Handreiking burgemeesters december 2020.pdf
Tekst van het document
De commissaris van de Koning hoort dan (een afvaardiging uit de) gemeenteraad. De commissaris van de Koning is niet gebonden aan de voorkeur of het advies van de gemeenteraad, maar dient zich daar wel rekenschap van te geven. Gewenst is dat overeenstemming bestaat tussen de gemeenteraad en de commissaris van de Koning. Die overeenstemming is ook in de praktijk de norm. De commissaris van de Koning bespreekt als uitgangspunt een kandidaat of een aantal kandidaten die voor waarneming in de betreffende gemeente in aanmerking komen, en geeft bij (een delegatie vanuit) de gemeenteraad zijn of haar overwegingen aan. Ook is een groeiende praktijk dat commissarissen van de Koning ervoor kiezen, als dat naar hun oordeel gepast is, om een gesprek te arrangeren tussen twee of zelfs meer kandidaten en een delegatie uit de gemeenteraad. Met steeds grotere regelmaat wordt de gemeenteraad ook uitgenodigd door de commissaris van de Koning om een kernachtige wensenlijst of beknopte profielschets op te stellen. Resultaat • De commissaris van de Koning benoemt de waarnemer als hij dat in het belang van de gemeente nodig acht. Betrokkenen • Commissaris van de Koning: heeft de bevoegdheid een waarnemer te benoemen. • Gemeenteraad: de commissaris van de Koning hoort in principe (een afvaardiging uit) de gemeenteraad.
• Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: beslist over openstelling of voorlopig geen openstelling.
110 4.2 Rol van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Voor de benoeming van een waarnemend burgemeester is geen voorafgaand overleg vereist tussen de commissaris van de Koning en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Dit is desgewenst wel mogelijk. In ieder geval informeert de commissaris van de Koning de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over (haar of zijn voornemen tot) benoeming van een waarnemer in een gemeente. 4.3 Kandidaat-waarnemers De commissaris van de Koning bepaalt welke kandidaten in aanmerking komen voor de waarneming in een gemeente. Veelal zijn waarnemend burgemeesters oud-burgemeesters, oud-wethouders, oud-gedeputeerden of zittende burgemeesters uit een andere gemeente die beschikken over ruime politiek-bestuurlijke ervaring. De commissarissen van de Koning houden, individueel en gezamenlijk, zicht op goede kandidaten. Zij zijn niet gebonden aan bepaalde kandidaten. Ook is leeftijd geen criterium. De leeftijd van een waarnemend burgemeesters is niet aan een maximum gebonden, waar een Kroonbenoemde burgemeester bij bereiken van de leeftijd van 70 jaar eervol ontslag wordt verleend. Gezien de mogelijke achtergronden van de beslissing een waarnemer aan te stellen, speelt ervaring in het bestuur vaak wel een rol bij de keuze, ook voor gemeenteraden.
De kwaliteit van de waarnemer en de mate waarin deze past in de betreffende gemeente zijn leidend. In dit kader kan de gemeenteraad in het kort een aantal wensen meegeven die hij van belang acht voor de periode van waarneming. 4.4 Gangbare redenen voor het benoemen van een waarnemend burgemeester Er is een aantal redenen gangbaar voor het benoemen van een waarnemer, al is het oordeel van de commissaris van de Koning over de situatie in de gemeente in alle gevallen leidend. 4.4.1 Afwezigheid burgemeester Het kan zijn dat een waarnemend burgemeester in een gemeente naar het oordeel van de commissaris van de Koning nodig is ter overbrugging van de periode tot het aantreden van een nieuwe burgemeester. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer een zittende burgemeester zijn functie neerlegt, of wanneer een burgemeester (tijdelijk) niet in staat is zijn functie uit te oefenen, bijvoorbeeld als gevolg van ziekte, en er volgens de commissaris van de Koning niet kan worden volstaan met waarneming door de locoburgemeester. Sommige commissarissen van de Koning benoemen, ter waarborging van de continuïteit van het openbaar bestuur, altijd een waarnemend burgemeester ingeval de verwachte ontstentenis of afwezigheid van een Kroonbenoemde burgemeester langer dan een bepaalde termijn duurt. Dat is echter geen verplichting.
4.4.2 Herindeling Waarneming kan zich ook voordoen als een vacature door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voorlopig niet is opengesteld in het licht van een mogelijke beslissing tot herindeling. Voor waarnemingen die hun oorsprong vinden in voornemens tot herindeling bestaan richtlijnen. Indien sprake is van ontwikkelingen die kunnen leiden tot wettelijke herindeling, maakt de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de afweging of de openstelling van een toevallig ontstane vacature wenselijk is. De reden hiervoor is de wens te voorkomen dat burgemeesters al snel na benoeming ten gevolge van een herindeling in een uitkeringssituatie geraken. Daarnaast bestaat er twijfel of bij een perspectief op herindeling voldoende geschikte kandidaten zullen solliciteren op de betreffende vacature.
111 Om meer zekerheid te bieden over de afweging van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, zijn de criteria rond eventuele voorlopige niet-openstelling van een vacature bij herindeling opgenomen in de circulaire met betrekking tot de benoemingsprocedure van burgemeesters. Essentie daarvan is dat tot voorlopige niet- openstelling kan worden besloten indien een herindelingsprocedure is gestart in de zin van de Wet algemene regels herindeling (Arhi), dan wel als het op dat moment aannemelijk is dat er een Arhi-procedure zal worden gestart. In dat laatste geval, dus als de Arhi-procedure nog niet is gestart, geldt de voorwaarde dat de gemeenteraad zich niet verzet tegen de voorlopige niet-openstelling. De commissaris van de Koning dient zich te vergewissen van het standpunt van de gemeenteraad en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties hierover te adviseren. Dit geldt zowel voor de initiële beslissing over niet-openstelling als voor latere beslissingen om de niet-openstelling al dan niet te verlengen in het licht van de feitelijke ontwikkelingen. In de praktijk valt het overleg tussen commissaris van de Koning en gemeenteraad veelal samen met het overleg over de aan te stellen waarnemer. De commissaris van de Koning dient de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van relevante ontwikkelingen op de hoogte te houden.
Uitzondering op de voorwaarde dat de gemeenteraad zich niet verzet tegen de voorlopige niet-openstelling geldt wanneer er een bestuurskrachtonderzoek loopt. De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft dan de mogelijkheid om een besluit tot openstelling van een burgemeestersvacature aan te houden. Dan wordt de beslissing tot het wel of niet openstellen van de burgemeestersvacature opgeschort totdat er duidelijkheid is. Er dient dan uiterlijk binnen een jaar een beslissing te worden genomen over de consequenties van het onderzoek. 4.4.3 Bestuurlijke probleemsituatie Het kan ook zijn, dat er zich een bestuurlijke probleemsituatie voordoet die naar het oordeel van de commissaris van de Koning inzet van een waarnemer nodig maakt. Van een ‘bestuurlijke probleemsituatie’ bestaat geen eenduidige definitie. Onder andere een bestuurscrisis, (vermeende) integriteitsproblemen rondom de burgemeester, of het niet naar tevredenheid functioneren van een burgemeester kunnen aanleiding zijn voor het aanstellen van een waarnemend burgemeester. De afweging om al dan niet een waarnemer te benoemen is te allen tijde aan de commissaris van de Koning. Ook wanneer de gemeenteraad formeel aangeeft dat sprake is van een verstoorde verhouding tussen hem en de zittende burgemeester, is de komst van een waarnemer geen absoluut gegeven.
Ook in die gevallen beslist de commissaris van de Koning, veelal na overleg met de burgemeester en de gemeenteraad, over het wel of niet benoemen van een waarnemer.
112 4.5 Terugkeer van een Kroonbenoemde burgemeester Zolang aan een zittende burgemeester geen ontslag is verleend, blijft deze formeel burgemeester, ook als die functie op dat moment wordt waargenomen. Dat betekent dat een burgemeester na een periode van verhindering of ontstentenis kan terugkeren in de gemeente. Dat is uiteraard gebruikelijk na een periode van bijvoorbeeld ziekte, maar het is ook mogelijk dat een burgemeester die zijn of haar functie tijdelijk heeft neergelegd in verband met een bestuurlijke probleemsituatie op een later moment terugkeert. Dit zal gebeuren in nauw overleg met de commissaris van de Koning. Zo is het in beginsel mogelijk dat een burgemeester terugkeert nadat de gemeenteraad eerder een aanbeveling tot ontslag heeft gedaan. Tot die terugkeer moet dan, ingevolge artikel 61, zevende lid, van de Gemeentewet, wel door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties worden besloten op basis van gronden uit het advies van de commissaris van de Koning waarmee de aanbeveling tot ontslag gepaard gaat, of andere zwaarwegende gronden. 4.6 Naar een nieuwe Kroonbenoemde burgemeester Naast dat de commissaris van de Koning oordeelt over de noodzaak om een waarnemer te benoemen, oordeelt hij of zij ook over de duur van de waarneming, zonder dat hij of zij zich daarover overigens vooraf hoeft uit te spreken.
De commissaris van de Koning handelt hierin naar bevind van zaken, eventueel in overleg met de gemeenteraad. De waarneming kan dus geruime tijd duren, bijvoorbeeld omdat de ambtelijke en bestuurlijke werkverhoudingen nog niet zijn genormaliseerd. Het is mogelijk dat verschillende waarnemers elkaar opvolgen. Uiteindelijk is het de minister van BZK die, eventueel in overleg met commissaris van de Koning en /of de gemeenteraad, bepaalt wanneer zij of hij hij de procedure opstart om tot een nieuwe Kroonbenoemde burgemeester te komen. • Deze mogelijkheid is informerend van aard en biedt als zodanig geen keuzemarge. Tip • Overlegt de commissaris van de Koning met (een vertegenwoordiging) van de gemeenteraad over de waarneming, dan is het verstandig dat de gemeenteraad zich vooraf een mening vormt over de waarneming en de rol en de persoon van de waarnemer. Dit kan in de vorm van een wensenlijst of beknopte profielschets. De commissaris van de Koning is formeel niet gebonden aan de voorkeuren van de raad, maar kan daar wel haar of zijn voordeel mee doen en daarmee ook de vraag beter beantwoorden of de te benoemen waarnemer past in de betreffende gemeente.
Copyright © 2020 De inhoud van deze handreiking is voortgekomen uit een samenwerking tussen het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties & adviesbureau Necker van Naem. Feedback op deze handreiking? Treft u informatie aan in dit document die niet meer van toepassing is of ontbreekt er voor u informatie? Dan stellen wij het op prijs als u ons dit laat weten. Dan kunnen we dit in de volgende update van het document meenemen. Voor hyperlinks in dit document die verwijzen naar een externe bron (zoals een webpagina) geldt dat Necker van Naem niet betrokken is geweest bij de totstandkoming van de betreffende inhoud en daarmee niet de verantwoordelijkheid kan dragen voor de (juistheid van de) inhoud ervan. U geeft ons feedback door een e-mail te sturen naar politiekeambtsdragers@minbzk.nl
Deze handreiking is een uitgave van: Ministerie Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Postbus 20011 2500 EA Den Haag