CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Samen voor Ryan - Evaluatie 1.0

Politieke Markt 25 augustus 2026, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Samen voor Ryan12.910 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Om de derde onderzoeksvraag te beantwoorden (“Wat zijn bevorderende en belemmerende factoren voor de interprofessionele samenwerking binnen SvR?”), hebben we een lijst met diverse belemmerende en be- vorderende factoren opgesteld op basis van de focusgroepsessies en voorgelegd aan de vragenlijstrespon- denten. Uit de bevindingen blijkt dat persoonlijke verbindingen en korte communicatielijnen essentieel zijn voor het vergemakkelijken van samenwerking tussen professionals. Deze directe interacties bevorderen een gevoel van vertrouwen en maken het mogelijk om snel en effectief informatie uit te wisselen, wat cru- ciaal is voor het oplossen van complexe vraagstukken rondom kinderen en gezinnen. Tegelijkertijd benadrukken respondenten de uitdagingen van onduidelijke verantwoordelijkheden en een gebrek aan gedeelde doelen als belemmeringen die de samenwerking kunnen bemoeilijken. Heldere com- municatie, een gemeenschappelijke visie op kindontwikkeling, en goed gedefinieerde rollen en taken zijn van groot belang om deze uitdagingen te overwinnen. Professionals wijzen ook op de impact van belemme- rende regels en wetten die domein-overstijgende samenwerking bemoeilijken, evenals de gevolgen van groot personeelsverloop. 29 De vierde en vijfde onderzoeksvraag richtten zich op de deelname aan en waardering van de activiteiten van SvR.

De meeste respondenten namen deel aan één of twee activiteiten, maar ongeveer 17% heeft het afgelopen jaar geen enkele activiteit bijgewoond, voornamelijk door tijdgebrek. Weinig professionals erva- ren druk van hun werkgever om deel te nemen; de deelname is overwegend vrijwillig. Wat betreft de waar- dering van het aanbod zijn de professionals over het algemeen positief. Ze waarderen de mogelijkheden om nieuwe contacten te leggen en beschouwen de inhoud van de bijeenkomsten en workshops als kwali- tatief goed en nuttig. Er zijn echter aandachtspunten: de omvang van het aanbod wordt soms als overwel- digend ervaren, vooral door diegenen die in hun vrije tijd deelnemen. Er is een oproep voor een compacter programma en betere afstemming met drukke periodes. D e laatste onderzoeksvraag richtte zich op de opbrengsten van de interprofessionele samenwerking bin- nen SvR volgens de professionals. De focusgroepsessies tonen aan dat de samenwerking tussen professi- onals als verbeterd wordt ervaren, wat volgens de focusgroepdeelnemers zowel de professionals als de doelgroep ten goede komt. Een belangrijk aspect is het versterkte netwerk, waarbij informele ontmoetingen cruciaal zijn voor het opbouwen van professionele relaties. Professionals hebben ook hun kennis en vaar- digheden verdiept, wat de kwaliteit van zorg en begeleiding ten goede komt.

Daarnaast wordt de directe impact op kinderen en ouders benadrukt: problemen kunnen sneller en adequater worden aangepakt, wat leidt tot betere zorg. Echter, er is behoefte aan meer betrokkenheid van kwetsbare gezinnen en ouders. De samenwerking met ouders wordt als een aandachtspunt gezien, omdat de kennisoverdracht naar hen nog onvoldoende is. In de online vragenlijst geven respondenten aan dat zij verbeteringen zien in de samenwerking met andere disciplines, preventieve zorg en kansen voor talentontwikkeling buiten school. Hoewel de samenwerking met ouders en de soepele overgang van opvang naar onderwijs minder sterke verbeteringen laten zien, be- vestigen deze bevindingen dat het SvR -project bijdraagt aan verbeterde samenwerking en ondersteuning. Er blijft echter ruimte voor verdere groei, met name in de betrokkenheid van ouders. In de analyse zijn subgroepen (zorgprofessionals versus onderwijsprofessionals en professionals werk- zaam in Steenwijk versus professionals werkend in buitengebieden) met elkaar vergeleken: hieruit zijn nau- welijks significante verschillen tussen de subgroepen gevonden – het geschetste beeld geldt in de meeste gevallen voor alle professionals.

6.2 Discussie Grensgangers en binnenblijvers: doelgerichte samenwerking Hoewel over het algemeen een positief beeld ontstaat over de interprofessionele samenwerking in Steen- wijkerland, zien we tegelijkertijd dat niet alle professionals elkaar weten te vinden. Er lijkt sprake te zijn van een actieve kern (‘kartrekkers’ of ‘grensgangers’) en een minder actieve groep (‘binnenblijvers’). Uit de in- dividuele interviews blijkt dat er ook een aanzienlijk aantal professionals (die wij mogelijk niet hebben be- reikt met de vragenlijst 2) nauwelijks met anderen samenwerkt en weinig bekend is met SvR. Dit roept de vraag op of het noodzakelijk is dat álle professionals rondom het kind met elkaar samenwerken of dat een actieve groep grensgangers voldoende kan zijn om het gewenste resultaat te bereiken, namelijk een omge- ving creëren waarin elk kind kansen krijgt.

In dezelfde lijn kun je je afvragen of het relevant is voor professi- onals om met álle andere professionals in contact te staan of dat hier beredeneerde keuzes in gemaakt moeten worden: is het bijvoorbeeld wenselijk dat een pedagogisch medewerker die actief is in Giethoorn ook directe lijntjes heeft met een leerkracht die lesgeeft in Steenwijk? Het lijkt wenselijk om samenwerking te stimuleren op plekken waar het voor professionals ‘logisch’ voelt om samen te werken— bijvoorbeeld 2 Respondenten zijn geworven via het SvR-netwerk en hadden dus waarschijnlijk al enige bekendheid met SvR. 30 binnen dezelfde wijk of dorpskern of rondom specifieke vraagstukken waar specifieke professionals met elkaar in aanraking komen (bijvoorbeeld groep 8 leraren en vo -mentoren van de eerste klas rondom de po- vo-overgang). Dit roept op tot een meer gerichte aanpak: bevorder samenwerking waar deze relevant is en laat professionals zich focussen op hun directe netwerk, terwijl grensgangers een brug slaan naar bredere samenwerkingen. Het is dus van belang om kritisch te zijn in wie wel en wie geen rol speelt in bepaalde samenwerkingen en te erkennen dat niet iedereen in alle situaties betrokken hoeft te zijn.

Bereikt Samen voor Ryan de juiste kinderen? Hoewel SvR bedoeld is om alle kinderen te ondersteunen door een sterke pedagogische basis te bieden, bestaat bij sommige professionals het idee dat SvR vooral gericht is op kinderen met extra ondersteunings- behoeften. Tegelijkertijd toont het onderzoek aan dat er zorgen zijn dat deze specifieke groep niet volledig wordt bereikt door de huidige projecten en activiteiten van SvR. Professionals geven aan dat de complexi- teit van de problemen van sommige kinderen en gezinnen mogelijk niet volledig wordt aangepakt door de bestaande initiatieven. Deze ‘paradox’—het idee dat SvR gericht is op een specifieke doelgroep, terwijl het eigenlijk bedoeld is voor alle kinderen, maar niet alle kinderen binnen deze doelgroep bereikt —wijst op een mogelijk gat tussen de doelstellingen van SvR en de werkelijke impact van de activiteiten. Het is belangrijk om te onderzoeken hoe SvR zijn activiteiten en projecten kan afstemmen om deze specifieke groep beter te bereiken en te onder- steunen, zonder afbreuk te doen aan de bredere doelstelling om een sterke pedagogische basis voor alle kinderen te creëren. Activiteiten door Samen voor Ryan De afgelopen jaren heeft SvR diverse activiteiten geïnitieerd, variërend van masterclasses en workshops tot projecten en pilots.

Deze activiteiten dienen een dubbel doel: enerzijds het delen van kennis (bijvoor- beeld over thema's zoals de eerste 2000 dagen of meertaligheid) of het ontwikkelen van innovaties (zoals een verbeterde overgang van primair naar voortgezet onderwijs), anderzijds beogen ze om professionals met elkaar in contact te brengen en de onderlinge samenwerking te versterken. Het idee dat professionals door een gezicht te koppelen aan een andere collega kortere lijntjes krijgen en elkaar daardoor gemakkelijker vinden in de samenwerking, lijkt inderdaad effectief te zijn. Dit wordt door respondenten gezien als een van de belangrijkste opbrengsten van de SvR -activiteiten. Echter, het leren kennen van nieuwe collega’s is niet altijd vanzelfsprekend, vooral bij grote evenementen zoals masterclas- ses of festivals. Het fenomeen 'birds of a feather flock together ' – oftewel 'soort zoekt soort' – speelt hier een rol, waarbij professionals vaak geneigd zijn om met bekenden of gelijkgestemden te blijven samenwer- ken. Dit lijkt vooral het geval te zijn bij professionaliseringsactiviteiten zoals masterclasses en cursuss en, en minder bij de projectmatige initiatieven. Bij deze projecten en pil ots werken professionals met verschil- lende achtergronden gezamenlijk aan een concreet doel, waardoor ze elkaar leren kennen en elkaars ex- pertise gaan waarderen.

Deze samenwerking strekt zich vaak verder uit dan alleen het project zelf; het wordt vanzelfsprekender om ook bij andere vraagstukken samen te werken. Een veelgehoorde opmerking is dat het aanbod van SvR voor sommige professionals als ‘te veel’ wordt er- varen, zeker gezien hun toch al volle agenda's. Dit geldt zowel voor het aantal activiteiten als voor de mai- lings, wat leidt tot een gevoel van ‘overload’. Het risico hiervan is dat professionals afhaken, mails ongele- zen laten en niet meer op komen dagen bij bijeenkomsten. Professionals doen suggesties zoals: het opne- men van bepaalde bijeenkomsten in de jaarplanning, gerichtere uitnodigingen (bijvoorbeeld s pecifiek voor 31 professionals die werken met jonge kinderen of juist met oudere kinderen) en minder frequente en bondi- gere mailings. Kanttekeningen en mogelijkheden voor vervolgonderzoek Hoewel dit onderzoek waardevolle inzichten biedt in de samenwerking en activiteiten van SvR, is het geen effectmeting. We kunnen op basis van dit onderzoek geen harde conclusies trekken over het effect van SvR op de ontwikkeling van kinderen. Hoewel het ui teraard interessant zou zijn om dat te onderzoeken, is dit methodologisch gezien een enorme uitdaging.

Wie zou bijvoorbeeld als controlegroep dienen? En hoe zou men de vele confounders – factoren die ook van invloed zijn op de ontwikkeling van kinderen – kunnen uit- sluiten? Desalniettemin is vervolgonderzoek mogelijk en wellicht ook wenselijk. Zo zou het interessant zijn om te onderzoeken wat de meerwaarde van SvR is voor ouders, aangezien zij de meeste invloed hebben op de ontwikkeling van hun kind(eren). Een dergelijk onderzoek zou waardevolle inzichten kunnen bieden om de impact van SvR nog verder te versterken. 6.3 Aanbevelingen voor Samen voor Ryan 1. Voortzetten van projectmatig werken Uit dit onderzoek blijkt dat projectmatig werken door betrokken professionals zeer wordt gewaardeerd. Het biedt de mogelijkheid om samen te werken aan concrete, afgebakende thema's, waardoor professionals elkaar echt leren kennen en een gezamenlijk doel nastreven. Deze manier van werken bevordert niet alleen de samenwerking, maar zorgt er ook voor dat professionals elkaar makkelijker weten te vinden in andere situaties. Tijdens de focusgroepsessies kwam naar voren dat projectleiders een cruciale rol spelen als drijvende krachten achter de projecten en SvR als geheel. Ze zorgen ervoor dat ‘de neuzen dezelfde kant op staan’ en dat de projecten effectief worden uitgevoerd, zelfs wanneer er verschillende belangen spelen.

Het hebben van een sterke projectleider is dus heel helpend om continuïteit en effectiviteit van de projecten te waar- borgen Verder is het strategisch belangrijk voor organisaties om zorgvuldig te kiezen wie ze in projectgroepen plaat- sen. Personen die worden geselecteerd voor deze groepen krijgen toegang tot een veel groter netwerk en kunnen hun invloed en expertise breder inzet ten. Het is daarom nuttig om mensen naar voren te schuiven die ook binnen hun eigen organisatie een kartrekkersrol vervullen en fungeren als 'boundary crossers' – zij die de verbindingen tussen verschillende disciplines en netwerken kunnen leggen en versterken. Een ver- eiste is dat deze boundary crosser de informatie uit SvR regelmatig deelt met collega’s – waarbij het hel- pend is dat de betreffende organisatie dit faciliteert, bijvoorbeeld door ‘inzichten uit SvR’ als vaststaand agendapunt in een teamoverleg te beleggen. Op deze manier is het niet noodzakelijk dat elke professional actief is in het netwerk van SvR. Door een beredeneerde keuze te maken en te investeren in een actieve ‘kerngroep’, kan ook een sterke pedagogische basis voor kinderen gecreëerd worden. Gezien de positieve ervaringen met projectmatig werken en de essentiële rol van projectleiders, adviseren we om deze aanpak voort te zetten.

Daarnaast kan het waardevol zijn om, waar mogelijk, het projectmatige werken meer gebiedsgericht te maken. Dit sluit aan bij de aanbeveling om projecten en activiteiten op ge- biedsniveau te organiseren (zie aanbeveling 2). Een gebiedsgerichte aanpak kan bijdragen aan nog 32 hechtere samenwerking binnen lokale gemeenschappen en zorgt ervoor dat professionals in hun speci- fieke werkgebied nog effectiever kunnen samenwerken. Aanb evelingen 1.1 Voortzetten van projectmatig werken: Zet de succesvolle projectmatige aanpak door, waarbij profes- sionals samenwerken aan concrete thema’s en doelen. 1.2 Investeren in projectleiders: Blijf investeren in sterke projectleiders die de drijvende krachten zijn ach- ter de projecten en ervoor zorgen dat de neuzen dezelfde kant op staan. 1.3 Strategische selectie van deelnemers: Kies strategisch welke personen in projectgroepen worden op- genomen, met speciale aandacht voor kartrekkers en 'boundary crossers' die waardevolle verbindin- gen kunnen leggen. Doo r op deze manier de projectmatige werkwijze vast te houden verwachten we dat de lokale netwerken binnen Steenwijkerland verder verstevigd worden. 2. Aan beveling: Gebiedsgerichte aanpak Om de samenwerking tussen professionals verder te versterken, stellen we een gebiedsgerichte benade- ring voor.

Dit houdt in dat bepaalde projecten en activiteiten van SvR specifiek op wijk- of dorpsniveau worden georganiseerd, zoals dat nu al wordt gedaan in diverse pilots. Het doel hiervan is dat professio- nals die in hetzelfde gebied werkzaam zijn, elkaar beter leren kennen en samenwerken aan concrete, lo- kale uitdagingen. Door deze gerichte aanpak ontstaan hechtere samenwerkingsverbanden en worden de lijnen korter, wat bijdraagt aan efficiëntere hulpverlening en ondersteuning aan kind eren. Deze aanbeve- ling sluit aan bij het eerder verschenen rapport van Pouw (2024), waarin zij in haar aanbevelingen stelt: “Werk in gebieden: Verdeel Steenwijkerland in (de bestaande) dorpen, kernen en wijken en wijs aan- spreekpunten aan bij de jeugdconsulenten, jeugdverpleegkundigen en sociaal werk voor in die gelegen gebieden particulier ko, po en (IKC), so en vo (…). Het werken in gebieden met een SvR team leidt tot meer zichtbaarheid en vindbaarheid bij en voor alle professionals, wederkerig weet men tot wie men zich moet richten. (pp. 21-22)” Daarnaast adviseren we om gemeentebrede masterclasses te blijven organiseren – deze worden immers goed bezocht en positief gewaardeerd, met een nadruk op kennisdeling en het verspreiden van expertise.

Deze masterclasses richten zich op het vergroten van de kennis en kunde van alle professionals, terwijl de gebiedsgebaseerde activiteiten vooral zijn bedoeld om samenwerking op lokaal niveau te bevorderen. Aanb evelingen Gebiedsgerichte activiteiten: Organiseer meer projecten en activiteiten op wijk- of regioniveau om professionals die in dezelfde omgeving werken beter met elkaar te verbinden. Gemeentebrede kennisdeling: Blijf gemeentebrede masterclasses en workshops organiseren, met de nadruk op kennisdeling en het versterken van de vakinhoudelijke competenties van profes-sionals. Deze tweeledige aanpak maakt het mogelijk om zowel de kennisuitwisseling op grote schaal als de prakti- sche samenwerking op lokaal niveau te versterken. 3. Aan beveling: Betrekken van toekomstige professionals Hoewel toekomstige professionals niet expliciet zijn meegenomen in dit onderzoek, zien we het belang van hun betrokkenheid in de interprofessionele samenwerking binnen SvR. Om ervoor te zorgen dat pro- fessionals in de toekomst elkaar beter weten te vinden, is het essentieel om hier tijdens hun opleiding al aandacht aan te besteden (o.a. Smeets, 2024; Keuning & Nitert, 2021). 2.1 2.2 33 We bevelen aan om samen te werken met relevante opleidingsinstituten en gezamenlijk te verkennen op welke manier studenten tijdens hun opleiding kennis kunnen maken met het interprofessionele perspec- tief.

Dit kan bijvoorbeeld door het verwerken van interprofessionele samenwerking in schoolopdrachten of door studenten uit verschillende vakgebieden te betrekken bij projecten van SvR . Een concreet voor- beeld zou kunnen zijn dat studenten meelopen en meedraaien in de bestaande projectgroepen van SvR, zodat ze in de praktijk ervaring opdoen met samenwerken in interprofessionele teams. Aanbevelingen 3.1 Samenwerking met opleidingsinstituten: Werk samen met onderwijsinstellingen om te onder- zoeken hoe studenten tijdens hun opleiding al kunnen kennismaken met interprofessionele sa- menwerking. 3.2 Studenten in projectgroepen: Overweeg om studenten te laten meelopen en meedraaien in de projectgroepen van SvR om hen praktijkervaring te bieden. 3.3 Verbinding tussen opleiding en praktijk: Verken samen met de opleidingen hoe het interprofessio- nele perspectief in schoolopdrachten of stageopdrachten geïntegreerd kan worden. Hoewel dit aspect niet direct in de interviews en vragenlijsten naar voren kwam, lijkt het ons waardevol om toekomstige professionals vroegtijdig te betrekken. Dit zal bijdragen aan het versterken van de samen- werking binnen Steenwijkerland op de lange term ijn. 4.

A anbeveling: Vervolgonderzoek Deze onderzoeksrapportage kan worden beschouwd als een nulmeting, de eerste keer dat de samenwer- king tussen professionals in Steenwijkerland vanuit verschillende perspectieven en op relatief grot e s chaal in kaart is gebracht. Dit biedt waardevolle inzichten in de ervaren opbrengsten van deze samen- werking en de rol die SvR hierin speelt. Wij adviseren om het onderzoek binnen SvR blijvend te integreren in de (meerjaren)planning. De instru- menten die in deze rapportage zijn gebruikt, kunnen in toekomstig onderzoek opnieuw worden ingezet, zodat trends en veranderingen in de samenwerking kunnen worden gemonitord. Door in deze herhaalde metingen ook de doelgroep—kinderen, jongeren en hun ouders/verzorgers—te betrekken, kunnen vragen die eerder zijn gesteld over het bereiken van de juiste doelgroep beter worden beantwoord. Het vaststellen van de effecten van samenwerking, zowel in het algemeen als specifiek voor SvR , is een complexe opgave. Voor zover wij weten, is er nog geen effectstudie uitgevoerd naar interprofessioneel sa- menwerken in het sociale domein. Desondanks zou het waardevol zijn om te onderzoeken wat de verbin- ding tussen professionals betekent voor de kansrijke ontwikkeling van kinderen en jongeren.

Hierbij kun- nen gemeentelijke statistieken, zoals het aantal doorverwijzingen naar hulpverlening of schoolprestaties , als belangrijke indicatoren dienen. Ook detailanalyses van specifieke casussen kunnen waardevolle in- zichten opleveren. Aanbevelingen 4.1 Herhaalde metingen: Herhaal deze meting (minimaal de vragenlijst, eventueel aangevuld met fo- cusgroepsessies) jaarlijks of tweejaarlijks om trends en veranderingen in de samenwerking te monitoren en te analyseren. 4.2 Uitbreiden respondentendoelgroep: Overweeg het onderzoek uit te breiden naar kinderen, jonge- ren, ouders en verzorgers om de opbrengsten van de samenwerking beter in beeld te brengen vanuit hun perspectief. 4.3 Onderzoek het effect van interprofessioneel samenwerken: Het zou interessant zijn om, samen met een consortium van onderzoeksinstellingen, een studie te initiëren naar de effecten van in- terprofessionele samenwerking en mogelijkheden voor onderzoeksubsidie te onderzoeken. 34 Deze aanpak stelt ons in staat om de samenwerking niet alleen in de toekomst beter te monitoren, maar ook om een diepgaander inzicht te verkrijgen in de impact ervan op de betrokken doelgroepen. 35 Referenties Akkerman, S., & Bakker, A. (2011). Boundary crossing and boundary objects. Review of Educa- tional Research, 81(2), 132–169. https://doi.org/10.3102/0034654311404435 Bochane, M., Steenbeek, H., Luinge, M., & Puwels, H.

(2024). Een soepele overgang van PO naar VO. Congresbijdrage Velon 2024, Utrecht. Bronstein, L. R. (2002). Index of interdisciplinary collaboration. Social Work Research, 26(2), 113-123. https://doi.org/10.1093/swr/26.2.113 Dingsman, M., Niemand, E., & Boonen, A. (2023). Boundary crossing: Grenzen overbruggen in de interprofessionele samenwerking tussen school, kinderopvang en welzijnswerk. Kind- centrum Sociale Innovatie. https://husite.nl/prevent/prevent-academy/kennis- bank/boundary-crossing/ Fukkink, R. G., Sluiter, R. M. V., & Fekkes, M. (2024). Transition from childcare to school: Sur- gency, center-based care and caregiver-child relationship predict self-regulation, social competence and well-being. Learning and Individual Differences, 110, Article 102409. https://doi.org/10.1016/j.lindif.2024.102409 Gerdes, J. (2021). All inclusive? Collaboration between teachers, parents and child support workers for inclusive education in prevocational schools (PhD Thesis). Vrije Universiteit Amsterdam. Keuning, T., Geel, M. V., Visscher, A., Fox, J.-P., & Moolenaar, N. M. (2016). The transformation of schools’ social networks during a data-based decision making reform. Teachers College Record, 118(9), 1-33. https://doi.org/10.1177/016146811611800908 Keuning, T., & Nitert, E. (2021). Interprofessionele samenwerking in domein Kind en Educatie: Zicht op elkaar en op jezelf. In I.

Pauw & W. Jongstra (Reds.), Een leraar met een eigen kleur (pp. 121–133). Gompel & Svacina. Moolenaar, N. M., Karsten, S., Peter, & Daly, A. J. (2014). Linking social networks and trust at multiple levels: Examining Dutch elementary schools. In A. J. Daly (Ed.), Social network theory and educational change (pp. 207–228). Springer. https://doi.org/10.1007/978-94- 017-8014-8_10 Nederlands Jeugdinstituut. (z.d.). Grip krijgen op interprofessioneel samenwerken. Geraad- pleegd op 10 oktober 2024 van https://www.nji.nl/verbinding-onderwijs-en-jeugd- hulp/grip-krijgen-op-interprofessioneel-samenwerken Ooms, M., Nitert, E., & Kassenberg, A. (2024, 10 juli). Interprofessionele samenwerking kinder- opvang, basisonderwijs en jeugdhulp in beeld [Presentatie]. ORD Congres, Tilburg. Pouw, I. (2024). Samenwerken op locatie. Samen voor Ryan. https://samenvoorryan.nl/wp-con- tent/uploads/2024/06/Samen-voor-Ryan_eindrapportage-Samenwerken-op-locatie.pdf Post, L., Bousaid, S., & Keuning, T. (2023). BouwstenenBox interprofessionele samenwerkings- competenties. Innovatiecluster Kind en Educatie. 36 Smeets, H. W. H. (2024). Beyond the silos: Design guidelines for interprofessional assessment in higher healthcare education (Doctoral Thesis). Maastricht University. Van Dongen, J. J. J., & Fanchamps, L. J. A. (2021). Optimale ontwikkeling van het kind centraal: Interprofessionele samenwerking.

JSW, 35(9), 32–35. Verhijen-Tiemstra, M., Ros, A. A., & Vermeulen, M. (2023). Werelden van verschil: Aard en inten- siteit van interprofessionele samenwerking tussen basisonderwijs en kinderopvang. Pe- dagogische Studiën, 97(1). https://pedagogischestudien.nl/article/view/13673 37 Bijlagen Bijlage 1 – Achtergrondkenmerken respondenten op enquête Professionals en leidinggevenden Bij welke organisatie/school/opvang werk je? Frequentie Percentage Chr. KC Claus 1 0,9 Chr. KC De Ark 1 0,9 Chr. KC De Schutsluis 2 1,8 Chr. KC De Wiedewereld 1 0,9 Chr. KC Het Kompas 2 1,8 Chr. KC Immanuël 1 0,9 Chr. KC Bernhard 2 1,8 De Toegang Gemeente Steenwijkerland 5 4,5 Gemeente Steenwijkerland 4 3,6 GGD IJsselland 8 7,2 J/M Kinderopvang 1 0,9 KBS Don Bosco 3 2,7 Kinderopvang Het Woldkasteel 6 5,4 Kinderopvang KaKa 6 5,4 Kinderopvang Speel@Home 1 0,9 OBS De Punter 2 1,8 OBS De Rolpaal 1 0,9 OBS De Samensprong 2 1,8 OBS De Voorpoort 2 1,8 OEC 't Ravelijn 8 7,2 Plus Kinderopvang 2 1,8 't PuzzelsTuk 4 3,6 RSG Tromp Meesters 2 1,8 Samenlevingsschool De Lisdodde 5 4,5 Samenwerkingsverband PO 2203 1 0,9 Samenwerkingsverband VO 2203 1 0,9 SG Eekeringe 6 5,4 Sint Clemensschool 2 1,8 Sociaal Werk De Kop 13 11,7 Stichting "De Kindervilla" 2 1,8 38 Stichting Op Kop 2 1,8 Anders, namelijk...

12 10,8 Total 111 100,0 Bij welke organisatie/school/opvang werk je? – Open antwoorden Frequentie Accrete 4 GBS Eben Haëzer 1 GBS Eben Haëzer van Florion (dat is een andere dan PCBS Eben Haëzer) 1 Jeugd ggz Dimence 1 Kinderdagopvang Ukkie 1 Praktijk KinderFysio 1 Projectgroep Meertaligheid bij Anderstalige Kinderen van Samen voor Ryan 1 Stavoor. een taalschool voor inburgeraars 1 Tactus Verslavingszorg 1 Total 12 Op welke locatie werk je het meest? Frequentie Percentage Blokzijl 6 5,4 Eesveen 1 0,9 Giethoorn 3 2,7 Oldemarkt 4 3,6 Scheerwolde 1 0,9 Sint Jansklooster 5 4,5 Steenwijk 43 38,7 Steenwijkerwold 8 7,2 Tuk 10 9,0 Vollenhove 6 5,4 Wanneperveen 5 4,5 Anders, namelijk… 19 17,1 Total 111 100,0 Op welke locatie werk je het meest? – Open antwoorden Frequentie Alle Accrete locaties 1 Alle locaties van Kinderopvang KaKa in Steenwijkerland 2 Door de gehele gemeente 1 Door de hele gemeente.

1 Gemeentebreed 1 Gemeentehuis Steenwijk 1 Hele gemeente 2 hoofdkantoor Meppel 1 39 Ik kom als ve coach bij alle vestigingen van KaKa in Steenwijkerland 1 Locatie Stationsstraat, afdeling PRO 1 Nijensleek 1 Op afspraak, meestal op scholen in het VO 1 Overal en thuist 1 Regio Zuid west Drenthe + Steenwijkerland 1 Vanuit huis 1 Verschillende locaties als jeugdarts 1 Wolvega 1 Total 19 40 Wat voor functie heb je? Frequentie Percentage Pedagogisch medewerker 12 10,8 Pedagogisch coach 1 0,9 Leraar 23 20,7 Onderwijsassistent 2 1,8 Intern begeleider 6 5,4 Leidinggevende 18 16,2 Jeugdconsulent 8 7,2 Beleidsmedewerker 4 3,6 Sociaal werker 8 7,2 Anders, namelijk...

29 26,1 Total 111 100,0 Wat voor functie heb je? – Open antwoorden Frequentie Adviseur 1 Buurtsportcoach 2 Conciërge/onderwijsassistent/mediatheek 1 Coördinator Passend Onderwijs 1 Directeur 1 Directeur onderwijs en ontwikkeling 1 Eigenaar~ pedagogisch coach 1 Gedragswetenschapper 1 Jeugdarts 2 Jeugdverpleegkundige 5 Kinderfysiotherapeut 1 Leerkrachtondersteuner 2 Maatschappelijk werker (school en buurt) 1 Preventiewerker 1 Psycholoog 1 Secretaresse 1 Steunouder coördinator 1 Teamleider 2 Ve coach in Steenwijkerland en Pedagogisch coach in Westerveld 1 Verpleegkundige 1 Zeg ik liever niet 1 Total 29 Wat is je hoogst afgeronde opleiding? Frequentie Percentage 41 mbo 3 3 2,7 mbo 4 12 10,8 hbo 5 (associate degree) 10 9,0 hbo 6 (bachelor) 36 32,4 master 10 9,0 post hbo 30 27,0 universiteit 9 8,1 anders, namelijk 1 0,9 Total 111 100,0 42 Bijlage 2 – Aantallen contacten met professionals van andere discipline In deze bijlage wordt weergegeven met welke professionals van een andere discipline er contact geweest is gedurende het afgelopen schooljaar. De vermelde frequenties betreffen niet het aan- tal contacten dat plaatsvond, maar hoe vaak respondenten dat betreffende type professional ge- noemd heeft.

Met welke professional heb je regelmatig contact (dagelijks, wekelijks, maandelijks) gehad in het afgelopen schooljaar? [meerdere antwoorden mogelijk] Frequentie Manager Kinderopvang 38 Pedagogisch medewerker 53 Pedagogisch coach 34 Directeur Basisonderwijs 51 Intern begeleider Basisonderwijs 62 Leerkracht Basisonderwijs 50 Onderwijsassistent Basisonderwijs 28 Leraar Bewegingsonderwijs 15 Remedial teacher 4 Directeur Speciaal Onderwijs 13 Intern begeleider Speciaal Onderwijs 24 Leraar Speciaal Onderwijs 15 Onderwijsassistent Speciaal Onderwijs 7 Directeur Voortgezet Onderwijs 11 Intern begeleider Voortgezet Onderwijs 15 Leraar Voortgezet Onderwijs 14 Onderwijsassistent Voortgezet Onderwijs 5 Bibliotheekmedewerker 21 Fysiotherapeut 19 Jeugdzorgmedewerker 38 Logopedist 41 Medewerker Kinderbescherming 19 Orthopedagoog 36 Sociaal verpleegkundige 16 Sociaal werker 25 Anders, namelijk 12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/eb6d5bff-1fa9-4ba0-a00f-3b381d6d45cd?agendaItemId=2858db77-f57e-4b76-ae14-88a7f6aa8b64