CConstaterende datStein
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Memo Paulussen Advocaten Governance Regio Deal

Beeldvormende bijeenkomst 14 mei 2025, gemeente SteinBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake Zienswijze oprichting en deelname stichting samenwerking Zuid-Limburg8.450 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

PAULUSSEN ADVOCATEN

ADVIES

MAASTRICHT GOVERNANCE

REGIODEAL

/ Governance Regiodeal

DOSSIERNAAM:

Maastricht

DOSSIERNUMMER:

290422

CONTACTPERSOON:

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) EN

NOTITIE

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) <

<

Door:

DATUM:

3 mei 2024

BETREFT:

Advies

1

juridische

entiteit

n

programmabureau

INLEIDING

Vijf ministeries (BZK, LNV, lenW,

Zuid-Limburgse gemeenten (Maastricht, Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem, Vaals, Valkenburg aan de Geul, Meerssen, Beek, Sittard-Geleen, Stein

Beekdaelen)

en

EZK

VWS)

en

de Regio Deal Zuid

hebben

Het

Als

20

miljoen

miljoen

van

de

daarin

met

bij voor uitvoeringsactiviteiten,

euro

getroffen Regio mogelijk

Deal

nieuwe

een

Volgens het onderliggende adviesmemo* of een

verder onderverdeeld

de

regionale publieke

en

private partners dragen

bij.

euro

uitwerking

structuur

uitgewerkt langs vier programmalijnen,

(zogenaamde fiches).

rijk draagt

ook 20

tien

Limburg (verder: “RDZL”) gesloten.

In deze RDZL worden de te bereiken doelen verder in projecten

met

moet

worden

zorggedragen

voor

een

organisatie-en governance-

juridische entiteit. wordt

daarbij

in eerste instantie

gedacht

aan

een

stichting, vereniging

gemeenschappelijke regeling.

Adviseurs is eerder een memo geschreven: “Governance en organisatiemodel voor de Regio (geanonimiseerd) | Deal Zuid Limburg”? Hierin worden verschillende van belang zijnde thema’s belicht en worden ontwerpeisen Door

—

geformuleerd voor Uit de van

het organisatie-en

geformuleerde

de diverse

werken

met

betrokkenen

eisen is

publieke een

voren

gekomen

dat

sprake

is van verschillende

private partners. Dit heeft | (geanonimiseerd) Adviseurs

en

modulair

zeggenschap

naar

governancemodel.

schaalbaar

systeem,

over

alles

dienen

te

model

naar

voren

en

ertoe

gradaties

van

gebracht

te adviseren

waarbij tevens moet worden krijgen. Er dient sprake te zijn van

betracht een

betrokkenheid

dat

getrapte

om

te

niet

alle

vorm

van

besluitvorming. Hieruit is en

een

governance

bevoegdheden.

(geanonimiseerd) |

uitvoeringsallianties en

1 2

Adviesmemo

coalitie

Organisatie en

noemt:

gekomen

bestaande

regiegroep,

uit diverse entiteiten, elk

bestuurlijke

klankbordgroep,

verschillende taken

programmabureau,

regiodeal.

Governance

Model

Regio

Deal

Zuid-Limburg.

en (geanonimiseerd) Governance en organisatiemodel voor de Regio Deal Zuid-Limburg, (geanonimiseerd) Adviseurs, (geanonimiseerd) | | DT}

Amsterdam,

11

maart 2024.

Pagina 2

VRAAGSTELLING

De centrale vraag luidt: op welke vormgegeven

De

daarbij

wijze kan het voorgestelde organisatie-en governancemodel juridisch worden

welke variant geniet

en

daarbij

de voorkeur?

(geanonimiseerd) vastgestelde ontwerpeisen |

door

vehikel is

Het governance Het

organisatiemodel

een

breder/

De

governance

luiden:

gebouwd

om

de

huidige doelstellingen

is schaalbaar

om

bij

ervaren

te

realiseren;

door te ontwikkelen

succes

het

voor

realiseren

van

nieuw programma;

borgt

de

verantwoordelijkheid

maatschappelijke organisaties Het multihelix principe is een

bedrijfsleven

en

aanvulling op

bijbehorende verantwoording

betrokken

overheden

betrokken worden

het

basisprincipe

de aangegane

en

de

van

waarbij kennispartijen,

bij het realiseren

resultaten;

van

dat de overheden

hun overheidstaken,

in de context

de Regio

verplichting

van

Deal

de

kunnen

nakomen; De governance In

de

is responsief

kaderstelling

tussentijds

worden

de

achteraf. In het

en

de

voor

uiteenlopende belangen

van

implicaties expliciet gemaakt

bijzonder

ten

aanzien

de

van

de betrokken

bijsturing

en

verantwoording

verantwoordelijkheden

van

de

voor

de

partijen;

afzonderlijke

gemeenteraden; Heldere de

spelregels

ten

aanzien

de

van

bevoegdheden

de

van

uitvoeringsorganisatie binnen

buiten

en

gestelde kaders;

Gedurende

de uitvoering

op de uitvoering

Op basis zijn

van

de Regio Deal

het principe dat

van

verschillende

er

input ophalen

verantwoordelijkheden

en

(in lijn met

in het

de

bevindingen

de relevante

bij de partners koppeling

er een

vormen

over

de

en

moet

van

invloed

bijbehorende

Dit in

kunnen

zijn

gemeenteraden; met

bevoegdheden. BRE-onderzoek)

die

zijn tussen verantwoordelijkheid

betrokkenheid

van

ontwikkelingen

betekent of mindere

meer

zeggenschap,

verschillen dat

mate

en

laten

in

taken,

partijen

zich

vertegenwoordigen

door anderen; 10.

De organisatie

biedt flexibiliteit, zowel op het niveau

van

11.

De

bevordert

uitvoering

organisatie

dragen

de

aan

de

realisatie

slagkracht van

de

verantwoordelijkheid, zeggenschap

door doelen

in de

de overall regie als van de uitvoering;

(waarbij

partijen de ruimte

zoveel maken

mogelijk

de

te

geven

koppeling

is

daarvoor

bij te tussen

en

het beschikbaar

van

(geanonimiseerd) adviseurs, pagina 8-11). worden diverse actoren |

van

de capaciteit die

om

nodig

is

(zie ook ontwerpeis 9). IL. HET GOVERNANCEMODEL

In het

governancemodel,

aldus

het

rapport

benoemd:

De regiegroep Hierin zitten

vertegenwoordigers van

Deal Het betreft hier De

een

de organisaties die direct

vertegenwoordigende

groep

van

en

structureel betrokken zijn

de betrokken

gemeenten.

organisaties.

Het

bij de Regio

klankbordgroep

Herin zijn alle deelnemende Het

programmabureau

Het

programmabureau

onder

leiding van

een

gemeenten vertegenwoordigd.

ondersteunt

de

samenwerkende

programmadirecteur.

programmabureau

staat

Pagina 3

4.

Uitvoeringsalliantie Uitvoeringsallianties zijn georganiseerd

rondom

een

programmalijn.

Coalitie Regio Deal

5.

alle deelnemers

Hierin zitten

de

aan

Regio Deal.

De kassier?

6.

Maastricht vervult de rol

De gemeente

IV.

AFWEGINGEN

Als wordt

gekeken

naar

regiokassier

van

mogelijke juridische vormgeving dan kunnen verschillende beginopmerkingen worden

de

gemaakt. Om te Dat

beginnen kan

betekent

dat

worden

gedacht aan

vormgeving waarbij geen separate rechtspersoon wordt opgericht.

een

de

gehele samenwerking

de

mogelijkheid

in

het

kader

de

van

Regio

Deal

juridisch

wordt

vastgelegd

in

overeenkomsten.

Daarnaast

rechtspersoonlijkheid.

over

of

bestaat

langs privaatrechtelijke

Langs

publiekrechtelijke

mogelijkheden

die de Wet

Er is

wordt

eerst

een

aparte organisatie in het leven

daarbij

nog

kan

samenwerking

een

tussen

onderscheid

een

te

al dan

roepen,

vormgeving

niet

beschikkend

langs publiekrechtelijke-

weg. weg

de

worden

vormgegeven

Gemeenschappelijke Regelingen (Wer)

Langs privaatrechtelijke weg kan Hierna

wel

aandacht

met

name

geschonken

worden aan

de

op het in leven roepen

van

gedacht

aan

mogelijkheid

met

gebruikmaking

van

stichting

B.V.

de

biedt. het

oprichten

van

het

van

een

vastleggen

van

de

of

een

samenwerking

in

overeenkomsten. Daarna wordt ingegaan

een

publiekrechtelijke of een privaatrechtelijke inrichting IV.1

Samenwerking

Het

is denkbaar

de

door middel

van

samenwerking

specifieke organisatie, waarbij

worden

de verschillen tussen

een

belicht.

overeenkomsten

uitsluitend

te

laten

verlopen

via

overeenkomsten

de

tussen

betrokken

partijen. Zo is er de Regio Deal waarmee

geven

aan

de RDZL is

Foodvalley*. Op basis van een voorgaande gesloten)

is

een

Regio Deal (ook gesloten

samenwerkingsovereenkomst (SOK) tot

stand

de

de

gekomen

om

vijf ministeries uitvoering

te

de Regio Deal.

van governancemodel (geanonimiseerd) | samenwerkingsovereenkomst Regio Deal Foodvalley (SOK)® worden gehouden dan

Als

met

gewenste

actoren

uit

het

naast

de

ontstaat het

actoren

uit

de

volgende

beeld:

De kassier wordt niet direct in het rapport van (geanonimiseerd) genoemd maar in artikel 6 van de Regio Deal. De regiokassier | draagt zorg voor het nakomen van de financiële kaders, zoals verwoord in de Regeling uitkering Regio Deals vierde tranche. Volgens artikel 7, lid 1 van deze Regeling draagt de regiokassier er zorg voor dat de specifieke uitkering (dat zijn de door de ministeries ter beschikking gestelde gelden) uitsluitend voor uitvoeringsactiviteiten wordt besteed. 4 De Regio Foodvalley is een samenwerkingsverband van acht gemeenten in de vorm van een openbaar lichaam. Vanuit dit samenwerkingsverband wordt samengewerkt met ondernemers en onderwijs- en kennisinstellingen (triple helix). Het openbaar lichaam Regio Foodvalley heeft, tezamen met de provincies Gelderland en Utrecht, LTO Noord en het Waterschap Vallei en Veluwe de Regio Deal Foodvalley gesloten. Er zijn ook betrokken organisaties die steunverklaringen hebben afgegeven: Wageningen University, Stichting Wageningen research, Universiteit Utrecht en VNO-NCW Midden. > De samenwerkingsovereenkomst evenals het organogram Regio Deal Foodvalley worden als bijlage bij deze notitie gevoegd. 3

Pagina 4

Governancemodel | (geanonimiseerd)

Foodvalley

Rijk-Regio-overleg (art.

Het

7

Regiodeal Zuid-Limburg)

overleg (art.

6 Regio Deal

Regiegroep

Regionale stuurgroep (art.

Klankbordgroep

Regionaal directeurenoverleg (art.

Programmabureau

Regio

Deal

Valley)

Food

8 SOK) 9

SOK)

(met uitvoeringsunit) (art.

manager

10

SOK)

Uitvoeringsalliantie

Stakeholders-overleggen (art.

15

SOK)

Coalitie Regio Deal

Regionaal partneroverleg (art.

7

SOK)

Kassier

Kassier

De financiële

bijdragen

de overheden

van

(art.

SOK)

11

zijn opgesomd in de samenwerkingsovereenkomst (artikel 4). De door

private partijen geleverde bijdragen gelden als co-financiering of als in-kind bijdragen (artikel 6). Deze bijdragen worden

geformaliseerd

Er is dus

een

worden

vastgelegd

Daarbij

is ook

waarbij

ook

in

zogenaamde

Letters of support.

situatie denkbaar waarin de daarnaast

met

overeengekomen

een

regeling

Belangrijk zijn de

afspraken

uitsluitend

in een overeenkomst

gelieerde overeenkomsten

of letters of support.

dat de uitvoeringsorganisatie ook kan

is opgenomen

artikelen 19 SOK

(opzegging)

Elke partij kan de overeenkomst opzeggen geen wijziging in de Andere

verplichting

de

partijen kunnen toetreden

de ambities aanbieden

Let wel:

doelstellingen (art. (art. 22.1 sub b) en

de SOK

aan

deze

zou

worden

overeengekomen bijdrage

(art. 19.2).

de

voor

een

SOK, of

regionale stuurgroep (art. perspectief De

van

8

regionale stuurgroep

van

het

Het

regionale directeurenoverleg (art.

en

artikelen

SOK)

de

de

regiodeal SOK).

17.3

regiodeal.

De opzegging

dienen te verbinden ten

welke

bijdrage

financieel

—

Deze

fungeert

deelnemer als

bestaat uit drie

opdrachtgever

SOK)’ van

is het

opdrachtgever

een

moeten

openbaar

is

van

brengt

aanzien

van

of in kind- zij

voor

functie

orgaan

aanspreekpunt

van

de

naast

de

wordt in artikel

financiële

met

bijdrage.

de regiegroep

partners,

op basis

adviezen

van

Manager.

richting

namens

de RDZL

de betrokken

(art. 8.4 SOK)

de Regio Deal

adviserend

Valley

een

voor

opgericht,

vergelijkbaar

bestaat uit de kern

regionaal directeurenoverleg en

worden

lichaam Food

leden; deze

besluitvormende

een

zou

Het is de vraag, als

verplicht tot het leveren

regionale stuurgroep

heeft

9

ondertekend.

inziens niet. Het

ons

die

functioneert daarnaast als

regionale stuurgroep wijst een

In het model

is dat

de RDZL. Ook de

in totaal.

Deze

omschrijven

separaat openbaar lichaam

een

als partner die zich

drie

7

dienen te

en

deelnemende gemeenten

genoemd

6

toetreders zich

van

en

Regio Deal Food Valley is er dus zowel door het openbaar lichaam Food Valley als door de de

gekozen

opdrachtgever.

a)

22.1 sub

gemeenschappelijke regeling

overleg

regeling, waarbij

afloop

na

3.1 SOK

partijen).

te voldoen

tot

tegen het einde

nieuwe van

Noodzakelijk

een

(toetreding

de termijn

4 van de SOK ook niet apart

vanuit het

22 SOK

en

blijven bestaan

partners (artikel

nieuwe

van

van

deelnemende gemeenten.

Er is

toetreding

over

(of enkele overeenkomsten)

aan

de

regio deal manager.

als

ambtelijk gedelegeerde

Regionale Stuurgroep

voor

De

de

zijn grotendeels gelijkluidend. (geanonimiseerd) komt deze figuur niet terug. Het regionaal directeurenoverleg bestaat immers uit adviserende | ambtenaren. Wel is een bestuurlijke klankbordgroep in het schema van | (geanonimiseerd) opgenomen; hierin zitten ook van de Het is niet helemaal of deze uit politieke of ambtelijke vertegenwoordigers gemeenten. vertegenwoordigers duidelijk bestaat. Het wezen van beide organen is echter vergelijkbaar; het gaat om een met name adviserend orgaan in de richting van de uitvoerende organisatie (regio deal manager in SOK, programmabureau in RGZL). van

Pagina 5

Regio Deal Manager (art. 9.3 SOK). De

Regio

Deal

Manager

Dit wordt

programma.

“

bepaalt

controller;

en

bezetting

van

d.

De

overleggen

in de

in de

nauw

De

kassier

knooppunt

heeft,

van

uitvoering

van

Subsidieregeling? en

het

nadere

uitvoeringsunit.

vinden

artikelen

minimale een

invulling

van

sporen, waarbinnen

dus de nadere overeenkomsten

van

de RDZL zijn dit de

Deze

kunnen

een

behelst

een

de kassier

(art.

omvang”

spoorleiders’® van de diverse sporen en met

de

c.

genoemde uitvoeringsunit

nog nader te bepalen

zijn bij de organisaties die als penvoerder optreden zijn

weer

in de aparte sporen.

(NOK's) zijn gesloten,

opgedeeld

in

werkpakketten

fiches.

worden

naar

de RDZL zouden

dit

ingesteld, waarbij zij betrokken worden bij

fiches.

7

SOK)

11

art.

SOK,

administrateur ter

en

zitten

alle betrokken

partijen. Dit orgaan heeft goedkeurende

rol

“een

faciliterende

ondersteuning van

stromen

en

volgt

dat

contractering

rol

zonder

besluitvormingsbevoegdheid,

de Regio Deal van

als

Manager. De Kassier is daarbij het

de Uitvoeringsorganisatie

van

de Regio Deal,

Manager”. uit

subsidieverstrekking (art.

dan ontstaat het

Kassiersfunctie; b. een communicatiemedewerker;

plaats op spoorniveau (art. 15 SOK). Geëxtrapoleerd

informatie, financiële

het werken

met

de

a.

uitvoeringsallianties per pijler

aldus

de Regio Deal

diverse

Wanneer

de

de

voor

algehele voortgang.

informatieverstrekker

namens

het Uitvoeringsprogramma,

,

sporen zijn dan de programmalijnen.

afzonderlijke

betreft de

wat

Een

samen

regionaal partneroverleg (art.

voor

8

secretariaat.

in het kader

stakeholdersoverleggen

de voortgang

Uit

een

de RDZL zijn de

naar

uitvoeringsallianties. (met werkpakketleiders);

In het

zorgdraagt

hierover:

die werkzaam

de

soort

een

bovengenoemde functies in

dit zijn personen

Geëxtrapoleerd

De

Regiodeal

over

volgende functies zijn ondergebracht:

Regio Deal Manager werkt

10.4);

door de

Hij beschikt

die

programmamanager

De Regio Deal Manager zal daarbij worden ondersteund door een uitvoeringsunit, waarin onder andere

de

De

de SOK

van

algemeen

een

gevormd

(NOK’s®).

overeenkomsten Artikel 10.3

is

met

volgende

de

5, 11

SOK en

12

de

financiering

vanuit

de

overheden

wordt

gezien

als

SOK).

overeenkomsten wordt

gelegd

naast

de

door

(geanonimiseerd) vastgestelde ontwerpeisen |

beeld:

betaling van de financiële bijdragen door de partners wordt geregeld in artikel 4 (de partners die zich verplichten tot bijdragen) en artikel 5 (betaling financiële bijdragen partners) van de SOK. In artikel 5 wordt geregeld dat de financiële door middel van een subsidie worden toegekend aan de gemeente Ede als kassier. Volgens artikel 5.1 (grotendeels) bijdragen van de SOK kennen alle publiekrechtelijke partners een subsidie toe aan de kassier. Waarom ervoor is gekozen de overdracht van de financiële middelen van de andere deelnemers aan de gemeente Ede in de vorm van een subsidie is niet geheel duidelijk. In ieder geval dienen de gelden ter beschikking te worden gesteld aan de kassier. Volgens artikel 5.5 verstrekt de kassier de subsidies middels subsidiebeschikkingen. Er zijn daartoe binnen Food Valley subsidieregelingen vastgesteld. Ook RDZL is bezig met dergelijke regelingen. 9 NOK's zijn nadere overeenkomsten op spoor-en werkpakket niveau, ook wel consortium agreements genoemd. 10 Volgens artikel 12.1 van de SOK is een penvoerder een van de Kennis-en Onderwijsinstellingen. Uiteraard dient en kan RDZI zelf ook per pijler een penvoerder aan te wijzen. De Spoorleider is een persoon werkzaam bij de betreffende penvoerder.

Indien voor een SOK wordt gekozen, zou voor wat de uitvoeringsorganisatie en daarbinnen de programmalijnen en fichesbetreft, moeten worden bekeken wie aan het hoofd van een programmalijn respectievelijk van een fiche opereert. De

financiële

—

Pagina 6

1.

Het governance vehikel is gebouwd om de huidige doelstellingen te realiseren; Opmerking: Met de constructie van het doelstellingen worden gerealiseerd.

2.

werken

overeenkomsten

met

Het organisatiemodel is schaalbaar om bij ervaren succes door te ontwikkelen een breder/ nieuw programma;

kunnen

voor

de beoogde

het realiseren van

Opmerking: Artikel 17 van de SOK Food Valley gaat over inwerkingtreding duur en beëindiging. Artikel 17.2 tweede volzin luidt: “Indien de Regio Deal wordt verlengd worden deze Overeenkomst en de in de Artikelen 16.2 17. 7 en 23. 1 van deze Overeenkomst genoemde termijnen alsmede de in het Uitvoeringsprogramma genoemde termijnen met dezelfde periode verlengd. ” Artikel 17. 3 luidt: “Partijen hebben de intentie om de samenwerking ook na de beëindiging van de Regio Deal voort te zetten. Partijen treden in het voorlaatste jaar van de Regio Deal met elkaar in overleg om vast te stellen (of en) hoe zij hier invulling aan willen geven. ” Artikel 17. 5 luidt: “Indien Partijen ervoor kiezen om na de beëindiging van deze Overeenkomst de samenwerking voort te zetten dan kan deze Overeenkomst door Partijen bij formeel besluit worden verlengd dan wel vernieuwd. In de verlengde/ vernieuwde overeenkomst kan een nieuwe structuur worden toegepast waarin ook andere (nieuwe) deelnemers kunnen toetreden. ” ,

,

,

,

,

,

,

In artikel 22 van de SOK Food Valley is een regeling opgenomen voor toetreding van andere partijen. Ook is een evaluatie opgenomen in artikel 23 SOK Food Valley. Kortom het organisatiemodel is schaalbaar. ,

3.

De governance borgt de verantwoordelijkheid van de betrokken overheden waarbij kennispartijen maatschappelijke organisaties en bedrijfsleven betrokken worden bij het realiseren van resultaten;

,

Opmerking: in de SOK Food Valley en het daaruit voortvloeiende organisatiemodel zijn de andere partijen uit de triple helix vertegenwoordigd met name in het Regionaal partneroverleg. Op spoorniveau zijn er stakeholdersoverleggen waarin kennispartijen maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven vertegenwoordigd zijn. De samenstelling van de stakeholdersoverleggen kan per spoor verschillen. In de RDZL kan dit worden ingeregeld in de uitvoeringsallianties die langs de programmalijnen kunnen worden vormgegeven. ,

,

,

,

4.

Het multihelix principe is een aanvulling op het basisprincipe dat de overheden hun overheidstaken de bijbehorende verantwoording en de aangegane verplichting in de context van de Regio Deal kunnen nakomen; ,

Opmerking: in de SOK Food Valley ligt het zwaartepunt bij de publiekrechtelijke partijen zowel in de regionale stuurgroep als in het regionaal directeurenoverleg evenals in de financiering. De maatschappelijke partijen de onderwijsinstellingen en de bedrijven treden aanvullend op. Bij RDZL kan dit in de organisatiestructuur op vergelijkbare wijze worden ingevuld. ,

,

,

5.

De governance is responsief voor de uiteenlopende belangen van de betrokken partijen; Opmerking: in aansluiting op de vorige opmerking kan worden gesteld dat met de uiteenlopende belangen van alle betrokken partijen rekening wordt gehouden. Dat volgt uit de beoogde doelstellingen

Pagina 7

de diverse sporen en werkpakketten niveaus worden betrokken. van

6.

,

evenals uit de wijze waarop alle stakeholders

op

diverse

In de kaderstelling worden de implicaties expliciet gemaakt voor de bijsturing en verantwoording tussentijds en achteraf. In het bijzonder ten aanzien van de verantwoordelijkheden van de afzonderlijke gemeenteraden; Opmerking: de regionale stuurgroep heeft de mogelijkheid tussentijds bij sturen van het uitvoeringsprogramma (art. 14 SOK). Geëxtrapoleerd naar de situatie bij de RDZL zou die bijsturing door de regiegroep en/of de klankbordgroep kunnen plaatsvinden. Er is ook een monitoringsplan met verschillende meetniveaus indicatoren en rapportagelijnen. Iets vergelijkbaars zou kunnen worden opgesteld voor de RDZL. ,

7.

Heldere spelregels ten aanzien van de bevoegdheden van de uitvoeringsorganisatie binnen en buiten de gestelde kaders; Opmerking: de spelregels staan in het uitvoeringsprogramma uitvoeringsallianties met programma’s).

8.

en

de sporen

(in termen

van

RDZL; de

Gedurende de uitvoering input ophalen over de relevante ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op de uitvoering van de Regio Deal bij de partners en de gemeenteraden; Opmerking: het ophalen van de input is in de SOK Food Valley geregeld in de governance op spoor-en werkpakketniveau (artikel 12).

9.

Op basis van het principe dat er een koppeling moet zijn tussen verantwoordelijkheid en zeggenschap zijn er verschillende vormen van betrokkenheid met bijbehorende verschillen in taken verantwoordelijkheden en bevoegdheden. Dit betekent dat partijen zich (in lijn met de bevindingen in het BRE-onderzoek) in meer of mindere mate laten vertegenwoordigen door anderen;

, ,

Dit is ingeregeld in de SOK Food Valley. Ook in het model voor de RDZL is sprake van vertegenwoordiging: in de regiegroep zitten vertegenwoordigers van de twee stedelijke gemeenten en één vertegenwoordiger van de landelijke gemeenten. 10.

De organisatie biedt flexibiliteit

,

zowel

op

het niveau

van

de overall regie als

van

de uitvoering;

Opmerking: dit is ingeregeld doordat op alle niveaus ruimte is gelaten voor aanpassing en reflectie. Dit kan ook in de beoogde structuur voor RDZL worden geregeld. 11.

De organisatie bevordert de slagkracht door in de uitvoering partijen de ruimte te geven om bij te dragen aan de realisatie van de doelen (waarbij zoveel mogelijk de koppeling is tussen verantwoordelijkheid zeggenschap en het beschikbaar maken van de capaciteit die daarvoor nodig is (zie ook ontwerpeis 9). ,

Opmerking: in de SOK Food Valley is dit op diverse niveaus (regionaal partneroverleg sporen en werkpakketten) geregeld. Indien binnen RDZL voor een SOK met uitvoeringsovereenkomsten wordt gekozen kan dat ook in die constructie worden gewaarborgd. ,

Pagina 8

Concluderend

kan worden

volledig

bestaat

termijn

de overeenkomst

wordt

voldaan

gesteld

dat binnen

uit overeenkomsten.

de

aan

kan het

in

uitvoeringsovereenkomsten,

Het

worden

de Food

voordeel

gemaakt.

rapport

Valley

gewerkt

deze wijze

van

Met

wordt

het

werken

letters of support,

SOK

een

(geanonimiseerd) gestelde |

van

governancestrucruur die

een

samenwerking

van

via

met

is dat

relatief

op

korte

uitvoeringsovereenkomsten

en

ontwerpeisen.

combinatie

De

uitvoeringsprogramma, monitoringsplan geeft

SOK,

van

op alle genoemde

ontwerpeisen zekerheid. is in RDZL het

De uitvoeringsorganisatie

In het advies

“

(geanonimiseerd) wordt daarover opgemerkt, bovenaan pagina 10: |

van

De keuze

dedicated

voor een

brengt de vervolgvraag zijn

er twee

smaken

aparte rechtsvorm

waar

de

regiegroep nadelen

wordt

bij

verschillende

voorgestelde

twee

IV.2

de

opties:

Samenwerking

in

programmabureau

wordt

aan

alle partners

voor

ondergebracht.

In de

praktijk

gemeente fungeert als ‘host’ voor het programmabureau.

geeft.

Beide

smaken

zich

met

vormen

van

brengen

Een

mee.

beide opties tegen elkaar

van

merkbaar inzet

en

juridische,

logische vervolgstap op

afgewogen

samenwerking

andere

in

een

deze

Of er

stichting

financiële, uitwerking

is

worden.”

een

organisatie

teruggekomen

de

op

gemeente als host of een stichting.

een

organisatie (al dan

een

dat zich zichtbaar

de uitvoeringsorganisatie in het leven geroepen, zoals

fiscale consequenties

en

het

waar

een

voor

sturing

voor-en

Hierna

mee

voorstelbaar:

een

arbeidsrechtelijke

programmabureau

zich

met

wordt

dat de

programmabureau.

rechtspersoonlijkheid)

niet met

Publiekrechtelijke of privaatrechtelijke inrichting? IV.2.1.

De

Publiekrechtelijk:

Gemeentewet

belangen. in

gaat in beginsel

Artikel 160

privaatrechtelijke

uit

van

lid 2 Gemeentewet rechtsvormen

publiekrechtelijke

bepaalt

dat het

openbaar belang.

gesteld,

de

is

overheidstaken,

wettelijke zoals

reden

De

dat

democratische

publiekrechtelijke bevoegdheden

kan

de

er

van

maatschappelijk onderwijs De

werken

de

regiodeal.

belang op Het

privaat belang

en

in een

triple

te merken

is duidelijk tot

de

dat

de

oprichting van

bedoeling bij

samen.

1.

Een

openbaar

2.

Een

gemeenschappelijk

3.

Een

bedrijfsuitvoeringsorganisatie (artikel 8.

orgaan

lid 1,

behartiging

en

rechtsvorm

waarborgen Een

publieke

van

de

deelneming

of

coöperaties)

het daarmee

van

als uitgangspunt

bij

andere

de

om

in

te

heeft

behartiging

reden

Wer);

(artikel 8, lid 2, Wgr); Lid 3,

in

een

veel private partners betrokken

Wer biedt verschillende mogelijkheden:

(artikel 8,

de

regiodeal plaatsvindt de uitvoering

gecoördineerde samenwerking

helix-structuur

lichaam

behartiging

van

voor

een

beginsel

geen

ingebracht.

constructie.

de uitvoering

de

privaatrechtelijke rechtspersonen

in

van

van

voor

openbaarheid.

en

zijn dat

kunnen worden

geacht

publiekrechtelijke

Op zich is het denkbaar dat samenwerking in het kader

Hierbij is echter

slechts tot de

publiekrechteliijjke

van

controle

kiezen

te

worden

moet

de wetgever

toepasselijkheid

publiekrechtelijke vormgeving

college

voor

(bijvoorbeeld stichtingen, vennootschappen, verenigingen

besluit, indien dat in het bijzonder aangewezen dienen

rechtsvormen

Wgr);

te

van

komen.

de

publiekrechtelijke moeten

regiodeal

worden

vanuit

bij

publiek,

Overheid, ondernemingen

en

Pagina 9

4. 5.

Een centrumgemeenteregeling (artikel 8 lid 4 Wgr) De gemeenschappelijke regeling zonder meer (artikel 1 lid 1Wgr) ,

,

,

,

Een korte toelichting op deze diverse mogelijkheden: Ad 1. Een openbaar lichaam.11 Gemeenten die deelnemen aan een openbaar lichaam kunnen vrijwel alle taken en bevoegdheden (zowel raadstaken als collegetaken) delegeren aan het openbaar lichaam. Dit is echter een “zware” vorm van een GR met een Algemeen Bestuur (AB) een Dagelijks Bestuur (DB) en een voorzitter. Het algemeen bestuur staat aan het hoofd van het openbaar lichaam en mag zich richten naar het eigen/gemeentelijk belang. 12 Het dagelijks bestuur behartigt het organisatiebelang. Het algemeen en dagelijks bestuur alsook de positie van voorzitter wordt (afhankelijk van de vormgeving van het openbaar lichaam en het orgaan dat de regeling heeft ingesteld) gevormd door raadsleden collegeleden en/of burgemeesters van de deelnemende gemeenten. 13 Zo kunnen de verschillende gemeenten sturing en invloed houden. De bestuurlijke druk(te) kan echter als een nadeel worden gezien. ,

,

,

Ad 2. 14 Een gemeenschappelijk orgaan. Dit zijn regelingen van een eenvoudige aard veelal met een enkelvoudige beperkt omschreven doelstelling. Ze kennen geen geleed bestuur en ook geen rechtspersoonlijkheid. Door het ontbreken van rechtspersoonlijkheid kan het gemeenschappelijk orgaan als zodanig niet deelnemen aan het privaatrechtelijke rechtsverkeer en dus geen privaatrechtelijke overeenkomsten aangaan. ,

,

Ad 3. De bedrijfsvoeringsorganisatie is bedoeld voor uitvoerende en bedrijfsvoeringstaken die naar hun aard vanwege hun beleidsneutrale karakter niet vragen om een zware bestuurlijke aansturing. Een bedrijfsvoeringsorganisatie heeft een enkelvoudig bestuur. De regeling mag alleen worden getroffen “ter behartiging van de sturing en beheersing van ondersteunende processen en van uitvoeringstaken van de deelnemers. ” 15 De regeling wordt uitsluitend getroffen tussen colleges van B&W. Het gaat bij een bedrijfsuitvoeringsorganisatie dus om ondersteunende processen (personeelsadministratie ICT huisvesting) of om uitvoerende taken (afvalverwijdering inkoop) ,

,

,

,

,

Ad 4. Een centrumregeling 16 is een constructie waarbij een gemeente (of eventueel meerdere gemeenten) als “centrumgemeente” wordt aangewezen en de overige deelnemende gemeenten bestuursbevoegdheden mandateren aan die centrumgemeente. Hierbij hoeft geen nieuwe organisatie te worden opgezet en is er geen sprake van rechtspersoonlijkheid van de GR. Door het ontbreken van rechtspersoonlijkheid kan de Centrumregeling als zodanig niet deelnemen aan het privaatrechtelijke rechtsverkeer en dus geen privaatrechtelijke overeenkomsten aangaan. Alle activiteiten worden in feite ondergebracht binnen de centrumgemeente of in een organisatie die wordt aangestuurd door de centrumgemeente (bijvoorbeeld een stichting waarvan de centrumgemeente enig bestuurder wordt of meerdere vennootschappen waarvan de centrumgemeente aandeelhouder wordt). Het is de centrumgemeente die de regie heeft. Deze heeft geen specifieke toestemming nodig voor ieder besluit dat binnen het mandaat past. Er is geen sprake van een

11 Artikel

8 lid 1 Wgr. 12 Wgr. 13 Artikel 13 en 14 Wgr. 14 Artikel 8 lid 2 Wgr 15 Artikel 8 lid 3 Wgr. 16 Artikel 8 lid 3 Wgr. 12 Artikel

Pagina 10

gemeenschappelijk afstemmings- of beslisorgaan zodat de overige deelnemende gemeenten bij de uitvoering geen bestuurlijke zeggenschap hebben. Dit neemt niet weg dat de centrumgemeente wel steeds namens de overige deelnemende gemeenten (mandaatgevers) handelt. De overige deelnemende gemeenten blijven daarom ook zelf juridisch verantwoordelijk. Het is om die reden dan ook van belang om de taken in het kader van het verleende mandaat duidelijk te omschrijven zij het dat het niet mogelijk zal zijn om bij voorbaat in alle situaties te voorzien. Overigens zou een deelnemende gemeente een besluit opnieuw kunnen nemen als deze het met het door de centrumgemeente genomen besluit niet eens is. ,

,

Ad 5. Bij een gemeenschappelijke regeling zonder meer 17 kunnen bestuursorganen van verschillende gemeenten afspreken hoe zij met hun bevoegdheden zullen omgaan. Er is geen sprake van overdracht of mandatering van bevoegdheden. Het is bruikbaar in het geval twee of meer gemeenten gezamenlijk een belang willen behartigen dat geen zelfstandige bestuurlijke voorziening vereist. Dit lijkt voor de Regio Deal geen optie. Intermezzo: redenen

om

niet voor een gemeenschappelijke regeling te kiezen.

In een opdracht van het ministerie van BZK heeft BMC Advies in 2016 een onderzoek verricht naar de ervaringen met de deelname van private partijen aan een gemeenschappelijke regeling 18 .

De hoofdvraag luidde: “ Waarom kiezen samenwerkende overheden en private partijen voor privaatrechtelijke samenwerking en niet voor een publiekrechtelijke samenwerking op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr)?” Hierover wordt opgemerkt: “ Voor de beantwoording van de vraag kan aan de ene kant mogelijk gewezen worden op praktische en andere belemmeringen die voortkomen uit de wet zelf. Aan de andere kant spelen ook politiekbestuurlijke factoren een rol. Publiek-private samenwerking op basis van de Wgr betekent voor de deelnemende partijen bijvoorbeeld een wat zwaardere politieke verantwoording complexere sturing en langere besluitvormingstrajecten. Private partijen kunnen daarvoor terugschrikken. Tegelijkertijd kan er- zeker bij een meer structureel en professioneel karakter van publiek-private samenwerkingbehoefte zijn aan een goede democratische verankering van sturings- controle- en verantwoordingsmechanismen. ” 19 ,

,

20 In de bevindingen van het onderzoek wordt het volgende geschreven:

“Van de andere veertien samenwerkingsverbanden hebben er zes een stichting als juridische grondslag twee een bv drie een convenant één een hoofdlijnenakkoord en één een intentieverklaring. Tot slot is één samenwerkingsverband gestoeld op een coöperatievorm. ” ,

,

,

Publiek-private samenwerking op het gebied van economische structuurversterking en innovatie vindt met name plaats via stichtingen. Een van de onderzochte samenwerkingsverbanden in dit verband betrof een nv. Daarmee is duidelijk dat de juridische vormgeving van publiek-private samenwerking aanzienlijk diffuus is. Dat geldt voor alle beleidsvelden en niveaus van de onderzochte samenwerkingen (strategisch tactisch operationeel). ” ,

,

17 Artikel

1 lid 1 Wgr Dr. J. M. E. Traag , J. de Wit Msc , , “Onderzoek naar de deelname samenwerkingsverbanden” , BMC Advies , april 2016. 19 Idem , blz. 2/24. 20 Idem , blz. 16/24. 18

van

private partijen aan

intergemeentelijke

Pagina 11

Vervolgens worden redenen

aangegeven waarom

niet is gekozen voor een gemeenschappelijke regeling:

De wijze van democratische controle die een Wgr met zich meebrengt. Private partijen voelen zich niet geroepen om verantwoording te moeten afleggen aan de gemeenteraden. De bureaucratie de lange besluitvormingsprocessen en de daarmee gepaard gaande uitvoeringslasten…het niet snel kunnen schakelen in een GR Te veel overheidsgestuurd. Werken in projecten past niet bij de structuur van een meer bureaucratische gemeenschappelijke regeling In een GR kunnen kleinere partijen via de besluitvorming (gewogen stemming) worden gedwongen. In een stichting hebben alle partijen eenzelfde stem PPS brengt onzekerheid met zich mee. Dat kan niet worden dichtgemetseld in een gemeenschappelijke regeling. Het ontbreekt aan flexibiliteit Het belang van zachte factoren. Samenwerking op basis van vertrouwen en gezag heeft de voorkeur boven het formaliseren via een gemeenschappelijke regeling Waarom voor een ingewikkeld construct kiezen?: veel partijen geven aan de samenweking lean and mean te willen borgen en dan ligt een stichtingsvorm meer voor de hand. ,

Daarnaast zijn er ook nog wettelijke belemmeringen voor private partijen om deel te nemen aan een GR: Artikel 20 Wgr besteedt aandacht aan ‘verboden handelingen’. Leden van het bestuur van een openbaar lichaam mogen geen werk aannemen leveranties doen en buiten dienstbetrekking verrichtingen doen voor het openbaar lichaam tegen betaling. Deze bepaling kan nadelig zijn voor marktpartijen die deelnemen aan een gemeenschappelijke regeling. Zo kan een private partij die deelneemt aan een gemeenschappelijke regeling geen opdrachten doen in het gebied waarop de regeling betrekking heeft. Bovendien kan een private partij alleen deelnemen aan een gemeenschappelijke regeling als deze hiervoor een machtiging van de Kroon verkrijgt (artikel 93 lid 2 Wgr- zie ook hierna); Ook aanbestedingsrechtelijke aspecten kunnen een drempel vormen voor private partijen om op basis van de Wgr te gaan samenwerken met publieke partijen. Een gemeenschappelijke regeling is doorgaans te kwalificeren als een aanbestedende dienst.

Daarnaast geldt de Algemene wet bestuursrecht in geval van een gemeenschappelijke regeling en dat betekent dat een private partij dan te maken krijgt met bezwaar-en beroepsprocedures; iets waar private partijen van terugschrikken en (liever) niet mee te maken willen hebben Ook de Wet openbaarheid van bestuur die geldt voor gemeenschappelijke regelingen kan voor private partijen lastig zijn zeker als er bepaalde bedrijfsbelangen spelen die concurrentiegevoelig zijn. ,

,

,

In het onderzoek van BMC wordt geconcludeerd: “De voornaamste redenen om niet te kiezen voor een gemeenschappelijke regeling zijn de democratische controle de lange besluitvormingsprocessen verlies aan autonomie en het niet snel kunnen schakelen in een gemeenschappelijke regeling. Overigens kwamen deze geluiden niet alleen van de kant van de private partijen. Ook de overheden zelf gaven nogal eens om die reden de voorkeur aan en stichting in plaats van aan een gemeenschappelijke regeling. ,

,

De Wgr zelf biedt verschillende belemmeringen voor private partijen om deel te nemen aan een gemeenschappelijke regeling. Ook de werking van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) 21 en de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in geval van een gemeenschappelijke regeling kunnen voor private partijen redenen zijn hier niet voor te kiezen.

21 Inmiddels

de Wet open overheid (Woo)

Pagina

12

De voornaamste

achterliggende redenen om te kiezen voor een private grondslag voor de samenwerking alternatief voor een publieke grondslag waren: _Ineen stichting, convenant of coöperatievorm behouden deelnemers hun autonomie; e _ De besluitvormingsprocessen zijn eenvoudiger e _ Men is wendbaarder bij nieuwe ontwikkelingen en kan daar sneller op inspelen; © Een stichting, convenant of coöperatie heeft niet het imago van een overheidsgestuurde organisatie” als

Een

belangrijk

element

van

private partijen werken Uit het onderzoek

de Regio Deal is de

BMC Advies

van

samenwerking

in triple helix-verband; overheid,

onderwijs en

samen.

komt

naar

voren

dat

samenwerking

alleen door middel

van

een

gemeenschappelijke regeling in het kader van deniet de voorkeur geniet. Wij delen die mening. Als er al met een Wgr-structuur wordt gewerkt dan is dat hoogstens aanvullend en kan dat niet de enige structuur zijn waarbinnen de samenwerking in het kader van de RGZL plaatsvindt. De Wer is in feite

een wet die samenwerking tussen met name publiekrechtelijke partijen regelt. mogelijk dat private partijen deelnemen aan een gemeenschappelijke regeling. Hoofdstuk VIIl van de WGR, met name de artikelen 93 en 96 WGR, biedt daartoe de mogelijkheid. Voor deze private partijen geldt dat de bevoegdheid om deel te nemen aan samenwerkingsverbanden op grond van de WGR moet volgen uit hun statuten. Alvorens private partijen kunnen deelnemen aan een WGR-regeling moet eerst een machtiging aan de regering worden gevraagd; dat dient te geschieden bij Koninklijk Besluit (KB). Vanwege deze omslachtige wijze van het betrekken van private partijen bij een op te richten gemeenschappelijke regeling, en het feit dat private partijen wel een plek dienen te krijgen in de samenwerking, is samenwerking onder de gr geen voor de hand liggende optie. Daar komt, los van deze omslachtigheid van het betrekken van private partijen bij een gemeenschappelijke regeling, nog bij dat het vaststellen van een gemeenschappelijke regeling een langdurig proces is met vereiste goedkeuring van alle deelnemende gemeenten en de noodzakelijke KB's.

Het is wel

Uitwerking door middel van centrumregeling Als wordt

gedacht aan het publiekrechtelijk institutionaliseren van het programmabureau dan lijkt een centrumregeling het meest voor de hand te liggen. De gemeente Maastricht is ook al aangewezen als regiokassier (art. 6 Regio Deal Zuid Limburg). Het is voorstelbaar dat, naast het tot stand brengen van een samenwerkingsovereenkomst waarin de afspraken tussen de diverse publieke en private partners worden vastgelegd, tussen de deelnemende gemeenten een centrumregeling tot stand wordt gebracht. De gemeente Maastricht is dan de centrumgemeente. Het programmabureau wordt dan ingebed in de organisatie van de gemeente Maastricht. Zoals hiervoor aangegeven

beslist de gemeente

Feitelijk ontstaat dan e

een

soort

Maastricht op basis

hybride

van

door de andere gemeenten

gegeven

mandaat.

structuur:

_ Het programmabureau als centrumgemeenteregeling. Daar moet

dan

regeling voor worden gemaakt. In deze regeling kunnen de taken verantwoordelijkheden verantwoordingsrelaties met de gemeenten worden uitgewerkt. Nadeel hiervan is dat de centrumgemeenteregeling geen eigen rechtspersoonlijkheid bezit maar dat kan worden opgelost door in de centrumgemeenregeling en/of in de daarnaast te sluiten samenwerkingsovereenkomst de uitvoeringsorganisatie in te regelen bij de gemeente Maastricht en een

constituerende

en

en

de

mandaat dan wel volmacht te geven. e

Een en

civielrechtelijke samenwerking uitgewerkt in een samenwerkingsovereenkomst waarin de rechten plichten van de betrokken partijen worden uitgewerkt. Daarnaast per pijler aangevuld met nadere

overeenkomsten.

Met

een centrumgemeenteregeling, mits gecombineerd met een uitwerking in een samenwerkingsovereenkomst, kan ons inziens, evenals bij een keuze voor uitsluitend

overeenkomsten, worden voldaan

aan

de ontwerpeisen

van

(geanonimiseerd) Aangezien |

het werken er, naast

met

het inrichten

van

Pagina 13

centrumregeling toch ook de noodzaak zal bestaan voor het maken van de samenwerkingsovereenkomst kan op dat punt worden verwezen naar de bespreking hiervoor van de ontwerpeisen in geval van een keuze voor een samenwerkingsovereenkomst. een

,

Wij vragen ons hier wel af of een centrumregeling toch niet te zeer de indruk wekt dat alles draait om de centrumgemeente ook al wordt in de samenwerkingsovereenkomst geregeld dat deze mede afhankelijk is van de andere partners. Het nadeel van een centrumgemeenteregeling is immers dat alles met mandaat moet worden neergelegd bij één uitvoerende gemeente en dat zo’n regeling geen rechtspersoonlijkheid bezit. Dat bemoeilijkt het optreden in het rechtsverkeer. ,

In het BRE-advies wordt specifiek voor de twee deelregio’s van Zuid-Limburg waarvoor de RDZL geldt opgemerkt: “ In de Westelijke Mijnstreek en in Maastricht Heuvelland is de samenwerking losser georganiseerd met onderlinge afstemming maar zonder gezamenlijke coördinatie of uitvoering. In deze subregio’s lijkt een ‘centrumgemeentedynamiek’ te gelden hetgeen minder geldt voor Parkstad Limburg. ” 22 Verder staat in het BRE-advies ten aanzien van het werken met een centrumgemeenteregeling: ,

,

“We zien een gebrek aan echt gelijkwaardige samenwerking tussen de gemeenten en subregio’s. Dit uit zich in de vereniging van de centrumgemeenten ‘tegenover’ het Middengebied – en andersom. Het lukt niet goed om samen gelijkwaardig één richting te bepalen en daar samen op basis van vertrouwen en gelijkwaardigheid mensen en middelen aan te koppelen. ” 23 en

“Échte gelijkwaardigheid in de samenwerking brengen. Het staat vast dat de centrumgemeenten in de regio een belangrijke rol spelen vanwege beschikbare kennis kunde en slagkracht. Maar om de ‘wij-zij’ dynamiek te doorbreken is het volgens ons belangrijk om richting de toekomst meer aandacht te hebben voor gelijkwaardigheid in de onderlinge samenwerking. ” ,

In het BRE-advies wordt dus gewezen op de (mogelijke) nadelen van het werken met een centrumgemeenteregeling; met name een gebrek aan gelijkwaardigheid wordt daarbij genoemd. Wat betreft een reden om voor de RDZL eerder niet voor een centrumgemeenteregeling te opteren.

ons

IV. 2. 2. Privaatrechtelijk: Ook het werken met privaatrechtelijke partijen komt in de praktijk zeker voor bij de uitwerking van Regiodeals bijvoorbeeld bij Brainport Eindhoven.

,

Intermezzo: De actoren bij een stichting of naamloze of besloten vennootschap. Ter voorkoming van verwarring bij de onderbouwing welke privaatrechtelijke rechtspersoon het meest passend is benoemen wij hierna eerst kort de relevante actoren. ,

1. Het bestuur / de bestuurder(s): Het bestuur is belast met de leiding van de rechtspersoon (stichting of vennootschap) en vertegenwoordigt deze waarbij het bestuur zich primair op het belang van de rechtspersoon dient te richten. Meer specifiek dient het bestuur zorg te dragen voor het goed functioneren van de NV/BV het bepalen en tot uitvoering brengen van

,

,

22 Peter Teunisse e.a. , Eindrapport Bestuurlijk

9 en verder ook op pagina 13. 23 BRE-advies , pagina 18.

Regionaal Ecosysteem Zuid-Limburg , Berenschot , 2023 (verder: BRE-advies) , pag.

Pagina

strategie

beleid, het beheren

en

van

het vermogen

14

het

en

voeren

de

van

dagelijkse leiding van

de

NV/BV.

2. De aandeelhouder: Deze komt houdt de

bij een stichting aandelen

in de

aandeelhouders

van

bestuurder(s)

(waarbij

volledig

niet

ontwikkeling zake.

de

kan

In principe

maken

daar

en

zo

bestuurder

orgaan

vennootschap

kan

zijn

een

van

voordracht

zijn eigen belang,

maar

aandeelhouder/AVA

strategie

en

beleid

gaat

kan

en

door

kan

achteraf zijn opvattingen

nodig consequenties

voor

de positie

het

ook

op

een

succesvolle

belang

deelnemen

de

van

de

in

om

de

besluitvorming

ter

bestuur

RvC

aan

verbinden.

beleid

en

het recht

grond

op

waarvan

is.

3. De raad

commissarissen kort

gezegd

primair op het belang

—

In de

omdat

met

de bestuurder

aan

bepaalde

voor

besluiten

(bij vennootschappen) / raad

toezicht op het beleid

de

van

aanwijzingen

om

van

praktijk zal hij

hierover

wensen

de

van

een

regeling

voorafgaande goedkeuring

van

(bij stichtingen) (hierna: “RvC/RvT”):

toezicht

van

kenbaar

heeft de AVA tot

kan in de statuten

en

het bestuur

van

de strategie

en

geven?

te

het

de RvC

en

en

De

vennootschap als

nemen

aan

en

ontslaat de

en

commissarissen).

van

initiatief

strategie

van

benoemt

hierover

het bestuur

uitvoering

algemene vergadering

De en

raad het

geen

ook niet

dan

van

de

daarbij

mag

De

niet

de AVA vereist

Deze houdt

hoogste

meer

neergelegd

—

vennootschap.

de

De aandeelhouder

aan de AVA moet afleggen wel rekening houden de opstelling en (zolang het belang van de rechtspersoon niet in het gedrang komt). Bovendien

hoogte

van

van

binnen

verliezen.

van

vennootschap.

is in feite de eigenaar

—

aandeelhouders

worden

oog

de AVA

met

—

verantwoording op zekere

het

naamloze of besloten

en

richt zich primair op

uit

bij een

is het

sprake

nog

alleen

maar

vennootschap

vaststelling

en

voor

(hierna: “AVA”)

aandeelhouder/AVA ook

niet

het bestuur.

De

RvC/RvT

richt zich dan ook

rechtspersoon.

Stichting: Een

stichting

heeft geen

winstoogmerk,

Wanneer winst wordt

gemaakt,

sociale

of ideële

van

tekorten

kunnen

de deelnemende de gemeenten

Als de een

doel

worden

memo

stichting. Winstgevendheid

is dan

die deelnemen

in de

een

organen

en

geld

extra

van

maatschappelijk,

een

gebruikt

aangevuld

organisatiestructuur in

maar

dient deze te worden

gemeenten

stichting passende

uit de

de

dan

meer

geld

hoeven

beschikbaar

stichting, hetgeen stichtingsvorm

moeten

in beeld die

zou

uitdrukking

een

het bereiken

ook zeker

komt

bij te storten. als

sociaal of ideëel doel. voor

voor

niet

het

van

maatschappelijke,

onwenselijk,

het bereiken

van

omdat

Eventuele winst kan niet worden nadeel

kan

worden

zouden

geven

worden

daarmee

het doel, zonder dat

uitgekeerd

aan

beschouwd.

gegoten dan kunnen daarbij diverse bij aan

het

organisatiemodel

zoals dat

volgt

Van de Bunt:

Governancemodel | (geanonimiseerd)

Stichting bestuursmodel

Stichting

Raad

van

Toezichtmodel

Rijk-Regio-overleg

(art.

7

Regiodeal

| Het overleg (art. 6

Zuid-Limburg)

Valley)?

Regiegroep

Dagelijks

Klankbordgroep

Algemeen

Programmabureau

Kantoor

Regio Deal

bestuur bestuur

Regiodeal / directie

Food

Dagelijks

bestuur

Raad

Toezicht

van

Kantoor

Regiodeal/

directie

Uitvoeringsalliantie

Stakeholders-overleggen

Stakeholders-overleggen

Coalitie Regio Deal

Raad

Raad

Kassier

Kassier

Hierbij

kan

onderscheid

4

Bij de

NV

2%

Deze

artikelen

is die

worden

gemaakt

van

tussen

mogelijkheid beperkter dan bij de BV. zijn grotendeels gelijkluidend.

Advies

van

Advies

Kassier

een

stichting

met

een

traditioneel

bestuursmodel

en

een

Pagina

stichting

met

een

Stichting

met

bestuursmodel

De

Raad

Toezichtmodel.

van

uit drie?®

bestaande

regiegroep,

bestuurlijke

15

klankbordgroep

portefeuillehouders,

aangewezen het

vormt

algemeen

bestuur

kan

het

waarin

alle

dagelijks

bestuur

De

vormen.

deelnemende

gemeenten

vertegenwoordigd zijn. Het

programmabureau bestuur.

dagelijks

Coalitie

De

is hier geen

Er kan

regiodeal,

Alle

de kassier

van

worden

overwogen

waarin

vormgegeven als een Raad De positie

separate juridische entiteit maar valt onder de verantwoordelijkheid separate

directeur

ook

private partijen vertegenwoordigd

publieke

de

te stellen

aan

met

het

van

volmachtregeling.

een

zijn, kan

worden

Advies.

van

de

en

de

naast

een

inbedding

onderlinge verhoudingen

kunnen

de

van

in de

uitvoeringsalliantie

oprichtingsstatuten

verder worden

moet

eventueel

en

in

uitgewerkt.

uitvoeringsregelingen

worden

vastgelegd. Stichting

met

Raad

Toezichtmodel

van

Ook hier vormt de Regiegroep De rest

In dit

de organisatie

van

stichtingsmodel

regiegroep De

geborgd

invulling

dat zowel de

publieke

deelnemers

Ook hier

geldt

onderwijsinstellingen weer

andere woorden

Samenvattend

De

verder

dat aandacht

het verstrekken

en

voor

Raad

van

Toezicht.

bestuursmodel.

de directeur-bestuurder

een

centrale

positie

in. De

statutair

goed

worden

iets verder op afstand te staan.

uitgedacht,

(de gemeenten),

ook

maar

hier

moet

besluitvorming,

qua

maatschappelijke partners),

en

de private deelnemers

participatie,

qua

gegeven

aan

de wijze waarop

de

in

een

stichting waarbij

nog

(de

positie verkrijgen.

een

financiering verloopt,

met

de subsidies.

van

wordt

samenwerking

Evenals hiervoor

met

voor

van

verder

geregeld

dit

geval

moet

In

de taken,

betrekking

samenwerkingsovereenkomst,

of een raad

wordt

samenwerkingsovereenkomst hoe het zit met

vormgegeven

bestuursmodel

een

overeenkomsten.

keuze

met

is dus denkbaar:

gemaakt

een

met

worden

dient te worden

gehele samenwerking

De

de

klankbordgroep vervult hier de rol van

Stichting

programmabureau

moet

bedrijven,

e

het

neemt

bestuur. De

hiervan

de

e

blijft

dagelijks

hetzelfde als bij de

zeker de Coalitie Regio deal komen

en

precieze

het

worden

bevoegdheden tot

werd

een

en

worden

een

samenwerkingsovereenkomst

en

nadere

en

in

de

statuten

hoe de

verhouding

in

de

van

verantwoordelijkheden

met

kan

bij

een

keuze

voor

stichting

is tussen

een

overeenkomsten, worden voldaan

de

de betrokken partijen

en

de diverse partijen.

van

centrumgemeenteregeling, gecombineerd

geconcludeerd

het uitsluitend werken

kan

toezichtmodel;

via

vastgelegd

keuze

een

met

een

stichting

ons

aan

uitwerking inziens,

de ontwerpeisen

in

een

evenals van

bij

(geanonimiseerd) |

(geanonimiseerd) Aangezien er, ten behoeve van de werking en inrichting van een stichting, toch ook de noodzaak zal bestaan | voor

het

maken

van

de

samenwerkingsovereenkomst

hiervoor

van

de ontwerpeisen

in

In

van

de

een

2

geval

oprichting

van

geval

van

stichting

een

keuze

kan

op

voor

een

door gemeenten

Er kan ook worden gekozen voor vijf leden van de regiegroep. stemverhouding (met normale meerderheid van stemmen).

dat

verwezen

naar

de

bespreking

samenwerkingsovereenkomst.

geldt Het

punt worden

artikel

gaat

met

160, lid 2, Gemeentewet: name

om

een

oneven

aantal, gelet

op

de

Pagina 16

“ Het college besluit slechts tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen maatschappen vennootschappen verenigingen coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. Het besluit wordt niet genomen dan nadat de raad een ontwerp-besluit is toegezonden en in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen. ” ,

,

,

,

,

Het College van B&W is dus bevoegd tot het oprichten van een stichting maar dient daarvoor in een zogenaamde voorhangprocedure wel de gemeenteraden te consulteren. ,

,

De keuze voor oprichting van een deelneming in – in dit geval- een stichting dient “in het bijzonder aangewezen te worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. ” Er is dus een voorkeur voor publiekrechtelijke taakbehartiging. In het geval van de RDZL waar het doel van de samenwerking niet alleen in het publieke domein ligt maar ook samenwerking met de triple helix partners wordt beoogd wordt ons inziens voldaan aan het in de wet gestelde criterium. Zou de samenwerking uitsluitend tussen de deelnemende gemeenten plaatsvinden dan zou het oprichten van een separate stichting minder goed verdedigbaar zijn. In verhouding tot het uitsluitend samenwerken door middel van overeenkomsten biedt het oprichten van een stichting meer institutionele zekerheid en in het vormgeven van de onderlinge verhoudingen tussen de diverse gremia van de op te richten stichting kunnen ook de publieke- en de private belangen elk op basis van inbreng zeggenschap financiering etc worden geborgd. ,

,

,

,

,

,

,

Naamloze of besloten vennootschap: In een NV/BV 27 zullen de gemeenten als aandeelhouders dus als (mede-)eigenaren van de NV/BV samenwerken. Aangezien aandeelhouders in de AVA hun stemrecht in principe mogen gebruiken om hun eigen belangen te dienen bestaat in geval van een samenwerking via aandeelhouderschap in een NV/BV wel meer ruimte voor het eigen belang van de gemeenten. De aandeelhouders benoemen het bestuur dat uit één of meer bestuurders kan bestaan. Het bestuur is belast met het besturen van de NV/BV en bepaalt de strategie en het beleid. Daarbij dient het bestuur zich primair naar het belang van de NV/BV en niet naar dat van de aandeelhouders/gemeenten te richten. Wel zal het bestuur verantwoording moeten afleggen aan de aandeelhouders. Indien er een verschil van inzicht over de strategie en het te voeren beleid bestaat kan de AVA daaraan consequenties verbinden voor de positie van de bestuurder en bijvoorbeeld tot ontslag overgaan. In de praktijk zal de bestuurder doorgaans dan ook rekening houden met de wensen en belang van de aandeelhouders zolang dat niet botst met het belang van de NV/BV (anders riskeert de bestuurder bestuurdersaansprakelijkheid). In een NV/BV bestaat tot op zekere hoogte dus wel degelijk ruimte voor het belang van de gemeenten als aandeelhouders.

Overigens is het mogelijk om voor bepaalde bestuursbesluiten zelfs te bepalen dat voorafgaande goedkeuring van de AVA noodzakelijk is. In tegenstelling tot de stichting heeft een NV/BV als onderneming in beginsel wel winstoogmerk. De winst kan uiteraard worden aangewend voor de ondernemingsactiviteiten maar ook als dividend aan de aandeelhouders worden uitgekeerd als deze te hoog oploopt. Of een NV/BV voor de hand ligt voor de gewenste samenwerking is de vraag. Om te beginnen is de vraag of er sprake is van een winstoogmerk van de Regio Deal. Volgens de in de considerans van de RDZL opgenomen algemene overwegingen lijkt dat niet het primaire doel. ,

,

,

,

,

,

,

Bovendien is het de vraag in hoeverre de verschillende belangen van de gemeenten en van de deelnemende civiele partners binnen de structuur van een NV/BV voldoende kunnen worden gewaarborgd. 28 27 De

verschillen tussen BV en NV zijn voor dit memo niet van belang. wil overigens niet zeggen dat niet op bepaalde uitwerkingsniveau’s toch nog met een BV of NV wordt gewerkt. Dat zien men bijvoorbeeld bij Brainport , waar een combinatie van BV , NV en stichting plaats vindt. In de RDZl zien wij daar vooralsnog 28 Dat

Pagina 17

V.

SAMENVATTING

In deze notitie stond de volgende vraag centraal: Op welke wijze kan het voorgestelde organisatie-en governancemodel juridisch worden vormgegeven en welke variant geniet daarbij de voorkeur? Wij hebben een tableau geschetst van samenwerking enerzijds via overeenkomsten en nadere overeenkomsten en anderzijds via op te richten structuren al dan niet met rechtspersoonlijkheid. Op grond van een situatie in een andere regio (Food Valley) 29 is geschetst hoe de samenwerking vorm zou kunnen worden gegeven uitsluitend langs de weg van het sluiten van overeenkomsten en nadere overeenkomsten. Dit heeft als voordeel dat deze wijze van samenwerking relatief snel zou kunnen worden vormgegeven zonder dat nog nadere besluitvorming zou moeten plaatsvinden zoals wel vereist is indien nieuwe structuren worden gevormd. ,

,

Andere mogelijkheden zijn het tot stand brengen van een separate organisatie waarbij onderscheid kan worden gemaakt tussen samenwerkingsvormen op grond van de Wgr en samenwerking in het kader van een civielrechtelijke rechtspersoon. Daarbij is ook nog aandacht gegeven aan de bijzondere en belangrijke positie van het programmabureau. Hierbij zijn twee voorstelbare modellen geschetst om het programmabureau in te bedden: Het programmabureau als centrumgemeenteregeling met daarnaast een samenwerkingsovereenkomst en uitvoeringsovereenkomsten; Het programmabureau als onderdeel van een afzonderlijke stichting ook hier met daarnaast een samenwerkingsovereenkomst en uitvoeringsovereenkomsten. ,

Daarnaast is ook nog aandacht gegeven aan het vormgeven van de gehele organisatie in NV/BV. Dit laatste model geniet niet de voorkeur. VI.

CONCLUDEREND

Wij menen te kunnen concluderen dat het niet goed voorstelbaar is dat de samenwerking in het kader van de RDZL alleen wordt vormgegeven binnen een Wgr-constructie. Dit biedt toch te weinig armslag voor de deelname door de private partijen. Daarnaast worden in het aangehaalde BMC-advies ook nog diverse nadelen van het werken in Wgr-verband genoemd voor zover dat dient samen te gaan met private partijen. ,

Samenwerking uitsluitend door middel van het sluiten van een samenwerkingsovereenkomst (met uitvoeringsovereenkomsten) lijkt mede omdat dit in een andere Regio Deal al is uitgevoerd een goede optie. Dit is zeker een goed startpunt om mee te beginnenAls eerst een samenwerkingsovereenkomst en ,

,

geen noodzaak toe. 29 Er zijn ook andere voorbeelden van samenwerking door middel van overeenkomsten bekeken , bijvoorbeeld de SOK Regio

Deal Zuid-en Oost Drenthe , de SOK Regiodeal Nordwest-Fryslan , SOK Regiodeal Veluwe. De samenwerkingsconstructie binnen de Regio Deal Food Valley geeft , onder meer vanwege de gehele structuur met SOK , uitvoeringsprogramma , monitoringsplan , organogram en roadmap , een format op basis waarvan de samenwerking binnen de RDZL kan worden vormgegeven. Indien wordt gekozen voor een vormgeving door middel van een SOK dan verdient het aanbeveling de verschillende samenwerkingsovereenkomsten te bekijken en daarbij te zoeken naar de structuur die het best aansluit bij de RDZL.

Pagina 18

uitvoeringsovereenkomsten worden gemaakt dan kan ervaring worden opgedaan met het werken binnen deze structuur en dan kan dit tevens de opmaat vormen naar het oprichten van een stichting. De diverse gremia uit de samenwerkingsovereenkomst kunnen dan in de stichtingsstructuur worden opgenomen en verder worden uitgewerkt. Op die manier wordt ook beter gewaarborgd dat de samenwerking na afloop van de Regio Deal kan worden voortgezet en is het voor toekomstige partners duidelijker waarbij ze aanhaken. Bovendien kan zo’n stichting gemakkelijker worden ingezet voor eventuele derde-geldstromen en voorts vergroot een stichting de zichtbaarheid naar buiten toe. Een alternatief voor het oprichten van een stichting is verlenging van de overeenkomsten. Ook daarmee kan de samenwerking schaalbaar zijn maar wij neigen als uiteindelijk model toch meer naar de stichting die dan voortbouwt op c. q. mede wordt gereguleerd door het bepaalde in de samenwerkingsovereenkomst. ,

,

Dat betekent dan wel dat hiertoe besluitvorming dient plaats te vinden in de diverse betrokken gemeenten. Zoals gezegd ligt als voor een dergelijke structuur wordt gekozen een stichting het meest voor de hand. Er dient dan wel nog een keuze te worden gemaakt voor een bestuursmodel dan wel een raad van toezichtmodel (Rvt-model). Gelet op de onderliggende verhoudingen tussen de deelnemende gemeenten ligt een bestuursmodel met een AB en een DB meer voor de hand dan een RvT-model maar een RvT-model kan zeker ook. ,

,

,

De slotconclusie luidt ons inziens dat het werken met (alleen) een samenwerkingsovereenkomst (met nadere overeenkomsten) in eerste instantie een zeer werkbaar model kan zijn. Die samenwerking is dan de opmaat naar de samenwerking binnen een rechtspersoon die dan later wordt opgericht. Daarbij kan worden gedacht aan het oprichten van een stichting. Als alternatief voor die laatste constructie kan worden gewerkt met een centrumgemeenteregeling voor het programmabureau. Bij dat laatste dienen wel de hiervoor gemaakte opmerkingen uit het BRE-advies met betrekking tot centrumgemeenteregelingen in ogenschouw te worden genomen.

*******

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Stein&id=2fea4a4f-319c-4e5b-a93e-9956b06c4b36