Herijking Armoede- en Minimabeleid 2019-2022 zonder arcering.docx
Tekst van het document
Dit ligt redelijk in lijn met de aandelen die we landelijk zien. Minima met een bijstandsuitkering zijn vaker langdurig aangewezen op een minimuminkomen dan minima met een andere inkomensbron. 12 procent is nieuwe minima In totaal zijn er 167 nieuwe instromers in 2016 die korter dan een jaar op het minimum zitten. Bijna twee derde heeft een bijstandsuitkering. 8 procent van alle kinderen groeit op in een minimahuishouden In 372 minimahuishoudens groeien 737 kinderen op in de leeftijd tot 18 jaar. Dat is 8 procent van alle kinderen. Kinderen in een eenoudergezin hebben meer kans op armoede dan kinderen die opgroeien in een gezin met twee ouders: 32 procent tegenover 5 procent. Ook in gezinnen van niet - westers allochtone afkomst is het aandeel kinderen hoger dan gemiddeld: 40 procent van de kinderen uit een dergelijk gezin groeit op in een minimahuishouden. 26 Bereik minimaregelingen Onderstaande figuur geeft het bereik per inkomensondersteunende regeling over 2016 in Steenwijkerland weer. Dit is het gebruik op huishoudniveau afgezet tegen de doelgroep.
Regeling Gebruik 2016 Doelgroep Bereik Kwijtschelding 888 1.253 71% Bijzondere bijstand 402 1.253 32% Individuele inkomenstoeslag 301 673 45% Collectieve zorgverzekering 354 1.395 25% Bijdrage sociale en culturele activiteiten 843 1.395 60% Bijdrage in de kosten voltijds voortgezet onderwijs 97 185 52% Bijdrage computer 40 50 80% Bijdrage kosten peuterspeelzaal 54 80 68% Identiteitskaart 131 n.b. n.b. Het bereik van de kwijtschelding is met 71 procent is goed. Bij de meeste gemeenten zien we een bereik van 70 à 75 procent, waarbij een bereik van 80 procent maximaal te noemen is; Het gebruik van de bijzondere bijstand ligt op 32 procent. In de meeste gemeenten ligt het gebruik rond de 20 procent van de doelgroep. Met name de stijging van de aanvragen voor bewind voering zorgen voor ene hoog bereik van de bijzondere bijstand; De individuele inkomenstoeslag heeft een bereik van 45 procent. Bij andere gemeenten met een referteperiode van drie jaar zien we meestal een bereik van 50 à 60 procent; Het bereik van de collectieve zorgverzekering is met 25 procent iets lager dan we bij de meeste andere gemeenten vinden. Gemiddeld zien we een bereik van ongeveer 30 procent. Vooral bij gemeenten, zoals Steenwijkerland, die meerdere pakketten aanbieden is het bereik de laatste tijd toegenomen.
Dit komt omdat minima daar de keuze hebben tuss en een goedkoper of een duurder pakket; Het bereik van de bijdrage sociale en culturele activiteiten is met 60 procent goed te noemen. In de meeste andere gemeenten zien we een bereik van 35 à 40 procent van een participatieregeling. Een reden hiervoor kan zijn dat de gemeente Steenwijkerland geen vermogensgrens voor deze regeling hanteert; De bijdrage voor de kosten voltijds onderwijs heeft met 52 procent een redelijk goed bereik; Het bereik van de vergoeding voor een computer is met 80 procent erg hoog. 27 Ook de bijdrage voor de kosten peuterspeelzaal heeft met 68 procent een redelijk hoog bereik. Conclusie en aanbevelingen - Het bereik van de meeste minimaregelingen van de gemeente Steenwijkerland is erg goed. De collectieve zorgverzekering en de inkomenstoeslag blijven een beetje achter bij de rest. - De premie voor de collectieve zorgverzekering is vrij hoog. De gemeente kan eventueel meer bijdragen aan de premie zodat het pakket voor de minima goedkoper en aantrekkelijker wordt. - Voor de inkomenstoeslag geldt dat de criteria voor het toekennen in 2017 zijn versoepeld. In 2016 was de gemeente vrij secuur in het hanteren van de criteria voor het toekennen van de toeslag, bijvoorbeeld of iemand perspectief op inkomensverbetering had. - Inzetten op kinderen in armoede.
- Bestrijding kinderarmoede door een armoederegisseur. - Stimuleren van maatschappelijke samenwerkingsverbanden. Overzicht van de uitgaven Bijzondere Bijstand, Minimaregelingen en Kwijtschelding Belastingen in 2017 Regeling Uitgaven 2017 Bijzondere bijstand 668.834 Individuele inkomenstoeslag 147.519 Collectieve zorgverzekering 18.133 Bijdrage sociale en culturele activiteiten 291.267 Bijdrage in de kosten voltijds voortgezet onderwijs 36.651 Bijdrage computer 35.049 Bijdrage kosten peuterspeelzaal 17.740 Identiteitskaart 9.514 Subtotaal 1.224.707 Kwijtschelding belastingen 223.000 Totaal 1.447.707 28 Inkomens effect rapportage 2017 In onderstaande tabel is te lezen hoe we in Nederland het financieel vangnet met elkaar hebben geregeld. Het inkomen op 100% van het Wettelijk sociaal minimum ( Wsm) is de bijstandsnorm. Als iemand boven de 100% zit, betekent dit dat hij of zij inkomsten uit werk heeft.
Huishoudtype Netto inkomen Bijdrage Rijk¹ Bijdrage gemeente² Totaal inkomen Verschil tov 100% Wsm (€) Verschil tov 100% Wsm (%) Alleenstaande 100% Wsm 983 327 52 1.362 110% Wsm 1.081 327 16 1.424 + 63 + 5% 120% Wsm 1.180 327 0 1.507 + 145 + 11% 130% Wsm 1.278 295 0 1.573 + 212 + 16% Alleenstaande ouder, 2 kinderen 100% Wsm 983 815 95 1.893 110% Wsm 1.081 865 50 1.996 + 103 + 5% 120% Wsm 1.180 867 0 2.047 + 153 + 8% 130% Wsm 1.278 869 0 2.147 + 254 + 13% Meerpersoons zonder kinderen 100% Wsm 1.404 452 77 1.933 110% Wsm 1.544 444 32 2.020 + 88 + 5% 120% Wsm 1.685 377 0 2.062 + 129 + 7% 130% Wsm 1.825 275 0 2.100 + 168 + 9% Meerpersoons, 2 kinderen 100% Wsm 1.404 641 111 2.156 110% Wsm 1.544 663 66 2.274 + 118 + 5% 120% Wsm 1.685 584 0 2.269 + 112 + 5% 130% Wsm 1.825 464 0 2.289 + 133 + 6% ¹ De bijdrage van het Rijk bestaat uit de huurtoeslag, zorgtoeslag, het kind gebonden budget en eventuele heffingskortingen ² De bijdrage van de gemeente bestaat uit kwijtschelding van lokale belastingen, de bijdrage sociaal culturele activiteiten, bijdrage voortgezet onderwijs, de individuele inkomenstoeslag en de gemeentelijke bijdrage voor de collectieve zorgverzekering.
Wat opvalt is dat met name de meerpersoonshuishoudens met kinderen ( en in mindere mate de meerpersoonshuishoudens zonder kinderen) vanaf 120% van het Wsm te maken hebben met de armoedeval vanaf het moment dat ze aan het werk zijn gegaan. Oorzaak hiervan is een lagere rijksbijdrage en het wegvallen van de gemeentelijke ondersteuning. Vrije bestedingen Deze paragraaf geeft inzicht in het vrij te besteden bedrag dat maandelijks overblijft na het betalen van alle vaste laste lasten en vaste maandelijkse uitgaven. De volgend e tabel laat het vrij te besteden bedrag per huishoudtype zien. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in het bedrag dat overblijft zonder het gebruik van gemeentelijke regelingen ( exclusief gemeente) en het bedrag dat overblijft met het gebruik van alle regelingen ( inclusief gemeente).
29 Huishoudtype 100% Wsm 110% Wsm 120% Wsm 130% Wsm > 3 jaar 100% Wsm Alleenstaande Exclusief gemeente € 17 € 116 € 214 € 280 € 17 Inclusief gemeente € 69 € 132 € 214 € 280 € 101 Alleenstaande ouder, 2 kinderen Exclusief gemeente € 161 € 280 € 364 € 465 € 161 Inclusief gemeente € 256 € 330 € 364 € 465 € 297 Meerpersoons zonder kinderen Exclusief gemeente - € 9 € 124 € 181 € 220 - € 9 Inclusief gemeente € 68 € 156 € 181 € 220 € 113 Meerpersoons, 2 kinderen Exclusief gemeente € 16 € 178 € 223 € 244 € 16 Inclusief gemeente € 127 € 244 € 223 € 244 € 172 Alleenstaande (pensioengerechtigd) Exclusief gemeente € 146 € 257 € 367 € 472 € 146 Inclusief gemeente € 198 € 273 € 367 € 472 € 198 Meerpersoons (pensioengerechtigd) Exclusief gemeente € 103 € 254 € 386 € 497 € 103 Inclusief gemeente € 180 € 286 € 386 € 497 € 180 Alle huishoudens houden, mits ze gebruikmaken van de gemeentelijke regelingen, maandelijks geld over dat ze vrij kunnen besteden. Alleenstaande ouders en pensioengerechtigden houden hier het meeste geld voor over, meerpersoonshuishoudens zonder kinderen het minst. Langdurige minima die niet pensioengerechtigd zijn (de meest rechtse kolom in de tabel), houden maandelijks meer geld over om vrij te kunnen besteden omdat zij recht hebben op de individuele inkomenstoeslag. Het bedrag dat maandelijks overblijft verschilt aanzienlijk tussen de minimahuishoudens.
Onder huishoudens met een inkomen tot 110 procent Wsm zien we bijvoorbeeld dat een meerpersoonshuishouden met twee kinderen elke maand € 244 overhoudt. Terwijl een alleenstaande ouder met twee kinderen van dezelfde leeftijd maandelijks € 330 vrij te besteden heeft en een alleenstaande € 132. Meerpersoonshuishoudens (met en zonder kinderen) die niet pensioengerechtigd zijn houden maandelijks het minst over. Zij hebben bijvoorbeeld hogere kosten als het gaat om huishoudelijke- en reserveringsuitgaven dan andere huishoudens. Deze extra kosten worden niet volledig door hun hogere inkomsten gecompenseerd. Daarnaast daalt het bedrag dat zij aan landelijke toeslagen ontvangen sneller dan bij andere huishou dtypen, zodra zij meer gaan verdienen. De gemeentelijke minimaregelingen zorgen voor meer vrije bestedingsruimte. 30 Bijlage II De Omgekeerde Toets verder ingevuld Samenvatting uitkomsten bijeenkomst gemeenteraad en uitvoerders Steenwijkerland d.d. 16 januari 2018 De Omgekeerde Toets Bij de Omgekeerde Toets is een werkwijze waarbij het effect voor de burger dat de gemeente en burger samen willen bereiken centraal staat.
Het beoogde effect wordt vervolgens getoetst aan: - De grondwaarde van de wetten in het Sociaal Domein - De ethische discussie in de gemeente - De randvoorwaarden in de wetten Deze werkwijze is een manier om invulling te geven aan de Transformatieagenda van de gemeente Steenwijkerland, zoals vastgesteld in het Beleidsplan Sociaal Domein 2017-2020. Doel bijeenkomst: Raadsleden en medewerkers van de uitvoering bespreken samen de kaders waarbinnen er in Steenwijkerland gewerkt kan worden volgens de Omgekeerde Toets. In stap 3 (de ethische discussie) van de Omgekeerde Toets zijn belangrijke waarden en uitgangspunten nodig waarop de uitvoering kan terug vallen. De raadsleden geven aan wat zij belangrijke uitgangspunten en waarden vinden om de doelstellingen van het beleidsplan te realiseren. Opzet bijeenkomst: Via wisselende discussietafels zijn vier thema’s besproken: 1. Aansluiten bij de ondersteuningsbehoefte en maatwerk leveren 2. Verbinden met de lokale samenleving 3. Integraal (samen)werken 4. Dilemma’s in de uitvoering De discussies aan de tafels werden aan de eind van de avond samengevat in suggesties voor uitgangspunten bij het werken volgens de Omgekeerde Toets en de transformatieagenda. Samenvatting van de uitgangspunten per thema 9.
Aansluiten bij de ondersteuningsbehoefte en maatwerk leveren - Bij maatwerk maken we per situatie de balans op wat de directe kosten en baten zijn en de maatschappelijke kosten en baten. Ook na deze analyse kan de afweging zijn om alsnog een maatwerkvoorziening toe te kennen. - We hebben het lef om buiten de kaders te denken. - We hebben vertrouwen in de medewerkers en de oplossingen die zij aandragen. - We geven medewerkers een vrij mandaat tot een plafondbedrag - Bij complexe situaties pakken we de casus multidisciplinair op - We hebben oog voor de ‘buikpijn’dossiers van consulenten als er buiten de kaders gewerkt wordt. 10. Verbinden met de lokale samenleving - Inzet van vrijwilligers kan onbeperkt, tenzij professionele hulp noodzakelijk is - We streven naar een goede balans bij de inzet van vrijwilligers. We waken voor overbelasting van vrijwilligers - Enkel financiële overwegingen mogen geen afwegingsgrond zijn voor de keuze van vrijwillige of professionele inzet - Goede bekendheid met vrijwilligersinzet en een duidelijke sociale kaart zijn randvoorwaarden - Vrijwilligerswerk en mantelzorg moet goed gefaciliteerd worden 31 - Gelijkwaardigheid en een goede klik tussen hulpvrager en vrijwilliger is een voorwaarde bij het inzetten van vrijwillige inzet. 11.
Integraal (samen)werken - We accepteren dat niet alle effecten concreet meetbaar zijn - Eén gezin, één plan, één regisseur is uitgangspunt. - Vertrekpunt is de klant en niet de regels - We kijken naar de vraag achter de vraag - We hebben lef en vertrouwen om nieuwe oplossingen uit te proberen - We volgen innovatieve en creatieve oplossingen als pilots (?) - We geven professionals het vertrouwen - We focussen op wat goed gaat, een ‘misser’ is geen fout maar een leermoment. 12. Dilemma’s in de uitvoering - We accepteren dat niet alle effecten concreet meetbaar zijn - Fouten maken mag - We zijn een lerende organisatie / medewerkers / gemeenteraad, en trekken lessen uit fouten - Niet alles is te vatten in een verantwoording als je maatwerk levert. - Maatwerk mag duurder zijn als het beoogde effect bereikt wordt, de consulent verantwoordt dan wel zijn/haar keuzes. Terugblik op de discussie Een vruchtbare en waardevolle wijze om als gemeenteraad en uitvoering uit te wisselen wat gedachten en overwegingen zijn. Het leidt tot beter zicht op en begrip voor de praktijk. Met name om het verhaal van de uitvoering bij de rapportages/cijfers te horen. De wens bij de aanwezigen is om een dergelijk gesprek jaarlijks te herhalen.
Begeleiding en verslag Stimulansz, januari 2018 Wilma Kuiper 32 Samenvatting van de uitkomsten voor het kader voor de Omgekeerde Toets Waarden Uit de discussie tussen gemeenteraadsleden en medewerkers zijn een aantal waarden te benoemen, die ten grondslag ligt aan de uitgangspunten. Dat zijn: a. Vertrouwen De waarde vertrouwen geldt vanuit meerdere invalshoeken. Het gaat met name om vertrouwen in de professionaliteit van uitvoerende medewerkers dat zij het goede doen voor de klant. Dit vertrouwen geldt voor de raad, en voor medewerkers onderling. Het gaat eveneens om vertrouwen dat een nieuwe werkwijze bijdraagt aan ander samenspel ontwikkelen tussen inwoners, organisaties en de gemeente in Steenwijkerland. b. Durven Nieuwe werkwijzen vragen lef om niet-gebaande wegen in te slaan, zoals nieuwe oplossingen uit te proberen en het benutten van de vrijheid om individuele beslissingen te nemen. Nieuwe wegen inslaan is zelfs noodzakelijk om een nieuw samenspel te bewerkstelligen. Elkaar aanmoedigen kan daarbij helpen. c. Verantwoordelijkheid Bij de waarden vertrouwen en durven past de waarde verantwoordelijkheid die medewerkers dragen om dat wat ze doen met afwegingen en overwegingen te verantwoorden. Daarmee nemen zij verantwoordelijkheid voor het proces dat ze met een klant ingaan. Een goede samenwerking en collegialiteit dragen bij aan verantwoordelijkheid nemen. d.
Ontwikkeling Met de transformatieagenda en het werken met de omgekeerde toets wil de gemeente Steenwijkerland een ander samenspel ontwikkelen tussen inwoners, organisaties en de gemeente. Daarin stelt zij zich op als een lerende organisatie, die met elkaar de nieuwe werkwijze tussentijds bespreekt en ervan leert. Dat betekent dat de raad accepteert dat niet alles meetbaar is en het verhaal achter de cijfers net zo belangrijk is. Deze waarden zijn terug te vinden in uitgangspunten die behulpzaam zijn bij het vorm geven van de transformatie-agenda en de omgekeerde toets. Uitgangspunten Werkwijze: - Vertrekpunt is de klant en niet de regels - We kijken naar de vraag achter de vraag - Bij complexe situaties pakken we de casus multidisciplinair op, één gezin, één plan, één regisseur is uitgangspunt. - We hebben het lef om nieuwe oplossingen uit te proberen - We hebben vertrouwen in de medewerkers en de oplossingen die zij aandragen. - We volgen innovatieve en creatieve oplossingen als een pilot-project - We hebben oog voor de ‘buikpijn’dossiers van medewerkers als er buiten de kaders gewerkt wordt. Lerende organisatie: - We zijn een lerende organisatie / medewerkers / gemeenteraad, en trekken lessen uit de (nieuwe) praktijk - We focussen op wat goed gaat, een ‘misser’ is geen fout maar een leermoment.
- We accepteren dat niet alle effecten concreet meetbaar zijn 33 Maatwerk: - Bij maatwerk maken we per situatie de balans op wat de directe kosten en baten zijn èn de maatschappelijke kosten en baten. Ook na deze analyse kan de afweging zijn om alsnog een maatwerkvoorziening toe te kennen (vertrouwen in de oplossing). - Enkel financiële overwegingen mogen geen afwegingsgrond zijn voor de keuze voor vrijwillige of professionele inzet. - Maatwerk mag duurder zijn als het beoogde effect bereikt wordt, de consulent verantwoordt zijn/haar keuzes. - We geven medewerkers een vrij mandaat tot een plafondbedrag. - We accepteren dat niet alles is te vatten in een verantwoording als je maatwerk levert. Verbinding lokale samenleving - We streven naar een goede balans bij de inzet van vrijwilligers. We waken voor overbelasting van vrijwilligers. - Goede bekendheid met vrijwilligersinzet en een duidelijke sociale kaart zijn randvoorwaarden. - Vrijwilligerswerk en mantelzorg moet goed gefaciliteerd worden. - Gelijkwaardigheid en een goede klik tussen hulpvrager en vrijwilliger is een voorwaarde bij het inzetten van vrijwillige inzet. - Inzet van vrijwilligers kan in onbeperkte mate, tenzij professionele hulp noodzakelijk is. Raad - We geven en hebben vertrouwen in de medewerkers en de oplossingen die zij aandragen. - We geven medewerkers een vrij mandaat tot een plafondbedrag.
- We hebben oog voor de ‘buikpijn’dossiers van consulenten als er buiten de kaders gewerkt wordt. - We zijn een lerende organisatie / medewerkers / gemeenteraad, en trekken lessen uit de (nieuwe) praktijk. - We accepteren dat niet alle effecten concreet en meetbaar zijn.