NIEUW: Beantwoording vragen van de fractie ChristenUnie over de adviesnota.docx
Tekst van het document
Vragen/ opmerkingen van de fractie ChristenUnie over de adviesnota ´Lijst initiatieven met participatieplicht´ 1.Hoe kan de kwaliteit van participatie worden beoordeeld als deze vormvrij is? De adviesnota ´Lijst initiatieven met participatieplicht´ die aan de raad is voorgelegd betreft de uitwerking van een specifiek instrument uit de Omgevingswet. Voor activiteiten die niet voldoen aan de regels van het omgevingsplan (buitenplanse omgevingsplanactiviteiten) kan de gemeenteraad gevallen aanwijzen waarvoor participatie verplicht is. In de adviesnota is dan ook alleen ingezoomd op de verschillende keuzemogelijkheden en de vraag voor welke gevallen de raad in ieder geval een participatieverplichting wil opleggen. De vraag van de ChristenUnie en ook van andere raadsfracties over hoe de kwaliteit van vormvrije participatie kan worden beoordeeld, gaat over de invulling van participatie. Dit specifieke vraagstuk zal nog uitvoerig aan de orde komen in de raad in het kader van de Participatieverordening, als vervolg op onze visie op inwonersparticipatie. Dat is het moment om in de raad de inhoudelijke discussie te voeren over de invulling van participatie. Vragen over de kwaliteit van participatie, de mate van participatie en de beoordeling daarvan, zullen onderdeel uitmaken van deze discussie in de raad.
Voor een goede duiding en de toekomstige besluitvorming omtrent de lijst van initiatieven met een participatieplicht, is het dus van belang om deze twee verbonden vraagstukken, per onderdeel tegen het licht te houden. Een besluit over de lijst met gevallen waarvoor een participatieplicht geldt, zegt immers nog niets over de mate van participatie voor deze gevallen. Die discussie moet, zoals gezegd, nog plaatsvinden. 2. Hoe werkt de participatieverplichting in de praktijk? Het belangrijkste verschil tussen huidige situatie onder de huidige wetgeving en de nieuwe situatie onder de Omgevingswet, is de mogelijkheid om een lijst van initiatieven vast te stellen met een participatieplicht. Die mogelijkheid bestaat onder de huidige wetgeving niet. Ook onder de huidige wetgeving stimuleert onze gemeente participatie, maar kan deze niet wettelijk verplichten. Aan de hand van een praktijkvoorbeeld willen wij de nieuwe situatie onder de Omgevingswet verduidelijken. In dit voorbeeld wordt uitgegaan van de keuze voor scenario 2 ´Participatie bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten is verplicht wanneer het bindend adviesrecht van toepassing is´. Een initiatiefnemer die een zonnepark wil realiseren binnen onze gemeente, wordt hierdoor verplicht om aan participatie te doen.
Dit betekent dat bij het indienen van de aanvraag om een omgevingsvergunning, duidelijkheid moet zijn over de invulling van de participatieverplichting. Dat is heel anders dan de huidige situatie waarin wettelijk alleen voorgeschreven is dat zienswijzen kunnen worden ingediend. Toetsing of voldaan is aan de participatieverplichting zal ook onderdeel zijn van de besluitvorming. Zoals hierboven beschreven is het aan de raad om in de Participatieverordening vast te stellen hoe de invulling van de participatieverplichting er uit zal zien en waaraan getoetst moet worden bij het beoordelen van aanvragen. Het college wil ook ingaan op de specifieke vraag van de fractie van de ChristenUnie naar het verschil tussen scenario 1 (niet verplichten) en scenario 2 (verplichten voor bepaalde initiatieven), rekening houdend met de ´stok achter de deur´, zoals beschreven in scenario 1. Het belangrijkste verschil tussen deze twee scenario’s is gelegen in het feit dat bij scenario 2 er sprake is van duidelijkheid aan de voorkant. Met een lijst van initiatieven waarvoor een participatieplicht geldt is voor een ieder duidelijk wat het toepassingsbereik is.
Bij scenario 1 daarentegen moet eerst voor een bepaald initiatief een besluit worden genomen over de toepassing van de uitgebreide voorbereidingsprocedure en daarnaast is bij dergelijke gevallen sprake van inspraak door middel van het indienen van zienswijzen. Dat is echter anders dan participatie in de visie van onze gemeente.