1.Raadsvoorstel inzake Propeenverlaadstation Haven Stein inclusief buisleiding naar de Chemelotsite.pdf
Tekst van het document
Onderwerp
Raadsvoorstel inzake de ontwerp verklaringen van geen bedenkingen voor het realiseren van een propeenverlaadstation in de Haven van Stein inclusief de aanleg van een buisleiding naar de Chemelotsite
Vergaderdatum Zaaknummer
29 september 2022
Aan de Raad Voorstel De gemeenteraad wordt voorgesteld: 1. Een ontwerp verklaring van geen bedenkingen af te geven voor de aanvraag omgevingsvergunning (kenmerk RUD 2022-037338, OLO 7027221) voor het realiseren van een propeenverlaadstation in de Haven van Stein inclusief de aanleg van een buisleiding naar de Chemelotsite binnen de inrichtingsgrenzen van Chemelot binnen de gemeente Stein. 2. Een ontwerp verklaring van geen bedenkingen af te geven voor de aanvraag omgevingsvergunning (kenmerk O2022-146, OLO 7180589) voor het realiseren van een aanlegsteiger in de Haven van Stein inclusief de aanleg van een buisleiding naar de Chemelotsite buiten de inrichtingsgrenzen van Chemelot binnen de gemeente Stein. 3. De verklaringen van geen bedenkingen aan te merken als de definitieve verklaringen van geen bedenkingen, wanneer er, naar aanleiding van de ter inzagelegging van het ontwerp van de verklaringen en de bijbehorende stukken, geen zienswijzen worden ingediend.
Inleiding
AnQore, voorheen DSM Acrylonitrile, is gevestigd op de Chemelotsite in Geleen. Voor het productieproces is AnQore afhankelijk van het propeen uit de fabriek Olefins 3 van Sabic die mogelijk begin 2024 sluit. Deze sluiting zal leiden tot een sterk verminderde propeenproductiecapaciteit op Chemelot vanaf medio 2024 en bedreigt de bedrijfscontinuïteit. Daarom wenst AnQore een onafhankelijke propeenvoorziening te realiseren. Met een nieuwe buisleiding wil zij vanaf een nieuw verlaadstation in Haven Stein propeen aanvoeren naar de site.
1 van 6
Het verlaadstation is voorzien in het noordelijk deel van de haven en ligt zowel in het water als op het land. In een nog onbenut deel van de haven, wordt het propeen per schip aangeleverd en, via een hydraulische verlaadarm op een platform, naar de buisleiding geleid. Naar verwachting meren jaarlijks maximaal 310 schepen aan, met in totaal 320 kton propeen. In het Julianakanaal wordt een aanmeervoorziening en aanvaarbeveiliging gebouwd. Deze ligt buiten de Chemelot inrichting (gemeente Stein bevoegd gezag). Op de kade wordt, binnen de Chemelot inrichting, een controlegebouw opgericht (Provincie bevoegd gezag). Van het verlaadstation gaat een buisleiding - met een diameter van 200 mm op een diepte van 1 tot 2 m beneden maaiveld - via het haventerrein naar een onderdoorgang van de Veestraat en parallel aan de Heidekampweg, door het buitengebied van Stein. De buisleiding kruist vervolgens, wederom via een onderdoorgang de Heidekampweg en vervolgens de Nieuwe Postbaan, en verlaat daarna bij de rijksweg A2 het grondgebied van Stein. Het verlaadstation en de buisleiding passen niet volledig binnen de geldende bestemmingsplannen. Evenmin is het project in zijn geheel mogelijk te maken met binnenplanse afwijkingsbevoegdheden en/of met toepassing van de zogenaamde kruimelgevallenregeling.
Voor de realisatie van het project is daarom afwijking van het bestemmingsplan nodig, op grond van artikel 2.12 lid 1 onder 1, 3o Wabo. Omdat niet alleen de gemeente Stein maar ook de gemeente Sittard-Geleen en de provincie Limburg voor verschillende delen bevoegd gezag zijn, zijn meerdere procedures nodig. Voor het Steinse deel van het project, voor zover gelegen buiten de Chemelot inrichting - de hiervoor genoemde onderdoorgangen en de aanleg van een aanmeer en aanvaarbeveiliging in de haven - dient ons college een omgevingsvergunning af te geven voor de activiteit “bouwen” (artikel 2.1, eerste lid, onder a Wabo) “het uitvoeren van een werk” (artikel 2.1, eerste lid onder b Wabo) en de activiteit “gebruik in strijd met regels ruimtelijke ordening” (artikel 2.1, eerste lid 1onder c Wabo). Voor de binnen Stein gelegen gronden binnen de Chemelot inrichting is de provincie Limburg bevoegd. Voor het gehele leidingtracé zal door de Provincie een omgevingsvergunning voor de activiteit “milieu” afgegeven worden. Voor de aanmeervoorziening, het verlaadplatform en de aanvaarbeveiliging in het Julianakanaal alsmede het controle-gebouw is ook een watervergunning van Rijkswaterstaat vereist.
In het kader van deze uitgebreide Wabo procedure dient voor zowel de aanvraag omgevingsvergunning met de gemeente als bevoegd gezag als voor de aanvraag omgevingsvergunning met de Provincie als bevoegd gezag door de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen te worden verleend (artikel 2.27 Wabo en artikel 6.5 Bor). Deze verklaringen hebben betrekking op alle onderdelen van het project binnen de gemeente Stein; zowel aanleg-, als bouwactiviteiten binnen én buiten de Chemelot inrichting. De verklaringen kunnen alleen worden verleend als er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Dit dient door middel van een ruimtelijke onderbouwing van het project te worden aangetoond.
2 van 6
Argumentatie Ruimtelijke onderbouwing Vanwege strijdigheid met de vigerende bestemmingsplannen Buitengebied 2019, Haven Stein en Grensmaas dient een omgevingsvergunning voor de activiteiten “bouwen” , “het uitvoeren van een werk” en “het gebruik in strijd met regels ruimtelijke ordening” te worden verleend. De in dat kader vereiste verklaringen van geen bedenkingen kunnen alleen worden afgegeven indien sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Deze dient te blijken uit een ruimtelijke onderbouwing waarin diverse relevante aspecten in beschouwing worden genomen: externe veiligheid, bodem, water, flora en fauna, archeologie, luchtkwaliteit en geluid. Op basis van de aangeleverde ruimtelijke onderbouwing kan worden geconcludeerd dat vanuit planologisch en milieutechnisch oogpunt geen overwegende bezwaren bestaan tegen de realisatie van het propeen-verlaadstation en de aanleg van de bijbehorende leiding. Het definitieve oordeel daarover is echter voorbehouden aan de provincie Limburg als bevoegd gezag voor het verlenen van de vergunning voor het project voor zover gelegen binnen de Chemelot inrichting. Op een aantal deelaspecten van de ruimtelijke onderbouwing wordt hieronder ingegaan. Het volledige document is als bijlage aan het voorstel toegevoegd.
Omdat het project mogelijk leidt tot negatieve effecten op beschermde plant- en diersoorten en/of op Natura 2000-gebieden, is middels bronnenonderzoek en veldonderzoek onderzocht of in het plangebied beschermde plant- en diersoorten voorkomen. Door de werkzaamheden uit te voeren buiten het broedseizoen of in de vrijstellingsperiode resp. na het treffen van fysieke maatregelen is het project in relatie tot de bescherming van flora en fauna, uitvoerbaar. Op circa 650 m ten oosten van het projectgebied ligt het Natura 2000-gebied Grensmaas. Op grond van de Wet natuurbescherming moeten mogelijke significante negatieve effecten op dit gebied in beeld worden gebracht en moet de mogelijke stikstofdepositie als gevolg van een project worden berekend. Op 1 juli 2021 is de Wet stikstofreductie en natuurverbetering (Wsn) in werking getreden. Op basis daarvan hoeft de bouw-/aanlegfase van projecten niet meer beschouwd hoeft te worden in een stikstofonderzoek. Verder is van belang dat Chemelot beschikt over een geldende (koepel)vergunning ingevolge de Wet natuurbescherming. Voor veranderingen in de exploitatie van Chemelot, die niet in overeenstemming zijn met die vergunning en die naar het oordeel van het bevoegd gezag niet leiden tot andere of grotere negatieve gevolgen, hoeft geen wijziging van de vergunning te worden aangevraagd.
Wel leidt de uitvoering van het project tot een verandering in de emissie van NOx en NH3 door meer scheepsverladingen. Omdat deze effecten binnen Chemelot (intern) worden gesaldeerd neemt de stikstofdepositie op het Grensmaasgebied niet toe. Ook is er geen verandering ten aanzien van lozingen, met mogelijke effecten op Grensmaas.
3 van 6
De site Chemelot valt onder de werkingssfeer van het Besluit risico’s zware ongevallen 2015 (Brzo 2015) en het Besluit externe veiligheid inrichting (Bevi). In het Bevi zijn de milieukwaliteitseisen geformuleerd op het gebied van externe veiligheid. Ingevolge het Bevi moet getoetst worden aan de grens- en richtwaarden voor het plaatsgebonden risico en geldt een verantwoordingsplicht van het groepsrisico. Daarnaast is voor de propeenleiding het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) van toepassing. Daarin zijn regels opgenomen rondom externe veiligheid voor het transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen. Ten behoeve van de gewijzigde activiteiten met betrekking tot de propeenverlading in de haven Stein is een kwantitatieve risicoanalyse (QRA) opgesteld. Daarin worden de resultaten van de risicoberekeningen gepresenteerd in de vorm van plaatsgebonden risico-contouren en het groepsrisico. Het plaatsgebonden risico (PR) geeft de kans aan dat iemand die voortdurend op een bepaalde plaats onbeschermd zou verblijven ten gevolge van enig ongewoon voorval met gevaarlijke stoffen overlijdt. Dit risico wordt weergegeven in risicocontouren. Uit de QRA blijkt ten aanzien van de contouren van het plaatsgebonden risico dat het PR toeneemt en dat bij Haven Stein door de propeen verlading een PR ontstaat.
Samen met de moderniseringen, de aanpassingen en verplaatsing van de C3-verlading van Sabic blijft de nieuwe 10-6/jaar totaal contour van de site Chemelot, ondanks de capaciteitsuitbreiding, vrijwel overal binnen de actuele 10-6/jaar PR-contour. Alleen aan de zuidwestkant (overzijde Julianakanaal) wordt de 10-6/jaar contour iets groter. De 10-7/jaar en 10-8/jaar ISOcontouren worden lokaal in haven Stein kleiner. Ter plaatse van de Heidekampweg en Veestraat neemt de 10-6/jaar PR-contour enigszins toe. Uit de berekeningen blijkt echter dat er geen (project gerelateerde) kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten zijn gelegen binnen de PR 10-6/jaar. Hiermee wordt voldaan aan de hiervoor geldende landelijke grenswaarde. Het groepsrisico (GR) gaat over de impact van een calamiteit met veel dodelijke slachtoffers tegelijk. Het groepsrisico is gedefinieerd als de cumulatieve kansen per jaar dat tenminste 10, 100 of 1000 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een inrichting en een ongewoon voorval binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke stof betrokken is. Het groepsrisico kent, in vergelijking tot het plaatsgebonden risico, geen strikte normering: maar gaat uit van een oriëntatiewaarde. In de gevallen waarbij het groepsrisico toeneemt, moet door het bevoegd gezag invulling worden gegeven aan de verantwoordingsplicht.
Om het groepsrisico te beoordelen moet bekend zijn; hoe groot de personendichtheid in het invloedsgebied is, welke maatregelen mogelijk zijn en hoe rekening is gehouden met aspecten als rampenbestrijding, zelfredzaamheid van personen en beheersbaarheid van de ramp bij een eventuele calamiteit. Omdat sprake is van een overschrijding van de oriëntatiewaarde, als gevolg van gewijzigde populatiegegevens, zijn in het kader van de verantwoordingsplicht de mogelijkheden voor risicovermindering ter plaatse van de zowel de verlading in de Haven Stein als het volledige leidingtracé onderzocht. Door de toepassing van uiteenlopende maatregelen en best beschikbare technieken zijn potentiële risico’s voor zover als mogelijk beperkt. Uit en oogpunt van externe veiligheid is de uitvoering van het project binnen de daarvoor geldende kaders mogelijk.
4 van 6
Akoestisch relevante onderdelen van de propeenvoorziening liggen in twee (geluid)gezoneerde industrieterreinen ex artikel 40 Wet geluidhinder: Haven Stein en Chemelot. De buisleiding zelf is akoestisch niet relevant. In opdracht van de initiatiefnemer is het effect van de propeenvoorziening op de geluidsituatie voor beide terreinen afzonderlijk onderzocht In Haven Stein is sprake van twee relevante geluidbronnen: het propeenschip en de hydraulische verlaadarm. Beiden zijn worst case 24 uur per etmaal in bedrijf. Het berekende langtijdgemiddeld beoordelingsniveau is meer dan 10 dB lager dan de bewakingswaarde. Daarmee zal de bijdrage ten gevolge van de propeenverlading niet leiden tot een toename van de cumulatieve geluidbelasting vanwege het gezoneerde industrieterrein, op de geluidzone en zal de bijdrage ook niet leiden tot een overschrijding van de bewakingswaarde. De nieuwe geluidbronnen veroorzaken geen maximale geluidniveaus. In het project zijn ook enkele locatiespecifieke geotechnische aspecten onderzocht, in het bijzonder naar het risico op naijleffecten als gevolg van de steenkoolwinning. Haven Stein bevindt zich in het potentiële effectgebied van ondergrondse mijnbouw. Aanbevolen is om extra onderzoek en studie uit te voeren om te bepalen of extra stabiliserende maatregelen, in de vorm van aanpassingen aan de fundering noodzakelijk zijn.
Dit onderzoek wordt uitgevoerd voordat met de bouwwerkzaamheden op het haventerrein wordt gestart. Gemeentelijke kosten vanwege dit project worden regulier door de inning van leges verhaald. De realisatie van de propeenvoorziening zelf gebeurt op kosten van de initiatiefnemer. Het project is daarmee economisch uitvoerbaar. Op basis van het vorenstaande kan worden geconcludeerd dat de propeenvoorziening AnQore voldoet aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening. Het project is in overeenstemming met toepasselijk beleid en is uit het oogpunt van alle relevante omgevingsaspecten uitvoerbaar. Procedure Op 29 juni jl. is een voorlichtingsbijeenkomst georganiseerd. De plannen zijn daarbij door vertegenwoordigers van o.a. AnQore en Chemelot toegelicht en belangstellenden is gelegenheid geboden vragen te stellen over het project. In het kader van de uitgebreide voorbereidingsprocedure ex afdeling 3.4 Awb wordt van beide vergunningsaanvragen het ontwerpbesluit over de afwijking van het bestemmingsplan samen met de ruimtelijke onderbouwing gepubliceerd en zes weken ter inzage gelegd. Gedurende die periode kunnen zienswijzen worden ingebracht. Indien geen gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen worden de verklaringen definitief en kunnen de omgevingsvergunningen worden verleend.
In het geval van zienswijzen dan wel een gewijzigd plan zal een nota van zienswijzen en/of het gewijzigde plan voor de definitieve verklaringen van geen bedenkingen opnieuw aan uw raad worden voorgelegd.
5 van 6
Bijdrage aan strategische toekomstvisie 2018-2022 en Omgevingsvisie 2040 In beide visies is verwoord dat het scheppen van voorwaarden voor een goed economisch vestigingsklimaat in de regio van belang is voor Stein met dien verstande dat de economische ontwikkelingen in balans zijn en blijven met de omgevingskwaliteit binnen de gemeente. Een veiliger en duurzaam transport van goederen is daarbij voor de gemeente een belangrijk uitgangspunt. Dit staat ook centraal bij de aanleg van de propeenvoorziening. De aanleg voorkomt een toename van vrachtverkeer (via het spoor) en leidt op termijn tot een vermindering van scheepsverladingen in de haven doordat een connectie met de toekomstige externe propeenbuisleiding Delta Corridor naar Chemelot mogelijk word. Relevante beschikbare achtergrondinformatie
A. Aanvraag omgevingsvergunning Gemeente; B. Aanvraag omgevingsvergunning Provincie; C. Ruimtelijke Onderbouwing.
Burgemeester en Wethouders, de Secretaris,
de Locoburgemeester,
ValidSigned door Jeroen Sanders op 09-09-2022
ValidSigned door Danny Hendrix op 09-09-2022
6 van 6