1. Nota van zienswijzen.pdf
Tekst van het document
Nota van zienswijzen Omgevingsvisie 2040 Gemeente Stein, februari 2022
Nota van zienswijzen Omgevingsvisie 2040 Gemeente Stein, februari 2022
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 2
Inleiding In de periode 24 november 2021 tot en met 5 januari 2022 heeft de ontwerp-Omgevingsvisie gemeente Stein 2040 ter inzage gelegen. Gedurende deze periode bestond de gelegenheid om zienswijzen in te dienen. Deze mogelijkheid om zienswijzen kenbaar te maken is gepubliceerd in het Gemeenteblad en is kenbaar gemaakt via diverse mediakanalen van de gemeente Stein. In totaal zijn 8 schriftelijke zienswijzen ingediend. In de voorliggende nota van zienswijzen is de kern van deze zienswijzen opgenomen en voorzien van een reactie. Tevens is aangegeven of de zienswijze aanleiding geeft tot een aanpassing van de Omgevingsvisie. Aan de indieners van een zienswijze is bij de ontvangstbevestiging een uniek nummer toegekend. In de nota van zienswijze wordt dit nummer weergegeven bij de zienswijze. De zienswijzen zijn in de nota ingedeeld naar hoofdstuk en bijlagen van de Ontwerp-Omgevingsvisie. De gemeenteraad betrekt de nota van zienswijzen bij de besluitvorming over de vaststelling van de Omgevingsvisie 2040 van de gemeente Stein. De definitieve besluitvorming zal plaatsvinden in de raadsvergadering van 17 februari 2022.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 3
Beantwoording van de ingekomen zienswijzen
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 4
Beantwoording van de ingekomen zienswijzen De beantwoording van de ingekomen zienswijzen is in deze nota op hoofdstuk van de OntwerpOmgevingsvisie gerubriceerd. De kern van de zienswijzen, reacties en eventuele wijzigingen in de Omgevingsvisie zijn beschreven. Indieners van zienswijzen zijn vermeld met een uniek nummer. Bij de ontvangstbevestiging van de zienswijze is dit nummer aan de indieners doorgegeven.
Algemeen Nummer indiener 8 Kern zienswijze Indiener geeft aan pas in de ontwerp fase van de Omgevingsvisie te zijn betrokken en verzoekt in een eerder stadium bij ruimtelijke visies en plannen te worden betrokken. Reactie op zienswijze Indiener heeft reeds in februari 2020 een uitnodiging ontvangen om een actieve bijdrage te leveren aan de totstandkoming van de Omgevingsvisie. Er zijn geen reacties van indiener ontvangen. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 8 Kern zienswijze Indiener geeft aan te motiveren of c.q. waarom de MER-plicht niet aan de orde is voor de Omgevingsvisie van de gemeente Stein. Reactie op zienswijze De Omgevingsvisie is een strategische visie op hoofdlijnen en omvat geen direct kader voor MER-pichtige of MER-beoordelingsplichtige projecten. Ook is geen sprake dat voor -gelet op het strategische karakter van deze Omgevingsvisie - een passende beoordeling in het kader van natuur moet worden gemaakt. Bij de totstandkoming van de Omgevingsvisie is overigens gebruik gemaakt van de VNG handreiking SDG-kompas voor de Leefomgeving (waarbij ook de Commissie MER bij betrokken is geweest) waarmee gemeenten de beoogde ambities en ontwikkelingen die in de Omgevingsvisie zijn opgenomen aan de hand van een stappenplan kunnen toetsen. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 5
Hoofdstuk 4 Sociale en vitale wijken en kernen Nummer indiener 1 Kern zienswijze Indiener geeft aan in de omgevingsvisie aantallen voor de komende jaren met betrekking tot nieuwbouw te missen alsmede hoe de verdeling is voor jeugd, mensen die willen doorgroeien en ouderen. In de Omgevingsvisie ontbreekt volgens indiener een oplossing voor het woningtekort dat is ontstaan. Indiener verzoekt in de Omgevingsvisie hier meer duidelijkheid over te verschaffen. Reactie op zienswijze De Omgevingsvisie is een strategische visie voor de fysieke leefomgeving met een doorlooptijd tot 2040. De Omgevingsvisie werkt dan ook door in beleid, programma’s plannen en projecten. De ambities rond wonen die in de Omgevingsvisie zijn opgenomen, zijn of worden in concrete plannen nader uitgewerkt zoals de Regionale Transformatievisie Wonen en de lokale uitwerkingen daarvan en de woonvisie (met als belangrijke input het recent uitgevoerde woningbehoefte- en schaarsteonderzoek). Uiteindelijk zal dit leiden tot o.a. concrete prestatieafspraken met woningcorporaties en zorgaanbieders. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot wijziging van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 7 Kern zienswijze Indiener geeft aan te zijn vermeld in de Omgevingsvisie en geeft aan in de toekomst ook geraadpleegd te willen worden. Reactie op zienswijze Indiener wordt bij diverse beleidsontwikkelingen die betrekking hebben op sociale inclusie betrokken en/of geraadpleegd. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot wijziging van de Omgevingsvisie.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 6
Hoofdstuk 5 Een veilige, gezonde en groene leefomgeving Nummer indiener 3 Kern zienswijze In paragraaf 5.2.3 (een klimaatbestendig Stein) staat vermeld dat de gemeente alleen grote projecten koppelt aan keurregelgeving Waterschap en dat bij kleine ontwikkelingen er een streven is om aan de keurregels te voldoen. Dit is volgens indiener niet juist. Alle nieuwe verhardingen die rechtstreeks lozen op een oppervlaktewater vallen onder deze regels; dus niet alleen de grote ontwikkelingen. Het streven in de tweede bullet ziet op wijzigingen in bestaande lozingssituaties op oppervlaktewater en op overgangsrechtelijke zaken. Dat laatste is bijvoorbeeld realisering van iets waar het Waterschap reeds eerder een wateradvies voor heeft afgegeven op basis van oudere normeringen. Indiener vraagt hier nog eens kritisch naar te kijken. Reactie op zienswijze Afgelopen jaar is het Beleidsplan Water en Klimaatadaptatie vastgesteld door de gemeenteraad. Dit beleidsplan is samen met de gemeenten Beek, Sittard-Geleen, het waterschap Limburg, het Waterschapsbedrijf Limburg en WML opgesteld. Bij het opstellen van dit beleidsplan is uitgesproken dat iedereen de Keur-doelstelling voor voldoende waterberging onderschrijft. Ook is gesproken over de toepassingsmogelijkheden van de Keur-regelgeving.
Het blijkt dat bij kleine ontwikkelingen en bij het afkoppelen van hemelwater in bestaand bebouwd gebied de Keur-regelgeving soms lastig uitvoerbaar is (bijvoorbeeld als er in hellend gebied richting het oppervlaktewater onvoldoende ruimte is om de benodigde berging te realiseren, of als er door geplande herinrichtingen pas op termijn voldoende berging kan worden gerealiseerd). Er zijn andere belangrijke beleidsdoelen die dan kunnen botsen, zoals het klimaatbestendig inrichten van Stein en het verbeteren van de leefomgeving. Dit is de reden dat in de Omgevingsvisie een voorbehoud is toegevoegd. Hiermee willen we aangeven dat de intentie is om aan de Keurregelgeving te voldoen en dat dit met maatwerk op een juiste wijze in de praktijk kan worden toegepast. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 3 Kern zienswijze Indiener is verder benieuwd naar de verdere concretisering van de omgevingsvisie en wil graag meehelpen en meedenken met de uitwerking hiervan om zodoende samen te werken aan een klimaatadaptieve inrichting van de gemeente. Hierdoor kunnen ambities gekoppeld worden, zoals het aanleggen van waterbuffers, ontstenen en vergroenen of het afkoppelen en infiltreren van regenwater. Reactie op zienswijze Graag nemen wij deze uitnodiging aan. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot wijziging van de Omgevingsvisie.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 7
Nummer indiener 2 Kern zienswijze Indiener ziet graag toegevoegd op blz. 53 onderaan dat voldaan moet worden aan de regels uit het Omgevingsplan Reactie op zienswijze De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie Wijzigingen Blz. 53 onder kopje industrielawaai wordt na de zin ‘Kleinere inrichtingen vallen meestal onder de meldingsplicht en dienen te voldoen aan algemene regels’ toegevoegd ‘in ieder geval dient te worden voldaan aan de regels uit het Omgevingsplan’.
Nummer indiener 2 Kern zienswijze Op blz. 53 onder kopje Industrielawaai wordt diverse malen gesproken over inrichtingen. Inrichtingen bestaan niet meer onder de Omgevingswet. Reactie op zienswijze De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie Wijzigingen Op blz. 53 worden ínrichtingen vervangen door bedrijven.
Nummer indiener 2 Kern zienswijze Op pagina 55 staat in een voetnoot: “Ook metingen van inwoners (DOP’s), GGD Zuid-Limburg, RUD Zuid-Limburg en de gemeente bevestigen dat de concentraties fijnstof voldoen aan de wettelijke normen.” Dit is niet correct. Er zijn in de gemeente Stein geen fijn stof metingen verricht. Waarschijnlijk wordt fijn stof en NO2 hier door elkaar gehaald. Er is een meetprogramma geweest met diffusiebuisjes, waarmee NO2 wordt gemeten. Dat is door de RUDZL begeleid en in samenwerking met inwoners uitgevoerd. Reactie op zienswijze De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie. Wijzigingen Voetnoot blz. 55 wijzigen in: ‘Er zijn geen overschrijdingen in de gemeente Stein van de luchtkwaliteitsgrenswaarden (zie GCN kaarten, NSL berekeningen, landelijk meetnet luchtkwaliteit). Dit wordt onder andere ook bevestigd door de gegevens van metingen die zijn gedaan in samenwerking tussen inwoners (DOP’s), RUD Zuid-Limburg en de gemeente’.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 8
Nummer indiener 8 Kern zienswijze Indiener geeft aan dat in de Gebiedsvisie Chemelot en omgeving een bovenwettelijke milieuambitie is opgenomen mede op basis van inbreng van de gemeente Stein. Volgens indiener is in de Omgevingsvisie niet eenduidig op te maken dat een hoog ambitieniveau ten aanzien van milieu wordt nagestreefd. Indiener verzoekt aan te geven hoe de ambities met betrekking tot milieuaspecten zich hiermee verhouden. Reactie op zienswijze In de Gebiedsvisie Chemelot is opgenomen dat ‘de activiteiten op Chemelot voldoen aan de wettelijke eisen ten aanzien van milieu en veiligheid. Deze eisen hebben mede als doel om de gezondheid van omwonenden te beschermen. De huidige milieuruimte voor Chemelot is grotendeels benut. Ambitie is het accommoderen van de circulaire economie gepaard te laten gaan met de verbetering van de woon- en leefomgeving ten aanzien van de verschillende milieuaspecten. Concreet gaat het er dan om dat omwonenden ervaren dat hun leefklimaat verbetert.
Het gaat om het minimaliseren van veiligheidsrisico’s en milieu-impact’ Op 16 december 2021 heeft de raad een motie aangenomen waarin het college wordt verzocht ‘bij de toekomstige ontwikkelingen in het kader van de verdere uitwerking van de strategische gebiedsvisie Chemelot als uitdrukkelijk uitgangspunt op te nemen dat doorontwikkeling van het Chemelot-terrein Brightland Chemelot Campus, de haven van Stein en de verbindingen van en naar de haven mogen plaatsvinden als dit een verbetering van het woon- en leefklimaat ten op zichte van nu voor onze inwoners betekent’. Wij zullen een aantal teksten met betrekking tot milieuaspecten in de Omgevingsvisie aanscherpen naar aanleiding van bovenstaande actualiteiten. Wijzigingen Blz. 51, paragraaf 5.2.4 ….buiten onze invloedsfeer liggen en wij daarop onze ambitie afstemmen wijzigen in …. buiten onze invloedsfeer liggen, maar wij als uitgangspunt hanteren dat nieuwe ontwikkelingen een bijdrage leveren aan een verbetering van de leefkwaliteit ten aanzien van de verschillende milieu-aspecten. Blz. 55 punt 4 geur; ..streven wij ernaar de minimale geurbelasting te handhaven verwijderen en als nieuwe zin wordt toegevoegd ‘In het Omgevingsplan zal een nadere afweging worden gemaakt hoe geur verder kan worden geëxpliciteerd’. Blz.
74 2e kolom, 2e alinea ‘….verder streven wij naar een afname van overlast en hinder …(zie ook hoofdstuk 5) wijzigen in verder streven wij naar een verbetering van de leefkwaliteit door maatregelen te (laten) treffen die ervoor zorgen dat de leefkwaliteit verbetert ten opzichte van de huidige situatie. Blz. 75 aanpassen 1e kolom 2e alinea ‘..geen negatieve gevolgen heeft voor de leefkwaliteit’ wijzigen in ‘welke maatregelen nodig zijn om te zorgen dat de leefkwaliteit verbetert ten opzichte van de huidige situatie’.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 9
Blz. 85 onder 7.3 ‘…welke maatregelen getroffen moeten worden om de negatieve gevolgen tegen te gaan..’ wijzigen in welke maatregelen nodig zijn om te zorgen dat de leefkwaliteit verbetert ten opzichte van de huidige situatie’.
Hoofdstuk 6 Unieke omgevingskwaliteiten Nummer indiener 4 Kern zienswijze Indiener wenst een meer genuanceerde weergave in de Omgevingsvisie van de speerpunten circulariteit en natuur-inclusiviteit bij landbouw waarbij kleinschaligheid en nadruk op de natuur voorop staan. Volgens indiener worden of zijn landbouwbedrijven in de praktijk grootschaliger en is vanwege economische motieven onvermijdelijk. Volgens indiener is het belangrijk dat agrarische bedrijven aantrekkelijk zijn in een aantrekkelijke omgeving door gebruik van materialen, bouwstijlen en kleur die in het landschap passen en die door de omringende beplanting goed zijn ingebed in de omgeving. Welke inpassing gewenst is, is volgens indiener afhankelijk van het karakter van het gebied en de ligging van het bedrijf. Bedrijven moeten zich kunnen ontwikkelen, mits deze duurzaam en concurrerend zijn. Hiervoor moeten volgens indiner wel ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden worden geboden.
Reactie op zienswijze In de Omgevingsvisie wordt natuurinclusieve landbouw onder de aandacht gebracht omdat natuurinclusieve landbouw in het belang is van een duurzame en vitale land - en tuinbouw. De natuur is behulpzaam of zelfs essentieel voor de landbouwproductie. Denk daarbij aan afname van de insectenpopulatie en afnemende bodemvruchtbaarheid, bodemverdichting en een afnemend gehalte aan stabiele organische stof in de bodem. Natuurinclusieve landbouw zoekt naar een verweving van voedselproductie en natuurlijke ecosystemen, en wel op zo’n manier dat beide, landbouw en natuur, er sterker uitkomen. Natuurinclusieve landbouw produceert voedsel binnen de grenzen van natuur, milieu en leefomgeving, met een positief effect op de biodiversiteit. Geleidelijk groeien bestaande bedrijven toe naar een natuurinclusieve landbouw.
Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 4 Kern zienswijze Volgens indiener is het behouden van kleinschalig landelijk karakter (een goede landschappelijke inpassing) iets anders dan kleinschalige landbouw. Indiener verzoekt dit basisprincipe in de Omgevingsvisie aan te passen. Reactie op zienswijze
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 10
Landbouwactiviteiten en verbrede landbouw dienen te passen binnen de schaal en maat van de omgeving. De zienswijze leidt tot onderstaande aanpassing van de Omgevingsvisie. Wijzigingen
Blz. 69 Toevoegen aan paragraaf 6.2.4, Een toekomstbestendige land - en tuinbouw
2e kolom na de tekst …..nadruk op de natuur. Landbouwactiviteiten en verbrede landbouw dienen te passen binnen de schaal en maat van de omgeving.
Nummer indiener 4 Kern zienswijze In de Omgevingsvisie is een belangrijke rol weggelegd voor het landschapsbeheer bij de huidige en toekomstige ondernemers in de land- en tuinbouw. Indiener verwacht dat wanneer de gemeente Stein hierin een ambitie heeft dan ook concrete stappen worden genomen zodat agrariërs die rol ook kunnen oppakken. Hiermee kan volgens indiener niet worden volstaan met alleen het subsidiestelsel dat door de Stichting Natuurlijk Limburg wordt aangeboden. Reactie op zienswijze Het subsidiestelsel van de Provincie Limburg dat door de Stichting Natuurrijk Limburg in uitvoer wordt gebracht, kan een belangrijke rol blijven spelen in het landschapsbeheer. Uitbreiding van het subsidiestelsel wordt door de Stichting op dit moment onderzocht. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 4 Kern zienswijze Indiener wijst erop dat voor verbrede vormen van land- en tuinbouw zoals kleinschalige en kwalitatieve recreatie een verdienmodel moet opleveren omdat er anders volgens indiener geen nieuwe initiatieven worden opgestart. Indiener verzoekt in de beoordeling van een initiatief hiermee rekening te houden. Indiener is tevens van mening dat het hierbij meer om een positieve landschappelijke uitstraling dient te gaan dan de kleinschaligheid van het initiatief. Reactie op zienswijze De gemeente Stein kiest bewust voor kleinschalige vormen van verbrede landbouw. Specifieke kenmerken van een gebied kunnen verloren gaan als het initiatief te omvangrijk is. De beoordeling van een initiatief blijft maatwerk, ook in relatie tot het verdienmodel. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 11
Nummer indiener 4 Kern zienswijze Indiener waardeert dat de gemeente Stein vitaliteitsscans voor de agrarische bedrijven laat uitvoeren en ziet de resultaten met belangstelling tegemoet. Reactie op zienswijze De aanbestedingsprocedure voor de vitaliteitsscans is doorlopen. Op korte termijn wordt een opdracht verstrekt en zal een startoverleg plaatsvinden met de opdrachtnemer. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 4 Kern zienswijze Indiener wil op voorhand weten hoe de gemeente Stein praktisch invulling geeft aan de omgevingsdialoog. De omgevingsdialoog dient beperkt van omvang te zijn anders belanden veel goede plannen van agrariërs in de prullenbak. Reactie op zienswijze Refererend naar het vastgestelde lokale Participatiebeleid Omgevingswet ‘Wie doet er mee?!’ https://www.gemeentestein.nl/data/downloadables/1/1/3/2/participatiebeleid-omgevingswetdef-vastgesteld-211118.pdf, is het van belang dat de initiatiefnemer een zorgvuldig proces doorloopt. Bij het zorgvuldige proces hoort het tijdig uitdenken van een participatieproces waarbij er momenten zijn voor een gesprek met stakeholders, het voorleggen van een initiatief aan de intaketafel en zo nodig bespreken aan een omgevingstafel. Initiatiefnemers gaan zelf over het vormgeven van dit proces en de participatieruimte die zij kunnen bieden voor het betreffende vraagstuk. Zij zijn verantwoordelijk voor het doorlopen van het proces en de bevindingen die door de gemeente bij vergunningverlening en besluitvorming worden getoetst en afgewogen. Ons beleid is gericht op kwaliteit van planprocessen met als doel zo veel mogelijk draagvlak. Initiatiefnemers kunnen rekenen op advies en ondersteuning van de gemeente, met oog voor rolzuiverheid.
Bezwaar en onnodige juridische procedures aan de achterkant willen wij zoveel mogelijk voorkomen. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 5 Kern zienswijze Om het bedrijf van indiener duurzaam in stand te kunnen houden moet zij haar bedrijf op een efficiënte wijze kunnen blijven exploiteren en is het van belang dat daaruit ook op termijn en voor een toekomstige opvolger een volwaardig gezinsinkomen kan worden verworven.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 12
Op grond van vorenstaande overwegingen dient u dan ook expliciet in de Ontwerpvisie op te nemen, dat behoud van de grondgebonden landbouw en de daarbij behorende bedrijfslocaties van groot belang zijn voor het beheer en grondgebruik in het buitengebied. Reactie op zienswijze We zijn er ons van bewust dat grondgebonden landbouw van belang is voor het beheer en grondgebruik van het buitengebied. Daarom bieden we ruimte voor verbrede vormen van landen tuinbouw, zoals aan het buitengebied gebonden vormen van kleinschalige en kwalitatieve recreatie en toerisme, maar ook aan bedrijven die in willen zetten op duurzaamheid. Op geschikte locaties faciliteren we ondernemers via maatwerk om zich verder te ontwikkelen. We faciliteren ondernemers ook via maatwerk om zich te verplaatsen naar een geschiktere locatie wanneer blijkt dat de huidige locatie minder geschikt en/of wenselijk blijkt te zijn om zich verder te ontwikkelen. Het behouden van een locatie heeft de voorkeur maar waar nodig en mogelijk wordt via maatwerk gekeken naar andere geschikte oplossingen. De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie. Wijzigingen
Blz. 69 paragraaf 6.2.4 Een toekomstbestendige land - en tuinbouw. Toevoegen: 2e kolom na de tekst …kwaliteit voorop staan. Daarbij blijft de beoordeling van ruimtelijke ontwikkelmogelijkheden maatwerk, ook in relatie tot het verdienmodel.
Nummer indiener 5 Kern zienswijze Volgens indiener strookt de ambitie om samen met agrariërs en belangenorganisatie een duurzame en vitale land- en tuinbouw te ontwikkelen niet met het feit dat de regeldruk voor agrarische bedrijven het afgelopen decennium enorm is toegenomen, hetgeen (ook financieel) zwaar op de bedrijfsvoering van agrariërs drukt. Voorkomen moet worden dat in de vast te stellen Ontwerpvisie verdergaande beperkingen aan de land- en tuinbouw worden opgelegd. De toenemende regeldruk en kostprijsverhogingen hebben volgens indiener steeds verdergaande gevolgen voor de gezinsbedrijven. Het is van belang dat agrarische bedrijven toekomstbestendig blijven en ook de volgende generatie een gezinsinkomen kan verwerven. Vorenstaande komt volgens indiener te weinig tot uitdrukking in de Ontwerpvisie. Reactie op zienswijze Op de toenemende regeldruk vanuit met name het Rijk heeft de gemeente Stein weinig invloed. Het is van belang dat de perspectiefvolle agrarische bedrijven binnen de kaders ruimte houden om zich te kunnen ontwikkelen. In het Uitvoeringsprogramma Middengebied is opgenomen om de vitaliteit van (agrarische) bedrijven te onderzoeken en de overstijgende ontwikkelmogelijkheden met oog voor individuele belangen en het totaalbelang te bepalen. Ook binnen onze gemeente is gestart met een dergelijke vitaliteitsscan van agrarische bedrijven.
Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 13
Nummer indiener 5 Kern zienswijze Indiener geeft aan dat de gemeente Stein in de ontwerp-Omgevingsvisie een wensbeeld van circulariteit en natuur-inclusiviteit voor ogen heeft waarin alle agrariërs zich dienen te voegen. Het is volgens indiener van belang dat dergelijke keuzes door individuele ondernemers zelf worden gemaakt en niet van bovenaf worden opgelegd. De gemeente dient volgens indiener waar mogelijk agrariërs te faciliteren en te ondersteunen bij het doorvoeren van ruimtelijke ontwikkelingen die bij hun bedrijfsvoering en persoonlijkheid passen. Circulariteit en natuurinclusieve landbouw dienen bij de agrarisch ondernemer te passen en dienen niet als een concreet wensbeeld door de gemeente te worden opgelegd. Indiener verzoekt u dit op te nemen in de vast te stellen Ontwerpvisie. Reactie op zienswijze In de omgevingsvisie brengen we natuurinclusieve landbouw onder de aandacht omdat we van mening zijn natuurinclusieve landbouw in het belang is van een duurzame en vitale land - en tuinbouw. De natuur is behulpzaam of zelfs essentieel voor de landbouwproductie. Denk daarbij aan afname van de insectenpopulatie en afnemende bodemvruchtbaarheid, bodemverdichting en een afnemend gehalte aan stabiele organische stof in de bodem.
Natuurinclusieve landbouw zoekt naar een verweving van voedselproductie en natuurlijke ecosystemen, en wel op zo’n manier dat beide, landbouw en natuur, er sterker uitkomen. Natuurinclusieve landbouw produceert voedsel binnen de grenzen van natuur, milieu en leefomgeving, met een positief effect op de biodiversiteit. Natuurinclusieve landbouw wordt niet opgelegd. Geleidelijk groeien bestaande bedrijven toe naar een natuurinclusieve landbouw. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 5 Kern zienswijze Indiener is van mening, dat de (grondgebonden) land- en tuinbouw als belangrijke gebruiker en beheerder van het buitengebied van groot belang is voor het aanzien en de kwaliteit van het cultuurlandschap en het leefklimaat en dat de gemeente in dat opzicht een gunstig ondernemersklimaat voor de land- en tuinbouw dient te bieden. Met dit uitgangspunt kunnen verdergaande transities alleen plaatsvinden als deze door de sector worden onderschreven en sectorbreed gestalte krijgen. Het (dwingend) opleggen van regels van bovenaf werkt in dat opzicht ongunstig voor het ondernemersklimaat. Dit moet worden voorkomen. Indiener verzoekt dit te verwerken in de vast te stellen Ontwerpvisie. Reactie op zienswijze De Omgevingsvisie is een strategische visie voor de lange termijn (2040). Het gaat te ver om in de Omgevingsvisie op te nemen dat het opleggen van regels van bovenaf ongunstig werkt voor het ondernemersklimaat. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 14
Nummer indiener 5 Kern zienswijze Indiener spant zich binnen de huidige bedrijfsvoering al in voor beheer van natuur en landschap. Zij voorziet daar echter naast de huidige bedrijfsvoering, welke al uit meerdere takken bestaat, geen verdienmodel in. Dat is wellicht voor een deel van de bedrijven weggelegd, doch dient niet als uitgangspunt voor alle agrarische bedrijven in de Ontwerpvisie te worden vastgelegd. Om te komen tot verdere natuuraanleg en natuurlijke verbindingen tussen bestaande bosgebieden dient een gebiedsgerichte kavelruil te worden geïntroduceerd, welke gebruikt kan worden voor verdere realisatie van natuur en waterbeheer. Daartoe dient de overheid (gemeente en/of provincie) te zorgen voor voldoende ruilgrond in die gebieden, zodat uitwisseling van gronden op soepele wijze kan plaatsvinden. De gemeente en/of de provincie kan dit volgens indiener faciliteren door stoppende bedrijven uit te kopen en de daarbij behorende grond in te zetten voor kavelruil ten behoeve van natuurontwikkeling. Grond-/kavelruil komt nu niet van de grond omdat er geen, voor de sector acceptabele uitruil van gronden kan plaatsvinden. De gemeente kan hier middels inzet van financiële middelen een belangrijke rol in vervullen.
Kansen die de gemeente volgens indiener naar voren brengt ten aanzien van beheer van natuur en landschap dienen volgens indiener eveneens bij de bedrijfsvoering van een agrariër te passen en daarnaast dient daar een verdienmodel aan ten grondslag te liggen. Dergelijke activiteiten zijn wellicht voor een deel van de bedrijven weggelegd, doch dienen niet als uitgangspunt voor alle bedrijven in de Ontwerpvisie te worden vastgelegd. Enkel op deze wijze blijft de diversiteit in de sector behouden. Indiener verzoekt vorenstaande in de vast te stellen Ontwerpvisie op te nemen. Reactie op zienswijze Beheer en onderhoud van landschappelijke beplanting is niet als een verplichting in de Omgevingsvisie opgenomen. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 5 Kern zienswijze Om te bewerkstelligen dat de gemeente ruimte wil bieden voor verbrede vormen van land- en tuinbouw, duurzaamheid en het leveren van streekproducten, zal volgens indiener daadkrachtiger moeten worden gewerkt aan regionale afzet, ketenverkorting en gepersonaliseerd voedsel; gericht op een circulair agrofoodsysteem, uitgaande van de potentie in het gebied. Om dit gemeentebreed van de grond te krijgen is echter meer aansturing en ondersteuning vanuit de overheid nodig. Op het moment dat dit vanuit individuele bedrijven wordt opgepakt, wordt dit door de markt (met name de retail) direct verdrongen. Hun positie in de keten is zodanig sterk dat een individuele ondernemer daar volgens indiener geen krachtige positie in kan verwerven. Door dit sectorbreed op te pakken met ondersteuning en aansturing vanuit de gemeentelijke overheid heeft dit kans van slagen en zorg je ervoor dat tegenover een
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 15
dergelijke transitieopgave een passend en realistisch verdienmodel staat. Alleen op die wijze voorkom je dat de retail regionale producten met stuntprijzen en buitenlandse producten uit de schappen blijft verdringen. Indiener verzoekt in de vast te stellen Omgevingsvisie vast te leggen dat de gemeente hierin haar verantwoordelijkheid neemt en de agrarische sector daarin ondersteunt. Reactie op zienswijze Korte ketens vinden we belangrijk, dat blijkt uit de omgevingsvisie. Het gaat te ver om in de omgevingsvisie op te nemen dat de gemeente hierin haar verantwoordelijkheid neemt. Uit een nadere uitwerking van deze ambitie moet blijken op welke manier hier concreet uitvoering aan gegeven kan worden. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 8 Kern zienswijze Indiener geeft aan dat in de Omgevingsverordening Limburg 2014 en de op handen zijnde Omgevingsverordening 2021 uitsluitingsgebieden zijn aangewezen voor land- en tuinbouw en verzoeken deze gebieden in acht te nemen en in uw visie te verwerken. Reactie op zienswijze Deze uitsluitingsgronden zullen in het Omgevingsplan worden verwerkt. De Omgevingsvisie is immers een strategische visie voor de toekomst. Wijzigingen Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 8 Kern zienswijze Indiener geeft aan dat in de ontwerp omgevingsvisie geen specifieke aandacht is voor lucht- en bodemkwaliteit voor land- en tuinbouw. Aangegeven wordt dat het landelijke wettelijke kader gevolgd wordt, dat is prima. Voor wat betreft ammoniakemissie (stikstof) moet ook in de Omgevingsverordening Limburg gevolgd worden bij nieuwe bedrijfsactiviteiten. Wellicht dat volgens indiener een en ander in de vast te stellen omgevingsvisie benoemd kan worden. Reactie op zienswijze Ook deze bepalingen uit de Omgevingsverordening Limburg zullen in het Omgevingsplan worden verwerkt. De Omgevingsvisie is immers een strategische visie voor de toekomst. Wijzigingen Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 16
Nummer indiener 8 Kern zienswijze Voor wat betreft de na-ijlende effecten van steenkoolwinning (en eventueel de te nemen maatregelen om deze te voorkomen) kunnen volgens indiener concreter aangegeven worden. Dat geeft meer inzicht en leidt (ook bij anderen) tot bredere bewustwording. De informatie hiervoor kan ontleend worden aan de resultaten van het onderzoek dat eerder in opdracht van de minister van EZK is uitgevoerd, en in 2016 openbaar zijn gemaakt: Daarnaast verzoekt Indiener te refereren aan de instructieregel met betrekking tot de na-ijlende effecten van de steenkoolwinning die is opgenomen in de recent vastgestelde Omgevingsverordening Limburg. Reactie op zienswijze Wij zijn ons bewust van de na-ijlende effecten van de steenkoolwinning in de Westelijke Mijnstreek en nemen dit mee in het Omgevingsplan, daar waar dit aan de orde is. Wijzigingen Blz. 65 2e kolom, 2 alinea ‘Wij zijn ons bewust……in de Westelijke Mijnstreek toevoegen en nemen dit mee in het Omgevingsplan, daar waar dit aan de orde is.
Nummer indiener 8 Kern zienswijze De ontwerp omgevingsvisie onderschrijft het belang van de (internationale) buisleidingen die in de gemeente Stein gelegen zijn en de ruimtereservering die deze vragen. Terecht aandachtspunt hierbij is de inpassing in de omgeving en het beperken van de risico’s vanwege het vervoer van gevaarlijke stoffen door buisleidingen; de omgevingsveiligheid. Verwijzend naar het recente Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat zet het Rijk via de Delta Corridor in op nieuwe buisleidingen om onder meer Chemelot van alternatieve brandstoffen te voorzien in het kader van de energietransitie. Ook Vlaanderen heeft een dergelijke ambitie concreet aangegeven in de plannen voor een Leidingstraat Antwerpen Ruhr (Geleen). Beide buisplannen kennen naar ons inzicht een impact op het grondgebied van Stein. Indiener adviseert om in hoofdstuk 6 Unieke Omgevingskwaliteiten, paragraaf bodem en ondergrond melding te maken van deze plannen en deze toekomstige (ondergrondse) ruimtevraag. Reactie op zienswijze Voor wat betreft de plannen voor de Leidingstraat Antwerpen Ruhr (Geleen) zijn het college en de raad nog niet formeel in kennis gesteld.
Een eventueel tracé over Steins grondgebied is nog niet bekend en bij de exacte inpassing van een leidingentracé zal naar ons oordeel ook rekening moeten worden gehouden met de bestaande situatie in de gemeente Stein en de ter plaatse geldende planologische mogelijkheden. Wij zien in dit stadium nog geen toegevoegde waarde voor het opnemen van deze nog niet definitieve plannen in de Omgevingsvisie. Wijzigingen Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 17
Hoofdstuk 7 Een bereikbare en bedrijvige gemeente Nummer indiener 4 Kern zienswijze Uit de ontwerp-Omgevingsvisie blijkt dat er een landbouwroutenetwerk voor land- en tuinbouw wordt aangewezen. Indiener verzoekt dit in overleg te doen gelet op de volgens indiener beperkte mogelijkheden in een verstedelijkt gebied als de gemeente Stein. Reactie op zienswijze Dit zal in overleg met de indiener worden uitgewerkt. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot een wijziging van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 8 Kern zienswijze Volgens indiener kan op pagina 80 van de visie (Ambitie mobiliteit & sociale wijken en kernen) de zin bij de tweede bullet ‘het borgen van de bereikbaarheid tussen kernen onderling door de afhankelijkheid van de eigen auto te verkleinen’ voor verwarring zorgen. Wellicht dat de zin: ‘het geborgd houden van de bereikbaarheid tussen kernen, waarbij gestreefd wordt naar een verkleinde afhankelijkheid van de auto’, de verwarring kan wegnemen. Reactie op zienswijze Deze ambitie is tevens opgenomen in de Mobiliteitsvisie van de gemeente Stein. Voor de eenduidigheid handhaven wij de tekst van deze ambitie. Wijzigingen Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 8 Kern zienswijze Indiener mist verwijzing naar het Provinciale Mobiliteitsplan 'Slim op weg naar morgen’. Reactie op zienswijze Het beleidsplan wordt in de opsomming toegevoegd. Wijzigingen Blz. 81 2e kolom bovenaan, toevoegen achter ….van Chemelot met betrekking tot mobiliteit worden meegenomen. Daarnaast heeft de Provincie Limburg het beleidsplan ‘Slim op weg naar morgen’ vastgesteld.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 18
Nummer indiener 8 Kern zienswijze Indiener mist voor het gemotoriseerde en langzame verkeer een overzicht van het gewenste beeld voor 2040. Er wordt gesproken over de belangrijkste gemeentegrens overschrijdende fietsroutes, maar een duidelijke hiërarchie volgens het STOMP-principe -> Stappen, Trappen, Overstappen, Maas - Privé-auto) wordt gemist. Indiener adviseert om bovenstaande opmerkingen in de omgevingsvisie te verwerken. Reactie op zienswijze Zoals in de Omgevingsvisie is aangegeven, wordt het thema mobiliteit niet als een apart beleidsthema met wensbeeld beschreven, maar loopt het als een rode draad door de vijf thema’s van de Omgevingsvisie. Een meer gedetailleerde uitwerking van dit beeld is opgenomen in de Mobiliteitsvisie van de gemeente Stein. Het STOMP principe wordt benoemd bij de ambitie mobiliteit in relatie tot sociale en vitale wijken en kernen op blz. 80 en nader uitgewerkt in de Mobiliteitsvisie van de gemeente Stein, zoals ook vermeld op blz. 80 van de Omgevingsvisie. Wijzigingen Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Hoofdstuk 8 Energietransitie Nummer indiener 6
Kern zienswijze Indiener vraagt aandacht voor de vroegtijdige inpassing van ondergrondse én bovengrondse energie-infrastructuur en hier een passende tekst over op te nemen in de Omgevingsvisie en gaat graag hierover met de gemeente in gesprek. Indiener constateert dat er in de teksten bij de paragrafen 6.2.1, 8.1, 8.2.3 en in de samenvatting op blz. 107 nog meer rekening gehouden kan worden met de toekomstige energie-infrastructuur. Om deze ontwikkelingen succesvol uit te voeren is het verstandig om indiener vroegtijdig te betrekken en laten participeren bij verdere beleids- en planvorming. Reactie op zienswijze Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie. Wijzigingen Blz. 89, 1e kolom laatste alinea. Nieuwe alinea invoegen met de volgende tekst: ‘Om de energietransitie mogelijk te maken is niet alleen vroegtijdige inpassing ondergronds, maar ook bovengronds noodzakelijk. Er zullen bv. extra elektriciteitsstations nodig zijn. Ook deze bovengrondse objecten dienen in de fysieke leefomgeving afgewogen te worden met
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 19
andere belangen. De netbeheerder zal vroegtijdig betrokken worden bij de verdere beleids- en planvorming’.
Nummer indiener 6 Kern zienswijze Om de energietransitie mede mogelijk te maken zullen er graafwerkzaamheden nodig zijn, om meer en dikkere kabels aan te leggen, ook op nieuwe locaties. Er zullen ook veel extra elektriciteitsstations nodig zijn. Deze objecten boven en onder de grond hebben standaard eigenschappen. Het is nodig om hiervoor fysieke ruimte te reserveren voor de inpassing van de ondergrondse en bovengrondse energie-infrastructuur. De praktijk laat zien dat geschikte ruimte hiervoor beperkt is. De gemeente kan de afweging maken om ‘snippergroen’ of ‘reststroken’ hiervoor te bestemmen en in gemeentelijk eigendom te houden. Reactie op zienswijze Daar waar mogelijk zullen wij bij de uitvoering van bijvoorbeeld infrastructurele projecten en de herinrichting van de openbare ruimte zullen wij evenals in de huidige situatie de belangen van indiener meenemen. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 6 Kern zienswijze Indiener vraagt aandacht voor de participatieverplichting. Het lijkt indiener verstandig dat in verdere beleidsvorming, zoals programma’s en plannen, het participatieproces geen onnodig vertragende factor wordt in de aanleg en onderhoud van de energie-infrastructuur, zodat dit de (duurzame) ambities van de gemeente Stein niet in de weg staat. Reactie op zienswijze Refererend naar het vastgestelde lokale Participatiebeleid Omgevingswet ‘Wie doet er mee?!’ https://www.gemeentestein.nl/data/downloadables/1/1/3/2/participatiebeleid-omgevingswetdef-vastgesteld-211118.pdf, is het van belang dat de initiatiefnemer een zorgvuldig proces doorloopt. In veel gevallen zullen initiatieven op gebied van energie-infrastructuur in samenwerking en nauwe afstemming met de gemeente worden genomen. Bij het zorgvuldige proces hoort het tijdig uitdenken van een participatieproces waarbij er momenten zijn voor een gesprek met stakeholders, het voorleggen van een initiatief aan de intaketafel en zo nodig bespreken aan een omgevingstafel. Initiatiefnemers gaan zelf over het vormgeven van dit proces en de participatieruimte die zij kunnen bieden voor het betreffende vraagstuk. Zij zijn verantwoordelijk voor het doorlopen van het proces en de bevindingen die door de gemeente bij vergunningverlening en besluitvorming worden getoetst en afgewogen.
Of dit proces vertragend werkt kan van tevoren niet worden uitgesloten. Het beleid richt zich op kwaliteit van planprocessen met als doel zo veel mogelijk draagvlak. Initiatiefnemers kunnen rekenen op advies en ondersteuning van de gemeente, met oog voor rolzuiverheid. Bezwaar en onnodige juridische procedures aan de achterkant willen wij zoveel mogelijk voorkomen.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 20
Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nummer indiener 4 Kern zienswijze Indiener onderschrijft het uitgangspunt van multifunctioneel ruimtegebruik voor wat betreft de energietransitie en wensen dat er geen grootschalige opwekking plaatsvindt door realisatie van zonneakkers of -weides. Indiener geeft vanuit het oogpunt van zuinig ruimtegebruik de voorkeur aan de toepassing van windmolens en zonnepanelen op of nabij stallen en loodsen en door inzet van innovaties die multifunctioneel grondgebruik (combinatie van agrarische functie en energieopwekking bijvoorbeeld) mogelijk maken. Reactie op zienswijze Bij de vaststelling van de RES Zuid-Limburg en het bod en zoekgebieden in Stein op 27 mei 2021 is door de raad een amendement aangenomen waarin staat dat tot 1 juli 2024 realisatie van zonneweides op land niet mogelijk is. Tot die tijd wordt vooralsnog alleen ingezet op de opwek van zonne-energie op daken, industrieterreinen, parkeerplaatsen en op en direct grenzend aan Rijkswaterstaatswerken (kanaaldijken en autosnelwegen). Na 1 juli 2024 beslist de gemeenteraad over het al dan niet doorgaan van de opwek van zonne-energie op land in de aangegeven zoekgebieden. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Samenvatting Nummer indiener 7 Kern zienswijze Indiener is verheugd dat de samenvatting in geheel in zwarte tekst op gele achtergrond is bedrukt conform de toegankelijkheidseisen. Reactie op zienswijze Wij nemen kennis van deze zienswijze. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 21
Bijlage 1 Beschrijving kwaliteit fysieke ruimte Nummer indiener 2 Kern zienswijze Ten aanzien van geur merkt indiener op dat sinds het opstellen van de concept Omgevingsvisie onlangs de asfaltcentrale (net als andere centrales in het land) onder een vergrootglas is komen te liggen. Het is wellicht goed om hier toch iets over op te nemen in de visie. Reactie op zienswijze De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie (bijlage 1) Wijzigingen Blz. 147 onder 4.10.5 Geur “Volgens de RUD Zuid-Limburg zijn er binnen de gemeente Stein geen concrete situaties bekend waarbij de kwaliteit van de leefomgeving sterk onder druk staat vanwege geur. In het algemeen is er geen sprake van locaties met grote knelpunten op het gebied van geur. In het Omgevingsplan zal een nadere afweging worden gemaakt hoe geur verder kan worden geëxpliciteerd.” Bovenstaande passage wordt gewijzigd in: “Een concrete casus waarbij door omwonenden hinder in verband met geur wordt gemeld is de Asfaltcentrale. In die situatie wordt momenteel in samenwerking met de RUD Zuid-Limburg hard gewerkt aan een oplossing. Voor het overige zijn er binnen de gemeente Stein geen concrete situaties bekend waarbij de kwaliteit van de leefomgeving sterk onder druk staat vanwege geur. In het algemeen is er geen sprake van locaties met grote knelpunten op het gebied van geur.
In het Omgevingsplan zal een nadere afweging worden gemaakt hoe geur verder kan worden geëxpliciteerd.”
Nummer indiener 2 Kern zienswijze Op blz. 146 staat vermeld dat mogelijk de aandachtsgebieden in het kaartmateriaal van de Omgevingsvisie moeten worden opgenomen. Reactie op zienswijze Omgevingsvisie moet Omgevingsplan zijn. Wijzigingen Blz. 146 2e kolom, 3e alinea Mogelijk dat aandachtsgebieden ook in het kaartmateriaal voor de Omgevingsvisie kunnen worden opgenomen wijzigen in Aandachtsgebieden worden in het Omgevingsplan opgenomen.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 22
Nummer indiener 2 Kern zienswijze Op blz. 146 is vermeld dat voor de uitwerking van de Veiligheidsvisie Chemelot door de Technische Veiligheidscommissie een kader wordt opgesteld. Dit kader is reeds opgesteld en gepubliceerd. Reactie op zienswijze De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie (bijlage 1) Wijzigingen Blz. 146 2e kolom, laatste alinea. Momenteel vindt nader uitwerking van de Veiligheidsvisie Chemelot plaats, die in december 2019 door de Provincie Limburg en de gemeente Stein, Beek en Sittard-Geleen is vastgesteld. Hiertoe wordt door de Technische Veiligheidscommissie een kader opgesteld. Wijzigen in: In december 2019 is door de Provincie Limburg en de gemeente Stein, Beek en Sittard-Geleen de Veiligheidsvisie Chemelot vastgesteld. Hiertoe is door de Technische Veiligheidscommissie een kader opgesteld dat is gepubliceerd.
Nummer indiener 8 Kern zienswijze Indiener geeft aan dat op blz. 136 de indruk wordt gewekt dat het bedrijventerrein Paalweg/ Haven Stein een geluidgezoneerd bedrijventerrein binnen de gemeente Stein is. De zonering heeft echter alleen betrekking op de Haven Stein exclusief het gedeelte de Paalweg. Reactie op zienswijze Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie Wijzigingen Blz. 136 onderaan ‘Het bedrijventerrein Paalweg/Haven Stein is een geluidgezoneerd bedrijventerrein’ wijzigen in Haven Stein is een geluidgezoneerd bedrijventerrein.
Nummer indiener 8 Kern zienswijze Op blz. 137 is een onjuiste verwijzing naar de kaart opgenomen. De verwijzing naar kaart 16 moet zijn een verwijzing naar kaart 17. Verder ontbreekt bij de opsomming van de geluidzones ‘Steenbrekerij/zeverij L'Ortye’. Deze wordt wel genoemd onder 4.5. Ook wordt volgens indiener in paragraaf 4.10.2 verwezen naar kaart 16 ook dit moet kaart 17 zijn. Reactie op zienswijze Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 23
Wijzigingen Blz. 137 bovenaan eerste alinea en blz. 144 2e kolom eerste alinea, kaart 16 wijzigen in kaart 17.
Nummer indiener 8 Kern zienswijze Bij de van de visie onderdeel uitmakende kaarten is op kaart 8 infrastructuur, (in het document staat abusievelijk kaart 7) de infrastructuur (rail-, weg- en waterverbindingen en belangrijke overslagpunten voor goederentransport zoals de havens van Stein en Born en het vliegveld Maastricht-Aachen Airport) opgenomen. De fietsnetwerken zijn op deze kaart slecht zichtbaar en de hoofdfietsstructuur van het hoofdfietsnetwerk Zuid-Limburg wordt gemist op deze kaart. Reactie op zienswijze Het kaartmateriaal en de verwijzing worden aangepast. Wijzigingen Blz. 121 2e kolom onder 3.1. verkeersnetwerken kaart 7 wijzigen in kaart 8. Kaart 8 fietsnetwerken beter zichtbaar maken en de hoofdfietsstructuur Zuid-Limburg toevoegen.
Bijlage 2 Monitoring & Evaluatie Nummer indiener 7 Kern zienswijze Indiener vindt het mooi om te zien dat de Global Goals door de gemeente Stein zijn omarmd. Reactie op zienswijze Wij nemen kennis van deze zienswijze. Wijzigingen De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 24
Nota van Zienswijzen Omgevingsvisie 2040 • 25