Jaarverslag 2019.pdf
Tekst van het document
Ook is de MOR (Melding Openbare Ruimte) gebruiksvriendelijker gemaakt. De inwoner kan eenvoudig een melding doen en hoeft niet meer te kiezen in welke (sub)categorie de melding hoort. Het KCC is bewaker en verdeler van de meldingen en onderscheidt de Meldingen Openbare Ruimte van andere type meldingen. Onder meer door deze aanpassing is de gemiddelde doorlooptijd flink gedaald: van 12 werkdagen in 2018 naar 6 werkdagen in 2019. En de tevredenheid over de afhandeling is omhoog gegaan: van een 7 in 2018 naar een 7,4 in 2019. 88
89 Vermeldingswaardig is ten slotte dat er steeds meer informatie gehaald wordt op onze website. In 2019 hebben wij meer dan 700.000 unieke pagina bezoekers op onze website mogen verwelkomen, een stijging van 8% ten opzichte van 2018. Doelmatigheidsonderzoek Conform de (nieuwe) verordening 213A dient per jaar minimaal één doelmatigheidsonderzoek te worden uitgevoerd. Voor 2019 is gekozen voor een doelmatigheidsonderzoek binnen het belastingendomein, namelijk de toeristenbelasting. Aanbevelingen die uit het onderzoek naar voren zijn gekomen zijn verwerkt in het verbeteren van het pr oces. Gedurende het onderzoekstraject werd tevens een extern onderzoek naar de toeristen- en forensenbelasting gestart. De gezamenlijke onderzoeksuitkomsten zullen na afro nding in 2020 met de raad worden gedeeld. In 2020 z al tevens gestart worden met het onderzoeken van de doelmatigheid van het proces hondenbelasting. Informatieveiligheid In 2019 is het strategische informatiebeveiligingsbeleid 2020-2022 vastgesteld. Dit (informatie)beveiligingsbeleid is richtinggevend en kaderstellend voor al het onderliggende onderwerp specifieke beleid. Het afgelopen jaar hebben we een analyse uitgevoerd om te weten wat er nog moet gebeuren om te voldoen aan de landelijke richtlijnen, de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO).
Het uitvoeren van een dergelijke analyse was ook ee n van de aanbevelingen van de rekenkamercommissie, die in 2019 een onderzoek heeft uitgevoerd naar onze informatiebeveiliging. In 2020 verwachten wij te voldoen aan de BIO-normen ; het implementatieplan hiertoe is opgesteld. Belan grijk onderdeel hierbij is bewustwording over informatiebeveiliging en privacy bij onze medewerkers. Hiervoor is afgelopen jaar e en verplichte training voor alle medewerkers gegeven.
3.6 | Verbonden partijen Op 9 februari 2016 heeft de raad de nota “Verbonden partijen” vastgesteld. Het proces van deelnemingen is echter een dynamisch gebeuren. Regelmatig moet deze nota dan ook worden herzien. Hieronder treft u de belangrijkste resultaten en wijzigingen aan welke binnen de kaders van de reeds vastgestelde nota passen. Bij de begroting is al aangegeven welke voornemens de gemeente had met haar aandelenbezit, namelijk het streven naar een zo hoog mogelijk rendement in de vorm van dividend. De visie van ons certificatenbezit bij Dataland moet leiden tot het op korte termijn verlagen van de lastendruk bij verzoeken om gebouwgegevens en het verbeteren van de kwaliteit van de eigen vastgoedgegevens. Inmiddels is bekend dat Dataland haar activiteiten per 1 januari 2022 zal gaan beëindigen. Landelijke, regionale of plaatselijke ontwikkelingen hebben in 2018 geen aanleiding gegeven bovengenoemde standpunten los te laten en over te gaan tot vervreemding. Afhankelijk van de mate van verbondenheid (bijv. geplaatst aandelenkapitaal) zijn we in staat om invloed op het beleid van de betreffende verbonden partij uit te oefenen. De genoemde verbonden partijen kennen hun eigen risicopositie. Daar waar sprake is van een aanzienlijk, niet afgedekt, risico wordt dit meegenomen bij de paragraaf weerstandsvermogen.
De op 1 april 2020 ontvangen jaarstukken van verbonden partijen zijn opgenomen. Van enkele verbonden partijen zijn nog geen jaarstukken 2019 beschikbaar en deze ontbreken dan ook in deze paragraaf. De bijlage is conform het raadsvoorstel van 9 februari 2016 opgesteld en worden in de volgende categorieën gepresenteerd (zie ook paragraaf 3.2): o | vennootschappen en coöperaties o | stichtingen en verenigingen o | gemeenschappelijke regelingen en De 4e categorie, de “overige verbonden partijen” is momenteel niet voorradig. Onder verwijzing naar bovenvermelde notitie “Verbonden partijen” geven wij onderstaand de posities per ultimo van het rekeningsjaar weer. Deze zijn aangevuld met ontwikkelingen en risico’s. 1. | Vennootschappen en coöperaties 1.1 BNG bedragen x € 1.000 Bank Nederlandse Gemeenten N.V. Vestigingsplaats: | Den Haag Aantal Aandelen: | 129.675 Zeggenschap: | 0,24% Vertegenwoordiger: | wethouder Scheringa Jaar | Dividend | Eigen | Vreemd | Tier-1 ratio | Bedrijfs- vermogen | vermogen | resultaat 2015 | 132 | 4.163.000 | 145.317.000 | 27% | 226.000 2016 | 213 | 4.486.000 | 149.483.000 | 32% | 369.000 2017 | 328 | 4.953.000 | 135.041.000 | 37% | 393.000 2018 | 370 | 4.991.000 | 132.518.000 | 38% | 337.000 2019 | 165 | 4.887.000 | 144.802.000 | 38% | 163.000 Opgemerkt wordt dat de dividenduitkeringen pas worden uitgekeerd in het jaar daarop.
Zo zal de dividenduitkering over 2019 in 2020 worden ontvangen. 90
Ontwikkelingen | De bank verwacht toenemende investeringen door woningcorporaties in nieuwe woningen en een toename van duurzaamheidsinvesteringen, zoals die in hernieuwbare energie. Deze ontwikkelingen zullen de kredietaanvraag van de klanten positief beïnvloeden. Het renteresultaat zal naar verwachting uitkomen binnen een bandbreedte van € 410 tot € 450 miljoen. Gegeven de afhankelijkheid van marktomstandigheden is een betrouwbare prognose over de financiële transacties niet te geven. De bank acht het niet verantwoord om nu al een uitspraak te doen over de te verwachten nettowinst over 2019. Het uitkeringspercentage van de nettowinst bedraagt de komende jaren weer 50%. Risico’s | Beperkt, tot deelname aandelenkapitaal. Financiers hebben vertrouwen in de bank dat het risico van kredietverlening aan de BNG bank beperkt is, gezien het eigenaarschap van gemeenten, provincies en de staat. 1.2 Enexis bedragen x € 1.000 Enexis Holding N.V.
Vestigingsplaats: | Den Bosch Aantal Aandelen: | 304.012 Zeggenschap: | 0,207% Vertegenwoordiger: | wethouder Scheringa Jaar | Dividend | Rente | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- inkomsten | vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 218 | 37 | 3.608.000 | 2.532.000 | 51% | 223.100 2016 | 210 | - | 3.704.000 | 3.173.000 | 51% | 207.000 2017 | 210 | - | 3.808.000 | 3.234.000 | 51% | 207.000 2018 | 249 | - | 4.024.000 | 3.691.000 | 52% | 319.000 2019 | 213 | - | 4.112.000 | 4.146.000 | 50% | 210.000 Opgemerkt wordt dat de dividenduitkeringen pas worden uitgekeerd in het jaar daarop. Zo zal de dividenduitkering over 2019 in 2020 worden ontvangen Ontwikkelingen | De verwachting is dat de vraag naar elektriciteit blijft stijgen door toenemende elektrificatie van mobiliteit en verwarming. Een andere ontwikkeling is dat steeds meer particuliere klanten zelf energie opwekken. Ook leveren zij energie terug aan het netwerk. De verduurzaming van de gebouwde omgeving is één van de grootste uitdagingen in de energietransitie. Gezocht wordt naar geschikte en betaalbare oplossingen met als uiteindelijk doel een CO2-neutraal gebouwde omgeving in 2050. Op wijkniveau adviseert het netwerkbedrijf over de beste en meest kostenefficiënte oplossing, waarbij rekening wordt gehouden met de lokale situatie. Een radicale omslag naar all-electric is niet in alle gevallen de beste keuze.
Om recht te doen aan de lokale situatie wordt geadviseerd een pragmatische aanpak die flexibel is voor nieuwe technologische ontwikkelingen. Zo kunnen verduurzamingsplannen worden gerealiseerd en blijven de kosten beheersbaar. De komende periode moet Enexis fors investeren. De aandeelhouders hebben inmiddels een verzoek gekregen om een converteerbare hybride lening te verstrekken. Risico’s | De aandeelhouders lopen het risico (een deel van) de boekwaarde ad | € 6,2 miljoen te moeten afwaarderen. Het risico voor de aandeelhouders is gering omdat Enexis opereert in een gereguleerde (energie)markt, onder toezicht van de Energiekamer. Daarnaast is het risico gering in relatie tot de (intrinsieke) waarde van Enexis Holding N.V. Wettelijk is minimaal 40% eigen vermogen vereist, Enexis heeft op dit moment 50% eigen vermogen. Het risico dat de gemeente hierbij loopt is laag. Een aanvullend risico is het achterblijven van de geraamde dividendinkomsten. Het risico is echter gemitigeerd middels een overeengekomen streefwaarde van € 100 miljoen voor het jaarlijkse dividend. 91
1.3 Rendo Holding N.V. bedragen x € 1.000 N.V. Rendo Holding Vestigingsplaats: | Meppel Aantal Aandelen: | 198 Zeggenschap: | 19,98% Vertegenwoordiger: | wethouder Scheringa Jaar | Dividend | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 1.498 | 61.015 | 71.970 | 45% | 11.014 2016 | 1.498 | 67.246 | 67.910 | 50% | 13.700 2017 | 1.498 | 70.342 | 66.962 | 51% | 10.596 2018 | 1.498 | 72.404 | 72.027 | 50% | 10.001 2019 Opgemerkt wordt dat de dividenduitkeringen pas worden uitgekeerd in het jaar daarop. Zo zal de dividenduitkering over 2019 in 2020 worden ontvangen. Ontwikkelingen | In de komende periode gaan de wettelijk gemaximeerde tarieven omlaag. Dit is een stimulans voor de Rendo om kosten te besparen. De komende jaren houdt Rendo rekening met een dividenduitkering van € 7,5 miljoen. In verband met aanpassing van de Algemene Voorwaarden tot toetreding tot NV Rendo Holding is het mogelijk dat deze naar beneden wordt bijgesteld. De intentie is om een voorstel hierover in de aandeelhoudersvergadering van mei 2020 te behandelen. Risico’s | N.V. Rendo Holding bestaat uit Rendo Netwerken. Rendo Netwerken beheert en onderhoudt het gas- en elektriciteitsnetwerk. Gezien de aard van de activiteiten is Rendo Netwerken een vrij stabiele vennootschap. Bij een eventuele overname in verband met sectorordening vervalt het dividend.
De opbrengst is naar verwachting (aanzienlijk) lager dan de huidige dividendopbrengst. 1.4 Vitens N.V. bedragen x € 1.000 Vitens N.V. Vestigingsplaats: | Zwolle Aantal Aandelen: | 60.227 Zeggenschap: | 1,042% Vertegenwoordiger: | wethouder Scheringa Jaar | Dividend | Rente | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- inkomsten | vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 231 | 71 | 471.700 | 1.242.700 | 28% | 55.400 2016 | 202 | 52 | 489.100 | 1.249.200 | 28% | 48.500 2017 | 199 | 37 | 533.700 | 1.194.400 | 31% | 47.700 2018 | 54 | 26 | 533.000 | 1.233.500 | 30% | 13.000 2019 | - | 18 | 533.300 | 1.293.000 | 29% | 11.100 Opgemerkt wordt dat de dividenduitkeringen pas worden uitgekeerd in het jaar daarop. Zo zal de dividenduitkering over 2019 in 2020 worden ontvangen. Ontwikkelingen | Vitens zal de komende jaren nadrukkelijk verder bouwen op het fundament dat de afgelopen jaren is gelegd. Zowel in de klantbeleving als in de zorg voor het milieu en de maatschappij zijn flinke stappen gezet. De verwachting is dat het uit te keren dividend de komende periode zal dalen tot nul. Dit wordt veroorzaakt door een daling van het verwachte jaarlijkse resultaat en een hoger investeringsniveau. Inmiddels is de WACC (maximaal te behalen rendement) voor de jaren 2020 en 2021 vastgesteld op 92
2,75%. Risico’s | De deelneming brengt voor de gemeente een gering risico met zich mee. Vitens opereert maar zeer beperkt in een concurrerende omgeving, de marktrisico’s zin daarom beperkt. De operationele risico’s zijn niet klein omdat het product moet voldoen aan hoge kwaliteitseisen. 1.5 Rova N.V. bedragen x € 1.000 N.V. Rova Holding Vestigingsplaats: | Zwolle Aantal Aandelen: | 579 Zeggenschap: | 8,24% Vertegenwoordiger: | wethouder Scheringa Jaar | Dividend | Rente | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- inkomsten | vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 324 | 81 | 25.785 | 56.127 | 32% | 6.819 2016 | 430 | 81 | 28.886 | 57.368 | 34% | 9.142 2017 | 348 | 81 | 36.516 | 47.091 | 37% | 7.441 2018 | 252 | 81 | 36.742 | 53.791 | 36% | 5.784 2019 Opgemerkt wordt dat de dividenduitkeringen pas worden uitgekeerd in het jaar daarop. Zo wordt de dividenduitkering over 2019 in 2020 ontvangen. Ontwikkelingen | De behaalde resultaten in de transitie van afval naar grondstoffen (omgekeerd inzamelen) en de implementatie van de BOR-dienstverlening zijn positief te noemen. De Rova zal zich hierop blijven inzetten.
Verder wordt gezocht door het uitbreiden van samenwerking met gemeenten, bijvoorbeeld op het terrein van beheer openbare ruimte en groenbeheer en is Rova actief rondom de implementatie van de participatiewet (bijvoorbeeld door het bieden van leerwerktrajecten voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt). Risico’s | Beperkt tot deelname aandelenkapitaal. 1.6 Wadinko N.V. bedragen x € 1.000 Wadinko N.V. Vestigingsplaats: | Zwolle Aantal Aandelen: | 130 Zeggenschap: | 5% Vertegenwoordiger: | wethouder Scheringa Jaar | Dividend | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 65 | 65.284 | 1.536 | 6.018 2016 | 65 | 65.626 | 1.441 | 1.537 2017 | 65 | 67.657 | 1.521 | 3.225 2018 | 65 | 67.999 | 1.512 | 1.537 2019 | nnb | nnb | nnb | nnb Opgemerkt wordt dat de dividenduitkeringen pas worden uitgekeerd in het jaar daarop. Zo wordt de dividenduitkering over 2019 in 2020 ontvangen. 93
Ontwikkelingen | Het beleid voor de komende zal worden voortgezet met als doelstelling: - | 5.000 arbeidsplaatsen in 2021 bij Wadinko participaties en - | gemiddeld 4% rendement op eigen vermogen. Risico’s | Verbonden met de taken van Wadinko zijn er ondernemingsrisico’s. De participatiemaatschappij zorgt dat zij invloed uitoefent op de ondernemingen waarin zij participeert via een Raad van Commissarissen of een aandeelhoudersovereenkomst. Het is echter niet te zeggen welke risico’s Wadinko precies loopt met betrekking tot de aangegane participaties. De afgelopen jaren is een positief financieel resultaat gedraaid. Dit wil echter niet zeggen dat het bedrijf financieel gezond blijft, vanwege de afhankelijkheid van de financiële posities van de participerende partijen. Vooralsnog is het eigen vermogen (liquide middelen) hoog genoeg om risico’s op te vangen. 1.7 Noordwestgroep N.V. bedragen x € 1.000 Noordwestgroep N.V.
Vestigingsplaats: | Steenwijk Aantal Aandelen: | 1.200 Zeggenschap: | 100% Vertegenwoordiger: | wethouder Bijl-Oord Jaar | Bijdrage | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 298 | 1.045 | 2.373 | 31% | - 2016 | 621 | 1.045 | 1.951 | 35% | - 2017 | 970 | 1.045 | 1.740 | 38% | - 2018 | 508 | 1.045 | 2.111 | 33% | - 2019 | nnb | nnb | nnb | nnb Ontwikkelingen | Vanaf 1 januari 2015 vindt er geen nieuwe instroom meer plaats in de sociale werkvoorziening bij NoordWestGroep. Op lange termijn (2045) | zal de sociale werkvoorziening volledig worden afgebouwd. Als compensatie hiervoor is de nieuwe voorziening Beschut Werk ingevoerd. Deze zal uiteindelijk moeten uitmonden in een omvang van 30% van de oude SW regeling. Naast deze afbouw wordt ook de jaarlijkse subsidie vanaf 2015 tot en met 2020 gefaseerd verlaagd met in totaal € 2.500 per fte. Naast deze afbouw neemt ook de verdiencapaciteit van het resterende sw-bestand af. Mochten er geen maatregelen getroffen worden dan zou de gemeentelijke bijdrage in 2020 uitkomen op circa € 2 miljoen per jaar. NoordWestGroep heeft daarom in 2018 een herstructureringsplan opgesteld om deze verwachte tekorten terug te brengen tot circa € 1,2 miljoen. Het resultaat over 2019 blijft evenals vorig jaar binnen dit tekort. In 2020 zal verder gekeken worden naar het toekomstscenario voor NoordWestGroep.
Risico’s | Jaarlijkse verlaging van de rijksbijdrage betekent een financieel risico voor de gemeente als Noordwestgroep hier geen nieuwe inkomsten tegenover zet. Bijkomend risico is dat het huidig bestand niet genoeg krimpt. Voor 2019 komt de gemeentelijke bijdrage uit op circa | € 1,1 mln. 1.8 Vennootschappen na verkoop Essent In 2009 werd het productie- en leveringsdeel van Essent verkocht aan RWE. Bij de verkoop is een aantal tijdelijke B.V.’s opgericht om de belangen van de aandeelhouders te behartigen. Binnenkort worden CBL Vennootschap B.V., Verkoop Vennootschap B.V. en Publiek Belang Elektriciteitsproductie B.V. naar verwachting opgeheven. 94
bedragen x € 1.000 Vordering op Enexis B.V. Vestigingsplaats: | Den Bosch Aantal Aandelen: | 4.236 Zeggenschap: | 0,20% Vertegenwoordiger: | wethouder Scheringa Jaar | Rente | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- inkomsten | vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 94 | 45 | 860.000 | 0% | - 22 2016 | 90 | 24 | 356.000 | 0% | - 20 2017 | 51 | 9 | 350.000 | 0% | - 15 2018 | - | - 2 | 356.324 | 0% | - 11 2019 | nnb | nnb | nnb | nnb | nnb bedragen x € 1.000 Verkoop Vennootschap B.V. Jaar | Agio | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- uitkering | vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 635 | 84.803 | 30.139 | 48.900 2016 | 162 | 1.243 | 37 | - 524 2017 | 2 | 151 | 6 | - 67 2018 | - | 112 | 30 | - 39 2019 | nnb | nnb | nnb | nnb | nnb bedragen x € 1.000 CSV Amsterdam B.V. Jaar | Agio | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- uitkering | vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | - | 42 | 50 | - 50 2016 | - | 3.209 | 171 | 3.251 2017 | 4 | 870 | 53 | - 110 2018 | - | 746 | 45 | - 124 2019 | nnb | nnb | nnb | nnb | nnb bedragen x € 1.000 Publiek Belang Electriciteitsproductie B.V. Jaar | Agio | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- uitkering | vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | - | 1.580 | 118 | - 18 2016 | - | 1.639 | 51 | 59 2017 | - | 1.620 | 18 | - 18 2018 | - | 1.605 | 24 | - 15 2019 | nnb | nnb | nnb | nnb | nnb 95
bedragen x € 1.000 CBL Vennootschap B.V.. Jaar | Agio | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- uitkering | vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | - | 9.460 | 445 | - 351 2016 | 15 | 788 | 149 | - 270 2017 | 1 | 147 | 17 | - 19 2018 | - | 137 | 22 | - 9 2019 | nnb | nnb | nnb | nnb | nnb Ontwikkelingen | Vordering op Enexis B.V. Lening D is per 30 september 2019 afgelost. In de aandeelhoudersvergadering van 9 april 020 zal het bestuur van de vennootschap een voorstel besluit voor vereffening en definitieve ontbinding aan de aandeelhouders voorleggen. Verkoop Vennootschap B.V. Het initieel vermogen in het General Escrow Fonds was bij de oprichting in 2009 € 800 mln.. Eind juni 2016 is het General Escrow Fonds geliquideerd. Het restantbedrag is volledig uitgekeerd aan de aandeelhouders naar rato van het aandelenbelang in de vennootschap. In de aandeelhoudersvergadering van 9 april 020 zal het bestuur van de vennootschap een voorstel besluit voor vereffening en definitieve ontbinding aan de aandeelhouders voorleggen. CBL Vennootschap B.V. Het initieel vermogen in het General Escrow Fonds was bij de oprichting in 2009 $ 275 mln.. Eind juni 2016 is het General Escrow Fonds geliquideerd. Het restantbedrag is volledig uitgekeerd aan de aandeelhouders naar rato van het aandelenbelang in de vennootschap.
Ondanks dat het General Escrow Fonds in juni 2016 is geliquideerd, dient de vennootschap als gevolg van contractuele verplichtingen nog in stand gehouden te worden. Het bestuur van de vennootschap is in overleg met de andere contractuele partijen om na te gaan wanneer de contractuele verplichtingen voortijdig kunnen worden beëindigd en de vennootschap vervolgens kan worden geliquideerd. Op 9 april 2020 wordt een voorstel voor het besluit voor vereffening en definitieve ontbinding van de vennootschap aan de aandeelhouders voorgelegd. CSV Amsterdam B.V. In het kader van de verkoop van Attero aan Waterland hebben de verkopende aandeelhouders van Attero een aantal garanties en vrijwaringen gegeven aan Waterland. Het merendeel van deze garanties en vrijwaringen is door de verkopende aandeelhouders overgedragen aan CSV Amsterdam B.V. Ter verzekering van de betaling van eventuele schadeclaims heeft Waterland bedongen dat een deel van de verkoopopbrengst, zijnde € 13,5 miljoen, door de verkopende aandeelhouders gedurende een bepaalde tijd op een escrow-rekening wordt aangehouden. Buiten het bedrag dat op deze rekening wordt aangehouden, zijn de verkopende aandeelhouders niet aansprakelijk voor inbreuken op garanties en vrijwaringen. Waterland heeft op 22 mei 2015 een claim van ten minste € 9,5 miljoen ingediend bij de CSV Amsterdam B.V.
Vanwege die claim, diende - conform de afspraken vastgelegd in de koopovereenkomst - het gehele in escrow geplaatste bedrag ter beschikking te blijven ter afwikkeling van deze claim. De contractuele beoogde verlaging per 27 mei 2015 van het escrow bedrag (lees: betaling door de notaris van € 9,5 miljoen aan de CSV Amsterdam B.V. en daarmee aan de verkopende aandeelhouders) heeft daarom niet plaatsgevonden. In juni 2016 is een compromis bereikt tussen Waterland en de vennootschap voor een bedrag van € 5.464.217 over de belastingclaims tot en met de periode waarin Attero integraal onderdeel, als Essent Milieu, uitmaakte van de Essent-organisatie. Het bedrag is betaald uit het escrow fonds van € 13,5 miljoen. Daarnaast is door Attero een bedrag betaald aan de vennootschap van EUR 3.406.063 voor de (eventuele) belastingteruggaven over deze periode. Het bedrag is toegevoegd aan de overige reserves van de vennootschap. 96
97 Het resterend vermogen op de escrow-rekening is € 8 .035.783,--. De escrow-rekening wordt aangehouden bij de notaris. De verkopende aandeelho uders en Waterland zijn niet zonder meer gerechtigd tot het voornoemde bij de notaris in esc row gestorte bedrag. De verkopende aandeelhouders en Waterland hebben enkel een voorwa ardelijke aanspraak op dat bedrag. Zodra aan de in de escrow overeenkomst opgenomen voorwaar den is voldaan, zal de notaris het desbetreffende bedrag betalen aan hetzij de CSV Ams terdam B.V., hetzij aan Waterland. Het in escrow gestorte bedrag maakt geen onderdeel uit van de balans van CSV Amsterdam B.V.. De looptijd van deze vennootschap is afhankelijk va n de periode dat claims worden afgewikkeld. Eventuele claims kunnen door Waterland tot 5 jaar na completion (mei 2019) worden ingediend. Na afwikkeling van deze eventuele claims van Waterl and zal de escrow-rekening kunnen worden opgeheven en het restant op deze rekening kan worden uitgekeerd aan de aandeelhouders. In de aandeelhoudersvergadering van 9 april 2020 legt het bestuur van de vennootschap een voorstel voor het schikken voor de afwikkeling van alle uitstaande claims aan de aandeelhouders voor. In deze schikking is tevens geregeld dat de vennootschap de bezwaarprocedure van Attero met betrekking tot de afvalstoffenheffing voorlopig tegen de Belastingdienst zal voortzetten.
Echter is er een dispuut tussen de vennootschap en Waterland/Attero over een belastingteruggave over het boekjaar 2011. De vennootschap is van meni ng dat zij recht heeft op doorbetaling van de belastingteruggave en Waterland/Attero is van mening dat de teruggave verrekend moet worden met de belasting die vervolgens later weer wordt geheve n. Echter heeft deze belastingheffing betrekking op een jaar na verkoopdatum. Op het moment is de vennootschap in afwachting van de reactie van de Belasting op het bezwaar. Afhankelijk van deze reactie en de kans van slagen van een gerechtelijke procedure zal in overleg met de aandeelhouderscommissie de procedure als dan niet worden voortgezet. Na (eventuele voortijdige) beëindiging van deze procedure zal het bestuur een voorstel besluit aan de aandeelhouders voor vereffening en definitieve ontbinding van de vennootschap kunnen voorleggen. Publiek Belang Elektricititeitsproductie B.V. Ondanks dat het General Escrow Fond sinds juni 2016 is geliquideerd, dient de vennootschap als gevolg van contractuele verplichtingen nog in stand gehouden te worden. Het bestuur van de vennootschap is in overleg met de andere contractue le partijen om na te gaan wanneer de contractuele verplichtingen voortijdig kunnen worde n beëindigd en de vennootschap vervolgens kan worden ontbonden.
Het doel is dat de vennootschap voor eind 2020 zal kunnen worden ontbonden. Risico’s Als aandeelhouder loopt de gemeente een ze er beheerst risico’s op Enexis voor de niet-tijdige betaling van rente en/of aflossing en, in het ergst e geval, faillissement van Enexis. Daarnaast is het risico en daarmee de aansprakelijkheid voor de aand eelhouders relatief gering en beperkt tot de hoogte van het nominale aandelenkapitaal van deze vennootschap (ongeveer € 20.000). Het financiële risico is beperkt tot eventuele clai ms van Waterland als gevolg van garanties en vrijwaringen die door de verkopende aandeelhouders zijn afgegeven tot het bedrag van € 8.035,783 die nog resteert op de escrow-rekening en voor het bedrag dat als werkkapitaal wordt aangehouden in de vennootschap. 2. Stichtingen en verenigingen 2.1. Stichting Dataland Verbonden partij Stichting administratiekantoor Dataland Activiteiten Dataland verzorgt de toegankelijkheid van gemeentelijke vastgoed, GEO- en WOZ-informatie voor publieke en private afnemers in Nederland. Inhoudelijk belang Deelname is een vorm van samenwe rking tussen gemeenten ter behartiging van het open baar belang en met als resultaat efficiëntie en kennisvo ordelen op het gebied van toegankelijkheid van overheidsinformatie.
Dankzij de samenwerking met de elnemende gemeenten, vele afnemers en andere betrokkenen bij de overheidsinformatievoorzi ening is Dataland uitgegroeid tot het landelijke kennis- en dataknooppunt voor vastgoed, geo- en WOZ gerelateerde gemeentelijke gegevens. Bestuursprogramma De inwoner op 1 Deelnemende partijen Diverse Nederlandse gemeenten
Aandeel en zeggenschap | De gemeente bezit 22.640 certificaten à € 0,10 per certificaat. Participatie geschiedt door de eenmalige aankoop van certificaten naar rato van het aantal gebouwen in de gemeente. Hiermee krijgt de gemeente zeggenschap over het beleid van Dataland. Vertegenwoordiger | De gemeente is als participant vertegenwoordigd in de certificaathouders vergadering. bedragen x € 1.000 Stichting administratiekantoor Dataland Jaar | Ontvangen | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- vergoeding | vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | - | 949 | 485 | 221 2016 | - | 847 | 607 | - 102 2017 | - | 751 | 522 | - 96 2018 | - | 112 | 463 | - 639 2019 | - | nnb | nnb | nnb (*) vergoeding voor gemeente als verstrekker van gegevens Ontwikkelingen | Dataland zal haar activiteiten per 1 januari 2022 beëindigen. Diverse onderdelen worden door de VNG overgenomen. Het bestuur stuurt aan op een liquidatie zonder faillissement. Zie voor de financiële details de begroting 2020 en de jaarrekening 2019 die binnenkort worden gepubliceerd. Risico’s | Het maximale risico voor de certificaathouders is dat de gelden die de certificaathouders hebben ingelegd niet terugbetaald kunnen worden. Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van circa. € 2.264. 2.2.
Stichting Weerribben- Wieden Verbonden partij | Stichting Weerribben-Wieden Activiteiten | In de stichtingsakte is het doel van de stichting als volgt omschreven “Het bewerkstelligen van aantoonbare maatschappelijke (economische en ecologische) meerwaarde voor het gebied Weerribben-wieden (Steenwijkerland) met als hart het Nationaal Park, alsmede het verbinden van beide entiteiten”. De activiteiten zijn daarop gericht. Inhoudelijk belang | De stichting houdt zich bezig met eenduidige gebiedspromotie. De stichting heeft tot doel het bewerkstelligen van aantoonbare maatschappelijke (economische en ecologische) meerwaarde voor het gebied Weerribben-Wieden (Steenwijkerland) met als hart het Nationaal Park, alsmede het verbinden van beide entiteiten. Bestuursprogramma | Werk aan de winkel Deelnemende partijen | Stichting Weerribben-Wieden is een organisatie van, voor en uit het gebied. Bewoners, ondernemers, terreinbeheerders en gemeente werken samen via deze stichting (Koninklijke Horeca Nederland, afd. Steenwijkerland, KOPTOP, LTO Noord, afd. Steenwijkerland, Natuurmonumenten, gebiedseenheid De Wieden, Staatsbosbeheer, regiodirectie Oost, Ondernemersplatform Steenwijkerland, Plaatselijke Belangen in de Weerribben en De Wieden). Aandeel en zeggenschap | De gemeente neemt als één van de partners deel aan de stichting.
Vertegenwoordiger | De gemeente is vertegenwoordigd in het stichtingsbestuur op basis van het raadsbesluit van 20 juni 2017. Dit is vastgelegd in de stichtingsakte. Het aantal bestuursleden bedraagt ten minste 3 waaronder een lid van het college, te weten wethouder Harmsma. 98
bedragen x € 1.000 Stichting Weerribben-Wieden Jaar | Bijdrage | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2018 | - | - | - | - 2019 | - | - | - Ontwikkelingen | Op dit moment wordt het functioneren van de stichting Weerribben-W\ieden geëvalueerd en wordt gekeken naar de vorm van samenwerking in de toekomst. Voor de zomer van 2020 wordt verwacht dat hierover meer duidelijkheid komt. Vervolgens wordt de raad daarover geïnformeerd. Risico’s | De Stichting Weerribben-Wieden is een stichting zonder winstoogmerk. Het financieel risico is laag en beperkt zich tot het leveren van een jaarlijkse financiële bijdrage. 3. | Gemeenschappelijke regelingen 3.1. GGD IJsselland Verbonden partij | Gemeenschappelijke gezondheidsdienst (GGD) IJsselland Activiteiten | De GGD IJsselland bewaakt, beschermt en bevordert de gezondheid van de ruim 500.000 inwoners van 11 gemeenten in IJsselland Inhoudelijk belang | De gemeente heeft de wettelijke taak om de gezondheid van de burgers te bevorderen en te beschermen tegen ziekten en calamiteiten. Daarnaast is de gemeente verplicht een gemeenschappelijke gezondheidsdienst te hebben. Het publiek belang kan het best gediend worden door middel van een publiekrechtelijke deelname op basis van de Wgr.
Bestuursprogramma | Samenredzaam Deelnemende partijen | De gemeenten Dalfsen, Deventer, Hardenberg, Kampen, Ommen, Olst-Wijhe, Raalte, Staphorst, Steenwijkerland, Zwartewaterland en Zwolle. Aandeel en zeggenschap | Gemeenten hebben zitting in het algemeen bestuur. Iedere gemeente heeft 1 stem. De (basis)bijdrage per gemeente wordt berekend aan de hand van het aantal inwoners. Vertegenwoordiger | Algemeen bestuur: wethouder Jongman-Smit bedragen x € 1.000 Gemeenschappelijke gezondheidsdienst (GGD) IJsselland Jaar | Bijdrage | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 700 | 2.400 | 6.100 | 20% | 600 2016 | 700 | 1.500 | 10.200 | 8% | 800 2017 | 790 | 1.378 | 10.593 | 13% | 211 2018 | 1.344 | 3.171 | 8.710 | 27% | 1.848 2019 | nnb | nnb | nnb | nnb | nnb 99
Ontwikkelingen | De vele veranderingen op het gebied van jeugdzorg, WMO, participatie en de beweging in het onderwijs vragen van de GGD IJsselland om mee te bewegen, in te spelen op vernieuwing en aan te passen. Vanaf 2018 voert de GGD ook de jeugdgezondheidszorg 0-4 jaar uit en daarmee de gehele jeugdgezondheidszorg (jgz) van 0-18 jaar. De bijdrage bedroeg in 2019 € 1.518.000. Dit is exclusief de vrijval van het resultaat uit 2018, zoals al in de PPN was aangegeven. Inclusief btw was dit € 155.000. Dat de bijdrage hoger is dan in 2018 heeft te maken met het Rijksvaccinatieprogramma (gelden gaan nu via de gemeenten en niet meer rechtstreeks naar de GGD) en projectkosten voor Wet verplichte GGZ en verwarde personen. Elk jaar is wel sprake van een uitbreiding van het pakket waar de GGD verantwoordelijk voor is. Intern bij de GGD is in 2019 hard gewerkt om de effecten van de Wnra op de diverse regelingen en verordeningen uit te werken Risico’s | De risico’s die de GGD in haar begroting heeft vermeld hebben niet geleid tot extra kosten. Het exploitatieresultaat 2019 is naar verwachting positief. 3.2. Veiligheidsregio IJsselland Verbonden partij | Veiligheidsregio IJsselland Activiteiten | Veiligheidsregio IJsselland werkt met gemeenten en andere partners samen in het voorkomen, bestrijden en beperken van de gevolgen van branden, ongevallen, rampen en crisis in de regio IJsselland.
Inhoudelijk belang | De brandweerzorg, rampenbestrijding en crisisbeheersing en het bieden van geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen zijn alle publieke belangen. Deze belangen kunnen het beste behartigd worden door middel van een gemeenschappelijke regeling op basis van de Wgr. Bestuursprogramma | De inwoner op 1 Deelnemende partijen | De gemeenten Dalfsen, Deventer, Hardenberg, Kampen, Ommen, Olst-Wijhe, Raalte, Staphorst, Steenwijkerland, Zwartewaterland en Zwolle. Aandeel en zeggenschap | Gemeenten hebben zitting in het algemeen bestuur. Iedere gemeente heeft 1 stem. Vertegenwoordiger | Algemeen bestuur: burgemeester Bats bedragen x € 1.000 Veiligheidsregio IJsselland Jaar | Bijdrage | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 2.625 | 2.100 | 42.270 | 8% | 2.034 2016 | 2.660 | 2.450 | 27.763 | 8% | 2.037 2017 | 2.745 | 2.745 | 33.321 | 8% | 556 2018 | 2.706 | 5.065 | 32.077 | 14% | 1.454 2019 | nnb | nnb | nnb | nnb | nnb Ontwikkelingen | De kosten worden vanaf 2017 voor 75% verdeeld op basis van de historische kosten en voor 25% op basis van een meer geobjectiveerde methodiek, te weten het gemeentefonds. In 2019 zou de verdeelmethodiek opnieuw worden geëvalueerd waarbij in principe het gekozen combinatiemodel gehandhaafd blijft.
Er wordt alleen gekeken of het geobjectiveerde aandeel van het gemeentefonds in de verdeelmethodiek kan worden vergroot. Besluitvorming is uitgesteld om ontwikkelingen rondom de bestuurlijke opdracht om te komen tot een toekomstbestendige brandweer, de Wnra en dienstverband vrijwilligers inzichtelijk te krijgen. Verwachting is dat binnen een jaar de financiële gevolgen duidelijk worden en het gesprek over de gevolgen en eventuele herziening van de verdeelsleutel bij elkaar komen. Voor Veiligheidsregio IJsselland blijft er nog een te realiseren taakstelling voor de ontoereikende BTW compensatie van structureel 130.000 euro (vanaf 2024). Dit nadeel is tijdens het proces van de regionalisering al in beeld gebracht. 100
Risico’s | Er is een risicoprofiel opgesteld om de risico’s van de organisatie in kaart te brengen. Deze zijn in een rapportage vastgelegd. De tien risico’s met de meeste invloed op de hoogte van de benodigde weerstandscapaciteit zijn: Grootschalige/langdurige inzet, stijgende rentepercentages, fiscale controles, stijgende pensioenpremies, datalek, transitie meldkamer, besluiten van het Veiligheidsberaad met financiële of personele gevolgen, marktontwikkelingen oefentrajecten, wijzigingen in beleid of financiering van de Rijksoverheid en complexiteit Europese aanbestedingen. Op basis van alle risico’s met bijbehorende inschatting is een analyse gemaakt van de benodigde weerstandsvermogen voor Veiligheidsregio IJsselland. Met behulp van een zogenaamde Monte-Carlo (MC)-simulatie is het verband tussen risico en aan te houden weerstandsvermogen bepaald. Uit de rapportage van risicomanagement blijkt dat, op basis van een zekerheidspercentage van 90%, het weerstandsvermogen 1,18 miljoen euro zou moeten bedragen. De benodigde weerstandscapaciteit ligt in de lijn der verwachting op basis van de bedragen die andere veiligheidsregio’s hanteren. Veiligheidsregio IJsselland heeft op 31-12-2019 een weerstandsvermogen van één miljoen euro, dat geeft een betrouwbaarheid van 85%.
Dit betekent dat de veiligheidsregio bij een dergelijke weerstandscapaciteit naar verwachting eenmaal in de zes à zeven jaar niet in staat zal zijn zonder aanvullende financiering een positief eigen vermogen te behouden. Op basis van het huidige risicoprofiel is de beschikbare weerstandscapaciteit als onvoldoende te beschouwen. Het is echter wel raadzaam definitieve uitspraken pas te doen wanneer enige ervaring is opgedaan met de gevolgde werkwijze in het benoemen en inschatten van risico’s. De benoemde risico's kunnen langdurige financiële gevolgen hebben. De eventuele financiële gevolgen kunnen voor een beperkte periode worden gedekt. In die periode moet een structurele oplossing worden gevonden. De gemeente kan worden aangesproken op een eventueel exploitatietekort, zie bovenstaand percentage. 3.3. IGSD Steenwijkerland/Westerveld Verbonden partij | Intergemeentelijke Sociale Dienst (IGSD) Steenwijkerland en Westerveld Activiteiten | Uitvoering van de Wet Werk en Bijstand (WWB), de bijzondere bijstand, het minimabeleid en de participatiewet. Inhoudelijk belang | Het samenwerkingsverband is ingesteld om door middel van vergaande samenwerking op het gebied van de uitvoering van Wet Werk en Bijstand en aanverwante wetten de kwaliteit van de dienstverlening te verbeteren, de kwetsbaarheid te verminderen en de efficiency te verhogen.
Een gemeenschappelijke regeling op basis van de Wgr leent zich hier het best voor. Bestuursprogramma | Samenredzaam Deelnemende partijen | Gemeenten Steenwijkerland en Westerveld Aandeel en | Steenwijkerland / Westerveld : zeggenschap 50 / 50 kostenverdeling 75 / 25 zeggenschap Vertegenwoordiger | Wethouders Bijl-Oord en Harmsma (DB) en wethouders Bijl-Oord, Jongman-Smit en Harmsma (allen in het AB) bedragen x € 1.000 Intergemeentelijke Sociale Dienst (IGSD) Steenwijkerland en Westerveld Jaar | Bijdrage | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 3.400 | 2 | 3.711 | 0% | - 7 2016 | 3.700 | 10 | 4.183 | 0% | 8 2017 | 3.596 | 15 | 2.599 | 0% | 4 2018 | 3.818 | 22 | 3.922 | 0% | 8 2019 | 3.835 | 26 | 2.282 | 0% | 3 Het proces rond de besluitvorming en implementatie van de integrale toegang sociaal domein is afgerond in 2019. Daarvoor heeft de raad besloten om de Gemeenschappelijke Regeling IGSD-SW op te heffen. Dit is per 1 januari 2020 geëffectueerd. Het gehele team Uitvoering Sociaal Domein (WMO/Jeugd en Participatie) is vanaf december 2019 101
gehuisvest op het werkplein. In 2019 is het aantal uitkeringsgerechtigden met 25 personen gedaald (225 instroom en 250 uitstroom). Van de uitstroom zijn er 113 personen uitgestroomd naar regulier werk. Het gemiddeld aantal uitkeringen over 2019 is uitgekomen op 738 (11 hoger dan bij de najaarsnota 2019 is geraamd). Daarnaast is een groter beroep gedaan op de loonkostensubsidies. Dit leidt tot een overschrijding van de programmakosten. Als gevolg van de hoge inhuurkosten zijn ook de apparaatskosten van de IGSD overschreden. Risico’s | De gemeenten zijn risicodrager voor de uitvoering van de taken van de IGSD. De belangrijkste risico’s en onzekerheden waarmee de IGSD te maken heeft vloeien voort uit de Participatiewet, de bijzondere bijstand en het minimabeleid. De hiervoor noodzakelijke weerstand, bijvoorbeeld reserves, is belegd geweest bij de gemeenten en niet bij de IGSD zelf. 3.4. Omgevingdienst (v.h. Regionale Uitvoeringsdienst) Verbonden partij | Omgevingsdienst (v.h. Regionale Uitvoeringsdienst (RUD)) IJsselland Activiteiten | De RUD is een netwerkorganisatie op het gebied van de milieuwetgeving, - regelgeving en – handhaving. Inhoudelijk belang | Het is een publiek belang dat de gemeente de wettelijke milieutaken uitvoert op een regionale schaal om zo minder kwetsbaar en meer efficiënt te zijn.
Bestuursprogramma | Duurzaam Deelnemende partijen | Provincie Overijsel en de gemeenten Dalfsen, Deventer, Hardenberg, Kampen, Olst-Wijhe, Ommen, Raalte, Staphorst, Steenwijkerland, Zwartewaterland en Zwolle. Aandeel en zeggenschap | De gemeente heeft een zetel in het bestuur. Het bestuur bestaat uit de vertegenwoordigers van de colleges en gedeputeerde staten. Vertegenwoordiger | Wethouder Bijl-Oord bedragen x € 1.000 Omgevingsdienst Ijsselland (vh Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Ijsselland) Jaar | Bijdrage | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 54 | - | - | - 2016 | 50 | - | - | - 2017 | 65 | - | - | - 2018 | 827 | 755 | 2.102 | 26% | 755 2019 | 822 | 402 | 2.179 | 16% | 5 Ontwikkelingen | De primaire meerwaarde van de Omgevingsdienst is natuurlijk gelegen in de efficiënte uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving van de milieuregels. We zien op het werkveld van de Omgevingsdienst veel nieuwe ontwikkelingen, zoals de komst van de Omgevingsdienst met het bijbehorende Digitale Stelsel Omgevingswet (DSO) en de opgaven op het gebied van energie, duurzaamheid en klimaatadaptatie. Ook de sanering van asbestdaken vraagt de nodige aandacht. In overleg met de 12 deelnemers wordt kennis en expertise ingezet om op deze dossiers resultaten te boeken.
Vanaf 202 wordt verder gewerkt aan intensivering van de samenwerking met de Veiligheidsregio en de GGD.. Risico’s | De Omgevingsdienst IJsselland is twee jaar geleden gestart. Er is veel ontwikkeld, maar duidelijk is dat ook op het gebied van informatievoorziening en ontsluiting nog stappen moeten worden gezet. Dit brengt onzekerheden met zich mee, omdat onduidelijk is of de gewenste efficiëncy al kan worden behaald. Tegelijkertijd moet de Omgevingsdienst niet alleen zelf investeringen in de transitie naar de Omgevingswet, maar ook alle partners vanuit de milieu-expertise adviseren over de implementatie van de nieuwe regels. Dit terwijl de regultiere taken en dienstverlening gewoon doorgaan. 102
3.5. Jeugdzorg IJsselland (RSJ) Verbonden partij | Uitvoeringsorganisatie Jeugdzorg IJsselland Activiteiten | De uitvoeringsorganisatie fungeert als aankoopcentrale voor gemeenten. Verder beheert de uitvoeringsorganisatie namens de gemeenten de in het kader van de inkoop gesloten overeenkomsten. Sinds januari 2018 valt ook de coördinatie van de beleidsafstemming tussen de 11 gemeenten onder de gemeenschappelijke regeling. Inhoudelijk belang | Het is een publiek belang dat voor de gemeente de wettelijke jeugdhulptaken worden uitgevoerd en de gemeente daarbij regionaal samenwerkt om zo efficiënt mogelijk te zijn. .Gekozen is voor een lichte vorm van samenwerking ofwel de uitvoerende taken en niet de beleidsvormende taken. Bestuursprogramma | Samenredzaam Deelnemende partijen | De gemeenten Dalfsen, Deventer, Hardenberg, Kampen, Olst-Wijhe, Ommen, Raalte, Staphorst, Steenwijkerland, Zwartewaterland en Zwolle. Aandeel en zeggenschap | De gemeente heeft een zetel in het bestuur. Het college wijst uit haar midden één lid van het bestuur aan.
Vertegenwoordiger | Wethouder Jongman-Smit bedragen x € 1.000 RSJ IJsselland (regionaal servicepunt) (v.h.Bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO) Jeugdzorg IJsselland) Jaar | Bijdrage | Eigen | Vreemd | Solvabiliteits- | Bedrijfs- vermogen | vermogen | ratio | resultaat 2015 | 93 | - | 12.100 | - 2016 | 97 | - | 15.326 | - 2017 | 168 | - | 17.335 | - 2018 | 176 | - | 25.061 | - 2019 | 173 | - | 6.788 Ontwikkelingen | De inkoopmethodiek van 2018 is ook in 2019 gecontinueerd. In de tweede helft van 2019 is gestart met het nadenken over een nieuwe wijze van inkoop. Een nieuwe methodiek betekent ook een nieuwe werkwijze van indiceren, van registreren en van factuurafhandeling. Dit hele proces zal moeten leiden tot een nieuwe aanbesteding in juni 2020. Er kan dan vanaf 2021 gewerkt worden volgens de nieuwe methodiek. Vanaf 2018 zijn er 4 gemeenten, waaronder Steenwijkerland, die zelf de factuurafhandeling ter hand hebben genomen. Halverwege 2019 zijn ook de andere 7 gemeenten verantwoordelijk voor de afhandeling van facturen. Risico’s | Het jaar 2019 is een start gemaakt met het uitwerken van het ‘werkgeverschap’. De RSJ heeft vanaf het begin bijna al het personeel ingehuurd. In veel gevallen van de gemeente Zwolle maar ook van een andere samenwerkingsverband. Dit is een dure oplossing en er is in 2019 nagedacht over een andere wijze van invulling van het werkgeverschap.
Dit heeft nog niet geleid tot wijzigingen terwijl de verwachte verlaging van de kosten al wel ingeboekt is. Een ander risico betreft de financiële uitkomsten van het nieuwe inkoopmodel. Deze zullen worden vooraf onderzocht en daarna gemonitord. 103
3.7 | Uitvoering grondbeleid 2019 In 2019 zijn in de gemeentelijke grondexploitaties minder kavels verkocht (47) dan verwacht (94). Ook voor bedrijventerreinen geldt dat er minder is verkocht (8.048 m2 hectare) dan verwacht (17.553 m2). Omschrijving | Prognose 2019 | Werkelijk 2019 Woningbouw | 94 | 47 Bedrijventerreinen | 17.553 m2 | 8.048 m2 De prognose van de verwachte grondverkopen in de grondexploitaties is voor de lange termijn gebaseerd op de historische uitgifte en voor de korte termijn op opties. De opties bieden enerzijds een concrete basis voor de prognose van de grondverkopen in het eerstvolgende begrotingsjaar. Voor 2019 zien we echter dat lang niet alle opties zijn geëffectueerd. Tegelijkertijd is een kanttekening hierbij dat grondverkopen zich niet altijd laten vangen in een verantwoordingsjaar. De verwachting is dat in 2020 diverse grondverkopen zullen plaatsvinden vanuit de verkoopinspanningen en reeds opgestarte verkoopprocessen in 2019. Voor de grondexploitaties bedrijventerreinen én de particuliere uitgifte in de grondexploitatie Kornputkwartier is structureel sprake van een discrepantie tussen de verkoopprognoses en werkelijke grondverkopen. Bij de herziening van de grondexploitaties is hier rekening mee gehouden, door het uitgiftetempo in een aantal grondexploitaties te temporiseren.
Nota Grondbeleid 2020-2024 Op 17 december 2019 is de Nota Grondbeleid 2020-2024 vastgesteld. Voor de visie op het grondbeleid en de wijze waarop het grondbeleid wordt gevoerd wordt verwezen naar de Nota Grondbeleid 2020-2024. Grondbeleid is in zijn algemeenheid een middel om ruimtelijke doelstellingen te realiseren, bijvoorbeeld op het gebied van volkshuisvesting, lokale economie, natuur en groen, infrastructuur, duurzaamheid of maatschappelijke voorzieningen. Het grondbeleid is daarmee een vorm van ‘facetbeleid’ dat volgend/dienend is aan het ‘sectorale beleid’. Het beleidsmatige uitgangspunt van de gemeente Steenwijkerland is faciliterend grondbeleid, tenzij vanwege volkshuisvestelijke en/of economische redenen actief grondbeleid gewenst is. Belangrijke gebeurtenissen 2019 In 2019 hebben zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan die gevolgen hebben voor de financiële positie van het gemeentelijke grondbedrijf. De grondprijzenbrief 2020 is op 17 december 2019 vastgesteld door het college en ter kennisname verstuurd naar de raad. De grondprijzen opgenomen in de grondprijzenbrief 2020 zijn verwerkt bij de herziening van de grondexploitaties per 1-1-2020. De grondprijzen 2019 zijn geconsolideerd in 2020, omdat de markt onvoldoende ruimte biedt om de grondprijzen te verhogen door de stijgende bouwkosten. We hanteren met andere woorden in 2020 dezelfde grondprijzen als in 2019.
Dat heeft een negatief effect op de grondexploitatieresultaten, aangezien we rekening houden met een jaarlijkse opbrengstenstijging van 1,5%. Het ingerekende uitgiftetempo van particulier kavels in de grondexploitatie Kornputkwartier is per 1-1-2020 getemporiseerd. In de grondexploitatie ultimo 2018 werd nog uitgegaan van een gemiddeld uitgiftetempo van 10-11 particuliere kavels in de periode 2019 t/m 2028. Op basis van de gerealiseerde verkoop van particuliere kavels in 2019 is dit in de grondexploitatie ultimo 2019 bijgesteld naar gemiddeld circa 6-7 particulier kavels in de periode 2020 t/m 2034. Het gaat in totaal om uitgifte van 101 particulier vrijstaande kavels in deze periode. De verwachte einddatum van de grondexploitatie is verzet naar 31-12-2034 en daarmee is de resterende looptijd verlengd van 10 naar 15 jaar. De moeizame uitgifte van particulier vrijstaande kavels is mogelijk reden tot herprogrammering van het nog uit te geven restprogramma binnen het project Kornputkwartier. De parameter rente en kosten- en opbrengstenstijging zijn gehandhaafd op 1% respectievelijk 2% en 1,5%. Programma Woningbouw In 2019 zijn in totaal 47 woningbouwkavels verkocht (particulier + projectmatig), terwijl de prognose uitging van de verkoop van 94 woningbouwkavels (particulier + projectmatig). Hiermee is in 2019 minder verkocht dan verwacht.
In het project Kornputkwartier hebben de marktpartijen in 2019 meer grond afgenomen dan de contractueel overeengekomen afnameverplichting. In 2018 was dit ook al het geval. Dit heeft vermoedelijk ook te maken met de te ontwikkelen woningtypen (hoofdzakelijk rij- en twee-onder-één-kapwoningen), waar in de markt voldoende afzetmogelijkheden voor lijken te zijn. De particuliere uitgifte (19) loopt gemeentebreed achter bij de prognoses (63). Dit kan te maken hebben met het feit dat bij particuliere uitgifte van grond doorgaans sprake is van ontwikkeling van vrijstaande woningen. 104
105 Programma Bedrijventerreinen De uitgifte van bedrijventerreinen loopt achter op de prognoses. De vraag is in de praktijk lager dan de geschatte vraag op basis van het document Afspraken Regionale Bedrijventerreinen Programmering West Overijssel 2019-2022. Aandachtspunt blijft dat de vraag naar bedrijventerreinen zich hoofdzakelijk ma nifesteert in de kern Steenwijk, terwijl het merend eel van het aanbod in de overige kernen binnen de gemeente Steenwijkerland i s gelegen. Er is dus een mismatch tussen vraag en a anbod. Daarom wordt er in sommige gevallen ook gezocht naar alternatieve (tijdelijke) invullingen, zoals het zonnepark op het bedrijventerrein Boterberg te Oldemarkt. De totale gemeentelijke voorraad bedrijventerrein bedraagt circa 8 hectare. Resultaten De prognose van het gezamenlijk resultaat tot en me t 2038 van de onderhanden grondexploitaties was per ultimo 2018 € 5,8 miljoen positief op eindwaarde. De prognose van het gezamenlijk resultaat tot en met 2038 van de onderhanden grondexploitaties was per ultimo 2019 € 5,1 miljoen positief op eindw aarde. Dat is een verslechtering van circa 0,7 milj oen, mede veroorzaakt door de financiële consequenties van de sociale invester ingsopgave, temporisering van het uitgiftetempo Kor nputkwartier en de bij de jaarrekening 2019 genomen winsten en verliezen.
Door de mutaties in de grondexploitaties en de invo ering van de POC-methode kunnen en moeten er in ver schillende complexen winsten genomen worden, terwijl in andere complexen verliezen moeten worden genomen. Per saldo beteken t dit voor 2019 een winst binnen het grondbedrijf van circa € 0,1 miljo en. Voorgesteld wordt deze winst te verrekenen met de Algemene Reserve vrij besteedbaar. Met de vaststelling van de Nota Reserves en voorzieningen op 19 december 2017 is de Algemene Reserves Grondexploitatie (ARG) opgegaan in de Algemene Rese rve vaste Buffer. Hiermee wordt benadrukt dat het g rondbedrijf deel uitmaakt van de algemene dienst en geen apart onderdeel is binnen de financiële huishouding van de gemeente. Het totale risico binnen de grondexploitaties is op basis van de jaarrekening 2019 ca. € 3,5 miljoen (2018: € 3,5 miljoen). In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt het totale pakket aan risico’s gepresenteerd.
106 4. Verklaring Ensia Inwoners en ondernemers moeten kunnen rekenen op ee n betrouwbare overheid die luistert naar hun zorgen en wensen en vervolgens daarop inspeelt in haar dienstverlening. Een betrouwbare en veilige informatievoorziening e n het respecteren van de privacyaspecten binnen deze informatie is noodzakel ijk voor het goed functioneren van de gemeente en i s de basis voor het beschermen van de rechten van inwoners en ondernemers. Het College van B&W legt verantwoording af over de kwaliteit van de informatieveiligheid. Hierbij word t gebruik gemaakt van de zogenaamde ENSIA methode. De horizontale verantwoor ding die hieruit ontstaat bestaat uit een zelfevalu atie en een verklaring van het College van B&W over de (informatie)veiligh eid van de diverse informatiesystemen. Het gaat dan over de geselecteerde beveiligingsnormen inzake DigiD, Suwinet, BAG, BGT, BRO, BRP en PUN. IB beleid, doelstellingen en afspraken. Onder informatiebeveiliging wordt verstaan het tref fen en onderhouden van een samenhangend pakket van maatregelen om de betrouwbaarheid van de informatievoorziening aantoo nbaar te waarborgen. Kernpunten daarbij zijn beschi kbaarheid, integriteit (juistheid) en vertrouwelijkheid van persoonsgegevens en andere informatie.
Het informatiebeveiligingsbeleid geldt voor alle pr ocessen van de gemeente en borgt daarmee de informa tievoorziening gedurende de hele levenscyclus van informatiesystem en, ongeacht de toegepaste technologie en ongeacht het karakter van de informatie. Het beperkt zich niet alleen tot de ICT en heeft betrekking op het politieke bestuur, alle medewerkers, inwoners en ondernemers, gasten, bezoekers en externe relaties. Algemeen beeld en resultaten afgelopen periode In 2019 is het strategische informatiebeveiligingsbeleid 2020-2022 vastgesteld. Dit (informatie)beveiligingsbeleid is richtinggevend en kaderstellend en wordt aangevuld met onderwerpsp ecifieke beleidsdocumenten voor informatiebeveiligi ng op tactisch niveau en werkinstructies op operationeel niveau. In 2019 is op basis van een GAP-analyse op de Baseline Info rmatiebeveiliging Overheid (BIO) gestart met de implementatie van de BIO- normen die in 2020 zijn vervolg krijgt. Daarna ast zijn op basis van evaluaties, risico inventarisaties en uitgevoerde testen speerpunten en prioriteiten gekozen die zijn opgenomen in het vastgestelde informatiebeveiligingsplan 2020. Collegeverklaring Als bijlagen zijn de vastgestelde Collegeverklaring ENSIA 2019 en het hierop door de onafhankelijke IT auditor afgegeven assurance-rapport.
Meerjarenperspectief De belangrijkste trends en ontwikkelingen voor de gemeentelijk informatieveiligheid voor 2020 zijn: 1. Uitvoering geven aan het informatiebeveiligingsplan 2020. 2. Verdere implementatie van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). 3. Vanuit de BIO worden meer dan voorheen verantwoo rdelijkheden en rollen bij de teamleider/proceseige naar belegd. Dit houdt voor teamleiders/ proceseigenaren in dat op voorhan d keuzes moeten gemaakt en continu afwegingen moet worden gemaakt om informatie in bestaande en nieuwe processen adequaa t beveiligd zijn in termen van beschikbaarheid, int egriteit en vertrouwelijkheid. 4. Verhogen van de digitale weerbaarheid door conti nue aandacht voor bewustwording bij medewerkers en het treffen van technische maatregelen om onze informatie verwerkende omgeving te monitoren op kwaadaardige dreigingen.