Wijziging Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland - RAADSVOORSTEL
Tekst van het document
Politieke Markt - 16 april 2024 - 1/6 Politieke Markt Vergadering van 16 april 2024 Beleid en Uitvoering - Team Samenleving Wijziging Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland Auteur Regina Bakker Overlegd met Joke Wierbos, Mike Koelewijn, Henk Schuitemaker, Elisabeth Miggels Portefeuillehouder T. Jongman Samenvatting Gecertificeerde instellingen voeren jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringsmaatregelen uit. Ze worden sinds 2015 bekostigd door middel van een subsidie. Omdat er landelijke ontwikkelingen zijn, wordt de huidige Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland door middel van een wijzigingsbesluit op onderdelen aangepast. Landelijk zijn afspraken gemaakt over caseloadverlaging en buffervermogen. Dat maakt dat de werkdruk bij de gecertificeerde instellingen wordt verlaagd en de bekostiging op orde wordt gebracht, zodat de gecertificeerde instellingen hun wettelijke taken adequaat kunnen vervullen. Het wijzigingsbesluit is tot stand gekomen in samenwerking met en advies van juristen van de gemeente Raalte, Zwartewaterland, Kampen en Zwolle en met advies van een externe subsidiespecialist. Het vaststellen van de wijziging van de Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland is een bevoegdheid van de gemeenteraad. Proces besluitvorming 1.
In 2023 zijn door de Minister voor Rechtsbescherming, de staatssecretaris VWS en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) afspraken gemaakt over landelijke tarieven jeugdbescherming en jeugdreclassering. 2. In oktober 2023 zijn deze afspraken vastgelegd in het document “bestuurlijke afspraken landelijk tarief en bekostiging, jeugdbescherming en jeugdreclassering”. 3. Eind november 2023 zijn de gewijzigde landelijke tarieven bekend. 4. Begin december 2023 is er overeenstemming bereikt met de drie gecertificeerde instellingen op de tarieven. 5. Op 13 december 2023 neemt het Bestuurlijk Overleg RSJ IJsselland een voorgenomen besluit genomen over de aanpassingen van de tarieven. Politieke Markt - 16 april 2024 - 2/6 6. Op 16 januari 2024 neemt het college van de gemeente Steenwijkerland een voorgenomen besluit genomen over de aanpassingen van de tarieven. 7. Medio februari 2024 is wijzigingsbesluit op de bestaande subsidieverordening opgesteld (in samenwerking met en advies van juristen en een externe subsidiespecialist). 8. Op 4 maart 2024 staat het raadsvoorstel op de agenda van het portefeuillehoudersoverleg wethouder Jongman. 9. Op 12 maart 2024 staat het raadsvoorstel op de agenda van het college. 10. Op 16 april 2024 staat het raadsvoorstel op de agenda van de Politieke Markt. 11. Op 23 april 2024 staat het raadsvoorstel op de agenda van de Gemeenteraad.
Beschrijving Inleiding Op grond van de Jeugdwet zijn gemeenten verantwoordelijk voor de inzet van door de rechter opgelegde kinderbeschermingsmaatregelen, jeugdbescherming en jeugdreclassering (JB/JR). Deze worden uitgevoerd door daartoe gecertificeerde instellingen (GI’s). In de regio IJsselland subsidiëren we hiervoor drie instellingen: Jeugdbescherming Overijssel (JBOV), William Schrikker Groep (WSG) en het Leger des Heils (LdH). In het traject voor de totstandkoming van de subsidie 2023-2028 jeugdbescherming en jeugdreclassering is in de regio IJsselland afgesproken dat we voor de jaren 2024 en verder opnieuw in gesprek gaan over het tarief, waarbij we als regio aansluiten op het landelijk kostprijsonderzoek. Landelijke afspraken Rijk en Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) In 2023 zijn door de Minister voor Rechtsbescherming, de staatssecretaris VWS en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) afspraken gemaakt over landelijke tarieven jeugdbescherming en jeugdreclassering. Omdat dit een stelselwijziging betreft, is een bijbehorende handreiking opgesteld die een methodiek biedt voor het opstellen van reële tarieven voor de jeugdbescherming en jeugdreclassering. Deze afspraken zijn in oktober 2023 vastgelegd in het document “bestuurlijke afspraken landelijk tarief en bekostiging, jeugdbescherming en jeugdreclassering”.
De 'Handreiking Landelijk Tarief en Bekostiging jeugdbescherming en jeugdreclassering' (hierna te noemen de handreiking) is onderdeel van de bestuurlijke afspraken en zijn mede door de VNG ondertekend. Doel van de landelijke afspraken De landelijke afspraken hebben als doel om de werkdruk bij de gecertificeerde instellingen te verlagen en de bekostiging op orde te krijgen, zodat de gecertificeerde instellingen hun wettelijke taken adequaat kunnen vervullen. 1. Caseload verlaging: een caseload verlaging wordt doorgevoerd van 15,5 cliënten naar 12,7 cliënten per jeugdbeschermer. De verlaging van de caseload en de landelijke reële tarieven zijn van belang om de hoge uitstroom van het personeel te stoppen en de kwaliteit van deze essentiële instellingen te waarborgen. 2. Buffervermogen: het buffervermogen is een van de maatregelen die is vastgelegd op basis van het kostprijsmodel van KPMG en de handreiking om gecertificeerde instellingen weerbaar te maken voor toekomstige scenario's binnen het gedwongen kader. Deze ontwikkelingen leiden tot veranderingen in het landschap van de jeugdbescherming. Politieke Markt - 16 april 2024 - 3/6 Als bijlage is de 'Rapportage onderzoek kostprijzen en bekostiging GI's' toegevoegd. Hierop zijn de landelijke tarieven en afspraken gebaseerd.
Het kostprijsonderzoek van KPMG stelt het volgende vast (pagina 75, rapportage onderzoek kostprijzen en bekostiging GI's, 2023): "In het onderzoek is door partijen aangegeven dat een zekere opslag voor risico's, innovatie en het opbouwen van vermogen passend zou zijn. Met deze opslag worden aan GI's middelen ter beschikking gesteld om (kleinere en/of niet structurele) tegenvallers op te vangen en te hanteren werkmethodes te innoveren". Afspraken regio IJsselland met de gecertificeerde instellingen De uitvoering van de subsidieverordening is belegd bij de Bedrijfsvoeringsorganisatie Regionaal Serviceteam Jeugd (RSJ) IJsselland. Op basis van de landelijke handreiking heeft het RSJ IJsselland namens de 11 IJssellandse gemeenten de gesprekken gevoerd met de drie gecertificeerde instellingen om te komen tot reële tarieven voor de maatregelen jeugdbescherming en jeugdreclassering. Begin december 2023 is met de drie gecertificeerde instellingen overeenstemming bereikt op de tarieven. Versnelling van de besluitvorming was niet mogelijk omdat de gewijzigde landelijke tarieven pas eind november 2023 bekend waren. Conform het landelijk advies van een buffervermogen van 10%, wordt dit advies ook opgevolgd in de regio IJsselland.
Controllers en contractmanagers van het RSJ IJsselland zullen de exploitatie van de gecertificeerde instellingen nauwgezet monitoren en wordt getoetst bij de landelijk werkende instellingen en bij Jeugdbescherming Overijssel. De colleges van de afzonderlijke gemeenten hebben een voorgenomen besluit genomen over de aanpassingen van de tarieven. Dit betreft een voorgenomen besluit (en geen definitief besluit) omdat de aangepaste subsidieverordening nog door de gemeenteraad moet worden vastgesteld. In het Bestuurlijk Overleg RSJ IJsselland van 13 december 2023 is afgesproken dat het voorgenomen besluit wel bindend te zien en de aangepaste tarieven ook direct gehanteerd worden per 1 januari 2024. Dit om tegemoet te komen aan de gecertificeerde instellingen. Wijziging Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland De Handreiking Landelijk tarief en bekostiging jeugdbescherming en jeugdreclassering, vraagt om een wijziging van de bestaande Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland. Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het wijzigingsbesluit op de bestaande subsidieverordening vast te stellen. In het wijzigingsbesluit zijn de bepalingen opgenomen die op basis van de landelijke ontwikkelingen aangepast worden. Deze bepalingen gaan over de hoogte van de subsidie en tarieven en het buffervermogen van de gecertificeerde instellingen.
De huidige Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland is bekend gemaakt in het Gemeenteblad 2023, onder nummer 77114. Met het wijzigen van deze verordening blijft de oude verordening staan, met aanpassingen van de wijzigingen. De voorgestelde wijzigingen gaan over de financiering vanaf 1 januari 2024 tot het einde van de subsidieverlening (2028). De wijzigingen zijn opgenomen in de bijlage 'Wijziging van de Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland'. Gewenst resultaat Met de gewijzigde Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland worden de landelijke afspraken over de tarieven voor de jeugdbescherming en jeugdreclassering, de verlaging van de caseload en afspraken over het buffervermogen van de gecertificeerde instellingen vastgelegd. Hiermee worden de afspraken die gemaakt zijn over het verminderen van werkdruk en kwaliteit van deze essentiële instellingen gewaarborgd. Politieke Markt - 16 april 2024 - 4/6 Argumenten 1.1 Het vaststellen van een subsidieverordening is een bevoegdheid van de gemeenteraad. Volgens de Algemene wet bestuursrecht is voor een subsidieverordening een wettelijk voorschrift vereist. Het wijzigingsbesluit op de bestaande Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland wordt vastgesteld en worden vastgelegd in de subsidieverordening.
1.2 Dit is in lijn met de landelijke afspraken 'Handreiking Landelijk Tarief en Bekostiging jeugdbescherming en jeugdreclassering'. De bestuurlijke afspraken hebben als doel om de werkdruk bij gecertificeerde instellingen te verlagen en de bekostiging op orde te krijgen, zodat de gecertificeerde instellingen hun wettelijke taken adequaat kunnen vervullen. De afspraken zijn ondertekend door de Minister van J&V, de gecertificeerde instellingen en de VNG namens de gemeenten. Op basis van deze afspraken worden ook de tarieven in de regio IJsselland aangepast. 1.3 De tarieven zijn gebaseerd op de handreiking welke een methodiek voor het opstellen van reële tarieven bevat. Voor Jeugdbescherming Overijssel (JBOV), William Schrikker Groep (WSG) en het Leger des Heils (LdH) is er overeenstemming over het tarief. 1.4 De tarieven dragen bij aan een betere kwaliteit van de jeugdbescherming en jeugdreclassering. Een jeugdbeschermer/reclasseerder heeft minder cliënten onder zijn hoede en binnen deze workload minder taken. Daardoor zijn meer uren beschikbaar voor de cliënt en het gezin. Het leidt ook tot een verbetering in de continuïteit: door een verwachte lagere uitstroom door personeel en het terugdringen van ziekteverzuim worden cliënten minder geconfronteerd met wisselingen van jeugdbeschermer/reclasseerder.
Bovendien kan, doordat meer capaciteit beschikbaar is, een betere matching tussen client/gezin en jeugdbeschermer/reclasseerder plaatsvinden. Nu gaat het op basis van welke jeugdbeschermer/reclasseerder tijd heeft om een casus op te pakken, straks meer ruimte om te kijken wat passend is in de casus en of er een klik is tussen client/gezin en de jeugdbeschermer is. En als laatste wordt hiermee de continuïteit van de gecertificeerde instellingen beter geborgd en is het risico op wachtlijsten verminderd. 1.5 Het buffervermogen draagt bij om gecertificeerde instellingen weerbaar te maken. Toekomstige scenario's binnen het gedwongen kader leiden tot veranderingen in het landschap van de jeugdbescherming. Het is van groot belang om de gecertificeerde instellingen weerbaar te maken in hun wettelijke taken op het gebied van jeugdbescherming. 1.6 Dit is een autonome ontwikkeling die structureel van aard is. De landelijke ontwikkelingen zijn structureel van aard. 1.7 Het wijzigingsbesluit is beoordeeld op juridische aspecten. Het wijzigingsbesluit is in samenwerking met en advies van juristen van de gemeente Raalte, Zwartewaterland, Kampen en Zwolle en met advies van een externe subsidiespecialist tot stand gekomen. Politieke Markt - 16 april 2024 - 5/6 1.8 Een voorgenomen besluit over de aanpassingen van de tarieven is door het college van de gemeente Steenwijkerland genomen.
Het college van de gemeente Steenwijkerland heeft op 16 januari 2024 een voorgenomen besluit genomen over de aanpassingen van de tarieven. Dit betreft een voorgenomen besluit (en geen definitief besluit) omdat de wijziging van de subsidieverordening nog door de gemeenteraad moet worden vastgesteld. In het Bestuurlijk Overleg RSJ IJsselland van 13 december 2023 is afgesproken dat het voorgenomen besluit wel bindend te zien en de aangepaste tarieven ook direct gehanteerd worden per 1 januari 2024. Dit om tegemoet te komen aan de gecertificeerde instellingen. Wanneer later in het jaar 2024 besluitvorming zou plaatsvinden over de tarieven, dan levert dit een knelpunt op in de continuïteit van de gecertificeerde instellingen en geeft administratieve lastenverzwaring. Kanttekeningen en risico’s 1.1 In het bestuurlijk overleg (BO) van RSJ IJsselland is afgestemd over de te volgen route voor besluitvorming. Om de gecertificeerde instellingen in staat te stellen om tijdig te kunnen inspelen op de nieuwe situatie is voorgesteld om in eerste instantie enkel de gewijzigde tarieven vast te stellen in de colleges en de nieuwe tarieven in uitvoering te brengen op 1 januari 2024. En daarna de subsidieverordening aan te passen en vast te laten stellen door de gemeenteraden met het risico voor de gemeente dat de raden niet akkoord geven op de nieuwe subsidieverordening.
In strikt formele zin zou eerst de subsidieverordening moeten worden aangepast en zouden daarna de tarieven moeten worden aangepast. Dit levert echter dusdanige vertraging op dat het voor de gecertificeerde instellingen in dat geval niet mogelijk zou zijn om al per 1 januari 2024 op basis van de nieuwe (gewenste) situatie te werken. Wanneer later in het jaar 2024 besluitvorming zou plaatsvinden over de tarieven, dan levert dit een knelpunt op in de continuïteit van de gecertificeerde instellingen En geeft administratieve lastenverzwaring. Versnelling van de besluitvorming was niet mogelijk omdat de gewijzigde landelijke tarieven pas eind november 2023 bekend waren. 1.2 Tarieven leiden tot een stijging van kosten bij gemeenten. Zie verder 'financiële toelichting'. Duurzaamheid en social return n.v.t. Financiële toelichting Financiële consequenties De gecertificeerde instellingen verlagen de caseload van de haar medewerkers om de wettelijke taken adequaat te kunnen vervullen. Dit heeft gevolgen voor de tarieven die de gecertificeerde instellingen bij onze gemeente in rekening brengen. Het RSJ IJsselland heeft namens onze gemeente de onderhandelingen gevoerd en daaruit is een tarief 2024 overeengekomen dat met afgerond 22% stijgt (vergeleken met het tarief 2023).
De structurele financiële consequenties van de tariefstijging 22% € 330.000 In de programmabegroting is rekening gehouden met een index van 5% € 70.000 -/- Het Rijk heeft aangegeven de gemeente te gedeeltelijk te compenseren € 80.000 -/- Politieke Markt - 16 april 2024 - 6/6 Het saldo komt neer op afgerond € 180.000 tekort Dit structurele tekort wordt als autonome ontwikkeling verwerkt bij de Perspectiefnota 2024-2028. Communicatie en participatie Zie uitvoering en planning. Uitvoering en planning Na vaststelling van de wijziging van de Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland wordt het bekendgemaakt in het Gemeenteblad. Is het besluit openbaar? Ja Besluit Het college legt het volgende voor aan de gemeenteraad: 1. De wijziging van de Subsidieverordening Gecertificeerde Instellingen Regio IJsselland vast te stellen. 2. De financiële gevolgen van het wijzigingsbesluit te verwerken bij de Perspectiefnota 2024-2028.