CConstaterende datStein
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Rapportage Detailhandelsbeleid Westelijke Mijnstreek juni 2023

Besluitvormende raadsvergadering 30 november 2023, gemeente SteinBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake Subregionaal detailhandelsbeleid Westelijke Mijnstreek 2023-203017.291 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

als Sittard en Geleen, een wijkwinkelcentrumstructuur niet haalbaar is. Buurtcentra (met in principe één supermarkt)

Visie dorpscentrum Stein

hebben daarentegen een positief effect op het

Het centrum van Stein biedt een complete mix aan functies,

voorzieningenniveau voor inwoners en zorgen ervoor dat

zowel aan eigen inwoners als aan (Belgische) gasten. Het

inwoners op gepaste afstand hun dagelijkse boodschappen

centrum is planmatig opgezet en heeft een divers aanbod

kunnen doen. Het dagelijks aanbod in de buurtcentra mag

aan dagelijkse winkels, afgewisseld met lokale en nationale

niet concurreren met het centrum van Geleen (als klein

niet-dagelijkse aanbieders. Het filiaalbedrijf is goed

stadsdeelcentrum). Versterken van het (supermarkt)aanbod

vertegenwoordigd in dit centrum. Ook de weekmarkt is een

wordt uitsluitend toegestaan als het gaat om het

goede aanvulling op het centrum. Komende jaren wordt

moderniseren van de winkel en het relevant houden van

gewerkt om gezamenlijk het centrum levendig te houden,

het aanbod voor de consument. Het toevoegen van nieuwe

blijvend te vernieuwen en de leegstand tegen te gaan. Zo

supermarkten is niet aan de orde.

blijft het centrum aantrekkelijk voor eigen inwoners en trekt het Belgische gasten aan.

Visie buurtvoorziening kleine kernen In Grevenbicht en Spaubeek bevinden zich supermarkten, soms aangevuld met een enkele winkel. In Neerbeek betreft het enkele dagelijkse winkels (geen supermarkt). In Urmond ligt een solitaire perifere supermarkt. Het heeft de voorkeur om deze in het kader van de transformatievisie Urmond-Oost, te verplaatsen naar de dorpskern in de omgeving van het Sint Anthoniusplein en het oude klooster.

Het betreft in alle gevallen buurtvoorzieningen met een lokale functie, waarbij het vaak gaat om de ‘laatste winkels in de kern’. In het kader van de leefbaarheid van deze kleine kernen vervult de hier beperkt aanwezig dagelijkse detailhandel een belangrijke rol. Het zo lang mogelijke instandhouding van deze basisvoorzieningen is in het kader van de leefbaarheid een belangrijk uitgangspunt.

23

3.2.3 Perifere winkelgebieden Visie Voor volumineuze artikelen kan de consument terecht bij

de bewoners. Dit zijn kleine PDV-clusters met een lokale functie: Poort van Stein, Beekerhoek en Dr. Nolenslaan.

een van de perifere winkelgebieden in de Westelijke

Wanneer de indeling van het regionaal verzorgende

Mijnstreek. Hierbij geldt als criterium het volume van de

Retailpark Sittard Geleen en Detailhandelszone

artikelen die worden verkocht, niet het volume van de

Handelscentrum Bergerweg en de lokaal verzorgende PDV-

winkelformule: grootschalige reguliere detailhandel (zoals

clusters wordt losgelaten, ontstaan onduidelijk

een Media Markt of grootschalige supermarkt) hoort hier

geprofileerde concentraties zonder cumulatieve attractie.

niet thuis. Net als voor reguliere detailhandel geldt dat het

Daardoor zou de vitaliteit van deze winkelgebieden

belangrijk is om het juiste aanbod op de juiste plek toe te

afnemen en de kans op leegstand groter worden.

staan. Voorop staat dat de complementariteit tussen PDVlocaties en reguliere centra wordt gewaarborgd en een herkenbaar profiel wordt gecreëerd voor de consument. Retailpark Sittard Geleen is de grote locatie voor perifere detailhandel in de Westelijke Mijnstreek. Qua profilering is

Algemeen uitgangspunt 1 (alle perifere winkelgebieden): Alleen ruimte voor detailhandel met groot oppervlak voor uitstalling vanwege aard en omvang van de volumineuze artikelen. o Volumineuze artikelen: artikelen voor minder frequent benodigde, doelgerichte aankopen, die vanwege de

Retailpark Sittard Geleen de plek waar inwoners alles

omvang en ruimte die nodig is voor uitstalling van de

kunnen kopen voor In/Om Huis (branches tuin en dier, doe-

artikelen, moeilijk inpasbaar zijn in bestaande

het-zelf, woninginrichting en meubels). Detailhandelszone Handelscentrum Bergerweg heeft de potentie om komende jaren uit te groeien tot een perifere locatie met als thema

mobiliteit. Hierdoor vormt het een verlengstuk van het bestaande mobiliteitscluster aan de Bergerweg. Zowel Retailpark Sittard Geleen als de Detailhandelszone Handelscentrum Bergerweg zijn te kwalificeren als bovenlokaal PDV-cluster met een functie voor de regio. De aanwezige bouwmarkten en kleinere tuincentra in gemeenten Beek, Sittard-Geleen en Stein vervullen een lokale functie. Hiervoor geldt dat een fijnmaziger structuur wordt nagestreefd met spreiding van het aanbod dichtbij de 3

Detailhandel in grove bouwmaterialen: detailhandel in materialen voor de ruwbouw van gebouwen en dergelijke zoals stenen zand beton bestratingsmateriaal en hout

winkelgebieden zoals centra, wijken en buurten. o Mogelijke branches: uitgangspunten per perifere locatie zijn leidend: •

ABC-branches, brand- en explosiegevaarlijke stoffen, landbouwvoertuigen en grove bouwmaterialen3

•

Doe-het-zelf, woninginrichting4, keuken-, sanitair- en badkamerwinkels, tuin & dier, deuren/ramen, tegels, zonwering, met een minimum omvang van 1.000 m2 wvo5.

o Flexibiliteit vanwege evenredigheid: detailhandel faciliteren die uit oogpunt van ruimtelijke ordening zich niet onderscheidt van de hiervoor genoemde (limitatief

o

o

o

o

(tenten/camping, piano’s/vleugels e.d.). Genoemde branches mogen zich in beginsel op elke PDV locatie vestigen, maar bij voorkeur aansluitend bij de functie van de betreffende PDV-locatie. Maximaal 10% van het metrage (m2 bvo) mag branchevreemd zijn, met een maximum omvang van 250 m2 wvo en 100 m2 per branchegroep. Geen grootschalige winkelformules en/of mega-stores, tenzij aangetoond kan worden dat ze minimaal 80% volumineuze artikelen voeren, met een maximum omvang kleinschalig aanbod van 200 m2 wvo. Shop-in- shop concepten met een eigen afrekenpunt voor branchevreemd assortiment zijn niet toegestaan.

Algemeen uitgangspunt 2: We houden vast aan heldere brancheringsregels. o Op de aangewezen perifere locaties waar ABC-branches zijn toegestaan, wordt dit uitgebreid met fietsen en scooters. We hanteren een minimum omvang van 1.000 m2 wvo. Deze brancheverruiming geldt niet op overige locaties waar ABCbranches zijn toegestaan. Voor Sittard-Geleen betekent dit dat deze brancheverruiming bijvoorbeeld voor detailhandelszone Handelscentrum Bergerweg geldt en niet voor bedrijventerrein Krawinkel. Uitgangspunten per perifere locatie Uitgangspunten Retailpark Sittard Geleen: o Retailpark Sittard Geleen is de grote locatie voor perifere detailhandel in de Westelijke Mijnstreek en is qua profilering dé plek waar inwoners alles kunnen kopen voor In/Om Huis: branches woninginrichting, doe-het-zelf, tuin- & dierartikelen.

opgesomde) branches in volumineuze goederen 4 Zie bijlage 2 voor definitie woninginrichting

5 Deze minimum omvang geldt niet voor panden die reeds kleiner zijn dan 1.000 m2 wvo.

24 o Voor woninginrichting geldt dat uitsluitend branches met volumineus aanbod zijn toegestaan, zoals gedefinieerd onder Algemeen uitgangspunt 1. o Aanpakken van de verouderde verkeerssituatie en de o basisvoorwaarde schoon, heel, veilig en parkeren op orde. o Horeca en leisure blijven beperkt en zuiver winkelondersteunend. Uitgangspunt 3: branchering Detailhandelszone Handelscentrum Bergerweg en drie lokale PDV-clusters: o De volgende branches zijn op deze locaties toegestaan: brand- en explosiegevaarlijke goederen; detailhandel in ABC, inclusief rijwielen/scooters; landbouwvoer- en werktuigen; grove bouwmaterialen; keukens, tegels en sanitair; deuren, ramen en zonwering. Uitgangspunten Detailhandelszone Handelscentrum Bergerweg: o Dit gebied heeft de potentie om verder uit te groeien tot een perifere locatie met als thema mobiliteit, aansluitend

o Stein, waarbij naast de branches zoals opgenomen bij

Uitgangspunten Fortunastadion:

uitgangspunt 3, de volgende branches zijn toegestaan:

In het nieuwe beleid is het Fortunastadion niet langer een

een vestiging in de branche doe-het-zelf in de vorm van

perifere winkellocatie. De perifere winkelbestemming met

een bouwmarkt, een lokaal georiënteerd tuincentrum,

sportthema vervalt. Sportwinkels dienen zich als reguliere

een boerenbond-achtige formule. Deze branches zijn

detailhandel in de binnenstad te vestigen. Uitzondering is het reeds

toegevoegd gelet op het lokaal verzorgende karakter.

vergunde leegstaande pand in het stadion. Passend binnen reeds

o De solitair gelegen bouwmarkt op businesspark Stein

gemaakte afspraken, wordt hier een invulling gezocht. Samen met

vervult een lokale functie voor gemeente Stein en wordt

de eigenaar zoeken we naar alternatieve invulling van het

bij voorkeur verplaatst naar de Poort van Stein.

resterende balansgebied. Gedacht kan worden aan kleinschalige

logistieke invulling of bedrijven (conform bestemmingsplan). De Uitgangspunten PDV- cluster Dr. Nolenslaan:

reeds gevestigde sportgerichte leisure (bowling, klimwand e.d.) kan

o De concentratie vervult een lokale functie voor Sittard-

worden versterkt met soortgelijke concepten.

Noord en directe omgeving. o Inkrimping en transformatie is noodzakelijk. Bouwmarkt

Wat zijn de risico’s als we hier niet voor kiezen?

o blijft behouden. Winkels buiten dit cluster worden bij

Om de stads- en dorpscentra te beschermen, is het voeren

voorkeur verplaatst naar de bovenlokale perifere locaties. o Branches conform uitgangspunt 3, incl. een vestiging in

van heldere brancheringsregels een vereiste. Dit om verdringing – met als gevolg leegstand – te voorkomen. Ontwikkelingen op de

de branche doe-het-zelf in de vorm van een bouwmarkt

perifere locaties zijn immers van invloed op (het functioneren van)

en een boerenbond-achtige formule.

de stads- en dorpscentra in de drie gemeenten. Door onderscheid te maken tussen lokale en bovenlokale PDV-clusters, worden

Uitgangspunten Beekerhoek:

hoogfrequent bezochte branches meer verspreid aangeboden (o.a.

o Huidige branchering conform uitgangspunt 3.

o De locatie vervult een lokale functie voor de gemeente

doe-het-zelf en tuinartikelen), terwijl meer keuzegevoelige branches

Uitgangspunten Poort van Stein:

o Clustering van het huidige aanbod is wenselijk, bij

op de aangrenzende autoboulevard.

o De te ontwikkelen locatie Poort van Stein biedt vanuit het bestemmingsplan ruimte voor 6.650 m2 wvo. Deze blijft behouden en wordt zoveel mogelijk ingevuld middels verplaatsing van solitair gelegen grootschalige winkels vanuit Stein. o De Poort van Stein heeft een lokale functie voor gemeente

Beek met als trekker een bouwmarkt.

(bijv. woninginrichting) op één locatie worden aangeboden en elkaar zodoende versterken.

voorkeur nabij winkelcentrum Makado. Behoud lokale focus, uitbreiding niet wenselijk.

Thematisering van perifere locaties met aanbod van (naar aard en

o Branches zoals opgenomen bij uitgangspunt 3, inclusief:

omvang) volumineuze producten is verdedigbaar. Dit sluit aan op

een vestiging in de branche doe-het-zelf in de vorm van

het bezoekmotief van de klant. In de situatie van Sittard-Geleen

een bouwmarkt, een lokaal georiënteerd tuincentrum en

dienen de brancheringsregels ook ter bescherming van winkel-

een boerenbond=achtige formule.

gebieden anders dan de oude stadscentra. In Sittard-Geleen is de

Bijlage 4 toont per perifere locatie de exacte ruimtelijke afbakening.

perifere detailhandels-locatie Retailpark Sittard Geleen daar een

voorbeeld van: lange tijd was er sprake van aanzienlijke leegstand.

25

3.2.4 Bijzonder regionaal winkelgebied Visie

Uitgangspunten

Makado is een speciaal winkelcentrum met een specifieke

Uitgangspunt 1: Makado blijft het koopcentrum van de

ontstaansgeschiedenis. Makado is gezien haar centrale

Westelijke Mijnstreek.

ligging, aanbod en trekkracht te kwalificeren als de ’mall’

o Zorgen voor een evenwichtige mix aan niet-dagelijkse

van Zuid-Limburg en tegelijk als het ‘koopcentrum’ van de Westelijke Mijnstreek. Deze doelgerichte aankooplocatie

aanbieders, aangevuld met dagelijks aanbod. o Complementariteit Sittard-Centrum waarborgen en

huisvest landelijke filialen en weet bezoekers vanuit de

beide centra vanuit eigen kracht en kenmerken laten

wijde omgeving te trekken. Komende jaren zet Makado

opereren.

sterk in op het vergroten van het aantal bezoekers per jaar. Blijvende aandacht voor de bereikbaarheid is gewenst.

Uitgangspunt 2: Geen aanvullende functies zoals leisure, horeca en diensten

Randvoorwaardelijk bij de verdere ontwikkeling van

o Detailhandel blijft de primaire invulling van koopcentrum

Makado is dat het zich vooral blijft richten op doelgericht

Makado. Andere functies zoals leisure, horeca en

winkelen. Dit is de kracht van Makado en het

diensten zijn in beginsel niet toegestaan. Voor horeca

onderscheidende vermogen ten opzichte van bijvoorbeeld

geldt dat alleen winkelgebonden (dag)horeca wordt

het centrum van Sittard of het nabij gelegen centrum van

toegestaan.

Beek. De recreatieve functie van Makado wordt niet verder

o Toevoegen van functies anders dan in het huidige

versterkt, wat betekent dat er uitsluitend winkelonder-

bestemmingsplan is toegestaan (detailhandel en

steunende (dag)horeca aanwezig is, zoals een lunchroom,

winkelgebonden horeca), is niet aan de orde.

snackbar en ijssalon.

Uitgangspunt 3: Geen nieuwe winkelmeters toevoegen o Het uitbreiden van het winkelareaal is in beginsel tijdens de doorlooptijd van voorliggend beleid niet aan de orde, gelet op huidige trends en ontwikkelingen. Na 5 jaar wordt, als onderdeel van de evaluatie van voorliggend beleid, bepaald of dit uitgangspunt in huidige vorm behouden blijf. o Noodzakelijk om de positie van het centrum van Beek, Geleen, Sittard en Stein op peil te houden. Wat zijn de risico’s als we hier niet voor kiezen? Bij een verdere verbreding van het aanbod (leisure en horeca), komt Makado in het vaarwater van het centrum van vooral Sittard. Als recreatief centrum richt Sittard zich

immers sterk op de verblijfsfunctie, waarbij ontmoeten en beleven centraal staan. Ook de dorpscentra van Beek en Stein worden geraakt bij een eventuele uitbreiding van functies in Makado, iets wat gelet op de leefbaarheid niet wenselijk is.

26 24

3.3 Winkels buiten de structuur

landbouwvoer- en werktuigen, grove bouwmaterialen.

Een deel van het winkelaanbod in de Westelijke Mijnstreek is

Wat zijn de risico’s als we hier niet voor kiezen?

winkels buiten de streeflocaties in de gewenste

Verspreide winkels kunnen niet profiteren van onderlinge

gevestigd op een solitaire locatie. Dit betreft elke locatie buiten Versterking van het verspreide aanbod leidt tot verzwakking van de detailhandelsstructuur met haar winkelgebieden. één van de genoemde winkelgebieden. Daarmee vallen deze detailhandelsstructuur. Voor solitaire winkels (verspreid

synergie. En juiste de kritische massa en mix in de

aanbod) wordt het volgende uitgangspunt gehanteerd:

winkelgebieden zorgt voor een goed ondernemings- en

Uitgangspunt: bestaand verspreid aanbod wordt beperkt en

combinatiebezoek met andere winkels prettig.

investeringsklimaat. Ook voor consumenten is een

waar mogelijk afgebouwd. o Aantal winkelmeters buiten de structuur moet worden teruggedrongen. In afstemming met de sub-regio bepalen hoever hierin gegaan wordt. o Bij voorkeur worden winkels buiten de structuur verplaatst

3.4 Overige vormen van detailhandel Binnen de detailhandelsstructuur moet rekening gehouden worden met speciale vormen van detailhandel. Ook voor

naar een van de winkelgebieden. Deze gewenste

deze vormen van detailhandel is het hebben van heldere

verplaatsing geldt voor alle solitaire detailhandel, tenzij

richtlijnen een vereiste. De volgende speciale vormen van

aantoonbaar niet inpasbaar. Dat geldt bijvoorbeeld voor

detailhandel worden onderscheiden en uitgangspunten

winkels met grove bouwmaterialen of detailhandel in

worden gehanteerd:

brand- en explosiegevaarlijke en milieuverstorende stoffen. Dit is een aparte categorie van perifere detailhandel en die

Kringloopwinkels

kunnen zich op de bedrijventerreinen vestigen.

Kringloopwinkels zijn een specifieke vorm van reguliere

o Uitzondering op bovenstaande zijn dagelijkse voorzieningen detailhandel, als hun hoofdactiviteit op verkoop aan consumenten is gericht. De laatste jaren is deze branche in kernen zonder winkelgebied met omvang van maximaal 100 m2 wvo. Deze winkels zijn belangrijk voor de

groeiende en daarnaast bieden steeds meer reguliere

leefbaarheid van deze kernen.

winkels (een beperkt assortiment) tweedehands producten

o Een andere uitzondering zijn winkels vallend binnen de

aan. Er kan ook sprake zijn van een kringloopbedrijf met als

ABC-branches. Deze zijn – mits passend binnen het

hoofdactiviteit de inname en opknappen van goederen. Die

bestemmingsplan – ook toegestaan op de bedrijven-

worden gezien als een bedrijf.

terreinen. o Op bedrijventerreinen is derhalve toegestaan: brand- en

De Westelijke Mijnstreek hanteert voor kringloopwinkels

explosiegevaarlijke goederen, ABC (exclusief fietsen,

vergelijkbare richtlijnen als voor reguliere detailhandel.

scooters),

Hierbij geldt dat primair gekeken dient te worden of kringloopwinkels ruimtelijk inpasbaar zijn in de binnenstedelijke winkelgebieden. Leegstaande panden bieden (tegen haalbare huurprijzen) goede kansen voor een tijdelijke of permanente invulling met deze branche. Uitgangspunt: nieuwe kringloopwinkels dienen - net als reguliere detailhandel - ingepast te worden binnen bestaande winkelgebieden. Dit geldt niet voor kringloopbedrijven waar inname,

reparatie en/of afvalscheiding van goederen plaatsvindt: deze dienen zich op een PDV-locatie of (indien de PDV-locatie voor die functie ruimtelijk ongeschikt is) bedrijventerrein te vestigen. Kringloopwinkels die primair volumineuze goederen zoals meubels aanbieden vallen qua profiel onder PDV en zijn daardoor toegestaan op de perifere locaties in de Westelijke Mijnstreek. Op perifere locaties worden slechts kringloopwinkels toegestaan die minimaal 80% volumineuze artikelen voeren, met een maximum omvang kleinschalig aanbod van 200 m2 wvo. Webshops en pick-up points Steeds meer vindt detailhandel (de bedrijfsmatige verkoop van producten aan consumenten) plaats via internet. De vraag is in hoeverre de bestelling (virtueel), de betaling (virtueel), de

aflevering (bij de consument) en het afhalen (door de consument) een detailhandelsactiviteit is. Voor het detailhandelsbeleid en de planologische vertaling in bestemmingsplannen (straks het omgevingsplan) is de consument-aantrekkende werking van belang. Een webshop behoort tot reguliere detailhandel als deze fysiek

27 25 toegankelijk is voor de consument. Daaronder wordt ook

Hierdoor worden dergelijke bedrijven gezien als een

verstaan een afhaalfunctie voor de consument. Als de

logistiek bedrijf en niet als detailhandel. Zij kunnen zich daar

regelgeving (die voor blurring met mengvorm horeca geldt,

webshop fysiek niet toegankelijk is voor de consument en

vestigen waar dat planologisch past. Ontwikkelingen

waarvan activiteiten niet vallen onder de alcoholwet).

geen consument aantrekkende werking heeft, wordt het

rondom dit thema worden gevolgd en indien nodig vindt op

niet aangemerkt als detailhandel. Het kan dan passen in

dit punt een aanscherping plaats.

een andere bestemming (bijv. bedrijf, kantoor of woning).

o De nevenactiviteit moet voldoen aan alle wet- en

Boerderij- of landwinkels Boerderij- en landwinkels zijn toegestaan als er sprake is van

Blurring/mengvormen

rechtstreekse verkoop van hoofdzakelijk eigen, op het bedrijf

Voor afhaalcentra (ofwel pick-up points, zonder fysieke

Blurring is al jaren een trend die zich steeds verder

vervaardigde of geteelde producten. Belangrijk hierbij is dat

uitstalruimte die voor de consument toegankelijk is) is het,

ontwikkelt binnen het winkellandschap. Bij blurring wordt

betreffende winkels geen verstorend effect hebben op de

teneinde voldoende traffic te (blijven) genereren in de

ingezet op het aanbieden van een totaalbeleving in een

detailhandelsstructuur. Hierbij gelden de volgende

winkelgebieden, gewenst om deze uitsluitend in of bij de

ruimte waarin de traditionele grenzen tussen detailhandel

uitgangspunten:

winkelgebieden toe te staan en niet op andere solitaire

en horeca, maar ook leisure, dienstverlening, cultuur en

o Het moet gaan om een agrarisch bedrijf;

locaties zoals een bedrijventerrein. Bij perifere

ambacht, vervagen. De ondernemer kan hierdoor een

o De detailhandel is ondergeschikt aan de reguliere

detailhandelsvestigingen zie je vaak pick-up points bij een

betere beleving aanbieden, met als doel de klant zo lang

servicebalie zoals bij bouwmarkten. Dat is een prima

mogelijk in de winkel en uiteindelijk het winkelgebied te

alternatief vanwege de ruime openingstijden van

houden. Blurring gaat tegenwoordig verder dan het

producten, met max. 10% aan overige lokaal vervaardigde

bouwmarkten. Voor pick-up points in de vorm van kluisjes

traditionele koffiehoekje in een winkel.

streekproducten.

worden dezelfde regels gehanteerd: in winkelgebieden.

agrarische activiteiten. o Het gaat om hoofdzakelijk eigen vervaardigde of geteelde

o Maximale omvang is 100 m2 wvo.

Afhaalpunten voor dagelijkse producten horen bij uitstek bij

Voor de Westelijke Mijnstreek geldt dat blurring in beginsel

bestaande supermarkten thuis.

is toegestaan, mits opgenomen in het horecabeleid of

Kleinschalige detailhandel trafficlocaties en maatschappelijke

anderszins expliciet benoemd (bestemmingsplan/

instellingen

Uitgangspunt: de ontwikkeling van afhaalcentra wordt

omgevingsplan) en met uitzondering van de PDV-locaties.

In de Westelijke Mijnstreek zijn nieuwe detailhandels-

binnen de bestaande winkelgebieden ingepast.

Het is aan de drie gemeenten zelf om hier keuzes in te

initiatieven buiten de winkelgebieden niet toestaan.

Afhaalcentra zijn ook in de PDV-concentratiegebieden

maken en te bepalen onder welke voorwaarden en in welke

Uitzondering hierop zijn kleinschalige vormen van

mogelijk, maar dan alleen bij de perifere detailhandels-

winkelgebieden blurring is toegestaan. Hierbij gelden in de

detailhandel. Voorwaarde is dat deze vormen van detailhandel

vestigingen.

basis de volgende uitgangspunten:

ondersteunend en ondergeschikt zijn aan de hoofdfunctie

o De horeca-activiteit dient ondergeschikt te zijn aan de

en/of een gemaksfunctie hebben voor bezoekers van de

Darkstores In de basis zijn deze ‘winkels’ gericht op het (ultra-snel) bezorgen van producten en niet toegankelijk voor de consument.

hoofdactiviteit; o De openings-en sluitingstijden van de nevenactiviteit (bijv. horeca) zijn aangepast aan die van de hoofdfunctie;

betreffende voorzieningen. Hierbij gaat het om detailhandel bij de volgende functies: o Op trafficlocaties waar grote aantallen (woon-werk) passanten komen zoals treinstations, benzinestations of kantoorlocaties.

28 26

o Sportaccommodaties of maatschappelijke instellingen

kader van regionaal beleid is uniformering daarvan wenselijk,

Voorgenoemde geldt ook voor bedrijven die zich van

zoals scholen, ziekenhuizen en verzorgingstehuizen.

zodanig dat binnen de gehele regio dezelfde regels gelden.

oorsprong op de zakelijke markt richten, zoals groothandels, warmteservice e.d. die zich (met een voor de consument

Deze vorm van detailhandel moet verband houden met

Uitgangspunt in dit beleid is dat een heldere structuur, met

de functie van de voorziening, dient gericht te zijn op de

voor de consument herkenbare winkelgebieden, wordt

eigen doelgroep en te allen tijden ondergeschikt blijven.

gerealiseerd. Dit vraagt om clustering van het aanbod en

Het winkelaanbod mag maximaal 100 m2 wvo bedragen

afbouw van aanbod buiten de structuur. Duidelijke

per verkooppunt en niet verstorend werken voor de

richtlijnen rondom ondergeschikte detailhandel dragen hier

gehele detailhandelsstructuur.

ook aan bij.

Ambulante handel

Detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit van industrie

In dit beleid wordt niet ingegaan op ambulante functies

of nijverheid is alleen toegestaan als het voldoet aan de

zoals warenmarkten, standplaatsen en evenementen.

volgende drie voorwaarden:

Daarvoor wordt naar het specifiek beleid voor ambulante

•

In ter plaatse vervaardigde, bewerkte of geassembleerde

handel per gemeente verwezen. Vanwege de gebieds-

goederen (bijv. zonwering, sauna’s, deuren, kozijnen,

gerichte benadering zijn deze vormen van detailhandel als

meubels in meubelmakerij, etc.), niet zijnde branches die

centrumfuncties wel relevant. Warenmarkten trekker

in de reguliere centra horen (zoals detailhandel in textiel,

wekelijks veel bezoekers, vullen vaak gaten op in de

schoeisel/lederwaren, huishoudelijke artikelen, voedings-

branchering (vis, kaas/noten, exotische levensmiddelen)

en genotmiddelen).

en hebben niet alleen een belangrijke (economische)

•

functie) in veel centrum-gebieden, ze vormen ook ontmoetingsplekken voor inwoners in de Westelijke

De detailhandelsactiviteit blijft beperkt tot direct aan de hoofdactiviteit gerelateerde goederen, en betreft niet de

•

Mijnstreek.

verkoop van producten van elders. Dit laatste is reguliere detailhandel;

•

De fysieke uitstalruimte die gericht is op en/of

Ondergeschikte detailhandel en productiegebonden

toegankelijk is voor consumenten beperkt zich tot 20%

detailhandel

van het bedrijfsoppervlak met een maximum van 250 m².

Van oudsher hanteren de drie gemeenten in de Westelijke

Het is immers een ondergeschikte nevenactiviteit van

Mijnstreek verschillende uitgangspunten als het gaat om

industrie of nijverheid.

ondergeschikte detailhandel en productiegebonden detailhandel. Dit is terug te zien in vigerende

bestemmingsplannen voor bedrijventerreinen. In het

toegankelijke ruimte) ook op particuliere verkoop richten.

29 28

04

Toetsingskader, uitvoeringsstrategie en programma

30 29

4.1 Inleiding

4.2 Toetsingskader in lijn met SVREZL

De visie en uitgangspunten per winkelgebied uit het vorige

Procesboom SVREZL als afwegingskader

hoofdstuk geven duidelijk richting aan waar de gemeenten

Nieuwe initiatieven dragen in potentie bij aan een sterkere

Beek, Sittard-Geleen en Stein naartoe willen wat betreft de

structuur. Echter geldt hierbij: de juiste initiatieven op de

detailhandel(structuur). Dit hoofdstuk gaat in op welke

juiste plaats. Het voorgaande hoofdstuk beschrijft de kaders

manier deze gewenste detailhandelsstructuur bereikt dient

waarbinnen ontwikkelingen moeten plaatsvinden.

te worden. ​ Voor initiatieven die niet binnen het bestemmingsplan ​Aan de hand van een toetsingskader (paragraaf 4.2) wordt

passen, geldt de procesboom zoals benoemd in de SVREZL

invulling gegeven aan hoe om te gaan met nieuwe

als afwegingskader.

detailhandelsinitiatieven. Hiervoor geldt dat er een zekere spanning zit tussen juridische zekerheid (visie als

Nieuwe initiatieven en initiatieven voor gebruikswijzigingen

toetsingskader) en flexibiliteit (visie als dynamisch

worden aan de hand van een toetsingskader in het

document). Een goede balans hiertussen is dan ook

relevante gremium besproken. Op niveau van

belangrijk en wordt nader toegelicht.​

Zuid-Limburg bewaken de gemeenten en de subregio’s voortgang, uitgangspunten, samenhang en

​Paragraaf 4.3 geeft invulling aan de uitvoeringsstrategie, de

kwaliteit van de afspraken. Bij iedere afweging voor

‘hoe’-vraag. Met andere woorden: als we weten waar we

toevoeging van meters speelt de Ladder voor duurzame

naartoe willen, hoé kunnen we daar dan komen en wat is

verstedelijking een rol.

hierin belangrijk? De uitvoeringsstrategie vormt de opmaat voor de ‘wat’-vraag: welke acties moeten in gang worden

gezet? Dit wordt verder uitgewerkt in paragraaf 4.4, het uitvoeringsprogramma.

31

4.3 Uitvoeringsstrategie

4.4 Voorzet uitvoeringsprogramma

Actie is nodig om de gewenste detailhandelsstructuur te

Een duidelijke rolverdeling helpt hierbij:

bereiken en een toekomstbestendige detailhandels-structuur

•

Ieder winkelgebied in de Westelijke Mijnstreek is uniek en

Rol overheid: kaderstellend aan de hand van duidelijke

heeft eigen opgaven en ontwikkelkansen. Ook in de

te borgen. Er wordt grofweg onderscheid gemaakt tussen

beleidsregels, handelend naar de visie en het bieden van

uitvoering vraagt dit om maatwerk. Komende pagina’s geven

twee soorten acties:

een helder ondernemings- en investeringsklimaat.

een beeld van mogelijke acties. Daar waar de regulerende

Behoud van leefbaarheid en de vitaliteit in de

maatregelen in principe gezamenlijk kunnen worden

winkelgebieden staat centraal. Sparringpartner die

opgepakt, vragen de stimulerende maatregelen veelal om

faciliteert, goed communiceert, verbindt en

verdere uitwerking. Per gemeente en/of winkelgebied moet

verantwoordelijkheid neemt in ‘eigen’ acties, naast haar

in vervolg op dit beleid worden nagegaan welke acties per

publiekrechtelijke rol zoals met de bestemmings- of

winkelgebied gewenst zijn om gestelde ambities in dit beleid

omgevingsplannen. Deze visie en uitvoeringsprogramma

te behalen.

Stimuleringsmaatregelen: Deze maatregelen zetten de voordeur open en laten de winkelgebieden bloeien. Dit vormt een belangrijke basis voor een sterke detailhandel in de Westelijke Mijnstreek. Hierbij kan gedacht worden aan het stimuleren van ondernemerschap (door een stimulerings-

spelen hierin een belangrijke rol met harde en zachte

subsidie), acquisitie van partijen, het toevoegen van sfeer en beleving, het verbeteren van bereikbaarheid/ parkeervoorzieningen en het afstemmen van openingstijden.

Regulerende maatregelen: Deze maatregelen zijn erop gericht om de achterdeur dicht te doen, met als doel het voorkomen van ongewenste situaties die niet bijdragen aan het versterken van de detailhandelsstrucuur. Hierbij kan gedacht worden aan (juridische) maatregel voor het terugbrengen van plancapaciteit zoals uitsterfregelingen, het uit de markt halen van verborgen plancapaciteit en handhaving.

maatregelen. Handhaafbaarheid is belangrijk. ​ •

maatregelen is nodig om de gewenste structuur te bereiken. Dit lukt alleen als partijen samenwerken. Denk daarbij aan samenwerking tussen de drie gemeenten, maar ook tussen gemeente, ondernemers en vastgoedeigenaren.

is opgesteld, geldt dat deze acties leidend zijn. Voor

Rol marktpartijen: ondernemen/investeren,

winkelgebieden waar dergelijke actieplannen ontbreken, is

samenwerken en acties uitvoeren. Marktinitiatieven zijn

het raadzaam om acties nader te formuleren. Dit kan in

per slot van rekening leidend om de detailhandels-

samenwerking met ondernemers en eigenaren uit het

structuur te kunnen vernieuwen. ​

betreffende winkelgebied.

Binnen en tussen de drie gemeenten in de Westelijke Mijnstreek zijn diverse overlegstructuren aanwezig. Dit geldt op zowel ambtelijk als bestuurlijk niveau, maar ook voor ondernemerscollectieven die gericht zijn op één winkelgebied. Deze overkoepelende partijen zijn betrokken geweest bij het tot stand komen van voorliggend beleid en spelen ook in de uitvoering een belangrijke rol in het

Een combinatie van stimulerende en regulerende

Voor de centra waar recent een centrumvisie en/of actieplan

aantrekkelijk houden van de diverse winkelgebieden. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is de afstemming met vastgoedeigenaren. Vooral voor winkelgebieden met hoge leegstand en een grote compactiserings-opgave is dit essentieel.

32

Stimuleringsmaatregelen Doel

Actie

Winkelgebied

Trekker

Aantrekkelijke winkelgebieden

Actieplan per winkelgebied. De actieplannen worden samen met gemeente, ondernemers en eigenaren opgesteld en bevatten concrete acties en afspraken wie wat wanneer doet. Het opstellen van een actieplan is nodig om een concrete vertaling van het beleid te realiseren. Voor buurtcentra zullen andere acties nodig zijn dan voor Sittard-centrum. Dit vraagt om maatwerk.

In ieder geval voor: Elsloo, Buurtcentra S-G Geleen- en Sittardcentrum

Gemeente en stakeholders

Verbetering uitstraling, sfeer, beleving en marketing en promotie in winkelcentra. Hier ligt een primaire taak bij ondernemers(collectieven). Op basis van de behoefte en een duidelijk plan van ondernemers(verenigingen) kan het gesprek worden aangegaan met de gemeente, waar men elkaar kan ondersteunen.​

Alle winkelgebieden

Gemeente en Ondernemers

Benutten van de toeristische potentie. Het goed op elkaar af stemmen en versterken van detailhandel en vrije tijd. Het toeristisch potentieel in centra benutten. Bijvoorbeeld door routes te combineren met het centra.

Alle winkelgebieden, excl. lokale PDV en buurtcentra

Gemeente en ondernemers

Afstemmen openingstijden/koopavond. In het kader van meebewegen met de behoefte van de consument (zowel eigen inwoner als de bezoeker van buitenaf) is het raadzaam om openingstijden (waaronder ook koopzondagen) elke paar jaar te heroverwegen. Kansrijk hierbij is om aan te sluiten bij andere activiteiten die in het centrum worden georganiseerd.

Alle winkelgebieden

Ondernemers

Actieve acquisitie en ondersteuning ondernemers. Door het actief benaderen van voor de winkelgebieden interessante formules/ ondernemers en activiteiten wordt nieuw ondernemerschap aangetrokken. Een eerste stap is het opstellen van een longlist en een heldere propositie (wat hebben we te bieden).

Alle winkelgebieden

Gemeente en vastgoedeigenaren

Ondersteuning ondernemers: ondernemers ondersteunen en faciliteren waar mogelijk, o.a. door een accountmanager/bedrijvencontactfunctionaris detailhandel. Sittard-Geleen en Beek werken op dit punt al samen met Streetwise.

Alle winkelgebieden

Gemeente

Onderzoeken welke financiële instrumenten ingezet kunnen worden om (nieuw) ondernemerschap te stimuleren. Te denken valt aan een startersondersteuning, transformatiefonds, verhuisbijdrage, etc.

Alle winkelgebieden

Gemeente

Transformatie en verplaatsing. Inzet op compacte winkelgebieden door het transformeren van winkels buiten de structuur en winkels verplaatsen naar het kernwinkelgebied.

Alle winkelgebieden

Gemeente en vastgoedeigenaar

Verkennen en zoveel mogelijk gebruik maken/goed inzetten van de landelijke en provinciale subsidies/programma’s. Primaire focus heeft het landelijke programma Impulsaanpak Winkelgebieden. Met dit programma wil het rijk lokale projecten stimuleren en ondersteunen die leegstand in binnensteden terugdringen. Ook is het zaak om reeds ontvangen subsidies gericht in te zetten en zo goed mogelijk aan te sluiten op toekomstige programma’s en subsidies. Deze dragen bij aan het realiseren van gewenste ontwikkelingen in de Westelijke Mijnstreek.

Alle winkelgebieden, maar prioriteit Geleencentrum

Gemeente

Parkeerregime. Het verkennen van vernieuwende mogelijkheden om het parkeerregime en parkeergemak klantvriendelijker te maken. Eerste stap is inventarisatie van de mogelijkheden, passend bij voorliggend beleid.

Geleen-centrum

Gemeente

Inventariseren en oplossen knelpunten rondom bereikbaarheid. Speciale aandacht voor de bovenlokale PDV-clusters.

Alle winkelgebieden

Gemeente en

Stimuleren ondernemerschap

Aanpak leegstand

Bereikbaarheid en parkeren

33

Regulerende maatregelen Doel

Actie

Winkelgebied

Trekker

Planologische vertaling beleid

Herijken en handhaven bestemmingsplannen winkelgebieden. Door herijking worden bestemmingsplannen c.q. het omgevingsplan in lijn gebracht met de gewenste detailhandelsstructuur. Ook worden nieuwe detailhandelsmogelijkheden erbuiten beperkt: centrumbestemming in kernwinkelgebied en ondersteunende centra. Gemengde bestemming in het aanloopgebied en afbouwen in de transitiegebieden en verspreide locaties (met uitsterfconstructie).

Alle winkelgebieden

Gemeente

Onderzoeken mogelijkheden uitsterfconstructie voor locaties buiten de structuur. Van belang is om rekening te houden met voorzienbaarheid zodat planschade voorkomen wordt. De SVREZL biedt een goede basis voor het creëren van voorzienbaarheid, in aanloop naar het wegbestemmen van een overschot aan plancapaciteit.

Alle winkelgebieden

Gemeente

Formuleren van aanpak hoe ongewenste plancapaciteit gesaneerd gaat worden in bestemmingsplannen / omgevingsplan. Tot de mogelijkheden behoort het opstellen van een paraplubestemmingsplan.

Alle winkelgebieden

Gemeente

Monitoren en evalueren beleid

Monitoring en evaluatie van het beleid. Het is belangrijk om de uitvoering van het nieuwe detailhandelsbeleid te monitoren en evalueren, en de resultaten met elkaar te delen. Mogelijk dat onderdelen van het beleid in de loop van de tijd moeten worden bijgesteld c.q. aangescherpt, bijv. als gevolg van de Omgevingswet of de gewenste flexibiliteit in het beleid. In 2027 wordt een evaluatie uitgevoerd.​

Prioriteit in de uitvoering

Gemeente

34 33

Samenwerken

Retailadviescommissie

Structureel samenwerken is de sleutel tot succes in de

Retailadviescommissie Sittard-Geleen:

wordt dit opgesteld (lokaal of subregionaal) en wie adviseert

uitvoering. Het is daarom belangrijk om hier aandacht voor

In 2006 is op voordracht van de Raad van de gemeente

het RAC?

te hebben. Er kan onderscheid worden gemaakt in

Sittard-Geleen door het College van Burgemeester en

verschillende vormen van samenwerken:

Wethouders het besluit genomen tot het instellen van een

In de tussentijdse evaluatie van de SVREZL, benoemt

gemeentelijke Retailadviescommissie (RAC). Als doel werd

ECORYS een tweetal punten in relatie tot de RAC:

Samenwerken binnen winkelgebieden:

gesteld: het leveren van een deskundige bijdrage aan de

➢ Omdat het BORE in de afgelopen jaren steeds tot een

Het oprichten en/of in stand houden van

totstandkoming en continuering van een goede, duurzame

besluit is kunnen komen over initiatieven op Zuid-

vastgoedeigenaren- en ondernemerscollectieven wordt

voorzieningenstructuur. Daarbij gaat het niet alleen om

Limburgse schaal, is er geen behoefte aan

gestimuleerd. Voor winkelgebieden waar dit nog niet

detailhandel, maar ook om andere op consumenten gerichte

adviescommissies die het BORE zou kunnen raadplegen

georganiseerd is, worden de mogelijkheden in kaart

sectoren, zoals horeca en markten/ambulante handel.

bij dilemma’s. Ecorys adviseert daarom om af te zien van

gebracht. De gemeente kan faciliteren, maar het initiatief

Een andere doelstelling van de RAC is om de communicatie

degelijke commissies, voor dit doel.

moet vanuit de markt komen.

tussen de gemeente en de retailsector te structureren en daarmee ook te versterken.

➢ De behoefte aan adviescommissies op beleidsadviesniveau wordt wel onderkend. Voor detailhandel zijn er voldoende casussen voor zo’n commissie. Het is aan de

Sinds 2006 heeft het RAC (on)gevraagd advies gegeven

subregio’s om al dan niet een dergelijke commissie in te

over diverse ontwikkelingen in de gemeente Sittard-Geleen.

stellen.

Beperkte informatieverschaffing maakte het voor het RAC in een aantal gevallen lastig om tijdig gepast advies te

Bovenstaande impliceert dat het RAC niet als doel moet

geven. Daarnaast is met het vaststellen van de SVREZL ook

hebben om advies te geven aan gemeenten over een

het proces rondom het toetsen van nieuwe detailhandels-

bestemmingsplan of ontheffings-aanvraag daartoe, waarin

initiatieven blijvend veranderd. In het Bestuurlijk Overleg

nieuwe detailhandelsontwikkelingen zijn opgenomen.

Ruimtelijke Economie (B.O.R.E) worden keuzes op het

Hierover vindt immers binnen het B.O.R.E. afstemming

niveau van Zuid-Limburg afgewogen.

plaats. Wel kan het RAC op ambtelijk niveau adviseren over beleid. Met het opstellen van subregionaal beleid, is hier

De gemeente Beek en Stein hebben geen RAC.

komende jaren naar verwachting minder vraag naar. Daarmee wordt de rol van het RAC erg beperkt.

Toekomst Retailadviescommissie Met het opstellen van subregionaal beleid rijst ook de vraag

Het advies is dan ook om nu geen RAC in te stellen, maar

over de toekomst van de RAC Sittard-Geleen. Is er

wel over 2 jaar te evalueren. Daarna wordt opnieuw een

toekomst voor een dergelijk adviesorgaan? Op welk niveau

besluit genomen over het al dan niet oprichten van een RAC.

35

05 Bijlagen

36

Bijlage 1: Toetsing dienstenrichtlijn Bij het vormgeven van de detailhandelsstructuur voor de

organiseren, dus een (strakke) regie wil voeren. Geen

uitgangspunten zijn gebaseerd op het realiseren van de

Westelijke Mijnstreek wordt primair gestreefd naar een

beleid betekent dat je ook geen belemmering mag

gestelde ambities, waarbij elke keuze is getoetst op grond van

structuur waarin de onderlinge complementariteit tussen

opleggen omdat detailhandel behoort tot de diensten die

de Dienstenrichtlijn. Dit alles met als doel om te streven naar

winkelgebieden wordt geborgd. Dat wil zeggen, de winkel-

vallen onder de Dienstenrichtlijn.

een toekomstbestendige structuur die zowel voor

gebieden, zowel reguliere winkelgebieden als perifere

marktpartijen als voor eigenaren perspectief biedt en

locaties, vullen elkaar zoveel mogelijk aan en bieden ruime

Wanneer wordt voldaan aan de Dienstenrichtlijn?

vestigingsmogelijkheden. Met brancheringsregels kunnen

In het subregionale detailhandelsbeleid mogen uitsluitend

gemeenten hierin sturen. Van belang bij subregionaal beleid

brancheringsregels (in de vorm van territoriale

De leegstand in de reguliere winkelgebieden – vooral in de

is dat deelnemende gemeenten zich committeren aan het

beperkingen) worden opgelegd als ze voldoen aan de

centra van Sittard en Geleen – is van dusdanig grote omvang

daarnaast zorgt voor een optimale verzorging van inwoners.

gezamenlijk vastgestelde beleid. Het beleid is immers

volgende drie voorwaarden:

opgesteld vanuit een gezamenlijk belang, namelijk een

o Territoriale beperkingen mogen niet discriminatoir zijn: de

selectieve branchering en maatvoering te hanteren. Dit alles

heldere detailhandelsstructuur waarin duidelijk is vastgelegd

eisen maken geen direct of indirect onderscheid naar

om onaanvaardbare effecten op de reguliere winkelgebieden

welke winkels op welke locaties moeten komen. Iedere

nationaliteit of, voor vennootschappen, de plaats van hun

te voorkomen, met oplopende leegstand tot gevolg.

gemeente heeft uiteraard beleidsruimte om eigen beleid te

statutaire zetel.

voeren en keuzes te maken, maar de ruimte om zelf keuzes

o Territoriale beperkingen moeten noodzakelijk zijn: er moet

De bovenlokale PDV-clusters hebben hierin een wat bredere

te maken ten opzichte van andere gemeenten neemt wel af

een dwingende reden van algemeen belang zijn die de

thematische insteek dan de lokale PDV-clusters die vooral

naarmate je meer in (sub)regionaal verband vastlegt.

territoriale beperking rechtvaardigt;

ondersteunend van aard zijn (paragraaf 3.2.3). Buiten de PDV-

dat het noodzakelijk is om voor de perifere locaties een

o Territoriale beperkingen moeten evenredig zijn: handelt de

clusters en reguliere winkelgebieden is het toevoegen van

In paragraaf 3.2 zijn de voor de Westelijke Mijnstreek

gemeente coherent en systematisch om het nagestreefde

detailhandel niet wenselijk. Enkele uitzonderingen staan in

geldende brancheringsregels weergegeven. Het stellen van

doel te bereiken, is het brede pakket aan maatregelen

paragraaf 3.2 – 3.4 benoemd.

duidelijke brancheringsregels is noodzakelijk om

effectief om dit doel te bereiken, draagt de specifieke

onaanvaardbare effecten zoals leegstand in de winkelcentra

maatregel binnen het brede pakket aan maatregelen

Noodzakelijkheid

te voorkomen. Belangrijk bij het opstellen van brancherings-

hieraan zinvol bij, en gaat de maatregel niet verder dan

Beperkingen zijn nodig om dwingende ruimtelijk relevante

regels is dat deze niet verder gaan dan noodzakelijk is. De

nodig om het nagestreefde doel te bereiken, zijn er

redenen van algemeen belang: vitale en aantrekkelijke

Europese Dienstenrichtlijn biedt hiervoor duidelijke kaders.

(aantoonbaar) geen andere, minder beperkende

winkelgebieden, een goed gespreid dagelijks

maatregelen mogelijk?

winkelvoorzieningenniveau, een goed woon-, verblijfs- en

Wat is de Dienstenrichtlijn?

ondernemersklimaat. Ruimtelijk relevante argumenten zijn

In feite zegt het Europese Hof met de Dienstenrichtlijn dat

Hoe is de situatie in de Westelijke Mijnstreek?

volgens de Handreiking Dienstenrichtlijn en Ruimtelijke

een gemeente heel goed moet beargumenteren waarom zij

In voorliggend beleid staat de complementariteit van

ordening van 2019:

de vestiging van bepaalde soorten detailhandel wil

enerzijds reguliere winkelgebieden en anderzijds perifere

•

locaties centraal. De voorgestelde detailhandelsstructuur en

Behoud en bevorderen van de aantrekkelijkheid,

leefbaarheid, mix aan winkels, vitaliteit en de waardering

•

• •

van het centrum. Aandachtspunten zijn een voldoende

nagestreefde algemene doelen te bereiken?

voorzieningenniveau en een aanvaardbaar woon- en

3. Draagt een specifieke maatregel zinvol bij aan het bereiken

leefklimaat;

van de nagestreefde doelen, is de maatregel geschikt?

De subregio streeft naar een duidelijke structuur voor de

Streven naar zorgvuldig ruimtegebruik, bereikbaarheid en

4. Gaat de maatregel niet verder dan nodig om het

consument, met herkenbare winkelgebieden. Om dit te

concentratie van functies;

nagestreefde doel te bereiken en zijn er (aantoonbaar) geen

bereiken is het onvermijdelijk om keuzes te maken (in

Voorkomen of tegengaan van leegstand, monocultuur van

andere, minder beperkende maatregelen mogelijk?

branchering). Dagelijkse winkels zoals supermarkten zijn

winkels en voorzieningen, eenzijdig aanbod van stedelijke functies en openbare ordeproblemen of het risico hierop.

gekozen in de Westelijke Mijnstreek.

uitermate belangrijk voor de dorps-, buurt- en wijkcentra. Ze Vertaling naar de Westelijke Mijnstreek

fungeren als trekker voor deze centra en zorgen er daarnaast

Ad 1. De gemeente en de subregio zetten in op een coherent voor dat inwoners op gepaste afstand boodschappen kunnen Vertaling naar de Westelijke Mijnstreek

en systematisch beleid, in lijn met regionaal en provinciaal

doen. Vestiging van dagelijks aanbod op perifere locaties kan

Noodzakelijkheid om te sturen op branchering is in deze

beleid, en met een consistente naleving binnen het totale

leiden tot verminderd aanbod in de woonomgeving en

subregio zeker aan de orde. Bij noodzakelijkheid is de

pakket maatregelen (hard, zacht, inzet van subsidies etc): een

aantasting van de dagelijkse verzorging en leefbaarheid in

bescherming van het stedelijk milieu van belang. Ruimtelijke

‘én-én systematiek’. Dit betekent effectieve juridische

woonwijken en dorpen. Dit is zeer ongewenst.

voorschriften zien toe op bescherming van bestaande

instrumenten via het juridisch-planologische kader, én

winkelstructuren, het behoud van de aantrekkelijkheid van

effectieve niet-juridische instrumenten binnen het bredere

Ook de detailhandelsfunctie van de grotere centra zoals

centrumgebieden en het voorkomen van leegstand, als

pakket aan maatregelen. Alleen deze combinatie garandeert

Sittard-centrum en Geleen-centrum staat door diverse

dwingende reden van algemeen belang. De leegstand is

dat het doel van een toekomstbestendige en vitale

oorzaken (zwaar) onder druk. Vooral de hier sterk aanwezige

omvangrijk en doet zich met name voor in de centra van

detailhandelsstructuur behaald kan worden.

niet-dagelijkse sector staat onder druk en het is niet

Sittard en Geleen: hun vitaliteit en woon- en leefklimaat staan

aannemelijk dat deze sectoren in de komende jaren de

onder druk. Er kan geen sprake zijn van zorgvuldig

Ad 2. De maatregel om beperkingen in branchering op te

ontstane leegstand weer gaan opvullen. Het is dan ook

ruimtegebruik als niet eerst de leegstand wordt benut. In de

leggen voor de periferie draagt in algemene zin effectief bij

wenselijk om niet-dagelijkse branches - anders dan eerder

subregio dienen de brancheringsregels ook ter bescherming

om de algemene doelen te bereiken: leefbaarheid, duidelijke

genoemde branches in volumineuze goederen - zoveel

van winkelgebieden anders dan de oude stadscentra. De

profilering, kwalitatieve versterking van het aanbod,

mogelijk binnen de bestaande centrumgebieden of aan de

perifere detailhandels-locatie Retailpark Sittard Geleen is nu

kwantitatieve afname van het aantal meters, terugdringen

rand daarvan te vestigen.

geheel ingevuld, maar was een voorbeeld van een locatie met

leegstand etc.

leegstand zodat een concentratie van passende branches hier voldoende vestigingsmogelijkheden biedt. Evenredigheid Beperkingen zijn evenredig, en gaan niet verder dan nodig. 1.Handelt de gemeente coherent en systematisch om het nagestreefde doel te bereiken? 2. Is het brede pakket aan maatregelen effectief om de

Detailhandelsbestedingen in fysieke winkels staan sterk onder druk en extra aanbod buiten de centra zal de positie van de centra verder verzakken. Dit zien we op veel locaties gebeuren in Nederland. Om die reden hanteren gemeenten die recent hun detailhandelsbeleid hebben geactualiseerd, overwegend strenge brancheringsregels. Hiervoor is ook

Vestiging in de periferie zou het functioneren van de centra duurzaam ontwrichten en zo de verblijfskwaliteit van o.a. Sittard-centrum en Geleen-centrum verder onder druk zetten, met alle gevolgen van dien. De branches die wel in de periferie mogen zijn aanmerkelijk minder concurrerend voor de centra doordat ze ander koopgedrag bij de consument oproepen (doelgericht), dan wel ruimtelijk niet

37

inpasbaar zijn (zoals tuincentra, bouwmarkten, etc.).

•

Dit sluit aan op het bezoekmotief van de klant. De keuze wordt vergroot als soortgelijke aanbieders bij elkaar gevestigd zijn en het versterkt hun onderlinge synergie (kans op combinatiebezoek). Voorbeelden zijn een woonboulevard, mobiliteitsboulevard etc. Op die plekken moet wel enige ruimte (leegstand of uitbreiding) zijn om de

auto-service, tweewielers / bakfietsen, scooters,

analyse met specifieke gegevens worden

tankstation e.d.

Thematisering van perifere locaties met aanbod met - naar aard en omvang - volumineuze producten is verdedigbaar.

Daarbij moet vervolgens aan de hand van een

•

Kleine perifere winkelgebieden met een lokale functie, waar inwoners op korte afstand terecht kunnen voor meer gerichte en frequente (volumineuze) aankopen, zoals in de branches ABC (auto’s-boten-caravans), doehet-zelf (bouwmarkt) en een klein tuincentrum. De bestaande plancapaciteit voor de branchering op deze

locaties wordt gerespecteerd.

onderbouwd dat de algemene ervaringsregels ook van toepassing zijn op de specifieke situatie (in de gemeente Sittard-Geleen). Middels een analyse met specifieke gegevens van geografische kenmerken, de demografische structuur, de sociaal economische structuur, toerisme en de ruimtelijke detailhandelsstructuur wordt nagegaan of SittardGeleen zo bijzonder of afwijkend is dat de

‘juiste branche op de juiste plek’ te faciliteren.

Wanneer deze indeling wordt los gelaten, ontstaan

toepasbaarheid van de op landelijke gegevens

Als ruimtelijke ondersteuning van die gethematiseerde

onduidelijk geprofileerde concentraties zonder

gebaseerde onderzoeken zich niet voordoet. De

cumulatieve attractie, waardoor de vitaliteit van deze

bouwstenenrapportage gaat uitgebreid in op deze

winkelgebieden afneemt en de kans op leegstand groter

specifieke gegevens. Aanvullend is de Westelijke

Klanten vinden het prettig als ze deze aankopen dicht bij

wordt.

Mijnstreek vergeleken met een viertal middelgrote

huis kunnen doen.

Ad 3/4. Bij de geschiktheid van de brancheringsregeling

Aansluitend op het bezoekmotief van de consument, is een

kan worden aangesloten bij algemene ervaringsregels

perifere locaties is een bepaalde spreiding van doe-het-zelf en andere lokaal verzorgende PDV-winkels verdedigbaar.

onderscheid gemaakt in toegestane branchering in de verschillende perifere winkelgebieden: •

steden met 120.000 tot 130.000 inwoners.

(gebaseerd op ruimtelijk detailhandelsbeleid op landelijk, provinciaal of lokaal niveau) ter onderbouwing dat de

Grote perifere winkelgebieden met een regionale

regeling geschikt is om het beoogde doel te bereiken.

functie, waar de inwoners van de Westelijke Mijnstreek

Stad

Inwoners

Inkomen (€)

Hoofdcentrum

Nevencentra

Groot PDV cluster

Westelijke Mijnstreek

130.000

26.800

Sittard-centrum

Retailpark Sittard Geleen Handelscentrum Bergerweg

Maastricht

121.000

26.300

Maastricht-centrum

Geleen-centrum Beek-centrum Stein-centrum Born-centrum Brusselse Poort Heer-centrum De Heeg

Zwolle

131.000

27.200

Zwolle-centrum

Woonboulevard

Leeuwarden

125.000

24.500

Leeuwarden-centrum

Leiden

125.000

29.300

Leiden-centrum

Zwolle Zuid Stadshagen AA-landen Holtenbroek Tijnjedijk Camminghaburen Bilgaard Koperwiek Stevensbloem Luifelbaan

alles kunnen kopen voor In/Om Huis: branches tuin & dier, doe-het-zelf, woninginrichting en meubels. Retailpark Sittard Geleen is de grote locatie met een ruime keuze in deze branches, zij heeft een duidelijk profiel en profiteert van de cumulatieve attractie die clustering van soortgelijke branches biedt. Dit is de plek waar het ‘woon-winkelen’ plaatsvindt. Ook de locatie Detailhandelszone Handelscentrum Bergerweg vervult een soortgelijke functie, maar dan rond het thema

mobiliteit, aansluitend op de auto-boulevard. Passende branches: auto-accessoires, bandencentrale,

Belvedere

Retailpark De Centrale Wooon (Leiderdorp)

38

39 38 •

•

Geografische kenmerken/demografische structuur:

Bij de ‘geschiktheid’ is tot slot van belang dat de

de Westelijke Mijnstreek is met haar inwonertal

brancheringsregeling coherent en systematisch wordt

(130.000) en bevolkingsdichtheid vergelijkbaar met

toegepast. Hier spelen de aanvullende maatregelen van de

een middelgrote stad, met Sittard-centrum als

gemeente een rol, zoals het concentreren van detailhandel in

-

stadscentrum, en de verschillende kernen (Geleen,

de centra. Hiermee toont de gemeente aan dat de

Beek, Stein, Born) als stadsdelen of wijken. Vanuit die

branchering coherent en systematisch wordt toegepast dan

optiek is de Westelijke Mijnstreek vergelijkbaar met de

wel dat de doelstelling om de leefbaarheid van de centra en

ruim 20 overige middelgrote steden in Nederland.

overige winkelgebieden te bevorderen, coherent en

Sociaaleconomische structuur: het gemiddeld met dat van de overige middelgrote steden. Ruimtelijke detailhandelsstructuur: ook de detailhandelsstructuur van de Westelijke Mijnstreek is vergelijkbaar met die van middelgrote steden, met Sittard-centrum als het hoofdcentrum en de centra van Geleen, Stein, Beek en Born als kleinere, ondergeschikte centra die de stadsdelen/wijken verzorgen. In alle overige steden zien we een soortgelijke structuur terugkomen, met een hoofdcentrum, meerdere nevencentra en een grote perifere winkelconcentratie met een begrensde branchering.

•

Toerisme: alle steden worden ook door toeristen bezocht, hoewel het toeristische aandeel in de bestedingen per stad wel uiteenloopt.

Conclusie is dat de Westelijke Mijnstreek vergelijkbaar is met andere soortgelijke steden in Nederland, waarmee aannemelijk is dat de algemene ervaringsregels ook van toepassing zijn op de Westelijke Mijnstreek.

systematisch wordt nagestreefd. Dit is in lijn met het regionale beleid van Zuid Limburg (SVREZL) en van de provincie. Ad 4: Alternatieven zoals verruiming van planologische mogelijkheden in de centra, citymanagement, transformatie naar woningen, investeringen in het openbaar gebied en de infrastructuur, het vaststellen van een leegstandsverordening of het invoeren van leegstandsbelasting of leegstandsboetes, zijn niet toereikend voor het bereiken van de met deze regeling beoogde doelen. Niet discriminatoir In het vraagstuk rondom branchering wordt geen direct of indirect onderscheid gemaakt naar nationaliteit of plaats van statutaire zetel. Er zijn daarom geen discriminerende

bepalingen, zodat aan deze voorwaarde wordt voldaan. Concluderend: 1.Er is geen sprake is van discriminatie (naar land); 2. Beperkingen zijn (aantoonbaar) noodzakelijk in verband met een dwingende reden van algemeen belang (het doel); 3. De maatregel is (aantoonbaar) evenredig:

- de maatregel is geschikt en effectief voor het beoogde doel;

de maatregel wordt op coherente en systematische wijze uitgevoerd;

-

inkomen in de Westelijke Mijnstreek is vergelijkbaar •

-

de maatregel gaat niet verder dan nodig; hetzelfde doel kan niet met andere en/of minder beperkende middelen worden bereikt.

Bijlage 2: Begrippenlijst ABC: auto’s, boten, caravans Afhaalcentra/afhaalpunt: Locaties met een afhaalfunctie

zonder fysieke uitstalruimte die voor de consument toegankelijk is (ook wel pick-up point genoemd). Binnenstedelijke winkelgebieden: De recreatieve en ondersteunende winkelgebieden

Ladder voor duurzame verstedelijking: Instrument voor efficiënt ruimtegebruik. Het bevoegd gezag moet voldoen aan een motiveringsvereiste als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Leisure: Brede term voor verschillende commerciële vrijetijdsfuncties. Marktruimte: De totale opnamecapaciteit minus het bestaande aanbod.

Blurring: Het combineren van verschillende branches met elkaar (branchevervaging).

M2 wvo: Het oppervlak van een (winkel)unit dat voor het publiek vrij toegankelijk is en direct met de verkoop

Branchevreemd assortiment: Assortiment dat qua aard van

samenhangen

het product niet behoort tot de eigen branche. Niet-dagelijks aanbod: Winkels in Mode & Luxe, Vrije Tijd en Compactiseren: Het verkleinen van de omvang van het

Elektronica.

kernwinkelgebied

Omgevingswet: De Omgevingswet gaat naar verwachting op

Dagelijks aanbod: Winkels die producten verkopen voor de dagelijkse boodschappen. Detailhandel: Verkoop van producten aan consumenten. Europese Dienstenrichtlijn: Binnen de Europese Unie geldt er vrij verkeer van diensten, deze regels hieromtrent staan uitgewerkt in de Dienstenrichtlijn. Kringloop: Kringloopbedrijf : Bedrijf met als hoofdactiviteit het inzamelen, sorteren en eventueel repareren van tweedehands goederen. Kringloopwinkel: Winkel voor tweedehands goederen.

1 januari 2023 in werking en staat voor een goede balans tussen het benutten en beschermen van de fysieke

40 PDV-winkelgebieden: dit zijn de (doelgerichte) perifere winkelgebieden in de Westelijke Mijnstreek, waar volumineuze artikelen zijn toegestaan. PDV - Perifere detailhandelsvestigingen: dit zijn vestigingen die behoren tot de PDV-branches en die op een perifere locatie liggen. Perifere (of verspreid liggende) locatie: een locatie met detailhandel buiten de binnenstedelijke winkelgebieden. Pick-up point: Zie afhaalcentra/afhaalpunt. Plancapaciteit: Locaties of metrages met vestigingsmogelijkheden voor detailhandel. Plancapaciteit is op te splitsen in verschillende vormen: benutte (harde) plancapaciteit is een locatie (gebouw en omliggende gronden) die in gebruik is voor detailhandel en volgens het bestemmingsplan ook zo mag worden gebruikt. Onbenutte (harde) plancapaciteit is een locatie met

leefomgeving.

vestigingsmogelijkheden voor detailhandel die niet wordt

Ondersteunende horeca: De hoofdfunctie is anders dan

van onbenutte (harde) plancapaciteit. Zachte plancapaciteit

horeca, zoals detailhandel, leisure of diensten. Deze horeca heeft geen ruimere openingstijden, heeft een beperkt M 2 en is ondersteuning van de hoofdfunctie. Ondergeschikte detailhandel: Detailhandel (vaak op een bedrijventerrein) vanuit een bedrijf die als hoofdfunctie

productie of vervaardiging van goederen heeft. De detailhandelsfunctie is gelieerd aan de hoofdfunctie en mag tot maximaal 10% van het totale winkelvloeroppervlak van de vestiging innemen (met een maximum van 250 m2 wvo).

gebruikt als detailhandel. Verborgen plancapaciteit is een vorm betreft vestigingsmogelijkheden voor detailhandel die beschreven zijn in beleid, maar niet zijn vastgelegd in een

juridisch bindend planologisch kader zoals een bestemmingsplan c.q. omgevingsplan.

41 Routing: De route die een klant aflegt in een winkelgebied.

Webshop: Online etalage waarbij de consument via internet diensten en/of producten kan bestellen.

Stadsdeelcentrum: het grootste ondersteunende winkelgebied na het hoofdcentrum, bedient een stadsdeel van 25.000 tot 50.000 inwoners (klein stadsdeelcentrum) en 50.000 tot meer dan 100.000 inwoners (groot stadsdeelcentrum). Volumineuze artikelen: artikelen voor minder frequent benodigde, doelgerichte aankopen, die vanwege de omvang en ruimte die nodig is voor uitstalling van de artikelen, moeilijk inpasbaar zijn in bestaande winkelgebieden zoals centra, wijken en buurten. Volumineuze artikelen toegestaan op perifeer winkelgebied: ABC-branches (incl. rijwielen/scooters), brand- en explosiegevaarlijke stoffen, landbouwvoer- en werktuigen en grove bouwmaterialen,, doe-het-zelf woninginrichting, keukens, sanitair en badkamers, tegels, tuin & dier, deuren / ramen, zonwering, met een minimum omvang van 1.000 m2 wvo. Mogelijke branches: uitgangspunten per perifere locatie zijn leidend. Volumineuze artikelen toegestaan op bedrijfsterrein: brand-

en explosiegevaarlijke goederen, ABC (exclusief rijwielen, scooters), landbouwvoer- en werktuigen, grove bouwmaterialen. Woninginrichting: (tuin)meubels, bedden, woningtextiel en vloeren, verlichting en winkels die een menging van voorgaande assortimenten voeren.

42 36

Bijlage 3: Gesprekspartners De volgende partijen zijn betrokken geweest bij de totstandkoming van het beleid:

✓ Individuele gesprekken met supermarkten, o.a.: Albert Heijn, Aldi, Jan Linders, Jumbo, Lidl, Nettorama, SPAR.

Overkoepelende organisaties zijn tijdens twee bijeenkomsten gesproken. Hierbij waren aanwezig: ✓ Centrummanagement Sittard

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Stein&id=69f2f1aa-5082-4c57-8b03-c1f70e30ed14