CConstaterende datStein
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Ruimtelijke Onderbouwing PALL Grensmaas

Oordeelsvormende raadsvergadering 25 april 2024, gemeente SteinBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake Verklaring van geen bedenkingen voor het realiseren van een bypass PALL-leiding Grensmaas door Petrochemical Pipeline Services B.V.23.354 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Ruimtelijke onderbouwing

Aanleg PALL-leiding PPS, toelichting

projectnummer 0476077.100 revisie 5 14 december 2023

www.anteagroup.nl

Ruimtelijke onderbouwing Aanleg PALL-leiding PPS, toelichting projectnummer 0476077.100 revisie 5 14 december 2023

Auteurs Wim Evers Wouter van Hoof

Opdrachtgever Petrochemical Pipeline Services B.V. Postbus 200 6160 AE GELEEN

Gecontroleerd Roel Eerden

datum 14 december 2023

beschrijving Verwerking aanvulling van de aanvraag op verzoek van de gemeente (d.d. 2911-2023, Z 2023-00000275)

vrijgave Wim Evers

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

1.

Niet-technische samenvatting

5

2.

Inleiding

7

2.1 2.2 2.3

Aanleiding Aangevraagde vergunningen Opbouw toelichting

7 8 9

3.

Algemene gegevens aanleggen PALL-tracédeel

10

3.1 3.2 3.3

Algemene gegevens PALL-leiding Bedrijfs-/openingstijden Toekomstige ontwikkelingen

10 10 10

4.

Projectomschrijving

11

4.1 4.2 4.3 4.3.1 4.3.2 4.3.3 4.3.4

Huidige situatie Nieuwe situatie Aanlegwerkzaamheden HDD Het veldtracé Werkterreinen Werktransporten

11 11 12 12 13 14 14

5.

Juridisch kader omgevingsaspecten en -procedures

15

5.1 5.2 5.3 5.3.1 5.3.2 5.4 5.4.1 5.4.2 5.4.3 5.5 5.6 5.6.1 5.6.2 5.6.3 5.6.4 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11 5.12 5.12.1 5.12.2 5.12.3 5.12.4 5.12.5 5.12.6 5.12.7 5.13 5.14

Besluit milieueffectrapportage Besluit omgevingsrecht Bestemmingsplantoets Bestemmingsplan ‘Grensmaas’ Bestemmingsplan ‘Erfgoed Stein’ Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Werk en werkzaamheden Afwijken bestemmingsplan Bouwen Besluit externe veiligheid buisleidingen Provinciale Omgevingsverordening Goudgroene natuurzone Uitsluitingsgebieden windturbines Waterwin- en grondwaterbeschermingsgebieden Ontgrondingen Waterwet en Keur Zakelijk recht overeenkomsten Wet milieubeheer Wet geluidhinder Wet natuurbescherming Gemeentelijke verordeningen Algemene verordening ondergrondse infrastructuren 2019 gemeente Stein Erfgoedverordening Stein 2021 Bouwverordening 2018 Algemene plaatselijke verordening gemeente Stein 2022 Wet bodembescherming Nota Bodembeheer Beek, Beekdaelen en Stein Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken (Wibon) Juridische situatie omgevingsaspecten Belgische PALL-leidingdeel Samenvatting hoofdprocedures

15 16 16 16 18 20 20 20 21 21 22 22 23 23 23 24 24 24 24 25 27 27 27 27 27 27 28 28 28 28

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

6.

Milieuzorg en calamiteiten (ongewone voorvallen)

30

6.1 6.2 6.2.1 6.2.2

Veiligheid, gezondheid en milieu (VGM) Calamiteiten Aanlegfase Gebruiksfase

30 30 30 30

7.

Omgevingsaspecten

31

7.1 7.1.1 7.1.2 7.2 7.3 7.3.1 7.3.2 7.4 7.4.1 7.4.2 7.4.3 7.4.4 7.5 7.5.1 7.5.2 7.6 7.7 7.8 7.8.1 7.8.2 7.8.3 7.9 7.9.1 7.9.2 7.9.3 7.10

Bodem Bodemkwaliteit Grondmechanica Water Lucht Luchtkwaliteit Geur Natuur Soortenbescherming Gebiedsbescherming Bescherming houtopstanden Conclusie natuur Archeologie, cultuurhistorie en landschap Archeologie en cultuurhistorie Landschap Geluid Trillingen en laagfrequent geluid Omgevingsveiligheid Externe veiligheid Niet-ontplofte oorlogsresten Overige veiligheidsrisico’s Verkeer en vervoer Energie Licht Afvalstoffen Gezondheid

31 31 32 32 32 32 33 33 33 34 34 35 35 35 37 42 42 43 43 44 44 46 46 46 46 47

8.

Toets aan ruimtelijk beleid

48

8.1 8.1.1 8.1.2 8.1.3 8.2 8.3 8.4 8.5 8.5.1 8.5.2

Beleidskader Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid Milieu- en omgevingsaspecten en landschap Bedrijven en milieuzonering Gezondheid Uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid / participatie

48 48 50 51 52 53 53 53 53 53

9.

Omgevingsmanagement en participatie

55

10.

Lijst met bijlagen

58

blad 4 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

1.

Niet-technische samenvatting Petrochemical Pipeline Services B.V. (PPS) is beheerder van ondergrondse buisleidingen waardoor (petro)chemische producten worden getransporteerd. Een van de buisleidingen in beheer van PPS is de zogeheten PALL-leiding (Pijpleiding Antwerpen – Limburg - Luik). Deze leiding komt via Maasmechelen onder de Grensmaas Nederland binnen in de gemeente Stein ten noordwesten van de kern van de gelijknamige stad. De PALL-leiding loopt tussen Antwerpen en het Chemelot terrein en voorziet de krakers op dit terrein van vloeibare koolwaterstoffen - nafta. In juli 2021 is de PALL-zinkerbundel, bestaande uit vier leidingen, onder de Maas ter hoogte van km 36.3 onherstelbaar beschadigd door de enorme afvoer van de Maas. Als beheerder van de PALL heeft PPS zich gerealiseerd dat het hebben van een productleiding en een reserveleiding op dezelfde locatie en met dezelfde functie een groot risico met zich meebrengt bij een calamiteit ter hoogte van de kruising van de Grensmaas. Om die reden is het voornemen gelanceerd om de verbinding (huidige HDD) aan te vullen met een tweede tracé (c.q. kruising van de Grensmaas) waarmee dit risico in de toekomst tot een minimum kan worden beperkt.

Het voorgenomen project zal dan zorgen voor een tweetal kruisingen van de Grensmaas, waarbij de huidige productleiding gevuld met stikstof gaat dienen als reserveleiding (bypass) naast de nog aan te leggen productleiding, waarvan de realisatie is gepland vanaf juli 2024. Hiermee wordt redundantie gegarandeerd, wat betekent dat het systeem door het achter de hand houden van een bypassleiding goed blijft functioneren, ook in het geval dat een van beide kruisingen van de Grensmaas uitvalt. Het tracé dat is gekozen voor de aanleg van de nieuwe PALL-leiding ligt grotendeels parallel aan de huidige leidingenbundel van Air Liquide. Voor het gehele tracé geldt dat deze de leidingenstrook uit de Structuurvisie Buisleidingen 2012 – 2035 volgt, inclusief het grensoverschrijdingspunt dat hierin is opgenomen. De leiding wordt voornamelijk middels een open ontgraving aangelegd, met uitzondering van enkele locaties waar dit niet mogelijk is. Hier zal aanleg door middel van een boring of persing plaatsvinden. Bovendien zal een nieuwe kruising onder de Maas worden gerealiseerd (grensoverschrijdingspunt). Deze kruising wordt aangelegd door middel van een horizontaal gestuurde boring (HDD), waarmee de leiding ruim onder de laagst verwachte bodem van de Maas (- circa 28 meter) kan worden aangelegd.

De locatie van de leiding komt niet geheel overeen met de in het geldende bestemmingsplan vastgelegde dubbelbestemming ‘Leiding’. Het complete tracé ligt op 1 meter afstand van de buitenste leiding van de Air Liquide-bundel (Air Liquide heeft hiermee in principe ingestemd) en het meest zuidelijke deel van het tracé ligt vanwege ruimtelijke dwangpunten over korte afstand buiten de dubbelbestemming ‘Leiding’. Voor de aanlegwerkzaamheden van de nieuwe PALL-leiding (inclusief signaalkabels) wordt met voorliggende aanvraag een omgevingsvergunning aangevraagd voor ‘het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden’ en voor ‘het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan’ (‘uitgebreide afwijking’). De aanvraag bevat een toetsing aan het juridische kader, een inventarisatie van de gevolgen voor de omgevingsaspecten (ruimte, milieu, veiligheid en natuur) en betreft tevens een ruimtelijke onderbouwing in het kader van de aangevraagde afwijking van de regels uit het bestemmingsplan. De aanvraag bevat de bouwstenen waarop de aangevraagde omgevingsvergunning kan worden verleend. Project ‘Grensmaas nevengeul’ en project ‘aanleg PALL’ hebben wat betreft projectgrenzen geen overlap. De werkzaamheden worden in onderling overleg wel afgestemd waarbij ook Natuurmonumenten is betrokken, zie hoofdstuk 9.

Bij de aanleg van de PALL-leiding wordt gezorgd dat de groene leefomgeving niet permanent aangetast wordt. Voor de aanleg vinden graafwerkzaamheden plaats, maar er wordt gezorgd dat de omgeving er na de aanleg weer hetzelfde uitziet als voor de aanleg. Dit gebeurt bijvoorbeeld doordat gekeken is hoe de grondlagen zijn opgebouwd en grond die opgegraven wordt precies op dezelfde plek ook weer terugkomt. Een speciaal aandachtspunt is de kruising van het restant van een historische dijk waar het plan bestaat voor de inrichting

blad 5 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

van een toekomstig uitkijkpunt als onderdeel van het landschappelijke eindplan van het Grensmaas project. Herstel en oplevering van deze kruisingslocatie wordt afgestemd met DOP Maasband zodat de aanleg van de PALL-leiding geen belemmeringen voor de realisatie van het uitkijkpunt oplevert. PPS zal zich inspannen om de mogelijkheden voor het uitkijkpunt te versterken. Tevens voldoet het nieuwe deeltracé van de PALL-leiding aan ontwerpprincipes voor een veilige buisleiding voor het transport van gevaarlijke stoffen. Parallel aan de aanvraag van de omgevingsvergunning loopt de aanvraag van de watervergunning bij RWS en het Waterschap Limburg, beiden voor onderdelen hiervan het bevoegde gezag.

blad 6 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

2.

Inleiding

2.1

Aanleiding Petrochemical Pipeline Services B.V. (vanaf hier: PPS) is voornemens een nieuwe buisleiding aan te leggen, namens PALL N.V., om een bypass te creëren voor het bestaande tracé van de PALL (Pijpleiding AntwerpenLimburg-Luik). Aanleiding voor de aanleg van een nieuw tracédeel voor de PALL waardoor een bypass-functie ontstaat is de calamiteit omtrent de bestaande kruising van de Maas met de PALL-leidingbundel als gevolg van extreem hoogwater in Limburg in juli 2021. In juli 2021 is de PALL-zinkerbundel, bestaande uit vier leidingen, onder de Grensmaas ter hoogte van km 36.3 onherstelbaar beschadigd. Door de enorme afvoer van de Grensmaas naar aanleiding van het vele regenwater dat was gevallen in Wallonië en de Duitse deelstaten Noordrijn-Westfalen en Rijnland-Palts, was sprake van een piekafvoer van 3.218 m3/s. In een normale hoogwatersituatie is sprake van 1.500 m3/s. De extreme waterafvoer door de Maas heeft geleid tot een uitspoeling van de Nederlandse oever tot circa 50 meter landinwaarts, waardoor de PALL-zinkerbundel in zijn opgaande gedeelte vrij kwam te liggen. Het resultaat van de uitspoeling was dat de zinkerbundel beschadigd en onbruikbaar werd. Om het transport van de vloeibare koolwaterstoffen te herstellen is door middel van een HDD (Horizontal Directional Drilling, een gestuurde boring) de productvoerende leiding hersteld.

Deze werkzaamheden zijn afgerond in september 2021. Als beheerder van de PALL heeft PPS zich gerealiseerd dat het hebben van een productleiding en een reserveleiding op dezelfde locatie en met dezelfde functie een groot risico met zich meebrengt bij een calamiteit ter hoogte van de kruising van de Grensmaas. Om die reden is het voornemen gelanceerd om de verbinding (huidige HDD) aan te vullen met een tweede tracé (c.q. kruising van de Grensmaas) waarmee dit risico in de toekomst tot een minimum kan worden beperkt. Het voorgenomen project zal dan zorgen voor een tweetal kruisingen van de Grensmaas, waarbij de huidige productleiding gevuld met stikstof gaat dienen als reserveleiding (bypass) naast de nog aan te leggen productleiding, waarvan de realisatie is gepland vanaf september 2024. Hiermee wordt redundantie gegarandeerd, wat betekent dat het systeem door het achter de hand houden van een bypassleiding goed blijft functioneren, ook in het geval dat een van beide kruisingen van de Grensmaas uitvalt. Voor de ligging van het nieuwe tracé is een traject ontworpen dat ligt binnen de ruimtelijke reservering voor een buisleidingenstrook zoals opgenomen in de Structuurvisie buisleidingen 2012 – 2035 en het POL-Grensmaas (Provinciaal Omgevingsplan Limburg – Grensmaas).

Daarbij gaat de nieuwe productleiding zoveel mogelijk het bestaande tracé van de buisleidingenbundel van Air Liquide volgen (zoals opgenomen in het bestemmingsplan en in overeenstemming met de ruimtereservering volgens de Structuurvisie buisleidingen 2012 – 2035) en in de buurt van de kruising van Air Liquide ook de Grensmaas kruisen (deze kruising is in de Structuurvisie buisleidingen 2012 – 2035 vermeld als ‘grensovergang Stein/Meers (Limburg) – Maasmechelen (Limburg (B)’). Aan de overzijde van de Grensmaas moet dan vanzelfsprekend een aansluitend deeltracé ontworpen worden voor een nieuwe aansluiting op het bestaande tracé vanuit Antwerpen. Daarbij sluit het nieuwe tracé tevens aan op het Vlaamse plan voor de GRUP-leidingstraat Antwerpen-Ruhr (Geleen), waarover overigens nog geen besluit is genomen1. Deze leidingstraat betreft een mogelijk toekomstige ontwikkeling op langere termijn. De ligging van het nieuw aan te leggen tracé is in Figuur 2.1 weergegeven in de situatie van voor de uitvoering van het Grensmaasproject waarmee een nevengeul van de Maas wordt aangelegd nabij de kern Maasband. De leiding (totaal ongeveer 4 kilometer) wordt grotendeels aangelegd in open ontgraving, buiten de inrichtingsgrenzen van het Grensmaasproject. De kruising van de buisleiding onder de Grensmaas door gebeurt middels een HDD.

Via https://pps-pipelines.com/nl/overppspipelines/referenties kan een film worden bekeken waarin aan de hand van een dronevlucht het projectgebied voor de aanleg van het nieuwe tracédeel van de PALL wordt gepresenteerd. Een tekening met de ligging van de nieuwe PALL-leiding is weergegeven in de tekening uit bijlage 1.1. 1

Bron: Startnotitie voor het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan (GRUP) voor de aanleg van de Leidingstraat AntwerpenRuhr

blad 7 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

In paragraaf 4.3 wordt verder ingegaan op de werkzaamheden.

Figuur 2.1 Indicatieve ligging nieuwe PALL-leiding

2.2

Aangevraagde vergunningen Afwijken bestemmingsplan Op grond van het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb), artikel 6, lid 4, is de aanleg of vervanging van een buisleiding (met gevaarlijke stoffen) slechts toegestaan indien die aanleg of vervanging in overeenstemming is met het ter plaatse geldende bestemmingsplan of voor die aanleg of vervanging een omgevingsvergunning is verleend als bedoeld in artikel 2.12 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) tot afwijking van het bestemmingsplan of de beheersverordening. De aanleg van de PALL-bypass is niet volledig in overeenstemming met het vigerende bestemmingsplan ‘Grensmaas’. Om die reden wordt het afwijken van het bestemmingsplan aangevraagd zoals bedoeld in artikel 2.12, lid 1, onder a, onder 3°, ofwel de zogenaamde uitgebreide afwijkingsprocedure ingevolge van de Wabo. Werk en werkzaamheden Op grond van de Wabo, artikel 2.1 eerste lid onder b, is het verboden om zonder omgevingsvergunning een project uit te voeren bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, wanneer dit is bepaald in een bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit.

blad 8 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

In zowel bestemmingsplan ‘Grensmaas’ als ‘Erfgoed Stein’ is in diverse (dubbel)bestemmingen een verbod op werk of werkzaamheden opgenomen die van toepassing zijn op de beoogde aanleg van het nieuwe PALL-tracé. Zodoende dient een omgevingsvergunning te worden aangevraagd voor het uitvoeren van werk of werkzaamheden. Conclusie aan te vragen Wabo-vergunningen Voor het aanleggen van de het nieuwe PALL-tracé (inclusief signaalkabels) wordt een omgevingsvergunning aangevraagd krachtens de volgende onderdelen van artikel 2.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo): b. het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, in gevallen waarin dat bij een bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit is bepaald; c. het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, de regels gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, of 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening of een voorbereidingsbesluit voor zover toepassing is gegeven aan artikel 3.7, vierde lid, tweede volzin, van die Wet. Omdat de aanvraag onder meer betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder c van de Wabo, is op de aanvraag de afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing, dit is de uitgebreide voorbereidingsprocedure.

Er zijn vooralsnog geen gevolgen in de vorm van het kappen of snoeien van bomen voorzien. In het kader van het voorbereiden van het uitvoeringsplan c.q. uitvoeringsontwerp wordt met een boomeffectanalyse (BEA) onderzocht hoe mogelijke schadelijke gevolgen voor enkele (7) bomen in de directe nabijheid van het nieuwe deeltracé van de PALL-leiding kunnen worden voorkomen. Inzet is namelijk dat er geen bomen hoeven te worden verwijderd. Mocht uit de BEA toch een noodzaak volgen voor kap/snoeien dan volgt hiervoor te zijner tijd een aanvraag van een omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit ‘kappen’. Vooralsnog is er geen noodzaak voor het aanvragen van een dergelijke vergunning. M.e.r.-beoordeling Ter voorbereiding op onderhavige vergunningaanvraag is in een eerder stadium ((kenmerk: Z2023-00000010; d.d. 4 juli 2023) een aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling opgesteld en ingediend bij de gemeente Stein. Op 27 september heeft het college van de gemeente Stein een positief besluit genomen door in te stemmen met de conclusie van de ingediende aanmeldnotitie, waardoor het opstellen van een milieubeoordelingsrapport (MER) niet nodig is. De toelichting van de aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling en de brief inzake het besluit hierover is opgenomen in respectievelijk de bijlagen 15 en 16 van de aanvraag.

De rechtsbescherming van het besluit op de aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling maakt onderdeel uit van onderhavige procedure van de omgevingsvergunning.

2.3

Opbouw toelichting De opbouw van de toelichting van de aanvraag om een omgevingsvergunning is als volgt:  Hoofdstuk 3: Algemene gegevens aanleggen PALL-tracédeel;  Hoofdstuk 4: Projectomschrijving;  Hoofdstuk 5: Juridisch kader omgevingsaspecten en -procedures;  Hoofdstuk 6: Milieuzorg en calamiteiten (ongewone voorvallen);  Hoofdstuk 7: Omgevingsaspecten;  Hoofdstuk 8: Ruimtelijke onderbouwing;  Hoofdstuk 9: Omgevingsmanagement;  Hoofdstuk 10: Lijst met bijlagen.

blad 9 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

3.

3.1

Algemene gegevens aanleggen PALL-tracédeel Aard en hoofdactiviteit

:

Het aanleggen van een nieuw PALL-leidingtracé, door middel van open ontgraving en één gestuurde boring onder de Maas door.

Naam eigenaar Adres Postcode/ plaats KBO-nummer

: : : :

PALL NV Geleenlaan 35 3600 Genk (België) 0417381397

Naam beheerder Adres Postadres Postcode/ plaats KvK nummer

: : : : :

Petrochemical Pipeline Services B.V. Sanderboutlaan 21 Sanderboutlaan 21 6181 DN Elsloo 14021389

Telefoon

:

+31 (0)46 7224027

Verantwoordelijke (dagelijkse leiding)

:

Dhr. M. Schalkx Urban Planner - Third Party Affairs +31 (0)6 51346909 Marc.Schalkx@PPS-Pipelines.com

Contactpersoon

:

Idem

Kadastraal bekend Gemeente Sectie en nummers Provincie

: : :

Stein Zie de lijst met kadastrale percelen in bijlage 2.2 Limburg

Algemene gegevens PALL-leiding PPS heeft het beheer over een koolwaterstoffenleiding welke gedeeltelijk is gelegen in Limburg. Deze leiding loopt tussen Antwerpen en het Chemelotterrein en voorziet de krakers op dit terrein van grondstoffen. Deze leiding heeft een totale lengte van ongeveer 132 km en in Nederland een lengte van circa 5,3 km en een generieke diepteligging van 0,8 m beneden maaiveld (-mv). Door de PALL-leiding worden onder druk brandbare vloeistoffen getransporteerd, zoals nafta. Aan het begin van de leiding in Antwerpen is een compressor geplaatst die een maximale druk van 67,7 bar(g) genereert. Bij binnenkomst in Nederland is de druk verregaand gereduceerd bij normale bedrijfsvoering. De buitendiameter bedraagt 18 inch (457 mm). De bij de aanvraag gevoegde risicoanalyse (QRA) geeft een uitgebreid overzicht van de fysieke kenmerken van de PALL-leiding, zie bijlage 4n.

3.2

Bedrijfs-/openingstijden De PALL-leiding is in beginsel continu (24/7) in bedrijf.

3.3

Toekomstige ontwikkelingen Zoals reeds is aangegeven volgt het aan te leggen leidingtracé de buisleidingenstrook die is vastgelegd in de Structuurvisie Buisleidingen 2012 – 2035. De verwachting is dat in de toekomst in het algemeen meerdere buisleidingen binnen deze strook gerealiseerd worden. PPS heeft zelf naast de huidige plannen omtrent het realiseren van het nieuwe PALL-tracé geen concrete plannen in het gebied.

blad 10 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

4.

Projectomschrijving In dit hoofdstuk wordt een korte beschrijving gegeven van de aanleg van het nieuwe deeltracé van de PALL-leiding ter hoogte van de Grensmaas.

4.1

Huidige situatie Figuur 4.1 geeft een beeld van de huidige ligging van de PALL-leiding in de omgeving van het projectgebied. De leiding buigt ter hoogte van Maasmechelen af naar het noorden en loopt vervolgens parallel aan de Maas door. Ter hoogte van Leut kruist de leiding de Grensmaas (km 36.3) en passeert het Julianakanaal ten noorden van de Haven Stein.

Figuur 4.1 Ligging van de huidige PALL-leiding

4.2

Nieuwe situatie In de nieuwe situatie wordt een tweede leidingtracé gerealiseerd. Dit tracé zal fungeren als hoofdleiding, waarbij de bestaande leiding wordt gevuld met stikstof en als bypass dient in het geval de nieuwe hoofdleiding (tijdelijk) buiten gebruik moet worden genomen. Figuur 2.1 geeft een weergave van de ligging van het nieuwe leidingtracé. De leiding zal op Belgisch grondgebied op de bestaande leiding worden aangesloten, door de realisatie van een nieuwe afsluiterpost. Van hieruit loopt de leiding onder de Maas door, aangelegd middels een HDD. Aan Nederlandse zijde buigt de leiding af naar het noorden om vervolgens parallel aan de rivier richting de kern van Maasband te lopen. Dit deel van het tracé volgt de leidingenstrook naast de waterkering tot voorbij de waterzuivering (IAZI). Ten noorden van de IAZI wordt de leiding aangesloten op de huidige PALL.

blad 11 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

De ligging van de nieuwe leiding is op diverse ontwerptekeningen verbeeld. Deze tekeningen zijn als bijlagen bij onderliggende aanvraag gevoegd. Het betreft bijlage 1.1n tot en met 1.9n.

4.3

Aanlegwerkzaamheden De aanleg van het nieuwe PALL-tracé bestaat uit 2 hoofdwerken: 1. De gestuurde boring (HDD) voor de aanleg van de nieuwe Maaskruising; 2. Het veldtracé. Bijkomende werken zijn de realisatie van de verbindingen (tie-ins) met het bestaande PALL-tracé, het realiseren van een nieuwe afsluiterpost aan Belgische zijde en de inrichting van tijdelijke werkterreinen zowel aan Belgische zijde als aan Nederlandse zijde. Hieronder worden de werkzaamheden aan Nederlandse zijde die onder de aanvraag vallen op hoofdlijnen beschreven. Voor de locaties van de werkzaamheden wordt verwezen naar de situatie- en ontwerptekeningen in de bijlagen.

4.3.1

HDD De boormachine komt aan Belgische zijde te staan en de leidingstreng (18 inch, circa 850 meter) wordt aan Nederlandse zijde gelast en gecoat (uit buisdelen van 16 meter lengte). Tevens zal aan Nederlandse zijde een 6” als tweede boring worden gelast en klaargezet waarin een of meerdere signaalkabels kunnen worden getrokken. In eerste instantie wordt de tweede leiding tijdens de boring gebruikt als mud retourleiding om grensoverschrijdende vrachttransporten te vermijden. Beide leidingen worden aan de Nederlandse zijde samengesteld en van Nederland naar België onder de Maas doorgetrokken (onder de Maasbodem wordt een diepte van circa -28 meter ten opzichte van het diepst verwachte punt aangehouden). Aan Belgische zijde wordt een nieuwe afsluiterpost gerealiseerd en wordt de nieuwe productleiding met de bestaande productleiding verbonden (tie-in). Aan de Nederlandse zijde wordt de ingetrokken leiding verbonden met het nieuwe tracédeel dat in veldstrekking wordt aangelegd richting de bestaande PALL tot ongeveer waar deze onder het Julianakanaal doorgaat (zie figuur 2.1 en de overzichtstekening in bijlage 01.1).

Voor het boorspoelingssysteem wordt gebruik gemaakt van een combi mix/recycling unit, hogedrukpomp, centrifugaal (BBA) pompen, vloeistofdichte containers, aggregaat, ontgraving (intrede), mud retourleiding (boorspoeling) en directe afvoer van cuttings met behulp van kiepwagens. De mix unit mengt bentoniet met zoet werkwater tot de gewenste eigenschappen van de boorvloeistof zijn bereikt, deze wordt met behulp van een hogedrukpomp verpompt via de ondergrond. De ontgraving bij intrede (Vlaamse zijde) vormt een opvangmogelijkheid voor returns. Op intrede worden returns verpompt naar de recycling unit waarbij cuttings worden gescheiden van returns. Cuttings worden opgevangen in een vloeistofdichte container en mits niet vervuild, direct van de locatie afgevoerd naar een gecertificeerde grondbank (in dit geval in België). Tijdens het gehele boorproces worden diverse parameters regulier gemonitord en geregistreerd om eventuele afwijkingen in het proces te kunnen bijsturen. De eigenschappen van de boorvloeistof met in het bijzonder de viscositeit, worden tijdens het boorproces bepaald en indien nodig aangepast.

Aan de Nederlandse zijde bestaan de HDD-werkzaamheden uit:  Het inrichten van het werkterrein met werkplaten en werkketen;  Het aanvoeren van materiaal en materieel, deels over tijdelijke werkwegen die met werkplaten worden ingericht en werkplaten op het werkterrein (de aannemer werkt dit enkele weken voor de uitvoering in detail uit in een uitvoeringsplan dat ook met de omgeving zal worden afgestemd. Het werkterrein staat aangegeven op de tekeningen in de bijlagen 1.02 t/m 1.9);  Het tijdelijk voorafgaand aan het intrekken opslaan van buizen en de signaalkabel(s);

blad 12 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

    

Het op de prefablocatie/intreklocatie in positie leggen en lassen van de buizen; Het in positie houden van de buis met behulp van telekranen; Het graven van een sleuf van het uittredepunt naar het verbindingspunt met de nieuwe leiding op land; Het leggen en verbinden van het nieuwe leidingdeel met de nieuw aan te leggen leiding in veldstrekking; Het terugleggen en afwerken van de gronden.

Naast de telekranen en de ‘lastrein’ zal vooral gebruik worden gemaakt van de mobiele werktuigen zoals opgesomd aan het einde van de volgende paragraaf over het veldtracé. De duur van de eigenlijke HDD-werkzaamheden zal ongeveer 4 tot 6 weken zijn. Voor het uitvoeren van de HDD wordt een boorplan opgesteld dat als onderdeel van de bij Rijkswaterstaat aan te vragen watervergunning door Rijkswaterstaat zal worden beoordeeld.

4.3.2

Het veldtracé Tussen het uittredepunt van de HDD en het Julianakanaal wordt het nieuwe PALL-tracé in veldstrekking aangelegd met hoofdzakelijk open ontgravingen, zie de voorgenomen ligging op de diverse kaarten in de bijlagen. Het veldtracé aan Nederlandse zijde heeft een lengte van ongeveer 3.200 meter. In beginsel wordt de nieuwe leiding op minimaal 1 meter afstand van de buitenste leiding uit de buisleidingenbundel van Air Liquide gelegd. 1 meter is de minimaal aan te houden afstand (hierover is overeenstemming met Air Liquide en deze afstand is veilig bezien vanuit mogelijke domino-effecten, zie de berekeningen in bijlage 5 en de QRA in bijlage 4n. Om praktische redenen en de uiteindelijk in het veld aan te treffen situatie is het mogelijk dat meer of minder van deze afstand kan worden afgeweken. De verwachte afwijkingen zijn beperkt (tot 1 meter), mede omdat zoveel mogelijk afstand zal worden aangehouden tot de primaire waterkering (deels door het Grensmaasproject aangelegde nieuwe dijk in beheer bij het Waterschap Limburg). Voor de aanleg is een werkstrook nodig met een maximale breedte van 30 meter. Deze breedte zal vanwege praktische omstandigheden enigszins variëren. Op de routetekeningen in de bijlagen is de geplande werkstrook ingetekend. Op de routekaarten staan lengteprofielen, dwarsdoorsnedes en tracédoorsnedes ingetekend.

De minimale dekking van de leiding in het nieuwe PALL-tracé zal 1,20 meter zijn. Op een aparte tekening (bijlage 1.11n) is een principetekening van de werkstrook doorsnede en een principetekening van een lasput opgenomen. De werksleuf zal aan de bovenkant ongeveer 3 meter breed zijn en op de bodem ongeveer 1 meter breed zijn bij een diepte van ongeveer 1,7 meter. De teelaarde zal over de breedte van de werkstrook worden afgegraven en op een hoop worden gelegd aan de zijkant van de werkstrook. Bij het graven van de werksleuf zal laagsgewijs worden gewerkt, de verschillende bodemlagen zullen apart worden opgeslagen en bij afronding van de werkzaamheden weer in de oorspronkelijke volgorde worden teruggelegd en verdicht. Waar noodzakelijk zal de nieuwe buis in een zandcunet worden gelegd. Er zal geen grond worden afgevoerd. Voor de cultuurtechnische eisen aan het werk wordt verwezen naar het cultuurtechnische rapport in bijlage 9 nieuw dat ook meer gedetailleerde beschrijvingen bevat van de cultuurtechnische aspecten van de werkzaamheden.

In het nieuwe veldtracé zullen een aantal kruisingen worden aangelegd (de routekaarten bevatten principetekeningen van deze kruisingen):  De Veldjensdwarsweg (kruising in open ontgraving, deze weg vervalt vanwege het Grensmaasproject in de eindsituatie);  Nieuwe Dijkweg (kruising in open ontgraving, deze weg en bestaande kabels en leidingen vervallen in de eindsituatie vanwege het Grensmaasproject);  Kruising (nieuwe) brug (over nevengeul richting Maasband) en steenbestorting;  Oeverendijkweg (kruising in open ontgraving, deze weg en bestaande kabels en leidingen vervallen in de eindsituatie vanwege het Grensmaasproject);  Maasbanderkerkweg (kruising in open ontgraving, deze weg vervalt vanwege het Grensmaasproject in de eindsituatie);  Weertdijkweg (kruising in open ontgraving, deze weg is een afgesneden relict vanwege het Grensmaasproject);  Moulweg (kruising in open ontgraving, deze weg en hoogspanningslijn vervallen vanwege het Grensmaasproject);

blad 13 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

  

Riool (zijtak van de Ur) met lozing van Chemelot Waterzuivering (voorheen IAZI), (kruising in open ontgraving of persing, definitieve methode wordt nog nader bepaald in overleg met het Waterschap Limburg); Dijkweg (methode nog nader te bepalen, mede afhankelijk van uitvoering van de aansluiting op de bestaande PALL. Overige kruisingen van kabels en leidingen worden via KLIC-meldingen afgestemd met eigenaren/beheerders.

Bij de open ontgraving worden de nieuwe buisdelen aangevoerd en naast de werksleuf gelegd, aan elkaar gelaste buisdelen worden in de werksleuf gelegd. De werksleuf wordt weer gevuld en verdicht, waarbij rekening wordt gehouden met de uitkomsten van het cultuurtechnisch onderzoek, opgenomen in bijlage 9n. Schade aan de cultuurtechnische waarde van de bodem wordt zoveel mogelijk voorkomen. Mogelijk moet bij de kruising van het riool van de waterzuivering en bij de sleuf voor het verbinden aan de bestaande leiding bij de Dijkweg bij het Julianakanaal gebruik worden gemaakt van bemaling, afhankelijk van de actuele grondwaterstanden tijdens de uitvoering. Bij de werkzaamheden worden vooral de volgende mobiele werktuigen ingezet: Trekker + platte wagen, rupsgraafmachine, graafmachine wiel/en rups, rupsdumper, compressor, aggregaten, pomp (wanneer bronnering nodig is, hetgeen vooralsnog niet wordt verwacht). Waar van toepassing zullen naast de ‘moedervergunningen’ uitvoeringsvergunningen worden aangevraagd bij de gemeente Stein, het Waterschap Limburg en Rijkswaterstaat.

4.3.3

Werkterreinen Behalve de hiervoor genoemde werkstrook en werkterrein ten behoeve van de HDD zal er een centraal tijdelijk werkterrein (‘werf’) met ketenpark worden aangelegd bij op de hoek van de Maasbanderkerkweg en de dijkweg (zie bijlage 1.11) of (meer waarschijnlijk) aan de overkant hiervan bij de Dalerveltweg, zie de tekening in bijlage 1.12.

4.3.4

Werktransporten Aan- en afvoer van materieel en materiaal zal plaatvinden met vrachtwagens via de Kapelaan Berixstraat (Stein) via de brug over het Julianakanaal. Ook personeel zal deze route naar en van het werk volgen. Door de aannemer zal een transport-, verkeers- en veiligheidsplan worden opgesteld, die met de omgeving (onder meer DOP Maasband, Consortium Grensmaas, L’Ortey) en de gemeente Stein zullen worden afgestemd. Indien noodzakelijk zal bij de gemeente Stein een verkeersbesluit worden aangevraagd.

blad 14 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

5.

Juridisch kader omgevingsaspecten en -procedures Dit hoofdstuk geeft een juridische inventarisatie van de omgevingsaspecten van het project. De aangevraagde activiteiten zijn eerder in onderhavig toelichting beschreven. In dit hoofdstuk wordt beschreven welke wet- en regelgeving op het gebied van milieu en ruimte op de aanleg van de nieuwe PALL-leiding van toepassing is. Op grond van deze inventarisatie is bepaald welke (vergunning)procedures moeten worden doorlopen. De volgende wetten en regelingen zijn relevant voor de omgevingsaspecten van de wijziging van de PALL-leiding:  Besluit milieueffectrapportage;  Besluit omgevingsrecht (Bor);  Bestemmingsplannen;  Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo);  Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb);  Provinciale verordening (POL2014);  Besluit lozen buiten inrichtingen (Blbi);  Structuurvisie Buisleidingen;  Waterwet – watervergunning;  Waterwet – Keur;  Wet milieubeheer;  Wet geluidhinder;  Wet natuurbescherming;  Gemeentelijke verordeningen: o Algemene verordening ondergrondse infrastructuren 2019 gemeente Stein; o Erfgoedverordening Stein 2021; o Bouwverordening 2018; o Algemene plaatselijke verordening gemeente Stein 2022.  Wet bodembescherming;  Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken (Wibon);  Erfgoedwet.

Hierna volgt een analyse van de procedurele verplichtingen op grond van voornoemde wetten en regelingen.

5.1

Besluit milieueffectrapportage De gevallen waarin het uitvoeren van een milieueffectrapportage verplicht is, is wettelijk vastgelegd in de Wet milieubeheer en het Besluit milieueffectrapportage. In onderdeel C van de bijlage van het Besluit milieueffectrapportage zijn de activiteiten, plannen en besluiten aangewezen waarvan het maken van een milieueffectrapportage verplicht is. In onderdeel D zijn de activiteiten, plannen en besluiten aangewezen waarvoor een m.e.r.-beoordelingsplicht geldt. In Tabel 5.1 wordt de juridische grond waarop de m.e.r.beoordelingsplicht rust weergegeven. Gezien de lengte van het tracé dat binnen gevoelig gebied ligt heeft de aanleg van de leiding een m.e.r.beoordelingsplicht. Om te voldoen aan deze plicht is reeds een m.e.r.-beoordeling opgesteld en ingediend (kenmerk: Z2023-00000010; d.d. 4 juli 2023). In de aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling werd geconcludeerd dat er geen sprake is van waarschijnlijke belangrijke gevolgen voor het milieu zoals bedoeld in artikel 7.16 en 7.17 Wet milieubeheer en dat het maken van een milieueffectrapportage niet nodig is. Op 27 september heeft het college van de gemeente Stein een positief besluit genomen door in te stemmen met de conclusie van de ingediende aanmeldnotitie, waardoor het opstellen van een milieubeoordelingsrapport (MER) niet nodig is.

De toelichting van de aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling en de brief inzake het besluit hierover is opgenomen in respectievelijk de bijlagen 15 en 16 van de aanvraag. Tegen het besluit op de aanmeldnotitie m.e.r-beoordeling van het College staat geen rechtstreeks beroep of bezwaar open, maar dat maakt onderdeel uit van onderhavige besluitvormings procedure.

blad 15 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

Tabel 5.1 Juridische grond Besluit m.e.r.

5.2

Categorie

Activiteit

Gevallen

D 8.1

De aanleg, wijziging of uitbreiding van een buisleiding voor het transport van gas, olie of CO2-stromen ten behoeve van geologische opslag of de wijziging of uitbreiding van een buisleiding voor het transport van chemicaliën.

In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een buisleiding die is gelegen of geprojecteerd in een gevoelig gebied als bedoeld onder a, b of d, van punt 1 van onderdeel A van de bijlage van het Besluit milieueffectrapportage, over een lengte van: 10. 1 kilometer of meer, in geval van het transport van olie, CO2-stromen of gas, niet zijnde aardgas, 20. 5 kilometer of meer, in geval van het transport van aardgas.

Besluit omgevingsrecht Een buisleidingtracé (inclusief afsluiters en eventuele afscherming) valt niet onder een categorie van inrichtingen op grond van bijlage I van het Besluit omgevingsrecht (Bor). Het Activiteitenbesluit milieubeheer is daarmee niet van toepassing op de PALL-leiding.

5.3

Bestemmingsplantoets Binnen het projectgebied voor de aanleg van het nieuwe leidingdeel van de PALL zijn twee bestemmingsplannen van de gemeente Stein van toepassing:  Bestemmingsplan ‘Grensmaas’;  Bestemmingsplan ‘Erfgoed Stein’;

5.3.1

Bestemmingsplan ‘Grensmaas’ Bestemmingsplan ‘Grensmaas’ is onherroepelijk vastgesteld op 11 mei 2017, waarna op 21 juni 2018 een herziening (‘Grensmaas 2016, 1e herziening’) is vastgesteld. Op het aan te leggen leidingtracé van de PALL zijn meerdere enkel- en dubbelbestemmingen en aanduidingen van toepassing. Het gaat om de volgende aspecten:  Enkelbestemmingen: o Agrarisch met waarden – Natuur- en landschapswaarden; o Natuur – Na ontgronding en of opvulling; o Water;  Dubbelbestemmingen: o Leiding; o Waterstaat – Stroomvoerend rivierbed; o Waterstaat – Beschermingszone waterkering;  Functieaanduidingen: o Specifieke vorm van verkeer – zone tijdelijke werkwegen; o Specifieke vorm van natuur – wijziging in natuur;  Figuur: o Hartlijn leiding – Air Liquide;  Gebiedsaanduidingen: o Geluidzone – industrie; Bovenstaande aspecten worden in het vervolg van deze paragraaf nader besproken. Voor een uitgebreidere bestemmingsplan toets wordt verwezen naar bijlage 3. Enkelbestemmingen in relatie tot dubbelbestemming ‘Leiding’ Voor zover het nieuwe PALL-leidingdeel ligt binnen de dubbelbestemming ‘Leiding’ is er geen strijdigheid met het bestemmingsplan wat betreft de enkelbestemmingen ‘Agrarisch met waarden – Natuur- en landschapswaarden’, ‘Natuur – Na ontgronding en of opvulling’ en ‘Water’. Hetzelfde geldt voor de dubbelbestemming ‘Waterstaat – Stroomvoerend rivierbed’.

blad 16 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

Binnen de enkelbestemming ‘Agrarisch met waarden – Natuur- en landschapswaarden’ ligt de leiding volledig binnen de dubbelbestemming ‘Leiding’. In combinatie met deze dubbelbestemming past de leiding zodoende binnen de enkelbestemming. Voor de overige bestemmingen geldt dat de leiding (deels) buiten de dubbelbestemming komt te liggen, zie Figuur 5.1. Over dit gehele gebied is tevens de dubbelbestemming ‘Waterstaat – Stroomvoerend rivierbed’ geprojecteerd. Deze afwijking zorgt dus voor een strijdigheid met het bestemmingsplan. Met voorliggende aanvraag wordt onder meer hiervoor een afwijking van het bestemmingsplan aangevraagd. In hoofdstuk 8 wordt voor de afwijking van het bestemmingsplan voor de ligging van het nieuwe deeltracé van de PALL-leiding binnen de dubbelbestemming ‘Leiding’ en voornoemde (beperkte) afwijking hiervan de toets aan het ruimtelijke beleid gegeven.

Figuur 5.1: Ligging nieuw PALL-tracé t.o.v. enkel- en dubbelbestemmingen BP 'Grensmaas'.

Dubbelbestemming ‘Leiding’ en hartlijn ‘Leiding – Air Liquide’ Ten behoeve van de aanvraag is een QRA uitgevoerd, zie bijlage 4 nieuw. Hieruit volgt dat geen 10-6-risicocontour wordt berekend voor het nieuwe tracé. Hierdoor hoeft geen veiligheidszone te worden aangehouden, zoals wel het geval is bij het bestaande tracé ten noorden van het nieuwe tracédeel alwaar de nieuwe leiding op aan wordt gesloten. Ten opzichte van de buisleidingenbundel van Air Liquide zal de nieuwe PALL-leiding vrijwel over het hele tracé op de minimaal benodigde afstand van 1 meter tot de buitenste leiding van Air Liquide worden aangelegd (hierover is overeenstemming met Air Liquide). De hartlijn ‘Leiding – Air Liquide’ wijzigt niet, er vinden geen aanpassingen aan de buisleidingen van Air Liquide plaats. Enkel- en dubbelbestemmingen in relatie tot het uitvoeren werk en werkzaamheden De diverse enkel- en dubbelbestemmingen binnen het bestemmingsplan bevatten voorschriften omtrent het uitvoeren van werk en werkzaamheden. Werken of werkzaamheden die van toepassing zijn op de aanleg van de nieuwe PALL-leiding en vanuit de diverse bestemmingen vergunningplichtig zijn:

blad 17 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

 

De aanleg van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur niet in overeenkomst met de betreffende bestemming; Grondwerkzaamheden, waartoe worden gerekend het afgraven, woelen, mengen, diepploegen en het ophogen van gronden;

Voor de aanleg van de nieuwe leiding wordt voor activiteiten genoemd onder artikel 4.6.1 onder d (‘Agrarisch met waarden - Natuur- en landschapswaarden’), artikel 15.4.1 onder d t/m g (‘Leiding’), artikel 19.4.1 onder a (‘Waterstaat – beschermingszone waterkering’) middels onderliggende aanvraag een vergunning voor het uitvoeren werk en werkzaamheden aangevraagd. Functieaanduidingen Op enkele locaties ligt de nieuwe leiding deels binnen gebieden die met een functieaanduiding zijn aangeduid. Het gaat hier om de functieaanduidingen ‘Specifieke vorm van verkeer – zone tijdelijke werkwegen’ en ‘Specifieke vorm van natuur – wijziging in natuur’. De functieaanduiding ‘Specifieke vorm van verkeer – zone tijdelijke werkwegen’ biedt de mogelijkheid voor werkverkeer ten behoeve van de verdere natuurontwikkeling in het kader van het Grensmaasproject. De aanleg van de leiding van de nieuwe PALL-leiding heeft hiervoor geen gevolgen en is niet strijdig met deze functieaanduiding. De functieaanduiding ‘Specifieke vorm van natuur – wijziging in natuur’ biedt de mogelijkheid voor verdere natuurontwikkeling in het kader van het Grensmaasproject. Overlap van de aanleg van de nieuwe leiding met werkzaamheden binnen het Grensmaasproject is niet geheel uitgesloten. Hierover worden afspraken gemaakt met Consortium Grensmaas.

Na aanleg van de nieuwe leiding, in de gebruiksfase heeft de leiding geen gevolgen met betrekking tot het Grensmaasproject en is niet strijdig met deze functieaanduiding. Gebiedsaanduiding ‘Geluidzone – industrie’ De nieuwe PALL-leiding ligt gedeeltelijk binnen de gebiedsaanduiding ‘Geluidzone – industrie’. Ter plaatse van deze aanduiding mogen geen geluidsgevoelige objecten worden gerealiseerd. De leiding betreft geen geluidsgevoelig object en is daarmee niet strijdig met de gebiedsaanduiding 'Geluidzone-industrie'.

5.3.2

Bestemmingsplan ‘Erfgoed Stein’ De gemeente heeft ter bescherming van haar erfgoed een erfgoedbeleid en -verordening opgesteld. De verordening ziet toe op de aanwijzing en bescherming van gemeentelijke monumenten en gemeentelijke dorpsgezichten. Het nieuw aan te leggen tracé ligt gedeeltelijk in deelgebied 8: ‘Maasband, Oeverendijk’ (cultuurhistorische waarde: zeer waardevol, cultuurhistorische karakteristiek: Uiterwaardenlandschap met meidoornheggen en hoogstamboomgaarde, tijdslaag vóór 1850). Het erfgoedbeleid is vertaald naar bestemmingsplan ‘Erfgoed Stein’ (vastgesteld op 22 juli 2021). Binnen dit bestemmingsplan doorkruist de nieuwe leiding enkele dubbelbestemmingen:  Dubbelbestemmingen: o Waarde – Archeologie; o Waarde – Historisch groen en landschap; o Waarde – Historische infrastructuur; Voor bovenstaande dubbelbestemmingen geldt dat regels zijn opgenomen omtrent de vergunningplicht voor het uitvoeren van werk en werkzaamheden. Voor de aanleg van de nieuwe leiding wordt voor activiteiten genoemd onder artikel 2.4.1 onder a en e (‘Waarde – Archeologie’), artikel 4.3.1 onder a en e (‘Waarde – Historisch groen en landschap’) en artikel 5.3.1 onder a en e (‘Waarde – Historische infrastructuur’) middels onderliggende aanvraag een vergunning voor het uitvoeren werk en werkzaamheden aangevraagd.

Figuur 5.2 geeft een beeld van de ligging van het voor de aanvraag relevante deel van de ‘Waarde – Historisch groen en landschap’. Figuur 5.3 geeft een beeld van de ligging van het voor de aanvraag relevante deel van de ‘Waarde – Historische infrastructuur’.

blad 18 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

Figuur 5.2: Ligging nieuw PALL-tracé t.o.v. dubbelbestemming ‘Waarde – Historisch groen en landschap’.

blad 19 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

Figuur 5.3: Ligging nieuw PALL-tracé t.o.v. dubbelbestemming ‘Waarde – Historische infrastructuur’.

De verwijzing naar de historische infrastructuur, betreffende een inmiddels grotendeels in het kader van het Grensmaasproject verwijderde dijk, is overigens niet meer relevant.

5.4

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht

5.4.1

Werk en werkzaamheden Op grond van de Wabo, artikel 2.1 eerste lid onder b, is het verboden om zonder omgevingsvergunning een project uit te voeren bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, wanneer dit is bepaald in een bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit. In zowel bestemmingsplan ‘Grensmaas’ als ‘Erfgoed Stein’ is in diverse (dubbel)bestemmingen een verbod op werk of werkzaamheden opgenomen die van toepassing zijn op de beoogde aanleg van het nieuwe PALL-tracé. Zodoende dient een omgevingsvergunning te worden aangevraagd voor het uitvoeren van werk of werkzaamheden. Op grond van de bestemmingsplantoets rust de plicht op het aanvragen van de omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werk of werkzaamheden op de volgende bestemmingsplanartikelen:  Bestemmingsplan Erfgoed: artikel 2, lid 2.4.1 en artikel 4, lid 4.3.1; artikel 5, lid 5.3.1;  Bestemmingsplan Grensmaas en bestemmingsplan Grensmaas 2016, 1e herziening: artikel 4, lid 4.6.1, artikel 15, lid 15.4.1, artikel 19, lid 19.4, artikel 22, lid 20.4.1.

5.4.2

Afwijken bestemmingsplan Op grond van artikel 2.10, eerste lid, onder c van de Wabo dient een aanvraag om omgevingsvergunning geweigerd te worden wanneer deze strijdig is met het bestemmingsplan, tenzij het bevoegd gezag toepassing

blad 20 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

geeft aan één van vier verschillende bevoegdheden tot afwijking van het bestemmingsplan. Het betreft de volgende mogelijkheden:  Een tijdelijke afwijkingsbevoegdheid (art. 2.12, tweede lid Wabo), van toepassing voor afwijkingen van het bestemmingsplan met een maximale duur van vijf jaar en uitsluitend ter voorziening in een tijdelijke behoefte;  De binnenplanse afwijkingsbevoegdheid (art. 2.12, lid 1, onder a, onder 1° Wabo), alleen te gebruiken wanneer het bestemmingsplan zelf een mogelijkheid biedt om van een artikel in dat plan af te wijken;  De buitenplanse afwijkingsbevoegdheid (art. 2.12, lid 1, onder a, onder 2° Wabo), wanneer de strijdigheid met het bestemmingsplan valt onder een bij algemene maatregel van bestuur genoemde categorie;  De uitgebreide afwijkingsbevoegdheid (art. 2.12, lid 1, onder a, onder 3° Wabo), zo lang de motivering van het besluit een ruimtelijke onderbouwing bevat, waaruit blijkt dat het bouwplan getuigt van een 'goede ruimtelijke ordening'. De ontwikkeling valt te vergunnen door toepassing van Wabo artikel 2.12, lid 1, onder a, onder 3°, ofwel de zogenaamde uitgebreide afwijkingsprocedure. Uit onderhavige ruimtelijke onderbouwing blijkt dat het plan getuigt van een 'goede ruimtelijke ordening'.

Op grond van de bestemmingsplantoets rust de plicht op het aanvragen van de omgevingsvergunning voor de activiteit ‘handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening’ op de volgende bestemmingsplanartikelen:  Bestemmingsplan Grensmaas en bestemmingsplan Grensmaas 2016, 1e herziening: artikel 4.1, lid 4.1, artikel 9, lid 9.1, artikel 13, lid 13.1, (artikel 20, lid 20.4.2).

5.4.3

Bouwen De PALL-leiding valt onder de definitie bouwwerk die in het bestemmingsplan Grensmaas wordt gehanteerd, namelijk een bouwwerk is elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. Omdat de PALL-leiding valt onder de vrijstelling van bijlage 2 van het Bor (hoofdstuk III. Categorieën gevallen waarin voor bouwactiviteiten geen omgevingsvergunning is vereist, artikel 7) is het aanvragen van een omgevingsvergunning krachtens onderdeel a van artikel 2.1 van de Wabo ‘het bouwen van een bouwwerk’ niet van toepassing. De betreffende combinatie van artikelen uit bijlage 2 van het Bor luidt als volgt: Hoofdstuk II. Categorieën gevallen waarin voor bouwactiviteiten en planologische gebruiksactiviteiten geen omgevingsvergunning is vereist, artikel 2 lid 18d: ondergrondse buis- en leidingstelsels, met uitzondering van een buisleiding als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Besluit externe veiligheid buisleidingen; Hoofdstuk III. Categorieën gevallen waarin voor bouwactiviteiten geen omgevingsvergunning is vereist: een buisleiding waarop artikel 2, onderdeel 18, niet van toepassing is.

5.5

Besluit externe veiligheid buisleidingen Het Besluit externe veiligheid (Bevb) bevat de regels voor exploitanten en gemeenten over buisleidingen voor het transport van gevaarlijke stoffen. De belangrijkste plichten voor de exploitant van de buisleiding met gevaarlijke stoffen zijn:  Algemene zorgplicht in acht nemen om ongewone voorvallen te voorkomen;  Bij aanleg of vervanging van een buisleiding mag de PR (plaatsgebonden risico) 10-6-contour niet verder reiken dan 5 meter uit het hart van de buisleiding. Voor buisleidingen voor aardgas met een druk van 1.600 tot en met 4.000 kPa is deze afstand maximaal 4 meter;  De aanleg of vervanging van een buisleiding is slechts toegestaan indien die aanleg of vervanging in overeenstemming is met het ter plaatse geldende bestemmingsplan of voor die aanleg of vervanging een omgevingsvergunning is verleend als bedoeld in artikel 2.12 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht tot afwijking van het bestemmingsplan of de beheersverordening.

blad 21 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

   

Sanering uitvoeren binnen 3 jaar als een kwetsbaar object binnen de PR 10-6-contour ligt; Op basis van actuele gegevens over berekeningen beschikken van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico; Aanleg van leidingen volgens de NEN 3650-eisen of een vergelijkbare norm; Veiligheidsmanagementsysteem opstellen volgens de NEN 3655.

Er is een QRA uitgevoerd met daarin de berekening van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico van het nieuwe tracédeel. Over het gehele tracé van de nieuwe PALL-leiding wordt geen risicocontour berekend. Hierdoor is het niet nodig om een veiligheidszone op te nemen in het bestemmingsplan. De belemmeringenzone van 5 meter aan weerszijden van de leiding (op te nemen in het omgevingsplan) is afdoende voor het ruimtelijk beheersen van het plaatsgebonden risico. In het kader van externe veiligheid is aanvullend op de QRA een onderzoek uitgevoerd naar de vereiste afstand tot zowel de leiding van Air Liquide als tot de waterkeringen, de zogenaamde kraterberekening waarin de onderlinge beïnvloeding (domino-effecten) worden berekend. Het onderzoek is opgenomen in bijlage 5 en wordt evenals de QRA toegelicht in paragraaf 7.8.1. Uit dit onderzoek wordt geconcludeerd dat een minimale afstand van 1 meter tot de buitenste Air Liquideleiding kan worden aangehouden. Dit onderzoek is tevens onderdeel van de aanvraag van de watervergunning bij Rijkswaterstaat en Waterschap Limburg. De belangrijkste plichten voor de gemeente zijn op grond van het Bevb:  In acht nemen van de grenswaarde voor het PR. Binnen de PR 10-6-risicocontour mogen geen kwetsbare objecten aanwezig zijn;  Rekening houden met een richtwaarde van het plaatsgebonden risico voor beperkt kwetsbare objecten.

Alleen met voldoende motivatie kan de gemeente deze binnen de PR10-6-risicocontour toestaan;  Rekening houden met de invloed van risicoverhogende objecten, zoals windturbines. Die risicoverhogende werking moet de gemeente in de berekening van de PR 10-6-risicocontour meenemen (hier niet van toepassing, zie paragraaf 7.8.1);  Verantwoording van het groepsrisico (GR) binnen het invloedsgebied van de buisleiding;  Ruimtelijke reservering opnemen voor de belemmeringenstrook: de voor onderhoud gereserveerde ruimte is minstens 5 meter aan beide zijden van de leiding (op dit punt is er geen strijdigheid met de bestaande dubbel- en enkelbestemmingen). In bijlage 4n is de QRA opgenomen met de berekening van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico van het tracédeel met de vervangen segmenten. Paragraaf 7.8.1 vat de resultaten samen en gaat in op de verantwoording.

5.6

Provinciale Omgevingsverordening Provinciale Staten hebben de provinciale omgevingsverordening 2014 (POL2014) vastgesteld. Ter voorbereiding op de Omgevingswet met ingang van 1 januari 2024 is de nieuwe POL vastgesteld in 2021, maar deze is nog niet in werking getreden aangezien de Omgevingswet zelf nog niet in werking is getreden. Van de geldende provinciale verordening zijn meerdere gebieden van toepassing op de projectlocatie:  Goudgroene natuurzone;  Uitsluitingsgebieden windturbines;  Waterwingebieden  Grondwaterbeschermingsgebieden. Verder is van de provinciale verordening het hoofdstuk over ontgrondingen van belang.

5.6.1

Goudgroene natuurzone Het nieuwe tracé bevindt zich grotendeels binnen een NNN-gebied. Het betreft volgens de Provinciale Omgevingsverordening 2014 een Goudgroene zone en volgens de Provinciale Omgevingsverordening 2021 het Natuurnetwerk Limburg. Dit NNN-gebied is slechts gedeeltelijk ingericht als natuurgebied. Er is van directe

blad 22 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

aantasting van bestaande waarden binnen het NNN-gebied geen sprake. De werkzaamheden zijn immers tijdelijk van aard en leiden niet tot een blijvende aantasting van het gebied.

5.6.2

Uitsluitingsgebieden windturbines Aan Nederlandse zijde zijn geen windturbines aanwezig in de omgeving van het nieuwe PALL-tracédeel. Het gebied tussen de Maas en het Julianakanaal is onderdeel van de ‘Uitsluitingsgebieden windturbines’ zoals vastgesteld met de geldende Omgevingsverordening Limburg 2014. In dit gebied mag een ruimtelijk plan niet voorzien in de plaatsing van een windturbine, bestaande uit een mast met een minimale hoogte van 25 m met daarop aangebracht een rotor.

5.6.3

Waterwin- en grondwaterbeschermingsgebieden De nieuwe PALL-leiding bevindt zich op geruime afstand van waterwingebieden en grondwaterbeschermingsgebied in zowel Nederland als België. In Figuur 5.4 is de ligging van het projectgebied ten opzichte van deze gebieden weergegeven voor het Nederlandse deel van het projectgebied.

Figuur 5.4: Ligging projectgebied (rode cirkel) t.o.v. grondwaterbeschermingsgebieden in Nederland (bron: POLviewer 2014).

5.6.4

Ontgrondingen De Ontgrondingenwet regelt het winnen van zand, grind, klei en andere materialen uit de Nederlandse bodem. De Ontgrondingenwet is nader uitgewerkt in de POL2014. Op basis van hoofdstuk 6 ‘Ontgrondingen’, artikel 6.1.1 eerste lid onder c geldt een vrijstelling van de vergunningplicht (Ontgrondingenwet artikel 3, eerste lid, verbod van ontgronden zonder vergunning) voor de volgende categorie van ontgrondingen:

blad 23 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

“Ontgrondingen die uitsluitend worden verricht ten behoeve van een grondboring of het slaan van een put, of voor het leggen van kabels en buizen en dergelijke, die in de grond plegen te worden gelegd.” Onder deze vrijstelling valt het graven van de sleuf waarin de leiding middels open ontgraving wordt aangelegd. Dit geldt voor het overgrote deel van het totale nieuw aan te leggen tracé. Tevens geldt op grond van hoofdstuk 6 ‘Ontgrondingen’, artikel 6.1.2 lid a een vrijstelling van de vergunningplicht voor de volgende categorie van ontgrondingen: “Het ontgronden op de plaats waar een infrastructureel werk, industrieterrein, bouwwerk, sportveld, begraafplaats of bassin wordt aangelegd, onderhouden, veranderd of opgeruimd of ten behoeve van dat werk de bodem wordt gesaneerd overeenkomstig de Wet bodembescherming, mits de uitvoering van het werk in overeenstemming is met het geldende ruimtelijk plan als bedoeld in artikel 2.1.1;” Onder bovengenoemde vrijstelling vallen de graafwerkzaamheden zoals uitgevoerd. Voor het aanleggen van het nieuwe PALL-tracé geldt een vrijstelling van de vergunningplicht en meldingsplicht ingevolge de Ontgrondingenwet (artikel 3, eerste lid, verbod van ontgronden zonder vergunning).

5.7

Waterwet en Keur De Waterwet reguleert handelingen in, op of nabij oppervlaktewateren. Overeenkomstig artikel 6.5 van de Waterwet, en bijbehorend 6.12 van het Waterbesluit, is het zonder vergunning verboden om gebruik te maken van een oppervlaktewaterlichaam of bijbehorende kunstwerk in beheer bij het Rijk, anders dan in overeenstemming met de functie. De Maas is een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij het Rijk, waardoor een watervergunning bij Rijkswaterstaat moet worden aangevraagd. Daarnaast wordt de nieuwe leiding gelegd binnen beheergebied van Waterschap Limburg en binnen de beschermingszone van een waterkering. Op grond enkele uitvoeringsregels uit de Keur, waarin het waterschap de Waterwet heeft uitgewerkt, is een watervergunning nodig bij het waterschap. Separaat van onderliggende vergunningaanvraag is de aanvraagprocedure gestart ten behoeve van een watervergunning bij Rijkswaterstaat en Waterschap Limburg. Met beide partijen is afgestemd dat deze procedures gecoördineerd zullen worden aangevraagd en behandeld, waarbij één van beide bevoegd gezagen het initiatief neemt.

5.8

Zakelijk recht overeenkomsten Voor het bestaande tracé heeft PPS zakelijk recht gevestigd. Voor het nieuwe tracé wordt ook zakelijk recht gevestigd waar dit nog niet is gebeurd. Hierover worden afspraken met stakeholders gemaakt. Het gebied zal daarnaast in oude staat hersteld. Een tekening met daarin de nieuwe leiding geprojecteerd op de kadastrale percelen is opgenomen in bijlage 2.1. Ook is een lijst met kadastrale percelen opgenomen, zie bijlage 2.2.

5.9

Wet milieubeheer Titel 5.2 van de Wet milieubeheer bevat luchtkwaliteitseisen voor luchtkwaliteit. Nieuwe ontwikkelingen kunnen effect hebben op de luchtkwaliteit. Paragraaf 7.3.1 behandelt de gevolgen van het project voor de luchtkwaliteit.

5.10

Wet geluidhinder Paragraaf 7.6 behandelt het aspect geluidhinder.

blad 24 van 59

datum 14 december 2023 projectnummer 0476077.100 betreft Ruimtelijke onderbouwing

5.11

Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming (hierna Wnb) heeft per 1 januari 2017 de Boswet, Flora- en faunawet en de Natuurbeschermingswet 1998 vervangen. De Wnb regelt de bescherming van Natura 2000-gebieden, bescherming van soorten en de bescherming van houtopstanden. Naast bescherming vanuit de Wnb, zijn er ook gebieden die planologisch beschermd zijn. Het betreft het ‘Natuurnetwerk Nederland’ (hierna NNN). De bescherming van het NNN verloopt via het ruimtelijke ordeningsrecht (Barro, bestemmingsplannen). Ingevolge de Wet natuurbescherming zijn de volgende onderwerpen relevant voor de uitvoering van het project:  Gebiedsbescherming, exclusief stikstofdepositie;  Soortenbescherming;  Bescherming houtopstanden. In het kader van het project is een natuurtoets uitgevoerd, zie bijlage 10. Het aspect ‘natuur’ wordt tevens nader toegelicht in paragraaf 7.4. In de exploitatiefase van de nieuwe leiding heeft deze geen invloed op de natuur. De natuurtoets focust derhalve op de aanlegfase. De conclusies van de natuurtoets zijn in het kort als volgt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Stein&id=676e9bf2-acb3-42ec-afed-f36bcee28ad0