefte aan zorg, ondersteuning en de daarbij behorende huisvesting en voorzieningenniveau volgens het principe van sociale en vitale kernen en wijken. Bij de uitwerking van de woonzorgzonering sluiten we aan op de onderscheiden woonmilieus binnen onze gemeente. • Voor kwetsbare ouderen geven we invulling aan de woonzorg behoefte door o Het aantal verpleegplaatsen (beschermd wonen) te laten groeien op basis van de toenemende vraag.  Als eerste stap bepalen we samen met de stakeholders de intramurale nullijn.

Immers, de huidige intramurale capaciteit is 208 plaatsen verspreid over vier locaties en bepaald dient te worden of en hoe deze capaciteit in de (nabije) toekomst nog zal toenemen.  In principe dient de toekomstige behoefte aan verpleeghuisplaatsen extramuraal te worden ingevuld middels VPT (Volledig Pakket Thuis) en MPT (Modulair Pakket Thuis). Deze groei bedraagt afgerond 165 woningen tot 2030 (290 woningen tot 2040).  Bij de invulling van deze behoefte richten wij ons in eerste instantie op het bestaand aanbod- van geclusterde zorgwoningen in de gemeente en bepalen de

29

wijze waarop dit woningaanbod (deels) kan worden ingezet voor de kwetsbare ouderen met een Wlz-zorgindicatie. Vanuit het perspectief van een optimale spreiding van de zorg richten wij ons op de mogelijkheden om witte vlekken in het verpleegzorgaanbod in te vullen. Momenteel wordt al invulling gegeven aan woonzorg planontwikkelingen in Nieuwdorp (Bruisend Hart) en Kerensheide (voormalige kerkgebouw). Witte vlekken in de gemeente zijn de kern Berg (een geraamde Wlz zorgvraag van 26 verpleegplaatsen in 2030) en de kern Meers (13-16 geraamde Wlz zorgvraag). We geven prioriteit aan de herontwikkelings- en uitbreidingsopgave van en rond woonzorgcentrum de Moutheuvel mede in relatie tot de voormalige zwembadlocatie. Met stakeholders bepalen we de regionale opgave van specialistische voorzieningen zoals expertise- en behandelcentra voor specifieke doelgroepen (bijvoorbeeld Korsakov en Parkinson), geriatrische revalidatiezorg en eerstelijnsverblijf en maken afspraken over de toekomstige verdeling van capaciteit over de regiogemeenten. Hieraan gekoppeld kunnen de (on)mogelijkheden voor anderhalvelijnszorg worden verkend. 2

o

Het verpleegzorg aanbod (beschermd wonen) intramuraal en extramuraal verder kwalitatief te ontwikkelen. We willen daarbij innovatieve concepten omarmen die mee invulling geven aan:  Een betere spreiding van het aanbod aansluitend op de woonzorgzonering binnen onze gemeente.  Een wenselijke schaalgrootte van de woonzorg initiatieven uitgaande van maximale leefkwaliteit voor kwetsbare ouderen in relatie tot de borging van 24 uurs zorg met toezicht volgens de vigerende kwaliteitskaders zorg.  Het genereren van draagvlak bij de wijkbewoners door ze ook actief te betrekken bij de ontwikkeling van nieuwe aanbodvormen en voorzieningen. We stellen ook als voorwaarde dat elke woonzorgvoorziening een relatie naar de wijk heeft op vlak van zorgverlening en de beschikbaarheid van tijdelijke opvang plaatsen binnen de woonzorgzone (crisis/respijtzorg/mantelzorg/revalidatie) .  Een flexibele vastgoedbenadering waarbij woon(zorg) concepten worden gerealiseerd die ook voor andere zorgdoelgroepen en niet-zorgdoelgroepen op de woningmarkt zijn in te zetten.

o

De realisatie van de opgave aan tussenvoorzieningen zijnde woonzorgvormen (verzorgd wonen) tussen “Thuis” en het verpleeghuis. Het zijn woonvormen waar zorg georganiseerd bereikbaar is. Er is een mogelijkheid tot het op afroep verkrijgen van 24uurs zorg. Het zijn mensen met een Wlz VPT/MPT of Zvw/Wlz zorgvraag die nog relatief zelfstandig zijn en een netwerk beschikbaar hebben. Dit doen we door:

2 Anderhalvelijnszorg is een intensieve samenwerking van huisartsen en medisch specialisten in speciale centra buiten de muren van het verpleeghuis.

30

Het potentieel van de bestaande rolstoelgeschikte en verpleeggeschikte zorgwoningen beter te benutten door het labelen van zorgcomplexen, eventuele upgrades door te voeren en toewijzingscriteria op te stellen.  De mogelijkheden van intergenerationele en andere innovatieve woonzorgvormen op te pakken zoals de toepassing van huismeester- of butlerconcepten “verzorgingshuis nieuwe stijl”.  Een bijzonder aandachtspunt bij de realisatie van nieuwe woonzorgvormen is de all-inclusive betaalbaarheid. In de lijn van reeds ingezet beleid willen wij de kwetsbare ouderen in staat stellen om zolang als het kan "Thuis” in de eigen woning in de vertrouwde omgeving te laten verblijven. Daartoe zetten we in samenspraak met zorgkantoor en -verzekeraars preventie, mantelzorgondersteuning, reablement en het gebruik van zorgtechnologie in. Wij monitoren ontwikkelingen in relatie tot kostenontwikkeling en de impact daarvan op het Wmo budget. Als omslagpunten bereikt zijn en opgeschaald moet worden, dienen betaalbare woonzorg alternatieven beschikbaar te zijn. Hierdoor kan vanuit woningmarktperspectief doorstroming plaatsvinden en daarnaast wordt zorgscheefwonen voorkomen. Bij de inrichting van de woonzorgzones wil de gemeente inzetten op het zo lang mogelijk vitaal en zelfredzaam houden van de bevolking.

Dat betekent onder andere dat de inwoners moeten worden uitgedaagd om lichamelijk actief te worden en te blijven. We weten uit onderzoek dat dit niet zo goed werkt via therapie of bijvoorbeeld fitnesstoestellen, maar veel beter als bewegen geïntegreerd wordt in zogeheten betekenisvolle activiteiten, denk aan tuinieren met bakken op hoogte, zodat men niet hoeft te bukken maar ook de inrichting van paden die goed egaal zijn, pauzemogelijkheid hebben en uitnodigen om iedere dag een ommetje te maken en door bijvoorbeeld dagelijkse activiteiten zoals boodschappen doen op beperkte afstand mogelijk te maken. Samen bewegen, zoals koersballen is ook een goede optie. Dit geldt trouwens niet alleen voor ouderen maar voor de gehele bevolking. Voor de kwetsbare ouderen zullen er op termijn meer mogelijkheden voor dagopvang nodig zijn, om hen veiligheid te bieden en hun mantelzorgers niet verder te overbelasten met ‘oppassen’ of regelmatig moeten inspringen bij incidenten. Specifiek kunnen in de thuissituatie pre-mantelzorgwoningen worden gerealiseerd. Rekening houdende met de gestage toename van levensverwachting en gezonde levensjaren conform de informatie van het RIVM stellen we hiervoor de leeftijd van 70 jaar als ondergrens. Boven deze leeftijdsgrens hoeft de behoefte aan een mantelzorgwoning niet te worden aangetoond.

De gebruikte typologie van woonzorgvormen (“Thuis”, “tussenvoorzieningen” en “intramuraal”) willen we niet rigide benaderen. In het kader van vernieuwing en innovatie staan we open voor mantelzorgwoningen, knarrenhofjes, (leefstijl georiënteerde) woongroepen binnen complexen, Thuis Thuis concepten, meergeneratiewoningen, co-housing en andere mengvormen. 

o

o

o

o

o

Onderstaand is een eerste contourenschets van de woonzorgzonering voor onze gemeente uitgewerkt vanuit het perspectief ouderenzorg. Dit is de basis voor verdere uitwerking bij de uitvoering van onderhavige woonzorgvisie.

31

Figuur - kapstok woonzorgzonering gemeente Stein

32

Stelling 4 Wij kunnen helaas niet in iedere wijk of woonmilieu hetzelfde zorgaanbod realiseren. Om onze inwoners zo lang mogelijk thuis te laten wonen zetten we in op passende zorg, zodat iedereen in de toekomst de juiste zorg op de juiste plek kan (blijven) krijgen. Passende zorg is betaalbare zorg die zo dicht mogelijk bij de zorgvrager wordt georganiseerd, en waarbij zorgvrager en zorgverlener samen beslissen. Met gericht meer inzet op gezondheid en wat de zorgvrager wel kan en de directe omgeving hierin kan bijdragen (welzijn, inclusie en positieve gezondheid). Wij realiseren een dekkend netwerk van voorzieningen wonen-welzijn-zorg, dat maximaal aansluit op de mogelijkheden van passende zorg en het beschikbare c.q. reëel haalbare voorzieningenniveau in elk woonmilieu: • Voor de verstedelijkte kernen (Stein en Elsloo) en de landelijke kern (Urmond-Oost) blijven we voorzien in een aanbod voor Wlz1-verpleeghuiszorg voor ouderen. Met de keuze om de bestaande woonzorgvoorzieningen te moderniseren en, indien aan de orde, nog beperkt uit te breiden. De toekomstige vraag naar extra Wlz voorzieningen realiseren wij in geclusterde zorgwoningen voor zorgvragers die kiezen voor de zogenoemde “VPT/MPT1-arrangementen”. Deze woningen zijn ook beschikbaar voor zorgvragers die langdurige wijkverpleging (Zvw1) ontvangen.

Hierbij staan wij open voor innovatieve, vernieuwende woonvormen en sturen wij actief op betaalbare woonzorg arrangementen. • Voor de dorpslinten (Catsop, Meers, Maasband, Berg aan de Maas, Oud-Urmond, Nattenhoven) zetten wij in op geclusterde zorgwoningen in combinatie met een dorpsontmoetingspunt en een goede relatie met de buurt “Goed nabuurschap”. Passende zorg richt zich in de dorpslinten meer op wijkzorg en welzijn. Voor zwaardere zorg (Wlz) zal de zorgvrager op enig moment toch aangewezen zijn op de beschikbare voorzieningen in de andere woonmilieus. Raadsfracties zijn het hiermee eens. Het gespecialiseerde zorgaanbod van La Famille, Moutheuvel en Urmonderhof dient gehandhaafd te worden. Bij nieuwbouw van een Wlz (verpleeg)huis dient wel objectief de beste plek gekozen te worden in de gemeente (dit biedt wellicht kansen voor kleinere kernen) •

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Stein&id=1d6125a0-3c06-4d7e-b863-28604b5d5710