B.4.4 BP Zaam Wonen Nieuwdorp_Toelichting
Tekst van het document
Hierom wordt geadviseerd om de werkzaamheden buiten de broedperiode (maart tot en met oktober) uit te voeren. Daarnaast geldt de algemene zorgplicht die tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden in acht moet worden genomen. Complex 022: 1. Open stootvoegen aanwezig; 2. Spleten tussen panelen; 3. Dak niet strak gelegd wat ruimte biedt tussen dak en dakgoot; 4. Rolluikkasten liggen strak tegen dakgoot wat nestlocatie biedt voor huismussen; 5. Geen sporen/prenten en of mest van steenmarters aangetroffen. Tevens geen gaten/ruimtes waar ze door naar binnen kunnen. Vervolgonderzoek naar de aanwezigheid van de huismus en vleermuis noodzakelijk.
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
53
Complex 221: 1. Enkele open stootvoegen aanwezig (uitgezonderd Kuringerstraat); 2. Gat in muur op de Baesweilerstraat; 3. Dakrand zit los en biedt openingen aan de Kamperstraat en Tripstraat; 4. Dak niet strak gelegd wat ruimte biedt tussen dak en dakgoot (uitgezonderd Kuringerstraat en Baesweilerstraat); 5. Geen sporen/prenten en of mest van steenmarters aangetroffen. Tevens geen gaten/ruimtes waar ze door naar binnen kunnen. Vervolgonderzoek naar de aanwezigheid van de huismus voor de appartementencomplexen aan de Kamperstraat en Tripsstraat noodzakelijk, evenals vervolgonderzoek naar de aanwezigheid van de gierzwaluw en vleermuis. Complex 910: 1. Geen dakgoot aanwezig op de panden; 2. Geen sporen/prenten en of mest van steenmarters aangetroffen. Tevens geen gaten/ruimtes waar ze door naar binnen kunnen. Geen vervolgonderzoek noodzakelijk. Vervolgonderzoek Naar aanleiding van bovenstaande onderzoeksresultaten uit de Quickscan flora en fauna heeft Idverde Advies een aanvullend ecologisch onderzoek uitgevoerd. Dit aanvullend ecologisch onderzoek d.d. 27 oktober 2021 (met kenmerk: 724210088 & 724210101) is bijgevoegd als Bijlage 6. In het aanvullend ecologisch onderzoek is o.a. bij de complexen 022 en 221 onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van nest- en verblijfplaatsen van verschillende soorten vleermuizen, huismus en gierzwaluw.
Huismus De veldbezoeken in het kader van de huismus hebben op 22 april 2021 en 11 mei 2021 plaatsgevonden. Tijdens deze twee uitgevoerde onderzoeken zijn bij de complexen 022 en 221 geen huismussen, nesten of verblijfplaatsen daarvan aangetroffen. De complexen 022 en 221 maken derhalve geen onderdeel uit van het (essentiële) leefgebied van de huismus. Gierzwaluw De veldbezoeken in het kader van de gierzwaluw hebben voor complex 221 op 18 mei 2021, 10 juni 2021 en 8 juli 2021 plaatsgevonden. Voor complex 022 werd in de Quickscan flora en fauna geen vervolgonderzoek naar de gierzwaluw noodzakelijk geacht. Binnen complex 221 zijn in totaal 12 nestplaatsen van de gierzwaluw aangetroffen (zie onderstaande figuur). Alle gierzwaluwnesten bevonden zich aan de voorzijde van het pand, direct onder het dak.
54
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
Totaaloverzicht waarnemingen gierzwaluwnesten complex 221 Vleermuis De veldbezoeken in het kader van de vleermuis hebben bij de complexen 022 en 221 op vijf verschillende momenten plaatsgevonden. Bij complex 022 zijn waarnemingen gedaan van zowel de kleine dwergvleermuis als de ingekorven vleermuis. De foeragerende vleermuizen zijn aangetroffen ter plaatse van de groenstrook tussen de Diepenbeekstraat en de Rijksweg A76. Het wordt aannemelijk geacht dat deze groenstrook fungeert als (incidentele) vliegroute voor deze vleermuissoorten. Daarnaast is ter plaatse van de woning op de Peldenstraat 63 (tussen de rolluikkast en de muur) een paarverblijfplaats van de gewone dwergvleermuis aangetroffen. Bij complex 221 is ter plaatse van het appartementencomplex aan de Tripsstraat (op de kopse kant) een massawinterverblijfplaats van de gewone dwergvleermuis waargenomen. Daarnaast is een paarverblijfplaats van de gewone dwergvleermuis gevonden ter plaatse van de kopse kant van het appartementencomplex aan de Kuringenstraat. Aanvraag ontheffing Vanwege de aanwezigheid van de gierzwaluw en vleermuizen dient voor het uitvoeren van de werkzaamheden een ontheffing op grond van de Wet natuurbescherming (artikel 3.1, lid 2 en artikel 3.5, lid 4) te worden aangevraagd bij de Provincie Limburg. In dit verband dient een activiteitenplan te worden opgesteld. Dit activiteitenplan d.d.
3 oktober 2023 is opgesteld en bijgevoegd als Bijlage 7. Een mitigatieplan maakt onderdeel uit van het activiteitenplan. Volgens het mitigatieplan dient, naast enkele tijdelijke alternatieve voorzieningen (zoals het plaatsen van gierzwaluwkasten en paarkasten voor vleermuizen), als permanente voorziening een flora- en faunatoren te worden gerealiseerd. De realisatie en instandhouding van deze flora- en faunatoren is in de regels van onderhavig bestemmingsplan geborgd door middel van een zogenoemde voorwaardelijke verplichting (zie artikel 7.7).
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
55
De aanvraag van de ontheffing van de Wet natuurbescherming kan parallel lopen aan onderhavige bestemmingsplanprocedure. 4.11.3 Gebiedsbescherming De bescherming van Natura 2000-gebieden is geregeld in de Wet natuurbescherming, die de implementatie vormt van de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn. De Natura 2000-gebieden vormen samen een Europees netwerk van natuurgebieden: Natura 2000. Als ontwikkelingen (mogelijk) leiden tot aantasting van natuurwaarden binnen een Natura 2000-gebied, moet een vergunning worden aangevraagd. Gedeputeerde staten van de provincie zijn het bevoegd gezag voor verlening van deze vergunning. Verder moet rekening worden gehouden met het beleid ten aanzien van het Natuurnetwerk Nederland (NNN). De regels met betrekking tot het NNN zijn opgenomen in de provinciale verordening. Het plangebied is niet gelegen binnen een Natura 2000-gebied of een gebied dat onderdeel uitmaakt van het NNN. De meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden zijn de Grensmaas (op een afstand van ca. 1,1 kilometer) en het Bunder- en Elslooërbos (op een afstand van ca. 2,0 kilometer). De meest nabij gelegen gronden die onderdeel uitmaken van het NNN liggen ten westen van de planlocatie (op een afstand van ca. 220 meter).
Kaartuitsnede met afstanden plangebied tot meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden
56
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
Kaartuitsnede met afstand plangebied tot Natuurnetwerk Nederland Gelet op genoemde (ruime) afstanden zijn externe effecten, zoals licht, trilling en geluid, als gevolg van onderhavig planvoornemen redelijkerwijs niet te verwachten. Externe effecten als gevolg van een toename van stikstofdepositie op voor stikfstof gevoelige habitats in Natura 2000-gebieden zijn vanwege de omvang van de voorgenomen plannen en de afstand tot de dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden op voorhand niet uit te sluiten. Vervolgonderzoek in het kader van de gebiedsbeschermingsparagrafen uit de Wet natuurbescherming ten aanzien van stikstof wordt daarom noodzakelijk geacht. Door middel van een berekening met de AERIUS-calculator is inzichtelijk gemaakt of het plan bijdraagt in een toename van stikstofdepositie in de nabijgelegen Natura 2000-gebieden. Uit de berekening volgt dat de voorgenomen ontwikkeling in de zogenoemde gebruiksfase én realisatiefase niet leidt tot een toename van stikstofdepositie op de nabijgelegen Natura 2000-gebieden groter dan 0,00 mol/ha/jaar. Significant negatieve effecten voor de instandhoudingsdoelen van de Natura 2000-gebieden ten gevolge van stikstofdepositie kunnen op basis van het voorgaande met zekerheid worden uitgesloten, waardoor een vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming niet is vereist.
De Notitie beoordeling stikstof (9 november 2023, kenmerk J230069) is bijgevoegd als Bijlage 8. Daaruit volgt - gezien het voorgaande - dat er op dit punt geen belemmeringen zijn voor de planontwikkeling. 4.11.4 Conclusie Het aspect 'ecologie' vormt op basis van de uitgevoerde onderzoeken geen belemmering voor het planvoornemen.
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
57
4.12
Water
Het doel van de waterparagraaf is om water een uitgesproken en inhoudelijk betere plaats te geven bij het opstellen en beoordelen van alle waterhuishoudkundig relevante plannen. De waterparagraaf vraagt niet alleen om een beschrijving van de waterhuishoudkundige situatie en de invloed die de voorgestane ruimtelijke ontwikkelingen hebben, maar ook een vroegtijdig overleg met waterbeheerders. Bij ruimtelijke ontwikkelingen wordt de waterparagraaf gebruikt om het planvoornemen en de waterbelangen op elkaar af te stemmen. 4.12.1 Nationaal Water Programma 2022-2027 Het Nationaal Water Programma 2022-2027 (vastgesteld d.d. 18 maart 2022), de opvolger van het Nationaal Waterplan 2016-2021, betreft voor de ruimtelijke aspecten daarvan een structuurvisie conform de Waterwet. Bij het opstellen van dit programma is ook een doorkijk gemaakt naar de aanstaande Omgevingswet. Het Nationaal Water Programma 2022-2027 is voor het waterbeleid een uitwerking van de Nationale Omgevingsvisie (zie hiervoor paragraaf 3.2.1). Het Nationaal Water Programma 2022-2027 beschrijft de hoofdlijnen van het nationale waterbeleid en het beheer van de rijkswateren en rijksvaarwegen. De hoofdambities volgens dit programma betreffen: Een veilige en klimaatbestendige delta. Een concurrerende, duurzame en circulaire delta. Een schone en gezonde delta met hoogwaardige natuur.
Hierbij is een integrale aanpak noodzakelijk met andere opgaven in de fysieke leefomgeving, zoals de energietransitie, woningbouw en natuurherstel. 4.12.2 ProvinciaalWaterprogramma 2022-2027 Op provinciaal niveau dient rekening te worden gehouden met het 'Provinciaal Waterprogramma 2022-2027' (vastgesteld d.d. 17 december 2021). Het provinciale programma betreft een uitwerking van de in de Omgevingsvisie Limburg (zie hiervoor paragraaf 3.3.1) opgenomen provinciale belangen op het gebied van water. De ambitie is om in 2050 een duurzaam, robuust en ecologisch gezond watersysteem te hebben gerealiseerd, waarbij de focus ligt op "kwaliteit". Hiermee wordt bedoeld dat de kwaliteit van de leefomgeving wordt bevorderd door onder andere: de beveiliging tegen het hoogwater in de Maas te combineren met ruimtelijke kwaliteitsverbetering; de realisatie van een duurzaam en klimaatbestendig watersysteem te zien als een belangrijke voorwaarde om te kunnen omgaan met wateroverlast en droogte met behoud van ruimtelijke kwaliteit; de waterkwaliteit en de inrichting van beken en waterafhankelijke Natura 2000-gebieden te verbeteren om een ecologische gezond watersysteem en een duurzaam Natuurnetwerk Limburg te realiseren; voldoende water van goede waterkwaliteit te realiseren ten behoeve van diverse waterafhankelijke functies, waaronder het behoud van een duurzame drinkwatervoorziening.
4.12.3 Waterschap Limburg De wijze waarop Waterschap Limburg adviseert over de wateraspecten rondom ruimtelijke ontwikkelingen is beschreven in het Waterbeheerprogramma 2022-2027 (vastgesteld d.d. 8 december 2021). Dit is nader geconcretiseerd in de zogenoemde Keur (en Legger) van het waterschap. Het waterschap beschrijft in het programma onder andere hoe: inwoners worden beschermd tegen overstromingen vanuit de Maas; de juiste balans kan ontstaan tussen water afvoeren en water vasthouden;
58
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
het water schoon wordt (gehouden) en wateren natuurlijk worden ingericht; rioolwater wordt gezuiverd en daarbij grondstoffen worden teruggewonnen en gebruikt. 4.12.4 Toepassing Onderhavig planvoornemen betreft de realisatie van (maximaal) 32 levensloopbestendige woningen met bijbehorende (groen)voorzieningen. Het hemelwater dat valt op de nieuw te realiseren (dak)verhardingen, dient binnen het plangebied te worden opgevangen en te infiltreren in de bodem. De beoogde bebouwing zal volledig worden afgekoppeld van het riool. Binnen het plangebied is volgens de Legger van het waterschap geen oppervlaktewater aanwezig. Ook is het plangebied niet gelegen binnen een beschermingszone.
Uitsnede kaart Legger Waterschap Limburg In de huidige situatie zijn binnen het plangebied aan bestaande bebouwing 62 woningen (en enkele garageboxen) aanwezig. Deze bebouwing wordt als gevolg van onderhavig plan gesloopt. Daarvoor in de plaats worden (maximaal) 32 levensloopbestendige woningen gebouwd. Binnen het plangebied is voldoende ruimte aanwezig (bijvoorbeeld ter plaatse van het noordoostelijke (groene) gedeelte van het plangebied) voor het realiseren van waterhuishoudkundige voorzieningen met voldoende capaciteit ten behoeve van de opvang en infiltratie van het hemelwater afkomstig van verhardingen. Volgens de Keur van het Waterschap Limburg moeten deze voorzieningen een bergingscapaciteit hebben van ten minste 80 millimeter per m2 aan verharding, bij een buiduur van twee uur (neerslaggebeurtenis met een herhalingstijd van 1:100, gemiddeld klimaatscenario 2050), waarbij de waterhuishoudkundige voorzieningen binnen 24 uur weer geheel beschikbaar dienen te zijn. De uitvoering van deze voorzieningen is in de regels van onderhavig bestemmingsplan geborgd door middel van een zogenoemde voorwaardelijke verplichting (zie artikel 7.6).
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
59
Gelet op de 'Voorkeurstabel afkoppelen' wordt geadviseerd een bodemfilter toe te passen, zodat de kwaliteit van de bodem maximaal wordt beschermd tegen verontreiniging. Het bovengronds of ondergronds infiltreren van hemelwater met toepassing van een bodemfilter betreft een acceptabele wijze van afkoppelen. Zie onderstaande tabel.
4.12.5 Conclusie Gelet op het voorgaande kan worden geconcludeerd dat voldoende ruimte binnen het plangebied beschikbaar is voor de realisatie van waterhuishoudkundige voorzieningen conform de eisen van het waterschap. Dit is ook voldoende geborgd in de regels van onderhavig bestemmingsplan. De verdere uitwerking daarvan komt aan bod bij het aanvragen van de benodigde omgevingsvergunning. Vanuit het oogpunt van waterhuishouding treden geen belemmeringen op voor de beoogde planontwikkeling.
4.13
Verkeer en parkeren
Om te kunnen voorzien in een 'goede ruimtelijke ordening' dient het planvoornemen geen belemmeringen op te leveren voor de omgeving ten aanzien van het aspect 'verkeer en parkeren'. In dit verband zijn de kencijfers van het CROW en het gemeentelijk parkeerbeleid van belang. De gemeente Stein beschikt over de 'Nota Parkeerbeleid Gemeente Stein', vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Stein d.d. 25 juni 2013. 4.13.1 Verkeer Onderhavig planvoornemen maakt de realisatie van (maximaal) 32 levensloopbestendige woningen mogelijk. Het plangebied wordt via vier zijden ontsloten, namelijk via de Peldenstraat, Kamperstraat, Van Cloudtstraat en Diepenbeekstraat (zie ook het stedenbouwkundig ontwerp in paragraaf 2.3 van deze toelichting). Op deze wegen is een maximale snelheid van 30 km per uur toegestaan. Door het plangebied te voorzien van vier verkeersontsluitingen wordt de verkeersdruk evenwichtig verdeeld over de omgeving. De kencijfers van het CROW (publicatie 381: 'Toekomstbestendig parkeren - Van parkeerkencijfers naar parkeernormen' van december 2018) worden toegepast bij het bepalen van de verkeersproductie als gevolg van onderhavig planvoornemen. Hierbij geldt als uitgangspunt dat de stedelijkheidsgraad is aan te merken als 'weinig stedelijk' en het plangebied is gelegen in het gebied 'rest bebouwde kom'.
Dit resulteert voor 32 woningen (huur, huis, sociale huur) in een verkeersproductie van minimaal 166,4 en maximaal 192 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Hierbij wordt opgemerkt dat als gevolg van onderhavig planvoornemen de bestaande (voornamelijk gestapelde) woningen worden gesloopt, in totaal 62 te slopen woningen, waardoor het aantal motorvoertuigbewegingen als gevolg van onderhavig planvoornemen per saldo afneemt. Gezien de ligging van het plangebied in de woonwijk Nieuwdorp is het plangebied overigens ook goed
60
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
bereikbaar met de fiets of lopend. Gelet op het voorgaande wordt met onderhavig planvoornemen voorzien in een goede verkeersontsluiting en is geen toename van het aantal verkeersbewegingen te verwachten. 4.13.2 Parkeren Voor wat betreft het parkeeraspect beschikt de gemeente Stein over een eigen 'Nota Parkeerbeleid Gemeente Stein', waarbij de parkeerkencijfers van het CROW als basis zijn genomen. Voor enkele specifieke situaties waarin het gemeentelijk parkeerbeleid niets heeft geregeld, dient hierom te worden teruggevallen op de parkeerkencijfer van het CROW. Volgens de 'Nota Parkeerbeleid Gemeente Stein' (vastgesteld d.d. 25 juni 2013) valt de gehele gemeente Stein voor wat betreft de stedelijkheidsgraad aan te merken als 'weinig stedelijk' (tussen de 500 en 1.000 adressen per km2 ), waarbij nog wel een onderscheid dient te worden gemaakt tussen centrum, schil/overloopgebieden en rest bebouwde kom. Zoals in de voorgaande paragraaf reeds is aangegeven is het plangebied gelegen binnen het gebied 'rest bebouwde kom'. Ten aanzien van het realiseren van nieuwe woningen heeft de gemeente Stein in haar parkeerbeleid de volgende parkeernormen opgenomen.
Tabel met parkeernormen voor nieuwe woningen uit de Nota Parkeerbeleid Gemeente Stein In de raadsvergadering van mei 2023 is het parkeerbeleidsplan voor de gemeente Stein vastgesteld. In dit parkeerbeleidsplan is onder beleidmatige acties aangegeven dat op korte termijn 1-3 jaar een nota parkeernormen zal worden opgesteld. In deze (korte) nota worden de parkeernomren voor bepaalde functies herzien. Hierin worden met name de uitzonderingen opgenomen zoals terrassen bij restaurants, cafés, ijssalons, die dan in het bruto oppervlak worden meegenomen. Tevens wordt in dezelfde periode een parkeerfonds gevormd voor parkeerplaatsen in de openbare ruimte als niet kan worden voldaan aan de parkeernorm. Er dient dan een vast bedrag betaald te worden om een parkeerplaats op straat te realiseren. Dit bedrag dinet ten goede te komen aan het realiseren van parkeervoorzieningen in de gemeente. Voorals nog is door de verkeerskundige van de gemeente Stein aangegeven om de volgende parkeernormen te hanteren voor onderhavig planvoornemen: Patio woning levensloop bestendig (sociale huur): 1,6 pp / woning (inclusief aandeel bezoekers van 0,3 pp / woning). Voor 32 woningen (patio woning levensloop bestendig, sociale huur) levert dit een parkeerbehoefte op van 51,2 parkeerplaatsen.
Onderhavig planvoornemen gaat uit van 59 parkeerplaatsen, waarvan 3 parkeerplaatsen op eigen terrein (zie ook het stedenbouwkundig ontwerp in paragraaf 2.3 van deze toelichting). Overigens wordt opgemerkt dat als gevolg van onderhavig planvoornemen in totaal 62 bestaande woningen worden gesloopt, waardoor de parkeerbehoefte als gevolg van onderhavig planvoornemen per saldo afneemt.
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
61
4.13.3 Conclusie Gelet op het voorgaande wordt geconcludeerd dat het aspect 'verkeer en parkeren' geen belemmeringen oplevert voor onderhavig planvoornemen.
62
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
Hoofdstuk 5 5.1
Juridische opzet
Inleiding
Het voorliggende bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en de regels tezamen vormen het juridisch bindende deel van het plan. Verbeelding en regels dienen te allen tijde in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast.
5.2
Uitgangspunten
5.2.1 Wettelijk kader Het wettelijk kader voor de inhoud en de vaststellingsprocedure van een bestemmingsplan wordt sinds 1 juli 2008 gevormd door de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en is verder ingevuld door het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en de Regeling standaarden ruimtelijke ordening (Rsro). De Wro, het Bro en de Rsro bevatten regels ten aanzien van de (digitale) vormgeving, inhoud en raadpleegbaarheid van bestemmingsplannen, met als doel bestemmingsplannen uniform vergelijkbaar en uitwisselbaar te maken. 5.2.2 Planonderdelen Een bestemmingsplan bestaat in elk geval uit een verbeelding (kaart) en planregels, die samen het juridisch deel van het bestemmingsplan vormen. Daarnaast gaat het bestemmingsplan vergezeld van een toelichting, die voorziet in de motivatie en onderbouwing van en de toelichting op de keuzes die zijn gemaakt om te komen tot de verbeelding en regels. Een bestemmingsplan kan ook bijlagen bevatten. Indien de bijlagen een relatie hebben met de regels worden ze opgenomen als bijlage bij de regels, zoals bijvoorbeeld een Staat van bedrijfsactiviteiten. Indien de bijlagen bijdragen aan de onderbouwing c.q. motivatie van het plan worden ze opgenomen als bijlage bij de toelichting, zoals rapporten van onderzoeken die ten behoeve van het plan zijn uitgevoerd.
5.2.3 Inhoud algemeen Bij het opstellen van de verbeelding en regels van het bestemmingsplan is voldaan aan het bepaalde in de Wro, Bro en de Rsro. Voor het overige is zoveel mogelijk aangesloten bij de gemeentelijke standaarden en plansystematiek. De structuur van het plan is zodanig dat de kaart de primaire informatie geeft over de van toepassing zijnde bestemming. In de regels kan vervolgens worden teruggelezen welke gebruiks- en bouwmogelijkheden voor de betreffende bestemming gelden. Behalve bestemmingen kan de verbeelding onder meer aanduidingen en maatvoeringsvlakken bevatten om binnen een bestemming te kunnen voorzien in maatwerk voor een bepaalde locatie. In dat geval zijn steeds ook regels verbonden aan deze aanduidingen en maatvoeringsvlakken.
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
63
5.3
Toelichting op de planregels
De regels zijn conform de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP 2012), welke als bijlage onderdeel uitmaakt van de Regeling standaarden ruimtelijke ordening (Rsro) opgebouwd en bevatten allereerst begripsomschrijvingen en meetvoorschriften om respectievelijk interpretatie- en meetverschillen uit te sluiten (hoofdstuk 1). Vervolgens zijn in hoofdstuk 2 de regels voor de afzonderlijke bestemmingen en dubbelbestemmingen opgenomen, waarbij voor elke bestemming is voorzien in een apart artikel. Voor zover behoefte bestaat aan het opnemen van regels die niet zijn gebonden aan een specifieke bestemming, maar gelden voor het gehele dan wel een gedeelte van het plangebied, dan zijn de betreffende regels opgenomen in hoofdstuk 3 van de regels. Indien de betreffende regels betrekking hebben op slechts een gedeelte van het plangebied, dan wordt dat op de verbeelding aangegeven door middel van een zogenoemde gebiedsaanduiding. De bestemmingsregels zijn in beginsel steeds op dezelfde manier opgebouwd: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
Bestemmingsomschrijving; Bouwregels; Nadere eisen; Afwijken van de bouwregels; Specifieke gebruiksregels; Afwijken van de gebruiksregels; Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden; Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk; Wijzigingsbevoegdheid.
Hoe gronden met een bepaalde bestemming mogen worden gebruikt is primair beschreven in de bestemmingsomschrijving. Eventuele aanvullingen of uitzonderingen zijn opgenomen in de specifieke gebruiksregels. De bouwregels bevatten de regels ten aanzien van de mogelijkheden om gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde op te richten. Zowel ten aanzien van gebruik als bouwen geldt dat binnen een bepaalde marge kan worden voorzien in mogelijkheden om af te wijken van de bouw- en gebruiksregels. Deze mogelijkheden zijn opgenomen onder respectievelijk 'Afwijken van de bouwregels' en 'Afwijken van de gebruiksregels'. Voor zover gewenst kan in de regels voor een bestemming worden voorzien in een vergunningstelsel voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde en/of werkzaamheden. Deze vergunningstelsels dienen dan veelal ter bescherming van binnen de bestemming voorkomende waarden of ter bescherming van bijvoorbeeld ondergrondse leidingen. Indien gewenst kan ook worden voorzien in een bevoegdheid om een bestemming geheel dan wel gedeeltelijk te wijzigingen in een andere bestemming. Dergelijke bevoegdheden worden opgenomen onder het kopje 'Wijzigingsbevoegdheid'. Naast voornoemde veel voorkomende onderdelen van bestemmingsregels kan worden voorzien in een vergunningstelsel voor het slopen van bebouwing en specifieke procedureregels.
5.4
Bestemmingen
5.4.1 Groen Ter plaatse van de bestemming 'Groen' zijn gronden bestemd voor het handhaven en versterken van groenzones/-elementen om daarmee de woon- en omgevingskwaliteit te waarborgen. Binnen de bestemming 'Groen' is de aanleg en instandhouding van groenvoorzieningen (zoals een plantsoen), voet- en fietspaden, voorzieningen van openbaar nut, alsmede waterhuishoudkundige voorzieningen toegestaan. De bouwmogelijkheden zijn beperkt tot gebouwen ten dienste van openbaar nut, erfafscheidingen en de
64
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
noodzakelijke bouwwerken ten behoeve van het functioneren van de openbare ruimte. Daarnaast is binnen de bestemming specifiek voorzien in de realisatie van een zogenaamde 'flora- en faunatoren', onder andere vanwege de aanwezige vleermuizen en gierzwaluwen binnen het plangebied. 5.4.2 Verkeer Deze bestemming is gericht op de afwikkeling van het verkeer. Naast wegverkeer zijn onder meer ook parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorzieningen toegestaan. De (ontsluitings)wegen en parkeervoorzieningen binnen het plangebied krijgen de bestemming 'Verkeer'. De bouwmogelijkheden zijn beperkt tot gebouwen ten dienste van openbaar nut en de noodzakelijke bouwwerken ten behoeve van het functioneren van de openbare ruimte. 5.4.3 Wonen De gronden met de bestemming 'Wonen' zijn bestemd voor wonen, met daaraan ondergeschikt aan huis verbonden beroepen, een webshop aan huis en de (overige) daarbij behorende voorzieningen, zoals tuinen, groenvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en verhardingen. Binnen een bouwvlak mogen het aantal woningen worden gebouwd zoals op de verbeelding is aangeduid. Het betreffen uitsluitend grondgebonden woningen. In de bouwregels is de verdere maatvoering (onder andere maximum bouwhoogte en maximum aantal bouwlagen) binnen het plangebied uitgewerkt.
Tevens zijn in de regels nadere bepalingen opgenomen voor bijgebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde.
5.5
Algemene regels
5.5.1 Anti-dubbeltelregel Overeenkomstig het Besluit ruimtelijke ordening is de anti-dubbeltelregel opgenomen. Deze regel wordt opgenomen om bijvoorbeeld te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde bouwwerken niet meer dan een bepaald deel of een bepaalde oppervlakte van een bouwperceel mogen beslaan, het resterende onbebouwde terrein ook nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. 5.5.2 Algemene bouwregels Voor het hele plangebied, en dus alle bestemmingen, gelden een aantal algemene bouwregels, conform het Bro. Deze hoeven dus niet opgenomen te worden in de afzonderlijke bestemmingen. In de algemene bouwregels van dit bestemmingsplan is onder andere een regeling opgenomen omtrent ondergronds bouwen ten behoeve van bijvoorbeeld kelders en zwembaden. Ook is een zogenoemde 'voorwaardelijke verplichting' opgenomen ten aanzien van het parkeren, de berging en infiltratie van het hemelwater en het oprichten van een flora- en faunatoren. 5.5.3 Algemene gebruiksregels Voor het hele plangebied, en dus alle bestemmingen, gelden eveneens een aantal algemene gebruiksregels, conform het Bro. Deze hoeven dus niet opgenomen te worden in de afzonderlijke bestemmingen.
In de algemene gebruiksregels van dit bestemmingsplan is een algemeen gebruiksverbod opgenomen om de gronden en bouwwerken te gebruiken en/of te doen en/of laten gebruiken en/of in gebruik te geven op een wijze of tot een doel strijdig met de toegekende bestemming. Daaronder wordt in ieder geval verstaan: een seksinrichting of een daarmee vergelijkbaar bedrijf; een coffeeshop, growshop, smartshop of een daarmee vergelijkbaar bedrijf; straat- en raamprostitutie.
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
65
5.5.4 Algemene aanduidingsregels Dit betreft de nadere aanduiding van samenhangende gebieden gelegen over meerdere bestemmingen waarop een nadere regeling van toepassing is. Gebiedsaanduidingen hebben met name betrekking op sectorale aspecten die ruimtelijk relevant zijn en waaraan een zonering is toegekend. In onderhavig plan betreft het de gebiedsaanduiding 'geluidzone - industrie', gerelateerd aan het nabij gelegen industrieterrein Chemelot, en de gebiedsaanduidingen 'vrijwaringszone - weg 1' en 'vrijwaringszone - weg 2', ten behoeve van de noordelijk gelegen Rijksweg A76. 5.5.5 Algemene afwijkingsregels In deze regels wordt aangegeven in welke gevallen het bevoegd gezag bevoegd is om af te wijken van bepaalde, in het bestemmingsplan geregelde, onderwerpen. Hierbij gaat het om, tenzij anders vermeld, afwijkingsregels die gelden voor alle bestemmingen in het plan. 5.5.6 Algemene wijzigingsregels In deze regels wordt aangegeven in welke gevallen burgemeester en wethouders bevoegd zijn het bestemmingsplan te wijzigen. De voorwaarden, die bij toepassing van de wijzigingsbevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn daarbij aangegeven. 5.5.7 Algemene procedureregels In deze regels wordt aangegeven aan welke procedure dient te worden voldaan bij het stellen van nadere eisen.
5.5.8 Overige regels In deze regels wordt aangegeven, in het geval van strijdigheid van belangen tussen een bestemming en een dubbelbestemming, het belang van welke bestemming voor gaat.
5.6
Overgangs- en slotregel
5.6.1 Overgangsrecht In deze regels wordt het overgangsrecht, zoals voorgeschreven in het Besluit ruimtelijke ordening, overgenomen. 5.6.2 Slotregel Als laatste wordt de slotregel opgenomen, zoals ook voorgeschreven in het Besluit ruimtelijke ordening. Deze regel schrijft voor hoe het plan kan worden aangehaald.
66
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
Hoofdstuk 6 6.1
Uitvoerbaarheid
Inleiding
Naast het toetsen van het planvoornemen aan diverse milieu- en omgevingsaspecten, dient ook getoetst te worden aan de uitvoerbaarheid van het planvoornemen. Hierbij wordt gekeken naar de economische uitvoerbaarheid en de maatschappelijke uitvoerbaarheid.
6.2
Economische uitvoerbaarheid
Bij de onderbouwing van de economische uitvoerbaarheid van het plan zijn twee aspecten van belang. Er dient inzichtelijk te worden gemaakt of en zo ja, welke kosten aan het planvoornemen zijn verbonden voor de gemeente en tevens dient te worden aangetoond dat het planvoornemen zodanig realistisch is dat het daadwerkelijk kan worden gerealiseerd binnen de planperiode van het bestemmingsplan. De gemeente is in beginsel verplicht om op grond van artikel 6.12 eerste lid Wet ruimtelijke ordening een exploitatieplan vast te stellen voor gronden waarop een bij algemene maatregel van bestuur (hierna: Bro) aangewezen bouwplan is voorgenomen. De gemeenteraad kan echter besluiten om geen exploitatieplan vast te stellen indien: 1. 2. 3.
het verhaal van de kosten van de grondexploitatie over de in het plan of besluit begrepen gronden anderszins is verzekerd; het bepalen van een tijdvak voor de exploitatie of een fasering van de uitvoering van werken, werkzaamheden, maatregelen en bouwplannen niet nodig is, en het stellen van eisen, regels of een uitwerking van regels als bedoeld in artikel 6.13, tweede lid, onder b, c en d Wro niet noodzakelijk is.
Het planvoornemen is aan te merken als een bouwplan als bedoeld in 6.2.1 Bro, waardoor kostenverhaal aan de orde is. Een fasering zoals in punt 2 en de regels onder 3 worden niet noodzakelijk geacht. In onderhavige situatie is het verhaal van de kosten 'anderszins verzekerd', namelijk middels een anterieure overeenkomst met de ontwikkelende partij. Gezien het voorgaande kan dus worden afgezien van het vaststellen van een exploitatieplan en is het plan economisch uitvoerbaar.
6.3
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Samen met de buurt is Zaam Wonen in 2020 gaan onderzoeken wat nodig is in de wijk Nieuwdorp. Waar is men tevreden over? Waar bestaat behoefte aan? Wat kan beter? Binnen de wijk Nieuwdorp bestaat een sterke behoefte aan kwalitatief goede en levensloopbestendige woningen, met voldoende ruimte, groen en parkeervoorzieningen. Sinds juli 2021 zijn de bewoners van onder andere de Kamperstraat, Baesweilerstraat, Kuringenstraat en Tripsstraat betrokken bij de ontwikkeling van onderhavig plan, met als doel dat de bewoners in de toekomst prettig en graag in Nieuwdorp kunnen (blijven) wonen. In dit verband zijn in 2022 en 2023 diverse bijeenkomsten georganiseerd voor de bewoners en omwonenden, waarbij de ruimte bestond voor het maken van op- en aanmerkingen ten aanzien van het plan. Bij de totstandkoming van het plan is zorgvuldig rekening gehouden met de behoefte en wensen van de bewoners en omwonenden. Met onderhavig planvoornemen worden 62 sterk verouderde woningen gesloopt. Daarvoor in de plaats worden 32 levensloopbestendige woningen gebouwd, die voldoen aan de eisen en wensen van deze tijd. Hiermee wordt voorzien in kwalitatief goede en levensloopbestendige woningen, waarbij ook aandacht is uitgegaan naar het realiseren van ruimte, groen en parkeervoorzieningen.
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
67
Gelet op het voorgaande wordt onderhavig plan maatschappelijk uitvoerbaar geacht. Overigens bestaat voor een ieder de mogelijkheid, conform de gebruikelijke procedure (zie ook paragraaf 7.1 van deze toelichting), om gedurende de zes weken dat het ontwerpbestemmingsplan ter inzage wordt gelegd te reageren op het plan en zijn of haar zienswijzen naar voren te brengen.
6.4
Conclusie
Het planvoornemen zal gezien het bovenstaande recht doen aan een goede ruimtelijke ordening, als bedoeld in artikel 3.1 Wro. Het bestemmingsplan leidt, na een afweging van de verschillende belangen, tot een aanvaardbare nieuwe invulling van het plangebied.
68
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
Hoofdstuk 7 7.1
Procedure
De te volgen procedure
Voorliggend bestemmingsplan doorloopt de volgende procedure: Voorbereiding Een voorontwerp van het bestemmingsplan wordt in het kader van het wettelijk vooroverleg aan de betrokken instanties, waaronder het Waterschap Limburg en de Provincie Limburg, aangeboden. Ontwerp Publicatie en terinzagelegging overeenkomstig afdeling 3.4 Awb en Wro. Een ieder kan gedurende de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan een zienswijze indienen bij de gemeenteraad. Vaststelling Vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad. Mogelijkheid tot het geven van een reactieve aanwijzing door de provincie. Publicatie en terinzagelegging van het vastgestelde bestemmingsplan. Gedurende de terinzagelegging kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Inwerkingtreding Het bestemmingsplan treedt in werking na afloop van de beroepstermijn (tenzij binnen de beroepstermijn een verzoek om voorlopige voorziening wordt gedaan). Beroep Beroepsprocedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In het kader van de bestemmingsplanprocedure is het voor een ieder mogelijk om gedurende de termijn dat het bestemmingsplan ter inzage wordt gelegd (bij de gemeenteraad) een zienswijze in te dienen. Deze mogelijkheid wordt (tevens) in de publicaties van de gemeente kenbaar gemaakt. Wanneer beroep wordt ingesteld beslist uiteindelijk c.q.
in hoogste instantie de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over het bestemmingsplan.
7.2
Vooroverleg
Volgens artikel 3.1.1 van het Bro dient de gemeente bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg te plegen met een aantal betrokken instanties, zoals het Waterschap Limburg en de Provincie Limburg. De bedoeling van dit vooroverleg is voornamelijk om de opstellers van het bestemmingsplan (tijdig) de mogelijkheid te bieden het bestemmingsplan, bijvoorbeeld naar aanleiding van eventuele opmerkingen van de betrokken instanties, desgewenst aan te passen. Voorliggend plan is door de gemeente in het kader van artikel 3.1.1 Bro voorgelegd voor advies aan de diverse instanties. Naar aanleiding daarvan hebben de provincie Limburg, DSM en CSP een reactie gegeven op het
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp
69
voorontwerp bestemmingsplan, waarbij de reacties van DSM en CPS identiek zijn. Deze reacties hebben geleid tot aanpassing en aanvulling van het ontwerpbestemmingsplan zoals dit ter inzage zal worden gelegd. Ook RWS heeft een reactie gegeven en aangeven dat zij akkoord zijn met onderhavig bestemmingsplan.
7.3
Vaststelling
Het ontwerpbestemmingsplan heeft met ingang van 21 december 2023, gedurende zes weken, dat wil zeggen tot en met 31 januari 2024, ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn geen zienswijzen tegen het plan ingediend. Wel is er een reactie van de provincie Limburg ontvangen. In deze reactie geeft de provincie aan dat zij geen aanleiding zien om ten aanzien van het ontwerpbestemmingsplan een zienswijze in te dienen. Wel adviseren zij in algemene zin om de begripsomschrijving van een nultredenwoning in de planregels zoals gehanteerd door het Woonverbond over te nemen. Naar aanleiding hiervan is het begrip nultredenwoning in artikel 1.43 als volgt aangepast: 'Een woning die intern en extern toegankelijk is. Intern toegankelijk betekent dat vanuit de woonkamer de keuken, het toilet, de badkamer en ten minste één slaapkamer zonder traplopen te bereiken zijn. Extern toegankelijk wil zeggen dat de woonkamer van de woning of woonruimte vanaf de straat te bereiken is zonder traplopen.' Daarnaast hebben er verder geen ambtshalve aanpassingen plaatsgevonden. Het bestemmingsplan is ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan dan ook gewijzigd vastgesteld in de raadsvergadering van 4 juli 2024.
70
bestemmingsplan Zaam Wonen Nieuwdorp