Verordening lijkbezorgingsrechten 2025 - GETEKEND
Tekst van het document
Raadsbesluit Steenwijk, 18 december 2024 Nummer: 2024-RAAD -00072 rt t Steenwijkerland De raad van de gemeente Steenwijkerland; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van L9 november 2024, nummer 2024-RAAD -0007 2; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de GemeenteweÇ besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2025 (Verordening lijkbezorgingsrechten Steenwijkerl and 2025). Artikel l Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; b. asbus: een bus ter berging van as van een overledene; c. begraafplaats: de gemeentelijke begraafplaatsen Blankenham, Blokzijl, De Nieuwe Landery De Voorsf Duinhof, Giethoorry Heetveld, Het Thijhof, Kallenkote-oud, Kuinre, Meppelerweg, Oldemarkt, Ossenzijl, Scheerwolde, Steenwijkerwold en Toutenburg; d. particulier graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: - het doenbegraven en begravenhouden van lijken; - het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; - het doen verstrooien van as; e.
particulier urnengraf: een graf, grafkelder en taludgraf daaronder begrepen, waarvoor voor bepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot: - het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; - het doen verstrooien van as; f. particuliere urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk- of rechtspersoon voor bepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; g. urn: een voorwerp ter berging van één of meerdere asbussen; h. een graf voor volwassenen: een graf bestemd voor het begraven van overleden personen van twaalf jaar en ouder; i. een graf voor kinderen: een graf bestemd voor het begraven van overleden personen van 1 jaar en ouder, maar jonger dan 12 jaar; j. een graf voor baby's: een graf bestemd voor het begraven van overleden personen jonger dan 1 jaar en levenloos geborenen; k. gedenkmuur of gedenkzuil: een muur of zuil ingericht om door middel van naamplaatjes overledenen te herdenken; l. urnenmuur: een muur, waarin urnen in aparte nissen worden geplaatst, op de gemeentelijke begraafplaatsen Blankenham, Blokzijl, De Nieuwe Landen, De Voorst, Duinhol Giethoorry Heetveld, Het Thijhof, Kallenkote-oud, Kuinre, Meppelerweg, oldemarkt, ossenzijl, Scheerwolde, Toutenburg en de gemeentelijke urnenmuur op de bijzondere begraafplaats te Wanneperveen.
Artikel2 Belastbaarfeit Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats, voor het door of vanwege de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats en voor het gebruik van de gemeentelijke urnenmuur op de bijzondere begraafplaats te Wanneperveen. Artikel3 Belastineolicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel 4 Maatstaf van heffing en belastingtarief 1. De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel5 Belastineiaar 1'. Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. 2. Met betrekking tot de rechten genoemd in hoofdstuk 6, onderdeel6.T van de tarieventabel is het belastingtijdvak gelijk aan de periode waarvoor wordt afgekocht. Artikel 6 Wäze van heffine 1. Het onderhoudsrecht bedoeld in hoofdstuk 6, onderdeel6.6 van de tarieventabel, wordt geheven bij wege van aanslag. 2.
Andere rechten dan die bedoeld in hoofdstuk 6, onderdeel 6.6 van de tarieventabel, worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel 7 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1. Met uitzondering van het onderhoudsrecht bedoeld in hoofdstuk 6, onderdeel 6.6 van de tarieventabel, zijn de rechten verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingery werken of inrichtingen. 2. Het onderhoudsrecht bedoeld in hoofdstuk 6, onderdeel 6.6 van de tarieventabel, is verschuldigd bijhet begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bijde aanvang van de belastingplicht. 3. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is het onderhoudsrecht bedoeld in hoofdstuk 6, onderdeel 6.6 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde recht als er in dat jaar,na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 4.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigÇ bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde onderhoudsrecht als bedoeld in hoofdstuk 6, onderdeel 6.6 van de tarieventabel als er in dat jaar, na het einde van de belastingplichÇ nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 5,00. Artikel 8 Termiinen van betalins 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten, met uitzondering van het onderhoudsrecht bedoeld in hoofdstuk 6, onderdeel 6.6 van de tarieventabel, worden betaald binnen 8 dagen na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving. 2. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet het onderhoudsrecht bedoeld in hoofdstuk 6, onderdeel 6.6 van de tarieventabel, worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later. 3.
In afwijking van het tweede lid geldt, ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagery of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvary minimaal € 50,00 is en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschrevery dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 4. Indien de verschuldigde bedragen als genoemd in het derde lid tweemaal achtereen niet kunnen worden geïncasseerd, vervalt met betrekking tot het betreffende aanslagbiljet de mogelijkheid tot automatische incasso en gelden de betaaltermijnen als genoemd in het tweede lid. 5. In afwijking van het tweede lid geldt, ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagery of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, minder dan € 15,00 is, dat de aanslagen moeten worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 6. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
Artikel9 Oversanssrecht De "Verordening lijkbezorgingsrechten Steenwijkerland 2024", vastgesteld bijraadsbesluit van 19 december 2023, nummer 2023-RAAD-00090, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 10, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zijvan toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel 10 Inwerkinetredine 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2025. Artikel ll Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening lijkbezorgingsrechten Steenwijkerland 2025. Steenwijk, 18 december 2024 voornoemd, de A De