Ruimtelijke onderbouwing.pdf
Tekst van het document
3.2 Glooiend landschap Het plangebied ligt grotendeels op een in de ijstijd opgestuwde kleileemlaag (grondmorene). Deze hoger gelegen stuwwal was een ideale plek om te vestigen. Aan de noordzijde loopt een oude beekloop, hier ligt het maaiveld lager. De hoogteverschillen in het plangebied zijn goed waarneembaar in het landschap, vooral in het noordelijk deel van het plangebied. Daarnaast is er sprake van subtiele glooiing binnen de akkers. In het zuiden ligt het maaiveld om circa +9,5 m NAP, rond de Helenahoeve ligt het maaiveld op +8,7 m NAP en in het noorden betreft het maaiveld +3,3 m NAP. Ook ligt de snelweg grotendeels lager dan het plangebied. Ten zuiden van het beoogde zonneveld komt de snelweg op hetzelfde maaiveldniveau. Daarnaast is er bij de oudere houtwallen in en rondom het plangebied over grotere lengten nog een hoge grondwal van circa één meter hoog aanwezig. Deze grondwallen worden behouden en vormen al gedeeltelijk jaarronde afscherming van zicht op de zonnepanelen. Aandachtspunten voor het ontwerp: • Het zonneveld ligt door het hoogteverschil in twee verschillende landschappelijke gradiënten; een stuwwal en een beekloop. Het landschappelijke verschil tussen deze gradiënten zullen bij de inpassing van het zonneveld terug te komen.
• De aanwezige hoogteverschillen in het landschap en de daarbij horende invloed op de beleving van het zonneveld worden meegenomen bij de inpassing van het zonneveld. Afbeelding 5. De Helenahoeve in het voorjaar van 2018. Twee grote bomen benadrukken de voorzijde van de woning. Afbeelding 6. De hoogteverschillen in het maaiveld zijn duidelijk waarneembaar in en rondom het plangebied. 1716 Zonneveld WillemsoordZonneveld Willemsoord 3.3 Bodem en bijhorende vegetatie De aanwezige bodem in het plangebied betreft grotendeels een laarpodzolgrond bestaande uit lemig fijn zand en grondwatertrap V. Op dit bodemtype ontwikkelt zich van nature een vochtig Wintereiken-Beukenbos. In dit bostype vormt beuk de hoofdsoort. Verder maakt boswilg, hazelaar, hulst, lijsterbes, ratelpopulier, ruwe berk, vuilboom, wintereik, zachte berk, zomereik, appel, framboos en kamperfoelie deel uit van dit bostype. De noordzijde van het plangebied maakt onderdeel uit van een oude beekloop. Hier bestaat de bodem uit een veldpodzolgrond. Dit betreft leemarm en zwak lemig zand met een grondwaterstand van VII. Op deze grondsoort ontwikkelt zich van nature een vochtig Berken-Zomereikenbos. De diversiteit in beplantingsoorten is erg schraaldoor de slechte groeiomstandigheden. In een vochtig Berken-Zomereikenbos is de hoofdsoort Zomereik.
Daarnaast kunnen grove den, lijsterbes, ruwe berk en vuilboom aangetroffen worden. Soms ontwikkelen krent, vogelkers en jeneverbes zich ook op dit bodemtype. Aandachtspunten voor het ontwerp: • De hierboven genoemde inheemse autochtone beplanting zal bij de inrichting van het plangebied als basis worden gebruikt. • Dit betreffen de soorten: beuk, boswilg, hazelaar, hulst, lijsterbes, ratelpopulier, ruwe berk, vuilboom, wintereik, zachte berk, zomereik, appel, framboos, kamperfoelie, krent, vogelkers en jeneverbes. 3.4 Aanwezige beplanting In het plangebied staan lanen, singels en houtwallen. De lanen worden gevormd voornamelijk gevormd door zomereiken. Op sommige plekken staan ook essen. Verder bestaan de singels en houtwallen vooral uit autochtoon inheems plantmateriaal zoals meidoorn, hazelaar, kamperfoelie, vogelkers, krent, lijsterbes, boswilg, ruwe berk, eik en beuk. In deze houtwallen is een grondwal van 1 tot 1,5 meter hoog aanwezig. Verder staan er vijf eiken op een rij in het noordelijk deel van het plangebied. Deze bomen zijn restanten uit een voormalige houtwal horend bij de voormalige beplantingstructuren op de Ronde Blesse. Op het erf van de Helenahoeve staan op het voorerf twee grote zomereiken en op het achtererf staat een opvallende ‘ronde’ bomengroep.
Aandachtspunten voor het ontwerp: • Behouden bestaande beplantingsstructuren in verband met hun cultuurhistorische waarde. Afbeelding 7. Bovenstaand afbeelding toont de bodemtypen in het plangebied. Afbeelding 8. Ter hoogte van de Helenahoeve staat onder de zuidelijke bomenrij ook struweel. 1918 Zonneveld WillemsoordZonneveld Willemsoord 3.5 Kabels en leidingen Naast het plangebied loopt een gasbuis van de Gasunie. Er heeft afstemming met de Gasunie plaatsgevonden omtrent de komst van het zonneveld. De zonnevelden en bijhorende objecten dienen tenminste vijf meter vanaf de gasbuis te worden geplaatst. Daarnaast loopt er een waterleiding van Vitens door het plangebied. De waterleiding loopt parallel aan de gasbuis, ten westen van de Helenahoeve. In de planvorming wordt rekening gehouden met deze waterleiding. Aandachtspunten voor het ontwerp: • Alle objecten die zijn gerelateerd aan het zonneveld worden tenminste vijf meter vanaf de gasbuis geplaatst. • Bij de inpassing is rekening gehouden met de waterleiding van Vitens. 3.6 Ontsluiting De Helenahoeve, centraal gelegen in het plangebied, wordt ontsloten door de weg Ronde Blesse. Deze weg komt aan de zuidzijde uit op de Koningin Wilhelminalaan tussen woning 25 en 27. De Koningin Wilhelminalaan is één van de hoofontsluitingswegen van Willemsoord. Daarnaast ligt de A32 aan de westzijde van het plangebied.
Daarnaast loopt er een informeel pad direct vanaf de Helenahoeve tot de Koningin Wilhelminalaan ter hoogte van erf nummer 19. Deze weg zal deels worden verlegd in verband met de komst van het zonneveld. De weg zal aan de oostzijde van het zonneveld komen te liggen. Aandachtspunten voor het ontwerp: • De ontsluiting van het zonneveld zal verlopen via de bestaande weg Ronde Blesse. • Het informele pad langs tussen de Koningin Wilhelminalaan en de Helenehoeve zal worden verlegd naar de oostzijde van het plangebied. Afbeelding 9. Beeld vanaf de Koningin Wilhelminalaan kijkend op het informele pad richting de Helenahoeve. De linker akker maakt onderdeel uit van het plangebied, maar zal in samenspraak met de bewoners van W illemsoord worden ingericht. 21 Zonneveld Willemsoord Afbeelding 10. Landschappelijk inpassingsplan voor zonneveld Willemsoord met locatie aanduidingen van de profielen. Op de laatste pagina van deze rapportage is de plankaart op A1-formaat toegevoegd. A B C D E 0 N 50 100 150 250 meter wandelpad / bouwweg 4 ONTWERP Het inrichtingsplan voor het zonneveld Willemsoord bestaat uit verschillende onderdelen. Het programma van eisen, de beleidsanalyse en de ruimtelijke analyse hebben ten grondslag gelegen aan dit inrichtingsplan. Hierna wordt dit per onderwerp toegelicht.
4.1 Landschapsstructuur van de Bles herstellen Het plangebied maakt grotendeels uit van het voormalige gebied de Bles. De aanwezige beplantingstructuur maakte vroeger onderdeel uit van een kleinschaliger landschap bestaande uit akkers, singels, houtwallen en bosschages. Deels zijn deze oude beplantingstructuren verdwenen door de ontginningen vanuit de Kolonie van Weldadigheid Willemsoord. Bij de contouren van het plangebied komen zowel het kleinschalige landschap als het koloniale ontginningslandschap samen. In en rondom het plangebied worden alle huidige beplantingselementen behouden en waar mogelijk versterkt. Zo worden de bestaande singels verbreed door middel van struweel. Bij deze versterking van de bestaande singels zal het aanwezige prikkeldraad worden verwijderd. De verbreding en aanplant van nieuw struweel rondom het zonneveld ontneemt het zicht op de panelen vanuit de woningen ten oosten en ten zuiden van het plangebied. Het zonneveld heeft hierdoor ook geen negatieve invloed op de aangrenzende Kolonie van Weldadigheid Willemsoord. Door het herstellen van een singel en de aanplant van hagen wordt een deel van de oorspronkelijke beplantingstructuur hersteld en de kleinschaligheid weer teruggebracht in het landschap. Het toevoegen van struweel en hagen draagt ook bij aan het fragmenteren van het zonneveld in meerdere kleinere velden van enkele hectaren groot.
Hierdoor krijgt het zonneveld een menselijke maat en past de ontwikkeling beter bij de schaal van het landschap. Het bestaande pad dat momenteel dwars door het plangebied loopt zal verplaatst worden naar de oostelijke rand van het plangebied. Zo ontstaat ruimte om de zonnepanelen zo efficiënt mogelijk te plaatsen binnen de kavelstructuur en de opstelling altijd de contouren van het kavel volgt. Met deze indeling wordt de bestaande kavelstructuur extra benadrukt. Binnen het plangebied worden twee typen panelen toegepast. Ten zuiden van de Ronde 2322 Zonneveld WillemsoordZonneveld Willemsoord Blesse komt een oost-westopstelling van 1,45 meter hoog ten opzichte van het maaiveld. Het laag plaatsen van de panelen in het zuidelijk deel van het plangebied betreft een extra maatregel om het zicht op de panelen vanuit Willemsoord te minimaliseren. Ten noorden van de Ronde Blesse worden de panelen in een zuid-opstelling geplaatst met een hoogte van 1,80 meter ten opzichte van het maaiveld. Deze opstelling geeft meer ruimte aan licht en water om een goede vegetatie onder de panelen te laten ontwikkelen. Met deze opstelling wordt een bijdrage geleverd aan de biodiversiteit en natuur in het gebied. Na de ontmanteling van het zonneveld zal de aangebrachte opgaande beplanting worden behouden.
Deze nieuwe beplantingselementen dragen dan ook bij aan een blijvende toename van biodiversiteit in het landschap. Kwaliteitsimpuls • Versterking van de bestaande beplantingstructuren en opruimen van ongewenste elementen als prikkeldraad. • Terugbrengen van de kleinschaligheid in het landschap, op basis van historisch beeldmateriaal van de Bles. • Benadrukken bestaande kavelstructuur door efficiënte vulling met panelen. • De nieuwe beplanting vormt ook na de ontmanteling van het zonneveld een blijvende landschappelijke structuur in het landschap en levert een bijdrage in de biodiversiteit van het gebied. • De panelen in het zuidelijk deel van het plangebied worden lager geplaatst en hebben een maximale hoogte van 1,45 meter ten opzichte van het maaiveld. Hiermee wordt beleving van het zonneveld vanuit Willemsoord tot een minimum beperkt. • De panelen in het zuidelijk deel worden tot een maximale hoogte van 1,80 meter ten opzichte van het maaiveld geplaatst zodat de ruimte onder de panelen genoeg licht krijgt en er water kan vallen. Hiermee wordt ruimte geboden aan de ontwikkeling van een kruidenrijke vegetatie welke een bijdrage levert aan de biodiversiteit in het landschap. Afbeelding 11. In het plangebied bevindt zich in de beplantingstructuur prikkeldraad dat zal worden opgeruimd bij de realisatie van het zonneveld.
2524 Zonneveld WillemsoordZonneveld Willemsoord 4.2 Zonneveld directe omgeving 4.2.1 Afstand tot de omgeving De zonnepanelen worden geplaatst op circa 290 meter vanuit de Koningin Wilhelminalaan, achter een bestaande singel. Met uitzondering van de westzijde liggen bij overige zijden van het plangebied een aantal erven. De afstand tussen de omliggende erven en het plangebied varieert. Het dichtstbijzijnde erf ligt op circa 75 meter afstand vanaf de panelen. Het zicht vanaf de erven op het plangebied wordt grotendeels beperkt door de reeds aanwezige beplanting. Door de aanplant van struweel met wintergroene soorten en toepassing van lage panelen zal er geen zicht zijn vanaf de woningen op het zonneveld. De kavel tussen het zonneveld en de Koningin Wilhelminalaan zal worden vrijgehouden van zonnepanelen. De kavel krijgt een passende koloniale erfinvulling, welke nog nader in te vullen is door Duurzaam Willemsoord. In dit gebied kunnen initiatieven zoals voedselbos, moestuin, kleinschalige akkers en spel een plek krijgen. Kwaliteitsimpuls • Het zicht op het zonneveld wordt zoveel mogelijk voorkomen door het behouden van afstand tot de omliggende erven, de toepassing van beplantingselementen en het laag houden van de paneelhoogte. • De meest zuidelijk gelegen kavel krijgt een erfinvulling passend bij het kolonielandschap.
Hierbij kan worden gedacht aan een voedselbos, moestuin, kleinschalige akkers en ruimte voor spel. De exacte invulling zal in samenspraak met Duurzaam Willemsoord worden bepaald. 4.2.2 Ontsluiting en routes Het zonneveld wordt ontsloten vanaf de Koningin Wilhelminalaan, via de Ronde Blesse. Vanaf deze weg lopen twee aftakkingen, één naar het noorden en één naar het zuiden tot aan de transformatoren in het veld. De objecten dienen goed toegankelijk te zijn voor beheer en onderhoud maar vooral in het geval van calamiteiten. De brandweer eist veelal een (half)verharde ontsluitingsweg van tenminste 4,5 meter breed. Voor de ontsluiting van het zonneveld is zoveel mogelijk gebruik gemaakt van de bestaande verharding. De nieuwe verharding ten behoeve van de ontsluiting en van het wandelpad betreft een halfverharding. Deze halfverharding dient een belasting van maximaal tien ton aan te kunnen. Het zonneveld wordt niet toegankelijk voor bezoekers. Een structurele verkeerstoename door het zonneveld wordt daarom uitgesloten. Alleen tijdens de bouw en ontmanteling van het zonneveld zal er sprake zijn van een hogere verkeersfrequentie. De bouw en ontmanteling van het zonneveld zal plaatsvinden direct vanaf de Koningin Wilhelminalaan, via het wandelpad. Afbeelding 12.
Het huidige grondgebruik in het plangebied biedt weinig ecologische meerwaard en bestaat voornamelijk uit (raai)gras en mais. 2726 Zonneveld WillemsoordZonneveld Willemsoord Rondom het zonneveld wordt op meerdere plekken struweel aangeplant. Dit struweel zal bestaan uit autochtoon inheems plantmateriaal dat van nature op deze plek voorkomt en waarvan de soorten staan beschreven in paragraaf 3.3. Er is voor gekozen een zo breed mogelijk palet aan soorten te kiezen om zo de verscheidenheid aan bloemen en vruchten voor de dieren in het gebied te vergroten. Gezien de wens vanuit de gemeente en omwonenden om het zonneveld zoveel mogelijk uit het zicht te houden zal het aandeel wintergroene beplanting groter zijn dan in een natuurlijk mengsel. In het zuidelijk deel zal een oude singel worden hersteld door de aanplant van een zestal bomen. Zolang het zonneveld aanwezig is zullen deze bomen zich ontwikkelen tot volwassen exemplaren. De schaduwvorming van deze bomen zal pas in de laatste jaren van het zonneveld van invloed zijn op een deel van de panelen. Rondom de Helenahoeve worden twee oorspronkelijke bomenrijen herstelt. Hiermee krijgt het erf weer een duidelijke landschappelijke afbakening. Daarnaast wordt aan de oostzijde een losse haag geplant. Hiermee wordt het zicht op de panelen vanuit de woning beperkt.
Aan de westzijde zal het zonneveld gedeeltelijk zichtbaar zijn voor de automobilisten op de A32. Langs de panelenvelden worden brede stroken bloemrijk grasland ingezaaid om gedurende het hele jaar een kleurrijke uitstraling aan het zonneveld te geven. Daarnaast leveren deze bloemrijke stroken een belangrijke bijdrage voor onder andere insecten en vlinders. Daarbij is het van belang dat er sprake is van een extensief maaibeheer. Door laat in het voorjaar en najaar te maaien krijgen de bloemen volop de ruimte om diverse fauna soorten van voedsel te voorzien. De hierboven genoemde onderdelen worden hieronder uitgebreider toegelicht. Kwaliteitsimpuls • Door de toepassing van een breed palet aan autochtoon inheemse soorten wordt een extra impuls geleverd aan de biodiversiteit van het landschap. • Door het inzaaien van een bloemrijk grasmengsel rondom het zonneveld vormt een belangrijke bijdrage aan de voedselbron voor insecten en vlinders en daarmee ook andere diersoorten. • Door ecologisch beheer wordt het leefgebied en voedselaanbod voor diverse faunasoorten vergroot. Het uitvoeren van een ecologisch beheer is dan ook noodzakelijk om daadwerkelijk een ecologische meerwaarde in het gebied te generen. Het nieuwe wandelpad kan aan de noordzijde van het plangebied op twee mogelijke manieren verbonden worden met het voet- en fietspadenstelsel in de provincie Friesland.
Beiden opties over particuliere gronden worden momenteel verkend. Het realiseren van een nieuwe aansluiting op het bestaande recreatienetwerk biedt kansen voor een aantrekkelijke en overzichtelijke route van circa 10 kilometer vanuit de kern van Willemsoord. Dit is een ideale afstand voor een wandeling of hardlooprondje. De Helenahoeve kan langs deze route ook een rol van betekenis gaan spelen als mogelijk rust- en informatiepunt. De lokale invulling van het erf zal in samenspraak met Duurzaam Willemsoord worden bepaald. Hierbij gaat de voorkeur uit naar een functie met maatschappelijke meerwaarde. Kwaliteitsimpuls • De komst van het zonneveld zorgt niet voor een verkeertoename in het gebied. • Gebruik van nieuwe verharding wordt zoveel mogelijk beperkt, er wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van de bestaande verharding. • Door het informele voetpad aan de oostzijde van de panelen te verbinden met het noordelijk gelegen voet- en fietspadenstelsel kan een significante bijdrage aan de recreatieve mogelijkheden in het gebied worden geleverd. • De nieuwe bestemming van de Helenahoeve zal in samenspraak met Duurzaam Willemsoord worden bepaald. Hierbij gaat de voorkeur uit naar een functie met maatschappelijke meerwaarde. 4.2.3 Beplantings- en beheersplan In het gebied staat een diversiteit aan boom- en struiksoorten, verder is het grondgebruik monotoon.
Deze aanwezige beplanting (zowel binnen als buiten het plangebied) blijft behouden en wordt niet aangetast tijdens de werkzaamheden. Daarnaast wordt er op een aantal plekken nieuwe beplanting toegepast. Hierdoor worden delen van de oorspronkelijke beplantingstructuren herstelt en versterkt. Voor alle beplantingselementen binnen de plangrenzen is ook een bijhorend beheerplan opgesteld. Dit beheerplan wordt gevolgd gedurende de aanwezigheid van het zonneveld. Tijdens het beheer en onderhoud worden geen bestrijdingsmiddelen of meststoffen gebruikt, met uitzondering bij de jonge bomenrijen. Nieuwe beplanting met ecologische waarde De ontwikkeling van het zonneveld biedt ruimte om met behulp van verschillende beplantingselementen zowel landschappelijk als ecologisch waarde te versterken ten opzichte van de bestaande structuren. Zo worden nieuwe elementen als hagen en kruiden- en bloemrijke grasvegetaties toegevoegd aan het huidige landschap. Hiermee wordt de diversiteit in beplanting en daarmee het voedselaanbod voor diverse diersoorten vergroot. 2928 Zonneveld WillemsoordZonneveld Willemsoord Beheer Door het beheer extensief uit te voeren kan een kruiden- en bloemrijk grasland ontstaan met een ecologische meerwaarde. Het plangebied zal één à twee keer per jaar gemaaid worden, waarbij het de voorkeur heeft om in september te maaien, en eventueel ook na 21 juni.
Het maaisel zal na een korte droogperiode afgevoerd worden, waarbij de zaden achterblijven. Hierbij is het wenselijk de percelen alternerend te maaien en per perceel de fauna een uitweg te geven naar de randen. Klepelen en het gebruik van een maai-zuigmachine zijn in het plangebied vanwege de ecologische potentie van de grasvegetatie niet toegestaan. Een alternatief voor machinaal maaien is drukbegrazing. Dit is een mogelijkheid indien er een lokale schaapherder beschikbaar is. Drukbegrazing houdt in dat schapen een paar keer per jaar, voor slechts een aantal dagen achtereen, op hetzelfde perceel grazen. Hierdoor ontstaat structuurvariatie in de vegetatie en kunnen bloemen tot bloei komen. De vele aanwezige insecten profiteren van deze natuurlijke vorm van beheer. Kruidenrijk- en bloemrijk grasland Onder de panelen blijft een groot deel van de bodem beheerd als grasland. Door een extensief beheer zal verschraling optreden waardoor een kruidenrijk grasland zich kan gaan ontwikkelen. Dit levert ecologisch een meerwaarde aan het landschap. Rondom de panelen en vooral aan de westzijde van het zonneveld worden brede stroken bloemrijk grasland ingezaaid. Hierdoor wordt de diversiteit aan bloemen versterkt wat op korte termijn meer variatie en kansen biedt voor insecten en vlinders om zich te vestigen. Afbeelding 13. Principeprofiel A met bloemrijk grasmengsel parallel aan de A32.
3130 Zonneveld WillemsoordZonneveld Willemsoord Afbeelding 14. Principeprofiel B losse landschappelijke haag, dit element accentueert een voormalige beplantingstructuur van huize Ronde Blesse Beheer De losse haag wordt aan beide zijden onderhouden. Hierbij worden de zijden wisselend gesnoeid om de twee tot drie jaar. Zo blijft een dichte vegetatie behouden en de hoogte van de haag onder controle gehouden. Losse haag Aan de noordwestzijde van het plangebied zal een losse haag worden aangebracht. De haag camoufleert het zonneveld voor de omwonenden aan de noordzijde en aan de oostzijde voor de bewoners van de Helenahoeve. De haag bestaat uit hulst (30%), lijsterbes (30%) en sleedoorn (40%). Hierdoor wordt het zonneveld vooral in de zomermaanden uit het directe zicht onttrokken. De haag wordt maximaal twee meter hoog. De heesters worden groepsgewijs gemengd in groepen van vier tot vijf stuks en geplant in driehoeksverband. De aanplantmaat betreft 100-125 centimeter. 3332 Zonneveld WillemsoordZonneveld Willemsoord Struweel Het struweel bestaat uit de heestersoorten hazelaar (20%), hulst (35%), lijsterbes(15%), framboos (20%) en kamperfoelie (10%). De heesters worden groepsgewijs gemengd in groepen van vier tot vijf stuks en geplant in driehoeksverband. De aanplantmaat betreft 100-125 centimeter. Gedurende de jaren zal het struweel uitgroeien tot een hoogte van circa vijf meter.
Afbeelding 15. Principeprofiel D struweel met wintergroene soorten voorkomt zicht vanaf omliggende erven op plangebied. Beheer Het struweel is zo ontworpen dat ze in de lengterichting (veelal aan beiden zijden) goed kan worden onderhouden. Het tweede en vierde jaar na aanplant zal het struweel éénmaal in het vroege voorjaar worden teruggesnoeid zodat zich een dichtere vertakkingstructuur kan ontwikkelen. Na vijf jaar zal het struweel aan elke zijde wisselend om de vijf jaar worden gesnoeid. 3534 Zonneveld WillemsoordZonneveld Willemsoord Bomenrij In het zonneveld wordt aan de zuidzijde een bomenrij aangeplant bestaande uit zomereik (Quercus robur). Deze bomen hebben met de aanplant een maat van 10/12 centimeter. Gedurende de aanwezigheid van het zonneveld zullen deze bomen groeien tot volwassen exemplaren. Daarmee wordt het gat tussen de bestaande singels weer opgevuld. Bij de Helenahoeve worden ook twee bomenrijen terug geplant. Hier is gekozen voor twee inheemse soorten die voor bijen, vlinders en vogels zeer waardevol zijn, namelijk veldesdoorn en linde. Er worden hier geen eiken toegepast, mede om de aanwezigheid van eikenprocessierups op het erf te verkleinen. Daarnaast vormen de twee bomenrijen dan een groter contrast met de al bestaande boomgroep op het achtererf.
Aan de westzijde zullen acht esdoorns de erfgrens markeren en aan de oostzijde worden zeven lindes aangeplant. Afbeelding 16. Principeprofiel C versterken bestaande houtwal met inheemse heesters (deels wintergroen). Beheer Direct na aanplant dient de kroon teruggesnoeid te worden om de verhouding tussen de wortels en de kroon te herstellen. De eerste snoei kan ook vlak voor aanplant worden gedaan door de kweker. Na drie jaar kunnen de lagere takken, onder de takkrans, worden weggesnoeid. Vijf jaar na aanplant kan ook de kroon in het vroege voorjaar gesnoeid worden. Hierbij mogen alleen takken met een diameter kleiner dan 10 centimeter worden verwijderd. Ook mag er maximaal 20% van de takken worden weggesnoeid. Dit dient vervolgens elke vijf jaar te worden herhaald. Tot drie jaar na aanplant dient de boom regelmatig water te krijgen op de kluit, vooral in drogere perioden. Daarnaast dienen de jonge eiken beschermd te worden tegen de eikenspintkever. Hierbij wordt de stam op een hoogte van 1,5 meter behandeld met ESK. Na twee maanden dient dit te worden herhaald tot het eerste groeiseizoen voorbij is. Tot slot is het raadzaam de eiken tot vijf jaar na aanplant te bemesten. 3736 Zonneveld WillemsoordZonneveld Willemsoord Kwaliteitsimpuls • Van de 30 hectare plangebied wordt ‘slechts’ 12 hectare bedekt door zonnepanelen.
Het overige terrein wordt ingericht ter versterking van de landschappelijke en ecologische kwaliteit. 4.3 Elementen ten behoeve van het zonneveld 4.3.1 Panelen, hoogte en oriëntatie In het zonneveld worden panelen en toebehoren geplaatst. De panelen ten zuiden van de Ronde Blesse worden maximaal 1.45 meter hoog en in oost-westopstelling geplaatst. Ten noorden van de Ronde Blesse worden de panelen in een zuid-opstelling geplaatst met een maximale hoogte van 1,80 meter ten opzichte van het maaiveld. Deze panelen beginnen op circa 1,25 centimeter boven maaiveld waardoor er ruimte is om het beheer uit te kunnen voeren met behulp van schapen. Het netto oppervlak zonnepanelen beslaat circa 12 hectare. De beheerspaden binnen het hekwerk beslaan circa 7 hectare. Afbeelding 17. Principeprofiel E - verbreden van de bestaande houtwal met inheemse heesters (deels wintergroen). 3938 Zonneveld WillemsoordZonneveld Willemsoord 4.3.2 Hekwerk Rondom de zonnepanelenvelden wordt een onopvallend, niet glimmend hekwerk toegepast, bij voorkeur een wildraster met kastanje houten palen. Hiermee wordt aangesloten op het hekwerk dat al parallel langs de A32 aanwezig is. Het wildraster heeft een grove maaswijdte waardoor kleinere diersoorten het plangebied kunnen blijven benaderen.
Kwaliteitsimpuls • Toepassing van een landschappelijk hekwerk met wildraster draagt bij aan het voorkomen van een barrière voor kleinere diersoorten in het gebied. Daarnaast sluit dit type hekwerk aan bij het al bestaande hekwerk langs de A32. 4.3.3 Transformator- en bijgebouwen De opgewekte stroom wordt vanaf de zonnepanelen getransporteerd naar omvormers, veelal gemonteerd onder de panelen. Per twee hectare zonneveld is circa één omvormer nodig. Vanaf de omvormers wordt de stroom ondergronds getransporteerd naar één van de transformatorstations langs het (half)verharde beheerpad. Vanaf de transformatoren wordt de stroom ondergronds naar het inkoopstation getransporteerd. Het inkoopstation heeft een maximale hoogte van 3,40 meter vanaf het maaiveld. Dit inkoopstation bevindt zich op het erf van de Helenahoeve. Het inkoopstation is het aansluitpunt voor de netverbinding. De transformatoren van de oost-westopstelling zijn 1,7 meter hoog ten opzichte van het maaiveld. Bij de zuid-opstelling hebben de transformatoren een hoogte van 2,1 meter ten opzichte van het maaiveld. Zo zijn de transformatoren maximaal 0,25 meter tot 0,30 meter hoger dan de naastgelegen paneelopstellingen. De kleur van de transformatoren dient zo donker mogelijk te zijn, bij voorkeur antraciet of zwart. Door een donkere kleurstelling zullen de transformatoren minder aanwezig zijn in het plangebied.
Kwaliteitsimpuls • Door het toepassen van lage en donkere transformatoren zullen deze minder opvallen tussen de zonnepanelen. Afbeelding 18. Referentiebeeld van een hekwerk met wildraster voor zonneveld Willemsoord Afbeelding 19. Referentiebeeld transformator, Diabolo 5HL bron: alfen.com © Eelerwoude 2020, niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden zonder schriftelijke toestemming van Eelerwoude B.V. www.eelerwoude.nl
omgevingsvergunning zonnepark Willemsoord Bijlage 3 oplegnotitie landschappelijke inpassing 74 bijlagen bij de ruimtelijke onderbouwing (vastgest eld) Aanvulling landschappelijk inpassingsplan zonneveld Willemsoord n.a.v. gesprek tussen gemeente Steenwijkerland en provincie Overijssel, week 8, 2020 | Eelerwoude | 1 Oplegnotitie Aanvulling landschappelijk inpassingsplan zonneveld Willemsoord n.a.v. gesprek tussen gemeente Steenwijkerland en provincie Overijssel, week 8, 2020 Projectnummer: 8697 Datum: 6 maart 2020 Projectleider: Opgesteld: In week 8 heeft er overleg plaatsgevonden tussen de gemeente Steenwijkerland en de provincie Overijssel omtrent de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving binnen project zonneveld Willemsoord. In dit overleg zijn punten naar voren gekomen die aangepast dienen te worden om daarmee de noodzakelijke KGO impuls te bereiken. Het betreffen de volgende aanvullingen / aanpassingen: 1. De kleinschalige akkercomplexen aan de noordzijde van het plangebied dienen, i.p.v. een kruidenrijk- en bloemrijk grasland, omgevormd te worden tot een structuurrijk bos. 2. Aan de oostzijde dient er een stevigere beplantingsrand te worden gerealiseerd. 3. Door de verbreding aan de oostzijde komen de landschappelijke haag en de bloemrijke graslandstrook aan de westzijde te vervallen. 4. Het Kolonie-Erf wordt groen ingericht, zonder bebouwing.
Deze notitie betreft een aanvulling op de rapportage Landschappelijke inpassing zonneveld Willemsoord uit januari 2020. In deze notitie is opgenomen hoe de bovengenoemde vier punten zijn verwerkt in de plankaart en bijhorende profielen. Voor het nieuwe beplantingselement ‘structuurrijk bos’ is een aanvullende beheerparagraaf opgesteld.
Aanvulling landschappelijk inpassingsplan zonneveld Willemsoord n.a.v. gesprek tussen gemeente Steenwijkerland en provincie Overijssel, week 8, 2020 | Eelerwoude | 2 Structuurrijk bos 1. De kleinschalige akkercomplexen aan de noordzijde van het plangebied dienen i.p.v. een kruidenrijk- en bloemrijk grasland omgevormd te worden tot een structuurrijk bos. In het noordelijke gedeelte van het plangebied zullen de bestaande kleinschalige akkers worden omgevormd tot structuurrijk bos. Op deze locatie is de ontwikkeling van een berken-zomereikenbos het meest kansrijk, gezien de bodemsamenstelling en de grondwaterstand. De huidige akkers zullen worden ingeplant met inheems autochtoon plantmateriaal waarbij de aanplantmaten binnen de soorten dienen te variëren. Een structuurrijk bos bestaat uit verschillende tijdlagen waarin groei, sterfte en verjonging van plantmateriaal optreedt. Daarnaast is er sprake van open plekken, deze zorgen voor diverse verticale lagen in het bos. Dit is gunstig voor diverse diersoorten. Per akker dienen er daarom tenminste twee plekken van 400m2 onbeplant te blijven. De bomen dienen per soort in groepen van tenminste 5 stuks op het perceel te worden geplant in een lage dichtheid. De soorten dienen evenredig over de akker te worden verdeeld.
De aanplant dient te bestaan uit de volgende boomsoorten: zomereik 50%, linde 10%, ruwe berk 10%, es 15% en grove den 15%. De aanplantmaat dient tenminste 6-8 tot 18-20 te betreffen. Om uiteindelijk tot een structuurrijk bos te komen is voornamelijk in de eerste jaren beheer nodig. Beheerparagraaf Direct na aanplant dient de kroon teruggesnoeid te worden om de verhouding tussen de wortels en de kroon te herstellen. De eerste snoei kan ook vlak voor aanplant worden gedaan door de kweker. Na drie jaar kunnen de lagere takken, onder de takkrans, worden weggesnoeid. Vijf jaar na aanplant kan ook de kroon in het vroege voorjaar gesnoeid worden. Hierbij mogen alleen takken met een diameter kleiner dan 10 centimeter worden verwijderd. Ook mag er maximaal 20% van de takken worden weggesnoeid. Dit dient vervolgens elke vijf jaar te worden herhaald. Tot drie jaar na aanplant dient de boom regelmatig water te krijgen op de kluit, vooral in drogere perioden. Daarnaast dienen de jonge eiken beschermd te worden tegen de eikenspintkever. Hierbij wordt de stam op een hoogte van 1,5 meter behandeld met ESK. Na twee maanden dient dit te worden herhaald tot het eerste groeiseizoen voorbij is. Tot slot is het raadzaam de eiken tot vijf jaar na aanplant te bemesten. Gedurende het beheer zal de afwisseling tussen de diverse boomsoorten, struweel en open plekken worden behouden. 2.
Aan de oostzijde dient er een stevigere beplantingsrand te worden gerealiseerd. Aan de oostzijde is het struweel verbreed van 8 meter naar minimaal 14 meter. Hierdoor wordt de ecologische meerwaarde van de gehele rand vergroot. Deze aanpassing is in de plankaart en de profielen verwerkt, zie hiervoor volgende pagina’s. 3. Door de verbreding aan de oostzijde komt aan de westzijde de landschappelijke haag en de bloemrijke graslandstrook te vervallen. Dit is verwerkt in de plankaart en profiel(en). 4. Het Kolonie-Erf wordt groen ingericht, zonder bebouwing. De inrichting van het kolonie-erf betreft een lokale invulling bestaande uit ‘voedsel ’initiatieven die passen bij het agrarische karakter. Er zal geen bebouwing worden toegepast. Aanvulling landschappelijk inpassingsplan zonneveld Willemsoord n.a.v. gesprek tussen gemeente Steenwijkerland en provincie Overijssel, week 8, 2020 | Eelerwoude | 3 Hierboven is de nieuwe plankaart weergegeven, het originele formaat betreft A0. Op basis van dit ontwerp zijn de profielen aangepast of door de wijzigingen komen te vervallen. De nieuwe profielen staan op de volgende pagina’s weergegeven.
Aanvulling landschappelijk inpassingsplan zonneveld Willemsoord n.a.v. gesprek tussen gemeente Steenwijkerland en provincie Overijssel, week 8, 2020 | Eelerwoude | 4 Profiel A – de bloemrijke akkerrand van 19 meter is komen te vervallen, het zonneveld sluit nu direct aan op de naastgelegen akker. Profiel B – de locatie van dit profiel is gewijzigd, de oriëntatie van de paneelopstelling is daarom aangepast.
Aanvulling landschappelijk inpassingsplan zonneveld Willemsoord n.a.v. gesprek tussen gemeente Steenwijkerland en provincie Overijssel, week 8, 2020 | Eelerwoude | 5 Profiel C – zuidelijke houtwal wordt aangevuld met 14 meter breed struweel (voorheen 4 meter kruidenrijk grasland en 8 meter struweel) Profiel D – zuidoostelijke landschappelijke haag van 8 meter breed wordt omgevormd tot een struweelzone van 17,5 meter breed. Hierbinnen ligt het voet- en fietspad van 2 meter breed.
Aanvulling landschappelijk inpassingsplan zonneveld Willemsoord n.a.v. gesprek tussen gemeente Steenwijkerland en provincie Overijssel, week 8, 2020 | Eelerwoude | 6 Profiel E – Aan de oostzijde is het struweel verbreed tot een strook van 19,3 meter. Het fietspad van 2 meter ligt hierbinnen. Hierdoor is het struweel, ten aanzien van de vorige situatie, 9,3 meter breder geworden. Profiel F – Aan de oostzijde is het struweel verbreed tot een strook van 18 meter. Het fietspad van 2 meter ligt hierbinnen. Hierdoor is het struweel 8 meter breder geworden.
omgevingsvergunning zonnepark Willemsoord Bijlage 4 ontwerptekening bijlagen bij de ruimtelijke onderbouwing (vastgesteld) 81 6 Ronde Blesse Ronde Blesse 10 Engelsesteeg 7 7t LEGENDA Module / pv paneel 60cells 310 - 360wp incl. reflectie coating Projectgrens Trafo unit 2500 kW / 1250 kW Inkoopstation Halfverharding; voet/fietspad en ontsluiting tbv brandweer Bestaande verharding Kruidenrijk grasland Bloemrijk grasland Herstellen bomenrij Behouden bestaande bomen Behouden bestaande singels en bos Nader te bepalen inrichting Nieuw struweel (incl. wintergroene soorten) Voormalige akkers / bosontwikkeling Nieuwe losse landschappelijke haag Gasleiding Vitens-waterleiding Toegangspoort afrastering gaashekwerk werkpaden (grenzend aan watergangen dienen ook als schouwzone) ONTWERP ZONNEVELD WILLEMSOORD 5 maart / Schaal 1:2000 / A0-formaat KOLONIE-ERF RONDE BLESSE WANDELPAD/BOUWWEG omgevingsvergunning zonnepark Willemsoord Bijlage 5 onderbouwing afdracht bijlagen bij de ruimtelijke onderbouwing (vastgesteld) 83 In het beleidskader Ruimte voor zonnepanelen op (Steenwijker)land is opgenomen dat een initiatiefnemer verplicht is per MWpiek (nominaal DC vermogen) € 1.000 per jaar (gedurende een periode van 15 jaar) af te dragen aan het omliggende gebied. Deze afdracht dient te worden ingezet met als doel zo breed mogelijk draagvlak te verkrijgen voor het plan.
Een calculatie met een bijbehorend plan waaruit blijkt hoe deze middelen lokaal worden ingezet dient onderdeel te zijn van de vergunningaanvraag. Onderstaand de onderbouwing van deze afdracht. Het beoogde zonnepark in Willemsoord heeft een gezamenlijk opgesteld vermogen van circa 25,8 MW (uitgaande van gebruik van 360 Wp -panelen). De initiatiefnemer van het zonnepark werkt samen met Duurzaam Willemsoord. Duurzaam Willemsoord is een burgerinitiatief met als doel om Willemsoord duurzamer en energieneutraal te maken. Vanuit Duurzaam Willemsoord wordt een energiecoöperatie opgericht. De jaarlijkse afdracht dient op grond van een vermogen van 25,8 MWpiek € 25.800 te bedragen. De initiatiefnemer stelt twee hectare grond voor zonnepanelen ter beschikking aan het dorp (vld 5 op de overzichtstekening) . Met deze twee hectare ( 2,25 MWp = 2.025.000 KWh op basis van 900 vollasturen per jaar) wordt voorzien in groene elektriciteit voor circa 675 huishoudens. Willemsoord heeft 235 huishoudens. De opbrengst van de verkoop van groene elektriciteit wordt aangewend voor de realisatie van duurzame maatregelen in het dorp en omgeving. 2.025.000 KWh vertegenwoordigt een waar de van € 405.000 op basis van een gemiddelde prijs van € 0,2 per KWh. Uitgaande van een SDE+ subsidie van € 0,09 per KWh is de afdracht aan de omgeving gelijk aan € 182.250 per jaar.
Ook krijgen de bewoners van Willemsoord het perceel (1,48 ha) grenzend aan de Koningin Wilhelminalaan in gebruik. Het idee is dat dit perceel - in samenspraak met het dorp - een grotendeels groene invulling krijgt, met een belangrijke focus op bevordering van biodiversiteit. Gedacht wordt aan een proefveld, moestuinen, een b oomgaard, bloemenweide en/of bijentuin. De pachtprijs voor bouw - en landbouwgrond bedraagt gemiddeld € 600 per ha. De waarde van het perceel bedraagt derhalve € 900 per jaar. Conclusie: er wordt ruim voldaan aan de jaarlijkse afdracht aan de omgeving omgevingsvergunning zonnepark Willemsoord Bijlage 6 reactie Gasunie bijlagen bij de ruimtelijke onderbouwing (vastgesteld) 85
omgevingsvergunning zonnepark Willemsoord Bijlage 7 voorzorgsmaatregelen Gasunie bijlagen bij de ruimtelijke onderbouwing (vastgesteld) 87 Uitgangspunten ter voorkoming van beïnvloeding van gasleidingen door nabijgelegen zonneparken (06/01/2020 versie 4). 1 / 2 Voor het uitvoeren van activiteiten in de nabijheid van onze gastransportleidingen dienen de nodige voorzorgsmaatregelen in acht worden genomen. De voorwaarden welke hiervoor gelden zijn terug te vinden op de Website van de “VELIN” (vereniging van leidingeigenaren in Nederland, zie www.velin.nl) Deze voorwaarden hebben als doel om schade aan kabels en leidingen te voorkomen. Naast deze (algemene) voorwaarden gelden voor het plaatsen van zonneparken, aanvullende voorwaarden zoals weergegeven in dit document. Deze voorwaarden zijn van toepassing op zonneparken welke binnen een afstand van 200 meter t.o.v. onze gastransportleiding(en) maar buiten de “belemmeringenstrook”1 zijn geprojecteerd; Gastransportleidingen van Gasunie zijn voorzien van kathodische bescherming (KB). Dit systeem dient ervoor om corrosie tegen te gaan. Dit wordt gerealiseerd door een constant aanwezige beschermpotentiaal (bp) van ca. – 1500 mV op de leiding. Door externe bronnen kan deze spanning zodanig worden beïnvloed dat de bp te laag of te hoog wordt.
In dat geval kan geen volledige bescherming tegen corrosie worden geboden en kan de leiding worden aangetast. Om veiligheidsredenen is dit niet geoorloofd. Zonneparken zijn een voorbeeld van een externe bron welke een nadelige invloed kan hebben. Hiervoor gelden de voorschriften van de ISO-norm 15589-1 en VELIN Richtlijn nr. 2017/6. Op basis hiervan geldt o.a. dat zonneparken geen noemenswaardige spanningstrechters in de bodem mogen genereren ter plaatse van de leidingen. Ook niet bij fouten in het zonne-systeem. Dit vertaalt zich in de volgende aanvullende voorwaarden: a) omvormers moeten voldoen aan de IEC-62109-2; b) De parken moeten volledig potentiaal vereffend zijn; c) de panelen op het park mogen niet als positief of negatief geaard op de omvormers worden aangesloten. Omvormers mogen niet voorzien zijn van een Anti PID functie; d) aardingen van het zonnepark zijn niet toegestaan binnen de “belemmeringen strook”; e) Indien het omvormervermogen per omvormer kleiner of gelijk is dan 100kW en de omvormers voorzien zijn van een ingeschakelde dc-lekstroom detectie (RCD) conform IEC- 62109 paragraaf 4.8.3.3 en een R-ISO (impedantie) detectie op de ingang van de omvormer conform IEC-62109 paragraaf 4.8.2 waarbij de ingestelde array isolatieweerstand ten hoogste 40 MOhm per m2 is mogen de panelen de leiding tot op 5 meter naderen.
De in te stellen waarden voor RCD en R-ISO dienen opgeleverd te worden voor aanvang van de bouw van het park. De instellingen moeten geborgd worden in onderhoudsdocumenten; f) Indien het omvormervermogen per omvormer groter is dan 100kW dient voor aanvang van de bouw van het park overleg plaats te vinden over aanvullende maatregelen om beïnvloeding vanuit het zonnepark naar de leiding te voorkomen. Beïnvloeding kan voorkomen worden door voldoende afstand tot de leiding te houden of door de RCD en R- ISO waarden aan te passen. Vuistregel hiervoor is: minimale afstand = 5 meter + ( 0.2 * Rho- bodem [Ω m] * maximale-lekstroom [A]). De in te stellen waarden voor de RCD en RISO dienen opgeleverd te worden voor aanvang van de bouw van het park. De instellingen moeten geborgd worden in onderhoudsdocumenten. 1 De “belemmeringen strook” is nodig voor beheer en onderhoud en moet veiligheidshalve worden vrijgehouden. De strook welke moet worden vrijgehouden heeft een breedte van 5 m aan weerszijden van de gastransportleiding(en). Uitgangspunten ter voorkoming van beïnvloeding van gasleidingen door nabijgelegen zonneparken (06/01/2020 versie 4). 2 / 2 g) de Residual Current Detection en de R-isolation detection dient de omvormer af te schakelen bij lekstroomdetectie.
De park-beheerder dient per omgaande de Gasunie afdeling KB op de hoogte te stellen en de oorzaak van het lek weg te nemen, telefoonnr. (050) 5219111; h) er moet aan tenminste een kant van het zonnepark boven de leiding een KB-paal type BC aanwezig zijn, waarbij de C kant van de paal aangesloten moet zijn aan de draagconstructies van de zonnepanelen nabij de leiding. Per 200 meter parallelloop wordt een paal geplaatst. Tevens moet voor de inbedrijfname een 0-meting van de bestaande beïnvloeding van de leiding worden uitgevoerd doormiddel van een CIP-gradiënt meting. Dit geldt alleen voor constructies welke binnen 50 m vanaf de leiding zijn geprojecteerd; i) wisselspanning-installatie en kabels > 1000 V moeten voldoen aan de NEN 3654. Indien de middenspanningsaarde verbonden wordt met de park-aarde, moet dit meegenomen worden in een NEN 3654 berekening m.b.t. weerstandsbeinvloeding; j) ondergrondse gelijkstroombekabeling is onderdeel van het zonnepark. Minimale afstanden tot de leiding komen overeen met punt e en f. Indien gearmeerde en geaarde kabel of kabels in isolerende slagvaste gesloten mantelbuizen worden toegepast mag de afstand worden verkort tot 0,5 meter. k) de gasleiding(en) moet(en) zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen 24 uur bereikbaar zijn voor onderhoud- of reparatie werkzaamheden.
De parkbeheerder zal volledige medewerking verlenen om dit mogelijk te maken, ook wanneer het nodig is om installatiedelen tijdelijk te verwijderen; l) mede gezien het bovenstaande zijn gebouwen, transformatoren, omvormers, funderingen, draagconstructies, panelen, enz. niet toegestaan binnen de “belemmeringenstrook”. omgevingsvergunning zonnepark Willemsoord Bijlage 8 watertoets 90 bijlagen bij de ruimtelijke onderbouwing (vastgest eld) datum 9-4-2020 dossiercode 20200409-59-22991 Geachte U heeft een watertoets uitgevoerd op de website www.dewatertoets.nl. Op basis van deze digitale toets kunt u de korte procedurevolgen. Het waterschap gaat akkoord met uw plan, mits u voldoet aan de uitgangspunten uit de standaard waterparagraaf, zoals hieronder is beschreven. Binnen de procedure voor het bestemmingsplan, projectbesluit of omgevingsvergunning kunt u deze standaard waterparagraaf toevoegen aan de toelichting van het bestemmingsplan. Wij verzoeken u op de punten waar dat wordt gevraagd de tekst te specificeren voor uw plan. STANDAARD WATERPARAGRAAF KORTE PROCEDURE In het kader van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is het verplicht ruimtelijke plannen te toetsen op water , de zogenaamde watertoets. De watertoets is een waarborg voor water in ruimtelijke plannen en besluiten. Deze waterparagraaf heeft betrekking op zonnepark Willemsoord.
Relevant beleid Het beleid van het waterschap Drents Overijsselse Delta staat beschreven in het waterbeheerplan 2016-2021. Specifiek voor het stedelijke gebied heeft het waterschap het beleid geformuleerd in Water Raakt! . Daarnaast is de Keur een belangrijk regelstellend instrument waarmee in ruimtelijke plannen rekening moet worden gehouden. U kunt de genoemde documenten raadplegen op onze site www.wdodelta.nl. Invloed op de waterhuishouding Het plan heeft geen schadelijke gevolgen voor de waterkwaliteit en ecologie. Binnen het bestemmingsplan worden niet meer dan tien wooneenheden gerealiseerd en de toename van het verharde oppervlak bedraagt niet meer dan 1500 m2. Binnen het plangebied is geen sprake van (grond)wateroverlast. Voor de aanleghoogte wordt een ontwateringsdiepte geadviseerd van minimaal 80 centimeter. Dit is de afstand tussen de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) en onderzijde bouwvloer. Bij het bouwen zonder kruipruimte kan worden volstaan met een kleinere ontwateringsdiepte. Om wateroverlast binnen woningen en bedrijven te voorkomen adviseren wij om een drempelhoogte van 30 centimeter boven het straatpeil te hanteren (as van de weg). Voor lager gelegen ruimtes, zoals kelders en parkeergarages, wordt aandacht besteed aan het voorkomen van wateroverlast door bijvoorbeeld instromend hemelwater.
Voorkeursbeleid hemelwater (Onderstaande tekst graag specificeren wat van toepassing is voor uw plan. Daarbij vragen wij u om het verbreed gemeentelijke rioleringsplan (vGRP) van de gemeente te raadplegen en rekening te houden met het hemelwaterbeleid van de gemeente. Wij vragen u om dit te beschrijven in deze waterparagraaf.) Bij de afvoer van overtollig hemelwater moet het afstromend hemelwater ter plaatse in de bodem dan wel op het oppervlaktewater worden teruggebracht. Het waterschap heeft de voorkeur om het hemelwater, daar waar mogelijk, te infiltreren in de bodem. Oppervlakkige afvoer naar de infiltratievoorziening en infiltratie via wadi s heeft daarbij de voorkeur. Als oppervlakkige infiltratie niet mogelijk is, is ondergrondse infiltratie door middel van bijvoorbeeld een infiltratieriool (IT-riool) of infiltratiekratten een mogelijkheid. Als infiltratie niet mogelijk is dan kan hemelwater via een bodempassage worden geloosd op oppervlaktewater. De afvoer van overtollig hemelwater uit het plangebied mag, ongeacht de toegepaste methode, niet tot wateroverlast leiden op aangrenzende percelen of het omliggende watersysteem. Schoon hemelwater (bijvoorbeeld vanaf dakoppervlakken) kan direct worden afgevoerd naar oppervlaktewater.
Watervergunning (of melding) op grond van de Keur Het wateradvies dat is afgegeven in het kader van de watertoets is geen watervergunning of melding. Gaat u werkzaamheden verrichten in de beschermingszone van een waterstaatswerk (dus: een dijk of een watergang)? Wordt hemelwater afgevoerd op oppervlaktewater of wordt er grondwater onttrokken? Dan moet u een watervergunning aanvragen op de website: www.omgevingsloket.nl. Op basis van de door u
ingevulde gegevens ziet u hieronder welke watervergunning u nodig heeft. Indien hieronder geen specificatie staat, hoeft u geen watervergunning aan te vragen. Watertoetsproces De initiatiefnemer heeft het Waterschap Drents Overijsselse Delta geïnformeerd over het plan door gebruik te maken van de digitale watertoets. De beantwoording van de vragen heeft er toe geleid dat de korte procedure van de watertoets is toegepast. De bestemming en de grootte van het plan hebben een geringe invloed op de waterhuishouding in ruimtelijke zin. Deze conclusie is automatisch getrokken op basis van de ingevoerde gegevens op www.dewatertoets.nl. Het proces van de watertoets is goed doorlopen. Het waterschap Drents Overijsselse Delta gaat akkoord met het plan. Verklaring Dit document is een automatisch gegenereerd bestand op basis van de door u ingevulde gegevens. U bent akkoord gegaan met de door u ingevulde gegevens en heeft verklaard dat alles naar waarheid is ingevuld.
www.dewatertoets.nl omgevingsvergunning zonnepark Willemsoord Bijlage 9 archeologisch onderzoek bijlagen bij de ruimtelijke onderbouwing (vastgesteld) 93 RAAP-RAPPORT 3459 Plangebied Aanleg Zonneveld nabij Willemsoord Gemeente Steenwijkerland Archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) Colofon Titel: Plangebied Aanleg Zonneveld te Willemsoord, gemeente Steenwijkerland; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) Versie: 05-11-2018 Auteur: Projectcode: STZO Bestandsnaam: RAAPrap_3459_STZO_2018110520180802 Autorisatie: ISSN: 0925-6229 RAAP L eeuwenveldseweg 5b 1382 LV Weesp Postbus 5069 1380 GB Weesp Telefoon: 0294-491 500 E-mail: raap@raap.nl Website: www.raap.nl © RAAP Archeologisch Adviesbureau B.V., 2018 RAAP Archeologisch Adviesbureau B.V. aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit het gebruik van de resultaten van dit onderzoek of de toepassing van de adviezen.
Plangebied aanleg zonneveld te Willemsoord, gemeente Steenwijkerland; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) RAAP-rapport 3459 / versie 05-11-2018 [3] Samenvatting In opdracht van Duurzaam Willemsoord heeft RAAP in juli 2018 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) uitgevoerd voor het plangebied ‘Aanleg Zonneveld’ nabij Willemsoord in de gemeente Steenwijkerland Het onderzoek vond plaats in het kader van een omgevingsvergunning. Volgens het de gemeentelijke beleidskaart van Steenwijkerland is er in het plangebied sprake van een hoge archeologische verwachting. In het plangebied liggen dekzanden uit het Laat-Pleistoceen direct aan het maaiveld. Het huidige maaiveld vormt zodoende al sinds het Laat-Paleolithicum het loopvlak. Zelfs een ingreep met een geringe diepte kan potentiele archeologische waarden verstoren. Aangezien een jong afdekkend pakket ontbreekt, kunnen archeologische resten vanaf deze periode direct aan het maaiveld aanwezig zijn en is mogelijk sprake van een slechte conservering van de archeologische resten. Uit het bureauonderzoek is gebleken dat het plangebied is ontgonnen voor de landbouw. Er zijn mogelijk resten uit de periode vanaf de steentijd tot nieuwe tijd te verwachten.
De percelen binnen het plangebied bleken te zijn geploegd ten behoeve van de verbouw van aardappels; de aardappelplanten stonden nog op de percelen tijdens het veldonderzoek. In het plangebied zijn 142 boringen tot een diepte maximaal 150 cm -mv met een gutsboor (2 cm). Tijdens het veldonderzoek werd onder de moderne (verstoorde) bouwvoor met een dikte van ongeveer 30 tot 50 cm veelal op geringe diepte keileem aangetroffen. Meestal bevond zich tussen de moderne bouwvoor en het keileem nog een (dunne) laag (dek)zand. Intacte podzolbodems werden niet aangetroffen, slechts een enkele maal werd nog deel van een B-horizont of een oerlaag aangetroffen. Op slechts drie plaatsen (boringen 34, 77 en 98) leek nog een dun restant van een (A)E-horizont aanwezig. Tijdens het veldonderzoek zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen. Let wel, het onderzoek betrof een verkennend booronderzoek en had ook niet tot doel archeologische vindplaatsen op te sporen, aangezien de boordichtheid en boordiameter hiertoe ontoereikend waren. In het plangebied zijn dus geen relevante intacte archeologische lagen waargenomen: de podzolgronden bleken, waarschijnlijk als gevolg van het ploegen ten behoeve van de aardappelteelt, verstoord. Op geringe diepte werd in de meeste gevallen al keileem aangeboord. De archeologische verwachting is binnen het plangebied dan ook laag.
Er zijn ook geen archeologische indicatoren aangetroffen die wijzen op (grotere) archeologische nederzettingen. Ongeacht de diepte van de ingrepen in het gebied is de verwachting dat er geen intacte archeologische waarden worden verstoord. Archeologisch vervolgonderzoek is daarom niet noodzakelijk. Plangebied aanleg zonneveld te Willemsoord, gemeente Steenwijkerland; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) RAAP-rapport 3459 / versie 05-11-2018 [4] Inhoud Samenvatting ............................................................................................................................ 3 Inhoud ..................................................................................................................................... 4 1 Inleiding ................................................................................................................................ 5 1.1 Kader .................................................................................................................................................. 5 1.2 Administratieve gegevens .....................................................................................................................
7 1.3 Doel- en vraagstelling .......................................................................................................................... 7 2 Bureauonderzoek ................................................................................................................... 8 2.1 Methode .............................................................................................................................................. 8 2.2 Aardkundige situatie ............................................................................................................................ 8 2.3 Archeologische gegevens ....................................................................................................................10 2.4 Historische situatie..............................................................................................................................11 2.5 Huidige situatie ...................................................................................................................................13 2.6 Toekomstige situatie ...........................................................................................................................13 2.7 Gespecificeerde archeologische verwachting .......................................................................................16 3 Veldonderzoek
..................................................................................................................... 17 3.1 Methode .............................................................................................................................................17 3.2 Resultaten ..........................................................................................................................................17 4 Conclusies en advies ............................................................................................................ 20 4.1 Conclusie ...........................................................................................................................................20 4.2 Advies ................................................................................................................................................20 4.3 Tot slot ...............................................................................................................................................20 Literatuur ............................................................................................................................... 21 Overzicht van figuren, tabellen en bijlagen ..................................................................................
22 Plangebied aanleg zonneveld te Willemsoord, gemeente Steenwijkerland; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) RAAP-rapport 3459 / versie 05-11-2018 [5] 1 Inleiding 1.1 Kader Aanleiding In opdracht van Duurzaam Willemsoord heeft RAAP in juli 2018 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) uitgevoerd voor het plangebied ‘Aanleg Zonneveld’ nabij Willemsoord in de gemeente Steenwijkerland (figuur 1). Het onderzoek vond plaats in het kader van een omgevingsvergunning. Beleidskader Het uitgangspunt voor dit onderzoek wordt gevormd door het wettelijk en beleidsmatig kader voor de ruimtelijke ordening en monumentenzorg. De gemeente is de bevoegde overheid die een besluit zal nemen over hoe om te gaan met de eventueel aanwezige archeologische waarden. Op de archeologische beleidskaart van de gemeente Steenwijkerland ligt het plangebied in een zone waarvoor een hoge archeologische verwachting geldt, daarnaast is er sprake van twee aandachtzones. Het beleid voor deze zone schrijft voor dat er bij bodemingrepen groter dan 25 00 m2 en dieper dan 50 cm -mv een archeologisch onderzoek dient te worden u itgevoerd. Deze voorschriften zijn verankerd in het bestemmingsplan ‘Beheersverordening Buitengebied Steenwijkerland 2014’.
De omvang van de bodemingrepen bedraagt ca. 30 ha en is groter dan de vrijstellingsgrens. Een arche ologische onderbouwing met betrekking tot de eventuele aanwezigheid van archeologische waarden is daarom verplicht conform het vigerend beleid. Kwaliteitsborging De werkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat BRL4000, conform artikel 5.4 van de Erfgoedwet. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de normen van de archeologische beroepsgroep. De Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA, versie 4.1), beheerd door de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer (SIKB; www.sikb.nl), is door de minister aangewezen als norm. RAAP is gecertificeerd voor de protocollen 4001 Programma van Eisen, 4002 Bureauonderzoek, 4003 Inventariserend veldonderzoek (landbodems), onderdelen proefsleuven en overig, 4004 Opgraven (landbodems) en 4006 Specialistisch onderzoek. Zie Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. voor de dateringen van de in dit rapport genoemde archeologische perioden. Plangebied aanleg zonneveld te Willemsoord, gemeente Steenwijkerland; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) RAAP-rapport 3459 / versie 05-11-2018 [6] Figuur 1. Aanduiding plangebied.
Plangebied aanleg zonneveld te Willemsoord, gemeente Steenwijkerland; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) RAAP-rapport 3459 / versie 05-11-2018 [7] 1.2 Administratieve gegevens Type onderzoek B ureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) Opdrachtgever Duurzaam Willemsoord Bevoegde overheid Gemeente Steenwijkerland Plaats Willemsoord Gemeente Steenwijkerland Provincie Overijssel Centrumcoördinaten (X/Y) 200645/538672 Toponiem Kadastrale gegevens Oppervlakte plangebied 33 hectare Afbakening plangebied Tijdens onderhavig onderzoek is het plangebied inclusief een zone van 300 m rondom het plangebied onderzocht. Onderzoeksperiode Juli 2018 Uitvoerder RAAP Noord Projectleider Projectmedewerkers RAAP-projectcode STZO ARCHIS-onderzoeksmeldingsnummer 4617910100 Beheer en plaats documentatie RAAP regio Noord te Drachten Tabel 1. Administratieve gegevens. 1.3 Doel- en vraagstelling De doelstelling van het bureauonderzoek is het vaststellen van de archeologische waarde van het t errein, dan wel de archeologische vindplaats. Daartoe wordt informatie verzameld over bekende en verwachte archeologische resten teneinde een gespecificeerde archeologische verwachting op te stellen.
Hiertoe is een aantal onderzoeksvragen geformuleerd: Zijn de archeologisch relevante niveaus intact? Heeft dat gevolgen voor de archeologische verwachting? Zijn er aanwijzingen voor (grotere) archeologische nederzettingen? Is archeologisch vervolgonderzoek noodzakelijk?