CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

I7.0 Provincie Overijssel - Informatie begroting 2018 en meerjarenraming 2019-2021.pdf

Raadsvergadering 11 april 2017, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken6.363 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ing ek om en d.d . . St^enwi kerkjncl 2 2 MRT 2017 Za ak nu nin sT . Keuk s i Lutte nber gstra at 2 Postbus 1 0078 8000 GB Zwolle Telefoon 038 4 99 8 8 99 Fax 038 425 48 88 Overijssel.n l postbüS@iovenjssel.nl Aan de raad van de ge meente Steenw ijkerlan d Postbus 162 833 0 AD STEENWIJK In lic h ti ng en b ij Mw. M.W. J. van den Broek telefo on 0 38 49 9 94 22 MWJ.vd.Broek@ overlJssel.nl Ond erwerp: Uw beg roting 2018 en meerja ren ram ing 2019-20 21 KvK 51 0483 29 IBAN NL 45RABO039 7341121 Datum 14 .03 .20 17 Kenmerk 20 17 /00 53 98 2 Pagina 1 Uw kenmerk Geachte raadsle den. Deze ja arlijks e beg rotin gsbrief is van belan g voor uw beg roting 2018 en m eer jare nra min g 201 9-2 021 . W ij beoorde len uw begroting en mee rja renram ing In de b ijlage leest u hoe wij dat doen. U leest hierin over het proces Financieel To ezicht, over de begrotingsric htiijnen en over de toets ingsaspecten die wij volgen ais wij uw beg roting beoo rdelen. Wilt u deze stukken digitaa l willen lezen? Dan k un t u deze eveneens te rugvinden op de s ite van het financieel toezich t, zie www.overiissel.nl/beqrotinQSCircuiaire. Er ligg en be lang rijke uit dagin ge n o p h et gebie d van g em eentefinan cië n Hierover leest u ook meer in de bijlage.

Zoals: onzekerheden b ij h et uitvoere n van decentralisaties in het sociaal dom ein onde r ande re ais ge volg van de r ijkskortinge n; veranderingen in het Besluit Begrotin g en V eran twoording provincies en gem eenten (BBV). Zoals nieuwe regels rondom de re nte . W ij g even u g raag een pres en tatie ov er fin an cie el toez ich t Dit kunnen wij doen voor uw raad of voor een afvaa rdiging van uw raad. Heeft u hie rin interesse? Bei da n gerus t m et Maria van den Broek. Haar tele foonnu mmer is 038 - 499 94 22. E-maiien kan ook, naar MWJ.vd.Broek@ overiissei.nl Le es ook m ee r i n de dig ita le fiy e r op w w w .o ve rl is se i/fin a n cie e lto e zic h t Hier leggen we k ort u it wat het financieel toezicht op gemeenten inh oudt. Bijlagen 1 Datum verzending 21 nm 2017 provincie "^verijssel

Uw begroting 2018 en meerjarenraming 2019-2021 Ve rgelijk de financië n van uw ge mee nte m et an de re Overijssels e g em ee nten Met de databank gemeentefinanciën kunt u uw eigen gemeente v erg elijken me t andere Overijsselse g eme enten op het gebied van financiën. De datab ank is nog in ontwikkeling. De gegevens worden aangevuld voor w at b etreft de onderwerp en en een m eerjarige beeld. Bel ge rust als u nog vra gen he ef t: 038 - 499 94 22 Wij helpen u graag. U kunt ons op werkdage n bereik en of een e -mail sturen naar mw1.vd.broek(Sioveriissel.nl. Het college van burgemeester en wethouders kr ijg t een afschrift van deze b rie f. Gedep uteerde s tate n van O verijsse l, Wilt u in u w corre spondentie m et de provincie Ove rijss el: • één onderwe rp per brie f h antere n; • he t in deze b rief opgenomen kenm erk verm eide n.

BEGROTINGSCIRCULAIRE GEMEENTEN Inhoud Inleiding 2 1. Proces Financieel toezicht in aanioop naar uw begroting 2018 3 2. Wij bepaien de vorm van toezicht 5 We houden repressief of preventief toezicht 5 Wanneer houden we repressief toezicht? 5 Wanneer houden we preventief toezicht? 5 3. Structureei en reêei evenwicht is beiangrijk 7 Wat is structureel evenwicht? 7 Wat is reëel evenwicht? 7 4. Wij beoordeien of uw begroting structureei en reëel in evenwicht is 8 U zorgt dat het vaststellingbesluit compleet is 8 U krijgt een algemene uitkering uit het Gemeentefonds 8 Uw bezuinigingsmaatregelen en taakstellingen zijn haalbaar 8 U geeft inzicht in het onderhoud van kapitaalgoederen 9 a. Is er een actueel beheerplan? 10 b. Wat is het kwaliteitsniveau? 10 c. Is hiervoor voldoende budget beschikbaar? 10 d. Is er sprake van achterstallig onderhoud? 10 5. Ontwikkelingen in het Besiuit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) 11 U past de financiële verordening aan 11 U neemt investeringen met maatschappelijk nut op de balans op 12 U neemt financiële kengetallen op én licht deze toe 12 U houdt rekening met extra notities van de commissie BBV 12 1. Notitie Grondexploitatie 12 2. Notitie Rente 13 3. Notitie Kapitaalgoederen 14 6.

Overige onderwerpen 15 U laat duidelijk zien hoe u de lasten binnen het sociaal domein beperkt 15 U houdt rekening met een vrijstelling van precariobelasting 15 U houdt rekening met de nieuwe Omgevingswet 16 U zorgt voor een goed en volledig meerjarenbeleidsplan gemeenschappelijke regelingen 17

Inleiding leder jaar geven wij u relevante en actuele informatie over de wijze waarop wij uw (meerjaren)begroting beoordelen vanuit onze wettelijke taak, het financieel toezicht. U dient deze informatie te betrekken bij het vaststellen van uw begroting. Wanneer wij overwegen om uw gemeente onder het preventieve toezicht te plaatsen, gaan wij eerst met u in overleg. Vervolgens berichten wij u dan vóór 1 januari 2018. Lees deze circulaire goed door Uw (meerjaren)begroting is gebonden aan verschillende regels. Met dit document helpen wij u op weg. U leest hierin onder andere: - Welke vormen van toezicht zijn er? Welke wet- en regelgeving hanteren wij bij het toezicht? Wat verstaan we onder structureel en reëel evenwicht? - Waar kijken we naar als we beoordelen of uw begroting en meerjarenraming structureel en reëel in evenwicht is? Welke ontwikkelingen zien we in het Besluit Begroting en Verantwoording gemeenten (Hierna te noemen: BBV)? In het BBV staan de regels over hoe u uw begroting moet inrichten. Met welke andere specifieke onderwerpen houdt u rekening? Zoals bijvoorbeeld de precariobelasting en de Omgevingswet. U kunt uw begroting per post of digitaal sturen Dit geldt voor uw begrotingen, maar ook voor wijzigingen in begrotingen, jaarrekeningen en andere wettelijk verplichte documenten. Stuurt u ons informatie digitaal? Zorg er dan voor dat wij deze goed kunnen archiveren.

Op die manier blijft voor de toekomst duidelijk wat de besluitvorming is geweest. Een raadbesluit met alleen een link naar informatie op een website of app is bijvoorbeeld niet voldoende. Laat het ons weten als u vragen heeft Heeft u vragen over deze circulaire? Neem dan gerust contact op met de ambtelijk contactpersoon voor uw gemeente.

1. Proces Financieel toezicht in aanloop naar uw begroting 2018 In de onderstaande tabel ziet u welke stappen wij (op hoofdlijn) volgen vanaf Januari tot en met december in 2017 met de bestuurlijke momenten. Activiteit Wanne er Inform ee l tr ajec t gem eente n Bepaling en vaststelling toezichtsbeelden/kleuring Interbestuurlijk toezicht (IBT) Maart Proces en criteria schriftelijk communiceren met gemeenten (B egrotingsbrlef) 1® helft m aart Traject eventuele preventieve gemeenten Doorlopend Uiterste Inzendtermijn jaarrekeningen gem eenten 15 lull Beoordeling jaarrekeningen met bijhorende accountantsrapporten van gemeenten 2e kw artaa l met doorloop In 3® kwartaal 1 ' bestuu rlijk m oment gem een ten 1® beeld: Stand van zaken (weerslag 1® gespreksronde, kadernota's o.d., jaarrekeningen) van gemeenten Sept./ok t. Ambtelijke ontvangst en beoordeling van door de colleges vast te stellen cq. vastgestelde concept- programmabegrotlnqen en meerjarenramingen. Okt 1 Wettelijk tra ject geme ent en Ontvangst van de door de raden vastgestelde Programmabegroting (verplicht op grond van GW) 15 november Definitieve beoordeling van de door de raden vastgestelde programm abegrotingen 2® helft no v. TopambteUjk overleg Signalering o.b.v . door de colleges vast te stellen concept begrotingen. Initia tie f ligt b ij de gemeenten. Eind ok t.

(doch voor verzending 1 concept naar de raad) 2e bestu urlijk mo me nt g emeen ten GS verzamelnota m et voorstel toezichtregimes + brieve n Ie week dec Hoorzitting met (een delegatie of vertegenwoordiging van) de raden van gemeenten op voornemen GS Instellen preventief toezicht Direct na GS besluit 1 Voorleggen aan GS van uitkomsten gesprekken gemeenten en Finale besluitvorming GS toezichtsvorm igemeenten door GS 3e week dec Finale briev en over de toezichtsvorm aan raden van de gemeenten. 3e week dec. 1 Bes tuu rlijk 1 mome nt Wie Ja Ja Gedeputeerde Staten 1 Gedeputeerde Staten Provincie Gemeenten Provincie Ja Gedeputeerde Staten Provincie Gedeputeerde Staten Provincie Secretaris gemeenten Ja Gedeputeerde Staten Ja Gedeputeerde Ja Gedeputeerde Staten Afhandeling Provincie

Activiteit Wa nneer H Bestu urlijk mo me nt Wie Brieven ter kennisname over de toezichtsvorm 3e week dec. H Afhandeling Provincie gemeenten aan BZK, PS en VNG Overijssel 1 • Publicatie Staatscourant preventieve gemeenten 1® week jan. | H Afhandellno Provincie Escalatiemoment (topambtelijk overleg) Net zoals in voorgaande jaren is in het proces Financieel Toezicht een moment voor topambtelijk overleg opgenomen (het zgn. escalatiemoment). Dit moment is bedoeld voor die gevallen waarin een college van B&W bij het vaststellen van de concept-begroting frictie vermoedt of ziet met het beleidskader Financieel Toezicht. Op dat moment heeft escalatie nog werkelijk zin. In de aanloop naar de vaststelling van een concept-begroting kan een eventuele noodzakelijke bijstelling immers nog geëffectueerd worden. Volgens eerder gemaakte afspraken is het de gemeentesecretaris die opschaalt naar de provinciesecretaris.

2. Wij bepalen de vorm van toezicht We houden repressief of preventief toezicht U ziet er op toe dat de (nneerjaren)begroting structureel en reëel in evenwicht is. Naast uw beoordeling houden wij toezicht. Dit doen wij op basis van vertrouwen en zelfstandigheid van de gemeenten. Regulier houden wij repressief toezicht. Repressief toezicht betekent dat u uw begroting direct kunt uitvoeren. Onze goedkeuring is niet nodig. Wanneer uw begroting niet aan de wettelijke criteria voldoet, is er sprake van preventief toezicht. Preventief toezicht betekent dat w ij de begroting en de daarop volgende wijzigingen eerst moeten goedkeuren voordat u deze kunt uitvoeren. Deze vorm van toezicht is een uitzondering. Wanneer houden we repressief toezicht? 1. Als uw begroting structureel en reëel in evenwicht is. Wot betekent structureel evenwicht? De structurele baten dekken ieder jaar de structurele lasten. Wat betekent reëel evenwicht? De geraamde bedragen zijn geloofwaardig. Oftewel: volledig, realistisch en haalbaar. Dit evenwicht geldt voor uw raming inclusief nieuw beleid. Wij nemen dit mee in onze beoordeling. Is uw begroting niet in evenwicht? Dan dient u in de meerjarenraming aan te tonen dat de begroting uiterlijk in 2021 in evenwicht is. Er kan geen sprake zijn van opschuivend perspectief.

Bij de beoordeling van het evenwicht, beoordelen wij of er sprake is van een opschuivend perspectief. Daarmee wordt bedoeld dat het niet is toegestaan om ieder jaar opnieuw een (meerjaren)begroting aan te bieden waarbij uitsluitend de laatste jaarschijf in evenwicht is. Is er in uw (meerjaren)begroting alleen evenwicht in de laatste jaarschijf (2021) van de meerjarenraming 2019-2021? Dan beoordelen wij of er sprake is van opschuivend sluitend meerjarenperspectief. Dit is het geval als ook bij de begroting 2017 alleen de laatste jaarschijf (2020) in evenwicht was. Als dat zo is, dan moeten bij de begroting 2018 minimaal de laatste 2 jaarschijven in evenwicht zijn (2020 en 2021). 2. Als u ons de jaarrekening en begroting op tijd stuurt. Dit betekent: - U stuurt ons de jaarrekening vóór 15 juli 2017. - U stuurt ons de begroting vóór 15 november 2017. Wanneer houden we preventief toezicht? Preventief toezicht is aan de orde wanneer: 1. uw begroting niet structureel en reëel in evenwicht is. Daarnaast is het niet aannemelijk dat u dit evenwicht uiterlijk in de laatste jaarschijf (2021) van de meerjarenraming herstelt. 2. de begroting en/of jaarrekening te laat zijn ingezonden door uw college. Overschrijding van de inzendtermijnen leidt in beginsel to t preventief toezicht (ook voor een financieel gezonde gemeente).

De reden hiervoor is dat de toezichthouder tijdig over informatie moet beschikken om zich een oordeel te kunnen vormen over de financiële positie. Dit oordeel is belangrijk voor ons besluit over de (in te stellen) toezichtvorm. Mocht u voorzien dat de wettelijke inzenddatum niet gehaald kan worden, dan dient u ons daarvan tijdig in kennis te stellen en om uitstel te vragen.

Deze uitgangspunten hanteren wij Wij bepalen de vorm van toezicht onder andere op basis van: De Gemeentewet, zie http://wetten.overheid.ni/BWBR0005416/2017-01-01: De Algemene wet bestuursrecht, zie http://wetten.overheid.ni/BWBR0005537/2017-01-01: Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), zie http://wetten.overheid.ni/BWBR0014606/2016-04-14: De notities van de commissie BBV, zie http://www.commissiebbv.ni/begroten/notities- commissie/: Ons Gemeenschappelijk financieel toezichtkader (2014), zie http://www.overiissei.ni/bestuur/overiissei/financieei-toezicht/gemeenschappeiiik/: Deze begrotingscirculaire, zie www.overiissei.ni/begrotingscircuiaire.

3. Structureel en reëel evenwicht is belangrijk Wat is structureel evenwicht? Dekken de structurele baten de structurele lasten? Dan is er structureel evenwicht. Dit beoordelen wij per jaarschijf. Uit de begroting moet duidelijk blijken welke geraamde baten en lasten structureel zijn en welke incidenteel zijn. Belangrijke onderdelen daarbij zijn: het overzicht van beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves; het overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten; het overzicht van baten en lasten waarin, conform art. 17 BBV, is opgenomen: O per programma, of per programma-onderdeel, de raming van de baten en lasten en het saldo; O het overzicht van de geraamde algemene dekkingsmiddelen, de geraamde kosten van de overhead, het geraamde bedrag van de heffing voor de vennootschapsbelasting en het het geraamde bedrag voor onvoorzien; O het geraamde totaal saldo van baten en lasten; O de beoogde toevoegingen en onttrekkingen aan reserves (per programma); O en het geraamde resultaat. Het is belangrijk dat u deze overzichten daadwerkelijk gebruikt om het structureel begrotingssaldo te bepalen en te presenteren. TIP Lees de notitie Incidentele en structurele baten en lasten Wilt u meer weten over het verschil tussen incidentele en structurele baten en lasten? Lees dan de notitie Incidentele en structurele baten en lasten van de commissie BBV.

Deze kunt u vinden via de link op de vorige bladzijde of wij kunnen u deze toesturen. Wat Is reëel evenwicht? Dit betekent dat de geraamde bedragen volledig, realistisch en haalbaar zijn. Wanneer wij beoordelen dat dit niet het geval is, dan kunnen wij een negatieve bijstelling doorvoeren op het structureel begrotingssaldo. Dit kan betekenen dat wij vinden dat uw begroting niet structureel en reëel in evenwicht is. U komt dan in aanmerking voor preventief toezicht. Uitgangspunten van ons toezicht De toezichtscriteria staan in artikel 203 van de Gemeentewet. Deze hebben wij verder uitgewerkt in ons Gemeenschappelijk financieel toezichtkader, zie http://www.overiissel.nl/bestuur/overiissel/financieel-toezicht/gemeenschappeliik/.

4. W ij beoordelen of uw begroting structureel en reëel in evenwicht is Bij de beoordeling of uw begroting structureel en reëel in evenwicht is betrekken we onder andere de volgende actuele onderwerpen. U zorgt dat het vaststellingbesluit compleet Is Het vaststellingbesluit moet een compleet beeld geven van uw besluitvorming. Hierin moet ook staan: wat er is veranderd ten opzichte van de conceptbegroting. Dit dient u te laten weten in een aparte begrotingswijziging en welke investeringskredieten u beschikbaar stelt als u de begroting vaststelt? Als de meerjarenraming in evenwicht is en het begrotingsjaar een tekort heeft: hoe maakt u het begrotingsjaar sluitend? U krijgt een algemene uitkering uit het Gemeentefonds De hoogte van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds verschilt ieder jaar. U maakt een raming op basis van reële uitgangspunten en tenminste de mei/junicirculaire 2017. Daarin staan de uitkeringsfactoren en de effecten van de herijking en ontwikkelingen van het Gemeentefonds. U stuurt ons de meerjarige berekeningen (2018 tot en met 2021) van de algemene uitkering U stuurt deze informatie mee met de begroting. Dit zijn de berekeningen zoals u die hanteert in uw (meerjaren)begroting. U vermeldt ook de gehanteerde eenheden en bedragen per eenheid.

U houdt rekening met de loonstijgingen U houdt rekening met de budgettaire effecten van de loonstijgingen volgens de circulaire die u heeft gehanteerd voor het ramen van de algemene uitkering. Dit kan op 2 manieren: U verwerkt het in de ramingen van de personele lasten of organisatiekosten. U neemt een aparte stelpost hiervoor op (voor zover de eigen eerder vastgestelde uitgangspunten afwijken van de uitgangspunten in de gehanteerde circulaire). U houdt rekening met de prijsstijgingen Raamt u de algemene uitkering op basis van lopende prijzen? Dan houdt u aan de lastenkant van de meerjarenraming rekening met een mutatie van ten minste de prijsontwikkeling van het Bruto Binnenlands Product, zoals dat wordt genoemd in de circulaire die u hanteert. Gebruikt u een ander percentage voor prijsstijgingen, zoals voor subsidies? Dan licht u dit toe in de programmabegroting. Uw bezuinigingsmaatregelen en taakstellingen zijn haalbaar Om uw financiële positie te bepalen, beoordelen wij of de bezuinigingsmaatregelen of taakstellingen in uw begroting haalbaar en hard zijn. Daarmee bedoelen we dat u aannemelijk maakt dat er voldoende zekerheid bestaat dat de maatregel tijdig en volledig gerealiseerd zal worden. Hoe vult u de bezuinigingsmaatregelen in? U bent het hoogste bestuursorgaan van de gemeente. Wij vinden het belangrijk dat u laat weten hoe u de maatregelen invult en uitvoert.

Dit dient u transparant en reëel te onderbouwen. Dat betekent dat wij van u verwachten dat u de maatregelen concreet op programmaniveau invult. Het proces dat bij het concretiseren gevolgd gaat worden moet eveneens vastliggen. Heeft u eerdere bezuinigingsmaatregelen vastgesteld? Dan kijken wij hier ook naar.

LET OP Bezuinigingsmaatregelen moeten reëel onderbouwd zijn Vinden wij de bezuinigingsmaatregelen die u voorstelt onvoldoende reëel onderbouwd? Dan corrigeren wij deze posten op uw begroting. Wanneer dit leidt t ot een structureel begrotingstekort, kan dit preventief toezicht tot gevolg hebben. Zijn de taakstellingen van de verbonden partijen reëel? Als u taakstellingen opneemt op de door u te betalen bijdragen aan verbonden partijen (waaronder gemeenschappelijke regelingen geldt het volgende: "De verbonden partijen moeten op bestuurlijk niveau besluiten dat zij de taakstelling daadwerkelijk uitvoeren en hoe zij dat doen. Als u dit aannemelijk maakt, dan zijn deze taakstellingen reëel." TIP Neem deze informatie op in een aparte paragraaf Neem een aparte paragraaf in uw begroting op: Taakstellingen en stelposten. Daarin krijgen wij in één oogopslag een duidelijk beeld van alle bezuinigingsmaatregelen, taakstellingen en stelposten. Ook zien wij welke taakstellingen nog open staan in de meerjarenraming. Dit geldt ook voor eventuele reserveringen voor toekomstige financiële onzekerheden. Dit geeft u, maar ook ons, beter inzicht in uw financiële positie. U geeft inzicht in het onderhoud van kapitaaigoederen U bent verantwoordelijk voor een veilige en duurzame leefomgeving voor uw inwoners.

Daarom geeft u ieder jaar grote bedragen uit aan het verkrijgen, vervaardigen en onderhouden van kapitaalgoederen. Denk onder andere aan wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Uit de paragraaf 'onderhoud kapitaalgoederen' moet blijken dat de budgetten groot genoeg zijn om het beleid van uw gemeente te kunnen uitvoeren. Wat geldt voor het kwaliteitsniveau van het onderhoud? Wij kunnen bezuinigingen op het jaarlijks en groot onderhoud als reëel beoordelen. Dat doen wij alleen als u voldoet aan de volgende voorwaarden: Een lager kwaliteitsniveau van het onderhoud van de kapitaalgoederen leidt niet tot achterstallig onderhoud of onveilige situaties. Dit dient u aannemelijk te maken. U zorgt voor een actueel beheerplan op basis van het lagere kwaliteitsniveau. De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen geeft inzicht in: a. Is er een actueel beheerplan? b. Welk kwaliteitsniveau geldt voor deze kapitaalgoederen? c. Is hiervoor voldoende budget beschikbaar? d. Is er sprake van achterstallig onderhoud?

Hierna leest u een toelichting per punt. a. Is er een actueel beheerplan? Een beheerplan is actueel als deze niet ouder is dan 4 jaar. We volgen daarbij de aanbeveling van de commissie BBV. U geeft een globaal beeld van het beleid voor het onderhoud van kapitaalgoederen. b. Wat is het kwaliteitsniveau? U bepaalt het kwaliteitsniveau en stelt het budget beschikbaar om dit kwaliteitsniveau te handhaven. Maar dit kwaliteitsniveau moet wel voldoende zijn. Er mag geen kapitaalvernietiging plaatsvinden en er mogen geen onveilige situaties ontstaan. Voor wegenonderhoud is er een minimaal onderhoudsniveau bepaald om achterstallig onderhoud te voorkomen, namelijk niveau C volgens het CROW. CROW is een kennisorganisatie op het gebied van infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer en werk en veiligheid. c. Is hiervoor voldoende budget beschikbaar? Het is belangrijk dat het budget in de begroting overeenkomt met het kwaliteitsniveau dat u heeft vastgesteld. Geef daarom in uw begroting aan (paragraaf onderhoud kapitaalgoederen) wat het benodigde budget is en wat het bedrag is dat u heeft opgenomen in uw begroting. Ontbreekt overeenstemming? Dan zien wij het geraamde budget als een niet-reële raming. De lasten van regulier, klein onderhoud brengt u in het jaar van uitvoering ten laste van de exploitatie.

Denk hierbij aan maatregelen die noodzakelijk zijn om het object blijvend en goed te laten functioneren. Of om ervoor te zorgen dat het object representatief blijft. U kunt de lasten van groot onderhoud kapitaalgoederen op 2 manieren verwerken in de begroting of jaarrekening: U brengt de lasten in het jaar van uitvoering direct ten laste van de exploitatie, of De lasten komen ten laste van een vooraf gevormde voorziening (bedoeld artikel 44 lid Ic van het BBV). U verdeelt de lasten gelijkmatig over verschillende begrotingsjaren. Het BBV kent niet de mogelijkheid om onderhoudslasten via een bestemmingsreserve te egaliseren. Sommige gemeenten hebben de voorzieningen voor groot onderhoud kapitaalgoederen vrij laten vallen. Dit is meestal het geval wanneer het door u vastgestelde beheerplan niet meer actueel is. In de praktijk zien wij dat gemeenten als (tijdelijke) oplossing een bestemmingsreserve groot onderhoud kapitaalgoederen instellen om, gedurende de periode dat het beheerplan wordt geactualiseerd, de onderhoudslasten te egaliseren. In overleg met u kunnen we u een redelijke term ijn geven om deze (tijdelijke) oplossing te 'repareren'. d. Is er sprake van achterstallig onderhoud? Uit de paragraaf (onderhoud kapitaalgoederen) blijkt of er sprake is van achterstallig onderhoud en wat de omvang daarvan is.

Daarnaast geeft u aan welke maatregelen u neemt om deze achterstanden in te halen. De lasten van het wegwerken van achterstallig onderhoud brengt u in één keer ten laste van de exploitatie. Dit zijn incidentele (ofwel eenmalige) lasten. 10

5. Ontwikkelingen in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) De adviescommissie vernieuwing Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) adviseerde het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in juli 2015 om de regels aan te passen (commissie Depla). Het doel is een sterkere sturing door de gemeenteraden. Om dit te realiseren, zijn adviezen gegeven over de transparantie en vergelijkbaarheid van de begroting en jaarrekening. De adviezen zijn door de commissie BBV uitgewerkt in aanvullende notities. Er zijn onder andere notities over rente en grondexploitaties. De notities bevatten belangrijke informatie voor u. Er worden bijvoorbeeld stellige uitspraken vermeld waar u bij het opstellen van uw begroting rekening mee dient te houden. In deze circulaire gaan we hier kort op in. Wilt u eveneens deze notities ontvangen? Deze kunt u terugvinden op de site van de commissie BBV (http://www.commissiebbv.nl/thema/vernieuwing-bbv/) of w ij kunnen u deze op uw verzoek toesturen. De volgende punten nemen wij mee als wij uw begroting beoordelen. U past de financiële verordening aan Door de verandering van het BBV is het noodzakelijk de financiële verordening aan te passen.

Heeft u de aangepaste verordening vastgesteld? Wilt u deze naar ons zenden? Uw college dient deze binnen 2 weken nadat u de verordening heeft vastgesteld (volgens artikel 214 van de Gemeentewet) aan ons toe te zenden. Wat zijn de belangrijkste veranderingen ? • De voorgeschreven taakvelden en beleidsindicatoren hebben gevolgen voor de bepalingen in de verordening over: - de inrichting van de begroting en jaarstukken; - de autorisatie van de baten en lasten door de raad. • In de verordening moeten nu ook regels staan voor de toerekening van: - de overheadkosten; - de rente aan de kostprijzen van rechten en heffingen alsmede de kostprijzen van goederen, werken en diensten die u levert aan overheidsbedrijven en derden. • U past de regels over de afschrijving aan. Dit vloeit voort uit de nieuwe plicht om investeringen met maatschappelijk nut altijd te activeren en af te schrijven naar gelang de gebruiksduur. Door een investering te activeren wordt deze als bezit opgenomen op de balans. Vervolgens komen de kosten van de waardevermindering via afschrijving in de begroting c.q. exploitatie. • In de verordening legt u uit hoe u omgaat met de rente over uw eigen vermogen, zoals algemene reserves en bestemmingsreserves.

• U past de verordening aan over de wijze waarop uw college u informeert over de financiële conditie van de gemeente aan de hand van de verplichte (meerjarige) financiële kengetallen. 11

U neemt investeringen met maatschappelijk nut op de balans op Investeringen met maatschappelijk nut dienen een maatschappelijk nut, maar genereren geen middelen en er is geen markt voor. Voorbeelden zijn wegen, bruggen en openbaar groen. Het activeren van investeringen met maatschappelijk nut heeft financiële effecten. Aan de ene kant leidt dit t ot structurele kapitaallasten (rente en afschrijving) die u structureel moet dekken. Dit verhoogt ook de kosten op lange termijn door de toerekening van de rente. Dit is een extra kostenpost. Houdt hier rekening mee als u de (meerjaren)begroting en de beheerplannen opstelt. Aan de andere kant kan het zijn dat in de startjaren ruimte binnen de begroting ontstaat door een gefaseerde invoering (alleen nieuwe investeringen worden geactiveerd). Vaak werden investeringen in maatschappelijk nut gedekt uit incidentele middelen (reserves). Door deze te activeren zijn structurele middelen nodig in plaats van de eventueel beschikbare incidentele (ofwel eenmalige) middelen. U neemt financiële kengetallen op én licht deze toe Vanaf de begroting 2016 en de jaarrekening 2015 bent u verplicht een basisset van 5 financiële kengetallen op te nemen in uw paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Deze kengetallen geven een beeld van uw financiële positie. Ook zijn gemeenten hierdoor beter met elkaar te vergelijken.

De kengetallen neemt u op voor de jaren 2016 t/m 2021. Het is aan u om beleid vast te stellen over de sturing op kengetallen Eén afzonderlijk kengetal zegt niet alles. Het is belangrijk de kengetallen altijd in samenhang te bekijken. Alleen dan geven ze een goed beeld van uw financiële positie. Het is aan u om beleid vast te stellen over hoe u op kengetallen wenst te sturen. Helaas brengen nog niet alle gemeenten de kengetallen goed met elkaar in verband. Wij vragen uitdrukkelijk uw aandacht voor het opstellen van beleid over kengetallen. Een aantal gemeenten hanteert signaleringswaarden. U houdt rekening met extra notities van de commissie BBV De commissie BBV heeft enkele notities opgesteld, waarin staat hoe u de betreffende onderwerpen in de begroting verwerkt kunnen of moeten worden. Houdt u rekening met deze notities als u de begroting opstelt? U kunt de notities vinden op de website van de eerder genoemde commissie BBV. We bespreken hieronder de notities over grondexploitatie, rente en kapitaalgoederen. De notities zijn te vinden op http://www.commissiebbv.nl/begroten/notities-commissie/. 1. Notitie Grondexploitatie Wat geldt voor de rente? Bij de aanpassing van het BBV en de invoering van de Vennootschapsbelasting (VPB) voor de lagere overheden is de toerekening van rente een aandachtspunt. Hierna leest u de belangrijkste veranderingen.

• De rente die u toerekent aan Bouwgronden in exploitatie (BIE) moet u baseren op de werkelijke rente over het vreemd vermogen. Dit percentage bepaalt u als volgt: Met projectfinanciering: het rentepercentage van de direct aan de grondexploitatie gerelateerde financiering. Zonder projectfinanciering: het gewogen gemiddelde rentepercentage van de bestaande leningenportefeuille van de gemeente naar verhouding tot het vreemd vermogen en het totale vermogen. 12

• U bent beperkt in het toerekenen aan rente aan de Bouwgronden in exploitatie: de rente over het eigen vermogen kunt u niet toerekenen aan de Bouwgrond in exploitatie; als u geen externe financiering heeft, kunt u helemaal geen rente toerekenen aan de Bouwgrond in exploitatie. • Bij het berekenen van de contante waarde voor een te verwacht verlies voor negatieve grondexploitaties hanteert u een rentepercentage (disconteringsvoet). Dit rentepercentage is nu voor alle gemeenten gelijk: 2%. Dit is het streefpercentage van de ECB voor de inflatie. Wat geldt voor de looptijd van een grondexploitatiecomplex? De richttermijn van een grondexploitatiecomplex is maximaal 10 jaar. Op deze manier beperken we de risico's die samenhangen met zeer lang lopende projecten. Van deze 10 jaar kunt u alleen gemotiveerd afwijken. Dit betekent: • De motivering is door u geautoriseerd. • De motivering is verantwoord in de begroting en de jaarstukken. • De motivering gaat gepaard met passende risico-beperkende beheersmaatregelen op basis van de specifieke omstandigheden. Hierbij kan gedacht worden aan: U heeft afzetcontracten die langer dan 10 jaar lopen. U heeft intenties van projectontwikkelaars of corporaties voor 10 jaar of langer. U heeft harde opbrengsten in eerdere jaren. Deze opbrengsten dekken alle kosten van de exploitatie over de gehele looptijd.

Om het eindsaldo te berekenen (en de mogelijke verliesvoorziening te bepalen) rekent u niet met een indexering op opbrengsten na 10 jaar. U neemt andere maatregelen die de omvang van het geïnvesteerd vermogen beperken. Daarmee verkleint u de risico's op onvoldoende dekking vanuit (nog te realiseren) grondexploitatiebaten. 2. Notitie Rente In de notitie Rente 2017 gaat de commissie BBV in op de verwerking van de rentelasten en -baten in de begroting en jaarstukken. Deze bepalingen en richtlijnen gaan in vanaf het begrotingsjaar 2018. Wat is het doel van deze notitie? • Bevorderen dat gemeenten rente op een eenduidige manier behandelen en verwerken (harmonisering). • Stimuleren dat gemeenten alleen de (verwachte) werkelijke rentelasten opnemen in de begroting en de jaarstukken. • De manier waarop de gemeenten met rente omgaan eenduidig inzichtelijk maken (transparantie). 13

TIP Neem het renteschema uit de notitie Rente op in de porogroof financiering Dit adviseren wij met het oog op: het hebben van inzicht in de rentelasten van externe financiering; een juiste berekening van het renteresuitaat; de manier van rentetoerekening. 3. Notitie Kapitaalgoederen De commissie BBV verwacht in de loop van 2017 een notitie te publiceren over het onderhoud kapitaalgoederen. Wij verwachten van u dat u daar rekening mee houdt. 14

6. Overige onderwerpen U laat duidelijk zien hoe u de lasten binnen het sociaal domein beperkt De taken binnen het sociaal domein voert u al 2 jaar onder uw verantwoordelijkheid uit. Het financiële beeld daarbij wordt steeds duidelijker. Gemeenten voeren de taken binnen het sociaal domein vaak budgettair neutraal uit. U verwacht verdergaande rijkskortingen op de overgehevelde budgetten! Wanneer u budgettair neutraal raamt, dient u te sturen op het beperken van de lasten. Een deel lost u op door efficiency-effecten. Het andere deel door het beleid aan te passen (versobering of transformatie). Wij zien graag concreet in de begroting terug hoe u de lasten beperkt tot het door u toegekende budget. Decentralisaties in het sociaai domein kunnen tot financiëie risico's ieiden Decentralisaties worden vaak samen opgepakt. Maar als deelnemende gemeente blijft u wel verantwoordelijk voor de uitvoering van het beleid. Wordt het budget overschreden? Dan kan dit aan u als deelnemende gemeente worden doorberekend. De financiële risico's kunnen dan groot zijn. Maak goede afspraken Er zijn nog veel onzekerheden. Vooral nu het solidariteitsbeginsel verder onder druk komt te staan. Dit geldt met name bij de jeugdzorg. Dit kan leiden tot onverwachte lasten, omdat de zorgvraag niet altijd (op tijd) bekend is.

Daarnaast spelen bij dit domein onzekerheden door onder andere de 'uitgestelde zorg' en 'vroegsignalering'. Ook bij de andere domeinen zijn de financiële gevolgen van de uitvoering niet helemaal helder. Maak daarom goede afspraken met de organisatie die deze taken voor u uitvoert. Deze taken kunnen gaan over: De manier van werken; De periodieke informatievoorziening; De manier van verantwoording; De manier waarop u kunt bijsturen. Stuur ons uw jaarrekening 2016 op tijd De bovengenoemde afspraken kunnen van invloed zijn op de kwaliteit en tijdigheid van de verantwoording over 2016. Niet alle gemeenten zijn erin geslaagd om de jaarrekening 2015, met een accountantsverslag en -verklaring, op tijd in te sturen. Dit werd meestal veroorzaakt door problematiek in de verantwoording van de taken in het sociaal domein. Wij gaan ervan uit dat dit bij de volgende jaarrekening beter gaat en dat u ons vóór 15 juli 2017 een complete, vastgestelde jaarrekening 2016 stuurt. Wanneer u verwacht hier niet aan te kunnen voldoen, dient u ons om uitstel te vragen. De jaarrekening laat zien of u in staat was het vastgestelde beleid uit te voeren met de beschikbare budgetten. De uitkomsten uit de jaarrekening en het verslag van de accountant nemen wij mee als we de ramingen in uw begroting en meerjarenraming beoordelen.

U houdt rekening met een vrijstelling van precariobelasting In december 2016 kwam de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties met een nota van wijziging over het nieuwe wetsvoorstel voor vrijstelling van precariobelasting voor netwerken van nutsbedrijven. Het wetsvoorstel introduceert een wettelijke vrijstelling van precariobelasting over netwerken onder, op of boven grond van de gemeente, de provincie of het waterschap. Deze netwerken zijn bestemd voor de openbare dienst. 15

Het wetsvoorstel kent een overgangsperiode van 5 jaar Deze termijn van 5 jaar stelt de decentrale overheden in de gelegenheid om mogelijke inkomstenderving geleidelijk op te vangen. Om voor de overgangstermijn in aanmerking te komen, moest u in 2015 al precariobelasting heffen op kabels, draden of leidingen. Met de nota van wijziging van december 2016 heeft de minister de voorwaarde voor de overgangsmaatregel aangepast. In deze nota is de overgangsregeling verruimd. Om in aanmerking te komen voor de overgangsregeling moet er op 10 februari 2016 een belastingverordening zijn voor het heffen van precariobelasting op nutsnetwerken. Voldoet u aan deze voorwaarde? Dan mag u nog tot en met 2021 precariobelasting op openbare werken blijven heffen. U mag dan maximaal het tarief heffen dat op 10 februari 2016 in de verordening stond. Verwerk de komende 5 jaar inkomsten uit deze belasting in de begroting Wordt het wetsvoorstel aangenomen? Dan betekent dit dat na 5 jaar de inkomsten uit deze belasting vervallen voor de gemeenten die hiermee te maken hebben. Een groot deel van de gemeenten die de precariobelasting heffen gebruikt de inkomsten als structurele baat in de begroting. In dat geval adviseren wij u een plan van aanpak op te stellen. In dit plan van aanpak maakt u kenbaar op welke wijze u zorgt voor een geleidelijk overgang naar vervangende dekking na 5 jaar.

U houdt rekening met de nieuwe Omgevingswet We verwachten dat in het voorjaar van 2019 de Omgevingswet ingaat. Deze wet bundelt de wet- en regelgeving voor ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water. Dit betekent 1 wet die ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving stimuleert en kwaliteit borgt. De gebruikers staan hierbij centraal. Dit zijn de belangrijkste verbeteringen • Een samenhangende benadering van de fysieke leefomgeving; • Meer bestuurlijke afwegingsruimte voor de fysieke leefomgeving; • Betere inzichtelijkheid, voorspelbaarheid en meer gebruiksgemak van het omgevingsrecht; • Snellere en betere besluitvorming over projecten in de fysieke leefomgeving. U maakt een omgevingsvisie Met de nieuwe wet zijn het Rijk, de provincies en gemeenten voortaan verplicht een omgevingsvisie te maken. Dit is een strategische visie voor de lange term ijn voor de hele fysieke leefomgeving. De belangrijkste uitgangspunten daarbij zijn: • Gemeenten dienen een omgevingsvisie op te stellen; • Per gemeente geldt een omgevingsplan; • Gemeenten werken de omgevingsvisie uit in een omgevingsplan en programma's; • Het omgevingsplan bevat gemeentelijke regels over de fysieke leefomgeving; • In een programma staan maatregelen waarmee een bevoegd gezag een omgevingswaarde of een andere doelstelling voor de fysieke leefomgeving wil bereiken.

Zorg dat u zich goed voorbereidt Het is belangrijk om een goede inschatting te maken van wat er op uw gemeente afkomt. Op die manier kunt u zich goed op deze nieuwe wet voorbereiden. Dan komt u niet voor (financiële) verrassingen te staan. De gevolgen van de wet zijn namelijk groot voor alle gemeenten. Vergunningaanvragen behandelt u bijvoorbeeld voortaan volgens het principe: 1 loket, 1 procedure en 1 vergunning. Dit heeft gevolgen voor interne procedures, ook voor uw organisatie. ió

Houdt u rekening met de financiële gevolgen voor uw gemeente Bedenk goed: wat zijn de financiële gevolgen van de nieuwe wet voor uw gemeente vanaf 2018? En zorg dat u daarmee voldoende rekening houdt. Denk aan: • Welk personeel is wel en niet nodig? • Hoe begeleidt u het implementatieproces? • Moet u uw medewerkers opleiden? • Wat betekent dit voor ICT? • Wat kost het om de omgevingsdocumenten te ontwikkelen? TIP Kijk voor meer inform atie op: aandeslaametdeomaevinaswet.nl Het programma 'Aan de slag met de Omgevingswet' ondersteunt onder andere overheden om te kunnen werken met de wet. Het programma is een samenwerkingsverband van gemeenten, provincies, waterschappen en het Rijk. U geeft ons inzicht in de beleidsprestaties van verbonden partijen Verbonden partijen zijn belangrijk. Niet alleen om het beleid van de deelnemende partijen te realiseren, maar ook voor de financiële gevolgen daarvan. Hierover gaat de notitie Verbonden partijen (oktober 2016) van de commissie BBV. In deze notitie leest u hoe u bewuster kunt worden van de governance-aspecten en hoe u de instrumenten voor bestuur en toezicht optimaal kunt benutten. U geeft ons inzicht in eventuele risico's Hebben wij voldoende inzicht in de risico's van uw verbonden partijen? Dan hebben wij beter inzicht in de risico's die uw gemeente loopt.

Neemt u daarom de volgende informatie op in uw begroting: • In de paragrafen Verbonden partijen en Weerstandsvermogen en risicobeheersing: beleid over de sturing op financiële risico's op gemeenschappelijke regelingen en overige verbonden partijen. • In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing de risico's van die verbonden partijen op die onvoldoende weerstandscapaciteit hebben en de risico's geheel of gedeeltelijk afwenden op de deelnemers. U zorgt voor een goed en volledig meerjarenbeleidsplan gemeenschappelijke regelingen Gemeenschappelijke regelingen zijn steeds belangrijker om maatschappelijke doelen te bereiken. Neemt u deel aan gemeenschappelijke regelingen? Dan heeft dit voordelen voor u. Echter, het brengt ook financiële en bestuurlijke risico's met zich mee. Hoe benut u de voordelen nu optimaal, terwijl u tegelijkertijd de risico's beheerst? Om dat goed te doen, is grip en sturing op gemeenschappelijke regelingen belangrijk. Een goed meerjarenbeleidsplan met een reële (meerjaren)begroting is daarbij essentieel. U houdt in uw (meerjaren)begroting rekening met de ontwikkelingen bij de gemeenschappelijke regelingen. Als dat nodig is, stuurt u hierop. Dit geeft u meer bestuurlijke en financiële grip op de gemeenschappelijke regelingen. Dit komt het democratisch proces ten goede. 17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/01005a6c-137f-491a-b923-b8529a21f936?agendaItemId=40d5e89e-baa1-41c6-863f-22386d604a39