Reactienota zienswijzen.pdf
Tekst van het document
Reactienota zienswijzen Omgevingsvergunning Zonnepark Zomerdijk Wanneperveen 2 1. Inleiding De ontwerp-omgevingsvergunning (ontwerpbesluit) Zonnepark Zomerdijk Wanneperveen met de bijbehorende stukken heeft van 26 mei 2021 tot en met 6 juli 2021 (6 weken) ter inzage gelegen. Gedurende deze periode is eenieder in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen op het ontwerpbesluit. Tegen het ontwerpbesluit zijn in totaal vijf zienswijzen ingediend. In deze reactienota is de inhoud van de zienswijzen kort samengevat en van een reactie voorzien. De reactienota heeft de volgende opzet. In paragraaf 2 wordt een overzicht gegeven van alle indieners van de zienswijzen. In paragraaf 3 wordt kort ingegaan op de ontvankelijkheid van de ingediende zienswijzen. In paragraaf 4 worden de zienswijzen van elke indiener kort samengevat en per onderdeel van een gemeentelijke reactie voorzien. De indieners van een zienswijze zullen schriftelijk worden geïnformeerd over de te volgen procedure. Bij de besluitvorming in de gemeenteraad over de verklaring van geen bedenkingen zal aan de raad ook de reactienota zienswijzen ter kennisgeving worden aangeboden. Na vaststelling van de reactienota zienswijzen door het college, zal deze aan de indieners van zienswijzen worden verzonden. 2. Overzicht zienswijzen Tegen het ontwerpbesluit zijn de volgende vijf zienswijzen ingediend: 1.
Zienswijze 1 (10 juni 2021) 2. Zienswijze 2 (18 juni 2021) 3. Zienswijze 3 (24 juni 2021) 4. Zienswijze 4 (1 juli 2021) 5. Zienswijze 5 (5 juli 2021), aanvulling (16 juli 2021) 3 3. Ontvankelijkheid Alle zienswijzen zijn binnen de termijn van terinzagelegging van het ontwerpbesluit bij de gemeente Steenwijkerland binnengekomen en dus tijdig ingediend. Alle zienswijzen zijn derhalve ontvankelijk. De indiener van zienswijze 5 heeft aangegeven een pro forma zienswijze in te dienen. Uit oogpunt van zorgvuldigheid is de indiener een termijn van 10 dagen gegeven om de gronden van de zienswijze aan te vullen. 4. Beantwoording van de zienswijzen 4.1. Zienswijze 1, 10 juni 2021 1A Geen inspraak Indiener van de zienswijze wijst erop dat vanuit de gemeente geen officiële informatie is gedeeld of inspraakmogelijkheid is verkregen. Naar de informatieavond van de initiatiefnemer is indiener niet gegaan vanwege corona. Op eigen initiatief heeft indiener bezwaren bekend gemaakt bij het college van B&W, de raadsfracties, de provinciale bestuurders en Natuurmonumenten (waarover hierna meer). Hierop is geen reactie gekomen vanuit de gemeente Steenwijkerland. Reactie gemeente: De gemeente heeft beleid ten aanzien van zonneparken opgesteld maar is geen initiatiefnemer van dit plan.
Initiatiefnemer heeft meerdere mogelijkheden geboden (informatieavond, online consultatie en bereikbaar via telefoon en e-mail) voor indiener om met initiatiefnemer in gesprek te gaan. Zolang er geen besluiten door het college van B&W en gemeenteraad zijn genomen om een ontwerpverklaring van geen bedenkingen af te geven en ontwerp omgevingsvergunning ter inzage te leggen, zijn er ook nog geen officiële inspraakmogelijkheden. Wel heeft indiener de mogelijkheid gehad om tijdens de raadsvergadering in te spreken waarin de gemeenteraad werd verzocht een ontwerp VVGB af te geven. 1B Geen draagvlak Indiener wijst erop dat bij de raadsvergadering van 21 april 2021 geen duidelijkheid bestond bij de raad over de kaders van het beleid en het draagvlak onder de bevolking. De uitkomst van een enquête door Dorpsbelang Wanneperveen en een online petitie toont aan dat er geen draagvlak is voor het project. Reactie gemeente: De gemeente heeft begrepen dat er twee enquêtes zijn gehouden. De gemeente heeft op 8 juli 2021 van Dorpsbelang Wanneperveen de enquête (ingevulde vragenlijst) ontvangen. De gemeente is bekend met de online petitie tegen het plan. Hierover wordt opgemerkt dat deze petitie is opgestart naar aanleiding van een ander initiatief op een andere locatie (Brugjesgracht).
Uit de petitie is daarnaast af te leiden dat een groot aantal ondertekenaars dit circa een jaar geleden hebben gedaan, toen dit plan nog niet opgestart was. Daardoor kan niet automatisch geconcludeerd worden dat de ondertekenaars van de petitie ook tegen een zonnepark op deze locatie zijn. Op 7 juli 2021 was de petitie 1.063 maal ondertekend, waarvan 462 keer ‘anoniem’ en 212 keer door ondertekenaars uit Wanneperveen (Wanneperveen had d.d. 1 januari 2020 1.720 inwoners). Ten aanzien van de ontvangen enquête merkt de gemeente het volgende op. Uit de enquête (in de vorm van een vragenlijst) is op te maken dat de meerderheid van de ondervraagden tegen de komst van een zonnepark in Wanneperveen is. Daarnaast is op te maken dat de vraagstelling van de enquête beperkt is geformuleerd, te weten: voor of tegen een zonnepark in Wanneperveen. Uit de enquête kan dus niet worden afgeleid om welke reden ondervraagden voor of tegen een zonnepark zijn. 4 De gemeente stelt ook vast dat het resultaat van de enquête er niet toe heeft geleid dat veel ondervraagden gebruik hebben gemaakt van de mogelijkheid om middels een zienswijze hun mening over de realisatie van het zonnepark formeel kenbaar te maken.
Ondanks het resultaat van de enquête, is het college van mening dat de betreffende locatie geschikt is, omdat deze voldoet aan de uitgangspunten in ons beleid en hiermee rekening wordt gehouden met alle betrokken belangen. 1C Strijd met bestemmingsplan Indiener stelt vast dat in het bestemmingsplan geen aanleg van een grootschalig zonnepark is voorzien. Reactie gemeente: Het klopt dat het geldende bestemmingsplan de realisatie van een zonnepark op de locatie niet toestaat. Dit geldt overigens voor het hele buitengebied van de gemeente. Om die reden is door initiatiefnemer een omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan aangevraagd. Deze vergunning heeft een looptijd van 25 jaar. Gedurende de 25 jaar en ook daarna blijft de onderliggende agrarische bestemming van kracht. 1D Daken onderzocht? Indiener stelt de vraag of al is onderzocht hoeveel van de ambitie ten aanzien van duurzame energie op bestaande en geschikte of geschikt te maken daken is te realiseren. Reactie gemeente: Op dit moment wordt er op daken voor circa 10 hectare elektriciteit duurzaam opgewekt. Daarnaast wordt verwacht dat daar bovenop nog circa 25 hectare aan zonnepanelen op dak zal kunnen worden gerealiseerd. Dit is echter niet voldoende om de opgaven te behalen en zodoende zijn zonneparken nodig, waarvan de kwantitatieve opgave op dit moment is beperkt tot 125 hectare.
Daarnaast kan de gemeente het plaatsen van zonnepanelen op bestaande daken niet afdwingen. Om dit te stimuleren zijn er tal van gemeentelijke en landelijke mogelijkheden voorhanden: het BNG Duurzaamheidsfonds, de Energiebespaarlening van het Nationaal Energiebespaarfonds, een duurzaamheidslening via de gemeente, een provinciale (zakelijke) stimuleringsregeling (geldlening). Verder heeft de initiatiefnemer bekend gemaakt een gezamenlijke inkoopactie op te zetten, waardoor het plaatsen van zonnepanelen op daken verder wordt gestimuleerd. In de ruimtelijke onderbouwing wordt hier uitgebreider op ingegaan. Bijlagen bij Zienswijze 1 Indiener heeft als bijlagen bij zijn zienswijze kopie van drie brieven bijgevoegd aan: i) alle raadsleden van Steenwijkerland; ii) provinciale bestuurders; en iii) initiatiefnemer. Hoewel de bijlagen geen onderdeel vormen van de zienswijze zal hieronder voor de volledigheid toch een reactie worden gegeven op de standpunten die daarin naar voren worden gebracht, waarbij de brieven aan de provinciale bestuurders en de initiatiefnemer woordelijk gelijk zijn zodat deze tezamen worden besproken. 5 Ad i) Brief aan alle raadsleden Steenwijkerland: 1. Indiener stelt dat initiatiefnemer zou hebben aangegeven dat er geen sprake is van dat particuliere zonnepanelen op bepaalde momenten hun stroom niet kwijt kunnen. Reclamant kan aantonen dat dit wel het geval is.
2. Indiener wijst erop dat er geen draagvlak is voor een zonnepark in Steenwijkerland. 3. Het zonnepark zal niet tijdelijk zijn en door deze toevoeging is er eerder sprake van manipulatie. 4. Indiener deelt een link naar een artikel in Trouw met de titel “Vier op de tien nieuwe windmolens worden in of naast beschermd natuurgebied gebouwd”. 5. Indiener stelt voor om een grotere afstand van het Natura 2000 gebied aan te houden. 6. Indiener wijst op het ontbreken van onderzoek naar de mogelijkheden om de doelstellingen te behalen door zonnepanelen op daken te leggen. 7. Indiener vraagt zich af of er waterdichte clausules zijn waarmee directe en indirecte schade op PowerField kan worden verhaald en verkoop aan een buitenlandse partij formeel wordt uitgesloten? 8. Voorgesteld wordt om eerst alle daken te benutten. Reactie gemeente: 1. Initiatiefnemer heeft aangegeven dat de realisatie van het zonnepark er niet toe zal leiden dat particuliere zonnepaneleneigenaren de stroom niet kwijt kunnen. Dit komt omdat het zonnepark op een ander netvlak zal worden aangesloten (direct op het hoogspanningsnet van de netbeheerder) dan het netvlak waarop particuliere huishoudens zijn aangesloten (laagspanningsnet). Het is bekend dat sommige huizen/bedrijven hun stroom niet kwijt kunnen.
Oorzaak daarvoor is bijna altijd dat de laagspanningskabel en transformator in de straat niet berekend zijn op de hoeveelheid opgewekte energie op de gekoppelde (particuliere) daken. Het is in die gevallen aan de netbeheerder om het lokale net uit te breiden. 2. Zie reactie onder 1B. 3. Zonnepanelen hebben zich in de afgelopen decennia ontwikkeld. Gezien de klimaatdoelstellingen en daaropvolgende toenemende vraag naar zonnepanelen, ligt het in de lijn der verwachting dat duurzame energiebronnen zich blijven ontwikkelen. Om die reden is niet gekozen voor een (permanente) bestemmingsplanherziening maar omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan voor de duur van 25 jaar. Na 25 jaar verloopt de omgevingsvergunning en dient het zonnepark te worden opgeruimd. Dit is geborgd door een voorschrift op te nemen in de omgevingsvergunning. 4. Genoemde publicatie gaat met name in op de effecten van windmolens op natuur. Daarnaast wordt gerefereerd naar zonneparken in of naast natuur. Voor de onderhavige locatie geldt dat er sprake is van intensief beheerd agrarisch cultuurland (grasland). Uit de Natuurtoets (bijlage 3A), Toetsing Natura 2000 (bijlage 3B) en Stikstofparagraaf (bijlage 4) blijkt dat de realisatie van het zonnepark mogelijk is binnen de geldende natuurwetgeving.
Daarnaast wordt een verbetering van de biodiversiteit verwacht vanwege het niet meer bemesten van de ondergrond, staken van gewasbestrijdingsmiddelen, aanleg van extra landschappelijke inpassing en extensief beheren van de ondergrond. 5. Door de gemeente of provincie zijn geen afstandscriteria opgenomen voor zonneparken ten opzichte van Natura 2000 gebieden. Het plan is voorgelegd aan de provincie Overijssel en akkoord bevonden. 6. Zie reactie onder 1D. 7. Initiatiefnemer heeft aangegeven het zonnepark zelf te willen ontwikkelen en in eigendom te willen houden. Daarnaast geldt dat alle afspraken met betrekking tot financiële afdracht en (landschappelijke inpassing van) het zonnepark contractueel worden vastgelegd in een anterieure overeenkomst tussen initiatiefnemer en gemeente. Daarnaast worden er voorschriften aan de omgevingsvergunning gekoppeld. Deze afspraken omtrent het initiatief blijven in stand. 8. Zie reactie onder 1D. 6 Ad ii en iii) Brief aan provinciale bestuurders en brief aan initiatiefnemer 1. Indiener wijst erop dat zonnepanelen op daken thuishoren. Er is nog voldoende dak in Nederland. 2. Zonneparken zijn een aantasting van natuur en landschap. 3. De recreatieve aantrekkelijkheid van het gebied gaat erop achteruit wanneer er zonneparken komen. 4. De effecten van zonneparken op bodem en natuur op de lange termijn zijn onvoldoende duidelijk. 5.
Om de biodiversiteit te beschermen kan landbouwgrond beter worden omgezet naar natuur.in plaats om dit te gebruiken voor energieproductie. 6. Het stimuleren van lokale initiatieven is te verkiezen boven commerciële initiatieven. 7. Het komt voor dat wij de opgewekte stroom van onze zonnepanelen niet kwijt kunnen op het net. Door het zonnepark zal dit niet verbeteren. 8. Zonneparken zouden primair op daken van industrieterreinen moeten worden gerealiseerd. 9. Uit een online petitie blijkt een gebrek aan draagvlak in de omgeving. 10. De initiatiefnemer schermt met € 500.000,-. Dat is omkoping. Reactie gemeente: 1. Zie reactie onder 1D. 2. Zowel Nederland als de gemeente Steenwijkerland hebben doelen gesteld met betrekking tot het opwekken van duurzame energie. Op het huidige moment wordt met fossiele brandstoffen op enkele centrale plekken (energiecentrales) in Nederland energie opgewekt. Om onze energie duurzaam op te wekken wordt gebruik gemaakt van alternatieve energiebronnen die op dit moment voor handen zijn. Dit betreffen bijvoorbeeld windmolens en zonneparken. De gemeente Steenwijkerland heeft gekozen voor zonneparken. Door een juiste inrichting is het mogelijk natuurwaarden ter plaatse te verhogen, iets dat ook bij het onderhavige plan wordt beoogd door de realisatie van extra natuur.
Om de impact op het landschap zoveel mogelijk te beperken, wordt het zonnepark voorzien van landschappelijke inpassing. 3. Een eerder plan voor een locatie gelegen bij de Brugjesgracht, waarlangs een vaarroute en fietsroute zijn gelegen, is gestaakt vanwege veel bezwaren vanuit de omgeving. Op suggestie van insprekers tijdens een informatieavond is gezocht naar een alternatieve locatie op grotere afstand van deze recreatieve routes. Onderhavige locatie voldoet hieraan en de impact op bestaande recreatieve routes is zeer gering. 4. Het klopt dat er nog geen informatie is omtrent de situatie op lange termijn (25 jaar) aangezien zonneparken nog niet zo lang in bedrijf zijn. Eerste onderzoeken wijzen echter uit dat, vergeleken met intensief agrarisch gebruikte grond, de natuurwaarden en biodiversiteit bij zonneparken omhoog gaat. 5. Initiatiefnemer is ontwikkelaar van duurzame energie en heeft daarom het initiatief om een zonnepark te realiseren. Met het plan wordt echter wel veel natuur ontwikkeld: door de landschappelijke inpassing, kruidenrijke zones, extensief gebruik van de ondergrond, niet meer bemesten van de grond en geen gebruik maken van gewasbestrijdingsmiddelen, wordt de natuurwaarde verhoogd. 6. De gemeente heeft doelstellingen geformuleerd met betrekking tot duurzame energie. Op deze doelstellingen kunnen commerciële partijen of lokale initiatieven inspringen.
De gemeente is groot voorstander van lokale initiatieven en er zijn meerdere energie coöperaties binnen de gemeente actief met het ontwikkelen van duurzame energieprojecten. 7. Zie de reactie onder 1 ten aanzien van bijlage ‘i)’. 8. De gemeente is voorstander van het plaatsen van zonnepanelen op bedrijfsdaken. Echter is het zo dat het verzekeringstechnisch en bouwkundig niet altijd mogelijk is zonnepanelen op bedrijfsdaken te plaatsen. Ook heeft de gemeente niet de middelen om pandeigenaren te dwingen zonnepanelen te plaatsen. 9. Zie de reactie onder 1B. 7 10. Onderdeel van het geldende beleid is dat initiatiefnemers een afdracht doen die in relatie staat tot het aantal Mw dat wordt opgewekt. Er is dus geen sprake van ‘omkoping’ maar hiermee wordt voldaan aan door de gemeenteraad vastgesteld beleid. Conclusie Zienswijze 1 geeft geen aanleiding tot het aanpassen van het plan. 4.2. Zienswijze 2, 18 juni 2021 2A Afstand tot Natura 2000 Indiener wijst erop dat het plangebied grenst aan Natura 2000 gebied. Het is geen wettelijk vereiste om afstand te houden van natuurgebieden, maar dat wordt wel veelal toegepast in Nederland. Er is verstoring te vrezen voor de flora en fauna bij de aanleg en in productie nemen van dit zonnepark nabij het natuurgebied.
Reactie gemeente: Er is geen wetgeving of beleid dat bepaalt dat er een afstand van 300 meter aangehouden dient te worden tussen zonneparken en Natura-2000 gebieden, daarom kan dit ook niet als toetsingscriterium worden gebruikt. Daarnaast is het de verwachting dat het zonnepark geen negatieve maar juist positieve gevolgen heeft op het naastgelegen Natura-2000 gebied doordat extra natuur en landschappelijke inpassing wordt aangelegd. De invloedsfeer van de ontwikkeling is beoordeeld. Indien er gewerkt wordt buiten de broedtijd is er geen aanleiding te veronderstellen dat nestelende vogels verstoord worden. De afstand is daarvoor te groot en de aanwezige beplanting zorgt voor voldoende buffer (geluid en optisch). 2B Vergunning voor stikstofdepositie Indiener wijst erop dat stikstofdepositie zal ontstaan bij aanleg van het zonnepark, waarvoor geen vergunning is aangevraagd. De uitgevoerde berekening volgens de Aerius-methode is niet juist. Gelet op de beschermde vogelsoorten en stikstofdepositie dient een vergunning voor de Wet natuurbescherming te worden aangevraagd. Reactie gemeente: Om inzicht te geven in de mogelijke stikstofdepositie is gebruik gemaakt van de meest recente AERIUS-calculator. Deze calculator wordt bijgewerkt wanneer hier aanleiding toe is.
In de calculator is uitgegaan van een worst-case benadering, waarbij het resultaat is dat er geen nadelige effecten zijn op de instandhoudingsdoelstellingen van de omliggende Natura-2000 gebieden. Daarnaast geldt dat per 1 juli 2021 een gedeelte van de Stikstofwet in werking is getreden. Er is een partiele vrijstelling opgenomen waarbij tijdelijke activiteiten en gevolgen van de door de bouw veroorzaakte stikstofdepositie op Natura-2000 gebieden buiten beschouwing worden gelaten bij de natuurvergunning. De bouw- en aanlegactiviteiten voor duurzame energieopwekking betreffen activiteiten die vallen onder die vrijstelling. 2C Gevolgen voor de grond Indiener wijst op de gevolgen voor de onderliggende grond op de lange termijn. Reactie gemeente: Er is nog maar weinig onderzoek gedaan naar de effecten op lange termijn omdat er nog geen zonneparken in Nederland staan die 25 jaar oud zijn. Niet ontkend wordt dat het plaatsen van zonnepanelen leidt tot een afwisselender bodemsamenstelling dan bij eenzelfde (agrarisch) gebruik. Dit wil echter niet direct zeggen dat dit persé negatieve effecten zijn, zo wordt de bodem 8 niet meer bemest en worden geen gewasbestrijdingsmiddelen meer toegepast. Daarnaast wordt bij het plan een ruime onderlinge afstand aangehouden zodat voldoende licht de bodem kan bereiken.
2D Niet volgen zonneladder en 30% op daken Indiener wijst erop dat uit de aanvraag niet blijkt dat uitvoering wordt gegeven aan de zonneladder en dat minimaal 30% van de zonnepanelen op daken wordt gelegd. Reactie gemeente: Zie reactie onder 1D. Op meerdere manieren wordt ingezet op het stimuleren van zonnepanelen op daken (eerste trede). Ten aanzien van de zonneladder wordt daarnaast opgemerkt dat de ‘treden’ hiervan niet volgordelijk maar gelijktijdig kunnen worden opgepakt. Immers is bekend dat niet de gehele opgave op enkel daken zal kunnen worden gerealiseerd. 2E Niet voldoen aan afwegingskaders RVO Indiener wijst erop dat de aanvraag niet voldoet aan de afwegingskaders in de publicatie van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Reactie gemeente: Genoemde publicatie van het RvO betreft een verkenning uit 2015-2016 naar grondgebonden zonneparken en betreft geen beleidsdocument. Om richting en sturing te geven aan zonneparken in de gemeente Steenwijkerland heeft de gemeente specifiek beleid opgesteld. Daarnaast heeft de provincie Overijssel beleid opgesteld. Het initiatief is door zowel gemeente als provincie getoetst en geconcludeerd wordt dat het initiatief binnen het beleid past.
2F Zonneladder Indiener wijst op publicaties van Avebé, Cosun en LTO Noord waaruit zou volgen dat de zonneladder moet worden gevolgd en pas als laatste landbouwgrond moet worden gebruikt voor zonneparken. Reactie gemeente: De gemeente heeft de kwantitatieve opgave voor zonnepanelen op land op dit moment begrensd op 125 hectare, het zonnepark vult een gedeelte van deze opgave in. De gemeente Steenwijkerland heeft een totale oppervlakte van 32.159 hectare. Hiervan is 19.000 hectare in gebruik als agrarisch terrein (bron: https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/70262ned/table?dl=55DC0 ). Derhalve kan gesteld worden dat zowel het zonnepark zelf, als de doelstelling van 125 hectare slechts een zeer klein beslag op het agrarisch areaal legt. 2G Verbod op zonneparken Indiener wijst op een verzoek van Provinciale Statenleden om een tijdelijk verbod op zonneparken, zoals in Friesland. Reactie gemeente: In tegenstelling tot de provincie Friesland, was de zonneladder in de provincie Overijssel al wel vastgelegd in het provinciale beleid. Gedeputeerde Staten hebben dan ook geen noodzaak gezien een tijdelijke stop voor zonneparken in te stellen. De provincie heeft het initiatief getoetst aan provinciaal beleid en geconcludeerd dat het initiatief hieraan voldoet. 2H Weergave informatieavonden Indiener is het niet eens met de weergave van de informatieavonden door de initiatiefnemer.
9 Reactie gemeente: De initiatiefnemer heeft een informatieavond georganiseerd. Van de informatieavond is een zeer uitgebreid verslag bijgevoegd bij de ruimtelijke onderbouwing. Hoewel het geen woordelijke weergave is, heeft de initiatiefnemer getracht alle vragen en antwoorden zakelijk weer te geven om een zo goed mogelijke weergave van de avond te beschrijven. 2I Dorpsbelang Wanneperveen Het Dorpsbelang Wanneperveen is tegen het initiatief. Reactie gemeente: Het Dorpsbelang heeft bij initiatiefnemer altijd aangegeven als vereniging neutraal tegenover de ontwikkeling te staan. De gemeente heeft begrepen dat er twee enquêtes zijn gehouden. 2J Dorpszonnepark onduidelijk en ongewenst Indiener stelt dat onduidelijk is hoe het dorpszonnepark wordt vormgegeven. Het dorp zou het dorpszonnepark ook niet willen. Reactie gemeente: Conform het beleid van de gemeente zal initiatiefnemer een afdracht doen. Daarmee voldoet initiatiefnemer aan de beleidskaders. Door initiatiefnemer is voorgesteld deze afdracht te investeren in een dorpszonnepark, maar dit is geen vereiste. In overleg met onder andere het Dorpsbelang wordt bekeken hoe, als het zonnepark er komt, de afdracht het best kan worden besteed.
2K Beleid en RES Overijssel Indiener wijst erop dat er vragen zijn gesteld in de gemeenteraad over het beleid over zon op land en dat uit de RES in Overijssel volgt dat minimaal 50% lokaal eigendom moet zijn. Reactie gemeente: Het initiatief is ingediend onder door de gemeenteraad vastgesteld beleid. Het initiatief wordt dan ook aan dit beleid getoetst en geconcludeerd is dat het hierbinnen past. Mocht het in de toekomst wenselijk zijn andere toetsingsgronden toe te voegen, dan zal het beleid daarop moeten worden aangepast. 2L Werkzaamheden aan de Nieuwedijk en Kooiweg Indiener wijst erop dat werkzaamheden zijn gestart aan de Nieuwedijk en Kooiweg voor de aanleg van buizen/kabels. Reactie gemeente: Voor de exploitatie van een zonnepark is het hebben van een netaansluiting met transportcapaciteit noodzakelijk. Zonder een aansluiting kan de opgewekte stroom immers niet worden getransporteerd. Vanuit de gemeente is deze eis dan ook gesteld aan initiatiefnemer. Om er zeker van te zijn dat het zonnepark de opgewekte elektriciteit op het net kan invoeden, is door initiatiefnemer volledig op eigen risico en voor eigen rekening capaciteit vastgelegd bij Enexis. Om de aansluiting op het zonnepark te zijner tijd te realiseren voert Enexis op dit moment werkzaamheden uit, initiatiefnemer heeft geen invloed op de planning.
Deze werkzaamheden zijn vergunningsvrij en staan daarnaast volledig los van de procedure voor het zonnepark. 10 Conclusie Zienswijze 2 geeft geen aanleiding tot het aanpassen van het plan. 4.3 Zienswijze 3, 24 juni 2021 3A Ruimtelijke inpassing t.o.v. Meppel Indiener wijst erop dat in het plan onvoldoende rekening is gehouden met de belangen van huidige en toekomstige inwoners van Nieuwveense Landen. Bewoners van deze wijk gaan uitkijken op het zonnepark. Het plan voorziet in hogere beplanting aan de noordzijde, maar de oostzijde heeft een relatief lage inpassing. Uitgangspunt zou moeten zijn dat het zonnepark zoveel mogelijk aan het zicht wordt onttrokken. Reactie gemeente: Ondanks dat de dichtstbij geplande woningen van Nieuwveense Landen dichter bij het zonnepark komen te staan dan de woningen van Wanneperveen op dit moment staan (circa 1,2 versus 1 kilometer afstand), is het zicht hierop niet gelijk. In zowel Scenario Oost als Scenario West van het stedenbouwkundig plan Nieuwveense Landen is een forse groene bufferzone aan de westzijde van de Bremenbergplas gesitueerd. Door de geringe hoogte van de zonnepanelen en aanwezige beplanting in de bufferzone, zal het zonnepark vanaf Nieuwveense Landen niet of vrijwel niet zichtbaar zijn. Er kan dus niet gesteld worden dat (toekomstige) bewoners van Nieuwveense Landen de hoogste lasten zullen hebben.
De inpassingsmaatregelen die onderdeel uitmaken van het inrichtingsplan zijn opgesteld door een landschapsarchitect van een gerenommeerd bureau in overleg met de gemeentelijk en provinciaal landschapsarchitect. Om tegemoet te komen aan dit verzoek heeft initiatiefnemer het inrichtingsplan aangepast zodat aan de oostzijde van het zonnepark eenzelfde type landschappelijke inpassing wordt gerealiseerd als aan de noordzijde. Om te borgen dat de landschappelijke inpassing wordt gerealiseerd, wordt in de omgevingsvergunning het voorschrift opgenomen dat de landschappelijke inpassing moet zijn gerealiseerd voordat het zonnepark wordt gebouwd. 3B Biodiversiteit Indiener wijst op kansen om de biodiversiteit binnen het plangebied te vergroten. Reactie gemeente: In de dwarsprofielen bij het inrichtingsplan is een afstand van 3 meter tussen de zonnepanelen opgenomen. Dit zal dus minimaal 2 meter zijn, zoals voorgesteld. Het (maai)beheer is gericht op het vergroten van de biodiversiteit. Hiervoor zijn beheersmaatregelen opgenomen in het inrichtingsplan. 3C Lokale lusten en lasten Indiener wijst erop dat de lokale afdracht plaatsvindt aan de gemeente Steenwijkerland, terwijl bewoners van Nieuwveense Landen dichterbij het plangebied wonen en niet van deze afdracht profiteren.
Daarnaast blijkt lokaal eigendom geen onderdeel te zijn van het plan, terwijl in de RES Drenthe is afgesproken dat 50% lokaal eigendom belangrijk is. Indiener stelt voor om met initiatiefnemer in gesprek te gaan over de afdracht en lokaal eigendom van 50%, waarbij gemeentegrenzen geen belemmering mogen zijn. Reactie gemeente: Zoals onder 3A beschreven kan niet worden gesteld dat inwoners van Nieuwveense Landen de hoogste lasten zullen hebben. Omdat het plan tegen de gemeentegrens ligt, wil initiatiefnemer ook 11 inwoners en bedrijven net over de grens mee laten profiteren. Daarom kunnen de huishoudens en bedrijven in het gebied tussen het Meppelerdiep, de Bremenbergweg en Handelsweg tevens gebruik maken van de inkoopactie die door initiatiefnemer zal worden gestart. De actie is beschreven in bijlage 2 Participatie; proces en deelname. In het gemeentelijk beleid zijn regels opgenomen om lusten en lasten te verdelen. Deze bestaat uit een financiële afdracht, welke is geborgd door middel van voorschriften in de omgevingsvergunning en de anterieure overeenkomst. Initiatiefnemer heeft voorgesteld de afdracht te gebruiken om een dorpszonnepark (lokaal eigendom) te realiseren. Dit voorstel wordt uitgewerkt in overleg met het Dorpsbelang Wanneperveen.
3D Maatschappelijke meerwaarde Indiener wijst erop dat volgens de omgevingsverordening maatschappelijke meerwaarde moet worden aangetoond voor zelfstandige opstellingen van zonnepanelen. Dat is naar oordeel van Indiener te mager onderbouwd. Reactie gemeente: Het plan is opgesteld rekening houdend met de omgevingsverordening van de provincie Overijssel. Het plan is ter beoordeling voorgelegd aan de provincie Overijssel en deze heeft geconcludeerd dat het plan past binnen de omgevingsverordening. Meervoudig ruimtegebruik wordt gecreëerd door veenoxidatie tegen te gaan vanwege het staken van intensief agrarisch gebruik en het extensief beheren van de ondergrond waardoor extra natuurwaarden in het zonnepark worden gecreëerd. De impact wordt beperkt door de aanleg van brede inpassingsstroken langs de randen van het zonnepark, waaronder de oostzijde. Zoals hierboven toegelicht zal de inpassing aan deze zijde worden aangepast naar aanleiding van deze zienswijze. Met betrekking tot punt ‘d’ van de door indiener genoemde voorbeelden, wordt opgemerkt dat initiatiefnemer een inkoopactie organiseert waaraan tevens huishoudens en bedrijven in een gedeelte van de gemeente Meppel deel kunnen nemen. De gemeente is van oordeel dat met deze mogelijkheden en de inpassingsmaatregelen voldoende rekening is gehouden met bewoners van de gemeente Meppel.
Conclusie Zienswijze 3 heeft aanleiding gegeven tot aanpassing van het plan. Het inrichtingsplan is aan de oostzijde aangepast met hogere beplanting. 4.4 Zienswijze 4, 1 juli 2021 4A Aardgastransportleiding Indiener wijst erop dat in de nabijheid van het zonnepark een hogedruk aardgastransportleiding N- 500-09 ligt. Uit nog een aan te leveren berekening moet blijken dat voor wisselstroom beïnvloeding er wordt voldaan aan de norm NEN 3654 en dat er geen ontoelaatbare externe beïnvloeding op het kathodische beschermingssysteem wordt veroorzaakt. Deze beschouwing dient uiterlijk één maand voor de aanvang van de uitvoerende werkzaamheden te worden toegezonden aan het e-mailadres van indiener . Reactie gemeente: Initiatiefnemer is in gesprek gegaan met indiener van de zienswijze en heeft hierover afgestemd. Voorafgaand aan de bouw zal door initiatiefnemer ter goedkeuring de vereiste informatie worden verstrekt aan indiener van de zienswijze. Dit wordt geborgd in de voorschriften bij de omgevingsvergunning. 12 Conclusie Zienswijze 4 geeft geen aanleiding tot het aanpassen van het plan. 4.5 Zienswijze 5, 5 juli 2021 5A Draagvlak Indiener wijst erop dat lokaal draagvlak belangrijk is. Uit een enquête van indiener zou blijken dat 85% van de inwoners van Wanneperveen tegen de komst van het zonnepark is.
Reactie gemeente: Zie de reactie onder 1B en 2I 5B Natura 2000 Indiener wijst erop dat inwoners zich afvragen waarom het project tegen Natura 2000 gebied wordt gerealiseerd en waarom het project niet in een Natura 2000 gebied wordt gerealiseerd. Reactie gemeente: Zie de reactie onder 2A. Ten aanzien van de realisatie van het project in een Natura 2000 gebied merkt de gemeente op dat het realiseren van een zonnepark in Natura 2000 gebied in strijd is met het door de gemeenteraad vastgestelde beleid. 5C Veiligheid Indiener vraagt zich af of is nagedacht over de veiligheid tijdens het aanleggen van het project in verband met weerkaatsen van licht dat automobilisten verblindt en schoolgaande kinderen. Reactie gemeente: Initiatiefnemer heeft aangegeven dat een verkeersplan zal worden opgesteld dat wordt gevolgd bij de aanleg van het project. Verkeersveiligheid maakt onderdeel uit van het verkeersplan. Het opstellen en handelen volgens het verkeersplan wordt tevens als voorschrift aan de omgevingsvergunning verbonden. Van weerkaatsing van zonlicht is geen sprake vanwege de stand van de panelen die naar boven zijn gericht en de landschappelijke inpassing rondom het zonnepark. 5D Initiatiefnemer Indiener vraagt zich af of initiatiefnemer betrouwbaar is als partner en afspraken nakomt. Diverse kranten melden dat parken worden doorverkocht aan “het buitenland”.
Reactie gemeente: Initiatiefnemer heeft aangegeven het zonnepark zelf te willen ontwikkelen en in eigendom te willen houden. Daarnaast geldt dat alle afspraken met betrekking tot financiële afdracht en (o.a. landschappelijke inpassing van) het zonnepark contractueel worden vastgelegd in een anterieure overeenkomst tussen initiatiefnemer en gemeente. Daarnaast worden er voorschriften aan de omgevingsvergunning gekoppeld. Deze afspraken en voorschriften blijven in stand, ongeacht wie eigenaar van het zonnepark is. 5E Werkzaamheden voor kabels 13 Indiener wijst erop dat werkzaamheden zijn gestart voor de aanleg van buizen/kabels. Reactie gemeente: Zie reactie onder 2L. 5F Zonneladder Indiener zou graag zien dat de gemeente Steenwijkerland zich houdt aan de Zonneladder. Reactie gemeente: Zie reacties onder 1D en 2D. 5G Waterpeilverhoging Indiener stelt dat geen sprake is van waterpeilverhoging in het gebied van het zonnepark. Reactie gemeente: In het watergebiedsplan worden diverse maatregelen genomen, waarvan de volgende twee relevante voor het projectgebied: het waterpeil in het westelijk gelegen natuurgebied wordt verhoogd en daarnaast zal in de toekomst fors meer water worden afgevoerd via de noord-zuid watergang in het plangebied.
5H Natuurmonumenten Indiener stelt dat Natuurmonumenten zegt in het algemeen tegen zonneparken op landbouwgrond te zijn en de zonneladder te volgen. In de rapporten bij de aanvraag staat dat Natuurmonumenten bijna participeert in het park en zelf hebben aangegeven hoe de inrichting van het park er uit zou moeten zien. Reactie gemeente: De gemeente kan uit de aangeleverde documenten door initiatiefnemer niet herleiden dat Natuurmonumenten zal participeren in het zonnepark. In het verslag van de kennismaking tussen Natuurmonumenten en initiatiefnemer is beschreven dat Natuurmonumenten over het algemeen van mening is dat zoveel mogelijk daken moeten worden vol gelegd. Daarnaast volgen ze het algemene standpunt van Natuurmonumenten dat ook op de website staat. Natuurmonumenten ziet echter ook in dat zonnepanelen op land noodzakelijk zullen zijn en hebben de Gedragscode Zon op Land ondertekend. Natuurmonumenten staat niet negatief tegenover deze locatie, en kan zich indenken dat deze locatie geschikter is dan de andere locatie aan de Brugjesgracht. Om het zonnepark ecologische meerwaarde te laten genereren, heeft een ecoloog van Natuurmonumenten het plan bekeken en advies/suggesties gegeven om daarmee een positief effect op de nabijgelegen natuur te genereren.
Aanvullingen bij zienswijze 5 Indiener van de zienswijze heeft gemeente in haar pro forma zienswijze verzocht om extra tijd om aanvullingen in te dienen. Dit gesprek heeft plaatsgevonden op 8 juli, waarbij door gemeente is aangegeven dat indiener één week extra tijd is gegeven (uiterlijk 16 juli). Op 16 juli is de volgende aanvulling op de zienswijze ingediend: i) 8 juli hebben wij als …….. een gesprek gehad met wethouder …. en de heer ….. In dit gesprek hebben wij aangegeven dat de communicatie met ……. en de inwoners van Wanneperveen ronduit slecht of niet is geweest. Ook liet men doorschemeren in dit gesprek dat het Zonnepark vergund werd. Wij waren hier zeer verbaasd over. De eindconclusie is dat er nu nieuwe gesprekken worden 14 gepland met alle partijen. Daardoor kunnen wij nu niet verder reageren op onze Proforma Zienswijze. Wij vragen uw begrip hiervoor. Graag zien wij een ontvangstbevestiging tegemoet. Ad i. Reactie gemeente: Initiatiefnemer heeft een informatieavond en online consultatie georganiseerd. Daarnaast heeft initiatiefnemer indiener van de zienswijze meermaals per email geïnformeerd over de stand van zaken en is gevraagd om reactie. Zowel initiatiefnemer als gemeente zijn voor eenieder bereikbaar geweest per email en telefoon. De gemeente heeft in het gesprek op 8 juli aangegeven dat het initiatief past binnen het door gemeenteraad vastgesteld beleid.
De suggestie dat in het gesprek van 8 juli de gemeente heeft gesuggereerd dat het plan wordt vergund is onjuist. Wel zal de gemeenteraad nog een besluit moeten nemen over het definitief afgeven van een Verklaring van geen bedenkingen (VVGB). Initiatiefnemer heeft door gemeente tien dagen extra de tijd gekregen om de zienswijze aan te vullen. Binnen deze periode heeft indiener bovenstaande reactie toegestuurd Conclusie Zienswijze 5 geeft geen aanleiding tot het aanpassen van het plan.